Bijlage 19 - Wensen en bedenkingen van de fractie van BVNL
Tekst van het document
Geacht college van burgemeester en wethouders, Tijdens het reces zijn aanvankelijk de fractievoorzitters onder geheimhouding geïnformeerd over een voorgenomen tripartite vaststellingsovereenkomst tussen de gemeente Haarlemmermeer, Luchthaven Schiphol en DGEC, de exploitant van het zonnepark Zwanenburg. Deze overeenkomst betreft een bijdrage van de gemeente van circa 7 miljoen euro netto (na een vergoeding van 7 miljoen euro door het Rijk) om problemen met verblinding door het zonnepark op te lossen. BVNL-Haarlemmermeer heeft ernstige bezwaren tegen deze overeenkomst en de wijze waarop deze zaak wordt afgehandeld. Hieronder zetten wij onze standpunten en argumenten uiteen. Transparantie en openbaar debat Vanochtend ontving de fractievoorzitter een schrijven met de praktische uitwerking van de werkwijze voor de wensen en bedenkingen procedure voor de informatieve bijeenkomst. Hierin staat aangegeven “Door deze werkwijze hoeft er noch bij insturen, noch bij publicatie in IBabs onderscheid gemaakt te worden tussen openbare informatie en geheime informatie,...” Volgens de fractie van BVNL is dit oneigenlijk gebruik van de wet op de geheimhouding, danwel een gevolg van het feit dat het college zelf inmiddels door de bomen het bos niet meer ziet van wat nu exact wél en niet geheim is. Al met al een laakbare situatie.
De voorgenomen bijdrage van 7 miljoen euro aan gemeenschapsgeld rechtvaardigt in de ogen van de BVNL fractie een volledig en openbaar debat in de gemeenteraad. Het is onacceptabel dat een uitgave van deze omvang in beslotenheid wordt besproken en besloten, zeker nu relevante informatie reeds in de media is verschenen. De inwoners en ondernemers van Haarlemmermeer hebben recht op inzicht in hoe en waaraan hun belastinggeld wordt besteed. Duidelijk is inmiddels dat inwoners van met name Zwanenburg zich gepiepeld voelen door deze regeling. Wij herinneren verder nog maar eens aan aan eerdere openbare debatten in deze raad over aanzienlijk kleinere bedragen, zoals de verantwoording over 14.000 euro, die in volledige openheid werden gevoerd. De complexiteit en de urgentie van de situatie die het college als rechtvaardiging hiervoor aanvoert had in onze ogen eenvoudig voorkomen kunnen worden als het college het eigen huiswerk vooraf goed op order had gehad. Dat de raad pas achteraf is geïnformeerd, en dat deze kwestie nu met stoom en kokend water tijdens het reces wordt geregeld, roept de vraag op waarom deze haast noodzakelijk is. Geheimhouding mag niet worden gebruikt om bestuurlijke fouten te verhullen. De inwoners verdienen openheid, ook als dit voor betrokken bestuurders ongemakkelijk is.
Gezien de gevolgde warrige en total onduidelijke procedure in deze zaak, de complete afhandeling door het college en de in de wind geslagen serieuze waarschuwing van de fractie van BVNL in maart van dit jaar, herhaalt onze fractie het eerdere standpunt dat wethouder Van der Meij hier slechts één conclusie aan kan verbinden, namelijk haar portefeuille ter beschikking stellen. Hierbij komt nog dat de omgevingsdienst het gebruik van ander glas dan in eerste instantie overeengekomen was heeft goedgekeurd; de OD handelt onder het mandaat van de wethouder. Dus de wethouder is er eveneens verantwoordelijk voor dat deze wijziging niet met Schiphol is gecommuniceerd, waardoor Schiphol ook geen bezwaar of zienswijze heeft kunnen indienen. Een ernstige bestuurlijke fout die het aftreden van de wethouder in onze ogen rechtvaardigt. De wethouder heeft toegegeven dat deze situatie de gemeente op zijn minst in een heikele juridische situatie zou kunnen brengen. Naar de volle overtuiging van onze fractie is de gemeente hiermee simpelweg nalatig geweest en daarmee ook verantwoordelijk voor de ontstane situatie.
Aansprakelijkheid van de gemeente BVNL-Haarlemmermeer is van mening dat de gemeente niet aansprakelijk is voor eventuele (gevolg)schade van DGEC of Schiphol, laat staan voor gemiste inkomsten. De wethouder heeft eerder verklaard dat de gemeente zich volledig aan de geldende wet-& regelgeving heeft gehouden bij het verlenen van de vergunning voor het zonnepark. Als dit klopt, hoe kan de gemeente dan aansprakelijk worden gesteld voor schade of inkomstenderving? Dit ontbreken van een duidelijke grond voor aansprakelijkheid maakt de voorgestelde vaststellingsovereenkomst ongerechtvaardigd. Bovendien heeft DGEC ervoor gekozen om af te wijken van de vergunning door ander glas te gebruiken dan afgesproken, zonder alle relevante partijen te informeren of een reactieve vergunning aan te vragen. Dit maakt dat het risico en de financiële consequenties volledig bij DGEC liggen, ook als dit leidt tot financiële problemen voor de onderneming. De rechter heeft dit voor minimaal een deel van de aanwezige panelen ook erkend, te weten de ruim 70.000 stuks die in opdracht van de rechtbank momenteel al worden verwijderd. Voorts is inmiddels uit aanvullende onderzoeken gebleken dat voor de rest van de installatie soortgelijke risico’s bestaan, waardoor die panelen hoe dan ook vervangen zullen moeten worden.
In dit vonnis heeft de rechter bij 4.4 aangegeven dat de verstrekte omgevingsvergunning DGEC niet vrijwaart van verantwoordelijkheid voor schade jegens derden (in dit geval Schiphol). Voor dit deel van de schade is, dus ook in juridische zin, op dit moment DGEC volledig aansprakelijk. Daarnaast roept de overboeking van gemeenschapsgeld naar een onderneming met Belgische aandeelhouders van DGEC ernstige vragen op. Het bestuur van DGEC heeft in het verleden slechte beslissingen genomen, wat de kans op een faillissement vergroot. Welke garanties biedt het college dat deze onderneming niet alsnog failliet gaat, waardoor gemeenschapsgeld verloren gaat? Dit kan zijn door tegenvallende opbrengsten, schade door weersinvloeden of natuurgeweld en vele andere oorzaken. Het is niet aan de gemeente om de risico’s van een slecht geleide onderneming te dragen. Onze fractie begrijpt het argument dat in de onderhavige situatie dit momenteel de minst kostbare oplossing lijkt, maar de garanties dat dit werkelijk zo is zijn wat onze fractie betreft flinterdun. Bovendien is nagelaten om een terugebetaling van het gemeenschapsgeld waarmee DGEC gered wordt overeen te komen, of zelfs maar bespreekbaar te maken. Geheimhouding en bestuurlijke verantwoordelijkheid Sinds de wetswijziging van 1 juli 2022 (artikel 25 Gemeentewet) ligt de bevoegdheid om geheimhouding op te leggen bij het college van B&W.
Deze verschuiving vereist een zorgvuldige afweging, waarbij het belang van de gemeente en haar inwoners vooropstaat. Geheimhouding is alleen gerechtvaardigd indien openbaarmaking aantoonbare schade veroorzaakt, bijvoorbeeld aan de openbare veiligheid, economische belangen of vertrouwelijke bedrijfsgegevens, zoals bedoeld in artikel 10 van de Wet open overheid (Woo). In deze zaak is echter sprake van besloten bijeenkomsten waarvan inhoud en uitkomsten in een aantal gevallen reeds in de media zijn of waren verschenen, terwijl de raad werd gewezen op wettelijke geheimhouding. De afwegingen voor en de omvang van deze geheimhouding zijn voor BVNL gedurende de gehele crisis onduidelijk geweest. Deze handelswijze getuigt van een gebrek aan transparantie en voedt het vermoeden dat het college cruciale informatie achterhoudt of dat er andere belangen spelen die niet openlijk worden gedeeld. Verborgen agenda en eerdere waarschuwingen van BVNL
BVNL-Haarlemmermeer heeft al veel eerder gewaarschuwd voor de risico’s van deze gang van zaken. Onze oproep voor een interpellatie van de wethouder werd echter door de raad niet gehonoreerd, wat de indruk wekt dat er bewust weinig ruimte wordt geboden voor kritische vragen. Wij kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat er een verborgen agenda is, dan wel dat er feiten zijn die de raad niet kent, maar die de huidige aanpak van het college noodzakelijk maken. Het gebrek aan openheid en de haast waarmee deze kwestie wordt afgehandeld, versterken het gevoel dat er meer aan de hand is dan wat nu wordt gepresenteerd. Dit ondermijnt het vertrouwen van zowel de raad als de inwoners in het bestuurlijk proces. Conclusie BVNL-Haarlemmermeer dringt er bij het college op aan de voorgenomen vaststellingsovereenkomst af te wijzen en geen gemeenschapsgeld te besteden aan problemen die niet de verantwoordelijkheid van de gemeente zijn. De ernstige bestuurlijke fouten, het gebrek aan transparantie en de onduidelijke toepassing van geheimhouding in deze zaak ondermijnen het vertrouwen van zowel de raad als de inwoners. Gezien de warrige procedure, de genegeerde waarschuwingen van BVNL en anderen, de evident slechte communicatie met Schiphol, die onder verantwoordelijkheid van wethouder Van der Meij valt, is haar positie onhoudbaar.
Wij roepen op tot een openbaar debat en volledige openheid over deze kwestie, en stellen dat de wethouder daarbij slechts één conclusie kan trekken: het ter beschikking stellen van haar portefeuille. Transparantie en verantwoording zijn essentieel voor goed bestuur, en daar blijven wij onverminderd voor strijden.
Hoogachtend, Paul Meijer Fractievoorzitter BVNL-Haarlemmermeer