CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Toelichting

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 11 mei 2023, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Vaststelling bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 (7563495)11.550 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Voor de vaststelling van de geluidzone dient de etmaalwaarde contour als uitgangspunt te worden gebruikt, inclusief de toeslag van +5 dB als gevolg van de tonaliteit. In figuur 5.1 zijn de etmaalwaarde contouren weergegeven. De 50 dB(A) contour is het uitgangspunt voor de vaststelling van de geluidzone.

blad 35 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

Figuur 5.1 Geluidcontouren etmaalwaarde toekomstige situatie (inclusief tonale toeslag + 5dB) Uit figuur 5.1 blijkt dat de 50 dB(A) etmaalwaarde contour (groen in figuur 5.1) op relatief korte afstand van het substation ligt en ter plaatse van woningen in de omgeving geen enkele invloed heeft. Geconcludeerd kan worden dat er geen hogere waarden hoeven te worden vastgesteld. Geluidniveaus In tabel 5.3 zijn de berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) op enkele rekenpunten weergegeven. De geluidniveaus voor de dag-, avond- en nachtperiode zijn hetzelfde.

Tabel 5.3 Brekende geluidniveaus het substation aan de Koolhovenlaan 2 De geluidbijdrage van het substation in de omgeving is beperkt. Ter plaatse van de dichtstbij gelegen woningen aan de Aalsmeerderdijk zijn de geluidniveaus 23 dB(A). Dat voldoet ruimschoots aan de richtwaarden bij de maatgevende woningen aan de Aalsmeerderdijk, zelfs als de +5 dB toeslag ten gevolge van eventueel hoorbare (lage) tonen. De geluidniveaus liggen meer dan 10 dB onder de richtwaarden (nachtperiode) en worden gemaskeerd door het omgevingsgeluid. Verwacht wordt dat het substation geen hinder naar de omgeving gaat veroorzaken. Dit blijkt ook uit de geluidcontouren, als deze worden afgezet tegen een heersend omgevingsgeluid tussen de 55 (dagperiode) en 45 dB(A) (nachtperiode). blad 36 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

Hiermee kan worden geconcludeerd dat de akoestische bijdrage van het substation in de omgeving zeer beperkt is. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling door het opnemen van de geluidzone - industrie op de verbeelding en in de regels van dit bestemmingsplan.

4.9

Luchtvaartverkeer Kader Het Luchthavenindelingbesluit (LIB) bevat ruimtelijke maatregelen op rijksniveau die verband houden met de luchthaven Schiphol. Het Luchthavenverkeerbesluit is gericht op de beheersing van de belasting van het milieu door het luchthavenluchtverkeer. Tezamen vormen deze besluiten een uitwerking van het hoofdstuk 8 van de Wet luchtvaart. Het LIB legt het beperkingengebied en het luchthavengebied vast. Indien het plangebied gelegen is binnen het beperkingengebied gelden beperkingen met het oog op veiligheid en milieu. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten in overeenstemming zijn met het LIB. Het gaat hierbij om afwegingen die moeten worden gemaakt met betrekking tot externe veiligheid, hoogtebeperkingen, beperkingen bij het toelaten van functies (bestemmingen), het voorkomen van geluidhinder en het voorkomen van het aantrekken van vogels. Toetsing Het plangebied ligt binnen het beperkingengebied uit het Luchthavenindelingsbesluit. Vanuit het Luchthavenindelingsbesluit zijn beperkingen op het gebied van gebruik, bouwen een hoogte Bouwbeperkingen Het plangebied is gelegen op gronden die in bijlage 3 van het LIB zijn aangewezen als 'LIB 4: Beperkingengebied geluidgevoelige gebouwen', zie figuur 5.2. Op gronden die met nummer 4 zijn aangewezen, zijn met het oog op geluidbelasting geen geluidgevoelige gebouwen toegestaan.

De beoogde ontwikkeling betreft het uitbreiden van het transformatorstation door het realiseren van twee transformatoren en een shunt-reactor. Dergelijke voorzieningen zijn niet geluidsgevoelig, dus wordt voldaan aan het geen in Artikel 2.2.1c van het LIB. Daarnaast is het plangebied gelegen in 'LIB 5: afwegingsgebied geluid en externe veiligheid'. Op de gronden die met nummer 5 zijn aangewezen, zijn buiten bestaand stedelijk gebied geen nieuwe woningbouwlocaties toegestaan. Dit is echter niet relevant voor de onderhavige ontwikkeling.

blad 37 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

Figuur 5.2 Overzichtskaart Beperking bebouwing (rode stip is plangebied) Hoogtebeperkingen Voor het plangebied geldt een maatgevende toetshoogte van 3 m NAP.

Figuur 5.3 Overzichtskaart Toetshoogtes (rode stip is plangebied) Conclusie Voorliggend bestemmingsplan maakt geen nieuwe bebouwing mogelijk maar voorziet in de inpandige toevoeging van twee transformatoren en een shuntreactor. Het gebouw blijft intact in zijn huidige vorm, derhalve hebben bouwbeperkingen geen invloed op de voorgenomen ontwikkeling. Het aspect luchtvaartverkeer vormt geen belemmering voor het plan.

blad 38 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

4.10

Verkeer en Parkeren Ontsluiting gemotoriseerd verkeer Het plangebied is gelegen aan de Koolhovenlaan in Schiphol-Rijk. De Koolhovenlaan is een gebiedsontsluitingsweg waar een maximumsnelheid geldt van 50 km/u. Parkeren In het plangebied zullen in de toekomstige situatie geen werkplekken worden gerealiseerd. Wel zullen regelmatig inspecties plaatsvinden op het terrein. Tijdens deze inspecties zal er door de inspecteurs geparkeerd worden op eigen terrein. Op eigen terrein is hiervoor voldoende parkeergelegenheid beschikbaar om in deze parkeerbehoefte te voorzien. Verkeersgeneratie en verkeersafwikkeling Aan het onbemande transformatorstation zullen enkel periodieke inspecties worden uitgevoerd. Hiermee is de hoeveelheid verkeersbewegingen beperkt. De verkeersgeneratie van het transformatorstation is hierdoor verwaarloosbaar. Conclusie De ontwikkeling leidt niet tot een toename van de verkeersgeneratie. De locatie is goed bereikbaar voor het gemotoriseerde verkeer en op eigen terrein is voldoende ruimte beschikbaar voor het parkeren. Het aspect verkeer staat de ontwikkeling daarom niet in de weg.

4.11

Luchtkwaliteit Kader In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van een ruimtelijk plan uit het oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens rekening gehouden met de luchtkwaliteit. Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer (ook wel Wet luchtkwaliteit genoemd, Wlk). Dit onderdeel van de Wet milieubeheer (Wm) bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk langs wegen vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (jaargemiddelde) en fijn stof (jaar- en daggemiddelde) van belang. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in tabel 5.4 weergegeven.

Tabel 5.4 Grenswaarden maatgevende stoffen Wm Op grond van artikel 5.16 van de Wm kunnen bestuursorganen bevoegdheden die gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit onder andere uitoefenen indien de blad 39 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

bevoegdheden/ontwikkelingen niet leiden tot een overschrijding van de grenswaarden of de bevoegdheden/ontwikkelingen niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht. Besluit niet in betekenende mate (nibm) In dit Besluit niet in betekenende mate is bepaald in welke gevallen een project vanwege de gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Hierbij worden 2 situaties onderscheiden: een project heeft een effect van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10 (= 1,2 µg/m³); een project valt in een categorie die is vrijgesteld aan toetsing aan de grenswaarden; deze categorieën betreffen onder andere woningbouw met niet meer dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg en 3.000 woningen bij twee ontsluitingswegen, kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 bij één ontsluitingsweg en 200.000 m² bij twee ontsluitingswegen. Toetsing De beoogde ontwikkeling heeft geen verkeersaantrekkende werking en leidt ook niet op een andere manier tot een toename van de concentraties luchtverontreinigende stoffen. Hierdoor is op het plan het besluit nibm van toepassing. Er wordt dus voldaan aan de luchtkwaliteitswetgeving en nader onderzoek is niet noodzakelijk.

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het wel van belang om een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied te geven. Dit is gedaan aan de hand van de NSL-monitoringstool 2016 (www.nsl-monitoring.nl) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. Hieruit blijkt dat in 2020 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijn stof direct langs de N201 (als maatgevende doorgaande weg in de omgeving van het plangebied) ruimschoots onder de grenswaarden uit de Wet milieubeheer zijn gelegen. Conclusie Geconcludeerd wordt dat het aspect luchtkwaliteit de capactiteitsuitbreiding niet in de weg staat.

4.12

Milieueffectrapportage Kader In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van de omgevingsvergunning planmer-plichtig, projectmer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Daarnaast dient het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, na te gaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen: de kenmerken van de projecten; de plaats van de projecten; de kenmerken van de potentiële effecten. Toetsing en conclusie Gelet op de kenmerken van het plan (zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r.), de locatie van de ontwikkeling en de kenmerken van de potentiële effecten zullen geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden. Dit blijkt

blad 40 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

ook uit de onderzoeken van de verschillende milieuaspecten zoals deze in de voorgaande paragrafen zijn opgenomen. Voor dit plan is dan ook geen mer-procedure of mer-beoordelingsprocedure noodzakelijk conform het Besluit m.e.r.

blad 41 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

blad 42 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid Financiele uitvoerbaarheid De Wet ruimtelijke ordening stelt verplicht dat de gemeenteraad tegelijk met de vaststelling van een bestemmingsplan een exploitatieplan vaststelt voor kostenverhaal in het geval het bestemmingsplan nieuwe, bij Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) aangewezen bouwplannen mogelijk maakt. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om de bouw van één of meer woningen, de bouw van één of meer andere hoofdgebouwen of de uitbreiding of verbouwing van gebouwen. In de wet is aangegeven welke kosten verhaald kunnen worden. Het vaststellen van een exploitatieplan is niet nodig indien het kostenverhaal anderszins verzekerd is, bijvoorbeeld door gronduitgifte of een anterieure overeenkomst. Het plan maakt geen aangewezen bouwplan mogelijk. Hierdoor is het niet noodzakelijk om een anterieure overeenkomst af te sluiten. De gemeente Haarlemmermeer heeft wel een planschadeovereenkomst met de initiatiefnemer afgesloten, waarin afspraken zijn gemaakt over de te verhalen kosten. Het plan is hiermee financieel uitvoerbaar.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

5.2.1

Wettelijk vooroverleg Vanwege de aard van het plan is ervan afgezien een inspraakprocedure te volgen. Het ontwerpbestemmingsplan wordt in het kader van het overleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening voorgelegd aan diverse instanties.

5.2.2

Zienswijzen Overeenkomstig de wettelijke vereisten wordt het ontwerpbestemmingsplan met de daarbij behorende stukken 6 weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn heeft eenieder de mogelijkheid gehad zienswijzen over dit ontwerpbestemmingsplan in te dienen bij de gemeenteraad. Tijdens de termijn van ter inzage legging zijn er geen zienswijzen ingediend tegen het voorliggende plan.

blad 43 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

blad 44 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

Hoofdstuk 6 6.1

Juridische aspecten Algemeen In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken in de juridische onderdelen van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk gaan wij daarop in. In de Wet ruimtelijke ordening is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. Van toepassing zijn: de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening met de norm Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP); het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van een wijzigingsplan. Voor dit plan zijn voorts de RO Standaarden 2012 verplicht. Dit bestemmingsplan is daarom opgesteld volgens de normen van de SVBP2012. Op de verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn opgenomen. Deze aanduidingen hebben alleen een juridische betekenis als in de planregels aan de betreffende aanduiding een gevolg wordt verbonden.

Een aantal aanduidingen heeft juridisch gezien geen betekenis en is uitsluitend opgenomen ten behoeve van de leesbaarheid van de verbeelding (bijvoorbeeld topografische gegevens).

6.2

Opzet regels en verbeelding De regels en de verbeelding vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. De toelichting is niet juridisch bindend, maar kan wel gebruikt worden als nadere uitleg bij de regels. Op de verbeelding zijn alle noodzakelijke gegevens ingetekend. Op de verbeelding van dit bestemmingsplan zijn zowel bestemmingen als gebiedsaanduidingen opgenomen. Elke op de verbeelding weergegeven bestemming en aanduiding is gekoppeld aan een regel. De regels laten zien op welke wijze de gronden binnen de desbetreffende bestemming gebruikt en bebouwd mogen worden op grond van dit bestemmingsplan. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: De 'Inleidende regels', bestaande uit een begrippenlijst en een wijze van meten; de 'bestemmingsregels' artikelen over de gewone bestemmingen; De 'Algemene regels', die vormen voor dit bestemmingsplan het centrale deel van de regels; De 'Overgangs- en slotregels' die bestaan uit het overgangsrecht (voor bestaande bouwwerken en bestaand gebruik dat van het bestemmingsplan afwijkt) en de naam waaronder het bestemmingsplan moet worden aangehaald.

blad 45 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

6.3

Toelichting op de regels en verbeelding

6.3.1

Inleidende regels In artikel 1 zijn de (standaard)omschrijvingen van in de regels voorkomende begrippen opgenomen. Deze zijn zo veel mogelijk in lijn gebracht met het eerder geldende bestemmingsplan 'Schiphol Rijk'. Ditzelfde geldt voor de wijze van meten die is opgenomen in artikel 2.

6.3.2

Bestemmingsregels en Algemene regels Bedrijfsbestemming Onder deze bestemming is de nu geldende regeling voor de bestemming bedrijf overgenomen in de planregels. Aanvullend hierop is het beoogde gebruik toegevoegd aan deze regels. Dit is zodanig toegevoegd dat de toegestane bedrijfscategorieën hetzelfde zijn gebleven en uitsluitend het gebruik voor een transformatorstation tot 1000 MVA aan deze regels is toegevoegd. Aan het plangebied is tevens een bouwvlak met een hoogtemaat opgenomen op de verbeelding en in de regels om de reeds gerealiseerde bebouwing op het perceel op een juiste wijze te bestemmen. Regels die niet van toepassing zijn op dit plangebied zijn uit de planregels verwijderd. Overige regels Onder deze planregels is een regeling opgenomen die de noodzakelijke geluidscontour toegevoegd aan de om het plangebied gelegen bestemmingsplannen. In de regeling wordt aangegeven in welke plannen de toevoeging van de aanduiding 'geluidszone -industrie 2' wordt gedaan en welke specifieke regels hiervoor worden toegevoegd. Binnen deze zone is het niet toegestaan nieuwe geluidsgevoelige functies toe te voegen. Op dit moment zijn deze functies niet aanwezig in het gebied. Er is gekozen voor de toevoeging 2 omdat er reeds een geluidszone aanwezig is vanwege het geluidsgezoneerde industrieterrein van Schiphol.

6.4

Overgangsrecht Het overgangsrecht heeft tot doel de rechtszekerheid te verzekeren ten aanzien van bouwwerken, die op het tijdstip van de ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan gebouwd zijn of op grond van een reeds verleende of een nog te moeten afgeven bouwvergunning, gebouwd mogen worden en afwijken van de bouwregels in dit plan. Zij mogen blijven staan of, als een bouwvergunning of omgevingsvergunning is verleend, gebouwd worden zolang de bestaande afwijking maar niet vergroot wordt en het bouwwerk niet (grotendeels) wordt vernieuwd of veranderd. Ook het gebruik van gronden en daarop staande opstallen dat – op het tijdstip dat het bestemmingsplan rechtsgeldig wordt – afwijkt van de gegeven bestemming is in het overgangsrecht geregeld. Het afwijkende gebruik mag worden voortgezet of worden gewijzigd in een andere, zolang de afwijking van het bestemmingsplan maar niet vergroot wordt. In het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) is de tekst van de in een bestemmingsplan op te nemen regels voor het 'overgangsrecht gebruik' opgenomen.

6.5

Handhaafbaarheid Het bestemmingsplan is het juridische instrument om te bepalen welke ruimte voor welke bouw- en gebruiksactiviteiten aangewend mag worden. Het handhavingsbeleid is erop gericht dat deze regels ook worden nageleefd. Het bestemmingsplan bindt zowel burgers als de gemeente en is dan ook de basis voor handhaving en handhavingsbeleid. Handhaving is van cruciaal belang om de in het plan opgenomen ruimtelijke kwaliteiten ook op langere termijn daadwerkelijk te kunnen

blad 46 van 47

vastgesteld bestemmingsplan Schiphol-Rijk Koolhovenlaan 2 Gemeente Haarlemmermeer Projectnummer 0473258.100

'vasthouden'. Daarnaast is de handhaving van belang uit een oogpunt van rechtszekerheid: alle grondeigenaren en gebruikers dienen door de gemeente op eenzelfde manier aan het plan gehouden te worden. Met deze oogmerken is in dit bestemmingsplan gestreefd naar een zo groot mogelijke eenvoud van de regels – binnen de beperkingen en regels die de milieuwetgeving met zich meebrengt. Hoe groter de eenvoud (en daarmee de toegankelijkheid en leesbaarheid), hoe groter de mogelijkheden om in de praktijk toe te zien op de naleving van het bestemmingsplan. Ook geldt hoe minder 'knellend' de regels zijn, hoe kleiner de kans dat het daarmee wat minder nauw wordt genomen. In de praktijk worden op de lange duur vaak alleen die regels gerespecteerd, waar betrokkenen de noodzaak en de redelijkheid van inzien. Onder handhaving wordt niet alleen het repressief optreden verstaan, maar ook preventie en voorlichting. Repressief optreden bestaat uit toezicht en opsporing en in het verlengde daarvan - na afweging van belangen, waaronder de effectiviteit van het optreden - correctie, bestaande uit sancties en maatregelen. De sancties en maatregelen kunnen bestaan uit het stilleggen van activiteiten, aanschrijvingen, bestuursdwang, strafrechtelijk optreden en de dwangsom.

Preventief handelen bestaat uit voorlichting en het vooroverleg voor het indienen van een aanvraag om een vergunning en voorts het weigeren van de vergunning en eventuele ontheffingen.

blad 47 van 47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=57c97d86-6f8e-46ca-979d-e9d753b87840