CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Europastrategie 2025-2030

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 25 september 2025, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Europastrategie 2025-2030 (12281485)4.950 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Europastrategie gemeente Haarlemmermeer 2025-2030 1. Inleiding Aanleiding In het Coalitieakkoord Toekomstbestendig groeien 2022-2026 geeft het college van burgemeester en wethouders (het college) aan actief in te zetten op het verkrijgen van meer subsidiemogelijkheden bij de provincie, het Rijk en Europa. Om effectief Europese middelen aan te boren is het noodzakelijk om meer kennis te hebben van Europa. Europese wet- en regelgeving raakt de gemeente Dit zien we bijvoorbeeld bij het klimaat- en stikstofbeleid en de digitale transitie. Vanuit Brussel groeit de interesse voor gemeenten omdat zij relevante partners zijn voor de uitvoering van de EU-regelgeving, zoals die van de energietransitie. Europa biedt kansen voor positionering, profilering en lobby van de gemeente De Europese strategische agenda voor 2025-2029 bestaat uit de versterking van het concurrentievermogen, economische groei en geopolitieke veiligheid. De EU wil haar concurrentiepositie versterken door te investeren in technologie, innovatie en digitale infrastructuur. Ook zien we meer aandacht voor de sociale aspecten, zoals betaalbaar wonen. Veel van de Europese onderwerpen zijn relevant voor de gemeente. Europa biedt mogelijkheden tot kennisdeling, netwerken en grensoverschrijdende samenwerking.

Europa koppelt subsidieprogramma’s aan deze prioriteiten van de strategische agenda, die gemeenten helpen om de opgaven op te pakken en uit te voeren. Europese netwerken geven veel informatie over (nieuwe) ontwikkelingen en bieden een platform om een netwerk op te bouwen.

Daarom een Europastrategie Haarlemmermeer is qua grootte de 14e gemeente van Nederland. Onze gemeente heeft een flinke woningbouwopgave en groeit van circa 160.000 naar 200.000 inwoners in 2040. We behoren tot de economische top 5 gemeenten van Nederland. Door de aanwezigheid van de luchthaven Schiphol ligt de gemeente op een belangrijk knooppunt van het Europese vervoersnetwerk en de gemeente is aangesloten bij de Metropool Regio Amsterdam (MRA). Onze gemeente heeft echter nog niet veel ervaring met Europa. We maken weinig gebruik van Europese fondsen en zijn momenteel niet als gemeente aangesloten bij Europese netwerken. Ons college wordt soms vanuit de regionale netwerken gevraagd aanwezig te zijn bij Europese bijeenkomsten. Vandaar dat de bestuurlijke ambitie is uitgesproken om ons meer te richten op Europa en Europese kansen beter te benutten. In de Europastrategie geven we de richting aan hoe we dat gaan doen. De recente geopolitieke verhoudingen geven nog meer urgentie aan de opgave, waarbij thema's als autonomie en beschikking over strategische grondstoffen en producten aan belang hebben gewonnen

1

Een effectieve Europastrategie kan veel opleveren. We kunnen lokale belangen inbrengen in Europese netwerken en beleid, kunnen beter inspelen op Europees beleid en Europese financiering, verhogen de Europese samenwerkingscapaciteit en kunnen onze gemeente en regio beter profileren. Met het zetten van meer structurele stappen op het Europese toneel zal een vertaling gemaakt moeten worden naar de organisatie en organisatiestructuur. Deze Europastrategie past in de directieopdracht om het strategisch vermogen van de organisatie te vergroten. We gaan onze netwerken in Brussel versterken, met name op voor ons belangrijke thema's. De aspecten rondom benodigde capaciteit en kennis om de ambities te realiseren zullen in dat traject meegenomen worden. Hierbij zal ook worden afgestemd en samengewerkt binnen de regio.

Leeswijzer In deze Europastrategie geven we aan hoe en welke wijze we de komende jaren meer gericht willen werken aan Europa. In paragraaf 2 gaan we in op de context en geleerde lessen, die met name via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) tot ons zijn gekomen. Paragraaf 3 gaat in op de actuele Europese ontwikkelingen en onderwerpen. In paragraaf 4 geven we de inzet naar Europa aan, en hoe we deze via regionale samenwerking met de deelregio Amstelland-Meerlanden en de Metropool Regio Amsterdam willen vormgeven. In paragraaf 5 gaan we in op het toetreden tot Europese netwerken. In paragraaf 6 komen de Europese fondsen aan bod. Tot slot volgt de conclusie van de Europastrategie in paragraaf 7. In de bijlage is een overzicht van relevante Europese fondsen opgenomen.

2.

Context en geleerde lessen

Geleerde lessen (1): werk samen als één overheid Deze Europastrategie maakt gebruik van ervaringen van anderen, zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Een belangrijke les die de VNG ons meegeeft is het samenwerken als één overheid1, wat inhoudt dat Nederlandse gemeenten naar Brussel een coherent verhaal hebben. Van belang is dat de EU voortbouwt op bestaand nationaal en lokaal beleid en in lijn met de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit. Daarvoor is regionale samenwerking naar Brussel toe noodzakelijk. In plaats van dat ieder voor zich bezig is en gemeenten elkaar beconcurreren, is het beter om regionaal af te stemmen en te handelen. Dat komt ook de efficiëntie ten goede. Daarom is de Metropool Regio Amsterdam (MRA) een relevante regionale partner in onze inzet naar Europa. Vooral omdat de MRA actief is in Europa, gericht op de MRA-prioriteiten en - doelstellingen en sinds 2023 een vertegenwoordiger in Brussel heeft. Eerst als twee-jarige pilot, en binnenkort zal besluitvorming plaatsvinden om deze pilot met vier jaar te verlengen en uit te breiden.

Geleerde lessen (2): wordt Europabekwaam: beleidsmatig en organisatorisch Uit onderzoek komt naar voren dat een gemeente ‘Europabekwaam’ is wanneer zij op de hoogte is van Europese wet- en regelgeving, de interne organisatie op orde is en gebruikmaakt van kansen die Europa biedt op het gebied van subsidiemogelijkheden en grensoverschrijdende samenwerking. Europese subsidies kunnen ons helpen om de opgaven op te pakken of te versnellen en om kennis uit te wisselen. Als wij goed op de hoogte zijn van Europese beleidsontwikkelingen en daar tijdig op inspelen, dan verhoogt dit de kwaliteit van ons lokale beleid en is het makkelijker om gebruik te maken van EUmiddelen. In vergelijking met andere Nederlandse gemeenten bevinden we ons in de eerste (beginners)fase van ad hoc omgaan met Europa, waarbij de aanpak nog niet beleidsmatig en organisatorisch georganiseerd is, zo komt naar voren uit het door VNG en het Huis van de Nederlandse Provincies (HNP) geïnitieerde onderzoek naar Europeanisering van Nederlandse gemeenten en provincies 2. Met deze Europastrategie geven we de richting aan naar een meer beleidsmatige en organisatorische aanpak om als gemeente beter aan te haken bij Europa. We sturen hierbij op de inzet van zowel het bestuur als de ambtelijke organisatie. 1 2

Europese agenda van de VNG 2024 Onderzoek naar Europeanisering van Nederlandse gemeenten en provincies VNG 2023 2

Geleerde lessen (3): formuleer duidelijke doelstellingen en maak keuzes Wat willen we bereiken in Europa is dat we beter en eerder op de hoogte zijn van aanstaande Europese wet- en regelgeving, daar waar die ons als gemeente direct raakt kunnen beïnvloeden, en daarnaast wensen we betere toegang tot Europese middelen te krijgen. Europa gaat over veel verschillende beleidsterreinen. Door keuzes te maken in onderwerpen, voorkomen we verspilling van energie. Vandaar de keuze voor opgaven, die ruim genoeg zijn geformuleerd om niet tijdsgebonden te zijn, maar wel richting geven aan onze inzet. In de kernboodschap geven we aan wat we willen en waarom het belangrijk voor ons is. In het bijzonder willen we op korte termijn aansluiting zoeken bij twee Europese netwerken: Eurocities en Airport Regions Council. Gedurende de periode 2025-2030 bouwen we daarmee een duidelijk profiel op als gemeente. Dit helpt bij het vormen van ons netwerk en onze reputatie als betrouwbare samenwerkingspartner. Met een helder profiel van onze gemeente geven we aan wat onze sterke punten zijn, en waar anderen ons om kunnen vragen.

Geleerde lessen (4): denk aan de langere termijn De inzet op Europa is er één van de lange termijn. Europa is complex georganiseerd. Het kost tijd om beter te leren hoe Europa werkt enerzijds. Anderzijds kost ook het opbouwen van relevante contacten met de Europese instellingen en met mogelijk interessante gemeenten en regio’s in andere Europese landen tijd. Door aansluiting te zoeken bij relevante Europese netwerken gaan we Europa beter leren kennen en het netwerk opbouwen.

3. Europese ontwikkelingen De geopolitieke ontwikkelingen in 2025 zijn enorm. Met het aantreden van Trump als president van de Verenigde Staten (VS) staat de Europese Unie midden in een wervelstorm. Europa is militair afhankelijk van de VS en kwetsbaar voor de machtspolitiek uit de VS en China. De EU is ingesteld op een wereldorde die zich netjes houdt aan de vastgestelde regels3. Met het invoeren van handelstarieven gaan de VS in tegen decennialang beleid van het bespreken en verlaging van de tarieven door het sluiten van handelsakkoorden4. Europa moet alle zeilen bijzetten om overeind te blijven op het wereldtoneel. Tegen deze achtergrond heeft de nieuwe Europese Commissie die in december 2024 aantrad haar werkprogramma voor 2025 gepresenteerd: ‘Een sterkere, eenvoudiger en snellere Unie’5. In dit werkprogramma geeft de Commissie de belangrijkste voorstellen aan voor dit jaar en de beleidslijnen voor het commissiemandaat dat loopt tot 2029. Belangrijk hierbij om te weten is dat elke vijf jaar de Europese Commissie een nieuwe strategische agenda vaststelt, na de Europese verkiezingen en installeren van de nieuwe Commissie. Voor de periode 2024-2029 heeft de EU drie belangrijke thema’s vastgesteld in de strategische6: een vrij en democratisch Europa, een sterk en veilig Europa en een welvarend en concurrerend Europa.

De nieuwe agenda van de EU richt zich op bijdragen dat Europa weerbaarder wordt, minder afhankelijk van anderen en beter is toegerust om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden.

Veiligheid en defensie Op 4 maart 2025 presenteerde de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen het ReArm Europa plan. Dit plan is gericht op het versterken van de Europese defensie-industrie, en wil om die investeringen te stimuleren de Europese begrotingsregels versoepelen. Het wil de afhankelijkheid van derde landen, zoals de VS of China, verminderen.

Versterking concurrentievermogen

3

Doelstellingen en waarden | Europese Unie Handelspolitiek: barrières en verdragen - Kwaliteitseisen in handelsbeleid - Internationaliseringsmonitor / 2019-IV | CBS 5 10 inzichten over het werkprogramma van de Commissie 6 Strategische agenda van de EU 4

3

Daarnaast zien we dat de EU haar concurrentiepositie wil versterken door vereenvoudiging van regelgeving, versnellen van besluitvorming en stimuleren van innovatie en digitale infrastructuur, in het Competitive Compass dat eind januari is verschenen7. De in 2024 verschenen rapporten van Mario Draghi8 en van Enrico Letta 9 vormden belangrijke bouwstenen hiervoor.

Duurzaamheid en energietransitie In de Clean Industrial Deal10 worden de bestaande groene ambities van de Commissie vormgegeven. Kernpunten zijn onder meer betaalbare en schone energie en circulair gebruik van grondstoffen. Dit moet Europese industrieën op korte termijn meer concurrentievermogen opleveren, CO2-uitstoot verminderen en zo bijdragen aan de doelen van de Green Deal. Door vraag en aanbod van circulaire materialen en producten te stimuleren wordt een circulaire economie bevorderd.

Duurzame en digitale infrastructuur Ook transport wordt duurzamer. Het Sustainable Transport Investment Plan stimuleert de productie en verkoop van duurzame transportbrandstoffen. Er komen meer maatregelen om een snelle uitrol van oplaad- en tankinfrastructuur te stimuleren. Via de Digital Networks Act (DNA) legt de Commissie de nadruk op geavanceerde digitale netwerkinfrastructuren en de veiligheid en duurzaamheid hiervan. Deze is ook gericht op het inperken van de dominantie van grote contentproviders en op duurzame investeringen.

Steun voor landbouw en voedselzekerheid De Visie op Landbouw en Voedsel geeft richting aan de Europese landbouw voor de komende vijf jaar en biedt een lange termijn perspectief voor bedrijfsvoerders, zoals boeren en kleine en middelgrote ondernemingen (mkb’s). In de werkagenda wordt aangegeven dat er behoefte is aan een betaalbaar aanbod van duurzaam en lokaal geproduceerd voedsel van hoge kwaliteit. Tegelijkertijd moet dit boeren een eerlijk en toereikend inkomen bieden, de concurrentiekracht van de Europese landbouw op de lange termijn verzekeren en onze natuurlijke gebieden respecteren en beschermen.

Waterbeheer en klimaatadaptatie Duurzaam waterbeheer is een van de grootste uitdagingen in verband met de gevolgen van klimaatverandering. Afgelopen jaren hebben er tragische gebeurtenissen plaatsgevonden in Europa als gevolg van klimaatopwarming. Overstromingen en droogte worden steeds meer de norm. De Commissie wil ervoor zorgen dat waterbronnen goed worden beheerd, schaarste en vervuiling worden aangepakt en het concurrentievermogen van onze waterindustrie wordt vergroot. Met een Water Resilience Strategy wil de Commissie de toegang tot water voor inwoners, natuur en de economie waarborgen en overstromingen en watertekorten aanpakken. Deze strategie kan de basis vormen voor toekomstige EUrichtlijnen of nationale wetgeving.

Betaalbaar wonen Bij de nieuwe Europese Commissie zien we verder meer aandacht voor wonen, met een nieuwe commissaris die hiervoor verantwoordelijk is. In 2025 zal deze met een plan komen voor betaalbaar wonen, waarbij de focus ligt op het opheffen van belemmeringen, zoals staatssteunregels.

Financiering Dit jaar is de commissie al flink bezig met het nieuwe Meerjarig Financieel Kader (MFK) voor der periode 2028-2034, dat de basis legt voor de financiering van alle Europese ambities. In dit MFK geeft de Commissie de kaders aan voor EU-fondsen en subsidies.

7

A Competitive Compass for the EU 8 The Draghi report on EU competitiveness 9 Enrico Letta's Report on the Future of the Single Market - European Commission 10 Clean Industrial Deal - Europese Commissie 4

4. Onze inzet richting Europa In deze strategie koppelen we onze opgaven en prioriteiten met die van Europa. We investeren in capaciteit en expertise gericht op de EU en dragen we bij aan het Europabekwamer maken van de organisatie. We willen ons ontwikkelen van een gemeente die op ad hoc wijze omgaat met Europa naar een gemeente die structureel inzet op Europa. Europa gaat over veel verschillende beleidsterreinen. De veelheid dwingt ons tot kiezen, want we kunnen niet alles doen. Vandaar de keuze voor twee opgaven, die ruim genoeg zijn geformuleerd om niet tijdsgebonden te zijn, maar wel richting geven aan onze inzet. Gedurende de periode 2025-2030 bouwen we daarmee een duidelijk profiel op als gemeente. Dit helpt bij het vormen van ons netwerk en onze reputatie als betrouwbare samenwerkingspartner.

4.1 We concentreren onze inzet op twee opgaven die aansluiten op de Europese strategische agenda. Gelet op de Europese strategische agenda voor de komende jaren sluiten deze opgaven daar goed op aan:

4.1.1 Transformatie naar groene economie Op economisch gebied willen we de transformatie van een grijze naar een groene economie realiseren, zoals de economische koers aangeeft: ‘Van grijs groeien naar groen ontwikkelen’, waarbij de trefwoorden kwaliteit, diversificatie en selectiviteit zijn. Dit laatste heeft te maken met enerzijds de omvang van de al bestaande economie en anderzijds de schaarste aan ruimte. Hoewel het luchthavencluster belangrijk is voor de Haarlemmermeerse economie (meer dan 40% is luchthavengerelateerd), is de afhankelijkheid van één sector niet verstandig. Andere sectoren groeien harder en bieden een gebalanceerd perspectief. Reden waarom diversificatie van de economie gewenst is.

Innovatie en diversificatie Haarlemmermeer bevindt zich in de top 5 van innovatieve gemeenten in Nederland, en die bedrijven bevinden zich met name in de ICT-, high tech en logistieke sector. Deze innovatie is niet alleen gerelateerd aan startups en scale-ups, ook gevestigde, met name internationale bedrijven behoren hiertoe. We willen tot de kopgroep van kwalitatief best presterende lokale economieën behoren. De diversificatie richt zich op de volgende sectoren: ICT & Technologie, Groothandel & Consumergoods, specialistische zakelijke dienstverlening, Life sciences & health/Pharma & Medical en energie & grondstoffen, naast luchtvaart en logistiek. Belangrijke kwaliteitsaspecten zijn duurzaamheid, circulariteit en vergroening, innovatie en aantrekkelijk werkgeverschap en sociaal maatschappelijke verbondenheid. We maken werk van de energietransitie.

Digitalisering Vanwege het belang van innovatie ligt een belangrijke focus bij de ICT-sector en de link met alle ontwikkelingen die zich voordoen op het gebied van digitalisering. Onze gemeente is met Schiphol Rijk onderdeel van de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX). AMS-IX is een van de belangrijkste internetknooppunten van Nederland en is onderdeel van de ‘gouden ruit’ in Europa: Frankfurt- LondenAmsterdam-Parijs-Dublin.

Duurzame bereikbaarheid Goede bereikbaarheid is belangrijk in onze gemeente. Met de aanwezigheid van de nationale luchthaven Schiphol, aansluitingen op rijkswegen en provinciale wegen en een uitstekend netwerk van OVverbindingen zorgen we dat we goed bereikbaar zijn en zetten we in op duurzame mobiliteit. Vanuit Europees perspectief ligt Schiphol op een van de belangrijke Trans Europese netwerkcorridors (TEN-T)11. We beschouwen de ontlasting van het spoornet door het doortrekken van de Noord-Zuidlijn naar het intercitystation Hoofddorp als belangrijk thema.

11

TEN-T uitgelegd: het hart van Europa's infrastructuur - Europa decentraal 5

4.1.2 Leefbaarheid: betaalbaar wonen, gezondheid, groen en samenredzaamheid Onze gemeente telt inmiddels meer dan 160.000 inwoners en zal door de woningbouwopgave fors verder groeien, richting 200.000 inwoners. Voor deze opgave zijn Europese staatssteunregels soms belemmerend. De Schaalsprong Wonen omvat ook het ontwikkelen van duurzaam gezonde leefbare gebieden. We willen een gemeente zijn waar onze bewoners prettig wonen met voldoende ruimte voor groen en recreëren, met aandacht voor leefbaarheid in de verschillende kernen en buurten. Ook het aanbod van voorzieningen op het gebied van sport, onderwijs, zorg en cultuur moeten passen bij de omvang en samenstelling van de bevolking. Schiphol verbindt onze regio met Europa en de wereld, maar zorgt ook voor (geluids)overlast. Vandaar dat we met interesse kijken naar de mogelijkheden van geluidsadaptief bouwen. We zetten in op oud worden in de eigen leefomgeving met ondersteuning van het sociale netwerk en sociale partners. Specifieke aandacht gaat uit naar veiligheid en samenredzaamheid, want met de internationale dreigingen nemen ook de kwetsbaarheden binnen de gemeente toe.

5.1 Samenwerken als één overheid naar Brussel, door regionale samenwerking en afstemming Onze inzet naar Brussel geven we vorm en stemmen we af met de AM en de MRA. Van 2023-2025 loopt de Europese pilot van de MRA met een vertegenwoordiging in Brussel. Voor de Europese pilot heeft de MRA drie thema’s vastgesteld: Circulaire economie, Mobiliteit en Waterstof. De thema’s Circulaire economie en Mobiliteit sluiten goed aan bij onze gemeentelijke opgaven. Inmiddels heeft de MRA ook het thema betaalbaar wonen opgepakt, dat vanwege onze woningbouwopgave relevant is. In voorkomende gevallen is onze burgemeester gevraagd op te treden als de Europese vertegenwoordiger naar Europese bijeenkomsten namens de MRA. Dit biedt kansen voor de gemeente om Europese contacten op te doen en een netwerk op te bouwen.

5.2 Aansluiten bij relevante Europese netwerken Eurocities en Airport Regions Council (ARC) Europese netwerken bieden toegang tot de Europese instellingen en versterkt onze informatiepositie want ze geven informatie over Europese beleid- en regelgeving. Europese netwerken bieden een platform om kennis en ervaring uit te wisselen met andere gemeenten in Europa en bieden goede kansen voor Europese positionering, profilering en lobby. Tenslotte faciliteren zij de zoektocht voor Europese partners voor Europese projecten. Haarlemmermeer heeft niet de grootte noch de ambitie om zelfstandig het Europees beleid te beïnvloeden dat de gemeente raakt. We gaan dit doen via de nationale netwerken, zoals de G40 en VNG, en door ons aan te sluiten bij relevante Europese netwerken. De MRA is aangesloten op Europese netwerken van metropolen, te weten METREX en European Metropolitan Authorities (EMA), die belangrijke informatie geven over Europa en andere regio’s. Door ook als gemeente zelf aan te sluiten bij relevante Europese netwerken gericht op steden versterken we onze positie. De belangrijkste voor onze gemeente zijn: Eurocities: het grootste stedennetwerk van Europa is een relevante bron van informatie over stedelijke ontwikkelingen. Lidmaatschap van Eurocities biedt een krachtig Europees netwerk, kansen voor profilering, lobby en Europese subsidies.

Leden zijn gemeenten met meer dan 250.000 inwoners en regio’s met meer dan 400.000 inwoners mits er een juridische basis ligt. Omdat de MRA geen rechtspersoonlijkheid is ontbreekt deze bij de MRA. Een alternatief is toetreden als associate member bij een thematisch forum, zoals Haarlem en Almere. In 2025 willen we lid worden van ARC en toetreden tot het forum ‘Economic Development’ van Eurocities. •

Airport Regions Council (ARC): netwerk van regionale en lokale autoriteiten met een internationale luchthaven op of nabij hun grondgebied, met aandacht voor duurzaamheid en onderzoek. Voor ons relevant vanwege Schiphol.

In de komende jaren willen we toetreden tot een forum van Eurocities en ARC. Zo bouwen we een Europees netwerk langzamerhand op, en vervolgens kijken we in de komende jaren of het nuttig is lidmaatschap uit te breiden, en ook tot andere relevante Europese netwerken toe te treden. De kennis en ervaringen die we gaan opdoen zullen we evalueren, zodat we een goed beeld krijgen wat deelname voor ons oplevert. 6

Andere Europese netwerken die we in de jaren hierna ook willen onderzoeken die mogelijk interessant zijn voor Haarlemmermeer zijn bijvoorbeeld: •

•

• • •

Polis: het netwerk van Europese steden en regio’s die samenwerken om innovatieve technologie en beleid gericht op mobiliteit te ontwikkelen. Leden zijn onder anderen gemeente Amsterdam, Provincie Noord-Holland en Vervoerregio Amsterdam. Urban agenda for the EU (Europese Agendastad) – interbestuurlijke (EU, nationaal, regionaal en lokaal) samenwerking door middel van thematische partnerschappen met als doel betere regelgeving, betere financiering en betere kennisdeling, opgezet vanuit de Europese Commissie. Covenant of Mayors for Climate & Energy – Europees netwerk van burgemeesters/steden gericht op klimaat en energie, opgezet vanuit de Europese Commissie. ERRIN - European Regions Research and Innovation Network, met name gericht om Europese programma’s en projecten op het gebied van onderzoek en innovatie op lokaal niveau te stimuleren. OASC - Open and Agile Smart Cities & Communities: een netwerk van steden die het lokaal bestuur assisteert in de digitale transformatie.

6. We gaan ervaring opdoen met Europese fondsen die aansluiten bij onze opgaven Europese subsidies helpen ons om onze opgaven op te pakken of te versnellen en om kennis en ervaringen uit te wisselen. Omdat we nog weinig ervaring hebben met Europese fondsen, zullen we ons in eerste instantie richten op de structuurfondsen, waarbij de kans van slagen groter is. Voorbeelden hiervan zijn het Interreg of URBACT-programma. Bij een dergelijk project gaat het over het Europees uitwisselen van kennis en ervaring op specifieke thema’s, en doen we ervaring hiermee op, ook met de administratie en verantwoording. Daarbij richten we ons op de eerdergenoemde opgaven, de transitie naar een groene economie en leefomgeving. Gezien de geringe Europese ervaring binnen de organisatie zullen we ons in eerste instantie niet melden als trekker van een Europees project. Daar waar mogelijk sluiten we aan bij regionale of nationale initiatieven die onze opgaven raken, zoals voor de OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer. In de bijlage vindt u een kort overzicht van Europese fondsen.

7. Conclusie Met deze Europastrategie geven we vorm aan onze ambities als snelgroeiende gemeente onder de rook van Schiphol. Onze inzet voor Europa met deze Europastrategie geeft een groeimodel aan, waarbij we stap voor stap Europa beter leren kennen. Dit is een bewuste keuze. Na enige tijd gerichte inzet gaan we evalueren wat deze opbrengt, alvorens verdere vervolgstappen te ondernemen. Het heeft tijd nodig om als gemeente een effectieve rol te kunnen spelen op het Europese toneel. Onze ambities zijn daarom vooralsnog bescheiden. Onze inzet geven we waar mogelijk vorm samen met de regio (MRA en provincie Noord-Holland). Jaarlijks zullen we in de uitvoeringsagenda aangeven hoe de inzet voor dat jaar vorm zal krijgen. In deze strategie koppelen we onze opgaven en prioriteiten met die van Europa. We investeren in capaciteit en expertise gericht op de EU en dragen bij aan het Europabekwamer maken van de organisatie. We willen ons ontwikkelen van een gemeente die op ad hoc wijze omgaat met Europa naar een gemeente die structureel inzet op Europa. Europa gaat over veel verschillende beleidsterreinen. De veelheid dwingt ons tot kiezen. Vandaar de keuze voor twee opgaven, die ruim genoeg zijn geformuleerd om niet tijdsgebonden te zijn, maar wel richting geven aan onze inzet. De opgaven waar we op inzetten zijn de transformatie naar een groene economie en leefbaarheid.

De aansluiting tot de gekozen netwerken sluiten daarbij aan. Gedurende de periode 20252030 bouwen we daarmee een duidelijk profiel op als gemeente. Dit helpt bij het vormen van ons netwerk en onze reputatie als betrouwbare samenwerkingspartner. De opbouwfase bestaat vooral uit het ‘crossloaden’, en met de aansluiting bij de netwerken ARC en het Eurocities forum Economic development leren we deze organisaties kennen. We gaan ervaren of deze voldoen aan de verwachtingen om een netwerk op te bouwen, informatie te verschaffen, toegang tot lobby 7

te verkrijgen en kansen geven tot het ontsluiten van middelen. Met de jaarlijkse uitvoeringsagenda zijn we flexibel om onze inzet indien gewenst bij te stellen. We willen ervaring opdoen met Europese fondsen die aansluiten bij onze opgaven. Ook hier is sprake van een groeimodel, en maken we aan de voorkant gebruik van het afwegingskader. Om uiteindelijk ook invloed op Europa te krijgen en te kunnen uploaden zijn de Europese netwerken en die vanuit MRA Europa belangrijk, waarbij we samenwerken als één overheid. Aan het eind van de looptijd van deze Europastrategie zullen we deze evalueren, aangeven hoe en waar verbetering plaats kan vinden en of en hoe bijvoorbeeld uitbreiding van de Europese netwerken gewenst is.

8

Bijlage Europastrategie 2025-2030 Europese Fondsen Globaal gesteld kent Europa twee type fondsen, namelijk de structuur- en investeringsfondsen en de overige fondsen. Bij de structuur- en investeringsfondsen gaat het om gereserveerd geld voor Nederland en is er minder concurrentie, waardoor de slagingskans hoger is. Bij de Europese fondsen worden de middelen vanuit Europa verdeeld, waardoor de concurrentie groter is en ligt de slagingskans (veel) lager. De Europese Commissie stelt 7-jaar durende werkprogramma’s op voor de verschillende financieringsprogramma’s. De vijf prioriteiten in de Europese financieringsprogramma’s voor de periode van 2021 t/m 2027 zijn: 1. Een concurrerender en slimmer Europa door middel van innovatie, digitalisering, economische transformatie en ondersteuning voor kleine en middelgrote ondernemingen; 2. Een groenere transitie naar een koolstofvrije economie, om uitvoering te geven aan de Europese "Green Deal", met aandacht voor de energietransitie, hernieuwbare energiebronnen en klimaatadaptatie en -mitigatie; 3. Een beter verbonden Europa, met strategische transport- en digitale netwerken; 4. Een socialer en inclusiever Europa; 5. Een Europa dat dichter bij de burger staat door ondersteuning van lokaal geleide ontwikkelingsstrategie in en duurzame stedelijke ontwikkeling in de gehele EU. Deze prioriteiten gelden voor alle Europese fondsen.

Hieronder besteden we aandacht aan de twee verschillende type fondsen.

1. Europese Structuur- en Investeringsfondsen (ESI-fondsen) De Europese Unie (EU) verstrekt financiering via Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF). Met deze subsidies wil de Europese Unie investeren in werkgelegenheid, een duurzame en gezonde Europese economie en het milieu. De relevante structuurfondsen voor Haarlemmermeer zijn: •

Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO): Kansen voor West

Kansen voor West is het samenwerkingsverband tussen de vier Randstedelijke provincies (Noord- en ZuidHolland, Utrecht en Flevoland) en de vier grote steden Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht. Doel is om de regionale economie in de Randstad een innovatieve en duurzame impuls te geven. Dit gebeurt door het verstrekken van subsidies aan het bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden in de regio. •

Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+)

Fonds om werkgelegenheid te bevorderen. En om een eerlijke, en sociaal inclusieve samenleving in de EUlanden te realiseren. Gemeenten kunnen via regionale programma's instappen in samenwerking met arbeidsmarktregio’s. •

Europese subsidieregeling Interreg

Het Europese subsidieprogramma Interreg ondersteunt innovatieve (duurzaamheids)projecten die Europa sterker maken. Denk aan meer innovatiekracht, een beter milieu en het verkleinen van de economische verschillen tussen regio’s en lidstaten onderling. Het programma stimuleert partijen om grensoverschrijdend samen te werken aan de gezamenlijke problemen in de regio. De Interreg subsidieprogramma’s bieden kansen voor overheden (Rijk, provincie, gemeenten), NGO’s (non-gouvernementele organisaties), kennisinstellingen (universiteiten en hogescholen) en bedrijven. Ieder programma kent verschillende investeringsprioriteiten, zoals innovatie, een koolstofarme economie of duurzaam transport. Het programma bevat transnationale samenwerking tussen regio’s in verschillende landen in voor ons twee verschillende programma’s, Interreg Noordzee (NSR) en Interreg Noordwest Europa (NWE). En daarnaast, niet gebonden aan een bepaalde regio zijn er nog Interreg Europe en URBACT, waarbij uitwisseling van kennis en ervaringen in een Europees verband centraal staat. 9

2. Enkele andere relevante Europese fondsen •

Horizon Europe

Horizon Europe (HORIZON) programma is het grootste onderzoeks- en innovatieprogramma. Het doel is om wetenschappelijk en technologisch onderzoek te stimuleren; maatschappelijk beleidsprioriteiten aan te pakken en het concurrentievermogen en de werkgelegenheid te stimuleren door toepassing van innovatieve oplossingen. Een aan Horizon gekoppeld fonds is New European Bauhaus (NEB). NEB is een programma dat ruimtelijke kwaliteit koppelt aan duurzaamheid. Het biedt gemeenten gelegenheid zich te profileren als innovatieve stedelijke regio's. Ook zijn verschillende EU Missions aan het Horizon programma gekoppeld. EU Missions zijn gericht op het oplossen van grote maatschappelijke uitdagingen, zoals klimaatverandering, kankerbestrijding en digitale transformatie. •

Connecting Europe Facility

De Connecting Europe Facility (CEF) voor Transport is het financieringsinstrument om Europa duurzaam bereikbaar te maken en te houden om zo het Europese transport- en infrastructuurbeleid te realiseren. Het is gericht op het ondersteunen van investeringen in het bouwen van nieuwe infrastructuur in Europa of verbeteren van de bestaande infrastructuur. Belangrijk hierbij is de ligging op een van de Europese Trans Europese Transport Netwerk (TEN-T) corridors, waarbij knooppunten als (lucht-)havens, (spoor-) wegen en stations op elkaar aansluiten en met elkaar verbinden. Daarnaast is er een CEF voor Energie en een voor Telecom. •

European Urban Initiative

Het European Urban Initiative ondersteunt steden op het gebied van innovatie en het ontwikkelen van deelbare en schaalbare innovatieve oplossingen voor stedelijke uitdagingen met Europese relevantie. Ook ondersteunt het steden in het opbouwen van capaciteit en kennis en het ontwikkelen van beleid en communicatie over duurzame stedelijke ontwikkeling. Het programma is gericht op het versterken van integrale en participatieve aanpakken van duurzame stedelijke ontwikkeling en het verzorgen van een sterkere link met Europees beleid, in het bijzonder Cohesiebeleid en investeringen in stedelijke gebieden. •

LIFE

LIFE is het Europese financieringsinstrument voor milieu, energie en klimaat, en kent verschillende deelprogramma’s. Het programma ‘Natuur en biodiversiteit’ richt zich op de bescherming en het herstel van de Europese natuur en stoppen en omkeren van het biodiversiteitsverlies. Het programma ‘Circulaire economie’ en kwaliteit van leven versnelt de overstap naar een duurzamere, circulaire, gifvrije, energieefficiënte en klimaatbestendige economie. En beschermt, herstelt en verbetert zo de kwaliteit van het milieu in Europa. Het programma ‘Klimaatmitigatie- en adaptatie’ werkt mee aan een duurzamere, energie-efficiënte, op hernieuwbare energie gebaseerde, klimaatneutrale en veerkrachtige economie. Het programma ‘Duurzame energietransitie’ steunt projecten die EU-beleid voor de overstap naar hernieuwbare en duurzamere energie uitvoeren.

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=481a1b95-97e1-4061-a613-8620ccdcf0ca