CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

b6. Raadsvoorstel 2012.0057163 Gemeenschappelijke regeling 2012.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 23 september 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: - Sessieverzoek GL over de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG)10.873 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

22

hebben. Uit de leden van het algemeen bestuur van de overige deelnemers wordt het resterende lid van het dagelijks bestuur aangewezen. Artikel 23 Dit artikel ziet op de vergaderingen en besluitvorming van het dagelijks bestuur. Artikel 24 Gelet op de verantwoordingsrelaties tussen dagelijks bestuur en algemeen bestuur moet ook een ontslagrecht geregeld worden. Dit artikel voorziet daarin. Artikel 25 Dit artikel regelt de aanwijzing van de voorzitter. Op grond van artikel 13 lid 9 Wgr moet de voorzitter door en uit het algemeen bestuur benoemd worden. De voorzitter is dus lid van het algemeen bestuur. De keuze van de voorzitter is geheel aan het algemeen bestuur, er is niet voor gekozen om te werken met een voorzitter afkomstig van een bepaalde deelnemer. De aanwijzing van de voorzitter kan niet aan het dagelijks bestuur worden gedelegeerd, nu de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. De voorzitter is immers een eenhoofdig bestuursorgaan (vgl. art. 12 lid I Wgr) en is als zodanig lid van het dagelijks bestuur (art. 14 lid 1 Wgr) en tevens voorzitter van algemeen bestuur en dagelijks bestuur (art. 12 lid 3 Wgr). Artikel 26 tlm 28 Deze artikelen handelen over de secretaris van het gemeenschappelijk openbaar lichaam. De artikelen zijn gespiegeld aan de artikelen over de provinciale griffier zoals deze golden voor de inwerkingtreding van de Wet dualisering provinciebestuur.

Naast de taken genoemd in dit artikel kunnen bij wet in formele zin bevoegdheden rechtstreeks aan de directeur worden geattribueerd, zoals bij de bestuurlijke strafbeschikking. De keuze voor attributie wordt door de nationale wetgever gemaakt, en zodoende heeft het algemeen bestuur of dagelijks bestuur in beginsel niks over de toekenning van de taak te zeggen. Op grond van artikel 10:22 Awb kan het dagelijks bestuur echter wel instructies geven over de uitoefening van deze geattribueerde taken. Artikel 29 Dit artikel benadrukt dat de Nationale ombudsman bevoegd is klachten te behandelen (het externe klachtrecht). Artikel 30 Dit artikel voorziet in de mogelijkheid van het algemeen bestuur om bestuurscommissies in te stellen (vgl. art. 52 lid 1 jo. art. 25 lid 1 Wgr). Indien de gemeenschappelijke regeling niet in de mogelijkheid voorziet, kunnen geen bestuurscommissies worden ingesteld. Deze mogelijkheid wordt geopend om de mogelijkheid te bieden een bestuurscommissie voor de BRZO-taken in te stellen, zodat ook de provincies Utrecht en Flevoland (enige) zeggenschap kunnen krijgen over deze taakuitoefening. Er kunnen echter ook andere bestuurscommissies worden ingesteld, indien gewenst. Voordat het algemeen bestuur kan overgaan tot instelling van de bestuurscommissie moet eerst toestemming worden verkregen van de raden resp. provinciale staten van de deelnemers (art. 52 lid 1 jo.

art. 25 lid 2 Wgr). De raden en provinciale staten houden zodoende invloed op de uitbreiding van de bestuursorganen van de Omgevingsdienst.

Onderwerp

Volgvei

Treffen gemeenschappelijke regeling en overdragen budget Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 23

Het algemeen bestuur regelt de samenstelling van de bestuurscommissie, alsmede zijn taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties jegens het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur etc. (zie art. 25 Wgr). Artikel 31 Op grond van artikel 10 lid 2 Wgr moet uitdrukkelijk bepaald worden welke bevoegdheden bij het treffen van de gemeenschappelijke regeling worden overgedragen. Daarom bepaalt dit artikel dat geen bevoegdheden worden overgedragen. Uitgangspunt van de Omgevingsdienst is, ook gelet op de package deal, immers dat de colleges van burgemeester en wethouders resp. gedeputeerde staten verantwoordelijk blijven Daartoe wordt gebruik gemaakt van mandaat in plaats van overdrachtldelegatie. Artikel 32 Dit artikel ziet op de mandaatverlening van de colleges aan het dagelijks bestuur resp. de directeur. Deze bevoegdheden blijven formeel dus bij de colleges resp. gedeputeerde staten berusten (art. 10:l en 10:2 Awb), en worden slechts in hun naam door de Orngevingsdienst uitgevoerd (art. 1O: 1 en 10:2 Awb). De colleges resp. gedeputeerde staten kunnen daarbij aanwijzingen geven (art. 10:6 Awb) en de bevoegdheden zelf blijven uitoefenen (art. 10:7 Awb). De concrete mandatering wordt in afzonderlijke mandaatbesluiten geregeld.

Hier is voor gekozen omdat het niet mogelijk is in de gemeenschappelijke regeling voor Amsterdam te bepalen welke bevoegdheden worden opgedragen, nu het hierbij in sommige gevallen om bevoegdheden van de stadsdelen gaat, die niet door het college van Amsterdam als deelnemer mogen worden ingebracht (vgl. art. 10:17 Awb in samenhang met art. 51 lid 1 Wgr). Geadviseerd wordt bij de mandaatbesluiten het beslissen op bezwaar voor te behouden aan de colleges resp. gedeputeerde staten, omdat er tegenstrijdige jurisprudentie bestaat over de mogelijkheid deze bevoegdheid te mandateren aan niet-ondergeschikten. Artikel 33 Het gemeenschappelijk openbaar lichaam, de Orngevingsdienst, bezit rechtspersoonlijkheid (art.52. jo. art. 8 lid 1 Wgrjo. art. 2 : l lid 2 BW) en kan zodoende privaatrechtelijke rechtshandelingen verrichten (art. 2 : l lid 3 jo. art. 2:5 jo. art. 3:32 BW). De RUD moet leningen kunnen afsluiten, panden kunnen kopen of huren, ICT investeringen kunnen doen etc. Deze bevoegdheid mag beperkt worden in de gemeenschappelijke regeling (art. 55 Wgr). De bevoegdheid wordt in de eerste plaats ingekaderd door de begroting. De begroting wordt op grond van art. 51 door het algemeen bestuur vastgesteld met een vijf zesde meerderheid. De ontwerp-begroting wordt ieder jaar ter inzage gelegd bij de raden en staten van de deelnemers. Zijn kunnen daarop hun zienswijze geven.

Bij de overdracht van deze bevoegdheid aan het dagelijks bestuur (vgl. art. 38 GR) kan de bevoegdheid verder worden beperkt; hier is gekozen voor een grens bij € 2,5 miljoen, zodat in die gevallen altijd instemming van het algemeen bestuur vereist is. Door de gekozen stemverhouding in het algemeen bestuur kunnen risico's bij het aangaan van verplichtingen worden voorkomen. Het dagelijks bestuur kan eventuele beperkingen opnemen bij het mandaat aan de directeur (vgl. 41 GR). Artikel 34 Omdat er een fusie van de Omgevingsdienst met IJmond is voorzien voor 2015, wordt de mogelijkheid geopend dat de Omgevingsdienst alvast een gemeenschappelijke regeling kan treffen vooruitlopend op die fusie. Als de gemeenschappelijke regeling niet in de mogelijkheid voorziet, is de Orngevingsdienst hiertoe niet bevoegd (vgl. art. 93 en 96 Wgr).

Onderwerp Volgvei

Treffen gemeenschappelijke regeling en overdragen budget Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 24

Bij de besluitvorming voor het treffen van de gemeenschappelijke regeling zijn de raden en provinciale staten formeel niet betrokken. Om recht te doen aan ieders positie in deze, is er voor gekozen met een gekwalificeerde meerderheid te werken. Artikel 35 en 36 Nadere afspraken omtrent de samenwerking worden vastgelegd in een dienstverleningshandvest. Het dienstverleningshandvest fungeert als algemene voorwaarden en wordt zodoende vastgesteld door het algemeen bestuur. In het dienstverleningshandvest wordt zodoende invulling gegeven aan de concrete dienstverlening, waarnaast aparte mandaatbesluiten worden opgesteld. Het dienstverleningshandvest geldt voor alle deelnemers en kan zodoende niet per deelnemer variëren. Daarnaast zullen voor maatwerk per deelnemer nog dienstverleningsovereenkomsten worden gesloten. Deze artikelen bieden daartoe de kaders. In deze dienstverleningsovereenkomst kan de deelnemer zijn opdrachtgevende rol waarmaken. Daar worden concrete afspraken gemaakt over de uitvoering van de dienstverlening, binnen de algemene voorwaarden van het dienstverleningshandvest. De dienstverleningsovereenkomsten moeten worden vastgesteld, daarom wordt gesproken over "zal" en niet "kan" in het artikel. Artikel 37 en 38 Artikel 37 regelt de algemene taakopdracht van het algemeen bestuur.

De verordenende bevoegdheid ziet met name op het vaststellen van 'interne' verordeningen, zoals financiële verordeningen e.d. Het algemeen bestuur kan zijn bevoegdheden overdragen aan het dagelijks bestuur (art. 38 GR). Artikel 39 Dit artikel regelt de verplichte verantwoordingsrelaties tussen algemeen bestuur en de raden (art. 17 Wgr) en het individuele lid van het algemeen bestuur met zijn college (art. 18 jo. art. 16 lid l en 3 Wgr) en raad (art. 19 jo. art. 16 lid 1 en 3 Wgr). Artikel 40 en 41 Artikel 40 regelt de bevoegdheden van het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur kan deze bevoegdheden mandateren aan een van zijn leden of de directeur (art. 41 GR). Overdrachtldelegatie is uitgesloten (behoudens bij instelling van een bestuurscommissie, vgl. art. 25 lid 3 Wgr). Artikel 42 Dit artikel regelt de verplichte verantwoordingsrelaties tussen dagelijks bestuur en de raden (art. 17 Wgr) en het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur (art. 18 jo. art. 16 lid 2 Wgr). Artikel 43 en 44 Deze artikelen zien op de taken en bevoegdheden van de voorzitter. Artikel 45 Dit artikel regelt de verplichte verantwoordingsrelaties tussen voorzitter en de raden (art. 17 Wgr) en de voorzitter en het algemeen bestuur.

Onderwerp Volgvei

Treffen gemeenschappelijke regeling en overdragen budget Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 25

Artikel 46 tot en met 52 Deze artikelen zien op de financiële administratie (waarop de huidige bepalingen uit de Provinciewet en het BBV van toepassing zijn (zie art. XV lid 2 Wet dualisering provinciebestuur4)en de totstandkoming van d e begroting en jaarrekening krachtens de artikelen 58 en 59 Wgr. Daarnaast wordt voorzien in een bijdrageverordening waarin de kostenverdeelsleutel moet worden vastgesteld, waarbij het precieze bedrag in de begroting jaarlijks kan worden bijgesteld op grond van de uitgangspunten geformuleerd in de bijdrageverordening. Artikel 48 is de uitwerking van een circulaire van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 8 juli 1999 (kenmerk FO99/U59111). In die circulaire wordt uitgeschreven dat uit het wettelijk systeem voortvloeit dat de deelnemers aan een gemeenschappelijke regeling er te allen tijden voor moeten zorgen dat het gemeenschappelijk openbaar lichaam over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te voldoen. Het artikel is dan ook ontleend aan het voorstel van de circulaire zelf. Op de garantstelling is de normale kostenverdeelsleutel van toepassing, zoals die uit de bijdrageverordening moet blijken, hetgeen benadrukt wordt door de zinsnede 'overeenkomstig de in artikel 46, eerste lid, bedoelde bijdrageverordening'. Op d ie manier worden de risico's per deelnemer dus beperkt tot de eigen inbreng.

Dit laat onverlet dat de besluiten die in mandaat worden genomen namens één van de deelnemers worden toegerekend aan het mandaterende bestuursorgaan (art. 10:2 Awb). In mandaat genomen besluiten worden immers namens de mandaatgever genomen (art. 10:l Awb). Juridisch gezien blijft dus het bestuursorgaan, in casu dus het betreffende college van burgemeester en wethouders respectievelijk gedeputeerde staten, het besluit nemen en daarmee juridisch verantwoordelijk en aansprakelijk. Uit artikel 1 : l lid 4 Awb vloeit voort dat de vermogensrechtelijke gevolgen van een handeling van een bestuursorgaan worden toegerekend aan de rechtspersoon waartoe dat bestuursorgaan behoort, in casu dus de betreffende gemeente respectievelijk provincie (zie art. 2 : l lid 1 BW). Dit wordt nog eens benadrukt door de zinsnede 'onverminderd het bepaalde in artikel l : ? ,vierde lid, van de Algemene wef bestuursrecht'. Artikel 53 tot en met 56 De gemeenschappelijke regeling moet bepalingen bevatten omtrent toe- en uittreding, wijziging en opheffing (art. 9 lid 1 Wgr). Er is gekozen voor een vijf zesde meerderheid besluitvorming bij deze besluiten, omdat deze het systeem van de samenwerking zodanig kunnen veranderen, dat iedere deelnemer daar iets over moet vinden. De hoofdregel binnen de Wet gemeenschappelijke regelingen is ook unanimiteit (vgl. art. 51 lid 3 Wgr).

Gevolg is wel dat elke deelnemer een 'vetorecht' heeft met betrekking tot de besluitvorming. Bij uittreding ziet de unanimiteit overigens niet op het besluit tot uittreding als zodanig, maar wel op de (financiële en personele) gevolgen van de uittreding. Uittreding als zodanig is een individueel besluit, dat volgens oud-minister Remkes de ultieme consequentie van democratische legitimatie is. Artikel 57 Op grond van artikel 40 Archiefwet 1995 moet de gemeenschappelijke regeling bepalingen bevatten omtrent het archief. Deze moeten zoveel mogelijk overeenkomstig de Archiefwet 1995 worden vormgegeven. Om die reden is aansluiting gezocht bij de bepalingen zoals die op grond van de Archiefwet 1995 voor de provincies gelden. 4,

Vanaf 1 oktober 2012 artikel 136 Wgr.

Onderwerp Volgvei

Treffen gemeenschappelijke regeling en overdragen budget Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 26

Artikel 58 tot en met 61 Deze bepalingen regelen een aantal algemene zaken die bij iedere regeling aan bod moeten komen, zoals de duur van de regeling, de inwerkingtreding en de citeerwijze. Ook de inzending op grond van artikel 26 Wgr wordt geregeld, hoewel gedeputeerde staten zelf ook deelnemer zijn.

gemeente

Haarlemmermeer

Raadsbesluit 2012.0057163

Onderwerp

Treffen gemeenschappelijke regeling en overdragen budget Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied

De raad van de gemeente Haarlemmermeer; gelezen het voorstel van Burgemeester en Wethouders van 9 oktober 2012 nummer 2012.0057163;

besluit:

1. 2.

3. 4.

aan het college toestemming te verlenen tot het treffen van een gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied; akkoord te gaan met een budgetoverdracht van € 3,8 miljoen vanuit programma's 9 Ruimtelijke ontwikkeling en 11 Kwaliteit fysieke omgeving ten behoeve van de Omgevingsdienst zoals beschreven, ter dekking van de ingebrachte taken inclusief overhead en deze te verwerken in de Voorjaarsrapportage van 2013; dit raadsvoorstel ter informatie te zenden aan de (Bijzondere) ondernemingsraad; dit raadsvoorstel ter informatie te zenden aan het (Bijzondere) Georganiseerd Overleg

Vastgesteld in de openbare vergadering van 6 december 2012.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=4a755a7d-02af-49ac-94f4-3fc2165aa618