AM03 Amendement GL PvdA D66 actualisatie_participatiebeleid
Tekst van het document
Amendement (RvO 26) Kaders bij Participatie over actualisatie van het Participatiebeleid
Amendement bij het raadsvoorstel Participatie over actualisatie van het participatiebeleid (11608568) De Raad van de gemeente Haarlemmermeer in vergadering bijeen op 13 maart 2025 Betreft wijziging op raadsvoorstelnummer 11608568 Voorstel Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. kaders te stellen bij de participatie over de actualisatie van het participatiebeleid; 2. te kiezen uit de scenario's: a. terughoudend/aanjager; b. aansturend/kaderstellend of c. regisserend. Inhoud wijziging: Voor het plan van aanpak voor participatie over de actualisatie van participatiebeleid stellen we in elk geval de volgende stappen voor Toe te voegen aan beslispunt 1: ‘Kaders stellen bij participatie door de raad’: (kader 1) Beslispunt 1.1: Wat willen we ophalen? Participanten moeten zich kunnen uitspreken over de mogelijkheden waarmee burgers actief en direct betrokken kunnen worden bij besluitvorming en beleidsvorming, naast of in aanvulling op de representatieve functie van de raad. Het is daarom van belang om te weten hoe dat wordt gezien door onze inwoners en hoe de vormen van participatie waar in Haarlemmermeer al ervaring mee is opgedaan daar op aansluiten.
Tevens is van belang om de waardering voor aanvullende vormen die daarnaast mogelijkheden voor participatie en inspraak bieden, waaronder (ten minste, maar niet limitatief) het bindend correctief referendum, het uitdaagrecht, de dorpsconsultatie en het burgerberaad. (kader 2) Beslisipunt 1.2: Wie willen we betrekken? Participanten moeten een representatieve afspiegeling van de inwoners van Haarlemmermeer vormen. Dit betekent: -Spreiding over dorpen en kernen; -Diversiteit in leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en sociaal-economische achtergrond; -Extra aandacht voor taalvaardigheid en toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Bijvoorbeeld: 30% van de inwoners van Haarlemmermeer zijn jonger dan 30 jaar, voor een evenwichtige represenatie zouden de particpanten daarom voor een evenredig deel jonger dan 30 jaar moeten zijn.
Daarnaast dient rekening gehouden te worden met de praktische uitvoerbaarheid van representatieve deelname en daarom toegankelijk te zijn qua tijd (bijvoorbeeld ook ’s avonds of in het weekend) en locaties (zowel fysiek als digitaal). Beslispunt 1.2.1: Het aantal deelnemers Het aantal deelnemers dient voldoende groot te zijn. Door onderzoeksmethoden te combineren, wordt zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie verzameld. De onderzoeksopzet, methoden en technieken zijn ter uitwerking voor de onderzoeksspecialisten. Minimaal 100 deelnemers moeten worden betrokken bij het kwalitatieve deel om voldoende representativiteit te waarborgen. Indien het beoogde aantal deelnemers niet wordt gehaald, dient tijdig een aanvullende wervingsactie te worden ondernomen en moeten alternatieve methoden worden overwogen. Naast digitale werkwijzen kan loting een methode zijn om inwoners te benaderen.
(Kader 3) Beslispunt 1.3: Wie is er verantwoordelijk voor het proces? Het gemeentebestuur is verantwoordelijk, omdat dit een afspraak uit het coalitieakkoord betreft en een wettelijke taak van de gemeente. De raad behoudt een toezichthoudende rol in het proces en wordt periodiek geïnformeerd over de opzet, de voortgang en de methodologische keuzes. De raad besluit over zijn eigen rol in het proces bij beslispunt 2 van het voorstel.
(Kader 4) Beslispunt 1.4: Wat doen we met de opbrengst? Als de raad bij beslispunt 2 kiest voor: - Optie A (terughoudend/aanjager) of B (aansturend/kaderstellend) dan wordt de opbrengst verwerkt in het raadsvoorstel Actualisatie Participatiebeleid en als bijlage toegevoegd. - Optie C (regisserend) → de opbrengst wordt eerst met de raad besproken, voordat het raadsvoorstel wordt opgesteld. Daarnaast dient de opbrengst teruggekoppeld te worden aan de participanten, bijvoorbeeld via een openbare rapportage of een terugkomsessie, om transparantie en betrokkenheid te waarborgen. Toelichting: Het college doet twee voorstellen in het raadsvoorstel. Ten eerste dat de raad kaders stelt bij de participatie over de actualisatie van het participatiebeleid. Ten tweede dat de raad kiest welke rol hij kiest bij die participatie. Volgens het raadsvoorstel onder punt 3.2 (Wat gaan we daarvoor doen?) worden in dit raadsvoorstel kaders gesteld bij de participatie. In het stuk zelf zijn geen kaders uitgewerkt en naar aanleiding van de bespreking tijdens de raadssessie van 27 februari jl. worden met dit amendement kaders aan de raad voor besluitvorming voorgelegd, zodat de raad invulling aan dit beslispunt kan geven. Tijdens het debat over dit raadsvoorstel op 27 februari jl.
heeft de raad uitgebreid gesproken over het doel van dit raadsvoorstel, over het belang van participatie, over de vraag wat nu eigenlijk het
onderwerp van het debat was, en over de opties voor verschillende rollen van de raad (voorstel 2), maar niet over de kaders zelf. Zonder kaders is het niet duidelijk wat het doel van de participatie op de actualisatie van het participatiebeleid is. Daarom stellen we in dit amendement de invulling van de kaders voor.
Ondertekening: Eline Gumbert (GroenLinks) Fouad Sidali (PvdA) Gerdien Knikker (D66)