Akoestisch_onderzoek_station_Incheonweg Bewoners commentaar v1.pdf
Tekst van het document
150/20 kV-station Incheonweg Haarlemmermeer Akoestisch onderzoek in het kader van de ruimtelijke inpassing
Concept Waarom worden wij geacht concepten te beoordelen?
WAAROM IS DIT RAPPORT NIET OP 22 JANUARI EN DAARMEE VOORAFGAAND AAN DE TEAM BESPREKINGEN BESCHIKBAAR GEMAAKT?? DAT IS WEL ERG TOEVALLIG.
IN HET KORT: WIJ ALS BEWONERS VINDEN IN DIT RAPPORT DUSDANIG VEEL ONDUIDELIJKHEDEN, VERDRAAIDE WEERGAVEN EN DISCUTABELE AANNAMES DAT WIJ OP GEEN ENKELE WIJZE DE UIT DIT RAPPORT KOMENDE RESULTATEN ALS EEN REPRESENTATIE VAN DE TE VERWACHTEN AKOESTISCHE SITUATIE. WIJ ZOUDEN DAN OOK GRAAG EEN "SECOND OPINION" WILLEN ZIEN WAARBIJ VOORAF DE AANNAMES, DE MODELLERING ALSMEDE DE TE VOLGEN BEREKENING METHODE WORDT AFGESPROKEN TUSSEN DE PARTIJEN. Rapportnummer F 21931-3-RA-001 d.d. 21 januari 2021
150/20 kV-station Incheonweg Haarlemmermeer Akoestisch onderzoek in het kader van de ruimtelijke inpassing
Concept
opdrachtgever
Reddyn B.V.
rapportnummer
F 21931-3-RA-001
datum
21 januari 2021
referentie
GvL/GvL//F 21931-3-RA-001
verantwoordelijke ing. G.R.M. van Leemput opsteller
ing. G.R.M. van Leemput +31 858228629 g.vanleemput@peutz.nl
peutz bv, postbus 66, 6585 zh mook, +31 85 822 86 00, mook@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015
mook – zoetermeer – groningen – eindhoven – düsseldorf – dortmund – berlijn – leuven – parijs – lyon
F 21931-3-RA-001 2 Concept
Inhoudsopgave 1
Inleiding en samenvatting
4
2
Uitgangspunten
5
2.1
Situering en karakterisering omgeving
5
2.2
Beschrijving van de inrichting en representatieve bedrijfssituatie
6
2.3
Geluidbronsterkten en geluidreducerende maatregelen
7
To e t s i n g s c r i t e r i a
9
3 3.1
We t g e l u i d h i n d e r e n g e l u i d z o n e r i n g
9
3.2
VNG-richtlijn Bedrijven en milieuzonering
10
3.3
Overige geluidaspec ten
11
Berekeningen
12
4.1
Rekenmodel
12
4.2
Rekenresultaten
13
Beoordeling en conclusie
15
5.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
15
5.2
Vo o r s t e l z o n e g r e n s
16
4
5
F 21931-3-RA-001 3 Concept
1
Inleiding en samenvatting In opdracht van Reddyn B.V. is een onderzoek uitgevoerd naar de verwachte geluidbelasting van de omgeving ten gevolge van het geprojecteerde 150/20 kV-station Incheonweg van Liander en TenneT. ER IS DUS AL HELEMAAL GEEN SPRAKE MEER VAN EEN ANDERE LOCATIE
Ter versterking van het elektriciteitsnet in de Haarlemmermeer en Schiphol zal een nieuw 150/20 kV-station worden gerealiseerd aan de Incheonweg in het gebied Schiphol-Rijk. Het station bestaat uit een deel dat zal worden beheerd door Liander en een deel dat door TenneT zal worden beheerd. Op het Liander-deel van het station zullen zes 150/20 kV-transformatoren van elk 80 MVA worden opgesteld en er zal een 20 kV-gebouw/bedieningsgebouw worden gerealiseerd. Op het TenneT-deel zullen twee 150 kV-compensatiespoelen en een eigen bedienings/schakelgebouw worden geplaatst. De hierboven genoemde geluidbronnen (transformatoren en spoelen) zullen binnen 'half-open' cellen worden opgesteld. dus het is een 480MVA station?? (6x80) Bestaan er in nederland zulke zware stations ?? BUITEN DE SPOELEN EN TRANSFORMATOREN MAAKT NIETS GELUID?? OOK DE KOELINSTALLATIES VAN DE GEBOUWEN NIET, EN DE VENTILATIE, HET HEKWERK EN DERGELIJKE? graag formele Gelet op het buiten op te stellen (en gelijktijdig in te schakelen) elektrische vermogen, kan bevestiging.
worden vastgesteld dat voor het station een vergunningplicht (voor het aspect milieu) in het kader van de Wabo van toepassing is. Ook dient een geluidzone ex art. 40 van de Wet geluidhinder (Wgh) te worden vastgesteld. Welke gegevens zijn dat?
Welke varianten zijn dat?
Op basis van gegevens verstrekt door Reddyn zijn voor verschillende bedrijfsvarianten rekenmodellen opgesteld waarmee de vanwege het station optredende geluidniveaus in de woonomgeving zijn berekend. Alleen de woonomgeving?? dus niet SLPen Unesco werelderfgoed? Uit het onderzoek blijkt dat de ten gevolge van het station optredende geluidbelasting ter plaatse van woningen maximaal 48 dB(A) etmaalwaarde bedraagt (inclusief een eventuele toeslag voor tonaal geluid). Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de toepasselijke criteria op basis van de Wet geluidhinder en de VNG-richtlijn 'Bedrijven en milieuzonering'. Gesteld kan worden dat derhalve sprake is van een uit akoestisch oogpunt planologisch inpasbare situatie. Alleen beoordelen op ETMAALWAARDE is NIET VOLGENS DE WET volgens hoofdstuk 3.1 gelden verschillende grenswaarden voor dag, avond en nacht. DE BOVENSTAANDE CONCLUSIE IS DERHALVE INCORRECT tevens vragen wij ons af: Wat is maximale geluidbelasting Het verloop van de gluidsbelasting in een etmaal. Welke bedrijfs scenario's er gebruikt zijn Is er rekening gehouden met: verschillende frequenties en wellicht wisselende dB(A)'s van de geluidsbronnen De harmonizatie van de geluidsbronnen en de effecten daarvan buiten het station.
De invloed van andere geluidsbronnen: Vliegtuigen, reflectie tegen bestaande EN TOEKOMSTIGE bebouwing Wet geluidshinder:WIJ ZIEN DE GEBRUIKTE CRITERIA NIET TERUG EN KUNNEN DAARMEE NIET BEKIJKEN OF DAT DE JUISTE ZIJN. VNG-richtlijn Bedrijven en Milieuzonering: Al in 2017 heeft het bestuur van de VNG aangegeven dat de huidige publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ niet meer wordt onderhouden en geactualiseerd in afwachting van de Omgevingswet: Welke criteria zijn er gebruikt?
F 21931-3-RA-001 4 Concept
2
Uitgangspunten
2.1 S i t u e r i n g e n k a r a k t e r i s e r i n g o m g e v i n g
Door Liander en TenneT is, in verband met gewenste uitbreiding en versterking van het elektriciteitsnet in de Haarlemmermeer en Schiphol, een 150/20 kV-station geprojecteerd aan de Incheonweg te Rozenburg. De voorziene locatie is op het bedrijventerrein Rozenburg Schiphol Logistic Park gesitueerd, ten zuiden van en direct grenzend aan Luchthaven Schiphol. Voor het perceel waarop het transformatorstation is geprojecteerd, is de gebiedsaanduiding 'wetgevingszone wijzigingsgebied 4' van toepassing. Dit houdt in dat Burgemeester en wethouders ter plaatse de huidige bestemming 'Agrarisch' (onder bepaalde voorwaarden) kunnen wijzigen in 'Bedrijventerrein'. De meest nabij gesitueerde woningen bevinden zich aan de Aalsmeerderdijk aan de zuidwestzijde van het station. De kortste afstand van het station (inrichtingsgrens) tot de dichtstbij gelegen woning (Aalsmeerderdijk 455 B-12) bedraagt circa 220 meter. In alle andere richtingen is de afstand tot woningen meer dan 300 meter. f2.1 Ligging OS Incheonweg (geel omkaderd) en situering rekenposities 01 t/m 09 bij woningen
F 21931-3-RA-001 5 Concept
In de tekening zijn 29 150kV schakelaars getekend. dat betekend ook dat minstens 29 150 kV kabels in- en uitgaan en een veelvoud in 20 kV kabels. Graag aangeven hoeveel kabels er in onze omgeving gelegd gaan worden en waar de tracés zijn. Ook wordt een uitbreiding getekend voor alleen het 150kV gedeelte. Graag aangeven of dit is meegenomen in de haalbaarheidsonderzoeken en zo ja, kunt u dan ook aangeven waar de kabel tracés zijn.
2.2 B e s c h r i j v i n g v a n d e i n r i c h t i n g e n r e p r e s e n t a t i e v e b e d r i j f s s i t u a t i e
Ten aanzien van de geluidemissie naar de omgeving kunnen de volgende installaties op het station als akoestisch relevant worden beschouwd: − een zestal 150/20 kV-transformatoren van elk 80 MVA; − twee 150 kV compensatiespoelen. In Dguur 2.2 is een lay-out van het 150/20 kV station weergegeven. In de Dguur is o.a. het Liander-deel en het TenneT-deel van het station aangegeven.
transformatoren
f2.2 Lay-out 150/20 kV-station Incheonweg
Het trafostation heeft een transformatie capaciteit van 6x80 MVA = 480 MW ofwel 480000 kW ofwel genoeg om ruim 1.500.000 huishoudens van stroom te voorzien (2800 kWh per jaar). Dit is 24x het inwoneraantal van de Haarlemmermeer. Kunt u aangeven wat het totale vermogen is na de GIS uitbreiding? En is die capaciteit en de daarbij behorende kabels meegenomen in de trace's planning en haalbaarheids onderzoeken?
De inrichting van TenneT bevindt zich aan de oost- en zuidzijde op het terrein terwijl het deel van Liander aan de noord- en westzijde van het terrein is gesitueerd. De open zijde van de transformatorcellen is naar het zuidoosten gericht. De open zijde van de cellen van de compensatorspoelen is naar het noordoosten gericht.
F 21931-3-RA-001 6 Concept
Voor het geluid zijn er dus minstens 6 x 2 x 2 x 2 = 48 geluid modellen: 1 Trafo in nullast, 5 in bedrijf, spoel 1 aan spoel 2 uit of omgedraaid of allebei de spoelen aan. Daarbij kunnen ook alle trafo's aan staan, of alle uit of een mix. Tennet heeft tijdens de bijweenkomst (eerste) aangegeven dat de trafo frequenties beginnen bij 100 Hz en in stappen van 100Hz omhoog gaan: dus 100 naar 200 naar 300 Hz enzovoort. Hoe is met verschillende frequenties berekend? Is ook meegenomen dat de geluidsgolven van de 8 geluidsbronnen elkaar kunnen versterken of afzwakken?
Onder de representatieve bedrijfssituatie wordt verstaan de toestand waarbij de voor de geluidproductie relevante omstandigheden kenmerkend zijn voor een bedrijfsvoering bij volledige capaciteit (in de te beschouwen etmaalperiode). Voor de representatieve bedrijfssituatie is uitgegaan van het volgende: − vijf transformatoren zijn continu gedurende de dag-, de avond- en de nachtperiode in bedrijf, de zesde transformator staat in nullast (NB. Een transformator in nullast produceert wel geluid maar de geluidemissie is lager dan in de belaste situatie). In principe kan elke transformator in nullast staan. Er zijn derhalve 6 verschillende bedrijfssituaties mogelijk; − de twee compensatiespoelen kunnen gelijktijdig continu gedurende de dag-, de avonden de nachtperiode in bedrijf zijn. Zowel de transformatoren als de compensatiespoelen produceren 'continu' geluid. Er worden op het station geen voor de omgeving relevante piekgeluiden geproduceerd. Alle (vermogens)schakelaars bevinden zich binnen gesloten gebouwen waardoor de geluidemissie (pieken) vanwege het schakelen als verwaarloosbaar kan worden aangemerkt. Gelet op het feit dat sprake is van een onbemande inrichting, is het aantal vervoersbewegingen van en naar de inrichting en op het terrein van de inrichting eveneens verwaarloosbaar. Deze zijn in het onderzoek derhalve verder buiten beschouwing gelaten.
2.3 G e l u i d b r o n s t e r k t e n e n g e l u i d r e d u c e r e n d e m a a t r e g e l e n
BetreGende de op te stellen installaties wordt ter beperking van de geluidemissie naar de omgeving een aantal geluidreducerende maatregelen voorzien. Onderstaand wordt in globale termen een beschrijving gegeven van deze maatregelen en de hieruit resulterende geluidbronsterkten.
Transformatoren De te plaatsen transformatoren zullen een geluidbronsterkte van maximaal 79,5 dB(A) per stuk bezitten. Middels het stellen van stringente geluideisen aan de leverancier van de transformatoren zal worden bewerkstelligd dat de geluidvermogens altijd lager dan, of ten hoogste gelijk zullen zijn aan de bovenvermelde waarde. Doorgaans hebben transformatoren van deze capaciteit een hoger geluidvermogen. De transformatoren kunnen om die reden als geluidarm worden aangemerkt. Daarnaast zullen de transformatoren aan drie zijden worden voorzien van afschermende wanden. De celwanden zijn 6,5 meter hoog. Het geluid wordt geproduceerd door lucht als koeling te gebruiken. Dat daaraan geluidbroneisen worden gesteld lijkt logisch. Graag aangeven welke andere koelmogelijkheden u onderzocht heeft om de geluidbron te elimineren of te reduceren in sterkte? Met ander woorden een ander type transformator. Wat is de geluidsreductie van de wanden rondom de trafo's? en hoe kan het dan dat de opening juist richting woningen staan? Dat de wand 6,5 m hoog zegt niets over de trafo. kunt u aangeven welke delen van de trafo geluid produceren en in hoeverre de wanden dit "afdekken" Graag ook uitleggen hoe dit met de compensatiespoelen is.
F 21931-3-RA-001 7 Concept
Compensatiespoelen De naar de omgeving uitgestraalde geluidbronsterkte van de compensatiespoelen bedraagt maximaal 95 dB(A) per spoel. De spoelen worden net als de transformatoren in 'half open' cellen opgesteld. De open zijde van de cellen van de spoelen wordt naar het noordoosten gericht. Uit berekeningen is gebleken dat dit voor de geluidbelasting van de meest nabij gesitueerde woningen gunstiger uitvalt. Het geluid wordt geproduceerd door lucht als koeling te gebruiken. Dat daaraan geluidbroneisen worden gesteld lijkt logisch. Graag aangeven welke andere koelmogelijkheden u onderzocht heeft om de geluidbron te elimineren of te reduceren in sterkte? Met ander woorden een ander type koeling. 95dB(A) is hoog, heel hoog en geeft gehoorschade. Wat is de geluidsreductie van de wanden rondom de trafo's? Waarom zijn deze "Herriemakers" niet weergegeven op uw geluids profiel maar wordt het weggeschoven onder de verzameling geluid groter dan 70dB(A). Dit is wegpoetsen van feiten en niet het probleem helder maken. Hoe kan het dat de opening juist een directe lijn geeft naar de woningen staan en haaks op de logistieke bedrijven waardoor reflectie geluiden zullen optreden. Niet alleen naar de directe omgeving maar ook naar Rijsenhout en de tussenliggende percelen. De halfopen wand zegt niets over de spoel en die delen van de spoel die produceren en in hoeverre de wanden dit "afdekken".
Tevens blijkt dat een halfopen cel dus op een radius van minstens 180 graden het geluid verspreid. Is dat meegneomen in de berekening?
F 21931-3-RA-001 8 Concept
3
To e t s i n g s c r i t e r i a
3.1 W e t g e l u i d h i n d e r e n g e l u i d z o n e r i n g
In het eerste deel hieronder wordt gesteld dat binnen de hekken (terreingrens) van het trafostation een geluidszone moet worden ingesteld en dat aan de grens daarvan (het hek van het beoogde trafostation) een harde 50dB(A) grens geld. Een harde grens is dat in GEEN GEVAL de 50dB(A) overschreden mag worden. Wij zijn het niet eens met de voorgestelde zonegrens.
Omdat het gelijktijdig in te schakelen elektrische vermogen van de buiten opgestelde transformatoren meer dan 200 MVA bedraagt, valt het transformatorstation onder categorie 20.1.b van onderdeel C van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht (verder te noemen: Bor). Gelet op onderdeel D van bijlage I (artikel 1.n) van het Bor wordt de inrichting tevens aangemerkt als een inrichting die in belangrijke mate geluidhinder kan veroorzaken. Het terrein waarop het transformatorstation wordt opgericht zal daarom voorzien moeten worden van een geluidzone in het kader van de Wet geluidhinder. Op het transformatorstation zijn derhalve de bepalingen van de Wet geluidhinder van toepassing, te weten: – ter plaatse van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen geldt voor de geluidbelasting een voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) (i.e. ten hoogste 50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avondperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode); – ter plaatse van de zonegrens geldt een harde grenswaarde van 50 dB(A) voor de geluidbelasting ten gevolge van alle installaties op het gezoneerde terrein. Hierbij wordt in de regel volgens de Wet geluidhinder geen rekening gehouden met het karakter van het geluid. In onderhavige situatie is het betreGende terrein nog niet gezoneerd in het kader van de Wet geluidhinder. Gelet hierop wordt in onderhavig onderzoek een zonegrens voorgesteld.
Rondom het terrein wordt een contour aangegeven waarbuiten de geluidbelasting van het industrieterrein (het terrein van het transformatorstation) niet meer mag bedragen dan 50 dB(A). Het terrein tussen de contour (de zonegrens) en het industrieterrein geldt als de zone. Bij vergunningverlening zullen de ten gevolge van het transformatorstation optredende geluidbelastingen (langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus) worden getoetst aan deze zone. Zoals eerder opgemerkt gaat de Wet geluidhinder hierbij normaliter uit van toetsing aan de zone exclusief toepassing van een toeslag voor het karakter van het geluid. Transformatorgeluid wordt in het algemeen beoordeeld als tonaal van karakter waardoor bij beoordeling in het kader van de Omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu (voorheen Wet milieubeheer) een toeslag van 5 dB van toepassing zal kunnen zijn (e.e.a. mede afhankelijk van het achtergrondniveau en de plaatselijke 'waarneembaarheid' van de tonaliteit). Om eventuele conIicterende toetsingen te voorkomen zou in onderhavig geval overwogen kunnen worden om de zonegrens inclusief toeslag voor het tonale karakter van het geluid vast te stellen. De toetsing aan de zonegrens zal dan ook inclusief toeslag voor het tonale karakter geschieden. Deze benadering kan worden toegepast omdat het station de enige inrichting op het te zoneren industrieterrein zal zijn.
Langtijdige beoordelingniveaus is een gemiddelde waarbij verschillen in dag, avond en nacht teniet worden gedaan DAARMEE WORDEN DE STILLE MOMENTEN MET DE LUIDRUCHTIGE WORDEN GLADGESTREKEN. Hoe kan het zijn dat dit niet mee wordt genomen terwijl voor de geluidsproductie van Schiphol welke deze regels gehanteerd worden.
F 21931-3-RA-001 9 Concept
Langtijdige beoordelingniveaus is een door de makers van dit rapport gehanteerde beoordeling en is derhalve NIET VOLGENS DE VNG RICHTLIJN: verschillen in dag, avond en nacht worden teniet gedaan. DAARMEE WORDEN DE STILLE MOMENTEN MET DE LUIDRUCHTIGE WORDEN GLADGESTREKEN. Het onderzoek beschouwd alleen de invloeden van het trafostation. De VNG beziet op het totaal van alle geluidsbronnen.
De VNG is een richtlijn, De wet geluidshinder is een wet.
3.2 V N G - r i c h t l i j n B e d r i j v e n e n m i l i e u z o n e r i n g
Het 150/20 kV onderstation bevindt zich binnen het bestemmingsplan 'Rozenburg Schiphol Logistic Park'. Voor het perceel waarop het transformatorstation is geprojecteerd, is de gebiedsaanduiding 'wetgevingszone - wijzigingsgebied 4' van toepassing. Dit houdt in dat Burgemeester en wethouders ter plaatse de bestemming 'Agrarisch' (onder bepaalde voorwaarden) kunnen wijzigen in 'Bedrijventerrein'. Momenteel geldt voor de locatie nog de bestemming 'Agrarisch'. Om de vestiging van het onderstation mogelijk te maken zal het bestemmingsplan moeten worden aangepast. Voor een dergelijke planherziening dient het stappenplan te worden doorlopen zoals omschreven in de VNG-richtlijn 'Bedrijven en milieuzonering': Stap 1 Indien de richtafstand voor gewenste bedrijfscategorie voor het aspect geluid niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect geluid in beginsel achterwege blijven: buitenplanse inpassing is mogelijk. De richtafstand is MINIMAAL 300m. Stap 2 Indien 'stap 1' niet toereikend is: Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype 'rustige woonwijk' van maximaal: − 45 dB(A) langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (etmaalwaarde) − 65 dB(A) maximaal (piekgeluiden, etmaalwaarde) − 50 dB(A) ten gevolge van verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde).
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype 'gemengd gebied' van maximaal: − 50 dB(A) langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (etmaalwaarde) − 70 dB(A) maximaal (piekgeluiden, etmaalwaarde) − 50 dB(A) ten gevolge van verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde): buitenplanse inpassing is mogelijk. Wij liggen niet aan de hoofdinfrastructuur, derhalve dient de belasting voor "rustige woonwijk" te worden gehanteerd.
Stap 3 en 4 Indien 'stap 2' niet toereikend is, is in de VNG-richtlijn nog een stap 3 en zelfs een stap 4 beschreven. In voorliggend rapport wordt hier vooralsnog niet verder op ingegaan. In de VNG-richtlijn is aangegeven wanneer een omgeving als 'gemengd gebied' kan worden beschouwd: “een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. […]. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen, behoren eveneens tot een omgevingstype gemengd gebied. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend”.
F 21931-3-RA-001 10 Concept
IN DE ONDERHAVIGE SITUATIE IS DUIDELIJK GEEN SPRAKE VAN "GEMENGD GEBIED" Wij zijn het daarom niet eens met de stellingname. Hier wordt de regelgeving niet gevolgd: de minimale afstand is 300m en geld de granswaarde als absolute waarde, geen gemiddelde en voor het totaal aan belastingen en niet als belasting van 1 geluidsbron.
In de onderhavige situatie is duidelijk sprake van een omgevingstype 'gemengd gebied' (de woningen grenzend aan een bedrijventerrein, de aanwezigheid van Luchthaven Schiphol en van Rijksweg A4 in de directe omgeving). Voor omgevingstype 'gemengd gebied' geldt voor milieucategorie 4.2 (opgesteld transformatorvermogen van 200 tot 1000 MVA) een richtafstand van 200 meter (één afstandstap lager ten opzichte van gebiedstype 'rustige woonwijk'). In de onderhavige situatie is de afstand van de (gevels) van de aanwezige geluidgevoelige gebouwen (woningen) tot de inrichtingsgrens van het geprojecteerde onderstation minimaal circa 220 meter. Vastgesteld kan worden dat hiermee overal ruimschoots wordt voldaan aan de voorwaarde in 'stap 1' (afstand minimaal 200 meter). 'Stap 2' hoeft niet meer te worden uitgevoerd.
3.3 O v e r i g e g e l u i d a s p e c t e n
Maximale geluidniveaus Zoals eerder is aangegeven in paragraaf 2.2. worden er bij het geprojecteerde onderstation geen voor de omgeving relevante piekgeluiden geproduceerd. De vermogensschakelaars (die bij veel transformatorstation in de buitenlucht zijn geplaatst) zullen in gesloten gebouwen worden opgesteld. Dit aspect is daarom niet verder beschouwd.
Indirecte gevolgen In de Circulaire d.d. 29 februari 1996 (ook wel “Schrikkelcirculaire” genoemd) wordt een beoordelingswijze gepresenteerd voor het geluid afkomstig van verkeersbewegingen van en naar de inrichting over de openbare weg. Conform deze Circulaire dienen de equivalente geluidniveaus ten gevolge van het verkeer van en naar de inrichting te worden getoetst voor zover deze als 'akoestisch herkenbaar' zijn toe te rekenen aan de inrichting. Gelet op het verwachte geringe aantal vervoersbewegingen wordt dit aspect als niet relevant verder buiten beschouwing gelaten.
F 21931-3-RA-001 11 Concept
Wij vinden dat de uitgangspunten onduidelijk en onvolledig zijn. Ook plaatsen wij kantekeningen bij de toetsingscriteria en de daardoor getrokken conclusies.
4
Berekeningen
De hieronder beschreven basis van het rekenmodel is ons inziens ook niet volledig en correct. (zie ons commentaar in het begin van het rapport.) Wij kunnen dan ook op geen enkele wijze de conclusie trekken dat dit rapport een realistische weergave igeeft van de geluid situatie.
4.1 R e k e n m o d e l
Op basis van de uitgangspunten zoals vermeld in hoofdstuk 2 zijn akoestische rekenmodellen opgesteld waarmee de geluidimmissie in de omgeving is berekend. Zoals ook in paragraaf 2.2 is aangegeven zijn er 6 'representatieve bedrijfssituaties' mogelijk: er zijn immers 6 transformatoren aanwezig waarvan er steeds 1 transformator stand-by staat (onder spanning maar niet belast). In dit onderzoek zijn de 2 'uiterste' situaties beschouwd: de situatie waarbij de meest zuidelijke transformator op nullast draait (variant 1) en de situatie waarbij de meest noordelijke transformator op nullast in bedrijf is (variant 2). Met behulp van de rekenmodellen zijn de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus LAr,LT berekend op de gevel van de meest nabij gesitueerde woningen in verschillende richtingen. Voor de gehanteerde rekenpunten wordt verwezen naar Dguur 2.1 op pagina 5. Alle berekeningen zijn uitgevoerd conform methode II.8 in de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999 van het voormalige Ministerie van VROM. Het terrein van het transformatorstation en de nabijgelegen bedrijventerreinen ten noordoosten en ten zuidwesten van het station zijn gemodelleerd met een akoestisch 'hard' bodemgebied (B = 0). De rest van de omgeving is gemodelleerd als 'grotendeels harde bodem' (B = 0,2). Het geluid afkomstig van transformatoren is tonaal van karakter.
Gelet hierop zal, op basis van de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', over het algemeen een toeslag voor tonaal geluid (K1 = 5 dB) moeten worden toegepast. Eén en ander is evenwel afhankelijk van het geluidniveau van het transformatorgeluid in relatie tot het achtergrondgeluidniveau. In onderhavige situatie is ('worst case') vooralsnog uitgegaan van toepassing van de toeslag. Gelet op het gegeven dat de nachtperiode maatgevend is voor de etmaalwaarde, zijn de berekeningen bij woningen uitgevoerd voor een rekenhoogte 5 meter. Normaliter wordt voor de dagperiode een rekenhoogte van 1,5 meter gehanteerd hetgeen over het algemeen leidt tot lagere geluidniveaus. Deze hoogte is niet corrct daar de meesten van de woningen op de dijk staan. Een hoogte van 10-12m zou de hoogte van de slaapkamers representeren.
De invoergegevens van de rekenmodellen zijn weergegeven in bijlage 1.
F 21931-3-RA-001 12 Concept
4.2 R e k e n r e s u l t a t e n
In tabel 4.1 zijn de berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus L Ar,LT weergegeven op de gevel van 'gevoelige gebouwen' in de omgeving (de ontvangerposities 01 t/m 09) voor de varianten 1 en 2. De geluidniveaus zijn weergegeven inclusief toeslag K 1 . Het laatste kan als 'worst case' benadering worden aangemerkt. Verder is de hoogste etmaalwaarde van de beide varianten in de tabel weergegeven. t4.1 Berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus LAr,LT en etmaalwaarden Letmaal inclusief toeslag K1 Rekenpositie (zie guur 2.1)
LAr,LT in dB(A) (dag / avond / nacht)
Etmaalwaarde
variant 1
variant 2
Letmaal in dB(A)
01
Aalsmeerderweg 670
36,9
36,9
47
02
Aalsmeerderweg 617
37,8
37,8
48
03
Aarbergerweg 31
35,9
36,0
46
04
Aarbergerweg 21
36,1
36,1
46
05
Aarbergerweg 11
34,9
34,9
45
06
Aalsmeerderdijk 455 B
38,2
38,2
48
07
Aalsmeerderdijk 440
37,4
37,4
47
08
Aalsmeerderdijk 430
35,3
35,3
45
09
Aalsmeerderweg 559
33,3
33,3
43
De weergave in tienden van dB's is niet de absolute nauwkeurigheid van de berekeningen, maar dient slechts ter vergelijking van de beide varianten en ter afronding van het eindresultaat op hele dB's (conform de Handleiding meten en rekenen industrielawaai). In bijlage 2 zijn, per rekenpositie, de geluidbijdragen van de afzonderlijke bronnen weergegeven. In Dguur 4.1 zijn de berekende etmaalwaardecontouren weergegeven voor variant 1, inclusief toeslag K1.
F 21931-3-RA-001 13 Concept
f4.1 Berekende etmaalwaardecontouren incl. toeslag K1, variant 1
Erg vreemd dat tussen bronnen en de dichts bijzijnde woning geen enkele demping is en toch de contour van 50 dB(A) er precies omheen loopt. DAT IS ERG ONGELOOFWAARDIG. Daarbij: De invloeden van wind zijn niet meegenomen. Is dit onderhavige geval zou dat een verzwaring van de geluidsbelasting geven daar de heersende wind vanuit het zuidwesten tot west komt. WAAROM WORDEN ALLE GELUIDEN BOVEN DE 70 weergegeven dB(A) NIET IN DEZELFDE 5 In Dguur 4.2 zijn de berekende etmaalwaardecontouren voor variant 2, dB(A) STAPPEN WEERGEGEVEN? DAARMEE WORDT DE INTENSITEIT VAN DE inclusief toeslagBRONNEN K1 . NIET REALISITISCH WEERGEGEVEN EN GEEFT DAARDOOR DIT OVERZICHT EEN MEER ACCEPTABELE UITSTRALING. ONS INZIENS NIET CORRECT.
f4.2 Berekende etmaalwaardecontouren incl. toeslag K1, variant 2
BEIDE "PLAATJES" ZIJN IDENTIEK. IS DAT CORRECT?
F 21931-3-RA-001 14 Concept
Het uitgangs punt is niet correct: De dag situatie
5
meten avond en nacht daarmee berekenen. B e o o r d e l i n g e n c o n c l u s iKritisch e enis de de avond en de nacht. De avond en nacht dienen apart gemeten te worden.
Tevens: Bepalen welke van de 8 genoemde geluidbronnen de sterkste is zegt niets over het totaal 5.1 L a n g t i j d g e m i d d e l d e b e o o r d e l i n g s n i vaan e a geluid, us de reflecties en de frequentie veranderingen van elke geluidbron en de invloed op het totaal.
Voor de locatie waar het onderstation is geprojecteerd geldt momenteel nog de In paragraaf 3.2 is ons inziens niet gebleken dat Stap bestemming 'Agrarisch'. Om de vestiging van het onderstation mogelijk te maken zal het 1 gehaald is. bestemmingsplan moeten worden aangepast. Voor een dergelijke planherziening dient het Door deze methode krijgen wij de indruk dat "de stappenplan te worden doorlopen zoals omschreven in de VNG-richtlijn 'Bedrijven en getallen goed worden gerekend" milieuzonering'. In paragraaf 3.2 is gebleken dat bij alle gevoelige bestemmingen ruimschoots aan de voorwaarde in 'stap 1' wordt voldaan (afstand minimaal 200 meter). Feitelijk kan om die reden al worden gesproken van een ruimtelijk inpasbare situatie. Desondanks is in dit onderzoek ook nog 'stap 2' uitgevoerd. In stap 2 worden de optredende geluidniveaus op de gevel van de woningen getoetst aan de grenswaarden die van toepassing zijn voor 'gemengd gebied', te weten 50 dB(A) etmaalwaarde (50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avond en 40 dB(A) in de nacht).
Uit de rekenresultaten is gebleken dat de geluidbelasting bij woningen in de omgeving beperkt zal blijven tot maximaal 48 dB(A) etmaalwaarde, inclusief toeslag voor het tonale karakter van het geluid. NB. De etmaalwaarde is de hoogste waarde van de volgende drie: - het LAr,LT van de dagperiode; - het LAr,LT van de avondperiode + 5 dB; - het LAr,LT van de nachtperiode + 10 dB. Met het beoordelen van de etmaalwaarde wordt feitelijk het geluidniveau voor de afzonderlijke geluidniveaus voor de dag- avond- en nachtperiode beoordeeld, immers voor de avond geldt een 5 dB strengere grenswaarde dan voor de dag, en voor de nacht geldt een 10 dB strengere grenswaarde dan voor de dag. Indien wordt voldaan aan een etmaalwaarde van 50 dB(A), wordt automatisch voldaan aan de toepasselijke grenswaarde van 50 dB(A) voor de dag, 45 dB(A) voor de avond en 40 dB(A) voor de nacht. Vastgesteld wordt dat ook aan de voorwaarde volgens 'stap 2' wordt voldaan. Een buitenplanse inpassing is mogelijk. De vanwege het schakelstation optredende geluidbelasting bij de woningen wordt grotendeels bepaald door de beide compensatiespoelen. Dit komt omdat het geluidvermogen van de compensatiespoelen ruim 15 dB (per stuk) hoger is dan het geluidvermogen van de afzonderlijke transformatoren en circa 8 dB hoger dan het geluidvermogen van de transformatoren tezamen.
Dit betekent dat het voor de geluidbelasting bij de woningen weinig verschil maakt welke van de zes transformatoren precies in nullast staat. F 21931-3-RA-001 15 Concept
Is de "Handleiding meten en rekenen industrielawaai" (HMRI 1999) de juiste handleiding? Deze werkwijze verbaasd ons zeer: Er wordt vanuit de bron gerekend. En aan de hand daarvan een zone ingesteld. Wij zouden graag het omdraaien en uitvoerende partijen willen uitdagen om met technische oplossingen te komen die de harde grenswaarde van de 50dB(A) bij het hek van het trafostation waarborgd. Daardoor is de zone binnen het hek zoals de regelgeving aangeeft.
De richting van de open zijde van de cellen waarin de spoelen worden opgesteld is zodanig gekozen dat de woningen zo veel mogelijk worden ontzien. De juistheid van de keuze vragen wij ons af ivm reflectiegeluid door de bestaande bebouwing.
5.2 V o o r s t e l z o n e g r e n s
Gelet op het buiten opgestelde transformatorvermogen (meer dan 200 MVA) zal het terrein van het transformatorstation gezoneerd dienen te worden in het kader van de Wet geluidhinder. De geluidzone is gedeDnieerd als het gebied waarbuiten de geluidbelasting vanwege het industrieterrein (i.c. het 150/20 kV-station) de waarde van 50 dB(A) niet mag overschrijden. Een geluidbelasting van 50 dB(A) komt overeen met ten hoogste 50 dB(A) in de dagperiode, 45 dB(A) in de avondperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode. De vast te stellen zonegrens dient ten minste de optredende 50 dB(A) etmaalwaardecontouren van alle mogelijke (representatieve) bedrijfssituaties te omvatten. Volgens de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai' (HMRI 1999) en de 'Handreiking industrielawaai en vergunningverlening' wordt voor geluid met ter plaatse van de beoordelingspunten (bijvoorbeeld bij woningen) duidelijk hoorbare zuivere tonen een zogenaamde tonaliteitstoeslag K1 van 5 dB in rekening gebracht. Het geluid afkomstig van geluidbronnen met een zuivere toon (zoals transformatoren) wordt hierdoor 5 dB strenger beoordeeld. Omtrent deze toeslag voor het tonale karakter dient te worden opgemerkt dat de Wet geluidhinder normaliter hier geen rekening mee houdt. Immers, doorgaans bevinden zich meerdere inrichtingen op het te zoneren industrieterrein.
Indien er dan één inrichting op het industrieterrein 'bijzonder geluid' (zoals bijvoorbeeld 'tonaal geluid') zou produceren, en voor de andere inrichtingen is dit niet het geval, is het lastig, zo niet onmogelijk, om te bepalen of de geluidzone met of zonder toeslag zou moeten worden vastgesteld. Om die reden is door de wetgever bepaald dat bij zonering en bij hogere waardeprocedures normaliter geen toeslag in rekening wordt gebracht. De Wet geluidhinder sluit de mogelijkheid voor toepassing van een toeslag echter niet uit. Door de geluidzone inclusief toeslag vast te stellen kan worden voorkomen dat er een discrepantie ontstaat tussen enerzijds een toetsing aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder en anderzijds een beoordeling in het kader van de Omgevingsvergunning. In de onderhavige situatie is een zonering inclusief toeslag voor het tonale karakter mogelijk omdat het station de enige inrichting is op het te zoneren 'industrieterrein'. Het eerder genoemde bezwaar om een toeslag in rekening te brengen op de zonegrens geldt hier dus niet. Gelet hierop zou kunnen worden overwogen om de zone inclusief toeslag vast te stellen. In de Dguur 5.1 is een voorstel uitgewerkt voor een zonegrens waarbij een toeslag voor het tonale karakter van het geluid wordt toegepast. De voorgestelde zonegrens is gebaseerd op de 50 dB(A) etmaalwaardecontouren zoals weergegeven in paragraaf 4.2.
Hierbij zijn de 'scherpe overgangen' in de contouren, zoals deze zijn berekend, eruit gehaald. Tonaliteits toeslag: Wat is het geluidsspectrum van de spoelen? zijn die ook zuiver in toon. En bij welke belasting / luchtvochtigheid, temperatuur/ regen of andere invloeden.
F 21931-3-RA-001 16 Concept
f5.1 Voorstel zonegrens
Wij geloven niet dat de contour van 50 dB(A) zoals hierboven klopt aan de onderzijde (er is geen remmende materie). Ook twijfelen wij aan de contour aan de zijde van de bestaande gebouwen aan de Incheonweg. De 50 dB(A) is aan de achterkant van de gebouwen en niet aan de voorkant.
Mook, Dit rapport bevat 17 pagina's, bijlage 1 bestaande uit 15 pagina's en 3 Dguren, bijlage 2 bestaande uit 19 pagina's.
F 21931-3-RA-001 17 Concept
Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodellen
F 219313RA 1.1
Overzicht rekenpunten
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam 01 02 03 04 05
Omschr. Aalsmeerderweg 670 Aalsmeerderweg 617 Aarbergerweg 31 Aarbergerweg 21 Aarbergerweg 11
X 110020,34 109978,54 109992,22 110090,95 110194,78
Y Maaiveld Hoogte A Hoogte B Gevel 476437,91 0,00 5,00 -Ja 476541,24 0,00 5,00 -Ja 475965,41 0,00 5,00 -Ja 475892,26 0,00 5,00 -Ja 475795,59 0,00 5,00 -Ja
06 07 08 09
Aalsmeerderdijk 455 B Aalsmeerderdijk 440 Aalsmeerderdijk 430 Aalsmeerderweg 559
110565,94 110789,64 110876,88 110459,19
475942,76 475885,58 475944,68 477067,69
Geomilieu V5.21
0,00 0,00 0,00 0,00
5,00 5,00 5,00 5,00
-----
Ja Ja Ja Ja
13-10-2020 12:00:07
F 219313RA 1.2
Overzicht bodemgebieden
Model: Groep:
Naam 01 02 03 04 05
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Industrielawaai - IL Omschr. Terrein OS Incheonweg Industrieterrein Hard Hard Hard
Geomilieu V5.21
X-1 110262,46 110394,95 109955,86 109945,09 110106,68
Y-1 476240,67 476382,85 476317,68 475707,79 475876,01
Bf 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
13-10-2020 12:02:14
F 219313RA 1.3
Overzicht gebouwen
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam 01 02 03 04 05
Omschr. Liander trafocel 1 Liander trafocel 2 Liander trafocel 3 Liander trafocel 4 Liander trafocel 5
X-1 110355,75 110365,69 110375,61 110385,54 110395,46
Y-1 Hoogte Maaiveld Hdef. Cp 476233,77 6,50 0,00 Eigen waarde 0 dB 476244,89 6,50 0,00 Eigen waarde 0 dB 476255,94 6,50 0,00 Eigen waarde 0 dB 476267,02 6,50 0,00 Eigen waarde 0 dB 476278,07 6,50 0,00 Eigen waarde 0 dB
06 07 08 09 10
Liander trafocel 6 Liander schakelgebouw TenneT GIS-hal hoog TenneT GIS-hal laag TenneT cel Compensatiespoel 1
110405,30 110342,39 110449,10 110448,84 110322,52
476289,07 476240,58 476269,59 476269,34 476200,89
6,50 4,20 10,75 6,36 6,50
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
11 20 21 22 23
TenneT cel Compensatiespoel 2 Bedrijf Bedrijf Bedrijf Kassen
110331,23 110662,76 110471,80 110739,51 110614,08
476193,09 476225,79 476412,40 476106,04 476060,32
6,50 7,00 10,00 8,00 3,50
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
23 24 25 26
Kassen Kassen Bedrijf Bedrijf
110141,89 110175,26 109941,04 109959,97
475845,64 475808,64 476293,10 476177,48
3,50 3,50 10,00 10,00
0,00 0,00 0,00 0,00
Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:02:56
F 219313RA 1.4
Overzicht gebouwen
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Refl. 63 Refl. 125 Refl. 250 Refl. 500 Refl. 1k Refl. 2k Refl. 4k Refl. 8k 01 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 02 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 03 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 04 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 05 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 06 07 08 09 10
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
0,00 0,80 0,80 0,80 0,00
11 20 21 22 23
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
0,00 0,80 0,80 0,80 0,80
23 24 25 26
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:02:56
F 219313RA 1.5
Overzicht schermen
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Schermen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam 01 02 03 04 05
Omschr. Nok kas Nok kas Nok kas Nok kas Nok kas
X-1 110620,25 110630,13 110639,63 110649,13 110706,88
Y-1 476055,80 476046,30 476038,32 476029,21 475977,91
H-1 4,50 4,50 4,50 4,50 4,50
M-1 Refl.L 63 Refl.L 125 Refl.L 250 Refl.L 500 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
06 07 08
Nok kas Nok kas Nok kas
110716,00 110726,23 110735,78
475969,17 475960,29 475951,63
4,50 4,50 4,50
0,00 0,00 0,00
Geomilieu V5.21
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
13-10-2020 12:03:37
F 219313RA 1.6
Overzicht schermen
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Schermen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Refl.L 1k Refl.L 2k Refl.L 4k Refl.L 8k Refl.R 63 Refl.R 125 Refl.R 250 Refl.R 500 Refl.R 1k Refl.R 2k 01 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 02 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 03 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 04 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 05 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 06 07 08
0,00 0,00 0,00
Geomilieu V5.21
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00
13-10-2020 12:03:37
F 219313RA 1.7
Overzicht schermen
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Schermen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Refl.R 4k Refl.R 8k 01 0,00 0,00 02 0,00 0,00 03 0,00 0,00 04 0,00 0,00 05 0,00 0,00 06 07 08
0,00 0,00 0,00
Geomilieu V5.21
0,00 0,00 0,00
13-10-2020 12:03:37
F 219313RA 1.8
Overzicht rekengrid
Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Grids, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Omschr. 01 Grid
Geomilieu V5.21
X-1 111234,81
Y-1 Hoogte Maaiveld DeltaX DeltaY 476261,40 5,00 0,00 10 10
13-10-2020 12:04:18
F 219313RA 1.9
Overzicht puntbronnen variant 1 Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam 01 02 03 04 05
Omschr. Liander T1 voorvlak nullast Liander T1 bovenvlak nullast Liander T2 voorvlak Liander T2 bovenvlak Liander T3 voorvlak
X 110369,45 110364,83 110379,34 110374,73 110389,61
Y Hoogte Maaiveld Type 476231,12 3,00 0,00 Uitstralende gevel 476235,19 0,10 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 476242,15 3,00 0,00 Uitstralende gevel 476246,22 0,10 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 476253,62 3,00 0,00 Uitstralende gevel
06 07 08 09 10
Liander T3 bovenvlak Liander T4 voorvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 voorvlak Liander T5 bovenvlak
110385,00 110399,40 110394,79 110409,35 110404,73
476257,69 476264,57 476268,64 476275,68 476279,76
0,10 3,00 0,10 3,00 0,10
6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8
11 12 13 14 15
Liander T6 voorvlak Liander T6 bovenvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 voorvlak
110419,16 110414,55 110324,67 110321,34 110333,18
476286,58 476290,65 476211,87 476208,20 476204,21
3,00 0,10 3,00 0,10 3,00
0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel
16
TenneT C2 bovenvlak
110329,86
476200,54
0,10
6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:05:12
F 219313RA 1.10
Overzicht puntbronnen variant 1 Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Richt. Hoek GeenRefl. GeenDemping Cb(D) Cb(A) Cb(N) Lwr 63 Lwr 125 Lwr 250 Lwr 500 01 0,00 360,00 Ja Nee 9,50 9,50 9,50 59,40 73,40 71,40 67,40 02 0,00 360,00 Nee Nee 9,50 9,50 9,50 59,40 73,40 71,40 67,40 03 0,00 360,00 Ja Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 04 0,00 360,00 Nee Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 05 0,00 360,00 Ja Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 06 07 08 09 10
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
360,00 360,00 360,00 360,00 360,00
Nee Ja Nee Ja Nee
Nee Nee Nee Nee Nee
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
59,40 59,40 59,40 59,40 59,40
73,40 73,40 73,40 73,40 73,40
71,40 71,40 71,40 71,40 71,40
67,40 67,40 67,40 67,40 67,40
11 12 13 14 15
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
360,00 360,00 360,00 360,00 360,00
Ja Nee Ja Nee Ja
Nee Nee Nee Nee Nee
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
59,40 59,40 68,00 68,00 68,00
73,40 73,40 91,00 91,00 91,00
71,40 71,40 80,00 80,00 80,00
67,40 67,40 80,00 80,00 80,00
16
0,00 360,00
Nee
Nee
0,00
0,00
0,00
68,00
91,00
80,00
80,00
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:05:12
F 219313RA 1.11
Overzicht puntbronnen variant 1 Model: Groep:
Scenario B2, variant 1 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Lwr 1k Lwr 2k Lwr 4k Lwr 8k Lwr Totaal 01 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 02 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 03 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 04 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 05 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 06 07 08 09 10
62,40 62,40 62,40 62,40 62,40
58,40 58,40 58,40 58,40 58,40
54,40 54,40 54,40 54,40 54,40
49,40 49,40 49,40 49,40 49,40
76,52 76,52 76,52 76,52 76,52
11 12 13 14 15
62,40 62,40 78,00 78,00 78,00
58,40 58,40 74,00 74,00 74,00
54,40 54,40 72,00 72,00 72,00
49,40 49,40 60,00 60,00 60,00
76,52 76,52 91,96 91,96 91,96
16
78,00
74,00
72,00
60,00
91,96
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:05:12
F 219313RA 1.12
Overzicht puntbronnen variant 2 Model: Groep:
Scenario B2, variant 2 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam 01 02 03 04 05
Omschr. Liander T1 voorvlak Liander T1 bovenvlak Liander T2 voorvlak Liander T2 bovenvlak Liander T3 voorvlak
X 110369,45 110364,83 110379,34 110374,73 110389,61
Y Hoogte Maaiveld Type 476231,12 3,00 0,00 Uitstralende gevel 476235,19 0,10 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 476242,15 3,00 0,00 Uitstralende gevel 476246,22 0,10 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 476253,62 3,00 0,00 Uitstralende gevel
06 07 08 09 10
Liander T3 bovenvlak Liander T4 voorvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 voorvlak Liander T5 bovenvlak
110385,00 110399,40 110394,79 110409,35 110404,73
476257,69 476264,57 476268,64 476275,68 476279,76
0,10 3,00 0,10 3,00 0,10
6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8
11 12 13 14 15
Liander T6 voorvlak nullast Liander T6 bovenvlak nullast TenneT C1 voorvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 voorvlak
110419,16 110414,55 110324,66 110321,34 110333,18
476286,58 476290,65 476211,86 476208,19 476204,21
3,00 0,10 3,00 0,10 3,00
0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel 6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8 0,00 Uitstralende gevel
16
TenneT C2 bovenvlak
110329,85
476200,53
0,10
6,50 Uitstralend dak HMRI-II.8
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:06:26
F 219313RA 1.13
Overzicht puntbronnen variant 2 Model: Groep:
Scenario B2, variant 2 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Richt. Hoek GeenRefl. GeenDemping Cb(D) Cb(A) Cb(N) Lwr 63 Lwr 125 Lwr 250 Lwr 500 01 0,00 360,00 Ja Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 02 0,00 360,00 Nee Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 03 0,00 360,00 Ja Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 04 0,00 360,00 Nee Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 05 0,00 360,00 Ja Nee 0,00 0,00 0,00 59,40 73,40 71,40 67,40 06 07 08 09 10
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
360,00 360,00 360,00 360,00 360,00
Nee Ja Nee Ja Nee
Nee Nee Nee Nee Nee
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
59,40 59,40 59,40 59,40 59,40
73,40 73,40 73,40 73,40 73,40
71,40 71,40 71,40 71,40 71,40
67,40 67,40 67,40 67,40 67,40
11 12 13 14 15
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
360,00 360,00 360,00 360,00 360,00
Ja Nee Ja Nee Ja
Nee Nee Nee Nee Nee
9,50 9,50 0,00 0,00 0,00
9,50 9,50 0,00 0,00 0,00
9,50 9,50 0,00 0,00 0,00
59,40 59,40 68,00 68,00 68,00
73,40 73,40 91,00 91,00 91,00
71,40 71,40 80,00 80,00 80,00
67,40 67,40 80,00 80,00 80,00
16
0,00 360,00
Nee
Nee
0,00
0,00
0,00
68,00
91,00
80,00
80,00
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:06:26
F 219313RA 1.14
Overzicht puntbronnen variant 2 Model: Groep:
Scenario B2, variant 2 (hoofdgroep) Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam Lwr 1k Lwr 2k Lwr 4k Lwr 8k Lwr Totaal 01 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 02 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 03 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 04 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 05 62,40 58,40 54,40 49,40 76,52 06 07 08 09 10
62,40 62,40 62,40 62,40 62,40
58,40 58,40 58,40 58,40 58,40
54,40 54,40 54,40 54,40 54,40
49,40 49,40 49,40 49,40 49,40
76,52 76,52 76,52 76,52 76,52
11 12 13 14 15
62,40 62,40 78,00 78,00 78,00
58,40 58,40 74,00 74,00 74,00
54,40 54,40 72,00 72,00 72,00
49,40 49,40 60,00 60,00 60,00
76,52 76,52 91,96 91,96 91,96
16
78,00
74,00
72,00
60,00
91,96
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:06:26
F 219313RA 1.15
F 219313RA Figuur 1.1
F 219313RA Figuur 1.2
F 219313RA Figuur 1.3
Bijlage 2 Rekenresultaten
F 219313RA 2.1
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 01_A - Aalsmeerderweg 670 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 01_A 14 13 15 16 04
Omschrijving Aalsmeerderweg 670 TenneT C1 bovenvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C2 bovenvlak Liander T2 bovenvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 36,9 36,9 36,9 46,9 32,6 32,6 32,6 42,6 30,5 30,5 30,5 40,5 29,5 29,5 29,5 39,5 29,0 29,0 29,0 39,0 16,9 16,9 16,9 26,9
06 08 10 12 02
Liander T3 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 bovenvlak nullast
16,9 16,8 16,7 16,6 7,5
16,9 16,8 16,7 16,6 7,5
16,9 16,8 16,7 16,6 7,5
26,9 26,8 26,7 26,6 17,5
11 03 05 07 09
Liander T6 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T3 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak
3,3 3,2 2,9 2,7 2,7
3,3 3,2 2,9 2,7 2,7
3,3 3,2 2,9 2,7 2,7
13,3 13,2 12,9 12,7 12,7
01
Liander T1 voorvlak nullast
-5,1
-5,1
-5,1
4,9
Op de resultaten is sprake van een groepsreductie. Wat houdt dat in? en generale demping of afvlakking in de berekening? Hoe kan een waarde negatief zijn?
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.2
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 02_A - Aalsmeerderweg 617 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 02_A 13 15 14 16 04
Omschrijving Aalsmeerderweg 617 TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 bovenvlak Liander T2 bovenvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 37,8 37,8 37,8 47,8 33,2 33,2 33,2 43,2 33,1 33,1 33,1 43,1 30,7 30,7 30,7 40,7 27,1 27,1 27,1 37,1 15,2 15,2 15,2 25,2
06 08 10 12 02
Liander T3 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 bovenvlak nullast
15,2 15,2 15,1 15,1 5,8
15,2 15,2 15,1 15,1 5,8
15,2 15,2 15,1 15,1 5,8
25,2 25,2 25,1 25,1 15,8
11 03 05 09 07
Liander T6 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T3 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T4 voorvlak
1,9 1,4 1,2 1,2 1,1
1,9 1,4 1,2 1,2 1,1
1,9 1,4 1,2 1,2 1,1
11,9 11,4 11,2 11,2 11,1
01
Liander T1 voorvlak nullast
-7,1
-7,1
-7,1
2,9
Op de resultaten is sprake van een groepsreductie. Wat houdt dat in? en generale demping of afvlakking in de berekening? Hoe kan een waarde negatief zijn? VOLKOMEN ONGELOOFWAARDIG DAT PRECIES BIJ DE MEEST KRITIEKE WONING ER NEGATIEVE WAARDEN UITKOMEN! GELUID IS ALTIJD POSITIEF IN EEN METING.
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.3
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 03_A - Aarbergerweg 31 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 03_A 14 16 13 15 06
Omschrijving Aarbergerweg 31 TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 bovenvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak Liander T3 bovenvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 35,9 35,9 35,9 45,9 32,5 32,5 32,5 42,5 32,5 32,5 32,5 42,5 20,9 20,9 20,9 30,9 20,4 20,4 20,4 30,4 13,4 13,4 13,4 23,4
04 08 10 12 03
Liander T2 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T2 voorvlak
13,3 13,3 13,1 13,0 9,1
13,3 13,3 13,1 13,0 9,1
13,3 13,3 13,1 13,0 9,1
23,3 23,3 23,1 23,0 19,1
05 07 09 02 11
Liander T3 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T1 bovenvlak nullast Liander T6 voorvlak
7,6 6,5 5,8 5,7 5,4
7,6 6,5 5,8 5,7 5,4
7,6 6,5 5,8 5,7 5,4
17,6 16,5 15,8 15,7 15,4
01
Liander T1 voorvlak nullast
2,3
2,3
2,3
12,3
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.4
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 04_A - Aarbergerweg 21 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 04_A 16 14 15 13 03
Omschrijving Aarbergerweg 21 TenneT C2 bovenvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 voorvlak Liander T2 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 36,1 36,1 36,1 46,1 32,3 32,3 32,3 42,3 32,2 32,2 32,2 42,2 20,3 20,3 20,3 30,3 20,2 20,2 20,2 30,2 18,6 18,6 18,6 28,6
05 07 09 11 12
Liander T3 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T6 voorvlak Liander T6 bovenvlak
18,4 18,1 17,9 17,6 14,4
18,4 18,1 17,9 17,6 14,4
18,4 18,1 17,9 17,6 14,4
28,4 28,1 27,9 27,6 24,4
08 10 06 04 01
Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T2 bovenvlak Liander T1 voorvlak nullast
14,3 14,3 13,8 13,2 9,2
14,3 14,3 13,8 13,2 9,2
14,3 14,3 13,8 13,2 9,2
24,3 24,3 23,8 23,2 19,2
02
Liander T1 bovenvlak nullast
6,4
6,4
6,4
16,4
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.5
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 05_A - Aarbergerweg 11 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 05_A 16 14 15 13 03
Omschrijving Aarbergerweg 11 TenneT C2 bovenvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 voorvlak Liander T2 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 34,9 34,9 34,9 44,9 31,0 31,0 31,0 41,0 30,8 30,8 30,8 40,8 21,0 21,0 21,0 31,0 20,2 20,2 20,2 30,2 17,8 17,8 17,8 27,8
05 07 09 11 04
Liander T3 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T6 voorvlak Liander T2 bovenvlak
17,7 17,5 17,4 17,2 12,8
17,7 17,5 17,4 17,2 12,8
17,7 17,5 17,4 17,2 12,8
27,7 27,5 27,4 27,2 22,8
06 08 10 12 01
Liander T3 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 voorvlak nullast
12,6 12,5 12,3 12,2 8,4
12,6 12,5 12,3 12,2 8,4
12,6 12,5 12,3 12,2 8,4
22,6 22,5 22,3 22,2 18,4
02
Liander T1 bovenvlak nullast
6,1
6,1
6,1
16,1
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.6
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 06_A - Aalsmeerderdijk 455 B (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 06_A 16 15 13 14 05
Omschrijving Aalsmeerderdijk 455 B TenneT C2 bovenvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C1 bovenvlak Liander T3 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 38,2 38,2 38,2 48,2 33,4 33,4 33,4 43,4 31,0 31,0 31,0 41,0 29,9 29,9 29,9 39,9 29,7 29,7 29,7 39,7 23,0 23,0 23,0 33,0
03 07 09 11 08
Liander T2 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T6 voorvlak Liander T4 bovenvlak
23,0 23,0 20,5 20,4 20,3
23,0 23,0 20,5 20,4 20,3
23,0 23,0 20,5 20,4 20,3
33,0 33,0 30,5 30,4 30,3
04 06 10 12 01
Liander T2 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 voorvlak nullast
18,1 18,0 17,8 17,7 11,4
18,1 18,0 17,8 17,7 11,4
18,1 18,0 17,8 17,7 11,4
28,1 28,0 27,8 27,7 21,4
02
Liander T1 bovenvlak nullast
8,6
8,6
8,6
18,6
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.7
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 07_A - Aalsmeerderdijk 440 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 07_A 15 13 16 14 09
Omschrijving Aalsmeerderdijk 440 TenneT C2 voorvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C2 bovenvlak TenneT C1 bovenvlak Liander T5 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 37,4 37,4 37,4 47,4 32,6 32,6 32,6 42,6 32,4 32,4 32,4 42,4 30,0 30,0 30,0 40,0 26,4 26,4 26,4 36,4 20,1 20,1 20,1 30,1
07 03 05 08 10
Liander T4 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T3 voorvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak
17,6 17,4 17,4 15,1 15,1
17,6 17,4 17,4 15,1 15,1
17,6 17,4 17,4 15,1 15,1
27,6 27,4 27,4 25,1 25,1
04 06 11 12 01
Liander T2 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T6 voorvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 voorvlak nullast
14,9 14,9 12,8 11,8 7,9
14,9 14,9 12,8 11,8 7,9
14,9 14,9 12,8 11,8 7,9
24,9 24,9 22,8 21,8 17,9
02
Liander T1 bovenvlak nullast
5,4
5,4
5,4
15,4
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.8
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 08_A - Aalsmeerderdijk 430 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 08_A 15 13 16 14 07
Omschrijving Aalsmeerderdijk 430 TenneT C2 voorvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C2 bovenvlak TenneT C1 bovenvlak Liander T4 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 35,3 35,3 35,3 45,3 30,2 30,2 30,2 40,2 30,1 30,1 30,1 40,1 28,0 28,0 28,0 38,0 26,0 26,0 26,0 36,0 16,0 16,0 16,0 26,0
05 03 08 06 04
Liander T3 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T4 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T2 bovenvlak
16,0 15,9 13,7 13,6 13,6
16,0 15,9 13,7 13,6 13,6
16,0 15,9 13,7 13,6 13,6
26,0 25,9 23,7 23,6 23,6
09 10 11 12 01
Liander T5 voorvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 voorvlak Liander T6 bovenvlak Liander T1 voorvlak nullast
13,1 12,5 11,0 10,4 6,4
13,1 12,5 11,0 10,4 6,4
13,1 12,5 11,0 10,4 6,4
23,1 22,5 21,0 20,4 16,4
02
Liander T1 bovenvlak nullast
4,0
4,0
4,0
14,0
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.9
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 1 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 1 09_A - Aalsmeerderweg 559 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 09_A 13 15 14 16 07
Omschrijving Aalsmeerderweg 559 TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 bovenvlak Liander T4 voorvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 33,3 33,3 33,3 43,3 28,2 28,2 28,2 38,2 28,1 28,1 28,1 38,1 25,8 25,8 25,8 35,8 25,8 25,8 25,8 35,8 12,4 12,4 12,4 22,4
05 06 12 08 10
Liander T3 voorvlak Liander T3 bovenvlak Liander T6 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak
12,3 11,7 11,5 10,7 7,4
12,3 11,7 11,5 10,7 7,4
12,3 11,7 11,5 10,7 7,4
22,3 21,7 21,5 20,7 17,4
04 11 09 02 03
Liander T2 bovenvlak Liander T6 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T1 bovenvlak nullast Liander T2 voorvlak
7,1 1,3 -1,2 -2,4 -2,5
7,1 1,3 -1,2 -2,4 -2,5
7,1 1,3 -1,2 -2,4 -2,5
17,1 11,3 8,8 7,6 7,5
01
Liander T1 voorvlak nullast
-11,7
-11,7
-11,7
-1,7
Op de resultaten is sprake van een groepsreductie. Wat houdt dat in? en generale demping of afvlakking in de berekening? Hoe kan een waarde negatief zijn? VOLKOMEN ONGELOOFWAARDIG DAT PRECIES BIJ DE MEEST KRITIEKE WONING ER NEGATIEVE WAARDEN UITKOMEN! GELUID IS ALTIJD POSITIEF IN EEN METING.
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:22:24
F 219313RA 2.10
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 2 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 2 01_A - Aalsmeerderweg 670 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 01_A 14 13 15 16 02
Omschrijving Aalsmeerderweg 670 TenneT C1 bovenvlak TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C2 bovenvlak Liander T1 bovenvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 36,9 36,9 36,9 46,9 32,6 32,6 32,6 42,6 30,5 30,5 30,5 40,5 29,5 29,5 29,5 39,5 29,0 29,0 29,0 39,0 17,0 17,0 17,0 27,0
04 06 08 10 12
Liander T2 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak nullast
16,9 16,9 16,8 16,7 7,1
16,9 16,9 16,8 16,7 7,1
16,9 16,9 16,8 16,7 7,1
26,9 26,9 26,8 26,7 17,1
01 03 05 07 09
Liander T1 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T3 voorvlak Liander T4 voorvlak Liander T5 voorvlak
4,4 3,2 2,9 2,7 2,7
4,4 3,2 2,9 2,7 2,7
4,4 3,2 2,9 2,7 2,7
14,4 13,2 12,9 12,7 12,7
11
Liander T6 voorvlak nullast
-6,2
-6,2
-6,2
3,8
Op de resultaten is sprake van een groepsreductie. Wat houdt dat in? en generale demping of afvlakking in de berekening? Hoe kan een waarde negatief zijn? VOLKOMEN ONGELOOFWAARDIG DAT PRECIES BIJ DE MEEST KRITIEKE WONING ER NEGATIEVE WAARDEN UITKOMEN! GELUID IS ALTIJD POSITIEF IN EEN METING.
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5.21
13-10-2020 12:23:39
F 219313RA 2.11
Geluidbijdrage per bron, inclusief toeslag K1 variant 2 Rapport: Model: LAeq bij Bron voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel Scenario B2, variant 2 02_A - Aalsmeerderweg 617 (hoofdgroep) Ja
Naam Bron 02_A 13 15 14 16 02
Omschrijving Aalsmeerderweg 617 TenneT C1 voorvlak TenneT C2 voorvlak TenneT C1 bovenvlak TenneT C2 bovenvlak Liander T1 bovenvlak
Dag Avond Nacht Etmaal 37,8 37,8 37,8 47,8 33,2 33,2 33,2 43,2 33,1 33,1 33,1 43,1 30,7 30,7 30,7 40,7 27,1 27,1 27,1 37,1 15,3 15,3 15,3 25,3
04 06 08 10 12
Liander T2 bovenvlak Liander T3 bovenvlak Liander T4 bovenvlak Liander T5 bovenvlak Liander T6 bovenvlak nullast
15,2 15,2 15,2 15,1 5,6
15,2 15,2 15,2 15,1 5,6
15,2 15,2 15,2 15,1 5,6
25,2 25,2 25,2 25,1 15,6
01 03 05 09 07
Liander T1 voorvlak Liander T2 voorvlak Liander T3 voorvlak Liander T5 voorvlak Liander T4 voorvlak
2,4 1,4 1,2 1,2 1,1
2,4 1,4 1,2 1,2 1,1
2,4 1,4 1,2 1,2 1,1
12,4 11,4 11,2 11,2 11,1
11
Liander T6 voorvlak nullast
-7,6
-7,6
-7,6
2,4
Op de resultaten is sprake van een groepsreductie. Wat houdt dat in? en generale demping of afvlakking in de berekening? Hoe kan een waarde negatief zijn? VOLKOMEN ONGELOOFWAARDIG DAT PRECIES BIJ DE MEEST KRITIEKE WONING ER NEGATIEVE WAARDEN UITKOMEN! GELUID IS ALTIJD POSITIEF IN EEN METING.