5001183 Voortgangsbrief 2021-1 Stand van zaken Oostflank en doortrekking Noord-Zuidlijn. d.d. 7-7-2021.pdf
Tekst van het document
De leden van de gemeenteraad van Haarlemmermeer
Postbus 250 2130 AG Hoofddorp
Bezoekadres: Raadhuisplein 1 Hoofddorp Telefoon 0900 1852 Faxnummer 023 563 95 50
cluster Contactpersoon Telefoon
Projecten mevrouw H.W.M.J. de Vries 0900 1852
Uw brief
Verzenddatum
-
7 JULI 7021
X.2021.04142 Bijiage(n) Toekomstperspectief - Atelier Oostflank onderwerp Voortgangsbrief 2021-1: Stand van zaken Oostflank en doortrekking Noord/Zuidlijn
Ons kenmerk
Geachte heer, mevrouw, Via de Voortgangsrapportage Mobiliteit ontvangt u drie keer per jaar informatie over de laatste stand van zaken van projecten en andere lopende zaken op het gebied van verkeer en vervoer. U werd in de eerdere voortgangsrapportage Mobiliteit ook geïnformeerd over de actuele stand van zaken met betrekking tot de doortrekking van de Noord/Zuidlijn. Gelet op de omvang van dit traject hebben wij ervoor gekozen om vanaf heden u over de doortrekking van de Noord/Zuidlijn, tezamen met andere ontwikkelingen binnen de Oostflank van Haarlemmermeer zoals de gebiedsontwikkeling Stationsomgeving Hoofddorp via een aparte voortgangsbrief te informeren. Dit is de eerste voortgangsbrief. Wij zullen u voortaan via een aparte voortgangsbrief gelijktijdig met de voortgangsrapportage Mobiliteit informeren. Resultaten Atelier Oostflank
Het afgelopen jaar hebben de gemeenten Haarlemmermeer en Amsterdam en provincie NoordHolland samen gewerkt in het 'Atelier Oostflank Haarlemmermeer' (Atelier). In dit gebied spelen veel ontwikkelingen. Het is één van de meest dynamische gebieden van Nederland. Hier komen de komst van de Noord/Zuidlijn, stationsontwikkeling Hoofddorp, woningbouw, Westeinderscheg, PARK21, glastuinbouw en de ontwikkelingen rondom Schiphol samen. Het is een samenstel van ontwikkelingen met een mix van lokale tot bovenregionale belangen. Het Atelier heeft een toekomstperspectief geschetst hoe dit gebied zich kan ontwikkelen als onderdeel van de zuidwestcorridor van de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Het toekomstperspectief is tot stand gekomen onder leiding van een atelierteam bestaande uit ontwerpers van de drie samenwerkende overheden. Het perspectief laat zien welke kansen er ontstaan als opgaven met elkaar in verband worden gebracht en de partijen de krachten weten te bundelen. Het toekomstperspectief is niet bedoeld als plan, maar als inspiratiedocument
Ons kenmerk: X.2021.04142
Pagina 2
voor lopende en toekomstige ontwikkelingen. Het document moet het gesprek over de gewenste toekomst van het gebied verder brengen. Wat heeft dit Atelier opgeleverd? In april van dit jaar is het toekomstsperspectief tijdens een bestuurlijk overleg in ontvangst genomen door de betrokken bestuurders van Haarlemmermeer, Amsterdam en de provincie als inspiratiedocument voor lopende en toekomstige ontwikkelingen. In het bestuurlijk overleg is gedeeld dat: de analyse aantoont dat het gebied op basis van de geplande ontwikkelingen op de lange termijn niet tot een optimaal resultaat leidt. Onder andere zal er een disbalans ontstaan tussen economische sterke functies (onder andere wonen, bedrijvigheid) en functies die afhankelijk zijn van overheidsinzet (onder andere cultuur, groen, eigenheid van het gebied, natuur, water, sociale samenhang); de analyse aantoont dat het gebied interessante potenties biedt voor Haarlemmermeer, Amsterdam en de Metropoolregio Amsterdam; het atelier een basis biedt om in gezamenlijkheid vervolgacties te initiëren, opdat sprake zal zijn van een ontwikkeling die beter in balans gaat komen en zorgt voor een aantrekkelijk gebied.
Hoe verder? Via een aantal lijnen worden de inzichten van het Atelier verder gebracht: Als gevolg van de inzichten uit het Atelier is in de afgelopen periode een aantal ontwikkelingen versneld van de grond gekomen: zoals de samenwerking aan de gebiedsontwikkeling stationsomgeving Hoofddorp en de opzet van een werkgroep Ruimtelijke Ordening/Economische Zaken (RO/EZ) in kader van ZWASH (Zuidwest Amsterdam-Schiphol-Hoofddorp) naast de benodigde inzet op infrastructurele studies. Gezien de complexiteit aan vraagstukken die het Atelier schetst, gaat de gemeente Haarlemmermeer een ronde tafel organiseren met een aantal topexperts. Onderwerp van gesprek zijn de lessen voor Haarlemmermeer uit andere complexe en intergouvernementele opgaven, opdat de gemeente haar en andere krachten optimaal kan inzetten voor de oostflank. Dit gesprek zal na het zomerreces plaatsvinden. De betrokken bestuurders hebben afgesproken om de samenwerking voort te zetten en de inzichten van het Atelier te delen in de lopende trajecten zoals de Verstedelijkingsstrategie, Westeinderscheg, PARK21 en Bereikbare steden. Het toekomstperspectief is daarmee geen afronding, maar eerder de start van een nieuwe manier van samenwerken en denken over het gebied Oostflank Haarlemmermeer. U treft het toekomstperspectief in de bijlage bij deze brief. Stand van zaken Nationaal Groeifonds
In onze brief van 13 april 2021 (X.2021.02612) hebben wij u op de hoogte gesteld van het voornemen van het Nationaal Groeifonds (NGF) om 50% van het benodigde bedrag voor de doortrekking van de Noord/Zuidlijn (met een maximum van € 1.5 miljard) te reserveren. Deze reservering wordt omgezet in een toekenning mits wij aanvullende informatie aanleveren aan het NGF. Dit wordt begin 2022 opnieuw beoordeeld. Deze extra informatie omvat onder andere een Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA) voor de doortrekking Amsterdam-Zuid Schiphol - Hoofddorp en voor de kortere doortrekking Amsterdam-Zuid - Schiphol. Ook moet er zicht zijn op de volledige dekking van de resterende financiële middelen die nodig zijn voor de doortrekking van de Noord/Zuidlijn van Amsterdam-Zuid naar Hoofddorp naast de bijdrage van het NGF.
Ons kenmerk: X.2021.04142
Pagina 3
Er is een projectteam opgericht vanuit het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (lenW), de Vervoerregio, Schiphol en de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer, om de benodigde informatie binnen de door het NGF gestelde deadline (9 maanden na de uitspraak, begin 2022) aan te kunnen leveren. Hierbij worden wij ondersteund door diverse adviesbureaus die zich verenigd hebben in een consortium. Actuele punten MIRT-traject
De publieke partners uit de alliantie (lenW/ProRail, provincie Noord-Holland, Vervoerregio en de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer) en de private partners (Schiphol, NS en KLM) zien de reservering van het NGF als een belangrijke eerste stap om het gehele plan te realiseren: naast het doortrekken van de Noord/Zuidlijn betreft dat ook het sluiten van de metro Ringlijn (tussen Sloterdijk en Centraal Station). Zoals de alliantie in haar voorstel richting de commissie van het NGF ook heeft betoogd, zorgt het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp voor een sterke verbetering van de bereikbaarheid op regionaal, nationaal én internationaal niveau. Om een belangrijk deel van de regionale woningbouwopgave in te vullen is - naast het verbeteren van de bereikbaarheid - het totale metropakket (doortrekking Noord/Zuidlijn en sluiting Ringlijn) nodig. Programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid Samen met de partners vanuit het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB) blijven wij werken aan de realisatie van het totale pakket: sluiting Ringlijn en doortrekken Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp. Momenteel treffen wij samen met de SBaB-partners voor het gehele metropakket voorbereidingen voor de MIRT-verkenning die wij hopen te mogen starten na de positieve beoordeling van het NGF op de door ons extra aangeleverde informatie.
Dit doen wij vanuit vier verschillende werkgroepen met elk hun eigen focus: ■ werkgroep Wegen: hierin wordt onderzocht of de capaciteit van de wegen voldoende is in relatie tot de voorziene groei van het verkeer en welke aanvullende maatregelen mogelijk nodig zijn; ■ werkgroep Openbaar Vervoer (OV): hierin wordt onderzocht wat de prestaties zijn van de verschillende varianten van de metro qua reizigersaantallen en de effecten op het trein- en busverkeer; ■ werkgroep Ruimtelijke Ordening/Economische Zaken (RO/EZ): hierin wordt onderzocht wat de samenhang is tussen de voorziene ontwikkelingen van het gebied met groei van arbeidsplaatsen en woningen in relatie met de doortrekking van de metro naar Schiphol en Hoofddorp; ■ werkgroep Tracé en kosten: hierin wordt onderzocht welke metrotracé van de Noord/Zuidlijn technisch maakbaar is en wat de kosten van de verschillende varianten zijn. Laatste ontwikkelingen Stationsgebied Hoofddorp
De gemeente Haarlemmermeer benut de mogelijke komst van de Noord/Zuidlijn voor het verdichten van het ruimtegebruik in het stationsgebied van Hoofddorp. Hiervoor maken wij samen met de MRA een zogeheten Spoorboekje (onze belofte aan het nieuwe kabinet). Dit spoorboekje ontvangt u ter informatie. Ook stellen wij een verdichtingsplan voor het stationsgebied op. U bent hierover geïnformeerd in de informatieve bijeenkomst op 24 juni 2021.
Multimodale knoop Integraal onderdeel van deze stationsgebiedsontwikkeling is het plan om het station te transformeren tot de multimodale knoop Hoofddorp: een goede 'overstapmachine' die de
Ons kenmerk: X.2021.04142
Pagina 4
oostelijke en westelijke delen van het gebied verbindt in plaats van scheidt en waar levendige stationspleinen nieuwe plaatsen van ontmoeting zijn. Met deze ontwikkeling wordt het gebruik van het openbaar vervoer versterkt en vermindert de afhankelijkheid van de auto. Dit komt de mobiliteit in het algemeen ten goede en past bij de verbeterde positie van Hoofddorp binnen de MRA. Verdichting in het stationsgebied van Hoofddorp levert meer kansen voor wonen en werken met behoud van ruimte in de polders én zorgt ervoor dat wonen en werken in balans zijn. Het verdichtingsplan wordt u ter besluitvorming aangeboden in het derde kwartaal van 2021. Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend,
TOEKOMSTPERSPECTIEF GENIECAMPUS VAN DE WESTELIJKE RANDSTAD
0
INHOUD
INHOUD
1.
4.
ONDERZOEKSVRAAG
EFFECT
NAVIGEER DOOR HET DOCUMENT KLIK OP:
2.
5.
WAAROM VERANDEREN
3.
TOEKOMSTPERSPECTIEF
ROUTE 1 WERKNEMER: VAN NIEUW-WEST NAAR CAMPUS
STRATEGISCHE ZONES
METRO SCHINKELKWARTIER
6.
HUB HOOFDDORP
MOTOREN VOOR VERANDERING
CAMPUS ENTREE
2
1
ONDERZOEKSVRAAG
V
oor de Oostflank van Haarlemmermeer is een toekomstperspectief geschetst hoe dit gebied zich kan gaan ontwikkelen als onderdeel van de zuidwestcorridor van de Metropool Regio Amsterdam (MRA). Niet bedoeld als plan maar om het denken aan te zetten over het gebied en het gesprek aan te gaan met en tussen overheden, gebiedspartijen, stakeholders en koepelorganisaties. Het moet gezien worden als een gezamenlijk vertrekpunt. Het toekomstperspectief gaat verder dan de huidige beleids- en planontwikkeling en geeft inzicht welke kansen zich voordoen, rekening houdend met actuele trends en ontwikkelingen en de grote transitieopgaven waar Nederland voor staat. Op basis van dit perspectief kunnen huidige en toekomstige planvormingen worden verrijkt en aangescherpt.
‘‘ W
ees duidelijk over dat dit een ‘reisgids’ naar een mogelijke toekomst is. uitnodiging om samen de reis te maken
In nauwe samenwerking en dialoog met ruim tweehonderd mensen is het perspectief tot stand gekomen: sectorspecialisten en strategen van de initiërende partijen, opiniemakers, externe deskundigen en verschillende gebiedspartijen. Aangestuurd en ondersteund door een atelierteam bestaande uit ontwerpers van de gemeenten Haarlemmermeer en Amsterdam, de provincie Noord-Holland en BVR adviseurs. Het ontwerpatelier hanteert ontwerpend onderzoek als werkmethode. Op basis van beschikbare documentatie, vele gesprekken en schetswerk zijn de voorstellen en inzichten vertaald naar het voorliggende perspectief. Het gesprek over het toekomstperspectief en het omarmen ervan door de betrokken partijen is nodig om het toekomstperspectief om te zetten in actie.
C
entrale onderzoeksvraag Voor het Atelier is de centrale onderzoeksvraag op welke wijze de Oostflank van Haarlemmermeer zich als onderdeel van de zuidwestcorridor van de Metropool Regio Amsterdam (MRA) op de lange termijn kan ontwikkelen. Een ontwikkeling die ervoor gaat zorgen dat dit deelgebied op diverse schaalniveaus van meer betekenis gaat worden. Dat het gebied:
• Een volwaardig onderdeel gaat worden van de internationale entree van Nederland; • Bijdraagt aan het gewenste hoogwaardig vestigingsklimaat van de MRA; • Een impuls krijgt voor een leefbaar en inclusief woon- en leefklimaat in de kernen van de Haarlemmermeer.
3
2
INHOUD
WAAROM VERANDEREN UITGANGSPUNTEN
HET MOMENTUM IS NU
p basis van de analyse van de autonome ontwikkelingen, de algemene trends, de vele ateliergesprekken en het ontwerpend onderzoek van het Atelier zijn de volgende uitgangspunten voor het toekomstperspectief als basis genomen:
De doelstellingen op het gebied van klimaat, natuur, energie, landbouw, woningbouw en werkgelegenheid vragen om een ruimtelijk samenhangende strategie. Een strategie waar zaken integraal en in samenhang worden opgepakt, waar met lef aan wordt gewerkt en het debat scherp wordt gevoerd om nu beslissingen te nemen die straks zorgen voor een nog betere toekomst.
O
• De luchtvaart verandert (duurzaam, aanpassing vloot, technologie, alternatieve mobiliteit) waardoor op termijn ontwikkeling mogelijk wordt. • Hoofddorp krijgt een centrale positie in het Randstedelijk ov-netwerk (uitbreiden metronetwerk). Waar mobiliteitsnetwerken elkaar kruisen ontstaan nieuwe bronpunten. • Het watersysteem van de Haarlemmermeerpolder transformeert naar een meer natuurlijk en flexibel systeem. • De economie groeit en wordt kennisintensiever. Van logistiek naar keteneconomie en economische ontmoetingsplek. Van onderzoek tot maakindustrie, met ruimte voor circulaire economie en experimenten. • De land- en tuinbouw in het Oostflankgebied ondergaat een transitie naar kennisintensief en innovatief met intensiever circulair grondgebruik en nieuwe verdienmodellen zoals korte ketens. • De Oostflank wordt onderdeel van de MRA en krijgt een groter en gemengder programma voor wonen, werken en recreatie. • Door technologische ontwikkelingen is intensief en meervoudig ruimtegebruik mogelijk waardoor er ruimte vrijgespeeld wordt voor andere functies.
Nieuw-West Schinkelkwartier
Zuidas
Nieuwe Meer
Hoofddorp station en omgeving Park 21
Westeinderscheg Bedrijfslocaties
Ringvaart
Focusgebied Studiegebied
4
2
INHOUD
WAAROM VERANDEREN
VANUIT AUTONOME ONTWIKKELING
VANUIT TRENDS De belangrijkste trends die van invloed zijn op de Oostflank Haarlemmermeer zijn:
Stroomvoorziening concurrentie
Monofuntioneel en extensief ruimtegebruik
Wateropgaven
Wegen lopen vol
Groen/blauw versnipperd
Cultuurhistorische waardevolle elementen in verdringing
Klimaatadaptatie: er zitten grenzen aan het fysieke systeem van water, bodem en ecologie. De noodzakelijke transitie van de landbouw moet daarop inspelen door ander grondgebruik en innovaties. Biodiversiteit gaat hard achteruit. Dat vraagt om natuurinclusief bouwen, diversiteit van de landbouw en een robuust en divers landschap. Transitie naar duurzame en herwinbare energie betekent dat het energiesysteem verandert. Duurzame energiewinning vraagt om ruimte. Dat vraagt om een slim netwerk voor elektriciteit en warmte zodat er een robuust systeem gaat ontstaan van opwek, opslag en distributie. Transitie naar circulariteit vraagt om een omslag op veel beleidsterreinen en om opslagruimte van materialen. Ruimtewinst kan bereikt worden door veel meer combinaties te maken en de beschikbare ruimte intensiever te gebruiken. Metropoolvorming: aantrekkelijke metropolen zijn brandpunten voor de global kenniseconomie, ruimte voor ontmoeten, aantrekkelijke groene en culturele en maatschappelijke voorzieningen zijn super belangrijk voor het vestigingsklimaat. De luchtvaart wordt duurzamer door gebruik van hernieuwbare brandstoffen, een andere vloot, nieuwe technieken van het vliegen en groei van het internationaal treinnetwerk. Maatschappelijke trend: meer zelfvoorzienend door coöperaties, samenwerking tussen partijen los van de overheid, ruimte om te mogen experimenteren.
Duurzame mobiliteit: transitie van auto-bereikbaarheid naar openbaar vervoer, voet en fiets, deelsystemen. Waar netwerken samenkomen ontstaat nieuwe programma zoals dienstverlening, horeca en Leisure. 5
3
TOEKOMSTPERSPECTIEF
OOSTFLANK HAARLEMMERMEER WORDT GENIECAMPUS VAN DE WESTELIJKE RANDSTAD
6
3
TOEKOMSTPERSPECTIEF
OOSTFLANK HAARLEMMERMEER WORDT GENIECAMPUS VAN DE WESTELIJKE RANDSTAD
I
n de toekomst is de Oostflank Haarlemmermeer een gebied met een eigen herkenbaar profiel. Het is één van de polen binnen de polycentrische MRA. Dit meest internationaal georiënteerde en contact intensieve gebied van Nederland is tegelijk een ontmoetingslandschap, een werkcampus en een inclusieve leefomgeving. Het is regionaal verbonden door een fijnmazig fiets en ov-netwerk. De kracht van het toekomstpersperspectief zit in het vergroten van de diversiteit van: • Het landschap. De verschillende aanwezige landschappen en parken zijn samengebracht binnen één groot blauwgroen systeem, verrijkt met nieuwe typologieën gebaseerd op de zandlagen uit de diepe ondergrond. Door deze robuuste landschapsstructuur is de stedelijke groei mogelijk geworden, is de biodiversiteit toegenomen, zijn de negatieve effecten van klimaatverandering verkleind en de recreatieve mogelijkheden voor de westelijke Randstad fors uitgebreid. • De economie. Door de ingezette clustering en de ketenbenadering van de economie rondom de duurzame luchtvaart, de innovatieve
land- en tuinbouw en de kennisintensieve diensteneconomie, is de mono-functionaliteit op de bedrijventerreinen en de land- en tuinbouw doorbroken. Oostflank Haarlemmermeer krijgt daarmee een sterke positie op de backbone tussen de Zuid- en Noordvleugel van de Randstad, tussen andere campussen en innovatiedistricten. De koppeling van onderwijs, onderzoek en ontwikkeling, testen en productie heeft geleid tot levendige, als campus ingerichte, werkgebieden (industriecampus en kenniscampus). Ondernemingen krijgen hier de kans door te groeien van start up, scale up naar grown up. Dit vormt een vestigingsklimaat waar internationale en lokale ondernemers en talenten elkaar ontmoeten en samenwerken. • De stedelijke milieus. Door het koesteren van de authentieke parels aan de Ringvaart en het toevoegen van hoogstedelijke milieus aan (nieuwe) knooppunten, is er meer aanbod gekomen binnen de regio. Het verkleinen van de hindercontouren van de luchtvaart, door verduurzaming en de innovatie van het vliegen, heeft nieuwe ontwikkelgebieden mogelijk gemaakt. Gebiedseigen kwaliteiten in combinatie met het toepassen van de nieuwste technieken voor circulair en duurzaam bouwen
hebben geleid tot karaktervolle nieuwe woonen werkmilieus, dooraderd met het diverse landschap. Verouderde glastuingebieden hebben daardoor nieuwe functies gekregen. • Het mobiliteitssysteem. Door het uitbreiden van het langzaam verkeer en ov-netwerk, het ontvlechten van het autogebruik en het maken van overstappunten (hubs) is de regionale bereikbaarheid fors verbeterd. Station Hoofddorp is een internationale entree voor de trein geworden en het randstadrailnetwerk is breed uitgerold waardoor, zowel in oost-west als in noord-zuid richting, de Oostflank veel beter verbonden is in de regio met duurzaam vervoer. Het gebruik van de auto is daardoor fors teruggedrongen.
‘‘ H
oofddorp moet van een dorp een stad worden: hoger, dichter en bouwen rond de knoop. Dat is de basis voor voorzieningen. 7
3
INHOUD
TOEKOMSTPERSPECTIEF
ONDERDELEN
CULTUURLANDSCHAP
DIEPE ONDERGROND
GROEN-BLAUW SYSTEEM
METROPOLITANE SCHAALSPRONG
BACKBONE
INTERNATIONALE ENTREE
MOBILITEITSSYSTEEM
3 ZONES
MENGING
8
3
TOEKOMSTPERSPECTIEF
ONDERDELEN
CULTUURLANDSCHAP
DIEPE ONDERGROND
GROEN-BLAUW SYSTEEM
Het cultuurlandschap met polder, veen en kustzone: eerste zorg is het klimaatbestendig maken van het watersysteem.
De diepe ondergrond met de zandlagen: het waarderen van oude lagen verrijkt het polderdenken.
Maak een groots groen-blauw systeem: het verbindt en maakt robuuste landschappen voor recreatie, natuur, voedsel en water.
9
3
INHOUD
TOEKOMSTPERSPECTIEF
ONDERDELEN
METROPOLITANE SCHAALSPRONG
BACKBONE
INTERNATIONALE ENTREE
De Oostflank is deel van een polycentrische Randstad: nieuwe metropoolkernen versterken het ruimtelijk-economische systeem.
De Oostflank ligt in de backbone van de Randstad: schakel in verbindingen en interactieve kenniseconomie, deze backbone is ook een landschap.
De Geniecampus als internationale entree van Nederland: verbonden via het HSL-netwerk en de luchtvaart.
10
3
TOEKOMSTPERSPECTIEF
ONDERDELEN
MOBILITEITSSYSTEEM
3 ZONES
MENGING
Mobiliteit van de toekomst: de Oostflank ligt sterker in het hoofdsysteem en is alzijdig verbonden met OV en fiets.
De Oostflank kent 3 zones met eigen accenten: luchthavenlandschap, ontmoetingslandschap en polderinnovatie.
Het gebied wordt diverser, kennisintensiever en draagt bij aan een inclusieve leefomgeving.
11
INHOUD
Groen-blauw systeem Metropolitaan milieu Internationale ontmoetingsplek Hoofddorp Park 21
Westeinderscheg Geniecampus
Polder innovatie
RUIMTELIJKE IMPRESSIE
12
4
INHOUD
EFFECT
H
et toekomstperspectief zet de Oostflank Haarlemmermeer voor het eerst neer als een gebied met een uniek, eigen karakter. Het is een ontmoetingslandschap en economische kerngebied op de backbone tussen de Zuid- en de Noordvleugel van de Randstad en de economische as richting Zuidas en Utrecht. Het geschetste perspectief brengt: • Samenhang tussen de verschillende werkgebieden als één gebiedsentiteit, de geniecampus, waar kennis, faciliteiten, arbeid worden gedeeld en ruimte is voor experimenten en pionieren. • Groei van de werkgelegenheid en opleidingsplekken in de campus en hoogstedelijke knooppunten bij ov, voor onder andere de bewoners van Haarlem, Hoofddorp, Amsterdam. • Een uitgebreid fiets- en ov-netwerk, waardoor het gebied alzijdig is verbonden met de omgeving en nieuwe relaties zijn ontstaan tussen Hoofddorp, Haarlem, Aalsmeer, de Bollenstreek, Leiden en Amsterdam (Nieuw-West, Schinkel/Zuidas, Haven Stad). • Een duurzame luchthaven dat direct in relatie staat met haar omgeving, waarbij de
functies in de randen ‘meekleuren’ met het gebied waar ze aan grenzen • Een forse uitbreiding van het recreatieve landschap, waardoor mens en natuur meer ruimte hebben gekregen. Er zijn kansen voor een heel scala aan woonmilieus, variërend van hoogstedelijk tot landelijk en dorps wonen, passend bij de identiteit van de verschillende plekken en locaties in de Oostflank. • Een natuurlijker watersysteem waardoor de droogmakerij minder zoet water van buiten nodig heeft. • Een forse toename van de biodiversiteit door het natuurlijker watersysteem en door het toevoegen van nieuwe landschappen
D
it doet het perspectief lokaal
Uitgangspunt voor het perspectief is de pioniers- en ondernemers identiteit die van oudsher in Haarlemmermeer aanwezig is. Die mentaliteit zetten we door: we vieren de liefde voor het gebied door het integreren van historie en het exposeren van de moderne iconen. Zo wordt de Oostflank een gebied met een eigen karakter en voorkom je anonimiteit. Het perspectief is een antwoord op de vergrijzing binnen de gemeente Haarlemmermeer, de
eenzijdige beroepsbevolking en het eenzijdige woningaanbod. Door de Geniecampus ontstaat er een differentiatie in de werkgelegenheid met mogelijkheden voor omscholing. Werken (in m²) 14,2 milj Kantoor
11,5 milj Kantoor
Short stay Voorzieningen Onderwijs Groen Infrastructuur
Bedrijventerrein
Bedrijventerrein
Werkmilieu
Heden
Plancapaciteit
Toekomstperspectief
Transformatie Werkgebieden * Gemengde werkmilieus en meervoudig ruimtegebruik * Indicatieve aannames op basis van kengetallen gemeente HLMR
‘‘W
ie ben je eigenlijk als Oostflankgebied? Je moet durven kiezen want niet alles kan. Zoek misschien zelfs naar een nieuwe identiteit 13
4
EFFECT De huidige beroepsbevolking vindt binnen dit gebied nieuwe mogelijkheden. Daarnaast biedt het toevoegen van hoogstedelijke woonmilieus nieuwe woonvormen, waardoor eenpersoonshuishoudens hun eengezinswoningen vrij kunnen maken voor nieuwe gezinnen. Bestaande kernen en voorzieningen krijgen daarmee een impuls. De Geniecampus trekt nieuwe groepen mensen aan die zich binnen de gemeente Haarlemmermeer kunnen vestigen. Veertig procent van de agrariërs heeft in de gemeente Haarlemmermeer geen opvolging. Toepassing van nieuwe technologie en innovatie betekent dat de land- en tuinbouw diverser wordt, compacter kan, kennisintensiever en gecombineerd kan worden
met recreatieve functies. Voor een deel kan hierdoor land vrijkomen voor het groenblauwe systeem en voor woningbouw. Dat betekent wel een trendbreuk. Agrarisch 540 ha Klimaatadaptatie, 75.000 biodiversiteit,recreatie
Intensivisering en innovatie landbouw
Heden
Toekomstperspectief
Transitie Land- en tuinbouw * Klimaatadaptie, voedselproductie en recreatie
D
it doet het perspectief voor de MRA
Het perspectief zorgt voor een gezamenlijke focus in de MRA op Oostflank Haarlemmermeer als best bereikbare locatie in de metropoolregio, van voetganger tot vliegen. Het is een hyper ontsloten plek waar ontmoeting en verblijven steeds meer centraal staan. Door bestaande en nieuwe gebiedskwaliteiten zoals de Geniedijk of de Ringvaart krachtig te versterken, is de Geniecampus een ontmoetingsplek met metropolitane allure.
Door de ketenbenadering van kennis en kunde, ontwikkelt Oostflank Haarlemmermeer zich tot hét werkgebied van de metropoolregio met een forse stijging in het aantal arbeidsplaatsen van praktisch tot theoretisch opgeleiden. Arbeidsplaatsen 160.000
‘‘ F
antastisch hoe het oorspronkelijke karakter van de Haarlemmermeer polder is versterkt en gebruikt als basis voor alle nieuwe ontwikkelingen, de eigenheid van de bijzondere geschiedenis en afkomst van dit gebied.
75.000
70.000
85.000 15.000
70.000
70.000
Heden
Plancapaciteit
85.000
Toekomstperspectief
Werkgelegenheid * Potentie: groei 75.000 banen 14
4
EFFECT De ketenbenadering is dynamisch en draait om talentontwikkeling en ondernemen. De Geniecampus bevat arbeidsintensieve bedrijven waar vooral onderling veel uitwisseling en samenwerking is rond gezamenlijke expertisecentra. Geniecampus kent geen monofunctionele specialisatie zoals de vele ‘Valleys’ maar juist een breed profiel. Het gebied is door de bereikbaarheid met OV, fiets, auto en vliegtuig en de draagstructuur van een nieuw landschap steeds aanpasbaar aan nieuwe wensen. Werk-, leisure-, of congresfuncties kunnen vanuit het te verdichten stedelijke gebied een plek vinden in de Geniecampus mits dat past bij het profiel van het Geniecampus. Zo komt ruimte vrij voor bijvoorbeeld woonfuncties in de MRA. Woningen 35.000 +
+
20.000 15.000 9.500
5.500
9.500
9.500
Heden
Plancapaciteit
15.000
Toekomstperspectief
Woningbouw * Potentie: groei 20.000 woningen
Ook wordt er in Oostflank Haarlemmermeer ruimte geboden voor meerdere hubs bijvoorbeeld voor stadsdistributie naar Amsterdam of overstap van auto naar ov of e-bike waarmee Amsterdam wordt ontlast. Voorzieningen in het gebied zijn bereikbaar met OV en fiets, zodat het autogebruik kan verminderen.
D
it doet het perspectief voor de BV Nederland
Het perspectief zorgt voor een versterking van de voorwaarden die nodig zijn voor de ontwikkeling van een internationaal knooppunt, de entree van Nederland, een hoogwaardige Mainport. Oostflank Haarlemmermeer is als Geniecampus de plek waar internationale bedrijven en Nederlandse bedrijven (MKB) elkaar vinden. Het is één van de belangrijkste knopen in het ruimtelijk-economische netwerk van Nederland. Het gebied van en rondom de luchthaven staat voor een herkenbare en hoogwaardige uitstraling waar je je uitstekend kunt oriënteren. Doordat de ruimtelijke kwaliteit van het gebied is vergroot zullen bedrijven en hun werknemers zich hier graag vestigen. De verbindingen
met de kust, het centrum van Amsterdam en groengebieden dragen hieraan bij. De verbreding van de economie met een campusuitstraling waar kennis en kunde samenkomen en ruimte is voor innovatie, testen, productie geeft het hele gebied meer identiteit en aantrekkelijkheid vergelijkbaar met voorbeelden in Zürich of Kopenhagen. Daarmee wordt het gebied niet alleen een internationaal doorgangsgebied maar ook een internationale bestemming. Station Hoofddorp krijgt een internationale status met een bijbehorende stedelijkheid. Dit draagt actief bij aan de ambities van Nederland en Europa om te bouwen aan een goedwerkend HSL netwerk. Mobiliteit
Heden
Toekomstperspectief
‘Modal shift’ * Meer ov, fiets, lopen, minder auto 15
4
INHOUD
EFFECT
EEN WERKDAG IN HET LEVEN VAN
Kenniswerker in stationsgebied Hoofddorp
Aankomst op internationale knoop Schiphol
Meeting @ hoofdkantoor Hoofddorp CS
8:00
10:00
Lunchwandeling door Geniecampus
12:00
Congres @ central meeting house
Diner in eetkas Rijsenhout
15:00
19:00
Workshop agrofood international
Sporten in wooncomplex Hyde Park
Bezoeker van agro-onderszoekslab
Aankomst op station Hoofdorp Centraal
Rondleiding open lab innovatieve teelten
Lunch @ Geniecampus
16
4
INHOUD
EFFECT
WAT GAAN WE ANDERS DOEN
H
et toekomstperspectief ontstaat niet vanzelf. Wanneer we de ontwikkelingen uit 2020 doorzetten naar de toekomst zien we een versnipperd landschap met veel monofunctionele werkgebieden en verschillende ruimteclaims van de steeds voller wordende metropoolregio. De (beleids) plannen waar nu aan gewerkt wordt laten zeker een verbetering zien, maar nog steeds is de planontwikkeling gefragmenteerd. De vraag doet zich voor of er wel snel genoeg gehandeld wordt om de (inter)nationale doelen op het gebied van klimaat, natuur, energie, landbouw, werkgelegenheid en woningbouw te halen. Wat moet nu echt anders om het toekomstperspectief werkelijkheid te laten worden:
‘‘ E
en internationale functie voor station Hoofddorp zal altijd in combinatie met een ander station zijn. Het is hoog tijd voor een integrale studie van station en stationsomgeving.
• Substantieel ruimte maken voor de opgaven voor water, natuur, landschap en de noodzakelijke groene (recreatieve) routes door gebieden heen met intensief ruimtegebruik. • Cultuurhistorische waarden zoals de Geniedijk en de polderlinten een plek geven in een overstijgende landschapsstructuur. In delen van het gebied moeten polderlijnen wijken voor een klimaatbestendig landschap. • De eigenheid en het karakter van het gebied inzetten om de anonimiteit te doorbreken en het gebied interessant te maken om te verblijven en te ontmoeten. • De milieu-impact van het vliegen beter in balans te brengen met de andere functies in de Oostflank. Een krachtige doorontwikkeling van de randen van Schiphol – ‘van achterkanten naar voorkanten’. Samen met Schiphol toewerken naar een aantrekkelijk en economisch krachtig luchthavenlandschap dat verbinding maakt met haar omgeving. • Hoofddorp nog beter verbinden via spoor en metro met haar omgeving. Een stationsgebied Hoofddorp maken wat echt veel meer dan nu is gericht op ontmoeting en interactie, met aan beide zijden hoog-stedelijke functies en campusontwikkeling.
• Het gebied Oostflank behandelen als een eigen entiteit waarbij overheden en gebiedspartijen en stakeholders nog nauwer samen optrekken. • Het gebied positioneren als schakel op de ‘Backbone’ tussen de MRDH en de MRA en de economische as naar de Zuidas en Utrecht. • Alle lopende individuele projecten en programma’s relateren aan het toekomstperspectief. Zoek elkaar op voor de samenwerking, ook bij het formuleren van beleid. Wat nodig is, is een grensoverschrijdende en sector overstijgende aansturing, waarbinnen concrete acties kunnen worden uitgezet. De rol van de overheid kan per opgave anders zijn: presterend als regisseur, samenwerkend, faciliterend/ responsief of regelgevend en rechtmatig.
‘‘ W
atermanagement systeem is over 20-30 jaar niet meer haalbaar, voor die tijd zijn fundamentele veranderingen nodig
17
5
STRATEGISCHE ZONES
I
n het gebied bevinden zich drie strategische zones waar verschillende opgaven samenkomen.
Op dit moment wordt er aan verschillende projecten binnen deze zones gewerkt. Door de projecten in samenhang te brengen met de blik naar de toekomst kun je nu al richting het toekomstperspectief bewegen. Belangrijk is om hierover met betrokken partijen in gesprek te gaan en dit perspectief te zien als startpunt van het gesprek, voor nieuwe samenwerkingsverbanden of gebiedscoalities.
NOORDELIJK DEEL Waar Amsterdam Haarlemmermeer ontmoet
MIDDEN DEEL Waar Hoofddorp Aalsmeer ontmoet
ZUIDELIJK DEEL Waar de polder innovatie ontmoet
18
5
STRATEGISCHE ZONES
NOORDELIJK DEEL: WAAR AMSTERDAM HAARLEMMERMEER ONTMOET De strategische zone bestaat uit het fysiek en programmatisch goed verbinden van de gebieden ten noorden/oosten van de Ringvaart bij Amsterdam en de omgeving van Schiphol. Het gaat om een landschappelijke versterking door het Amsterdamse Bos te vergroten met een sprong over de Ringvaart naar Schiphol noordwest. Hier kan een nieuw groen en bosrijk campusgebied ontstaan. De ontwikkeling van de Schipholdriehoek, Badhoevedorp en de zone Riekerpolder en Zuidas zijn dynamische stedelijke
gebieden die profiteren van de metrolijn en het nabije groen. Door de noordoevers van de Nieuwe Meer, de landtong en noordoostelijke Ringvaartzone beter publiek te ontsluiten liggen er kansen voor het behouden en verder ontwikkelen van (tijdelijke) culturele en maatschappelijke functies. In de groen te maken randen van Schiphol liggen kansen voor een duurzame luchtvaart gebonden werkcampus (waaronder innovatieve logistiek).
19
5
INHOUD
STRATEGISCHE ZONES
NOORDELIJK DEEL: WAAR AMSTERDAM HAARLEMMERMEER ONTMOET
20
5
INHOUD
STRATEGISCHE ZONES
MIDDEN DEEL: WAAR HOOFDDORP AALSMEER ONTMOET Deze strategische zone betreft het gebied tussen centrum/station Hoofddorp en de Westeinderscheg naar Aalsmeer. Door de schaalsprong in de ov- en fietsverbindingen en de opwaardering van station Hoofddorp tot een internationaal treinstation, ontstaat hier de mogelijkheid tot een ruimtelijk-economische ontwikkeling met een intensief en verdicht hoogstedelijk gebied en een grootschalige campusomgeving. Het is een ontmoetingslandschap waarin bestaande
landschappelijke en cultuurhistorische waarden en nieuwe landschapselementen zijn opgenomen. Dankzij het verder doortrekken van ov-verbindingen en het aanpassen van de luchtvaart kan verouderd glastuinbouwgebied in Aalsmeer en Rijsenhout transformeren naar landschap en woningbouw.
21
5
STRATEGISCHE ZONES
MIDDEN DEEL: WAAR HOOFDDORP AALSMEER ONTMOET
22
5
STRATEGISCHE ZONES
ZUIDELIJK DEEL: WAAR DE POLDER INNOVATIE ONTMOET De watergangen worden hier verbreed met een meer flexibel peil voor het bufferen van zoet water. De innovatieve land- en tuinbouw krijgt hier een plek en door de verbinding met de omgeving ontstaat een rijker recreatief landschap. Het gebied krijgt daarmee een belangrijke functie als voedselvoorziening voor de regio, als buffer voor de zoetwatervoorziening en als recreatiegebied voor de wijdere regio. Dit laatste in samenhang met het Hollandse plassengebied. Technologie en innovatie maken efficiënt grondgebruik mogelijk waardoor de land- en tuinbouw de gewenste transitie hebben ondergaan en er ruimte is ontstaan voor het toevoegen van landelijke woonmilieus.
Rijsenhout ligt zowel in de midden- als de zuidelijke zone. Hier kan een landschappelijk palet ontstaan van experimentele land- en tuinbouwgebieden. Omgeven door parkgebieden in een sterke koppeling aan Park21, de Ringvaartzone en Westeinderscheg met toekomstbestendige woningbouw en bijzondere woonvormen aan het water. Deze ontwikkelrichting vereist aanpassing van de luchtvaart, transformatie van verouderd glas en een kanteling van grootschalige glastuinbouw naar nieuwe en diverse vormen van (voedsel)productie.
23
5
INHOUD
STRATEGISCHE ZONES
ZUIDELIJK DEEL: WAAR DE POLDER INNOVATIE ONTMOET
24
6
INHOUD
MOTOREN VOOR VERANDERING Op basis van alle gesprekken en verkregen inzichten heeft het Atelier verkend aan welke knoppen je kunt draaien om de autonome ontwikkeling te beïnvloedden. Dat zijn de ‘Motoren voor verandering’: • Versterken van het landschap • Inzetten op gemengde stedelijkheid • Verbreden van de econmie binnen clusters • Verbinden, verblijven, verplaatsen
25
6
MOTOREN VOOR VERANDERING
VERSTERKEN VAN HET LANDSCHAP
• Als ecosysteem voor de leefbaarheid van de MRA • Als kwaliteitsdrager en vestigingsvoorwaarde voor de verstedelijking • Als ordenend en structurerend voor nieuwe opgaven
H
et doorontwikkelen van de huidige groenprojecten tot een samenhangend groenblauw systeem helpt klimaatadaptatie, de biodiversiteit en draagt bij aan het vestigingsklimaat van de gehele MRA.
Bron: Bosnotitie PARK Noord-Holland
Een schaalsprong voor de Oostflank bij het doortrekken van de metro en de woningbouw ontwikkeling vraagt een om schaalsprong in het werken aan en denken over het landschap. Het vestigingsklimaat in de Oostflank is gebaat bij een stevige, robuuste, beleefbare groen- en waterstructuur als essentiële voorwaarde voor de leefbaarheid en vestigingsklimaat van het gebied. Het landschap als contour en contramal voor intensieve gebiedsontwikkeling. Dat vraagt grote gebaren en stoerheid: het groenblauwe systeem als kwaliteitsdrager op de schaal van de Randstad.
L
andschap als basis voor verstedelijking Deskundigen (o.a. PBL en waterschappen) stellen dat het kunstmatig in stand houden van het huidige watersysteem in de Haarlemmermeerpolder maatschappelijk niet meer verantwoord is.
Bron: www.duurzaam-ondernemen.nl
Landgoederenzone
Beweeglandschap
Luchthavenlandschap
Stadspark
Campuslandschap
Waterberging Rijnland
26
6
Onder andere door de grote hoeveelheden zoet water dat gebruikt wordt om deze polder ‘door te spoelen’ (40% van het zoetwater in Rijnland). Een natuurlijker landschapssysteem in combinatie met meer ruimte voor water en het werken met meer flexibele waterpeilen zal het klassieke polderbeeld deels veranderen.Dat biedt mogelijkheden voor nieuwe vormen van landbouw, het versterken van de biodiversiteit en het draagt bij aan meer recreatiemogelijkheden voor de bewoners en bezoekers van de MRA maar ook van de Leidse regio. Door het vergroten, versterken en het koppelen van verschillende landschappen en waterstructuren komen gebieden in een andere context te liggen. Hier ontstaan aanleidingen voor nieuwe leefmilieus en kwaliteitsimpulsen voor alle bestaande kernen in de Haarlemmermeerpolder en daarbuiten.
G
roenblauw systeem Het groenblauwe systeem kan vele functies huisvesten. Denk bijvoorbeeld aan (een combinatie van): recreatie, natuur, innovatieve landbouw, waterberging, zoet watervoorziening, groene bijzondere woonvormen. Bestaande landschappen en parken, zoals Park 21, Tuinen van West, het Groene Carré bij Schiphol, diverse polderlinten of het Amsterdamse Bos, maken onderdeel uit van een samenhangend groenblauw systeem.
D
oen: samen met de ondernemers en koepelorganisaties (Greenport Aalsmeer) en ministerie LNV en HHRS een actieplan voor de landbouwtransitie en het landschap maken. Koplopers die hier al mee bezig zijn belonen en een rol geven in een transitietraject. Koppeling met Wageningen University en HAS Den Bosch en Amsterdam Green Campus. Samen met partijen een landschapsfonds oprichten om het groen blauwe systeem te kunnen realiseren.
R
esultaat: een robuust en vitaal buitengebied dat de noodzakelijke kwaliteit toevoegt aan de MRA en het vestigingsklimaat versterkt.
‘‘ D
e afname van de biodiversiteit kan banken, pensioenfondsen en verzekeraars honderden miljarden kosten, waarschuwen De Nederlandse Bank en het Planbureau voor de Leefomgeving.
27
6
INHOUD
MOTOREN VOOR VERANDERING
INZETTEN OP GEMENGDE STEDELIJKHEID
• Zorgt voor divers aanbod van gemengde woonmilieus en komt tegemoet aan grote woningbouwopgave • Geeft vitaliteit aan de (dorps)kernen en ov-knopen • Draagt bij aan functiemenging en efficiënt ruimtegebruik
I
Bron: www.artchitectours.com/tour/orestad-copenhagen/
nzetten op een schaalsprong in stedelijkheid en diverse woon-, werk, en voorzieningenmilieus. Meest in het oog springen de vernieuwde en geïntensiveerde metropolitane stationsomgeving Hoofddorp als het vanzelfsprekende hoofdadres van de Oostflank Haarlemmermeer, en nieuwe milieus aan Park 21, de Westeindescheg en Westeinderplassen en Aalsmeer. Bij de bronpunten voor openbaar vervoer ontstaat in Haarlemmermeer een schaalsprong in stedelijkheid met een hoogstedelijk stationskwartier bij station Hoofddorp, een belangrijke ontmoetingsfunctie voor de regio.
Bron: www.imoss.nl/stad-van-de-toekomst/
Bron: www.dezeen.com
Voorstel is het zwaartepunt van station Hoofddorp naar het zuiden te plaatsen. Dit dient meerdere doelen. Gezien het huidige spoortracé is dit de meest vanzelfsprekende optie, er is hier de ruimte en het huidige gebied aan de noordzijde van het station kan volop ingezet worden voor substantiële verstedelijking. Dit hoogstedelijke milieu loopt door in het huidige centrum van Hoofddorp. In dat gebied is veel ruimte voor verdichting. 28
6H
oogstedelijk stationskwartier Door het gebied ten zuiden van het huidige station als een ontwikkelgebied aan te wijzen, kan aan beide zijden van het huidige spoor, naast een stevig woonprogramma ook een kenniscluster ontstaan. Het hoogstedelijke stationskwartier maakt verbinding met deze campuswereld. Duurzame ontwikkeling van de luchtvaart, nieuwe kennisintensieve economie, duurzame mobiliteit, kwalitatief landschap en kwalitatieve langzaam verkeersverbindingen en uitbreiding ov-netwerk, maken nieuwe gemengde stedelijke milieus mogelijk. Bijvoorbeeld ruimte voor bijzondere woonconcepten voor ouderen, ruimte voor eigen duurzame bouw door groepen van particulieren, houtbouw, en ruimte voor broedplaatsen op tijdelijke locaties en in de innovatieve campus milieus.
I
mpuls leefbaarheid Binnen de bestaande wijken van Hoofddorp vindt verdichting plaats en worden groenstructuren versterkt. Bij bronpunten aan het landschap ontstaan nieuwe woongebieden. Bijvoorbeeld wonen in en aan Park21 tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep, wonen aan de Westeinderplassen en ontspannen nieuwe woongebieden in Aalsmeer aan de Westeinderscheg. De Westeinderscheg
INHOUD
D
oen: redeneren vanuit een duurzame ontwikkeling van de luchtvaart. De potentie voor het verbeteren van de leefbaarheid en potentie voor gemengde milieus verder uitwerken in de verstedelijkingsstrategie. In verband brengen programma’s en milieus van Amsterdam, Haarlemmermeer en Aalsmeer.
R
esultaat: ontwikkeling van een eigen rol in de polycentrische metropool door het bieden van diverse woon-, werk- en voorzieningenmilieus voor diverse doelgroepen met super goede voorzieningen en bereikbaarheid.
wordt opgedikt en sanering van verouderd glas gecombineerd met natuur-, duurzaamheid en recreatieve ontwikkeling met op strategische locaties woningbouw. De duurzame ontwikkeling van de luchtvaart maakt het tevens mogelijk om kleinschalig wonen toe te voegen in Rijsenhout en andere kernen langs de Ringvaart, zodat ook bewoners hier een woon carrière kunnen maken. Het ontwikkelen van dit rijke palet vraagt om extra groen om te recreëren, goede voorzieningen, ontmoetingsplekken, efficiënt en compact ruimtegebruik, recreatieve verbindingen met de omgeving, optimale ontsluiting met openbaar vervoer en langzaam verkeer, verdichting op en transformatie van bestaand stedelijk gebied.
‘‘D
e urgentie is hoog: er moeten veel woningen worden gebouwd (175.000 tot 2030 en 325.000 tot 2050 in de MRA) en we staan voor grote transities. Alleen via een integrale, gezamenlijke aanpak zal het ons lukken die opgaven het hoofd te bieden. (verstedelijkingstrategie MRA)
29
6
MOTOREN VOOR VERANDERING
VERBREDEN VAN DE ECONOMIE BINNEN CLUSTERS
D
Bron: www.duic.nl/
Bron: www.commons.wikimedia.org
Bron: www.ditisdeessentie.nl
e Oostflank is ook een schakel in de keten van stedelijke kerngebieden tussen Metropoolregio RotterdamDen Haag, Leiden en Amsterdam, Utrecht. Gelegen in een infrastructurele en landschappelijke backbone. Een eigen onderscheidend economisch profiel (Geniecampus) maakt het complementair aan innovatie en productiegebieden als Delft Campus/ Schieoevers, Central Innovation District Den Haag, Leiden CS/Biosciencepark of Schinkel/de Zuidas. Dit economisch innovatiegebied levert een belangrijke bijdrage aan de MRA/BV NL.
• Biedt kansen voor innovatieve, circulaire, duurzame en contact intensieve economie • Stimuleert verandering naar duurzame luchtvaart • Benut de internationaal georiënteerdheid van het gebied
Kennisintensieve dienstverlening
Innovatieve land& tuinbouw
Duurzame luchthaven
Oostflank Haarlemmermeer krijgt een herkenbaar profiel, gebaseerd op de kernwaarden van het gebied: de internationale georiënteerdheid en de contactintensieve ontmoetingsplek. Verbreding van de economie maakt het gebied minder kwetsbaar voor conjuncturele wisselingen. Op basis van de gesprekken met experts zien we drie kansrijke clusters: duurzame luchtvaart en luchtvaart gebonden bedrijvigheid (waaronder innovatieve logistiek), innovatieve land- en tuinbouw en kennisintensieve dienstverlening. 30
6K
ennisontwikkeling Door in te zeten op deze clusters en verbreding van de clusters is er ruimte voor start up, scale up en grown up. Van uitvinden, ontwikkelen, testen naar productie en onderwijs. En het internationaal uitdragen van deze kennis. Bijzonder kansen zijn er in de crossovers tussen de aanwezige sectoren. Bijvoorbeeld kennisuitwisseling tussen sectoren over duurzame ontwikkelingen, expertpools van mensen die in alle sectoren werkzaam zijn, gebruik van elkaars kennis, faciliteiten en bijzondere ontmoetingsplekken.
D
oen: gesprekstafel economische vernieuwing instellen. Het stimuleren van het verbreden van de economie binnen de clusters is een faciliterende overheidstaak. Een open gesprek met de zittende bedrijven, kennisinstellingen, koepelorganisaties zoals MKB en de gebiedspartijen kan een eerste stap zijn vanuit het geschetste toekomstperspectief. Partijen als SADC (marktanalyse), ORAM en RVO zijn interessante partners.
R
esultaat: een wederzijdse relatie en ambassadeurs voor innovatiekracht, duurzame en circulaire economie met internationale slagkracht.
‘‘I
nternationaal georiënteerde en contact intensieve gebieden zijn voorwaarden voor een nieuwe economie: In de mondiale economie zijn aantrekkelijke plekken van ontmoeting erg belangrijk 31
6
INHOUD
MOTOREN VOOR VERANDERING
VERBINDEN, VERBLIJVEN, VERPLAATSEN
O
ostflank ontwikkelt zich tot de hyper-verbonden ontmoetingsplek in de Randstad. Optimaliseren van de vervoerssystemen (het ontvlechten van personen- en goederenvervoer, verknopen met hubs, sterk inzetten op een 15 minuten stad met goede voet- en fietsverbindingen) en koerswending: stationsgebied Hoofddorp als groot knooppunt en internationale entree van MRA voor trein en auto/NL. Oostflank is binnen 30 minuten reisafstand alzijdig verbonden met bestemmingen en herkomsten in de regio. Op dit moment is de Oostflank Haarlemmermeer vooral een doorgangsgebied, gedomineerd door grote infrastructuur (spoor, snelweg, luchtvaart). Deze centrale bereikbaarheid is de basisvoorwaarde voor de economie en kan verbeterd worden door het versterken van het langzaam verkeersnetwerk en het uitbreiden van het ov-netwerk met onder andere een doorgetrokken noord-zuidlijn richting Leiden en een uitbreiding van het ov-netwerk tussen Haarlem, Hoofddorp, Aalsmeer, Amsterdam. Op de kruisingen van de regionale lijnen ontstaan nieuwe bronpunten.
• Biedt kansen voor ontvlechten van vervoersstromen • Zorgt voor doorgangsgebieden én verblijfsgebieden • Verbindt (recreatieve) netwerken op MRA-schaal
Onderdeel van het verduurzamen van de luchtvaart is de koppeling met de internationale treinen naar Europese bestemmingen zoals Parijs, Londen en Berlijn. Een internationale functie voor station Hoofddorp is mogelijk, in combinatie met Amsterdam-Zuid WTC. Daarmee wordt station Schiphol ontlast en wordt station Hoofddorp een belangrijke hub.
O
ntvlechten personen- en goederenvervoer In het zuidelijk deel wordt de innovatieve land- en tuinbouwsector met elektrisch vervoer bediend op bestaande wegen, en andere wegen wordt ingezet voor personenverkeer. In de zone tussen het hoogstedelijke Hoofddorp station en de campus komt een hub voor personenvervoer. Hierdoor wordt de A4 ontlast en met name gebruikt voor goederenvervoer binnen de metropoolregio. Ten noorden van Schiphol komt een soortgelijke hub voor logistiek, bouw- en goederenvervoer. Er wordt fors ingezet op een goed netwerk voor wandelaars en fietsers. We zien kansen voor snelfietsroutes die Hoofddorp en Amsterdam via de Ringvaart verbinden, en tussen Rijsenhout en de duinen, via Park 21. 32
ROUTE 1 WERKNEMER: VAN NIEUW-WEST NAAR CAMPUS
ROUTE 1 WERKNEMER: VAN NIEUW-WEST NAAR CAMPUS
D
oen: Voor station Hoofddorp aansluiten bij de MIRT-verkenning ZWASH en handelingsperspectief ov- knooppunten. Samen met vervoersbedrijven (logistiek, NS, ProRail), overheden, recreatieschap, toeristische branchevereniging (NBTC), Schiphol en Greenport integraal plan maken voor fijnmazig netwerk van langzaam verkeersverbindingen en nieuwe bronpunten.
METRO SCHINKELKWARTIER
HUB HOOFDDORP
CAMPUS ENTREE
ROUTE 2 INTERNATIONALE CONGRESBEZOEKER: VAN LONDEN NAAR CONGRES
ROUTE 2 INTERNATIONALE CONGRESBEZOEKER: VAN LONDEN NAAR CONGRES
ENTREE SCHIPHOL PLAZA
CONGRESOMGEVING HOOFDDORP
R
esultaat: Vanzelfsprekend onderdeel worden van ruimtelijk beleid van de provincies Noord- en Zuid-Holland en het Rijk, verbeterde bereikbaarheid voor inwoners en werkenden
RONDJE GENIEPARK
ROUTE 3 RECREANT: VAN AALSMEER TOT DE KUST
ROUTE 3 RECREANT: VAN AALSMEER TOT DE KUST
33 PONTJE OVER RINGVAART
RUSTPUNT PARK 21
DUINEN
INHOUD
COLOFON Atelier Oostflank Haarlemmermeer is een initiatief van de gemeenten Haarlemmermeer en Amsterdam en de provincie Noord-Holland. Opgezet om samen met experts, strategen, bestuurders en gebiedspartijen, te werken aan een nieuw toekomstperspectief voor de Oostflank Haarlemmermeer als onderdeel van de zuidwestcorridor van de MRA.
Beeldverantwoording:
Beelden en foto’s: Atelier Oostflank & BVR adviseurs (tenzij anders vermeld) Quotes zijn van deelnemers die deelgenomen hebben aan de sessies die het Atelier heeft georganiseerd. Het werkmateriaal van het Atelier Oostflank, met alle inzichten en onderbouwingen, is gebundeld in een werkboek waardoor de rijke oogst niet verloren gaat. Er zijn diverse korte films beschikbaar over de autonome ontwikkeling van het gebied, de expertsessie ‘internationale entree’ en andere expertsessies. Dit materiaal is in te zien bij de deelnemende organisaties.
Deelnemers Atelierteam:
Anouk Distelbrink (PNH) Annelies van der Does (AMS) Joanna Stegenga (HLMR) Jesse van Rijswijk (AMS) Emma Ottevanger (PNH) Romy van den Berg (HLMR) Albertine Tjeenk Willink (HLMR) Katja Buijs (HLMR) Mark Lammertink (HLMR) Hilde Blank (BVR) Bart Bomas (BVR) Evi Goedemans (BVR)
Verbinders: Olga Prins (PNH), Ward de Meulemeester (HLMR), Mark Rutherglen (AMS) Directeuren: John Arkes (PNH), Pieter Klomp (AMS), Michiel Ruis (HLMR)
Bestuurders: Cees Loggen (PNH), Mariette Sedee (HLMR), Marieke van Doorninck (AMS) 26 maart 2021
34