4. RV Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio ZK,IJ en Hmeer (2021.0003060).pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel Onderwerp
Portefeuillehouders Steller Collegevergadering
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer Fouad Sidali Femke Immerman 14 december 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0003060 1. Voorstel Collegebesluit(en) Het college heeft besloten om: 1. onder voorbehoud van toestemming van de raad, in te stemmen met het oprichten van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer; 2. de Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer vast te stellen; 3. in te stemmen met de financiële bijdrage vanaf 2023 aan de uitvoeringskosten van het Gemeenschappelijk Orgaan, naar rato van het nieuwe verdeelmodel voor beschermd wonen. De bijdrage bedraagt in 2023 naar verwachting 2,3%; 4. deze bijdrage te dekken uit de rijksmiddelen die wij vanaf 2023 ontvangen voor de uitvoering van deze taak; 5. bij de Voorjaarsrapportage 2022 de bijdrage aan het Gemeenschappelijk Orgaan en de te ontvangen rijksmiddelen meerjarig te ramen. Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. toestemming te verlenen tot het oprichten van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. 2. Samenvatting Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen (BW). De financiering loopt op dit moment nog via de centrumgemeente Haarlem, maar het Rijk heeft de intentie om vanaf 1 januari 2023 deze middelen uit te keren aan alle gemeenten, op basis van een nieuw verdeelmodel.
Door de herverdeling krijgen gemeenten meer ruimte om, op basis van hun lokale situatie, zorg op maat en dichtbij hun inwoners te organiseren. Dit versterkt de gewenste beweging van 'intramuraal' naar 'zo thuis mogelijk' wonen, in de buurt van het eigen sociale netwerk. Vooruitlopend op het nieuwe verdeelmodel zijn gemeenten in een regio vanaf 2022 al verplicht samen de beslissingen te nemen over BW. Om tegemoet te komen aan deze verplichting wordt het Gemeenschappelijk Orgaan (GO) Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer opgericht. De afspraken binnen het GO zijn vastgelegd in de bijgevoegde Gemeenschappelijke Regeling GO Beschermd Wonen voor de regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. Het betreft afspraken over 1) sturing, 2)
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 2 Haarlemmermeer
gezamenlijke taken, 3) financiën en 4) overige bepalingen. De uitvoerende taken van het GO worden belegd bij het Uitvoeringsteam Regionale BW-taken (URB), dat in ieder geval de eerste drie jaren gepositioneerd wordt bij de gemeente Haarlem. Een GO sluit het best aan bij de manier waarop we de samenwerking willen inrichten in onze regio (2021.0000689). Er is voldoende zeggenschap voor afzonderlijke gemeenten, maar ook gezamenlijke verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Tegelijk met dit raadsvoorstel zullen ook twee andere stukken over de doordecentralisatie BW worden voorgelegd aan het college en de raad. Het gaat om het regionale kader Opvang, Wonen en Herstel 2022-2027 (2021.0002925) en de Verwervingsstrategie voorzieningen Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang per 2023 (2021.0003016). 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? Wat is de aanleiding, context?
Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen (BW). De financiering voor onze regio (de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort) loopt nu via de centrumgemeente Haarlem, maar het rijk wil deze middelen vanaf 1 januari 2023 uitkeren aan alle gemeenten, op basis van een nieuw verdeelmodel. Het doel van deze 'doordecentralisatie' is dat gemeenten meer ruimte krijgen om, op basis van hun lokale situatie, zorg op maat en dichtbij voor hun meest kwetsbare inwoners te organiseren. Zodat burgers met een psychische kwetsbaarheid, met passende ondersteuning, zo gewoon mogelijk kunnen wonen in hun eigen omgeving en in de buurt van hun sociale netwerk. Het nieuwe verdeelmodel kent een ingroeipad van tien jaar, zodat de noodzakelijke veranderingen geleidelijk en zorgvuldig doorgevoerd kunnen worden. Gedurende deze transitieperiode, maar ook daarna, is regionale samenwerking essentieel en op een aantal punten ook verplicht gesteld door het Rijk. Vooruitlopend op het nieuwe verdeelmodel moeten gemeenten in een regio samenwerkingsafspraken vaststellen, binnen de kaders die gemeenten samen hebben vastgelegd in de Norm voor Opdrachtgeverschap (Vereniging van Nederlandse Gemeenten, juni 2020).
Formeel moeten de regionale afspraken voor 1 januari 2022 door alle gemeenten in de regio vastgesteld zijn, maar dit is naar verwachting niet haalbaar. Het heeft geen (juridische) consequenties als de afspraken begin 2022 worden vastgesteld. De afspraken zijn wel al uitgewerkt en hiermee voldoen we aan de intentie van het Rijk. Welk doel wordt nagestreefd?
De doordecentralisatie van BW biedt een kans om samen met de acht gemeenten in onze regio en onze partners vorm te geven aan de ambitie om zorg op maat, dichtbij de inwoners te organiseren, waarbij geldt 'lokaal wat kan, regionaal wat moet'. We willen dat inwoners met Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ)-problematiek in de toekomst zo veel mogelijk beschermd wonen in hun eigen gemeente, zo thuis mogelijk en in de buurt van hun sociale netwerk. Als dit niet mogelijk is, bijvoorbeeld als het gaat om complexe problematiek en/of als het niet haalbaar is een bepaalde (woon)voorziening lokaal te realiseren, moeten cliënten terecht kunnen in regionale voorzieningen voor BW. Om dit te realiseren en om ook na de doordecentralisatie de continuïteit van zorg voor de BWdoelgroep te waarborgen, zijn goede samenwerkingsafspraken nodig tussen de gemeenten in de regio over onder meer beleid, inkoop, financiering en toegang tot de (regionale) BWvoorzieningen. Het uitgangspunt hierbij is dat we waar mogelijk (financieel) solidair willen zijn
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 3 Haarlemmermeer
binnen de regio, maar ook zeggenschap willen houden over de invulling van BW in onze gemeente en over de besteding van onze middelen voor BW. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen
Gemeenten in een regio zijn verplicht regionale samenwerkingsafspraken vast te stellen met betrekking tot BW. Om tegemoet te komen aan deze verplichting wordt het GO Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer opgericht. Dit is een samenwerkingsverband op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Een GO sluit het best aan bij de manier waarop we de samenwerking willen inrichten in onze regio (2021.0000689). Er is voldoende zeggenschap voor afzonderlijke gemeenten, maar ook gezamenlijke verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Een GO heeft geen rechtspersoonlijkheid en kan geen personeel in dienst nemen of overeenkomsten afsluiten. De uitvoerende taken van het GO worden daarom belegd bij het Uitvoeringsteam Regionale BW-taken (URB). Dit team wordt in ieder geval de eerste drie jaar gepositioneerd bij de gemeente Haarlem. Hierdoor maken we optimaal gebruik van de kennis en ervaring die de gemeente Haarlem de afgelopen jaren heeft opgebouwd over Beschermd Wonen. De samenwerkingsafspraken binnen het GO zijn vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling bij het GO (zie bijlage 1). Het betreft afspraken over 1) sturing, 2) gezamenlijke taken, 3) financiën en 4) overige bepalingen. Afspraken over governance en organisatie
Het GO bestaat uit de portefeuillehouders sociaal domein van de acht deelnemende gemeenten. Een van hen is de voorzitter van het GO. Dit voorzitterschap rouleert. De meeste besluiten binnen het GO worden genomen bij meerderheid van stemmen. Voor besluiten over de begroting en de jaarrekening van het GO is driekwart meerderheid nodig. Voor een aantal besluiten is unanimiteit vereist, zoals over de invulling van de taken van het GO. In het GO zijn aanvullende bepalingen opgenomen om de positie van de raden te verstevigen. De gemeenteraden ontvangen jaarlijks de kadernota, de ontwerpbegroting en de voorlopige jaarrekening van het GO en kunnen hierop een zienswijze indienen. Het GO is verplicht hierop een reactie te geven. De uitvoering van de gezamenlijke taken wordt door het GO belegd bij het URB, dat is gepositioneerd bij de gemeente Haarlem. Om gelijkwaardigheid, verantwoordelijkheid en betrokkenheid van alle gemeenten bij het GO te borgen, streven we naar een representatieve vertegenwoordiging van de gemeenten in zowel ambtelijke overlegtafels als (op den duur) in het URB. Afspraken over de taken van het GO
In het GO zijn afspraken vastgelegd over de uitvoering van taken voor de gezamenlijke, regionale BW-voorzieningen. Het gaat onder meer over bedrijfsvoeringstaken, zoals planning en control en de organisatie, inkoop en financiering van regionale BW-voorzieningen. Door deze taken bij het GO te beleggen beperken we de administratieve lasten voor aanbieders. Daarnaast is het GO verantwoordelijk voor het vaststellen van regionale (beleids)kaders, het organiseren van afstemming tussen gemeenten en het monitoren van en jaarlijks rapporteren over de stand van zaken, de financiële samenwerkingsafspraken en de door het GO uitgevoerde taken.
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 4 Haarlemmermeer
Nieuwe cliënten Gemeenten zijn vanaf 2023 zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van BW voor nieuwe cliënten uit hun gemeente. Ook zijn gemeenten zelf verantwoordelijk voor de opbouw van lokale BW-voorzieningen in de eigen gemeente. Om beleidsmatig grote verschillen en/of waterbedeffecten te voorkomen, is door het GO een regionaal kader opgesteld, met daarin de belangrijkste gezamenlijke uitgangspunten voor BW in de regio (2021.0002925). Iedere gemeente zorgt voor een vertaling van het regionale kader naar lokaal BW-beleid De toegang tot regionale en lokale voorzieningen voor BW wordt vanaf 2023 lokaal georganiseerd, zodat goed aangesloten kan worden bij andere lokale (maatwerk)voorzieningen binnen het sociaal domein. Desgewenst kan het GO gemeenten ondersteunen bij de toegang, onder meer door de inzet van een Regionaal Expertise Team (RET). Daarnaast kan het GO, op verzoek, de toegang uitvoeren voor een gemeente. Dit laatste is een zogenoemde 'plustaak' waarvoor kosten in rekening worden gebracht bij de betreffende gemeente. Oude cliënten Het GO is vanaf 2023 verantwoordelijk voor alle taken voor 'oude' BW-cliënten. Het gaat om cliënten uit de hele regio, die vóór 1 januari 2023 een beschikking hebben gekregen voor BW. Momenteel voert Haarlem als centrumgemeente deze taak uit voor de hele regio.
Beleidsinhoudelijk en qua uitvoering is er echter geen verschil tussen oude en nieuwe cliënten. Ook is het niet logisch als er twee gemeenschappelijke regelingen zijn; de centrumregeling voor oude cliënten en het GO voor nieuwe cliënten. Het rijksbudget voor oude cliënten wordt daarom vanaf 2023 door de gemeente Haarlem overgedragen aan het GO. Daarmee ontstaat duidelijkheid voor alle (samenwerkende) partijen en inwoners en wordt de verantwoordelijkheid voor deze groep nadrukkelijker bij de acht gemeenten gezamenlijk belegd. Nadere uitwerking taken GO De taken zijn in het GO alleen op hoofdlijnen vastgelegd en worden nog nader uitgewerkt in het nog op te stellen Besluit Regionale Taakuitvoering Beschermd Wonen. In het GO is bepaald dat deze uitwerking unaniem vastgesteld moet worden. Financiële samenwerkingsafspraken
Iedere gemeente draagt naar rato van het nieuwe verdeelmodel (zie bijlage 3) bij aan de uitvoeringskosten van het GO. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de zorgkosten voor de eigen cliënten (op basis van het woonplaatsbeginsel) en de uitvoeringskosten van de eigen organisatie. Zorgkosten voor de 'oude' cliënten worden betaald door het GO: de gemeente Haarlem draagt de bijbehorende rijksbijdrage vanaf 2023 over aan het GO. Delen van financiële risico's Om financiële risico's te beperken en de continuïteit van zorg voor de inwoners van onze gemeente en van de regio als geheel te waarborgen zijn aanvullende afspraken gemaakt. De eerste drie jaar worden eventuele tekorten en overschotten op de zorgkosten van de gemeenten onderling verrekend via een vereveningsfonds. Met name voor de eerste jaren is lastig in te schatten of de rijksbijdrage per gemeente voldoende is om de zorgkosten voor de eigen cliënten te dekken. Dit komt 1) door schommelingen in het aantal aanmeldingen per jaar en 2) omdat nog niet bekend is in hoeverre het verdeelmodel aansluit bij de werkelijke situatie in een gemeente. Het budget voor de regio als geheel is naar verwachting wel ruim voldoende. De vereveningsafspraken zorgen ervoor dat het risico voor de afzonderlijke gemeenten zeer laag is. Na drie jaar wordt het fonds opgeheven.
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 5 Haarlemmermeer
resterende middelen worden verdeeld onder de gemeenten. In 2025 wordt bezien welke afspraken nodig zijn vanaf 2026. Regionale reserve BW Het GO beschikt over een eigen reserve, om financiële risico's op te vangen. De reserve wordt gevoed uit 1) de reserve BW van de gemeente Haarlem per 31 december 2022, 2) vanaf 2023 het overschot op het gezamenlijke historische budget (voor 'oude' cliënten) en 3) het eventuele overschot op de uitvoeringskosten van het GO. De reserve wordt ingezet voor de dekking van de volgende (mogelijke) tekorten 1) een tekort op het gezamenlijke historisch budget, 2) een tekort op maatschappelijke opvang in respectievelijk 2023, 2024 en 2025 (zie verder) en 4) incidentele kosten en frictiekosten. Daarnaast wordt jaarlijks een deel van de reserve door het GO beschikbaar gesteld voor een innovatiefonds. Hierdoor is geborgd dat, ook bij een tekort op de lokale zorgkosten, voldoende middelen beschikbaar zijn voor investeringen in de opbouw van lokale voorzieningen of in preventie. Wanneer de reserve van het GO onder een afgesproken minimum komt, zullen alle gemeenten de reserve naar rato van het verdeelmodel aanvullen. De kans hierop is de eerste drie jaar klein, omdat we in die jaren nog een overschot verwachten op het historisch budget. Wanneer de reserve hoger is dan afgesproken, wordt het overschot uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten.
Hiermee wordt voorkomen dat in het GO te veel middelen gereserveerd worden, waar gemeenten niet zelf over kunnen beschikken. Rijksbijdrage 'oude' cliënten De middelen, die de gemeente Haarlem vanaf 2023 ontvangt voor de 'oude' cliënten BW, worden overgedragen aan het GO, waardoor gemeenten gezamenlijk (financieel) verantwoordelijk worden voor de zorg(kosten) voor deze cliënten. Ook het financiële overschot op BW per 31 december 2022 wordt door de gemeente Haarlem overgeheveld naar de reserve van het GO. Dekking tekorten Maatschappelijke Opvang Al jaren is sprake van een structureel tekort op het budget voor Maatschappelijke Opvang (MO), deels als gevolg van landelijke ontwikkelingen. Haarlem ontvangt de middelen voor MO van het Rijk, maar het betreft een regionale taak en regionale voorzieningen voor inwoners uit de hele regio. Als MO-voorzieningen, door een tekort aan middelen, komen te vervallen, brengt dat maatschappelijke consequenties en kosten met zich mee voor alle gemeenten. De eerste drie jaren wordt daarom het tekort van de centrumgemeente Haarlem op het budget voor maatschappelijke opvang (MO), evenals in de huidige situatie, gedekt uit de reserve BW. Het is op de lange termijn niet wenselijk dat er een structureel tekort blijft bestaan, zeker nu het Rijk van plan is op termijn ook het budget voor MO door te decentraliseren naar de afzonderlijke gemeenten.
Daarom wordt aanvullend afgesproken dat gemeenten samen een plan opstellen om toe te werken naar een situatie per 2026 waarbij passende en goede zorg voor de MO-doelgroep gerealiseerd wordt binnen het budget dat daarvoor beschikbaar gesteld wordt door het Rijk. Overige bepalingen
De samenwerking in het GO is voor onbepaalde tijd. De financiële afspraken hebben een looptijd van drie jaar. In het derde jaar (2025) vindt een eerste evaluatie plaats. Onderdeel van deze evaluatie zijn onder andere de bijdrage van het GO aan de doelen van de doordecentralisatie, de financiële samenwerkingsafspraken, de sturing, de taken van het GO en de positionering van het URB. Daarnaast houden we vinger aan de pols door jaarlijks te rapporteren over in ieder geval deze onderwerpen.
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, Umond en
pagina 6
Haarlemmermeer
Uittreding is de eerste vijfjaar niet mogelijk, bij uittreding daarna uit het GO zijn de kosten voor de uittreder. Risico's en kanttekeningen
Door de samenwerkingsafspraken in het GO zijn de (financiële) risico's voor de afzonderlijke gemeenten beperkt en is de continuïteit van zorg voor onze inwoners ook na de doordecentralisatie geborgd. Mogelijke (financiële) risico's zijn: Per 2023 worden de rijksmiddelen voor oude cliënten door Haarlem overgedragen aan het GO, hierdoor worden alle gemeenten (financieel) verantwoordelijk voor deze groep. De rijksbijdrage voor deze groep cliënten wordt geleidelijk afgebouwd, mogelijk zijn op den duur de kosten voor deze groep hoger dan de beschikbare (historische) middelen. Bijvoorbeeld als cliënten door de krapte op de woningmarkt niet uit kunnen stromen naar een eigen woning en daardoor langer dan verwacht in BW (moeten) verblijven. Dit kan er op lange termijn toe leiden dat gemeenten vanuit de lokale BW-middelen bij moeten dragen aan de zorgkosten van de oude cliënten. Ook kunnen de zorgkosten per gemeente hoger zijn dan geraamd, doordat het aantal cliënten hoger is dan verwacht of doordat cliënten langer in BW verblijven. Deze ontwikkelingen zullen door het GO en de individuele gemeenten nauwlettend gemonitord worden. Om de financiële risico's voor de afzonderlijke gemeenten te beperken zijn voor de eerste drie jaar vereveningsafspraken gemaakt.
Ook zijn middelen beschikbaar voor investeringen in (goedkopere) lokale BW-voorzieningen, lokale randvoorwaarden, zoals voldoende woningen voor kwetsbare doelgroepen, en preventie. 3.3 Wat mag het kosten?
In het GO is vastgelegd dat iedere gemeente vanaf 2023 naar rato van het nieuwe verdeelmodel (zie bijlage 3) bijdraagt aan de uitvoeringskosten van het GO. Dit zijn de kosten van de regionale taken die het GO uitvoert. Deze kosten worden jaarlijks vastgesteld. Voor 2023 schatten wij de uitvoeringskosten van het GO op € 2 miljoen, dit is gebaseerd op de huidige uitvoeringskosten van de centrumgemeente Haarlem. Het percentuele aandeel van Haarlemmermeer in de kosten is in 2023 naar verwachting 2,3%. Dit betekent dat de bijdrage voor 2023 ongeveer € 46.000 is. In de jaren daarna neemt het percentage toe, maar nemen ook de kosten van het GO af, omdat de groep 'oude' cliënten, die onder verantwoordelijkheid van het GO valt, steeds kleiner wordt. In het GO is ook vastgelegd dat gemeenten naar rato van het verdeelmodel bijdragen aan een eventueel tekort van het GO. Het risico hierop is klein. Tot slot zijn we verplicht tot het betalen van de kosten van uittreding uit het GO, mochten wij hier na vijfjaar (of later) toe besluiten. De kosten van het GO worden gedekt uit de rijksmiddelen die wij hiervoor vanaf 2023 gaan ontvangen. In de Voorjaarsrapportage 2022 worden de GO- bijdrage en de ontvangen rijksmiddelen vanaf 2023 meerjarig geraamd op beleidsdoel B: Inwoners ontvangen zorg en ondersteuning met verblijf van het programma Zorg en werk, taakveld 6.81.
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 7 Haarlemmermeer
De zorgkosten en de (organisatie)kosten die samenhangen met de uitvoering van de nieuwe taak BW in onze eigen gemeente zijn afhankelijk van de manier waarop we BW vanaf 2023 vormgeven in onze gemeente. Dit wordt in 2022 uitgewerkt en in aparte nota's aan u voorgelegd. De (financiële) risico's zijn benoemd in paragraaf 3.2., onder het kopje 'Risico's en kanttekeningen'. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
Het college is bevoegd tot het aangaan van de intergemeentelijke samenwerking, onder de voorwaarde dat de raad hiervoor toestemming verleent. Binnen het college is de portefeuillehouder Zorg, Welzijn en Wonen het eerste aanspreekpunt. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
Besluitvormingsproces en ingangsdatum GO Het voorstel tot oprichting van het GO Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer wordt door de acht gemeenten uit de regio tegelijkertijd voorgelegd aan college en raad. Het college neemt een besluit over het aangaan van de samenwerking. De colleges kunnen pas overgaan tot het oprichten van het GO na toestemming van de gemeenteraden. De gemeenteraden kunnen deze toestemming alleen weigeren als de regeling in strijd is met het recht of het algemeen belang. De dag nadat de laatste gemeenteraad heeft ingestemd met de oprichting van het GO wordt de regeling gepubliceerd. De ingangsdatum van het GO, en van de samenwerkingsafspraken, wordt 1 januari 2023. Deze juridische samenwerking ligt nu al ter besluitvorming voor, omdat het Rijk vraagt van alle regio's om per 2022 een niet vrijblijvende governance te kiezen. In 2022 worden de verschillende onderdelen van het GO, waaronder de uitvoering van de gezamenlijke taken en de gezamenlijke begroting, verder ingevuld. Per 2023 starten we formeel met de samenwerking, omdat dat het moment is dat alle gemeenten verantwoordelijk worden voor de nieuwe cliënten BW.
Participatie en communicatie Begin 2021 zijn alle gemeenteraden uit de regio met een brief (X.2021.00806) geïnformeerd en zijn informatieve bijeenkomsten georganiseerd voor de gemeenteraden en de Wmo- en/of Participatieraden. In het voorjaar van 2021 hebben de colleges ingestemd met de uitwerking van een GO Beschermd Wonen (2021.0000689). In november 2021 zijn opnieuw informatieve bijeenkomsten georganiseerd voor de gemeenteraden en de Wmo- en/of Participatieraden. Zorgaanbieders BW, maatschappelijke partners, zoals de GGD, en ervaringsdeskundigen zijn regelmatig betrokken bij de inhoudelijke uitwerking van de doordecentralisatie. Samenhang met andere nota's Tegelijk met deze regeling zullen ook het regionale kader Opvang, Wonen en Herstel 2022-2027 en de verwervingsstrategie voor de inkoop van BW en MO per 2023 worden voorgelegd aan de colleges en raden in de regio.
Oprichting Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en pagina 8 Haarlemmermeer
3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?
De gemeenteraden ontvangen jaarlijks de kadernota, de ontwerpbegroting en de voorlopige jaarrekening van het GO en kunnen hierop een zienswijze indienen. Het GO is verplicht hierop een reactie te geven. Jaarlijks wordt gerapporteerd over in ieder geval de stand van zaken, de financiële samenwerkingsafspraken en de door het GO uitgevoerde taken. 4. Ondertekening vandegemeent Haarlemmermeer, de burgemeester,
Ls rmans-Wijdeven
GR Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonemf^gio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer Toelichting GR Gemeenschappelijk Orgaan Bescher/^d Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer Voorlopig verdeelmodel Beschermd Wonen vanaf 2£)23 (versie september 2021)
Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort, ieder voor zover voor de eigen gemeente bevoegd; overwegende dat per 1 januari 2023 de financiële doordecentralisatie van Beschermd Wonen plaatsvindt, waarbij individuele gemeenten de financiële middelen ontvangen voor (de nieuwe instroom) Beschermd Wonen; gemeenten verplicht zijn om na de doordecentralisatie regionaal te blijven samenwerken, waarmee de noodzaak en behoefte bestaat om als deelnemers gezamenlijk te komen tot praktische en financiële afspraken over de samenwerking op het gebied van Beschermd Wonen; de deelnemers belang hechten aan samenwerking en solidariteit bij de uitvoering van taken op het gebied van Beschermd Wonen; de deelnemers zich ervan bewust zijn dat de taken op het gebied van Beschermd Wonen worden uitgevoerd in een bredere context, waarbij sprake is van samenhang met de uitvoering van de taken die de deelnemers hebben op het gebied van Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang; de deelnemers de ambitie hebben zorg op maat, dichtbij hun inwoners te organiseren, waarbij geldt “lokaal wat kan, regionaal wat moet”; bij de deelnemers behoefte is aan een lichte en flexibele vorm van samenwerking waarbij elke
individuele gemeente formele zeggenschap behoudt; de deelnemers voor de uitvoering van een deel van de taken op het gebied van Beschermd Wonen een gemeenschappelijk orgaan wensen op te richten om in gezamenlijkheid afspraken te maken over vast te stellen regionaal beleid en over de organisatie, inkoop en financiering van regionale Beschermd Wonen-voorzieningen en de toegang daartoe; de deelnemers veel waarde hechten aan verantwoordelijkheid en betrokkenheid van alle gemeenten en streven naar een representatieve vertegenwoordiging van de gemeenten in zowel de ambtelijke afstemmingsstructuren als in het ambtelijk apparaat van het gemeenschappelijk orgaan. gelet op artikel 2.6.1, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de toestemming van de gemeenteraden van de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort, overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen; besluiten de navolgende gemeenschappelijke regeling te treffen:
Pagina 1 van 14 2021-11-03 vs 0.10
Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Artikel 1: Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. Beschermd Wonen: wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wmo, waarbij BW-cliënten geen huur betalen en waarbij (woon)begeleiding 24 uur per dag aanwezig is op de woonlocatie; b.
BW-cliënt
een persoon die op grond van de Wmo hulp krijgt van de gemeente op het gebied van Beschermd Wonen middels algemene voorzieningen, maatwerkvoorzieningen en/of vervoersvoorzieningen;
c.
colleges:
de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;
d.
deelnemers:
de aan deze regeling deelnemende colleges;
e.
gedeputeerde staten:
de gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland;
f.
gemeenten:
de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort;
g.
GO Beschermd Wonen:
het gemeenschappelijk orgaan, bedoeld in artikel 3;
h.
herijking gemeentefonds sociaal domein 2020
de herijking gemeentefonds sociaal domein 2020, specifiek toegesneden op het onderdeel Beschermd Wonen, zoals opgenomen in de Eindrapportage Herijking gemeentefonds sociaal domein 2020: ‘Een nieuw budgetverdeelmodel voor het sociaal domein’ d.d. 21 april 2020;
i.
lokale woonvoorzieningen:
alle tussenvormen Beschermd Wonen, met uitzondering van de voorzieningen die vanwege economisch-financiële overwegingen of inhoudelijke redenen regionaal georganiseerd worden;
j.
nieuwe doelgroep:
alle personen aan wie vanaf 1 januari 2023, toegang tot (tussenvormen) Beschermd Wonen wordt verleend;
k.
oude doelgroep:
alle personen aan wie voor 1 januari 2023 toegang tot (tussenvormen) Beschermd Wonen is verleend;
l.
raden:
de raden van de gemeenten;
m.
regeling:
de Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer;
n.
regionale woonvoorzieningen:
Beschermd Wonen voorzieningen die vallen onder de wettelijke definitie van Beschermd Wonen, en tussenvormen Beschermd Wonen die vanwege economisch-financiële
Pagina 2 van 14 2021-11-03 vs 0.10
overwegingen of inhoudelijke redenen regionaal georganiseerd worden; o.
secretaris:
de secretaris die het GO Beschermd Wonen bijstaat in de uitvoering van zijn taken;
p.
toegang:
het proces van het onderzoeken van de persoonlijke situatie en de ondersteuningsbehoefte van een persoon door de gemeente, na melding van een ondersteuningsbehoefte door deze persoon of diens vertegenwoordiger, en het – indien van toepassing – toekennen van een voorziening aan de cliënt door de gemeente op basis van de Wmo;
q.
tussenvormen Beschermd Wonen:
lichtere vormen van Beschermd Wonen die niet binnen de wettelijke definitie vallen, bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wmo, waaronder in ieder geval de vormen zoals opgenomen in de ‘Landelijke richtlijn regionale afspraken Beschermd Wonen’ (VNG, juli 2021);
r.
uitvoeringskosten:
De kosten om de taken in deze regeling, bedoeld in artikel 10, uit te voeren met uitzondering van de zorgkosten;
s.
URB:
Het Uitvoeringsteam Regionale BW-taken, dat ten dienste van het GO Beschermd Wonen verantwoordelijk is voor uitvoering van taken bedoeld in deze regeling;
t.
voorzitter:
de voorzitter van het GO Beschermd Wonen;
u.
wet:
de Wet gemeenschappelijke regelingen;
v.
Wmo
de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, en
w.
zorgkosten:
de directe en indirecte cliëntgebonden kosten om zorg en ondersteuning in het kader van deze regeling te leveren.
Artikel 2: Belang De regeling beoogt het doeltreffend en doelmatig in samenwerking uitvoeren of doen uitvoeren van (een deel van) de taken en bevoegdheden van de colleges op het gebied van Beschermd Wonen, voor zover deze taken op grond van artikel 10 aan het GO Beschermd Wonen zijn opgedragen.
Hoofdstuk 2: Gemeenschappelijk orgaan
Artikel 3: Gemeenschappelijk orgaan 1. Er is een gemeenschappelijk orgaan, als bedoeld in de zin van artikel 8, tweede lid, van de wet, genaamd GO Beschermd Wonen. 2. Het GO Beschermd Wonen is gevestigd te Haarlem 3. Het URB vertegenwoordigt het GO Beschermd Wonen voor deelname aan het maatschappelijke verkeer en het (privaatrechtelijke) rechtsverkeer. 4. Het URB is gepositioneerd bij de gemeente Haarlem. 5. De positionering van het URB is onderdeel van de evaluatie van deze regeling in 2025, bedoeld in artikel 22. Eventuele wijziging van de positionering kan plaatsvinden na de evaluatie. Artikel 4: Samenstelling GO Beschermd Wonen 1. Het GO Beschermd Wonen heeft acht leden. De colleges wijzen uit hun midden elk één wethouder
Pagina 3 van 14 2021-11-03 vs 0.10
aan als lid van het GO Beschermd Wonen. 2. Het lidmaatschap van het GO Beschermd Wonen eindigt van rechtswege, zodra de wethouder ophoudt lid te zijn van het college uit wiens midden hij is aangewezen. 3. Een lid van het GO Beschermd Wonen kan door het college dat hem heeft aangewezen worden ontslagen indien dit lid niet langer het vertrouwen van dat college bezit. 4. De colleges wijzen voor ieder door hen aangewezen lid tevens een plaatsvervangend lid uit hun midden aan, dat het lid bij afwezigheid in het GO Beschermd Wonen kan vervangen. 5. De leden van het GO Beschermd Wonen hebben ieder één stem. 6. Het GO Beschermd Wonen beslist bij meerderheid van stemmen, tenzij in deze regeling anders is bepaald. 7. Indien de stemmen ten aanzien van een specifiek onderwerp duurzaam staken, wordt de geschillenregeling, bedoeld in artikel 26, van kracht. 8. Voorgenomen besluiten van het GO Beschermd Wonen worden voor zienswijze aan de raden voorgelegd als dit in deze regeling is vastgelegd of uit de wet volgt. Artikel 5: Reglement van orde 1. Het GO Beschermd Wonen stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen en werkzaamheden vast. 2. Het GO Beschermd Wonen vergadert jaarlijks tenminste vier maal, en verder zo vaak als het daartoe besloten heeft. Artikel 6: Voorzitter 1.
Het GO Beschermd Wonen wijst uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan en benoemt hen steeds voor een periode van twee kalenderjaren, tenzij zich een situatie voordoet als bedoeld in artikel 4, tweede lid. 2. In aanvulling op het eerste lid geldt dat het voorzitterschap rouleert tussen de leden van het GO Beschermd Wonen. Het GO Beschermd Wonen besluit over de wijze van rouleren. 3. De voorzitter ondertekent de stukken die van het GO Beschermd Wonen uitgaan. 4. De voorzitter is verantwoordelijk voor de voorbereiding van de vergaderingen van het GO Beschermd Wonen en de vergaderorde binnen het GO Beschermd Wonen, waarbij artikel 5 door de voorzitter in acht wordt genomen. De voorzitter kan (een deel van) deze taken toewijzen aan de secretaris, bedoeld in artikel 7. 5. De voorzitter van het GO vertegenwoordigt het GO bij bovenregionale en landelijke bestuurlijke overleggen over BW. De voorzitter wordt hierbij ondersteund door de voorzitter van het regionaal beleidsoverleg zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid. Artikel 7: Secretaris 1. Het GO Beschermd Wonen wijst een secretaris aan. De secretaris is niet lid van het GO Beschermd Wonen. 2. De secretaris is bij de vergaderingen van het GO Beschermd Wonen aanwezig en staat het GO Beschermd Wonen bij in de uitvoering van zijn taken.
Het GO Beschermd Wonen legt in een reglement de taken van de secretaris vast. 3. De secretaris medeondertekent de stukken die van het GO Beschermd Wonen uitgaan. 4. Het GO Beschermd Wonen wijst een vervanger van de secretaris aan, die deze bij afwezigheid van de secretaris kan vervangen. Artikel 8: Uitvoeringsteam Regionale BW-taken 1. Het GO Beschermd Wonen wordt ondersteund door het URB. 2. De kosten die het URB maakt voor de ondersteuning, bedoeld in het eerste lid, komen ten laste Pagina 4 van 14 2021-11-03 vs 0.10
van de begroting, bedoeld in artikel 19. Artikel 9: Ambtelijke overlegtafels 1. Er is een regionaal regieteam BW dat de vergaderingen van het GO Beschermd Wonen voorbereidt. Dit regionaal regieteam BW bestaat uit één leidinggevende ambtenaar van elk van de gemeenten. Het regionaal regieteam BW wijst tweejaarlijks uit zijn midden een voorzitter aan en wordt ambtelijk ondersteund door de secretaris, bedoeld in artikel 7. De vergaderingen van het regionaal regieteam BW worden voorbereid door het regionaal beleidsoverleg, bedoeld in het tweede lid. 2. Het regionaal beleidsoverleg bestaat uit de beleidsambtenaren BW/MO van de gemeenten. Het regionaal beleidsoverleg wijst tweejaarlijks uit zijn midden een voorzitter aan. De voorzitter van het regionaal beleidsoverleg is vaste adviseur van het regionaal regieteam BW en ondersteunt de voorzitter van het GO bij de vertegenwoordiging van het GO in bovenregionale en landelijke overlegtafels. 3. Het GO Beschermd Wonen kan naast de overleggen, bedoeld in het eerste en tweede lid, ook andere ambtelijke overlegtafels instellen. Op deze overlegtafels kan afstemming en coördinatie plaatsvinden over onder andere inkoop, toegangscriteria, wachtlijsten, instroom, uitstroom en complexe casuïstiek.
Hoofdstuk 3: Taken en verantwoording Artikel 10: Taken 1. Het GO Beschermd Wonen voert ten aanzien van de nieuwe doelgroep de volgende taken op het gebied van Beschermd Wonen voor alle deelnemers uit, of doet deze uitvoeren: a. opstellen van het regionaal beleidskader Beschermd Wonen dat door de raden wordt vastgesteld en de basis vormt voor (lokale) uitvoeringsprogramma's; b. monitoren van, en rapporteren over de wijze waarop door de gemeenten uitvoering gegeven wordt aan het regionaal beleidskader Beschermd Wonen, op door het GO Beschermd Wonen nader te bepalen thema’s en kengetallen; c. voorbereiden en uitvoeren van de inkoop van de regionale woonvoorzieningen Beschermd Wonen. Daarbij vindt de ondertekening van de contracten met de aanbieders van regionale woonvoorzieningen Beschermd Wonen plaats door elk van de gemeenten; d. toezicht houden op de kwaliteit van de regionale woonvoorzieningen Beschermd Wonen; e. zorgdragen voor strategisch en tactisch contractmanagement met de aanbieders van regionale woonvoorzieningen Beschermd Wonen; f. op verzoek van gemeenten zorgdragen voor de inzet van inhoudelijke expertise ter ondersteuning van gemeenten bij het uitvoeren van de toegang tot voorzieningen Beschermd Wonen; g. de organisatie van afstemming tussen gemeenten over de uitvoering van de toegang tot Beschermd Wonen in de gemeenten; h.
het monitoren van, en rapporteren over het totaal aantal BW-cliënten, het beschikbare aanbod (woon)voorzieningen voor BW en de wachtlijsten voor deze voorzieningen, zowel per gemeente als voor de gehele regio; i. het verzamelen en delen van cliëntgegevens van personen die gebruik maken van een voorziening Beschermd Wonen in een van de gemeenten, ter ondersteuning van de uitvoering van de taken, en j. uitvoeren van regionale bedrijfsvoeringstaken op het gebied van Beschermd Wonen. 2. Het GO Beschermd Wonen voert ten aanzien van de oude doelgroep alle taken, bedoeld in het eerste lid, uit. In aanvulling daarop voert het GO Beschermd Wonen voor de oude doelgroep ook alle overige taken op het gebied van Beschermd Wonen op grond van de Wmo uit. 3. Het GO Beschermd Wonen geeft nadere invulling aan de taken, bedoeld in het eerste en het tweede lid in het ‘Besluit Regionale Taakuitvoering Beschermd Wonen’. Het GO Beschermd Wonen stelt dit besluit vast bij unanimiteit. 4. Het GO Beschermd Wonen kan ten aanzien van de regionale taken, bedoeld in het eerste lid, op verzoek voor deelnemers aanvullende lokale taken, zoals toegang, uitvoeren of doen uitvoeren. Pagina 5 van 14 2021-11-03 vs 0.10
Het GO Beschermd Wonen besluit naar aanleiding van dit verzoek in hoeverre deze aanvullende lokale taken kunnen worden uitgevoerd. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. 5. In aanvulling op het vierde lid komt het GO Beschermd Wonen met elke gemeente, die een verzoek doet voor het uitvoeren van aanvullende lokale taken, bedoeld in het vierde lid, een dienstverleningsovereenkomst overeen waarin wordt gespecificeerd welke taken als bedoeld in het vierde lid, het GO Beschermd Wonen voor die gemeente uitvoert of doet uitvoeren en onder welke inhoudelijke en financiële voorwaarden dit plaatsvindt. Artikel 11: Bevoegdheden 1. De colleges regelen in een mandaatbesluit de noodzakelijke bevoegdheden voor de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 10, eerste tot en met vijfde lid, door het GO Beschermd Wonen. 2. De colleges dragen geen bevoegdheden over aan het GO Beschermd Wonen. Artikel 12: Verantwoording 1. Het GO Beschermd Wonen verstrekt aan de raden de door een of meer leden van die raden gevraagde inlichtingen en daarnaast alle inlichtingen die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. De inlichtingen kunnen zowel mondeling als schriftelijk worden verstrekt. 2. Een lid van het GO Beschermd Wonen legt aan het college dat hem heeft aangewezen verantwoording af over het door hem in het GO Beschermd Wonen gevoerde beleid.
Het lid kan zowel mondeling als schriftelijk verantwoording afleggen. 3. Een lid van het GO Beschermd Wonen verstrekt het college dat hem heeft aangewezen alle door een of meer leden van dat college gevraagde inlichtingen. De inlichtingen worden mondeling of schriftelijk verstrekt. 4. Een lid van het GO Beschermd Wonen legt aan de raad van de gemeente waarvan het college hem heeft aangewezen verantwoording af over het door hem in het GO Beschermd Wonen gevoerde beleid. Het lid kan zowel mondeling als schriftelijk verantwoording afleggen. 5. Een lid van het GO Beschermd Wonen verstrekt aan de raad van de gemeente waarvan het college hem heeft aangewezen alle door een of meer leden van die raad gevraagde inlichtingen. De inlichtingen worden mondeling of schriftelijk verstrekt.
Hoofdstuk 4: Financiën Artikel 13: Gemeentewet De artikelen 186 tot en met 213 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan bij of krachtens de wet niet is afgeweken. Artikel 14: Financiële verantwoordelijkheid 1. De gemeenten dragen er gezamenlijk zorg voor dat het GO Beschermd Wonen te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 2. Indien een gemeente weigert deze uitgaven op de gemeentelijke begroting te zetten, dan doet het GO Beschermd Wonen onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet. 3. Het GO Beschermd Wonen stelt overeenkomstig artikel 35, zesde lid, van de wet, een financiële verordening vast waarmee uitvoering wordt gegeven aan artikel 212, van de Gemeentewet, alsmede een treasury statuut en overeenkomstig artikel 35, zesde lid, van de wet, een financiële controle verordening waarmee uitvoering wordt gegeven aan artikel 213, van de Gemeentewet. 4. De kosten voor de taken, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het GO Beschermd Wonen worden op basis van de overeengekomen verdeelsleutel betaald door de gemeenten. Tot deze kosten behoren ook de kosten voor instandhouding van het GO Beschermd Wonen.
De verdeelsleutel is het percentuele aandeel van elke gemeente in het totaalbudget van de rijksbijdragen die de gemeenten ontvangen voor de uitvoering van Beschermd Wonen, waartoe ook de rijksbijdrage Pagina 6 van 14 2021-11-03 vs 0.10
hoort voor cliënten zonder bekende verblijfplaats. 5. De gemeente Haarlem draagt alle financiële middelen die zij vanaf 2023 van het Rijk ontvangt voor de oude doelgroep Beschermd Wonen over aan het GO Beschermd Wonen, onder andere ten behoeve van de zorgkosten en- uitvoeringskosten voor de oude doelgroep Beschermd Wonen, bedoeld in artikel 10, tweede lid. 6. Elke gemeente draagt de integrale kosten voor de taken, bedoeld in artikel 10, vierde lid, die hij afneemt van het GO Beschermd Wonen. De nadere financieringsafspraken ten aanzien van deze taken worden opgenomen in de dienstverleningsovereenkomst, bedoeld in artikel 10, vijfde lid. Artikel 15: Vereveningsfonds 1. Gedurende de eerste drie volledige kalenderjaren na inwerkingtreding van deze regeling worden overschotten en tekorten op de zorgkosten van de gemeenten onderling verrekend. 2. Voor de onderlinge verrekening van overschotten en tekorten van de gemeenten richt het GO Beschermd Wonen een vereveningsfonds op. Het URB beheert dit vereveningsfonds. 3. Het GO Beschermd Wonen stelt jaarlijks, gelijktijdig met het vaststellen van de begroting, vast hoeveel middelen elke gemeente beschikbaar heeft voor zorgkosten voor de eigen inwoners.
Dit bedrag bestaat uit de rijksbijdrage die iedere gemeente ontvangt voor Beschermd Wonen, verminderd met de kosten, bedoeld in artikel 14, vierde lid, en de kosten voor de lokale uitvoering van Beschermd Wonen, waarvan de taakuitvoering niet onder deze regeling valt. 4. Het GO Beschermd Wonen stelt jaarlijks, gelijktijdig met het vaststellen van de jaarrekening en ten aanzien van het jaar waarop de betreffende jaarrekening ziet, vast hoeveel middelen elke gemeente heeft ingezet van de beschikbare middelen, bedoeld in het derde lid. 5. Indien een gemeente in een kalenderjaar minder zorgkosten heeft gemaakt dan vastgesteld overeenkomstig het derde lid, dan draagt de betreffende gemeente dit overschot over aan het GO Beschermd Wonen ten behoeve van het vereveningsfonds, bedoeld in het tweede lid. 6. Indien een gemeente in een kalenderjaar meer zorgkosten heeft gemaakt dan vastgesteld overeenkomstig het derde lid, dan wordt dit tekort van de betreffende gemeente volledig gecompenseerd uit het vereveningsfonds, bedoeld in het tweede lid. 7. Om in aanmerking te komen voor de financiële compensatie, bedoeld in het zesde lid, uit het vereveningsfonds, bedoeld in het tweede lid, dient een gemeente na afloop van het kalenderjaar een compensatieverzoek in bij het GO Beschermd Wonen. Het GO Beschermd Wonen besluit na ontvangst op een verzoek tot compensatie.
De voorwaarden om in aanmerking te komen voor compensatie worden door het GO Beschermd Wonen nader vastgesteld. 8. Indien het vereveningsfonds, bedoeld in het tweede lid, niet voldoende middelen bevat voor de compensatie, bedoeld in het zesde en zevende lid, wordt het tekort aangezuiverd vanuit de reserve, bedoeld in artikel 17, eerste lid. Indien ook die reserve onvoldoende middelen bevat voor de compensatie, draagt elke gemeenten overeenkomstig de verdeelsleutel, bedoeld in artikel 12, vierde lid, bij aan het aanzuiveren van het tekort in het vereveningsfonds. 9. Na drie jaar wordt het vereveningsfonds opgeheven. Eventueel resterende middelen worden overeenkomstig de verdeelsleutel , bedoeld in artikel 14, vierde lid, verdeeld over de deelnemers, tenzij de reserve van het GO Beschermd Wonen op dat moment lager is dan het afgesproken minimum, bedoeld in artikel 17, zesde lid. Artikel 16: Innovatiefonds 1. Het GO Beschermd Wonen richt een innovatiefonds op voor de financiering van innovatie. 2. Jaarlijks stelt het GO Beschermd Wonen in de begroting het bedrag vast dat toegevoegd wordt aan dit innovatiefonds. 3. Gemeenten kunnen, naar rato van de herijking gemeentefonds sociaal domein 2020 , aanspraak maken op middelen uit dit innovatiefonds door (project)voorstellen in te dienen.
Projectvoorstellen zijn gericht op het opbouwen of transformeren van lokale voorzieningen voor Beschermd Wonen,
Pagina 7 van 14 2021-11-03 vs 0.10
of op preventie in de gemeente. 4. Het GO Beschermd Wonen besluit na ontvangst van een projectvoorstel over de toekenning van middelen uit het innovatiefonds. 5. Het GO Beschermd Wonen stelt de voorwaarden vast waaraan gemeenten moeten voldoen om aanspraak te kunnen maken op het innovatiefonds. Artikel 17: Reserve GO 1. Het GO Beschermd Wonen beschikt over een eigen reserve, de reservepositie GO Beschermd Wonen. Deze reserve wordt beheerd door het URB. 2. De middelen die aan de reserve worden toegevoegd zijn in elk geval; a. de reservepositie BW (per 31 december 2022) die wordt beheerd door de gemeente Haarlem; b. het financiële overschot ten aanzien van de oude doelgroep; c. het eventuele overschot op de uitvoeringskosten van het voorafgaande kalenderjaar van de taken genoemd in artikel 10, eerste lid, en d. het eventuele overschot op het vereveningsfonds na de eerste drie jaar, bedoeld in artikel 15, negende lid. 3. De reserve wordt aangewend om de volgende kosten te bekostigen: a. het tekort op de oude doelgroep; b. het tekort van de gemeenten op de taakuitvoering opvang, als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo in de jaren 2023, 2024 en 2025, en c.
het tekort op het vereveningsfonds, bedoeld in artikel 15, achtste lid.
4. In aanvulling op het derde lid kan het GO Beschermd Wonen besluiten de reserve aan te wenden om andere kostenposten te dekken. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. 5. Het GO Beschermd Wonen besluit jaarlijks bij het vaststellen van de begroting over de inzet van de reserve. 6. Het GO Beschermd Wonen draagt ervoor zorg dat de reservepositie bij het vaststellen van de begroting minimaal € 5 miljoen bedraagt. 7. Wanneer de reservepositie bij het vaststellen van de begroting boven de € 7 miljoen uitkomt dan wordt het resterende overschot op basis van de verdeelsleutel, bedoeld in artikel 14, vierde lid, uitgekeerd aan de gemeenten. 8. In afwijking van het zesde en het zevende lid kan het GO Beschermd Wonen besluiten dat een hogere of lagere stand van de reserve benodigd is. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. Artikel 18: Kadernota Het GO Beschermd Wonen zendt de algemene financiële en beleidsmatige kaders voor 30 april aan de raden. Artikel 19: Zienswijzeprocedure en vaststelling begroting 1. Het GO Beschermd Wonen zendt de ontwerpbegroting twaalf weken voordat deze wordt vastgesteld toe aan de raden. 2. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de colleges voor een ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. 3.
De raden kunnen bij het GO Beschermd Wonen hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. 4. Het GO Beschermd Wonen stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient. Voor het besluit tot vaststelling van de begroting is een meerderheid van drie Pagina 8 van 14 2021-11-03 vs 0.10
vierde van de stemmen vereist. 5. Voorafgaand aan het besluit tot vaststelling van de begroting, bedoeld in het vierde lid, stelt het GO Beschermd Wonen de raden schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, en de eventuele conclusies die het GO Beschermd Wonen daaraan verbindt. 6. Na vaststelling van de begroting zendt het GO Beschermd Wonen de begroting aan de raden, die ter zake bij gedeputeerde staten hun zienswijze naar voren kunnen brengen. 7. Het GO Beschermd Wonen zendt de begroting, vergezeld van de zienswijze bedoeld in het derde lid, binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval voor 15 september aan gedeputeerde staten. 8. Het eerste, derde, vierde en vijfde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, waarbij wijziging wordt gebracht in de bijdragen van de gemeenten. Het zesde lid is ook van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, met dien verstande dat wijzigingen in de begroting ook kunnen worden vastgesteld gedurende het jaar waarvoor de begroting geldt, en in dat geval inzending aan gedeputeerde staten binnen vier weken na vaststelling plaatsvindt. Artikel 20: Jaarrekening 1. Het GO Beschermd Wonen stelt de jaarrekening uiterlijk op 1 juli van het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft vast.
Voor het besluit tot vaststelling van de jaarrekening is een meerderheid van drie vierde van de stemmen vereist. 2. Het GO Beschermd Wonen zendt voor 30 april een voorlopige jaarrekening aan de raden. 3. De raden kunnen bij het GO Beschermd Wonen hun zienswijze over de voorlopige jaarrekening naar voren brengen. 4. Voorafgaand aan het besluit tot vaststelling van de jaarrekening, bedoeld in het eerste lid, stelt het GO Beschermd Wonen de raden schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, en de eventuele conclusies die het GO Beschermd Wonen daaraan verbindt. 5. Het GO Beschermd Wonen zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, maar in ieder geval voor 15 juli aan gedeputeerde staten.
Hoofdstuk 5: Bepalingen over de regeling Artikel 21: Duur De regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd. Artikel 22: Evaluatie 1. Het GO Beschermd Wonen draagt zorg voor een vijfjaarlijkse evaluatie van de regeling. In afwijking daarvan vindt de eerste evaluatie plaats in het jaar 2025. 2. Onderdeel van de evaluatie, bedoeld in het eerste lid, is in ieder geval: a. b. c. d. e.
f. g.
de wijze waarop het GO Beschermd Wonen bijdraagt aan het belang waarvoor het is ingesteld en de kwaliteit van zijn taakuitvoering; de kostenverdeling, bedoeld in artikel 14; de afspraken over verevening, bedoeld in artikel 15; de afspraken over het innovatiefonds, bedoeld in artikel 16; de afspraken over reservering en het dekken van tekorten, bedoeld in artikel 17, waaronder specifiek de tekorten op het gebied van maatschappelijke opvang, bedoeld in artikel 17, derde lid, onder b; de governance van het GO Beschermd Wonen, waaronder de rollen en portefeuilleverdeling binnen het GO Beschermd Wonen, het voorzitterschap, sturing en verantwoording; de samenstelling van het takenpakket van het GO Beschermd Wonen, en Pagina 9 van 14 2021-11-03 vs 0.10
h.
de positionering van het URB.
Artikel 23: Toetreding 1. Andere colleges dan die bedoeld in artikel 1, onder b, kunnen een verzoek tot toetreding indienen bij het GO Beschermd Wonen. 2. Het GO Beschermd Wonen zendt het verzoek tot toetreding onverwijld door aan de colleges. 3. Toetreding tot de regeling is slechts mogelijk indien de colleges daartoe unaniem besluiten. Voorafgaand aan dit besluit zenden de colleges het ontwerp van de gewijzigde regeling toe aan de raden van de gemeenten. De raden kunnen bij de colleges van hun gemeente binnen acht weken na ontvangst van het ontwerp van de gewijzigde regeling hun zienswijze over het ontwerp van de regeling naar voren brengen. Indien de raden geen zienswijze naar voren wensen te brengen stellen zij de colleges van hun gemeente hier zo spoedig mogelijk op de hoogte. 4. De toetreding is tot stand gekomen indien de beoogd toetreder en de colleges, met toestemming van hun raden, bedoeld in artikel 1 van de wet, daartoe besluiten. 5. Het GO Beschermd Wonen kan voorwaarden verbinden aan de toetreding, voordat over de toetreding wordt besloten. Artikel 24: Wijziging 1. Het GO Beschermd Wonen kan een voorstel voor wijziging van de regeling aan de colleges zenden. 2. De colleges zenden het ontwerp van de gewijzigde regeling toe aan de raden van de gemeenten.
De raden kunnen bij de colleges van hun gemeente binnen acht weken na ontvangst van het ontwerp van de gewijzigde regeling hun zienswijze over het ontwerp van de regeling naar voren brengen. Indien de raden geen zienswijze naar voren wensen te brengen stellen zij de colleges van hun gemeente hier zo spoedig mogelijk op de hoogte. 3. De regeling is gewijzigd indien de colleges unaniem met de wijziging instemmen. De colleges gaan niet over tot instemming dan na verkregen toestemming van de raden. Deze toestemming kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Artikel 25: Uittreding en opheffing 1. Een college richt een verzoek tot uittreding aan het GO Beschermd Wonen. Het GO Beschermd Wonen neemt het verzoek tot uittreding in behandeling en spant zich in binnen zes maanden een voorstel gereed te hebben over de condities en voorwaarden voor uittreding. Indien na uittreding slechts een college deelnemer blijft aan deze regeling, is een verzoek tot uittreding een verzoek tot opheffing. 2. Een college kan niet eerder uittreden dan dat tenminste één volledig kalenderjaar is verstreken na het besluit tot uittreding. Uittreding vindt altijd plaats per 1 januari. Het GO Beschermd Wonen kan bij unaniem besluit een college ontheffing verlenen van de termijnen bedoeld in de eerste twee zinnen. 3.
Een besluit tot uittreding kan niet worden genomen gedurende de eerste vijf jaren na de inwerkingtreding van de regeling of toetreding, indien het de toetreder betreft. Van de termijn in de eerste volzin kan worden afgeweken als er sprake is van een gemeentelijke herindeling als bedoeld in artikel 41, derde lid van de Wet algemene regels herindeling en met inachtneming van de in de Wet algemene regels herindeling beschreven procedure. 4. Bij het vaststellen van de condities en voorwaarden voor uittreding baseert het GO Beschermd Wonen zich op de kosten van desintegratie en, voor zover van toepassing, beëindiging van de activiteiten van het GO Beschermd Wonen, de kosten die het GO Beschermd Wonen maakt voor de dienstverlening aan de betreffende gemeente, de door die gemeente verschuldigde betalingen aan het GO Beschermd Wonen en de inbreng van de betreffende gemeenten. Bij het bepalen van de condities en voorwaarden, bedoeld in de eerste volzin, wordt als uitgangspunt gehanteerd dat de kosten die de uitreding met zich mee brengt voor rekening komen van het college dat heeft verzocht om uittreding en de uittreding geen kostenverhogend effect heeft voor de colleges die Pagina 10 van 14 2021-11-03 vs 0.10
deelnemer blijven. 5. Een college dat verzocht heeft tot uittreding kan, nadat de hoogte van de kosten van desintegratie en, voor zover van toepassing, beëindiging van de activiteiten van het GO Beschermd Wonen overeenkomstig het vierde lid, ervoor kiezen om, indien van toepassing en voor zover akkoord bevonden door het GO Beschermd Wonen, personeel of verplichtingen van het URB over te nemen in ruil voor kwijtschelding van dat deel van de verschuldigde kosten van desintegratie of beëindiging van activiteiten. 6. In geval opheffing van de regeling besluit het GO Beschermd Wonen tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels, waaronder het tijdstip van opheffing. 7. Het GO Beschermd Wonen stelt, na het horen van de colleges en raden van de gemeenten, ten minste zes maanden voor het tijdstip van opheffing, een liquidatieplan en voor zover van toepassing een sociaal plan voor het personeel vast. Het liquidatieplan voorziet in de financiële gevolgen van de opheffing.
Hoofdstuk 6: Slotbepalingen Artikel 26: Geschillen 1. Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28, van de wet, de beslissing van gedeputeerde staten wordt ingeroepen, spant het GO Beschermd Wonen zich sterk in om een en ander minnelijk met elkaar op te lossen. 2. Om een minnelijke oplossing als bedoeld in het eerste lid, te bereiken, kan het geschil worden voorgelegd aan een onafhankelijke mediator die een advies uitbrengt. 3. De mediator, bedoeld in het tweede lid, wordt door de partijen bij het geschil gezamenlijk benoemd en krijgt een door partijen in gezamenlijkheid geformuleerde opdracht. 4. Elke gemeente draagt de eigen kosten, voortvloeiend uit de procedures volgend uit dit artikel. Eventuele gezamenlijke kosten worden gelijkelijk verdeeld. Artikel 27: Archief 1. Het GO Beschermd Wonen is verplicht de onder hem berustende archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren, alsmede zorg te dragen voor de vernietiging van daarvoor in aanmerking komende archiefbescheiden. 2. Overeenkomstig een door het GO Beschermd Wonen vast te stellen regeling, draagt het GO Beschermd Wonen zorg voor de archiefbescheiden. Het GO Beschermd Wonen deelt voornoemde regeling mee aan de colleges. 3. De kosten, verbonden aan de uitoefening van de zorg voor de archiefbescheiden, bedoeld in het tweede lid, komen ten laste van het GO Beschermd Wonen. 4.
Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, eerste lid, en artikel 13, eerste lid, van de Archiefwet 1995, over te brengen archiefbescheiden wijst het GO Beschermd Wonen de archiefbewaarplaats van de gemeente Haarlem aan. 5. Ten aanzien van het beheer van de archiefbescheiden van het GO Beschermd Wonen, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats, is, onder de bevelen van het GO Beschermd Wonen, met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 belast de archivaris. Met betrekking tot dit toezicht stelt het GO Beschermd Wonen een regeling vast. Het GO Beschermd Wonen deelt voornoemde regeling mee aan de colleges. 6. Het GO Beschermd Wonen benoemt de archivaris en kan de archivaris van de gemeente Haarlem, aanwijzen als archivaris van het GO Beschermd Wonen. Artikel 28: Privacy 1. De deelnemers voldoen bij de verwerking van persoonsgegevens en informatie-uitwisseling aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, waaronder in ieder geval ook de Algemene Pagina 11 van 14 2021-11-03 vs 0.10
Verordening Gegevensbescherming en hoofdstuk 5 van de Wmo. 2. Alle deelnemers blijven zelf verantwoordelijk voor de eigen gegevensopslag en adequate en complete dossiervorming binnen de eigen gemeentelijke organisatie. 3. De gegevensuitwisseling tussen de deelnemers wordt vastgelegd in aparte verwerkersovereenkomsten. Artikel 29: Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking, met dien verstande dat de inwerkingtreding niet eerder plaatsvindt dan 1 januari 2023. Artikel 30: Inzenden regeling en bekendmaking 1. Het college van Haarlem zorgt voor de bekendmaking van deze regeling in het gemeenteblad, overeenkomstig artikel 26, eerste lid van de wet. 2. Het GO Beschermd Wonen voegt overeenkomstig artikel 26, tweede lid, van de wet, de gegevens toe in het daartoe bestemde register. Artikel 31: Citeerwijze Deze regeling wordt aangehaald als GO Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer.
Pagina 12 van 14 2021-11-03 vs 0.10
Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beverwijk op [DATUM] De secretaris,
De burgemeester
Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal op [DATUM] De secretaris,