21. 4479778 Informatie over doordecentralisatie onderwijshuisvesting.pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
De leden van de gemeenteraad van Haarlemmermeer
postbus 250 2130 AG Hoofddorp
Bezoekadres: Raadhuisplein 1 Hoofddorp Telefoon 0900 1852 Faxnummer 023 563 95 50
Cluster
Contactpersoon Telefoon
Projecten
Verzenddatum
1 februari 2021
de heer T. van der Weide 0900 1852
Uw brief Ons kenmerk Bijlage(n) Onderwerp
X.2021.00686 Geen Informatie over doordecentralisatie onderwijshuisvesting Geachte heer, mevrouw. Graag wil ik u via deze brief op de hoogte brengen van de actuele ontwikkelingen op het gebied van doordecentralisatie van de onderwijshuisvesting. In het collegeprogramma staat dat wij als college doordecentralisatie willen realiseren. In deze brief leest u de laatste stand van zaken inzake dit onderwerp. Ik begin met u kort te vertellen wat doordecentralisatie inhoudt. Wat is doordecentralisatie? Sinds 1997 heeft de Rijksoverheid de verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting overgeheveld (gedecentraliseerd) naar de gemeenten. In de verschillende onderwijswetgeving is hiervoor de zogenaamde 'zorgplicht' opgenomen. Hiermee wordt bedoeld dat de gemeente de plicht heeft zorg te dragen voor adequate huisvesting van het onderwijs. Hiervoor moet de gemeente gebouwen of andere middelen (doorgaans: geld) ter beschikking stellen om de schoolbesturen de gelegenheid te geven in huisvesting te voorzien. Zo is de gemeente verantwoordelijk voor de investeringen in het onderwijsvastgoed, terwijl de schoolbesturen rijksmiddelen ontvangen voor de exploitatie van schoolgebouwen. Hieruit moeten zij zaken zoals onderhoud, schoonmaak, energie en andere materiële zaken bekostigen. Deze inkomsten noemen we de Materiële Instandhouding (Ml).
Met doordecentralisatie bedoelen we het proces waarbij de verantwoordelijkheid voor de onderwijshuisvesting bij de schoolbesturen neergelegd wordt. Doordat de zorgplicht in de wet vastligt, kan de gemeente deze plicht niet zomaar overdragen. Bij doordecentralisatie blijft de zorgplicht dus bij de gemeente, maar draagt de gemeente de uitvoering van de verantwoordelijkheid over aan de schoolbesturen. Dit betekent dat het eigendom van de gebouwen van de gemeente overgaat naar de schoolbesturen. De schoolbesturen gaan hiervoor, met gemeentegarantie, financiering aan op de kapitaalmarkt en betalen de gemeente de boekwaarden van al het vastgoed. Voor de gemeente betekent dit een vermindering van de activa en van de schulden die hierbij horen. In het kader van de schuldpositie van de gemeente is doordecentralisatie een bruikbaar middel. De gemeente draagt de middelen die zij jaarlijks
Ons kenmerk: X.2021.00686
Pagina 2
van de Rijksoverheid krijgt en voor onderwijshuisvesting inzet, over aan de schoolbesturen. Hiermee moeten de schoolbesturen vervolgens uitvoering aan de zorgplicht geven. In vele gemeenten in Nederland vindt dit proces plaats, variërend van klein tot groot. Over het algemeen vindt doordecentralisatie het meest plaats in het Voortgezet Onderwijs (VO). Dit komt doordat VO schoolbesturen over het algemeen een grotere omvang hebben en daarmee een grotere organisatie. Ook kunnen zij binnen hun vastgoedportefeuille makkelijker opereren omdat deze meer oppervlakte bevat: een middelbare school is doorgaans 2 tot 3 keer zo groot als een basisschool. In bijvoorbeeld Breda is alle onderwijshuisvesting doorgedecentraliseerd in een entiteit voor VO en een entiteit voor Primair en Speciaal Onderwijs. Doordecentralisatie in Haarlemmermeer In Haarlemmermeer praten schoolbesturen en gemeente sinds begin 2018 over doordecentralisatie. We zijn begonnen met een verkenning van het onderwerp; hierover heeft u eind 2018 een rapportage van het college ontvangen (brief van 20 december 2018). Daarna zijn we onder begeleiding van een gespecialiseerd adviesbureau aan de slag gegaan met het bespreken van de verschillende doordecentralisatiemodellen. We hebben daarbij gezien dat het tempo voor VO anders ligt dan bij Primair Onderwijs (PO) en Speciaal Onderwijs (SO).
Net als elders in Nederland heeft het VO in Haarlemmermeer een keuze gemaakt voor het gewenste model, waar PO en SO nog twee modellen als optie hebben. Van belang daarbij is dat schoolorganisaties meedoen op basis van vrijwilligheid, waarbij ieder schoolbestuur een eigen keuze kan maken. Hoewel daartoe nu nog geen aanwijzingen zijn, bestaat de mogelijkheid dat één of meer schoolbesturen uiteindelijk niet instemmen met doordecentralisatie en wij op 'traditionele wijze' op basis van de onderwijswetgeving in schoolhuisvesting zullen moeten voorzien. Ook een eventueel nieuw schoolbestuur kan ervoor kiezen niet mee te werken aan doordecentralisatie. We hebben onlangs de keuze gemaakt om de processen tussen VO enerzijds en PO/SO anderzijds te scheiden. Vervolgens zijn alle gebouwen in de gemeente Haarlemmermeer in een rekenmodule opgenomen. Op basis van deze rekenmodule wordt inzichtelijk welke financiële inspanningen per school nodig zijn om de komende zestig jaar over goede huisvesting te kunnen beschikken. Dit is immers de taak die de schoolbesturen dan op zich nemen.
Qua omvang is de verdeling over de drie sectoren VO-PO-SO: • In het VO is sprake van 63.218m2 permanente capaciteit (36% van de totale oppervlakte van de onderwijsgebouwen); • In het PO is sprake van 90.355 m2 permanente capaciteit, 4.438 m2 gehuurde capaciteit en 4.566 m2 tijdelijke huisvesting (57% van de totale oppervlakte van de onderwijsgebouwen); • In het SO is sprake van 11.936 m2 permanente capaciteit (7% van de totale oppervlakte van de onderwijsgebouwen). Met het VO zijn we inmiddels beland in de fase waarbij we overeenstemming hebben over het model (individuele doordecentralisatie met collectieve voorwaarden) waarin de doordecentralisatie vorm kan krijgen. Alle betrokken partijen (Stichting Dunamare, Stichting IRIS en de gemeente) buigen zich over de informatie in het door de gespecialiseerde adviseur opgestelde rekenmodel. In dit model staan de verschillende keuzes per gebouw voor de komende 60 jaar op een rij. Ook bespreken we de punten waarover zij vragen of opmerkingen hebben. Over de uitkomsten van het rekenmodel zijn we met elkaar in gesprek.
Ons kenmerk: X.2021.00686
Pagina 3
Een volgende stap is dat we samen met de schoolbesturen aan de slag gaan met het verder uitwerken van het organisatiemodel waarin de doordecentralisatie vorm kan krijgen. We stellen een risicoanalyse op die moet leiden tot een functioneel programma van eisen. Daarna volgen het bepalen van het voorkeursscenario, uiteindelijk leidend tot besluitvorming door de Colleges van Bestuur en Raden van Toezicht bij de schoolbesturen en ons college van burgemeester en wethouders en uiteraard de gemeenteraad van Haarlemmermeer. In het PO en SO (die doorlopen gezamenlijk de procedure vanwege de redelijk vergelijkbare wet- en regelgeving) hebben we met aanzienlijk meer schoolbesturen te maken. Deze schoolbesturen zijn ook veel diverser qua omvang en karakter. Dat maakt het minder eenvoudig om het samen eens te worden over de vraagstukken. In februari 2021 staat een sessie met PO en SO gepland om nog eens goed met elkaar de verschillende vormen te bespreken, inclusief de voor- en nadelen. Het is de verwachting dat wij aan het einde van het tweede kwartaal 2021 een concreet voorstel ten aanzien van doordecentralisatie in het VO kunnen voorleggen aan uw raad. Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, louders van de gemeente Haarlemmermeer,
Marjolein Steffens-van de Water wethouder Fysieke Leefomgeving, Onderwijs, Vastgoed en Doelgroepenbeleid