CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-03-05 Sessiedebat RV Verordening Sociaal Domein 2026

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 9 april 2026, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Vaststellen van de verslagen van 5 maart 20266.341 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 5 MAART 2026 Onderwerp:

Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026

Voorzitter:

dhr. M. Achterbergh

De leden: dhr. T.M. Beusenberg, mw. Y.M.G. Bouwhuis, dhr. W. Dikkes, mw. N.M. Elfers, mw. K. van Goethem, mw. J.M. Hup, dhr. H.C.M. Koning, mw. S. van de Meeberg, mw. M.C.M. Roos, dhr. E. Vermeulen Griffier: mw. E.H.M. Ouwehand-Brussel Portefeuillehouders: mw. C.F.M. van der Meij, dhr. C. El Idrissi Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Een hele goedenavond allen, van harte welkom bij de bespreking van de verordening Sociaal Domein gemeente Haarlemmermeer 2026 en beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ en beleidsregels Jeugd en WMO 2026. Als er een prijs voor een lange intro was geweest dan was dit een kanshebber. Naar aanleiding van nieuwe of gewijzigde wettelijke regelgeving, jurisprudentie of nieuwe inzichten op basis van de uitvoering wordt jaarlijks indien nodig een nieuwe verordening Sociaal Domein gemeente Haarlemmermeer vastgesteld. Er hebben zich voor deze sessie geen insprekers gemeld. Het verzoek is om met de voorzitter, dat ben ik, en niet met elkaar te praten, u weet hoe het werkt. We hebben een eerste termijn, we hebben een tweede termijn en het college gaat na de eerste termijn uw vragen beantwoorden, die niet technisch van de aard zijn. Er hebben zich inmiddels twee mensen aangemeld zie ik. De heer Dikkes, dan mevrouw Van de Meeberg en dan ga ik even namen opschrijven. Mijnheer Dikkes. De heer DIKKES: Ik werd even gestoord door wat aanvullingen naast mij.

Voorzitter, in de laatste reguliere vergadering van deze raadsperiode liggen de beleidsregels van het Sociaal Domein voor, een uitgebreide set regels met grote impact op onze inwoners en de VVD is dan ook blij dat we dit als slotstuk van onze periode nog kunnen bespreken en we zijn blij met de uitgebreide reactie van de Participatieraad, waarvoor we hen willen bedanken. De beleidsregels gaan met name over de ondersteuning van mensen die het nodig hebben, of het nu gaat om jongeren in de jeugdzorg, ouderen met thuiszorg of inwoners die tijdelijke ondersteuning nodig hebben, de basis hiervan staat in deze beleidsregels. De VVD is dan ook erg tevreden met de uitgebreide toelichting, waarin de rechten maar ook de verantwoordelijkheden van inwoners zijn opgenomen. Zoals u weet is het uitgangspunt van de VVD dat wij inwoners die het echt nodig hebben ondersteunen, zo tijdelijk en licht als mogelijk en met eigen inzet van deze inwoners. Immers zelf meewerken aan oplossingen werkt naar ons idee beter en geeft meer voldoening bij deze zelfde inwoners. De uitgangspunten van eigen verantwoordelijkheid en tijdelijkheid zien we terug in de voorgestelde beleidsregels. Natuurlijk zijn er ook situaties waarin geen sprake is van tijdelijkheid van benodigde ondersteuning en dan moeten we er als gemeente ook zijn.

Dat is goed ingekaderd in deze beleidsregels, hierbij zien we voldoende aandacht voor het niet verhogen van de lasten of de administratieve lasten voor de inwoners bij langdurige zorg. De nieuwe beleidsregels borduren voort op de huidige beleidsregels, maar aanpassingen op basis van wet- en regelgeving en aanscherping van afspraken zitten er goed in. Over het geheel kunnen we ons hierin vinden, maar hebben we dan geen aandachtspunten? Dat zeker wel. Een belangrijk aandachtspunt vinden wij Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

1

toezicht op de uitvoering van de regels. Het onderwerp toezicht is ook benoemd door de Participatieraad of eigenlijk meer specifiek het ontbreken van een verwijzing naar het toezichtskader in de beleidsregels. Diezelfde verwijzing missen wij ook, als je regels stelt dan moet je daar toezicht op houden en niet alleen als controle, maar in dit geval vooral ook om de kwaliteit van de ondersteuning te waarborgen. Daarbij is het ook goed om partijen die zich aan alle kaders houden duidelijk te maken dat dit loont en tegelijkertijd om de inwoners mee te geven dat de kaders voor ons belangrijk zijn. Dan nog iets juridisch. In veel gevallen is toezicht houden of handhaven van kaders niet mogelijk als dit niet benoemd is. Bijvoorbeeld aangeven dat een VOG bij zorgverleners noodzakelijk is of het verwijzen naar kwaliteitseisen voor zorgverleners die worden ingezet maar daar geen sanctie aan hangen is geen basis voor handhaving van de regel. Het college heeft als antwoord op de reactie van de Participatieraad aangegeven dat de verwijzing naar het toezichtskader niet is gedaan omdat dit nog niet helemaal is uitgewerkt, maar op andere onderdelen zoals de financiën is wel op hoofdlijnen naar de financiële beleidskaders verwezen. We willen het college dan ook vragen aan te geven hoe deze koppeling nu of later kan worden gemaakt. Een tweede punt gaat over de opvang bij huiselijk geweld.

Zoals u weet naar aanleiding van eerdere voorstellen van de VVD over bijvoorbeeld genitale verminking van meisjes vinden wij de veiligheid van vrouwen een belangrijke prioriteit. In artikel 31 gaat het echter over de opvang van slachtoffers van huiselijk geweld en in de uitwerking van dat artikel wordt alleen gesproken over vrouwen, eventueel met kinderen. Hoewel het misschien vaak om vrouwen gaat, zouden we de uitwerking van dat artikel graag breder willen zien, voor alle slachtoffers van huiselijk geweld zoals de kop van dat artikel aangeeft. Hiervoor zullen wij een amendement indienen als dit in het definitieve stuk niet is gewijzigd. Voorzitter, naar ons idee geven deze beleidskaders een goede basis om in de toekomst op verder te bouwen en we zijn dan ook erg blij met de stukken die er nu liggen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Dikkes. Dan heb ik voor nu mevrouw Van de Meeberg, dan de heer Beusenberg, mevrouw Hup, de heer Koning en dan mevrouw Bouwhuis. Als mensen zich daarna willen voegen... Ja, ik ga u opschrijven. Dan gaan we naar mevrouw Van de Meeberg, D66. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel voorzitter. Deze actualisatie bevat een aantal inhoudelijke keuzes die raken aan de manier waarop wij als gemeente kijken naar verantwoordelijkheid, zorg en participatie.

Voor D66 staat daarbij één uitgangspunt centraal, beleid in het Sociaal Domein moet uitgaan van vertrouwen, de menselijke maat en perspectief. Laat ik beginnen met een compliment, het samenbrengen en verduidelijken van de beleidsregels Jeugd en WMO vergroot de duidelijkheid voor inwoners en professionals en dat is een goede ontwikkeling. Sinds de decentralisaties zijn taken dichter bij inwoners georganiseerd met nadruk op de eigen kracht en het sociale netwerk. Juridisch is eigen kracht altijd voorliggend en dat vind ik een beetje ontoegankelijke taal, maar dat betekent dat er geen recht op ondersteuning is als mensen het zelf kunnen oplossen en dat is logisch maar de overheid heeft ook een zorgplicht. Artikel 20 van de Grondwet bepaalt dat de overheid zorgdraagt voor bestaanszekerheid van de bevolking en artikel 22 spreekt over bevordering van volksgezondheid en maatschappelijke ontplooiing en dat zijn publieke verantwoordelijkheden.

De vraag is dus niet of eigen kracht voorliggend is want dat is wettelijk zo, maar de vraag is hoe we in de praktijk zorgvuldig beoordelen wanneer eigen kracht daadwerkelijk toereikend is en wanneer niet, hoe zorgen we dat het beroep op wat mensen zelf kunnen een aanvulling blijft op overheidsondersteuning en niet een manier wordt om verantwoordelijkheden af te schuiven? Het pgb-tarief voor informele zorg wordt aangepast en blijft boven het wettelijk minimumloon, dat gaat om situaties waarin iemand met een zorgbudget een familielid of een bekende betaalt voor ondersteuning en dat gaat dus niet over vrijwillige mantelzorg. Tegelijkertijd verandert er wel iets aan de waardering van zorg vanuit het sociale netwerk omdat de vergoeding voor deze ondersteuning wordt verlaagd en de vraag die we daarbij hebben is niet juridisch maar praktisch van aard, wat verwachten wij dat het doet met de bereidheid en de mogelijkheid van mensen om tegen vergoeding ondersteuning te bieden, hoe volgen we de effecten daarvan? Ten aanzien van de individuele inkomenstoeslag begrijpen we dat dit de uitwerking van eerder vastgesteld Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

2

minimabeleid is en de vraag is hier hoe we de effecten op bestaanszekerheid en financiële stress bij langdurig lage inkomens monitoren. De menselijke maat vraagt ook om te blijven kijken naar de effecten in de praktijk, vandaar die vragen. We zijn positief over de deelscootmobiel als algemene voorziening, dat past bij de toegankelijkheid en slim gebruik van middelen. Tegelijkertijd blijft voor D66 leidend dat voorzieningen passend moeten zijn bij de individuele situatie. Hoe zorgen we dat de lichte toets zorgvuldig blijft en dat de inwoners die een individuele voorziening nodig hebben niet tussen de wal en het schip geraken? Voorzitter afsluitend, deze verordening is misschien een jaarlijkse actualisatie maar het Sociaal Domein is nooit technisch alleen, het gaat om mensen die soms tijdelijk ondersteuning nodig hebben om te kunnen meedoen. Als wij vertrouwen in de samenleving combineren met een overheid die haar grondwettelijke verantwoordelijkheid serieus blijft nemen dan doen we recht aan de bedoeling van dit beleid. Dat wilde ik nog even zeggen. Dank u wel. De VOORZITTER: Zoals een goed voorzitter betaamt, als medevoorzitter precies binnen de tijd. Dank u wel mevrouw Van de Meeberg. Dan gaan we naar uw buurman, de heer Beusenberg, SRH. De heer BEUSENBERG: Dank u wel voorzitter.

Voorzitter, het Sociaal Domein gaat over iets fundamenteels, hoe wij als samenleving voor elkaar zorgen, voor mensen die hulp nodig hebben, voor gezinnen die vastlopen en voor inwoners die tijdelijk niet op eigen kracht verder kunnen. Daarom moeten regels in het Sociaal Domein twee dingen tegelijk doen, duidelijk zijn en rechtvaardig zijn. In dit voorstel zien we vooral technische wijzigingen, aanpassingen van nieuwe wetgeving, jurisprudentie en de praktische uitvoering. Zo wordt de verordening aangepast aan de nieuwe Participatiewet waarin meer nadruk ligt op de menselijke maat, vertrouwen en eenvoud in de uitvoering. Dat klinkt goed, maar uiteindelijk gaat het niet om de woorden in een verordening, het gaat om hoe inwoners het in de praktijk ervaren. Voor Sociaal Rechts Haarlemmermeer is daarbij een aantal dingen essentieel, hulp moet toegankelijk zijn, inwoners die vastlopen in regels of formulieren moeten snel en duidelijk worden geholpen, ze moeten niet van loket naar loket worden gestuurd, regels moeten eerlijk zijn, misbruik van voorzieningen moeten we aanpakken, maar inwoners die het echt nodig hebben mogen nooit vastlopen in bureaucratie of wantrouwen en werk moet altijd het perspectief blijven. De Participatiewet draait uiteindelijk om meedoen in de samenleving via werk of via maatschappelijke participatie.

Voorzitter, het Sociaal Domein is een van de grootste verantwoordelijkheden van de gemeente en juist daarom moeten we heel scherp blijven, niet alleen op regels en systemen maar vooral op de vraag of we onze inwoners hier echt mee helpen want beleid is pas goed beleid als het voor inwoners werkt. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Beusenberg. Dan gaan we naar de ChristenUnie-SGP, mevrouw Hup. Mevrouw HUP: Ja, bedankt voorzitter. Onze fractie heeft het raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 kritisch bekeken en we willen alvast meegeven dat we met de verordening kunnen instemmen en dat de andere verordening uit 2025 kan worden ingetrokken. De gewijzigde Participatiewet per 1 januari 2026 beoogt meer menselijke maat, vertrouwen en eenvoud in de uitvoering maar in 2026 moet nog wel blijken of dit ook echt zo is, we hopen het oprecht. Het staat buiten kijf dat het noodzakelijk is om onze naasten in nood te helpen. Iedereen moet kunnen meedoen, ook die ene die moeite heeft om mee te komen in de maatschappij door dagelijkse problemen en die daardoor zijn of haar verantwoordelijkheden richting de samenleving niet kan nakomen. Soms is het ook heel erg lastig om mensen te helpen omdat je niet altijd weet wat er privé speelt, zoals huiselijk geweld of financiële problemen.

Juist dan moet je doortastend maar voorzichtig te werk gaan en dat vraagt echt een hele grote portie menselijke maat, vertrouwen en eenvoud bij de uitvoering van hulp. Het doet ons goed om te lezen dat onze gemeente er echt voor onze inwoners wil zijn en dus uiteindelijk ook is. Om een voorbeeld te geven, we hebben kunnen lezen dat om te kunnen beoordelen of er geen financiële problemen ontstaan bij gebrek aan bewijslast het persoonlijk budgetadvies van het Nibud wordt ingezet. Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

3

Hierdoor ontstaat vast en zeker beter inzicht in mogelijke financiële problemen die iemand kan hebben zonder dat gegevens over inkomsten en uitgaven worden gedeeld. Zo voeg je echt daad bij woord en zo zijn er vast nog talloze andere voorbeeld te noemen die betrekking op deze verordening hebben, maar gezien mijn huidige twee minuten spreektijd rond ik af voorzitter. Wij kunnen instemmen met de vier belangrijkste beleidswijzigingen en hebben er vertrouwen in dat deze verordening een bijdrage zal leveren aan het Sociaal Domein binnen onze gemeente. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: U heeft zelfs nog twintig seconden over, gefeliciteerd. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) U kunt nog een vraag stellen inderdaad. Dan gaan we naar de heer Koning, CDA. De heer KONING: Dank u wel voorzitter. Wij staan voor de taak om de verordening Sociaal Domein 2026 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van die van 2025, maar is dit wel zo moeilijk? Immers, bijna jaarlijks wordt er een nieuwe verordening vastgesteld. Aanpassing is nodig als gevolg van nieuwe of gewijzigde wettelijke regelgeving, jurisprudentie of nieuwe inzichten op basis van de uitvoering.

We zien een aantal kleine wijzigingen ter verduidelijking en de ontwikkeling van nieuwe voorzieningen en een wijziging van de Participatiewet brengt meer menselijke maat, eenvoud in de uitvoering en er wordt een aantal technische aanpassingen voorgesteld. Dit voorstel had wat mij betreft ook direct op de stemmingenlijst mogen komen, dan had ik mijn hersenen nu niet hoeven pijnigen om tot een plausibele bijdrage te komen. Daarom zal ik mij beperken tot de beleidsregels die we niet hoeven vast te stellen. We zien dat het college nieuwe beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ heeft vastgesteld en evenzo beleidsregels voor Jeugd en WMO. Op basis van een advies van de Participatieraad wordt de definitieve vaststelling van de beleidsregels met betrekking tot zelfstandigen tijdelijk uitgesteld tot het tweede kwartaal van 2026, op deze manier wordt optimale onderlinge afstemming bereikt. Als gevolg van aanpassingen in de Wet van school naar duurzaam werk, die over een uitbreiding van de doelgroep gaat, volgt medio 2026 ook een apart voorstel ter wijziging. Voorts is in de verordening een beschikkingstermijn in de schuldhulpverlening van acht weken opgenomen en hiermee voldoen wij weer aan de wettelijke eisen. De nieuwe beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ bevatten een viertal verruimingen die ons tevreden stemmen, met name die ten aanzien van de mantelzorg.

Ten slotte, ook belangrijk, zijn wij van mening dat een goede wisselwerking op basis van argumenten met de Participatieraad heeft plaatsgevonden. Voorzitter, het zal duidelijk zijn, het CDA zal de nieuwe verordening steunen en heeft geen opmerkingen over de beleidsregels, maar wordt graag op de hoogte gehouden van de nieuwe beleidsregels per medio 2026. Ik dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage mijnheer Koning. Dan gaan we naar mevrouw Bouwhuis, Forza! Mevrouw BOUWHUIS: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, Forza! ziet in dit voorstel een positieve koers, het is een document dat niet alleen orde in de regels schept, maar dat ook ruimte durft te maken voor wat echt telt, goede zorg voor onze inwoners. Voorzitter, laten we wel eerlijk zijn, de zorg in onze gemeente draait natuurlijk niet op wat we hier op papier zetten, maar op de mensen. Onze zorgmedewerkers en maatschappelijk werkers zijn de ogen en oren in de wijk, zij komen achter de voordeur en maken het verschil. Forza! is blij dat dit voorstel inzet op kwaliteit, maar wij zeggen ook 'geef deze professionals het vertrouwen dat ze verdienen'. We zien in de bijlage dat de eisen voor bijvoorbeeld het pgb-plan zijn uitgebreid van vier naar acht harde punten. Dat is goed voor de kwaliteit, maar laten we tegelijkertijd waken voor te veel bureaucratie.

De professionals moeten kunnen zorgen, niet alleen maar vinkjes zetten en hun expertise is ons grootste kapitaal. Een ander sterk punt in de visie voor 2026 is de focus op helderheid. Forza! pleit daarbij onvermoeibaar voor duidelijk casemanagement, met een nieuw instrument zoals de Nibud-rekentool, waar we blij mee zijn, en aangescherpte pgb-vaardigheidseisen wordt het systeem eerlijker en ook complexer. De inwoner mag daar nooit de dupe van worden en daarom zouden wij het liefst één vast gezicht voor iedere inwoner Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

4

zien, een casemanager die naast de zorgmedewerker staat en de inwoner door het woud van regels bij de hand neemt, dat geeft rust aan de keukentafel en efficiëntie in het raadhuis. Tot slot voorzitter steunt Forza! de koers op het gebied van toezicht en handhaving, niet om inwoners dwars te zitten maar juist om de zorg voor de goeden te beschermen. Door zorgcowboys aan te pakken, houden we budget over voor die extra inzet van de maatschappelijk werkers en voor de hulpmiddelen die onze ouderen nodig hebben. Dat is geen strengheid, dat is rechtvaardigheid. De VOORZITTER: Ik ga u heel even onderbreken mevrouw Bouwhuis, u krijgt een interruptie van SRH. De heer BEUSENBERG: Ja, dank u wel voorzitter. In een ideale wereld zou inderdaad iedereen een casemanager toegewezen kunnen krijgen, maar ik wil dan eigenlijk aan mevrouw Bouwhuis vragen waar zij op dit moment de middelen vandaan gaat halen om dat te kunnen bewerkstelligen. De VOORZITTER: Mevrouw Bouwhuis. Mevrouw BOUWHUIS: Dat is een investering die zichzelf terugverdient. Eén regisseur voorkomt namelijk dubbele hulp, langs elkaar heen werkende loketten en dure escalaties achteraf. Vandaar dat wij dat aan de voorkant al voor willen zijn. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Bouwhuis. SRH uw tijd is op, dus u mag afronden mevrouw Bouwhuis.

Mevrouw BOUWHUIS: Concluderend, Forza! ziet een raadsvoorstel dat de juiste ingrediënten bevat, het heeft oog voor de professional in het veld, het streeft naar duidelijkheid voor de inwoner en het waarborgt de financiële houdbaarheid van onze zorg. Laten we deze verordening gebruiken om een overheid te zijn die naast onze inwoners staat, met vertrouwen in de mensen die de zorg dagelijks waarmaken. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Bouwhuis. Dan gaan we naar mevrouw Roos, Forum voor Democratie. Mevrouw ROOS: Voorzitter, het Sociaal Domein raakt direct aan het dagelijks leven van veel van onze inwoners en juist daarom is het belangrijk dat we als gemeente duidelijke keuzes maken. Onze fractie vindt dat ondersteuning beschikbaar moet zijn voor inwoners die dat echt nodig hebben. Tegelijkertijd moeten we eerlijk zijn, de middelen zijn niet onbeperkt, elke euro die we uitgeven komt uiteindelijk van onze inwoners. Voor ons staan drie uitgangspunten centraal. Ten eerste, ondersteuning waar nodig, maar eigen verantwoordelijkheid waar mogelijk. We moeten mensen helpen om weer mee te doen in de samenleving, niet om afhankelijkheid te creëren. Het is daarom goed dat in de verordening nog nadrukkelijker wordt ingezet op zelfredzaamheid en eigen kracht vóór overheidshulp.

Ten tweede, duidelijke en uitlegbare regels, inwoners moeten weten waar ze aan toe zijn en professionals moeten met heldere kaders kunnen werken. Wij vragen het college daarom te blijven letten op uitvoerbaarheid en het voorkomen van onnodige bureaucratie. Ten derde, zorgvuldige omgang met gemeenschapsgeld. De kosten in het Sociaal Domein staan al jaren vreselijk onder druk en het is daarom belangrijk dat voorzieningen doelmatig worden ingezet en dat misbruik of oneigenlijk gebruik wordt tegengegaan. Voorzitter tot slot, we vinden het belangrijk dat professionals ruimte houden om in individuele situaties verstandig te handelen. Voorzitter, onze fractie kan de richting van deze verordening steunen mits we blijven vasthouden aan de balans tussen solidariteit en eigen verantwoordelijkheid, mits arbeidsinschakeling voorop blijft staan en mits we scherp blijven op doelmatigheid, uitvoerbaarheid en volumebeheersing in het Sociaal Domein. We rekenen op heldere monitoring en periodieke rapportage aan de raad. Dank u voorzitter. Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

5

De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Roos. Dan gaan we naar HAP, mevrouw Elfers. Mevrouw ELFERS: Ja, dank u wel voorzitter. Het is al eerder aangehaald, het wijzigen van een verordening komt vaak voort uit technische wijzigingen en de wijzigingen nu zijn nodig vanwege mooie ontwikkelingen. Althans dat vindt HAP, want naast een aantal technische wijzigingen ten opzichte van de vorige verordening is in deze verordening, die nu voorligt, een aantal kleine wijzigingen opgenomen ter verduidelijking voor de inwoners en de uitvoering om de ontwikkeling van nieuwe voorzieningen van de Wet maatschappelijke ondersteuning mogelijk te maken en ook vanwege wijzigingen in de Participatiewet, die zorgen voor een meer menselijke maat, vertrouwen en eenvoud in de uitvoering. Ogenschijnlijk kleine wijzigingen op papier, maar grote in de praktijk want voorzitter, wijzigingen die het voor kwetsbare inwoners en hun netwerk menselijker maken, duidelijker maken, transparanter maken, eenvoudiger maken en vertrouwen geven, zijn in de ogen van HAP grote wijzigingen en de vertolking van 'klein gebaar is groot geluk'. Wij danken de ambtelijke organisatie voor het duidelijk en eenvoudig opschrijven van deze vaak taaie stof en de vele en duidelijke informatie en ook willen wij de Participatieraad bedanken voor zijn inzet en advies. Voorzitter, dan een puntje dat haakt aan het puntje van de VVD.

Ook HAP heeft eerder gevraagd oog te houden voor alle slachtoffers van relationeel geweld want naast vrouwen en kinderen zijn ook mannen slachtoffers en net als de VVD zullen wij hierop letten en haken eventueel graag bij een amendement aan. Tot slot voorzitter, HAP is blij met de redenen waarom er een nieuwe verordening nodig is en wij zullen hier uiteraard voor stemmen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Elfers. Dan gaan we naar mevrouw Van Goethem, GroenLinks. Mevrouw VAN GOETHEM: Dank u wel voorzitter en ook dank aan de ambtenaren en de Participatieraad die dit stuk hebben voorbereid. Voorzitter, ik heb het me de afgelopen vier jaar vaker afgevraagd, wat voor gemeente willen wij zijn? In het geval van de WMO, de Participatiewet en de jeugdzorg, waarvan deze verordening van ons nu voorligt, is GroenLinks van mening dat we mensen eerlijkere, betaalbare en betere ondersteuning moeten kunnen bieden, zowel tijdelijk als langdurig, afgestemd op de persoonlijke situatie en in samenhang met de landelijke wetgeving rondom zorg.

Dit zien we op een aantal punten goed terugkomen in deze nieuwe verordening Sociaal Domein, de tegenprestatie is vervangen door maatschappelijke participatie en we hopen dat we door het samenvoegen van de verschillende verordeningen echt integraler kunnen gaan werken, maar voorzitter met zo'n verordening ben je er nog niet want tussen de mooie wensen op papier en de daadwerkelijke uitvoering zit uiteindelijk een heel verschil. Daarmee kom ik gelijk bij de individuele inkomenstoeslag. Hoe is het mogelijk dat we die nog verder uitkleden? Iemand moet nu 110% of minder van het minimumloon hebben verdiend voordat die recht op een toeslag heeft. Dat was eerst 120%, maar hadden we hierover bij de sessie Armoedeval geen motie aangenomen om dit te voorkomen, om deze keuze uit te stellen? Waarom stellen we het dan nu in deze verordening alsnog vast en waarom is de raad niet geïnformeerd over het niet uitvoeren van deze motie? We hebben eerder ook aandacht gevraagd voor de toegang tot en de kwaliteit van de zorg, in 2025 vroegen we aandacht voor het feit dat mensen die hulp bij het huishouden nodig hebben nu door gebrek aan capaciteit geld krijgen in plaats van een schoonmaker. Dat kan echt niet en moet beter.

Ook werd ons in 2022 al verzekerd dat de borstenbus ter preventie van borstkanker voor het onderzoek naar kanker in 2023 in Zwanenburg zou terugkomen zodra de straat daar gemaakt zou zijn, maar het is 2026, de straat in het centrum van Zwanenburg is weer heel, maar de bus staat echt nog jaarlijks alleen in Badhoevedorp. Voorzitter, ik begrijp dat dit uiteraard niet tot de verordening hoort maar daarmee is juist de roep en mijn oproep om verder te kijken dan alleen de regeltjes. Kijk nou naar de mensen, laat deze verordening voor de mensen werken, laat de keukentafelgesprekken meer zijn dan een vinklijstje, maar echt een gesprek tussen inwoner, diens netwerk en de gemeente. Misschien liggen de oplossingen namelijk niet geheel in de regelingen van deze gemeente, maar juist Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

6

ook bij de preventie zoals passende hulp dichtbij met een borstenbus, de Losse Heupen Club of de Poldermeiden die meerwaarde stimuleert. Juist die verbinding gaat het verschil voor onze inwoners maken. We zijn heel blij met de integrale verordening en er zeker van dat die verordening een bijdrage aan die houding gaat leveren, maar houd in het oog dat de regels moeten werken voor de mensen en niet de mensen voor de regels. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage mevrouw Van Goethem. Dan voor de notulen. Afwezig zijn, houdt u vast, het Lid Koolmoes, het Lid Sidali, EEN Haarlemmermeer, GEZOND Haarlemmermeer, BVNL en de PvdA. Daarmee zijn alle partijen aan het woord geweest en dan gaan we nu voor het einde van de eerste termijn naar de reactie van het college. Het college heeft zeven minuten zeg ik er even nadrukkelijk bij. Wie wil als eerste het woord? Dat heeft niemand gehoord maar vrouwen eerst, dus mevrouw Van der Meij. Mevrouw Van der Meij, u heeft het woord, zeven minuten. Wethouder VAN DER MEIJ: Dank u wel, ik zal snel zijn want ik heb vooral heel veel complimenten gehoord en ook dat een aantal mensen heeft aangegeven 'wat mij betreft had het direct op de stemmingenlijsten gekund'. Daar kan ik me bij aansluiten maar we hebben het er toch over en er zijn wel mooie dingen gezegd, dat vind ik toch ook wel weer van waarde.

Ik heb een paar vragen en die ga ik snel beantwoorden. Een van de vragen was van de heer Dikkes van de VVD, die vroeg hoe het zit met het toezicht op de uitvoering en controle en kwaliteit en hoe zich dat verhoudt tot het ontbreken van regels daarover in de verordening. Om te beginnen komt het Beleidsplan Toezicht en Handhaving binnenkort in het college. Dat betekent ook… Je kunt in een verordening of in beleidsregels niet verwijzen naar een beleidsplan dat er nog niet is, vandaar dat die connectie er nu nog niet is maar dat wel wordt verwezen naar de standaardartikelen in de Jeugdwet en de WMO. Overigens betekent dat natuurlijk allemaal niet dat we niks doen, we hebben sowieso ook al contractbeheer en we hebben natuurlijk wel mensen die zich met dat toezicht bezighouden, maar het hele plan ligt eerst bij het college voor en komt dan naar u toe. Het ging twee keer over relationeel geweld, huiselijk geweld, dat is opgenomen in artikel 31 van de beleidsregels. Het is zo dat de gemeente Haarlem op dit moment nog verantwoordelijk is voor alles wat met vrouwenopvang heeft te maken. In het verleden verwezen wij naar de beleidsregels van Haarlem, we hebben nu met alle gemeenten, Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer, afgesproken om met zijn allen hetzelfde artikel in de beleidsregels op te nemen.

Ik wil nog even eraan toevoegen dat beleidsregels intern bindend zijn, dat is geen verordening, geen algemeen verbindend voorschrift waar individuele inwoners rechten aan kunnen ontlenen want het gaat erom hoe we intern met die verordening en wél met algemeen verbindende regels omgaan. Dat maakt het dat die voor ons intern geldt en natuurlijk niet extern, maar vooral ook... We hebben natuurlijk recent het Koersplan Huiselijk Geweld en Kindermishandeling aangenomen dat natuurlijk veel breder is dan alleen vrouwenonveiligheid, maar gewoon geweld in de relationele sfeer. Dan mevrouw Van Meeberg van D66 die vroeg hoe het eigenlijk met eigen kracht zit, wanneer we er daadwerkelijk van kunnen uitgaan dat die eigen kracht voldoende is. Ik hoop dat u in de beleidsregels ook heeft gezien dat daar een enorme lijst aan vragen onder zit over wanneer sprake van eigen kracht is en n dan gaat het om eigen kracht in het eigen gezin, maar het kan ook daarbuiten zijn, het moet beschikbaar zijn en iemand moet ook feitelijk aanwezig zijn want iemand die bijvoorbeeld op de grote vaart zit, kan fysiek best in staat zijn om iets te doen maar als die er niet is dan wordt het toch wel ingewikkeld. Daar zijn ook vanuit de jurisprudentie heel veel regels opgenomen over wanneer je daarvan mag uitgaan en wanneer niet. Ten slotte vroeg u nog hoe het zit met de effecten van het verlagen van het pgb-tarief.

Wij hadden eerder al dit tarief en dat is op een gegeven moment verhoogd omdat dit destijds op basis van jurisprudentie moest. Inmiddels is die jurisprudentie teruggedraaid en kunnen wij terug naar het tarief dat we eerder hebben gehanteerd en waarmee destijds nooit problemen zijn ontstaan. Een pgb is geen inkomen, dat is een vergoeding voor geleverde zorg, dus dat telt daar ook nog bij en we zitten nog steeds ruim hoger dan het wettelijk minimumloon. Volgens mij was dat het en dan zit ik zeker ongeveer op de helft, dus de andere helft is voor mijn collega. Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

7

De VOORZITTER: U zit inderdaad op de helft, dat is mooi mevrouw Van der Meij. Mag ik… Ja, mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Een hele korte vraag want mevrouw Van der Meij zegt iets over het pgbbedrag en dat snap ik, dat is ook een technisch antwoord, maar mijn vraag was ook hoe we monitoren of en wat de effecten van die verlaging zijn. Dus niet of het terecht is en of het eerder anders was, maar hoe we dat monitoren. De VOORZITTER: Hoe monitoren we dat mevrouw Van der Meij? Wethouder VAN DER MEIJ: Dank u wel. Het is niet zo dat we honderden pgb's hebben lopen, dus op het moment dat iemand een pgb van ons ontvangt en aangeeft niet uit te komen dan komt hij dus niet uit met de zorg en dat betekent dat er opnieuw een aanvraag wordt ingediend. We hebben een bepaald budget en daar staat… Het gaat natuurlijk niet om het budget, maar om het aantal uren en als dat aantal uren niet meer voldoende is dan komt er weer een keukentafelgesprek om te onderzoeken wat er dan extra nodig is. De VOORZITTER: Er komt nog één vervolgvraag van de heer Dikkes van de VVD. De heer DIKKES: Voorzitter, dank u wel, ik zal proberen het heel poëtisch over te brengen maar daar ben ik vaak niet zo goed in. Ik hoorde de wethouder iets zeggen over huiselijk geweld en ik heb nog niet gehoord waarom dat in onze beleidsregels nu is beperkt tot vrouwen. Dus mijn vraag staat eigenlijk nog steeds open.

De VOORZITTER: Mevrouw Van der Meij. Wethouder VAN DER MEIJ: Wat ik al aangaf, omdat dit nog niet in de verordening in Haarlem is aangepast. Wij vallen onder Haarlem, dus wij kunnen alleen maar verwijzen naar wat er in Haarlem op dat punt gebeurt. Dat is niet onze verantwoordelijkheid, die ligt bij de centrumgemeente. De VOORZITTER: Nog één vervolgvraag mijnheer Dikkes. De heer DIKKES: Ja, een laatste dan. Ik snap het dan niet helemaal want de wethouder zei net tegelijkertijd 'de beleidsregels zoals wij ze vaststellen, zijn alleen voor ons intern'. Ik denk dat we het dan kunnen opnemen want dan heeft het niets te maken met wat Haarlem in zijn verordening heeft staan. De VOORZITTER: Mevrouw Van der Meij. Wethouder VAN DER MEIJ: Maar intern moeten wij ons houden aan wat er in de centrumgemeente is opgenomen want die gaat over de zaak van de vrouwenopvang. De VOORZITTER: Oké, dan gaan we naar de andere helft van het college en dat is mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Dank voor het woord voorzitter en dank ook aan alle fracties voor alle bijdragen, in het bijzonder aan mevrouw Van de Meeberg en mevrouw Elfers die hun laatste bijdrage in deze bestuursperiode hebben afgerond. Ik wil jullie bij dezen danken voor jullie inzet en jullie kritische geluid.

(Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Vast meer? Ik geloof dat jullie allemaal wel terugkomen, volgens mij komen twee mensen definitief niet terug in de raad. (Er wordt buiten de microfoon Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

8

gesproken.) Het CDA ook? Oké. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ik denk dat u wel terugkomt, de heer Koning. Dan terug naar de inhoud en naar de vragen van de verschillende partijen. Laat ik beginnen met GroenLinks die een vraag over de IIT, de individuele inkomenstoeslag, had, een terechte vraag. De wijziging is in december 2025 voorgesteld, voordat de motie werd aangenomen. Hij is ook op juridische haalbaarheid getoetst en ik kan u meegeven dat die positief is ervaren. Het uitvoeren van die motie vraagt wel om enkele aanpassingen in onze beleidsregels en ook in onze verordening en hiervoor komen we ook in Q2 2026 terug naar de raad. Om geen vertraging voor inwoners op te lopen, dat was ook de achterliggende gedachte van uw vraag, zijn we eigenlijk begin 2026 al gestart met het ambtshalve toekennen van de regeling 'Haarlemmermeer doet mee voor volwassenen' op basis van het lagere bedrag conform het aangenomen voorstel. Inwoners die vanwege de motie recht hebben op een hoger bedrag ontvangen van ons in Q2 van 2026 een nabetaling en de start van die ambtshalve toekenning van de individuele inkomenstoeslag staat gepland voor Q2 2026. Gekeken naar uw motie, die gaan we gewoonweg uitvoeren op de manier die u heeft voorgesteld. De VOORZITTER: Dat roept nog vragen op, ik ga wel één keer nog de vragen allemaal ophalen. Ik begin bij mevrouw Van Goethem.

Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, dank u wel voorzitter. Is de wethouder het met mij eens dat op deze manier met terugwerkende kracht alsnog voor 120% toekenning, eigenlijk de hele motie, en het idee om dit niet in januari te laten ingaan tenietdoet? We wilden als raad juist voorkomen dat mensen een ontzettend gat hadden en ze pas in eind december zouden horen dat ze per januari op hun individuele inkomenstoeslag zouden worden gekort. Op deze manier krijgen ze dus pas in juli met terugwerkende kracht een bedrag terwijl het gaat om minimagezinnen. De VOORZITTER: Ik ga eerst kijken of er nog andere vragen in de raad zijn en anders ga ik voor een laatste keer naar het college. Dat is niet het geval. Mijnheer El Idrissi, de laatste vraag. Wethouder EL IDRISSI: Dank voor het woord voorzitter. Ik denk dat het goed is dat we deze discussie niet opnieuw gaan voeren omdat we die natuurlijk al in de sessie met elkaar uitvoerig hebben behandeld. U heeft als raad een motie ingediend, die is aangenomen en wij voeren hem uit zoals u dat heeft aangegeven. Ik kan er niets anders van maken dan wat u in die motie van ons vraagt. De VOORZITTER: Mevrouw Van Goethem.

Mevrouw VAN GOETHEM: Ja voorzitter, volgens mij hebben we deze discussie niet gevoerd in de sessie want in de sessie wist ik nog niet, in ieder geval als raadslid, dat die motie niet zou worden uitgevoerd en sterker nog, dat de inwoners per januari 110% zou worden toegekend. Dus ik zou wel graag willen weten waarom wij dan als raad niet eerder zijn geïnformeerd over deze werkwijze en de uitvoering van de motie. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: De motie is aangenomen in december 2025. Wij hebben toen gekeken en ik heb bij het aannemen van de motie de kanttekening aangegeven dat we hem ook op juridische haalbaarheid moesten toetsen. Daar is wat tijd overheen gegaan, daar zat een kerstreces tussen. Dat betekent ook dat we in januari jl. hebben gezegd dat we ambtshalve op 110% gaan toekennen. We voeren uw motie gewoonweg uit, dus ik snap niet precies waar voor mevrouw Van Goethem de crux zit.

Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

9

De VOORZITTER: Het is maar goed dat de andere motie die vanavond misschien in stemming wordt gebracht nog niet is aangenomen, anders was u flink aan de beurt geweest met € 5,00. Mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja voorzitter, is de wethouder het met mij eens dat het college zelf wel de tijd kan nemen om het juridisch te toetsen, maar dat die tijd niet wordt gegund aan mensen met een minimuminkomen boven de 110%? Die mensen hebben eigenlijk eind december 2025 te horen gekregen dat ze niet meer een individuele inkomenstoeslag krijgen en dat ze dat dan straks met terugwerkende kracht pas in juli 2026 krijgen terwijl zij degenen zijn met te weinig geld op hun rekening. De VOORZITTER: Nog één reactie van de wethouder en dan wil ik de termijn afronden voor de tweede termijn. Wethouder EL IDRISSI: Of er is een communicatiefout of mevrouw Van Goethem heeft niet goed begrepen wat ik hier precies over heb gezegd. Er is een overbruggingsregeling, wat u in de motie heeft gevraagd. U vraagt aan het college om een overbruggingsregeling op deze regeling toe te passen en dat hebben we gedaan. Dat betekent dat je een regeling toepast op hetzelfde bedrag, op hetzelfde percentage, voor het gehele jaar. Dat hebben we op twee regelingen toegepast, dat is uw motie en wij voeren hem uit op uw aanvraag. De VOORZITTER: Ik rond de eerste termijn af.

Vooralsnog zijn er geen onderwerpen gebezigd. Ik weet niet of er behoefte is aan een tweede termijn. Ik voel hem niet namelijk want ik heb een aantal van u horen zeggen 'het had net zo goed op de stemmingenlijst kunnen staan'. Dan concludeer ik dat het stuk voldoende is besproken. Mogelijk komt er nog een amendement, maar dat is mij niet helemaal helder, dat zullen we straks bij de stemmingen zien. De laatste sessie was kort maar krachtig collega's. Ik wil u allen bedanken voor de fijne samenwerking en ik wens u allen veel plezier met de verkiezingen, ik loop inmiddels op mijn tandvlees. Ik wens jullie allemaal een fijne avond en ik sluit deze sessie. Dank u wel.

Conceptverslag Raadsvoorstel Verordening Sociaal Domein 2026 5 maart 2026

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=75f9665e-e83a-4616-ba04-dc590c354e8c