CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-01-23 Raadssessie RV Kredietaanvraag VOR 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 13 februari 2025, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Vaststellen van de verslagen van het Raadsplein van 23 en 30 januari 202511.696 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 23 JANUARI 2025 Onderwerp:

RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 (11610192)

Voorzitter:

mw. K. van Goethem

De leden: dhr. S.J. Bier, dhr. T.M. Blom, dhr. M.F. Boels, mw. Y.M.G. Bouwhuis, dhr. J.A. Hekstra, dhr. J.G. Rip, dhr. F. Sidali, dhr. D.P.F. Zuyderwijk Griffier: dhr. M.H.H. Gerding Portefeuillehouders: mw. M.L. Sedee-Schuitemaker, mw. M. Steffens-van de Water Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Goedenavond, dames en heren en welkom bij deze sessie over de het raadsvoorstel Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025. Excuses namens deze voorzitter dat we net wat later starten dan u gewend bent. We gaan het hebben over het raadsvoorstel en er zijn geen insprekers bij deze sessie. Zoals u in de agenda heeft kunnen lezen, is er één spreektermijn. Aan het eind van deze termijn is het woord aan het college voor de beantwoording van de vragen. Het college is ook aanwezig. Technische vragen behoren niet tot de mogelijkheid en interrupties kunnen uiteraard wel. Wie mag ik als eerste het woord geven? Ik zie mevrouw Bouwhuis van Forza! als eerste, gaat uw gang. Mevrouw BOUWHUIS: Dank u wel voorzitter. Het college vraagt om meer dan € 20 miljoen aan investeringen. Hoewel wij begrijpen dat onderhoud en vervanging van onze openbare ruimte noodzakelijk zijn, wil Forza! enkele kritische noten plaatsen. Ten eerste zien wij dat een groot deel van deze investeringen voorkomt uit een hoge vervangingsopgave, mede door een groei die onze gemeente al jaren ervaart.

Maar hoe kan het dat wij ons nu in deze situatie bevinden? Zijn de huidige reserves en begrotingsplannen ontoereikend gebleken? Het kan toch niet zo zijn dat wij, jaar na jaar, te maken krijgen met onverwachte stijgingen en kredietaanvragen? Daarnaast voorzitter, zijn wij bezorgd over de werkelijke noodzaak en prioriteit binnen deze plannen. Een bedrag van bijna € 3,4 miljoen voor speelvoorzieningen roept de vraag op hoe noodzakelijk vergroening van speelplekken is, in een tijd waarin inwoners kampen met stijgende lasten door inflatie en hogere lokale lasten. Kan het college uitleggen waarom wij de vergroening van speelplaatsen niet kunnen faseren of deels uitstellen? Ook de investering van bijna € 3 miljoen in openbare verlichting, inclusief slimme systemen, roept vragen op. Hoewel duurzaamheid belangrijk is, lijkt dit vooral een luxewens. De energiebesparing die wordt genoemd, is lovenswaardig, maar zijn deze kosten in deze vorm echt te verantwoorden? Waarom wordt hierbij niet meer gekeken naar publiek-private samenwerkingen om de kosten te drukken? Dan wat betreft de uitgaven aan begraafplaatsen. Het vervangen van bestrating en beplanting op begraafplaatsen wordt geraamd op bijna € 250.000,00. Forza! vraagt zich af waarom privatisering van het beheer van begraafplaatsen geen optie is.

In andere gemeenten heeft dit geleid tot meer efficiëntie en lagere kosten, terwijl kwaliteit gewaarborgd blijft. Kan het college hierop reflecteren? Voorzitter, Forza! vindt dat we bij deze kredietaanvraag terug moeten naar de basis: veiligheid en volksgezondheid eerst. Het vervangen van versleten rioleringen en bruggen, zoals genoemd in dit Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

1

voorstel, is duidelijk. Maar andere onderdelen, zoals recreatieve uitbreidingen, kunnen prima wachten. Ik sluit af met een oproep aan het college: kom met herprioritering van de uitgaven, gericht op de essentie… De VOORZITTER: Excuses, mevrouw Bouwhuis, voordat u afsluit, heeft u nog een interruptie van de heer Boels van de VVD. De heer BOELS: Ja, dank u wel voorzitter. Ik ben eigenlijk heel erg nieuwsgierig geworden want op het moment dat deze plannen niet uitgevoerd worden, is Forza! altijd de eerste partij die zegt 'het is zo'n schande hoe de gemeente erbij ligt! De wegen zijn heel slecht. De speelvoorzieningen zijn niet goed, de riolering is niet goed, dit is niet goed, dat is niet goed'. Wat is nu eigenlijk het voorstel van Forza! precies, behalve allemaal onderzoek te doen naar hoe het anders georganiseerd kan worden? Moeten we het nu wel of niet gaan doen? De VOORZITTER: Mevrouw Bouwhuis. Mevrouw BOUWHUIS: Zoals ik in mijn voorgaande alinea al zei, het vervangen van versleten rioleringen en bruggen, zoals genoemd in het voorstel, is duidelijk. Maar andere onderdelen, zoals recreatieve uitbreidingen, zoals bijvoorbeeld de speelplaatsen, kunnen prima wachten. Dan sluit ik hiermee ook af met een oproep aan het college die uw vraag verder beantwoordt. Kom met een herprioritering van de uitgaven, gericht op de essentie.

Laten we eerst focussen op veiligheid en volksgezondheid en pas daarna kijken naar extra's. Onze inwoners verdienen geen overbelasting van de gemeentelijke financiën, maar een efficiënte en noodzakelijke besteding van hun belastinggeld. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank mevrouw Bouwhuis en dan zag ik de heer Hekstra van ChristenUnieSGP zijn hand opsteken. De heer HEKSTRA: Dank u wel voorzitter. De ChristenUnie-SGP-raadsfractie staat achter de beoogde principes en de doelen die bereikt moeten worden met de kredieten die voor dit jaar zijn aangevraagd. Het is plezierig dat het college heeft aangegeven op welke onderdelen de raad kan sturen en aanpalende beleidsaanpassingen kan voorstellen. Dit zal de raad natuurlijk moeten motiveren. Onze fractie stemt in met alle gedane voorstellen. De reden waarom we instemmen, is dat een goede en moderne infrastructuur van belang is voor de ontwikkeling van Haarlemmermeer. De randvoorwaarden zijn veiligheid, leefbaarheid en milieu. Het gemeentebestuur zet zich dus in om de voortgaande aantasting van het woon- en leefmilieu te voorkomen. Als laatste, voorzitter, nog dit: het zou te waarderen zijn als het college om de vier jaar aan de gemeenteraad een nota aanbiedt voor het beleid van waardering en afschrijving. De laatste versie is van zes jaar geleden. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank, mijnheer Hekstra.

Was dat laatste een oproep aan het college om ook een reactie te geven? Want dan neem ik dat mee en dan kan het college ook meeschrijven. Ja, ik zie u knikken. Dan zag ik mijnheer Blom net zijn hand opsteken. Mijnheer Blom van het CDA, gaat uw gang. De heer BLOM: Dank u wel voorzitter. Onze ambitie voor de fysieke leefomgeving is een schone, duurzame, hele en veilige openbare ruimte. In hoeverre voldoen wij aan deze ambitie? Afgelopen vrijdag heb ik een rondje gelopen langs de Hoofdvaartkant tussen de spoorbrug en de brug van de Zuiderdreef. Ik heb twee emmers vuil geraapt, van blikjes en flesjes tot complete afhaalmenuverpakkingen. Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

2

De ambitie om onze omgeving schoon te houden blijkt lastiger dan het lijkt. Ook de veiligheid voor de wat oudere mede-inwoners, waar ik mezelf ondertussen ook toe mag rekenen, blijkt onder de maat. Twee mensen in mijn kennissenkring werden kortgeleden opgenomen in een zorgcentrum na een onfortuinlijke val, veroorzaakt door ongelijk liggende tegels. Uit landelijk onderzoek van veiligheid.nl blijkt dat losliggende stoeptegels, boomwortels die door het trottoir groeien en schuine stoepen jaarlijks leiden tot ongeveer 20.000 enkelvoudige voetgangersongevallen. Landelijk een serieus probleem dus. Maar blijkbaar ook bij ons. In dit raadsvoorstel lezen wij onder hoofdstuk 3, Uitwerking, 'Onze hoge vervangingsopgave valt samen met de opgave om de openbare ruimte conform het landelijk Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie – lange zin – in 2050 zo veel mogelijk klimaatbestendig te hebben ingericht.' Het 'zo veel mogelijk' in deze zin triggerde ons. Was het niet zo dat wij in 2050 onze openbare buitenruimte klimaatbestendig moeten hebben ingericht, en niet 'zo veel mogelijk klimaatbestendig'? Voorzitter, we zitten met de volgende vraag. Sinds wanneer is deze afzwakking in de doelstelling opgenomen? De tabellen in dit raadsvoorstel geven aan waar de investeringskredieten voor gebruikt worden. Deze bestemmingen zijn divers en tonen ons waar wij als gemeente verantwoordelijk voor zijn.

Het CDA verwacht van het college dat deze gelden goed en doelmatig besteed worden. Maar als wij bij de nieuwbouwprojecten in onze eigen omgeving gaan kijken en zien dat het nieuwe vuil- en schoonwaterriool samengebracht worden en aangesloten worden op een verouderd enkelvoudige riool, begint bij ons het wantrouwen te groeien. Als we dan met de betrokken uitvoerders in gesprek gaan en zij ons aangeven dat dit ook tegen hun eigen kundigheid ingaat, geeft dat ons geen vertrouwen. Deze ervaringen zijn gedeeld met de wethouder en haar staf. Maar ik wilde het u hier toch niet onthouden. Maar we moeten door. We hebben onze polders geërfd van onze voorouders en dienen deze netjes door te geven aan onze kinderen. Het gebruik ervan is een gunst. Zo zien wij dat. Voorzitter, tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank mijnheer Blom van het CDA. Dan zag ik mijnheer Sidali van de PvdA zijn hand opsteken. De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter, als het wantrouwen begint te groeien bij het CDA, maak ik me heel ernstig zorgen, voorzitter. Maar dat even terzijde. We zijn aan het groeien als gemeente en dat kost ook gewoon geld. Meer mensen maken meer gebruik van wegen, meer gebruik van water, er zijn meer bezoekers, dus ja, dat slijt allemaal wat harder. Dan zul je dus ook meer moeten aanleggen en meer moeten onderhouden. Dus we willen groeien en dat hoort er dan ook gewoon bij.

De PvdA is ook blij dat gezegd wordt in het raadsvoorstel dat sprake is van een 'realistische begroting'. Het college heeft geleerd van voorgaande jaren en wil echt projecten aanpakken die daadwerkelijk aangepakt kunnen worden en dus niet op de plank zullen blijven liggen. Met name de euro's blijven dan niet op de plank liggen. We zien dat als positief punt waar het college echt goed heeft geluisterd naar de raad bij eerdere inbrengen; begin met projecten waarmee je gewoon meteen kunt beginnen. Als wij dit vaststellen, dan gaan ze dit jaar beginnen en zijn er nu al projecten. Dus wij gaan dit vol verwachting volgen, voorzitter. Dan nog wat puntjes die we toch wel zouden willen bespreken, voorzitter. We groeien en mensen maken ook steeds meer gebruik van sportvelden. Met name als het gaat om voetbal en kunstgrasvelden is dat iets dat echt aangepakt moet worden. Dat horen we van verschillende voetbalverenigingen. Ze moeten nog te veel wedstrijden afgelasten omdat ze het moeten doen met 'natuurgras', zoals dat dan gezegd wordt. Het is een investering. Als je een kunstgrasveld hebt, kunnen mensen veel vaker sporten en hoeven wedstrijden veel minder vaak afgelast te worden.

Dus ik vraag het college: kunt u ons een overzicht geven van kunstgrasvelden die nog aangepakt zouden moeten worden of nieuwe kunstgrasvelden die komen in plaats van natuurgrasvelden voor de komende jaren? Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

3

Dan is de PvdA tot slot erg blij dat Forza! goed luistert naar de PvdA als het gaat om privatisering van begraafplaatsen. We hebben dat vorig jaar namelijk ook al aangegeven. Ik denk dat hier een goede kans ligt voor de gemeente om toch te kijken hoe we de begraafplaatsen kunnen privatiseren zodat ondernemers ermee aan de slag kunnen, met natuurlijk allerlei voorwaarden daaraan vast zoals contractuele voorwaarden, toezicht en controle, et cetera. Dus ik vraag het college tot slot om vooraf een gedegen studie te doen naar de voor- en nadelen en de voorwaarden zorgvuldig vast te leggen in de besluitvorming. Verzelfstandiging in een stichting of gemeentelijke NV kan een goede optie zijn omdat deze constructie zowel vrijheid van handelen, als oog voor de lange termijn waarborgt. Ik denk dat dit wel als muziek in de oren klinkt, met name van de VVD. Ik ben echt benieuwd hoe collega's hierover denken. Forza! hebben we daar in ieder geval al in gevonden. Maar ik vraag het college ons te helpen met een gedegen onderzoek hiernaar. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Sidali van de PvdA. Dan heb ik nog op mijn lijstje staan de VVD, HAP, GroenLinks en D66. Wie mag ik het woord geven? Ik zie bij D66 een hand opsteken, gaat uw gang, mijnheer Bier. De heer BIER: Dank u wel voorzitter, ik wil beginnen met een persoonlijke noot.

Mijn dochter heeft ooit een vraag doorgegeven tijdens een Raadslid in de klas-sessie waarom toch een slecht onderhouden speelplaats ook nog verdween. Dat geeft eigenlijk aan dat kinderen het heel belangrijk vinden om te kunnen spelen en met het huidige mobielgebruik wordt het, denk ik, ook nog steeds belangrijker om dat in een mooie, interessante omgeving te kunnen doen. Dan kom ik bij het raadsvoorstel. Wat D66 betreft een prima voorstel. We zijn ook heel blij met de afwegingsmogelijkheden die meegegeven worden om het hier en daar iets te temporiseren of iets uit te kleden. Wat D66 betreft, moeten we dat niet doen. We snappen dat er een bepaalde capaciteit ligt. Alles wat je nu niet doet, is volgend jaar duurder. Dan zitten wij hier straks tegen een nog hogere kredietaanvraag aan te kijken. Dus wat D66 betreft, wordt er gewoon vaart gemaakt met het huidige voorstel en hoeven we niet relatief kleine delen, zoals het niet vervangen van speelplekken, eruit te sleutelen. Dat levert niet de meerwaarde op die onze samenleving speelbaar en leuk maakt. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Bier en daarna zag ik mijnheer Zuyderwijk van GroenLinks Haarlemmermeer. Gaat uw gang. De heer ZUYDERWIJK: Dank u wel voorzitter. Onze gemeente glijdt af. De verloedering is zichtbaar.

Voet- en fietsbruggen die verouderd zijn, gekapte bomen die niet vervangen worden en speeltoestellen die in slechte staat verkeren. Dit is onacceptabel voor onze inwoners die rekenen op een fijne en aantrekkelijke leefomgeving. Het frustreert ons, voorzitter, dat eerdere periodes grote delen van het beschikbare budget niet besteed zijn. Hoe kan dit? Hoe komt het dat we hier nu opnieuw bij elkaar zitten terwijl meer budget wordt vrijgemaakt en waarschijnlijk weer niet besteed zal worden? Daarnaast komen er ook nog uitdagingen door klimaatverandering met extreme hitte en heftige regenval bij waardoor de budgetten nog hoger zullen worden. Hoe kunnen de inwoners erop vertrouwen dat dit college dit nieuwe geld wel zal uitgeven? Graag een reactie van het college. Laten we twee pijnlijke voorbeelden die het afgelopen jaar zijn langsgekomen, benoemen. Op 21 juli jl. hebben we een inspreker gehad die het had over de Leidsemeerstraat in Buitenkaag, waar de slechte staat van hun enige speeltoestel in het dorp besproken is. Dat is namelijk hard aan vervanging toe. Daarnaast is van Hoofddorp-Centrum meerdere keren aangegeven dat het straatbeeld niet schoon, heel en veilig is en daar doen we niets mee. Het is een grijze, grauwe omgeving geworden, net als veel andere plekken in Haarlemmermeer. Wij vinden dat dit niet zo langer kan.

Onze inwoners hebben recht Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

4

op een leefomgeving waar iedereen trots op is en zich fijn bij voelt. Het college moet zorgen dat we de volgende keer niet weer bij elkaar komen en weer vaststellen dat we de budgetten niet uitgeven. Zorg ervoor dat dit wel gebeurt en ga de verloedering van Haarlemmermeer tegen. Dank u wel. De VOORZITTER: U heeft ook nog op de valreep een interruptie van HAP van de heer Rip. De heer RIP: Ja, als ik GroenLinks zo beluister, biedt onze gemeente een treurige aanblik. Maar vertelt u mij nou eens even, heeft u de risicoparagraaf in het raadsvoorstel goed gelezen? Heeft u gelezen wat een afhankelijkheid wij hebben als gemeente van anderen om te zorgen dat we alles in goede banen weten te leiden? Als ik u zo beluister, deugt er helemaal niet veel van. Maar wat is uw oplossing? Gaat u € 20 miljoen extra proberen los te krijgen van de raad om het vlot te trekken? Wat gaat u dan anders doen? De VOORZITTER: De volgende keer graag via de voorzitter, alstublieft, mijnheer Rip. Mijnheer Zuyderwijk. De heer ZUYDERWIJK: Het gaat om het punt dat wij nu budgetten opstellen en dat we er keer op keer achter komen dat we de budgetten die we hebben bestemd niet uitgeven. Ons punt is: ga ervoor zorgen dat dit wel gebeurt. Er stond nu ook weer in het raadsvoorstel dat onze realisatiegraad 80% is. Dan is het volgens mij duidelijk dat wij het niet halen.

Wij spreken het college erop aan en sporen daarmee ook het college aan dat wel te doen. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan ga ik nu naar mijnheer Boels van de VVD. De heer BOELS: Dank u wel voorzitter, wat een mooie themasessie hebben we zo met elkaar, want ik weet eigenlijk niet wat ik hoor allemaal. Dat heeft ermee te maken dat ik de PvdA hoor pleiten voor privatiseren, dat Forza! niet meer boos is dat speeltuintjes kapot zijn en dat GroenLinks en de PvdA het niet met elkaar eens zijn. Ik weet echt niet wat ik meemaak! Maar niet getreurd, we willen ook best een duit in het zakje doen dus we gaan kijken of we u ook zo kunnen verrassen. We hebben een aantal opmerkingen. In algemene zin delen we de mening van de PvdA in dezen dat het fijn is dat het de goede kant op gaat met realistischer begroten. Toch zouden wij nog wel net een stapje verder willen zetten om te kijken of het nog net wat realistischer kan. We horen graag van het college uitleg over waarom er toch elke keer – het is nu de vierde keer dat ik een dergelijk stuk behandel – weer meer geld bij moet. Kan er niet net wat realistischer begroot worden? Want elke keer is de boodschap weer 'weer geld erbij'. Het is nooit minder geld. Dus ik hoop dat het college ons daar wat bij kan helpen en toelichten hoe dat nu zit. Het tweede gaat over de realisatiegraad.

Ik hoorde GroenLinks dat ook zeggen, maar dat was wel een beetje de 'halfleegbenadering', wij gaan voor de 'halfvolbenadering'; ik vind 80% heel veel, maar het mag misschien nog wat meer zijn. Het zou fijn zijn als we net wat verder zouden komen dan die 80%. Maar ook daar hoor ik graag de uitleg over hoe dat in elkaar zit. We konden dat uit de stukken niet reproduceren. Verder nog een aantal wat meer praktische punten. Ik hoorde geloof ik ook de ChristenUnie-SGP pleiten over die afschrijvingstermijnen. Wij zouden dat liever niet in dit stuk apart vaststellen, maar liever bij het document waar het eigenlijk bij hoort, namelijk de notitie Activabeleid. Laten we die notitie dan updaten, dan nemen we dit meteen mee. Dat zou wat ons betreft een slimme zet zijn. Dan kijk je meteen naar het geheel en niet naar deze losse punten als afzonderlijke punten. Verder een onderzoek haalbaarheid investeringsbehoeften, dat gaat met name over de capaciteit van ons ambtelijk apparaat dat al deze dingen moet uitvoeren. Daar heeft ook die realisatiegraad vast een rol bij. Wij horen graag waarom we dat onderzoek nog niet hebben gehad. We krijgen het nu niet en we Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

5

hadden het in Q4 moeten krijgen. Het wordt gekoppeld aan een RKC-onderzoek. Ik zou dan toch het college willen oproepen om even contact op te nemen met de RKC, want volgens mij wordt dat onderzoek niet uitgevoerd. Verder wordt er ook nog eens een koppeling gemaakt met de warmtetransitie. Dat klinkt allemaal als 'over vijf jaar krijgen we dan weer eens een stuk'. Ik heb liever dat we dat dan niet allemaal zo bij elkaar vegen en dan heel lang moeten wachten. Ik heb liever dat onderzoek naar wat er nodig is in ons ambtelijk apparaat om alles te kunnen realiseren wat we nodig hebben. Want laten we eerlijk zijn, er ligt een enorme investeringsopgave en we zijn blij dat er hard aan wordt gewerkt want dat brengt uiteindelijk veiligheid, leefbaarheid, een schone omgeving, al die dingen waar we zo de mond van vol hebben. Dit is in ieder geval een goede stap in die richting. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Boels van de VVD, dan houd ik alleen nog mijnheer Rip van HAP over op mijn lijstje. De heer RIP: Ja voorzitter, HAP ziet hier gewoon een doordacht raadsvoorstel met een 'onsjeminderkeuzemenu' voor de raad, zoals ook altijd zichtbaar was bij de behandeling van de strategische investeringen in december. Bij de VOR '21, '22 en '23 konden we heel goed zien met elkaar waar dat geld naartoe ging en wat er bij de eerdere VOR'en is beloofd.

Dus er wordt niet meer geld gevraagd dan nodig is. Voorzitter, HAP waardeert de grondige voorbereidingstijd die zichtbaar is als je bijlage 1 en 2 goed analyseert. Alle processen zijn doorlopen en overzichtelijk voor de raad gemaakt. Dat willen we ook. Ook de complimenten voor de aandacht voor de mobiliteitsinvesteringen, dan heb ik het vooral over onder het maaiveld, de zogenaamde rioolkilometers. Die vergeten we wel eens. En complimenten voor de efficiëntere rapportage naar de raad. Voorzitter, sommige fracties zeiden het al, de fysieke leefomgeving is belangrijk voor onze inwoners en ondernemers. Waar we in de polder ook terechtkomen, dit is de nummer 1 ergernis of vraag van alle inwoners. Ze willen gewoon een schone, veilige en hele leefomgeving. Niet alleen als je 's ochtends weggaat naar je werk, maar vooral ook als je thuiskomt. Dan wil je blij thuiskomen in een schone omgeving. We zien nu een 'onsjemindermenukaart'. Wij zullen u vast teleurstellen. Wij gaan er geen gebruik van maken want het moet niet een onsje minder. Het moet, wat HAP betreft, een onsje meer zijn. Er zijn zorgen over het achterstallig onderhoud en de vervangingsopgave voor de toekomst. Dan kunnen we onszelf de spiegel voor houden. Wij hebben als raad al die jaren heel makkelijk het instrument van voor je uitschuiven gehanteerd. Dan krijg je natuurlijk nu een keer de rekening.

Dat maakt wel dat we nu proberen een haakje te vinden voor de investeringen voor de toekomst; moet je je daar niet beter op voorbereiden? Ik wil graag met de collega's van gedachten wisselen over de vraag, en die ook aan het college stellen: hoe kijkt u ertegen aan om bij de toekomstige investeringsvoorstellen in ieder geval een paragraaf op te nemen over beheer met een total cost of ownership? Het is wel eens vaker hier te berde gebracht. Dat hebben we echt nodig. Want als we in de toekomst over tien jaar een speelplekje willen vervangen, moeten we wel zorgen dat we daar de financiën voor hebben. Dus het lijkt mij ook raadzaam als raad in die investeringskredieten alvast een deel mee te nemen dat je moet hebben voor beheer. Dan eindig ik maar bij de risicoparagraaf. Dat was ook de reden dat ik even bij GroenLinks inbrak. Daar staan vijf risico's. Als je er gewoon snel doorheen leest, lijkt het gewoon heel makkelijk. Maar er is een ongelooflijk afhankelijkheidsrisico. Wij zijn de regisseur. Maar we zijn afhankelijk van derden die het allemaal moeten gaan doen. Als er personeelstekorten zijn, wordt het lastig. Daarom vind ik een 80% realisatiegraad een uitstekende prestatie. Ik weet nog van vroeger dat je, als je een 8 op je rapport had, een paar euro kreeg. Het is een prachtig niveau. Ik denk ook wel dat het beter kan. Maar laten we dan wel heel reëel zijn.

Dan zullen we er meer geld bij moeten doen en dan zullen we ook in de toekomst meer moeten counteren op het gebied van beheerlasten en dat moet je dan in je investeringen al Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

6

opnemen. Voorzitter, ik wil het hier maar even bij laten. De VOORZITTER: Mijnheer Rip, ook u heeft op de valreep nog een interruptie van de heer Blom van het CDA. De heer BLOM: Mijnheer Rip, u zegt dat een 8 op uw rapport heel goed is. De VOORZITTER: Via de voorzitter, alstublieft, mijnheer Blom. De heer BLOM: Ja, voorzitter. Vindt u dat ook niet goed? Een 8 op het rapport van mijnheer Rip? Maar als je 80% uitgeeft van het budget dat je hebt toegewezen gekregen, vind ik dat toch eigenlijk geen voldoende. Dus ik begrijp niet helemaal dat u dat als een positief feit noemt. Als je alleen al naar het riool kijkt, ligt daar nog € 8 miljoen onbesteed geld in reserves opgetast. Dat had mooi uitgegeven kunnen worden aan vernieuwing en onderhoud. Ik zie het positieve er niet zo van. Maar dat was dus geen vraag. De VOORZITTER: Dan zet ik er een vraagteken achter: vindt u dat niet ook, mijnheer Rip? En over het rapportcijfers van mijnheer Rip zal ik…. De heer RIP: Als je dat technisch, rekenkundig bekijkt, kan ik daar misschien in meegaan, maar mijnheer Blom, u heeft toch ook gelezen dat onze afhankelijkheid… De VOORZITTER: Via de voorzitter, mijnheer Rip. De heer RIP: Alweer? Dat ga ik echt nooit meer onder de knie krijgen, maar ik probeer het. Voorzitter. Ik ga mijnheer Blom het toch nog een keer vragen over die 20%. We zijn te afhankelijk van derden. We moeten alles uitbesteden.

Als de markt op dat moment overloaded is, of je het personeel niet kunt krijgen, dan is dat erg wankel. Dat bent u toch met mij eens? Dan is 80% toch waanzinnig goed? De VOORZITTER: De heer Blom. De heer BLOM: Als je dat op dit jaar zou betrekken, zou dat een goed antwoord zijn, mevrouw de voorzitter. Maar het is al jaren het geval dat het hele budget niet wordt uitgegeven. Ik kan er niets positiefs van maken. De VOORZITTER: Ik denk dat het voor nu voldoende was. Bent u klaar met uw betoog, mijnheer Rip? Ik zie u knikken, helemaal goed. Dan is het misschien wel goed voor de notulen om te noemen dat SRH, FVD, EEN Haarlemmermeer, GEZOND Haarlemmermeer en het Lid Koolmoes niet aanwezig zijn bij deze sessie. Dan is het nu het woord aan het college. Wie van u kan ik… Mevrouw Steffens, gaat uw gang. Wethouder STEFFENS: Dank u voorzitter. Ik verwacht dat straks ook mijn collega nog wel wat wil toevoegen. Om maar te beginnen richting de raad: ik ben heel blij met de steun die ik voel bij het overgrote deel van de raad voor de plannen die we u hebben voorgelegd en voor de gedegen voorbereiding die daarin zat. Maar ik heb natuurlijk ook uw zorgen gehoord, dus daar zal ik later nog op terugkomen. Een aantal van u is ingegaan op het feit dat er keuzemogelijkheden in staan. Het was een wens van uw raad om die erin aan te brengen.

Ik moet u eerlijk zeggen, ik ben natuurlijk best blij dat ik velen van u Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

7

hoor zeggen 'maar daar gaan we geen gebruik van maken, want we hebben eigenlijk liever dat u het goed voor elkaar heeft, dan dat we er nu een klein stukje uithalen dat we eigenlijk achteruitschuiven'. Daar heeft ook een aantal van u iets over gezegd. Dat is niet verstandig. Daar ben ik eigenlijk blij mee. Maar we hadden wel met elkaar afgesproken dat u de keuzes inzichtelijk zou krijgen. Daarom heeft u ze voorgelegd gekregen. Voorzitter, ik heb vragen gehoord van de VVD, maar ook van anderen, om iets toe te lichten over hoe die financiële cyclus in elkaar zit zodat de raad ook begrijpt waarom het beeld ontstaat dat wij steeds meer vragen. Dat wil ik toch nuanceren. Het financiële systeem dat wij hanteren, maakt dat wij op deze wijze iets aan u voorleggen. Dat komt doordat de financiële ruimte voor de VOR van dit jaar al is berekend vanuit het gemiddelde van de drie jaar vanaf het moment dat we het aanvroegen, in 2022. Dan zijn er nog geen specifieke projecten helemaal uitgewerkt en hebben we de jaren daarna – dat is dus vandaag, nu we voor deze jaarschijf iets aan u voorleggen – de daadwerkelijke ramingen voor u staan. Dat betekent dat we van een wat algemeen beeld van een verwachting, gaan naar concrete projecten in het jaar waarbij we ook echt kunnen aanvragen 'dit is wat we nodig hebben'. U kunt begrijpen dat er in de tussentijd ook wel iets gebeurt met financiën en kosten.

Dat is de reden dat wij u niet drie jaar voordat we gaan uitvoeren de exacte bedragen kunnen vragen. Hoe gaan we daar in de toekomst mee om? Dat is ook een vraag die ik heb gehoord. Wij willen eigenlijk – en u kunt dat leuk vinden of niet, maar ik heb ook van een aantal partijen gehoord 'het is ook gewoon een feit, we zijn gegroeid en we willen ook groeien'… Maar in het verleden hebben we ook tijdens een soort piekmomenten hele wijken erbij gebouwd. Dus die hoge vervangingsinvesteringen zijn nu aan de beurt. Dat is niet gek. We gaan de komende jaren toegroeien naar een hoger investeringsplafond. Dat is de manier waarop wij willen meebewegen met die hogere noodzaak. We zullen dan ook bij de voorjaarsrapportage van '25 de investeringsruimte voor VOR '28 toevoegen, zoals u dat van ons gewend bent. De vraag kwam ook van sommigen 'hoe komt het nou dat het daarin toch nog wat fluctueert?', om het zo maar te formuleren. Dat komt doordat de planning van de uitvoering van projecten in een jaarschijf gewoonlijk verspreid wordt over drie jaar. In het begin ben je nog een voorontwerp aan het maken, zo noem ik het maar even, ook al is dat misschien niet helemaal het goede woord. Dan is een deel van de uitvoering daar en dan is soms pas in jaar 3 de afronding. Dat is dan ook het jaar dat we echt het geld uitgeven.

Dat betekent ook dat we u soms moeten vragen om middelen over te mogen hevelen. Dus waar de suggestie wordt gewekt dat wij steeds geld over hebben, wil ik u toch adviseren: kijk nou goed wat wij doen met dat geld. Dan ziet u dat als je in drie jaarschijven één project hebt, je natuurlijk niet in elk jaar evenveel geld uitgeeft. Er zitten kleinere voorbereidingskosten bij en soms zijn dat de echte uitvoeringskosten. Bij grote investeringen gaat dat natuurlijk ook om miljoenen. Maar door die verdeling te maken zoals we het nu doen, proberen we die realisatiegraad, waar ik ook een aantal van u over heb gehoord, verder te verbeteren. Hoe kan ik dat het beste aan u uitleggen? In een wat langer verleden, misschien vijf of zes jaar, lag de realisatiegraad echt aanzienlijk lager dan 80%. Een aantal van u zei al '80% is het best heel behoorlijk'. We zijn al een paar jaar beter in staat om realistisch te plannen, beter te begroten en ook bij te sturen tussendoor. Daardoor zitten we nu op die 80%. Maar ook in absolute zin stijgt de realisatie want we zitten langzaamaan voor deze jaarschijf tegen de € 30 miljoen aan en dat is richting de 90%. Dus ik ga u niet blij maken met een dode mus, maar ik wil u wel zeggen: dit is realisme. Realistisch plannen, realistisch begroten.

Dan moet je gewoon wat ruimte hebben voor zaken waar we ook die afhankelijkheid van derden hebben, waar ik ook mijnheer Rip van HAP over heb gehoord, waarbij je soms zult moeten meebewegen. Voorzitter, dan een aantal specifieke opmerkingen want ik denk dat ik alles in zijn algemeenheid wel heb gehad. Er is een suggestie gedaan door, dan moet ik even kijken door wie dat was, volgens mij mijnheer Sidali, die blij was dat mevrouw Bouwhuis van Forza! aangaf 'moeten we niet eens kijken naar hoe we met begraafplaatsen omgaan?' Daarop zei mijnheer Sidali 'goh, dat heb ik wel eens eerder gezegd. Maar ik zou het wel fijn vinden als u dan daar wel eerst de voor- en nadelen van op een rijtje Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

8

zet'. Als uw collega's dat ook vinden, want dat vind ik wel een voorwaarde, kan ik natuurlijk kijken wat daar de voor- en nadelen van zijn. Maar dan denk ik dat u dat nog even met elkaar moet bespreken want nu hoorde ik van twee partijen deze wens, maar dat is misschien niet helemaal in verhouding tot het werk dat daarvoor staat, voorzitter. De heer SIDALI: Voorzitter? De VOORZITTER: Excuus, mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Ik had eigenlijk een toezegging verwacht dat u dat wel zou willen doen en dat u dat ook als college interessant vindt om eens naar te kijken. Maar goed, als u het teruglegt bij de raad en zegt 'maak maar een motie', dan gaan we een motie opstellen. Maar als hier zich straks een meerderheid vormt, zegt u dus 'ja', zonder motie? Ja? Oké, prima. De VOORZITTER: Ik zie de wethouder knikken en ondertussen een vinger van mijnheer Rip van HAP. De heer RIP: Ik had hem omcirkeld want ik wil het daar graag, als dat nog kan, even met de collega's over hebben want ik vind het wel interessant. Elke keer komen de begraafplaatsen bovendrijven. De VOORZITTER: Daar had ik net ook met de griffie even kort overleg over want deze sessie heeft in feite maar één termijn. Dus zo meteen is in principe de sessie voorbij op het moment dat de wethouder klaar is met toelichting geven.

Maar u bent natuurlijk zelf eigenaar van deze sessie, dus als u aangeeft dat u na het college hier nog over in gesprek wilt, dan kan dat uiteraard. Ik geef het woord weer even terug aan de wethouder. Dan kunnen we dat zo meteen als de wethouder klaar is, nog vragen. Wethouder STEFFENS: Ja, voorzitter. Ik zal zorgen dat u voldoende tijd overhoudt om daar nog over te spreken. Als u dat wilt. Ik kom nog wel even terug bij mevrouw Bouwhuis van Forza! die een aanname deed die ik echt met de beste wil van de wereld niet kan volgen. U geeft aan dat we bijvoorbeeld € 3,4 miljoen willen uitgeven aan het vergroenen van speelplaatsen. Dat staat hier niet. We geven € 2,7 miljoen uit aan de vernieuwing en vervanging van oude speeltoestellen en we geven € 0,73 miljoen uit aan het vergroenen, terwijl we dat doen. Dat is uw eigen opdracht. Dat staat in het speelruimtebeleid, het staat in het klimaatadaptatiebeleid en in alle beleidsdocumenten die u zelf heeft vastgesteld. Daarbij klopt dat dus niet. U deed ook een aanname over dat we nu ineens een hoge vervangingsopgave hebben en vroeg zich af hoe dat kon. Ik hoop dat ik dat net voldoende heb uitgelegd. De VOORZITTER: Dan ga ik even naar mevrouw Bouwhuis want ik zie een vinger. Mevrouw BOUWHUIS: Ja, dank u wel.

Ik denk dat ik de zin van mijn bijdrage dan even ga herhalen: een bedrag van bijna € 3,4 miljoen voor speelvoorzieningen roept, onder andere, de volgende vraag op: hoe noodzakelijk is de vergroening van speelplekken in een tijd waarin inwoners kampen met stijgende lasten door inflatie en hogere lokale lasten? Dus niet de € 3,4 miljoen voor alleen het vergroenen, maar meer in het algemeen, hoe noodzakelijk is dat deel van het vergroenen dan in deze tijd? De VOORZITTER: Helder. De wethouder. Wethouder STEFFENS: Ja, voorzitter, dan hebben we elkaar misschien verkeerd verstaan. Maar ik kreeg ook terug van de mensen die meeluisteren dat we even duidelijk moeten maken hoe de getallen Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

9

verdeeld zijn. Ja, dat is nodig en dat is in de eerste plaats voor mij nodig omdat u beleid heeft vastgesteld waarin staat dat het moet gebeuren. Als u vindt dat het niet meer nodig is om klimaatbestendig te worden en ervoor te zorgen dat we goede speelplekken hebben, moet u dat toch echt met uw collega's bespreken. Ik voer uit wat u mij heeft gevraagd in dat opzicht. Ik ga even door naar mijnheer Blom die iets zei over veiligheid, senioren en tegels. Ik ben het helemaal met u eens, mijnheer Blom. Dat moeten we niet willen met elkaar. Dat is ook de reden dat we moeten zorgen dat we zicht houden op hoe de tegels, de stoepen en straten erbij liggen. Zodra we weten dat daar iets niet goed zit, hebben we gelukkig toezichthouders die meldingen doen en inwoners die meldingen doen. Als het gaat om veiligheid, is de reparatie bijna altijd de volgende dag gebeurd. Dus ik vind het zeer te betreuren als mensen toch zijn gevallen, maar dat is iets dat we in een gemeente zo omvangrijk en groot als Haarlemmermeer echt niet kunnen voorkomen. Hoe naar dat ook is. De VOORZITTER: Mijnheer Blom. De heer BLOM: Nee, maar ik wilde het u natuurlijk ook niet persoonlijke aanrekenen. De VOORZITTER: Via de voorzitter. De heer BLOM: Via de voorzitter natuurlijk. Ik gaf ook al aan dat het een landelijk probleem is en dat het dus bij ons ook voorkomt. Voorzitter. De VOORZITTER: Helder, genoteerd.

Ik geef het woord weer terug aan de wethouder. Wethouder STEFFENS: Dank u voorzitter. Dan kom ik toch bij mijnheer Zuyderwijk. Mijnheer Zuyderwijk, ik heb het gevoel dat wij in een heel andere wereld leveren. Misschien is dat ook een beetje zo. Maar ik bedoel ook in de fysieke wereld. Want wat u net beschreven heeft, herken ik niet als mijn gemeente Haarlemmermeer. Dat het er op sommige plekken echt niet goed uitziet, deel ik met u, maar zoals u het omschreef als verloedering die onacceptabel is, over de bruggen, de speelplekken… Nee, daar herken ik me niet in. Het spijt me dat u dat wel zo voelt of ziet. U heeft het over niet-bestede budgetten. U wilt het over die 20% hebben. Ik heb die 80% hopelijk net goed uitgelegd. U gaf ook nog eens twee voorbeelden om te onderschrijven hoe die verloedering eruitziet. Buitenkaag – die ken ik exact – en Hoofddorp-Centrum. Als u daar specifiek iets over wilt weten, kunnen we dat zo direct even met elkaar bespreken. Misschien kan ik u daar dan over geruststellen. Even kijken voorzitter,… De VOORZITTER: Wethouder, als ik heel eventjes mag helpen, want u heeft nog drie minuten en we moeten ook nog naar uw collega waarschijnlijk.

Ik zie nog een vraag openstaan van de heer Blom over klimaatbestendigheid voor 2050 en een eventuele beleidswissel daarin, over kunstgrasvelden die de heer Sidali noemde en het activabeleid en de RKC realisering van de heer Boels. Die heeft u ook? Wethouder STEFFENS: Ik had ze allemaal, voorzitter. Dus om met het antwoord op het laatste te beginnen. Dat is het stuk onderzoek Haalbaarheid investeringsbehoefte. Dat staat voor juli op de bestuurlijke planning. Volgens mij is dat het stuk waar mijnheer Boels naar vroeg. Over het activabeleid is gesproken. Ja, dat is ook een suggestie. Die kan ik meegeven, maar ik kan niet nu tegen u zeggen 'dat gaan we doen'. Maar ik heb gehoord wat u heeft gezegd en ik heb ook anderen daarover gehoord. En voorzitter, dan zijn de laatste twee vragen voor mijn collega.

Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

10

De VOORZITTER: Helemaal goed. Wethouder Sedee. Wethouder SEDEE: Dank u wel. Laat ik beginnen met de vraag van mijnheer Blom van het CDA of onze ambitie naar beneden is bijgesteld als het gaat om het klimaatbestendig inrichten van onze leefomgeving. Doelstelling is iets anders dan verplichting. We zijn in onze ambitie natuurlijk wel afhankelijk, niet alleen van het waterschap, van de provincie, maar ook van projectontwikkelaars en onze inwoners. Maar uiteindelijk blijft de ambitie vooropstaan dat we heel graag willen dat we in 2050 onze leefomgeving, die zo belangrijk is, klimaatbestendig maken. Dan de vraag van mijnheer Sidali over omzetten van grasvelden naar… Mijnheer Sidali? De heer SIDALI: Voorzitter, ik hoor het hoor, omzetten van natuurgras naar kunstgras. Wethouder SEDEE: Ja, precies. We hebben nog geen compleet inzicht in de noodzakelijkheid van het omzetten van grasvelden naar kunstgras. Maar ik ga voor u onderzoeken of ik dat binnenkort onderzocht kan krijgen. Waarbij we natuurlijk niet moeten vergeten dat als er veel moet worden omgezet, dat een behoorlijk bedrag zal zijn aan pecunia. Voorzitter. De VOORZITTER: Dat was het, tot zover, mevrouw Sedee? Oké, dan kijk ik even rond. Wethouder STEFFENS: Voorzitter, ik ben iets vergeten, realiseer ik me. Dat was een vraag van mijnheer Rip. Mag ik die nog beantwoorden? De VOORZITTER: Gaat uw gang.

Wethouder STEFFENS: Mijnheer Rip vroeg namelijk of het mogelijk zou zijn dat we in de raadsvoorstellen over investeringen een beheerparagraaf zouden plaatsen over de fysieke buitenruimte, zodat je inzichtelijk hebt als je een investering doet, wat de beheerlasten zijn die daarbij horen. Ik ben natuurlijk heel erg blij dat u die vraag stelt want dat is iets waar ik zelf in elk geval ook heel erg mee geholpen zou zijn. Maar ik wil u daarbij het volgende meegeven. In een normaal investeringsvoorstel zit altijd een beheerparagraaf, maar pas nadat we de investeringsbeslissing door uw raad hebben kunnen laten nemen, kunnen wij de detailuitwerking van het project plaats laten vinden. Dat betekent dat daar dan ook een beheerlastenraming bij zit. Dus wij kunnen bij die investeringsbeslissing die structurele beheerlasten nog niet exact in beeld brengen. Maar het is wel belangrijk. Ik begrijp wat u wilt zeggen en ik heb u goed verstaan. Maar de exacte beheerlasten kunnen we niet bij de vraag aan u al direct in beeld brengen. Maar dat we daarnaar moeten kijken, staat uiteraard buiten kijf. De VOORZITTER: Helder, dan kijk ik even rond of er nog vragen zijn. Ik zie in ieder geval een vraag van mevrouw Bouwhuis van Forza! Gaat uw gang. Mevrouw BOUWHUIS: Dank u wel. Ik had ook nog een vraag gesteld over het eventueel drukken van kosten van de investeringen in openbare verlichting.

Ik had voorgesteld dat daar bijvoorbeeld kan worden gekeken naar publiek-private samenwerkingen. Ik kan zo wel een voorbeeld noemen, maar ik ben benieuwd hoever het college daarmee is en of daar interesse in is. De VOORZITTER: De wethouder. Wethouder STEFFENS: Ik kan u niet zeggen of dat iets is waar we op dit moment naar kijken of dat op dit moment gebeurt. Maar ik weet dat we die omvorming aan het doen zijn door de hele gemeente – Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

11

daar zijn we al jaren mee bezig – om ledverlichting te krijgen en te zorgen dat we daarmee de elektriciteitskosten aanzienlijk naar beneden brengen. Misschien is het een technische vraag die nog een keer achteraf beantwoord kan worden. De VOORZITTER: Ik zie mevrouw Bouwhuis knikken, dus dat komt misschien dan nog achteraf. Mijnheer Hekstra van ChristenUnie-SGP. De heer HEKSTRA: Ja, dank u voorzitter. Als de wethouder toch gaat kijken naar de beheerlasten, zou ik graag ook de vraag erbij willen stellen, in het kader van de afkoop van beheerlasten: voor welke gebieden ga je die wel afkopen en voor welke gebieden ga je de beheerlasten niet afkopen? Dat is wat weggezakt bij mij na een aantal jaar. Dat was het eventjes. De VOORZITTER: Ik kijk even naar de wethouder of dit niet een wat technische vraag is, of dat die wel beantwoord kan worden. Nee, ik zie haar schudden. Ik denk dat dit een technische vraag is waarop teruggekomen moet worden, of die eventueel schriftelijk moet worden beantwoord. Dan kijk ik even rond voor niet-technische vragen. De heer Boels voor de VVD. De heer BOELS: Ja, het is eigenlijk een punt van orde, voorzitter. Ik zou willen voorstellen aan de collega's om toch even de tweede termijn met elkaar te gaan doen.

Ik hoorde twee onderwerpen die mij in ieder geval interessant lijken, die privatisering van de begraafplaatsen en, als het dan toch even kan, zou ik het zelf wel graag willen hebben over die bezuinigingsopties die erin staan. Dan hebben we ze toch even met elkaar besproken. De VOORZITTER: U neemt mijn taak geheel over, mijnheer Boels. Die vragen heb ik ook gehoord. Ik heb daarnaast nog de vraag over de total cost of ownership van mijnheer Rip gehoord. Dus volgens mij hebben we drie onderwerpen en als daar geen bezwaren tegen zijn, denk ik dat we toch een tweede termijn kunnen starten. Ik zie iedereen knikken. Wie mag ik dan voor de tweede termijn als eerste het woord geven? Mijnheer Rip van HAP. De heer RIP: Ja voorzitter. Dit is meer gericht aan de partijen die het hebben over die begraafplaatsen. Ik hoor het regelmatig terugkomen. Als ik dat eventjes afzet tegen de investering van € 20 miljoen, hebben we het hier over 1%. Ik vraag aan de partijen die daar een private samenwerking tot stand willen laten komen – ik noem het dan maar even de vrije markt – wat gaan we daarmee oplossen? Wat gaan we winnen met deze constructie? Ik heb gewoon het gevoel dat er iets meer achter zit. De VOORZITTER: Ik zag de heer Hekstra en daarna de heer Boels. De heer SIDALI: Ik dacht 'misschien halen we het op'? Ik zie dat… Nee, HAP is de enige met vragen hierover. Nou, oké.

Het gaat over de begraafplaatsen, toch? De VOORZITTER: Mijnheer Sidali, volgens mij was HAP degene die de vraag stelde en kunnen we daarop reageren, maar als u wat anders voor wilt stellen, kunt u een ordevoorstel doen. De heer RIP: Ik vraag… Voorzitter. Doe ik het goed nu, voorzitter? Ik vraag aan de partijen die het hebben over het privatiseren en onderzoek doen naar begraafplaatsenonderhoud wat we ermee gaan winnen als je dat afzet tegen de investeringen die we doen. Het is € 250.000,00, omgerekend 1%. Wat gaan de inwoners hiervan merken? De heer SIDALI: Nou voorzitter, als ik daarop mag antwoorden. Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

12

De VOORZITTER: Nou nee, dat mag u niet, mijnheer Sidali, want de heer Hekstra en de heer Boels hadden eerder een vinger omhoog, dus ik wil nu graag het woord geven aan de heer Hekstra en dan kunt u na de heer Boels het woord krijgen. De heer Hekstra. De heer SIDALI: Dus mijn onderwerp wordt nu door de heer Boels ingebracht, voorzitter? Hartstikke goed. Prima. De VOORZITTER: Nee, we zijn aan het ophalen wat iedereen vindt over de begraafplaatsen nadat de wethouder heeft aangegeven dat ze graag hoort wat elke partij hiervan vindt. Gaat uw gang mijnheer Hekstra. De heer HEKSTRA: Dank u wel voorzitter. Tot 2010 was ik in de raad en in de periode daarvoor is besloten om van privaat beheer van begraafplaatsen af te zien om dat collectief te gaan doen, zoals het nu geregeld is, omdat een aantal begraafplaatsen verloederde en mensen bij begrafenissen gingen klagen bij de gemeente over achterstallig onderhoud. Dus mijn verbazing, mijnheer Rip, gaat in zekere zin daarover: willen we terug naar de oude situatie met al die meestal door kerken beheerde situaties? Dat kan heel goed gaan, maar dat is niet altijd goed gegaan. Men is dat toen, zonder dat er al te veel kostenstijging is geweest, collectief kunnen gaan regelen. Dat is wat ik mij herinner.

We kunnen onderzoeken in hoeverre dat terug te draaien is, om privébeheer voor het eigendommen bij de kerken misschien weer als last bij de kerken te leggen. Dat zal zeker in een aantal gevallen goedkoper zijn, maar we moeten wel laten onderzoeken of men dat wil. De VOORZITTER: Dan de heer Boels. De heer BOELS: Ja, dank u wel voorzitter. Voordat ik reageer, ben ik eigenlijk wel benieuwd naar wat de heer Sidali precies op dit punt vindt. Want die bracht het volgens mij in. Ik ben vooral benieuwd hoe hij privatiseren voor zich ziet, want ik vermoed dat daar een verschil van inzicht in zit. Dus ik ben heel erg nieuwsgierig wat hij daaronder verstaat. De VOORZITTER: Prima. Mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Kijk, ik versta daaronder dat de gemeente niet meer opdraait voor beheer en onderhoud. Dat dat dus los komt van de gemeente. De € 250.000,00 die we daar nu voor uittrekken… Dat zou in goede afstemming en met contractuele afspraken door een ondernemer kunnen worden gedaan. Dus ik zie privatisering als een begraafplaats die gewoon door een initiatiefnemer wordt onderhouden en beheerd en niet meer door de gemeente. Wat winnen we daarmee? € 250.000,00. Wat heeft de inwoner daaraan? Je kunt met allerlei ideeën komen, zou ik zeggen tegen HAP, om die € 250.000,00 dan in te vullen.

Ik denk dat waar je als overheid een stapje terug kunt doen – en dat klinkt raar uit mijn mond – je dat ook zou moeten doen. Maar dat meen ik serieus omdat sommige ondernemers… Bij heel veel gaat het ook goed, dat wil ik ChristenUnieSGP meegeven. Ik kan u meenemen naar echt fantastisch mooie begraafplaatsen die door ondernemers worden onderhouden en beheerd. Die zien er prachtig uit. Echt, dat is ongelooflijk mooi en dat kunnen we hier ook hebben. Dus heb meer vertrouwen in de ondernemer in plaats van terug te grijpen naar 2010, toen men dus zoiets had van 'verloedering, dat komt door de ondernemer'. Ik ben daar niet van overtuigd. De VOORZITTER: Dank u wel, dan kijk ik even naar de heer Boels.

Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

13

De heer BOELS: Ja, om te reageren op de vraag van mijnheer Rip die vroeg 'wat is de meerwaarde van de vrije markt?' Waar moet ik beginnen, voorzitter, als ik heel eerlijk ben? Maar laat ik niet al te flauw doen. In algemene zin denk ik dat het goed is om te onderzoeken of het niet wat efficiënter en effectiever kan als je het anders organiseert, dus door het naar een ietsje abstracter niveau te halen. Dat betekent heel concreet, zoals ik de heer Sidali hoor zeggen, het eigenlijk meer op afstand te zetten van de gemeente als uitvoerende dienst. Ik denk dat dat heel slim is om te bekijken. Ik hoop dat het college de toezegging kan doen om daarover met een notitie te komen. Ik hoorde daar een aanzet voor, dus dat zou fijn zijn. Dan zou ik heel graag zien dat daar ook de optie in zit om het uit te besteden aan een commerciële dienst. Want ik zit helemaal op de lijn van de heer Sidali als ik zeg dat ondernemers heel goed zijn in het mooi inrichten van begraafplaatsen en het ondernemen. Daar hoeven we niet als gemeente allemaal over te gaan. Dus ik ben heel nieuwsgierig of het college die toezegging kan doen. De VOORZITTER: Volgens mij was die toezegging gedaan om dat te doen zodra er een meerderheid in de raad was. Dus volgens mij gaan we vooral even ophalen of de rest van de collega's dat ook vinden. Ik zag de heer Bier van D66 daar ook over.

Daarna mijnheer Blom en daarna mijnheer Zuyderwijk. En daarna mevrouw Bouwhuis. De heer BIER: Dank u wel voorzitter, ik zit met twee gedachten over dit onderwerp. De eerste is: denken we echt dat als we het uitbesteden, dat dan € 250.000,00 goedkoper wordt? Of besteden we taken uit en gaat er geld mee? Dat laatste lijkt me veel waarschijnlijker. Het tweede punt waar ik mee zit, is dat we dan afhankelijk zijn van de goede wil en goede inzet van een ondernemer. Dat kan natuurlijk, maar we hebben meer dan één begraafplaats dus dat moeten we dan voor de hele gemeente op diverse plekken regelen. Dan zie ik een scenario voor me met een enorme versnippering van de invulling van hoe onze begraafplaatsen eruitzien, van de vervangingstermijnen van al de activa die daar ingezet worden, van hoe het eruitziet. Je ziet regelmatig een golfbeweging in 'moet het publiek of moet het privaat?' Ik denk dat we nu misschien wel denken 'het moet privaat', maar ik heb ChristenUnie-SGP ook horen zeggen dat het nog maar vijftien jaar geleden was dat we dachten 'zo kan het niet langer'. De VOORZITTER: De heer Bier krijgt een verduidelijkende vraag van de heer Boels. De heer BOELS: Ja, ik ben namelijk nieuwsgierig als ik over die versnippering hoor en over heel veel keuzes voor onze inwoners, of dat niet gewoon marktwerking is met die begraafplaatsen. Dat vraag ik mijnheer Bier, via de voorzitter.

De VOORZITTER: Mijnheer Bier. De heer BIER: Ja, dat kan wel marktwerking zijn, maar de vraag is of we dat willen met begraafplaatsen. De VOORZITTER: Een verschil van inzicht. Dan de heer Blom. De heer BLOM: Ik heb ook een mening over deze begraafplaatsen. Ik vind dat wij niet zomaar moeten zeggen 'we gaan het privatiseren' of 'we houden het in dezelfde stand'. Wij moeten gewoon proberen de dienstverlening die daar geleverd wordt te verbeteren. De dienstverlening is op dit moment niet ideaal. Het onderhoud laat te wensen over en het onkruid schiet omhoog. De dienstverlening is gewoon eigenlijk beneden peil. Voor een begraafplaats is dat natuurlijk een rotopmerking. Maar ik was zelf op een begrafenis vorig jaar. De begrafenis vond plaats om 15.00 uur 's middags en ik kwam erachter dat het graf pas de volgende dag gedicht zou worden. Dus de kist heeft de hele nacht open en bloot – weliswaar met bloemen erop – gelegen. Dus de dienstverlening hier stevig verbeterd worden. Daar zijn Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

14

wij als CDA zeker voor. De VOORZITTER: De heer Blom, u heeft ook nog een reactie van de heer Bier. De heer BIER: Ja, mijn moeder was beheerster van een gemeentelijke begraafplaats en het delven en dichten van het graf is de taak van een ingehuurde aannemer. Dus dat wordt publiek geregeld. Dat zit in de afspraak tussen de gemeente en hoe zo'n ondernemer het dan invult. Als dit als voorbeeld aangehaald wordt, vraag ik me af wat we denken te verbeteren met dit voorstel. Dat sluit dan aan bij de vraag van de heer Rip. De VOORZITTER: De heer Blom. De heer BLOM: Dan komen we dus eigenlijk op hetzelfde idee. We willen gewoon dat de dienstverlening verbetert. Hoe we dat gaan doen, zal mij om het even zijn. De VOORZITTER: Dank u wel, dan geef ik nog even het woord aan mevrouw Bouwhuis. Mevrouw BOUWHUIS: Ja, dank u wel. Ik hoorde inderdaad de heer Rip al vragen 'wat merkt de inwoner hier nu van?' We leven in een heel diverse samenleving. Iedereen ziet zijn leven anders. Daarbij hoort ook dat iedereen anders ziet hoe hij zijn laatste reis of waar hij maar naartoe wil gaan graag ziet gebeuren. Een mooi voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld dat we als raad uitgenodigd zijn geweest op de natuurbegraafplaats bij Geestmerloo. Dat is ook een vorm van een private begraafplaats.

Wij vinden het eigenlijk alleen maar mooi en lovenswaardig dat er zoveel keus voor zo veel verschillende soorten mensen is. De VOORZITTER: Dan door naar de heer Zuyderwijk van GroenLinks. De heer ZUYDERWIJK: Ja, volgens mij was de vraag die voor ons lag of wij een onderzoek willen doen of dit mogelijk is. Dat kunnen we gewoon steunen. Dus dat dat lijkt ons een goed idee. Dan zien we wat de mogelijkheden zijn. Maar we zien sowieso als GroenLinks graag collectieve oplossingen, zoals inwonersinitiatieven of corporaties die dit zouden oppakken. Ik denk dat dit een mogelijkheid is om dat te onderzoeken. Dus laten we dat doen. De VOORZITTER: Dan kijk ik even rond. Volgens mij hebben we van alle partijen in ieder geval opgehaald wat zij vinden van begraafplaatsen. De vraag is of wij hebben opgehaald wat zij vinden van het idee om een onderzoek hiernaar te laten doen door het college. Maar ik zie de wethouder knikken. Volgens mij kan de wethouder hiermee uit de voeten. Wethouder STEFFENS: Ja voorzitter, uit de voeten kunnen is één ding, maar ik hoorde meerdere partijen die erom vragen. Ik vond de verwoording van mijnheer Boels 'een notitie' toch iets aangenamer dan 'een studie', die ik eerder hoorde. Dus als ik een notitie kan maken, zal ik in ieder geval nagaan wat daar voor kosten aan verbonden zijn. Je moet het wel goed doen als je het doet. Dan kom ik daarop terug bij de raad.

De VOORZITTER: Dat klinkt als een mooie toezegging waar we volgens mij mee kunnen leven. Mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Dan toch nog even voor de duidelijkheid, voorzitter: zitten in die notitie dan ook de voor- en nadelen verwerkt? Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

15

De VOORZITTER: Ik zie de wethouder knikken, dus we gaan ervanuit dat dat het geval is. Dan hadden we volgens mij nog als onderwerp de total cost of ownership van de heer Rip. Wilt u dat inleiden, mijnheer Rip? De heer RIP: Ja voorzitter, graag. We hebben het wel eens vaker gehad over investeringen en vooral langlopende projecten. Ik denk dat het goed is – als we dan kijken naar een stukje rentmeesterschap voor degenen die over vijf of over tien jaar dingen moeten beslissen en besluiten – dat we nu bij die investeringen ook nadenken over de beheerlasten. Ik denk dat we dat te weinig doen. Dus mijn vraag zou zijn: moeten we als raad niet aan de voorkant wat meer doen om te zorgen dat we in ieder geval als de duurzaamheidstijd van die investering voorbij is, de centen hebben om het te vervangen? De VOORZITTER: Helder. De heer Zuyderwijk van GroenLinks. De heer ZUYDERWIJK: Ik begrijp de oproep van de heer Rip zeker en daar kunnen we ons ook zeker in vinden. De vraag is alleen wel: gaan we dit voor elk klein project doen dat er maar tussen zit? Hoe kunnen we dit afbakenen en kaderen? Dat hoor ik graag van mijnheer Rip. De VOORZITTER: Mijnheer Rip. De heer RIP: Als ik refereer aan uw bijdrage in de eerste termijn, zou het inderdaad elk klein project moeten zijn want volgens u is de hele Haarlemmermeer aan het verloederen. Dus dan moeten we, denk ik, inderdaad heel klein beginnen.

Maar nee. Je kunt er afspraken over maken, maar ik denk dat we de grote investeringen wel moeten meenemen, zoals bruggen en dat soort zaken, de kunstwerken. Daarvoor moet je dat gewoon van tevoren doen. Het kan ons toch niet verrassen dat we bijvoorbeeld de brug bij de Vijfhuizerweg moeten vervangen? Dat kan toch nooit een verrassing zijn? Want die brug ligt er al vijftig jaar, of misschien nog wel langer. Dus daar moeten we geld voor reserveren. Ik heb wel eens het idee dat we dat te weinig doen en dat zouden we dan misschien aan de voorkant kunnen doen. De VOORZITTER: Ik, kijk even rond. Ik zie de heer Boels van de VVD en daarna de heer Bier van D66. De heer BOELS: Ja, dank u voorzitter. Ik heb eigenlijk een verduidelijkende vraag. Bedoelt mijnheer Rip dat we nu investeringen hebben die we doen en waarvan we weten dat we die over dertig jaar nog een keertje hebben en dat we nu vast gaan reserveren voor over dertig jaar? En zo ja, dan lijkt me het deel dat nu voorligt, het programma riolering en stedelijk water, een uitstekend voorbeeld van hoe we dat al aan het doen zijn. Maar het is ook wel heel erg duur. Dus ik ben ook wel nieuwsgierig hoe mijnheer Rip dat aspect ziet want dat geld moet natuurlijk wel ergens vandaan komen. De VOORZITTER: Mijnheer Rip.

De heer RIP: Dat is een interessante gedachte, maar het gaat eerst even om het principe of je bereid bent om daaraan mee te werken. Natuurlijk moet het geld ergens vandaan komen. Maar dat moet ook op het moment dat we erachter komen bij de prioritering van zaken of projecten dat een paar kunstwerken noodgedwongen vervangen moet worden. Als daar dan het geld niet voor is gereserveerd, heb je hetzelfde probleem. Dus het is eigenlijk voorsorteren op. We lopen een risico want als je als gemeente toevallig aan het eind van het jaar een positieve begroting laat zien omdat je gespaard hebt voor de beheerlasten, gaan ze dat er in Den Haag weer afhalen. Dat is altijd wel een beetje lastig want driekwart van de gemeenten kan de eigen broek niet meer ophouden volgend jaar. Dus het is inderdaad Conceptverslag Raadssessie RV Kredietaanvraag Vernieuwing Openbare Ruimte 2025 en Programma Riolering en Stedelijk Water 2025 23 januari 2025

16

een risico, maar ik denk wel dat we erover na moeten denken. De VOORZITTER: De heer Bier van D66. De heer BIER: Wederom even twee of drie dingen. Ik denk dat als je je elk jaar laat verrassen, de verrassingen zich uitmiddelen tot een algemeen beheersniveau van kosten. Dus zolang je het maar consequent doet, maakt het eigenlijk helemaal niets uit. Het tweede dat ik bedacht, was het volgende. Ik heb de wethouder net horen zeggen dat we wel degelijk naar beheerskosten kijken en dat er ook een soort inschatting in zit. Dat is ook niet zo gek want we hebben investeringen en we hebben investeringsreserve, we doen aan afschrijvingen. Dus als het goed is, vullen we aan wat nodig is voor vervangingen – en daar hebben we het over bij de kunstwerken die u noemt – daar werken vooruit. De vraag is of het voldoende is. Ja, natuurlijk is het dat want je hebt een afschrijvingstermijn van tien jaar en dan moet je in principe weer ruimte hebben. Daarom is het stuk ook zo fijn want levensduurverlengende maatregelen zijn de methode om te zeggen 'oké, kunnen we er nog iets langer mee doorgaan door iets aan onderhoud te doen in plaats van vervanging?' Volgens mij werkt deze afdeling daar heel consciëntieus naartoe om dat, met de hand op de knip, heel goed geregeld te krijgen. De VOORZITTER: Ik kijk even rond of er nog andere reacties zijn om op te halen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=660d44c9-ce17-4757-8f6c-be58d073298b