15. 4498000 Bestuurlijke reactie initiatief raadsvoorstel Wet inburgering 202X d.d. 5-2-2021.pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
De leden van de gemeenteraad Haarlemmermeer
Postbus 250 2130 AG Hoofddorp
Bezoekadres: Raadhuisplein 1 Hoofddorp Telefoon 0900 1852 Faxnummer 023 563 95 50
cluster contactpersoon Telefoon uw brief Ons kenmerk Bijiage(n) onderwerp
Maatschappelijke Ondersteuning en Zorg mevrouw B. Aukema 0900 1852 15 januari 2021 X.2021.00459 Geen Bestuurlijke reactie initiatief raadsvoorstel Wet inburgering 202X
Verzenddatum
- 5 FEB. 2521
Geachte heer, mevrouw, Op 15 januari 2021 ontvingen wij van het Presidium het initiatief raadsvoorstel Wet inburgering 202X. Dit voorstel wordt op 11 februari in de raad besproken. Wij danken u voor dit initiatief raadsvoorstel. We waarderen de betrokkenheid bij het onderwerp en de bruikbare voorstellen die u doet. Op grond van artikel 147a uit de gemeentewet stelt u ons in staat te reageren. Met deze brief maken we van deze gelegenheid gebruik. Waar in de huidige Wet inburgering weinig tot geen taken zijn weggelegd voor gemeenten wordt vanaf 1 januari 2022 (de verwachte ingangsdatum van de nieuwe Wet inburgering) de gehele uitvoering gedecentraliseerd naar gemeenten. Het huidige inburgeringsstelsel waarbij inburgering, zonder ondersteuning vanuit gemeente of Rijk, de eigen verantwoordelijkheid van de inburgeringsplichtige is, is niet succesvol gebleken. Gemeenten hebben nadrukkelijk de wens uitgesproken om binding te houden met en zicht te houden op inburgeringsplichtigen in hun eigen gemeente. Zij willen de integratie en participatie van hun nieuwe inwoners bevorderen. De nieuwe Wet inburgering is inmiddels door zowel de Tweede als Eerste Kamer aangenomen. In november 2020 hebben gemeenten het bericht ontvangen dat de ingangsdatum van de wet met een halfjaar wordt verschoven.
De minister streeft naar een invoeringsdatum van de Wet inburgering op 1 januari 2022 in plaats van 1 juli 2021. Over het uitstel van deze wet heeft uw raad op 16 december een brief (kenmerk X.2020.06659) ontvangen. In Haarlemmermeer zijn we al geruime tijd bezig met de voorbereidingen van de nieuwe Wet inburgering. De voorbereidingen en de implementatie in de uitvoering kennen een projectmatige aanpak. De voorstellen over de wijze waarop wij in Haarlemmermeer invulling willen geven aan de nieuwe taken en hoe wij inburgeringsplichtigen gaan ondersteunen bij hun inburgeringsproces, werken we uit in de nota 'Conceptvoorstel aanpak implementatie nieuwe
Ons kenmerk: X.2021.00459
Pagina 2
Wet inburgering'. De uitkomsten van de raadsbijeenkomst over het initiatief raadsvoorstel op 11 februari betrekken we bij de uitwerking van deze nota. Na vaststelling van de nota 'Conceptvoorstel aanpak implementatie nieuwe Wet inburgering' in het college, wordt deze ter advies aangeboden aan de Participatieraad Haarlemmermeer. De adviestermijn is vier weken. Dit advies wordt verwerkt in het raadsvoorstel 'Aanpak implementatie nieuwe Wet inburgering'. Dit raadsvoorstel wordt na besluitvorming in het college aangeboden aan uw raad, nog voor de behandeling van de voorjaarsrapportage. Aandachtspunt is dat we een intensieve, kwalitatief goede aanpak op meerdere onderdelen voorstellen, maar nog niet weten of we voor deze aanpak voldoende middelen vanuit het Rijk krijgen. De tot nu toe bekende bedragen voor de financiering van de inburgering zijn beperkt. Hier wordt op Rijksniveau nog over gediscussieerd maar wellicht is het niet mogelijk alle voorstellen binnen het beschikbare budget te verwezenlijken. Wij zullen onze voorstellen dan moeten aanpassen om binnen het budget te blijven. Voor de overzichtelijkheid hebben we de letterlijke teksten van de negen voorstellen die u in het initiatief raadsvoorstel hebt gedaan overgenomen en reageren we per punt. We beogen een integrale aanpak.
De voorstellen die wij doen in de nota 'Conceptvoorstel aanpak implementatie nieuwe Wet inburgering' richten zich op meerdere levensdomeinen en bevatten meer onderwerpen dan we nu in deze reactie op het initiatief raadsvoorstel behandelen.
Voorstellen en reacties Voorstel 1. Tijdens het opstellen van het Plan Integratie en Participatie (PIP), dat voor iedere statushouder moet worden opgesteld, wordt uitgegaan van de taalbeheersing, een arbeidscomponent en het Participatieverklaringstraject (PVT). Gedurende dit PVT leren de inburgeraars over de kernwaarden van de Nederlandse samenleving. Dit traject moet worden toegespitst op het doorgeven van de vrijheden en verantwoordelijkheden die wij in Nederland genieten. De inhoud van de Participatieverklaring is het fundament van de inburgering. Aan het einde van het PVT wordt de Participatieverklaring ondertekend. Het is van belang dat de statushouder die de verklaring ondertekent zich ondubbelzinnig bewust is van wat hij ondertekent en wat het in houdt. De verklaring is er niet voor de vorm en moet in houden dat de statushouder akkoord gaat met de normen en waarden die in onze rechtstaat gelden. Indien de statushouder op het moment van ondertekenen de Nederlandse taal onvoldoende beheerst om de inhoud van de verklaring te begrijpen en toe te passen, zal er naast de authentieke Nederlandse versie, ook een versie worden uitgereikt die in de moedertaal van de statushouder is geschreven. Het college draagt er zorg voor dat de kennis van de inburgeraar over de Participatieverklaring gedurende het PVT feitelijk wordt getoetst op inhoud.
Reactie: Wij onderschrijven het belang van het participatieverklaringstraject (PVT) en dat de inburgeringsplichtige zich bewust moet zijn van wat hij/zij ondertekent. Het is een wettelijk verplicht onderdeel van het inburgeringsproces. Daar dit traject de start en basis is voor integratie en participatie in de eigen woonplaats en de Nederlandse samenleving zou het PVT reeds in de Brede intake een plek kunnen krijgen. De Brede intake is de periode waarin we de inburgeringsplichtige leren kennen en waarin met de inburgeringsplichtige wordt onderzocht wat het meest wenselijke en realistische inburgeringstraject is dat zal worden gevolgd. Onderwerpen die onder meer in het PVT aan de orde komen zijn: vrijheid van meningsuiting, gelijkwaardigheid van man en vrouw, geen discriminatie naar sekse, geloof of geaardheid, solidariteit en participatie. Tijdens dit traject worden tolken ingezet om ervoor te zorgen dat de
Ons kenmerk: X.2021.00459
Pagina 3
inburgeraar werkelijk de inhoud van het PVT begrijpt. Wij vinden het een goed voorstel om naast de verklaring in het Nederlands, waar nodig een vertaling te maken in de moedertaal van de inburgeraar. Wij werken dit voorstel verder uit. Voorstel 2. Iedereen moet mee kunnen doen in de Nederlandse samenleving. Daarom is er specifieke aandacht voorde activatie en participatie van vrouwen, om hun (economische) zelfstandigheid te bevorderen. Zo worden vrouwen actief geïnformeerd over hun rechten en plichten. De resultaten die uit de pilot 'vrouwelijke nareizigers en gezinsmigranten' worden opgedaan, worden meegenomen in de aanpak om dit doel te bereiken. Reactie: Wij zijn blij dat de regie op het inburgeringsproces bij de gemeente komt te liggen. Hierdoor kunnen wij vrouwen optimaal ondersteunen om kansen en mogelijkheden te benutten zich te ontplooien en (economisch) zelfstandig te worden. We kunnen daarbij gebruik maken van de geleerde lessen uit de pilot 'Nareizende vrouwelijke statushouders', die in Haarlemmermeer wordt uitgevoerd, (brief aan de raad juli 2019, kenmerk X.2019.10847) Voorstel 3. In de module arbeidsmarkt en participatie staat kennismaking en voorbereiding op de Nederlandse arbeidsmarkt centraal. Om statushouders te laten deelnemen in het arbeidsproces, zijn al in een vroeg stadium werkplekken nodig.
De gemeente moet daarom nu al nieuwe samenwerkingen aangaan met het lokale bedrijfsleven en organisaties om die werkplekken te kunnen faciliteren en bestaande samenwerkingsverbanden hierop inrichten. Reactie: Waar mogelijk willen wij duale trajecten inzetten. Een duaal traject bestaat uit een combinatie van leren en werken. Ervaring opdoen met werken is ondergebracht bij de leerroutes en dus ook onderdeel van de aanbesteding voor de leerroutes. Wij willen tijdig aandacht hebben voor het faciliteren en creëren van stage- en werkplekken. Wij spreken ons netwerk aan en hebben hier aandacht voor in onze contacten met het bedrijfsleven en (maatschappelijke) organisaties. Wij spannen ons hier maximaal voor in. Voorstel 4. In de nieuwe Wet inburgering 202X is er ex art. 56a Participatiewet sprake van ontzorgen op financieel gebied (leefgeld) in de eerste 6 maanden. In deze periode worden statushouders klaargestoomd om zelfredzaam te zijn binnen de maatschappij. Het kan echter zo zijn dat statushouders langer de tijd nodig hebben. Daarom kan, als statushouders onvoldoende voortgang maken met inburgering of participatie, deze periode van ontzorging diverse keren worden verlengd. Hierdoor behoudt de gemeente de controle over de financiën en kan een vroege schuldopbouw van de statushouder worden voorkomen.
Met deze verlenging hebben de statushouders een stimulans om de inburgering te voltooien en vergroot de gemeente de kansen van de statushouder voor volwaardige deelname aan de Haarlemmermeerse samenleving. Het geeft de statushouder ook de ruimte en de mogelijkheid om taalkundig voldoende vordering te maken en het geeft de gemeente voldoende ruimte voor maatwerk als dat nodig wordt geacht. Het doel is namelijk de statushouder taaltechnisch op een niveau te krijgen, zodat de statushouder zich zelfstandig in de maatschappij verstaanbaar kan maken. Het mag niet vanzelfsprekend zijn dat, bij onvoldoende behaalde resultaten, statushouders na 6 maanden automatisch een volledige uitkering krijgen, terwijl zij nog onvoldoende in staat zijn om zichzelf te redden in de maatschappij. Om deze reden wordt dus voorgesteld dat de gemeente deze periode van ontzorging verlengt, wanneer de inburgeraar daar aanleiding toe geeft. Het college rapporteert jaarlijks aan de raad wat de resultaten zijn van het uitstromen van de periode van ontzorging en hoe vaak en waarom er gebruik is gemaakt van een verlenging.
Ons kenmerk: X.2021.00459
Pagina 4
Reactie: Vanaf de invoering van de Wet zijn wij als gemeente verplicht nieuwe inburgeraars financieel te ontzorgen. Financieel ontzorgen betekent dat de inburgeringsplichtige gedurende zes maanden alleen leefgeld ontvangt en de vaste lasten direct door de gemeente worden voldaan vanuit de bijstandsuitkering. Binnen deze zes maanden hebben we ook de verantwoordelijkheid om de inburgeringsplichtige financieel zelfredzaam te maken. Dit is maatwerk en waar de ene persoon wellicht genoeg heeft aan een voldoende Nederlands taalniveau en kennis van de Nederlandse financiële infrastructuur is voor de andere de inzet van een budgetcoach nodig. Het beëindigen van de ontzorgingsperiode na zes maanden is in Haarlemmermeer geen vanzelfsprekendheid, de persoon moet er aan toe zijn. Te allen tijde willen we schuldopbouw voor de inburgeringsplichtige voorkomen. De kosten verbonden aan een dergelijke verlenging zijn wel een aandachtspunt. De vergoeding vanuit het Rijk voor de inzet tijdens de ontzorgingsperiode is berekend op een periode van zes maanden. Eveneens is tijdige huisvesting nadat de inburgeraar aan de gemeente is gekoppeld cruciaal. Vanaf het moment van huisvesting gaat immers de periode van ontzorging in. Voorstel 5. De brede intake is een onderzoek naar mogelijkheden die de statushouder heeft om aan zijn of haar inburgeringsplicht te voldoen.
Daarin is de vormgeving van deze brede intake belangrijk. Dit omvat bijvoorbeeld de /eerbaarheid voor het taalniveau. De nieuwe wet verlangt taalniveau BI, omdat dit de kans op zelfredzaamheid en een baan vergroot. Voorgesteld wordt dan ook dat de gemeente in beginsel altijd BI aanhoudt als gewenst taalniveau, ook als dat vraagt om extra maatregelen om het taalniveau BI te kunnen behalen. In principe kan er slechts van de Bl-route worden afgeweken, als de landelijke leerbaarheidstoets daar aanleiding voor geeft. Artikel 9, eerste lid (Z-routejzen artikel 17, derde lid (A2-eis) 3 Wet inburgering 202X blijven onverkort van toepassing. Het college rapporteert jaarlijks aan de raad wat de resultaten zijn van het uitstromen van de periode van ontzorging naar een uitkering en/of (deels) betaald werk. Dit omvat ook de vraag hoe vaak en waarom er gebruik is gemaakt van een verlenging van de periode van ontzorging. Reactie: Iedereen die daartoe in staat is, ook al is het met extra instrumenten en aandacht, moet de kans krijgen de BI route of hoger te volgen. Dit verhoogt de kansen van participatie in de Nederlandse samenleving en kansen op de arbeidsmarkt aanzienlijk. Wij gaan wel uit van een realistisch einddoel.
Indien uit de Brede intake, waar de onafhankelijke, landelijke leerbaarheidstoets een onderdeel van is, blijkt dat BI niveau niet behaald kan worden, wordt een andere route gekozen. De persoon moet een realistisch en zo kansrijk mogelijk inburgeringstraject volgen, waarna de persoon zelfredzaam is en stevig in de maatschappij staat. Voorstel 6. Taalachterstand komt ook voor bij kinderen. Daarmee starten deze kinderen met een achterstand ten aanzien van hun leeftijdsgenoten. Daarom wordt er door de gemeente op toegezien en actief op aangestuurd dat kinderen van statushouders gebruik maken van voorschoolse educatie*, zodat zij ook volwaardig kunnen meedoen op school en binnen de maatschappij, zoals bij de lokale sportvereniging. Het college rapporteert jaarlijks aan de raad in hoeverre statushouders met kinderen wel of geen gebruik maken van voorschoolse educatie. Reactie: In de Brede Intake en het Persoonlijk Inburgerings- en Participatieplan (PIP) is nadrukkelijk aandacht voor de ontwikkeling van de kinderen binnen het gezin. Het gaat tenslotte om de integrale aanpak van de inburgering van het gehele gezin. We werken nauw samen met het onderwijs en maken gebruik van de regelingen van het onderwijsachterstandenbeleid om deze
Ons kenmerk: X.2021.00459
Pagina 5
kinderen goed op te vangen. Onderwijs maakt ook deel uit van de projectmatige voorbereiding op de nieuwe Wet inburgering. Voorstel 7. De inkoop van het inburgeringsaanbod voor de gemeente geschiedt naar de eisen zoals gesteld in dit initiatief raadsvoorstel. De keuze wordt gemaakt voor een taalschool die het keurmerk Blik op Werk (of vergelijkbaar) heeft. Het college rapporteert jaarlijks aan de raad waar het inburgeringsaanbod is ingekocht en wat de behaalde resultaten zijn. Reactie: Wij kopen alleen taalvoorzieningen in bij taalscholen die het keurmerk Blik op Werk hebben. Voorstel 8. De beste weg naar inburgering is een succesvolle inzet voor taalniveau en participatie op de werkvloer. Het boetebeleid van de nieuwe Wet inburgering 202X is daarom dus niet vrijblijvend en dient te worden uitgevoerd bij verwijtbaar handelen. Reactie: Wij gaan het wettelijk vereiste boetebeleid uitvoeren bij verwijtbaar handelen. Voorstel 9. Diverse groepen zijn ex artikel 3, tweede lid, Wet inburgering 202X, of op basis van een eerdere wet, arrest of verdrag, uitgesloten van de plicht tot inburgering. Binnen deze groepen zijn er mensen die ondanks de vrijstelling wel een afstand tot de Nederlandse maatschappij hebben en/of onvoldoende kennis hebben van de Nederlandse taal. Het doel is om ook deze groepen beter te laten meedoen aan de Haarlemmermeerse samenleving.
Het college zal zich daarom actief inspannen om de middelen die beschikbaar zijn uit onder meer de Participatiewet in te zetten om ook deze groepen te stimuleren en te activeren. Denk daarbij aan de beheersing van de Nederlandse taal, ex artikel 18b Participatiewet. Reactie: Voor inwoners die niet inburgeringsplichtig zijn maar de Nederlandse taal nog onvoldoende beheersen hebben wij de mogelijkheid om in het kader van re-integratie taaltrajecten in te zetten. Wij hebben hier een divers taalaanbod voor, dat ook nu al wordt ingezet.
Ons kenmerk: X.2021.00459
Pagina 6
Naast de thema's uit het initiatief raadsvoorstel zijn er nog meer onderwerpen die onderdeel vormen, of gerelateerd zijn aan de nieuwe Wet inburgering en waar wij als gemeente verantwoordelijk voor worden. De volgende onderwerpen komen naast de reeds genoemde onderwerpen aan de orde in de nota 'Concept aanpak implementatie nieuwe Wet inburgering': het verzorgen van een 'Brede Intake' op basis waarvan een 'Persoonlijk Inburgeringsen Participatiplan' (PIP) wordt gemaakt; het aanbieden van de verschillende leerroutes die binnen drie jaar moeten leiden naar een volwaardige inburgering, het aanbieden van Kennis Nederlandse Taal (KNM), de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP); de monitoring en evaluatie van het inburgeringsproces; de huisvesting van inburgeringsplichtigen; de bekostiging van de inburgeringstrajecten en de begeleiding. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en zien de bespreking van het initiatief raadsvoorstel op 11 februari met belangstelling tegemoet.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, de secretaris,
drs. Carel Brugman