11654262 rv Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5' (7 januari)
Tekst van het document
t
¥
<•
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel onderwerp
portefeuillehouder inlichtingen Collegevergadering
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie TTOP 5' mr. drs. Beryl van Straten Wouter Sietinga 7 januari 2024
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
11654262
1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college heeft besloten om: 1. in de omgevingsvergunning voor het realiseren grondreinigingsinstallatie TTOP 5 (aanvraagnummer 7898107) als voorwaarde op te nemen dat de gronden op de locatie direct ten zuiden van de weg 'Tweeduizend El' te Badhoevedorp (kadastraal bekend gemeente Haarlemmermeer, AI558), genaamd 'TTOP 5' zeven jaar na ingebruikname van de installatie schoon en geschikt voor agrarisch gebruik opgeleverd dienen te worden. Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de aanleg van een grondreinigingsinstallatie op het terrein van luchthaven Schiphol, op de locatie direct ten zuiden van de weg 'Tweeduizend El' te Badhoevedorp (kadastraal bekend gemeente Haarlemmermeer, AI558), genaamd 'TTOP 5'. 2. Samenvatting
Schiphol Nederland B.V. (Schiphol) is voornemens om tijdelijk een grondreinigingsinstallatie te realiseren voor het reinigen van de met poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) verontreinigde grond. De met PFAS verontreinigde grond is afkomstig van diverse locaties op het Schipholterrein. Op deze wijze realiseert Schiphol een oplossing binnen de grenzen van de inrichting voor met PFAS verontreinigde grond en kan het gereinigde materiaal hoogwaardig worden hergebruikt in Schipholprojecten. Er is voorzien dat er zeven jaar nodig is om met deze grondreinigingsinstallatie de met PFAS verontreinigde grond te reinigen. Daarom wordt er als voorwaarde aan de omgevingsvergunning een geldigheidsduur van maximaal zeven jaar verbonden. Dit is inclusief één jaar voor de bouw- en afbouwgerelateerde werkzaamheden ten behoeve van de grondreinigingsinstallatie. Zodra de verontreinigde grond is gereinigd, is er geen noodzaak meer om de grondreinigingsinstallatie in bedrijf te behouden. Na deze periode wordt de grondreinigingsinstallatie ontmanteld en wordt de locatie teruggebracht naar de oorspronkelijke staat. Het nu voorliggende besluit en de gevraagde verklaring van geen bedenkingen (vvgb) zien op de ruimtelijke componenten van de aanvraag. Dit betreft omgevingseffecten zoals landschappelijke inpassing, verkeer en geluid.
De effecten van de PFAS-verwerking en de afvoer en opslag van het restproduct zijn onderdeel van de milieucomponent van de aanvraag op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5'
pagina 2
(Wabo) en zijn geen onderdeel van de nu gevraagde vvgb. De milieucomponent wordt in mandaat beoordeeld door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG). 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?
Het probleem Bij projectactiviteiten op Schiphol komt grond vrij die PFAS kan bevatten. De verontreiniging van de grond bij Schiphol bestaat hoofdzakelijk uit perfluoroctaansulfonzuur (PFOS). PFOS is een groep chemische stoffen die behoort tot de PFAS. Deze groep chemische stoffen is door de mens gemaakt en komt van nature niet voor in het milieu. De met PFAS verontreinigde grond wordt tot nu toe op verschillende locaties binnen Schiphol (tijdelijk) opgeslagen omdat er onvoldoende hergebruiks-, reinigings-en/of verwijderingsmethoden zijn. De oplossing Inmiddels zijn er methoden beschikbaar gekomen, waardoor het voor Schiphol mogelijk wordt om de grond zelf te reinigen en hergebruiken in plaats van als afval af te voeren naar derden. Fliermee wordt niet alleen circulair hergebruik beoogd, maar ook het verminderen van (milieu)overlast naar de omgeving in verband met het transport dat gepaard gaat met de afvoer van alle verontreinigde grond. Wat gaat er gebeuren ? Schiphol is voornemens om tijdelijk een grondreinigingsinstallatie te realiseren voor het reinigen van de met PFAS verontreinigde grond. De met PFAS verontreinigde grond is afkomstig van diverse locaties op het Schipholterrein.
Op deze wijze realiseert Schiphol een oplossing binnen de grenzen van de inrichting voor met PFAS verontreinigde grond en kan het gereinigde materiaal hoogwaardig worden hergebruikt in Schipholprojecten. Dit zorgt voor minder gebruik van primaire materialen en draagt bij aan de circulariteitsdoelstellingen van Schiphol. Hoelang duurt het? Er is voorzien dat er zeven jaar nodig is om met deze grondreinigingsinstallatie de met PFAS verontreinigde grond te reinigen. Daarom wordt er aan de omgevingsvergunning een periode van maximaal zeven jaar verbonden. Dit is inclusief één jaar voor de bouw- en afbouwgerelateerde werkzaamheden ten behoeve van de grondreinigingsinstallatie. Zodra de verontreinigde grond is gereinigd, is er geen noodzaak meer om de grondreinigingsinstallatie in bedrijf te behouden. Na deze periode wordt de grondreinigingsinstallatie ontmanteld en wordt de locatie teruggebracht naar oorspronkelijke staat. Voor met PFAS verontreinigde grond die mogelijk vrijkomt na deze periode zoekt Schiphol tijdig een andere oplossing. De locatie Plet projectgebied is in de toekomst mogelijk onderdeel van de ontwikkeling van BadhoevedorpZuid. Deze ontwikkeling bevindt zich in een vroeg stadium en de precieze indeling van het gebied is daarmee onbekend. De tijdelijke aard van de grondreinigingsinstallatie staat de mogelijke ontwikkeling van Badhoevedorp-Zuid niet in de weg.
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5'
pagina 3
Figuur 2 Ligging TTOP5 t.o v de omgeving
In bovenstaande figuren is de locatie, langs de weg Tweeduizend El, aangegeven. Het bestemmingsplan Het vigerende bestemmingsplan 'Haarlemmermeer 2014' laat de voorgenomen ontwikkeling niet toe. De gronden hebben ter plaatse de bestemming 'Agrarisch'. Zowel voor de bouw van de installatie als voor het gebruik van de gronden wordt afgeweken van het bestemmingsplan. Met de omgevingsvergunning wordt dit met een zogenaamde buitenplanse afwijking (artikel 2.12 lid 1, sub a onder 3° Wabo) mogelijk gemaakt. Welk doel wordt nagestreefd? De TTOP 5 locatie met grondreinigingsinstallatie voorziet in een tijdelijke locatie om met PFAS vervuilde grond op te slaan en vervolgens te reinigen en geschikt te maken voor circulair hergebruik. Deze tijdelijke locatie moet na zeven jaar schoon opgeleverd worden. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Wat zijn de argumenten?
Wij vragen de raad een vvgb af te geven. Deze ziet op de activiteit planologisch strijdig gebruik. De omgevingsvergunning die namens ons door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied wordt verleend ziet daarnaast op de activiteit bouw (met een toets aan het Bouwbesluit en een welstandstoets aan het Beeldkwaliteitsplan).
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5'
pagina 4
Goede ruimtelijke ordening Wij hebben de aanvraag getoetst. De aanvraag is akkoord bevonden vanuit de diverse toepasselijke beleidsvelden. Wettelijk kader De aanvraag is nog ingediend onder de oude wetgeving de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Vanwege het overgangsrecht is de Wabo nog van toepassing op deze aanvraag. Artikel 2.12 lid 1 onder a sub 3 van de Wabo geeft de mogelijkheid voor deze aanvraag af te wijken van het geldende bestemmingsplan, de zogeheten uitgebreide procedure. Dit kan als sprake is van een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Artikel 2.27, lid 1 van de Wabo geeft aan dat de omgevingsvergunning slechts kan worden verleend nadat de raad heeft verklaard geen bedenkingen tegen het project te hebben. Op grond van artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) kan de raad categorieën gevallen aanwijzen waarvoor geen verklaring nodig is. De raad heeft hierin voorzien met het raadsbesluit van 3 oktober 2019 (2019.0040560). Geen van de categorieën is op deze aanvraag van toepassing. Daarom is een vvgb van de raad nodig. MER-beoordeling Op 29 juni 2023 heeft de ODNZKG namens ons college een MER-beoordelingsbesluit genomen waarbij de milieueffecten van TTOP 5 in samenhang met de eerder vergunde opslagplaatsen voor verontreinigde grond (TTOP 1 tot en met 4) zijn beoordeeld.
Ons besluit hield in dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu of leemtes in kennis zijn die een MER noodzakelijk maken voor de verdere behandeling van de aanvraag. Wij achten een MER niet noodzakelijk. Hierbij merken wij op dat de milieueffecten wel beoordeeld worden. Dit gebeurt in het kader van de Wabo-vergunning zelf. Procedure De ontwerp vvgb is op 27 augustus 2024 samen met het ontwerpbesluit omgevingsvergunning ter inzage gelegd. Tegen beide konden zienswijzen worden ingediend (artikel 3.11 Bor). Op het ontwerpbesluit omgevingsvergunning zijn zienswijzen ontvangen. De beantwoording daarvan is in de bijlage opgenomen. Op de ontwerp vvgb zijn geen zienswijzen ingediend. De raad neemt nu een besluit over de vvgb. Het besluit over de vvgb maakt onderdeel uit van het besluit over de omgevingsvergunning. In de definitieve omgevingsvergunning worden de milieuaspecten met inachtneming van de beantwoording van de zienswijzen beoordeeld. De vvgb en de omgevingsvergunning worden samen ter inzage gelegd. Tegen het verlenen van de omgevingsvergunning en vvgb kan beroep ingesteld worden door indieners van zienswijzen en belanghebbenden.
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5'
pagina 5
Wat zijn de kanttekeningen en risico's?
Onlangs is ook vergunning verleend voor TTOP 4. De TTOP 4 is een tijdelijke opslagplaats voor gronden die PFAS bevatten. Hierbij zijn er door veel bewoners zorgen geuit, met name uit Badhoevedorp, of die opslag op een verantwoorde wijze plaatsvindt. De bezwaarprocedure voor de vergunning van TTOP 4 loopt nog. De nu voorliggende aanvraag voor TTOP 5 ziet op een reinigingsinstallatie met een gedeelte voor tijdelijke opslag van verontreinigde grond en een gedeelte voor tijdelijke opslag van schone grond. Alle TTOP's hebben een Veiligheids- en Gezondheidsplan dat mede voorschrijft dat de verontreinigde gronden zowel aan de onderzijde als aan de bovenzijde worden afgedekt. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied ziet toe op de naleving van deze plannen. 3.3 Wat mag het kosten?
Artikel 6.12 lid 1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) is van toepassing op deze aanvraag. De wet bepaalt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. In vervolg op artikel 6.12 lid 1 Wro wordt in artikel 6.12 lid 2 Wro bepaald dat de gemeenteraad kan besluiten geen exploitatieplan vast te stellen als het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. Omdat dit project geen aangewezen bouwplan is op grond van artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening is kostenverhaal niet aan de orde. Het opstellen van een exploitatieplan is om die reden niet nodig. Aan de uitvoering van dit voorstel zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. Wat zijn de financiële risico’s?
Onze gemeente loopt geen vermeldenswaardige financiële risico's bij de uitvoering van dit voorstel. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
De bevoegdheid een omgevingsvergunning te verlenen hebben wij gemandateerd aan de ODNZKG. Het is de raad die de ruimtelijke aanvaardbaarheid van de aanvraag via de vvgb beoordeelt. De ODNZKG kan uitsluitend dan de omgevingsvergunning afgeven. Het is dan ook de raad die de ruimtelijke aanvaardbaarheid beoordeelt. De portefeuillehouder Ruimtelijke Ontwikkeling is het eerste aanspreekpunt binnen het college. De ODNZKG beoordeelt en besluit over de milieuaspecten van de aanvraag. De milieuaspecten zijn daarmee geen onderdeel van de vvgb. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
Participatie en communicatie Op maandag 11 maart 2024 heeft een informatieavond plaatsgevonden in het gemeentehuis aan de Taurusavenue in Hoofddorp. Deze bijeenkomst is georganiseerd naar aanleiding van de TTOP 4, maar ook de TTOP 5 met de grondwasinstallatie kwam daar aan de orde. Belangstellenden konden zich hiervoor aanmelden. Tijdens de bijeenkomst zijn veel vragen gesteld. Op de website van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (https://odnzkg.nl/aandachtsdossiers/luchthaven-schiphol/veelgestelde-vragen-pfas-grondschiphol/) is inmiddels een overzicht gepubliceerd met de meest gestelde vragen over de grondopslag en reinigingsinstallatie en de antwoorden daarop.
Verklaring van geen bedenkingen grondreinigingsinstallatie 'TTOP 5'
pagina 6
Zienswijzen Op de ontwerp-vvgb konden zienswijzen worden ingediend. Er zijn geen zienswijzen ontvangen die zagen op de vvgb. Tegen het verlenen van de omgevingsvergunning, waar de vvgb deel van uitmaakt, kan beroep ingesteld worden door indieners van zienswijzen en belanghebbenden. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd?
Nadat de raad de definitieve vvgb heeft afgegeven wordt de definitieve vergunning verleend. 3.7 Wat betekent dit voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA)?
Dit voorstel heeft geen gevolgen voor de MRA en er zijn met betrekking tot dit onderwerp geen regionale afspraken gemaakt. 4.
Ondertekening
Burgemeester en wethouders van de gemeentP Haarlpmmprmppr
•
Beantwoording van zienswijzen op ontwerpbesluit c mgevingsvergunning (inclusief geanonimiseerde zienswijzen)