CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

1. RV Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) 2022 (2022.0001788).pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 10 november 2022, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) 2022 (2022.0001788) - AANGENOMEN37.995 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

gemeente Haarlemmermeer

raadsvoorstel Onderwerp

Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) 2022

Portefeuillehouder Steller Collegevergadering

Marjolein Steffens-van de Water Thierry van der Weide 13 september 2022

Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer

2022.0001788

1. Voorstel Collegebesluit(en) Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de actualisatie 2022 van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) vast te stellen, inclusief de kwaliteitskaders voor nieuwbouw en renovatie; 2. de ondertekening van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) 2017 inclusief de afspraken uit de actualisaties 2019 en 2022 door het schoolbestuur Twijs te bekrachtigen; 3. de dóórontwikkeling van Total Cost of Ownership (TCO) voort te zetten; 4. de verkenning van de mogelijkheid om doordecentralisatie toe te passen, te beëindigen. 2. Samenvatting Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) is in 2017 vastgesteld (2017.0026699) en kent een looptijd van acht jaar, van 2017 tot en met 2024. Met het IHP heeft het college een aantal opdrachten geformuleerd, waaronder een tweejaarlijkse actualisatie. Dit raadsvoorstel omvat de afgesproken actualisatie. Daarmee heeft dit document enerzijds het karakter van een voortgangsrapportage en bevat zij anderzijds ook enkele nieuwe besluiten. Het IHP uit 2017 trekken wij niet in. Deze actualisatie is een aanvulling op het IHP uit 2017 en de actualisatie uit 2019. 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? Het doel van het IHP uit 2017, de actualisatie uit 2019 en nu deze actualisatie is en blijft hetzelfde: afspraken maken met de schoolbesturen.

Met het IHP beogen de gemeente en de schoolbesturen te zorgen voor optimale onderwijshuisvesting. De gezamenlijke ambitie is eveneens onveranderd: we willen dat leerlingen én personeel in het primair onderwijs (PO), voortgezet onderwijs (VO) en speciaal onderwijs (SO) kunnen leren en werken in gebouwen die de leer- en werkprestaties stimuleren. De looptijd is wel geactualiseerd. In de toekomstige wetgeving wordt het maken en uitvoeren van een IHP verplicht en zal de looptijd 16 jaar

Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting (IHP) 2022

pagina 2

worden. Wij willen hier graag op vooruit lopen om straks extra taken te voorkomen en daarom kijken we al vooruit tot 2038. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? In deze actualisatie benoemen we welke stappen we de afgelopen twee jaar samen met de schoolbesturen hebben gezet. Daarbij kijken we eerst terug naar de opdrachten die we onszelf hebben gegeven bij de vaststelling van het IHP in 2017. De drie opdrachten waren: 1. de schuldpositie aanzienlijk te verminderen en wellicht zelfs teniet te doen; 2. Total Cost of Ownership (TCO) verkennen; 3. doordecentralisatie verkennen. Schuldpositie en doordecentralisatie Het onderzoek naar de schuldpositie is afgerond: de enige zinvolle manier om de schuldpositie te beïnvloeden, is door middel van doordecentralisatie. We hebben samen met de schoolbesturen ontdekt hoe doordecentralisatie eruit kan zien, wat de gevolgen zijn, et cetera. We merken bij de schoolbesturen weinig tot geen animo om doordecentralisatie te effectueren. Zij zien vooral bezwaren in de risico's en de organisatie die bij doordecentralisatie horen. De vraag is daarmee of we met doordecentralisatie door moeten gaan of onze aandacht en energie in andere onderdelen van het IHP moeten steken. We hebben besloten om dat laatste te doen en daarom stellen we voor om de zoektocht naar doordecentraliseren nu af te sluiten.

Total Cost of Ownership (TCO) Met betrekking tot TCO hebben we bij de actualisatie in 2019 al de financiële vertaalslag in de businesscase-benadering bij investeringsprojecten vastgesteld. Met deze businesscase hebben we inzicht in de financiële prestaties van een gebouw over een langere tijd, van minstens 20 jaar. We brengen via een rekenmodel de investering in verbinding met de exploitatieperiode en maken afspraken over de verdeling van de financiële inspanning die voor een project in de investerings- en de exploitatieperiode nodig is. In de praktijk betekent dit dat verdeling van de financiën tussen gemeente en schoolbesturen hierop aangepast wordt. Uitgedrukt in termen van cofinanciering dragen de schoolbesturen middelen bij uit een onderhoudsreserve (middelen die niet aan onderhoud besteed hoeven worden vanwege de nieuwbouw of de renovatie) en uit de exploitatieperiode die volgt na de investering. Doordat het schoolgebouw een hoge energieprestatie levert, kunnen schoolbesturen de middelen die zij voor energie van het Rijk ontvangen, inbrengen in de investering. Zodra we een substantieel aantal businesscases met elkaar vastgesteld hebben, gaan we de gemeenteraad hier apart en meer gedetailleerd over informeren. Het gedachtegoed van TCO staat overeind, maar er is tussen gemeente en schoolbesturen nog geen consensus over de praktische uitvoering en uitwerking hiervan.

Gemeente en schoolbesturen gaan de komende periode samen dit thema uitwerken om tot een gezamenlijk gedragen visie en uitwerking te komen. De businesscase is onverkort onderdeel van een investeringsproject. Projecten Als we terugkijken naar de start van dit IHP in 2017 hebben we nu één project afgerond. Recent is de G. Th. Rietveldschool in Badhoevedorp opgeleverd en in gebruik genomen. Momenteel zijn we met drie projecten in de uitvoerende fase. Het gaat hier om De Kameleon in Zwanenburg, Juliana van Stolbergschool in Hoofddorp en Hoofdvaartcollege en praktijkschool De Linie in Hoofddorp. De tijdelijke huisvesting aan de Van de Berghlaan in Hoofddorp is afgelopen zomer in gereedheid gebracht. Tegelijkertijd starten we samen met de betrokken schoolbesturen nieuwe projecten op. We maken plannen in Halfweg (Jong Geleerd), PI De Ster in Hoofddorp, Dik Trom in Hoofddorp

Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting (IHP) 2022

pagina 3

(locatieonderzoek). Buitenplaats Nassaupark in Hoofddorp, de scholen in Nieuw-Vennep centrum (zes bassischolen mogelijk terugbrengen naar twee locaties), De Zwaan in Zwanenburg, de Zwanebloem in Zwaanshoek en we verkennen of het mogelijk is om de renovaties die gepland staan in Rijsenhout mogelijk eerder te realiseren, omdat Floreer (voormalige SOPOH) en Jong Leren daar twee scholen hebben gefuseerd, namelijk De Zevensprong en Immanuel. Dit betekent mogelijk wel dat een ander renovatie- of nieuwbouwproject in de planning naar achteren verschuift. Als we kijken naar de planning zoals we die in 2017 voor ons zagen en dan kijken naar het aantal afgeronde projecten, kunnen we constateren dat we de planning niet gehaald hebben. Bij het renoveren en nieuwbouwen van scholen komen we veel vertragende factoren tegen. Denk hierbij aan een procedure bij de Raad van State, langlopende vergunningaanvragen, moeilijkheden met stroomaansluitingen, het realiseren van tijdelijke huisvesting et cetera. Toch zijn we zeer positief gestemd over de stappen die we maken. We renoveren en realiseren nieuwbouw op het kwaliteitsniveau energieneutraal (ENG). Dit is nog niet verplicht, maar zorgt er wel voor dat we deze gebouwen tussen nu en 2050, maar één keer hoeven aan te pakken in plaats van twee keer, omdat we op dit onderdeel nieuwe wetgeving verwachten.

We hebben een kwaliteitskader voor nieuwbouw en het kwaliteitskader voor renovatie gemaakt. We hebben de benodigde tijdelijke huisvesting in kaart gebracht en ook financieel doorgerekend, zodat we een nog realistischere begroting kunnen overleggen. En omdat we met ieder project dat we uitvoeren veel ervaring opdoen hebben we het totale investeringsplan geactualiseerd door alle projectfases aan te passen en de planning van ieder project bij te werken. Ondanks de enorme opgave die voor ons ligt, ook vanwege de grote woningbouwopgave, zien we de toekomst optimistisch tegemoet. Als we kijken naar de opgave die nog voor ons ligt, is een versnelling nodig. Maar ook de ontwikkelingen op de markt geven de noodzaak tot versnellen goed weer. De bouwkosten stijgen, zowel personeelskosten als de kosten van bouwmateriaal. Door middel van het bundelen van projecten, blijven innoveren en professionaliseren proberen we toch de versnelling te realiseren. 3.3 Wat mag het kosten? De financiële actualisatie wordt verwerkt in de producten van de P&C-cyclus. Bij de voorjaarsrapportage en de najaarsrapportage worden de veranderingen in het IHP toegelicht in een bijlage. Het investeringsbedrag per school overschrijdt de grens van € 2 miljoen en zal altijd per afzonderlijk raadsbesluit worden aangevraagd.

Wat zijn de financiële risico's? Onze gemeente loopt geen vermeldenswaardige financiële risico's bij de uitvoering van deze nota. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk? De gemeente is verantwoordelijk voor de investeringen, de schoolbesturen voor de exploitatie van de onderwijshuisvesting. Binnen het college is de portefeuillehouder Onderwijs het eerste aanspreekpunt voor het IHP. De schoolbesturen en de gemeente werken intensief en constructief met elkaar samen aan de uitvoering van de verkenningen en de projecten. Daarbij worden we steeds meer eikaars partner: het bouwheerschap ligt weliswaar bij de meeste projecten bij de schoolbesturen, maar zij zien graag dat de gemeente haar kennis en kunde inzet en meedenkt. Andersom betreft de exploitatiefase van een gebouw een lange periode waarin vele malen meer geld omgaat dan in de initiële investering en dus is die van groot belang

pagina 4

Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting (IHP) 2022

als je samen naar de totale financieringsopgave kijkt. Deze gezamenlijkheid krijgt vanuit de gedachte van TCO steeds meer vorm. We hebben de uitvoering van het IHP organisatorisch geregeld in de vorm van een programma. Hiermee willen we bereiken dat kennisontwikkeling, uitvoering van de opdrachten en de investeringen met elkaar in samenhang zijn. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? Participatie en communicatie We hebben het IHP, de benodigde informatie daarvoor en de daaropvolgende besluiten samen met de schoolbesturen opgesteld. Dit betekent dat we daar ook het wettelijk verplichte Op Overeenstemming Gerichte Overleg (OOGO) met hen over hebben gevoerd. De schoolbesturen hebben ingestemd met de inhoud en de voorliggende besluiten. Na besluitvorming communiceren zowel wij als de schoolbesturen over de inhoud van dit raadsvoorstel. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd? De gemeenteraad wordt bij de behandeling van het Meerjarenperspectief Investering (MPI) voorjaar en najaar geïnformeerd over de stand van de investeringen. Voor individuele projecten ontvangt de raad bij benodigd krediet boven de € 2 miljoen een separaat raadsvoorstel voor het te accorderen krediet.

Met betrekking tot intensieve trajecten, bijvoorbeeld het traject rond doordecentralisatie of de dóórontwikkeling van TCO, vinden we het belangrijk om de gemeenteraad tussentijds te informeren als daar aanleiding toe is. Zo zorgen we dat de gemeenteraad volledig geïnformeerd is en blijft. In aanloop naar de behandeling van deze actualisatie heeft ons college aanvullend een informatieve bijeenkomst voor de raad georganiseerd in het voorjaar van 2022. 3.7 Wat betekent dit voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA)? De kennis die we met de ontwikkeling van het IHP opdoen, stellen wij actief beschikbaar aan de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en alle collega-gemeenten in Nederland, dus ook de gemeenten binnen de MRA. En uiteraard volgen we nauwgezet de ontwikkelingen bij andere gemeenten om daarvan te leren en te profiteren. Ook werken we samen met bijvoorbeeld gemeente Amsterdam om te kijken of we projecten gezamenlijk kunnen aanbesteden of dat het mogelijk is om de bouw van schoolgebouwen te uniformeren, met die kanttekening dat schoolbesturen de onderwijskundige wensen en behoeften op een goede manier tot uitvoer laten komen. 4. Ondertekening Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, de secretaris, de burgemeester,,

' Michiel Ruis "

S

v

\ Mariam | / l/l) anne

huur ans-Wijdeven

Bijlage(n): / I • Actualisatie Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen 2022 inclusief bijlagen

Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen

IHP Actualisatie 2022

Foto: Eltjo Thys

Gemeente Haarlemmermeer De besturen van de scholen in Haarlemmermeer Dunamare, IRIS, Floreer (Sopoh), JongLeren, Meer Primair, Asko, Montessori Vereniging Haarlemmermeer, Twijs, Aloyisius Stichting, Altra, Auris, Levvel, Sein, Spaarnesant

INHOUDSOPGAVE

1.

INLEIDING ..................................................................................................................3

2.

ONTWIKKELINGEN 2017-2022.......................................................................................4 2.1.

3.

OP WELKE PUNTEN ACTUALISEREN WE HET IHP? .................................................................7 3.1. 3.2. 3.3.

4.

DOELEN, VERANDERINGEN EN ONTWIKKELINGEN VANUIT HET ONDERWIJS .............................. 7 VERANDERINGEN EN ONTWIKKELINGEN OP HET GEBIED VAN ONDERWIJSHUISVESTING ............ 10 PARAMETERS EN RANDVOORWAARDEN VOOR DE ACTUALISATIE ......................................... 13

MAATREGELEN PER WIJK, KERN OF GEMEENTEBREED .......................................................... 16 4.1. 4.2. 4.3.

5.

WELKE OPDRACHTEN GAVEN WE ONSZELF EN HOE STAAT HET DAAR NU MEE ? ........................ 5

PRIMAIR ONDERWIJS .................................................................................................. 16 VOORTGEZET ONDERWIJS ............................................................................................ 20 SPECIAAL ONDERWIJS ................................................................................................. 21

FINANCIËLE ACTUALISATIE ............................................................................................ 22 5.1. 5.2.

DE INVESTERINGSPLANNING 2022-2038 ....................................................................... 23 TIJDELIJKE HUISVESTING ............................................................................................... 23

6.

DOORKIJK NAAR EEN VOLGEND IHP ............................................................................... 24

7.

BIJLAGEN................................................................................................................. 25

VOORWOORD Met het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) en de actualisaties daarvan loopt de gemeente Haarlemmermeer samen met de schoolbesturen al een flink aantal jaren voorop. Niet alleen dát we hiermee beschikken over een strategisch document waarin we afspraken maken over de onderwijshuisvesting, nu en in de toekomst. Maar ook hoe we regelen dat in onze schoolgebouwen leerlingen en leraren goed kunnen blijven presteren, getuigt van onze pioniersgeest. Het is dan ook met enig genoegen dat ik als wethouder Jeugd & Onderwijs kennis neem van het bericht dat het rijk van plan is in de toekomst gemeenten te verplichten een IHP op te stellen. In Haarlemmermeer weten we intussen dat een IHP overigens niet betekent dat, hoe goed het plan ook in elkaar steekt, de toekomst van de vele schoolgebouwen volkomen veilig is gesteld. Van achterover leunen kan geen sprake zijn. Ook al heb je op een rij staan wanneer welk schoolgebouw aan de beurt is voor renovatie of nieuwbouw. Ook al is op papier de financiering piekfijn in orde. Ook al gooi je hoge ogen op dit gebied. Onderwijshuisvesting is en blijft weerbarstige materie. Er is altijd wel een beer op de weg die zich aan alle strategische inzichten, de planning of de afspraken heeft onttrokken.

Op het moment van schrijven zijn dat inflatie, gebrek aan materialen zoals noodlokalen voor tijdelijke huisvesting, alsmaar stijgende bouwkosten en de energieopgave. En dit rijtje is gemakkelijk langer te maken. Juist onder zulke zware omstandigheden en met zulke onzekerheden, heb je een koers nodig. En die hebben we in Haarlemmermeer met ons IHP. Samen met de schoolbesturen weten we welke kant we uit willen, moeten en kunnen. Dat is goud waard. Dat we onze nek al hebben uitgestoken en dit bij deze actualisatie van het IHP opnieuw doen, betaalt zich uit. Dát is wél zeker. Marjolein Steffens – van de Water Wethouder Jeugd & Onderwijs

Pagina 1

SAMENVATTING Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (IHP) is het strategische sturingsmiddel waarmee schoolbesturen en gemeente richting geven aan de onderwijsgebouwen. In Haarlemmermeer werken we met een beleidsrijk IHP omdat we verschillende beleidsontwikkelingen in het IHP een plek geven. De belangrijkste hiervan is duurzaamheid, uitmondend in de definitie van Haarlemmermeerse kwaliteit voor nieuwbouw en renovatie en Total Cost of Ownership (TCO). Met TCO en de daarbij horende businesscase maken besturen en gemeente afspraken over de financiering van de investeringen én de exploitatie. In deze actualisatie borduren we voort op het IHP uit 2017 en de actualisatie uit 2019. In de periode sinds 2017 hebben we veel nieuwe inzichten opgedaan die in deze actualisatie een plekje hebben gekregen. Belangrijke onderdelen zijn de nieuwe kwaliteitskaders voor nieuwbouw en voor renovatie. Met deze kaders leggen we met elkaar vast wat wij een goed schoolgebouw vinden. De plannen per onderwijssoort hebben we in deze actualisatie bijgewerkt. Voor het voortgezet en speciaal onderwijs is de vertaalslag naar concrete (bouw-)plannen nog niet helder. Voor het primair onderwijs is dat wel helder en hebben we per kern of wijk bepaald wat we van plan zijn.

Om te zorgen dat deze informatie helder en aan de juiste mensen gecommuniceerd wordt, worden communicatierichtlijnen vastgesteld, zowel voor de initiatieffase als de realisatiefase. Diverse ontwikkelingen leiden tot toenemende stijging van de investeringskosten. Materialen worden duurder, mensen zijn schaars, het realiseren van een schoolgebouw in bestaande wijken brengt de nodige locatiegebonden kosten en soms zorgen met zich mee – om er maar een paar te noemen. Dit kan leiden tot andere uitvoeringsstrategieën, waarbij het beperken van materiaalgebruik te overwegen is. In het bijbehorende raadsvoorstel stellen we de raad voor om de zoektocht naar de mogelijkheid om te doordecentraliseren te beëindigen. De zoektocht naar doordecentralisatie heeft gemeente en schoolbesturen veel gebracht. Denk aan meer inzicht in de opbouw van financiering, inzicht in de noodzaak voor de kwaliteitskaders, doorontwikkeling van de businesscases en een intensieve samenwerking en overlegstructuur. Maar de zoektocht heeft niet daadwerkelijk geleid tot doordecentraliseren. Omdat het een intensief en langdurig traject is en schoolbesturen op een bepaald moment tijdens het schrijven van deze actualisatie meer nadelen dan voordelen zagen, is besloten om de knoop door te hakken. We gaan onze tijd besteden aan andere zaken met voorop het uitvoeren van de lopende renovatieprojecten.

Pagina 2

1.

Inleiding Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen (hierna: IHP) omvat de door de gemeenteraad vastgestelde kaders voor de onderwijshuisvesting in Haarlemmermeer. Het is daarmee het periodieke document voor de schoolbesturen en de gemeente Haarlemmermeer om afspraken te maken over de (toekomst van) onderwijshuisvesting. Het IHP gaat over de lange termijn en de strategische afspraken die deze partijen met elkaar maken. Een IHP is (nog) geen wettelijk verplicht document, maar in Haarlemmermeer sinds geruime tijd hét instrument om voor een langere periode afspraken te maken die voor een deel in plaats van de jaarlijkse cyclus van de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs (hierna: ‘de verordening’) komen. Inmiddels hebben we al meerdere IHP’s achter ons liggen, de eerste dateert van meer dan tien jaar geleden. Op 21 december 2017 heeft de gemeenteraad van Haarlemmermeer het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen voor de periode 2017-2024 besproken en ingestemd met de beslispunten (2017.0026699). Daarbij gaf het college zichzelf de opdracht het IHP iedere twee jaar te actualiseren. De eerste actualisatie heeft eind 2019 plaatsgevonden (2019.0057843).

Om diverse redenen is niet in 2021 een nieuwe actualisatie opgeleverd: we hadden de verwachting in 2021 met doordecentralisatie een stap te hebben gemaakt en we hebben overwogen de gymzalen toe te voegen aan het investeringsplan van het IHP. Inmiddels is duidelijk dat doordecentralisatie meer tijd vergt en dat de gymzalen via het Integraal Accommodatieplan (IAP) verder opgepakt worden. De mogelijkheid bestaat dat de gemeente IAP-vastgoed via de IHP-organisatie realiseert, maar de analyses omtrent de noodzaak van ingrepen et cetera vinden plaats in het IAP. Daarmee hebben we duidelijkheid over twee onderwerpen die de actualisatie beïnvloeden en dus kan de actualisatie plaatsvinden (zie onze informatie aan de gemeenteraad, X.2021.0380). Deze actualisatie strekt overigens verder dan die van 2019: we hebben bijvoorbeeld de oplossingen in de dorpen en wijken nog eens tegen het licht gehouden en met de schoolbesturen meer lading gegeven aan Total Cost of Ownership (TCO). In de vijf jaar sinds de vaststelling van het laatste IHP hebben gemeente en schoolbesturen intensief met elkaar opgetrokken. De Actualisatie IHP 2022 is in samenwerking én in overeenstemming met de schoolbesturen opgesteld. Deze overeenstemming is een wettelijke verplichting, het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) zoals voorgeschreven in de wetgeving voor het onderwijs.

We beperken ons in dit document tot de onderdelen waar actualisatie zinvol is. Dit document is de Actualisatie IHP 2022 en dus herhalen we niet alle onderdelen van het IHP. Het kan voor de lezer daarom raadzaam zijn het IHP-rapport uit 2017 en/of de actualisatie uit 2019 erbij te pakken (Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen Haarlemmermeer (2017.0026699)).

Pagina 3

2.

Ontwikkelingen 2017-2022 Met een IHP leggen schoolbesturen en gemeente afspraken vast die gaan over strategie en langere termijn. Dit sluit aan op de cyclus van de verordening waarbij de besturen aanvragen indienen, maar komt daar ook deels voor in de plaats. Dienden de schoolbesturen voorheen voor 1 februari hun jaarlijkse aanvragen voor nieuwbouw of uitbreiding in, tegenwoordig weten zij al ruim van tevoren wanneer een school aan de beurt is. Voor de schoolbesturen betekent dit minder administratieve lasten, minder onzekerheid over toekenning en bijvoorbeeld ook een beter planbaar proces naar hun achterban (de schoolorganisaties). Voor de gemeente betekent het veel betere planbaarheid van voorzieningen en uitgaven. Deze afspraken hebben wij in 2017 al bezegeld in een samenwerkingsovereenkomst tussen alle betrokken partijen. Nieuwe toetredende schoolbesturen in Haarlemmermeer vragen wij om deze afspraken te ondertekenen zodat het speelveld voor alle partijen gelijk is. Het IHP is en blijft daarmee dus een samenwerking tussen schoolbesturen en de gemeente. We moeten en willen het samen doen. We zijn niet alleen via wet- en regelgeving tot elkaar veroordeeld, maar zetten vooral samen de schouders eronder om de onderwijshuisvesting in Haarlemmermeer beter te maken.

We zijn in afwachting van nieuwe regelgeving van het rijk op het gebied van onderwijshuisvesting en de plicht om een IHP op te stellen. Deze is al geruime tijd geleden aangekondigd. We kennen de contouren van de nieuwe wetgeving, maar weten nog niet exact hoe deze eruit zal komen te zien. Als gevolg van wetgeving hebben gemeente en schoolbesturen soms tegenstrijdige belangen. De gemeente is verantwoordelijk voor de investeringen en de schoolbesturen voor de exploitatie. Hogere investeringen in bijvoorbeeld duurzaamheidsmaatregelen leiden tot lagere exploitatie en vice versa. In Haarlemmermeer hebben we besloten dit voortaan anders aan te pakken: beide partijen leggen de middelen op tafel en beslissen samen over de noodzakelijke investeringen. We bezien maatregelen dus samen vanuit investering én exploitatie. Dit klinkt als een volkomen logische stap, maar op veel plaatsen in Nederland gebeurt dit niet. Het gevolg is dan dat besturen en gemeente tegenover elkaar komen te staan en er van synergie en samenwerking maar weinig sprake is. In Haarlemmermeer hechten we veel waarde aan deze samenwerking, we vinden elkaar waar dat nodig is en gaan een duidelijk gesprek niet uit de weg als de vraagstukken daarom vragen. We hebben als doel om samen te handelen ‘alsof we één bestuur zijn’.

Deze alternatieve handelingswijze heeft ook een ander effect: de uitwerking in concrete projecten en bijbehorende afspraken heeft ons op sommige punten ook meer tijd gekost dan we vooraf dachten. We gaan samen voor gebouwen die de gebruikers, zowel medewerkers en leerkrachten als leerlingen, aanmoedigen tot goede prestaties. De onderwijsgebouwen moeten bijdragen aan het best mogelijke onderwijs voor ieder kind.

Pagina 4

2.1.

Welke opdrachten gaven we onszelf en hoe staat het daar nu mee? In 2017 hebben we de eerste tranche projecten aan de raad voorgelegd, wilden we onderzoeken of de gemeentelijke schuldpositie te verlichten is met gebruikmaking van onderwijshuisvesting en we bepaalden dat we TCO en doordecentralisatie met elkaar wilden verkennen. Het onderzoek naar de schuldpositie is afgerond: de enige zinvolle manier om de schuldpositie te beïnvloeden, is door middel van doordecentralisatie. Gedurende de verkenning naar doordecentralisatie hebben we samen ontdekt hoe doordecentralisatie eruit kan zien, wat de gevolgen zijn, et cetera. Bij het schrijven van deze actualisatie hebben de schoolbesturen in respectievelijk VO en PO-SO aangegeven bedenkingen te hebben bij doordecentralisatie. Voor hen wegen de nadelen op dit moment zwaarder dan de voordelen. Gemeente en schoolbesturen zijn in meerdere gesprekken tot de conclusie gekomen dat we onze energie beter in andere zaken kunnen steken. Beide partijen willen tot afronding van de discussie komen en stellen voor om dit proces af te sluiten. Met betrekking tot TCO hebben we bij de actualisatie in 2019 al aangegeven dat we dit financieel hebben vertaald in een businesscase-benadering bij investeringsprojecten. Met een businesscase worden de financiële prestaties van een gebouw over een langere tijd, namelijk 20 jaar, in beeld gebracht.

We brengen via een rekenmodel de investering in verbinding met de exploitatieperiode en maken afspraken over de verdeling van de financiële inspanning die voor een project nodig is. Het gedachtegoed van TCO staat overeind, maar er is tussen de gemeente en schoolbesturen nog geen consensus over de praktische uitvoering en uitwerking hiervan. Gemeente en schoolbesturen hebben afgesproken dit thema in de komende periode samen uit te werken om tot een gezamenlijk gedragen uitwerking te komen. Deze bundeling van middelen uit de TCO-benadering heeft consequenties: het gehele stelsel is ingericht volgens het ‘split incentive1’ uit de wetgeving. Omdat we in Haarlemmermeer dat anders willen, roeien we soms tegen de stroom in of moeten we nieuwe wielen uitvinden Dat kost tijd, moeite en soms geld. Het leidt er ook toe dat we de afgelopen jaren bij de uitvoering van projecten minder snelheid hebben kunnen maken dan we voor ogen hadden. Inmiddels hebben we vrijwel alle processen die bij het IHP spelen, wel een keer vanuit de aangepaste aanpak doorlopen en zien we de routine ontstaan.

1

Met het split incentive bedoelen we de prikkels die volgen uit de wetgeving: de gemeente heeft de taak te zorgen voor de investering en de schoolbesturen voor de exploitatie. Een hoge investering zou leiden tot een lage exploitatie en andersom. Daarmee krijgen gemeente en schoolbesturen een omgekeerd gerichte prikkel jegens elkaar.

Pagina 5

Verder hebben we in het IHP uit 2017 met elkaar een visie per sector afgesproken die we hieronder samenvatten: • Voor het primair onderwijs: kleine scholen in kleine dorpen, grote scholen in grote dorpen; • Voor het voortgezet onderwijs: meer leerlingen uit Haarlemmermeer volgen onderwijs in Haarlemmermeer en dus minder daarbuiten. Een rijk en gevarieerd onderwijsaanbod. De scholen hebben een profiel waarbij zij zich duidelijk van elkaar onderscheiden. En er is een minimum en maximum aantal leerlingen per school (op basis van de ambitie); • Voor het speciaal onderwijs: we werken vanuit de ondersteuningsbehoefte van het kind, niet vanuit de aard van de beperking. Daarbij streven de schoolbesturen naar de vorming van Integrale Onderwijscentra (IOC’s). Verderop in deze actualisatie benoemen we hoe we met deze eerder gevormde visies omgaan. Als we bovenstaande samenvatten, komen we tot de conclusie dat we het onderzoek naar de schuldpositie als afgesloten beschouwen. Het verkennen van doordecentralisatie en TCO is nog gaande. Met de verschillende projecten uit het IHP 2017 en de actualisatie 2019 zijn we nog druk bezig. Hierover verderop in deze actualisatie meer. Tenslotte vinden schoolbesturen en gemeente het belangrijk om de IHP-periode die achter ons ligt, te evalueren.

De komende maanden zullen we met elkaar de processen en afspraken van de afgelopen jaren evalueren en met elkaar bespreken welke verbeteringen wenselijk of noodzakelijk zijn. In deze evaluatie zullen we bijvoorbeeld aandacht besteden aan de planning en de verwachtingen, aan de doordecentralisatie en aan de wijze waarop we de bouwopgave realiseren. We verwachten dat deze evaluatie in het begin van 2023 klaar kan zijn. De uitkomsten van de evaluatie nemen we mee in het vervolg van onze samenwerking, waarbij de verwachting is dat we in 2024 een nieuw IHP opstellen.

Pagina 6

3.

Op welke punten actualiseren we het IHP? Sinds de eerste editie van het huidige IHP, in 2017, is veel veranderd. In dit hoofdstuk gaan we in op de belangrijkste veranderingen. 3.1.

Doelen, veranderingen en ontwikkelingen vanuit het onderwijs

1. LEA 2021-2024 De Lokaal Educatieve Agenda (LEA) 2021-2024 is opgesteld en ondertekend door alle schoolbesturen, kinderopvangorganisaties in Haarlemmermeer én de wethouder Onderwijs. Ook is de LEA 2021-2024 door het college van burgemeester & wethouders vastgesteld. Uitgangspunt van de LEA is dat de kwaliteit van de kinderopvang en het onderwijs in Haarlemmermeer voldoende is. De kinderopvang moet voldoen aan de kwaliteitseisen van de Rijksoverheid en GGD. En scholen moeten minimaal een basisarrangement hebben. Gelukkig worden ook scholen en/of afdelingen van scholen met goed of excellent beoordeeld door de onderwijsinspectie. Mocht een school een onvoldoende of zwakke beoordeling krijgen van de onderwijsinspectie dan start het betreffende schoolbestuur een verbetertraject om de kwaliteit weer op orde te krijgen. Naast alle wettelijke verplichtingen waaraan de schoolbesturen en de kinderopvangaanbieders binnen de LEA moeten voldoen, zoals bijvoorbeeld onderwijshuisvesting of passend onderwijs voor iedere leerling, zijn er twee thema’s gekozen waar in de periode 2021-2024 met elkaar aan wordt gewerkt. Deze thema’s zijn 'Kansengelijkheid' en 'De gezonde kinderopvang en school/het gezonde kind'. De wettelijke taken die de gemeente heeft ten aanzien van onderwijs, gelden niet voor kinderopvang.

Dit brengt ons wel eens in een lastige positie: vanuit kwaliteit bezien is de verbinding onderwijs-opvang zeer gewenst, maar vanuit huisvesting gaat onderwijs voor op kinderopvang. Hier proberen we in goed overleg altijd de beste oplossing voor te vinden. 2. Integraal Kind Centra (IKC’s) In het kader van Kansengelijkheid hebben de partners ervoor gekozen om de ontwikkeling van IKC’s voort te zetten en uit te breiden. Vrijwel alle nieuwbouwprojecten die in het basisonderwijs worden ontwikkeld betreffen een IKC. In een IKC worden kinderen van 0 tot en met 12 jaar gezamenlijk opgevangen en hanteren onderwijs en opvang één doorgaande ontwikkelingslijn, inclusief voorschools, tussenschools en naschools aanbod. Om de gemeentelijke positie bij een IKC scherp te stellen, heeft de gemeenteraad in 2019 zijn goedkeuring verleend aan beleid voor IKC’s (2019.0057839). Belangrijk hierbij is dat kinderopvang en onderwijs bij nieuwbouw vergaande afspraken maken over samenwerking voordat dit een IKC mag heten. Schoolbesturen en gemeente hebben al in 2017 afspraken gemaakt over de situaties waar kinderopvang in bestaande gebouwen gehuisvest is. De huurinkomsten gaan hierbij naar de schoolbesturen toe. In 2017 spraken we af dat we hier verandering in aanbrengen: de schoolbesturen moeten deze inkomsten aanwenden ten gunste van huisvesting. Hierover verderop meer onder ‘Huurbeleid’.

Bij de ontwikkeling van de IKC’s doet zich mogelijk een knelpunt voor. De gemeente is volgens de Wet Markt en Overheid gehouden aan het innen van de kostprijs dekkende óf de

Pagina 7

marktconforme huur (de hoogste van de twee). Voor kinderopvang is de marktconforme huur in het algemeen de maximaal betaalbare huur. Indien de kostprijs dekkende huur boven de marktconforme huur komt te liggen, staat de IKC-vorming onder druk: de huur is immers moeilijk op te brengen vanuit de inkomsten per kindplaats. Door de grote stijging van de bouwkosten, stijgt de kostprijs dekkende huur mee. De vraag is in hoeverre deze stijging door de kinderopvang in hogere prijzen door te berekenen is. Daarmee kan de IKC-vorming onder druk komen te staan. 3. Juniorcolleges In Haarlemmermeer hebben de schoolbesturen ervoor gekozen om twee juniorcolleges aan het onderwijsaanbod toe te voegen. Een juniorcollege is een onderwijsvoorziening voor 10 tot 14jarigen die baat hebben bij andere vormen van leren of voor kinderen die iets meer onderwijs en/of tijd nodig hebben om een goede keuze te maken voor het voortgezet onderwijs. In NieuwVennep verkeert een juniorcollege – uitgevoerd door de schoolbesturen IRIS (voortgezet onderwijs) en Jong Leren (basisonderwijs) – in de aanloopfase. Zij zijn per 1 februari 2022 gestart. In Hoofddorp geven de schoolbesturen IRIS (voortgezet onderwijs) en Meer Primair (basisonderwijs) vorm aan een tweede juniorcollege. De juniorcolleges staan open voor alle leerlingen in Haarlemmermeer die tot de doelgroep behoren.

Hierover is de gemeenteraad in 2021 geïnformeerd via de nota van B&W ‘Start juniorcolleges 10-14 jaar’ (2021.0002947). Qua huisvesting is er voor juniorcolleges nog geen vast beleid of werkwijze. Voor leerlingen in het basisonderwijs gelden andere huisvestingsregels en -normen dan voor leerlingen in het voortgezet onderwijs. In de nieuwe verordening passen we dit aan door een norm in te voeren. Juniorcolleges kunnen zich ontwikkelen als de beschikbare huisvesting het qua capaciteit toelaat. Gemeente en schoolbesturen zijn zeer content met deze ontwikkeling en werken samen om hier ruimte voor te creëren. 4. Internationale Taal- en Schakelklassen In Haarlemmermeer hebben we centrale voorzieningen voor kinderen die rechtstreeks uit het buitenland instromen in het Nederlandse onderwijs. Voor het basisonderwijs zijn dit de internationale taalklassen (ITK) die zijn ondergebracht bij IKC Wereldwijs in Graan voor Visch. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat de internationale schakelklassen (ISK), onderdeel van het Hoofdvaart College. De ISK is gehuisvest in de wijk Pax in Hoofddorp. Alle kinderen die vanuit het buitenland instromen ontvangen eerst een basisaanbod op de centrale voorziening en zodra zij het Nederlands voldoende beheersen stromen zij door naar de reguliere scholen in Haarlemmermeer. Bij de ITK duurt het basisaanbod gemiddeld een jaar en bij de ISK gemiddeld twee jaar.

De grootte van de ITK en ISK kunnen nogal fluctueren, als gevolg van de toestroom. We zien dat de omvang de laatste jaren zo'n vier á vijf groepen per centrale voorziening omvat. Maar als de instroom van statushouders fors toeneemt, of een oorlog uitbreekt zoals recent in Oekraïne, dan lopen de aantallen snel en aanzienlijk op. Gemeente en schoolbesturen werken altijd nauw samen om te komen tot benodigde uitbreiding en/of noodopvang verbonden aan de centrale voorzieningen. Het is altijd lastig om hierop te anticiperen, zowel in huisvesting als in bemensing van de klassen. De cijfers voor de ITK en ISK zijn daarom ook lastig te prognosticeren.

Pagina 8

5. Internationaal onderwijs Internationaal onderwijs is gericht op de kinderen van buitenlandse werknemers of zelfstandige ondernemers die tijdelijk in Nederland werken. De voertaal voor de internationale scholen in Haarlemmermeer is Engels en zij werken met een internationaal curriculum. Haarlemmermeer heeft twee internationale scholen voor basisonderwijs. Gifted Minds is een privéschool van circa 100 leerlingen die buiten de Rijksbekostiging en onze zorgplicht voor onderwijshuisvesting valt. De Optimist International School is zogenaamd internationaal georiënteerd basisonderwijs (IGBO) en ontvangt wel Rijksbekostiging. Sinds de start in 2018 is de school snel gegroeid naar het huidige leerlingenaantal van rond de 240 leerlingen. Deze school groeit nog steeds en zal naar verwachting ook de komende jaren blijven groeien. Daar zoeken we de juiste oplossing voor. Enerzijds heeft dit te maken met de woningbouw in Haarlemmermeer, anderzijds zeker ook omdat Haarlemmermeer een aantrekkelijk vestigings/werkklimaat heeft voor internationale bedrijven en werknemers. Er is (nog) geen internationaal georiënteerd voortgezet onderwijs (IGVO) in Haarlemmermeer, maar de vraag ligt wel op tafel. De afgelopen jaren was de afspraak dat de internationale leerlingen konden instromen in Haarlem, maar de IGVO-voorziening in Haarlem kan de vraag vanuit Haarlem zelf al niet meer aan.

De instellingen in Amsterdam en Amstelveen zijn voor ouders qua afstand niet aantrekkelijk. In Haarlemmermeer kunnen jongeren die internationaal onderwijs willen volgen nu terecht bij het Haarlemmermeer Lyceum (vestiging Baron de Coubertinlaan). Zij bieden tweetalig onderwijs aan. We concluderen dat de vraag naar internationaal onderwijs in Haarlemmermeer groeit, zowel voor basis- als voor voortgezet onderwijs en dit vraagt om een antwoord. Het al dan niet opstarten van een IGVO-voorziening in Haarlemmermeer nemen we mee bij de uitwerking van de VO-visie. Bij het VO zijn schoolbesturen Iris en Dunamare met elkaar in gesprek over de gewenste omvang en de profilering van iedere VO-school in Haarlemmermeer. De gevolgen hiervan voor huisvesting zijn nog niet helder en de financiële gevolgen zijn nog niet opgenomen in de investeringsplannen. De VO-besturen hebben loting ingevoerd om actiever op de leerlingenstroom te sturen. Voor huisvesting betekent dit dat de grilligheid in de leerlingenaantallen verdwijnt. Met loting ontstaat bij scholen een stabiele instroom en daarmee een stabieler leerlingenaantal. Hierdoor is het mogelijk de omvang van een school preciezer te bepalen.

Met stabiele leerlingenaantallen weten de schoolbesturen op welke schoolomvang zij kunnen rekenen (bijvoorbeeld ten aanzien van personeel en bekostiging) en hebben besturen en gemeente geen verrassingen qua huisvesting te verwachten. We kennen immers de omvang en capaciteit en maken daar afspraken over. De komende tijd wordt een daling van het leerlingaantal verwacht, gevolgd door een stijging vanaf 2032. VO-scholen werken aan het verminderen van de uitstroom zodat onder andere het onderwijshuisvestingsaanbod passend blijft. Het gesprek dat de VO-besturen met elkaar voeren gaat ook over het terugdringen van uitstroom uit de gemeente. Het doel is om zoveel mogelijk kinderen uit Haarlemmermeer, in de gemeente naar het voortgezet onderwijs te laten gaan.

Pagina 9

Binnen het vraagstuk dat het VO nu met elkaar bespreekt staat een aantal belangrijke uitgangspunten overeind. Het gaat dan om kansengelijkheid, inclusiviteit, het gedachtegoed van de Gezonde School (zie de Lokaal Educatieve Agenda) en de verandering van advisering. Dat laatste betekent dat door het PO meer dubbele adviezen gegeven worden, wat met name leidt tot meer mavo-havo leerlingen. In het SBO, het SO en het VSO zien we stabilisering gevolgd door groei van het aantal leerlingen. Hierover zijn we met de schoolbesturen in gesprek in het kader van de IHP-actualisatie. Het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs (SWV) heeft aangegeven dat zij een grote groei verwacht van leerlingen in het SO en SBO. Deze wordt veroorzaakt doordat meer Haarlemmermeerse kinderen binnen de gemeente naar een SBO of SO-school gaan (in plaats van erbuiten), door het inlopen van de wachtlijsten, door snellere uitval uit het primair onderwijs (mede door tekort aan leerkrachten) en door groei van de leerlingenpopulatie (woningbouw). We zijn met het SWV in gesprek en hopen korte termijn keuzes te ontwikkelen, maar de oplossingen zijn niet zomaar gerealiseerd. Op dit moment is sprake van leegstand in een aantal SO/SBO-scholen. Dit is eveneens onderwerp van gesprek. 3.2.

Veranderingen en ontwikkelingen op het gebied van onderwijshuisvesting

1. Onveranderd: ons handelingsmotief In het IHP hebben schoolbesturen en gemeente hun gezamenlijke visie en ambities neergelegd. Deze zijn nog altijd het handelingsmotief. Zo werken gemeente en schoolbesturen samen aan toekomstbestendige, duurzame en energie neutrale huisvesting die niet alleen de kwaliteit van het onderwijs versterkt, maar ook op de aantoonbaar meest efficiënte wijze conform IHPplanning wordt ontwikkeld, gerealiseerd en geëxploiteerd. 2. Geactualiseerd: de looptijd tot 2038 Als eerste hebben we de looptijd geactualiseerd. In de nieuwe wetgeving wordt het maken en uitvoeren van een IHP verplicht en zal de looptijd 16 jaar worden. Wij willen hier graag op vooruit lopen en hebben het daarom aangedurfd de looptijd al tot 2038 te maken. Daarmee verschaffen we ons het voordeel dat – als de verplichting ingaat – we geen extra taak hebben. Ook stelt het ons in staat om tijdig inzicht te hebben in wat er op ons afkomt als we zo lang vooruitkijken: waar gaan we bouwen, renoveren, aanpassen of uitbreiden et cetera. Zo weten alle partijen waar ze aan toe zijn en wat er op welk moment gebeurt. Dit is belangrijk vanuit financieel oogpunt omdat ook de komende jaren flinke investeringen nodig zijn die goed gepland moeten worden. 3.

Geactualiseerd: benodigde kwaliteit Voor de totstandkoming van het IHP in 2017 legden we met elkaar vast wat we een kwalitatief goed schoolgebouw vinden en waar dit aan moet voldoen (2016.0009176). Om de kwaliteit van een gebouw te bepalen, kun je je baseren op het wettelijke minimum zoals vastgelegd in het Bouwbesluit. Dit actualiseert de Rijksoverheid met enige regelmaat. Het huidige Bouwbesluit gaat uit van BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) als minimale energiekwaliteit. Al bij de actualisatie in 2019 hebben we ENG omarmd als veel beter bruikbaar. ENG voldoet aan de eisen uit het Klimaatakkoord en is het minimum om ons in staat te stellen over de energie-inkomsten van de schoolbesturen afspraken te maken. Oftewel: een gebouw dat nu aan BENG voldoet, moet voor 2050 nog een extra ingreep ondergaan, terwijl dat met een ENG gebouw niet hoeft.

Pagina 10

Naast de energetische kwaliteit, hebben we onze ideeën over kwaliteit ook op andere punten herzien. Hierbij hebben we dankbaar gebruik gemaakt van de vele kaders die sinds 2016 verschenen zijn. We willen met elkaar het geactualiseerde Kwaliteitskader Haarlemmermeer Nieuwbouw gebruiken als maatstaf voor onze nieuwbouw investeringsprojecten. Hiermee lopen we vooruit om toekomstige regelgeving: de evaluatie van het Bouwbesluit door de Rijksoverheid is voorzien in 2025 (waarbij waarschijnlijk ENG als minimum wordt ingevoerd). Dit lijkt ver weg, maar is voor onze investeringsplannen redelijk dichtbij. Door onze investeringen op dit niveau af te stemmen, verwerken we aanstaande kwaliteitsstijgingen al in ons investeringsplan. Dit kwaliteitskader voor nieuwbouw leggen we voor akkoord voor aan de gemeenteraad en is als bijlage 3 opgenomen. Naast nieuwbouw kennen we ook renovatieprojecten. Hierbij moeten we op een andere manier met kwaliteit omgaan: er is immers een bestaand gebouw dat je probeert te optimaliseren. We hebben daarom ook een kwaliteitskader voor renovatie ontwikkeld. In dit kader koppelen we inhoudelijke keuzes aan een proces. In dit proces vragen we aan de gebruikers van het gebouw welke ruimten gebruikskwaliteit hebben (en welke niet) en hoe we het gebouw zouden moeten optimaliseren om dit geschikt te maken voor de verdere levensduur.

Ook kijken we bouwkundig naar het gebouw om te bepalen welke ingrepen nodig zijn. Vaak zien we dat met name de lichtinval en de relatie met de buitenomgeving belangrijke aandachtspunten zijn. En uiteraard speelt de energieprestatie van een gerenoveerd gebouw een belangrijke rol. Het kwaliteitskader voor renovatie leggen we ook voor akkoord voor aan de gemeenteraad. Hiermee hebben we ook voor renovatieprojecten een toepasbaar kader, bestaande uit een proces en een aantal normen waar een renovatie aan moet gaan voldoen. Net als het kwaliteitskader voor nieuwbouw, is de vraag aan de gemeenteraad in te stemmen met het kwaliteitskader voor renovatie. Bij de renovatie-investeringen in de schoolgebouwen hebben we de uitvoeringsplanning mede gebaseerd op de beschikbaarheid en op het beperken van de kosten van tijdelijke huisvesting. Deze huisvesting trekt een stevige wissel op de in te zetten middelen. Schoolbesturen en gemeente onderzoeken samen in een werkgroep of er slimme alternatieven te ontwikkelen zijn, die – met beperkte gevolgen voor de onderwijskwaliteit – kunnen leiden tot lagere kosten. Indien deze alternatieven bruikbaar zijn, zal de uitvoeringsplanning van de renovaties gaan schuiven. Hierover zullen wij de gemeenteraad uiteraard informeren. 4.

Geactualiseerd: de verordening De rechten en plichten tussen gemeente en schoolbesturen liggen vast in de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs (VVHO), hierna de verordening. Onze huidige verordening dateert van 2015 en is aan vernieuwing toe. Zo voldoen we weer aan de actuele omstandigheden. Over de verordening hebben we het verplichte OOGO (op 25 mei 2022) gevoerd. Deze verordening legt het college via een apart besluit ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad, maar omdat de relatie tussen de verordening en deze actualisatie er natuurlijk is, bieden we beide stukken tegelijk aan voor besluitvorming.

Pagina 11

5. Onveranderd en uitgebreid: visie op het onderwijs in Haarlemmermeer In 2017 hebben we de volgende visie als uitgangspunt opgesteld: • Voor het primair onderwijs: kleine scholen in kleine dorpen, grote scholen in grote dorpen; • Voor het voortgezet onderwijs: meer leerlingen uit de Haarlemmermeer volgen onderwijs in Haarlemmermeer en dus minder daarbuiten. Een rijk en gevarieerd onderwijsaanbod. De scholen hebben een profiel waarbij zij zich duidelijk van elkaar onderscheiden. En een minimum en maximumaantal leerlingen per school (op basis van de ambitie); • Voor het speciaal onderwijs: we werken vanuit de ondersteuningsbehoefte van het kind, niet vanuit de aard van de beperking. Daarbij streven de schoolbesturen naar de vorming van Integrale Onderwijscentra (IOC’s). Deze visie is nog steeds actueel. We willen deze aanvullen met nieuwe onderdelen. Bij de omvang van de PO-scholen hebben de schoolbesturen bij het IHP uit 2017 al aangegeven aan welke aantallen leerlingen zij denken. Voor de grote kernen (Badhoevedorp, Hoofddorp, Nieuw-Vennep) is dit 250 leerlingen. Voor de middelgrote kernen (Zwanenburg, Zwaanshoek, Spaarndam, Lisserbroek, Rijsenhout, Vijfhuizen) geldt 165 leerlingen als een gewenst leerlingenaantal en in de kleine kernen hanteren we geen criterium. Uiteraard geldt in Haarlemmermeer wel de wettelijke opheffingsnorm en de bijbehorende regelgeving.

Met het uitgangspunt voor het primair onderwijs creëren we de mogelijkheid om in bestaande gebieden het aantal scholen te reduceren en de zogenaamde BRIN-nummers2 die vrijvallen, over te hevelen naar nieuw te realiseren gebieden. Zo zorgen we ervoor dat we onze investeringen zo effectief mogelijk inzetten. De gemeente hoeft dan immers minder investeringen te doen in de zogenaamde ‘vaste voet’, de oppervlakte (200m²) waar iedere school met een BRIN-nummer recht op heeft. 6. Onderwerp van gesprek: bouwheerschap Sinds we begonnen met de uitvoering van de projecten uit het IHP is het bouwheerschap – jargon uit de verordening om aan te duiden wie de uitvoerder van het bouwproject is – onderwerp van gesprek. In de verordening staat beschreven dat een schoolbestuur bouwheer is, maar dat het bestuur een verzoek bij de gemeente kan indienen om het bouwheerschap aan de gemeente over te dragen. In zo’n geval moet de gemeente dit overwegen en haar keuze onderbouwen. Bij het project De Kameleon in Zwanenburg is dit gebeurd en heeft de gemeente het bouwheerschap overgenomen. In 2018 voerden gemeente en de PO-schoolbesturen naar aanleiding van het eerste verzoek tot overdracht al eens een gesprek over het bouwheerschap.

De conclusie van die discussie was dat we er de voorkeur aan geven om het bouwheerschap bij het schoolbestuur te houden, maar met de gemeente in een nadrukkelijke ‘meekijk-rol’. Veel besluiten en beslissingen hebben impact die ook voor de gemeente relevant is. En de gemeente speelt altijd een rol, bijvoorbeeld op het gebied van de ruimtelijke ordening. De laatste tijd herkennen we de drang om de uitvoering van de projecten te optimaliseren. Er ligt veel werk voor ons, projecten worden misschien wel complexer en dan ontstaat vanzelf de

2

Een BRIN-nummer is het registratienummer van een school bij het Ministerie van OC&W en op grond waarvan de bekostiging van onderwijs (voor het schoolbestuur) plaatsvindt. Met de toekenning van dit nummer ontstaat voor de gemeente ook de zorgplicht voor de huisvesting.

Pagina 12

wens tot bundeling en professionalisering. De komende tijd bespreken gemeente en schoolbesturen met elkaar hoe we de figuur van bouwheer verder kunnen invullen. 7. Geactualiseerd: Gymzalen en/of sporthallen Gymzalen en sporthallen zijn niet opgenomen in het IHP. Deze krijgen een plek in het Integraal Accommodatieplan (IAP). Hierin is een werkwijze opgenomen die de gemeente in staat stelt om per wijk in beeld te brengen welke voorzieningenbehoefte er is en hoe de gemeente dit het beste kan accommoderen. Daarbij kijkt de gemeente niet alleen naar eigen vastgoed, maar ook naar de mogelijkheden om privaat vastgoed in te zetten. Vanzelfsprekend zijn gymzalen ook van belang voor goede leerprestaties van onze leerlingen. Daarom worden schoolbesturen en de medewerkers die gaan over onderwijshuisvesting nauw betrokken. Uitzonderingen hierop zijn mogelijk, bijvoorbeeld in nieuwe gebieden waar we het realiseren van een school combineren met de bouw van een gymzaal, sportzaal of sporthal. 3.3.

Parameters en randvoorwaarden voor de actualisatie Om te bepalen hoe we de investeringen opbouwen, baseren we ons op meerdere parameters en randvoorwaarden. Sommige hiervan herzien we jaarlijks, anderen alleen als sprake is van een actualisatie. In deze paragraaf lopen we ze langs. Kwaliteit van de huidige huisvesting Ieder gebouw veroudert waarmee de kwaliteit afneemt. Dit verouderingsproces bestaat uit meerdere componenten, zoals technische en functionele veroudering. De mate van veroudering is een belangrijk criterium om te bepalen in welke volgorde gebouwen ‘aan de beurt’ zijn voor een maatregel. In 2015 en 2016 vond de laatste inspectie van de totale gebouwenportefeuille plaats. Om te bepalen of er reden was de eerder opgestelde volgorde van gebouwen aan te passen, hebben we een steekproef gedaan en drie gebouwen opnieuw laten inspecteren. Omdat uit deze steekproef geen andere dan de al verwachte veroudering voortgekomen is, zien we vanuit deze invalshoek geen aanleiding om de volgorde van de investeringen aan te passen. Leerlingenaantallen en bijbehorende oppervlaktes Ieder jaar opnieuw stelt bureau Pronexus voor ons leerlingenprognoses op. Deze prognoses zijn een heel belangrijk sturingsinstrument voor zowel de gemeente als de schoolbesturen.

Voor de schoolbesturen geldt dat zij hun scholenstrategie kunnen voeden met de prognoses: waar komt groei terecht, waar neemt het leerlingenaantal af en is dat reden tot handelen? Voor de gemeente zijn de prognoses de weerslag van ontwikkelingen in woningbouw en belangstelling van ouders voor scholen. De uitkomsten van de recente prognose is opgenomen in bijlage 1. Deze cijfers hebben we omgezet in de omvang van de benodigde investeringen (het MPI). Hiervoor hanteren we de formules zoals in de verordening vastgelegd. Dit geldt overigens ook voor andere posten waarvoor de gemeente de financiële verantwoordelijkheid draagt, zoals eerste inrichting en onderwijsleerpakketten. Tot onze tevredenheid zijn de prognoses accuraat: niet zozeer per school (want de belangstelling van ouders fluctueert jaarlijks), maar per wijk hebben we goed in kaart met welke leerlingenpopulatie we te maken hebben. Investeringsbedragen Een ander grote ‘stuurknop’ voor de investeringen zijn de investeringsbedragen. Jaarlijks vragen we een onafhankelijk bureau om een actualisatie van de bedragen die we nodig hebben om te

Pagina 13

investeren. Deze bedragen stegen gedurende langere periode redelijk trendmatig, maar tussen 2020 en 2022 zien we een veel forsere stijging. Deze komt enerzijds door de benodigde verhoging van het kwaliteitsniveau, anderzijds door de schaarste op de bouwmarkt. Een natuurlijke reflex zou kunnen zijn om te wachten tot de prijzen weer dalen. Het is maar de vraag of dit ook echt zal gebeuren. Wachten en uitstellen helpt ons bovendien niet: we maken de investeringsnoodzaak alleen maar groter, net als de hoeveelheid werk. Versnellen en bundelen van projecten zijn een betere strategie om de bouwmarkt mee tegemoet te treden. Woningbouw in Haarlemmermeer In Haarlemmermeer hebben we het al geruime tijd over de zogenoemde schaalsprong: de bouw van 20.000 (of meer) woningen in de gemeente om te voorzien in de behoefte. Waar mensen wonen ontstaat vanzelf behoefte aan onderwijs en waar onderwijs nodig is, heeft de gemeente de wettelijke investeringsplicht. Daarom kijken we vanuit het IHP heel actief mee bij de woningbouwplannen in de gemeente, zodat we op het juiste moment anticiperen op het tempo en de omvang van de woningbouw. Ook anticiperen we op programmatische wijzigingen: een verandering in het woningbouwprogramma kan leiden tot een andere manier om in de behoefte aan onderwijshuisvesting te voorzien.

De meeste recent beschikbare woningbouwaantallen (in dit geval: 1 juli 2021) vertaalt Pronexus in de leerlingenprognose. Het tempo waarin woningen gerealiseerd worden is daarin ook meegenomen. We hebben in de investeringsplannen rekening gehouden met de volgende woningbouwplannen: • Cruquius • Nieuw-Vennep West • Lisserbroek • Nassaupark • Hyde park • Lincolnpark • Hoofddorp-Noord • Hoofddorp-Centrum Bij Hoofddorp-Centrum en de ontwikkelingen in Hoofddorp-Noord over de N201 tekenen we aan dat we de omvang van de plannen kennen, maar deze nog niet in concrete onderwijsbehoefte en bijbehorende oplossingen hebben omgezet. Reden hiervoor is dat de opgave nog te algemeen van karakter is. Duurzaamheid en circulariteit In het IHP uit 2017 omarmden we duurzaamheid en circulariteit als motieven voor ons handelen. Daarna hebben we onze houding op dit gebied verzakelijkt en kijken we hier vanuit economische overwegingen naar. Onze keuze om voor ENG te gaan en BENG terzijde te schuiven, past ook in dit kader. De vraag is ook hoe we met duurzaamheid en circulariteit als schoolbesturen en gemeente verder willen. Voor meer richting en duiding van deze onderwerpen hebben we C-creators gevraagd met ons in gesprek te gaan. Hier komen we concreet op terug zodra dat kan.

Planning en fasering Tenslotte hebben we het totale investeringsplan geactualiseerd door alle projectfases aan te passen en de planning van ieder project bij te werken. Deze actualisatie geldt als uitgangspunt voor de financiële planning van de investeringen en omgekeerd: als de financiën niet beschikbaar zijn, gebruiken we de planningsinstrumenten om de uitvoering van projecten aan te passen.

Pagina 14

Huurbeleid in bestaande schoolgebouwen Zoals hiervoor al gesteld, maakten we in 2017 al afspraken over de aanwending van de verhuurinkomsten van bestaande basisscholen door de schoolbesturen. Deze afspraken hebben we uitgewerkt in concrete regels en een praktisch voorstel waarlangs we met elkaar afrekenen. In alle gevallen geldt dat deze verhuurinkomsten aan de huisvesting ten goede komen. In de uitwerking komt het erop neer dat de scholen de kleinere verhuurinkomsten innen en aanwenden voor de huisvesting. Grotere bedragen komen bij de gemeente terecht. De uitvoering van de regeling is gebaseerd op vertrouwen en beperking van administratieve lasten. De precieze constructie, inclusief alle bepalingen en regels, is opgenomen als bijlage 2. In het volgende hoofdstuk hebben we al deze ontwikkelingen omgezet in plannen per kern, wijk of voor de hele gemeente (naar gelang de vorm van onderwijs).

Pagina 15

4.

Maatregelen per wijk, kern of gemeentebreed

We starten met het primair onderwijs, daarna gaan we in op het voortgezet en het speciaal onderwijs. We noemen jaartallen; deze zijn indicatief omdat we gemerkt hebben dat zich regelmatig veranderingen voordoen. Bovendien duurt het aanpakken van een school tussen de vier en de zes jaar: we houden een jaar aan voor het vastleggen van alle afspraken tussen gemeente en schoolbestuur, een jaar voor de definitie- en ontwerpfase en rekenen op twee jaar voor de uitvoering en nazorg. De genoemde jaartallen staan voor de start van het proces, dus oplevering vindt 4 tot 6 jaar daarna plaats, behalve als er een andere uitleg bij staat. 4.1.

Primair Onderwijs

Buitenkaag en Abbenes De renovatie van RKBS St. Willibrordus in Buitenkaag staat gepland in 2033. Gedurende de werkzaamheden is tijdelijke huisvesting nodig. Het verzoek van schoolbestuur Meer Primair is om dit gebouw te renoveren vóór de renovatie van IKC De Lente in Abbenes. In de planning is dit op die manier opgenomen. IKC De Lente staat nu gepland voor renovatie in 2035. We gaan na of het mogelijk is om de tijdelijke huisvesting voor deze beide renovaties te combineren. Badhoevedorp De Rietveldschool is dit jaar opgeleverd. In de afgelopen jaren hebben we bij de Oranje Nassauschool een dependance gerealiseerd en het BAS-gebouw gerenoveerd. Daarmee zijn de Plesmanschool en het hoofdgebouw van de Oranje Nassauschool nog over om aan te pakken. De Plesmanschool valt onder schoolbestuur ASKO. De start van de renovatie voor dit gebouw is in overleg verschoven naar 2027. De komende maanden onderzoeken we of dit pand te renoveren is of dat nieuwbouw de enige zinvolle oplossing is. Het hoofdgebouw van de Oranje Nassauschool is monumentaal en komt voor renovatie in aanmerking. Vanwege het monumentale karakter houden we rekening met een langere voorbereidings- en uitvoeringsperiode. De schoolbesturen en de gemeente hebben afgesproken om te blijven sturen op de afspraken over het aannamebeleid, gemaakt in 2020.

Deze houden in dat kinderen uit Badhoevedorp en Lijnden voorrang hebben op leerlingen uit Amsterdam, tenzij er al een broertje of zusje op een school in Badhoevedorp zit. De schoolbesturen hebben afgesproken dat de Rietveldschool en Oranje Nassau School de maximale capaciteit van 650 leerlingen (24 of 25 groepen) niet zullen overschrijden. Verder lijkt er volgens de prognoses de komende jaren geen probleem te ontstaan met de capaciteit van de schoolgebouwen, ook omdat de instroom van Amsterdamse leerlingen verder zal afnemen. Dit is nodig om te bereiken dat de gebouwcapaciteit in Badhoevedorp ook op langere termijn passend is voor het aantal kinderen in Badhoevedorp en Lijnden. Om te monitoren zullen besturen en gemeente een herkomst- en bestemmingsanalyse van de leerlingen in Badhoevedorp en Lijnden (waar komen de leerlingen per school vandaan en waar gaan de leerlingen buiten Badhoevedorp naartoe) uitvoeren. Ook zullen de schoolbesturen gezamenlijk communiceren naar de (potentiële) ouders van Badhoevedorp over de intentie dat een kleine buurtschool een heldere plek heeft naast de twee grote scholen. De schoolbesturen dragen gezamenlijk zorg voor een positieve ontwikkeling van alle scholen in Badhoevedorp.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=5314bc93-9ef8-4735-a9c8-84422d8f181e