1.9 Bijlage 9 - Beeldkwaliteitsplan.pdf
Tekst van het document
Regels: • Er is samenwerking vereist tussen de verschillende ontwerpers om architectuur en materialen op elkaar af te stemmen. • De welstand ziet toe op integrale en afgestemde planvorming. • Er zijn drie verplichte momenten waarop het ontwerp aan de welstandcommissie moet worden voorgelegd: met het SO, het VO en bij de aanvraag van de Omgevingsvergunning
8 tot slot | supervisie en bemonstering
BEMONSTERING EN MATERIALENBIBLIOTHEEK Een belangrijk onderdeel van dit proces is het afstemmen van de kleuren en materialen die gaan worden toegepast. De verfijning die wordt nagestreefd in de architectuur van het geheel, vereist een nauwkeurige afstemming tussen de verschillende ontwerpen die voor onderdelen van het Holmkwartier gemaakt gaan worden. Alle materialen zullen op elkaar afgestemd moeten worden, teneinde een mooi samengesteld palet te bereiken. Hiervoor zullen alle kleuren en materialen die in de gevel toegepast worden aan de supervisor of welstand door middels van bemonstering ter goedkeuring worden voorgelegd. Van de belangrijkste gevelmaterialen dient een exemplaar te worden afgegeven, zodat er een materialenbank ontstaat die geraadpleegd kan worden voor de beoordeling van later ingediende of voorgelegde plannen.
Regels: • Alle materialen die in de gevels worden toegepast moeten door middel van bemonstering ter goedkeuring worden voorgelegd aan de supervisor of welstandscommissie. • Van de belangrijkste materialen moet een monster worden afgegeven, zodat een materialenbank ontstaat waar later ingediende projecten op afgestemd kunnen worden. de Architekten Cie. | juni 2021
75
Samenvatting regels: framework beeldkwaliteit • • •
In de buitenranden is de geleding van de architectuur horizontaal. In de binnenstraten is er een meer verticalere opdeling. In de verschillende hoven bevindt zich een tussenschaal waarin de nadruk op een accentuering van gebouwdelen ligt.
•
De vier kwadranten uit het stedenbouwkundige plan moeten qua architectuuruitwerking verder worden opgedeeld in kleinere korrels. De verschillende korrels worden door verschillende architecten uitgewerkt. Het doel is om subtiele verschillen in kleur, materiaal, en gevelindeling tot stand te brengen, waarbij het geheel nog steeds als een eenheid oogt.
• •
•
In de buitenranden van het plangebied wordt een eenduidige baksteenkleur toegepast, zonder al te veel variatie in de steen en zonder al te veel variatie tussen onderdelen in het plan: monochroom.
•
In de binnenstraten is een subtiel ton-sur-ton effect wenselijk in de kleur van de gevels. Gemêleerde bakstenen zijn hier acceptabel en kleine variaties tussen de segmenten in het plan zijn wenselijk.
•
In de plangebieden gedefinieerd als hof is meer variatie mogelijk en wenselijk. De pandsgewijze benadering maakt het toepassen van andere materialen in de gevel mogelijk, mit goed geïntegreerd in de architectuur
•
De voegen van het metselwerk contrasteren niet sterk met de steenkleur, maar zorgen juist voor vlakwerking. Waar een horizontale geleding gewenst is, ondersteunt de wijze van voegen de horizontaliteit. Een bijzondere behandeling van de voeg, bijvoorbeeld schaduwvoegen of juist dikkere lintvoegen, worden gewaardeerd.
Tools • • •
Metselwerk in de gevels is verplicht, eventueel in combinatie met andere materialen. Het gekozen metselwerk verband moet de horizontaliteit versterken, hetzij door het toegepaste verband, hetzij door bijvoorbeeld het stootvoegloos vermetselen van de baksteen. Het type of het formaat van de baksteen moet bijdragen aan het versterken van de horizontaliteit.
• •
• • • • • • •
• •
Tenminste 30% van de laagbouw volumes krijgen een setback of een schuine kap. Op de hoekwoningen en het zorggebouw is een kapvorm denkbaar, voor maximaal 50%. Afstemming met welstand vereist
• •
Verbijzonderingen in het metselwerk zijn gewenst en dienen de geleding of het detailniveau verder te versterken. Verbijzonderingen zijn noodzakelijk in de straten op de begane grond
• • • •
76
De opgaande gevels in de straten bestaan uit minimaal 6m. verticaal opgaand metselwerk, daarna is een kapvorm of een setback mogelijk. Traditionele overstekken van de kap zijn niet toegestaan. Enkel zadeldaken of lessenaarsdaken zijn toegestaan, De kaphelling is maximaal 60 graden. De richting van de kap ondersteunt de eenheid binnen de architectuur. Het schuine dakvlak mag enkel worden afgedekt met antracietkleurige, matte, vlakke, gebakken dakpannen. Dakpannen in een andere kleur, materiaal of profilering, of geglazuurde dakpannen zijn niet toegestaan. Als alternatieve materialen voor het dak is wel toegstaan: zink, kalzip of gebakken leien. Dakkapellen zijn zorgvuldig mee-ontworpen en liggen bij voorkeur met de voorzijde in het gevelvlak. Zonnepanelen op schuine daken moeten op een nette wijze worden mee-ontworpen en op platte daken aan het zicht onttrokken te zijn vanuit de openbare ruimte. Installaties blijven waar mogelijk uit het zicht
• • • •
Balkons maken integraal onderdeel uit van de gevelarchitectuur. Ook de afwerking aan de onderzijde verdient daarbij bijzondere aandacht. De buitenruimtes dragen bij aan de architectuur van de gevel, en versterken de geleding. Eventuele glazen afschermingen conflicteren niet met de voorgeschreven geleding. Verlichting op balkons en galerijen zijn zorgvuldig mee-ontworpen in de architectuur.
• • •
• •
Bij de zorggebouwen is enige vorm van groenintegratie in de gevels verplicht. Ook op plekken bij de woningen waar gemetselde plantenbakken worden toegepast, moet op enige wijze voor opgaand groen worden gezorgd. De trapopgangen naar het dek van het appartementengebouw moeten ook van groen worden voorzien, net zoals de inrichting van het dek zelf moet worden uitgevoerd zoals in het landschappelijk inrichtingsplan is ontworpen.
Rondom de voordeuren van de woningen is een verfijnder detailniveau van belang. De voordeurdetails werken een zekere ritmiek in de hand. Ver doorontworpen, integrale oplossingen zijn belangrijke elementen.
• • •
• •
supervisie en bemonstering
• • • •
Op de plekken waar de architectuur van de randen overgaat in de straten, of waar straten overgaan in de hof, gaat de architectuur altijd de hoek om. Op de hoeken zit in principe altijd een hoekraam. Blinde gevels aan de openbare ruimte worden niet geaccepteerd. De voorgevelrooilijn bestaat uit voorgevels. De kleur van de kozijnen speelt subtiel samen met de metselwerkkleur. Indicatie van kozijnkleuren: range van RAL9001 (cremewit) tot RAL 1019 of C32/C33 beige geanodiseerde aluminium kozijnen.
•
•
Er is samenwerking vereist tussen de verschillende ontwerpers om architectuur en materialen op elkaar af te stemmen. De welstand ziet toe op integrale en afgestemde planvorming. Er zijn drie verplichte momenten waarop het ontwerp aan de welstandcommissie moet worden voorgelegd: met het SO, het VO en bij de aanvraag van de Omgevingsvergunning Alle materialen die in de gevels worden toegepast moeten door middel van bemonstering ter goedkeuring worden voorgelegd aan de supervisor of welstandscommissie. Van de belangrijkste materialen moet een monster worden afgegeven, zodat een materialenbank ontstaat waar later ingediende projecten op afgestemd kunnen worden.
openbare ruimte en overgangen publiek-privÉ •
•
• • • •
Plantenbakken, tuinmuurtjes, bankjes en andere onderdelen in de overgangszone tussen de woning en het openbaar domein maken onderdeel uit van het gevelbeeld van de woningen en dienen daarom dezelfde materialisering als de gevel te krijgen. Doorgaans betekend dit dat er gebruik wordt gemaakt van dezelfde baksteen en voegkleur als in de gevels van de bijbehorende woning. Plantenbakken en tuinmuren hebben een hoogte van circa 0,50m. Aan het dek liggen diverse eengezinswoningen en appartementen. Deze woningen hebben een kleine privézone langs de gevel om de entree naar de woning te personaliseren. Het claimen van deze (semi-) openbare ruimte is niet toegestaan Erfafscheidingen op het dek zijn verboden. De trap van het plein naar het dek is het meest genereus vormgegeven, en belangrijker dan de trappen naar de andere zijden van het Stadsblok.
• • •
•
Bergingen aan de achterzijde worden gemetseld in dezelfde steen als de bijbehorende woningen. Bergingen krijgen een groene dakbedekking met mos-sedum. In het geval dat er een parkeerplaats aan de achterzijde gemaakt wordt dan staat de berging op 1 meter van de achtererfgrens en krijgt in die zone een gemetselde plantenbak van ca. 0.50m hoog gevuld met groen. De erfafscheiding in de vorm van een schutting of gelijkwaardig onderdeel, bestaat uit een metalen afrastering met horizontale lamellen die groen begroeid zijn. Een deur is opgenomen in deze erfafscheiding om toegang tot de achtertuin te bieden.
• • •
Deze erfafscheidingsconstructie is voor alle woningen hetzelfde. Tussen de bergingen wordt een verbindend element gemaakt, bijvoorbeeld een carport of een balk op de erfgrens. Deze is voor alle achterzijden aan de hof gelijk en mag niet verwijderd worden. De zijdelingse erfafscheiding grenzend aan openbaar gebied, bestaat uit een gemetselde muur in de steen van het hoofdvolume van tenminste 1,20m. hoog. Een invulling daarboven kan gemaakt worden tot maximaal 2,00m. hoog door middel van groen, lamellen of metselwerk.
de Architekten Cie. | juni 2021
77
Colofon opdrachtgever: Amstelring de Architekten Cie: Pi de Bruijn Erik Vrieling Annemarie van Went Rob Horstman Ambra Chiaradia Javier Moreno Garcia Igor Sladoljev Ignacio Florez Buro Sant en Co: Sander Singor Paul Plambeck Datum: 11 januari 2022
de Architekten Cie. b.v. Klaprozenweg 75A Postbus 576 | P.O.Box 576 NL - 1000 AN Amsterdam The Netherlands T +31 20 5309300 F +31 20 5309399 arch@cie.nl www.cie.nl www.santenco.nl