Verslag Vragenuur 24 juni 2021
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN HET VRAGENUUR RAAD/COMMISSIES VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 24 juni 2021
Vragenuur raad/commissies 1.
Ingekomen raadsvragen De voorzitter: … mij in ieder geval goed en ja, wij willen graag beginnen. Hartelijk welkom. Wij zijn hier bij het vragenuur van de raad voorafgaand aan de raadsvergadering en er zijn een aantal vragen gemeld en die zullen gesteld en waarschijnlijk ook beantwoord worden. En ik wil eerst het woord geven aan de Partij van de Arbeid over de mogelijke komst van de Parade naar Haarlem. De heer Oomkes. De heer Oomkes: Dank u wel, voorzitter. Goedemiddag allemaal. Inderdaad heb ik daar een vraag over gesteld en die valt, wat mij betreft, uit de volgende elementen uiteen. Wat is de stand van zaken? Waarom gaat, als het dit jaar niet doorgaat, niet een voorziening komen, zodat het volgende jaren plaats kan grijpen? Welke lessen leren wij nu uit deze vorm van organiseren? Hoe is de kennismaking met de organisatie zelf bevallen? En vindt u dat de gemeente een taak heeft om deze lacune van festivals te voorzien? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik constateer dat u ook artikel 38-vragen heeft gesteld over dit onderwerp, dus die worden nog beantwoord. Maar kort en goed, er heeft een uitermate prettig en enthousiasmerend gesprek over en weer, enthousiasmerend, plaatsgevonden met de organisatoren van de Parade.
Enthousiasme in Haarlem om te zeggen: dat biedt mogelijkheden voor Haarlem bij hen, omdat zij Haarlem opnieuw, want het is eerder in Haarlem geweest, opnieuw buitengewoon boeiend vinden om daar ook een vorm te vinden om de Parade daar te laten komen. We hebben ook gezamenlijk geconstateerd, dat dat dit jaar niet lukt, van hun kant niet en ook van onze kant niet en dat wij direct na de zomer, in de zomer hebben wij nog contact te kijken van hoe het elders verloopt en direct na de zomer, samen met een aantal partijen in Haarlem, omdat het juist heel belangrijk gevonden wordt om het ook echt een Haarlems gezicht te laten hebben, als het inderdaad zou lukken, want het moet dan nog wel blijken. Maar in ieder geval samen met een aantal partijen in Haarlem te kijken of wij daar mogelijk volgend jaar een invulling in Haarlem kunnen vinden. Dus wij zijn ermee bezig. En ook met enthousiasme. Goed. Dan is de tweede vraag, is van GroenLinks Haarlem, over groene daken. De heer Drost? De heer Drost: Ja, die heb ik nog niet doorgestuurd gekregen, dus misschien even procesmatig, dat ik even met mijn eigen vragen begin of anders iemand anders, dan hebben wij geen vertraging. De voorzitter: Ja, dan zou ik zeggen: begin met uw vraag. De heer Drost: Ja, dank u wel. Ja, ik sprak gisteren de heer Wiedermeijer van PvdA en het bleek dat hij precies dezelfde vragen zou, wilde stellen.
Voor een stukje efficiëntie doe ik dat dus ook uit zijn naam. Want het gaat over het Slachthuisterrein en een snelle ontwikkeling daarvan, dat wordt natuurlijk door de hele raad gewenst. Er zijn nu een aantal bezwaren gemaakt, die de snelle ontwikkeling vertragen, maar vanuit ons perspectief biedt het natuurlijk ook wel weer kansen om juist nu al vol in te zetten op placemaking, cultuur en het nachtleven. Daarom een drietal vragen: kan de gemeente in overleg treden met partijen op het Slachthuisterrein om te kijken welke activiteiten zo spoedig mogelijk nu al hier kunnen plaatsvinden? Kan daarbij ook de motie ‘24 uur corona’ worden betrokken als mogelijke tijdelijke locatie voor een nachtclub? En
1
als derde: kan de burgemeester ervoor zorgen dat er dan, in het verlengde daarvan, ook zo spoedig mogelijk vergunningen komen, zodat er geen verloren zomer dreigt voor deze locatie? De voorzitter: Ja, ik begrijp dat het vooral gaat over inderdaad een tijdelijke invulling, dus dan zal ik zelf de beantwoording doen. Wij zijn op dit moment volop in gesprek met de organisatie Stichting Slachthuis over de wensen van de stichting deze zomer. Het Slachthuisterrein ligt in een woonwijk, dat brengt wel specifieke aandachtspunten met zich mee, daar moeten wij zorgvuldig mee omgaan, maar eigenlijk alle punten, die u noemt, ook de 24-uurs motie, die speelt een rol bij het kijken: wat zijn de mogelijkheden? Dus wij zijn echt aan het kijken van: wat valt in te passen met inachtneming van wat wij ook verplicht zijn in de richting van omwonenden? Dan ga ik naar de VVD. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Op 11 mei brandde de accu-opslag in de Waarderpolder af. Naar verluidt lagen lithiumaccu’s opgeslagen. Het is bekend dat die in brand kunnen vliegen bij contact met water. De afgebrande loods is dus niet adequaat beredderd en er liggen nog accu’s open en bloot. Op 21 juni en ook een aantal keren daarvoor gemeld, was er weer brand en dat leidt begrijpelijkerwijs tot onrust.
Volgens het Haarlems Dagblad verwijst de gemeente voor vragen over controle en veiligheid naar de Omgevingsdienst IJmond en de VRK, maar de VRK zegt dat het een zaak is die bij de afdeling Handhaving en Openbare Orde van de gemeente ligt, die zegt het Milieutoezicht uitbesteed te hebben aan de Omgevingsdienst. Hoe kan het, dat de loods na de eerste brand niet dusdanig beredderd is, dat nieuwe branden niet konden ontstaan? Hoe is dit geregeld? Wie houdt er toezicht op? Waarom is door de Omgevingsdienst niet ingegrepen? En wanneer en hoe gaat u voorkomen dat er weer branden ontstaan? De voorzitter: Dank u wel. Ik probeer kort aan te geven wat hier aan de hand is. Het gaat om een pand waarbij accu-opslag gemeld had moeten worden, maar het niet gemeld is, dus de gemeente was ook niet op de hoogte. Daar hebben ook niet van tevoren inspecties plaatsgevonden en dat is niet goed, dus daar wordt ook tegen opgetreden. Dat wordt dan geconstateerd. Vervolgens is er brand, grote brand, die brand wordt geblust en de verschillende instanties, die u noemt, zijn er allemaal bij betrokken en één instantie heeft u nog niet eens genoemd, dat is de politie en in dit geval onder verantwoordelijkheid van het OM.
Er wordt namelijk gekeken van: wat is de oorzaak van de brand? En moet daar eventueel nog bepaalde stappen voor ondernomen worden? In verband daarmee is het pand ook onmiddellijk gesloten, wat overigens na die grote brand ook volstrekt niet anders zou kunnen, maar goed, dat is ook formeel zo. En dan vindt er onderzoek plaats naar de oorzaak van de brand en de achtergronden van de brand. Waarom heeft er niet een actie plaatsgevonden om te kijken: moeten er nog nadere maatregelen worden genomen om vervolgschade of vervolggevaar uit te sluiten? Dat heeft alles te maken met het feit dat hier sprake is van een product, die batterijen, waarvan u terecht zegt, dat daar gevaren in zitten. Door de verduurzaming hebben deze batterijen een hoge vlucht genomen, ook de opslag daarvan, alleen de regelgeving, die heeft zich daar nog niet helemaal op gezet. Er is regelgeving onderweg. Het is op dit moment niet vergunningsplichtig. De circulaire, waarin dit geregeld wordt, is er ook nog niet, daar wordt aan gewerkt. Dat betekent dat, als het gaat om de vraag van: wat is precies noodzakelijk cq wenselijk, dat die expertise nog onvoldoende aanwezig is.
Er is wel afgesproken: het pand moet gesloopt worden, die sloop is vorige week, is die opdracht uitgegaan en die gaat, vorige week is die uitgegaan en deze week is er opnieuw een brand geweest, dus dat is waar u op doelt, dat is buitengewoon vervelend en naar, maar de sloop gaat de 28e beginnen en dan is ook opgenomen, dat al het materiaal wordt verwijderd. Dus ja, als u zegt van: hoe gaat u voorkomen dat er weer branden ontstaan? Er is nu, er zijn heldere afspraken geweest, daar zijn alle betrokken diensten bij betrokken over de wijze waarop het, tot het moment waarop het afvoeren en sloop plaatsvindt, de veiligheid wordt gegarandeerd. Ja, dat is kort en goed de huidige situatie. Dan ga ik naar de ChristenUnie, als die er is, maar, ja, de heer Visser.
2
De heer Visser: Ja, voorzitter, mij is alleen de volgorde van de vragen echt een raadsel. En ik dacht dat de afspraak was, dat de volgorde hetzelfde zou zijn als online, maar dat is dus kennelijk niet zo. Maar tot zover. Voorzitter, een betrokken Haarlemmer spotte in een jaar tijd meer dan 100 dode bomen in Haarlem. Hij meldde deze, maar kreeg meermaals bericht dat er te weinig budget was deze bomen te vervangen. Daarom heeft de ChristenUnie de volgende vragen: is er voldoende budget om alle dode bomen, die op dit moment bekend zijn, uiterlijk in het komende plantseizoen te vervangen? En twee: is het mogelijk om reeds bekende dode bomen niet alleen een blauwe stip te geven, maar ook op te nemen in het open databestand van de gemeente inclusief jaar van registratie, zodat burgers weten dat deze bomen bekend zijn en de raad kan monitoren of er achterstanden zijn bij het vervangen van deze bomen? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Rog. Wethouder Rog: Ja, dank u wel.
Ja, ik heb het artikel inderdaad ook gelezen en er is inderdaad ook bij de gemeente geconstateerd, dat er een achterstand is in het inlopen van stormschade en dus ook bij het verwijderen en vervangen van dode bomen en dat is ook de reden, dat wij in de voortgangsrapportage een voorstel hebben gedaan om daarvoor geld beschikbaar te stellen voor nog dit jaar, 2021, zodat de achterstand die dus inderdaad geconstateerd is en wat ook deze inwoner van Haarlem heeft geconstateerd, kan worden ingelopen. En dan uw tweede vraag, wij hebben inderdaad de keuze gemaakt om dode bomen met die blauwe stip bekend te maken en wij willen het daar ook, eerlijk gezegd, toe beperken. Wij zijn niet voornemens om nu ook nog daarboven op een soort registratie of open datasysteem toe te voegen. Wij willen nu de prioriteit geven aan dus inderdaad gewoon het herplanten van bomen en dan kijken wij daarna of er inderdaad nog noodzaak is om interne proces verder te optimaliseren. En nou, dat, tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat de volgende vraag betrekking heeft op dezelfde brand, bij het accubedrijf Intercel. Ik weet niet of er nog aanleiding is om die vraag te stellen of dat u … De heer Aynan: Die is, voorzitter, wat mij betreft, beantwoord. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan gaan wij door naar Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter.
Het gaat even over bijstand, zowel voor burgers als voor ondernemers. Hoe actueel kan het zijn? Hoeveel Haarlemmers, die recht hebben op een bijstandsuitkering, vragen deze niet aan? Dat is de eerste vraag. En de tweede: wat zijn eventueel nu bekende redenen of factoren, die hierin een rol spelen waarom men niet aanvraagt? En wat gaat de wethouder hieraan doen, om ze te bereiken? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij weten niet hoeveel mensen bijstand, recht hebben op bijstand maar dat niet aanvragen. We hebben geen inzicht in de inkomensgegevens van Haarlemmers, dus die groep weet je gewoon simpelweg niet. Af en toe komen wij wel iemand tegen, bijvoorbeeld de mensen die nu een Tozo-aanvraag hebben gedaan en die dan ook wel wordt afgewezen, omdat het inkomen vaak onder bijstandsniveau al zat, maar dat zijn mensen, op die manier kom je die toch op het spoor en die zetten wij dan dus ook op het spoor om gewoon reguliere bijstand aan te vragen. Daarnaast hebben we natuurlijk de sociale wijkteams, waarin de gemeentelijke klantmanagers actief zijn en die kan dus ook helpen bij het aanvragen van de bijstand. We hebben een actief beleid om mensen die een WW-uitkering hebben, in te lichten over de bijstand, dat doen wij dus drie maanden, voordat de WW afloopt. Nou ja, zoals gezegd, zelfstandigen die dus
3
op Tozo aanspraak hebben gemaakt meerdere malen, die wordt ook op de mogelijkheid van omscholing naar ander werk en bijstand gewezen en ook statushouders, die een woning krijgen, die een woning krijgt toegewezen in de gemeente, worden meegenomen in het traject om bijstandsaanvraag onderdeel te doen, dus op die manier proberen we wel alle gaten te dichten, maar het is niet uit te sluiten, dat er dus nog mensen rondlopen in Haarlem die recht hebben op bijstand, maar die zijn van harte welkom om dat aan te vragen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar GroenLinks Haarlem. Mevrouw Timmer-Aukes: Dank u wel, voorzitter. Ik moest even denken welke van GroenLinks, dus vandaar dat ik even omkeek. Onlangs kwam in het nieuws dat Nederlandse gemeenten slecht scoren op het gebied van toegankelijkheid. Mensen met een beperking kunnen nog altijd niet deelnemen aan het publieke leven zoals mensen zonder beperking. Ook Haarlem had een slechte naam. Vraag: wat is er verbeterd ten opzichte van het jaar van de toegankelijkheid wat betreft de fysieke en de digitale toegankelijkheid? En dan de vervolgvraag: de VNG heeft recent het startschot gegeven voor de verkiezingen van de meest toegankelijke gemeente van Nederland. Iedere gemeente doet automatisch mee.
Wat is de ambitie van de wethouder wat betreft deze lijst? Hoe hoog wilt u komen en hoe hoog denkt u te komen? En welke consequenties hangt u aan slecht scoren op deze lijst? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Rog. Wethouder Rog: Ja, dank u wel. Ik zal deze vraag mede namens wethouder Meijs beantwoorden. Voor de verbetering van de toegankelijkheid hanteren wij de Routekaart Toegankelijke Stad 2030. En in de afgelopen twee jaar zijn al diverse acties en verbeteringen doorgevoerd. Het geheel hiervan is ook terug te lezen in de tussentijdse rapportage Actieprogramma Toegankelijk Haarlem 2019 - 2020 en een belangrijke stap is ook het oprichten van een Platform Toegankelijk Haarlem en wij zijn voornemens om het Platform dus op te richten, waarin de ambassadeurs Toegankelijkheid ook zitting nemen en inzet van dit platform is onder andere kennisdeling met ervaringsdeskundigen en ook nieuw uitvoeringsbeleid, wat gerealiseerd zal gaan worden en de eerste bijeenkomst, die staat gepland, staat, ja, voor of na het zomerreces, rond het zomerreces gepland en ik zal in ieder geval ook de Routekaart en de voortgangsrapportage met uw raad delen.
De vervolgvraag: ja, welke precieze ambitie hebben wij dan? Ja, wij hebben hoge ambities, waar het gaat om toegankelijkheid en dit is ook, net als klimaatadaptatie, vergroening, onderdeel van de integrale opgave bij groot onderhoud en herinrichting en wij willen dus ook gezamenlijk met het Platform Toegankelijk Haarlem een structurele verbetering voor de stad realiseren, maar wij moeten ook, denk ik, realistisch zijn. Door beperkte middelen voor beheer en onderhoud, gaat het doorvoeren van aanpassingen wel langzamer dan wij gewenst hadden en op deze manier zullen wij, als Haarlem, misschien niet direct de winnaar van de verkiezing zijn, maar werken wij wel iedere dag, stap voor stap, aan een beter toegankelijk Haarlem. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja, dank u wel, voorzitter. Misschien toch wel, ja, kijk, dat is veel leuker, hè. De voorzitter: Zie ik het hele gezicht, ja. Leuk. De heer Aynan: Goedenavond, allemaal. Voorzitter, mag ik de twee vragen bij elkaar doen, want dat is hetzelfde onderwerp en het is dezelfde wethouder, ja. De voorzitter: Ja, is goed, gaat uw gang.
4
De heer Aynan: Dan zijn wij in één keer klaar. Voorzitter, het is natuurlijk prachtig, dat ja, twee ontzettend mooie monumenten gerestaureerd zijn en die zijn ook recentelijk opgeleverd. Daar kunnen wij als Haarlemmers, maar ook andere mensen, kunnen daarvan genieten. Dus compliment daarvoor. Maar twee dingen vielen op. Ten eerste de Amsterdamse Poort. Nou, daar is een onderdeel, ja, weggevallen of vergeten of ontbreekt, dus dat onze vraag, dat is, dan sta ik hier: hoe kan dat? Wordt dat na het weekend, net als bij de Kruisstraat gerestaureerd? De tweede vraag is: betreft de schoorstenen op de Zijlstraat, ook van het stadhuis, en de middelste, die lijkt vergeten te zijn qua voegen. Nou, klopt dat of is er iets anders aan de hand? Graag een toelichting hierop. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Botter. Wethouder Botter: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Er is inderdaad iets anders aan de hand bij de voegen. Wij laten ons adviseren door een gerenommeerd bedrijf, die op restauratiegebied ons ondersteunt. De opdracht is gegeven om de voegen, zeg maar, na te kijken en daar waar nodig, worden zij vervangen. Daar waar niet nodig, worden zij niet vervangen en dat geeft nu het volgende beeld, zoals u dat schetst.
Bij de andere schoorstenen ziet het er anders uit, dan bij de ene schoorsteen aan de Zijlstraat, de middelste en dat heeft alles ermee te maken, dat wij zo natuurgetrouw de voegen, die beschikbaar waren, ook willen behouden in de toekomst. Wat betreft de bol, waarvan u geconstateerd heeft dat hij vertrokken is, of dat hij niet teruggeplaatst is. Het is misschien goed om nog even te melden dat bij de Amsterdamse Poort, wij vooral achterstallig onderhoud hebben weggewerkt en vrij recentelijk op die bol zijn gestuit. Die zullen wij alsnog herplaatsen en wij zullen ook de rest herplaatsen, maar het echte restauratiewerk aan de Amsterdamse Poort is gepland voor 2028, maar voor in ieder geval de komende jaren staat de Amsterdamse Poort er weer keurig netjes bij en wij zullen in ieder geval de ontbrekende delen, die u gesignaleerd heeft, op basis van het hervinden van de bol afgelopen week, weer terugplaatsen. De voorzitter: Soms, dan ben je zo verbaasd over de toevalligheden in het leven. Mijnheer Aynan, u heeft een vervolgvraag? De heer Aynan: Heel simpel, dus ik kan ervan uitgaan dat die bol zo snel mogelijk teruggeplaatst wordt? Wethouder Botter: Volgens mij heb ik dat gezegd, ja. De heer Aynan: Dank u. De voorzitter: Ja. Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter. Betreft AEB Afvalverwerking, de raadsenquête die deze en ieder geval volgende week plaatsvindt.
De vragen: heeft het college de raadsenquete tot op heden kunnen volgen of een klein beetje, waarbij directeuren, hoge beleidsambtenaren, voormalige en huidige colleges van burgemeester en wethouders werden, worden gehoord in Amsterdam? Heeft u daar al een eerste indruk over van de bedrijfsvoering binnen AEB, in relatie tot wat wij ook hebben als contract. Daar komt ook gelijk de volgende vraag bij: neemt u AEB opnieuw op binnen de tender, de aanbesteding, tot contract voor verwerking van huishoudelijk afval in Haarlem of gaat u toch over tot een andere? Graag een voortgang in het proces van aanbesteding. Dank u wel. Zover bekend.
5
De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Rog. Wethouder Rog: Ja, voorzitter, uit het verhoorschema van die raadscommissie van Amsterdam, wat gewoon openbaar is, blijkt dat er alleen ambtenaren en bestuurders zijn opgeroepen van de gemeenten, die klant zijn bij AEB, anders dan Amsterdam zelf en wij hebben eigenlijk, nou ja, tot nu toe weinig relevantie verder gezien voor Haarlem. Op basis van de berichten in de media en de openbare stukken, is er een beperkt beeld te krijgen over de hele gang van zaken en waar dat relevant is, zal het college ervan op de hoogte worden gesteld. En uw laatste vraag of wij AEB opnemen in de tender? Wij hebben daar een commissiedebat over gehad en daar hebben wij aangegeven, dat wij, dat heeft u ook als commissie gedaan, dat wij gaan voor een aanbesteding, waarin het alle marktpartijen vrijstaat om hierop in te schrijven en ja, marktpartijen, daar valt dus ook de AEB onder en ik heb overigens in die commissievergadering ook toegezegd dat ik uw raad zal blijven informeren als er ontwikkelingen zijn en er volgt inderdaad zo spoedig mogelijk een RIB, waarin de raad geïnformeerd wordt over het verloop van de inkoopprocedure, zoals we dat hebben afgesproken met elkaar. De voorzitter: Dank u wel. Dan een vervolgvraag? De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter.
Aan de wethouder: kent u die documentaire van Zembla “De Gouden Bergen”? Dan is er toch, na onderzoek en dat is vrij gedegen geweest, is er toch wel wat meer aan de hand geweest. Kent u die ook en heeft u die ook meegenomen in uw afweging? De voorzitter: Wethouder Rog. Wethouder Rog: Ik heb zelf de documentaire niet gezien, maar volgens mij hebben wij met elkaar een proces, college en raad over hoe wij met die tender omgaan en hebben wij de keuze gemaakt voor een aanbesteding en daarin staat het partijen vrij om in te schrijven en dat geldt dus ook voor AEB. Vervolgens gaan wij dus kijken of zij aan alle voorwaarden voldoen en komen wij ook weer bij u terug. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij weer naar de heer Aynan. De heer Aynan: Ja, voorzitter, als volksvertegenwoordiger ga je soms over hele kleine dingen, zoals in dit geval. Er staat een motor al anderhalf jaar geparkeerd op de stoep in de Lange Herenstraat en er is ook melding gemaakt bij Handhaving, ook met een lekke band. En hij staat daar hinderlijk geparkeerd. De vraag is: waarom kan die niet weggehaald worden en wat is het beleid voor, ja, dit soort zaken? De voorzitter: Dank. In de eerste plaats, officieel moeten motoren in een parkeervak staan, maar tot nu toe worden in Haarlem geparkeerde motoren op de stoep gedoogd.
En dat geldt trouwens ook voor een aantal andere voertuigen, waarvan je kunt constateren dat ze de stoep soms redelijk blokkeren en dat levert soms ook wel discussie op. Alleen als er hinder is, dan wil er nog wel eens opgetreden worden. Deze motor is omringd door fietsen en scooters, vormt op zichzelf geen hinder en die is daarom ook niet in een procedure van verwijdering beland. Maar ik denk wel dat u een punt aanroert, wat in toenemende mate ook aandacht vraagt. Wij hebben in de raadscommissie onlangs ook mensen gehad, die klachten hadden over het grote aantal geparkeerde fietsen, waardoor stoepen niet meer begaanbaar zijn. Dit is een voorbeeld van een voertuig, wat zolang ergens staat, dat je je afvraagt: moet je daar niet op een gegeven moment misschien toch nog iets mee? Wij zullen hier, in dit geval, contact opnemen met de eigenaar en hem verzoeken de motor te verplaatsen en in zijn algemeenheid, denk ik dat het goed is om nog eens een discussie te gaan voeren over hoe wij willen omgaan met het parkeren van voertuigen en van andere obstakels op trottoirs. De heer Aynan.
6
De heer Aynan: Ja, echt dank voor uw begrip, want het is, in dit geval is het echt van: het trekt verloedering aan, dus je zou kunnen zeggen van die geparkeerde motor met een lekke band, die trekt juist de geparkeerde fietsen en scooters erom heen aan, dus graag inderdaad actie en als het niet lukt, weghalen. De voorzitter: U heeft al het antwoord gehoord. Dus dan kunnen wij door met de volgende vraag van GroenLinks. Dat was nog de eerste vraag over de groene daken. Mevrouw Schneiders: Ja, dank u wel. Dan zal ik die beantwoorden, tenzij, nee, die is niet net binnengekomen. De vraag is: er is een initiatief- en leefbaarheidsbudget en er is discussie ontstaan over de vraag of als je gezamenlijk groene daken legt in de buurt of dat dan onder dat budget zou kunnen vallen? En waarom wel of waarom niet? De voorzitter: Wethouder Rog. Wethouder Rog: Ja, aanvraag voor groene daken vallen niet onder het leefbaarheid- en initiatiefbudget. De aanvraag voor een subsidie, die is eenmalig door de initiatiefraad toegekend en achteraf, nou, waren daar wat gemengde gevoelens over, aangezien het een particulier initiatief is, dat niet direct de leefbaarheid in de wijk verhoogt, echter men had al ingestemd met de aanvraag en eens gegeven blijft gegeven. De aanvrager is er overigens ook over geïnformeerd en Haarlem heeft op dit moment geen structurele subsidie voor het vergroenen van daken.
Met de duurzaamheidslening van Haarlem kunnen groene daken bij het verduurzamen van de woning wel worden meegefinancierd, dus dat is op dit moment mogelijkheid en anders moet ik u verwijzen naar de kadernota of de begrotingsbehandeling. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Vijf weken geleden konden we in de krant lezen dat de Albert Heijn aan de Spoorwegstraat, die waarschuwingsborden, dat er dus sprake is van betaald parkeren, dat ze die weg moesten halen, want het was Albert Heijn die ze geplaatst had, maar er stond ook in de krant dat de gemeente, samen met de Albert Heijn, tot een werkbare oplossing zou komen, zodat mensen wisten van: hé, pas op, het is betaald parkeren. Ik heb contact gehad met Albert Heijn, mevrouw Vos, en er is in die vijf weken niets gebeurd. Dus onze vraag is: wat is de stand van zaken? De voorzitter: Wethouder Rog.
Wethouder Rog: Ja, voorzitter, allereerst moet ik aangeven dat inderdaad aangekondigd was dat die zelfgemaakte borden weg moesten, maar afgesproken en in overleg met mevrouw Vos van Albert Heijn is afgesproken dus door de gemeente, dat die borden daar konden blijven staan tot het moment dat de gemeente meer adequate borden daar zou gaan ophangen en voorzitter, de vorige keer dat mijnheer Aynan mij over de Kruisstraat bevroeg, kon ik hem melden dat vier dagen later dat laatste restje van die band weg zou zijn en nu voorzitter, kan ik mijnheer Aynan laten zien, dat inmiddels, inmiddels er borden door de gemeente geplaatst zijn. Dus het probleem is opgelost. De heer Aynan: Fantastisch. De voorzitter: Mooi, dank u wel. Dan gaan we naar Trots Haarlem.
7
De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter. Kan de gemeente Haarlem, het college B&W, aangeven hoe zij voorbereid is op een eventuele uitbraak van de Delta-variant van het Coronavirus? En dan doel ik eigenlijk ook met daarop Veiligheidsregio Kennemerland, de GGD Zuid-Kennemerland en dan verwijs ik even naar de technische sessie van afgelopen dinsdag, waarbij de heer Van Dissel een uitleg deed over die D-variant en waar wij misschien op uitkomen, welke scenario’s? Dank u wel. De voorzitter: Ja, die verwijzing is niet zo vreemd inderdaad, die u doet, want dat wordt gemonitord door het RIVM en zij doen dat aan de hand van gegevens, die zij ontvangen van huisartsen en GGD-en en zij kijken precies van: wat zijn de mutaties? En waar doen die zich voor? Als er publiciteit daarover is, dan komt dat ook bij hen vandaan en zij kijken dus ook of het nodig is om te komen tot extra maatregelen in bepaalde gebieden in verband met het voorkomen van deze variant. In ieder geval, op dit moment is de D-variant nog niet dominant aanwezig in onze regio en als dat wel gebeurt, dan wordt met gebruikmaking van de instrumenten, die op dit moment al beschikbaar zijn, daarop geacteerd en daar is de GGD op voorbereid. Ik kan daar verder nu niet over in detail treden, omdat er op dit moment simpelweg de situatie zich nog niet voordoet.
Dan kijk ik, ja, er is volgens mij, eens even kijken, nog een vraag van Trots. Dat is de heer Amand? De heer Amand: Ja, dank u wel, voorzitter. De vraag is eigenlijk: heeft wethouder Botter, voordat besloten werd tot de verkoop van De Egelantier, nog contact gehad met die directie van het Frans Hals Museum, zodat zij eventueel een alternatief plan konden uitwerken voor een functieaanpassing voor het gebouw? En dan komt vraag B, die neem ik er meteen maar achteraan: kan de wethouder hierover een nadere uitleg geven, waarom wel of niet? De voorzitter: Wethouder Botter. Wethouder Botter: Ik kan daar een hele verhandeling over houden, maar laat ik mij beperken tot de hoofdlijnen. U heeft op 21 november 2019, als raad, ingestemd met het verkoopdocument en daarmee het verkoopadres, het verkoopproces en de randvoorwaarden. Het stond het Frans Hals Museum vrij om met welke partner dan ook in zee te gaan om daarover afspraken te maken hoe zij daarin gepositioneerd zouden worden. Op uw vraag of ik na de gunning of voor de gunning nog contact heb gehad met het Frans Hals, dan is het antwoord ‘nee’, want het hele proces is zeer gereguleerd. Ik heb tot op het laatste moment eigenlijk geeneens geweten welke consortia plannen hadden ingediend, want dat is door externen verder uitgevoerd.
Dat is langs hele zorgvuldige lijnen gegaan en op het moment, toen duidelijk werd dat het plan, waarbij het Frans Hals Museum betrokken was, uitgesloten was van verdere beoordeling, omdat zij gewoon een aantal vormfouten hadden gemaakt, is dat terzijde geschoven, is verdergegaan met een tweetal andere projecten en daarvan is uiteindelijk één project overgebleven. Zoals u van mij gewend bent, zal ik er alles aan doen om te proberen daar waar het mogelijk is, nog te bemiddelen om binnen de bestaande, ja, zeg maar, voorwaarden, die er zijn en binnen de voorwaarden, die ook van het gegund project nog zijn, te kijken of wij het Frans Hals kunnen betrekken bij een aantal activiteiten, maar daar ga ik graag in september met u in overleg, want u heeft het document, het gunningsdocument, heeft u geagendeerd voor de commissievergadering, maar dit is volgens mij een afdoende antwoord op uw vraag en ik ben benieuwd of u daar mee tevreden kunt zijn. De voorzitter: Vast en zeker, de heer Amand kennende, maar hij heeft toch nog wel een vervolgvraag. De heer Amand: Nou, een klein vraagje: ik hoop dat u onze vriendin natuurlijk niet in de kou laat staan. Dank u. Wethouder Botter: Ik weet niet zozeer wat u bedoelt met onze vriendin, als u het heeft over …
8
De heer Amand: Het is toch een vriendin van ons, dat is toch een Haarlemse, die alles promoot voor Haarlem, dus die moeten wij koesteren. Wethouder Botter: Nou, volgens mij woont Ann Demeester in Amsterdam, maar zij heeft het heel erg goed voor met het Frans Hals Museum en alles wat zich in Haarlem voordoet en ik zal mijn uiterste best doen om te kijken wat wij nog voor het Frans Hals Museum kunnen betekenen. De voorzitter: En op zich, denk ik dat, dat zij heel blij zal zijn met de manier waarop u het benadert. En ik begrijp dat er nog één slotvraag is van Trots Haarlem. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik kreeg mailtjes binnen en de mensen rond de Zomervaart, die maken hun eigen druk, omdat waarschijnlijk en ik hoop dat de wethouder een goed antwoord kan geven, dat er bomen gekapt gaan worden op de Zomervaart. Is dat zo? De voorzitter: Ja, wethouder Rog. Wethouder Rog: Ja, ik kan mijnheer Amand zeggen, dat alle kapvergunningen ook op mijnoverheid.nl zijn te vinden, dus daar kan dan ook naar gekeken worden. Ik heb, omdat ik wist dat deze vraag gesteld werd, ook nog even in onze systemen gekeken hoe het zit en ik weet niet meer dan dat er één kapaanvraag is ingediend voor het kappen van bomen, in een particuliere achtertuin en dat die aanvraag in behandeling is. C’est ça. De voorzitter: Nou, bent u weer helemaal bij.
De heer Amand: Ik hoop dat de mensen tevreden zijn, want die klachten krijg ik en dat zijn prachtige bomen daar, richting Vijfhuizenstraat, dus het zou zonde wezen, dat ze die gaan kappen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Wij gaan het vragenuur beëindigen, want ik zie dat er iemand nog meldt, maar er staan geen vragen meer van u. Nee, dan denk ik, wij houden het bij de spelregels, dus het vragenuur is voorbij, maar er is nog enige tijd voordat de raadsvergadering begint, dus ik zou zeggen: grijp uw kans om een wethouder aan te vatten. Nee, oh, nee, niet letterlijk, niet letterlijk, nee, nee, nee, niet letterlijk. De heer …: Of de burgemeester? De voorzitter: Maar wij gaan om half acht met de raadsvergadering beginnen. Ik sluit deze sessie.
9