Transcript Vragenuur 12.12.2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE VRAGENUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 12 december 2024 De voorzitter: Welkom, allen, bij het vragenuurtje van 12 december. Met allen, bedoel ik eigenlijk mevrouw Van den Broek van Partij voor de Dieren. Die heeft een aantal vragen voor wethouder Berkhout, die naast me zit. En u bent de enige, dus the floor is echt yours. Ga uw gang. Mevrouw Van den Broek: Ja, dank u wel, voorzitter. Er is deze week een onderzoek gepresenteerd van Natuur, Milieu en Adviesbureau Sweco en dat heet Tekort aan groen in Nederlandse steden. De eerste vraag is, bent u bekend met het onderzoek en de resultaten, die hierin voor Haarlem zijn opgenomen? De volgende vraag is, wat is de reactie van het college over het onderzoek? En specifiek de Haarlemse resultaten, waarin onder andere gesteld wordt, dat het percentage buurten die voldoen een groennorm van 75 vierkante meter per woonadres, verder is gedaald van 18,8 procent naar 15 procent. En dat Haarlem daarmee de slechtst scorende gemeente is uit het G30-onderzoek. En als derde vraag. Uit het onderzoek blijkt ook, dat Haarlem in een soort neerwaartse spiraal zit als het gaat om, de beschikbaarheid van de hoeveelheid groen per woonadres. En dat we als gemeente onvoldoende in staat zijn, om groen mee te laten groeien met de groei van het aantal inwoners.
Wil het college deze trend omkeren en zo ja, wat gaat het college daar dan voor doen? En als laatste. Haarlem hanteert in het Groenbeleidsplan de groen beleidsplan de 3-30-300-regel, weliswaar op een eigen wijze. En uit het onderzoek blijkt dat bij, als je hem op de oorspronkelijke manier interpreteert 3-30-300, dan gaat die 30 over het percentage bladerdak van bomen, in geen enkele buurt dat Haarlem daaraan voldoet. Sterker nog, in 42,5 procent van de buurten is het bladerdak zelfs minder dan 5 procent. Onze vraag is. Wordt het A, niet tijd voor een correcte implementatie van deze 3-30-300-systematiek? En B, nog belangrijker, wat gaat het college doen om dat percentage bladerdak naar 30 procent te laten groeien, zodat we echt die groen met klimaatadaptieve stad worden? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Berkhout. De heer Berkhout: Ja? Dank u wel. Ik zal uw vragen even één voor één afgaan. In reactie op uw eerste vraag. Ja, het college is bekend met het onderzoek. En in reactie op uw tweede vraag, hoe kijken we daar dan naar? Met name ook, die groennorm ten opzichte van het aantal inwoners. Kijk, denk dat het wel goed is, maar dat weten we ook denk, met elkaar. Maar goed om even te zeggen, Haarlem is een hele compacte stad, hoogstedelijk karakter en buitengebied binnen, weinig buitengebied binnen de gemeentegrenzen, staat er dan.
Wat ik eigenlijk wil zeggen, we zitten krap in ons jasje. Maar dat weten we al, zo is de gemeentegrens opgesteld. Maar daarom is het wel ook een lastige vergelijking met andere gemeenten. Voor uw beeld, Bloemendaal is altijd de groenste gemeente van Nederland. Hoeven daar niet heel veel voor te doen, dat is gewoon ook hoe de gemeentegrenzen zijn getekend. En wat we ook denk, met elkaar weten. Haarlem werkt aan veel opgaven, die veelal een ruimteclaim op de openbare ruimte leggen, de schaarse openbare ruimte. En daar worden per project volgens de besluitvorming die we hier hebben, dan ook weer door de gemeenteraad afwegingen gemaakt. Dus dat zijn een beetje de uitgangspunten zoals we met elkaar hebben, ook in deze stad. En dan zegt u van, in reactie, dat is de derde vraag. Lijkt erop, dat we in een neerwaartse spiraal zitten als het gaat om de beschikbaarheid van de hoeveelheid van publiek groen per woonadres. Hoe kijken we daarnaar? Kijk, ik denk, dat het heel duidelijk is dat allereerst ook een toename aan extra woningen, een van de opgaven is waar Haarlem aan werkt. En met die extra woningen nemen ook de inwoners toe. Maar wat niet toeneemt, is dat de gemeentegrenzen, die blijven hetzelfde. Waar we wel hard aan werken, is het groen areaal wat we binnenstedelijk uitbreiden. Maar je ziet ook denk, in het rapport, dat het aantal inwoners fors is toegenomen in de stad.
Het aantal groen ook is toegenomen, Ja. Dus ja, maar dus het aantal inwoners groeit veel harder
1
dan het groen, maar het groen neemt niet af. Maar ik denk, dat u wel goed ziet en dat zien we ook steeds vaker, dat we steeds vaker vergroenen waar mogelijk in de stad. Doen we steeds vaker met inwoners, de Groene buurtinitiatieven en ook de overbodige verharding eruit halen. Dus dit is, dit zijn stappen die we met elkaar zetten. Dan geeft u aan van, hoe moeten we eigenlijk de 3-30-300-regel gaan implementeren of hoe gaan we daarmee om? Om bijvoorbeeld met dat bladerdak om te gaan, wat een hele belangrijke opgave is. Hier denk, dat het goed is om te weten. We werken steeds meer met data en we weten hoeveel bomen we hebben, maar kroonbedekking is nog niet standaard opgenomen in onze data. Ik kreeg hier ook mee dat als we dat echt, het kroonvolume structureel willen gaan monitoren, is dat ook echt nog wel een forse structurele investering die we daarvoor moeten plegen, die we niet hebben. Dat is 230.000 euro per opname, zeggen we dan. Dus dat moet je dan periodiek herhalen. Maar in de praktijk en ik denk, dat dat heel waardevol is, werken we natuurlijk aan het vergroten van het bladerdak. En een heel belangrijk aspect daarvan is het verbeteren van de ondergrond. Dus bijvoorbeeld met het Bomenverbeterprogramma, wat we nu per stadsteel door de stad uitvoeren.
Als je daarmee de groeiplaatsen van bestaande bomen kan verbeteren, heb je natuurlijk de meest snelle route naar een vergroot bladerdak. En wat we ook doen bij nieuwe, bij herinrichtingen gaan we conform het HIOR natuurlijk altijd uit van goede groeiplaatsen, zodat we tot groei, goede volwassen exemplaren, bomen tot goede volwassen exemplaren kunnen uitgroeien. En op de Open Data-kaart van de gemeente kunt u ook zien, waar we de bomen extra aan kunnen planten en waar er ruimte is om dat te doen. Dus, op die manier. De voorzitter: Ga uw gang. Mevrouw Van den Broek: Ik hou het kort, hoor. Goed om te horen, dat we wel in ieder geval een duidelijke ambitie hebben om dat bladerdak daadwerkelijk te laten groeien. Want dat is denk ik, ook wel nodig in, zeker in sommige buurten. En wat ik dus wel proef inderdaad, dat … Ik snap uiteraard dat het lastig is, om het groen mee te laten groeien met de groei van het aantal inwoners. Toch worden daar ook elders in het land echt wel forse keuzes in gemaakt. Zoals bijvoorbeeld in de provincie Utrecht, waar heel veel gemeentes het pact Groen groeit mee, hebben ondertekend. Dus zou ik u toch wel willen uitdagen in ieder geval, om daar dan nog wat nader in te duiken en toch te kijken van, hé, hoe kunnen we hiermee? En ook met name juist, omdat binnen het stedelijke, tuurlijk, we hebben een groene omgeving.
Maar misschien dat men op zondag daar eens een keer gaat wandelen, maar juist in je dagelijkse omgeving is dat groen ook, van je dagelijkse werkweek is dat groen ook heel belangrijk. Dus ik hoop, dat de wethouder daar dan toch nog even in wil duiken. Want ik geloof, voor een gezonde leefomgeving hebben we echt nodig, dat dat groeien toch beter gaat meegroenen, groeien met de groei van de stad. Dank u wel. De voorzitter: Ja, we hebben alle tijd. De heer Berkhout: Nee, ik wil nog wel even kort op reageren. Nee, ik deel dat volledig. En ik zie dat ook als mijn opgave samen in, eigenlijk met de raad om hieraan te werken. Dus ik zal ook met interesse even kijken naar de, het pact of het voorbeeld wat u geeft uit de gemeente Utrecht, hoe we dat met elkaar doen. Het gaf wel eventjes mee, hoe onze stad en de kaders die we binnen onze stad hebben, hoe dat meeweegt in die opgave. Kijk, ook het aantal, de, het particuliere grondbezit is natuurlijk een belangrijke, heeft een belangrijke invloed. Dus als we bewustwording kunnen creëren en uiteindelijk hoe we dat, daarmee omgaan, maakt er natuurlijk ook enorm onderdeel van uit. Maar zeker bereid om daarin te kijken, hoe we daar samen stappen in kunnen blijven zetten. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Ja, groen groeit mee. Het was voor mij ook nieuw, dus dank u wel. Typisch, Partij voor de Dieren.
Daarmee sluit ik het vragenuurtje van 12 december. En ik zie u zo meteen bij de commissie.
2