CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 30.06.2025

gemeenteraad 30 juni 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: Opening en mededelingen51.064 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

50 alinea's met “pvda”: 27 29 30 33 34 39 41 42 43 47 48 50 51 52 54 55 59 60 61 64 70 84 98 104 106 115 118 119 140 144 161 162 165 169 171 187 204 222 223 227 …

65

36 Een heldere rekening Mevrouw Hartman: We doen ook een voorstel om de overzichtelijkheid voor ons als raad te waarborgen. Zodat we goed geïnformeerd ons Budgetrecht kunnen handhaven en meer inzicht krijgen in hoeveel beleidsvrijheid we op domein hebben. Hierom vragen we een onafhankelijk onderzoek naar het voorbeeld van het Berenschotrapport dat onze provincie liet uitvoeren. Dat doen we in de motie Een heldere rekening. Waarin we het college oproepen een onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren naar het voorbeeld van het Berenschotrapport van de provincie Noord-Holland, waarin beleidsambities worden uitgesplitst in kosten per thema, beleidsvrijheid wordt gekwantificeerd en de kosten per inwoner worden weergegeven en dit uiterlijk voor de begroting 2026 aan de raad te overleggen. In de Provinciale Staten bleek dit rapport een heel fijn houvast te bieden, omdat er een stuk meer duidelijkheid was wat onze wettelijke verplichtingen zijn. Zo kunnen wij allemaal onze gemeentelijke taak beter uitvoeren. De zojuist ingediende motie van de ChristenUnie over onderzoek naar bezuinigingen sluit ook mooi aan op onze visie. Dus die dienen we dan ook graag mede in. En dan is er nog iets dat ons zorgen baart, de ontwikkelingen in de directe leefomgeving van de Haarlemmer. We zien een zorgelijke trend van overlast, overvallen en inbraken of de zoveelste auto die in brand wordt gestoken.

Tegelijkertijd verhardt het debat in de stad en tot ons betreuren zien we ook dat partijen die vooropliepen in de strijd voor inclusie en verdraagzaamheid het prima vinden om mensen die demonstreren, omdat ze zich zorgen maken over hun directe leefomgeving, af te schilderen als haatdragend en racistisch. En dat betreuren wij. Want in een democratie is het debat vrij of het is weinig waard. En burgers die zich uitspreken over veiligheid, migratie of leefbaarheid verdienen een luisterend oor, geen morele veroordeling. Dus laten wij ons hier dan ook focussen op de kerntaken en veiligheid en de openbare ruimte is daar een van en daar schieten we nu in tekort. En dat is zonde, voorzitter, want Haarlem heeft genoeg geld, meer dan genoeg zelfs. Wat er ontbreekt, is bestuurlijke zelfbeheersing en realistische ambities. Deze Kadernota biedt de kans om dat te verbeteren, niet door nog groter te denken, maar door recht te doen aan wat er al is en aan wie het betaalt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. En dan is tot slot het woord aan de Fractie Procee, de heer Procee. De heer Procee: Dank u wel, voorzitter. De Kadernota en daar direct maar het grootste brok in, het leeggieten van de algemene reserve in de reserve kapitaallasten.

Niet heel lang geleden heb ik in dit gezelschap, maar andere constellatie, gepleit om in elk geval te kijken is die algemene reserve niet erg groot, moet daar niet wat aan gedaan worden? Niet daardoor, maar wel daarna is het college met het voorstel gekomen in twee slokken van € 50.000.000 over te hevelen. Een groot deel van die algemene reserve naar de reserve kapitaallasten. Interessant. Is dat op dit moment nog steeds een goed idee? Ik denk eigenlijk van wel, maar er zijn ook wat kanttekeningen geplaatst die zeggen: moet je niet even stilzitten en kijken naar de volgende keer? Doe nu eerst 50 en daarna of de wat SP en Jouw Haarlem ook zeiden: moeten we het allemaal in de kapitaallasten gooien of toch ook kijken of we op andere punten waar ook van alles nodig is of dat niet verstandiger is? Daar komt ongetwijfeld het college met een goed doordacht antwoord vanavond of donderdag. En ook daar zal ik met genoegen naar luisteren. Her en der hoorden we ook hoe belangrijk het is dat de gemeente en daar wil ik mij bij aansluiten, optimaal functioneert. En dat betekent ook prioriteren. Tegelijkertijd zien we ook dat het college probeert offensiever, scherper te ramen. Nou dat is prijzenswaardig en we gaan natuurlijk in de gaten houden of dat goed gaat.

Een risico van Kadernota's is dat er tussen alle belangrijke, mooie en noodzakelijke dingen ook wat dingen doorheen glippen die misschien wat meer zuinigheid zouden behoeven. En dan denk ik aan een programmamanager broedplaatsen, die niet over de vogelnestjes gaat. En een kerstmarkt, maar daar hebben we het al voldoende over gehad. Voorzitter, ik dank u.

66

De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben wij nog een korte pauze en daarna mag u gaan luisteren naar het college. Eerste termijn college De voorzitter: Hartelijk welkom terug. Dames en heren, ik wil graag verzoeken dat u op uw plaats gaat zitten. En het een beetje rustig houdt. Dan gaan wij snel naar de eerste termijn van het college. En de eerste wethouder die het woord krijgt, is de heer Roduner. Dat is de wethouder van financiën. Dus dat is gebruikelijk. Ga uw gang. Wethouder Roduner: Dank u wel. We gaan proberen het snel te doen. Het college heeft weinig vragen gehoord. Dus dat is mooi. En ik heb ook altijd de huishoudelijke mededeling dat u het preadvies op al uw ingediende moties en amendementen uiterlijk woensdag krijgt en dan heeft u dat alvast, dan hoeven we er nu niet heel veel tijd aan te besteden. Ik had wel het gevoel dat na de discussie vanavond dat succes wel heel veel vaders kent. De heer Aynan ziet zijn moties terugkeren. Mevrouw Van Zetten heeft in 2010 eigenhandig het ravijn gedicht. Dat is best knap. Mijnheer Van den Raadt heeft een gabberrelatie met de burgemeester. En het idee van Procee was om € 100.000.000 in de reserve te stoppen. De voorzitter: Wethouder, u heeft een interruptie van de heer Aynan. Ga uw gang. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter.

Hoor ik de wethouder nu twijfelen aan het feit of we nou die moties echt ingediend hebben? Wethouder Roduner: Nee, maar het is volgens mij een hele mooie uitdrukking dat succes vele vaders kent en dat is denk ik ook maar goed ook, want dat betekent dat we blij zijn met wat er vanavond ligt. Wat er vanuit het college ook ligt. Dat we vooral hier de successen vandaag kunnen bespreken in plaats van dat we allemaal moet wegduiken voor mislukking. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Aynan. Ga uw gang. De heer Aynan: Die uitdrukking ken ik, maar vindt u het ook niet jammer dat de voorstellen die wij eerder, soms jaren eerder hebben gedaan, dat dat veel eerder tot een succes had kunnen leiden. Wat vindt de wethouder daarvan? Wethouder Roduner: Dat is altijd lastig, want wat nu een goed idee lijkt, was misschien een aantal jaar geleden een heel slecht idee. Dat weet je nooit. De vraag is of er dan op dat moment ook geld was of dat men te opportuun was of dat het nodig was. Achteraf is het mooi wonen. Dat is ook altijd een mooie uitdrukking. Of de koe in de kont kijken. Je hebt allemaal prachtige uitdrukkingen over terugkijken in het verleden, dus dat kan je denk ik nu niet zo zeggen. De voorzitter: Gaat u door, wethouder. Wethouder Roduner: Volgens mij is iedereen hartstikke blij met wat we vanavond in ieder geval bespreken.

Ik denk, we mogen trots zijn als we vanavond hier met elkaar kijken hoe het met de financiën gaat. Ik denk inderdaad, volgens mij ook al genoemd, als ik op het VNG-congres bijvoorbeeld met collega-wethouders spreek of twee weken geleden met andere wethouders financiën van Noord-Holland, dan zie ik daar toch heel veel bedroefde en trieste gezichten. En dan voel ik me altijd een klein beetje bezwaard om te zeggen dat het

67

hier in Haarlem allemaal wel meevalt. Dus dat is het goede nieuws. En er komt nog meer goed nieuws aan. Morgen bespreken wij de doorrekening van de Meicirculaire voor het eerst in het college. Die versterkte het beeld wat we nu al hebben, dus die is positief. Die betrekken we normaal gesproken niet bij de Kadernota en pas bij de begroting, maar we zorgen even dat die iets eerder bij u beschikbaar komt door hem aan deze vergadering te hangen van donderdag. En wat ik al zei: die versterkt het beeld namelijk dat op korte termijn nog steeds grote voordelen zijn en op lange termijn is er ook nog steeds sprake van een positieve reeks, maar zien we wel een aantal risico's op de begroting af doemen. En ik denk het belangrijkste om hier te benoemen is toch de steeds maar stijgende IP-lasten. We zijn van een € 45.000.000 naar 70.000.000 IP-lasten gegaan in een aantal jaar. En u leest ook in de Kadernota dat de verwachting is dat dat nog een aantal jaar zal doorstijgen, omdat we inmiddels met een veel groter IP zitten dan we in eerdere jaren hebben gehad. Dus daar moet u zich op voorbereiden. Daar bereiden wij ons ook op voor. Maar het is goed om dat in uw oren te knopen. Het tweede grote punt wat ook altijd een stijgende beroep doet op onze begroting, zijn de stijgende kosten van jeugd, die stijgen elk jaar, dit jaar komt er weer € 3.000.000 structureel bij.

De verwachting is niet dat dat zomaar ophoudt, dus dat is ook iets wat we nu nog niet helemaal hebben ingeboekt, maar waar u wel ook mee rekening moet houden. En dat is in ieder geval hoe onze systematiek werkt. Dus dat is goed om dat te realiseren. Dan nog ten slotte de € 100.000.000. er is volgens mij al veel gememoreerd. En wat is het nu precies? U heeft eerder gezegd: we hebben wel een hele grote, hoge algemene reserve. Dat waren denk ik de zeven rijke jaren, die we hebben gespaard, maar we wisten ook dat de magere jaren eraan kwamen. Dat waren de jaren van het ravijn in mijn beleving. Dus wat we gedaan hebben, is dat geld apart gezet en dat gaan we nu in de reserve kapitaallasten storten, waardoor we uiteindelijk structureel ruimte behouden, ruimte die we nodig hebben. Want u denkt misschien soms, die € 2.000.000 in 2029, maar als u dat schoont voor incidentele uitgaven, ziet u dat we maar net een positief structureel saldo hebben. En dat is een van de dingen waar onze toezichthouder op toetst. En die € 100.000.000 zorgt ervoor dat we investeringen die we gepland hadden gewoon kunnen doorzetten. Dat we niet hoeven te bezuinigen in het IP voor € 100.000.000 of dat op andere domeinen moeten bezuinigen. Dus dat is denk ik een hele verstandige manier om dat op die manier te doen.

U heeft wel gezegd, de Actiepartij vraagt nog wel hoe zit het nou eigenlijk met die tweede 50? En we hebben als college dat geconstateerd dat als we dit zo doorzetten dat de algemene reserve onder de afgesproken 1,4 komt. Daar heeft u een terecht punt. Dat hebben wij in de Kadernota ook geconstateerd. Ik denk dat het inderdaad goed is, zoals u volgens mij in uw motie zegt, dat we bij de begroting de toets doen van hoe gaat het met het weerstandsvermogen van onze algemene reserve? Is er voldoende positief jaarsaldo? En daar lijkt het wel op, om dat gewoon goed aan te vullen en dan kunnen we eventueel … Ik ga ervan uit dat dat goed komt, laat ik dat zo zeggen. Maar uiteindelijk bij de begroting kunnen we dat nog een keer met elkaar bespreken, zoals u dat vraagt. Pas toe of leg uit denk ik dan altijd, zo lees ik uw motie in elk geval. Maar dan hebben we de doorrekening van de risico's, dan weten we of het € 4.000.000 is, wat we nog tekortkomen of € 5.000.000 en dan hebben we volgens mij ook concreet zicht hoe we dat gaan dekken. En ik denk dat het college met een voorstel zal komen om dat gewoon gedekt te krijgen. Dus ik hoop met die toelichting in ieder geval u wat gerustgesteld te hebben. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van heer Van Leeuwen, ga uw gang. De heer Van Leeuwen: Dank voor die toelichting.

Ziet de wethouder een scenario voor zich dat het college zelf komt met een heroverweging van die tweede € 50.000.000 en hoe ziet dat eruit? Wethouder Roduner: Op dit moment zijn de positieve jaarschijven opgeteld van 2025,2026 € 15.000.000. En we hebben ongeveer een kleine 5 nodig om onze algemene reserve naar de verwachting nu op niveau te brengen. Dus als u het niet te gek maakt donderdag, gaat dat helemaal goed komen. Dus ik maak me daar

68

geen enkele zorgen over, want er is 5 miljoen nodig, er is 15 miljoen beschikbaar. De Meicirculaire verbetert dat beeld nog eens. Dus daarom ben ik hier wat ontspannen in. Dus ik denk niet dat we in een scenario komen dat we zeggen die € 50.000.000 wordt € 45.000.000, dat denk ik echt niet. Maar het college zal in ieder geval goed kijken naar hoe ontwikkelt zich dat? Is er noodzaak om bij te sturen en hoe gaan we dat dan doen? Dat zullen we in ieder geval ook in de begroting toelichten. En dan kunt u daar kennis van nemen. En als u het oneens bent met het voorstel van het college, is dat denk ik het moment dat we met elkaar het gesprek aan moeten gaan over of dat eventueel gewijzigd zou moeten worden. Dan hebben we nog een aantal vragen van andere partijen. De VVD vraagt over de afvalstoffenheffing en die hebben we doorgerekend. Die stijgt vanwege inflatie bij de uitvoerders, maar die blijft nog steeds onder de 100 procent kostendekkendheid naar verwachting in 2026. En dat komt omdat wij een deel van de afvalstofdingen wordt gefinancierd via het programma CAS, Continuering Afvalscheiding, waardoor we op 99 procent kostendekkendheid zitten in 2026. U vraagt eigenlijk over de motie rioolheffing.

Heeft u nog iets van ons nodig? Nou ja kijk, op dit moment en dat is na de commissiebespreking hebben we gezegd: er is niet voldoende draagvlak voor een wijziging van het huidige systeem. Ik ben bij de Kadernota teruggekomen met een scenario van hoe zou het kunnen? Ik heb ook vandaag niet gehoord van mensen die zeiden: wij willen graag dat u het gaat wijzigen. Dus we zitten een beetje in een impasse en daarvan denk ik dan ook: als we geen duidelijke richting hebben om de koers te wijzigen, dan laten we vasthouden aan de afspraken die we in het verleden met elkaar gemaakt. En dan kunnen we daar eindeloze discussie over hebben bij de verkiezingen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Blokpoel. De heer Blokpoel: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de wethouder zeggen: een motie is niet nodig, we laten het zoals het is en we voeren die andere richting dan ook niet door. Nou, prettig. Over de afvalstoffenheffing reageert u inderdaad dat het op 99 procent blijft hangen. Maar ons amendement stelt voor om de winst van Spaarnelanden af te romen richting die afvalstoffenheffing, waardoor die kan dalen, maar daar reageert u niet op. Hoe kijkt u daarnaar? Wethouder Roduner: Dat was uw motie. Daar reageren wij donderdag op, maar ik kan u nu al verklappen dat wij die motie willen ontraden. Maar dat is wel een beetje vooruitlopend op de discussie.

Maar kijk, dividend is uiteindelijk denk ik ook geen structurele dekking. Dus dat is iets waarvan je ook niet zeker weet of je het kan krijgen. En het is ook wel erg het rondpompen van geld, volgens mij, wat we dan met elkaar aan het doen zijn, maar we zullen daar wat uitgebreider op terugkomen in onze preadviezen van de moties en amendementen. GroenLinks vraagt op het financiële vlak ook hoe enthousiast wij zijn over het waarderen van de circulaire restwaarde van projecten. Ik denk dat dat iets is wat we interessant vinden. Binnenkort bespreken wij in het college en vervolgens ook in de commissie de herziening van de nota activa. En dat is denk ik het punt in ieder geval waar die voor de wethouder financiën terugkomt. Want op het moment dat je zegt: er is nog echt een goed te berekenen en ook door de toezichthouder getoetste restwaarde. Dat verlaagt in ieder geval je kapitaallasten. En dat rechtvaardigt misschien wel een wat grotere investering ook aan de voorkant, om te zorgen dat er uiteindelijk sprake is van een herbruikbaar gebouw of andere dingen. Dus ik denk dat dat een heel goed punt is om die discussie terug te laten komen. Even kijken. ChristenUnie vraagt, ze hebben dat een zuinigheidstoets genoemd, als het gaat over IP-voorstellen.

Het mooiste voorbeeld niet of een van de beste voorbeelden die ik de afgelopen periode heb gezien is over IP-uitgaven, ging over de zwembaden. Het ging over twee grote investeringen van twee keer € 50.000.000. Daar hebben we veel onderzoek naar gedaan. Meerdere scenario's onderzocht goed beargumenteerd waarom de uitbreiding beleidsmatig van het zwemwater nodig is, hoe dat je dat moet verdelen over de stad. Goed gekeken naar wat de kosten daarvan zijn en ook gekeken wat de resultaten zijn op de exploitatielasten. Ik vind dat een heel mooi voorbeeld.

69

Kunnen we niet voor elk IP-project doen, want die zijn niet zo van omvang. Ik ben het wel met u eens en daar kijken we ook naar bij bijvoorbeeld openbare ruimte projecten of we iets beter kunnen duiden ook richting de raad welk deel van bijvoorbeeld een prijsstijging is het gevolg van echt autonome prijsstijging? Dus gewoon prijsstijging van materiaal dat duurder wordt, gestegen cao's? En welk deel wat meer toe te leiden is aan beleidsmatige keuzes die we aan elkaar hebben gemaakt? Dat zit al een klein beetje in de Kadernota op pagina 27 als het gaat over het IP en de uitvoeringskracht en hoe we daarmee omgaan. Dus die methodiek die begrijpen we. We begrijpen uw redenering. Die hebben wij zelf ook. Nou ik denk dat wij nog even nadenken hoe we dat het beste kunnen doen en wat we daarin richting de raad ook kunnen betekenen. Forum vraagt nog een reflectie op de accountant. Die discussie hebben we in de commissie gehad, ook bij het jaarverslag. Er zit in deze Kadernota in ieder geval een aantal voor voorstellen ook om het reële ramen beter te doen als het gaat bijvoorbeeld over de BUIG, de btw-compensatie, het ramen van groei. Tussen de Kadernota en begroting is het voorstel van het college ook om nog een aantal dingen mee te nemen om te kijken of er nog reëler geraamd kan worden in een aantal producten.

Op die manier brengen we volgens mij de geraamde uitgaven en de prestaties beter in balans, als het gaat over het financiële beeld. Als het gaat over het IP dan staan we gewoon als stad voor een hele hoop uitgaven die we graag willen doen met elkaar, die we belangrijk vinden. Daar maken we ruimte voor in het IP, het voorstel is als we dat dan niet doen, om de middelen wel beschikbaar te houden, want op een gegeven moment gaan we die uitgaven wel echt doen met elkaar. Dus houd elkaar vast en verjubel die opbrengsten niet, maar op die manier proberen we de begroting beter in balans te krijgen. Dan hebben heb ik nog denk ik een paar vragen als het gaat over een beetje de woonportefeuille. Er wordt gevraagd door twee partijen over onder andere de Oostpoort, PvdA en de Actiepartij. Ook daar goed nieuws, morgen in het college hebben wij een nieuw scenario over hoe wij denken dat we de hele infrastructuur knoop bij Oostpoort kunnen oplossen. Wat dat betekent voor het woningbouwprogramma. Dat gaan we met elkaar bespreken. Maar omdat wat langer geduurd heeft, omdat we te maken hebben met behoorlijke prijsstijgingen als het gaat over infrastructurele maatregelen bij Oostpoort. En dat heeft ons wel doen nopen om te kijken van wat zijn dan scenario's, wat de ChristenUnie ook vraagt, om de hele businesscase voor Oostpoort ook weer acceptabel te maken.

En wat vinden we daar een goede afweging? Volgens mij wordt u goed meegenomen in de keuzes die het college is voornemens te nemen en dan gaan we in de commissie het gesprek aan en dan kunnen we verder ook weer met volle kracht vooruit op Oostpoort. Dat was hem, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Is dit nog een interruptie, mijnheer Wiedemeijer? De heer Wiedemeijer: Ik had ook naar Zuidwest gevraagd, voorzitter. Wethouder Roduner: Zuidwest, daar hebben we in ieder geval een stedenbouwkundig plan vastgesteld. Anterieure overeenkomst, dus daar wordt nu eigenlijk de laatste, in ieder geval voor het middengebied, de laatste stap gezet om uiteindelijk naar een bestemmingsplan te gaan en tot uitvoering over te gaan. Dus dat is mooi. Als je kijkt naar de wat zuidelijkere gebied en ook het wat noordelijkere gebied, dan zie je dat nog niet alle percelen bij de ontwikkelende partijen zijn beland. Dus er is nog wat rumoer in het gebied over het eigendom. Daar proberen we ook een bemiddelende rol in te spelen om te zorgen dat er een paar impasses worden doorbroken. Ik kan daar uitgebreid over praten, maar ook daar wordt gewoon hard aan gewerkt om te zorgen dat dat tot realisatie komt. Voor beide zones geldt en daar ben ik blij mee, dat er al een eerste project loopt. De Stephensonstraat wordt nu gebouwd, blok 1f. Bij de Oostpoort wordt ook gebouwd.

En dat laat zien hoe mooi die gebieden kunnen worden.

70

De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Nog even over de informatienota wat betreft de Meicirculaire, die zit morgen na het B&W-overleg zit bij u in de mailbox. Zag ik daar nog een hand? Mevrouw Jacobsz, ga uw gang. Mevrouw Jacobsz: Ik had ook een vraag gesteld over de druk te verhogen op de wooncorporaties en ik denk dat het ook voor de heer Roduner is. De voorzitter: Ga uw gang. Wethouder Roduner: Ja, ik vond dat zelf niet zo'n mooie term, want ik vind druk uitoefenen op corporaties eigenlijk niet zo’n mooie … Volgens mij moeten we niet zo het gesprek aangaan met elkaar. Wij voeren regelmatig gesprekken met de corporaties, waarin we ook vragen hun verantwoordelijkheid te nemen als eigenaar. Ze hebben ook bewonerscommissies die de huurders vertegenwoordigen en met het bestuur het gesprek aangaan van hoe zorgen we nu dat die woningen goed onderhouden worden? We maken prestatieafspraken. Dus volgens mij doen we al een hele hoop dingen om te zorgen dat de corporaties hun woningen goed onderhouden en ook bijvoorbeeld stappen zetten als het gaat over verduurzamen van hun woningen. Het college is daar volgens mij goed mee bezig. Alleen die term druk uitoefenen, vond ik niet zo'n hele gepaste term. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan geef ik nu graag het woord aan wethouder De Raadt, ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel, voorzitter.

Volgens mij heb ik ook goed nieuws, want ik kan het heel erg kort houden met deze warmte. Eén vraag gehoord van het CDA of digitalisering kan helpen bij de huidige arbeidsmarktkrapte, zo vertaal ik het maar even. Digitalisering leidt niet zozeer tot minder medewerkers wel tot efficiënter werken en ook behoefte aan weer een ander soort expertise. Voorbeeld, zat er net even over na te denken, maar ik denk toen ik begon, maar een hele hoop van jullie hier begonnen, toen hadden we nog een notulist en nu hebben we een camerasysteem en nu hebben we geen notulist meer, maar nu hebben we een heel aantal mensen die de camera moeten bedienen. Dus het is niet zozeer dat digitalisering helpt bij de arbeidskrapte, maar het leidt dus wel tot betere kwaliteit en dienstverlening voor de inwoners. Want laten we eerlijk wezen, een video-opname is een betere dienstverlening dan notulen die ze ergens moeten terugvinden op een website. Ja, dat is hem, voorzitter. Zoals ik beloofd had, heel kort. De voorzitter: U heeft toch nog een interruptie. Mijnheer Blokpoel, ga uw gang. De heer Blokpoel: We moesten er even over nadenken, maar eigenlijk is mevrouw De Raadt dus verantwoordelijk voor het systeem hier in de raadzaal? De voorzitter: Ik zou ontkennen, maar ga uw gang. Wethouder De Raadt: Nee, dat is niet zo, want het is een motie geweest van de PvdA, weet ik nog.

Die heeft gevraagd om een camerasysteem en dat hebben wij keurig uitgevoerd, samen met de griffie. De heer Blokpoel: Inderdaad, u gaat wel over ICT, techniek. Dus dan inderdaad de airconditioning, het systeem. Maar dat zegt u van nee, dat is alleen een motie? Wethouder De Raadt: Gelukkig krijgen we een nieuwe raadzaal, als ik jullie commissie goed beluisterd heb. De voorzitter: Dan gaan wij naar wethouder Berkhout, ga uw gang.

71

Wethouder Berkhout: Dank u wel, voorzitter. Iets meer vragen dan mevrouw De Raadt, maar ik ga daar ook proberen kort doorheen te gaan. De VVD vroeg: wat gaan we doen aan de uitvoeringskracht of het verbeteren van de uitvoeringskracht in de openbare ruimte? Goede vraag. Daarvoor hebben we ook paragraaf 1.6 vergroot de uitvoeringskracht. Nee, we zijn daar hard mee bezig en dat weet u. Het mag soms weerbarstig zijn. Tegelijkertijd maken we wel stappen. D66 gaf het volgens mij ook aan. Vorig jaar hebben in ieder geval € 42.000.000 in de openbare ruimte aangegeven. En ook dit jaar zullen de mensen in de Commissie Beheer ook zien dat er veel projecten zijn afgerond en veel projecten in de planning staan, waaronder bijvoorbeeld de Europaweg, na de zomer al goed voor 25 miljoen. Maar we zien ook uitdagingen. De prijsstijgingen zijn een belangrijke, maar ook hoe we eigenlijk aan de slag willen als het gaat om dat opgavegericht en ook buurtgericht investeren in de openbare ruimte. Dat heeft de omvang van die uitvoeringsportefeuille, de complexiteit van ook de ondergrond die we inmiddels meenemen en de opgave in de bovengrond, maakt dat we daar wel moeten opschalen en hard aan moeten werken. U heeft daar ook bijvoorbeeld de meerjaren programmering ook eerder voorbij zien komen. Maar daar werken we stap voor stap aan.

Dus de pagina's 25, 26, 27 laten zien wat we daarvoor doen, wat we daar voor stappen zetten, ook als het om intern opdrachtgeverschap gaat, maar ook de afwegingen die we daarvoor zullen maken om dit uiteindelijk toekomstbestendig te doen. En daar komen we ook op terug in de begroting. Ik wil daar eigenlijk wel aan toevoegen, want dan in het verlengde daarvan gaf de PvdA de vraag mee hoe kan het tempo omhoog? Gaf ook een voorbeeld misschien wel mee van zouden wij meer op hoofdlijnen moeten gaan zitten als raad? Dat is natuurlijk iets wat, we hebben al eerder met elkaar afgesproken dat we het Haarlems civiel planproces gaan evalueren. Het proces wat u enige jaren geleden ook heeft ingesteld om in verschillende fases van het ontwerpproces bij u terug te komen. Dat betekent soms een intensief bestuurlijk proces, ook voor projecten van kleinere financiële omvang. Dus het voornemen staat. Daar kwam dus wel bij dat de opgave om die prijsstijging in toom te houden nu even de boventoon voert in deze Kadernota, maar die opgave staat om ook met u het HSP te gaan evalueren om ook uiteindelijk die afslag denk ik wel te moeten gaan nemen voor een bepaald bedrag. Kunnen we met elkaar besluiten. Waarop we zeggen: dat zou eigenlijk wat minder bestuurlijk drie keer terug moeten komen, vier keer terug moeten komen.

Ik wil heel graag met u als college dat proces ook ingaan, laten we daar een voorstel voor voorbereiden. De vraag van GroenLinks over de restwaardemethodiek. Daar heb ik geknikt toen wethouder Roduner het woord had. Dus daar ga ik dan niet verder op in. Het Haarlems hitteplan. Ik denk dat het goed is om onderscheid te maken tussen hitteplan en hitteplan. De ijsjes die hier net werden rondgedeeld dat is echt een tropenrooster of een hitteplan in het hier en nu. Het Haarlems hitteplan waar we het over hebben, is ook een lange termijn hitteplan. Een hitteplan waar je eigenlijk ook moet kijken naar de koele plekken in de stad voor de kwetsbare inwoners, als het gaat om onderwijsinstellingen of zorginstellingen. Maar het gaat ook om schaduw bij langzaam verkeerroutes. Dat zijn dingen die we niet van vandaag op morgen geregeld hebben. Het gaat ook om een communicatiecampagne. Tips, wat kan je zelf doen in dit soort momenten? Heeft iedereen wel zo'n koele plek? Zijn we er allemaal wel op voorbereid? In het kort, daar hebben we nog wel even tijd voor nodig om zo'n lange termijn hitteplan voor te bereiden. Maar dat komt zeker komend jaar naar u toe en daar zitten dus al deze facetten in, hoe we dat de komende jaren … Het is ook onderdeel van het Stedelijk Waterplan, het uitvoeringsprogramma daarvan, hoe we dat vorm gaan geven.

Dan ga ik nog eventjes door in reactie op Hart voor Haarlem, had het toch een paar keer over de Kleine Houtweg. Ik wil u meegeven, het proces van inspraak loopt. Voor dit specifieke project is dat natuurlijk, maar dat geldt eigenlijk voor alle, want dan doorloop je een proces, is hier een startnotitie door de raad vastgesteld met de uitgangspunten en is dat ontwerp wat de inspraak ingaat een vervolg van die uitgangspunten die de raad heeft vastgesteld. Maar inspraak kan wel degelijk tot aanpassingen leiden, nog dit jaar hebben we de Spaarnwouderstraat aangepast na de inspraak. Dat is echt een ander ontwerp geworden dan waar we de inspraak mee ingingen en ook het Bottemanneplein, wat vorige week of twee weken terug is opgeleverd, heeft ook in die inspraakronde zijn aanpassingen gekend.

72

Wel, maar dat zal ik ook in bredere zin, daar heb ik eerder op gereflecteerd, voor de prijsstijging moeten we dus over de hele breedte in de begroting afwegingen maken. Maar bij al deze nota's ziet u ook dat we zullen gaan kijken waar die versoberingen mogelijk zijn. Nu denk ik wel dat het logisch is dat naarmate je verder in zo'n ontwerpproces komt, dan kan je bijvoorbeeld zaken schrappen. Maar de echte grote keuzes worden natuurlijk aan de voorkant van een proces gemaakt. Anders moet je een proces weer helemaal overdoen en dat heeft ook tijd en kosten wat daarmee gemoeid zijn. Maar daar komen we bij u mee terug. En heel in het kort. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Even een toevoeging. De mensen zijn echt ongelooflijk kwaad hoe dat dan gaat. En misschien moet u dan toch eens met uw team overleggen hoe je dan zo'n buurt benadert met van heeft u nog iets te zeggen hier of niet of is het gelijk klaar? Omdat het juist een project is wat eigenlijk geldverspilling is. Het is gewoon een beetje een onzinproject. Wethouder Berkhout: U heeft een paar waardeoordelen. Dat hoor ik aan. Ik denk dat over het proces het goed is om te kijken. Niet iedereen wordt uitgenodigd voor zo'n avond van dat proces. Mensen die in de Zuiderhout wonen, zitten in een straal die te ver, zeg ik ook even naar de Actiepartij, van dit project af zitten.

Dus niet iedereen wordt daarvoor uitgenodigd. Ik wil hier niet te diep op ingaan. We kijken hier natuurlijk naar hoe we mensen betrekken bij dit proces, maar dit zijn wel de uitgangspunten die u ons heeft meegegeven. Mevrouw Van Zetten: Zoals u dat zegt, dan begrijpt u er dus gewoon niets van. Want juist heel Noord Zuiderhout gaat door die weg. En u zegt: die zijn er niet bij betrokken en dat is natuurlijk het punt. Een heleboel mensen zijn natuurlijk niet uitgenodigd, omdat ze volgens u niet betrokken zijn, maar dat zijn ze dus wel. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Berkhout: Volgens mij heb je in algemene zin hoe we mensen meenemen, maar werken we ook aan grote herinrichting in alle plekken van de stad. Ik ga niet hier de hele Commissie Beheer overdoen. We zitten in de inspraak, we luisteren, we halen op en we werken volgens de uitgangspunten die u heeft vastgesteld. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Dan is het toch ook zinnig om een integraal Verkeerscirculatieplan te maken? Want elke keer als je daar vragen over stelt, dan houdt het gewoon bij één straat op, terwijl het gewoon een heel gebied betreft. Dus ik neem aan dat u dan blij bent met mijn motie en aanraadt om die te steunen. De voorzitter: Wethouder.

Wethouder Berkhout: Ik ga niet al het gras voor de voeten van de wethouder mobiliteit wegmaaien, maar wat in dit geval en wat vaak bij de projecten, zijn de verkeersintensiteiten laag en wordt de doorstroming van het kruispunt verbeterd ten opzichte van nu. Dan ga ik nog eventjes door naar de volgende vragen. De ChristenUnie vroeg de bezuinigingen bij projecten, maar eigenlijk heeft volgens mij de wethouder financiën daar een uitstekend antwoord op gegeven. En ik kreeg toch mee, maar ik moet even zeggen, misschien was dat nog de VVD die het over het groenonderhoud had, dat dat achterloopt. En ik maak me toch zorgen of ze

73

dan begrijpen wat ecologisch beheer van de openbare ruimte is. Dus ik heb niet helemaal scherp wat u bedoelt met het … Heeft u het over ecologisch maaien? Want dat is iets anders dan kort maaien. Dus ik begrijp even niet waar uw punt van komt. De voorzitter: Mijnheer Blokpoel, wilt u dat nog verduidelijken? Mijnheer Aerssens, ga uw gang. De heer Aerssens: Wat het amendement is wat de VVD indient, dat is geloof ik iets anders als waar de wethouder het nu over heeft. Wel daarover? Het amendement is juist bedoeld om de uitbreiding van extra even terug te draaien en juist te zeggen: laten we het nu in het onderhoud steken en een aantal andere keuzes die de VVD graag heeft. Daarmee verkleinen we juist de hoeveelheid onderhoud wat we in de toekomst extra uit moeten geven. Dus we breiden minder uit en zorgen er juist voor dat de kwaliteit van hetgeen wat we nu hebben, dat dat beter kan worden. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Berkhout: Omdat u zorgen heeft over de kwaliteit van het onderhoud? De heer Aerssens: De kwaliteit van het onderhoud. Spaarnelanden die niet aan de gemaakte afspraken kan voldoen. Zoals u in de jaarrekening aan de raad heeft laten weten. Dus daar maken we ons zorgen om. En daarvan zeggen wij: onderhouden maakt niet uit, want het was een interruptie van de heer Drost eerder, ecologisch onderhouden of gewoon onderhouden is beide onderhouden.

Maar het moet wel goed onderhouden worden. En wat de VVD constateert, is dat het groen in mindere mate goed onderhouden wordt. Wethouder Berkhout: Dan begrijp ik toch uw punt. Ik denk dat daar dus ook de verwarring in de stad vaak vandaan komt. Dat kwam ook in de fietstocht naar voren. Wij zijn wat meer ecologisch gaan beheren. En ecologisch beheer kan aan de ene kant ertoe leiden dat mensen zeggen: beheert u het wel ecologisch? En aan de andere kant kan het ertoe leiden dat mensen zeggen: beheert u het wel met de juiste, het kort gemaaide, frequentie van maaien? Wat Spaarnelanden in de fietstocht meegaf, is dat ze van beide kanten duizenden meldingen krijgen. En dat is precies de communicatie en dat is denk ik ook wat u in het jaarverslag ziet. Dus in het perspectief van een bewoner kan het zijn: wordt hier wel voldoende gemaaid? Terwijl een andere bewoners zegt: wordt hier wel genoeg ecologisch beheerd? Dat gesprek ziet u. Dat is denk ik waar u het over heeft. Dus dat is niet zozeer een kwestie van financiën, als wel denk ik een kwestie van bewustwording, communicatie hoe we dit met elkaar doen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Aerssens. De heer Aerssens: De laatste dan, voorzitter. Wat de VVD constateert, is dat met ecologisch onderhoud, wat prima is en wat goed is, dat daar ook fietspaden zijn die overwoekerd raken.

Dat er, ik noem het dan soms onkruid, de Partij voor de Dieren schiet me af als ik dat doe zo ongeveer. Groen groeit over fietspaden, groen groeit over wegen, groen groeit over stoepen. Daarvan zeggen we: dan is ecologisch onderhoud goed, maar heeft het wel impact op de leefomgeving en daarvan zeggen we: dat moeten we beter onderhouden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Aerssens. Mijnheer Visser. De Heer Visser: Ik begrijp het punt van de VVD wel, want dit vraagt inderdaad, zoals de wethouder zegt, duidelijke uitleg. En ik kan er bij mij in de wijk in ieder geval geen touw aan vastknopen. Het ene veldje wordt

74

wel gemaaid, het andere niet. Soms half gemaaid, maar je kan het ook nergens terugvinden. En sinds een tijdje hebben wij een hond en het is zo overwoekerd tegenwoordig dat zelfs de olifantenpaadjes overwoekerd zijn en je daar met je hond niet meer kan lopen. En ik wil altijd braaf de hondenpoep opruimen, maar dat is met het hoge gras behoorlijk uitdagend, kan ik zeggen tegen de wethouder. Ik ben heel erg voor ecologisch beheer, maar ik ben wel voor transparantie. Is de wethouder bereid om een of andere manier een systeem te maken dat de burger kan zien van dat grasveldje dat wordt over vier weken gemaaid of zo? Dan weet je tenminste waar je aan toe bent. Want op het ogenblik zou ik niet weten als raadslid waar ik het terug kan vinden welk veld wanneer ecologisch wordt beheerd. En of Spaarnelanden zich wel aan de afspraken houdt of het inderdaad maar op zijn beloop laat en het stiekem wel een bezuiniging is. Dus kunnen we dat transparanter maken voor de burger in Haarlem? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Visser. Wethouder Berkhout: Ik zal nog een keer verduidelijkende vraag stellen, krijg ik meteen een vraag om een toezegging om mijn oren. Nee, volgens mij was hier de bedoeling en dat is de inzet die we plegen, dus geen toezegging.

We moeten de communicatie waar we mee bezig zijn en dat dit een geleidelijke transformatie is naar meer ecologisch beheer, conform de uitgangspunten die u ons heeft meegegeven. Dat proberen we soms met bordjes, soms met informatie, soms met social media over het voetlicht te brengen. Dat is geen toezegging, een toelichting. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Berkhout. Mijnheer Visser, ga uw gang. De heer Visser: Die algemene toelichting die snap ik wel, maar we hebben tegenwoordig zulke computersystemen. Spaarnelanden heeft gewoon een planning. Ik weet dat D66 heel enthousiast is over open data, kunnen we dit niet gewoon als open data inzichtelijk maken voor de burger van Haarlem, dat ze in ieder geval weten hoe vaak hun grasveldje per jaar wordt gemaaid, waar ze op kunnen rekenen? Zodat het ergens terug te vinden is. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Berkhout: Nee. De voorzitter: Dat lijkt mij een ontzettend duidelijk antwoord. Wij gaan naar de burgemeester. Ga uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel, voorzitter. Een aantal vragen als het gaat om kermissen en kerstmarkt. Volgens mij hebben we er recent al over gesproken. Daar komt meer inzicht in en een voorstel. Daar vraagt u ook om en u zegt: houd ondertussen in de gaten dat de kosten beperkt worden. Over de motie komen wij dan nog te spreken met onze reactie. Dan de vergoeding voor tussentijdse verkiezingen.

Ik begrijp die vraag, is ook door de VNG in ieder geval aan de orde gesteld. Dus in die zin kun je je afvragen: is dat nog echt nodig? Maar we horen wat de raad daarvan gaat vinden. De straatintimidatie. Dat is een onderwerp waar we vaker over gesproken hebben. De voorzitter: U heeft een ... Toch niet of wel of niet? Toch wel. U heeft een interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Ik ben in ieder geval blij van de burgemeester te horen dat de VNG hier ook al mee bezig is. Ik denk wel dat het goed is om als raad ook het signaal af te geven. Dat zeker in de

75

onderlinge verhoudingen en zeker de financiële relatie tot elkaar, dat we hier een uitspraak over doen. Maar dank voor deze reactie in ieder geval. Burgemeester Wienen: En dan voor wat betreft straatintimidatie. U weet dat dat voor ons ook een belangrijk onderwerp is. We hebben daar al een aantal keren over gesproken, over de motie. Daar komen we nog op terug. Ten aanzien van een meldpunt, daar hebben we al eerder van gezegd dat de ervaringen van andere gemeenten die met een meldpunt begonnen zijn, uiteindelijk blijkt dat toch weinig toegevoegde waarde te hebben en daar ook weer mee stoppen. Dus als u van mij een directe reactie vraagt, dan is dat van ik heb de indruk dat we beter op andere dingen kunnen inzetten dan op dit instrument. Zorg ervoor dat waar er gemeld wordt dat daar wat mee gebeurt, liever dan dat dat weer een apart meldpunt wordt. Met alle kosten van dien. Maar dat dit onderwerp voor het college ook een belangrijk onderwerp is, dat is u bekend en ik begrijp dat u zegt van wij blijven u voortdurend bij de les houden. En zo vat ik uw opmerkingen ook op. Dan over de SUSteams. Ik constateer dat diverse partijen er iets over gezegd hebben. Waar ik heel blij mee ben, is om te constateren dat het breed in deze raad de inzet is om te zeggen: wij willen die inzet van SUS-teams graag in het uitgaansgebied. Dat is een.

En we zijn ook bereid om daar een extra bijdrage als gemeente aan te betalen. Ik weet niet of ik er nu zo gelukkig mee ben dat je al heel precies bij een amendement zegt van zoveel geld wordt ervoor beschikbaar gesteld. Want dan wordt het gesprek wat je voert met de horeca wel, laat ik zeggen, een wat merkwaardig gesprek, omdat onze inzet dan al vastligt. Ik vraag mij af maar, daar zullen we het in het college ook nog even over hebben. Ik begrijp de bedoeling. Ik begrijp in ieder geval dat van meerdere kanten gezegd is van kijk hoe je duidelijk kan maken dat we er extra middelen voor over hebben en daar dan dus dat vervolgens ook wil verwerken. En tegelijkertijd vraag ik aan de raad: laten we het wel doen op een manier die ook de kans op een goed gesprek maximaal maakt. Dus ik kom nog even terug bij de beantwoording van de moties of amendementen op hoe wij als college ons dat voorstellen. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Schneiders. Ga uw gang. Ja, toch? Nee, niet? Dan van mijnheer Blokpoel. Ik vond het al eigenaardig, maar ik dacht uw hand te zien. Mijnheer Blokpoel. De heer Blokpoel: Dank u wel. Toch nog even heel helder te maken waar het amendement toe bedoeld is.

Dat de gemeente inderdaad, er staat een specifiek bedrag, dat kan variëren, maar met de berekeningen uit de informatie die we hebben gehad eerder in de commissie komt dat bedrag voor de SUS-teams voor een heel jaar tot stand voor drie dagen per week. Maar dat u dat gelijk koppelt aan het gesprek met de horeca begrijp ik niet zo goed, want dat is een tweede gedeelte. Juist dat gesprek met de horeca is nog essentieel om ook de stap vanuit de horeca voor een beter uitgaansklimaat, voor een betere nachtcultuur, voor een beter toezicht op straat vanuit de horeca ook, voor beter onderhoud en eigenaarschap van de horeca in de binnenstad in het uitgaansgebied te realiseren. En daarvoor is dat gesprek essentieel en daarmee leggen we onze kaarten niet bloot. In die zin bloot, wij doen de SUS-teams. De horeca doet iets anders wat bijdraagt aan al die zaken. Dus in die zin geeft u nog alle vrijheid om dat gesprek in te gaan. Burgemeester Wienen: Ja, maar daarmee, want ik begrijp uw inbreng, maar in de vergadering die we gehad hebben, bleek een meerderheid van de commissie van mening dat een financiële bijdrage van de horeca voor de SUS-teams voor hen ook absoluut voorwaardelijk is. Dat maakt dat ik zelf het gevoel heb van ik hoor wel wat de raad uiteindelijk doet en ik reageer nog even op het concrete voorstel, maar daarom zeg ik van dat wordt natuurlijk een beetje lastig.

Als je het hele bedrag al klaargezet hebt, dan wordt het een wonderlijk gesprek om te zeggen van maar jullie moeten ook bijdragen. Want dan zeggen ze: maar u heeft het geld al. We komen daarop terug. Dan is er nog iets. De voorzitter: Het leidt wel tot een vervolgvraag van de heer Blokpoel. Ga uw gang.

76

De heer Blokpoel: Toch nog heel even, burgemeester, want als u zegt van maar hiermee geven we te veel kaarten bloot en hiermee hebben we geen gesprek meer. Kunnen we ook altijd erin opnemen van de bijdrage wordt niet uitgekeerd, de SUS-teams worden niet in werking gesteld als de horeca ook geen stap zet in andere zaken naast de SUS-teams. Want dan geeft het u ook de vrijheid om te zeggen: prima, doen we het niet, als de horeca niets bijdraagt. Burgemeester Wienen: Blijft staan dat ik begrepen heb van een meerderheid in de commissie, dat ze vond dat de horeca ook aan de SUS-teams moet bijdragen. Maar ik verwacht dat de discussie donderdag hierover ook wel helderheid gaat geven. Maar dat is volgens mij wat er donderdag ook gezegd werd. En ik proef ook wel dat het heel dicht bij elkaar zit, maar daar zit wel verschil tussen. Dan de vluchtelingen, ik denk niet dat het nodig is om er heel veel over te zeggen. Ik constateer gewoon dat er in deze stad zowel hier in de raad als bij de bevolking iedere keer als er locaties in beeld zijn, dat er steun is, brede steun is voor het feit dat die locaties verdeeld zijn over de stad. Dus op diverse plekken in diverse wijken, dat als wij bij die wijken avonden houden en de bevolking uitnodigen. Natuurlijk kan je zeggen: maar waarom stelt u dan niet de vraag van u mag het nog zeggen? Dat is inderdaad niet wat er gezegd wordt.

Wat er gezegd wordt is: dit is een voorstel van het college. De raad bepaalt. Dus als de raad zegt: dit lijkt ons geen goed idee, gaat het niet door. Daar kunt u ook nog op inspreken. Daar kunt u uw reactie geven, maar het college is wel van plan, die heeft dit goed uitgezocht, die vindt dat dit verantwoord is. En wij gaan dit voorstellen. En ik ben bij al die avonden geweest bij al die centra en hoewel u dat zich misschien niet voor kunt stellen, maar elke keer opnieuw blijkt dat er een ruime meerderheid is die zegt: wij vinden het mooi dat dit gebeurt, wij steunen dat en wij willen graag een bijdrage leveren. Hoe zou dat kunnen? Er zijn er, met name op dit moment, een tweetal waar wat meer kritische geluiden ook hoorbaar zijn. Die demonstratie van afgelopen zaterdag was daar in zekere zin sloot die bij een van die twee locaties daarbij aan. Maar ook daar blijkt dat het wel degelijk zo is dat er ook een flink aantal mensen is wat zegt: wij steunen dit wel en wij denken hier anders over. En als het gaat, dat werd mij expliciet gevraagd: hoe kijkt het college naar die demonstraties? Ik vind eigenlijk, ik ben degene die over demonstraties dan gaat en mijn opvatting als burgemeester, ik trek dat nu even richting mijzelf, omdat mijn rol ook heel specifiek is.

Ik ben degene die bewaakt en daar sta ik ook voor, dat iedereen die gebruik wil maken van de grondwettelijke rechten om te demonstreren, dat die daar de ruimte voor heeft in deze stad. En dan maakt het mij niet uit waarvoor er gedemonstreerd wordt. Dus ik heb geen oordeel over het feit dat er gedemonstreerd wordt, ook niet over waarvoor gedemonstreerd wordt, maar wel dat dat past binnen de grondwettelijke ruimte die in dit land bestaat. Gelukkig, want wij zijn een vrij en democratisch land en daar hoort ook het recht om te demonstreren bij. Daar wilde ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. Gaan we door naar de wethouder Van Loenen. Ga uw gang. Wethouder Van Loenen: Dank u, voorzitter. Ik zal ook inderdaad kort de vragen aflopen. Om te beginnen de vraag van de VVD om op de hoogte te blijven over de effecten van extra fte op de Wmo. De extra formatie gaan we gebruiken om onervaren Wmo-casemanagers op te leiden. Het is heel erg lastig om ervaren mensen binnen te halen en wij willen ook de inhuur verlagen. Dus ik denk dat dit een goede stap is. Voortgang zouden we dan kunnen meenemen in de P&C-cyclus. Dus dat is denk ik, komt tegemoet aan uw vraag. OPH, in tegenstelling tot wat er in de bijdrage van OPH werd beweerd, zijn de cijfers van het cliëntervaringsonderzoek in het kader van de Wmo juist in Haarlem boven het landelijk gemiddelde.

Dat zijn hele goede cijfers. In september gaan we daar ook in de commissie nog met elkaar over in gesprek. Maar ik kan ook alvast zeggen dat die nieuwe cijfers dusdanig zijn dat ik denk dat menigeen op de middelbare school daar een moord voor had gedaan. Dus heel gunstig. U vroeg ook naar de opdracht Gewoon in de wijk. In de opdracht Gewoon in de wijk is opgenomen dat de vraag of de situatie van de inwoner het vertrekpunt van de ondersteuning is. Buurts

77

verantwoordt conform monitorings- en verantwoordingsafspraken die we hebben. Daar spreken we natuurlijk elkaar ook twee keer per jaar over in de commissie en ook daarover kunnen we in het najaar desgewenst wat langer over spreken, om daar nogmaals naar te kijken. De Actiepartij vroeg om de gemeenteraad tijdig te betrekken als we toch onvoldoende middelen blijken te hebben voor Housing First. Wat we nu natuurlijk Wonen eerst noemen. Soms een beetje verwarrend. Dat zal ik zeker doen. Afgelopen donderdag hebben we het hier uitgebreid over gehad in de Commissie Samenleving. Waar we in het Coalitieakkoord nog begonnen met dat we een plan van aanpak zouden maken voor Housing First, zijn we inmiddels, over actie gesproken, zijn we inmiddels 10 huishoudens verder die op deze manier zijn gehuisvest en daarmee hebben we de opvang weten te voorkomen of heel erg weten te verkorten. Daar gaan wij mee door in Haarlem. En ik denk dat het heel erg positief is dat we met de regio hebben gewerkt aan die regionale aanpak dakloosheid, waarbij we dus wonen eerst als hele belangrijke omslag maken. Na de zomer tekenen we als het goed is met de regio een convenant daarover en dan wordt het dus ook een regionaal iets en dat verklaart ook waarom wij denken dat dat op zich eindig is, de middelen die we in Haarlem nodig hebben, omdat het dus een regionale actie wordt.

De ChristenUnie had het over de preventie van schulden. Daar zetten we ook vol op in. Ook met budget coaching, met vroegsignalering, met ook allerlei communicatiemiddelen, zoals Geldfit en Money Start op de scholen. Schuldhulpmaatje, daar vroeg u naar. Daar heb ik laatst ook zelf een gesprek mee gehad. Is me nog niet helemaal duidelijk waar hun groeibehoefte uit bestaat of waar dat vandaan komt. Maar zij hebben daarover met Buurts contact. In principe gaan wij niet in op allerlei moties die ingediend zijn, maar ik wil toch nog over twee iets zeggen. Ten eerste de oproep van de Actiepartij om aan te sluiten bij het Manifest Inburgering. Dat is best ingewikkelde materie en daarom ook best lastig om dat zo in een motie te vatten. Het zou beter zijn misschien om daar nog wat uitgebreider van gedachten over te wisselen, want enerzijds herkennen wij niet alle knelpunten en uitgangspunten in het Manifest. Om te beginnen is bijvoorbeeld het uitgangspunt in de motie dat de nieuwe eisen aan het taalniveau de arbeidsparticipatie niet bevordert, maar juist dat is het uitgangspunt van die wet en dat zien wij ook eigenlijk in praktijk. Dus dat een zo hoog mogelijk taalniveau juist heel erg de kansen, zeker de structurele kansen of de duurzame banen, dat het daar juist verbetert. En het is ook zo dat je dus als je in een bepaald taalniveau begint, dat je ook kunt afschalen en opschalen.

Dus het is niet zo rigide als het hier een beetje wordt gepresenteerd. En ik denk wat ook heel erg goed is, denk ik, wat we in Haarlem doen, is typisch Haarlems brugklasje wat we hebben. Waarbij inburgeraars eerst zes weken lang in een brugklas met elkaar zitten. Dan wordt er veel aandacht aan besteed van wat is nu het juiste niveau waarop iemand de taal kan leren? En dat verklaart ook waarom we in die zin redelijk succesvol zijn in mensen in het juiste traject krijgen. En anderzijds herkennen we ook niet wat in de motie staat in de zin van we zijn eigenlijk continu in gesprek. Ook met VNG en de G40. We hebben ook als Haarlem meegedaan aan een onderzoek van de algemene Rekenkamer op dit vlak. Dus we zijn ook al heel erg veel over knelpunten in gesprek, uiteraard met de taalscholen, maar ook dus met het Rijk. Tot slot de motie om incidenteel voor de duur van anderhalf jaar de inkomensgrens van de regeling van Stichting Leergeld te verhogen naar 150 procent van het sociaal minimum. Die motie was inderdaad al eerder ingediend door Jouw Haarlem. Daar waren we allemaal bij. Dat was bij de Beleidsvisie armoede en schulden. Toen was eigenlijk het commentaar van toch beter om dat in te dienen bij de Kadernota, is nu door een andere partij ingediend, maar volgens mij voldoende grond om daar met elkaar uit te komen. Want volgens mij zit daar dezelfde gedachte achter.

Wat ik wel nog mee wil geven, is we zijn natuurlijk al begonnen met die 130 tot 150 procent groep voor het Jeugdfonds sport en cultuur. Dus als je het anderhalf jaar lang parallel wilt laten lopen, moet je het eigenlijk meteen in laten gaan als die wordt aangenomen, na het aannemen van de Kadernota tot eind 2026. Dat is nog steeds anderhalf jaar, maar dan dus de anderhalf jaar dat die parallel loopt. Doe ermee wat u wilt.

78

De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Loenen. Dan gaan we naar de laatste wethouder van deze avond van deze eerste termijn. Ga uw gang, wethouder Van Leeuwen. Wethouder Van Leeuwen: Voorzitter, dank en dank raad voor al uw bijdragen. Want er zijn bijzonder veel interessante termijnen langsgekomen met veel methodiek. En zoals al gezegd, ik ga niet op alle moties en daarop volgt de preadvisering. Maar één methodiek ga ik wel op in, want daar zit geen motie onder. Dat was de bijdrage van GroenLinks, voorzitter, over de circulaire restwaardemethodiek ten behoeve van schoolgebouwen. Dat is inderdaad een interessante methodiek. En we zullen onderzoeken op welke wijze dit van waarde kan zijn in ons Strategisch huisvestingsplan onderwijs. De PvdA had een aantal vragen over kinderopvang, voorzitter. En dat is ook technisch uitgevraagd. En de heer Wiedemeijer zei het ook zelf al. Als gemeente hebben we hier eigenlijk maar beperkt invloed op, oftewel weinig over te zeggen. Tegelijkertijd en zo kent de raad dit college, denk ik, bemoeien we ons hier wel tegenaan. Door ruimte te maken bij de ontwikkelprojecten en bijvoorbeeld ook bij de bouw van scholen. Ook hebben we via een taalsubsidie een kinderopvanginstelling geholpen om Haarlemmers die niet de Nederlandse taalvaardig zijn, maar wel een pedagogische achtergrond hebben, te laten zijinstromen in de kinderopvang.

En ook vanuit de portefeuille arbeidsmarkt van collega Van Loenen, hier naast mij, wordt er gewerkt aan het terugdringen van het personeelstekort. Het Werkgeversservicepunt heeft contacten met kinderopvangorganisatie over de plaatsing van werkzoekenden. Voorzitter, meerdere partijen spraken over de jeugdzorg. Dit is wat mij betreft terecht, want er speelt in heel Nederland heel veel in de jeugdzorg en zo ook in deze regio. Ik heb zowel een pleidooi gehoord voor minder, als een pleidooi voor meer uitgaven. De vraag is echter hoe we gezinnen blijvend kunnen helpen. Zo is het zeer de vraag of jeugdzorg helpend is en dat hebben we al vaak met elkaar besproken, als de ouders nog in de vechtscheiding verwikkeld zijn. En als voorbeeld van een van de maatregelen die we daar dus bekostigen vanuit het groeibudget is de aanpak gezinsadvocaat. Dit is een aanpak waarbij een jurist en een gedragswetenschapper een scheiding gezamenlijk begeleiden met één doel, het welzijn van de kinderen. Dit in tegenstelling tot het in onze samenleving normaal geworden toernooimodel, waarbij ouders met allebei hun eigen advocaat, regelmatig betaald door de door een rechtsbijstandverzekering, elkaar complete de tent uitvechten en waarbij de kinderen letterlijk het kind van de rekening zijn. En dan weer even hoe gek ons sociaal domein in elkaar zit.

Deze aanpak werd ooit gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid, maar dat ministerie vond het niet meer een taak voor zichzelf. En zo zie je hoe een maatschappij breed probleem zoals vechtscheidingen uiteindelijk via de Jeugdwet bij ons als gemeente landt. Vanuit het groeibudget financieren we ook bijvoorbeeld de thuiszittersaanpak, de BSO plus. Ook dat is niet een wettelijke taak. Het extra budget voor pleegzorg komt daaruit en het extra budget voor de aanpak Kansrijke start. En daarnaast blijft de jeugdzorg vanzelfsprekend een onderwerp dat ons ambtelijk en bestuurlijk de aandacht vast blijft houden. En dan ook voor fact checking, voorzitter, in de rekening en ik heb het er even op nageslagen nog, in de rekening 2021 was de begrotingspost voorziening jeugd € 36.000.000 en inmiddels was deze post in de rekening 2024 gegroeid naar € 52.000.000. Dit omdat het nodig is en ook en dat heb ik dus net ook al duidelijk gemaakt, niet alles is jeugdzorg, maar daar zijn we dus druk mee bezig. Aan de ene kant maken we meer geld vrij en wethouder Roduner maaide al licht het gras voor mijn voeten weg. Als u instemt met deze Kadernota, komt er ook weer hier in Haarlem € 3.000.000 structureel bij voor jeugd.

Tot slot, er is veel gesproken over de wijze waarop verkeersgegevens gebruikt worden bij planvorming en de preadvisering over de motie volgt natuurlijk nog, maar ik breng wel graag in herinnering dat er in de Raadscommissie Beheer al is afgesproken om een technische sessie te organiseren over de systematiek waarop en de wijze waarmee hier gewerkt wordt bij ontwikkelprojecten. Dus volgens mij zit hij nog ergens in de pijplijn. Dat was mijn bijdrage, voorzitter.

79

De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Leeuwen. Dan zijn wij aan het eind gekomen van deze … Mijnheer Visser, u heeft nog een nabrander. 40 Motie De raad naar buiten bij de Kadernota De heer Visser: Voorzitter, ter afsluiting van deze avond. Enigszins ludiek, maar toch ook serieus bedoeld, dien ik bij deze, mede namens Actiepartij, CDA, Trots en FvD de volgende motie in. De raad naar buiten bij de Kadernota. We stellen vast dat het vanavond ontzettend heet is. Wat bij eerdere behandeling van de Kadernota vaker is gebeurd. De raad zich heeft voorgenomen vaker naar buiten toe te gaan, dit weer daar uitermate voor geschikt is en we overwegen dat we als huidige raad niet over ons graf heen willen regeren, maar de volgende raad wel kunnen adviseren. En we adviseren daarom de volgende raad, de griffie de opdracht te geven voorbereiding te treffen, zodat het mogelijk is om bij verwachte zomerse temperaturen en wanneer geen regen wordt verwacht, de vergadering over de Kadernota te houden in de binnentuin van de Refter of in de Haarlemmerhout. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Visser. Deze motie zal ook donderdag uiteraard ter stemming worden gebracht. Ik ben benieuwd naar het preadvies. Sluiting De voorzitter: We zijn aan het eind gekomen van deze vergadering. Donderdag zijn we hier weer terug. Dan wordt deze vergadering hervat.

Hij wordt nu geschorst. En de vergadering donderdag begint om 18:00 uur. Dus ik zie jullie allemaal dan.

80

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15816169/2