Transcript Gemeenteraad 18.09.2025
Tekst van het document
Wij hebben gezegd: we leggen aan u de resultaten voor van de studie en het college stelt voor om over te stappen op de variant die op alle punten het beste of even goed scoort als andere en die veel goedkoper is. Dat is pijnlijk. Ook het college had net als de havendienst en net als een deel van de raad, de voorkeur, daarom was dat ook het oorspronkelijke voorstel om het hele beheer van de bruggen in eigen hand te houden. Dat was onze voorkeur. Dat was ook het oorspronkelijke voorstel. Maar wij hebben wel gezegd: nu dit gebeurd is, nu wij constateren dat dat project zo uit de hand gelopen is qua kosten en dat er een alternatief beschikbaar is, wat ook veel duurder is, maar in ieder geval aanzienlijk goedkoper dan wat er voorligt als we doorgaan. Hebben wij niet de vrijmoedigheid om tegen de raad te zeggen, het gaat wel over gemeenschapsgeld: laten we het toch maar doen, want we willen het zo graag zelf blijven doen. Ik begrijp dat er hier gezegd wordt van maar wij missen nog een aantal uitwerkingen. De moties van OPHaarlem. Ik begrijp ze heel goed, maar ze zijn echt overbodig.
Want wat doen wij nu? Wij vragen aan u als raad om ermee in te stemmen dat wij overstappen van het eerder door u genomen besluit wat wij via een noodknop hebben gestopt en gezegd hebben: we gaan eerst een aantal alternatieven bekijken, we gaan eerst kijken wat is er nu aan de hand? Dat is gebeurd en wij leggen nu aan u voor om te besluiten, we kiezen nu voor een andere voorkeursvariant. Maar die moet dan vervolgens wel uitgewerkt worden. En wat u vraagt, dat is precies wat en mevrouw Schneiders wees daar ook op, dat is precies wat wij in die volgende fase ook gaan doen. Er moet over de exacte manier waarop dit gaat werken, moeten er afspraken gemaakt worden, dat moet in protocollen worden vastgelegd. En daar moet volstrekte helderheid over komen, precies over punten die u ook zelf aangeeft, over communicatie, die ook door andere partijen genoemd zijn. Dat kan niet in de lucht blijven hangen van nou ja, dat zal dan wel goed zijn of zo. Nee, u krijgt straks een uitwerking voorgelegd waarin dat inderdaad is vastgelegd en waarin we ook laten zien hoe we dat gaan doen en hoe precies de afspraken en de overeenkomst die we gaan sluiten dan met de provincie, als we voor deze koers kiezen, hoe dat eruitziet. En daar komen die verschillende praktische vragen die genoemd zijn, komen daar uitvoerig aan de orde. Daar komt ook die terugvaloptie aan de orde.
Ik heb dat al gezegd in de commissie, maar het is niet zo dat als het systeem in elkaar stort, als dat op de een of andere manier niet meer zou werken, de heer Visser heeft daarnaar gevraagd en ik neem aan dat u allemaal kennis heeft kunnen nemen van hoe dat … De provincie heeft aanzienlijk meer aan mogelijkheden, ook omdat er zoveel bruggen aan vasthangen. Ik bedoel niet alleen de onze, maar veel meer bruggen, om voor alle mogelijke noodscenario's ervoor te zorgen dat ze dat direct meester kan worden. Dat zit echt goed in elkaar. Maar toch is het niet uitgesloten dat het systeem op een gegeven moment niet meer kan functioneren. En als dat zo is, dan hebben wij inderdaad een terugval en die terugval die hebben we al, want dat is dat we dan op de oude manier met de bruggen gaan werken. Dat betekent wel dat we bepaalde beperkingen hebben, maar dat betekent wel dat de bruggen bediend worden, dat de bruggen gewoon opengaan. Overigens, het noodscenario wat een van u noemde, ik weet niet of dat de heer Visser was of een van de interrupties, over stel alle elektriciteit valt uit, dan hebben we een veel groter
18
probleem, dan zijn de bruggen gesloten en dan gaan ze niet open. Dat betekent dat we zo snel mogelijk dat proberen meester te worden. Daar hebben we crisisplannen voor. Maar dan is er geen verschil tussen een bediening hier lokaal of een bediening vanuit Heerhugowaard. Kort en goed, u heeft terecht gevraagd van: het kan toch niet zo zijn dat we nu een besluit nemen en dat we dan blind maar vertrouwen dat het wel goed zal komen? Nee. Als u nu besluit van oké, laten wij overstappen op deze voorkeursvariant, dan wordt het verder uitgewerkt. Uw opmerkingen over het personeel. Er is met de expertise van de brugwachters absoluut gewerkt in de voorbereiding van dit verhaal, alleen niet door de brugwachters daar collectief bij te betrekken of door ze allen apart erbij te betrekken. Maar er is met verantwoordelijken die bij de brugbewakingsdienst betrokken zijn overleg geweest, maar er is nog niet een oordeel over de personeelsconsequenties. Daar heeft de heer Van Leeuwen naar gevraagd en dat heb ik u al toegezegd en die toezegging die herhaal ik hier. U krijgt … Dan wordt de ondernemingsraad geraadpleegd, die geeft daar advies over en die krijgt u ook te zien. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Scholten, maar dat had u zelf al gezien. Mevrouw Scholten. Burgemeester Wienen: Ik dacht: ik stop maar even. De voorzitter: Ga uw gang.
Mevrouw Scholten: Waarvoor mijn hartelijke dank, voorzitter en burgemeester. We horen eigenlijk nu niet u zeggen dat u nog … Of we horen voorzitter, de portefeuillehouder niet zeggen dat er nog overleg gaat volgen met de brugwachters zelf. Want de or is de ondernemingsraad, dat is nog steeds niet de brugwachters. Komt er ook nog een moment voor de brugwachters om hun inbreng te geven? De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja, soms wint het wel tijd om gewoon even te luisteren. Ik ben bezig met de beantwoording over de brugwachters. Wat er daarna komt, dat is, ik heb onmiddellijk na ontvangst van de brief heb ik de brugwachters, de schrijvers van de brief uitgenodigd voor een gesprek. Dus ik heb gisteren uitvoerig met hen gesproken, van gedachten gewisseld, een toelichting gekregen op de zorgen die ze zich maken. En ook afgesproken, dat was de bedoeling, maar dat nog eens een keer bevestigd en ook nadrukkelijk tegen hen gezegd. En dat zeg ik nu ook tegen u: wij zullen bij die uitwerking maximaal gebruikmaken van de expertise die wij in huis hebben, ook met onze brugwachters en wij zullen met de brugwachters, juist ook in de uitwerking van hoe gaat dat in de praktijk dan werken, uitvoerig met hen daarover communiceren. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Van den Raadt. Ga uw gang.
De heer Van den Raadt: Voorzitter, want hoor ik het nu goed dat de burgemeester eigenlijk zegt: we hebben ergens hoog in de takken met de manager gesproken. En als ik dan de brief lees van de brugwachters van de werkvloer, die zeggen volgens mij: doe het niet. Maar u heeft dan van iemand gehoord: doe het maar wel. Hoe ziet u dat dan, dat daar zo'n verschil tussen kan zitten? En wat betekent het als u zegt: we gaan goed naar de brugwachters luisteren? Want als die dan zeggen: doe het niet, dan betekent het dus dat u volgende week met een voorstel komt om het niet te doen en het gewoon handbediend te laten? Burgemeester Wienen: Nee, ik vind wel dat u op zich een ontzettend … Wat zal ik zeggen?
19
De heer Van den Raadt: U hoeft er geen kwalificatie aan te geven. U mag ook gewoon antwoord geven. Want ik heb ook een kwalificatie over u. Burgemeester Wienen: U heeft een bepaalde voorstelling van hoe zoiets werkt in een organisatie. Laat ik u dit zeggen: zo werkt het niet. Het is niet zo dat wij vragen aan of het nu een manager is of wij vragen aan de brugwachters of we vragen aan andere personeelsleden van zullen we het maar doen of zullen we het maar niet doen? En als ze dan ja zeggen, dan wordt dat het voorstel. Als ze nee zeggen, dan wordt dat het voorstel niet. Uitvoerig worden er dingen uitgezocht. Dat behelst onder andere gesprek met mensen die de expertise hebben van over hoe werkt dat nu in de praktijk van de brugbediening? Dan komt er een rapport waarbij de verschillende varianten op een rij gezet worden. En vervolgens heb ik u gezegd, zullen wij bij de uitwerking ook met de brugwachters gebruikmaken van hun expertise, om ervoor te zorgen dat bijvoorbeeld de aansluiting dat die uitstekend is. Dat zij ook zien op welke wijze de communicatie verzekerd is. Ik begrijp ook dat dat hen heel erg bezighoudt.
Deels vanuit hun betrokkenheid bij dit werk, maar deels ook vanwege het feit dat zij betrokken blijven bij bediening van de bruggen in het centrum van de stad en dus ook moeten weten van hoe gaat dat dan werken, als Heerhugowaard een deel van de bruggen gaat bedienen en wij een ander deel van de bruggen? En hoe is dan dat georganiseerd? Wij gaan dat heel zorgvuldig met hen doornemen. De voorzitter: Burgemeester, u bent er nog niet vanaf. Mijnheer Van den Raadt, u had nog een interruptie. Ga uw gang. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ook weer zo’n opmerking, u bent er nog niet vanaf. Ik vind daar wel wat van en dat de burgemeester dan ook weer zegt: ik vind het altijd wonderlijk hoe u dat dan formuleert. Ik weet niet in welke hoek ik dan elke keer geduwd wordt, maar ik krijg in ieder geval kunnen we concluderen nooit antwoord op mijn vragen. Er wordt altijd een beetje omheen gekauwd. Mijn vraag was en ik weet er wel wat van, want ik zit in een organisatie met 4.000 mensen en ik zit in de ondernemingsraad. Dan houd je een achterbanraadpleging en dan ga je vragen wat het volk ervan vindt, wat het moet uitvoeren. En dat wordt meegenomen in het besluit.
Maar daarom vraag ik aan u: heeft u het voetvolk, de werkvloer die daar gewoon jarenlang waarschijnlijk werkt, gevraagd of heeft u een manager die misschien daar, kan best, net in dienst is iets gevraagd en heeft hij ja gezegd en zegt de werkvloer wat anders? En mijn vraag was: wat vindt u dan van dat verschil daartussen? En mijn tweede vraag was: gaat u dan doen wat die werkvloer wil uiteindelijk? Daar gaf ook geen antwoord op. Burgemeester Wienen: Volgens mij was het antwoord best wel redelijk duidelijk, maar ik zal het nog een keer proberen en bovendien hoor ik nu ook andere vragen. In de eerste plaats, de officiële raadpleging van personeel zoals die ook is voorgeschreven, zoals u dat ook uit uw organisatie ongetwijfeld kent, die gaat nog plaatsvinden. Dus dat komt. Dat is een. Dat gaat via de ondernemingsraad. Twee, wij hebben als het gaat om het inbrengen in het proces wat we nu gehad hebben van expertise van mensen die weten hoe werkt dat met de brugbediening, hebben wij niet iedere brugbediener apart daarbij betrokken en gevraagd wat vind jij daar eigenlijk van? Maar we hebben de expertise daarbij gehaald. En ik zeg, dat is drie, dat los van de adviesrol van de ondernemingsraad met de brugwachters ook uitvoerig gesproken gaat worden. Die worden betrokken bij de uitwerking van de afspraken die er moeten komen, voordat wij een overeenkomst sluiten met de provincie.
De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Kuin. Ga uw gang. De heer Kuin: De heer Van den Raadt stelt hele terechte vragen, want de brugwachter zeggen: die voorkeursvariant gaat niet werken en u zegt: kies nu als raad voor die voorkeursvariant en in de uitwerking gaan we met iedereen praten en rekening houden. Daar zit de tegenstrijdigheid. Brugwachters zeggen: dit
20
gaat niet werken door het op die manier uit te stellen. Dus daarom de terechte vraag. U zegt: ik ga met ze praten, is er dan nog een wijziging mogelijk? De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: In de eerste plaats, ik heb u al verteld dat ik met ze heb gesproken. Ze hebben mij toegelicht waar hun zorgen zitten. En ook dat zij heus wel begrijpen dat er over die zorgen en vooral over de punten waar ze zich zorgen over maken, dat daar goede afspraken over gemaakt moeten worden. Ik denk eerlijk gezegd dat het niet reëel is om te doen alsof wanneer je voor dit soort ingrijpende beslissingen staat, dat als je aan de uitvoerder vraagt die daar op dit moment bij betrokken is: wat vind jij ervan? Om te zeggen: dat is het laatste woord. Daar stopt het dan mee. Zo werkt het niet. Maar dat je vervolgens gebruikmaakt van de expertise die er is om te zorgen dat alle zorgen die er zijn over hoe loopt de communicatielijn tussen de verschillende bruggen in een gecompliceerd systeem zoals we dat in Haarlem hebben, hoe gaat dat lopen? Dat we samen met hen zorgen dat dat helemaal is uitgewerkt, dat we daar een goed protocol voor hebben. Dat dat goed wordt vastgelegd in de contracten die we sluiten met de provincie. En anders dan gaat het feest ook niet door. Wij moeten wel zorgen dat het goed gaat. Ik ga nog even in op de andere punten die de raad genoemd heeft.
Het eerste dat is het punt van de spoorbrug. Ik denk dat daar een begrijpelijk misverstand zit. Dat zat ook bij de brugwachters, want dat is een van de grootste punten die in hun brief naar voren kwam. Wat er bij de Spoorbrug gebeurd, is een volstrekt van buiten komend apart onderdeel van heel deze discussie. ProRail die heeft ervoor gekozen om te zeggen: wij willen onze bruggen zelf gaan bedienen. Dat is niet iets wat ze al deden, maar dat willen ze gaan doen. Dat levert een enorme complicatie op met de huidige situatie. En met de eventuele situatie met het bedienen via de provinciecentrale. Wij hebben gezegd: dat is niet zomaar acceptabel. Wij zijn verantwoordelijk voor het nautische, het scheepsverkeer en je kunt niet zomaar deze brug apart gaan bedienen, want de samenhang van deze brug met de naastgelegen Prinsenbrug is gigantisch. Een groot schip kan niet eens. Stel dat dat die bruggen echt onafhankelijk van elkaar zouden functioneren, dan gaat het echt fout, want dan gaat de ene brug open, de andere niet en er is te weinig ruimte tussenin om … Dat loopt dus echt mis. Kan niet en wij zullen niet akkoord gaan met oplossingen waarbij er niet een volstrekte heldere en duidelijke verantwoordelijkheid is om ervoor te zorgen dat dat goed blijft gaan.
Dat zou zo zijn als ProRail het zou willen gaan bedienen zelf, terwijl wij de rest van de bruggen doen en dat is ook zo als wij het op de nieuwe manier gaan doen. Het moet geregeld worden op een manier, waardoor wij onze verantwoordelijkheid voor het nautische deel ook werkelijk waar kunnen maken. Ik denk niet dat het nu handig is om in de raad heel uitvoerig hierop in te gaan. Het is een nieuw punt. Nee, dat laat ik me ook niet zeggen dan. U vraagt ernaar, dan krijgt u antwoord en ik wil best, als u dat wel wil, er echt uitvoerig op ingaan, maar het heeft mijn voorkeur, ook al heb ik nog 28 minuten spreektijd, geloof ik, om later bij de uitwerking bij u terug te komen hoe we dit probleem hebben opgelost. De voorzitter: Mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, ik wil absoluut niet de burgemeester recenseren. Ik spreek denk ik namens veel collega's. En ik heb uiteindelijk als eerste mijn geduld verloren. Maar waar zit ik naar te kijken? Ik neem aan dat jullie met zijn allen een commissievergadering hebben gehad. Dit wordt ook nog een soort technische sessie eroverheen. Ik roep echt mijn collega's en het college op om alstublieft het een beetje compacter te gaan maken. Dank u wel. Burgemeester Wienen: Ik vind het op zich alleen maar prettig natuurlijk. Dank. Dan heb ik nog één ander punt en dat … Nee, twee, sorry.
Eén punt dat is hoe zit het met dat havenkantoor? De heer Van Leeuwen die geeft daarvan een duidelijk overzicht en die zegt: dat had toch eigenlijk beter stilgelegd kunnen worden. Toen wij op
21
de noodknop drukte voor hoe gaan we verder met dit project? Was het uitgangspunt nog steeds, wij gaan gewoon doen wat we zouden doen. Op dat moment waren we al heel ver met dat havenkantoor en hebben we dat niet stilgezet. Want we moesten ook een nieuw havenkantoor hebben. Dat staat op zich los van deze vraag. Alleen in de ruimtevraag is er inderdaad extra ruimte gereserveerd voor deze functie. Dat is uitgewerkt. Toen hebben we een variantenstudie gehad waarbij we dus op een andere variant kwamen. En toen hebben we in het college tegen elkaar gezegd, moeten wij nu niet besluiten dat we het havenkantoor niet op deze manier gaan doen, maar dat we een kleinere maken? Dat hebben we ook laten uitzoeken. En de kosten daarvan zijn dusdanig dat het uiteindelijk geen voordeel oplevert. Dan is het toch tamelijk onzinnig dat we nu gaan zeggen: we gaan alsnog daarmee stoppen? Het levert ons geen geld op, het levert wel nadelen op. Dus we hebben die keuze niet gemaakt. Wat ik kan voorstellen, dat is dat u als raad zegt: het was fijn geweest als wij in die afweging expliciet waren meegenomen. Wij hebben gezegd: we gaan geen nieuw voorstel doen aan de raad, maar we hadden ook kunnen zeggen van dit is het vraagstuk waar we voor staan en deze keuze hebben we gemaakt, dus wij willen hier gewoon mee doorgaan.
Dus op dat punt vind ik dat we elkaar aan moeten kijken en ook moeten zeggen van dat had het college inderdaad ook met u kunnen delen en dan had u kunnen zeggen van wij vinden dat geen of wel een verstandige keus. En dan ten slotte het punt van de heer Visser. U heeft op zich een heel interessant punt van moet je niet eigenlijk in Nederland, even los van deze vraagstukken, kijken van kunnen wij niet beter een systeem hebben wat overal gelijk is, waardoor je makkelijk back-ups kunt maken, waardoor we minder kwetsbaar worden? Dus de weerbaarheid gaat dan omhoog. Ik vind dat de moeite waard. We hebben een eerste poging gedaan, niet wij als Haarlem, maar in Nederland, om te proberen te komen tot standaardisering. Dat heeft heel veel overleg opgeleverd en uiteindelijk heeft dat een aantal afspraken opgeleverd waar al die verschillende brugbeheerders, want dat is veel meer dan gemeenten en provincies, waar al die verschillende brug beheerders van zeiden van: deze afspraken willen we wel maken. Maar daarin zitten allerlei keuzes die nog verschillend zijn. Ik zal u, zeker na de opmerking van de heer Wiedemeijer, niet vermoeien met de uitwerking van waar die verschillen dan in zitten, het is een boeiende wereld, maar dat heb je niet zomaar veranderd.
Ik vind terecht dat u zegt van het lijkt verstandig om in Nederland en ik beloof u, ik zou zelf zeggen van die motie hebben we daar niet voor nodig, maar om ook bij het ministerie. Want ik denk eerlijk gezegd dat dat op dit moment een nog belangrijker partner is dan het provinciaal beraad en de VNG, om daar te zeggen van wij zouden toch over dit punt na moeten denken, juist ook in verband met weerbaarheid. Dus ik zou zeggen: als u nu uw motie weer intrekt, dan beloof ik u dat ik het met de minister van Verkeer en Waterstaat ga opnemen om dit nu aan te pakken. De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: Voorzitter, dit is wel een hele duidelijke belofte en inderdaad die afspraken, er is in het verleden wel wat gebeurd, maar de tijden zijn veranderd en weerbaarheid is belangrijk geworden. Ik ben blij dat de burgemeester dat erkent, dus dat kan ik mijn motie intrekken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Visser. Burgemeester Wienen: Dan stop ik met praten. De voorzitter: Ik heb wel even een vraag aan de indieners van moties 1 en 2, OPH. Ik heb ook de burgemeester horen zeggen dat het eigenlijk in zijn optiek deze moties min of meer overbodig zijn. Dus om het geheel prachtig af te ronden, wil ik u vragen: wilt u uw moties laten staan of wilt u ze misschien ook intrekken? Mevrouw Jacobsz: Ik wil de moties laten staan.
22
De voorzitter: Dat is uw goed recht. Dat kan, natuurlijk. Dan geef ik nu weer het woord aan de burgemeester. Ja, dat is waar. Er is nog zoiets als een tweede termijn. Dat klopt. Daar heeft de burgemeester gelijk in. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Zijn er nog mensen die iets willen vragen, toevoegen, opmerken? Geen technische vragen meer? Nee. De hoogte van de brug. Nee. Dan geef ik het woord graag weer aan de burgemeester. Burgemeester Wienen: Nee, ik wilde net zeggen: dan kunnen we wat mij betreft overgaan tot besluitvorming en dan kan ik weer daar gaan zitten. De voorzitter: Ja precies. Als voorzitter geef ik u het woord. Hartelijk dank voor deze rol. Leuke rol trouwens, voorzitter van de gemeenteraad. Dan zijn wij toe aan besluitvorming. Allereerst over het voorstel wat voorligt, namelijk voor die voorkeursvariant en daarna hebben we nog twee moties. Zijn er stemverklaringen over het voorstel over de centrale afstandsbediening, beweegbare bruggen, de voorkeursvariant? Ja, mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Dank u wel, mede namens SP. De portefeuillehouder stelt dat de wens van ProRail hun brug zelf te bedienen nu al compliceert. En nu komen er in voorkeursvariant 3 alleen maar meer complicaties bij. Haarlem wilde de brugbediening in eigen hand houden en onder de voorkeursvarianten is er nu maar één betaalbaar die dat doet en dat is variant 4.
De moties vinden we net als de afstandsbediening overbodig. Dus voor moties en voorkeursvariant 3 geen steun. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere stemverklaringen? De heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, in het verleden had de Actiepartij moeite met de keuze voor centrale brugbediening. Dat hebben we toen tevergeefs geamendeerd, maar de raad heeft daar wel toe gekozen. Wij zien niet aanleiding om van dat pad af te gaan, maar we zien wel heel nadrukkelijk dat het college de complicaties, zoals die ze zelf onderkent met ProRail, heel goed moet in beeld gaan brengen. Dus steun voor dit voorstel. Het is inderdaad, daar geef ik de heer Kuin wel gelijk in, ook een keuze voor de goedkoopste, maar laten we dit doen. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere stemverklaringen? De heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, Trots Haarlem stemt tegen het hele plan. Dus kunnen we ook niet voor de moties stemmen, want dan lijkt ons tegen het plan stemmen de beste oplossing. We zijn blij met uw toezegging om voortaan het personeel er ook bij te betrekken. En wij zijn toch bang dat dit straks weer twee keer duurder wordt. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Visser.
De heer Visser: Voorzitter, alles overwegende stemmen wij voor, maar wel onder voorwaarde dat met name die kwestie met ProRail echt opgelost wordt, voordat we een punt zijn gepasseerd dat we weer niet meer terug kunnen. Dus dat is echt urgent. Voor de rest blij met de toezegging over de motie over weerbaarheid. En we gaan de burgemeester er natuurlijk wel aan houden dat hij daar echt op terug gaat komen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over tot besluitvorming. Dit is echt, op de een of andere manier, dit onderwerp is lastig. Ik begrijp dat we dit met de hand moeten gaan stemmen.
23
De heer Van den Raadt: Dat is een teken aan de wand. De voorzitter: Kijk, u protesteert. Het is meteen opgelost. Hoe het mogelijk is, weet ik niet. Het is meteen geregeld. Dan gaan we toch stemmen via onze geluidsinstallatie en stemmachine. En dan wil ik u verzoeken om te gaan stemmen. De stemming is geopend. Als u dat ook doet, dan zou dat ontzettend helpen. Dames en heren, de uitslag van de stemming is … En dan neem ik mevrouw Oosterbroek mee als een voorstem. Dat is correct? Mevrouw Oosterbroek: Ja, dat is correct. De voorzitter: Let op, let op, let op, let op. Dan zijn er 29 stemmen voor en 8, nee, 9 stemmen tegen. En als u daar moeite mee heeft, dat mag van mij, dan doen we het nog keer met de hand. U kunt het helemaal volgen overigens hier het overzicht. GroenLinks, 6 leden, 5 gestemd, 1 niet. Die zegt hier hoe haar stem is. Dus u weet, het zijn 6 stemmen daar. Mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Ik heb daar, niet zozeer omdat het in dit voorkomende geval is, maar gewoon wel een bezwaar tegen. Om het simpele feit dat als dit een keer gebeurt en er is wel wat over, dan is er een precedent. En ik vind dat eigenlijk niet oké. De voorzitter: Helemaal goed. Dan gaan we gewoon nog even met de hand overstemmen. Het is voor iedereen duidelijk, maar wie voor is, stemt … Ik heb nu ook geen zin om weer het risico te lopen dat die niet werkt. Wie is voor? Hand opsteken.
Dat zijn de fracties van PvdA, D66, PvdD, de Fractie Procee, de fractie van de Actiepartij, de fractie van de ChristenUnie, de fractie van het CDA, VVD en GroenLinks. Dan is de uitslag, zoals ik zei: 29 voor, 9 tegen en dus is het aangenomen. Dan gaan wij nu verder met de stemming over motie 1. Dat is de motie de brugbediening op afstand bij variant 3, hoe lopen de communicatielijnen? Stemverklaringen? De heer Aerssens. De heer Aerssens: Voorzitter, voor beiden dan direct een stemverklaring namens de VVD. Wij zullen tegenstemmen. De uitleg die u net gaf als portefeuillehouder is voor ons afdoende. U geeft ons daarmee voldoende vertrouwen om dit op een goede manier op te pakken. Dank. De voorzitter: Dank u wel. De heer Abbasi. De heer Abbasi: Dank u wel. Wij gaan ook tegen beide moties stemmen na uitleg van u, dat het in de uitvoering terugkomt. En overigens ook de complimenten aan de rest van de raad om bijna een uur te hebben over dit onderwerp en exact hetzelfde te zeggen wat we al in de commissie met elkaar hadden besproken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Abbasi: Ik hoor net dat het 1,5 uur was, dus dat wil ik even corrigeren. De voorzitter: Nog stemverklaringen? Dan gaan wij over tot de stemming. De stemming is geopend, 4 stemmen voor, 34 stemmen tegen, de motie is verworpen. Dan gaan wij naar motie nummer 2.
Mag ik even nog uw aandacht? Meer duidelijkheid over beschikbaarheid en fallback van variant 3, motie nummer 2. Stemverklaringen nog? Niet meer. Dan gaan we stemmen. De stemming is geopend. Dat is dezelfde uitslag, 4 voor, 34 tegen, de motie is verworpen. Motie nummer 3 is ingetrokken.
24
17. Moties vreemd De voorzitter: Dan gaan wij over naar punt 17. Dat is de moties vreemd. 17.01 Motie vreemd Geen verkoop Nieuw Heiligland 15 zolang keuze Frans Hals Museum-huisvesting openstaat De voorzitter: Eerst 17.01, geen verkoop Nieuw Heiligland 15 zolang de keuze voor het Frans Halsmuseumhuisvesting openstaat. Dat is een motie van Jouw Haarlem en de SP. De heer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Regeren is vooruitzien, zegt het spreekwoord. En vooruitzien betekent dat we zorgvuldig om moeten gaan met het vastgoed van de gemeente. Het pand aan Nieuw Heiligland 15 ligt direct naast het Frans Halsmuseum. En dat maakt dit pand van strategische waarde. En we weten allemaal dat er nog onderzoek loopt naar de huisvesting van het Frans Halsmuseum. En juist in die fase is het onverstandig om dit pand nu al te verkopen en verkoop sluit immers mogelijke scenario 's in combinatie met het Frans Halsmuseum definitief uit. En daarom vragen wij in onze motie om de verkoop uit te stellen tot de raad een besluit heeft genomen over de toekomstige huisvesting van het Frans Halsmuseum. Pas dan kunnen we een weloverwogen keuze maken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Een reactie van het college, wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Dank u wel, voorzitter. De woning is te klein om als bouwkeet te dienen of voor andere faciliteiten.
Daarnaast is de woning ook verouderd en moet grondig gemoderniseerd worden. Gezien de grote vraag naar woonruimte en de wens om leegstand te beperken, is het college dan ook voorstander van om de woning zo spoedig mogelijk op de markt te brengen. Juist voor bewoning conform Bestemmingsplan. Het langer aanhouden van dit object biedt dan ook geen strategische meerwaarde voor de gemeente. De voorzitter: Dank u wel. Stemverklaringen? Mevrouw Oudshoorn. Mevrouw Oudshoorn: Dank u wel, voorzitter. Een klein deel van deze raad ziet eigenlijk altijd wel een reden om gemeentelijk vastgoed niet te verkopen. De praktijk is echter wel dat het daardoor leeg blijft staan. Ik hoorde net een oproep om zorgvuldig met ons vastgoed om te gaan. Daar blinken we ook niet altijd in uit. Wat D66 betreft, wordt dit verkocht, zodat er eindelijk iemand weer in kan gaan wonen. Dus geen steun voor deze motie. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, Actiepartij stemt voor deze motie. Het is namelijk van de eerste tot de laatste letter precies de bijdrage die Actiepartij gaf bij de commissie. Er staat overigens nog een vacature voor fractiemedewerker bij ons open, mijnheer Aynan. En ik voeg eraan toe, er zijn hier partijen in de raad die wel altijd voor verkoop pleiten.
En ook laten zien dat grote panden, zoals de Egelantier, jarenlang leeg blijven staan en zich daar eigenlijk dan niets van aantrekken. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bruch. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Wat de VVD betreft wordt deze woning gebruikt waar die voor bedoeld is, namelijk om te wonen. Dus zullen wij tegen de motie stemmen.
25
De voorzitter: Dank u wel. De heer Dreijer. De heer Dreijer: Het CDA sluit zich aan bij de opmerking van de wethouder en het pand zit trouwens aan de overkant van de straat en ligt niet tegen het Frans Hals aan, dus het heeft helemaal geen zin om die te behouden. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: De gemeente is echt een hele slechte huisbaas en bovendien niet in staat om een normale huur te rekenen en we hebben het geld hard nodig. Dus ik zeg: verkopen dat huis, zodat het weer bewoond kan worden, bijvoorbeeld door een gezin. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, Trots Haarlem heeft meerdere keren moties ingediend om het college op te roepen helemaal niets meer te verkopen, ook geen kavels en panden. Dus wij zijn blij met deze motie die een beetje de kant van Trots op komt. Dank u. We gaan voorstemmen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij over tot stemming. O, mevrouw Jacobsz nog, sorry. Mevrouw Jacobsz. Mevrouw Jacobsz: OPHaarlem steunt ook deze motie. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we stemmen. De stemming is geopend. We hebben 38 stemmen, 8 zijn er voor, 30 zijn er tegen. De motie is verworpen. 17.02 Motie vreemd Asielopvang wordt nooit een verdienmodel in Haarlem De voorzitter: Dan gaan we naar motie vreemd nummer 2, Asielopvang wordt nooit een verdienmodel in Haarlem.
De heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, dat klopt. Ik ben het met u eens. En het dictum is: om nooit asielopvang als een verdienmodel te zien en daar extra geld voor in ontvangst te nemen. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Volgens mij hebben we eerder discussie gehad over premies voor asielzoekers of statushouders. Dat dat in ieder geval nu in Haarlem niet aan de orde is. Dat constateert u terecht. De reden dat wij in het verleden asielopvang hebben geboden, was omdat we ons steentje willen bijdragen bij de overstroming van Ter Apel en de overloop van Ter Apel. Toen zijn we met de Beijneshal begonnen. Inmiddels hebben we de Spreidingswet. Maar we zijn wel toen vergoed voor de kosten, onder andere voor de Beijneshal en hebben daar inderdaad zelfs nog wel wat geld aan overgehouden. In de algemene reserve gestopt en uiteindelijk gebruiken we die volgens mij voor andere goede dingen op dit moment. Dus dat deel … Ik ben het met u eens dat u zegt: het moet geen reden zijn het financiële argument, maar om elkaar te besluiten daar ook geen geld voor in ontvangst te nemen of dat te weigeren dat zou ik toch ontraden. De voorzitter: Dank u wel. Stemverklaring? De heer Wiedemeijer.
26
De heer Wiedemeijer: Toch opmerkelijk dat Trots liever heeft dat onze asielopvang geld kost dan oplevert. Wij zijn blij dat onze solidariteit ook nog wat Rijksmiddelen heeft opgeleverd. Dus we zijn tegen de motie. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even nog verder naar stemverklaringen. De heer Blokpoel. De heer Blokpoel: Dank u wel, voorzitter. We hebben goede afspraken met het Rijk en we worden vergoed voor het werk dat we in Haarlem doen en het is zeker geen verdienmodel. We stemmen tegen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over tot stemming. De stemming is geopend. Mevrouw Özogul. Dan zijn er nu voldoende stemmen uitgebracht, 37 tegen, 1 voor. De motie is verworpen. 17.03 Motie vreemd Explosief bestrijdingsplan voor een veiliger Haarlem De voorzitter: En dan gaan we naar de laatste motie vreemd, explosief bestrijdingsplan voor een veiliger Haarlem. Opnieuw mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Dank u, voorzitter. Ik ben het weer met u eens. Wij vragen het college om met een voorstel naar de raad te komen hoe Haarlem het aantal explosies wil laten afnemen. Burgemeester Wienen: Een korte reactie. Ik heb hier al eerder op gereageerd. Dit is een landelijk verschijnsel.
Haarlem doet samen met allerlei andere instanties landelijk haar uiterste best om samen te kijken, hoe kunnen we hier zo goed mogelijk dit terugdringen? Maar het is ook een beetje onzin om te doen alsof wij dat als Haarlem in ons eentje doen. Dus wij hebben geen behoefte aan deze motie. De voorzitter: Stemverklaringen? De heer Blokpoel. De heer Blokpoel: Dank u wel, voorzitter. Uiteraard zijn we voor veiligheid en uiteraard tegen explosies. Maar om met zo'n motie te komen, om te doen alsof wij alles in de hand hebben, daar gaan we niet in mee. We zijn tegen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Oppenhuis. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel, voorzitter. De burgemeester zei het al, er bestaat al een offensief tegen explosies. Die is landelijk, waar alle gemeenten ook aan meedoen. Dus bij deze is deze motie overbodig. De voorzitter: Dank u wel. Dat waren de stemverklaringen. Dan gaan we stemmen. De stemming is geopend. Dan zijn er 2 stemmen voor en 36 stemmen tegen. De motie is verworpen. Sluiting De voorzitter: En daarmee komen we aan het eind van deze raadsvergadering. Ik dank u voor uw aanwezigheid, uw betrokkenheid, uw inbreng. En ik wens u nog een fijne avond.
27