Transcript commissievergadering Samenleving d d 11 januari 2024
Tekst van het document
Mijn vraag was: hoe wil de gemeente dit met de buurt of de wijk communiceren en de draagvalk in de wijken kunnen creëren? Daar heb ik geen antwoord op gekregen. Dank u wel. De voorzitter: Dan mevrouw Moedt van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Dank u wel voorzitter. Ik miste nog even, ik zou graag een kleine reflectie van de wethouder willen over mogelijkheden voor hulpbehoevende ouderen, daklozen om een huisdier mee te kunnen nemen naar een zorgwoning. De voorzitter: Ja, helemaal goed. Mevrouw Hartman namens Forum. Mevrouw Hartman: Dank u voorzitter. Ik hoor de wethouder een voorbeeld geven van specifieke voorzieningen die de regio bedienen, zoals Domus Plus. Dit is een plan waar flink wat ontevredenheid mee is bij de omwonenden, wat waarschijnlijk niet ligt aan dat deze omwonenden niet inzien dat er nou eenmaal hulpbehoevende groep in Haarlem zijn die we nou eenmaal ergens de juiste hulp moeten bieden maar wel aan de relatieve grootschaligheid van die voorziening, de overlast waar men bang voor is en dus zoals de
16
wethouder zegt dat dit niet alleen onze opgave is als gemeente Haarlem maar dat we de regio ermee bedienen. Kan de wethouder inzien dat bij bepaalde zorg dit beleid en het bedienen van de regio, dat dit invloed kan hebben op het draagvlak onder onze inwoners voor deze voorziening in Haarlem en is hij van plan hier rekening mee te gaan houden? De voorzitter: Dank u wel. Anders nog commissieleden in de tweede termijn? Niet? Ja, en welke wethouder, ja, u als eerste? Wethouder Van Loenen. Wethouder Van Loenen: Ja, misschien even over de vraag, nou ja, ook die door de VVD werd gesteld: wat doen jullie nou precies over dat draagvlak en de participatie met de buurt? Dit is natuurlijk de startnotitie, hierin geven we aan wat we gaan doen, welke onderwerpen worden behandeld. En op pagina, moet ik even kijken, acht staat nog specifiek genoemd als een van de twee uitwerkingen die we gaan maken is juist dat participatie en communicatie van het beleid specifiek voor het huisvesten van kwetsbare groepen. Want we hebben natuurlijk wel allerlei leidraden en afspraken, ook wijk pakt voor uitstroom bijvoorbeeld, voor de zachte landing, maar we hebben gezegd in het vervolg gaan we juist daar specifiek op in en ik denk dus dat dat tegemoetkomt aan ook de eerdere inzet van de VVD in de afgelopen periode en ook de notitie van de vorige periode daarover.
Dus dat gaat uitgebreid terugkomen, kunnen we het dan over hebben. De ouderen nog even daarover, we zeggen ook in de startnotitie dat we juist de verschillende inkomensklassen dat we die aan de orde gaan hebben in het actieprogramma. Het is net ook al gezegd in stadsdeal ouderenhuisvesting worden die ook genoemd en is er juist ook commitment van andere partijen, ook van marktpartijen en ook van de zorgpartijen, dus ook die analyse zit daar heel erg in, in die stadsdeal. Dat is volgens mij ook wat de PvdA ook eerder wilde zeggen. Maar we zeggen hier dus ook specifiek in, in deze startnotitie, we komen daarop terug. Dus ik denk dat u daar voor nu gerustgesteld in kan zijn en u kunt het natuurlijk later beoordelen of dat nou voldoende is in dat actieprogramma. De huisdieren, dan heeft u het denk ik specifiek over bijvoorbeeld de huisdieren … De voorzitter: Mag ik heel eventjes, want er is een interruptie van mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel. Want kijk, als ik dan kijk naar het proces, planning en participatie dan en dat er met huurders en cliënten wordt gesproken en vertegenwoordigers van inwoners.
En mijn vraag is: hoe zoekt u dan de vertegenwoordigers, hoe komen de vertegenwoordigers van de inwoners uit die andere groepen, hoe worden die betrokken, hoe worden die gevonden, hoe raken we daarmee in gesprek? Wethouder Van Loenen: Ja, in principe is daar natuurlijk onze participatieraad ook voor om mee te kijken bij dit soort stukken. Dat zijn natuurlijk ook echt wel de vertegenwoordigers dan op dat sociaal domein, dus ik denk dat dat een goed startpunt is. En ik weet dat zij ook sterke links, linkjes hebben met bijvoorbeeld de ouderenbond. Dus er zijn allerlei mogelijkheden denkbaar om die groep erbij te betrekken, ook onze zorginstellingen zelf hebben natuurlijk ook wel veel kennis en cliëntenraden die daarover mee kunnen denken. Marktpartijen hoor ik hier rechts van mij. Dan nog even over de huisdieren, gaat het denk ik specifiek ook over waar we het ook eerder over hebben gehad, kun je niet je huisdier meenemen in de maatschappelijke opvang bijvoorbeeld? Ja, er zijn gewoon bepaalde regels voor de plekken waar je met meerdere mensen samenleeft in één gebouw. En één van die regels daar dus is dat je de hond niet, hond, is vaak een hond, is niet dat mensen de cavia mee hebben, maar dat de hond niet mee kan en dat is ook gewoon ervoor bedoeld om met elkaar huisregels te hebben waarbij het voor iedereen prettig is om daar te verblijven.
Mevrouw Moedt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, als we streven ook naar kleinschalige oplossingen, dan is het misschien mogelijk om specifieke locaties daartoe te bestemmen. De helft van de Nederlanders heeft een
17
huisdier, dus het gaat best wel om grote aantallen, bespaart een hele hoop dieren een gang naar het asiel. Maar ook bijvoorbeeld in een grotere instelling kan je een verdieping misschien daartoe reserveren. Denkt u dat de regels dat toestaan, wethouder? Wethouder Van Loenen: Ik hoor uw suggesties. Ja ik, nou, zover gaan we nu niet hier en dit is ook gewoon een startnotitie. Maar ik denk dat je moet gaan kijken bij kleinschalige woonvormen of gemengde woonvormen wat daar dan de huisregels zijn en wie weet is daar wel iets mogelijk. Maar ja, daar loopt het dan een beetje erg ver op vooruit. Wethouder Roduner: Ja, Forum had nog volgens mij een vraag over spreiding. Kijk, in principe denk ik dat spreiding een goed uitgangspunt is, dus vandaar dat wij ook, nou, voor onder andere de spreidingswet bijvoorbeeld ook steunen. Ik denk dat dat ook een goed uitgangspunt is om op die manier ook alle gemeenten een deel te laten doen. Dat vraagt ook volgens mij dat je wel op een gegeven moment wel het gesprek hebt met elkaar van, ja, wat, welke groepen komen op onze regio af? Hoe gaan we daarmee om? Voor sommige groepen heb je ook wel gewoon, ja, noem het toch maar even, je gaat niet een verpleeghuis bouwen in Heemstede voor een persoon.
Dus op een gegeven moment ga je het ook hebben over, ja, je hebt een bepaalde massa nodig en probeer je ook met elkaar op een goede afspraken te komen van waar die losse verschillende instellingen staan. Nou, daarbij speelt denk ik ook nog eens een keer dat wij een centrumgemeente zijn met andere bevoegdheden maar ook andere verantwoordelijkheden. Dus dat zijn denk ik een beetje dingen waar je met elkaar het gesprek over gaat. Maar ik denk dat het uitgangspunt ook voor Haarlem is dat we proberen ook voor spreiding te gaan en van alle gemeenten, ook onze buurgemeenten, vragen om een bijdrage te leveren om ook kwetsbare doelgroepen te huisvesten omdat we dat allemaal onze verantwoordelijkheid hebben. De voorzitter: Goed, dan hebben we zo dit onderwerp lijkt mij voldoende besproken. Het punt ... Sorry? Oh, de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ja, ik heb geen antwoord gekregen op mijn vraag over die inclusieve wijken waar nu hele mooie termen en zinnen staan. En of dat dan ook betekent of je in die inclusieve wijk kan blijven wonen omdat er misschien wel dan een keer een openbaar toilet te vinden is. De voorzitter: Ja, dan is dat misschien wel een hele erge technische vraag die u op die manier kunt stellen. En dan kan de wethouder daar nog op terugkomen omdat het wel heel erg in detail gaat over wie waar woont.
Dus ik zou die suggestie in ieder geval geven dat u die technisch uitvraagt. Ik ga in ieder geval met u kijken, even kijken, hoe we dit door kunnen sturen naar de raad. Ik heb geen aangekondigde moties of amendementen op dit stuk gehoord. Kan dit als bespreekpunt naar de … Ja, de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ik zal een motie toevoegen dat ik wil dat als we er schrijven dat we inclusief willen wonen, dat iedereen inclusief in zijn omgeving moet kunnen blijven wonen, want dat willen we allemaal kennelijk, dat daar dan ook bepaalde voorzieningen bij horen. Dus daar zal ik een motie over indienen. De voorzitter: U komt met een motie bij deze. Dan wordt het een bespreekpunt. Goed, gaan we door naar agendapunt 7. Ik dank overigens de wethouder voor haar aanwezigheid hier en de leden van de commissie ontwikkeling voor zover die nu nog aanwezig waren en niet al naar ontwikkeling waren toegegaan. Wij gaan dus naar agendapunt 7, het vaststellen van de actualisatie onderwijskansenbeleid. Dat, nee kom, moeten we daadwerkelijk pauze doen? Ja, I know, maar … Er moeten verschillende commissieleden naar de wc. Nou, dan doen we dat even snel. Rent u snel naar de wc, ik zie u over vijf minuten terug.
18
Pauze 7.
Vaststellen actualisatie onderwijskansenbeleid (BL) 7.1. Stand van zaken Verrijkte Schooldag Haarlem De voorzitter: Dames en heren, nu gaan we toch echt door naar agendapunt 7. Alle plaspauzes zijn voorbij, iedereen weer op zijn stoel, het water bijgevuld door deze uitstekende bode. Dus het vaststellen van de actualisatie onderwijskansenbeleid. Het bieden van gelijke onderwijskansen is een belangrijk speerpunt uit het coalitieakkoord. De afgelopen jaren is er ingezet op het ongelijk investeren van gelijke kansen. De commissie samenleving wordt verzocht advies te geven aan de raad over hoe dit voorstel in paragraaf twee en over de wijze van agendering uiteindelijk. Wie uit de commissie mag ik als eerste op dit onderwerp het woord geven? Mevrouw Bastiaans namens de Partij van de Arbeid. Mevrouw Bastiaans: Ja, dank u wel voorzitter. Onderwijs is de motor van emancipatie en van verheffing, een ouderwetse term, verheffing, maar van groot belang om de tweedeling in de samenleving te bestrijden. De PvdA is dan ook heel blij met deze actualisatie. Ongelijk investeren voor gelijke kansen is hard nodig. De ambities die verwoord zijn in dit nieuwe onderwijskansenbeleid ondersteunen wij dan ook van harte. En hier zou ik kunnen stoppen, maar we hebben nog wel een paar aandachtspunten en die willen we graag aan de wethouder voorleggen.
En die gaan over de doelgroep, de taalonderwijs en de schakelklassen tien tot veertien jaar. Om te beginnen de doelgroep, het onderwijskansenbeleid is nu voor kinderen van twee tot veertien jaar die ontwikkelingsondersteuning nodig hebben en wat ons betreft wordt dit uitgebreid naar achttien jaar. Vanuit de kansencirkel gezien, heeft deze groep jongeren ook extra ondersteuning nodig. Hoe kijkt de wethouder aan tegen de uitbreiding van de doelgroep? En als je dan ook naar de wijken kijkt, zien we dat vooral de scholen in Schalkwijk en Oost hierbij betrokken zijn maar zijn scholen in Noord en dan denk ik met name Delftwijk ook in beeld? Dan over taal. Ook hier geldt dat er voor de doelgroep nul tot twaalf veel aanbod is en daar zijn we heel blij mee, maar er is onlangs uit het PISA onderzoek gekomen dat de leesvaardigheid van jongeren daalt. De scholen worden geacht zelf te werken aan taalbeleid en dat is vaak een extra taak naast het lesgeven. Als we kijken naar de complimenten voor de voortrekkersrol van de coördinator verrijkte schooldag dan is vanuit van de PvdA de vraag: kan er vanuit de gemeente ook op taalgebied een regiefunctie komen naar de school om extra aandacht aan taalbeleid en leesvaardigheid te geven? En in het verlengde hiervan voor nieuwkomers, er staat ook in de nota: het aantal is enorm toegenomen en daar gaat nog beleid voor ontwikkeld worden.
Ook hier gaat het om jongeren veelal van twaalf tot achttien jaar waarbij de ontvangende scholen zelf het extra taalonderwijs moeten organiseren. En dit doet elke school nu op haar eigen manier en ook in verschillende maten. Dus onze vraag is vanuit het onderwijskansenbeleid een meerjarenperspectief op taalbeleid en het nieuwkomersonderwijs te organiseren en hier als gemeente een voortrekkersrol in te nemen. Dan over de schakelklassen tien tot veertien jaar. De PvdA zou die ook graag in Haarlem zien en die schakelklassen zijn er om vroegtijdige selectie te voorkomen en daarmee ook de onderwijskansen te verbeteren. Alle scholen kunnen hiermee beginnen en voor zover bekend is er nog niet zo'n schakelklas in Haarlem opgericht. Hoe ziet de wethouder de vorming van schakelklassen van tien tot veertien jaar in het kader van dit onderwijskansenbeleid? Tenslotte een vraag, er staat ook in de nota, we lezen dat er een grote druk op de VE-groepen is, voorschoolse educatie, en dat vraagt om extra ondersteuning. Waar bestaat die extra ondersteuning uit? Ik ga er even vanuit dat 7.1 de verrijkte schooldag, neem ik dat gelijk mee, ja? Daar wil ik ook nog even twee dingen over zeggen. Nou ja, kan die verrijkte schooldag ook bij het VO ingezet worden, het voortgezet onderwijs? Dat is nu alleen bij het primair onderwijs.
En nog een beetje een zorg, een vraag over de overgang van school in de wijk naar de verrijkte schooldag. Er is nu een hele goede wijkgerichte
19
aanpak, waarbij scholen gezamenlijk veel activiteiten oppakken. En bij die overgang naar die verrijkte schooldag zou het kunnen zijn dat scholen weer ieder voor zich dingen gaan aanvragen. Dus de samenhang in de wijk, blijft die wel gewaarborgd en de vraag aan de gemeente is dan ook om hier alert op te blijven. Dat was het even. Dank u wel. De voorzitter: En u uiteraard ook dank. De, hadden we een interruptie of uw termijn? Dan was de heer El Aichi eerst. Dus de heer El Aichi namens CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel voorzitter. Ook wij zijn blij met de actualisatie van dit stuk. Het bieden van gelijke onderwijskansen begint met het faciliteren en het aanbieden van voldoende en goed functionerende schoolgebouwen in alle wijken van Haarlem. Wij van het CDA hebben altijd gepleit voor dat onderwijsstructuur Schalkwijk mee te laten groeien met de groei van de wijk. Dat betekent dat er waar gebouwd wordt, dan ook scholen gebouwd moeten worden. Denk aan de HAVO/VWO school in Schalkwijk, wij hadden gewild dat het dit jaar zou kunnen starten maar het is volgend jaar pas. Prima, maar ik hoop dat er steeds meer aandacht besteed gaat worden aan dit soort wijken. Verder sluit ik me aan bij mevrouw Bastiaans over haar inbreng betreffende de jeugd en de taal. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Trompetter namens de Actiepartij.
Let wel op uw spreektijd, u heeft nog 59 seconden, geloof ik. De heer Trompetter: Dank u voorzitter, dat is prima genoeg. Dank aan het college voor dit stuk. Het is goed dat het uitgangspunt is om vooral naar de mogelijkheden te kijken in plaats van de beperkingen van de leerlingen. Onderwijskansen kunnen negatief worden beïnvloed door de mate van de ervaren veiligheid door een kind. Op het thema veilig zijn wordt in de actualisatie niet of nauwelijks ingegaan. Kan de portefeuillehouder bevestigen dat er ook aandacht is voor pestbeleid, erbij horen en aandacht aan diversiteit, dat in het stuk niet zo goed heb teruglezen. Dank u wel. De voorzitter: Kijk, keurig. Ja, mevrouw Hamzad namens GroenLinks. Nee, u bent nog niet aan. En inloggen is ook en dan het rechter knopje. Ja, daar gaat u. Mevrouw Hamzad: Excuus voor het ongemak. GroenLinks vindt investeren in het onderwijs is investeren in onze toekomst, daarom om goed onderwijskansen voor onze Haarlemse kinderen te waarborgen heeft GroenLinks een aantal vragen die naar aanleiding van de actualisatie willen stellen.
Er staat dat de nota is geactualiseerd, wat is er geactualiseerd en waar kunnen wij dat vinden? Is het mogelijk dat in een aparte document als bijlage bij de nota toe te voegen? Wat is er bereikt in de afgelopen twee jaren? Is er onderzoek gedaan in hoeverre de diverse voornemens zijn opgepakt en wat is er de resultaten daarvan waren en welke voornemens nog niet zijn opgepakt en waarom? Wat zijn de huidige knelpunten naast het lerarentekort? Daarnaast extra aandacht en wat voor aandacht is voor nodig? Zo ja, welke? Aangezien de laatste cijfers van taal en rekenen, kan gemeente invloed uitoefenen zodat alle VE-scholen een inspectiebezoek krijgen. Krijgt de gemeente de inspectierapportage te zien? Hoe houden wij de vinger aan de pols of ons onderwijs voldoende presteert? En is er onderzoeken gedaan naar hoeverre kinderen maken gebruik van een VE-programma en hoeveel niet? En wat is de stimuleringsactie daarvoor? Om jonge kinderen een goed basis over natuur en milieu mee te geven moeten wij al vanaf jonge leeftijd beginnen. Kan de wethouder in gesprek met schoolbesturen hier invloed uitoefenen? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: En u ook dank. Wie dan? Ja, mevrouw Van der Windt namens D66.
20
Mevrouw Van der Windt: Dank u wel voorzitter. Ja, dank voor het stuk. Uit navraag is gebleken dat er niet hele grote beleidswijzigingen in zitten, zodat we ook niet hoeven te doen alsof het helemaal nieuw is. Uit de vragen die wij hebben gesteld, technische vragen, blijkt dat er op dit moment negenhonderd kinderen meedoen van de ruim 2800 leerlingen die op een school zitten die in aanmerking komt voor een verrijkte schooldag. Dat zijn natuurlijk wel leerlingen die dan op een gelabelde school zitten en natuurlijk is het logisch en ook in het systematiek van de bekostiging om te beginnen bij scholen waar je veel leerlingen verwacht die behoefte hebben aan een verrijkte schooldag maar dat laat onverlet dat er ook leerlingen op niet gelabelde scholen zitten die daarmee buiten de boot vallen. En D66 vraagt zich ten eerste af: wat kan de gemeente doen om ervoor te zorgen dat alle leerlingen die eigenlijk in aanmerking zouden moeten komen voor een verrijkte schooldag daar ook gebruik van moeten maken? En verder vraagt D66 zich af of de focus van die verrijkte schooldag niet meer op verrijking en wat minder op sport moet liggen. Want voor sport hebben we immers al via de Haarlempas andere voorzieningen.
Tot slot en alle credits naar de Partij van de Arbeid voor de hele goede vragen hierover, als er dan toch sport onderdeel is van die verrijkte schooldag, ligt zwemles inclusief vervoer dan niet meer voor de hand om ook toe te voegen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Anders commissieleden die nog het woord willen voeren? De heer Baars namens de VVD. De heer Baars: Ja, dank u wel voorzitter. Allereerst natuurlijk een heel goed stuk. Zijn we erg blij mee, gelijke kansen voor kinderen en kansengelijkheid op school, erg belangrijk. Er zijn volgens mij wel twee kleine problemen, althans de VVD ziet twee problemen. Het eerste probleem wat er eigenlijk al sinds jaar en dag bestaat, is dat bijzondere scholen het beter doen dan openbare scholen. En het is nog steeds zo dat kinderen op bijzondere scholen niet geaccepteerd kunnen worden. Dat lijkt ons, maar ik ben benieuwd naar de wethouder zijn mening, een onwenselijke situatie. Dus is het college het met ons eens dat elke school elke leerling in beginsel zou moeten accepteren en dit om kansengelijkheid te vergroten? Het tweede is het financiële gedeelte, daar staat de VVD natuurlijk om bekend. Er wordt ongeveer zeven miljoen uitgetrokken en dat is natuurlijk een hoop geld. Een miljoen gaat naar de verrijkte schooldag, hebben we zojuist een aantal mensen over gehoord.
En wat de VVD zich dan afvraagt, ja, hoeveel kinderen zijn daardoor nu gaan sporten? Of eigenlijk breder gesteld, want dit is een beetje een technische vraag, hoe meet het college de resultaten van deze gedane investeringen, hoe zien we terug dat dit geld efficiënt besteed wordt? Ja, er worden, dan gaan er negenhonderd kinderen naar een verrijkte schooldag, maar wat zien we daar uiteindelijk van terug? Wat zijn de concrete resultaten? En daarnaast valt ook op dat er bijzonder veel geld gaat naar voorschoolse educatie. Nou, wat ik ervan begrijp is dat tweeënhalf jaar tot vier jaar. Maar doen die jaren daarna er dan niet toe? Na vier jaar tot en met, nou, pak hem beet, achttien jaar. Het lijkt er nu op alsof er disproportioneel veel geld gaat naar die eerste periode. Is de wethouder dat met ons eens? De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Moedt van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Dank u wel voorzitter. Ja, het valt op dat er al heel veel gebeurt in Haarlem om kinderen die het nodig hebben te steunen en dat er ongelijk geïnvesteerd wordt om gelijke kansen te kunnen bieden vindt de Partij voor de Dieren helemaal logisch. Dat er enige drempels worden opgeworpen voor de expats, of internationals moeten we tegenwoordig zeggen, ook. Ja, iets over de lessen over gezond eten en de schoolmaaltijden. Het is natuurlijk aan de school wat er geserveerd wordt.
We moeten denk ik wel waken dat de industrie hier een rol gaat spelen zoals bijvoorbeeld bij het nationale schoolontbijt dat gesponsord wordt door de zuivelindustrie, toch niet de meest klimaat- en diervriendelijke sector. Ja, tenslotte het vergroten van kennis over en het bijbrengen van respect voor dieren, natuur en milieu hoort natuurlijk ook onderdeel te zijn
21
van die verrijkende activiteiten. Natuur staat er wel bij als aandachtspunt, maar wordt verder niet uitgewerkt. Vraag aan de wethouder: is hier wellicht een rol weggelegd voor NME of Ecoring of een andere organisatie? Of zijn die al betrokken? Dank u wel. De voorzitter: Yes, helemaal goed, dank u wel. Anders nog commissieleden die het woord willen voeren? Mevrouw Scholten, gaat uw gang. Mevrouw Scholten: Dank u wel voorzitter. Oh, dat is nog ruim de tijd zie ik nu ineens. Ik wilde graag wat aandacht vragen voor de mogelijkheden voor stageplekken, aangezien een stageplek een belangrijk onderdeel kan zijn van de motivatie voor school vasthouden voor jongeren die dreigen uit te vallen. Misschien kunnen we daar ook nog eens naar kijken bij gelijke onderwijskansen. Dan de kwetsbare overgangen, die worden flink genoemd in het stuk, gelukkig, dat is ook absoluut heel goed en heel belangrijk. Maar de overgang VMBOMBO ontbreekt wat mij betreft enigszins en daar gaat het toch best vaak fout. Net zoals leerlingen vanuit het passend onderwijs een behoorlijke klap krijgen als ze naar een vervolgopleiding gaan en daar ineens alle begeleiding wegvalt of niet aangeboden wordt. Daar kunnen wij als Haarlem niet alles aan doen, maar we zouden wel eens kunnen kijken of we daar misschien enige ondersteuning in kunnen bieden.
Of, nou ja, misschien ziet de wethouder dat anders maar dan hoor ik dat graag. De voorzitter: Dat gaan we dan zeker horen. En inderdaad, u bent het van ons gewoon dat u hier ruim de spreektijd hebt toch. Goed, anders commissieleden die nog het woord willen voeren? De heer Van den Raadt, gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Ja voorzitter, ik had vandaag nog een interessante discussie over de peuteropvang met vve-verklaring en toen leerde ik weer wat nieuws dat bij de, want we hebben het hier over gelijk houden en zorgen dat we allemaal met elkaar in verbinding blijven staan, maar bij de vve-peuteropvang daar zijn, bij de peuteropvang zijn heel veel kinderen, eigenlijk bijna alle kinderen hebben daar een vve-verklaring en bij de kinderdagopvang daar zit een heleboel kinderen zonder vve-verklaring. Is er nog, maakt u zich er zorgen om dat die kinderen dus alleen maar met een bepaalde groep omgaan en dat dat niet goed mixt? Ik maak me daar eigenlijk wel een beetje zorgen over. De voorzitter: Dat is helder, maar u bent nu wel door uw spreektijd heen. De heer Van den Raadt: Nou, dan had ik nog een afsluitende vraag. De voorzitter: Eén, alleen die vraag nog even stelt dan is dat goed. De heer Van den Raadt: Ik lees dat er een wettelijke verplichting is van de gemeente om het betaalbaar te houden voor mensen die bijvoorbeeld niet kinderbijslag krijgen.
Kunt u aantonen wat u daar afgelopen jaar voor heeft gedaan en wat u het komend jaar gaat doen? De voorzitter: Ik ben benieuwd of de wethouder een antwoord heeft op die laatste vraag maar dat gaan we in ieder geval horen want die lijkt me een vrij uitgebreide. Anders commissieleden die nog het woord willen voeren in de eerste termijn of hebben we iedereen zo gehad? Mooi, dan gaan we luisteren naar de wethouder. Wethouder Van Leeuwen: Ja voorzitter, dank u wel. En om te beginnen want dat is, geeft misschien ook wat kader. Ja, dit gaat over de actualisatie van het onderwijskansenbeleid. En onderwijskansenbeleid is natuurlijk
22
niet alles wat wij doen op het onderwijs, want veel is ook wettelijk gezien ingedeeld in leeftijdsgroepen. En dan ga ik gelijk antwoord geven op mevrouw Scholten van Jouw Haarlem, de twee dingen doe je noemt, de stageplek en VMBO en MBO, die valt dan weer onder het meerjarenbeleidsplan van het Leerplein. Dus dat is vroegtijds schoolverlaten en ‘…’ doelgroep. En dan raak ik ook gelijk een vraag van mevrouw Bastiaans, kan de leeftijd tot achttien jaar? Nou eigenlijk is het hele praktisch antwoord nee, want die onderwijsachterstandsmiddelen, dus wij noemen het onderwijskansenbeleid maar de rijksregeling heet dan weer onderwijsachterstandsgelden als ik het helemaal correct zeg, die lopen tot de primair onderwijsleeftijd. Dus daar zit ook gewoon de hele praktisch in dat als we deze gelden op die manier willen gebruiken, dat zijn Rijksgelden die wij ten behoeve van dit doel inzetten en waar wij zelf als Haarlem nog, waar u met elkaar nog een onsje bovenop doet, dat gaat dus over die nul tot twaalf. En daarna zijn er weer andere regelingen die wij natuurlijk ook inzetten, maar die we niet vandaag bespreken. Dus dat is even al een hele praktisch antwoord op een tweetal vragen. Dan ga ik even helemaal terug naar het begin.
Nou, dank in ieder geval voor de complimenten en wat ik altijd heel fijn vind en wat we onszelf en ik ook niet altijd realiseer, want ik zie gewoon altijd knijterhard werkende mensen in de ambtelijke organisatie, bij het schoolbestuur die hun best doen, maar één van mijn, ja, leukere werkbezoeken van het afgelopen jaar was toen we hier in Haarlem kick off hadden met ook ministerie erbij en dat je dan ook van het ministerie terug hoort: jeetje, wat fijn dat er in Haarlem zoveel in een goede samenspraak tussen kinderopvangorganisaties, schoolbesturen, gemeente en aanpalende organisaties gebeurd. Want dat maakt dus dat wij, nou, een tijdlang echt voorloper waren en ondertussen trekt de rest van Nederland ook wat bij begrijp ik maar dat we hier wel in ieder geval proberen het goede te doen om inderdaad zoals velen van u al zei, ongelijk te investeren voor gelijke kansen. Dan kom ik op een aantal vragen die er zijn gesteld heel concreet. Mevrouw Bastiaans van de PvdA zegt: ja, hoe komt het, nou, kijkt u naar de stad? Nou, wij kijken naar een weging van scholen.
Dus wat eronder zit is natuurlijk de weging van scholen kijken we naar het getal van dertig, dus hoe, wanneer is een school inderdaad heeft die extra aandacht nodig? Nou, in die weging zit dus op dit moment de scholen die genoemd zijn in het stuk, dus dat zijn geen scholen zoals wat u zei in het stadsdeel Noord, maar wij kijken wel naar scholen die net op het randje zitten ook wat daar moet gebeuren, dus ook die zijn wel in beeld en daar wordt dus gekeken wat we daar kunnen doen. Als je het hebt over, ja, en wellicht heb ik niet helemaal goed begrepen voorzitter, zal ik alvast verklappen. Maar als het gaat om de ontwikkeling van taal en de specifieke regiefunctie van taal en extra taalontwikkeling bij scholen, dan is het zo dat het ITK, u bekend, een internationale taalklas, primair nieuwkomersonderwijs, dat die ook een adviesfunctie hebben en adviestak naar scholen toe als het gaat om mensen die Nederlands als nieuwe taal leren. Dus zij hebben daar een visie op, zij verspreiden ook hun kennis. Maar wellicht heb ik de vraag niet helemaal goed begrepen maar dan hoor ik dat in de tweede termijn nog wel. Maar in principe is dus in dat, die inhoudelijke adviesfunctie en rol naar andere schoolbesturen die wordt dus vervuld vanuit ITK en als ik zo niet helemaal precies zit op de vraag, voorzitter, dan hoor ik dat graag nog terug.
Daar was ook een vraag over schakelklassen en de middenschool, dus volgens mij was de term van een jaar of drie vier geleden middenschool, dat we eigenlijk misschien wel de selectie in heel Nederland veel later zouden moeten doen omdat wij in de westerse wereld het meest vroeg selecterende land zijn per onderwijstype voor het vervolgonderwijs. Nou, dat is een gesprek wat natuurlijk ik en ook mijn voorgangers veel met schoolbesturen hebben gevoerd, maar het uiteindelijk ook de schoolbesturen met elkaar moeten doen. Er moet een aantal schoolbestuurders zeggen: ja, wij gaan dus nu hier een middenschool of een schakelklas maken. Nou, ik zie ook dat daar veel over gesproken is, ook in de afgelopen vier jaar, maar dat het er nog niet is. Nou, daar heb ik ook al wel eens beschouwingen over met primair onderwijs en ook voortgezet onderwijsbestuurders. Ja, ik denk ook als ik gewoon breder kijk en, nou, volgens mij hebben er ook verschillende publicisten zoals ook de heer Schimmelpenninck hier iets over opgeschreven, dat het toch wel bijzonder gek is dat wij zo vroeg selecteren wat aan de meeste kinderen niet bijdraagt. Daar vind ik ook wat van. Daar ga ik dus niet direct over want als wethouder onderwijs, nou, heb ik veel dossiers waar ik wel wat
23
van vind maar niet direct aan zet ben. Maar hier heb ik natuurlijk gesprekken over en ik denk ook dat hier wel scholen zijn die denken van, nee, maar dit zou echt wel wat kunnen betekenen voor de kinderen in Haarlem en onze regio. Dan was er ook nog een hele concrete vraag, verrijkte schooldag, kan dat ook voor het VO? En ja, ook voortgezet onderwijs scholen kunnen een aanvraag doen voor verrijkte schooldag. En daarbij was nog eigenlijk een zijvraag: hoe houden we nou wel goed vast dat het gezamenlijk gebeurt? Nou, ik heb hier eerder gemeld in uw commissie dat ineens, over night zou ik in mooi Nederlands willen zeggen, maar in ieder geval van de één op de andere dag de regeling veranderde in plaats van de gemeentelijke aanvraag, waarbij we wel samen moesten werken, naar een aanvraag per school. Maar gelukkig gaat het op dit moment nog zo in onze gemeente dat wij dit gezamenlijk doen en dat scholen dit ook samen met ons als gemeente doen. Want juist die gezamenlijkheid in de aanpak die maakt wat ons betreft en ook wat de scholen betreft gelukkig dus sterk. Dan ga ik denk ik door naar de, ja, de beschouwing van de heer El Aichi. Nou, ook herkenbaar mijnheer El Aichi en hier hebben we het ook wel vaker over gehad natuurlijk.
Ja, we zijn heel blij dat er een HAVO gaat starten en om dat levensvatbaar te kunnen doen dan wordt daarna gekeken hoe we een VWO op kunnen starten in het ons prachtige stadsdeel Schalkwijk. Want dat willen wij natuurlijk allemaal met elkaar en, nou, dat willen we zo goed en zo zeker als mogelijk kunnen doen. En dan moet ik even zoeken naar de volgende vraag, van de heer Trompetter van de Actiepartij was dat. Ja, er zijn sociale veiligheid en antipest programma's en die worden vanuit de preventieve jeugdhulp opgepakt. Zowel schoolbesturen zelf hebben altijd vaak een pestaanpak, dus je hebt verschillende methodieken, volgens mij hebben we dat ook ooit wel eens met elkaar in een werkbezoek gezien toen ik ook nog naast u zat in plaats van tegenover u. Dus scholen doen het zelf maar ook vanuit preventieve jeugdhulp financieren we dat soort programma's en vandaar dat u dit ook niet in deze nota terugleest want dat is dan ook meer weer net via een andere geldstroom. Maar dat gebeurt natuurlijk wel zeker. Dan ga ik naar de vragen van GroenLinks wat er heel veel waren. Kijk, het is een actualisatie van een beleidsnota en het is dus geen verordening met een was wordt lijst of zo, maar het is eigenlijk vooral zo dat deze nota is aangepast in de huidige tijd met dus een aantal lessen.
Dus als je heel concreet kijkt is beleidsinhoudelijk een verschil met de vorige nota dat de middelen voor school in de wijk zijn toegevoegd aan de onderwijskansenmiddelen, zodat er ook meer op een integrale manier kan worden gekeken naar de onderwijskansen van kinderen. Ja, hoe onderzoeken we dat dan? Nou, dat is natuurlijk ook bijna een technische vraag maar ik kan er wel ietsje op ingaan. We hebben een onderzoeksbureau in de armen genomen, Oberon, en die hebben een evaluatie gedaan van het onderwijskansenbeleid. En wat er dan onder andere de afgelopen jaar is bereikt dat er eigenlijk veel beter dan eerst nog wordt samengewerkt door de scholen, door de voorschool en de gemeente om die onderwijskansen te verstevigen. En dan kom ik ook gelijk bij een vraag van de heer Van den Raadt die zelf verdwenen is geloof ik, lijkt. Oh, die is naar huis. Nou, dan hoort u het antwoord wel. Ja, wij hebben ook een zorg over het aantal VE-leerlingen op een groep en daarom zijn we ook heel blij dat er een toename is van het aantal VE-aanbieders. Dus er is nu ook een commerciële kinderopvangorganisatie die nu ook VE-groepen biedt, wat natuurlijk weer kansen biedt om meer menging op die groepen te hebben. Dus dat is ook deels een antwoord op de vraag van GroenLinks als op de vraag van de heer Van den Raadt. Dat was daarover. Nou ja, de knelpunten die noemde u zelf ook al natuurlijk.
Ja, een knelpunt is de risico's op wachtlijsten door personeelstekorten. Dus als er een VE-groep is maar er is geen VE, er is geen medewerker die op de VE-groep kan werken, ja, dan heeft het effect op de VE-groep, zo simpel is het. Dat is natuurlijk ook een overleg wat wij met de schoolbesturen en met kinderopvangorganisaties hebben. Daarnaast, is ook een ander knelpunt, vroeg u welke knelpunten zijn er, dat er voor kinderen op het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs weinig naschoolse opvang beschikbaar is in de vorm van BSO plus. Ook gelukkig heeft daar zich afgelopen jaren een nieuwe aanbieder zich gemeld dus ook daar is wel ontwikkeling, alleen dat blijft wel zorgen. Dan vroeg u ook nog en dat vroeg Partij voor de Dieren ook, natuuren milieueducatie, kan het ook onderdeel zijn van de verrijkte schooldag? Ja, dat kan natuurlijk wel degelijk onderdeel zijn van verrijkte schooldag en dan kom ik ook gelijk op de vraag van mevrouw Van der Windt van
24
D66, voorzitter. Is dat alleen sport? Ja, het is ook sport maar ook kunst en cultuur, wereldoriëntatie, natuur en milieu. En daar en niet te vergeten leesbevordering in de brede zin, dus hoe krijgen we kinderen aan het lezen? Dus ja, het is ook sport, maar er zijn ook andere verrijkende activiteiten, dus we kijken naar het brede palet inderdaad. Er was nog, ik ga door de hele set van vragen van GroenLinks heen. De andere vraag van ze, hoe kunnen we nou stimuleren dat zoveel mogen kinderen hier gebruik van maken van de, vroeg van de VEaanpak. Dat was ook een vraag die mevrouw Van der Windt van D66 ook had. Ja kijk, hier zit altijd een dilemma in. We willen ook de regeldruk voor aanbieders willen we niet te veel ophogen en daar hebben we natuurlijk ook nog met alle AVG-dingen die u ook kent te maken, dat je ook niet wil weten welk kind zich dan bij de ene activiteit meldt en in de andere, dus dat zou gelijk een gigantische data behoefte en ook een regeldruk vragen aan de aanbieders. Tegelijkertijd weten we gewoon welke kinderen VE afnemen op welke locatie met welke aannemer. En als we ervoor kiezen om geen VE af te nemen dan kunnen we het ook hebben over die motivaties. En als er dan ook wachtlijsten zijn voor VE dan zien we ook waar die wachtlijsten zich bevinden.
Dus we weten dat vanuit die monitor redelijk precies, voor die extra activiteiten is dat dus lastiger, maar ja, dit blijft altijd met dit soort regelingen. Ja, we willen natuurlijk dat zoveel mogelijk mensen ervan gebruik van maken. Dus dat is inderdaad zorgen dat we recentelijk hebben we de communicatiemiddelen vernieuwd om te zorgen dat we maar zoveel mogelijk mensen bereiken. Dit was daarop. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel. Ja, mijn vraag ging eigenlijk niet zozeer over VE maar ook over de verrijkte schooldag voor leerlingen die niet op een van die gelabelde scholen zitten maar eigenlijk daar wel voor in aanmerking zouden komen. Wethouder Van Leeuwen: Dan pakte ik twee vragen samen die ik niet samen heb moeten pakken, dat is heel duidelijk. Dan ga ik zo nog op uw vraag in, mevrouw Van der Windt. Ja, inspectiebezoek. Nou, dat is dus echt iets wat aan de scholen is. Dus zoals ik hier vaak zeg: ik ga er niet over, ik vind er wel wat van. De inhoud van het onderwijs is van het onderwijs zelf en de wettelijk kaders die daaraan hangen die worden geïnspecteerd door de inspectie. En als gemeente hebben wij geen taak in de controle op de prestaties van het onderwijs.
Dus ja, we hebben wel een taak in het zorgen voor voldoende VE, daarvoor zijn wij natuurlijk ook hier aanwezig, maar die inspectierol die ligt echt bij de inspectie en het ministerie dus ook. Ja, dan verrijkte schooldag. Ja, hoe zorgen we ervoor dat zoveel mogelijk kinderen daar gebruik van kunnen maken? Ja kijk, ook hier is natuurlijk weer een heel breed palet, dus het palet gaat natuurlijk van scholen die iets aanvragen en tegelijkertijd hebben we natuurlijk ook ons jongerenwerk wat natuurlijk weer een andere poot van sport zit, poot, tak van sport is, zo goedemorgen, wat onder Buurts valt. En uiteindelijk wat we met elkaar proberen is om zoveel mogelijk aanbod bij mensen bekend te maken. Dat gaat eigenlijk via alle contactmomenten, dus op hele jonge leeftijd gaat dat natuurlijk via het CJG. Dat zie je ook want dat is, die vraag pak ik zo meteen wel, anders ga ik heel veel dingen door elkaar houden. Dus eigenlijk is ons er alles opgericht, want u zei het zelf ook al, ja, van de 3900 leerlingen die nu al zeg maar bij die kerngroep vallen zijn maar negenhonderd en misschien zijn er buiten die 3900 ook nog wel kinderen die je eigenlijk zou willen bereiken.
Ja, daar zoeken wij eigenlijk op van, wat zijn nou de momenten dat wij of partners van ons die kinderen zien en dat we ze op die activiteiten kunnen wijzen? Zou dat wat mij betreft nog meer kunnen, mogen en misschien wel moeten? Jazeker, want, ja, we doen deze regelingen met elkaar, die stelt u met elkaar in, niet voor niets want en dan ga ik wel naar die andere vraag, waarom zetten we nou zoveel tijd en energie tegen kinderen van nul tot vier, dus dat was een vraag van de heer Baars van VVD, voorzitter. Nou, omdat dat echt het verschil maakt. Dus in die eerste jaren van nul tot vier als er dan een taalachterstand wordt opgebouwd, als er dan een achterstand wordt opgebouwd in die ontwikkeling, dan is dat eigenlijk maar weer heel beperkt daarna in te halen. Dus
25
waarom zoveel tijd en energie en ook inzet plegen in die eerste vier jaar? Omdat eigenlijk die eerste vier jaar cruciaal zijn voor de rest van het mensenleven. En daarom proberen we daar ook inderdaad echt met elkaar het verschil te maken, proberen we daar toegang te krijgen, ook als mensen al bij het consultatiebureau komen, om ze te wijzen op de regelingen die er zijn, om te kijken hoe ze de kinderen kunnen ondersteunen. Want eigenlijk is dat het verschil, of je nou liberaal bent of sociaaldemocraat, daar wil je met elkaar de impact maken op het leven van deze jonge Haarlemmers om te zorgen dat zij zo goed en zo kwaad als zij kunnen de kansen kunnen grijpen in het leven die ze zullen gaan krijgen en dat ze zich dan ook kunnen ontplooien. Dan de andere opmerking van de heer Baars van de VVD, dat bijzondere scholen het altijd beter zouden doen. Die herkennen wij niet. Dus dat, ja, wellicht in de tweede termijn nog nadere toelichting. Ja en de vrijheid van onderwijs is volgens mij wettelijk geregeld, dus daar kan ik als wethouder wellicht veel van vinden maar allereerst herken ik dat beeld niet dat het daar altijd beter zou gaan. En dat blijkt volgens mij ook niet uit de cijfers van welke scholen dan onder deze regelingen vallen. Dus dat is mijn antwoord daarop.
En dan heb ik volgens mij mevrouw Moedt al aanpalend aan de vraag van GroenLinks beantwoord over natuur- en milieueducatie en de vraag van de heer Van den Raadt ook. Dan nog heel concreet want ik ga soms ook een beetje diagonaal door mijn eigen en ons college en uw raadsinzet heen en de wettelijke regelingen. Het is ook zo dat de financiering die wij ontvangen van het Rijk en dat is nog een antwoord op de heer Baars van de VVD, voorzitter, dat is ook voor die leeftijd van tweeënhalf jaar tot vier jaar. Dus ja, ook voor stageplekken zoals genoemd door mevrouw Scholten van Jouw Haarlem en voor VMBO-MBO hebben we weer andere regelingen, die vallen onder het Leerplein, maar deze regeling is dus ook voor die tweeënhalf tot vier jaar waar we dus die inzet willen plegen. Tot zover, volgens mij was ik dan redelijk volledig denk ik zo maar. De voorzitter: Ik heb ook zo het idee dat u heel volledig bent maar dat zijn we van u gewoon natuurlijk. Na de termijn van de wethouder, is er behoefte aan een tweede termijn? Ja, ik zie al ja knikken. Nou, mevrouw Bastiaans, gaat uw gang. Tweede termijn. Mevrouw Bastiaans: Ja voorzitter, dank u wel en wethouder dank voor uw uitgebreide beantwoording. Ik had een aantal vragen gesteld en op eentje wil ik toch nog wat doorgaan.
We hadden het over het taalbeleid en ook het nieuwkomersonderwijs, dat daar ook wel beleid op moet komen om die taalontwikkeling door te zetten. En we zien ook inderdaad nu dat die taalvaardigheid verlaagd is bij de vijftienjarigen. Daar zit ook een element in van, ja, dat je kan zeggen dat zijn de laaggeletterden van de toekomst dus daar zit ook een preventie in om daar als gemeente op te pakken. En uw antwoord is eigenlijk alleen bij de nieuwkomers van, ja, dat zit bij de ITK en de ISK en die zorgen dat daar beleid op is naar de scholen toe. Is dat het enige wat u daaraan zou willen doen of zegt u … Zit ik op een andere, wat is er ... De voorzitter: Nee nee, u heeft af en toe bent u in beeld als de heer El Aichi, dus, maar gaat u verder. Dus de heer El Aichi moet goed lachen, want af en toe komt hij even in beeld in plaats van mevrouw Bastiaans. Mevrouw Bastiaans: Waar is ‘...’ wethouder hacking, een soort wethouder hacking. Nee, maar mijn vraag was dus inderdaad, voor mijn gevoel heb ik alleen gehoord dat u zegt de ISK en de ITK zorgen voor dat beleid naar het voortgezet onderwijs toe en daar blijft het bij.
Klopt het dat dat is wat u kan of wil doen aan taalbeleid voor de twaalf tot achttienjarigen en ook voor de nieuwkomers? En een andere vraag was nog even over dat onderwijskansenbeleid, daar zegt u: ja, het is eigenlijk tot twaalf jaar en voor twaalf tot achttien jaar zijn er andere regelingen. Is de gemeente daar ook mee bezig met de schoolbesturen of nemen de scholen, het bestuur daar zelf initiatief in? Dus dat was nog even over die doelgroep wat daarvoor gedaan wordt. Dank u wel.
26
De voorzitter: Dank u wel, dat heeft u keurig binnen de spreektijd gedaan want die is inmiddels op. De heer Baars voor uw tweede termijn. De heer Baars: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb nog voldoende tijd, maar ik weet niet of ik het allemaal ga gebruiken. Allereerst inderdaad over bijzondere scholen en openbare scholen en het verschil daartussen. Ja, het was een stelling van, het is een algemene stelling, het algemene onderzoek is dat bijzondere scholen, religieuze scholen het beter doen dan openbare scholen. Dat is in zijn algemeenheid zo, Google dat een paar keer en het komt eruit. Of het hier in de regio zo is weet ik ook niet, of het hier speelt weet ik ook niet specifiek maar het gaat heel even om de elementaire vraag. Ik ben toch benieuwd wat de wethouder daarvan vindt dat scholen kinderen kunnen weigeren op basis van levensbeschouwelijke religieuze gronden of hoe ouders daarachter staan. En dan kunt u zeggen, ja, maar dit is de grondwet en daar kunnen we niks mee maar je kan gesprekken voeren, je kan lobby starten, je kan convenanten aangaan, et cetera et cetera. Je kan wel degelijk daar iets mee doen als je zou willen. Dus ik ben benieuwd wat de wethouder daarvan vindt. Ik vind het zelf in ieder geval kwalijk of de VVD vindt het kwalijk.
En een andere vraag die volgens mij niet helemaal beantwoord is, nogmaals, er is heel veel geld wordt er in allerlei projecten gestoken, waaronder de verrijkte schooldag. En een van de vragen die ik nog had is: hoe worden deze resultaten gemeten of wat zijn de resultaten van al deze investeringen en hoe worden die gemeten? Volgens mij heb ik dat antwoord gemist in de uitgebreide toelichting van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Ja, mevrouw Hamzad namens GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Dank u wel voorzitter en bedankt wethouder voor heldere beantwoording. GroenLinks ontvangt steeds signalen over de aanvragen voor huiswerkbegeleiding tegemoetkomingen van Haarlempashouders. Om in aanmerking te komen heb je een aanbeveling nodig van een scholen, zodat jouw kind gebruik mag maken van de faciliteiten die gemeente Haarlem mogelijk maakt. Wat zijn de reden waarom scholen deze aanvraag zouden kunnen weigeren? Dank u. De voorzitter: Helemaal goed. Ja, dank u wel. Anders nog commissieleden die het woord willen voeren in de tweede termijn? Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ja, heel kort want zoveel tijd heb ik ook niet meer. Ja nee, ik, dank voor het, de antwoorden op de vragen.
Het, ik snap dat je niet gelijk alle kinderen kan bereiken die eigenlijk in aanmerking zouden moeten komen voor die verrijkte schooldag en toch is dat echt wel een zorg voor ons dat je het liefst zou willen dat die kinderen wel bereikt zouden worden, zeker omdat het bedrag dat we ervoor hebben behoorlijk gestegen is. In die zin steun ik ook wel de opmerking van de VVD, ja, hoe maken we nou hard dat het ook echt goed terechtkomt en goed gebruikt wordt? En in die zin vraag ik me ook af, ja, u zegt sport is ook onderdeel maar daar hebben we ook de Haarlempas voor, zouden we dan toch niet beter de Haarlempas kunnen inzetten voor die sportvoorzieningen en bij die verrijkte schooldag dan wat meer op leren focussen? Dus daar ben ik toch wel benieuwd naar de mening van de wethouder. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank, nog keurig binnen uw spreektijd. Anders nog commissieleden die nog het woord willen voeren in de tweede termijn? Nee, dan gaan we naar de wethouder luisteren voor een kort en bondig antwoord op de nog gestelde vragen. Wethouder Van Leeuwen: Ja, het ligt natuurlijk aan hoe kort en bondig het kan, voorzitter. Laat ik eerst even helemaal teruggaan, taalbeleid. Taalbeleid is in principe gewoon landelijk bepaald en de inspectie controleert dus op de invulling en de uitwerking daarvan. En daarnaast hebben de scholen en dus niet de gemeente vanaf
27
maart afgelopen jaar extra middelen hiervoor gekregen. Daarnaast en dat weet u ook volgens mij, zetten wij vanuit de bibliotheek en vanuit de gemeente ook taalprogramma's, dat is aanvullend dus op de eigen rol die het onderwijs zelf met elkaar heeft. Dus ja, als gemeente doen wij ook zaken op taal en daar bent u ook bij en dat ziet u ook en daar hebben we prachtige programma’s op maar het taalbeleid zelf is inderdaad landelijk bepaald en via de inspectie en krijgen de scholen ook geld voor, dus daar heb ik niet direct een rol. Maar wellicht hebben we het, praten we nog steeds langs elkaar heen en dan moeten we daar een keertje over doorpraten. Maar dat weet ik nu niet, voorzitter, dus dan ga ik proberen het hierbij bondig te houden. Dan weer even helemaal terug want kijk, het complexe in dit veld en dat wil ik graag anders en daar zou ik veel eerder een lobby over starten dan over het punt wat de heer Baars van de VVD maakt, voorzitter, is over hoe potjes nu naar gemeenten gaan voor dit soort gelden. Want hoeveel tijd ik bezig ben met u het uitleggen, dat is al helemaal lastig als er ook regelingen weer veranderen. Want een deel van de vragen zit ook op eigenlijk de, ja, bijzonderheid van deze regelingen.
De verrijkte schooldag, dus we behandelen de agendapunten gevoegd, de verrijkte schooldag is weer een landelijke regeling en die gaat dus op basis van de schoolweging en de achterstandsscore en dat mag dus ook alleen op die scholen. Dus ja, mevrouw Van der Windt geef ik dan antwoord op, voorzitter, ja, ik wil graag ook dat alle kinderen die hier aanspraak op maken gebruik maken maar dit is weer zo’n SPUK, dus een specifieke uitkering waar gewoon wel strings attached zijn van het Rijk, dat zegt: het mag alleen daar en op die manier. En dat is een, nou, dat wat ik zeg, dat is een punt wat voor ons als gemeentes want dit bespreken we natuurlijk vaak met andere gemeenten, een grote irritatie is. Want dan zie je soms dat in juni de aanvraag voor het nieuwe schooljaar verandert van naar per gemeente naar per school terwijl je net heel iets had opgetuigd. Dus van die specifieke uitkeringen die vaak kortjarig zijn, vaak maar voor drie tot vijf jaar en met heel veel strings attached maakt dat het voor u als gemeenteraad en voor mij als wethouder namens u heel moeilijk is om die dingen goed langjarig in te zetten in overleg met scholen. En dan had ik al een klein beetje antwoord gegeven op de vraag van de heer Baars, wilt u de revolutie starten over hoe dit landelijk geregeld is? Nou ja, als wethouder moet je altijd zorgvuldig je strijd kiezen.
Ik vind de mate waarin wij nu, de wijze waarop wij nu gefinancierd worden voor al dit soort dingen waarbij wij proberen langjarige samenwerkingen op te bouwen zowel voor VO-leeftijd als primair onderwijs leeftijd als voorschoolse activiteiten. Ja, het feit dat het allemaal incidentele potjes zijn zonder langjarige garantie waarbij ook nog allemaal per regeling het verschilt of dat dan per school moet, per leerling moet, ga zo maar door, dat is voor mij een veel grotere, ja, zorg om langjarig goede zaken te kunnen doen voor Haarlemse jongeren dan de, ja, vrijheid van schoolkeuze en die grondwettelijke vastlegging daarvan. En wat ik nogmaals zei: ik herken in Haarlem niet dat alle, ja, christelijk religieuze scholen het allemaal beter zou doen dan openbare scholen, dus volgens mij en dat zijn we ‘…’ in Haarlem altijd heel goed, zijn er in Haarlem, ja, veel in ieder geval goed presterende scholen en zie ik dat verschil niet direct. Maar ook daar als u nog een keertje daar wel inhoudelijk inzicht in heeft in Haarlem dan hoor ik dat natuurlijk graag, verneem ik dat graag. Dan kom ik nog, ja, hoe onderzoeken we dat nou? Ik had al kort gezegd op het antwoord, want mevrouw Hamzad van GroenLinks had ongeveer dezelfde vraag gesteld. We hebben dat door een onderzoeksbureau laten onderzoeken.
Dus hoe kijken we nou terug op die komende, op die afgelopen vier jaar en wat gaan we nu qua komma's en punten net een beetje anders verzetten? Nou, dat is het resultaat hiervan. Is dat heel, is dat honderd procent kwantitatief en kunnen we dat allemaal kwantitatief duiden? Nee, dat kan dus niet, want daar zit weer wat, waar ik ook al inging op die vraag van mevrouw Hamzad, we willen de regeldruk bij iedereen ook niet vergroten. Kijk, bij het VE weten we het heel duidelijk dus daar hebben we die monitor waar staat wie op de wachtlijst met welke indicator. Bij al die activiteiten is dat een stuk minder want je wil ook niet dat het een soort van bureaucratie optuigt die ik net verafschuw bij het ministerie. Dus dat wil ik ook onze partners ook niet aandoen. Dus dat is al het evenwicht wat we doen. Dus ja, de input voor deze studie is een onderzoekrapportage wat heeft gewerkt en hoe heeft dat gewerkt, die deels kwalitatief en deels kwantitatief is. Kan ik dat nu helemaal op een uitdraai geven? Nee, dat kan ik niet. Ja, dan nog de vraag van mevrouw
28
Hamzad over de huiswerkbegeleiding en of er de Haarlempas bijdrage wordt geleverd. Wij kennen geen specifieke weigeringsgronden. Het gaat erom dat de school uitspreekt dat huiswerkbegeleiding daadwerkelijk helpend zal zijn voor bepaalde vakken. Dus dit is ook weer iets waar wij dus niet een specifieke regel opleggen maar waar wij dus inderdaad bij zeggen: nou ja, de school moet in ieder geval zeggen dat huiswerkbegeleiding helpend zal zijn. Ja en hoe een school dat dan zelf inricht, ja, dat is ook veelal buiten mijn blikveld. De voorzitter: Ja, mevrouw Hamzad. Mevrouw Hamzad: Ik zal even mijn vraag misschien even wat duidelijker maken. Op het moment dat of ouders kunnen niet vanzelf die aanvragen doen via de website van de gemeente. Op een gegeven moment kwam ze tegen dat ‘…’ al viel in de aanbeveling van een school. En daarvoor moet ze terug naar school om aanbeveling te vragen en vaker scholen ook zeggen dat het niet nodig is terwijl dat geld is, ja, wordt gefaciliteerd vanuit gemeente Haarlem, zodat alle kinderen die ouders een Haarlempas bezitten kunnen gebruik van maken. Wethouder Van Leeuwen: Ja klopt. En dat is dus precies wat ik bedoel, die aanbeveling, dus de school moet inderdaad zeggen: nou, wij vinden voor deze leerling dat huiswerkbegeleiding kan helpen op deze vakken. Dus dat is de aanbeveling.
En wat dan de overweging is voor een school om niet die aanbeveling te geven, ja, dat lijkt mij heel gek. Want als jij een leerling hebt waarvan jij ziet dat hij of zij beter kan worden door de huiswerkbegeleiding dan lijkt me dat het hen vrijstaat om die aanbeveling te vragen. Kijk, voor ons is het vooral als gemeente, wij verdelen met elkaar hier schaarse middelen, dus wij hebben in ieder geval in die aanvraagprocedure zitten: u heeft van school een aanbeveling nodig. Ja, het lijkt mij dat als het school ook de zin van die huiswerkbegeleiding ziet dat ze die aanbeveling gewoon geven. De voorzitter: Dat is denk ik een heel helder antwoord, wethouder. Was u verder klaar met uw beantwoording? Wethouder Van Leeuwen: Ja ik, het is heel erg maar volgens mij heeft mevrouw Van der Windt nog een vraag aan mij gesteld die ik niet nu gelijk ... Oh ja, of sport, of het toch niet te veel sport is. Ja, dat is, wat ik al zei: er is heel veel aanbod en waarbij ook en dan kan ik eigenlijk altijd erbij zeggen, moet ik altijd voorzichtig mee zijn, maar ook ik was motorisch vroeger niet de meest, de beste. En dan is sport ook vaak een oefening, mijn handschrift is nog steeds onleesbaar vandaar dat ik hier soms ook wat stotter over een vraag.
Maar de baloefeningen waren ook gewoon letterlijk goed om je pen vast te houden en dat is dus ook wat wij wel zien dat voor de psychomotorische ontwikkeling, dat sport een belangrijk element kan zijn in die ontwikkeling. Dus het is een afweging, ja, sport is niet alleen sport, ha leuk voetballen, maar het gaat ook over veel breder ontwikkelingen bij het jonge kind. Dus vandaar dat sport een essentieel onderdeel is van die activiteiten en tegelijkertijd zullen we natuurlijk kijken van hoe breed dat en divers dat aanbod van activiteiten is. Dat leidt gelijk nog tot een vraag. De voorzitter: Mevrouw Scholten, gaat uw gang. Mevrouw Scholten: Ja, als je sport gaat inzetten om de motoriek te verbeteren en de fijne motoriek, dan heb je het echt over remedial teaching eigenlijk. Maar is daar dan ook apart budget voor want dat is een speciale manier van sportonderwijs, dan heb je het dus niet meer over gewoon voetballen als het ware, dan heb je het ook over gespecialiseerde begeleiding. Is dat ook wat hier ingezet wordt? Wethouder Van Leeuwen: Dat is een hele goede vraag die ik niet gelijk paraat heb natuurlijk. Maar dit is in ieder geval wel wat ik mee heb gekregen en dat juist daarom sport wel onderdeel is van, dus daarmee ga ik er,
29
ja, gemakshalve maar wellicht heb ik zo meteen nog wat specifieker antwoord, ervan uit dat wij daar wel op letten bij het inzetten van dit soort activiteiten. De voorzitter: Ja, mevrouw Van der Windt, u heeft ook aan de hand van dit antwoord van de wethouder nog een vraag en daar heeft u nog negen seconden voor. Mevrouw Van der Windt: Ga hem kort houden. Nee, ik snap dat sport ook belangrijk is. Het punt is dat we namelijk voor een groep ook de Haarlempas hebben, waar sport ook onder valt. En nu lijkt het erop dat we dingen die we met de Haarlempas zouden kunnen doen naar die verrijkte schooldag kunnen brengen, terwijl als je dat sporten onder de Haarlempas houdt en de verrijkte schooldag verrijkt inhoudelijk dan hebben leerlingen, kunnen ze van beide profiteren en dat lijkt nu een beetje verkeerd te gaan. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van Leeuwen: Ja, dus ja, ik snap hem en ik ga dan toch, neem ik toch wat meer tijd, voorzitter, excuus daarvoor. Kijk, het idee van verrijkte schooldag is natuurlijk ook dat het in en om en nabij de school plaatsvindt. En dat is natuurlijk voor de gezinnen waar we het hier over hebben om op een zaterdag, als je ook nog een baantje hebt op de zaterdag je kinderen naar de sportclub te krijgen is ook altijd weer een drempel.
En ik vind zelf het mooie van het programma verrijkte schooldag en waarom we natuurlijk ook als Haarlem zo'n voorloper waren: je probeert echt om en nabij die school te krijgen waarbij ook de drempel en ook de sociale maar ook de tijdsdrempel voor ouders om de kinderen daarheen te krijgen is het misschien de activiteit wel hetzelfde maar is de functie, de rol en ook de benaderbaarheid of de toegankelijkheid is even heel anders. Dus ik zat er gewoon even op te kauwen. Dus ja, ik denk dat ik het deels met u eens ben maar deels ook niet omdat er ook gewoon kinderen zijn die nu van een verrijkte schooldag eindelijk een keertje gaan sporten, waarbij in een huishouden met ouders die wellicht allebei twee banen hebben, er vijf kinderen in het gezin zijn, het gewoon niet redden om op zaterdag of zondag naar een sportclub toe te gaan ook al vergoeden we dat als gemeente. Dus ja, dit laat alleen maar wat mij betreft zien dat, ja, er zijn heel veel mensen die allemaal een andere vorm van ondersteuning nodig hebben en ik denk dat allebei de regelingen van groot belang zijn om kinderen een goede en eerlijke start te geven. De voorzitter: Uitstekend. Dan denk ik dat we ook zo dit stuk voldoende hebben behandeld. Het is een stuk wat doorgaat naar de raad. Hoe kan het stuk door naar de raad? Kan dit als hamerstuk door? Ik denk het wel, ja. Mevrouw Bastiaans: Nee nee nee.
Ik zou heel graag hamerstuk met stemverklaring en, ja, wij overwegen misschien nog een motie over dat taalbeleid. De voorzitter: Nou, dan doen we dat, een hamerstuk met stemverklaring, dan kunt u altijd nog de motie indienen als u zover bent. En waar gaat dan die motie over? Mevrouw Bastiaans: Over dat beleid wat nodig is voor het nieuwkomersonderwijs ook. De voorzitter: Nieuwkomersonderwijs. Mevrouw Bastiaans: En ook over het taalbeleid wat in de scholen wordt gegeven, ja.
30
De voorzitter: Oké, helder. Dan kunnen we dat namelijk alvast noteren dat u mogelijk daarmee, daarvoor met een motie komt. Helemaal goed, dan hebben we zo dit punt voldoende behandeld, als hamerstuk met stemverklaring door naar de raad van 25 januari. Overige punten ter bespreking 8.
Vervolg schrappen Verwijsindex uit de Jeugdwet (BL)
Sluiting De voorzitter: Dan zijn we ook zo aan het einde gekomen van deze vergadering aangezien punt 8 doorgeschoven is naar een volgende keer. Ik zie u heel graag volgende week weer terug voor een aantal leuke onderwerpen opnieuw in deze zaal. Graag tot dan en voor nu nog een goede rit naar huis.
31