Transcript commissievergadering bestuur 11 januari 2024
Tekst van het document
18
Wethouder De Raadt: Ik kan het nog drie keer herhalen, ik kan ook het hele onderzoek gaan voorlezen, maar ik denk dat ik u daarmee niet ga overtuigen. Maar nog één poging, op het moment dat je een team hebt met verschillende achtergronden. Dat kan uit, wat mij betreft zo divers mogelijk zijn. Mensen van de stad, mensen van de platteland, mensen met een andere culturele achtergrond, vrouw, man, noem maar op. Op het moment dat je die allemaal bij elkaar zet en je legt een casus voor, een probleem voor, dan zul je meer verschillende oplossingen gaan krijgen. Er zullen meer oplossingen op tafel komen dan op het moment dat je dat vraagt aan een team van mensen die eigenlijk allemaal gelijk zijn. Betekent natuurlijk wél dat we allemaal hetzelfde doel nastreven en dat is het beste voor Haarlem. De voorzitter: U heeft een vraag van mevrouw Van Zetten ga uw gang. Mevrouw Van Zetten: Dan toch nog een vraag. Want we hebben op dit moment ontzettend veel externen ingehuurd van allerlei bureaus. Wat doen we daar dan mee? Gaan we dan ook daar eisen aan stellen dat ze divers moeten zijn? Wat is dan de bedoeling? De voorzitter: Wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Dit stuk zegt dus eigenlijk we gaan dus geen doelgroepenbeleid voeren. Dus we gaan geen eisen stellen aan mensen of ze divers zijn of niet. Wat wij willen, is een organisatie waarin iedereen gewoon zichzelf kan zijn.
Dus het begint met die inclusiviteit, met die inclusie en dan volgt daaruit die diversiteit. Zoals gezegd we hebben een paar redenen waarom we dit doen. Teams presteren beter, maar we hebben natuurlijk ook gewoon een intrinsieke motivatie dat we dit willen volgens mij als organisatie en als raad. We willen gewoon een veilig werkklimaat creëren voor al onze werknemers. Waarom? Dan kom ik ook eigenlijk een beetje bij dat punt van de arbeidsmarkt wat al door enigen van jullie werden aangehaald. Want naast goed werkgeverschap is ook het meebewegen met de maatschappelijke ontwikkelingen. Dat is ook van belang. Continu proberen om die aansluiting te vinden bij die actuele veranderende arbeidsmarkt. Ja, dat betekent inderdaad dat er nu een generatie de arbeidsmarkt op komt, generatie Z worden ze geloof ik genoemd, die andere eisen stelt. Die inderdaad meer waarde hecht aan een diversiteit- en inclusieprogramma. Maar, dat zeg ik er ook direct bij ook richting Hart voor Haarlem, het gaat ook niet alleen om de jongeren. Want onze huidige arbeidskrapte, die dwingt ons ook om, zoals het CDA al zei, om ook op zoek te gaan naar bijvoorbeeld werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt, maar ook 65-plussers en personen met een arbeidsbeperking. Ook dat is volgens mij allemaal DIG. Dus oudere mensen met een beperking en afstand tot de arbeidsmarkt, ook allemaal DIG.
Heel belangrijk dat we die ook hier naar binnen trekken. Niet alleen omdat we dat personeelstekort willen oplossen, natuurlijk willen we dat, maar ook omdat we die diverse en inclusieve organisatie willen zijn. Voorzitter, dan had ik nog een paar vragen. De VVD die vraagt is dit haalbaar? De ambitie die we hebben gesteld binnen twee jaar. Ik kan het niet anders met u eens zijn. Dit is inderdaad een hele stevige ambitie die we hier hebben geformuleerd. Of we dat gaan halen dat is van zoveel externe factoren afhankelijk, ik durf dat niet te zeggen, maar ik wil wel gewoon die ambitie neerleggen. Ik vind het wel belangrijk dat we er nu mee aan de slag aan, dat we daar hard mee aan de slag aan en dat we er volop inzetten. Dus vandaar die twee jaar. Maar over die twee jaar dan kom ik natuurlijk wel met een evaluatie en dan hebben we ook nieuwe meetgegevens, dan hebben we weer een nieuwe NIM. Dan gaan we van daaruit weer verder praten zou mijn voorstel zijn. De voorzitter: U heeft een vraag van mevrouw Klazinga VVD ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Ik wil u toch vragen om daar bij de definitieve vaststelling dan van … u zei u wil meenemen wat deze commissie erover zegt. Wat ik gewoon zie, is dat op alle beleidsdoeleinden dat er gekeken wordt en
19
dat er gezegd wordt er moet nog onderzoek gedaan worden. Er moet nog dit gedaan, allerlei voorbereidingshandelingen die nog niet daadwerkelijk overgaan tot actie. Het is weliswaar een plan van aanpak, maar toch zitten er nog heel veel voorbereidende acties in die genomen moeten worden voordat je daadwerkelijk met mensen aan de slag kunt gaan. Als je ziet onderzoeken en enzovoort, enzovoort wat er nog moet gebeuren, dan ben je binnen de kortste keren ben je een jaar verder voordat je überhaupt aan trainingen of weet ik veel wat je allemaal wil gaan doen toe komt. Om dan die twee jaarstermijn, dan zet je jezelf bijna op om te falen. De voorzitter: Wethouder De Raadt wilt u hierop antwoorden? U was met uw beantwoording bezig, maar wilt u erop reageren? Wethouder De Raadt: Nogmaals, ik realiseer me het is een ambitieuze wens die wij hier neerleggen. Maar tegelijkertijd gaan we natuurlijk ook wel op diverse sporen direct mee aan de slag. Dus én we hebben bijvoorbeeld de focusgroepen die we gaan installeren. Dat is ook volgens mij een vraag die gesteld was, hoe gaan jullie dan die redenen achterhalen waarom mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of een beperking, waarom voelen zij zich nu minder inclusief? Daar hebben we dan die focusgroep voor. Maar dat betekent niet dat we daarop gaan wachten tot het klaar is. Ondertussen is het programma Hybride Werken is ook gestart.
Daar zitten ook een hele hoop diversiteitsmaatregelen die worden daarin verwerkt. Dus het zijn eigenlijk meerdere sporen die naast elkaar lopen. Die moeten inderdaad na die twee jaar bij elkaar komen en dan is in ieder geval mijn ambitie en ik hoor ook jullie ambitie, dat de nieuwe NIM-resultaten weer wat beter zijn dan die van de vorige keer. Die al wat beter waren, maar het kan volgens mij nog een stuk beter. De voorzitter: Ik dacht dat u nog meer vragen had om te beantwoorden. Wethouder De Raadt: Dat heb ik zeker voorzitter maar ik dacht dat ik een interruptie zag, maar dan ga ik snel door. Richting het CDA dus de scope dit plan is dus inderdaad twee jaar. Eerst vol inzetten op die inclusiviteit en na die twee jaar op die diversiteit als inderdaad de cijfers ook uitwijzen dat we op de goede weg zijn. Daar kom ik over twee jaar bij u op terug. Partij voor de Dieren met wie heb ik gesproken, dat heb ik volgens mij uitgebreid verteld. U zegt u vindt het nog weinig concreet. Zoals gezegd er komt dus een uitvoeringsagenda die komt er nog aan. Diversiteitstrainingen worden die gegeven door mensen van buitenaf? Ik heb er zelf ook een aantal gevolgd, vond het erg interessant. Dat waren inderdaad mensen van buitenaf die dat deden.
Dan vroeg u nog wat bedoelt u met, even kijken, dat wij wat minder praktisch opgeleiden in onze organisatie hebben? Dat slaat eigenlijk op de vraag wil je een afspiegeling zijn van de beroepsbevolking? Voor Haarlem is dat lastig. Andere steden zoals Amsterdam of Almere, die hebben bijvoorbeeld de reinigingsdiensten, de plantsoendiensten, et cetera, dat is allemaal intern. Dat zijn echt de uitvoerenden. Wij hebben dat niet, wij hebben dat extern gezet. Bij ons is Spaarnelanden extern en wij zijn er alleen aandeelhouder van, maar dat zijn dus formeel geen ambtenaren. Dan krijg je dus dat de ambtenaren die voor ons werken, dat zijn vaak theoretisch opgeleide mensen. Even kijken, Forum die vroeg nog naar is het kansengelijkheid of uitkomstengelijkheid? Ik weet niet exact wat u met uitkomstengelijkheid bedoeld, maar wat wij willen is inderdaad inzetten op die kansengelijkheid. Maar niet iedereen heeft hetzelfde startpunt. Dus sommige mensen hebben iets meer ondersteuning nodig om uiteindelijk wel datzelfde resultaat te halen. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Alberts ga uw gang. De heer Alberts: Welke zeg maar meetinstrumenten … want ik zie hier één met name ik voel en inderdaad subjectieve meetwaarden. Heb je om iemands startpunt echt in de diepte, aan elkaar af te meten bij werving en selectie?
20
De voorzitter: De wethouder, mevrouw De Raadt ga uw gang. Wethouder De Raadt: Wat we in ieder geval willen doen en dat is dus één van de interventies ook, dat is eigenlijk objectiever selecteren. Hoe kun je objectiever selecteren? Je kan bijvoorbeeld iedereen dezelfde set vragen stellen bij een sollicitatie. Dat is nu vaak niet aan de hand. Vaak ga je gewoon een gesprek hebben. Dan merk je toch dat er kunnen bij een selectiecommissie onbewust, ook onbewust, toch vooroordelen gaan meespelen. Iemand lijkt op jou, je hebt er een leuk gesprek mee, je hebt allebei een Golden Retriever, je bent daar heel enthousiast over. Uiteindelijk denk je na dit gesprek, dit moet degene worden. Maar dat is niet zo objectief. Terwijl als je iedereen dezelfde set vragen geeft, je krijgt vervolgens alle antwoorden en dat kan je naast elkaar neerleggen. Dan kan je zien wie is het meest geschikt voor de functie en die neem je dan aan. De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Dit roept toch wel een vraag bij me op. Ik weet trouwens niet of dat het beste werkt hoor. Hoe zijn onze selectieteams samengesteld? Zijn die zelf divers? De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Dat is dus een andere actie waar we ook op inzetten. Ze staan onder de verschillende paragrafen, dus bij instroom we hebben een aantal acties staan bij uitstroom ook, et cetera.
Maar inderdaad, trainingen geven aan selectiecommissies. Hoe selecteer je zonder vooroordelen? Dat is er één van, maar ook in je externen die je inhuurt. Dus maak je bij selectiebedrijven, maak je gebruik van selectiebedrijven die juist wel inzetten om die inclusiviteit, op die diversiteit, om dus inderdaad te selecteren zonder veroordelen. Dat zijn allemaal instrumenten die je kan inzetten, waar dan uiteindelijk de beste kandidaat, meest geschikte kandidaat naar boven komt. De voorzitter: Had u nog een vervolgvraag? De heer Aynan: Dat is niet wat ik vroeg. Hoe zien onze selectieteams eruit? Wethouder De Raadt: Dat verschilt per afdeling en per functie waarop gesolliciteerd wordt. De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Dat snap ik en dat is gezond. Maar zijn de selectieteam zelf divers? Want dat is denk ik echt gewoon heel belangrijk. Dat die zelf een diverse kijk hebben op een mogelijke kandidaat. Dan hoef je niet dezelfde vragen te stellen namelijk. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Daar is wel mee geëxperimenteerd weet ik. Het is overigens wel een beetje technische vraag, dus als u exact de samenstelling van alle selectie teams en hoe we dat nu op dit moment hebben vormgegeven dan moet u dat even technisch uitvragen.
Maar ik weet wel dat er onder andere is geëxperimenteerd met het toevoegen van bepaalde … inderdaad van andere mensen zodat ze wat meer diverser werden. Alleen dat bleek uiteindelijk bij focusgroepen achteraf toch ook weer niet helemaal te werken. Omdat er dan mensen bij zaten die vaak niet de juiste kennis hadden van de vacature die uitstond. Dus daar zijn we eigenlijk weer vanaf gestapt. Maar dat betekent niet dat we niet volop inzetten om die
21
selectiecommissie zodanig te krijgen dat ze dus selecteren zonder vooroordelen. Voorzitter, volgens mij heb ik alle vragen beantwoord, in ieder geval degene die ik had genoteerd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan ik moet u er wel op wijzen dat u door uw tijd bent. Maar u wilde toch nog even vragen een vraag die niet beantwoord is begrijp ik? Dus stelt die nog even. De heer Aynan: Het ging over de diversiteit van onze organisatie, vooral aan de top. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Er zijn een aantal redenen waarom we dus inderdaad ook afgestapt zijn van moet de organisatie exact een afspiegeling zijn van die beroepsbevolking omdat we de data namelijk niet hebben. We mogen de data in eigenlijk bijna alle gevallen ook niet verzamelen. Dus op het moment, over iemands seksuele voorkeur bijvoorbeeld, maar ook eigenlijk niet over afkomst. Dan zou je moeten gaan selecteren, zou je moeten gaan turven, dat is een beetje een buitenlands klinkende achternaam. Dat zal wel iemand zijn met een immigratieachtergrond, maar dat hoeft natuurlijk helemaal niet zo zijn. Dus die data hebben we niet om daadwerkelijk te zien en kunnen we dus ook niet meten, hoeveel verschillende, diverse mensen erin de gemeente werkzaam zijn bij de verschillende afdelingen. Alleen eigenlijk voor wat betreft de vrouwmanverhouding.
Daarvan weten we dat anders dan bij een hele hoop andere gemeenten, hier de vrouwelijke leidinggevenden in de meerderheid zijn. De voorzitter: Echt de laatste vraag mijnheer Aynan. De heer Aynan: Daarom heet het ook Haarlem en niet Hemlem. Maar voorzitter, toch eventjes hoor, volgens mij onderschrijven we allemaal die inclusiviteitsagenda. Maar als vervolgens de stap is naar een diversere organisatie, hoe gaan we dat dan meten? Hoe weten we dat we diverser worden? De voorzitter: Dank voor deze laatste vraag en kunt u daar nog op antwoorden mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: De NIM is daar één van. De voorzitter: Goed dan zijn de vragen uit de eerste termijn beantwoord en er zijn tussendoor ook al veel vragen gesteld weer. Dus is er nog een behoefte aan een tweede termijn? De heer Procee OPH ga uw gang. De heer Procee: Dank u wel voorzitter. Ik was positief gestemd en dat ben ik nog steeds. Ik was terughoudend en dat hoop ik ook nog steeds, maar ik maak me toch wat zorgen na de verdediging van de wethouder. Dus daar is iets niet helemaal de goede kant op gegaan vrees ik. Ik probeer los van alle specifieke details van de uitvoering die inderdaad nog in de toekomst liggen en ingewikkeld zijn. Daar hoeven we het nu niet over hebben en daar wil ik het ook helemaal niet over hebben. Maar het doel van dit alles is nogal instrumenteel.
In elk geval in het verhaal dat ik nu van de wethouder heb gehoord. Namelijk dat de gemeente beter gaat functioneren, dan dat er een veilig werkklimaat komt. Dat heeft de wethouder benoemd als de intrinsieke motivatie. Dat het beter is voor de arbeidsmarktpositie van de gemeente, dus dat het makkelijker wordt om werknemers aan te trekken. Dat is allemaal tamelijk instrumenteel. Of dat allemaal helemaal werkt zoals we hopen, dat weet ik ook niet helemaal zeker. Maar volgens mij zou de basis moeten zijn, we willen dit omdat wij een fatsoenlijke organisatie willen zijn, omdat wij met mensen om willen gaan. Met mensen zoals ze zijn en dat zou op zichzelf al voldoende reden moeten zijn. Dat is nu net de reden die ik niet gehoord heb van de wethouder en dat vind ik wel opmerkelijk. Dank u wel.
22
De voorzitter: Dank u wel. Wie wil er nog meer in tweede termijn? De heer Alberts Forum voor Democratie ga uw gang. De heer Alberts: Dank u wel voorzitter. Ik dank de wethouder voor de antwoorden. Heel veel duidelijker werd het voor ons niet. Zo werd gelijkwaardigheid van kansen bepleit om vervolgens te zeggen dat wij als arbiter zouden kunnen kijken wie er een beter of slechter startpunt hebt. Dus dat je alsnog gelijkheid van kansen gaat uitspelen, terwijl die dingen echt haaks op elkaar staan. Er wordt met name een plan nu dus gemaakt op basis van vragen waarvan je je af kunt vragen, is dat niet iets wat je in een functioneringsgesprek met iemand op moet pakken? Als manager dat je die signalen oppikt op de werkvloer, in plaats van dat je dit heel algemeen gaat doen vervolgens en heel veel conclusies uit gaat trekken. De voorzitter: Mijnheer Alberts, u heeft een interruptie van de heer Klaver CDA. Ga uw gang. De heer Klaver: U bent zo stellig op de haaksheid. Als er nu mensen zijn met een afstand tot de arbeidsmarkt. Die hebben geen gelijke kans. Dan is het toch voorstelbaar dat die extra steun verdienen om tot een diverse organisatie te komen? De voorzitter: De heer Alberts. De heer Alberts: Wat ik net zei, was geen kwalificatie. Dus wat ik, of mijn partij vindt, maar feitelijke constatering.
Je hebt gelijkheid van kansen, dus inderdaad iedereen ongeacht het startpunt heeft evenveel kans ergens toe. Of en dat is compleet het tegenovergestelde, dat kan nooit samengaan, gelijkheid van uitkomst. Dus waarbij je mensen op basis van het startpunt moet gaan voortrekken. Je moet een keuze maken, het is het één of het ander, het kan niet naast elkaar bestaan. Dat begrijpt u niet en dat is jammer. De voorzitter: U heeft ook een interruptie van de heer Trompetter ga uw gang. De heer Trompetter: Ik ben wel benieuwd naar uw intrinsieke motivatie om het diversiteitsbeleid zo zeg maar zo te bekritiseren. Want ik volg u niet helemaal ook hoor, met de haaksheid en alles. Ik volg het echt niet helemaal. Maar ik zie wel heel veel emotie en ik vraag me af waar dat vandaan komt. Misschien kunt u daar nog wat over zeggen. De voorzitter: De heer Alberts. De heer Alberts: Voorzitter er wordt mij voor de tweede keer kwalificatie verweten en dat is niet zo. Nogmaals, dit is een feitelijke constatering die ik doe. Ik heb nog niet eens gezegd wat wij het liefst willen. Wij willen het liefst gelijkheid van kansen. Ik constateer dat je gelijkheid van kansen hebt of gelijkheid van uitkomt, die zaken staan lijnrecht tegenover elkaar. We merken dat naar dat laatste toch wordt gestreefd en dat vinden wij onwenselijk.
Wij willen dat iedereen gelijke kans heb en dat kan je niet door mensen te gaan voortrekken op welke basis dan ook. De voorzitter: Dank u wel. Dit was uw tweede termijn. U heeft helaas heeft geen tijd meer mijnheer Aynan. U mag met uw tweede termijn verder. Mijnheer Alberts gaat u verder. De heer Alberts: Het allerbelangrijkste is dat er toch een nadruk wordt gelegd op hoe mensen verschillen. Naast dat ik nog even terug wil komen op dat het zeker belangrijk is hoe mensen zich voelen en dat moet je juist met maatwerk zou ik zeggen, moet je daarmee aan de slag. Ik hoor de wethouder juist met dezelfde
23
vragen bijna tegen maatwerk pleiten. Ook dat vonden wij zeer bijzonder. Verder wil ik toch nog ook het punt onderstrepen dat, namens mijn partij, dat er zeker iets raars aan de hand is met de arbeidskrapte. We zitten in een economische recessie en mensen willen niet aan het werk, of zijn niet aan het werk te krijgen. Wat is er aan de hand? Wij denken dat wat er nu gebeurt absoluut niet aan bijdraagt. We moeten mensen juist, want dit heeft ook impliciet gevolgen voor de beloning en de kansen later in het arbeidsproces. Ik kan me er niet aan onttrekken dat mensen voelen dat op het moment dat er beoordeeld wordt op basis van kenmerken die niet relevant zijn … De voorzitter: Mijnheer Alberts. De heer Alberts: De bijdrage die ze kunnen doen, maar op andere kenmerken dat ze toch zoiets hebben waar doe ik het dan nog eigenlijk voor? De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Klaver ga uw gang. De heer Klaver: Misschien bedoelt u allemaal niet zoals u het zegt, of juist wel ik weet het niet. Maar u zegt mensen willen niet aan het werk, de werkloosheid is in tijden niet zo laag geweest. Ik kan het allemaal niet zo goed volgen. De voorzitter: De heer Alberts. De heer Alberts: Dat de werkloosheid in tijden niet zo laag is geweest, betekent niet voor de mensen die kunnen werken op de arbeidsmarkt. Dat zijn twee verschillende zaken. Voorzitter, volgens mij ben ik helder geweest.
Want nogmaals, er kan een lage werkloosheid zijn met een hele grote pool mensen op de arbeidsmarkt die niet werken. De voorzitter: Dank u wel voor uw tweede termijn was dit. Dan zijn er nog anderen in tweede termijn? Mevrouw Wegman PvdA ga uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel voorzitter. Ik had nog een vraag over de integrale benadering die nog niet is beantwoord over de specifieke acties wel op doelgroepen. Daarnaast had ik nog een aanvullende vraag over het onderzoeken en de statistiek van de diversiteit van het personeel. Ik zie bijvoorbeeld dat de gemeente Amsterdam dat wél meet. Komt dat bijvoorbeeld dat het een grotere gemeente is dat het dan wel mogelijk is? Graag antwoord daarop. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen in tweede termijn? Nee? Dan geef ik het woord aan de wethouder ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel voorzitter. Drie partijen nog. Richting OPH dan even als eerste. Dan moet ik u toch denk ik wel vrij stellig tegenspreken. Inderdaad, het zijn van een fatsoenlijke organisatie is juist heel erg belangrijk en daarom ben ik hier ook mee begonnen. Eigenlijk mijn eerste twee zinnen was, dat Haarlem, de gemeente Haarlem wil een organisatie zijn waarin iedereen zich welkom voelt en waar je mag zijn wie je bent.
Met een divers personeelsbestand door alle lagen van de organisatie en waar de dienstverlening toegankelijk en inclusief is voor iedereen, voor al onze inwoners. Ik denk dat dat de primaire reden is dat we dit doen. Natuurlijk zijn er vervolgens nog subredenen. Maar ik denk dat we het eens zijn. De heer Procee: U heeft een interruptie van de heer Procee ga uw gang.
24
De heer Procee: Ik geloof dat uw tegenspraken ‘…’ dat wij het inderdaad eens zijn en daar ben ik blij om. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we weer verder, ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel, fijn. Richting Forum, u zegt maatwerk is niet belangrijk dat ik dat zou hebben gezegd. Volgens mij is maatwerk inderdaad juist wel heel erg belangrijk. Dan misschien om toch nog even een voorbeeld te geven. Want wat is nu bijvoorbeeld dat extra steuntje? Of hoe krijg je nu die kansengelijkheid? Als iemand met een beperking niet het gebouw binnen kan komen. Bijvoorbeeld op het stadhuis, kan je niet overal komen. Dan heeft diegene toch minder kans op die baan? Dat zijn de dingen die we weg willen nemen. De voorzitter: Mijnheer Alberts, ik zie dat u nog drie seconden heeft dus kunt u een korte vraag stellen. Ga uw gang. De heer Alberts: Er is een verschil in wat een bedrijf faciliteert voor medewerkers en de basis waarop iemand gewerfd wordt en de kans die daarbij geboden wordt. Dat heb ik zojuist benoemd en dat verschil daar wordt hier nu een karikatuur van gemaakt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Raadt gaat u verder met de beantwoording. Wethouder De Raadt: Daar hoorde ik geen vraag in. Dan ga ik als laatste door naar de PvdA. U zegt kunnen we niet eigenlijk nu al toch inzetten op doelgroepenbeleid? Zo vertaal ik het even.
Daarvan is het voorstel van het college om het dus om te draaien. Om eerst in te zetten op die inclusieve organisatie, op de inclusiviteit dat iedereen zich welkom voelt. Dan vervolgens die diversiteit. Want doe je het namelijk andersom en zou je bijvoorbeeld volle bak gaan werven met mensen met een beperking je zou daar volle bak op gaan werven maar je organisatie is niet inclusief genoeg. Dan zijn ze net zo hard door weg. Want dat is dus wat we nu zien en dat is wat de meetresultaten uitwijzen en daarom hebben we gezegd we draaien het om. Eerst de inclusiviteit en dan volgt daaruit die diversiteit en dan blijven ze ook. Dat is de bedoeling. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Wegman ga uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel voorzitter. U zegt wel er komen wel acties uiteindelijk na het meten van de instroom, doorstroom. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: We gaan nu inzetten. De scope van dit plan is twee jaar, daar gaan we op inzetten en daarna volgt de diversiteit. De voorzitter: Gaat u verder met de beantwoording. Of dit waren de vragen die er nog lagen denk ik? Mevrouw De Raadt: Ja ik ben klaar voorzitter. De voorzitter: U heeft nog een vervolgvraag van mevrouw Wegman want er was nog een vraag die u heeft gesteld denk ik.
25
Mevrouw Wegman: Geen vervolgvraag, maar over de statistiek. Waarom het wel bij de gemeente Amsterdam kan. Ik weet niet of technisch is, ik kan het ook nog technische navragen hoor. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Het is mij niet bekend wat Amsterdam precies meet en met welke data en hoe ze dat verzamelen. Dus als u dat technisch wil uitvragen graag. De voorzitter: Goed dan als er geen vragen meer zijn, dan hebben we hierbij de tweede termijn ook afgerond. Dan heb ik de wethouder horen zeggen dat u in overleg gaat of het interne uitvoeringsagenda hier met de commissie gedeeld kan worden. Er komt een evaluatie na twee jaar. Dat is de uitkomst van deze bespreking. Het gaat niet door naar de raad, dus dan is het hierbij afgerond het agendapunt. 9.
Rapportage 2022 Functionaris Gegevensbescherming – Haarlem
De voorzitter: Dan kunnen we doorgaan naar agendapunt 9. Dat is het tweede bespreekpunt van vanavond. Een Rapportage 2022 van de Functionaris Gegevensbescherming. Voor dit onderwerp staat een half uur gepland en ook hier is de portefeuillehouder wethouder De Raadt. Er zijn geen insprekers, dus we gaan over naar waar we het over hebben. In de rapportage 2022 van de Functionaris Gegevensbescherming staat beschreven wat er in de gemeente Haarlem in 2022 is gebeurd op het gebied van gegevensbescherming. In de rapportage doet de functionaris een aantal aanbevelingen ter verbetering. In de reactie van het college staat hoe de aanbevelingen opgevolgd worden. Het college stuurt u dit besluit ter bespreking omdat de commissie eerder het belang van monitoring en evaluatie met betrekking tot dit onderwerp heeft benadrukt. Over dit onderwerp heeft de CDA-fractie technische vragen gesteld en de beantwoording zit ook bij de stukken. Dat klopt toch? Die heeft u gezien? Wie kan ik een eerste termijn geven? Mevrouw Klazinga VVD ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Dank u wel voorzitter. Het beschermen van persoonsgegevens is belangrijk. Daarvoor is de AVG binnen Europa in het leven geroepen en iedereen inclusief gemeentes moet zich houden aan de daarin gestelde regels.
Deze regels hebben tot doel te voorkomen dat persoonsgegevens van onze inwoners, namen, adressen, e-mailadressen, ID-bewijzen, uitkeringsinformatie, enzovoort, niet op straat komen te liggen en voor verkeerde doeleinden, zoals bijvoorbeeld identiteitsfraude worden gebruikt. Het is dus belangrijk. De Functionaris Persoonsgegevens van de gemeente Haarlem heeft onderzoek gedaan naar de mate waarin binnen onze gemeente in overeenstemming met die AVG wordt gehandeld. In de rapportage staat als conclusie te lezen en dan citeer ik. Op veel plekken ontbreekt echter voldoende kennis om echt te borgen dat dit goed gaat. Het volwassenheidsniveau ligt onder de twee op een schaal van vijf, waar drie toch echt wel nodig is om naleving van de AVG te kunnen verzekeren. Dan komt de reactie van het college, dat vond ik opvallend. Want daar citeer ik ook uit, want in die reactie wordt geschreven. In het rapport is te lezen dat de organisatie inmiddels goed bekend is met de AVG en dat veel goed gaat. De omgang met gegevensbescherming en privacy is echter nog te weinig structureel verankerd. Maar de basis die er dus staat is, veel gaat goed. Voorts wordt gesteld dat er geen informatie beschikbaar is waaruit zou blijken dat Haarlem het beter of slechter doet dan andere gemeentes. Het college doet het in haar reactie dus lijken alsof er weinig aan de hand is en het in het algemeen goed gaat.
Dat is niet het geval wanneer je kijkt naar de conclusies van de Functionaris Persoonsgegevens. Er is werk aan de winkel, het gaat niet goed. Het aantal datalekken in 2022 is ten opzichte van 21 en 20 op haar beurt ook weer, weer gestegen. Steeds meer gegevens van inwoners liggen dus op straat. De verwachting is bovendien dat het werkelijke aantal datalekken aanmerkelijk hoger ligt dan de meldingen, als gevolg van het feit dat ambtenaren simpelweg niet weten wanneer er een melding gedaan moet worden. De vraag aan de wethouder is dus, waarom bagatelliseert het
26
college de conclusies van de Functionaris Persoonsgegevens. De AVG is in mei 2018 in werking getreden. We zijn inmiddels bijna zes jaar verder en toch heeft de Functionaris Persoonsgegevens een lijst van achttien aanbevelingen op moeten stellen. Het college heeft weliswaar te kennen gegeven op welke wijze deze aanbevelingen opgevolgd zullen worden. Maar veel van die opvolging zit toch nog in onderzoeken en plannen. Ook wordt er in weerwil van de bevindingen van de functionaris, geconstateerd dat een aantal aanbevelingen al zou zijn afgehandeld. De VVD doet daarom een dringend beroep op het college om de bescherming van persoonsgegevens écht serieus te nemen en niet als bijzaak. Telkens als sprake is van verwerking van gegevens in bepaalde processen, stil te staan bij de bescherming daarvan. Want dat gebeurt nu aantoonbaar onvoldoende. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de heer Trompetter Actiepartij ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter, dank aan het college voor dit stuk over de bescherming persoonsgegevens. We komen van ver. Ik hoor de VVD zeggen twee naar drie, dat we in ieder geval twee hebben. We zijn pas sinds een paar jaar gekomen op niveau twee.
Mijn vraag aan de wethouder zou zijn is dan niveau drie een nieuwe wens of eis? Want van twee tot vijf, want uit eerdere dingen begreep ik dat twee best wel aardig was er gaat dus veel goed, maar er blijft verbetering mogelijk. Met name over het bewustzijn van het doel van gegevensbescherming en in haar kennis van het onderwerp. Er is een aanbeveling gedaan om meer fte privacy adviseurs toe te voegen. Komt de wethouder met een voorstel hiervoor en op welke termijn? Is training van medewerkers daarbij nog een optie? Hoe gaat dat nu? Vervolgens is de duidelijkheid voor de inwoner van belang. Wat gaat de portefeuillehouder doen om de verschillende inzagen en informatie duidelijker te maken voor de inwoner wat één van aanbevelingen is. De volgende aanbeveling gaat over de meldknop van data-incidenten die er nog niet zou zijn en wanneer is hij er wel? Want het zou misschien helpen om in ieder geval sneller te melden en ook dat alle meldingen langskomen. Dan nog een vraag, wanneer wordt het overzicht van algoritmes verwacht? Wat ook nog een aanbeveling is. Voor overige aanbevelingen begrijpt mijn fractie dat die gedaan zijn en ziet graag dat deze worden overgenomen en worden uitgevoerd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik dan het woord geven? De heer Procee OPH ga uw gang. De heer Procee: Dank u wel voorzitter. Dit is een bijzonder belangrijk onderwerp.
De VVD noemde dat ook al. Het is jammer dat er zoveel aanbevelingen zijn, het is goed dat die overgenomen worden, dat eraan gewerkt wordt. Maar de vraag die OPHaarlem heeft is wel of het voldoende serieus genomen wordt. Ook wij zagen er gaat veel goed, gekoppeld inderdaad aan je hebt een vijfpuntsschaal, waarbij een drie net voldoende is, de twee wordt nog net niet gehaald. Waarmee je toch zo’n twintig procent te laag zit. Veel gaat goed, is vaak toch een beetje de verdedigingslinie van de incompetente. Ik hoop toch dat de gemeente Haarlem daar beter in is dan dit. Dus dat het serieuzer genomen wordt. Ik wil het gevoel krijgen dat de wethouder, dat het college dit serieus neemt. De reactie is onverantwoord optimistisch, tot zelfs bezijden de waarheid vrees ik. Als we zien hoe serieus het stuk van de Functionaris Gegevensbescherming is. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Trompetter ga uw gang. De heer Trompetter: Mijnheer Procee, hoe komt u aan de tekst bezijden de waarheid kunt u dat nader uitleggen? De voorzitter: De heer Procee.
27
De heer Procee: Ja zeker. Het gaat goed, het is goed bekend, terwijl er verderop in het stuk van de Functionaris Gegevensbescherming gewoon staat dat het niet goed gaat. Dat de bekendheid niet genoeg is, dat niet genoeg structureel verankerd is. Dat het niet genoeg cultureel verankerd is. Dat er grote risico’s zijn. Dus die risico's zijn er en die moeten snel en goed opgepakt worden. Ik wil in de goede bedoelingen van het college geloven. Ik wil ook geloof, nu zeker omdat ik weet die aanbevelingen worden overgenomen, maar dan wil ik ook het gevoel hebben dat die serieus worden overgenomen. Op dit moment ziet het er een beetje uit. Stel, we hebben een bungeejumpbedrijf college Haarlem. Per ongeluk is je touw twintig procent te lang. Je spring dertig meter, er is zes meter te veel touw. Dan zeg je, er is toch veel goed gegaan. Het grootste deel van de sprong heeft er geen lichaam met een geëxplodeerd hoofd aan het touw gehangen. Dat is het gevoel dat ik hier nu bij krijg. Dit is belangrijk genoeg, serieus genoeg om daar heel serieus op te reageren. Ik vind dus, wil dat gevoel ook echt krijgen en het lijkt nu gebagatelliseerd te worden in de reactie van het college en dat vind ik zorgwekkend. Daarom wil ik graag in de reactie van de wethouder horen en proeven, dat er wel degelijk serieus gereageerd gaat worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
Wie kan ik in eerste termijn? Mevrouw Wegman PvdA ga uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel voorzitter. De hoofdconclusie uit de rapportage benadrukt dat de omgang met gegevensbescherming en privacy nog niet voldoende is verankerd binnen de organisatie. Onze inwoners die moeten erop kunnen vertrouwen dat hun gegevens in goede handen zijn, vooral in tijden van snelle technologische vooruitgang. De aanbevelingen die gedaan worden verdienen dan ook onze ondersteuning. Ik vroeg me nog wel af of er nog een terugkoppeling komt zodat we kunnen monitoren hoe de organisatie het doet op het gebied van AVG na het invoeren van de aanbevelingen en er daarna nog verbeteringen mogelijk zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil nog meer? De heer Klaver CDA ga uw gang. De heer Klaver: Voorzitter, het is al door anderen gezegd, achttien aanbevelingen best veel. Niveau op twee op een schaal van vijf. Er is dus nog veel te doen. We kunnen op dit onderwerp dus niet verslappen, gezien de risico's die er voor bewoners zijn. Het CDA vraagt het college dus om de opvolging te geven aan die achttien aanbeveling om dat voortvarend ter hand te nemen. Het CDA heeft inderdaad technische vragen gesteld. Op één vraag is geen antwoord gegeven omdat die politiek van aard zou zijn. Die vraag is, aanbeveling één zegt beschrijf bij risicoanalyses expliciet wat de risico's zijn voor bewoners.
Wordt hier nu bedoeld dat de risico's voor bewoners voortaan benoemd gaan worden in de raadsstukken? Is dat de bedoeling? Vraag. Vervolgens hebben wij ook vraag gesteld bij het verwante onderwerp 1.1 en dat gaat over het cameraregister. Die vragen zijn nog niet beantwoord. Die vragen gingen over de meldplicht van sensoren in Amsterdam. Het CDA heeft de voorbije jaren meerdere keren aandacht gevraagd voor sensoren, sensorenregister, wifitracking, et cetera. Het is mooi en goed dat het college nu overgaat tot een register voor gemeentelijke camera's, conform aanbeveling negen in de rapportage. Mijn vraag is of het nu geen tijd is om een stap verder te gaan met een sensorenregister en een meldplicht voor sensoren zoals in Amsterdam. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Amand Trots Haarlem. De heer Amand: Dank u wel voorzitter. Dit wordt natuurlijk wel ook een probleempje, net als het vorige onderwerp wat we hadden. Het is natuurlijk ook een vertrouwenskwestie. Ik zal bijvoorbeeld een voorbeeld geven. Als je natuurlijk een hoop mensen van een woningbouwvereniging, dat ze dus met hun papieren moeten komen, inkomen et cetera alles. In sommige gevallen gaat dat ook mis. Dus wij willen toch meer aandacht aan besteden dat het toch echt nog meer vertrouwelijker wordt. Ik hoop dat de wethouder dit
28
meeneemt, want dat is een heel belangrijk punt dat vertrouwen. Nu heb je in Haarlem al, en dat weet ik uit ervaring, een heleboel burgers vertrouwen de gemeente niet meer. Dat is het punt. Wij moeten eigenlijk proberen om te schakelen, dat we die burgers naar binnen krijgen. Dat wil ik de wethouder toch even onder aandacht brengen dat dat een heel belangrijk punt is. Het gaat al die dingen mis met een woningbouwvereniging, over de gegevens. Je moet dit nummer, je moet dat, je moet zus. Daarom, waar blijven al die gegevens? Dat is ook het hele kardinale punt. De voorzitter: Dank u wel. U heeft een interruptie van de heer Klaver mijnheer Amand. De heer Klaver: Dat gezegd zijnde, wat is uw aanbeveling? De voorzitter: De heer Amand. De heer Amand: Aanbeveling, betere controle nog. Als dat er was, dus dat er niet één man of vrouw erover gaat. Maar toch een beetje meer dat er meer controle is op het hele onderwerp. Want dat is het ding, daar moeten we naartoe werken. Die Haarlemmer moet weer vertrouwen krijgen in de gemeente en dat hebben we dus niet. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog anderen in de eerste termijn? Nee? Dan gaan we naar de beantwoording. Mevrouw De Raadt ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel voorzitter en dank voor al jullie bijdragen. Toch wil ik even beginnen met een positieve noot.
Voor de helderheid dus alle aanbevelingen die de FG heeft gedaan, die lopen, die zijn in werking gezet. Sommigen hebben inderdaad wat tijd nodig vanwege de complexiteit van bijvoorbeeld software of andere ICT-aanpassingen, maar ze lopen allemaal. Sommige van de aanbevelingen geloof uit mijn hoofd, 16 en 17 die zijn ook al afgedaan. Dus dat even als positief punt. Maar dan ook een heel klein stapje terug, waarom is deze nota nu voor het eerst actief ter bespreking aangeboden? Waarom hebben we ook hier voor het eerst een officiële collegereactie op geschreven? Dat komt eigenlijk plat gezegd, omdat ik dit onderwerp ontzettend belangrijk vind. Dat is een voorbeeld waarom ik dit onderwerp ook heel serieus neem. Deze rapportages werden altijd ter kennisname naar jullie toegestuurd van oudsher. Maar ik begreep bij de bespreking van onze nieuwe datastrategie, dat jullie graag wat meer wilden meegenomen worden. Onder andere op dit onderwerp en daar ben ik ook heel erg blij om. Want privacy dat is een heel belangrijk onderdeel en hoe we daarmee omgaan, maar het is wat mij betreft ook iets van ons allemaal. Dus niet alleen van de wethouder bedrijfsvoering, niet alleen van het college, maar van ons allemaal. Dus van organisatie, van college, maar ook van raad. Dat schrijft de FG volgens mij ook in haar rapportage. Het privacyvraagstuk is breder dan alleen dit domein.
We moeten het ons allemaal aantrekken, ambtenaren, college en ook raad. Daarom dat ik twee dingen heb gedaan toen ik deze reportage kreeg. Ik heb gezegd college we moeten hier met zijn alle verantwoordelijkheid voor nemen en we gaan nu een reactie schrijven en we gaan in op alle aanbevelingen die de FG heeft gedaan. Alle achttien. Want ik vind dus het is echt iets van ons allemaal en daar moeten we volgens mij elkaar ook allemaal scherp ophouden. Kan dit voorstel wel onder de AVG? Is deze motie niet in strijd met de AVG? Of deze beleidsregel? Of deze verordening? Of een APV? Of noem maar wat op. Want soms gaat er ook vanuit een soort ... bijvoorbeeld het voorbeeld wat de FG schetst over het parkeren met betrekking tot mantelzorgers. De raad heeft gezegd mensen die mantelzorg ontvangen, die moeten extra parkeeruren krijgen. Dat is natuurlijk is een heel nobel streven en dat onderschrijft iedereen. Maar tegelijkertijd komen we nu wel op een punt dat betekent dus dat we eigenlijk persoonsgegevens verwerken in een verordening die daar wellicht niet helemaal voor bedoeld is. Dat bedoel ik ook, laten we daar met zijn allen scherp op blijven. Richting de VVD, ik denk dat het een beetje allebei waar is. Ik denk dat
29
dat de FG een heel aantal terechte punten noemt die beter kunnen, dat zijn die achttien punten. Dat zijn die punten waar we dus ook mee aan de slag zijn gegaan. Maar ze schrijft ook wel op pagina twee, veel gaat goed. Dat staat er wel letterlijk. Dus in die zin is het denk ik allebei waar. De voorzitter: Mevrouw Klazinga ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Ik moet zeggen dat ik het ... ik vind het echt vervelend als wij hier als raad zitten en er stukken zijn waar duidelijk alarmbellen in gerinkeld worden. Dat er dan door het college gereageerd wordt, het valt eigenlijk allemaal wel mee. Het gaat eigenlijk best wel goed. Als je leest op een schaal van vijf dat je onder de twee zit en toch echt minimaal, omdat dat die 5,5 half te halen zal ik maar zeggen die je op school nastreeft. Misschien een zes, dat je op de drie zou moeten zitten. We zitten dus onder de vier als gemeente. Dan kan je toch niet zeggen, er gaat veel goed? De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Mevrouw Klazinga: Als conclusie kan je dat toch niet zeggen? Wethouder De Raadt: Ik denk ook niet dat dat onze conclusie is. Ik denk wel dat het iets is wat ook in de rapportage wordt aangegeven. De FG geeft ook een aantal positieve punten. Die zegt ook, veel gaat goed. De organisatie is inmiddels goed bekend met de AVG. Dat wordt gesteld.
Maar ik denk tegelijkertijd ook en daar heeft u helemaal gelijk in, er worden ook hele serieuze punten aangehaald. Er worden hele serieuze punten aangehaald. Maar ik denk ook als voorbeeld dat we hier als college ook volle bak mee aan de slag willen. Is dus dat we nu dus ook voor het eerst op zo'n rapportage een collegereactie hebben geschreven en ook hebben gezegd FG heeft gelijk. Met deze achttien punten moeten we aan de slag. Ik denk wat er ook staat en dat is misschien nog even om een beetje zorgen bij u weg te nemen. We zijn op dit moment een gemiddelde gemeente. Waar het gemiddeld goed gaat. We doen het niet slechter en we doen het niet beter dan andere gemeenten. Maar, het zou mij in ieder geval een hele hoop waard zijn en ik hoop u allemaal ook en ik denk het wel als ik u zo beluister. Dat we aan de eind van deze collegeperiode van gemiddeld doorstoten naar een koploperspositie. Dat lijkt me in ieder geval een mooie inzet. De voorzitter: De heer Trompetter was eerder dan mevrouw Klazinga? De heer Trompetter: Ik heb nog wel een vraag wethouder. Want ik ken zeg maar van de vorige periode was er een schaal van één tot drie en volgens mij zijn er nu twee punten bijgekomen. Toen waren wij twee en we kwamen van ver. Want er waren 25 problemen destijds, jaren terug zeg maar.
Klopt het dat er nu zeg maar twee niveaus zijn bijgekomen? Maar dat het gemiddelde van Nederland van gemeentes is twee en een enkeling haalt drie. Klopt dat of hebben we het nu over een andere schaalgrootte? De voorzitter: Bijna een technische vraag dit maar kunt erop antwoorden? Wethouder De Raadt: Nee, ik ken de verschillende schalen niet die u noemt, maar kunt het natuurlijk wel technisch uitvragen. De voorzitter: Mevrouw Klazinga VVD. Mevrouw Klazinga: Ik vraag me af waarom de wethouder het relevant vindt hoe wij ons verhouden tot andere gemeentes, als andere gemeentes het kennelijk ook niet goed doen. Het gaat toch om hoe we ons verhouden
30
tot naleving van de AVG? Als de rest het allemaal slecht doet, dan kunnen we toch niet genoegen nemen met het feit dat wij het ook slecht doen? De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Als u mijn woorden op die manier heeft geïnterpreteerd dan was dat in ieder geval niet hoe ik ze bedoeld had. Wat ik wilde benoemen in ieder geval, dat wij op dit moment een gemiddelde gemeente zijn. Maar dat ik met u eens ben, het moet beter want we moeten die AVG gaan naleven. Daarom gaan we ook volle bak inzetten op deze achttien punten. Richting de PvdA, u zegt kunnen we daar dan ook een update van krijgen? Hoe gaat het nu met de implementatie daarvan? Dat zou ik zelf ook heel graag willen dus dat lijkt me heel erg verstandig. Dus dat kan ik u bij deze toezeggen. Daar gaan we een update van maken en dan kom ik hier weer bij u terug. Dan nog een paar vragen voorzitter. Trots die vraagt eigenlijk of ik met hem eens ben dat vertrouwen heel belangrijk is. Dat onderschrijf ik volledig. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat hun gegevens veilig zijn bij de gemeente. Voorzitter, volgens mij heb ik de vragen beantwoord en anders hoor ik het graag. De voorzitter: Ik zie nog een vraag van de Actiepartij u heeft nog negentien seconden. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter.
Ik had gevraagd op welke termijn de extra privacy adviseurs worden toegevoegd en of daar nog een besluit van de raad voor nodig is omdat het misschien een financieel kader raakt. De voorzitter: Wethouder De Raadt kijkt even naar de beantwoording zie ik. Wethouder De Raadt: Ik zit even snel op te zoeken of ik dat kan vinden. Even kijken het antwoord op aanbeveling vier. De privacy bezetting, beschikbare bezetting komt conform de vraag van de AVG komt straks in 2024 inderdaad rond de gevraagde drie komma fte uit. Ik neem aan dat de meeste budgetten al door jullie geaccordeerd waren. Volgens mij het één en ander hangt het mee aan een budget mee aan een budget en volgens mij hebben bij de afgelopen begroting ook nog wat vastgesteld. Moet er natuurlijk toch nog een financieel besluit worden genomen, dan kom ik vanzelfsprekend bij u terug. De voorzitter: Dank u wel. De heer Klavers CDA. De heer Klaver: Het is mooi om te zien hoe onze wethouder dit onderwerp met drive omarmt, zoals we haar ook uit het verleden kennen als woordvoerder van het CDA op deze onderwerpen. Met naam als het gaat om wifitracking en daar had ik een vraag over die nog niet beantwoord is. Misschien is het misschien ook niet helemaal de goede wethouder, maar ik stel hem toch nog een keer.
Is het niet tijd voor de meldplicht voor sensoren in de openbare ruimte zoals in Amsterdam? De voorzitter: Wethouder De Raadt ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel voorzitter. Hele terechte vraag. Wat wij nu op dit moment willen? We hebben het net in het vorig onderwerp ook over gehad. We zitten krap in de capaciteit en vooral met betrekking tot de handhaving. Dus echt een meldplicht op dit moment implementeren is waarschijnlijk niet te handhaven. In Amsterdam zijn ze er inderdaad wel al mee bezig. Dus we willen even afwachten hoe gaat het daar in Amsterdam? Dan gaan we vervolgens vervolgstappen nemen. Maar dat het een wens is op termijn om tot een sensorenregister te komen, ja zeker.
31
De voorzitter: U heeft nog een vervolgvraag na deze beantwoording? De heer Klaver: Ja en ook eigenlijk een opmerking. Ik heb dus hierover vragen gesteld. Dat heeft ook te maken met de evaluatie van Amsterdam om te kijken wat we daar in Haarlem mee kunnen. Dus ik denk dat als die antwoorden er dan zijn, dat ik wel behoefte heb om dat onderwerp hier te agenderen. De voorzitter: Goed dan wachten we dat af. De heer Trompetter Actiepartij, is dot uw tweede termijn of heeft u een vraag die niet beantwoord is? De heer Trompetter: We noemen het een tweede termijn. De voorzitter: We noemen het een tweede termijn ga uw gang. De heer Trompetter: Die vraag die het CDA heeft gesteld is ook een beetje mijn vraag over die sensoren. Kan het op de actielijst komen dat punt? Dat we daar nog wat mee gaan doen. Dus is daar een toezegging op dat we daarmee verder gaan? We hebben het er nu vier, vijf, zes jaar over namelijk al denk ik. De voorzitter: U wilde nog iets toevoegen mijnheer Klaver? De heer Klaver: Ja, het is inderdaad een eerdere toezegging dat we de aanpak van Amsterdam zouden evalueren en dat we het hierover zouden hebben. Dus dat komt dan ook in die beantwoording, de uitkomsten daarvan. Dus als het goed is, staat die al op de actielijst. Als hij er niet op staat, zou hij erop moeten staan.
De voorzitter: Maar goed, we zeiden net beantwoording technische vragen en dan zou u hem weer willen agenderen. We wachten de beantwoording nog af. Zijn er nog anderen die in tweede termijn vragen hebben na deze beantwoording door de wethouder? Nee? De heer Amand ga uw gang, Trots Haarlem. De heer Amand: Natuurlijk nog een nabrander eigenlijk. Ten eerste, zouden we natuurlijk geen Chinese sensoren willen hebben als dat we gaan krijgen. Dat willen we helemaal niet hebben. Dus dat wil ik wel even hier meedelen. Wijzen maken wel ons hoor ik uit de ondernemers uit de binnenstad, die willen toch wel weten waar onze gegevens dan gaan blijven. Wie daar allemaal inzicht in krijgt. De voorzitter: Dan ga ik beantwoorden voor u, dus u kunt dat zelf ook beantwoorden ga uw gang. Wacht ik kijk nog even, zijn er nog andere vragen in tweede termijn? Nee? Dan geef ik nog even het woord aan de wethouder. Wethouder De Raadt: Ik denk dat wij hetzelfde antwoord hebben. Want volgens mij staat er op de ter kennisnamelijst nu een stuk dat hierover gaat. Staat alleen op naam van portefeuillehouder Wienen. Want die heeft toentertijd de toezegging gedaan, vandaar dat het op zijn naam staat. De voorzitter: Goed, dan komen we hier aan het einde van dit ter besprekingsstuk. Het gaat niet door naar de raad. U heeft een toezegging gedaan over de terugkoppeling van de verbeteringsacties.
Dus die zien we nog tegemoet. Net over de sensoren dat komt ook nog hierna. Dus dan kunnen we hierbij het agendapunt afsluiten en dan kunnen we … wacht, ik zie nog toch nog een vraag van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Aan u voorzitter. Want volgens mij was de vraag om die sensorenlijst het verhaal op de actielijst ook te zetten, maar dat noemt u net niet. U noemt dat het terugkomt, maar hoe weten we dat?
32
De voorzitter: We gaan het op de actielijst ook zetten, ook van ons een toezegging. Ja? Goed, maar dit agendapunt ronden we af. 10. Sluiting De voorzitter: Voordat we naar afsluiting gaan van deze vergadering, wil ik toch nog eventjes afscheid gaan nemen van onze commissielid voor de Partij van de Dieren. U heeft aan het begin van de vergadering gemeld dat u geen commissielid meer zult zijn, maar u blijft wel hier in het gebouw want u wordt fractiemedewerker. Daar zijn we blij om. We blijven elkaar zien en we danken u voor uw inbreng hier in deze commissie. Veel succes in de nieuwe rol die u heeft voor uw partij. We blijven elkaar zien. Dank u wel. Ter kennisname meegezonden stukken 1.
Actieve informatieplicht 1.1 Gemeentelijke camera’s in de openbare ruimte 1.2 Voortgang en evaluatie handhavingsproject: aanpak onrechtmatige bewoning Bedrijventerrein Waarderpolder 1.3 Informatienota opvang asielzoekers, Oekraïense vluchtelingen, statushouders en AMV-ers in Haarlem
2.
Afdoening toezeggingen en moties 2.1 Motie 5 Mag het licht uit AP GLH PvdD CDA PvdA ChristenUnie 2.2 Tussenbericht Motie 6.2 Onderzoek de opkomst en de uitkomst PvdA VVD AP PvdD 2.3 Toezegging overzicht voorlichtingsmogelijkheden voor referendum
3.
Brieven aan het College van BenW 3.1 Verhuizing coffeeshop the Lounge 3.2 Aanpak problematiek flat Zijlweg 245 3.3 Brief burgemeester Wienen d.d. 22 december 2023 Verlenging van cameratoezicht Casablancastraat
33