CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript commissie Samenleving 3 juni 2021

commissie Samenleving 2 september 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 3 juni (alleen naar aanleiding van)52.310 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 3 juni 2021 1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedemiddag bij de commissie Samenleving van 3 juni. We hebben een redelijk volle agenda. Negen punten die we moeten gaan behandelen. Ze zullen niet allemaal even zwaar zijn, maar ik wil u toch vragen om heel kort en krachtig de punten te behandelen, interrupties ook kort en krachtig, zakelijke vragen stellen. Dan kunnen we hopelijk vandaag ook de agenda afkrijgen, dus even een mededeling van mijn kant. De coronamaatregelen, die gelden nog steeds. Dus hou daar ook rekening mee alstublieft. Dat betekent: blijf zoveel mogelijk op de plaats zitten en loop weer via de ‘…’ de zaal uit. We hebben één digitale nu, dat is mevrouw Özogul, van de SP. Ik heb geen berichten van verhindering. Ik zie nu alle partijen die ik normaal hier zie ook aanwezig.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we naar het vaststellen van de agenda. Kunnen we deze vaststellen of niet? Mijnheer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Ja voorzitter, ik zou graag de ingekomen brief onder 1.1, de stand van zaken vervreemding en overdracht Werkdag en Buurtbedrijf. De voorzitter: Dat is wat anders. Dat is … De heer Sepers: Nee, die wil ik betrekken. De voorzitter: Dit is vaststellen van deze agenda. De heer Sepers; Ja, maar ik wil een voorstel doen om dat punt te … De voorzitter: Oké, sorry. De heer Sepers: Betrekken bij agendapunt 6. De voorzitter: Stand van zaken vervreemding en overdracht Werkdag en Buurtbedrijf, die bedoelt u. De heer Sepers: Ja. De voorzitter: Ja, u mag dat van mij bespreken, maar het is natuurlijk niet iets wat we gaan besluiten, maar … De heer Sepers: Maar ik wil hem graag betrekken bij de discussie. De voorzitter: Maar u mag hem erbij betrekken als ergens informatie. Dat is natuurlijk niet erg. Ja. Ja, ja, ja. Dat kan. Nog wat anders voor de agenda? Nee. Dan stellen we de agenda zo vast. Dan gaan we naar mededelingen.

1

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s)

De voorzitter: Er staat een extra vergadering, commissie Ontwikkeling en Samenleving over locatie Domus Plus op dinsdag 23 juni vanaf zeven uur gepland. Deze vergadering is onder voorbehoud van aanlevering van aanvullende notastukken uit B en W van 8 juni aanstaande. Op dinsdag 29 juni van zeven tot acht staat er een raadsmarkt jeugd gepland, naar aanleiding van de toezegging van wethouder Botter. Wie van u is bereid om deze raadsmarkt voor te bereiden? Ik zoek dus het liefst iemand van de oppositie en iemand van de coalitie als dat kan. Dinsdag 29 juni van zeven tot acht uur een raadsmarkt jeugd. Mevrouw …: Voorzitter, de Domus was 23 juni of 22? De voorzitter: 23 juni, dinsdag 23 juni. Mevrouw …: Oké. De voorzitter: 23 juni van de zeven uur. Ja, helder? Dus voor de raadsmarkt jeugd zoek ik nog een aantal mensen die het willen voorbereiden. Ik zie de heer Hulster, Actiepartij en de heer Sepers, van de PvdA. Om de commissie beter te betrekken bij de … O, sorry. De heer Bas: Mag ik een opmerking daarover maken, voorzitter? Want ik vind een uurtje raadsmarkt over dat onderwerp, lijkt mij heel erg kort. Want u weet hoe ingewikkeld het is, hoeveel aspecten. Dus ik zou willen voorstellen om te kijken of we in de tijd iets, ik weet dat daarna iets anders is, maar dat we dan misschien een half uurtje eerder of zo kunnen beginnen.

De voorzitter: Ja, dat … Ja, dat … Het is een beetje … We zouden eventueel een half uur eerder kunnen beginnen, maar niet later. De heer …: Ik ben alvast bezig. De voorzitter: Even uitlopen. Ja, ik zou het … We kunnen het onder voorbehoud een half uur eerder starten. Ja? Dan moeten we even aangeven of het inderdaad zoveel, een groot … Het is natuurlijk een groot onderwerp, maar of het echt inhoudelijk groot gaat worden tijdens de raadsmarkt, dat bepaalt u natuurlijk ook. Oké. Dan … Ja. Om de commissie beter te betrekken bij de inkoop jeugd en informatievoorziening te verbeteren, ontvangt u ook binnenkort een bericht met een procesmatig voorstel hierover. Ik heb geen mededeling van de wethouders. Dat klopt? Ja. Mededelingen uit de commissie. De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Nou ja, dan een verzoek om … We horen nu weer extra dingen, op een dinsdag en een woensdag. Ik zou toch graag willen dat het zoveel mogelijk op de donderdag blijft. Er zijn ook mensen die gewoon moeten werken en die niet kunnen zeggen: volgende week kom ik niet op dinsdag. De voorzitter: Ja, idealiter doen we dat natuurlijk ook. Idealiter doen we dat ook op de zeventiende. Dat is de zeg maar de vrije commissiedag. Alleen ook die staat alweer vol met andere commissies en misschien deze ook nog. Dus ja, het is of of, op een andere dag doen of het niet doen.

Ik denk dat het gewoon voor de voortgang wel wijs is om het dan toch maar op die dinsdag te doen. Maar dat is mijn mening. Ik moet ook werken en ik moet er ook vrij voor maken. Dus ik heb ook liever natuurlijk dat het op een andere dag is, maar het zij zo. Dan gaan we naar de agenda voor de komende vergaderingen.

2

4.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: U heeft de Jaarplanning en Actielijst ook weer bij de agenda aangetroffen. Zijn op de Jaarplanning en Actielijst nog op- of aanmerkingen, vragen of zaken die u wil agenderen? Nee. Dan gaan we naar de ter kennisnamestukken. Die kunt u ook nog agenderen? Wilt iemand dat? Mevrouw Klazes, GroenLinks. Mevrouw Klazes: Ja voorzitter, dank u wel. Ik wil graag agendapunt ter kennisname 1.7 agenderen. Dat is AEF onderzoek samenwerking CJG-Sociaal Wijkteam. De voorzitter: Ik had al zo een vermoeden. Maar ja, formeel vragen we natuurlijk nog om een motivatie hierover. Mevrouw Klazes: Gewoon voor de lol. De voorzitter: Het is gewoon voor de lol. Mevrouw Klazes: Omdat we toch niks te doen hebben. Nee, het is … Het lijkt mij duidelijk. Het is best wel interessant om dat rapport te lezen, om te kijken wat dat voor consequenties heeft voor onze hele stelselwijzigingen, op zijn minst gezegd. De voorzitter: Ja, dat ben ik met u eens. Ik neem aan dat er grote consensus bij de commissie … Ja. De heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Ja voorzitter, ik zit nog met agenda … Ingekomen stuk 3.3, de raadsinformatiebrief Jeugdzorg. Die moet op gegeven moment op de agenda komen, maar als dat pas na het reces is, lijkt me dat veel te laat. Dus als er nou … Op 17 juni is er een extra vergadering met de hele commissie.

Dan zou ik willen voorstellen dat als die er komt, dat we dat op die agenda ook zetten. Want het is … Dat kunnen we niet tot september laten liggen. De voorzitter: Nee. Nee, zeker. Mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Ja, ik snap het verzoek van mijnheer Sepers en ik ga er nog overheen. Want ik wil ook graag 1.7 als het kan zou ik ook heel graag voor het reces behandeld willen zien, want dat heeft echt wel behoorlijke consequenties voor dat hele jeugdverhaal waar we het over hebben en omdat wij in september pas weer daarover komen te spreken na het reces … Ik denk dat het verstandig is om voor die tijd al een idee te krijgen van hoe die CJG-coaches, al dan niet bij het Sociaal Wijkteam, gevoegd kunnen worden. Dus ik zou heel graag voor het reces 1.7 willen behandelen. De voorzitter: Dat gaan we zo misschien aan het eind van de vergadering even bepalen, kijken wat daaruit komt. Ja, mijnheer Sepers had het over 3.3, maar die zie ik niet op mijn lijstje. Is er een andere 3.3? De heer Sepers: 3.3, raadsinformatiebrief wethouder Botter, Regionale verwerving jeugdhulp inclusief twee bijlagen. Staat een nul achter, maar … De voorzitter: Ja, ik zie hem nu staan, ja. Hij staat niet bij ‘…’

3

De heer Sepers: Ja, en dat is natuurlijk toch voor, laat ik zeggen, belangrijk om die te bespreken voordat we het traject wat daarna komt we met elkaar ingaan, wat voor een deel ook in het zomerreces zal plaatsvinden. Dus het lijkt mij van belang om dat ook te agenderen. Ik denk dat mevrouw Klazes daar even ook wel eens is. De voorzitter: Exact. Maar u had het over om dat de komende verg… Zeventiende al te gaan doen. Maar dan bent u er niet. De heer Sepers: Jawel. De voorzitter: O. De heer Sepers: Ik zorg dat ik daar wel bij ben. De voorzitter: Oké. We gaan het … We gaan het zien. Ik kan u nog niks beloven. De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Ja voorzitter, graag het stuk 2.2, afdoening motie Huiskamer Oost. Ten eerste de vraag: waarom af en toe, afdoening, bij de ingekomen stukken staat en af en toe staat het gewoon op de agenda. Maar deze, de motivatie hierbij is … Ik heb trouwens ook stukken ingestuurd wat hier bijgevoegd zou worden naar mijn idee, maar dat staat er niet. Maar het is wel wonderbaarlijk dat daar hele andere getallen uitkomen. Iedereen onderzoekt hetzelfde, maar de wethouder komt bijvoorbeeld op een kostenpost van vijftigduizend en ja, degene die het verhuurt, die komt op dertigduizend. Bijna de helft minder.

Dus … Het is natuurlijk heel belangrijk omdat deze motie geloof ik met drie kwart van de mensen is aangenomen, dat daar hier een oplossing komt en niet alleen maar zo als ingekomen stuk natuurlijk. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Ja, de vraag aan mijnheer Van den Raadt. Het is als u het heeft over de getallen die volgens u afwijken van de getallen die u kent, zou het dan niet handiger zijn om dat eerst technisch uit te vragen wat er nou precies klopt voordat we dit uitgebreid gaan bespreken? De heer Van den Raadt: Nee. Nee, dat denk ik niet. Ik gewoon die getallen opgevraagd bij de ambtenaren en die heb ik opgestuurd, dus ik hoop dat die dan ergens een keertje erbij komen en dat we die dan gezamenlijk kunnen behandelen en dan vragen hoe en waar die grote verschillen vandaan komen. Ik hoop dat dat dan toevallig alleen maar hier is en dat dat niet vaker voor komt. De voorzitter: Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: O. Ja, ik ondersteun het van de heer Van den Raadt, want ook ik inderdaad andere getallen gekregen. Dus wij worden op deze manier niet goed voorgelicht. Daarbij zit er ook nog een druk op van dat op 1 september de Huiskamer van Oost inderdaad eruit moet omdat de Blauwe Wetering dan een andere bestemming krijgt.

Dus ook ik ondersteun dit verzoek om dat met elkaar te bespreken, omdat het een grote … De meerderheid van de raad hier ook ingestemd heeft om dat onderzoek te doen. Dan wil ik het ook wel zorgvuldig en serieus gedaan hebben, maar dan ook nog voor 1 september, dus ook nog voor inderdaad het reces. De voorzitter: Dat wordt wel na het reces hoor. Wie … Ik zoek even steun bij de commissie. Ik heb nu twee mensen, twee die … Mevrouw Klazes ook? Ook. Dat was de … Ja, is de steun voor het agenderen. Ja, oké. Dank

4

u wel. Het was dus 2.2 hè. Nou ja, de eerste vraag weet ik niet helemaal zeker, want waarom het de ene keer wel op de agenda keer staat en de andere keer bij de ter kennisname. Ik weet wel dat we soms afdoeningen op de agenda zetten op het moment dat het onderwerp zelf ook besproken gaat worden, dan hangt hij onder het onderwerp. Als het onderwerp niet besproken wordt, dan hebben we daar een aparte paragraaf voor gemaakt en paragraaf waarin men de afdoeningen zet. Dus dat is eigenlijk dat ik dacht dat dat de conclusie is. Ja? Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Ik wil graag 1.2 agenderen. Dat gaat over praktijkondersteuning huisartsen, jeugd. Ik heb een beetje dat stuk doorgenomen. Daar staat in dat ze spreken van dertig procent ruimte voor verbetering. Daarnaast wordt er gesproken over het kwijtraken van de praktijkondersteuning. Reden tot zorg en om het met elkaar te bespreken. De voorzitter: Vraag aan de commissie. Willen jullie dit bespreken? Ja. De heer …: Is het niet … De voorzitter: Ja, inderdaad. Zo werkt het niet. De heer …: Is dit niet handig om dat te betrekken bij de discussie over de jeugdzorg in zijn algemeenheid? De voorzitter: Ja, laten we dat maar doen. Ja? Dan wordt hij bij jeugd betrokken. Het gaat ook over jeugd, dus … Oké, dank u wel. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Ik wil 2.3 agenderen. Even kijken.

De afdoening van de motie zelforganisaties zijn waardevolle partners. Ik wil hem op de agenda zetten en stemmen vanavond. De voorzitter: Maar de reden waarom u dat wil bespreken. De heer El Aichi: De reden is: de wethouder geeft aan dat zij met de zelforganisaties gesproken heeft. Nou, dat hebben ze wel gedaan, maar voor de motie, niet na de motie. De voorzitter: Is daar steun voor vanuit de commissie? Mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Ja, ik heb eigenlijk een vraag aan de heer El Aichi. We gaan zo meteen komen we te spreken over sociale basis. Ik neem aan u kennende, dat het dan ook wel ergens een keer over de zelforganisaties gaat. Ik kan me zo voorstellen dat we vanavond dat we dat redelijk uitvoerig dat het aan de orde komt. Zullen we … Misschien kunnen we afspreken dat als het voldoende aan de orde is geweest, dat we het dan niet apart nog hoeven te agenderen. Is dat een voorstel? De heer El Aichi: Ja, ik begrijp heel goed wat u zegt, maar tegelijkertijd, wij hebben de wethouder gevraagd om in gesprek te gaan met zelforganisaties, degenen die het niet gaan redden qua financiën in 2021, om daar ook iets aan te doen. Ik heb niet van de zelforganisaties begrepen dat de wethouder met ze gesproken heeft hierover. Dus dat is toch even ietsje anders dan de sociale basis. Natuurlijk ga ik het hebben in de sociale basis over ook zelforganisaties, maar dit is denk ik een ander punt.

Dank u wel. De voorzitter: Ja, dan toch de vraag aan de commissie. Is hier steun voor om dit te bespreken?

5

De heer …: Ja, volledige steun, voorzitter. Mooi te zien dat er weer een motie is die niet goed wordt afgedaan door dezelfde wethouder. Dus mooi punt om daar misschien een heel agendapunt van te maken. De voorzitter: Even duidelijke armen omhoog, wie het wil steunen. Ja, genoeg. Gaan we die agenderen. Dank u wel. Dat is wel genoeg zo hè, toch? Ja. Oké. Volgens mij gaan we … We hebben geen reces volgens mij, komende zomer. 5.

Transcript commissie d.d. 12 mei (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan gaan we naar het transcript van de commissie. Zijn er nog … Mevrouw …: Voorzitter, van … Even een punt van orde. Wij krijgen net een appje van Sibel, van mevrouw Özogul, dat zij nog niet geaccepteerd is. Is zij inmiddels geaccepteerd? O, oké, prima. Nodeloze paniek. Sorry. De voorzitter: Ja, nou … We gaan dan door. Dan gaan we het transcript … Daar waren geen opmerkingen over, hè? Want dat was waar ik gebleven was. Ter advisering aan de raad

6.

17.20 Wijziging Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland (Paswerk) (FR) 6.1 Begroting Participatiebedrijf 2022 (Paswerk) De voorzitter: Dan gaan we naar het eerste punt. Het is een ter advisering aan de raad. De wijziging Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland. De gemeenten Bloemendaal, Heemstede, Haarlem en Zandvoort zijn in januari 2021 akkoord gegaan met de vorming van een participatiebedrijf. De Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland, bekend als Paswerk, wordt omgevormd tot een Gemeenschappelijke regeling Participatiebedrijf. Het bedrijf wordt uitgebreid met de volgende taken. Beschut werk en re-integratie, op grond van de Participatiewet en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- en beroepskwalificatie. Op grond van de Wet voortijdig schoolverlaten. Onder agendapunt 6.1, dat is een ander punt wat we ook gaan besluiten zo meteen, is de begroting Participatiebedrijf 2022 opgenomen. De exploitatie van het nieuwe Participatiebedrijf als geheel is kostendekkend. De financiële middelen die door gemeenten ter beschikking worden gesteld, worden direct aangewend voor de uitvoering van de taken op gebied van betaald werk en ondersteuning naar betaald werk.

De uitvoering van de sociale werkvoorziening is kostendekkend en van de gemeente wordt geen extra bijdrage gevraagd naast de reguliere bijdrage sociale werkvoorziening die het Rijk ter beschikking stelt. Ook een onderdeel, re-integratie en leerwerktrajecten voor jongeren zonder beroeps- of startkwalificatie worden, zijn kostendekkend en kunnen worden uitgevoerd binnen de ter beschikking gestelde budgetten voor het jaar 2022. Voor het onderdeel beschut werk zijn de rijksbudgetten niet toereikend en wordt een aanvullende bijdrage van de gemeente gevraagd. Bij de vorming van het participatiebedrijf is een ontwikkelopgave opgelegd waarbij een tekort op beschut werk in drie jaar moet worden teruggedrongen. De ontwikkelopgave is in de begroting van het Participatiebedrijf opgenomen. Zoals gezegd, dat zijn eigenlijk twee aparte stukken die we moeten gaan besluiten vanavond. Ja, wij hebben besluiten in de raad. Dus ik wou voorstellen om het eerste stuk even die wijziging goed te bespreken en vervolgens misschien ook iets zeggen over de begroting. Dan gaan we ze wel apart naar de raad sturen. Ja. De heer Van Kessel, VVD.

6

De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter. De VVD heeft al eerder ingestemd met de oprichting van het Participatiebedrijf. Heel goed, wethouder, dank daarvoor. Over de aanpassing van de Gemeenschappelijke regeling heb ik enkele technische vragen gesteld die vooral op de betrokkenheid van de gemeenteraad zien. In de Gemeenschappelijke regeling is vastgelegd dat het bestuur van het Participatiebedrijf, dus dat zijn de wethouders van de vier gemeenten die daarin zitten, een aantal besluiten kunnen nemen over het Participatiebedrijf, bijvoorbeeld als dat bedrijf andere taken gaat uitvoeren, die weliswaar met re-integratie te maken moeten hebben. Nou, niet dat dit college na het ‘…’ debacle, een tweede ‘…’ zal opstarten in het Participatiebedrijf, maar misschien is het toch beter dat we de gemeenteraad hier maar in positie zetten. Het bestuur beslist ook over het uitvoeren van taken voor gemeenten die niet participeren en over het aangaan van leningen door het Participatiebedrijf, waar uiteindelijk het budgetrecht van de raad in beeld komt. Ik zou graag willen voorstellen of willen vragen aan deze wethouder: als deze beslissingen zich voordoen, of het dan mogelijk is om eerst een zienswijze naar de gemeenteraad te sturen, voordat de wethouder in het bestuur daarmee instemt.

Nu zit ik heel even te zoeken dat als die toezegging of dit met een toezegging geregeld kan worden of dat er een amendement op de Gemeenschappelijke regeling nodig is. Dat lijkt me weer, dat geeft misschien weer een beetje een rotzooitje, omdat dat ook nog in drie andere gemeenteraden voorligt. Dus een toezegging van de wethouder zou hierop al heel fijn zijn. Als laatste heb ik daar ook nog een vraag over. Stel dat we nu de Gemeenschappelijke regeling niet zouden aannemen, wat zijn dan de gevolgen voor de begroting? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel. Eigenlijk een vergelijkbaar verhaal met de collega. In januari heeft D66 aangegeven zich te kunnen vinden in de inhoudelijke overwegingen voor het vormen van een participatiebedrijf. Tegelijkertijd hadden we in januari ook vragen over de governance, over de positie van de raad en de financiën. Reactie van het college was destijds van: joh, dat wordt vervat in de Gemeenschappelijke regeling, dat komt er nog aan. Nou, spreken we vandaag en ik heb nog een paar vragen, specifiek over de positie van de gemeenteraad. Het gaat om artikel 4 lid 6, waarin dus staat dat het bestuur kan besluiten dat het participatiebedrijf ook taken uitvoert voor colleges die niet deelnemen aan die regeling en dat het bestuur de voorwaarden hiervoor vaststelt.

Ook mijn vraag van mijn fractie is: wordt de raad hiervoor dan om een zienswijze gevraagd? Zo ja, waarom staat dat er dan niet in? Op grond waarvan, was ik eigenlijk ook benieuwd naar, stelt het bestuur dan die voorwaarden dan aan vast. Wat ligt daar dan aan ten grondslag, voor die samenwerking? Want volgens mij moet de gemeente of de Gemeenschappelijke regeling eigenlijk gewoon aangepast worden als ze taken voor andere colleges gaan uitvoeren die niet deelnemen aan die regeling. De geest van de toekomstige wet over die Gemeenschappelijke regeling is immers dat de raad beter in positie wordt gebracht en zo democratische controle kan uitoefenen. Ik zou willen voorstellen dat hier al meteen toe te passen. Dus graag een toelichting op dit punt van de wethouder. Dan artikel 4 lid 10, waarin het bestuur kan besluiten dat het participatiebedrijf ook andere taken, die wel aan re-integratie gerelateerd zijn, uitvoert. Wat voor taken heeft de wethouder hierbij dan in gedachten? Wordt deze raad dan wederom van te voren om een zienswijze gevraagd of wij dit ook opportuun vinden? Dan over de financiën. Mijn fractie is heel blij met het nieuwe lid 2 in artikel 20 en met transparantie van de financiën in de jaarrekening per onderdeel, omdat het ons meer inzicht geeft.

Alleen het punt in … Want er zat eigenlijk een was-wordt lijst in hè, zie ik een artikel 20, titel Kostenverdeling, met vier afzonderlijke leden. Maar in de bijlage met de volledige nieuwe regeling zie ik een artikel met zes leden. Ik vroeg me af of dat een foutje is. Of welke is de juiste versie? Dan voorzitter, meteen over de begroting van Paswerk. Ik had hier eigenlijk geen opmerkingen bij. Die ontwikkelopgave is, nou ja, zorgelijk, maar daar wordt actie op ondernomen. Ik zou hier eigenlijk alleen nog maar opmerking willen maken over cybersecurity. Want op pagina 30 staat dat er naar aanleiding van het

7

NSCS-rapport een reële dreiging blijkt voor uitval van kritische systemen. Dan lees ik de in de toelichting, dat de oplossing is: spamfilters, firewalls en virusscanners. Ik zou de wethouder willen vragen of nou ja, in ieder geval adviseren om hier gewoon een echte risicoanalyse op te draaien door bijvoorbeeld ethische hackers in te schakelen en meer redundantie in je kritische systemen in te bouwen voor zover dat er niet is. Graag een reactie op dit punt. Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel voorzitter. Ja, we waren al in januari wat kritisch op deze samenvoeging. Dat komt omdat het moet leiden tot een vereenvoudiging van aansturing en in dit verband wordt gekozen voor de Gemeenschappelijke regeling die in te richten is als een bedrijfsvoeringsorganisatie. Het gaat hen om een beleidsarme uitvoeringsorganisatie waarbij de beleidskaders worden gegeven vanuit de gemeente. Als er beleidskaders worden gegeven vanuit de gemeente, dan is de gemeenteraad ook aan zet en heeft de gemeenteraad daar ook een bepaalde stem in, want die gaat namelijk ook over de kaders. Ook sluit ik me aan bij mijn voorgangers, ik zie niet in dit stuk waar de gemeenteraad dan op dat moment aan zet is om met die kaders met u in gesprek te gaan, omdat het inderdaad ook dan vanuit die kaders ook geld ingestoken moet worden.

Dus dat is eigenlijk ons belangrijkste punt. Verder, in het stuk van in januari ging het nog over projectkosten tussen de drie en de vier ton. Dat zie ik niet meer terug in dit stuk. Zijn deze kosten vanzelf verdwenen, opgelost? Dus hoe zit het met die projectkosten die we toen nog boven ons hoofd hingen en nu niet meer terugzien? Daarbij maak ik meteen een bruggetje ook naar de begroting. De begroting ziet er nu goed uit, maar als je verder kijkt naar 2023 en 24, zie je dat het ergens mis kan gaan, in ieder geval, dat het onder de streep komt te staan. Daarbij wordt er ook in het stuk gezegd dat het landelijke beleid hier ook enorm van toepassing is. We zitten nu in een coalitievorming, dat we niet weten welke kant het op gaat, maar het heeft wel relatie met hoe we verder met Paswerk omgaan. Hoe gaat de wethouder om met deze onzekerheden? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Ja, dank u wel voorzitter. Dank ook aan de wethouder voor de kwalitatief goede stukken. Dat is ook weleens prettig en goed om te constateren. Ik sluit me wat betreft de informatiepositie van de raad aan bij vragen die al eerder gesteld zijn. Op het punt van de positie van Werkdag en Buurtbedrijf is er een aanvullende brief over hoe dat nu geregeld gaat worden.

Ik lees daarin dat de cliënten voor honderd procent meegaan naar een aanbesteding in het kader van Gewoon in de Wijk en negentig procent van betrokken personeel. Dat is op dit ogenblik in ieder geval voor ons voldoende en ik hoor, zie ook in de brief dat als dat onverhoopt niet mocht lukken, dat het dan voorlopig gewoon bij Werkpas blijft. Ik zou wel in ieder geval aan de wethouder willen vragen of zijn collega, die straks met de aanbesteding Gewoon in de Wijk bezig moet, of hij zich ten volle bewust is van deze vrij zware voorwaarde op het gebied van de aanbesteding van de arbeidsmatige dagbesteding. Wat ons verheugd is, dat de MAS-verdeling in een nieuwe gemeenschappelijke regeling ten gunste van Haarlem is veranderd. In de oude situatie was het vier van de negen stemmen. Dus daar konden de anderen ons overrulen. Nu is het drie, drie. Dus dat kan in ieder geval niet meer gebeuren. Haarlem heeft dan nog steeds anderen nodig en dat is natuurlijk voor de zorgvuldigheid van besluitvorming ook goed. Dus dat vind ik prima. Een interventie? De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer El Aichi, CDA.

8

De heer El Aichi: Dank u wel voorzitter. U geeft aan van: goh, de instructie van drie, drie. Het kan ons niet gebeuren … Dat het nu gunstig uitpakt voor Haarlem, dat voorheen, wat nou als zeg maar Heemstede, Bloemendaal, Zandvoort, tegen Haarlem stemmen. Dan blijft het drie, drie, gelijk. Hoe ga je dat oplossen dan? De heer Sepers: Nou, er is bij staken van stemmen … Ik heb eerlijk gezegd niet goed bestudeerd wat er dan gebeurt, maar dan is meestal dat de voorzitter de doorslag geeft. Maar ik denk dat u die vraag ook aan de wethouder kan stellen. Het is in ieder geval … De MAS-verdeling is in ieder geval beter dan in de oude situatie. Dat was mijn constatering. Dan het punt van de begroting van Paswerk. Dat ziet er op de diverse onderdelen behoorlijk goed uit, behalve op het gebied van nieuw beschut werk. Daar is landelijk natuurlijk ontwikkelingen en hopelijk dat er een zodanig progressief kabinet tot stand komt dat er ook extra geld komt voor beschut zijn. Maar mocht dat niet zo zijn, ja, ik vind eerlijk gezegd, de oplossing die het college kiest namelijk een ontwikkelopgave, meewerken aan Paswerk om in drie jaar het tekort naar nul te brengen, dat … Ja, dat kan een beetje oproepen, leggen, dat budgettaire probleem.

Maar bij de uitvoeringsorganisatie en ik denk dat we politiek toch vast moeten stellen dat mocht er onverhoopt geen extra geld komen, dat de Haarlemmers de raad gewoon verplicht is aan de mensen die gebruikmaken van nieuw beschut werk, dat die voorziening kwalitatief goed blijft en in stand blijft. Dat heeft misschien dan zijn prijs, maar ik vind dat belangrijker dan een ontwikkelopgave om in drie jaar het tekort naar nul te brengen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel voorzitter. Ja, wij sluiten ons inderdaad aan bij de eerdere opmerkingen over de informatiepositie van de raad. Verder, ja, het is al even gegaan over Werkpas en het Buurtbedrijf. Wij hebben in eerdere fasen geprobeerd dat te amenderen. De raad zei toen: nou ja, de wethouder komt terug met informatie, zeiden verschillende raadsleden bij de behandeling van in de raad van dat amendement. Dus wij maken ons daar geen zorgen over. We waren dan ook een beetje verbaasd dat vorige maand op de agenda een stuk stond over de aanbesteding bij Gewoon in de Wijk, waarin gewoon stond dat Werkpas en Buurtbedrijf natuurlijk gewoon werden aanbesteed in het kader daarvan, dus in feite dus al uit het participatiebedrijf waren zijn verdwenen. Dus zonder verdere informatie daarover, ja, zijn verdwenen.

Ik weet niet precies of de wethouder daar een toezegging ook voor heeft gedaan, maar die toezegging heeft hij dan in ieder geval niet ingelost. Nu staat er ook een brief op de agenda. Wij zijn daar nog steeds kritisch op en op tegen. Wat betreft voorliggende stuk, ja, daar zijn we op zich niet op tegen, want daar wordt niet met zoveel woorden gesproken over het afschaffen van Werkpas en Buurtbedrijf en straks bij de begroting zullen we zien dat de consequenties daarvan niet zijn opgenomen en er wordt dus een sluitende begroting gepresenteerd, terwijl dat er nog een flinke financiële consequentie aan deze ontvlechting ons boven het hoofd hangt. Maar daarover straks meer. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Zohri. De heer Zohri: Ja, dank u wel voorzitter. Voor ons ligt de wijziging van de Gemeenschappelijke regelingen voor de werkvoorzieningen Zuid-Kennemerland. Voor GroenLinks is dit één van de eerste stappen voor het verdere vormen van een participatiebedrijf, waarbij uitbreiding van taken in opgenomen moeten worden. Het is goed om te lezen dat er recht wordt gedaan aan het aandeel wat Haarlem levert voor de stemverhouding. Daar verwees mijnheer Sepers al aan. Ik heb wel een vraag aan de wethouder.

In stemverhoudingsproces is er nu rekening gehouden met de huidige deelnemende gemeentes, maar stel dus dat er een gemeente besluit uit te treden, hoe verhoudt de stemverhouding zich dan? Kan dit eventueel ook opgenomen worden in de regeling? Dank u wel voor nu.

9

De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. CDA staat positief tegenover de gewijzigde gemeenschappelijke regeling werkvoorziening Zuid-Kennemerland en geven bij deze het college toestemming om wat van te maken. Wel heb ik een paar vragen aan de wethouder. Ik vraag de … Wat is de methodiek of berekening die toegepast wordt om te komen tot drie stemmen voor Haarlem en één stem per overige gemeente? Aangezien het aandeel van Haarlem meer dan 85 procent is, kan het voor Haarlem negatief uit gaan pakken als wij geen meerderheid in de GR kunnen halen. Is er goed nagedacht over deze systematiek? Bent u het met ons eens dat in uiterst geval het voor Haarlem nadelig uit gaat pakken? Waarom is niet gekozen voor Haarlem en Zandvoort, aangezien wij toch op allerlei terreinen samenwerken met Zandvoort, dus voor Haarlem en Zandvoort drie stemmen en voor Bloemendaal en Heemstede ieder één stem? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Nu de arbeidsmatige dagbesteding, Werkdag en Buurtbedrijf, geborgd lijkt te zijn in de sociale basis met behoud van het personeel en de deelnemers, kan Jouw Haarlem akkoord gaan met deze wijziging. Het was voor ons het belangrijkste punt. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Voorzitter, dank u wel.

Wij steunen de woorden van de Actiepartij. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Ja voorzitter, Trots Haarlem steunt zowel de mooie woorden van mevrouw Çimen. Wij zijn natuurlijk extra blij om te horen dat er geen extra geld aan de gemeente gevraagd wordt. We zijn nu aan het begin van de rit. We hopen dat dat standpunt nog steeds hetzelfde is over een jaar. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Hebben we dan iedereen gehad die wat wil zeggen? Ja. Ik ga naar de wethouder. Wethouder …: Dank u wel voorzitter. Ja, volgens mij, wat we hier doen met elkaar is volgens mij een versterking van uw positie van de raad. Een deel van de taken die nu binnen, die op dit moment niet binnen Paswerk valt, maar binnen Werkpas, binnen de PV, die hebben in hun aandeelhoudersbedrijfsconstructie zit, dat wordt overgenomen in het participatiebedrijf in een gemeenschappelijke … In de bestaande gemeenschappelijke regeling gebracht. Volgens mij heeft u op die manier, houdt u dus meer controle, toezicht, voor onze instrumenten die we met elkaar hebben op ook die onderdelen van het bedrijf. Dus volgens mij versterkt dat uw positie. Dus dat wil ik in ieder geval nog wel meegeven. De positie van Haarlem wordt ook versterkt. We zaten vroeger nog in een gemeenschappelijke regeling waar ook nog Haarlemmerliede bij zat.

Nou ja, dan is het toch raar dat als je ook met Haarlemmerliede … Wij hadden natuurlijk tachtig procent van de omzet, dat je eigenlijk het onderspit kan delven in de hoeveelheid stemverhoudingen. Dus we hebben geprobeerd dat recht te trekken. We hebben niet gezegd: nou, geef ons dan ook de absolute meerderheid in stemmen. Ik denk dat we dit samen met elkaar doen, met de buurgemeenten. Dat willen we ook samen tot een succes maken en dan is het goed dat we naar elkaars belangen ook goed luisteren. Evenwicht van stemmen biedt dan volgens mij ook een mooie manier om dat te doen, houden we elkaar in evenwicht en zijn we denk ik gewoon gedwongen door het goede debat en de dialoog om er samen uit te komen. Er is een formele procedure voor. Als de stemmen staken, komt het nog

10

een keer terug en dan als het niet komt, is het voorstel in principe verworpen. Dus dat is de formele manier, maar ik denk dat dit zowel deze formele verhouding alsook gewoon een samenwerking die we hebben we die met elkaar, dat dat gewoon goed is. Er kan altijd iemand uittreden. Dat hebben we gezien met de Haarlemmerliede. Als dat zo is, dan zal de gemeenschappelijke regeling moeten worden aangepast, komen we bij u terug, moeten we een aanpassing doen van de stemverhoudingen. We hebben bij in het bestuur hebben we debat gehad van: ja, moet je daar nu al op voorsorteren door een andere verhouding op te nemen? Maar eigenlijk met elkaar geconstateerd: ja, als dat gebeurd, komen we sowieso bij u terug met een aanpassing van de gemeenschappelijke regeling, dus dan gaan we dat opnieuw bij u voorleggen wat wij dan voorstellen aan stemverhoudingen die redelijk zijn. Kan misschien ook nog wel iemand toetreden ooit, je weet het niet. De … Dus dat is even ten aanzien van de GR. We hebben nog niet geanticipeerd, in ieder de GR … De beoogde wetswijziging van de aanpassingen van de GR. We hebben natuurlijk meerdere GR’en als gemeente Haarlem. Mocht die wetswijziging worden aangenomen, ja, dan moeten we dat eigenlijk in al onze gemeenschappelijke regelingen integraal doorvoeren.

Dus we dachten: laten we daar nou even niet al op voor gaan sorteren, even wachten hoe de wetgeving uiteindelijk uitpakt en dan gaan we dat integraal hierin meenemen. Ik begrijp geloof ik dat dat ook inderdaad wel weer een versterking is van uw positie. Ten aanzien van de aanpassing van gemeenschappelijke regelingen is het denk ik goed om nog even aan te geven van: nou, nieuw beschut werk, Werkdag, hebben we het over gehad. Sorry, dat is iets anders. Werkdag is natuurlijk iets anders dan nieuw beschut werk. Werkdag, nou ja, kijk, dat heb ik volgens mij eerder al proberen uit te leggen. Door de aanbesteding te doen van Gewoon in de Wijk wordt alle dagbesteding voor alle organisaties opnieuw aanbesteed. Werkdag is één van de organisaties die dagbestedingsactiviteiten ontplooit voor de gemeente Haarlem, maar er zijn er vele anderen. Kijk, en Werkdag komt wel uit een lastige positie. Gewoon in de Wijk gaat uit van dagbesteding in de wijk. Werkdag zit nu op de krukjes. Dat is niet in Haarlemse wijk in ieder geval, constateer ik. Dus die zal echt wel een ontwikkelslag moeten maken om uiteindelijk meer binnen dat Gewoon in de Wijk te passen. Nou, we hebben heel goed geluisterd naar uw oproep om ook zorgvuldig om te gaan met cliënten van Werkdag en ook het personeel van Werkdag. Daar voelen wij ons als eigenaar extra betrokken van.

Dus we zeiden ook in de aanpassing zullen we maar zeggen, in de, ja, de verwerving van de gewone wijk hebben we dus ook een aparte positie weten te creëren voor Werkdag om te zorgen dat die cliënten goed over gaan, maar dat er ook voor het personeel wat extra wordt gedaan. Dus ik denk dat dat een mooie manier is om ook tegemoet te komen aan, nou ja, de belangen die we daar als eigenaar ook voor voelen en de bijzondere verantwoordelijkheid die we daar ook hebben. Ten aanzien van grote besluiten, ja, volgens mij … We hebben gewoon … Ik zit even te zoeken. Kijk, bij grote strategische wijzigingen, volgens mij in technische vragen is dat ook wel benoemd, verhuizing, een hele grote investering dan, ja, dan lijkt het me heel verstandig dat we bij u langskomen, dat we dat vooral ook doen. Want we hebben … In dit hele traject hebben we dat volgens mij ook op een goede manier te doen. Ik heb u niet overvallen met een aanpassing van de gemeenschappelijke regeling en … Nee, we hebben een heel traject met elkaar doorlopen om te komen tot een belangrijke wijziging van het bedrijf. Daar hebben we proberen uitvoerig in mee te nemen. Dit is het formele sluitstuk. Nou, mijn ambitie is in ieder geval niet om maar steeds bij het sluitstuk bij u langs te komen, maar bijvoorbeeld in de vorm van een begroting. Maar als het inderdaad iets is, dan komen we gewoon bij u langs.

Dat artikel 4 … De voorzitter: Wacht. U heeft een interruptie van de VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter. Allereerst waardeer ik natuurlijk de manier waarop we hier worden meegenomen hoor. Dus wat dat betreft ook geen bezwaar vanuit onze kant. Fijn dat, nou ja goed, de actieve informatieplicht in ieder geval zo ver strekt dat we vooraf worden geïnformeerd over grote besluiten dus. Want zo hoor ik de wethouder dat zeggen, dat dat gewoon gewoon is om dat te doen. Mijn vraag was

11

specifiek op drie onderdelen om daar dus op … Dus niet voor grote onderwerpen, maar echt op drie onderwerpen, om daar zeg maar specifiek ook een toezegging op te hadden dat als die zich voordoen, dat u ons daar vooraf over een zienswijze vraagt. Dat is dus behoorlijk concreet en specifiek eigenlijk, maar daar heb ik wel behoefte aan om dat te horen. Dat gaat dan om andere taken voor het participatiebedrijf, het aangaan van leningen en het uitvoeren van taken voor andere gemeenten. Als dat aan de orde is, dat wij dan vooraf om een zienswijze worden gevraagd. Wethouder …: Nou, ik … Andere taken dan … Net wilde ik iets zeggen over artikel 4 punt 10 en wat daar dan onder zou kunnen vallen. Kijk, als er taken zijn die niet binnen de redelijke scoop van de GR vallen, zoals taken die echt ver afstaan van re-integratie, ja, dan moeten we ook de GR aanpassen. Dus dan komen we bij u langs. Artikel 4 punt 10 gaat bijvoorbeeld over re-integratietaken, maar dan gerelateerd aan bijvoorbeeld een nieuwe Inburgeringswet. Dus bij re-integratie voor een nieuwe doelgroep, een nieuwe specifieke doelgroep van statushouders. Dus dat is volgens mij … Nou, mijn beeld is dat dat wel heel dicht zit bij wat het bedrijf nu doet.

Ik vraag me af of het dan … Nou, het is … Ik denk dat dat op zich past bij de doelgroep en dat we dat dan niet ter zienswijze nog hier allemaal zelfstandig zouden moeten willen voorleggen. Maar mijn bezwaar zit er een beetje … Kijk, er zit ook gewoon een aantal … We hebben een GR ook op afstand gezet om juist ook een bepaalde slagkracht te hebben. Er zijn soms taken die we willen overnemen, in de zin van dat er dus iets bij komt en dat we dan als Paswerk zeggen: nou, dat denken wij dat we dat kunnen doen. Of als opdrachtgever hebben we ook nog weer een andere rol met elkaar hè, want we zijn vaak ook gewoon opdrachtgever daarvan. We doen ook soms taken voor buitengemeenten. Dus u moet u voorstellen dat een statushouder hier, of een … Sorry, een WSW’er hier in Haarlem nu woont, maar naar een andere gemeente verhuist, dan kan het nog steeds zo zijn dat we met de gemeente overeenkomen om die WSW’er dan toch op krukjes te houden, omdat het een prettige werkplek is. Maar dat hebben we bijvoorbeeld bij het uittreden van Haarlemmerliede hebben we gedaan, dat die WSW’ers gewoon konden blijven. Kijk, dat zijn zulke praktische zaken, dus dat is ook die buiten … Die tweede categorie, omdat we denken: ja, dat kunt u denk ik het bestuur toevertrouwen. Het aangaan van leningen, kijk, daar wil ik ook nog wel een voorbeeld van geven.

Kijk, toen corona ook Paswerk heftig trof en het Rijk niet zo snel over de brug kwam met het aangaan van compensatie, hebben wij als in ieder geval als bestuur wel de ruimte geboden om een kredietfaciliteit aan te gaan bij de BNG. Nou, daar is gelukkig geen gebruik of niet in grote mate gebruik van moeten maken, ook omdat wij vanuit de gemeente Haarlem wat bevoorschotting hebben kunnen doen. Dus dat was fijn. Maar dat is wel iets wat je dan snel besluit en als we dan met elkaar die hele zienswijzeprocedure moeten doorlopen wordt dat wel ingewikkeld. De voorzitter: De heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik heb begrip ook wel voor het antwoord van de wethouder, maar ik ben het er niet mee eens. Het is niet mijn bedoeling in mijn vraag om de zeggenschapsstructuur of de zeggenschap van het bestuur weg te halen of van deze wethouder. Zeker niet. Dan hadden wij hier met zijn allen wethouder moeten worden, maar we hebben ervoor gekozen om hier te gaan zitten. Nee, wat wij graag willen, is dat bij dit soort beslissingen is dat dus vooraf een zienswijze wordt gevraagd aan de gemeenteraad omdat wij vinden dat die beslissingen zo belangrijk zijn. Als dat gaat om een lening, dan is er geen enkel probleem. Dat wordt vaak goed voorbereid. Om dat eerst aan de gemeenteraad, waar dat budgetrecht ligt overigens, te laten voor te leggen.

Gevallen van crisis, waar het snel moet, natuurlijk moet u dan handelen. Daar hebben we het ook niet over. Dan komt u achteraf bij ons terug en legt u uit waarom u niet in staat was om vooraf ons … Dus daar gaat het niet over, over die uitzondering. Het gaat me over normaal als er een lening wordt afgesloten. Het gaat me ook over de situatie dat het participatiebedrijf andere dingen gaat doen

12

dan dat we hier hebben afgesproken. Dan vind ik het gewoon niet gek dat u eerst naar ons toe komt. Dan kunnen we ook een gesprek over: moeten we de regeling aanpassen of niet? Dat gaat ook zo op het moment dat u besluit dat een gemeente, dat u taken daarvoor gaat uitvoeren. Dat gebeurt ook niet zomaar. Dus dat het uw zeggenschap veranderd, daar ben ik het gewoon daadwerkelijk niet mee eens. Wat er wel verandert, is dat de gemeenteraad meer op een positie komt om bij dit soort belangrijke beslissingen vooraf met u te overleggen of het wenselijk is of niet. Die beslissing of het menselijk is of niet, is in the end, en dan hebben we het ook over zeggenschap, iets wat bij de gemeenteraad hoort. Wethouder …: Ik ben het niet met u oneens hoor, ik zit alleen ook te zoeken naar een praktische werkwijze. Kijk, alle voorbeelden die u geeft, hebben volgens mij impact op de begroting. Dus volgens mij kunnen we best naar een werkwijze toe waarbij we, stel dat er een gemeente zich meldt die zegt: wij willen graag in … Wij willen graag dat Paswerk die taken gaan doen, nou, dat wij een … Dat wij zeggen: nou, als bestuur, dat zouden wij best willen doen. Dan gaan we kijken of we tot een overeenstemming kunnen komen. Maar alles is natuurlijk uiteindelijk afhankelijk van of u dan ook die begrotingswijziging of de begroting goedkeurt.

Want als de begroot… Dus we krijgen extra taken, betekent toch een aanpassing in de begroting. Dus kunnen we volgens mij best wel met elkaar een systeem verzinnen waarbij we gewoon proactief in de begroting zeggen: nou, dit zijn de taken die wij volgend jaar verwachten we doen. Deze taken verwachten wij erbij te nemen. Deze leningen verwachten wij aan te gaan. Volgens mij is dat een heel mooi instrument om dat te doen. Maar even toch één stapje terug. Kijk, wij … Als bestuur krijgen wij één of twee weken van tevoren krijgen wij een agenda en de twee maanden verder. Dat is wel … Dat is denk ik … Ja, dan mist het bedrijf denk ik ook een stuk slagkracht om op een gegeven moment te zeggen: oké, we gaan aan de slag om te kijken hoe ver we hierin kunnen gaan. Dus in mijn beleving is de begroting een heel belangrijk instrument om met elkaar te kijken: wat gaat het bedrijf volgend jaar doen en bent u daarmee akkoord, ja of niet, naast de GR, naast de gemeenschappelijke regeling die ons gewoon kaders stelt voor de activiteiten die we moeten ontplooien. Maar dan moeten we wel een goed gesprek hebben over wat voor een zienswijze, nou, wat de stukken … Op welke manier u geïnformeerd wil worden. De voorzitter: Ja, even eerst de heer Van Kessel nog. Die was met die interruptie bezig. Dan wil ik even naar mevrouw Zoon en nog een paar anderen. De heer Van Kessel: Ja, afrondend.

Ik realiseer me dat als we vragen dat de gemeenteraad vooraf bij dit soort belangrijke beslissingen gevraagd wordt betrokken te worden, dat dat een andere werkwijze vraagt van, zowel van de onderneming of van de verbonden partij als van de wethouder en dat dus bijvoorbeeld op het … Als het inderdaad het budgetrecht van de raad raakt als het gaat om het afsluiten van leningen of hele nieuwe activiteiten of andere grote klanten. De voorzitter: U valt in herhaling. Volgens mij … Wacht even. De heer Van Kessel: Dat … Nee, nou ja. Ik zal tot een conclusie komen. Dat dat dus tijdig wordt gemeld. Als daar inderdaad twee, drie maanden denkwerk overheen gaat, dat lijkt mij bij dit soort beslissingen misschien niet eens zo een hele slechte zaak. De voorzitter: Heel kort de wethouder en daarna naar mevrouw Zoon. Wethouder Roduner: Nou, het gaat denk ik dat we met elkaar dan toch iets scherper moeten definiëren wat … Want u gebruikt de woorden belangrijk en groot, en ik denk dat we elkaar daarin kunnen vinden. Ik denk niet dat wij zomaar een lening van 10 miljoen aangaan zonder dat we dat goed met u bespreken en voordat we die

13

lening definitief maken, dus daar ben ik het mee eens. Dus daar moeten we elkaar dan wel even in gaan vinden: wat zijn dan het type besluiten die we graag aan u willen voorleggen? Ik ben het wel met u eens: als het inderdaad echt over grote, belangrijke dingen gaat, ja, natuurlijk komen we dan bij u langs. Weet je, dat is … Maar daar moeten we wel met elkaar even een goede werkwijze voor vinden, want het bedrijf moet verder kunnen en u moet ook in positie blijven. De voorzitter: Ik wilde even naar mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Ik wil me aansluiten bij mijnheer Van Kessel, want de wethouder heeft het nu alleen bij begrotingsaanpassingen en dat zal altijd het effect zijn als je het beleid aanpast, maar door deze verandering in die gemeenschappelijke regeling komt het wel op neer dat wij aan het stuur staan als het over beleid gaat. Wij sturen het bedrijf aan op beleidsmatige zaken. En dat daar inderdaad geld aan vast zit, of verschuivingen in de begroting, dat is een effect daarvan. Maar ik zou inderdaad wel aan de voorkant, als wij daar andere ideeën, andere sturingsmechanismen aan dat bedrijf willen hebben, dat wij als raad dan ook aan zet zijn om mee te denken over die veranderingen in dat sturingsmechanisme. Dat kan … De voorzitter: Hou de interruptie kort.

Het is een interruptie, dus graag iets korter, anders gaan we de vergadering niet … Mevrouw Zoon: Dus ik ben het met mijnheer Van Kessel eens dat het niet alleen over de begroting, want die komt toch ieder jaar langs, maar dat het toch echt over beleidswijzigingen gaat die hier eerst langs moeten komen. De voorzitter: Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Ik vind dit antwoord wel een beetje … Want de wethouder zegt dus eigenlijk: ik verlies slagkracht door uw raad van tevoren om zienswijzen te vragen. Dus ik zit een beetje vanuit de positie als raadslid dat ik denk: oké, maar mogen wij dan ook nog wat vinden van leningen die zo’n bestuur dan aangaat, of iets dergelijks? De wethouder geeft aan: ja, natuurlijk komen wij dan bij u terug met dit soort vraagstukken. Maar wat is dan het bezwaar om dat op te nemen in de gemeenschappelijke regeling? Want wellicht is een volgende wethouder minder welwillend. De voorzitter: Even naar, mijnheer Smit, u wilde ook nog? Een interruptie dan, hè? De heer Smit: Voorzitter, de zaal gehoord hebbende, valt me één ding op. Mevrouw Zoon, misschien moet ik zeggen dat beleidsmatige kaders nog een beter woord is dan beleidsmatige zaken. Maar, mijnheer de wethouder, u kunt zich niet verschuilen achter het feit dat de agenda twee weken van tevoren wordt vormgegeven, want dat kan ook zes of acht weken.

Dat is een argument dat er bij OPHaarlem niet in gaat. Als het gaat om een goede samenwerking tussen het college en de raad, dan heeft de organisatie zich maar aan te passen met een tijdig vormgeven van de agenda. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dat is duidelijk. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Om het toch wat concreter te maken, in een eerder geheim stuk heeft u aangekondigd dat er financiële consequenties zijn aan de ontvlechting met Werkpas en Buurtbedrijf. Dus heel concreet, verwacht u dat het bestuur binnenkort een lening moet aangaan om die ontvlechting mogelijk te maken, en worden we daar dan in meegenomen als raad?

14

De voorzitter: Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Nee, we verwachten geen lening daarvoor te moeten aangaan. Paswerk heeft een goed vermogen. Kijk, het idee van … Het is overigens, dit is geen beleidsmatige GR, dat is wel belangrijk om even met elkaar te definiëren. Het beleid zit gewoon bij de gemeenteraad. Dit is een lichte GR, een uitvoerings-GR, eentje die gericht is op de uitvoering en de bedrijfsvoering. En in de bedrijfsvoering, volgens mij, heb je ook wel enige slagkracht nodig. Als we dat niet vinden, dan moeten we daar geen GR van maken, dan moeten we het dichterbij onszelf houden en dan moeten we er een gemeentelijke dienst van maken. Dus er zit volgens mij altijd alles wat je een beetje op afstand zet, dat doe je met een reden en dan moet je dat bedrijf ook een bepaalde ruimte geven om zijn bedrijfsvoering te doen. In de GR hebben we een aantal volgens mij instrumenten met elkaar ontdekt of vastgesteld. Nou, u krijgt de begroting voorgelegd, daar zijn de belangrijke besluiten in, de aanpassing van de GR wordt daarin voorgelegd. Dat is het kader waarbinnen wij gewoon netjes opereren en waarin de informatiepositie van de raad geregeld is. U moet zich wel voorstellen, kijk, dit aanpassen en een zienswijze vragen, dat gaat niet alleen de gemeenteraad Haarlem aan, hè? Dus dit gaat over een zienswijze vragen bij vier gemeenteraden dan.

Ik weet niet of u wel eens een keer wat geprobeerd heeft bij Bloemendaal aan te leveren, maar dan bent u zo drie maanden verder op de agenda. Dus mijn voorstel zou zijn dat ik u nog een brief stuur met een aantal voorbeelden van besluiten waarvan wij denken dat het wenselijk en verstandig is. Dus even het definiëren van het begrip groot en belangrijk, want dat is denk ik … En dat we dan zeggen: nou, dit zijn het type besluiten waarin wij u actief gaan betrekken en voorafgaand een zienswijze zullen vragen. Want anders blijft het een beetje zweven en dan voor je het weet hebben we hier echt de kleinste besluiten hier ter zienswijze voor. Dat is volgens mij niet wenselijk, ook niet voor uw vergaderdynamiek, maar ook niet voor het bedrijf. Dus mijn voorstel zou zijn dat ik nog even met een brief naar u toe kom om te duiden wat wij verstandig vinden om dan als zienswijze bij u neer te leggen en dan kunt u denk ik inderdaad afwegen of dat voor u voldoende is. De voorzitter: Die brief krijgen we, wethouder, wanneer? Wethouder Roduner: Voor behandeling in de raad dan, hè? De voorzitter: Dat wilde ik even horen. De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, goed, we kunnen natuurlijk nu niet veel anders dan gewoon de brief dan inderdaad afwachten en die beoordelen op zijn merites, waarbij ik volgens mij drie artikelen en ook meerdere genoemd heb, dus neem dat vooral mee in de brief.

Dan gaat het dus om vooraf, dus tijdig informeren, dus vooraf, voordat de besluitvorming plaatsvindt. Dat wil ik daar dan aan toevoegen. Ik had nog één vraag gesteld waar de wethouder nog niet aan beantwoording toe was gekomen en dat is: stel dat we de gemeenschappelijke regeling niet zouden vaststellen, wat voor gevolgen heeft dat dan met betrekking tot de begroting? Wethouder Roduner: Nou, ik had nog heel veel vragen niet beantwoord, we zaten in een klein intermezzo. Maar nee, deze begroting is wel al voorbereid op de aangepaste gemeenschappelijke regeling. Dus het is een participatiebedrijfbegroting en het is niet, als we dit niet vaststellen, dan zullen we weer twee nieuwe begroting moeten maken, namelijk eentje voor Paswerk en dan zal er ook eentje moeten worden gemaakt voor Werkpas en al zijn bv’s en dat gaat dan via de aandeelhoudersvergadering. De voorzitter: Kunt u even snel de antwoorden geven?

15

Wethouder Roduner: Nou, de projectkosten zitten in de begroting van 2021. Ja, er is onzekerheid over wat de Tweede Kamer gaat doen ten aanzien van nieuw beschut werk. Daar hebben we niet op voorgesorteerd, maar dat zou dus ook nog misschien wel een meevaller kunnen zijn, zeker in het kader van de ontwikkelopgave die we hebben. Kijk, de ontwikkelopgave, daar krijgen we gewoon veel minder geld voor nieuw beschut werk dan we eigenlijk redelijk nodig hebben om het werk goed te kunnen doen. Als gemeente hebben we daar de afgelopen jaren aan bijgedragen, we dragen daar dit jaar ook weer aan bij, volgend jaar ook weer een klein beetje en het jaar daarop dragen we daar ook weer wat extra’s aan bij. Maar we hebben wel tegen Paswerk gezegd: kijk nou ook naar je bedrijfsprocessen, we krijgen 7500 euro voor begeleiding en u geeft 10.000 euro uit, kijk of dat ook wat zuiniger en efficiënter kan, want dan lopen we wat meer in de lijn van het geld wat we van het Rijk krijgen. Dus die ontwikkelopgave hebben we daar neergelegd en met elkaar geconstateerd: nou, dat is best een stevige ontwikkelopgave. Dat gaan we ook monitoren om te kijken of dat zich gestand doet, of die effecten zich materialiseren.

Als dat niet zo is, ja, dan zullen we uiteindelijk als gemeente toch de portemonnee moeten trekken en dat zal dan ten koste gaan van andere activiteiten, bijvoorbeeld andere reintegratieactiviteiten. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Voorzitter, hoor ik de wethouder goed zeggen dat hij die ontwikkelopgave, dat hij die alleen maar resulteert aan mogelijkheden van efficiencyverbetering en dat dat niet inhoudelijk de kwaliteit van de begeleiding zal kunnen aantasten? En als dat wel het geval is, dat we dan een nieuwe politieke en begrotingstechnische vraag hebben? Wethouder Roduner: We houden dat goed in de gaten, maar we gaan natuurlijk … Kijk, als we 7500 euro krijgen voor begeleiding en we geven 10.000 euro uit, dan zal daar uiteindelijk ook moeten kijken of dat goedkoper, slimmer, korter kan. We hebben daar allemaal volgens mij het beste belang bij als de nieuw beschutters gewoon productief werk leveren. Dat is het grootste verdienmodel, dus dat is uiteindelijk hoe productiever ze zijn, hoe minder geld we daar als gemeente ook bij hoeven te leggen. Dus dat is wel een heel belangrijk punt wat ook voor de bedrijfsvoering heel belangrijk is, los van het maatschappelijk belang dat we willen dat mensen gewoon een goede baan hebben en hun bijdrage kunnen leveren aan de samenleving.

Maar dat is even soms scherp aan de wind varen, dus vandaar dat we ook hebben gezegd: we doen het in stapjes, niet in één keer. En we kijken ook elk jaar: hoe gaat het, varen we te scherp aan de wind, of gaat het goed? En als daar toch wijziging nodig is, dan komen we bij u terug. De voorzitter: De heer Sepers. De heer Sepers: Mag ik de wethouder vragen om op voorhand elk jaar ons te rapporteren over de voortgang van die ontwikkelopgave? Wethouder Roduner: Op voorhand … Nou ja, we zijn nu net bezig … De heer Sepers: Bij de bespreking van de begroting, dat dat een expliciet aandachtspunt is. Wethouder Roduner: Ja, zeker, dat nemen we expliciet mee in de begroting en u ziet overigens het spiegelbeeld ook in uw eigen begroting, want daar ziet u dus in de voorjaarsnota ook dat we dus extra geld nodig hebben vanuit de BUIG om de tekorten te dekken die we vooralsnog hebben. Laten we hopen dat het kabinet ruimhartig besluit. Dat was hem, voorzitter, volgens mij. O ja, de ethisch hackers neem ik mee in de bestuursvergadering, ja.

16

De voorzitter: Dank u wel. Ik heb nog … Mevrouw Özogul had geen kans net om de eerste termijn een vraag te stellen, of haar termijn te doen, dus ik wil nu graag overgaan naar mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Ik zal er heel kort in zijn. Ik heb een deel van dit gesprek ook gemist, maar naar wat ik begrijp is dat de ontvlechting op dit moment al een feit is en ik wil alleen aangeven dat wij het heel jammer vinden dat dit al inmiddels gebeurd is. De wethouder had beloofd om bij ons terug te komen en dat is niet gebeurd. De voorzitter: Mevrouw Özogul, … Mevrouw Özogul-Özen: Ja? De voorzitter: Ik kom er even tussen. Heeft u ook de uitzending aan staan op uw laptop? Want ik hoor een echo bij u. Mevrouw Özogul-Özen: Nee, heb ik niet aan. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Özogul-Özen: Heeft u het wel gehoord, of niet? De voorzitter: Ja. Wethouder Roduner: Ja, we hebben volgens mij bij de stukken zit onderaan ook een stand van zaken hoe we met Werkdag omgaan. De ontvlechting is nog geen feit, pas als de gemeenschappelijke regeling wordt aangepast en geïmplementeerd, dan is dat zover. Ik heb inderdaad proberen uit te leggen dat ik ook denk dat er voor Werkdag sowieso in het beleid dat hier wordt vastgesteld ook zodanige wijzigingen aan ten grondslag liggen dat we ook wel moeten kijken hoe Werkdag zich sowieso gaat ontwikkelen.

Maar dat doen we met oog voor cliënten en werknemers. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet of er nog een tweede termijn nodig is voor dit punt? Volgens mij hebben we een heleboel besproken. Dan wil ik eerst even – we gaan het even apart doen – vragen hoe we de ‘Wijziging Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland’ naar de raad gaan brengen. Hamerstuk? Met stemverklaring, ja? Ja, ik probeer het altijd maar, hè? Hamerstuk met stemverklaring. En de begroting? Mevrouw …: Ja, dat zit aan elkaar vast. De voorzitter: Nou ja, het zit een beetje los … Het zit niet aan elkaar vast, het zijn gewoon twee losse besluitpunten. We doen allebei hamerstuk met stemverklaring. Dan heb ik nog twee toezeggingen gehoord, eentje was dat de wethouder voor de raad u nog een brief stuurt met wat voorbeelden die volgens het college belangrijk zijn om dus als zienswijze, wanneer er zienswijzen naar de raad gestuurd gaan worden, als ik het goed begrepen heb. En nog iets over, het was de voortgang van de ontwikkelopgave bij de bespreking van de begroting ook gelijk mee te nemen. Dat is natuurlijk een stukje later weer. Ja? Dan wil ik dit punt nu afsluiten. Dank u wel. En volgens mij is het nu tijd om even te gaan eten. Dan zie ik u over een half uur weer terug, tien over half zeven.

17

Schorsing Ter advisering aan de raad 13. 18.40 Nota gezondheidsbeleid en uitvoeringsplan (MTM) De voorzitter: Goed, we gaan weer beginnen. Welkom terug bij de commissie Samenleving. We hebben weer een adviesstuk en we hadden ook eigenlijk een inspreker verwacht, maar die heeft zich nog niet aangemeld, dus misschien dat ze nog gaat komen en anders, we gaan gewoon beginnen natuurlijk. Oké. Dit gaat over de ‘Nota gezondheidsbeleid en uitvoeringsplan’. Het aanpakken van gezondheidsvraagstukken vraagt om een integrale aanpak. Het opstellen van lokale gebiedsgerichte preventieakkoorden helpt hierbij. In deze akkoorden worden met verschillende partners die samen willen werken aan gezondheidsvraagstukken zoals overgewicht, roken en gezondheidsachterstanden opgesteld en gesloten. Deze gebiedsgerichte aanpak sluit goed aan bij de beweging die ook met Gewoon in de wijk wordt gemaakt en waarbij ondersteuning zo dicht mogelijk bij de inwoners plaatsvindt. Het college stelt de raad voor om één, de regionale nota gezondheidsbeleid Samen gezond in Kennemerland 2021-2028 vast te stellen als lokaal beleidskader, en twee, kennis te nemen van het lokale uitvoeringsplan Samen gezond in Haarlem, dat het college heeft opgesteld om uitvoering te geven aan het gezondheidsbeleid, en drie, kennis te nemen van het Preventieakkoord Schalkwijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12271666/1