CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript commissie Samenleving 2 december 2021

commissie Samenleving 2 december 2021, gemeente Haarlem51.041 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCOMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 2 december 2021

1.

17.10 uur Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Hij kan … Hij is online. Ja. Oké nou, goedemiddag. Welkom bij de Commissie Samenleving van 2 december. Ook de kijkers thuis van harte welkom. We hebben nog steeds met corona te maken, dus ik verzoek u de coronamaatregelen in acht te nemen. Houd anderhalve meter afstand en gebruik een mondkapje als u zich verplaatst. Als u zit, mag u hem afdoen. We hebben veel onderwerpen op de agenda, dus ik adviseer ook uw spreektijd efficiënt in te delen en te gebruiken. Hou ook de interruptie kort.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we het vaststellen van de agenda. Kunnen we deze zo conform vaststellen? Even kijken, hoor. Ik zag al een verzoek om het punt om te draaien. Dat gaat de heer Smit nu even vragen. De heer Smit. De heer Smit: Ja, dat dacht ik. Gaat lukken. Mijnheer de voorzitter, gegeven het feit dat er enorm veel mensen denk ik meekijken met het agendapunt Anton Pieckhofje, gezien ook het belang en de actualiteit van dit punt verzoek ik u om dat naar voren te halen. Die suggestie heb ik u overigens ook schriftelijk gedaan en ik hoop dat ik de meerderheid van de commissie mee krijg in dat verzoek om dat naar voren te halen naar een wijs moment waarop de wethouder uiteraard die hier nu zit ook kan zijn en kan blijven. Dank u. De voorzitter: Dank u. Ja. Mevrouw Zoon. Mevrouw Zoon: Ja, ik vind het prima om dat naar voren te halen, maar het gaat mij om dat ook de insprekers dan weten dat het naar voren gehaald wordt en dat ze dan niet te laat komen. De voorzitter: Die zijn al geïnformeerd. Mijnheer Oomkes? De heer Oomkes: Dan doen we het nu. De woordvoerder op dit punt is niet aanwezig op dit moment, dus ik zou graag willen communiceren met hem. De voorzitter: Met wie? De heer Oomkes: Dat is mijn collega. Dus dat lijkt me wel een probleem. De voorzitter: Nou, het voorstel is al … Oh, de heer Botter.

Wethouder Botter: Ik ben weliswaar te gast bij u, maar ik hoop dat u mijn onderwerp net zo belangrijk vindt als het Anton Pieckhofje. En ik moet per se om half negen bij de Commissie Ontwikkeling zijn. Wij hebben nog eens een aantal onderwerpen staan op de agenda die gewoon ook echt voortgang boven. De voorzitter: Nee, nou kijk, het voorstel, als u een voorstel zou willen doen op dit punt dan is het wel na half negen, na de insprekers. Dus dan is onze wethouder, mevrouw Meijs is dan ook aanwezig, dus dat zou dan het voorstel zijn. En de punten van de heer Botter zitten daarvoor. Nee, maar het Anton Pieckhofje was helemaal achteraan de agenda. De bedoeling is om het iets naar voren te halen. Dat was het verzoek. Mevrouw Çimen?

1

Mevrouw Çimen: Ja, steun voor het verzoek om het te vervroegen. En als het dan om kwart voor negen is naar de insprekers, want dan is het toch alleen maar de punten van wethouder Meijs. Dus dat lijkt me een prima, toch? De voorzitter: Mijnheer Oomkes, bent u met uw collega kortsluiter het hier, heeft contact gekregen met die? Oké, dan gaan we zo rond half negen is de spreektijd voor belangstellenden. Gaan we direct daarna doen, dus dan komt die voor twaalf, agendapunt 12. Niet twaalf uur, maar agendapunt twaalf. Yes? 3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Goed, dan gaan we naar de mededelingen. Er zijn vandaag drie gastsprekers aanwezig bij agendapunt 6. Dat is de heer Elkerbout namens … Ja. Ik mag als eerste. Namens Spaarnesand. De heer Post namens Dunamare en de heer Van de Wedden namens de onderwijsstichting Zelfstandig Gymnasia en Stedelijk Gymnasium. Maar die komen zo aan bod bij agendapunt 6. En dan hebben we nog de mededeling van het college. Wethouder Roduner wil ook nog een mededeling doen, maar die komt later. Waarschijnlijk rond een uur of half tien, want hij heeft nog een andere commissie. En wethouder Meijs heeft ook een mededeling te doen. Gaat uw gang. Twee mededelingen zelfs. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Ik wil u graag twee technische sessies aanbieden. Een is over de doordecentralisatie van de maatschappelijke opvang en beschermend wonen. Daar is onlangs een sessie voor geweest. Daar waren maar een gering aantal Haarlemse raadsleden bij aanwezig. En gezien de complexiteit van dit onderwerp wat op 13 januari besproken wordt, wil ik u aanbieden om een technische sessies te organiseren voor die bespreking. En die zou kunnen plaatsvinden op maandagavond 10 januari. En ik vraag u om via de griffie te laten weten of hier behoefte aan is. De voorzitter: Mevrouw Stroo. Mevrouw Stroo: Dan is de nieuwjaarsreceptie.

De voorzitter: Die gaat niet door, nee. Mevrouw Stroo: Helaas. Helaas. De voorzitter: Nou, de griffie stuurt wel daar even een briefje over en dan kunt u aangeven of u daar behoefte aan heeft. En heeft u nog een … Wethouder Meijs: Ja, de tweede is ook een technische sessie. Hij gaat over Gewoon in de Wijk. Op 3 februari staat de uitnodiging voor de inschrijving op de agenda van de Commissie Samenleving en het publiceren van deze uitnodiging is de ene laatste stap in het aanbestedingsproces, of traject van Gewoon in de Wijk. Als daar ook voldoende aanmeldingen voor zijn van de commissieleden, dan plant de griffie daar ook een technische sessie over. Die kan ergens tussen half januari en voor de bespreking in februari dan ingepland worden, dus daar krijgt u ook een uitnodiging voor. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dan heeft de heer Botter nog een mededeling. Gaat uw gang. Wethouder Botter: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. Afgelopen woensdag heeft u via de raad samen de financiële voortgangsrapportage gekregen over de jeugdhulp. Daarin is één onderwerp nog niet in opgenomen, namelijk de verdiscontering van de tariefsverhoging voor de gemeenschappelijke, ik bedoel de

2

gecertificeerde instellingen, de GI’s. Wij hadden daarvoor in de begroting reservepost opgenomen voor verhoging van twee ton, maar uiteindelijk blijkt met de ‘…’ compensatie en een aantal andere zaken dat het op drieënhalve ton terechtkomt, dus ik zal u verder nog informeren over het bedrag. Het wordt dus niet twee ton wat het omhoog gaat, maar het gaat drieënhalve ton worden. De voorzitter: Dank u wel. Dat waren de mededelingen van het college. Zijn er nog mededelingen van de commissie? Nee? 4.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan gaan we naar de agenda komende vergaderingen, jaarplanning en de actielijst. Op 13 januari staan al de volgende stukken geagendeerd. Dat is informatienota coronamiddelen jeugd, de voortgangsrapportage brede aanpak van dak- en thuisloosheid 2020-2021, het prestatieplan Centrum voor Jeugd en Gezin 2022 en het aangaan convenant uitsloopregeling pak 2021 regio IJmond en ZuidKennemerland. Die vier staan er al op. U heeft ook de jaarplanning en actielijst weer bij de agenda aangetroffen. Heeft u daar nog op- of aanmerkingen op? Nee? Op die jaarplanning? Dan nog bij de ter kennisname stukken die u had geagendeerd. Mevrouw Zoon. Mevrouw Zoon: Ja, ik zou graag 1.3 willen agenderen, taakstelling sport programmabegroting 2021. En ik wil dat, omdat die vijftigduizend euro wil men als taakstelling zetten om de kaartjes te verhogen voor de zwembaden. Ik vind dat zelf dat er misschien wel andere mogelijkheden zijn om die vijftigduizend euro ergens vandaan te halen en ik zou dat graag met de commissie willen spreken. Mevrouw …: Dank u wel. Ik zou graag de stukken omtrent de inburgering willen agenderen. Dat is 1.5, 2.1.

En ik vernam ook dat er in januari een stuk komt over de financiering en de taken inzage inburgering, om het daar goed over te hebben, omdat de wet nu ingaat goed te kijken of we nog moeten bijsturen of dat het allemaal van een leien dakje gaat. De voorzitter: Dank u wel. Is daar steun voor? Ja, oké. Staat ook genoteerd. 1.5 is in samenhang met 2.1. Mevrouw …: Ja, en ik vernam uit de technische vraag van D66 dat er ook nog iets met financiering stuk daarover komt. Dus graag alle stukken bij elkaar. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Mijnheer de voorzitter, het is een gewoonte, dan moet je natuurlijk altijd mee opletten, maar om jaarlijks het jaarverslag van schoolverzuim tijdens schoolverlaters te behandelen in de commissie en in relatie te brengen met voorgaande jaren. En dat is natuurlijk de ambitie om te kijken hoe wij er weer beter voorstaan. Dus ik zou 1.4 graag op de agenda willen met steun en hetzelfde geldt voor 1.7, regiorijders. De voortgangsrapportage, daar is natuurlijk veel om te doen geweest in het verleden en nu in deze voortgangsrapportage moet je kunnen zien dat er een verbetering is in de continuïteit en dienstverlening. Dus voor beide pleit ik. Dank u. De voorzitter: Eerst even 1.4. Is daar … 1.4 is het jaarverslag. Schoolverzuim, die bedoelt u toch? Is daar steun voor? Ja? Ik zie niet echt heel overtuigend. Ja. Nou, vooruit.

1.7, is daar steun voor? Is de, ja, voortgangsrapportage regiorijder. Daar zie ik wat minder steun. Daar zie ik ook, oh ja, nog een handje. Oké. 1.7 ook. Dank u wel. Mevrouw Özogul, SP.

3

Mevrouw Özogul-Özen: 3.2, aanmeldingen inschrijvingsprocedure (geluid valt weg), wat problemen waren. Wil ik dat bespreken. De voorzitter: Erkent u nu weer problemen dan, dat u dit wil doen? Mevrouw Özogul-Özen: Nou, ik wil dat voorkomen, dus ik wil dat we met elkaar daarover hebben, of we dit nu goed vinden, of dit de manier is. De voorzitter: 3.2. Mevrouw Özogul-Özen: 3.2, dat heet aanmeldingen en inschrijvingsprocedure brugklas voortgezet onderwijs. Vorig jaar waren kinderen uitgeloot en dat wil ik voorkomen dit jaar. De voorzitter: Is daar steun voor van de commissie? Nee, nou ja, ze willen het er toch over hebben zie ik. Steun. Mevrouw Stroo? U mag een korte toelichting geven. Mevrouw Stroo: Dit jaar moeten ze geloof ik zeven scholen aanmelden, dus de kans op uitgeloot worden is heel klein, maar het is heel goed om het te bespreken of we dit wel op deze manier willen. De voorzitter: Dank u wel. Is verder … (geluid valt weg). Goed, is er nog iets te agenderen? Nee, hè? Of wel? De heer Smit, OPHaarlem. Dat kunnen doen. Ja, hoor. 4.1 komt erbij. Ja nou, het wordt weer een hele volle agenda nog. Maar dat wil niet zeggen dat hij de volgende keer komt, hij komt een volgende keer komt er iets op de agenda. Maar dan gaan we kijken naar even de, in de tijd wanneer iets urgent is of niet urgent is. Ja? 5.

Transcript commissie d.d. 28 oktober 2021 (alleen n.a.v.) De voorzitter: Dan gaan we naar het transcript, de commissie van 28 oktober. Heeft u daar nog iets over? Mijnheer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter. Op pagina 33, daar verwijs ik naar de incidentele uitgave van twaalf miljoen als grote verkiezingsprijsfestival van dit college en dat vond ik wel een rare opmerking. Dus ik vroeg me af of dat dikgedrukt kon. De voorzitter: Ja, dat momentje weer gehad. Goed, dank u wel.

Ter advisering aan de raad 6.a 17.20 uur Realisatie instandhouding openbaar primair (speciaal) onderwijs 2020 (JB) De voorzitter: Dan gaan we naar het eerste, nou ja, echte punt wil ik niet zeggen, het zijn allemaal echte punten natuurlijk, maar het eerste punt wat we gaan bespreken. Dat is een adviesstuk en dat zijn meerdere stukken eigenlijk. Het is in drieën geknipt. Het is de realisatie instandhouding openbaar primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en het gymnasiaal onderwijs. En als eerste hebben we de heer Post namens de Stichting Dunamare. Of sorry, de heer Elkerbout, sorry, een bladzijde te veel, namens Spaarnesant. En Spaarnesant heeft het hele jaarverslag 2020 ter kennisname ingediend en de gemeenteraad is als extern toezichthouder van het openbaar primair onderwijs bevoegd conform de wet op primair onderwijs op grond van het jaarverslag 2020 vast te stellen. Dat de stichting voldoende primair, openbaar primair en speciaal onderwijs in 2020 inhoudelijk heeft gerealiseerd. Dit stuk staat ter advisering op de agenda en de commissie zal vanavond

4

bepalen of dat voorstel doorgaat naar de raad. Daar kan ik dan de heer Elkerbout als eerste het woord geven, maar ik zie nog een arm van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Gewoon even een vraag, hoor. Gaan wij nu alles bundelen in onze hele inbreng, of doen we het gewoon per PO, VO en het gymnasium? De voorzitter: Ja, dat doen we persten, want we kunnen niet de drie bestuurders tegelijk aan tafel, dus ik wil het per deeltje even doen. Dus ik wil nu graag het woord aan de heer Elkerbout. Gaat uw gang. De heer Elkerbout: Misschien eerst even melden dat het fijn is dat we elkaar nu live treffen. Dat lukte vorige week niet, waar we leuke raadsgesprek hadden over de duurzame scholen in de stad. En omdat toch nog een beetje goed te maken, hebben we het boek wat Spaarnesand heeft gemaakt over de stand van zaken van de gebouwen en het verhaal van de duurzaamheid weer voor in meegenomen in de hoop dat u daar inspiratie uit put voor het integrale huisvestingsplan voor de komende periode. Dus dat bied ik u graag aan. Dat hadden we aldus graag live gedaan vorige keer en ik hoop dat het er nog van komt om op enig moment een werkbezoek aan een van die duurzame scholen te brengen. Dus daar wou ik even mee beginnen. De heer …: Ja, wil ik u namens de commissie even bedanken voor dit boek en natuurlijk willen we graag echt de school eens een keer echt gaan bezoeken in ieder geval. Dank u wel.

De heer Elkerbout: Verder is het volgens mij een kwestie van het inventariseren van vragen. Ik heb aan het dikke jaarverslag niet zo vreselijk veel meer toe te voegen. Ik heb denk ik uitgebreid verslag gedaan van het spannende jaar 2020. De voorzitter: Goed, mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel voorzitter. We blikken vandaag inderdaad terug op het jaar 2020. Dat voelt al wel weer een beetje ver weg. We kunnen alweer bijna terugblikken op 2021. Maar ik wil graag als eerst mijn complimenten overbrengen aan de aanwezige schoolbestuurders vanavond, schoolleiders en hun leraren, want met zijn allen zo kijken wij aan de zijkant mee en wat is er toch weer een werk verzet in een onzeker en soms toch ook wel een bizar tijdsgewricht. Dus veel dank daarvoor. En helaas moeten we wel vaststellen dat we wederom een onzekere coronawinter tegemoet gaan, dus moedig voorwaarts, zullen we maar zeggen. Heel veel succes de komende tijd. Voorzitter, ik heb naar aanleiding van de jaarverslagen nog wel een aantal vragen en ik zal me dus als eerste richten tot de heer Elkerbout over het primair onderwijs. Het verkleinen van kans ongelijkheid is een van de grote strategische uitdagingen van Spaarnesand, terecht ook volgens mij. Ik zie in het jaarverslag 2020 dat er specifiek beleid is ontwikkeld om kansengelijkheid te bevorderen bij de overgang van PO naar VO.

Is dit beleid ook voortgezet in 2021 en kunt u hier iets meer over dit beleid toelichten? Dan zien we in de prognoses dat het aantal leerlingen in het PO groeit tot ruim boven de zevenduizend leerlingen in 2023. En loopt de groei van het aantal basisschoolleerlingen in de pas met het strategisch huisvestingsplan onderwijs? Of betekent dit een wijziging van prioriteiten in het SHO die we medio 2022 moeten gaan vaststellen in deze raad? En een van de andere grote strategische uitdagingen in het onderwijs aan zich en ook voor Spaarnesand is het lerarentekort. De instroom van nieuwe medewerkers ligt in 2020 iets lager dan de uitstroom. En kunt u aangeven of dit een 2020 en dan naar ook gevoel heeft gehad voor het gegeven onderwijs? En heeft het digitaal lesgeven hier eventueel nog een oplossing in kunnen bieden? Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oomkes, PvdA.

5

De heer Oomkes: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me aan bij de complimenten aan de drie koppels. Ik vind dat over het algemeen goede verslaggeving. Ik zal niet alles herhalen wat collega Çimen zegt, maar het aanbieden van onderwijs op afstand heeft een forse wissel getrokken op personeel en organisatie en niet te vergeten op de leerlingen zelf. Hoe zit het precies met de beschikbaarheid van onderwijzend personeel dat geschikt is voor deze taak? Want we zouden zomaar weer een herhaling kunnen zien. U spreekt van een uitdaging om voldoende docenten te vinden. Welke werkelijk door geregelde effecten hiervan zien we in dit jaarverslag niet? Zoals, wat zijn de kinderen precies tekortgekomen in begeleiding en educatie? U spreekt sterk van een krappe financiering door de gemeente Haarlem. Kunt u iets specifieker zijn? En wat zijn de keuzes daarbij? Wat is uw standpunt jegens weigeraars van injecties? Hoe vaak komt dit voor op scholen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook namens Actiepartij complimenten. Er zijn eigenlijk twee onderwerpen die ik nog toe zou willen voegen.

Op de eerste plaats ook naar aanleiding van corona, lukt het u om in alle klassen CO2-meters op te hangen om te monitoren of de luchtkwaliteit voldoende is in de klasse? En de tweede vraag is, nou ja, zoals bekend is dit college heel actief om met name de actieve bewegingswijze te promoten in de stad. Nu weet ik uit eigen ervaring dat het niet bij alle scholen even gemakkelijk is om op een actieve manier bij de school te komen, omdat de verkeerssituatie dramatisch is bij sommige scholen. Sommige scholen geven ook echt het advies om niet op de fiets te komen, omdat er niet genoeg stallingsruimte is bij de school. Dus mijn vraag is eigenlijk … Oh ja, en uit onderzoek blijkt dat vooral jonge kinderen een half jaar voorlopen op hun leeftijdsgenoten als ze zich wel zelfstandig naar school kunnen verplaatsen. Dus er zit echt ook een behoorlijke winst is er te halen op dit gebied. Dus mijn vraag is eigenlijk, lukt het u om voldoende stallingruimte bij uw scholen te realiseren? En slaagt u erin om dit onderwerp bij het college onder de aandacht te brengen, dat er voldoende veilige fietsroutes richting de scholen worden gemaakt? De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. Ik wil alle scholenbestuur bedanken voor hun enorme inzet het afgelopen jaar. Het jaar 2020 was ook voor onderwijsinstellingen niet makkelijk.

Zij moesten vanwege corona veel maatregelen nemen om de Haarlemse jongeren en kinderen hun lessen te blijven bieden. Het coronavirus heeft grote impact op het onderwijs. De gevolgen van de genomen maatregelen hebben de kinderen en jongeren aanzienlijk getroffen. In hoeverre hebben de schoolbesturen aandacht geschonken aan de ontwikkeling en het welbevinden van jongeren en kinderen? En met welbevinden bedoel ik het positief gevoel en positief in het leven kunnen staan. Het gaat over zelfvertrouwen, doorzettingsvermogen en energie. Dan wil ik aandacht vragen voor kansenongelijkheid. Mijn collega heeft het ook net benoemd. Wat doen we onderwijsinstellingen om kansenongelijkheid te verkleinen? Merken de scholen in verband met corona achterstanden bij hun leerlingen en wat wordt hieraan gedaan? Lerarentekort is een landelijk probleem natuurlijk. Wat doen we onderwijsinstellingen hieraan? En betreffende de ventilaties op scholen, ik verneem graag van onderwijsinstellingen of erop korte of lange termijn een ventilatieplan is. Tot slot lees ik vandaag in het Haarlems Dagblad onder de titel, ‘Zeer zwakke scholen Haarlem Noord kruipen naar het dal’. Graag jullie commentaar over dit artikel. En wat is de stand van zaken betreffende de cirkel die in 2020 onvoldoende van de inspectie heeft gekregen? Tot zover. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Verhagen.

Oh, heeft u een interruptie? En mevrouw Stroo, Jouw Haarlem eerst.

6

Mevrouw Stroo: U stelt een vraag over het krantenartikel. De meeste scholen die zijn niet bij Spaarnesand volgens mij aangesloten, maar alleen een cirkel zeker. Want de andere scholen vallen onder KBO. De heer El Aichi: Als u goed geluisterd heeft, ik heb een heel algemeen verhaal gehouden voor alle onderwijsinstellingen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Verhagen, Trots Haarlem. Gaat uw gang. Mevrouw Verhagen: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit mij aan bij de complimenten van andere collega’s en dit is een heel moeilijke tijd geweest, het jaar. En ondanks dat lijkt het onderwijs toch allemaal best wel goed naar vermogen te zijn verlopen. Ik heb ook gelezen dat aan de corona achterstanden, die zijn in kaart gebracht en daar wordt aan gewerkt. Dat zal waarschijnlijk nog doorgang vinden, dus wat dat betreft ook prima. Toch nog een enkele andere vraag. Het blijkt namelijk uit de jaarrekening dat de salarislasten stijging minder hoog uitvalt dan vanuit het Rijk wordt vergoed. Dat zou veroorzaakt zijn door relatief meer onderwijsondersteunend personeel in dienst met een lager salaris en een uitstroom van docenten met hogere salarissen. Trots vraagt zich af of dit niet voorzien had kunnen worden. We weten immers tevoren wanneer leerkrachten met pensioen gaan en al dat onderwijsondersteunend personeel was waarschijnlijk ook al in dienst.

Betekent de relatief grote hoeveelheid onderwijsondersteunend personeel niet ook dat taken van leerkrachten zijn overgenomen door personeel dat daartoe onvoldoende is gekwalificeerd? Zo ken ik uit mijn eigen praktijksituaties waarin een klassen assistent zelfs volledig groep verantwoordelijkheid had of remediërend werk verricht, waarvoor ze didactisch niet zijn toe gericht. Soms gaat dat prima, maar dan zou je toch eigenlijk moeten zeggen dat zo iemand te laag wordt betaald. Hoe dan ook heeft Spaarnesand in dit geval geldt dat bedoeld is om de grote werkdruk van leerkrachten te verrichten overgehouden. Trots zou daarom graag willen weten of dit overschot alsnog kan worden ingezet voor extra formatie voordat het misschien verdwijnt in de toch al aanzienlijke ICT-pot, waarvan niet helemaal is vastgesteld welke meerwaarde die nou eigenlijk heeft voor de prestaties van de leerlingen en de werkdruk van de leerkrachten. Ook vraagt Trots zich af waarom cultuuronderwijs kansengelijkheid zou scheppen. Zou een ruimer aanbod vaardigheden, ook met de handen, niet juist een grote groep kansarme kinderen in staat stellen hun individuele mogelijkheden te ontwikkelen? Tja, en dan zien we ook dat er samenwerking bestaat tussen het CJG en het onderwijs waarbij dus gewerkt wordt met de kansencirkel.

Bij het invullen van de diverse segmenten van de kansencirkel worden immers data geregenereerd over het functioneren van het kind in zijn omgeving. Wie is … En we vragen ons af, wie is eigenaar van deze data en met wie worden die allemaal gedeeld? Kunnen die data mogelijk verbonden worden met bijvoorbeeld de gemeentelijke basisadministratie, waarbij op basis van de burger onduidelijke algoritmes, bijvoorbeeld de risico assessment van het gezin, of zelfs een buurt gemaakt kan worden? Met de toeslagen hebben we immers gezien tot welke ellende dat kan leiden, AVG of niet. En hoe lang worden deze data bewaard? En hebben de betreffende ouders volledige inzage in de over hun kind verzamelde data? Moeten vaccinatiegegevens daar straks ook in? Is hier überhaupt over nagedacht bij de implementatie van de kansencirkel? Zeker in het licht van de huidige QR-pas en het Europese ID 2020. Vooral nu een minister weet waar de probleemgevallen en dus de ongevaccineerden in dit geval wonen. Trots maakt zich dan ook ernstige zorgen over de veiligheid van ieder forum van dit soort risicomanagement, hoe goed het ook is bedoeld, op basis van dergelijke data. Kan de wethouder, of de heer Elkerbout misschien aangeven of en op welke wijze er veiligheidssluizen zijn ingebouwd, zonder dan de AVG? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Timmer-Aukes, GroenLinks.

Mevrouw Timmer-Aukes: Dank u wel, voorzitter. Ik kan me aansluiten bij de complimenten die zijn genoemd en vooral de bijdrage van D66 en de Actiepartij. Het boek zal GroenLinks dan ook aandachtig gelezen over

7

duurzame scholen in de historische stad, want dat is altijd een opgave. Aan alles wat al is gezegd wil ik graag nog toevoegen dat ons is opgevallen dat basisschool De Cirkel voor het tweede jaar op rij een onvoldoende heeft gehad en ik vroeg me af hoe dat op dit moment is en of er verbetering in zit. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Linder, ChristenUnie. De heer Linder: Ja, bedankt. Uiteraard ook, wij sluiten ons aan bij de complimenten en ik wil eigenlijk vragen van, zouden jullie dat ook willen doorgeven eventueel in jullie nieuwsletter of zo, aan jullie medewerkers, aan de leraren dat we trots op ze zijn voor wat ze doen aan het werk dat ze verricht hebben in deze tijd. Een vraagje over het lerarentekort. Ik was eigenlijk ook benieuwd, ervaren jullie ergens een waterbedeffect, in die zin dat Amsterdam heeft natuurlijk wat tools ingezet om leraren te trekken. Hebben jullie, is jullie ervaring dat eventueel docenten afstromen richting Amsterdam, of niet? Dan de luchtkwaliteit. Ook wij waren benieuwd in hoeverre jullie nu het gevoel hebben dat jullie scholen nu voldoen aan de eisen die er gesteld worden. En tot slot, we hebben het altijd over leerachterstand.

Ik ben eigenlijk benieuwd of jullie ook erkennen dat leerlingen niet alleen maar kennisachterstand, maar vooral ook sociaal achterstand hebben, in die zin dat ze er denk ik net ook als wij als volwassenen na corona soms moeite hebben met hoe we met elkaar omgaan, dat ook leerlingen in de coronatijd misschien ook niet meer zo gewend zijn, hoe ga je om met elkaar in de klas en de docent? Of jullie dat herkennen of dat het volgens jullie niet per se zo is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit, OPHaarlem, en daarna de heer Van Kessel. De heer Smit: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me aan bij alle complimenten die in deze moeilijke tijd gegeven kunnen worden, want dat verdienen de scholen. Ik heb inmiddels blijkbaar na volgers als het gaat om het binnenmilieu, dus ik wil graag aan de wethouder dan wel de raad van bestuur vragen of we inderdaad zicht kunnen krijgen op het plan van aanpak dat de komende tijd ingezet gaat worden om het binnenmilieu aan te pakken. Ik hoorde op de radio ook een woordvoerder van een van de onderwijsbonden dat toch als een belangrijk, c.q. heikel punt aangeven, dus het leeft ook bij het onderwijs en personeel. Ik hoor graag. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter.

Als laatste kan ik me ook gemakshalve aansluiten bij alle terechte complimenten die gegeven zijn voor het hele zware jaar waar alle leraren en docenten en andere medewerkers doorheen gegaan zijn. De VVD heeft naar de financiële onderdelen van het jaarverslag gekeken. Dat zag er goed uit, mede dankzij ook een lumpsum vergoeding vanuit het Rijk, die hoger was dan begroot. We sluiten ons aan bij de vragen van het CDA over De Cirkel. Dat was eens ook opgevallen en ook wij zijn benieuwd wat daar gebeurd is. Daar wil ik eigenlijk nog een vraag aan toevoegen. De Cirkel zal, of is inmiddels al naar een basisarrangement voldoende gegaan. Ik zie dat er ook scholen zijn die een basisarrangement goed hebben en ik vroeg mij af of u daar wat meer over kunt aangeven, van wat is nou eigenlijk het verschil tussen een school waar het basisarrangement voldoende is en waar het goed is? En is het streven om alles naar goed te krijgen of op voldoende te hebben? En als u alles naar goed zou willen krijgen, wat zou daar dan voor nodig zijn? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Ja, ook namens Jouw Haarlem complimenten. Het viel me op om te lezen dat het thuisonderwijs, dat het redelijk snel opgepakt kon worden, dat het toch niet voor veel problemen heeft gezorgd. Van nou, binnen korte tijd hebben jullie dit op kunnen starten, dus dat vind ik heel knap.

Tot zover.

8

De voorzitter: Dank u wel. Iedereen gehad? Ja. Dan gaan we naar de heer Elkerbout. De heer Elkerbout: Dank u wel voor alle complimenten, laat ik daarmee beginnen. En ik wou zeggen, de vragen zijn van allerlei orden en ik denk dat het goed is om ze een beetje te clusteren in de beantwoording als u dat goed vindt en dan hoor ik wel of ik alles gecoverd heb. En het is fijn dat mijn collega bestuurder ook aanwezig is, die heel erg veel kan zeggen over de kwaliteit van de gebouwen, de luchtkwaliteit, de fietsenstalling en dat soort dingen. Dus daar zal ik hem straks graag even het woord voor geven. Dan zal ik meer ingaan op de inhoudelijke, onderwijsinhoudelijke en personeel technische opmerkingen die gemaakt zijn, als u het goed vindt. Eerst even iets over de strategische uitdaging van de kansengelijkheid en de vraag die er was over wat Spaarnesand daaraan doet en wat het onderwijs daaraan kan doen. Ik wil eigenlijk eerst een opmerking maken over het feit dat de kwestie van de kansengelijkheid is natuurlijk ook een maatschappelijk vraagstuk en niet alleen een vraagstuk voor het onderwijs. Om een voorbeeld te noemen, Haarlem is een sterk gesegregeerde stad en scholen zijn een afspiegeling van de wijk. En dat betekent dat de segregatie die plaatsvinden in de samenleving zich ook daarmee vertaald naar de segregatie in de scholen.

Wij zien mogelijkheden om verbetering aan kansen voor leerlingen te werken door samenwerking met het VO te zoeken. Dat doen we al jaren en daar worden ook steeds kleine stappen in gezet om daarin beter te worden. Daar kunnen mijn collega’s van het VO vast straks ook nog wat over zeggen. We zitten wel in de situatie in Haarlem dat het VO erg versnipperd is in de zin van, er zijn veel smalle scholen en dat bevordert natuurlijk de situatie van de kansengelijkheid in principe eigenlijk niet. En tegelijkertijd is dat ingegeven waarmee we te dealen hebben. Onder andere met mijn collega van het Stedelijk Gymnasium hebben we al een tijdlang een leuk en goed lopend project om kinderen die talenten hebben te interesseren voor het gymnasiaal onderwijs. Daar werken we al jaren in samen, dus dat soort initiatieven. We zijn nu met Dunamare in gesprek over de mogelijkheden van drempelloze overstap. Nogmaals, we proberen ons ding te doen, maar wel binnen de context van een situatie waar we eigenlijk ook, laat ik maar zeggen, aan de ene kan men een maatschappelijk fenomeen te maken hebben en aan de andere kant ook met een stelsel dat niet altijd kansen bevorderend is. Daar gaan wij ook niet over, dus dat moeten we gewoon op ons in laten werken. We hebben in ons komende … In ons komende strategische … De voorzitter: U heeft even een vraag nog van de heer Van Kessel, VVD.

De heer Van Kessel: Ja, dank u wel. Het begrip kans om, dat is ook gelijk een beetje een ongrijpbaar begrip, maar ik denk wel dat terecht wordt gezegd dat het niet alleen een school is die heel veel daaraan doen, maar ook de maatschappij om er wat aan te doen. Mijn vraag is eigenlijk, kunt u wat zeggen over de mate waarin in bijvoorbeeld de afgelopen tien of acht jaar de kansenongelijkheid is toegenomen of afgenomen? Heeft u daar een beeld bij? Kunt u daar wat over zeggen? De voorzitter: De heer Oomkes. De heer Oomkes: Aanvullende vraag. U sprak net een aantal woorden over segregatie. Vindt u dat uw koepel een taak heeft op dat gebied? De heer Elkerbout: Misschien eerst iets over de toename of afname. Ik heb geen data hier paraat. Ik denk wel dat we kunnen vaststellen dat het hoger op de agenda is gekomen, dus in die zin leidt dat er natuurlijk ook toe dat je daardoor mogelijk het beeld krijgt dat het een groter probleem geworden is, maar dat betwijfel ik. Dus ik denk dat het probleem er al heel lang is en dat we alleen door beter te kijken ook het hoger op onze aandachtagenda krijgen, en terecht. En dat is ook heel goed dat dat gebeurt. En tegelijkertijd zie je dan en dat is zeker in de coronaperiode ook weer eens duidelijk geworden, zeer venijnigheid van het probleem en de

9

complexiteit ervan, dus het veelkoppige monster wat het eigenlijk is, die kansenongelijkheid. Dus in die zin zou ik zeggen, ja, het genereert een grotere aandacht en ik denk dat de combinatie met bijvoorbeeld het lerarentekort hier ook ons niet helpt. Dus, laat ik maar zeggen, het verkrijgen van goed personeel is natuurlijk een belangrijke voorwaarde om goed onderwijs te kunnen bieden en goed onderwijs is weer een belangrijke voorwaarde om aan goede kansen inderdaad te werken. Dan de opmerking over … Wat was uw vraag ook alweer precies? Ja, het segregatie. Natuurlijk zien wij daar een rol voor ons en daar was ik eigenlijk net blijven steken. Wij hebben in onze komende strategische perioden, hebben we eigenlijk gezegd, we beperken ons tot een aantal belangrijke strategische ijkpunten in het kader van ons onderwijs, dus dat zijn eigenlijk ijkpunten die voor al onze scholen van belang zijn. Kansengelijkheid is er daar één van en daarbinnen hebben we geformuleerd dat we ook in de komende periode meer aandacht gaan besteden in wat de scholen zouden kunnen doen, waar het vraagstuk op het eerste gezicht wat minder lijkt te spelen. Dus wij hebben, wij zitten door de hele stad, dus wij hebben scholen in een ontzettend breed scala.

En wij gaan ons nu ook eens focussen op de vraag, wat zouden de geheide witscholen met hoogopgeleide ouders kunnen doen om ook stappen te zetten in het verbeteren van kansen onder andere door misschien contacten te organiseren, door samen te werken, et cetera? We zien dat aan de achterkant ook gebeuren, want als we bijvoorbeeld vraagstukken hebben op het gebied van het lerarentekort, dan hebben we al gezien in de afgelopen periode dat onze scholen elkaar ook helpen en dat dan ook de grotere scholen die we makkelijker personeel kunnen krijgen altijd bereid zijn om ook in te springen en mensen naar de scholen te sturen waar het moeilijk gaat. En in die zin werkt het samenwerkingsmodel van Spaarnesand als een organisatie van 25 scholen, dat werkt dan ook heel erg goed. Eens even kijken. De vraag naar het personeel, de salarislaten, het OOP. Kijk, wat we zien is dat het lerarentekort houdt ons ook enorm in de greep. En we zien dat het steeds moeilijker wordt om met name de vervangingspool te vullen, dus op dit moment lukt het nog wel om de structurele formatie gevuld te krijgen, maar dat betekent dat onze vervangingspool meteen leeg is. Dus we hebben eigenlijk geen enkele ruimte om in te spelen op vervangingsvraagstukken en dat vertaalt zich natuurlijk weer, zeker nu in die coronaperiode weer dat er echt een groot organisatorisch vraagstuk ligt op scholen waar leraren ziek worden.

En ondanks de noodplannen die we hebben, komen we daar echt in de problemen. We hebben de afgelopen jaren ingezet in het vergroten ook van het aandeel ondersteunend personeel, juist ook om ons minder kwetsbaar te maken. En dat verklaart natuurlijk ook wel een beetje die verschuiving in hoe ons personeelsgebouw in elkaar zit. Ik zou heel graag hier willen kunnen melden dat het ons ook lukt om veel leraren te werven, maar die zijn er doodeenvoudig niet. Dus dat lukt steeds minder goed. En dat is een vraagstuk waar u niet alleen met mij in gesprek bent, maar dat is een landelijk vraagstuk en het zal ook een lange adem vergen om een beleid dat zich pakweg twee, drie decennia heeft voltrokken, om dat in korte tijd te willen ombuigen. Dus dat is een grote opgave voor het hele land. De voorzitter: U heeft een vraag van de ChristenUnie. De heer Linder? De heer Linder: Zou volgens u de gemeente daarin een rol kunnen spelen, om u daarbij te helpen? De heer Elkerbout: Ik denk dat de mogelijkheden van de gemeente hierin eigenlijk heel beperkt zijn. We hebben natuurlijk wel het gesprek met de gemeente gevoerd over een aantal dingen die zouden kunnen, bijvoorbeeld wat flexibiliteit in het parkeerbeleid voor scholen die in het centrum liggen en die wel leraren kunnen krijgen, die echt aangewezen zijn op autovervoer en of daar de mogelijkheden zijn.

Wij hebben het gehad over de mogelijkheid om iets te doen aan het vestigingsklimaat in Haarlem, dus de beschikbaarheid van woningen voor leerkrachten die van ver komen. Maar ook daar zien we natuurlijk dat de mogelijkheden voor de gemeente ook heel beperkt zijn. Dus ja, we proberen denk ik met elkaar te denken in oplossingen, maar we zien ook dat dat gewoon heel weerbarstig is. En dat sluit ook even aan op het mogelijke waterbedeffect van de

10

gemeentes om ons heen, met name Amsterdam die dan meer geld kan uittrekken voor het werven van leraren. Tot nu toe valt dat effect eigenlijk wel mee, omdat toch Haarlem een interessante stad is om te wonen en ook goed bereisbaar is. En we zien tot nu toe eigenlijk ook nog wel voorkomen dat er toch nog mensen uit Amsterdam naar Haarlem zouden komen en dat heeft ook een beetje te maken met het soort scholen waar je dan op terecht komt en dat mensen denk ik toch Spaarnesand ook wel een aantrekkelijke werkgever vinden. We zien veel beweging van personeel en heel veel heeft ook te maken met meer thuis nabij de baan kunnen vinden, dus dat heeft zich in de afgelopen jaren echt voltrokken en hopen dat daar op enig moment toch ook weer een soort van stabilisatie in plaatsvindt. Wij zetten heel erg in nu op de werving van nieuw personeel, ook door ons, het versterken van onze rol als opleidingsschool en de samenwerking met de pabo om de jonge mensen te interesseren om die te werven. Dat is eigenlijk … Daar zie ik nog de meeste mogelijkheden in, het versterken van de instroom aan de onderkant. De voorzitter: Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: In het kader van daarvan heb ik nog een vraag.

In hoeverre speelt het aanbod van sociale huurwoningen een rol misschien? De heer Elkerbout: Nou, we hebben gezien dus dat er een klein initiatief op dat punt geweest is en daar is ook onmiddellijk gebruik van gemaakt, maar ik denk ook dat gezien de woningnood ook in Haarlem daar de mogelijkheden best beperkt zijn. Dus de goede wil, die treffen we overal aan, maar het blijft een weerbarstig vraagstuk. Ik wil ook nog iets zeggen over wat er aangedragen is met betrekking tot de ICT waar wij sterk in zijn. Ik wil toch wel hier benadrukken dat het feit dat we zo goed door de coronacrisis gekomen zijn, dat is onder andere doordat we voorafgaand daaraan, eigenlijk helemaal niet in het licht daarvan, maar nog voordat er op dit punt iets aan de hand was, heel erg geïnvesteerd hebben in de kwaliteit van onze ICT infrastructuur en dat heeft gemaakt dat we in hele korte tijd de omschakeling hebben kunnen maken van live naar online onderwijs. Dus wij waren eigenlijk ontzettend tevreden dat we die investeringen hebben gedaan en dat onze leraren allemaal beschikken over goede devices en die de kinderen by the way ook, en dat we in de tijd dat we online moesten gaan werken, dat we ook heel makkelijk kinderen konden voorzien van devices die je dat thuis niet hadden. Nou, dankzij het feit dat we dat goed op orde hebben, konden we die snelle stap eigenlijk heel goed maken.

Dus ik denk dat dat heel goed besteed geld is geweest. Er waren ook vragen over de AVG kant van het werken met de kansencirkel. Ik wil toch de impact van de kansencirkel in de praktijk nog wel een beetje relativeren, dus we vinden dat een ontzettend goed model en we hebben ook steeds gezegd, daar willen we graag in meewerken. Maar de implementatie daarvan, die staat echt nog in de kinderschoenen. En overigens is het zo dat wij heel erg actief zijn in het voldoen aan alles wat er met AVG te maken heeft. En ja, wij worden gezien als een voorloper als het gaat om het beschermen van privacy en van de gegevens van ouders en kinderen. Ik denk dat we wat dat betreft goed zitten. Even kijken. Ja, er werd mij ook … Ik werd uitgedaagd om een standpunt te formuleren over virusweigeraars. Dat ga ik niet doen, zoals u begrijpt. We zijn een openbaar onderwijsinstellingen. Dat betekent dat we in de volle breedte met alles wat er in de samenleving speelt ook met scholen te maken hebben. We proberen ons daarbij zo goed mogelijk te houden aan de protocollen die er zijn en we proberen vervolgens de directeuren te ondersteunen in het in gesprek blijven met alle partijen binnen de school.

Dat is soms een enorme opgave, zeg ik erbij, en we worden soms ook heel erg uitgedaagd om daar standpunten over in te nemen en tot nu toe hebben we altijd die discussies niet gevoerd en verwezen als het ware naar de landelijke context. En daar proberen we het beste van te maken en dat is tot nu toe volgens mij ook goed beleid geweest. Even kijken. Oh ja natuurlijk, de onvoldoende school. De Cirkel kan ik melden, is inmiddels voldoende na een forse inspanning, moet ik er ook bij zeggen, van een aantal jaren heel hard werken door het team en ook heel veel extra middelen van het bestuur daarin

11

gestopt, kunnen we nu zeggen dat het op De Cirkel heel goed gaat. Er is ook nog een vraag naar, is nou het streven van bestuur om alle scholen in het gebied goed te krijgen? Wij dagen wel alle scholen uit om ambities te hebben die verder reiken dan het basisarrangement. Dus onze hele kwaliteitszorgsysteem is erop gebaseerd dat scholen zich in beginsel in ieder geval ervoor zorgen dat ze aan het basisarrangement van de inspectie kunnen voldoen. En dat is inmiddels, is daar een nieuw toezichtkader voor en dat is gelukkig wat scherper dan het vorige. En ik denk dat wij zien dat al onze scholen daaraan voldoen. Ik wil wel bij aantekenen dat het voor scholen, gegeven hun context echt niet overal dezelfde opgave is om ook goed te worden. Laat ik maar zeggen, ik ben bij sommige scholen er enorm trots op dat ze erin slagen om dat basisarrangement overeind te houden, gegeven de context. Nogmaals, we stimuleren scholen allemaal om ambities te hebben die boven dat basisarrangement uitgaan. Daar zijn ze ook allemaal mee in de weer, maar nogmaals, de context maakt ook dat je daar je bescheiden in op moet stellen. En ik ben heel blij dat we een aantal scholen hebben die voluit dat oordeel goed krijgen. Maar ik ben eigenlijk nog veel meer gericht erop dat de scholen ervoor zorgen dat de kinderen, laat ik maar zeggen, zich welbevinden in het onderwijs in combinatie met het basisarrangement.

En dat is iets wat minder meetbaar is in het kader van de inspectie en meetmethoden. Dus ik relativeer even de ambitie, mag ik hopen. Er is ook een vraag gesteld over, we hebben het veel over leerachterstanden, maar hoe zit het dan sociaal emotioneel? We hebben inderdaad gezien dat de impact van de coronaperiode niet alleen is geweest op de cognitieve ontwikkeling, maar ook heel erg op de sociaal emotionele ontwikkelingen en dat daarbij ook maar weer eens benadrukt is hoe belangrijk het is dat kinderen naar school kunnen. En dat de school dus een gemeenschap is waar kinderen ook van elkaar leren en elkaar leren en dat in je eentje achter een computer zitten thuis echt geen vervanging is voor wat er op school gebeurt. Dus het is heel goed dat we daar met elkaar heel goed van doordrongen zijn en ik kan alleen maar de hoop uitspreken dat dat zich ook zal vertalen naar een beleid op landelijk niveau, dat onderwijskwaliteit niet iedere keer gereduceerd wordt tot kleine meetbare elementen, zoals leesvaardigheid, spelvaardigheid en rekenen. Onderwijs gaat echt over veel meer dan dat en we moeten denk ik echt af van het paradigma dat we elkaar alleen maar vergelijken op van die hele beperkte dingen, hoe belangrijk spelling, rekenen en lezen ook moge zijn. Nou, ik denk dat ik qua onderwijsinhoudelijke dingen wel de meeste zaken hebben gecoverd.

Misschien is het goed Jan, dat jij nog wat kunt zeggen over de luchtkwaliteit, de bereikbaarheid van de scholen, de fietsenstallingen en dat iets meer zijn. De voorzitter: De heer Aalberts krijgt het woord. De heer Aalberts: Kunt u mij verstaan? Ja. Goedenavond. De fietsen, we hebben daar overigens ook luchtkwaliteit in de online ontmoeting met de meesten van u ook uitgebreid over gesproken, maar ik herhaal het hier graag. Wij faciliteren onze scholen ook in de beperkte ruimte die bij sommige gebouwen er is met voldoende fietsenstallingen, zowel voor personeel als voor leerlingen. Dus als het bij een van onze scholen, en het is mij niet meteen bekend of het een probleem is bij de scholen, bij een van onze scholen, dan heeft dat vaak met de beperkte ruimte te maken, want je moet natuurlijk ruimte overhouden om te spelen, dus fietsenstallingen die worden vaak naast de school, achter de school. We zijn nu ook bij nieuwbouwplannen weer aan het kijken waar we ze kwijt kunnen, maar daar wordt wat ons betreft altijd voldoende rekening mee gehouden, want wij promoten dat ook. Waar we last van hebben, dat zijn met name bij het weer van dit moment de auto’s die ‘s ochtends de school en de buurt onveilig maken als kinderen met de auto gebracht worden. Dus lopen en fietsen promoten wij alleen maar en faciliteren wij ook.

Wat het ventilatiedossier betreft, daar hebben we natuurlijk het laatste jaar ook met Covid heel veel over gelezen. Daar worden we constant gevraagd in het AOB-blad vorige week bij RTL Nieuws in congressen om te vertellen wat we daarin doen, omdat ook bij de landelijke organisaties bekend is wat we daarin doen. U leest daar ook in het boek het nodige over. We hebben in 2015 al gezegd, het binnenklimaat in onze gebouwen moet goed zijn en dat kun je

12

in delen in frisse scholen A, B of C. En B is de norm die voor nieuwbouw geld, dus voor moderne gebouwen. En C staat voor gezond en dat is enorm die in oudere gebouwen, bestaande gebouwen, soms een opgave kan zijn. We hebben in 2015 dat in alle gebouwen gemeten en in acht gebouwen hebben we aanvullende maatregelen getroffen en daarna was het goed. Maar we hebben ons ook gerealiseerd in de Covid discussie dat je dan meet, in dit geval twee weken in vier, vijf lokalen, en dat op dat moment goed is, omdat in de meeste scholen waar installaties ontbreken het op de leerkracht aankomt, al honderd jaar, om op tijd de ramen open te doen, natuurlijke ventilatie. Wat we in de Covid discussie hebben gezegd, laten we daar, ook al gratis personeel daar goed mee om, dat hebben we toen gemeten, maar is op dit moment ook de situatie in elke school, in elke klas, laten we daar niet van afhankelijk zijn. Dus we hebben gebruik gemaakt van de eerste twee subsidieregelingen, de SUVIS-regelingen. Daarmee krijg je dertig procent vergoed van het Rijk en zeventig procent moet je als schoolbestuur en of gemeente, moet je zelf ophoesten. Meeste gemeenten, ook Haarlem, doen daar niet aan mee. Waar we wel het geluk bij hebben, is dat bij een aantal scholen waar we renoveren, dat Haarlem daar natuurlijk wel in meedoet via de zorgplicht in de huisvesting.

Maar we hebben in elf gebouwen zelf die zeventig procent geïnvesteerd. Vier zijn er dit jaar uitgevoerd, zeven hebben we voor 2223 aangevraagd. Maar even nu om u een idee te geven, die zeventig procent komt in ons geval neer op zo’n anderhalf miljoen. En dat is ook voor heel veel schoolbesturen, omdat je die investering voor die moderne ventilatiesystemen, die zitten in een nieuwbouwbudget en dan worden ze in de gemeente betaald. Maar ze zitten niet in het onderhoudsbudget als schoolbestuur. Toch hebben wij door die systemen ook in twintig jaar af te schrijven daar ruimte voor gevonden. We anticiperen ook uiteindelijk op een betere bekostiging in de toekomst en we willen dus in alle gebouwen hiermee waar ze nog ontbreken deze installaties geplaatst hebben. Dat doe je niet zomaar, want even een idee, we zijn nu al zeven maanden bezig bij de basisschool Ter Cleeff. Die was ook vorige week maandag in het RTL Nieuws, 22 lokalen. Dan moet je een gigantische operatie om daardoor het schooljaar heen, terwijl de school ook werkt, die zaken aan te brengen. En we zouden drie zomervakanties nodig hebben om dat in een leeg gebouw te doen. In elk lokaal moet het plafond open, daar moeten grote leidingen naar boven, naar de zolder. Een heel verhaal. En daar ben je dus ook zomaar acht maanden mee bezig.

Wij zien dit ook niet zozeer, het is belangrijk bij Covid, maar dat kun je ook oplossen door de ramen op te doen. Nou, dat is in deze tijd, is dat lastig. Dus vandaar die installaties. Maar we hechten vooral aan een gezond werk- en leefklimaat voor zowel docenten als leerlingen, ook los van de Covid discussie. De voorzitter: Dank u wel. Ik wil even vast wel een opmerking maken. We hebben dit agendapunt om kwart over zes op de agenda staan, dus we hebben nog zeven minuten. We gaan er natuurlijk altijd wel iets op uitlopen, maar ik wil graag wel even dat we het iets sneller gaan doen dan we nu bezig zijn. Maar even naar de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja, toch nog een aanvullende vraag over de fietsbereikbaarheid. U zegt, we hebben veel last van de auto’s die beide scholen rijden om de kinderen te brengen. In sommige steden zie je dat de straten afgesloten worden bij scholen. En eigenlijk dat hele halen en brengen duurt maar een kwartier. Dus zou u er niet voorstander van zijn om die straat bij de scholen een kwartier lang per dag, of twee keer een kwartier te sluiten, af te sluiten? En pleit u daar ook voor bij het college? De heer Aalberts: Ik zou het niet in mijn hoofd halen met dat voorstel te komen, want als je de boelen … Wij zeggen nu vaak van, mensen, het is maar een kwartier.

Want waar ontstaat het probleem? Mensen willen de wijk uit en mensen komen de kinderen brengen en juist die combinatie, mensen gaan op dezelfde tijd naar werk als dat ze de kinderen brengen. Sterker nog, zodra ze de kinderen afzetten rijden ze hard door en dat zijn vaak de gevaarlijkste automobilisten. Dus het is heel lastig om te zeggen, wij sluiten. We zouden het ook niet

13

aan de gemeente voorleggen om die wijken af te sluiten, want ja, dat is een enorm probleem. Ik denk dat dat niet verstandig is. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Dank u, voorzitter. Dank u voor de toelichting over het binnenmilieu. Dat is natuurlijk een wat completer element dan alleen de luchtbehandeling. U zegt, voor zeven scholen loopt op dit moment een aanvraag. Ik vind het leuk om via de griffie te vernemen welke zeven scholen op dit moment in die aanvraag zetten en door u gepland zijn voor 22 en daarna. En u zei net even twee dingen met de luchtveiligheid. U zegt eerst bij renovatie en nieuwbouw, valt in principe luchtbehandeling onder dat traject voor renovatie en nieuwbouw en daarna zei u nieuwbouw. Maar het is toch recreatie, sorry, recreatie, renovatie en nieuwbouw? Allebei, hè? De heer Aalberts: Ja, het is bij alle… Als we het over renovatie hebben, dat is niet zomaar. Bijvoorbeeld, wij krijgen een bestaand gebouw ter beschikking om geschikt te maken voor primair onderwijs. Dan ga je renoveren. Argonaut is daar een mooi voorbeeld van geweest. Cruquiusschool ook. En dan kun je daar op dezelfde manier mee omgaan als met nieuwbouw, alleen de uitdaging is wat groter. En die zeven scholen zijn ook inmiddels toegekend. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Ja, ik vroeg me af … Ja. Wacht even, hoor.

De voorzitter: Staan in het boek hoor ik net misschien. Maar ga uw gang. Mevrouw Stroo: Ik vroeg me af of u als schoolbestuur een ondergrens heeft om nog te gaan investeren in die ventilatie. Als u zegt, nou, het is eigenlijk niet meer te doen in dit schoolgebouw. En is dat dan een moment wat u zegt van nou, we moeten eigenlijk naar nieuwbouw toe? De heer Aalberts: De nulmeting die Haarlem breed PO en VO is gehouden, daar komt dat aspect ook binnenmilieu aan de orde. En we hebben letterlijk in de afweging van die elf scholen, er komt er straks nog een bij in de derde tranche die mogelijk gaat komen. Daar hebben we de scholen waarbij we volgend jaar met de gemeente in overleg zijn over mogelijk nieuwbouw, of scholen waarvan we al weten dat de nieuwbouw komt en dat is soms over vier, vijf jaar. Daar laten we zo’n investering achter van soms een half miljoen achterwege, zeker ook omdat we weten dat met natuurlijke ventilatie de zaak daar ook gezond is. De voorzitter: Dank u wel. Kunnen we dit punt afsluiten, deze school? De heer Oomkes. De heer Oomkes: Dank u wel, voorzitter. Ik stelde al eerder vragen over de krappe financiering door de gemeente Haarlem. We hebben bij die prachtige onlinebijeenkomst, waar u fantastische voorbeelden gaf van de nieuwbouw en hernieuwbouw door uw koepel. Hele goede voorbeelden gezien.

Man zou u iets specifieker kunnen zijn ten aanzien van de moeilijkheden waarop u stuit? Is er voldoende geld om de komende jaren tot nieuwbouw of hernieuwbouw te komen? De voorzitter: Kort antwoord graag. De heer Aalberts: Ik denk dat het verhaal van het gemeentelijk huisvestingsplan met de honderd, 130 miljoen, daar gaan we volgend jaar met de gemeente over praten en dat ligt er nu midden. De plannen die we met de

14

gemeente hebben gemaakt, daar worstelen we nu ook mee, maar dat gaat niet om geld. Dat probleem komt ook, want terwijl wij aan het worstelen zijn, gaan de prijzen omhoog. Maar dan hebben we het bijvoorbeeld over de beperkte capaciteit bij de gemeente voor vergunningen. We zitten letterlijk voor een bestemmingsplan wat moet wijzigen in Boerhaave te wachten tot daar stedenbouwkundigen zijn aangesteld die ons met informatie moeten voorzien, willen we aan de slag kunnen. En dat zijn momenteel de problemen die liggen niet zozeer op het terrein van de onderwijshuisvesting maar meer van de situatie momenteel van de bezetting bij de gemeente. De voorzitter: Ja, dank u wel. Dan wil ik dit punt afsluiten, punt 6.a gaan we afsluiten. De heer Elkerbout wil ik bedanken, de heer Aalberts ook bedanken. En als u nog even de microfoon schoon wil maken en het knopje, dank u wel. 6.b Realisatie instandhouding openbaar voortgezet (speciaal) onderwijs 2020 De voorzitter: En dan gaan we door naar volgende, dat is speciaal, of realisatie instandhouding openbaar onderwijs voortgezet onderwijs. En de heer Post komt aanschuiven namens Dunamare. Dank u wel.

Ook stichting Dunamare Onderwijsgroep heeft het jaarverslag van 2020 ter kennisname ingediend en de gemeenteraad is als extern toezichthouder van het openbaar voortgezet onderwijs bevoegd om conform de Wet op het voortgezet onderwijs om op grond van het jaarverslag 2020 vast te stellen dat de stichting voldoende openbaar voortgezet onderwijs in 2020 heeft gerealiseerd. Dit stuk staat ook ter advisering op de agenda en de commissie zal vanavond bepalen of het voorstel doorgaat naar de raad ter vaststelling. En kan ik de heer Post als eerste het woord geven voor een eventuele toelichting? De heer Post: Ik sluit me een beetje aan bij de woorden van Martin, die denkt dat het verslag voor zichzelf spreekt dus ik zou willen weten wat voor vragen er zijn. Ik wil wel zeggen dat ik ook aan iedereen die bij ons werkt, alle docenten, conciërges, medewerkers, enorm veel waardering heb gehad afgelopen jaar onder zeer moeilijke omstandigheden het werk te doen. We zitten nu al eigenlijk voor het derde seizoen in een tijdperk waarin we toch gebroken lessen moeten geven en ik merk ook dat dat ontzettend veel vraagt van onze mensen en daar ben ik ontzettend trots op, dat proberen we zelf ook als bestuur regelmatig duidelijk te maken aan de mensen maar het kan eigenlijk niet genoeg gezegd worden.

Dus daar heb ik heel veel waardering voor en dan is zo’n verslag maar een verslag en een stuk papier, daar kan je niet in uiten wat je voelt en wat je denkt elke dag. Maar ik weet dat op de dag van vandaag de mensen nog steeds met hart en ziel voor die leerlingen gaan, dat zie je nu ook weer met de nieuwe aangekondigde maatregelen. Enorme waardering daarvoor. En verder denk ik dat het goed is dat jullie misschien vragen stellen of zeggen van nou, behandel dat thema wat net door Martin ook behandeld is ook even, gegeven de tijd, maar dat laat ik aan jullie. De voorzitter: Ja, we gaan naar de commissie. Nou ja, inderdaad gegeven de tijd, probeer niet in herhaling te vallen want er zijn al een heleboel antwoorden gegeven ook door de heer Elkerbout, niet op dit speciaal onderwijs maar ik denk dat er wel generieke antwoorden zijn gegeven. Dus ik wil nu even naar mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel. Dank u wel voor het stuk, ook hier zien de financiën er hartstikke goed uit dus daar zal ik kort over zijn. Een gesignaleerd risico is wel de afname van het aantal leerlingen zag ik in de komende vier jaar. En ik begreep uit de stukken dat Dunamare hier rekening mee houdt door een gebalanceerd personeelsbestand met vaste en tijdelijke contracten, maar tegelijkertijd is ook voor jullie het lerarentekort aan de orde van de dag en wil je mensen aan je binden.

En dat voelde voor mij toch wel een

15

beetje als een tegenstrijdige uitdaging. En ik was eigenlijk wel benieuwd of de heer Post kon ingaan op hoe hij deze problematiek oppakt, dus eigenlijk voor de korte en de lange termijn. En ik vroeg me daarbij ook af of de genoemde ontwikkeling, dus de terugloop in het aantal leerlingen, ook in de pas loopt met het strategisch huisvestingsplan wat we volgend jaar dus weer opnieuw gaan vaststellen met elkaar. Het is tijdens de vorige bijdrage al gezegd door een aantal mensen: tijdens de coronapandemie is duidelijk geworden dat die maatregelen een flinke impact hebben gehad op ons allemaal maar ook met name op onze tieners, op onze jongeren. Niet alleen wat betreft de leerachterstanden maar ook sociaal en emotioneel. En zou de heer Post kunnen aangeven op welke wijze Dunamare deze problematiek ook oppakt en wat daar eventueel vanuit de gemeente nog voor nodig zou zijn? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Linder, ChristenUnie. De heer Linder: Ja, dank u wel. Het eerste wil ik complimenten geven voor het Spaarne College. Ik bedoel, ik vind het echt een, ja, echt super als je een nieuwe school gaat maken vanuit drie en meteen ook inspecties zo goed resultaat heeft, dat … Compliment daarvoor. Wat financiën betreft kan ik me nog herinneren dat over 2019 waren er twee ‘…’ plus van 2,1 miljoen en nu is het een plus van 1,1 miljoen.

Ik heb toen begrepen dat ze zegt van nou ja, we kijken hoe we dat kunnen teruggeven aan, aan dus de school in die zin, docenten, aan het onderwijs, of welke manier. Maar nu zie ik dat er alweer winst is en in een tijd waar, ja, toch de financiën vrij krap zijn voor onderwijs vraag ik mij af in hoeverre dat 2019 ook echt het geld teruggegaan is, in die zin dat jullie dat ook hebben, in plaats op de grote hoop gooien weer terug geïnvesteerd hebben, en waarom dat het bij wijze van spreken nu alweer in die zin flink over hebben. Dan had ik er nog ook de vraag ‘…’ met uiteraard met lerarentekort of wat hoe dat bij jullie eruitziet. Verder is het zo dat sinds een tijd reizen of zo de scholen verplicht zijn om kinderen mee te nemen waar de ouders niet kunnen betalen, simpelweg omdat ouders zeggen van we willen niet betalen. Dus dat zijn jullie nu ondertussen verplicht, ik weet van scholen die dus zeggen van wij gaan dus niet meer zo uitgebreid op schoolreis omdat we dan financieel risico hebben. Dus ik vroeg mij af hoe dat bij jullie staat, of dat de gemeente een rol in kan spelen, of jullie ook al dus in die zin jullie plannen die jullie hebben voor eventuele reizen, of jullie die ook al ingeperkt hebben in verband met die wetswijziging.

Een interessante, het is misschien meer een … Ik weet dat u zeker geen bindende uitspraak kunt maken maar wel ik benieuwd voor ben, we hebben een terugloop van leerlingen, of tenminste die wordt verwacht. Tegelijkertijd gaan er stemmen op om, ja, er toch een havo/vwo ook in Schalkwijk zou moeten zijn. In hoeverre is dat bijvoorbeeld voor Dunamare mogelijk dat u zegt van wij doen met Haarlem College bieden wij ook havo/vwo aan, om te zorgen dat ook Schalkwijk een dus vwo/havo-mogelijkheid heeft? Zover mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel voorzitter. Nou ja, ook hier complimenten voor de heer Post en iedereen bij Dunamare. De financiën van de stukken die zagen er inderdaad goed uit met een mooi resultaat. Complimenten van de inspectie ook gekregen, dat is ook altijd fijn. Als u nu over het openbaar voortgezet onderwijs in Haarlem gaat eigenlijk een vraag over de manier van loten waarop dat gaat. Vorig jaar waren er 34 leerlingen uitgeloot, niet voor hun voorkeursschool maar voor hun vijf voorkeursscholen. Nou, nu is de oplossing die door jullie gegeven wordt om leerlingen een top zeven van voorkeursscholen aan te geven, ik vind dat persoonlijk niet echt een voorkeursschool, ik kan me dat nog goed herinneren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12289320/1