CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Samenleving 04.12.2024

commissie Samenleving 4 december 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vragen voor het vragenuur18.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2 alinea's met “transcript”: 1 12

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 4 december 2024 1.

19:30 uur Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Dames en heren, ik heet u van harte welkom bij de vergadering van de commissie Samenleving op deze bijzondere woensdag. En op deze bijzondere woensdag hebben we ook nog eens een hele bijzondere vergadering, ons eens per jaar overleg met de schoolbestuurders. Ik heet iedereen hier in de zaal, op de tribune en uiteraard degenen naast mij van harte welkom. De heer Elkerbout, mevrouw Wolters en de heer Post zijn hier al en later hopen we ook dat de heer Van der Werf aanschuift. Ik heb een bericht van verhindering ontvangen van de heer El Aichi van het CDA, die kan helaas niet aanwezig zijn vanavond. En dan vraag ik u vervolgens om uw agenda's te trekken en de volgende data op te schrijven en te schrappen dit keer. Het jaarlijkse onderwijsgesprek, wat wij elk jaar hebben, gaat plaatsvinden op 11 maart van 7 tot 9. Vraag aan u wie in de voorbereiding mee zou willen doen? En dan is het leuk om niet degenen te doen die we vorige keer ook hebben gehad, een beetje afwisseling. Iemand die daar interesse voor heeft, om mee te helpen bij de voorbereiding van het jaarlijkse onderwijsgesprek? Had u vorig jaar ook…Ik geloof het wel. Dus ik denk, ik zoek een beetje naar nieuwe gezichten. Misschien wil uw collega naast u. Voelt zich niet aangesproken. Nou ja, anders doen we het gewoon zo. De heer Trompetter.

En nog iemand van de coalitie dan bij voorkeur. Ja, de heer Jonker, zag ik dat? Dat maakt niet uit. Dan mag u alsnog gewoon de voorbereiding doen hoor. Van mij wel. Mooi, dan staat dat genoteerd. Fantastisch. Dan, u heeft in uw agenda staan de datum van 6 januari, een technische sessie over het uitvoeringsplan beweegvriendelijke omgeving. omgeving. Daar heeft u helemaal gelijk in. Vinden we dat erg? Ja, als u zegt, heel erg, dan moet u het zelf gaan doen, mijnheer Visser. Nee? Mooi, doen we het zo. En dat komt helemaal goed. Ja, wat ik zei, de technische sessie van 6 januari, die komt te vervallen. Dat heeft ermee te maken met dat het college, nee, sorry, dat in de voorbereiding van dit stuk de afdeling ‘…’ ook betrokken moest worden. En die betreffende ambtenaar, die heeft wat meer tijd nodig. Daarom verwachten we dit stuk nu in de cyclus van maart. Dan weet u dat, en dan zullen we ook in maart hier de technische sessie over plannen.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Goed, ga ik met u naar punt 2, het vaststellen van de agenda. Kan de agenda conform worden vastgesteld? We hebben een hele makkelijke agenda vanavond, dus ik ga ervan uit van wel. Mooi, geen meldingen.

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Gaan we door naar de mededelingen van de commissieleden en wethouders. Als eerste kijk ik naar de commissie of de commissie mededelingen heeft? Niet? Wethouder van Leeuwen heeft wel een mededeling. Wethouder, namens mevrouw Van Loenen geloof ik. Wethouder Van Leeuwen: Volgens mij ook, wethouder. Namens wethouder Van Loenen. Het is net ook al gezegd bij het vragenuur op een vraag van een partij. Het gaat over het IZA, het Integraal Zorgakkoord. En vorige week informeerden we u over de voorgenomen stemming over het Integraal Zorgakkoord, oftewel IZA, op het VNG-congres. En zoals wellicht ook bij u bekend is de uitkomst bekend. De Algemene Ledenvergadering van de Vereniging Nederlandse Gemeenten heeft met 93 procent ingestemd met het voorstel om de landelijke samenwerking op het gebied van IZA op te schorten. Wat het besluit precies betekent voor de regionale inzet van onze gemeente moet de komende periode nog duidelijk worden. We staan nog steeds volledig achter de

1

doelstelling van het IZA en blijven ons hier als gemeente Haarlem ook samen met de regiogemeenten voor inzetten. We zijn namelijk erg tevreden over de voortgang die in de regio Kennemerland is gemaakt. En door IZA zit de gemeente eindelijk stevig aan tafel met zorgverzekeraars met als doel dat zorg toegankelijk en van goede kwaliteit blijft voor onze inwoners. We willen deze constructieve samenwerking dan ook niet loslaten. Vooralsnog blijven we bij zowel het bestuurlijk overleg als het overleg op thema's en projecten aan tafel. Als er nieuwe ontwikkelingen zijn dan informeren wij als college, en dan wethouder Van Loenen natuurlijk, u daar nog verder over. De voorzitter: Uitstekend. Dank u wel. Dat waren dan de mededelingen van het college. 4.

Mededelingen over gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 4, de mededelingen over de gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden. Wethouder, heeft u recent nog een samenwerkingsverband bijgewoond waarover u misschien ook nog wat kan vertellen? Nee, oké.

5.

Transcript commissie d.d. 14-11-2024 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Gaan we naar punt 5, het transcript van de vergadering van 14 november. Zijn er naar aanleiding van het transcript opmerkingen of aanmerkingen. Nee. Mooi.

6.

19:40 uur Realisatie instandhouding openbaar basisonderwijs 2023 (BL) De voorzitter: Gaan we naar punt 6, het hoogtepunt van deze avond. Ja, zonder twijfel. Dat gaat over de jaarverslagen van de verschillende onderwijsinstellingen hier zo in Haarlem. Hoe dat officieel heet, de realisatie van de instandhouding van het openbaar basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het gymnasiale onderwijs. Wij bespreken dan zoals elk jaar met de schoolbestuurders die hier zo naast mij zitten. En technische vragen zijn gesteld door de fracties van GroenLinks en de Partij van de Arbeid. Ik ga ervan uit dat de schoolbestuurders in ieder geval die technische vragen zo goed mogelijk beantwoorden als ze zo meteen het woord krijgen. Zoals we dat elke keer doen krijgen de eerste schoolbestuurders kort het woord om hun jaarverslag heeft toe te lichten en kunnen we daarna gewoon samen het gesprek aangaan. Als u vragen heeft in beginsel, schrijf ze even op en dan kunnen ze daarna gesteld worden. Laten we eerst even de heren hier en de dame hun verhaal doen en kunnen we daarna verder. Wel wil ik iedereen er hier achter de tafel op wijzen dat ik redelijk hou van strak en kort en puntige beantwoording en verhalen, dus als ik vind dat we heel erg uitwijken of te lang bezig zijn, dan zal ik daar uiteraard eerst non-verbaal en dan verbaal wat mee doen.

Dan weet u dat ,maar dat bent u gewoon vanuit de afgelopen keren geloof ik. Dus ik ga ervan uit dat dat helemaal goed gaat. Mijnheer Elkerbout, mag ik u als eerste het woord geven om uw jaarverslag kort toe te lichten? Gaat uw gang. Inspreker 1: Wat een voorrecht. Fijn om hier weer te zijn. Wij hopen altijd een jaarverslag te maken dat door zijn leesbaarheid heel erg voor zichzelf spreekt. Dus ik hoop eigenlijk dat ik daar niet heel veel woorden aan hoef te wijden over de inhoud. Wat wel denk goed is om te vermelden dat ook dit jaarverslag geschreven is in een tijd dat we best te maken hebben met wisselende omstandigheden als het gaat over hoe de overheid ons financiert. Ik vind het altijd prettig om dat even te benadrukken. Wij blijken een behoorlijke goede discipline te hebben op de kant van hoe wij onze uitgaven realiseren. Maar als we al uitkomsten krijgen die afwijken van wat we hadden bedacht, dan is dat meestal terug te voeren op de onvoorspelbaarheid van met name de centrale overheid op het gebied van de bekostiging. Gelukkig hebben wij een stevige financiële positie en ook

2

een goede strategische bedrijfsvoering. Dus we kunnen daar heel goed mee omgaan. Maar het is wel een blijvend punt van aandacht. En ik denk dat mijn collega van Dunamare dat ook zal herkennen. Onze grootste uitdagingen zijn op dit moment nog steeds, denk ik, het leraren of in ieder geval het personeelsvraagstuk. Daar werken we hard aan. En jullie kunnen ook lezen wat we daar allemaal over zeggen. Het realiseren van basiskwaliteit lukt nog steeds goed. Maar staat daardoor natuurlijk ook met name op sommige scholen onder druk. Ik vind met name het speciaal onderwijs een aandachtspunt, omdat daar aan de ene kant een hele kwetsbare groep leerlingen zit en aan de andere kant het krijgen van personeel steeds moeilijker wordt. En laten we zeggen, wat daarbij niet helpt is dat natuurlijk ook de jeugdhulp op zijn zachtst gezegd af en toe stagneert. Waardoor ook vraagstukken blijven liggen op de scholen die misschien liever doorverwezen zouden worden naar jeugdhulp. Ik heb net begrepen van mijn collega van het samenwerkingsverband dat er hele goede stappen worden gemaakt met de aanpak wachttijden. Wat ik heel fijn vind om te horen, want het is een hele complexe problematiek, maar wel een die veel van onze aandacht vraagt. Dat even een paar inleidende beschietingen.

Ik weet niet of jij er nog iets aan toe wil voegen namens ons? De voorzitter: Voordat we dat doen moeten we heel even schorsen, want we hebben wat technische issues. Die gaan we proberen op te lossen. Dus heeft u heel even een klein momentje, dan zijn we hopelijk zo weer helemaal terug zoals we wezen moeten. Goed, dit korte intermezzo even wegens de techniek, gaan we door naar u. Gaat uw gang, u had een toevoeging. Inspreker 2: Nee hoor, had ik niet, maar ik sluit me daarbij aan bij de woorden van de heer Elkerbout. Maar die zijn natuurlijk inmiddels weer door de korte tijdspan misschien wat vergeten, maar daar komen we zo wel weer op verder. De voorzitter: Ik denk dat de woorden van de heer Elkerbout nooit vergeten worden. Dat komt vast en zeker goed. Mijnheer Post, gaat uw gang. Inspreker 3: Dank u wel. Wij hebben ook een bondig jaarverslag gemaakt. Met op één pagina in een oogopslag hoe het gaat bij de ‘…’ in de kerngetallen. Voor ons is het van belang dat we goed onderwijs verzorgen in deze regio. Waar wij natuurlijk in tegenstelling tot een aantal andere besturen ook scholen hebben waar kinderen die meer aandacht nodig hebben en meer zorg op school zitten. Zoals onze ISK's, onze praktijkscholen, onze scholen voor speciaal onderwijs en onze vmbo's. Dat doen we goed. Met die scholen gaat het ook goed. Die ISK, dat gaat goed qua onderwijs.

We hebben een aantal jaar geleden moeten besluiten om bijvoorbeeld niet iedereen les te geven, omdat we gewoon te weinig huisvesting hadden. In overleg met de gemeente, de afgelopen jaren hier ook over gesproken, is er adequate huisvesting voor dit moment geregeld en zijn er ook plannen voor de verdere toekomst. Het speciaal onderwijs baart onze zorgen, om een aantal redenen. En dat is omdat we te maken hebben met een groei in het speciaal onderwijs. En dat heeft alles te maken, vermoeden wij ook wel, met de druk die er op leerlingen is om op een zo hoog mogelijk niveau op school te komen. En misschien ook wel een beetje de onhandigheid van de inrichting van het schoolsysteem. Dat kinderen al zo vroeg moeten kiezen en dat er zo vroeg geselecteerd wordt. Binnen dat kader kan ik toch wel zeggen dat ze het goed doen. Eén school, dat is de Gunningschool, daar is de inspectie staat nog niet in het jaarverslag, maar afgelopen paar maanden geleden is dat alweer voor de zomer op bezoek geweest en zij oordeelde dat dat onderwijs niet goed was. Dat is natuurlijk ook niet goed, het gaat om een hele specifieke doelgroep kinderen. Daar hebben we veel aandacht aan besteed de afgelopen tijd. Daar zaten we ontzettend te worstelen met de aansluiting op jeugdzorg, ook een bekend thema hier.

Ik ben daar samen met de wethouder vorige week alweer geweest en hebben we, moet ik zeggen, een zeer goed gesprek gehad met Fibbe van jeugdzorg, van een van de consortia, en het ziet er echt naar uit dat we daar de kans hebben om dat

3

onderwijs samen met jeugdzorg op een goede manier neer te zetten. Ik wil dat toch wel even schetsen, want de afgelopen jaren is dat echt wel een zorgpunt geweest en moet dat denk ik wel nog beter worden. Maar de eerste stappen zijn daar zeker op een goede manier voor gezet. Dat zijn eigenlijk wel twee highlights als het gaat om onderwijs, want alle scholen gaan goed en voldoende, halen goede resultaten, kinderen halen een diploma, zijn gelukkig, zijn tevreden, geldt ook gemiddeld genomen voor het personeel. En we proberen dat op een zo goed mogelijke manier met onze mensen in de organisatie af te stemmen. En daar werken we ook nauw voor samen. Overigens mag ook wel gemeld worden met bijvoorbeeld het samenwerkingsverband met alle andere schoolbesturen, daar hebben we ook een voorzieningenoverleg voor. We praten ook met alle VOscholen. En dat is ook wel nieuw dat we dat doen en dat is ook erg productief om te doen. Zo hebben we daar recent gesproken over het RPO. Misschien komt er nog een vraag over, maar daar zijn we ook op een goede manier mee bezig. De financiën bij Dunamare gaan goed. Dat is voor een belangrijk deel veroorzaakt door de manier van financiering door de Rijksoverheid. Dat heeft Martin ook net gezegd. Wij krijgen vaak op het laatste moment nog subsidies.

Hoe werkt die systematiek? Om het even heel praktisch te maken, als je in september, oktober, november, december een subsidie krijgt voor het hele schooljaar, moeten wij op 31 december gaan tellen hoeveel geld we hebben. En dan hebben we dat geld natuurlijk nog niet uitgegeven. Dus hebben we geld over in de begroting. Maar dat komt alleen maar door de systematiek van het tellen van dat geld op 31 december. Uiteindelijk zijn wij niet een schoolbestuur dat geld op de plank heeft liggen zonder doelen. We zijn ook volgens de inspectie niet te rijk. We zijn ook niet te arm. Dus niemand hoeft zich ook zorgen te maken dat we in de problemen komen bij het openbaar onderwijs. Maar de financieringssystematiek, waar ook veel over gesproken wordt in het land, die baart ons wel zorgen. Daar kunnen jullie niets aan doe. Maar dat is wel iets waar wij flink de lobby op hebben, om wat sommigen wel noemen de subsidiespaghetti wat makkelijker te maken voor ons. Zodat we ook meer kunnen rekenen op vaste bekostiging. Daar lobbyen we ook voor. Ook vanuit de gemeente. Dus financiën goed, onderwijs goed. Hier en daar belangrijke aandachtspunten. ISK heb ik net genoemd. Huisvesting komt eraan, is nu voldoende. En speciaal onderwijs is een zorgpunt. Dan heb ik denk ik wel even kort gezet Dunamare. De voorzitter: Mooi, dank u wel.

Dan heb ik net vernomen dat de heer Van der Werf vanavond niet gaat komen, omdat hij onverwachts verhinderd is. Dus mocht u vragen daarvoor hebben dan kunnen we die wel noteren en dan doen we die schriftelijk af. Dus stelt u ze wel vooral, even specifiek van, deze vragen zijn voor het Stedelijk Gymnasium. En dan zorgen we ervoor dat die schriftelijk voor de raadsvergadering behandeld zijn en bij u als commissie terugkomen. Goed, gaan we nu naar de commissie en ik zie daar mevrouw Bastiaans die al helemaal klaar zit om haar vragen te stellen. Gaat uw gang. Mevrouw Bastiaans: Voorzitter, dank u wel. Het is het derde jaar met de schoolbestuurders en ik heb ook even teruggekeken, ‘22 en ‘23 en toen was ook de rode draad wel het personeelstekort, de mentale gezondheid van jongeren en kansgelijkheid. En ook dit jaar zullen we daarop ingaan, maar niet voordat we u eerst hebben bedankt voor de mooie verslagen en ook natuurlijk voor het verzorgen van het openbaar onderwijs. Ik zal me in mijn bijdrage alleen vragen stellen aan Spaarnesant en Stedelijk en mijn collega Sidney Visser zal voor Dunamare de vragen stellen. We hebben ook nog vragen gesteld over de externe inhuur, maar daar heb ik eigenlijk nog geen antwoord op gehoord, maar dat komt misschien straks even als we in de tweede termijn met beantwoording.

Allereerst wat vragen voor Spaarnesant en Stedelijk Gymnasium ten aanzien van het personeelstekort. Spaarnesant is onlangs een wervingscampagne gestart en we hopen dat het met succes is, daar zijn we ook benieuwd naar. Maar we hebben ook nog een paar suggesties om het lerarentekort aan te pakken. U gaat natuurlijk over uw eigen personeelsbeleid, maar het is ook een maatschappelijk probleem, dus vandaar dat wij dachten, we willen ook wel meedenken. En een van de suggesties is, zet alle medewerkers in met de lesbevoegdheid. Dat vroegen we ons af, in hoeverre gebeurt dat? Dus ook het bestuur en

4

management. Onze vorige premier deed dat ook en dat is een mooie manier om in contact te blijven met de dagelijkse praktijk. We zagen ook nog in de cijfers dat het gemiddeld aantal uren per aanstelling eigenlijk ten opzichte van 2021 is zelfs wat lager geworden, 28,4 naar 26,8. Dus je zou ook nog iedereen die parttime werkt nog kunnen aanmoedigen om wat meer te gaan werken. Dus we vragen ons ook af van, doet u daar iets aan of onderzoekt u wat de redenen zijn? En wat we heel goed zagen, wat we ook blij mee zijn is dat het ondersteunend personeel op de school is toegenomen. Wij vinden het heel belangrijk dat de leraar echt kan lesgeven en wij denken dat het ondersteunend personeel daar heel belangrijk bij is om die ruimte te bieden. Dus de vraag is, bent u van plan om nog meer ondersteunend personeel te gaan inzetten? En we zijn ook benieuwd wat de gemeente kan doen voor het personeelstekort. We doen al met parkeervergunningen, wonen, maar zijn er nog andere zaken waarvan u zegt, als gemeente, als gemeenteraad, help ons daarbij? Dan de kansengelijkheid. Spaarnesant in 2022 noemden wij in de bespreking ook al ons voorkeur voor meer IKC's en het inzetten op ouderbetrokkenheid bij scholen. In het afgelopen jaar hebben we samen met GroenLinks aandacht besteed aan het opzetten van familiescholen.

Hierbij betrek je ouders bij de school en signaleer je eerder armoede en kun je ook op ondersteuning inzetten. Het idee daarbij is dat als het met de ouders goed gaat, dat het ook dan beter gaat met de kinderen. U gaf eerder ook al aan een voorstander te zijn van educatief partnerschap. Dus hoe kijkt u aan tegen het opzetten van familiescholen? Daar zijn wij heel benieuwd naar. Ik denk GroenLinks ook. Dan had ik voor Stedelijk Gymnasium wat vragen, maar die zal ik schriftelijk nog wel… De voorzitter: Ja, u mag ze ook stellen, u mag ze ook schriftelijk doen. Ik vind het beiden prima. Als u zegt van, ik heb ze schriftelijk, dan is dat misschien het allermakkelijkste. Dan voegen we ze samen bij de lijst van vragen die nu gesteld worden. Die worden door de griffier dan naar het Stedelijk gestuurd. En zoals ik zei, voor de raadsvergadering verwacht ik de beantwoording. Als u ze opstuurt, heel graag. Dat scheelt de tijd voor vanavond. Mevrouw Bastiaans: Ja, er zat wel één algemene vraag in, en dat gaat over die vroege selectie. Ik weet ook dat u daar ook ideeën over heeft. Want je ziet dat de diversiteit, dat doet het Stedelijk Gymnasium heel veel aan, om toch de diversiteit te bevorderen op de scholen, dat het niet zo erg lukt. En wij denken ook als PvdA dat de verlengde brugklas daarbij kan helpen om die diversiteit ook te bevorderen.

En wat nodig is, is dan ook de vraag vanuit de gemeente, eventueel om de verlengde brugklas te gaan realiseren. Dan nog over de jeugdzorg. In het voorwoord van Spaarnesant staat ook dat u zich grote zorgen maakt, u noemde dat net ook al. En zeker als het om de relatie met het onderwijs gaat, de jeugdzorg en het onderwijs, we proberen bij te dragen aan de oplossing, schrijft u. Dat vinden wij uiteraard heel fijn. En we willen ook graag weten, PvdA zet ook in op preventie, wat wij gezamenlijk kunnen opzetten. Dus die zorgteams in scholen die zouden eventueel uitgebreid kunnen worden, zodat er meer preventie is naar de jeugdzorg. Daarbij is ook onze vraag aan u als schoolbestuurder, als de subsidies van het Rijk minder zouden worden of wegvallen, en het gaat bijvoorbeeld ook over brugfunctionarissen of verrijkte schooldag, daar hebben we het ook al eerder over gehad, bent u dan bereid om in samenspraak met de gemeente middelen beschikbaar te stellen om preventie toestroom naar de jeugdzorg te bevorderen? Bijvoorbeeld kan dat door het aanstellen van meer zorgcoördinatoren in school. Dat waren eigenlijk onze vragen. Brugfunctionarissen noemde ik al, het voortzetten van die verrijkte schooldag. Waar we ook heel erg naar uitkijken, dat is de nieuwe LEA, Lokaal Educatieve Agenda, waar u gezamenlijk elkaar gewerkt heeft. Misschien kunt u daar ook iets over zeggen.

We zijn benieuwd naar uw reactie, dank u wel. De voorzitter: Dank. Mijnheer Visser van de Partij van de Arbeid voor het andere stukje van de Partij van de Arbeid.

5

De heer S. Visser: Zeker, ja. En dat heeft te maken met de werkzaamheden van mijn collega naast haar baan als raadslid. Even kijken. In de voorgaande jaren hebben we vragen gesteld over huisvesting en zorgen rondom het ISK. We willen dan nu ook beginnen met te zeggen dat we blij zijn dat er een nieuwe locatie voor is gevonden. Tenminste in zicht is. En we danken u voor alle inzet om dat te realiseren. Verder is er waardering voor de opleidingsmogelijkheden voor medewerkers via Dunamare Academy. En de inzet om zij-instromers in dienst te nemen. Wel vragen we aandacht voor goede begeleiding om beginnende docenten in de eerste vijf jaar van hun carrière dit te laten overleven. Verder hebben we ook een aantal suggesties slash vragen over het personeelstekort. Maar dat zijn eigenlijk dezelfde als die net werden gesteld aan ook het Spaarnesant. Een stukje kansengelijkheid. Vorig jaar vroegen we naar de mogelijkheden om scholen die weinig vrijwillige ouderbijdragen ontvangen te ondersteunen vanuit Dunamare. Daar gaf Dunamare aan graag te willen werken aan kansengelijkheid en te zoeken naar mogelijkheden voor subsidies. Nu doet zich binnenkort de mogelijkheid voor om weer een aanvraag te doen voor de verrijkte schooldag. En we vragen ons af of Dunamare daar gebruik van gaat maken? Dan jeugdzorg en de preventie. Daar geldt eigenlijk hetzelfde voor als net bij Spaarnesant.

Dus de uitbreiding van fte’s van zorgmedewerkers en het kunnen bieden van mogelijkheden om huidige medewerkers te laten doen tot orthopedagoog. Ten slotte de vraag aan Dunamare, gezien de omvang en de groei van het eigen vermogen, of Dunamare ook bereid is om vanuit eigen middelen hier financieel aan bij te dragen mocht er vanuit de landelijke overheid iets veranderen wat betreft de gelden? Dat was het. De voorzitter: Keurig. Nog een minuutje over. Dat gaat helemaal goed. Mijnheer Van der Vliet, namens de VVD, gaat uw gang. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. En dank voor de schoolbesturen, voor het verrichte werk, de heldere jaarverslagen en de toelichting erop. De VVD heeft geen gebruik gemaakt van technische vragen, maar volgens mij zijn mijn vragen van dien aard dat die wel beantwoord kunnen worden. Algemene afdruk van de VVD is dat er in 2023 een sterke focus is geweest op onderwijskwaliteit, innovatie en kansgelijkheid. En wij zouden met onze vraag eigenlijk willen focussen op niet alleen ‘23, maar vooral de jaren daarna. En als eerst een vraag over de financiën. Het algemene financiële beeld is vrij stabiel. Voor het Stedelijk Gymnasium heb ik de vraag, vooral viel op dat er een negatief resultaat van 280.000 is geboekt en 7,5 ton de reserves afgeput zijn. Dus die kan schriftelijk beantwoord worden.

En het viel me op dat Spaarnesant heel veel heeft geleund op eenmalige subsidies, uitgaven. En wij vroegen ons af hoe dat zich verhoudt tot de lange termijnplaatjes. Dan voor alle organisaties het lerarentekort. We zien dat er veel initiatieven worden genomen, bijvoorbeeld ook zij instroom. Wij zijn benieuwd hoe dat eigenlijk in 2024 de ontwikkeling is gegaan en hoe dat op lange termijn ook voor jullie zien? Het gebied van innovatie heb ik een vraag voor Spaarnesant, specifiek. Er is gestart met groep 9 op de Camelot, als een soort pilot. En dat zijn dan kinderen die eigenlijk naar het voortgezet onderwijs moeten gaan, heb ik begrepen. En die dan nog een jaar lang op de basisschool blijven om nog aan andere kwaliteiten te blijven ontwikkelen. En wat kunt u mij vertellen over de eerste 100 dagen van het negende jaar? En heeft dit effect op het lerarentekort? Dan nog een vraag voor het Stedelijk Gymnasium over sport. De andere schoolbesturen hebben aangegeven wat ze op sport doen. En hoe sport zich ook verhoudt tot beweging en gezondheid. En wij zijn nog benieuwd hoe dat ook op het Stedelijk Gymnasium is, want daar valt niks over te lezen in het jaarverslag. Voor de VVD is het natuurlijk een belangrijke onderwerp.

En tot slot zou ik aan alle schoolbesturen willen vragen, zijn er nou nog ontwikkelingen in 2024, waarvan wij als raad eigenlijk vooraf alvast geïnformeerd moeten worden, omdat we dit gesprek pas ook weer eind van volgend jaar hebben en het alvast fijn is om te weten wat er speelt. En voor zover mijn bijdrage. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Moedt van de Partij voor de Dieren. Gaat uw gang.

6

Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Ook de Partij voor de Dieren wil de schoolbestuurders van harte bedanken voor de uitgebreide, duidelijke verslagen, de toelichting daarop. En goed om te lezen dat er een hele hoop dingen in gang zijn en goed gaan. We delen wel uw zorgen ook over met name de jeugdzorg en ook de zorg over de financiering vanuit de Rijksoverheid. Ik wil graag drie dingen aan u voorleggen. Ten eerste, ik denk dat dat met name een vraag is voor de middelbare schoolbestuurders, over de vrouwenemancipatie. We horen steeds meer geluiden dat bijvoorbeeld onder invloed van influencers of politici de emancipatie van vrouwen juist zich weer in de omgekeerde richting begeeft. Herkent u dat op school? Doet u daar iets mee? Of kan de gemeente iets voor u hierin betekenen om dit tij te helpen keren? En verder, de zorg over het overmatig schermtijdgebruik onder leerlingen. De scholen zijn er natuurlijk al flink mee bezig. De mobiel de klas uit. Maar we horen ook geluiden van leerlingen die zeggen, maar ik kan die mobiel helemaal niet weglaten, want we hebben een tweestapsverificatie voor Magister bijvoorbeeld. Dus in hoeverre kunnen we daar nog iets doen? En ik merkte dat Bloemendaal, de scholen in Bloemendaal samenwerken met de gemeente Bloemendaal om informatieavonden over schermtijdgebruik en de nadelige gevolgen op gezondheid, geestelijke gezondheid te organiseren.

Dus die doen dat samen ook met de ouders erbij. En ziet u ook zo'n rol voor de gemeente voor zich om hier samen in op te trekken? De laatste, gezonde schoolomgeving. Ik las laatst weer in de krant, mensen worden steeds zwaarder, kinderen met name ook. En we proberen van alles natuurlijk om dat een beetje tegen te gaan. Dus een gezonder aanbod in de kantine bijvoorbeeld en minder ongezond voedsel. Hebben jullie hier nog verder ideeën over? Kunnen we als gemeente hier nog bij ondersteunen? Bijvoorbeeld de openbare ruimte rond de scholen beweegvriendelijker in te richten. Ik kan me zo voorstellen op de school van mijn zoon, daar mogen ze de laagste klasse het schoolplein niet af in de pauzes, omdat ze dan niet naar de supermarkt kunnen rennen voor chips en cola. Is dat een trend die de scholen ook verder oppakken? Daar ben ik benieuwd naar, dank u wel. De voorzitter: En u ook dank voor uw vraag. Mijnheer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel. Ook namens mijn fractie dank aan de schoolbesturen voor de duidelijke, heldere jaarverslagen. Ik ben ook wel nieuwsgierig naar de vragen die eerder zijn gesteld door andere fracties, met name de fractie van de PvdA. Het is voor mij al duidelijk en helder. Natuurlijk de financiering van het Rijk is gewoon heel erg onzeker, gaat alle kanten op, dus we moeten afwachten hoe we dat gaan doen en hoe we dat gaan zien.

Zoals hier bij Spaarnesant ook wel de verwachting dat het vanaf 2028 toch wat moeizamer wordt. Maar we hebben nog, zoals ‘…’ al zegt in de verslag, nogal genoeg tijd om daar wat mee te doen. Dunamare was ook heel duidelijk in het verhaal. Ik heb er wel een vraag voor het Stedelijk Gym, want in de risicoparagraaf van het jaarverslag wordt gesteld dat de leerlingenaantal daling en congestie, et cetera, wel hoog wordt ingeschat. En in het stuk ‘…’ staat dat er weinig risico's zijn. Dus ik ben heel erg benieuwd hoe die twee zich met elkaar verhouden. En ik ben ook heel erg benieuwd hoe het verder gaat. Maar ik denk dat de scholen goed bezig zijn om de jeugdzorg en de scholen op elkaar af te stemmen. Maar dat is ook vanwege mijn andere werkzaamheden. Dus ik wil er niets meer over zeggen. Dank u. De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Mevrouw Scholten, namens Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel. Een beetje ten overvloede inmiddels na al die stortladingen aan dank u wels, maar bij deze, dank u wel voor de heldere verslagen. Ik heb ze met aandacht en plezier gelezen. Voor Spaarnesant, ik herken heel erg wat u zegt over versnipperd en incidenteel beleid. Ik hoorde dat bijvoorbeeld de verrijkte schooldagsubsidies waarschijnlijk weer afgeschaft gaan worden. Zo zijn er natuurlijk meer dingen die weer gaan verdwijnen.

Evenals bezuinigingen heb ik ook weer voorbij zien komen op de leraren salarissen. Dat kan ons personeelsbeleid aardig in de wielen gaan rijden, ben ik bang, zowel voor de lagere als de

7

middelbare scholen. Ik neem aan dat u die zorgen met ons deelt en dat we daar op dit moment heel weinig aan kunnen doen. Maar hoe ziet u de mogelijkheden om bijvoorbeeld zo'n verrijkte schooldag wel voortgang te laten vinden? Zijn er misschien andere manieren waarop we die samenwerking aan zouden kunnen gaan? Dan voor het VO, hoe is het op dit moment gesteld met de thuiszitters? Zijn daar misschien alweer nieuwe trends in te onderscheiden op dit moment ten opzichte van vorig jaar? Wat is daar de ontwikkeling? De trajectvoorziening die sinds vorig jaar is opgezet voor leerlingen die uit dreigen te vallen of uitgevallen zijn, hoe gaat dat nu? Want die is natuurlijk nu eigenlijk denk ik een half jaar ongeveer aan het lopen. Ongeveer, schat ik in. Dus hoe gaat het daarmee? Wat is de voortgang? En hebben jullie daar misschien ook nog iets van nodig van de gemeente? Over preventie op scholen, we hebben allemaal best wel veel nagedacht en veel te zeggen over preventie om te voorkomen dat onze jongeren bij jeugdzorg uitkomen of bij jeugdhulp uitkomen.

Kunnen we daar een innigere samenwerking met scholen in formeren, eventueel nog? En wat ziet u daar als mogelijkheden voor? Dus dan zou je kunnen denken wat ik me ook afvraag, is er nu op alle scholen een echt benaderbare CJG-coach? Is die ook bekend in de school? Weet iedereen waar die naartoe moet als die zich zorgen maakt over een leerling? Niet zijnde de zorgcoördinator, maar dan dus echt een CJG-coach, hoe je daar dan uitkomt? Dat was het even. Dank u wel. De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Mijnheer Amand, namens Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Iedereen bedankt, laat ik het maar zo doen. Ik krijg veel mailtjes van schooldirecties dat die zorgen baren als zo meteen betaald parkeren naar Haarlem komt. Want er zijn leraren die komen van buiten de stad vandaan en die willen toch wel overal parkeren. Maar die scholen, dat zal nog iets worden. Ik had net ook nog een telefoontje van een directrice van een school en die zei ook, dat wordt voor ons toch wel een probleempje als er geen passende oplossing komt. Hoe staat u van de scholen erin, in het hele verhaal? Dan heb ik natuurlijk ook nog een beetje in lagere scholen, daar vertoef ik nog wel eens en dan heb ik toch ook een beetje over dat PIT wat we nu hebben. Hoe is uw werkwijze, kan u daarmee overweg? PIT.

En is natuurlijk ook nog zo, dat kreeg ik ook nog even mee terloops daarnet van, dat armoedebeleid op lagere scholen, dat schijnt toch wel zorgelijker te worden. Dat kreeg ik ook mee. En dan heb ik als laatste natuurlijk, dat is al jaren zo, achterstallig onderhoud van scholen. En dat wil ik ook meegeven, is dat u ook bekend? En dat wordt ook nog wel eens, al jaren, ik ben al oud, maar mijn kinderen en kleinkinderen zitten nog steeds in oude scholen. Dat wil ik even meegeven. De voorzitter: Kinderen en kleinkinderen, dat is wel zeer bijzonder qua leeftijd. Maar goed. Mijnheer Jonker, namens D66. De heer Jonker: Dank u wel. Terwijl in sommige landen de domheid lijkt te regeren of te gaan regeren, worden eigenlijk ook in ons eigen land, in Den Haag, domme keuzes gemaakt. Zoals bezuinigingen op onderzoek, innovatie en onderwijs. Gelukkig strijdt mijn partij D66 er landelijk voor om daar in ieder geval wat scherpe kantjes vanaf te halen. In Haarlem zijn we gelukkig gezegend met goed onderwijs. Goede leraren, scholen en schoolbesturen. Die er elke dag aan werken om Haarlemse kinderen zich te laten ontplooien en ontwikkelen. En voor die inzet wil ik u dus ook bedanken. En ik wil onze hand uitsteken. D66, maar eigenlijk wij allemaal hier, gaan beginnen met het schrijven van ons volgende verkiezingsprogramma.

En ik ga graag verder met u in gesprek hoe wij u kunnen helpen het Haarlemse onderwijs verder te verbeteren. En ik denk wij allemaal hier. We zullen u ook opzoeken, maar laat ook zeker van u horen. En wijs uw scholen erop dat het komende halfjaar tot jaar een belangrijke gelegenheid daarvoor is. Dan ga ik over naar een aantal punten in de onderwijsvisie van D66. Met soms een vraag daarbij voor jullie. Scholen en misschien ook schoolbesturen moeten van alles. Wij zijn ons daar ook van bewust en dat leidt ook soms af. Scholen kunnen ook niet alles en leraren ook zeker

8

niet. En ook niet alles in de maatschappij oplossen. Dus vaardigheden zoals lezen, schrijven en rekenen is echt de basis. Dus ja, ik wil ook oproepen, blijf vooral gericht op die kerntaak natuurlijk. De groeiende laaggeletterdheid heeft een nog grotere en negatieve impact op onze toekomst dan de hele onderwijsbezuiniging, las ik deze week. Een efficiënte organisatie is daarom ook van belang. Daar bent u natuurlijk ook hard mee bezig. En het ondersteunend personeel, en die wil D66 ook graag in het zonnetje zetten. En daarom organiseren wij op dit moment een conciërge van het jaarverkiezing. Laat uw leerlingen of medewerkers ook nog uw favoriete conciërge nomineren tot volgende week vrijdag. D66 wil graag ongelijk investeren voor gelijke kansen. En dat doen we ook als gemeente. Nu hebben de schoolbesturen best nog wel wat financiële mogelijkheden misschien. Dus ik zou ook graag van u horen waar u misschien nog bij zou kunnen dragen daarin. Of wat u meer zou kunnen doen. De verlengde selectie is ook al genoemd. Vindt D66 ook heel belangrijk. We hebben gelukkig nu de havo in Schalkwijk. Hopelijk ook vwo in de toekomst. Maar de huisvesting, RPO werd al even genoemd, daar kijken wij ook erg naar uit. Hoe zien we het regionaal plan daarvoor? En de zomerscholen, die vond ik eigenlijk nergens terug in de jaarverslagen.

En dat zou ook iets kunnen zijn waarmee natuurlijk achterstanden of kinderen die meer hulp kunnen gebruiken geholpen kunnen worden. Dus gebeurt daar nog iets mee, of de kinderuniversiteit? Dat lerarentekort, ik denk de gemeente, mijnheer Amand, doet ook haar ding met parkeervergunningen die we net vorige week hebben goedgekeurd. En ook de pilot wonen voor leraren. Maar er zijn ook andere dingen. Bijvoorbeeld de kinderopvang deze week zegt ZZP'ers gedag. Eigenlijk als sector of in ieder geval grote organisaties. Vaste gezichten zijn daar nog belangrijker. Maar op school ook. Dus zou je hem niet misschien als scholenkoepel of zelfs als hele regio kunnen zeggen van, wij huren eigenlijk ook geen ZZP'ers meer in. En dan de zomerscholen. En dat las ik bijvoorbeeld in het jaarverslag van Spaarnesant wel. Dat jullie nog een interim recruiter hebben. Een van de doelen was om vacatures tijdelijk extern te vullen. In uw RVT zitten drie leden die in hun dagelijks werk interim bestuurder zijn. Dus het kan ook best lastig zijn misschien. Maar misschien is dat een mooi idee waar jullie iets mee kunnen. Daar heb ik laatst een heel betoog gehouden over smartphone en sociale media. En de basisschool van mijn kinderen ben ik daar ook mee bezig. En ja, Australia« heeft natuurlijk nu sociale media verboden tot 16 jaar. Ik ben benieuwd hoe u daar tegenaan kijkt.

Of u daar iets mee doet of gaat doen. En dan ten slotte het leren leren en stimuleren van beweging zijn misschien wel de belangrijkste dingen die we kunnen doen voor onze toekomstige volwassenen in deze tijd. En dat gebeurt natuurlijk met die verrijkte schooldag werken we veel samen met sport. ISK, las ik, die vraagt sportverenigingen clinics te geven zoals bij de rugby. Dat ja, zoiets mag eigenlijk wel op elke school. Dus zien jullie meer mogelijkheden voor samenwerking met sportverenigingen? En oh ja, ten slotte nog voor Spaarnesant een specifieke vraag, hoe gaat het met de campagne is ook al gevraagd, Blijf zitten in Haarlem. Ik hoorde wel dat ja, ik vind zelf ook wel de naam wat ongelukkig gekozen. En ja, dat laat ook niet echt meteen zien waar het over gaat, maar hopelijk levert het wel wat op. Dus daar ben ik ook benieuwd naar. Dank u wel. De voorzitter: En u ook bedankt. Mevrouw Hamzad, namens GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Dank u wel, voorzitter. GroenLinks sluit zich volledig aan bij de vragen van PvdA. Voorzitter, allereerst willen wij onze diepe waarderingen uitspreken voor alles wat onze onderwijsprofessionals dagelijks betekenen voor onze jonge generaties en onze samenleving. Vooral in deze uitdagende tijd van lerarentekort, armoedeproblematieken en aankomende bezuinigingen.

Onze onderwijsprofessionals dragen ons onderwijs, bereiden kinderen voor op de wereld van morgen en vormen de steunpilaren van hun ontwikkelingen. Wij erkennen dat deze uitdagingen niet alleen het onderwijs raken, maar ook de kern van onze samenleving en de toekomst die wij samen willen opbouwen. Wij zijn ontzettend blij dat het in Haarlem in het algemeen best goed gaat, vergeleken met andere steden. GroenLinks heeft een aantal technische vragen gesteld. Toch blijft er enige zorg, zoals ook duidelijk naar voren komt in de verslagen,

9

met name over de weerbaarheid en mentale gezondheid van jongeren door sociale druk. Wat echter missen in de verslagen is een concreet plan om de toenemende discriminatie aan te pakken. Welke rol ziet u weggelegd voor scholen in het tegen gaan van discriminatie en racisme? Zijn er specifieke beleid waarmee de sociale veiligheid van leerlingen en personeel wordt versterkt en inclusieve leer- en werkomgeving wordt bevorderd? Wat ziet u als belangrijke kansen om jongeren beter te ondersteunen bij het bevorderen van mentale gezondheid? Welke rol kunnen preventie-initiatieven spelen om jongeren sterker te maken in het omgaan met maatschappelijke en sociale druk? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul, namens de SP. Mevrouw Özogul-Özen: Allereerst dank voor heldere en duidelijke jaarverslagen. De afgelopen jaren heeft u toch een goed openbaar onderwijs in Haarlem heeft u ervoor gezorgd. Ondanks de hobbels en de eventuele risico's. Zoals wat we lezen in beide verslagen, lerarentekort, problemen rondom hoge energierekening, eventuele risico's naar de toekomst toe wat betreft de financiering is het toch gelukt. Ik heb aan Spaarnesant een vraag met betrekking tot de financiële middelen naar de toekomst toe. U zet in dat vanaf 2026 eventuele liquide problemen kunnen ontstaan en dat u onder andere inzet op het beperken van investeringen naar de toekomst.

Wat moeten wij ons daarbij voorstellen? Welke eventuele investeringen zouden dan vervallen en heeft dat dan met het onderwijs te maken? Een ander onderwerp is, zoals u zelf al gezegd heeft, de problematiek rondom de jeugdzorg. Het was voor mij in ieder geval pijnlijk om in uw voorwoord van Spaarnesant direct te lezen de problemen rondom de jeugdzorg, dat u dat ook aankaart. Dat was in 2023. Er is vanaf juli natuurlijk ingezet, een extra financiële middelen gekomen. Ziet u echt op dit moment sterke verbeteringen? Kunt u dat toelichten? En dezelfde vraag heb ik ook aan Dunamare. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Visser, namens de ChristenUnie. De heer F. Visser: Dank u wel, voorzitter. Ik had voor het Stedelijk Gymnasium, maar ze zijn er nu niet, wel vragen over het verzuim. Het valt me op dat het verzuim in de coronatijd enorm is toegenomen. Gelukkig neemt het nu weer af. Maar als ik dan kijk naar het Stedelijk Gymnasium in verhouding tot de andere scholen onder de koepel, dan scoort het Stedelijk Gymnasium nog steeds hoog, boven de 6 procent verzuim. Dat is dubbel zoveel als in 2020. Dus ik ben benieuwd naar de visie van de school daarop, welke acties daarop worden genomen.

En daaraan gekoppeld is eigenlijk de centrale vraag van alle stukken vanavond, is er voldoende openbaar onderwijs? En wat mij betreft verbreed dat, is er voldoende onderwijs? Dat komt ook weer in het onderwijsgesprek. Je kunt zeggen, er is voldoende onderwijs. En financieel gaat het geloof ik ook goed, dus zijn we snel klaar. En toch is het antwoord wat mij betreft nee. En dat heeft alles te maken met wat Jouw Haarlem net ook zei over de thuiszitters. Uit de cijfers blijkt dat we in Haarlem onder 23 jaar 600 thuiszitters hebben. Dat is dus bijna een compleet Stedelijk Gymnasium. En dan hebben we wel PO en VO bij elkaar, maar toch. En die bieden we dus kennelijk geen goed product. Ik zie heel veel uitvallers. Ik heb de laatste tijd door persoonlijke omstandigheden ook in verdiept. Ik heb er zelf ook mee te maken. En ik schrik me gewoon rot over hoeveel kinderen tussen wal en schip vallen. De dramatische verhalen die je om me heen hoort. En een heel groot deel van de thuiszitters is hoogbegaafd. En mijn vraag is aan zowel PO als VO, wat doen we daaraan? Wat bieden we die kinderen die niet in het malletje passen? De kinderen die cognitief heel ver zijn, maar sociaal-emotioneel bijvoorbeeld juist achterlopen. En ik heb daar zelf ervaring met het samenwerkingsverband in Velsen. Het voordeel is dan even een beetje meer afstand dat het geen rechtstreekse ervaring met u is.

Maar ik zie dat die ook eigenlijk een beetje kijken, wat voor oplossingen hebben we eigenlijk? En dan weer naar de ouders kijken, naar de school kijken. En niet met oplossingen komen. En ja, dat het in deze regio het wel erg moeilijk is, dat er wel erg weinig is. En als ik dan kijk naar

10

bijvoorbeeld het speciaal onderwijs VSO Daaf Geluk. Dat groeit, groeit, groeit jaar op jaar. En wordt nu al tegen ouders gezegd, u moet zich deze week aanmelden, want anders krijgt u gewoon een dichte deur bij Daaf Geluk. Dat kan niet waar zijn. Speciaal onderwijs, passend onderwijs, iedereen moet erin kunnen. Er is dus een grote behoefte aan. En hoe gaan we dat gat opvullen? Hoe gaan we zorgen dat er wel voldoende speciaal onderwijs is? Hoe gaan we zorgen dat die thuiszitters in Haarlem fors naar beneden gaan? Hoe gaan we zorgen dat de last niet meer bij de ouders wordt gelegd? Wat nu wel het geval is. Ik ben er af en toe echt boos over. Ik ben niet de enige. Maar ik hoor het in mijn omgeving ook van mensen dat er geen passend aanbod is en dat kinderen er eigenlijk aan kapot gaan. En inderdaad, de samenwerking met jeugdzorg moet nog heel veel beter. Dat moet echt van twee kanten komen, zeg ik. Zowel van de jeugdzorg als van het onderwijs. Maar wat mij betreft is er geen voldoende onderwijs als wij 600 thuiszitters hebben in Haarlem. En mijn vraag is, wat is uw actieplan om te zorgen dat volgend jaar het aantal thuiszitters met minstens een derde is gedaald? Wat gaat u daaraan doen? De voorzitter: Dank u wel. Hebben we zo iedereen gehad? Ja? Wethouder, mag ik als eerste naar u als de verantwoordelijke onderwijswethouder. Als u nog iets wilt zeggen, hoeft niet, mag wel.

Wethouder Van Leeuwen: Voorzitter, dank. En dank, commissie, voor jullie betrokkenheid bij dit onderwerp, wat natuurlijk ook de wethouder onderwijs aan het hart gaat. Anders dan andere jaren heb ik geen hele specifieke vragen aan mij gehoord deze keer. Misschien nog wel even wat verdieping. Ja, de zorg over thuiszitters, daar hebben we het al vaak over gehad in deze commissie, die delen wij met de ChristenUnie. Daar is natuurlijk altijd het verschil over ongeoorloofde thuiszitters en geoorloofde thuiszitters. Bij het geoorloofde thuiszitters, goed opletten zeg ik het nu goed? Ja, de geoorloofde thuiszitters, dat is inderdaad wat meer bij de scholen, die kunnen daar wellicht wat over zeggen, de schoolbestuurders. En de ongeoorloofde ligt natuurlijk ook bij ons leerplein. Daar hebben we het met elkaar over gehad, dus volgens mij goed om die nuance aan te brengen. En het kwam net ook al even in het debat langs. Zoals u weet hebben we voor bestaand gereguleerd gebied een onderwijs- en kinderopvangvergunning in het leven geroepen. Die gaat 1 januari starten, waarbij dus inderdaad elke onderwijsinstelling in bestaand gereguleerd gebied en ook kinderopvangorganisatie vier parkeervergunningen kunnen krijgen en die dus gerouleerd kunnen worden tussen docenten. Dus dat kan je gewoon kentekens inschrijven.

Dat is een pilot om te kijken hoe dat nu gaat, als er later nog blijkt dat we verschil moeten maken tussen kleine of grote onderwijsinstellingen, dan komen we daarop terug. Dat is in een andere raadscommissie gezegd. Dus dat zijn volgens mij de twee gemeentelijke beschouwingen nog. En verder hoor ik heel veel vragen aan de schoolbestuurder die naast mij zit, voorzitter. De voorzitter: Zeker, ik ook, maar het is inmiddels ook goed gebruik dat u als eerst even het woord krijgt. Houden we dezelfde volgende aan als net? Mijnheer Elkerbout, gaat uw gang. Inspreker 1: Laat ik beginnen met te bedanken voor alle complimenten. Dat is goed om te horen en het is ook fijn dat de raad ziet dat er door de vele professionals in het onderwijs hard gewerkt wordt aan goed onderwijs. En ik zal proberen om beknopt op de heel veel vragen in te gaan. Ik probeer ook misschien hier en daar wat dingen te combineren. Wat veel terugkomt is de vragen rondom het lerarentekort. En even wat specifieker ook zaken rondom uren per aanstelling. Het is natuurlijk interessant wat er gebeurt dat er aan de ene kant de arbeidsvoorwaarden van leraren worden verbeterd. En dat sommigen dan de conclusie trekken, mooi dan kan ik wat minder gaan werken. Dat is echt gebeurd.

Wat dat betreft zie je ook altijd dat heel veel maatregelen die we proberen te nemen in de complexiteit van het onderwijs hebben vaak ook weer onbedoelde effecten. En eigenlijk is dat een soort van thema voor mij, dat bij heel veel van de dingen die we hier bespreken en zeker waar we het hebben over zaken die lastig en weerbarstig zijn, daar is ook bijna altijd sprake van heel veel

11

factoren die met elkaar samenwerken en op elkaar inwerken. En dan is dus ook het nemen van maatregelen vaak niet zo simpel en ook soms heel erg onvoorspelbaar wat er dan uit die maatregelen komt. Jeugdzorg is zo'n thema en je kunt ook zeggen, het is van belang dat kinderen de zorg krijgen die ze toekomt. Dat is absoluut waar, maar tegelijkertijd zie je aan alle kanten dat daar zoveel factoren op inwerken. De jeugdhulpvraag is enorm toegenomen, er zijn allerlei veranderingen in de samenleving die ook doorwerken in het welbevinden van de jeugd. Er is een samenhang met het feit dat het onderwijs aan de ene kant de opdracht heeft om inclusief te zijn en aan de andere kant ook steeds meer geconfronteerd wordt met normering op het gemiddelde en standaardisatie. Dat zijn ook eigenlijk twee hele tegengestelde opdrachten waar je maar moet zien brood van te bakken. Kortom, ik zie het toch als vrij ingewikkeld om daar zomaar eenduidige antwoorden op te geven. En dat is mijn bruggetje naar de vraag die ook gesteld werd naar de LEA. We zijn bezig geweest in de afgelopen maanden, om met elkaar een nieuwe LEA voor te bereiden en dat gaan we, als het goed is, hopelijk op een hele andere manier met elkaar doen.

We hebben eigenlijk veel meer ingezet op het formuleren van uitgangspunten en ook nadenken over de vraag van, hoe vinden we elkaar nou als het spannend wordt en hoe zorgen we dat thema's die ons allemaal raken ook echt geagendeerd worden? En dat is ook een bruggetje naar het verhaal over de thuiszitters. Een van de dingen die we als eerste gaan oefenen in die nieuwe opzet van LEA is om het eens met elkaar te hebben over thuiszitters. Want ook dat is niet natuurlijk uitsluitend een probleem van één partij. We doen met zijn allen ontzettend ons best om kinderen in de school te houden. Maar vrijwel altijd zie je dat er rondom de problematiek van thuiszitten is heel veel meer aan de hand. En dat vraagt dus ook om vaak een gecoördineerde aanpak die ook van verschillende kanten komt. Met betrekking tot het hoogbegaafdheidsvraagstuk wat u speciaal aan de orde stelde, ik geloof niet dat het grootste deel van de thuiszitters daaraan relateert. Het is zeker zo dat hoogbegaafdheid in een onderwijsstelsel dat in principe ingesteld is op zoveel mogelijk de middenmoot bedienen, dat natuurlijk de randen van de normaalverdeling, om het zo maar eens te zeggen, het zwaarst hebben. We hebben daar verschillende voorzieningen voor. Maar ik zeg er ook meteen bij, dat daagt het onderwijs ook wel maximaal uit die vraagstukken. Dus ik herken uw zorg heel erg.

We werken daarin samen als schoolbesturen, ook met het samenwerkingsverband. En eigenlijk de leemte die we vooral nog te adresseren hebben, en dat hebben we ook wel gezien, dat is zeg maar wat we noemen, de kinderen met een dubbel bijzondere vraag. Dus die door hun hoogbegaafdheid ook andere problemen hebben. En het is ontzettend lastig om daar binnen ons aanbod een goede plek voor te vinden. Dus dat is gewoon iets wat onze aandacht heeft en waar we mee bezig zijn, maar waar we het finale antwoord ook zeker nog niet op gevonden hebben. Wat ook regelmatig terugkwam was het thema van de vroege selectie. U moet weten dat de schoolbesturen in Haarlem eigenlijk met elkaar hebben gezegd, wij zien dat probleem ook heel erg, maar we weten ook dat we in een configuratie zitten die nu eenmaal een historische oorsprong heeft. En daar zitten soms kenmerken in die het lastig maken om die selectie ook echt uit te stellen. Maar het goede nieuws is dat we met elkaar nu wel de afspraak hebben gemaakt om daar echt werk van te gaan maken. Omdat je ook ziet dat binnen het stelsel wat beetje haaks staat op uitgestelde selectie er best mogelijkheden zijn om te werken aan het later selecteren van kinderen. En we gaan in januari een grote bijeenkomst organiseren, ook gesponsord door de wethouder, waarin we eigenlijk uitwisselen wat er op dit moment op dat gebied al gebeurt.

Dat zijn eigenlijk kleine projecten die niet groots en meeslepend het hele stelsel op zijn kop zetten, maar waarmee we wel laten zien dat je ook binnen de contouren van het huidige stelsel best wel stappen kunt zetten en daarmee hopen we elkaar ook te inspireren om die stappen voor te zetten. En we hebben het voornemen om al die initiatieven ook zodanig te volgen dat als ze succesvol zijn, dat we dan ook van elkaar gaan leren en die initiatieven ook kunnen verbreden. U kwam al even langs groep 9 van Camelot, heet officieel eigenlijk leerjaar 9 van Camelot. Dat is zo'n initiatief, daar zijn we dit jaar voor het eerst mee begonnen. Ik heb toevallig gisteren net de tussenrapportage gehad van de groep die dat doet. Het gaat maar om een hele beperkte groep kinderen, maar het is wel interessant om te zien wat daar gebeurt. Dus dit zijn kinderen die

12

ergens in hun loopbaan op de basisschool een bepaalde averij hebben opgelopen, waardoor het niet verstandig is om de sprong naar het voortgezet onderwijs al na groep 8 te maken. Daar zit als het ware een programma op die vooral gaat over jezelf weer hervinden, over je motivatie weer hervinden, over weer lol in leren krijgen, over wat beter weten wat eigenlijk bij je past. En de eerste tekenen zijn eigenlijk heel positief. Het is nu nog piepklein. En we zijn ook nog aan het kijken hoe we dat ook duurzaam kunnen maken. Want op dit moment is dat natuurlijk met een bezetting van vier leerlingen bekostiging technisch ook geen haalbare kaart. Maar we willen daar toch kijken hoe zich dat ontwikkelt en of dat iets is waar we in de toekomst wat aan hebben. Met de aantekening dat als we er werkelijk in slagen om de venijnige kanten van die vroege selectie terug te brengen, dan wordt zo'n initiatief ook minder nodig. Dus het is altijd wat je ziet, dat is ook de beweging naar het speciaal onderwijs, de hartenkreet van, is er wel voldoende speciaal onderwijs? Maar naarmate we er beter in slagen om in het reguliere onderwijs de flexibiliteit op te rekken en beter in staat te zijn om mee te bewegen met de behoeftes van kinderen, wordt de vraag naar speciaal onderwijs natuurlijk ook kleiner. En andersom zie je, voor ieder aanbod dat je creëert in het speciale onderwijs, ontstaat er ook vraag.

Dat is best wel een lastige paradox. Dus we zien dat als je bijvoorbeeld een bepaalde voorziening creëert, dat daar dan inderdaad ook altijd weer kinderen naartoe komen. En als je die ontwikkeling wat langjariger bekijkt, dan zie je dat ook daadwerkelijk gebeuren. Dus dat vind ik ook een van die venijnige complexe problemen waar wij mee te maken hebben. Even kijken hoor. De vraag naar ondersteunend personeel. Ik zou daarover willen zeggen dat wat het ingewikkeld maakt altijd om het gesprek over ondersteunend personeel te voeren, is dat we die categorie, die onderscheidt zich eigenlijk in twee typen. We hebben ondersteunend personeel dat zich eigenlijk bezighoudt met de ondersteunende processen. Dus alles wat niet het onderwijs zelf is. Maar we hebben ook heel veel ondersteunend personeel in het primaire proces. En dat kan vaak een beetje een vertekend beeld opgeven van hoe het zit met de besteding van de middelen aan overhead bijvoorbeeld. En zeker omdat wij een groot aandeel in het speciaal onderwijs hebben. We hebben drie scholen voor speciaal onderwijs en nog een klein SBO'tje. Daar zit ook heel veel onderwijsondersteunend personeel dat eigenlijk rechtstreeks heel veel doet met kinderen. Dus dat geeft wellicht een wat vertekend beeld.

En wat je ook ziet toenemen in de afgelopen jaren is dat door het lerarentekort ook het leunen op goede lerarenondersteuners eigenlijk voor ons steeds belangrijker worden. En we zijn ook echt bezig om daar carrièrepaden van te maken dat mensen die beginnen als klassenassistent dan lerarenondersteuner worden die dus laten we zeggen wat meer zelfstandig met een groep kunnen werken. Om vervolgens ook door scholing die door ons wordt gefaciliteerd uiteindelijk ook een bevoegdheid te krijgen. En dat is een belangrijke extra route geworden naar het leraarschap die ons goed bevalt. Even kijken hoor, want er is heel wat langs gekomen. De subsidies. De vraag van, dat zie je ook in onze meerjarige doorkijkje naar de financiën. Ik wil daar eigenlijk twee dingen over zeggen. Ten eerste, wat wij laten zien is niet een meerjarenbegroting, maar een meerjarenraming. En dat onderscheid is heel belangrijk, want daar zitten geen beleidsrijke keuzes in. Het is gewoon het door vertalen van wat er gaat gebeuren bij gelijkblijvend beleid. En dat is een belangrijk onderscheid, want je zou eigenlijk heel gemakkelijk door al beleidskeuzes erin te bouwen een heel ander beeld kunnen laten zien. Dat doen we bewust eigenlijk niet. Dus een begroting is beleidsrijk. Daar zitten keuzes in en die leiden tot een bepaald beeld en resultaat.

En dan laten we in de meerjarenraming zien, bij gelijkblijvende omstandigheden, wat gebeurt er dan? Zodat je ook kunt anticiperen op waar verwachten wij op enig moment beleid op te moeten voeren. Een van die dingen is natuurlijk inderdaad, hoe zal het gaan met de subsidies? Dus we hebben gelukkig jaarlijks zoveel beweging in personeel dat we heel goed kunnen bijsturen op de inzet van personeel. Dus op het moment dat er minder subsidies zijn, dan kunnen we ook heel goed schakelen naar, dan hebben we ook minder personeel nodig. Dat gaat via natuurlijk verloop eigenlijk altijd heel soepel. We hebben een ontzettend stevig proces van het voorbereiden van die formaties. Daar beginnen we heel tijdig mee. En dat zit ook zo stevig in elkaar dat we eigenlijk nooit tegen verrassingen of, laten we zeggen, de noodzaak om mensen gedwongen te gaan ontslaan of allerlei

13

draconische maatregelen, dat hebben we weten te voorkomen. En een voorbeeld is ook, in de afgelopen jaren hebben we natuurlijk een hele berg NPO-subsidie gehad. Daarvan hebben wij eigenlijk meteen gezegd, die gaan we niet in één brok heel snel besteden, maar die smeren we uit over een langere periode. Onder andere omdat dat bij ons, laten we zeggen, heel erg egaliseert met het natuurlijk verloop van het personeel. Waardoor je niet eerst mensen moet aannemen en ze dan vervolgens bij het aflopen van de subsidie weer moet ontslaan met nog de extra kosten van transitievergoedingen, et cetera. Dus ik denk dat we dat goed onder controle hebben. Er was in dit licht ook nog de vraag naar uitgestelde investeringen. Hoe zit dat nou? We hebben geconstateerd dat we aan een aantal knoppen kunnen draaien om zowel onze liquiditeit als onze resultaten te beïnvloeden op de langere termijn. Een daarvan is dat we werken met behoorlijk hoogwaardige ICT-apparatuur bijvoorbeeld, waarvan de feitelijke levensduur best veel langer is dan de afschrijvingstermijn. Dat zijn bijvoorbeeld dingen waarmee je kunt werken. Als je ervoor zorgt dat zaken snel vervangen kunnen worden doordat je de reserves op de plank hebt liggen, kun je natuurlijk wel door uitstellen ook een gunstiger situatie krijgen met liquide middelen en resultaten. En hetzelfde geldt voor, wij hebben nu het groot onderhoud geactiveerd.

Ik weet niet of u die systematiek kent, maar dat is een hele grote operatie geweest. Wij gingen van een onderhoudsvoorziening naar het afschrijven van onderhoud. Dat gebeurt nu landelijk overal. Dat heeft natuurlijk een enorme, op de balans heeft dat een enorme klap teweeg gebracht, die natuurlijk feitelijk eigenlijk in de exploitatie niks betekent, maar die wel een groot effect heeft op de balans. En ook met dat onderhoud kunnen we heel goed nog spelen met wat we uitstellen, wat we gezamenlijk doen, wat we wanneer precies plannen. Dus dat geeft ons eigenlijk best wel wat beleidsruimte om, laten we zeggen, niet in de financiële problemen te komen. Het punt van de schermtijd kwam ook een aantal keren langs. De situatie is wel, kijk, wij zijn geen stichting die daar centrale uitspraken over doet. Dat gebeurt op de scholen. En de realiteit is natuurlijk ook dat dat soort beleid moet ook in overleg met medezeggenschapsraden bijvoorbeeld gemaakt worden. Dus je kunt niet zomaar als bestuur van 25 scholen zeggen, dames en heren, vanaf morgen blijven de mobiele telefoons thuis. Zo werkt het niet. Dat is ook heel erg lokaal gedreven. We constateren wel dat, laten we zeggen, laat ik het maar even noemen, digitale geletterdheid bij al onze scholen aandacht heeft. En als u ons nieuwe jaarplan zou lezen, kunt u dat ook terugzien, dat we daar veel aandacht aan besteden.

En nogmaals, het is aan de scholen zelf om daar beleid op te maken, afwegingen in te maken. Ik denk overigens dat, laten we zeggen, het grootste deel van het schermtijdprobleem, speelt zich af buiten schooltijd. Dus het is ook altijd heel goed om ons te blijven realiseren dat onze impact op het leven van die kinderen is best groot, maar ook weer ten opzichte van hun hele dagcyclus beperkt. Laten we onszelf ook wat dat betreft niet een al te grote broek aanmeten. En dat vraagt ook om heel veel samenwerking met ouders. En dat gaat in het algemeen ook heel goed, maar soms is het ook een flinke uitdaging. De voorzitter: Ik zie dat u een verduidelijkende vraag heeft op dit onderwerp. Als u heel even de microfoon uitzet. Mevrouw Moedt. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad, ik als ouder van twee pubers struggle ook dagelijks met het schermtijd beperken. Maar wat bijvoorbeeld gebeurt is, ik heb op al die apparaten dan codes en schermtijd, maar niet op de schoollaptop. Terwijl een van mijn kinderen doet amper iets op die schoollaptop, maar die komt wel elke keer mee naar huis. Als scholen, ik zou echt, geen moord doen, maar ik zou het echt fantastisch vinden als de school zou zeggen, hier is een kluis, daar gaan de laptops in, krijg je morgenochtend weer terug. Dus dat soort dingen, dat zou ouders denk ik ook helpen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14967836/2