CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Ontwikkeling 11 december 2025

commissie Ontwikkeling 8 januari 2026, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 4 december (Openbaar en besloten) en 11 december 202518.386 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het wordt dus inderdaad een pand en een invulling die zal aansluiten bij de grandeur van het pand wat het ook heeft. En voor wat betreft de … De voorzitter: Dames en heren, ik zie zes verschillende onderlinge gesprekken terwijl de wethouder aan het beantwoorden is. Ik weet niet of u geïnteresseerd bent in de antwoorden van de wethouder, maar dan verzoek ik u vriendelijk de gesprekken te staken en te luisteren naar de antwoorden van de wethouder. Dank u. Wethouder De Raadt: Voorzitter, ik was bijna klaar. Volgens mij was de commissie ook heel duidelijk, jullie kiezen allemaal voor verkoop. De financiële middelen voor wat betreft de erven van Raiola, die zullen we ook in de koopovereenkomst borgen en dat doen we met hulp van de stadsadvocaat. Dus die zullen we daar zeker bij betrekken. Volgens mij heb ik alle vragen beantwoord voor zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Raadt. U opperde een peiling naar fast fashion, naar fastfood, naar een dakterras. Wethouder De Raadt: Alleen fast fashion. De voorzitter: Alleen fast fashion. Laten we daar een peiling met handopsteken doen. Wie wil er een definitie van fast fashion? Nee u gaf al aan dat u een definitie wilde, hebben mevrouw Klazes. Maar mevrouw De Raadt vraagt is er een brede gedragen meerderheid in de commissie om daar een definitie van te vragen bij de

18

stadsadvocaat en om die op …Mevrouw De Raadt heeft een andere betekenis. Mevrouw De Raadt gaat uitleggen wat ze dan wil. Wethouder De Raadt: Nogmaals nog een keer, laten we gewoon terughoudend zijn met het stellen van voorwaarden. Dat heeft in zijn algemeenheid een waardendrukkend effect. Fast fashion in zijn algemeenheid is echt juridisch onontgonnen gebied. De vraag is of daar een heldere definitie van te stellen is die ook standhoudt bij de Raad van State. En mijn vraag is eigenlijk, voordat we juridisch onontgonnen gebied gaan proberen te ontginnen moet daar wel denk ik enige steun voor zijn. En als laatste wil ik nog toevoegen dat ik niet verwacht dat er fast fashion in zal komen. Eerder zijn er gesprekken dus eerder geweest naar flagship stores en fast fashion betaalt over het algemeen ook wat minder huur dan flagship stores. En het bedrag wat hier moet worden ingestopt om die eenheid van die Verweyhal te herstellen en die grandeur terug te geven, die is zodanig groot dat dat waarschijnlijk echt wel met een andere invulling terugbetaald moet worden. Maar mijn vraag aan de voorzitter is dus of er voldoende steun is in de commissie om te onderzoeken of we dit eventueel nog als voorwaarde zouden willen uitonderhandelen. De voorzitter: Beste commissie, wilt u de doodlopende weg op richting … Ja, we kunnen hem heel moeilijk maken maar we kunnen hem ook platslaan.

Wilt u de doodlopende weg op om te onderzoeken of we fast fashion dan toch ergens een definitie mee kunnen geven om dat niet in dat pand op te nemen. Even de handen omhoog wie dat zou willen onderzoeken. Mevrouw Klazes, u wilt de definitie geven aan fast fashion, gaat uw gang. Mevrouw Klazes: Dank u wel, voorzitter. Voordat deze vraag beantwoord gaat worden door de hele commissie wil ik een klein voorzetje geven aan de wethouder. Wat mij betreft is het niet zo ingewikkeld wat fast fashion is. Dat kun je gewoon opzoeken op Wikipedia en dan ben je er al bijna. Ik snap dat dit juridisch misschien een beetje een ander probleem is. Ik denk dat de wethouder heel ver komt met het uitonderhandelen bij de familie Raiola om inderdaad ervoor te zorgen dat het niet deze invulling krijgt. Waar ik nog wel even wil meegeven dat fast fashion niet per se een flagship store uitsluit. Want je hebt ook fast fashion flagship stores. Dus het een is niet in conflict met het ander. Maar goed, ik stel voor dat de wethouder haar best doet en ik zou dan graag zien dat we dit toch proberen tegen te houden. Maar dat is dus aan de commissie begrijp ik. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Klazes, voor uw mening over fast fashion en wat u daaronder vindt vallen. Dat is precies wat ik wilde voorkomen, want nu wil iedereen inderdaad zijn of haar definitie geven over hoe we dit in moeten vullen.

We gaan even een stemming doen over fast fashion en wie … Mevrouw Verhoeff: Mag ik een punt van orde, voorzitter? De voorzitter: Nee, een moment mevrouw Verhoeff. Wie dat onderzocht wil hebben en dan gaan we een tweede termijn doen. Van de orde, maar dan komt heer Bruch ook. Mevrouw Verhoeff: Een peiling doen, voorzitter, dan is het toch ook mogelijk dat we gewoon puur alleen een stemverklaring van vier vijf woorden doen. Dan zijn we eruit denk ik. De voorzitter: Precies, mevrouw Verhoeff. De andere partij hebben andere meningen, want ik zag meerdere anderen over meerdere meningen. Dus het is niet alleen maar een stemverklaring over uw peiling. Maar goed, even denken. Er ligt dus een vraag. Willen we de weg open richting onderzoek fast fashion? Handen daarvoor vanuit de partijen. Twee partijen wensen dat, dus dat gaan we niet verder onderzoeken. Dan gaan we nu

19

richting een tweede termijn waar iedereen nog een keer zijn of haar mening mag geven over dit bespreekpunt. Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Voorzitter, dank u wel. Ik stel voor dat we de voorwaarden zoals ze nu in het stuk staan, dat we het zo laten staan. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bruch. Mijnheer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Ik wil me aansluiten bij de woorden van de VVD. En een shout-out naar mijn mentor, Misja de Groot heeft nog een keer een motie hierover ingediend, gefeliciteerd. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Ik had nog een vraag open staan of het college al een grof beeld heeft van de planning. En ik zou mezelf echt als Haarlem kapot schamen als er iets van een Shein in zou komen, want dat is in Parijs ook gebeurd en heel de helft ongeveer van Parijs schaamt zich daar ook heel erg voor. Dus ik zou eerder denken, daar hadden we echt voor moeten stemmen. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff, Partij van de Arbeid. Mevrouw Verhoeff: Dan geef ik gewoon nu even onze stemverklaring. Wij zouden het graag willen tegenhouden maar vinden dit proces van zo snel mogelijk dit met de familie Raiola oplossen veel belangrijker. En waarschijnlijk kunnen we dat toch wel tegenhouden. De voorzitter: Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Voorzitter, ik had een vraag voor de wethouder.

De juridische kosten die nu weer gemaakt worden, wie gaat die betalen, de gemeente of Raiola? De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: De voorwaarden zoals ze hier staan zijn akkoord voor ons met een verzoek om het publiek maken ook zeker voor het dakterras na te streven of op enigerlei manier vast te stellen. Want dat zie ik hier nog niet zo staan. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? Mijnheer Visser, ChristenUnie. De heer F. Visser: Eens met wat betreft het dakterras. De voorzitter: Anderen? Niet. Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Dank u wel. Laat ik de discussie over fast fashion afsluiten met inderdaad de mededeling dat wij goed in gesprek gaan met de familie Raiola over de passende invulling van dit gebouw wat zoveel moois verdient. En dan voor wat betreft de planning, het is duidelijk waar jullie voor gekozen hebben, dat betekent dat we vanaf nu in gesprek kunnen gaan met de erven van Raiola en het kunnen uitonderhandelen. Dus dat zullen we in ieder geval in het eerste kwartaal van het komend jaar gaan doen. En dan hoop ik daar zo snel mogelijk weer bij uw commissie op terug te komen. Want het is nog steeds en het blijft mijn ambitie om ook dit lastige vastgoeddossier nog deze collegeperiode op te lossen en niet nog een periode door te laten

20

schuiven. En dan als laatste de vraag van Trots. Beide partijen dragen hun eigen juridische kosten en een van de voorwaarden ook is dat we straks finale kwijtschelding hebben over en weer. Dank u wel, voorzitter. Ja dakterras, volgens mij heb ik ook al aangegeven, het is onderdeel van het schetsontwerp wat de familie Raiola heeft gemaakt. En als u het mij zowel als wethouder en als Haarlemmer vraagt ben ik persoonlijk ook zeer voor de terugkeer van het dakterras op de Verweyhal. Want het is echt een prachtig uitzicht. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Dat betekent dus verplicht om de Verweyhal publiekelijk toegankelijk te maken, met inbegrip van het dakterras. Dat zou er dan moeten staan. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Het publiek toegankelijk maken van de Verweyhal is een voorwaarde, die staat in het stuk. De voorzitter: De kwestie gaat erom dat er moet worden toegevoegd, inclusief dakterras. Wethouder De Raadt: Wilde u nog een nog een reactie, de heer Van Leeuwen? Een dakterras met een horecagelegenheid, een daghorecagelegenheid, is per definitie publiek toegankelijk. De voorzitter: Helder, dan hebben we daarmee nu een definitie die daarmee recht doet aan de bespreking over de toekomst van de Verweyhal, heeft mevrouw De Raadt een duidelijke opdracht om hiermee aan de slag te gaan en sluiten we ook agendapunt 8 af. 3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan gaan we door naar de heer Roduner die is inmiddels aangeschoven. Welkom, mijnheer Roduner. We gaan zo beginnen met uw mededelingen. Mijnheer Roduner, nogmaals welkom. U heeft twee mededelingen, begreep ik, voor de commissie. Wethouder Roduner: Eentje gaat over de Omgevingswet waar we natuurlijk al een tijdje mee werken en het gebrek aan BOPA's wat we hier langs krijgen. Daar kreeg ik laatst een vraag en we dachten dat we zouden overspoeld worden door buitenplanse wijzigingen van het omgevingsplan. Maar we zien eigenlijk in de praktijk dat een hele hoop vergunningen gewoon ook toch nog steeds gaan in eerste instantie via het wijzigen van het omgevingsplan, wat we vroeger altijd wat meer deden, eerst een bestemmingsplanwijziging hier en dan de vergunningverlening. Dus we zien ook nog steeds wel wijzigingen van het omgevingsplan. We zien ook nog wel dat er gewoon een aantal partijen binnen de door raad vastgestelde kaders vallen. Dus dan de vergunning door het college worden verstrekt als het helemaal binnen een programma van eisen van de leefomgeving blijft. En we hebben hier natuurlijk ook al twee keer denk ik een gesprek gehad over het afzien van het adviesrecht voor uiteindelijk een buitenplanse omgevingsvergunning, onder andere voor de Kruisstraat en binnenkort komt ook het Orionhof hier langs.

Dus het is wat minder denk ik dan verwacht. En volgens mij hebben ook de spelregels met elkaar zo vastgezet. En 1f, (01:13:45) hebben we die ook? Nee, die hebben we wel met een bestemmingsplan gedaan hoor, alleen het laatst stukje misschien. Dus er komt wel af en toe wat langs maar minder dan gedacht. Dat is goed om denk ik even met elkaar te realiseren. En er is nog een kleine aanpassing gedaan in de nota Dak, dat was volgens mij de bijlage. Dat ging over de ensembles van de corporaties en de orde 2-panden van met name particulieren waarvan we in beide gevallen hebben gezegd

21

vanwege de ruimtelijke kwaliteit willen we daar de mogelijkheid tot dakopbouwen wegbestemmen. Volgens mij hebben we iets duidelijker gemaakt ook naar aanleiding van vragen van Frank Visser dat het ene over orde 2-panden gaat en de ander gaat over niet-orde 2-ensembles. Dat was hem, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roduner, voor uw mededelingen. 9. Aanwijzing schoolgebouwen Beatrixschool, De Dolfijn en Mendel College als gemeentelijk monument (FR) De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 9. Agendapunt 9 gaat over de aanwijzing van de schoolgebouwen de Beatrixschool, De Dolfijn en het Mendel College als gemeentelijk monument. Daar heeft u een nota ter kennisname over ontvangen en dat is op verzoek van de VVD geagendeerd. Mijnheer Terol, mag ik u het woord geven? De heer Terol: Dank, voorzitter. Laat ik beginnen met aangeven dat we begrijpen dat het Mendel College, de Beatrixschool en De Dolfijn van grote cultuurhistorische waarde zijn voor de stad. En ik denk ook dat we dat allemaal kunnen onderschrijven. Tegelijkertijd zijn er verschillende mogelijkheden om deze cultuurhistorische waarde te beschermen. Daarbij is het ook belangrijk dat we kijken naar de situatie rondom schoolhuisvesting in Haarlem. We staan voor grote uitdagingen op het gebied van schoolhuisvesting.

De beschikbare capaciteit van schoolgebouwen staat onder druk door een groeiend aantal leerlingen. Er is veel geld nodig voor achterstallig onderhoud, renovaties en uitbreiding, de bouwkosten stijgen en we willen zo nu en dan ook nog verduurzamen. Het is daarom des te belangrijker dat de bescherming die we kiezen werkbaar blijft en niet leidt tot extra vertraging, stijgende kosten of belemmeringen bij noodzakelijke uitbreidingen, renovaties of verduurzaming. De VVD vraagt zich af of de voorgestelde monumentenstatus in de praktijk werkbaar is, zeker gezien de grote zorgen bij de schoolbesturen en de uitdagingen rondom schoolhuisvesting. Het is denkbaar dat een orde 2-status beter zou kunnen aansluiten waarbij het aanzicht wordt beschermd en er aanvullende afspraken kunnen worden gemaakt over het interieur. Dat zou voorkomen dat voor elke bouw of gebruiksactiviteit een omgevingsvergunning nodig is. Voorzitter, we zijn benieuwd hoe de commissie hierover denkt. De voorzitter: Dat is een vraag aan de commissie. Mevrouw Verhoeff, Partij van de Arbeid. Mevrouw Verhoeff: Dank u wel. Wij vinden het heel erg prima dat deze gebouwen en de beschermingswaardige delen van deze schoolgebouwen zijn aangewezen. Er worden ook goede redenen voor gegeven en het gaat maar een enkele keer over de interieurwaarde.

En we weten eigenlijk allemaal, kijk maar bijvoorbeeld naar het Mendel College, daar staat meer nieuw dan oud. Nu is er een goede kaart bijgekomen waarin is aangegeven welke delen dan wel beschermingswaardig zijn en andere niet. Daar kunnen we een heel eind mee uit de voeten. En vergeet niet, feitelijk is dit als beschermingswaardige vastgoed indirect ook ons vastgoed, want het komt weer naar ons terug. En u weet ook dat als er te veel kosten zijn, dan zijn wij inderdaad als gemeente de pineut. En hoe kunnen wij nu monumenten aanwijzen en dan vervolgens zeggen, ja maar omdat het ons te veel geld kost doen we het niet. Met andere woorden, mooie afweging, zware afweging, hier moeten we niet aan tornen. De voorzitter: Anderen? Mijnheer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Ik wil het even eigenlijk houden om het plaatje een beetje breder te schetsen, want ik denk dat er niet meer zoveel valt te doen voor de scholen, ondanks dat ik het voor een groot gedeelte wel met de heer Terol eens ben. Wij hebben een ontzettend verduurzamingsslag. We zien dat

22

huiseigenaren moeite hebben met hun pand te verduurzamen. Dat geldt overigens ook voor heel veel woningcorporaties. En ik heb dit punt ook gemaakt namens D66 met de Erfgoednota die heel erg verhalend was over waarom het belangrijk was en iets minder ging dat over wat is nu beschermingswaardig als gaat de façade, de voorkant en orde 2. En ik zou een oproep willen doen, zeker na de verkiezingen misschien wel van de gemeenteraad, want die Erfgoednota is nog vrij jong. Maar D66 is het wel met de VVD eens dat het in heel veel gevallen heel erg belangrijk is om ons monumentale karakter van de stad, beschermd stadsgezicht, maar voornamelijk de voorkant van huizen en dit soort panden te beschermen en dat we misschien iets te enthousiast zijn, of eigenlijk het college te enthousiast is, want wij hebben zelf helemaal geen handelingsperspectief, in het toewijzen van monumentale statussen. Iets wat, dat komt ook uit mijn technische vragen naar voren, bijna nooit een monument terug wordt gezet naar een status wat lager. Ik ben wel blij met de beantwoording van technische vragen, want daar stonden wel precies te staatjes in van hoe verhoudt een monument zich tot orde 2. Ik denk niet meer dat er nu wat aan gedaan kan worden voor deze schoolpanden in alle eerlijkheid.

Maar ik wil wel de VVD ook uitnodigen om met deze commissie de eerstvolgende keer dat we de Erfgoednota misschien weer gaan herzien, ik weet niet precies wanneer dat is, misschien kan de wethouder dat ons uitleggen, misschien een oproep doen om wel het aanzicht van ons beschermd stadsgezicht en ook van onze mooie panden goed te beschermen maar hoe we ook handelingsperspectief kunnen geven om dat ook te verduurzamen. Want het moet echt sneller gebeuren, daar vindt de VVD D66 in ieder geval aan onze kant. Maar die oproep hebben we vaker gedaan. De voorzitter: Dank, mijnheer Krouwels. Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel, voorzitter. Het CDA Haarlem heeft gewoon een warm hart voor het erfgoed, ook in dit geval. En vorige week hebben wij de nota voor dakopbouw besproken, toen heeft CDA Haarlem heel duidelijk aangegeven, wij zijn voor maatwerk. En in dit geval vinden wij dus bij dit maatwerk het heel goed dat juist die scholen, dat het gewoon klopt. Want wij zijn, de PvdA zei het al, wij zijn degenen die toch die kosten moeten hebben. Dus in dit geval zeggen wij prima, laten zo zoals het is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, een warm hart voor erfgoed hebben wij zeker ook. Ik heb zelf ook op een monumentale school gezeten. Ik ben blij dat de deuren en het interieur daar nog netjes was.

Maar ik realiseer me tegelijkertijd, en daar ben ik het gewoon eens met de VVD, het moet ook werkbaar zijn. Er moet onderwijs gegeven worden, als je intern kunt verbouwen, bewaar de deuren, bewaar het glas in lood, bewaar dat soort elementen, gooi het niet in een container en ga er goed mee om. Maar ik heb heel weinig spreektijd en nog een onderwerp. Ik zou er nog uren met u over willen doorpraten. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Klazes, GroenLinks. Mevrouw Klazes: Dank u wel, voorzitter. Ook wij zijn blij dat het college het belang inziet van het behouden van beeldbepalende panden. In het stuk worden drie scholen, alle drie vertegenwoordigers van een andere bouwkundige stroming, behouden voor de toekomst middels de gemeentelijke monumentenstatus. We zijn er blij mee en gaan ermee akkoord. En nog even wat betreft de VVD, wat zij zeiden. Het gaat niet alleen over de façade, het gaat ook over de inrichting, daar is een nauwe samenhang. Als je kijkt bijvoorbeeld naar de Beatrixschool dan kun je wel zeggen laten de muren staan maar als je kijkt naar het interieur, dan is dat zeker ook behoudenswaardig, dat hoort gewoon bij de uitstraling van dat pand en bij het tijdsbeeld van dat pand. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Amand, Trots.

23

De heer Amand: Voorzitter, een prima plan. Ik zou wel willen adviseren, ook aan de VVD en de collega's, kijk ook nog even naar de scholen om je heen. Bijvoorbeeld de Franciscus Xaveriusschool, een heel oud pand wat misschien ook wel hier en daar wat kan gebruiken. Dus het zijn niet een enkel die paar scholen waar we hier over praten. Want er zijn natuurlijk meer scholen met achterstallig onderhoud en waar wat aan gebeuren moet. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Die scholen zijn plaatsen van herinnering, dat doet veel mensen aan hun jeugd denken. Het is gewoon goed om die extra zorg te geven. We zijn het eens met dit voorstel. En inderdaad, de gemeente heeft economisch eigendom van schoolgebouwen en uiteraard moet er af en toe een beetje soepel met verbouwing worden omgegaan. Dat lijkt me logisch. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Exter, Forum. De heer Van Exter: Dank u wel, voorzitter. Ik heb de vorige keer geloof ik opgeroepen of gevraagd voor de herbouw van de dubbele school in het Slachthuiskwartier. Dus ik kan nu moeilijk gaan zeggen dat deze scholen geen monument behoren te zijn. En ik kan het college ook steunen daarin. Het argument dat de gebruikers, de schoolbesturen, dan niet uit de voeten kunnen met de gebouwen, dat vind ik toch te licht.

Dus schoolgebouwen zijn al honderd jaar hetzelfde, lokalen, een aula en een gymzaal, dat is een schoolgebouw. Dus wij steunen dit, we vinden het monumentwaardig. Dank u wel. De voorzitter: Dank. De heer Visser, ChristenUnie. De heer F. Visser: Voorzitter, ik vind hem lastig. Ik heb zelf op het Mendel College gezeten en dan merk je toch dat je daar inderdaad emotionele waarde bij hebt en het is gewoon een mooi pand. Maar dan merk ik tegelijk bij mezelf, bij die andere scholen had ik inderdaad minder gevoel. En dan kijk je naar de foto’s en dan inderdaad, dat ziet er wel bijzonder uit. En toch, kunnen we alles behouden zoals het was? Ik vind dat een heel moeilijk spanningsveld. Ik ben voor bescherming van erfgoed, maar ik weet ook dat we best nog wel heel wat uitdagingen op het gebied van onderwijs te gaan hebben met een noodzaak voor extra lokalen. En dan denk ik aan De Dolfijn en dan denk ik we moeten we daar dan straks misschien als er extra lokalen nodig zijn een soort lelijk bijgebouwtje bijplaatsen waardoor er nog minder speelruimte komt en nog minder groen in de wijk. Of moeten op een gegeven moment zeggen nee, we zetten daar een nieuw duurzaam gebouw neer, overigens is de helft van het gebouw er al iets aangeplakt zal ik maar zeggen, en kun je daar misschien juist iets veel beters van maken maar wat dan niet meer kan als je het een gemeentemonument maakt.

Ik heb eerlijk gezegd twijfels en als ik dan het bezwaar van de school zie en als ik dan zie hoe daarop wordt gereageerd. Er staan met name bij het Mendel College hele lange lappen tekst maar worden mijn zorgen eigenlijk niet weggenomen. Zeker omdat de adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit aan het begin wel betrokken was maar het eind niet. Dan denk ik, ik sluit me aan bij pleidooi van de VVD over die interne verbouwingen maar ook verdere verduurzaming, wordt dat niet moeilijk gemaakt omdat die verbouwingen vaak midden in de zomer moeten plaatsvinden, snel, snel, snel. En dan helpt de vergunningprocedure niet. Dus ik ben eerlijk gezegd nog niet overtuigd, dus wij stemmen niet in. De voorzitter: Er is nergens mee in te stemmen, want het gaat niet naar de raad. Maar waarvan akte, genoteerd, mijnheer Visser. Het staat op band. Anderen nog hierover? Niet. Dan gaan we even naar de reactie van de wethouder.

24

Wethouder Roduner: Dank u wel. Misschien wel leuk om, ik heb nog spreektijd voorzitter. Want er werd gevraagd naar de Erfgoednota en gezegd het is eigenlijk de eerste Erfgoednota. Maar in 2013, dus echt al meer dan twaalf jaar geleden, misschien nog wel langer geleden zelfs is, is er een nota gemaakt waarin is aangekondigd dat we gaan kijken naar de wederopbouw-gebouwen van Haarlem eigenlijk. En we hebben dat eigenlijk heel lang niet kunnen doen vanwege capaciteitstekorten. We lopen daar ook best wel een beetje achter als je ziet op andere gemeenten in het land. Maar in 2020 is eigenlijk een heel mooi integraal rapport opgeleverd. Als u een paar keer doorklikt in de collegestukken komt u daarbij, waarin de wederopbouwperiode is beoordeeld eigenlijk op architectonische waarde en kwaliteit voor de stad door experts. Dus dat is fijn. Een periode waarin er heel veel aan de stad is veranderd, er zijn heel veel wijken bijgekomen. Denk aan de Europawijk, is de start mee gemaakt, Boerhaavewijk, Parkwijk, Delftwijk, Sinnevelt en natuurlijk in de stad zijn er ook nog heel veel gebouwen op plekken bijgekomen. Klassieke strokenbouw bijvoorbeeld, ook nog zelfs in De Krim maar ook gewoon losse panden. Dus er is een hele brede inventarisatie gemaakt van ik denk duizenden panden in Haarlem. Het was niet een hele kwalitatief hoogwaardige periode, moet ik helaas constateren.

Uiteindelijk zijn we tot negen monumenten gekomen, of tien of zo. Dus niet zoveel, maar wel panden die denk ik iets laten zien over de periode van ontwikkeling van die stad en waarvan in ieder geval de mensen die er verstand van hebben zeggen dat zijn de panden waar de gemeente Haarlem er goed aan doet om die voor de toekomst te bewaren. En dat doen we met de monumentenstatus. Want een monumentenstatus is eigenlijk het enige wat volgens mij een pand kan beschermen. Het is eigenlijk het enige wat een pand kan beschermen tegen sloop. Orde 2 is echt iets anders. We hebben in de Gierstraat onder andere gezien dat je dan ook nog wel wat kan slopen en daar was ook wat commotie over in de stad destijds. En daarmee bescherm je inderdaad niet alleen de buitenkant maar ook de binnenkant. En ik denk dat dat wel goed is, want een monument of een gebouw gaat om iets meer. Het is niet, oneerbiedig gezegd, Disneyland waarbij je een mooie façade ziet, maar het gaat ook echt over het interieur van het gebouw, de opzet, de structuur en dat is een geheel ontworpen. En natuurlijk veranderen daar dingen wat. Want volgens mij de kernvraag die de VVD stelde, is dit in de praktijk werkbaar. En ik denk dat het antwoord daarop is ja. We hebben heel veel monumentale scholen in Haarlem, hierachter een rijksmonument recentelijk behoorlijk verbouwd.

Daar heb ik dan weer zelf opgezeten, mijnheer Visser, behoorlijk verbouwd om klaargemaakt te worden voor de volgende lichting scholieren. En zo zie je dat er heel veel monumentale gebouwen zijn die goed functioneren als volgende school. Want dat zegt mijnheer Van Exter terecht, een school is ongeveer al honderd jaar hetzelfde. En in dat opzicht, er zijn wat lokalen, misschien soms wat groter of wat kleiner maar het zijn niet per se dwingende normen. Je kunt er altijd een beetje van afwijken en je ziet dat daar ook creatieve oplossingen voor zijn. Mijn kinderen zitten in een monumentaal schoolgebouw, die klaslokalen zijn niet groot maar het tussenlokaal is eigenlijk een soort leerplein geworden en zo kan zo'n school prima functioneren en krijg je met zo'n monumentaal schoolgebouw er ook heel veel kwaliteit bij. Want ik weet niet, die plafonds van tegenwoordig zijn echt niet meer zo hoog, dus het licht wat binnenkomt is echt wel anders. Er zit heel veel rijkdom in zo'n gebouw eigenlijk wat je kinderen kunt meegeven wat er anders niet vanzelfsprekend in zit. En natuurlijk, monumenten zijn soms lastiger en het heeft meer aandacht nodig als het gaat over bouwkundige ingrepen, als het gaat over vernieuwing, als het gaat over verduurzaming, als het gaat ook over die elementen, dus dat kost wat meer werk. Maar ik denk dat het wel de moeite waard is.

En ik wil die discussie misschien nog wel een keer wat breder met u voeren. We hebben een Lieven de Key-lezing gehad van mevrouw Kempinga, die is van stichting Mevrouw Meijer en die heeft in Schalkwijk gekeken naar hoe je de wederopbouw-schooltjes in Schalkwijk die heel mager van kwaliteit zijn eigenlijk toch een nieuw leven zou kunnen inblazen en geschikt zou kunnen maken voor een volgende generatie schoolgebouwen. Vanuit ideologische insteek heeft die stichting dat gedaan Ten eerste omdat je daarmee denk ik ook stukje geschiedenis en identiteit van zo'n buurt bewaakt, maar ook omdat dingen niet slopen echt uiteindelijk tien keer zo duurzaam is dan weer iets nieuws bouwen. De CO2-uitstoot die je hebt van een nieuw gebouw is echt

25

immens, dat krijg je nooit meer goed. En er zijn hele goede manieren, dat vraagt wat meer ontwerpkracht, wat meer creativiteit en soms ook iets meer geld om scholen naar de toekomst te brengen. En ik denk De Molenwiek is daar uiteindelijk het resultaat van in Schalkwijk, dat heeft ook de Lieven de Key Penning gewonnen. Dat is een heel mooi ding en als u daar iets meer van weten heb ik daar ook nog een leuk boekje van. De voorzitter: Mijnheer Roduner, u heeft een interruptie van de heer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Ik wil graag van de wethouder horen, zijn eigen verhaal aanhorende, dat inderdaad binnen- en buitenkant, en dus niet orde 2 niet voor sloop wordt beschermd. Als dit verhaal is, qua CO2-uitstoot is sloop-nieuwbouw veel uitstotender, natuurlijk is dat waar. Maar dat is toch een slecht verhaal richting alle Haarlemmers die in een monument wonen die nu zich helemaal suf stoken met een hoge energierekening? Snapt de wethouder dat wij op zoek zijn naar een module om wel ook voor sloop bepaalde panden te beschermen, maar niet meteen zo'n superingewikkeld monumentenstatus nodig hebben. Misschien bestaat het, misschien bestaat het niet, maar snapt de wethouder dat we daarnaar op zoek zijn voor die vele Haarlemmers en bedrijven en scholen die in monumenten nu huisvesten? De voorzitter: Mijnheer Roduner.

Wethouder Roduner: Het is niet alsof heel Haarlem een monument is. Dat zou misschien mijn droom zijn, maar dat is niet zo. Dus een klein deel van Haarlem is een monument en ik zeg wel, en laten we daar dan ook eerlijk over zijn, als u per se in een triple A-woning van de hoogste kwaliteit wil leven dan moet u misschien niet in Haarlem in een monument gaan wonen. Dat zeg ik gewoon, dan moet u misschien ervoor kiezen om als u het mooi vindt om in een beschermd stadsgezicht en als u zegt ik wil echt modern, dan moet u misschien niet in Haarlem zijn. Haarlem is gewoon een hele grote monumentenstad. Het is grotendeels ook onze identiteit. Dat is wat het merendeel van Haarlem ook aantrekkelijk vindt aan Haarlem. Dus het gaat wel een beetje over de ziel van de stad. En er zijn volgens mij voldoende andere panden in Haarlem die niet monument zijn en waar wat meer kan als je dat per se wil. Ik denk de oplossing voor dit zit ook grotendeels in het plan dat volgens mij vandaag in de commissie Beheer is besproken, namelijk gewoon ons warmteprogramma. Bij grote delen van Haarlem is het voornemens dat daar een warmtenet komt. Een warmtenet vraagt iets minder isolatie van een pand, dus dat helpt denk ik heel erg. En een aantal panden zullen wel ook echt op elektriciteit moeten.

Maar ik zeg altijd, als je de Koepel kunt verduurzamen en van het gas af kunt krijgen, dan kun je toch echt wel elke woning in Haarlem uiteindelijk van het gas af krijgen. En daar helpen we ook bij met het monumentenloket, met ondersteuning. En volgens mij stond de Erfgoednota daar ook vol van over hoe we het leuker konden maken en makkelijker, maar uiteindelijk blijft het wel een klus. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roduner. Dan gaan we even terug naar de heer Terol rol als aanjager van dit bespreekpunt. De heer Terol: Dank, voorzitter. Hij wordt inderdaad vrij breed getrokken, tot aan warmtenetten aan toe. Maar we hebben tot slot een concrete vraag. We zien gewoon dat er nog heel veel zorgen leven bij de schoolbesturen en we zouden de wethouder echt willen oproepen om ook maatwerk toe te passen bij de bouwaanvragen. Is de wethouder ook bereid om maatwerk toe te passen bij deze scholen? De voorzitter: Mijnheer Roduner.

26

Wethouder Roduner: Het flauwe antwoord is dat er altijd maatwerk moet zijn. Maar het goede nieuws is denk ik, er zijn mensen van erfgoed langs geweest bij het Mendel om daar met hun te praten over wat zijn de plannen van zo’n school en om daar ook iets meer van geruststelling in te brengen en ook een eerste aanspreekpunt te zijn als inderdaad die plannen moeten worden gemaakt. Dus dat helpt. En het leuke van zo'n Beatrixschool is, daar heeft wethouder Van Leeuwen een wat hechtere band mee, dat er ook wordt nagedacht over hoe een van de oude schilderingen die daar zitten, om die weer terug te brengen, die schijnt met een laag oververfd te zijn. En om te kijken dat je dus op die manier ook niet alleen voor het gevoel van de school iets afneemt, maar juist ook iets teruggeeft van de geschiedenis. Dus dat gesprek loopt ook. Dus op die manier proberen we ook gewoon de scholen weer wat meer mee te nemen en te zorgen dat we constructief verder gaan met elkaar. De voorzitter: Tot zover, zou ik zeggen. Waarbij de wethouder geen toezegging deed maar wel gewoon een inkijk geeft hoe dat te werk gaat en hoe daar verder mee om wordt gegaan rondom de monumentenstatus. Daarmee concluderen we ook dit bespreekpunt. 10.

Rechterlijke uitspraken stikstof - consequenties voor Haarlem (FR) De voorzitter: En gaan we door naar agendapunt 10, dat is een rechterlijke uitspraak stikstof en de consequenties daarvan voor Haarlem. Dat was ook een informatienota, die is geagendeerd door de Actiepartij en daarvoor geef ik de heer van Leeuwen als eerste het woord. De heer Van Leeuwen: Dank u wel. De nota riep verwarring op en aangezien we ook over een volkshuisvestingsprogramma spreken en we ook in ons verkiezingsprogramma aandacht hebben voor doorkijkjes naar de toekomst wil de Actiepartij eigenlijk vooral weten hoe groot is dat stikstofprobleem. Als de wethouder ook in geheimhouding moet praten over individuele ontwikkellocaties, dan heb ik daar respect voor. Maar ik zou toch wel meer inzicht willen hebben dan dat het wethouder nu geeft. Om hoeveel woningen van die 10.000 woningen gaat het nu ongeveer? Waar moeten we het ongeveer zoeken? want dan kunnen we onszelf ook met elkaar richten op een betere programmering als dat wenselijk is. Dat is eigenlijk in de kern onze vraag. De voorzitter: Een korte en bondige vraag. Daar reageert de commissie ook verder op. De heer Heinis, Partij van de Arbeid, als eerste. De heer Heinis: Ik had een beetje een ander gevoel bij het lezen van de informatienota, want ik was eigenlijk wel heel blij.

Ik had echt het gevoel we doen het best wel goed binnen de ruimte die er is en nemen we alle maatregelen die we kunnen. En het staat ook heel goed in het stuk, het Rijk is aan zet. Want we hebben echt een enorm prutsende minister, het is echt verschrikkelijk wat er is gebeurd. Want het stikstofprobleem kun je gewoon oplossen en dan kun je de natuur laten herstellen en je kunt bouwen. En hopelijk komt er een nieuw kabinet, ook al is het D66, CDA en VVD, dat gewoon dit gaat aanpakken en gaat verbeteren. En tot die tijd moeten we gewoon doen als gemeente wat we kunnen. Ik denk dat we, dat stond heel mooi opgesomd, wat we al doen. Ik miste een dingetje misschien, prefab bouwen en modulair bouwen, maar daar doen in de praktijk ook al aan. Dus ik ben eigenlijk wel tevreden met hoe het gaat. Het is een risico, maar we doen alles wat we kunnen om het te beheersen. De voorzitter: Mijnheer Heinis, u heeft een interruptie van de heer Van Leeuwen.

27

De heer Van Leeuwen: Vindt de heer Heinis het werkelijk duidelijk als er staat van 29 van de 47 projecten is geen overschrijding. En dan die getallen en dan niet concreet maken, waar hebben we het over? Er staan getallen, ze zijn voor ons niet toetsbaar en het aantal woningen wat daarbij gemoeid is staat er ook niet in. De heer Heinis: Dat zou mooi zijn om dat toe te voegen, daar ben ik het mee eens. Om hoeveel woningen gaat het nu in totaal? Aan de andere kant kan het ook per tijdvak weer verschillen, dus het is ook heel grillig als we dat op die manier doen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Voorzitter, het teveel aan stikstof in onze natuur raakt ook Haarlem. Het National Park Zuid-Kennemerland ligt naast de deur en het is een dermate kwetsbaar gebied dat elke toename van stikstof slecht is omdat het al een overbelast en stikstofgevoelig gebied is. En inderdaad, van de huidige landelijke regering hoeven we niets, maar dan ook echt helemaal niets te verwachten. En de invoering van een ondergrens van 1 mol stikstof strandt waarschijnlijk bij de eerste de beste rechter en de natuur zou met deze ondergrens eerder verder verslechteren. En inderdaad, ondertussen proberen we in Haarlem het beste ervan te maken. Maar de notitie die ons inzicht moet geven vinden wij echt in mist gehuld.

We lezen wat cijfers en getallen, maar concreet wordt het niet want we weten niet welke getallen met welke gebieden corresponderen. Een kaartje zou duidelijk zijn met alle ontwikkelingen en een categorie, dus van de intern gesaldeerde projecten die nog geen vergunning hebben, de projecten waar een ecologische toets is geweest en het project waar pas een beoordeling voor is gemaakt. Graag ontvangen we een duidelijk overzicht met kaart, met de verwachte vertraging en eventuele mogelijke obstakels zoals het niet of lastig verkrijgen van een natuurvergunning. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek, u heeft een interruptie van mevrouw Oudshoorn, D66. Mevrouw Oudshoorn: Dank u wel, voorzitter. Ik snap op zich wel de vragen van de collega's, maar de notitie lezende zijn wij eigenlijk vooral heel benieuwd wat gaan de collega's daar dan mee doen. Gaat u dan eigenhandig landelijk de stikstofkraan dichtdraaien? Heeft u wel dat gouden ei waardoor we gewoon lekker door kunnen bouwen? Dus ik ben enorm voor rapporten en studies en dat ambtenaren notities gaan schrijven, maar hoe meer inzicht wij hier hebben, dat geeft ons volgens mij niet meer handelingsperspectief. En eigenlijk is D66 vanavond alleen nog maar op zoek naar welk handelingsperspectief hebben we lokaal voor zover dat er nog niet in staat.

Maar ik hoor graag waar de collega's eigenlijk naar op zoek zijn met al dat inzicht. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Dat is een hele goede vraag. Er wordt ergens ook wel in de notitie aangegeven, er zijn ontwikkelprojecten met verschillende deelprojecten en het zou best wel kunnen zijn dat we misschien dingen moet gaan uitruilen, dat sommige woningen niet kunnen worden gerealiseerd, of parkeergarages, of whatever, en dat je dat moet uitruilen met iets in het oosten van de stad. Daar zou ik wel graag inzicht in willen hebben. Of een congreshotel. De voorzitter: Vervolgvraag van mevrouw Oudshoorn. Mevrouw Oudshoorn: Maar moet ik daar dan uit concluderen dat de partijen die hier om al die informatie vragen er geen vertrouwen in hebben dat het college hiermee bezig is en dan met voorstellen zal komen als

28

dat relevant is? Dat is gewoon een beetje mijn zorg. Wat wilt u als raad daar nu dan zelf in gaan voorstellen en waarom geven we de wethouder daar en de ambtenaren niet wat vertrouwen in? Mevrouw Van den Broek: Ik vind het echt heel bijzonder dat een partij die alleen maar bouwen, bouwen, bouwen roept niet wil weten of er eventueel vertraging komt in die bouwambities. Het lijkt mij dat D66 daar juist vooraan zou moeten staan. De voorzitter: En mevrouw Oudshoorn, een laatste vervolgvraag. Mevrouw Oudshoorn: Om die vraag dan toch te beantwoorden. D66 wil bouwen, bouwen, bouwen en niet schrijven, schrijven, schrijven. Wij kijken graag naar de wethouder om daar voorstellen in te doen en we hebben daar gewoon best veel vertrouwen in. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek, nog uw termijn. Mevrouw Van den Broek: Wij zouden daar gauw graag een kaartje en iets meer overzicht bij willen hebben. Dus het ligt niet zo heel ver uit elkaar. De voorzitter: Wie volgt? Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel. En bedankt Actiepartij voor deze vraag. Want inderdaad, duiding van locaties waar vertraging wordt verwacht inclusief aantallen woningen zouden wij ook heel fijn vinden om te hebben. Maar dan komt die vraag denkrichting over hoe de vertraging te verzachten, een visie op ontwikkeltempo en prioritering. Ja, dan wordt het een stuk moeilijker.

Want natuurlijk willen wij niet dat het vertraagt, maar hoe gaan we dat voor elkaar krijgen? Voor mij een vraag, maar volgens mij voor het college ook. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oppenhuis. Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel Ik ben het wel met D66 eens, wat kunnen we er hier nu aan gaan doen en laat de wethouder het oplossen. Toen werd voorgesteld om dit te agenderen hadden wij een voorkeur voor een technische sessie, eventueel besloten zodat we gewoon met de betrokken ambtenaren kunnen praten, uitwisselen, onze vragen stellen en die beantwoord krijgen zodat we iets meer inzicht hebben. Dat zou onze voorkeur gehad hebben. De voorzitter: Dat levert een interruptie op van de heer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Een goed voorstel van de VVD, maar is de VVD het niet eens met wat de Partij voor de Dieren maar eigenlijk wij ook zeggen, als je weet waar je over praat kun je ook nadenken over een uitruil. Dan kun je nadenken over misschien is het aan de oostkant gewoon makkelijker dan aan de westkant. We kunnen het maar weten, we kunnen onze programmering erop voor de toekomst aanpassen. De voorzitter: Mijnheer Bruch.

De heer Bruch: Ja, maar ik ben ook maar een eenvoudig raadslid en ik denk dat er heel veel heel veel experts zijn die daar beter naar kunnen kijken en die betere oplossingen kunnen vinden en die ongetwijfeld de heer Roduner kunnen adviseren wat de mogelijkheden zijn. Dus ik denk niet dat ik de oplossing in petto heb.

29

De voorzitter: Anderen nog op dit stuk? Niemand. Mijnheer Roduner nog. Wethouder Roduner: Ja, geruststellende woorden. U hoeft niets te doen, dus het komt goed. Volgens mij, er is denk ik voor het college al weinig rol maar voor u denk ik helemaal geen rol. We hoeven het met elkaar echt niet te hebben over uitruilen, want uitruilen komt volgens mij alleen pas echt aan de orde als we zeggen daar gaat een project niet door. Vooralsnog is er nog geen project in Haarlem wat niet is doorgegaan vanwege stikstof. Het goede nieuws. Maar er zijn natuurlijk wel allemaal landelijke ontwikkelingen en daar vraagt u ook af en toe naar. En er is een extra rechterlijke uitspraak bijgekomen die vooral het intern salderen bemoeilijkt. Dus dat was in ieder geval voor ons weer even aanleiding om te kijken van waar staan we nu eigenlijk en hoe staat het ervoor. We hebben niet alle projecten van Haarlem op de grill gelegd, maar we hebben een 47 projecten genomen en daarin zelf de berekening gemaakt van wat betekent dit precies. Dat betekent niet zo dat dit de waarheid is, maar dat is wat onze berekening is. En ik denk dat het goed is om te realiseren, wij zijn niet verantwoordelijk voor het aanleveren van een stikstofberekening om een vergunning te geven, wij zijn zelfs niet het bevoegd gezag om een vergunning te geven. Het is niet ons probleem. Dat is goede nieuws.

Maar hiermee kregen we wel een beetje gevoel wat betekent deze uitspraak voor Haarlem, wat betekent het voor projecten, zit er dan nog extra vertraging in. En dat geeft wel een beetje een gevoel bij de omvang van de materie. Ik denk inderdaad het fijne nieuws is, van die 47 kan het merendeel gewoon sowieso door. Dan hebben we nog weer even wat verder afgepeld en dan kan er nog weer een keertje nog meer door. En dan blijft er een klein restant over en ik denk dat dat wel iets is waar we hopen dat ook het Rijk snel weer een knoop over doorhakt en dat gaat over het intern salderen. In principe intern salderen is natuurlijk dat iets loopt, dat je dat mag meenemen en dat je dat mag gebruiken voor de volgende ontwikkeling. Dat intern salderen ligt sinds kort helemaal op zijn gat en provincies weten eigenlijk niet zo goed hoe ze daarmee om moeten gaan. Nu hebben wij dus geen vergunningen ingediend die ergens bij de provincie hangen, dus dat is niet zo. Dus daar zitten wij gelukkig nog niet. Maar er zijn wel andere gemeenten waar dit wel speelt, waar ze vergunningen bij de Omgevingsdienst hebben hangen en dat de provincie eigenlijk niet zo goed weet wat ze daarmee moeten doen omdat ze nog geen invulling hebben kunnen geven aan het additionaliteitsbeginsel.

Dus volgens mij de hoop is dat er in ieder geval een stevig maatregelenpakket komt vanuit het Rijk om de stikstofuitstoot terug te brengen en de natuur te herstellen. De provincie is gelukkig ook al met iets bezig, want die heeft geld vrijgemaakt voor het verbeteren van de natuur in de binnenduinrand. Dat is nog niet voldoende voor stikstof, maar dat helpt natuurlijk wel uiteindelijk om de natuur weer beter te krijgen. En als er inderdaad een geloofwaardig pakket ligt dan kunnen we het met elkaar weer hebben over ondergrenzen waardoor er gewoon weer vergunningen kunnen worden verstrekt. Dus dat is denk ik heel fijn. En stikstof bij projecten is een van de vertragende factoren. Projecten lopen de hele tijd om verschillende moverende redenen vertraging op. Dan is het stikstof, dan is het netcongestie, dan is het het feit dat we dat we misschien geen mobiliteitsdeskundige hebben, dan blijkt het toch ingewikkelder te zijn om alles in te passen en moeten we weer opnieuw gaan rekenen en tekenen met elkaar. Dus constant in deze organisatie wordt er geprobeerd voortgang te boeken met projecten, maar sommige projecten gaan langzamer dan andere en daar proberen we ook onze organisatie een beetje op in te richten. Dus als een project in Haarlem Oost minder snel loopt dan kijken we of we een paar projecten in Haarlem West kunnen versnellen en daar dan capaciteit op inzetten.

En als we zien dat de ontwikkelaar even niet levert, dan richten we onze aandacht ook weer op andere projecten. En zo proberen we gewoon slim om te gaan met de capaciteit die we beschikbaar hebben en te zorgen dat het gewoon gebeurt. Dus op die manier wordt er wel degelijk intern geprioriteerd. Ik zou het geen uitruilen noemen, maar het idee is wel dat de projecten die we met elkaar hebben afgesproken, die gewoon in de raad langs zijn geweest in een visie of een startnotitie, gewoon door kunnen. Alleen de timing en de planning daarvan kan een beetje variëren. Maar ik maak me daar verder niet zo'n zorgen over.

30

De voorzitter: Helder. Mijnheer Van Leeuwen, is het daarmee voor u ook voldoende besproken? Eén zin, buiten uw tijd, maar gaat uw gang. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, dat waardeer ik. Voor mij is eigenlijk nut en noodzaak van deze hele informatienota of hoe het heet hiermee niet gebleken. Want dan had u het net zo goed intern kunnen houden als er geen aantallen woningen op zijn minst worden genoemd. Blij dat de wethouder er vertrouwen in heeft. Ik heb ook vertrouwen in de organisatie, maar dan is het non-informatie wat hier voorligt. De voorzitter: Wilt u daar nog op reageren, mijnheer Roduner? Wethouder Roduner: Dit vind ik lastig. Want we krijgen wel af en toe hier vragen. Dit was een informatienota ter kennisname. U had hem niet hoeven bespreken. U heeft er zelf voor gekozen om hem te agenderen. Van mij had dat ook niet gehoeven. maar ik denk wel het doel van de nota was volgens mij om u enigszins gerust te stellen en ook enigszins inzicht te geven en ook wat meer te helpen bij de duiding van alle landelijke ontwikkelingen. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog nabranders op dit agendapunt? Niemand. 11. Sluiting De voorzitter: Dan sluiten we hiermee de vergadering af. Ik dank u allen voor uw aanwezigheid, de mensen op de publieke tribune, de mensen thuis en de mensen hier in de zaal.

We zien elkaar volgende week bij de raadsvergadering hier in de raadzaal op 18 december om halfacht en anders weer in het nieuwe jaar bij de commissie Ontwikkeling. Tot dan, fijne avond.

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16430572/2