Transcript commissie Bestuur d d 4 december 2025
Tekst van het document
U bent natuurlijk nieuw vanavond, maar … De heer Smit: Ik zie het verschil niet. Ik zie de burgemeester uitleggen dat het onduidelijker wordt. Terwijl de situatie nu was in de raad duidelijk, maar argumenten werden niet geaccepteerd en vervolgens kun je ja of nee zeggen. En ik heb meerderen horen zeggen: er was een hele transparante uitkomst. De voorzitter: Heldere vraag.
18
De heer Smit: Ik vraag aan de burgemeester: wat is nu het voordeel van de meerkeuzevraag? Ik kom er niet achter met uw toelichting. De voorzitter: De heer Wienen, gaat u verder met de beantwoording. Burgemeester Wienen: Uiteindelijk is het aan de raad. De raad die zal hoe dan ook de uitslag interpreteren, want er is geen bindend referendum. En dat is wat u en verschillende anderen ook zeggen van daarmee lopen we dus het risico dat je burgers wel eerst de kans geeft om nog explicieter misschien aan te geven wat ze willen en vervolgens als raad toch iets anders te doen. Dat zou kunnen. Wat ik zeg, dat is: ik denk dat als we dit instrument op deze manier gaan inzetten, dat het moeilijker wordt om je te onttrekken aan een voorkeur van de kiezers. Dat is mijn inschatting. En het is overigens aan de raad en de fracties in de raad of dat zo is. Maar iedereen kan zich voorstellen dat als je een voorstel … Burgers de kans geeft om zelf een voorstel te formuleren. Je voegt dat toe aan het voorstel van de meerderheid van de raad, want daar komt het dan op neer. En de meerderheid van degenen die komen, die stemt daarvoor, voor dat alternatief. Dan wordt het denk ik knap ingewikkeld om te zeggen: maar dat gaan we toch niet doen. En dat is een observatie die ik in uw midden leg, omdat ik denk dat het op dat moment heel erg ingewikkeld wordt.
De voorzitter: U had nog een interruptie van de heer Aynan ook. Nee. Dan gaat u verder met uw beantwoording of was dit al … Burgemeester Wienen: Het gaat hier dus vooral over de mogelijkheid van het creëren van een burgerreferendum. Op het moment dat je dat doet, dan ontstaat er de mogelijkheid dat er een alternatief voor het voorstel uit de raad of van de raad of van het college op tafel wordt gelegd. En daar vraag je aan de burgers: wat vindt u ervan? En die kunnen hun voorkeur kenbaar maken. Volgens mij is het in dat opzicht heel eenvoudig. Het is het nadeel dat als je die vraag drie mogelijkheden geeft, je bent voor het een, je bent voor het ander of je zegt van geen van beiden, dat kan ook nog. Dat dan misschien het juist voor de raad weer makkelijker wordt om te zeggen: als ik zie wat hier uit is gekomen, dan voelen we ons vrijer om toch af te wijken. Ik denk normaal gesproken niet, als er een duidelijke uitslag is met een burgervoorstel wat meer stemmen heeft dan het voorstel van de meerderheid van de raad, dan wordt het ingewikkeld om ervan af te wijken. Op het moment dat er een voorstel geen voorstel is wat een meerderheid heeft, dat zou dan kunnen, dan wordt het juist makkelijker om er wel van af te wijken. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de tweede termijn. Dat is mevrouw Oppenhuis, CDA. Ga uw gang. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel, voorzitter.
Ik hoor dat als er een duidelijke uitslag is ... Is hij niet aan? Jawel. Maar dat is nu net wat ik in mijn betoog meegaf en dat is ook waarom CDA het aangaf, ook VVD en ook Jouw Haarlem. Daarvoor is een binair stelsel makkelijker, omdat het dan wat duidelijker wordt die uitslag, maar u zegt: het zou ook heel goed kunnen dat het Zwitserse model eruit komt. Maar hoe voorkomt het college dan dat een meerkeuzevraag tot onduidelijke uitslagen leidt? De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Trompetter van Actiepartij. De heer Trompetter: Ik breng nog even in herinnering wat mevrouw Çimen net zei. Wat de vraagstelling eigenlijk was bij een meervoudige keuze, om de onderdelen van een besluit daarop kunnen kiezen. Dus bijvoorbeeld we zijn in het geval met parkeren wel voor het plafond, wel voor Canadees, dat hadden we meer verwacht. Dat ligt er nu niet. En wat er nu ligt, daar vinden wij deze optie de beste van. Wat niet wil zeggen dat wij dat de beste optie überhaupt vinden, want het zou beter zijn als één besluit met ja of nee beantwoord
19
wordt, waar vijf besluiten onder liggen. Dan zeg je dus in één klap tegen alles ja of nee. En dat is wat de vorige keer gebeurt is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, nog even heel kort. Want de discussie net gaf juist aan waarom wij daarvoor zijn. Op het moment dat je alleen kunt kiezen over het raadsvoorstel als burger, dan kun je daar voor of tegen zijn, maar in een scenario dat daar geen steun voor is, dan kan met het alternatieve burgervoorstel wel gelijk door een voorstel vanuit de samenleving inzichtelijk worden gemaakt, waar wel steun voor is. Dus dat is juist het constructieve van dat model waar wij van gecharmeerd zijn. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Voorzitter, we hoorden de heer Wiedemeijer zeggen van het burgervoorstel. Hoe groot is dat burgervoorstel? Wie zijn dat? Hoe groot is hun achterban en hoe is dat samengesteld? Duidt het wel alles wat er in de samenleving leeft of kiest men dan maar een alternatief, omdat het voorligt? De voorzitter: De heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Er zijn in het voorstel meerdere mogelijkheden. Ik meen uit mijn hoofd dat er juist handtekeningen zijn om een voorstel aan te dragen, dat kunnen meerdere voorstellen zijn.
Dat kunnen we ook, als het in de verordening volgende keer wordt opgenomen, met zijn allen goed uitwerken. Dat is denk ik niets een uitwerkingsvraag wat u meegeeft. De voorzitter: Nog een tweede vraag van de heer Blokpoel? Uw termijn. Ga uw gang. De heer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Dit gehoord hebbende en ook de reactie van de burgemeester gehoord hebbende, voorzitter, kan de VVD alleen maar vasthouden aan het binaire systeem, om daar de duidelijkheid te scheppen. De voorzitter: Dan de heer Slik van de ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Een vervolgvraag aan de burgemeester. De raad of het college komt met een voorstel. Is het dan ook mogelijk dat er twee tegenvoorstellen worden ingediend? Zo van eentje links of eentje rechtsaf? De voorzitter: Nog andere vragen in tweede termijn aan de burgemeester? De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Is het niet … Doe ik mee? Ja, ik doe mee. Is het niet een goed idee om een referendum te houden wat we moeten doen? Moeten we een meervoudig referendum invoeren, waar de burger dan ja of nee op kan zeggen? De voorzitter: Heel creatief. Nog anderen in tweede termijn? Nee. Dan gaan we naar beantwoording door de burgemeester. Ga uw gang. Burgemeester Wienen: Als het gaat om onduidelijke vraagstelling. Het is van belang, wij hebben, dat heb ik ook in eerste termijn gezegd, een Referendumcommissie.
Die Referendumcommissie die heeft tot taak om de
20
vraagstelling, die overigens door de gemeenteraad uiteindelijk wordt vastgesteld, dat is onze verordening, maar om daar een advies over te geven. Die zegt van je zou zo de vraagstelling kunnen maken. Op het moment dat je dat burgerinitiatief ernaast kunt zetten, dan is er een groep burgers en die moet 1.000 handtekeningen halen. Dat is hier het voorstel, maar je kunt het erover hebben. Je kunt ook zeggen: wij willen dat dat er in Haarlem 500 zijn of 2.000. Ik bedoel, je kan alle kanten op, maar je bepaalt, er is een bepaald aantal handtekeningen nodig, zodat je weet dat is niet een individueel iemand die iets wil, maar dit is iemand die in ieder geval een zekere steun heeft voor het voorstel wat die doet. Maar het kan zijn dat er een andere groep is die denkt: dit gaat helemaal de verkeerde kant op en die komt met een andere vraagstelling. In het stuk wordt dat benoemd. In Amsterdam hebben ze gezegd dat de Referendumcommissie dan in gesprek gaat met de initiatiefnemers, om te kijken of ze kunnen komen tot een soort gezamenlijke vraag, die dan het alternatieve voorstel wordt. Het is duidelijk, dat wordt dat wordt natuurlijk flink ingewikkeld. Maar het leidt tot een advies van de Referendumcommissie van er ligt vanuit de bevolking een alternatief voorstel. Er is een voorstel van het college.
En in het Amsterdamse model in ieder geval dan betekent het dat er een formulering moet worden gevonden voor het alternatieve burgervoorstel. En als er meerdere zijn, dan moeten ze daar een oplossing voor vinden. Op het moment dat je zegt: wij willen dat niet, wij willen dat elke groep die 1.000 handtekeningen haalt, ook een alternatief voorstel kan neerleggen, dan wordt de puinhoop natuurlijk wel echt … Tenminste laat ik het anders zeggen. Misschien is het woord puinhoop niet goed, maar dan wordt wel de uitslag multi-interpretabel. Want dat betekent, er is een groep die zegt van doe dat voorstel maar, maar een andere groep zegt: nee dat voorstel. Weer een andere groep zegt: dat voorstel. En dan moet de raad maar kijken hoe ze daar chocolade maakt. Dus het voordeel van zeggen van het blijft tot twee voorstellen beperkt. Namelijk ben je voor het ene voorstel of voor het andere voorstel. Heb je wel meer keuzemogelijkheid van kier maar, welke heb je het liefst en welke heeft je voorkeur? Als je die mogelijkheid inbouwt, krijg je in ieder geval als raad een advies, want je weet wat de meeste steun heeft. De voorzitter: Dank, voor de beantwoording in tweede termijn. De vraag lag aan u voor of u zich wil uitspreken voor toevoegen van die optie van die meerkeuzevragen. Als ik de beantwoording heb gehoord, dan is de meerderheid daarvoor.
Dat betekent dat er een voorstel voor een wijziging van de referendumverordening naar ons toe zou komen, naar u als raad. En dat we hierbij het agendapunt zou kunnen afsluiten. U heeft nog een vraag, mijnheer Aynan? De heer Aynan: Een principiële vraag. Want er is ook behoorlijk veel weerstand of tegenstand en moet je dit wel willen bij zo toch wel een majeure verandering van onze Referendumverordening, terwijl we ook richting de campagne gaan met een nieuwe raad? Moet je dit niet willen. De voorzitter: Het is de verwerking van wat er nu voorligt. Het is hier besproken en de meerderheid is voor een wijziging. En dan komt er een nieuw voorstel. Er komt een nieuw voorstel naar u toe. Een gewijzigde verordening. Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. We hebben inderdaad best wel ook wat kritiek gehoord over adviseren ten opzichte van bindend. Wij denken ook absoluut dat de bindende versie beter zou zijn. Dus we vragen het college ook om deze variant misschien voor te gaan leggen bij de volgende behandeling en desnoods via een motie vind. De voorzitter: Maar dit komt niet ... Ja, een motie vreemd dat zou kunnen want het gaat dus niet naar de raad. Maar de vraag die voorlag was van wel ter bespreking, wilt u dit mogelijk laten toevoegen in de verordening die wijziging? En daar heeft volgens mij zich nu een meerderheid voor uitgesproken.
En dan komt de verordening weer naar u toe en dan wordt het opnieuw besproken. Dat is nu de stand van zaken.
21
Burgemeester Wienen: Met voor alle helderheid, ik neem mee de meerderheid in deze commissie, althans de partijen daarachter hebben een meerderheid in de raad. Die zegt van wij willen graag die mogelijkheid opgenomen zien in onze verordening. Kiezen daarbij voor het, ik noem het nu maar even het Zwitserse model. En dat in een niet-bindende vorm, want dat is in Nederland op dit moment de mogelijkheid. Een bindend referendum is niet toegestaan nog. Kan veranderen, maar op dit moment is dat de werkelijkheid. Dat zijn de dingen die ik dan meeneem en dan gaan we daar een tekst voor maken en die gaat u dan weer bespreken. De voorzitter: Wanneer? Burgemeester Wienen: Ik schat in dat dat inderdaad na de raadsverkiezingen wordt. Maar goed. De voorzitter: Het is hiermee voldoende besproken en we gaan het hierbij afsluiten. Ik dank de portefeuillehouder. Maar u blijft ook nog even zitten, want we krijgen een volgend agendapunt. Bij dit volgende agendapunt zouden ook leden van de Commissie Samenleving aansluiten. We zouden daarmee om 19.30 uur starten. En ik heb nog geen … Het is al 19.30 uur, maar er zijn nog geen mensen aangesloten uit samenleving. Ik denk dat we het kunnen gaan bespreken nu. 10. Preventie- en handhavingsplan alcohol De voorzitter: Dan gaan we over het volgende agendapunt en dat gaat over de preventie- en handhavingsplan alcohol.
Zoals gezegd: de portefeuillehouder is burgemeester Wienen. Er zijn geen insprekers. En waar gaat het over? In aansluiting op de wettelijke verplichting uit de Alcoholwetwet, stelt de gemeente Haarlem een preventie- en handhavingsplan alcohol op. Dit plan hangt nauw samen met het lokaal gezondheidsbeleid. De raad wordt gevraagd het plan vast te stellen. De Commissie Bestuur en de Commissie Samenleving adviseren de raad over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering van 18 december aanstaande. Dan gaan we nu over tot behandeling. En wie mag ik als eerste het woord geven? Dat is mevrouw Çimen van D66. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. En dank aan het college voor dit stuk. Wij hebben hier een paar punten bij. Ten eerste, we hadden het wel fijn gevonden, aangezien het ook een gecombineerde commissiebespreking was of is, om het gelijk met de Gezondheidsnota te doen. Want er zit natuurlijk wel behoorlijk wat overlap in en een aantal punten die ik heb, komen zeer waarschijnlijk terug in de Gezondheidsnota. Maar dat vraag ik nog heel even ter bevestiging ook aan de burgemeester. Want de doelstelling een in dit stuk is het voorkomen van onaanvaardbaar alcoholgebruik onder volwassenen. En vervolgens zie ik daar geen indicatoren onder of acties.
En ik zie ook het woord onaanvaardbaar alcoholgebruik … Bedoelt het college daar niet problematisch alcoholgebruik mee? Ter verheldering, want dan gaat het veel meer over problemen die mensen hebben, mogelijk een verslaving hebben en dat wij hen dan door middel van goede voorlichting en toewijzen naar hulp, ook kunnen helpen in het voorkomen of in ieder geval het terugdringen van problematisch alcoholgebruik. Graag een reactie op dat punt. En dan nog één ander punt. Het toewijzen naar hulpverlening, naar zorgverlening, komt hier natuurlijk ook helemaal niet in terug. Ik neem aan, maar dat is mijn vraag aan de burgemeester, dat dat wel een expliciete plek krijgt in de Gezondheidsnota. Want in mijn vorige baan hiernaast, het raadslidmaatschap, heb ik ook best veel contact gehad met Verslavingskunde Nederland. En we zien in de afgelopen tien jaar dat het problematisch gebruik, de zorgzwaarte daarvan, enorm aan het toenemen is, om allerlei verschillende maatschappelijke redenen. En dat bijna, even uit mijn hoofd, 58 procent daarvan alcohol gerelateerd is en de andere 42 procent alle andere middelen zijn. Dus alcohol is wel een prominente factor in de behandeling van verslavingen bij mensen. Dus graag een toelichting op dat punt. Dan voor wat betreft de preventie. Nogmaals, ik zou dat ook willen richten
22
op volwassenen en goede informatievoorziening, maar ik zie ook bijvoorbeeld dat als het gaat om het handhaven en het naleven van de afspraken die we met elkaar hebben gemaakt, dat in dit stuk toch ook best wel wat zorgwekkende cijfers zijn. Dat als het gaat over het percentage waar sprake was van naleving van de leeftijdsgrens per verkoopkanaal in Haarlem en in Nederland, dan zien we dat er in dit stuk best veel focus is op horecagelegenheden, maar die doen het heel erg goed ten opzichte van het percentage voor heel Nederland. Maar als je kijkt naar cafetaria's en met name ook de sportkantines, dat we daar echt erbarmelijk laag scoren in Haarlem. Ik zou ook willen vragen: waar blijft de naleving en ook de controle op dit soort gelegenheden in Haarlem? Want ik zie wel dat er ook via Sport Support en andere organisaties, club kadercoaches, aan allerlei voorlichting wordt gedaan. Maar als er niet wordt nageleefd, dan wordt het wel een beetje een ingewikkeld verhaal, volgens mij. Dus daar ook een reactie op. En dan iets waar wij ook al door meerdere nieuwsmedia op zijn bevraagd, is het mogelijke reclameverbod. Dat is uiteindelijk één alineaatje ergens bij normstelling gebleken. Ik begrijp dat de burgemeester dat nog verder gaat uitzoeken, naar de juridische mogelijkheden.
Daarbij zou ik wel graag een reactie willen op een, wanneer gaat dat überhaupt spelen? En twee, wordt dat dan ook nog expliciet voorgelegd aan de raad, als het college overgaat tot dat soort besluiten? En drie, waar ligt de grens? Dingen als, dat kwam in mijn fractiebespreking ook heel erg aanbod, fast fashion zijn ook enorm slecht voor het milieu en voor deze aardbol. Gaan we straks ook als we een stuk krijgen over circulaire economie of iets dergelijks dat we ook vervolgens dat type reclames gaan verbieden? Ik vraag me af of dat expliciet ook aan bod is gekomen in de collegebesprekingen. Ik ben daar wel benieuwd naar. En ik zou ook willen vragen bij het uitzoeken van het juridische element, ook willen kijken naar de effectiviteit daarvan, van het verbieden van deze reclames. Want ik was afgelopen week even op Prime Video een filmpje aan het kijken van anderhalf uur. De voorzitter: Mevrouw Çimen, denkt u om uw tijd? Mevrouw Çimen: Ik denk aan mijn tijd. Van een film van anderhalf uur en ik zat daar vier reclames doorheen te krijgen van alcohol. Dat lijkt meer binnen te komen, heb ik het idee, dan ergens een reclame bij een bushalte. Maar dat is even een persoonlijke observatie die ik hier deel. Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Oppenhuis van het CDA. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel, voorzitter. Wij steunen het doel van het plan.
Want we willen ook minder alcoholproblemen, meer veiligheid en duidelijke regels. Het CDA vindt het heel belangrijk dat jongeren niet te jong beginnen met drinken, want we weten dat alcohol op jonge leeftijd kan leiden tot gezondheidsproblemen, slechtere schoolprestaties, meer risico op latere verslaving. En daarom zegt het CDA: er moet naast de voorlichting streng gecontroleerd worden op de verkoop aan minderjarigen. Supermarkten, cafés en sportclubs moeten zich aan de regels houden. Het CDA wil dat de ouders duidelijk informatie krijgen, weten hoe ze hun kind kunnen beschermen, laagdrempelige hulp kunnen krijgen als het thuis moeilijk gaat. Want alcohol leidt soms tot nachtelijke herrie, agressie, vandalisme, onveilige situaties voor bewoners. En daarom vindt het CDA dat de handhaving streng mag zijn waar het nodig is. Niet om te pesten, maar om de wijken veilig te houden. En daarom hebben wij een vraag: komt er meer toezicht op plekken waar jongeren makkelijk aan alcohol kunnen komen? Voor het CDA Haarlem is samenwerking belangrijk. Sportclubs, cafés, buurtwinkels en supermarkten hebben allemaal een rol in het veilige omgaan met alcohol. En daarom willen we graag dat alle aanbieders een verantwoord alcoholbeleid krijgen, vrijwilligers in de sport ondersteuning krijgen en misstanden snel worden gemeld en opgepakt.
Dus is de vraag: hoe gaat de gemeente samenwerken met sportclubs en horeca om die regels beter na te leven? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel en u bent door uw tijd. De heer Aynan van Jouw Haarlem.
23
De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Jong geleerd, is oud gedaan, is het spreekwoord. En daarom focussen we ons op jongeren. Voorzitter, het alcoholgebruik onder jongeren is sinds corona risicovoller geworden. Jongeren drinken vaker en zwaarder. En dat baart ons zorgen. Maar wat ons betreft, is de oplossing niet een reclameverbod of nieuwe verboden. Wat jongeren nodig hebben, is bewustwording. Echte moderne en herkenbare voorlichting. De nota benoemt terecht dat gedragsverandering lastig is en dat alcoholgebruik diep genormaliseerd is. En juist daarom moet je jongeren niet afschrikken met meer regels, maar bewust maken van de risico's, van de gevolgen voor de gezondheid, et cetera. Wij kiezen dus niet voor een reclameverbod, maar voor het tegenovergestelde. Een stevige, zichtbare, doorlopende campagne die jongeren bereikt waar ze zijn, op school op de sportclubs, online, in het uitgaansleven. En samen met ouders, verenigingen, GGD en hulpverlening, de partners die echt bij de jongeren staan. En als we willen dat jongeren andere keuzes maken, moeten we ze niet alleen beperkingen opleggen, maar ze bewust weerbaar en geïnformeerd maken. En dat is voor ons de kern. En dan voorzitter, het viel op … De voorzitter: Wilt u gaan afronden, want u bent door uw tijd. Kort. De heer Aynan: Ja.
Er was een paginagrote advertentie met een jongen van 7 die bier lanceert en dat is toch echt het verkeerde voorbeeld. Dat moeten we niet doen. Dank u wel, voorzitter. Dank voor uw begrip. De voorzitter: De heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank, voorzitter. Er zijn al wel dingen gezegd. Wij zijn voorstander voor preventie van alcoholgebruik, met name met jongeren en het terugdringen van het problematisch alcoholgebruik. Daarmee gepaard gaande overlast en al dat soort zaken. We waren wel een beetje verbaasd dat het stuk nu ineens kwam en de vraag is ook van wat heeft gemaakt dat het stuk nu hier ligt en is uitgewerkt? Wat betreft de reclame voor alcohol is de Actiepartij er voorstander van om alle reclame uit de buitenruimte te weren. Dan heb je deze discussie ook niet. En wij zien de noodzaak niet voor het verbod op alcoholreclames alleen nu. Dat dat zien we niet. Tot zover de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, De Heer Slik van de ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Overdaad schaadt, voor de jeugd geldt natuurlijk niets. Overlast en geweld door te veel problematisch alcoholgebruik, dat moet, daar is die preventie voor, maar er is dus blijkbaar stagnatie. En wat ons betreft, is stilstand achteruitgang.
Dus vraag een is: waarom stokt het? En dan vooral dus in kantines en slijterijen als het om de jeugd gaat en wat doen we daaraan? In de raadsbrief staat als risico drie genoemd de afhankelijkheid van externe partners. De tweede vraag van de ChristenUnie is: wat kan de gemeente daar bereiken ter verbetering? Daar lezen we weinig over terug. Er worden hier heel veel programma's en nota's benoemd. Dus vraag drie is, ik zou niet durven beweren dat hier overdaad schaadt, maar met zo’n veelheid aan nota's en programma's baat het blijkbaar niet, want het lukt niet om het te verbeteren. De vraag is: is er veel overlap of samenhang of zijn het aparte compartimenten die langs elkaar heen gaan? De ChristenUnie zegt: geen verkenning van reclameverbod of de inzet van testkopers, maar doen vanaf 2026. Vrijwilligers in kantines en winkelmedewerkers moeten dus blijkbaar vaker nee kopen dan ze al doen. Vraag vier is dan ook: hoe zit het met de sociale hygiëne en IVA, Instructies Verantwoord Alcoholgebruik? Kunt u misschien daar winst behalen? De ChristenUnie vindt het alcoholgebruik in sportkantines, scholen en buurthuizen moet verboden worden. Is de burgemeester het met de ChristenUnie eens dat dat niet een hele effectieve methode zou zijn? De ChristenUnie is blij dat in Haarlem happy hours al verboden zijn in de APV, maar dat is een verbod tot maar 40 procent.
We wij stellen een totaalverbod voor of
24
in ieder geval dat de korting maximaal 25 procent mag zijn, zoals aanbiedingen in supermarkten ook al beperkt zijn. De voorzitter: Denkt u aan uw tijd, mijnheer? De heer Slik: Met andere sprekers vindt de ChristenUnie dat alcoholreclames geweerd moeten worden uit de openbare ruimte. En dat is wat de ChristenUnie verantwoord alcoholgebruik vindt. Dank u wel. De voorzitter: U had nog een vraag van de heer Van den Raadt van Trots. De heer Van den Raadt: Ik weet dat die happy hours dat dat helemaal niet gehanteerd wordt in Haarlem. Ook die tot 40 procent korting niet. Dus als de ChristenUnie weet waar dat is, vertelt u het ons, alstublieft, dan gaan we daarnaartoe voortaan. De voorzitter: Dat was uw bijdrage? Dan de heer Procee van de fractie Procee. De heer Procee: We komen er wel. Dank. Onze burgemeester zei net bij het vorige punt: de raad moet maar kijken hoe die er chocola van maakt. En dat dat ging dan over referenda. Maar hetzelfde kunnen we … Dit stuk, deze nota is ook wel lastig om chocola van te maken. Ik ga een poging doen. En laten we van klein naar groot gaan. Want het begint al op pagina 5 en op pagina 8 dat alcoholgebruik voor minderjarigen verboden is. Dat lijkt mij een net iets te sterke en daarmee dus onjuiste uitspraak. Want thuis mogen ze gewoon drinken. En verboden … Als de ouders het goed vinden.
En het is verboden om drank te verkopen, pagina 11, voor een korting die lager is dan 60 procent. Wat dus suggereert dat je minstens 6 procent korting moet leveren. En dit soort … Mevrouw Oppenhuis maakte zich al druk over laaggeletterden in Haarlem die het moeilijk kunnen volgen. Maar we gaan een lijntje hoger. Dat komt in de Gezondheidsnota vast terug. De volgende halte. Ik heb moeite met een, de ambitie, de Haarlemse preventie- en handhavingsplan. Dit Haarlemse preventie- en handhavingsplan geeft richting aan de inzet van de gemeente op het gebied van gezonde normstelling, bewustwording van schadelijkheid van alcohol en de controle op verantwoorde verstrekking van alcohol in de periode 2026 tot 2030. De ambitie van dit stuk is een richting geven aan de inzet van de gemeente. Dat is mooi beperkt en zeker bij een nota die verplicht is op grond van de Alcoholwet is dat misschien heel verstandig. We zien in het stuk dat de regels die voor jongeren gelden niet gewerkt lijken te hebben. Wat gaan we nu doen? Er zijn in elk geval twee doelstellingen voor in elk geval deze nota. Een, het voorkomen van onaanvaardbaar alcoholgebruik onder volwassenen. Twee, het terugdringen van alcoholgebruik door minderjarigen. En de resultaten die daaraan hangen zijn indicatoren die een maatschappelijke norm rond alcoholgebruik laten zien.
En dat is natuurlijk lastig om van die doelstelling naar te zien dat de doelstellingen succesvol behaald zijn via maatschappelijke normen. Maar dat is iets waar je altijd last van hebt of vaak last van hebt als je beleid probeert te voeren. Wat nu structureel problematisch is in deze tekst is dat van doelstelling een, dat ging over de volwassenen die minder onaanvaardbaar of misschien moet het dan problematisch alcoholgebruik worden. En dat wordt dan een kopje preventie. En doelstelling twee, de minderjarigen, dat is toezicht en handhaving. En daarmee wordt het een behoorlijk warrig stuk. En het terugdringen van het gevaar dat alcohol toch ook is, verdient een helderder stuk, denk ik. Ik denk dat helder denken in de bestrijding van alcohol buitengewoon belangrijk is en dat dat hier onvoldoende gebeurd is. En dat is problematisch als een gemeente zich daaraan bezondigt. De voorzitter: Dank u wel dan. De heer Blokpoel, VVD.
25
De heer Blokpoel: Dank u wel. De grote hoeveelheid stukken. Daardoor zien we door de bomen het bos niet meer. En dan gaan we controleren op stickers van NIX18. En als je die niet hebt, dan krijg je al een boete. Denkt u echt dat mensen zich laten weerhouden door een sticker op een deur van een horecazaak? Acht pagina's vol cijfers uit onderzoek onder Haarlemmers. We ondersteunen de doelstellingen, laat daar geen misverstand over bestaan. Want onaanvaardbaar drankgebruik moet natuurlijk verminderd worden en zeker bij jongeren moet dat teruggedrongen worden. Voorlichting en ondersteuning liggen hierbij voor de hand, zeker op de plek waar de jongeren en mensen samenkomen. En daar verwachten we dan ook meer actie op. Het is aan de wetgever grotendeels en de activiteiten hier moeten ondersteunend zijn daaraan. We zijn geen voorstander van het verbod op alcoholreclames en de inzet op voorlichting, informatievoorziening is goed, maar kan beter om verenigingen, ondernemers verstandige keuzen te laten maken. De voorzitter: Punt. Dank u wel. Door uw tijd. Mevrouw Van den Broek van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Voorzitter, drank maakt meer kapot dan je lief is. Dat was de quote van de overheidscampagne in de jaren 80 en 90, die met veel filmpjes liet zien hoe het mis kan gaan met overmatig drankgebruik en normalisering van drankgebruik.
En hoewel bewustzijn is gegroeid, preventie en handhaving blijken maar eens te meer heel hard nodig. En dit stuk was wat dat betreft ook weer een eyeopener. En sommige cijfers zijn echt choquerend. Zoals de handhaving van de leeftijdsgrens bij de sportkantines, wat D66 ook al aangaf. Tegelijkertijd vindt daar nauwelijks handhaving plaats. Moeten we niet een wat meer stevig gesprek gaan voeren in plaats van nog meer voorlichtingsmateriaal te sturen? En het valt onze fractie op dat er bij de doelstelling voor het terugbrengen van alcoholgebruik bij minderjarigen geen enkel concreet percentage wordt genoemd. En er slechts gesproken wordt over een stijging of een daling. Is dat niet een beetje vrijblijvend? Waarom hangen hier geen concrete getalsmatige cijfers aan vast? En inderdaad, D66 gaf het al aan, bij het tegengaan van overmatig drankgebruik van volwassenen staat geen enkel indicator. Dat voelt ook wat leeg. Het was voor mij in ieder geval aanleiding om het gesprek met mijn oudste puberdochter weer eens aan te gaan. En ik vroeg hoe zij de voorlichting had ervaren. En zij gaf aan dat de theaterlessen van Kikid, Booze heet dat, heel erg goed werken vanwege de open en vertrouwelijke sfeer die wordt gecreëerd, wat ruimte biedt voor een open gesprek en hoe je bijvoorbeeld met groepsdruk om kunt gaan.
En ze gaf aan: jongeren zijn gevoelig voor influencers, bijvoorbeeld die juist hun leven hebben omgekeerd en het normaliseren van het niet-alcohol drinken promoten. Dat zou wellicht nog het onderzoeken waard zijn of daar in Haarlem iets mee gedaan kan worden. En voorzitter, iedereen krijgt voorlichting, maar een van de belangrijks partijen niet of vrij beperkt en dat zijn de ouders. En dat terwijl één vijfde van het alcoholgebruik door de ouders wordt gefaciliteerd. Hier zou nog veel meer nadruk op gelegd kunnen worden. Verplichte ouderavonden, een variant op het Booze-theater van Kikid, maar dan voor ouders. Want ook voor ouders kan dit echt een hoofdpijndossier zijn. Voor een reclameverbod op alcohol heeft u onze zegen, wat Partij voor de Dieren betreft stoppen we met alle reclame en zeker met ongezonde reclame. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Wegman, PvdA. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. In Haarlem hoort alcohol bij veel mensen bij het leven, voor veel is het onderdeel van gezelligheid, een avondje uit. Tegelijkertijd heeft alcohol ook duidelijke risico's, vooral voor jongeren. Daarom steunen wij de inzet op voorlichting en betere handhaving. Maar we zien ook dat het plan op sommige punten nog niet scherp genoeg is. Zo zijn de doelstellingen nu te algemeen. We lezen veel welke maatregelen worden genomen, maar niet wat we precies willen bereiken.
Ook missen we gebiedsgerichte aanpak. In bijvoorbeeld Haarlem Zuidwest is het overmatig alcoholgebruik hoger dan gemiddeld. Toch zien we daar geen extra inzet. Dat is jammer, want als we weten waar de problemen zich concentreren, kunnen we
26
daar gerichte oplossingen inzetten. Tot slot wil ik iets zeggen over het mogelijke alcoholreclameverbod. We begrijpen waar dit vandaan komt. Het kan bijdragen aan het normaliseren van alcohol, maar tegelijkertijd is het ook helemaal geen eenvoudige maatregel. Haarlem heeft sterke lokale brouwers en ondernemers die juist een positieve rol spelen in onze stad. Een verbod voor hen kan grote gevolgen hebben, terwijl ze niet per definitie onderdeel zijn van het probleem. Daar komt ook nog eens bij dat alcohol niet hetzelfde is als bijvoorbeeld tabak, tabaksreclame verbieden is logisch. Het product is altijd schadelijk voor je gezondheid en voor anderen. Bij alcohol ligt dat toch iets genuanceerder. Want veel mensen gebruiken alcohol matig en bewust. En ook praktische vragen spelen hierbij mee. Wat doen we bijvoorbeeld met 0.0-producten? Die hebben juist een functie als gezonder alternatief. Als deze onder bijvoorbeeld zo'n verbod vallen, raken we mogelijk ook een deel van de oplossing. Dus kortom, een reclameverbod is een ingrijpende maatregel en het vraagt om een eerlijk beeld wat het echt oplevert. En dat beeld zien wij eerst uitgewerkt voordat we echt een goede afweging kunnen maken over dit punt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen in eerste termijn? Mevrouw Hartman, Forum voor Democratie. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter.
Voor ons ligt een plan dat zegt te gaan over preventie, gezondheid en veiligheid, maar voor FvD gaat dit plan ook over iets anders. Over de vraag hoeveel ruimte de overheid zichzelf mag geven om het dagelijks leven van mensen te sturen. De gemeente kiest opnieuw voor een benadering waarin het bestuur leefstijl gaat normeren, mede door het beïnvloeden van gedrag. Maar voorzitter, waar stopt de verantwoordelijkheid van de overheid en waar begint die van de volwassen Haarlemmer zelf? Zij weten echt zelf wel of ze een glas wijn bij het eten of een biertje en een bitterbal na de wedstrijd willen. Gezondheid bestaat ook uit meer dan risicovermijding. Het gaat ook over ontmoetingen, ontspanning, gezelligheid. En ja, zelfs de mentale gezondheid die daaruit voortkomt. En het plan noemt het zelf al, gedragsbeïnvloeding is complex, traag en onzeker. Een elegante manier om te zeggen: het werkt nauwelijks. En dan moeten we iets benoemen dat verder gaat dan alcohol. Haarlem heeft al eerder reclames voor vliegreizen verboden om CO2-uitstoot te remmen. En ook werden vleesreclames beperkt, om voedselkeuzes te sturen. En nu gaat het over alcohol vanwege gezondheid. Voorzitter, zo kun je elke paar jaar een ander politiek wensbeeld op leggen aan de publieke ruimte. Zo wordt reclamebeleid een voertuig voor politieke ideologie.
Wat u mag zien, hangt af van welke partijen er op dat moment aan de macht zijn. Dat is niet beschermen, dat is propaganda door selectie. Want wat is het volgende? Een verbod op reclame voor auto's, voor bepaalde modeketens, voor suiker? We zien de glijdende schaal en die is steil. Voorzitter, wij zijn voor realistische handhaving op de echte problemen, verstrekking aan minderjarigen, overlast en onverantwoordelijk ondernemerschap. En uiteraard passende hulp voor zij die kampen met alcoholverslavingen. Maar laten we dan ook vooral daarop focussen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Dat is altijd een heel lastig probleem. We hebben die alcoholpreventie en de handhaving. We hebben natuurlijk landelijk beleid. We hebben NIX18 of dingen. En dan vraag ik mij af: wat moet de gemeente hieraan toevoegen? Het schijnt een wettelijke taak te zijn. En het enige wat je dan heel erg kan doen, is natuurlijk handhaven, want daar gaat het dan bij de gemeente om. Het gaat hier om alcohol. Maar we hebben ook problemen met vapen. Dat schijnt verschrikkelijk te zijn. We hebben problemen met sociale media, kinderen zijn verslaafd aan hun telefoon. En zo kan ik er nog wel … Drugs uiteraard, die kunnen we er ook bij nemen. Onlangs gemeten in het riool van Leeuwarden, dat daar de grootste cokesnuivers van Nederland wonen.
En dan vraag ik me af op welk niveau staat Haarlem? Misschien weet de burgemeester dat wel. Ik heb die lijst van de rest van de steden niet gezien.
27
De voorzitter: Dat lijkt me een technische vraag. Mevrouw Van Zetten: Dat is helemaal geen technische vraag. Dat is een opmerking. De burgemeester weet het ongetwijfeld uit zijn hoofd. Dan denk ik net een beetje als Forum. Waar is nu de taak van de mensen zelf, de Haarlemmers en vooral de ouders? Waar is de opvoeding en wat kan de gemeente daaraan toevoegen? En dat is natuurlijk bijzonder weinig. Ik zie ook niets ... Mijn partij ziet ook niets in het verbod op alcohol in de openbare ruimte, reclame. Dat maakt helemaal geen fluit uit. Dat hoeven we dan niet te doen. Ik denk: dan kan je dat geld beter steken in inderdaad betere preventie. En dan zit je natuurlijk toch wel naar die sportkantines te kijken van wat daar gebeurt. Mijn kinderen zijn volwassen, hebben natuurlijk ook weleens wat gedronken. Ikzelf ook. En uiteindelijk door ervaring word je ook wijzer en dat is ook belangrijk om jezelf meer een halt toe te roepen als het uit de hand loopt. En dan gaat het toch om weerbaarheid bij de mensen zelf. En dat moeten we dan maar in dit programma zien voor elkaar te krijgen. Ik ben benieuwd welke taak onze burgemeester voor zichzelf ziet weggelegd. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Smit. U heeft nog een minuut. De heer Smit: Dank u, voorzitter.
Ik ben naïef blijkbaar hier ingestapt in deze dialoog, in deze discussie, want ik las bij tabel 5 percentage waar geen sprake was van naleving. Bijlage 5. En mevrouw Çimen zegt: nee, wat er staat is goed en wordt dus door cafetaria’s en sportkantines niet nageleefd. Ik dacht dat ze tot 90 procent wel naleefden. Een foutje van mij. Als het zover is, dan kan je er heel veel op gaan zetten, maar dan is de basis … Heeft het blijkbaar jarenlang niet gewerkt. En dat vind ik zorgelijk, want wat is er de afgelopen jaren gebeurd en wat is het leerpunt van de afgelopen jaren in nieuwe dingen die je op wil pakken? Dat mis ik in het verhaal. Het is een hele hoop wensdenken, goede bedoelingen. Ik heb hier allemaal goede bedoelingen gehoord. Maar kortom, mijnheer de burgemeester, wat is nu de goede lijn? Heb ik nog één opmerking van mijn dochter van 20 jaar geleden. Die kwam thuis van school met de opmerking: school maakt meer kapot dan drank goed kan maken. Om even aan te geven hoe er soms ook gedacht wordt. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smit. Dan mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Alcohol is ongezond en GroenLinks sluit zich verder aan bij de PvdA. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen in eerste termijn? Volgens mij hebben we iedereen gehad. Dan gaan we snel naar de beantwoording van de burgemeester. We hebben nog 10 minuten, dus dat gaat lukken.
Burgemeester Wienen: Dat is dan wel een opgave, want er worden heel veel vragen gesteld. Laat ik beginnen met te zeggen van u ziet hier en sommigen zeggen van je ziet op een gegeven moment van de bomen van nota's het bos niet meer. Wij hebben in het kader van de Alcoholwet de verplichting om eens in de vier jaar met zo'n nota te komen als deze. We zien zelf dat er een belangrijke relatie ligt met gezondheidsbeleid en verwijzen voor een aantal aspecten naar die Gezondheidsnota. Die komt er heel snel aan. Die is deze maand in het college en die komt dan naar de raad toe. Dan ziet u ook direct van wat langs die lijn verder wordt voorgesteld. Dan op basis van de Alcoholwet. We geven een overzicht. Ik vind bij alles wat er gezegd is over van heeft toch allemaal geen enkele zin. Dat is ook niet waar. Ik denk, er staan ook in deze nota een aantal overzichten die wel degelijk te denken geven. Als je kijkt naar figuur 1, alcoholgebruik scholieren en je vergelijkt 2009 met 2023, met tussenmetingen in een aantal tussengelegen jaren, dan is dat ongeveer gehalveerd. En dan kan je zeggen van als het gaat om bijvoorbeeld recent alcoholgebruik: wat stelt dat nu voor? Ik denk dat is een enorm effect. Het is niet terecht, denk ik, om te zeggen van het is allemaal onzin. Tegelijk als je de andere tabellen ziet, want die geeft u ook aan, dan is het ook wel duidelijk van tjonge, tjonge,
28
er zijn ook wel heel veel zaken waar je je dan best zorgen over kunt maken. Want als dit nalevingspercentages zijn op bepaalde plekken, dan is dat niet best. Het klopt dat dat lastig is. Wij hebben als gemeente heel erg ingezet om in dialoog met sportverenigingen, met de horeca, te kijken van hoe kunnen wij het bewustzijn vergroten? Hoe kunnen wij zorgen dat er ook in de kantines goed mee omgegaan wordt? Dat er cursussen worden gevolgd door de mensen die daar werken. Maar we constateren ook dat juist bij sportkantines, dat is waar het het slechtst gesteld is, daar werken heel veel vrijwilligers. De druk vanuit de groep is heel erg hoog en dat maakt het echt lastig om daar strak te handhaven voor verkopers. En toch vragen we dat. Wij willen met de clubs daarover in gesprek en kijken van wat kunnen wij doen om jullie te helpen? Want dit is wel een plek waar, ik bedoel sport wordt gepromoot voor gezondheid, voor sociaal bezig zijn met elkaar, daar hoort niet een overmatig drankgebruik bij en onder de 18 jaar helemaal geen drankgebruik. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van Zetten. Ga uw gang. Mevrouw Van Zetten: En dan vraag ik me af: is er geconstateerd dat op die clubs ook onder de 18 jaar drank wordt geschonken? Weet u daarvan? De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Zeker, bij controles blijkt dat dat regelmatig inderdaad mogelijk is.
Dat het wordt verstrekt en dan wordt er ook opgetreden. Maar daar zullen we moeten kijken van hoe kunnen we door vaker controleren en het gesprek nogmaals voeren dat nalevingspercentage verbeteren? De voorzitter: U heeft nog een interruptie van mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Want ik hoor uw uiteenzetting van wat u van plan bent te doen. En het is heel levendig voor mij. Ik denk dan van ik zit in die sportkantine en dan … Maar ik zie dan nog meer. Ik zie juist ook al die elementen die misschien in zo'n Nota gezondheid dan wel ook weer terugkomen. Bijvoorbeeld … De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek, wilt u een vraag stellen? Het is een interruptie. En we zitten een beetje met de tijd. Mevrouw Oosterbroek: Ik heb op zich 6.10 minuten. De voorzitter: Weet ik, maar dit … We zijn bezig met de beantwoording van de eerste termijn, dan zou u in de tweede termijn misschien beter een betoog kunnen houden of nu een vraag stellen. Mevrouw Oosterbroek: Ik was daarmee bezig. Ik was ook bijna klaar. Ik denk dat als u dus eenmaal bezig bent met het ambtelijk apparaat in de sportkantine, dan moet ik weer helemaal opnieuw beginnen, zijn er dan ook andere elementen in die sportkantine die u daarbij kan benoemen die ook ongezond zijn? En is het dan niet handiger om dat dan in zo'n Nota gezondheid verder af te wegen? De voorzitter: Helder, dank u wel. De burgemeester.
Burgemeester Wienen: Die nota komt nog. Dan kunt u daar die discussie voeren. Maar in ieder geval, in de handhaving speelt het geen rol. Wij hebben nergens het voornemen om het gebruik van bepaalde minder gezonde voedingsmiddelen bijvoorbeeld te verbieden en daar dan op te gaan handhaven. Waar we het nu over hebben, dat is handhaving. Handhaving van wettelijke regels, die ook hier in Haarlem moeten worden gecontroleerd. Is het … Ik vind het op zich heel interessant wat mevrouw Çimen zegt: zou je niet beter kunnen
29
spreken over problematisch drankgebruik? Dat is in ieder geval ook een heel veel gebruikte term. Het woord onaanvaardbaar komt bij Brijder vandaan. En die wil dat juist gebruiken, omdat het nog sterker een normstelling bevat. Je kunt erover twisten. Ik denk: wij hebben ons daarbij aangesloten, maar we bedoelen wel hetzelfde. Er wordt dus veel gecontroleerd en dan wordt er gezegd: moet u daar niet veel strakker doelstellingen aan binden? Want nu wordt er gezegd dit zijn de percentages die we op dit moment zien en we willen dat het lager wordt. Als je vraagt van wat moet het worden? Dan is het antwoord nul. Tegelijkertijd, u bent begonnen met te zeggen, althans velen van u van realiseer je, dit is niet zo makkelijk om dat voor elkaar te krijgen. Wij werken eraan. We zetten daar preventiemiddelen voor in. We proberen bewustwording te versterken en we proberen ook te handhaven. En de inzet, het is, moet naar beneden. Als wij daar zouden zetten: het moet allemaal naar nul, dan zou u waarschijnlijk ook zeggen van wat moeten we daarmee? Maar als ik zou zeggen van het moet allemaal 3 procent naar beneden, hoe zou ik het kunnen meten? Dan zou ik moeten zeggen van niet al te streng controleren, want we moeten maar 3 procent naar beneden. Volgens mij is het helder wat we willen.
Wij willen controleren, meer controleren en ook sanctioneren en daarmee proberen om het aantal overtredingen naar beneden te krijgen. En dat is volgens mij belangrijk voor onze eigen jeugd. Er is gezegd van zou je niet meer moeten doen met alleen bewustwording? Want is dat niet wat nodig is? Volgens deskundigen en die zijn daar heel erg stellig in, is nu juist een van de problematische kanten dat als je jongeren aanspreekt op dit soort gedrag, dat dat voor hen heel lastig is om dat te internaliseren en om dat te accepteren van het is beter om het niet te doen. Dat zal best bij een jongere zo nu en dan lukken bij een intensief gesprek. Maar normaal gesproken, is de normale afweging die wij als mensen maken, waarbij je gaat kijken van wat is het effect? Moet ik dat wel doen? Juist in deze jongere doelgroep nog niet volledig ontwikkeld. En je ziet in de praktijk dat het dus juist bij de hele jonge jongeren vaak ook heel erg fout gaat. En dat maakt dat ik denk van wij hebben echt een taak om te proberen dat zo veel mogelijk terug te dringen. Dan de reclame. Ik begrijp alles wat erover gezegd wordt. Wij kwamen in het college erop van als wij dingen waarvan we zeggen: er is een grote maatschappelijke schade, willen terugdringen, is het dan niet logisch om ook naar reclame te kijken? Maar ik kan er wel bij zeggen, daar werd ook naar gevraagd, het is voorlopig niet aan de orde.
Wij hebben een nieuwe uitvraag voor de buitenreclame en dat betekent dat gedurende de periode dat de huidige aanbesteding van kracht is, dat er geen sprake is van een weer wijzigen met nieuwe regels op dit terrein. Dat betekent dat het de eerstkomende jaren niet aan de orde zal zijn en als er een voorstel zou komen, dan denk ik dat we ook meteen een wat forsere discussie krijgen. Willen we überhaupt nog wel dit instrument van reclame in de publieke ruimte toepassen? Omdat al die vragen die u stelt, dat kan ik me voorstellen. De een zegt van maar dit niet, de ander dat niet. Het eind van het liedje is: misschien moeten we die reclame niet meer op deze manier doen. Dat zou best kunnen, maar als we het gaan voorstellen, dan komt het eerst naar de raad. Wij gaan dat niet als college zelf bedenken en vervolgens u daarmee overvallen. U krijgt het dan voorgelegd. Dat spreken we af. De voorzitter: Ik ga u heel even onderbreken. We hebben nog 1 minuut en u heeft ook nog 1 minuut spreektijd. Zijn er nog vragen die helemaal niet beantwoord zijn? Van de ChristenUnie, dacht ik. Over externe partners. Burgemeester Wienen: Daar heb ik op gereageerd volgens mij, maar wij werken echt veel samen met die partners.
En u zegt van kan je niet meer verbieden, bijvoorbeeld verbieden van alcohol in kantines? Wat er gebeurt, dat is dat kantines waar min-18-mensen zijn, tijdens die momenten is het ook verboden om dan alcohol te verstrekken. Alleen het gebeurt toch regelmatig wel. Bij kantines voor volwassenen en waar de volwassenen op dat moment aanwezig zijn, is het niet verboden. Gaan wij ook niet op handhaven. Het totaalverbod van happy hour, volgens mij is 25 procent trouwens het … Daar ga ik nog even naar kijken, want als dat zo is, moeten we geen 60 procent en de heer Proces die zegt van taalkundig is het ook een beetje
30
wonderlijk geformuleerd. Wij gaan daar nog even naar kijken. Ik denk dat ik het hier even bij wil houden. Wat ons betreft is dit de richting. De gezondheidsaspecten en het volwassene dat gaat u bij de Gezondheidsnota nog nader tegenkomen. Hier ziet u vooral wat we doen aan handhaving en jongeren, want daar is het voor verboden verkoop De voorzitter: We gaan afronden. Burgemeester Wienen: En dat is waar we ons op richten. En het percentage wat u vraagt, wat mij betreft is het naar beneden richting nul. De voorzitter: Het is inderdaad 20.10 uur en precies de tijd nog eventjes om te bepalen hoe gaan we dit naar de raad brengen? Gaat het als hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring, bespreekpunt? Ik denk dat het hier … Is het rijp voor behandeling? Is ook nog een goede vraag. De heer Trompetter: Dat is de vraag, want ik hoor een meerderheid hier die zegt van wij willen het reclameverbod niet, maar het staat er wel in. Reclameverbod voor alcohol is geen meerderheid voor. De voorzitter: Nee. Burgemeester Wienen: Mevrouw Çimen die heeft dat terecht gezegd. Er staat één heel klein alineaatje, dat we daarnaar kijken. Dat is het. De voorzitter: Maar ik wil eventjes nu vragen: hoe gaat het naar de raad? Gaat het als hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring of bespreekpunt? En dan heb ik nog een soort toezegging gehoord om nog even aan te passen voor dat happy hour, dat 50 tot 60 procent.
En dan gaan we het op 18 december zo naar de raad toebrengen. De heer Trompetter: Ik denk stemverklaring. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Misschien toch nog even een ordevoorstel. Zou het niet toch samenhangender zijn om het tegelijkertijd met de Gezondheidsnota straks in de raad te bespreken? En dan iets meer samenhang te koppelen. De voorzitter: Daar is inderdaad een aantal keren al naar verwezen. Ik weet niet wanneer dat komt, in januari. Burgemeester Wienen: Zeker, maar ik weet alleen niet wat u er dan mee wilt. Dan ligt dat andere stuk er en daar kunt u ook op reageren. Ik weet niet wat het voor effect heeft op dit stuk. Maar goed, als u zegt van we willen het liever een maand later. Dat geeft ons de tijd om een aantal dingen in ieder geval nog even qua formulering, zoals ik net heb gezegd, nog even naar te kijken, maar het verandert aan het stuk verder natuurlijk helemaal niets. De voorzitter: Maar dan is dus het voorstel om het een maand later te behandelen. En waar? Want we hebben wij zijn even heel snel aan het kijken wanneer dat gepland staat, maar dat konden we nog niet helemaal zien. We proberen om het samen te behandelen, maar het blijven twee losse stukken. Dat is wat de burgemeester ook zegt. Dat betekent dat het niet naar 18 december gaat, maar wel naar de vergadering in januari in ieder geval.
Dan gaan we dat zo afspreken.
31
Sluiting De voorzitter: En dan sluit ik hierbij de vergadering. Ik dank u allen voor uw aanwezigheid. We gaan hier straks verder met Ontwikkeling. Beneden gaat de Commissie Samenleving verder. En dan zien wij elkaar volgende week, volgens mij 11 december. Burgemeester Wienen: Nog één ding. Want ik begrijp nu, ik krijg even nog dat aangereikt, die Gezondheidsnota die bestaat uit geloof ik een startnota en daarna gaat er nog een heel verhaal komen. Dit willen we vaststellen. Dus ik denk toch dat het idee om het aan elkaar te koppelen, betekent een jaar wachten. We zijn verplicht om ermee te komen en volgens ons is het dan beter om het nu in de raad te brengen. De voorzitter: Dan gaat het dus toch 18 december, hamerstuk met stemverklaring en dan komt de Gezondheidsnota op een ander moment. En u gaat nog wel eventjes aanpassen van dat happy hour. Alsnog ga ik het dan nu afsluiten. Hartelijk dank voor uw aanwezigheid, 11 december zien we elkaar weer.
32