Transcript commissie Bestuur 25 mei 2023
Tekst van het document
Daarom vindt de VVD het van essentieel belang dat bij toekomstige invoeringen, in ieder geval plannen over toekomstige invoeringen van 30 kilometerzones en afwaarderingen vanwege, waar wegen smaller worden of helemaal afgesloten, dat er eerst een studie wordt gedaan om te kijken wat de invloed is voor die aanrijtijden van de brandweer en of dat dan niet negatief beïnvloed wordt. Is de burgemeester bereid om dat namens het college toe te zeggen? De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. In het stuk staat dat die nieuwe norm voor de aanrijtijd voor het eerste brandweervoertuig verruimd is naar achttien minuten. De vraag is of dit afdoende is voor de portiekflats in Oost en Noord boven het Marsmanplein. In het verleden waren dit rode vlekken op de kaart. Is het nu ineens niet meer rood en zien we dit niet meer terug. Kan de burgemeester aangeven of de aanrijtijd verkort is of dat door het verruimen van de norm deze rode vlekken zijn verdwenen en hoe het zijn weerslag heeft op de veiligheid van de bewoners? Of aanvullende maatregelen, zoals een tweede vluchtroute of extra beveiligde vluchtroutes nodig zijn voor die panden? Dank u wel. De voorzitter: Ik wil u erop wijzen dat ik dit ook wel wat een technische vraag vind, die u vooraf misschien had kunnen stellen.
Maar misschien dat de burgemeester er wel nu op kan antwoorden. We gaan kijken. Wie kan ik verder het woord geven? Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Ik had een suggestie vanuit GroenLinks of in ieder geval een mogelijk positief effect voor de aanrijtijden van de brandweer. Ik merk dat elektrisch vervoer een stuk makkelijker optrekken is. Dat je daarbij gewoon sneller op de weg rijdt. In hoeverre is er onderzocht of mogelijk elektrisch vervoer zorgt voor een versnelling van aanrijtijden? De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik daarna het woord geven? De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: We zijn heel blij te lezen dat het met die aanrijtijden allemaal heel goed is. Zelf heb ik meegemaakt dat natuurlijk door de afsluiting van de professor Eijkmanlaan in de Boerhaavewijk de brandweer dan de andere kant op moet rijden langs de kleuterschool en de lagere school. Of dat te wensen is, weet ik niet, maar op papier klopt het allemaal. De vraag van Trots Haarlem is nog, zijn wij in Haarlem .. We hebben natuurlijk veel autobranden. Sinds 2011 al, had ik net ontdekt in het vragenuur. Maar er komen steeds meer
18
elektrische auto's en die zijn heel moeilijk te blussen. Als nu hetzelfde aantal auto's in de brand blijft vliegen en het zijn elektrische auto's, zijn we daar dan ook klaar voor? De voorzitter: Dank u wel. Anderen? De heer Klaver, CDA. Gaat uw gang. De heer Klaver: Het CDA kan zich goed vinden in het besluit en ook in de conclusie. De conclusie is natuurlijk mooi dat het dekkingsplan op niveau is. Dat is mooi. Ik wil ook van de gelegenheid gebruikmaken om onze waardering uit te spreken voor de brandweer. Ook in de afgelopen week was er weer het nodige aan de hand in Bloemendaal en in de Waarderpolder. We zijn blij met de inspanningen en de inzet. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen? Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Inderdaad, heel goed werk van de brandweer en ook zeker van de vrijwilligers. Ons punt was ook inderdaad die 30 kilometer en die autootje pesten, die maatregelen, of dat niet een nadeel is voor de hulpverleners en de brandweer. Inderdaad ook, hoe zit het met het risico voor de ontbranding van elektrische auto's, zeker in de onderste delen van een parkeergarage? Is dat in kaart gebracht? De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen? Nee? Dan gaan we over naar beantwoording in de eerste termijn. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel.
Ik denk dat dit nieuwe systeem in ieder geval veel prettiger is, omdat het in een heel uitvoerig kader alles in beeld brengt, niet alleen maar fixeert op van, je bent daar te laat volgens een bepaalde norm, hoewel dat niet verdwenen is. Maar er zitten meer elementen in dan vroeger in ieder geval. Bovendien ook meer mogelijkheden om te kijken, hoe kun je daar het beste op reageren? Sommige dingen zijn niet goed binnen de norm op te vangen. Dan wordt ook uitgelegd waarom en hoe je daar dan mee omgaat. Wat betreft die 30 kilometerzones. Die vraag is heel terecht, van verschillende partijen. Het heeft invloed en daar wordt ook naar gekeken. Er wordt ook bij aanpassingen aan de wegen adviezen gevraagd aan de brandweer, want we hebben het hier ook erover gehad toen we het over terrassen hadden eventjes. Maar de begaanbaarheid en de snelheid van de brandweer zijn gewoon belangrijke elementen. Er wordt bij veranderingen ook gevraagd van hoe de brandweer daarnaar kijkt. Als het een probleem oplevert, dan wordt er gekeken hoe we dat kunnen opheffen. Want die bereikbaarheid van de brandweer vinden we allemaal heel belangrijk. U zegt van, wilt u toezeggen dat we dat in toekomstige ontwikkelingen dan ook bekijken? Dat doen we. Een vraag, geloof ik. De voorzitter: Mevrouw Klazinga, VVD.
Mevrouw Klazinga: Is het dan ook mogelijk om dat voortaan in de nota's en de notities op te nemen wat de brandweer ervan vond over dit soort dingen, voor zover dat niet altijd al gebeurt. Burgemeester Wienen: Ja, hoewel ik .. Ik zit even te denken, want in principe kom je uiteindelijk tot een oplossing waar ook de brandweer zich in kan vinden. Als het echt een dilemma is, dan stel ik mij voor dat het inderdaad goed is om dat dan ook gewoon aan te geven, dan weet u dat. Als het niet wordt opgelost. Dan hebben we de vluchtroutes. In principe is de brandweer niet sneller dan vroeger op de plekken. Het is niet zo dat de veiligheidssituatie echt is veranderd. Maar waar vroeger de fixatie een beetje was, jongens, bij die objecten duurt het langer dan de standaardtijd, is er nu een bandbreedte die volgens de landelijke normen meer recht doet aan de werkelijkheid. Het is goed dat je het weet, het is goed dat je het ziet, maar het voldoet aan de norm. Weliswaar is het niet de optimale situatie, je wil het liever nog ietsje sneller hebben, maar het
19
kan. Dat wordt ook zichtbaar, want als je vervolgens op de kaart gaat kijken, dan zie je niet dat er een probleem is. Dat is het ook niet. In het verleden werd het wel als problematisch zichtbaar gemaakt, maar konden we er ook niks aan doen. De vraag is van, wat is er dan beter? Een situatie waarvan je zegt, hij is aanvaardbaar en gaan we niet aangeven dat die niet aanvaardbaar is. Of een situatie waarin we zeggen van, hij voldoet niet aan de norm, dus deugt het niet. Dan heb je het gevoel van, jongens, maar dan is het gevaarlijk. Maar dan ga je beter kijken en dan zeg je, maar dit is niet erg. Dan lijkt het gevaarlijker, maar het is eigenlijk hetzelfde. Ik kan alleen maar zeggen van, de situatie is niet veranderd, maar de beschrijving is volgens ons wel adequater. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Zou ook in de tweede termijn kunnen. Maar mijn vervolgvraag is of de burgemeester kan toezeggen ... Want er is ook een handhavingsopdracht vanuit de gemeente bij flats, in ieder geval die niet zo brandveilig zijn. Daar heb ik een link van gevonden. Of de burgemeester kan toezeggen dat de portiekflats die niet voldoen aan die brandveiligheidseisen uit de jaren 60 en 70, of daar beschermende maatregelen kunnen worden opgelegd? Dat kan de gemeente namelijk doen.
Dat kan zijn een tweede vluchtroute of een beveiligde vluchtroute. Dat wil ik graag even van de burgemeester horen of hij daarop terug wil komen. Dank u wel. De voorzitter: Dit was inderdaad een beetje een vraag voor een tweede termijn, maar dat neemt u in de beantwoording mee, neem ik aan. Burgemeester Wienen: Ja, ik laat ernaar kijken. Dan kom ik erop terug. Elektrisch makkelijker optrekken. Daar is wel naar gekeken. Alleen bij een gewone auto ligt dat toch weer ietsje anders als bij een brandweerauto. Die brandweerauto's zijn ongelooflijk zwaar, ook nog eens een keer met heel veel water, met alle spullen die erin zitten. Dan moet je gaan kijken van, wat voor een vermogen is er dan nodig om zo'n brandweerauto de snelheid te geven die nodig is? Volgens mij wordt er wel echt alle ontwikkelingen gevolgd om te kijken van, wanneer slaat het als het ware om. Maar zover zijn we nog niet. Tenslotte, eens even kijken. Had ik nog een vraag niet gehad? Ja, de brand van elektrische auto's, dat was hem. Ik kan alleen maar zeggen dat de brandweer weet dat er steeds meer elektrische auto’s komen en dat je daarvoor een wat andere benadering hebt van, hoe doe je dat? Maar het is een gegeven dat dat een risico is. Niet een groter risico, want benzine brandt natuurlijk ook gigantisch. Maar het vraagt wel een andere aanpak. Daar oefent de brandweer mee. De voorzitter: Dank u wel.
Dan kijk ik even voor de tweede termijn of er nog aanvullende vragen zijn. De heer Linder, ChristenUnie. De heer Linder: Ik heb eigenlijk meer een idee die in me oppopt, in die zin voor die 30 zones waar op een gegeven moment de bereikbaarheid een beetje in het geding komt voor de brandweer. Of niet snel genoeg zijn, sorry. Burgemeester Wienen: Maar wacht even. De heer Linder: Sorry. De voorzitter: De heer Wienen. Maar zullen we even ...
20
Burgemeester Wienen: Dat we het met elkaar scherp hebben. Jawel, maar anders dan gaat het misschien een eigen leven leiden. U ziet uit het hele verhaal, zoals het nu is, dat het nergens in Haarlem tot een probleem leidt. De vraag is, zou het niet kunnen zijn dat je in de toekomst mogelijk effecten hebt en als het dan wel tot een probleem lijkt, wat doen we dan? Want dat wordt gecheckt. De heer Linder: Dan ga ik het wat scherper formuleren. Voor toekomstige problemen die zouden kunnen ontstaan, dat we er meer 30 snelheid willen invoeren of het niet mogelijk is bijvoorbeeld, drempels die je op afstand zou kunnen verlagen en waar je zegt van, er komt een brandweerauto in, dat die in principe gewoon kunnen verlaagd worden, waardoor de brandweerauto op een andere snelheid er makkelijker doorheen zou kunnen dan misschien een andere auto. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere vragen in tweede termijn? De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Met het risico dat het technisch wordt, maar er wordt gezegd, blussen van een elektrische auto heeft een andere benadering nodig, maar ook natuurlijk hele andere materialen, zoals een dompelbak. Het schijnt dat sommige auto's daar wel vier weken in moeten zitten om honderd procent zeker te weten dat het weer niet terug ontvlamt.
Hebben wij die apparatuur dan ook of gaan we die nog aanschaffen? Zien we dat straks in de Kadernota terug, die getallen? De voorzitter: Dit lijkt me inderdaad een technisch vraag. Zijn er nog andere vragen in tweede termijn? Nee? U zou ook nog even de vraag beantwoorden over de portiekflats. Burgemeester Wienen: Dat heb ik net gedaan. Wat betreft die drempels verlagen, ik kan mij voorstellen dat dat interessant zou kunnen zijn, maar ik denk dat de kosten daarvan gigantisch zijn. Ik weet niet of dit echt de weg is die we op zouden moeten, maar ik zal er in ieder geval eens naar vragen of daar voorbeelden van bekend zijn en wat dat dan betekent. Het is wel een innovatieve gedachte, dat moet ik wel toegeven. Maar de kosten zijn ... Dan komen we wel bij u terug, want dat moet de gemeente dan allemaal gaan aanpassen. Ik weet niet of dit de oplossing gaat worden, maar het is wel interessant. De voorzitter: Dan zijn volgens mij hiermee de vragen beantwoord. Dan kunnen we gaan kijken hoe dit stuk naar de raad wordt doorgeleid. Wordt het een hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring? Hamerstuk. Ik zie ja-knikken. Dan sluiten we het hierbij af en dan sturen we het door als hamerstuk naar de gemeenteraad. Overige punten ter bespreking 9.
Jaarverslag 2022 Commissie bezwaarschriften (JW) * 20221808809 Jaarverslag bezwaarschriftencommissie 2022 De voorzitter: Dan komen nu bij agendapunt 9. Dat is ter bespreking. Dat gaat over het Jaarverslag 2022 van de Commissie Bezwaarschriften. Met dit jaarverslag geeft de Commissie Bezwaarschriften inzage in het aantal behandelde bezwaarschriften die de uitkomst van de advisering en welke onderwerpen het betreft. Het college stuurt het jaarverslag van de Commissie Bezwaarschriften ter bespreking naar uw commissie, zodat u de gelegenheid heeft om over het bezwaarschriftenprocedure en alle aspecten die daarbij van belang zijn van gedachten te wisselen en eventuele wensen en/of doelstellingen kenbaar te maken. Er hebben zich ook op dit onderwerp geen insprekers gemeld. We gaan dit jaarverslag vanavond bespreken. Wie wil in eerste termijn het woord hierover voeren? Wie kan ik het woord geven? Nee, het is geagendeerd door het college. Het
21
college heeft dit jaarverslag toegestuurd. Precies. Kan ik iemand het woord geven over deze? De heer Abbasi, PvdA. Gaat uw gang. De heer Abbasi: Dank je wel, voorzitter. Ik wil eigenlijk beginnen met een positief noot. De positieve noot is dat ik het heel goed vindt dat we dit proactief geagendeerd krijgen vanuit de college, zodat we met zijn allen inderdaad in die cijfers kunnen duiken en kunnen zien wat er gebeurt met het aantal bezwaarschriften, hoe snel erop gereageerd wordt en wat de ontwikkelingen op dat gebied zijn. Maar daar wil ik meteen ook overschakelen naar best wel kritisch zijn. Dat is vooral als ik kijk naar, hoe noemden we dat, de afhandeling, tijdige afhandeling van bezwaarschriften. Het valt namelijk op dat in 2022, maar 54 procent van de bezwaarschriften binnen de wettelijke termijn van 12 weken is afgehandeld dan wel 18 weken na verlenging. Dat is een enorme daling ten opzichte van de jaren ervoor. Want in 2021 was het 72 procent en volgens mij was het in 2020 zelfs boven de 80 procent. Dat is opvallend. Dat is natuurlijk ook ontzettend vervelend dat dit zo gebeurt. Want als je ook kijkt naar het aantal bezwaarschriften, het totaal aantal bezwaarschriften, is dat in 2022 zelfs afgenomen. Als verklaring daarvoor wordt gegeven dat er wat complexere bezwaarschriften zijn ingediend.
Maar een punt wat continu terugkomt in eigenlijk zo ongeveer alles wat wij hier doen in de raad, is dat er een personeelstekort is. Er zijn niet genoeg mensen en er is wel door externe inhuur wel wat ruimte gecreëerd, maar ook dat helpt niet altijd. Maar ik las bijvoorbeeld ook dat door die complexiteit deze aanvragen niet op tijd behandeld kunnen worden. Ik zou eigenlijk aan de burgemeester, maar ook gewoon met de hele commissie eens een keer willen bespreken van, hoe gaan we dit eens een keer oplossen? Moeten we als raad besluiten om meer geld te gaan geven voor de werving- en selectiestrategie, om meer mensen aan te kunnen nemen? Moeten we met zijn allen gaan kijken of we op een andere manier mensen moeten gaan werven? Hoe wordt het nu gedaan? Kunnen we kijken naar andere gemeenten of andere publieke instanties hoe die het doen? Als die succesvoller zijn, wat we van hen zouden kunnen leren. Maar bijvoorbeeld ook, zitten de juiste mensen op de juiste plek? Want als ik lees dat er complexiteit is, misschien moet het dan door iemand anders behandeld worden.
Hoe zit dat? Ik denk echt dat we niet alleen de afhandeling van de bezwaarschriften kunnen helpen door hier een keer met een oplossing te gaan komen, maar eigenlijk raadsbreed kunnen gaan kijken van, hoe kunnen we zorgen dat er genoeg mensen worden aangenomen bij de gemeente om deze problemen op te lossen? De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek. Gaat uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Op zich wel een mooi betogen natuurlijk om die wachttijden te verminderen, maar er zijn allemaal verschillende categorieën wat ook weer over verschillende afdelingen gaat. Wat vindt u eigenlijk het meest problematisch? Waar zou u op willen focussen, op welke wachttijden van welke onderwerpen? De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Ik vind het meest problematisch dat de helft van de bezwaarschriften over het hele gemeentelijk apparaat niet op tijd wordt afgehandeld. Dat vind ik het meest problematisch. De voorzitter: Dank u wel. Nog een vraag van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik lees ook dat vaak met die bouwzaken dat er geen vooroverleg is geweest met het college en dat dat ook een probleem is. Het is niet altijd direct een ambtenarenprobleem. Het is ook, waar legt de politiek zijn prioriteit? De voorzitter: De heer Abbasi.
22
De heer Abbasi: Maar ik las toch echt dat een van de ... Ik probeer ook aan te geven dat het breder is dan alleen maar de bezwaarschriften. Ik lees hier weer terug dat het personeelstekort is. Ik denk, als we daar een wat structurele oplossing voor verzinnen, dat we niet alleen maar dit onderwerp kunnen tackelen, maar veel breder dan dit. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Dit was uw eerste termijn, mijnheer Abbasi? Ja? Goed. Dan geef ik het woord aan mevrouw Klazinga, VVD. Gaat uw gang. Mevrouw Klazinga: Ik onderschrijf voor een deel wat mijnheer Abbasi zegt inderdaad, dat het mij ook zorgen baart. Met name als ik dan zie in het raadsstuk dat er gezegd wordt dat de hogere beslistermijn te wijten is aan het feit dat er meer bezwaarschriften zouden zijn ingediend. Als je vervolgens in de cijfers kijkt, blijkt dat helemaal niet het geval en blijkt het inderdaad te liggen aan een andere problematiek. Mijnheer Abbasi zegt het personeelstekort. Ik lees vooral dat het, dat kun je terugvoeren op personeelstekort, maar dat het te maken heeft met stukken die niet aangeleverd worden door de gemeente, zeg ik maar eventjes in brede zin. Maar niet alleen stukken die in de bezwaarfase niet aangeleverd worden, maar ook besluiten die onvoldoende gemotiveerd worden, die wel genomen worden, maar waar gewoon onvoldoende ...
Het is wat hard om te zeggen en ik begrijp dat de ambtenaren vreselijk hun best aan het doen zijn, maar toch onvoldoende zorgvuldig de besluitvorming wordt genomen en wordt gemotiveerd. Waar ik blij om ben, op zich, is dat als je kijkt naar de cijfers voor bezwaarschriften die gegrond worden verklaard, dat die relatief laag zijn. Ogenschijnlijk doet de gemeente in ieder geval goed zijn werk dat veel beslissingen overeind blijven. Maar wat je vervolgens ook ziet is dat heel veel bezwaarschriften worden ingetrokken doordat er door middel van overleg alsnog een bevredigende oplossing wordt bereikt. Ook dat zie ik weer als een probleem in het voortraject, dat er bij het nemen van besluiten onvoldoende zorgvuldig wordt omgegaan met de besluitvorming zelf. Ik denk dat dat niet zozeer terug te voeren is op ... Misschien is dat gedeeltelijk terug te voeren op een personeelstekort, maar ik denk dat dat niet volledig terug te voeren is op een personeelstekort. Ik zou wat dat betreft aan de burgemeester willen vragen wat hij voor oplossingen ziet om ervoor te zorgen dat er met name in het voortraject zorgvuldiger met deze besluitvorming wordt omgegaan. In het voortraject de informatie wordt verschaft die er verschaft moet worden, om ervoor te zorgen dat er minder mensen in bezwaar gaan, omdat er een betere motivering ligt.
Maar ook dat in de bezwaarfase de informatie er al is die de Bezwaarcommissie nodig heeft. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Klaver, CDA. Gaat uw gang. De heer Klaver: Voorzitter, er worden maatregelen voorgesteld om de behandeltijd terug te brengen. De vraag is natuurlijk, gaan die maatregelen werken een hoe gaat het college dat monitoren of dat volgen, om zich ervan te overtuigen dat bezwaarschriften vaker binnen de wettelijke termijn worden behandeld? Dat gaat ook over de aanbevelingen. Er worden aanbevelingen gedaan. Ik neem aan dat het college die aanbevelingen overneemt. Maar dan is het ook de vraag, gaan die aanbevelingen effect sorteren en hoe gaat u dat volgen, om te zorgen dat het soepeler gaat lopen met de bezwaarschriften en dat de afhandeltijd korter wordt? Wat de VVD ook zegt, de oplossing ligt vaak in het informele, in de aandacht voor de bezwaarmaker, in het vooroverleg. Dat was ook eerder bij de behandeling van klachten en dat lijkt hier ook de sleutel te zijn. Hoe gaat u daarop sturen? Waar ik echt afstand van neem, is de suggestie van GroenLinks om bezwaarschriften te gaan prioriteren. Om te zeggen, het ene bezwaar is belangrijker dan het andere bezwaar. Dat bepaalt de bezwaarmaker wel, hoe belangrijk zijn bezwaar is. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek.
23
Mevrouw Oosterbroek: Dat was helemaal niet om een suggestie. Ik vroeg me gewoon af, welke afdelingen willen we gaan versnellen? Willen we de omgevingsvergunning versnellen? Willen we het verkeersbesluit versnellen? Gewoon meer heel concreet aan de heer Abbasi, waar moeten meer mensen bij? Ik heb helemaal geen suggestie, zoals u dat geeft, geïnterpreteerd. De voorzitter: Dank u wel. Uw termijn ... De heer Klaver: Als ik daar nog even op mag reageren? De voorzitter: Ja, gaat u verder, de heer Klaver. De heer Klaver: Door dat verschil te maken, wekt u bij mij in ieder geval toch de indruk dat u het ene bezwaar belangrijker gaat vinden dan het andere bezwaar. Nogmaals, ik vind dat aan de bezwaarmaker om gewicht te geven aan zijn of haar bezwaar en niet aan de gemeente. De voorzitter: Dank u wel. U bent ook door uw tijd heen. Dat had u gezien. Dank u wel. De heer Alberts, Forum voor Democratie. De heer Alberts: Voorzitter, dit is de commissie Bestuur. We kijken hier naar het volgende managementstuk, want we moeten het beter uitleggen. Forum voor Democratie wil geen managementstrategie tegen burgers die opkomen voor hun rechten. We moeten ons niet voorbereiden op een meer bozere wereld.
We moeten rechtdoen aan waar wij als bestuurslaag voor in het leven zijn geroepen, dit eerlijker en transparanter communiceren aan hen en wanneer wij moeilijke keuzes maken, dit zo onomstotelijk kunnen voorleggen aan onze burgers dat we erop kunnen vertrouwen dat ze er zelf voor zouden kiezen in bijvoorbeeld referenda. Dat is hoe Forum voor Democratie Haarlem hierover denkt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Trompetter, een bijdrage, Actiepartij. Gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Dank voor het toezenden voor het jaarverslag actief en ook de beantwoording van de technische vragen die ik heb gesteld. Ik sluit me aan bij het pleidooi van de PvdA, als het gaat over de tijdigheid van die besluitvorming. Bij het vorige jaarverslag vorig jaar heeft de burgemeester toegezegd uit te zoeken of het nog voorkomt dat de gemeente geheel of gedeeltelijk uitspraken van rechtbanken niet uitvoert en daardoor procedures verlengt en bezwaarmakers mogelijk gijzelt in de procedure. Ik heb daar niets meer van vernomen. De vraag is of het niet meer voorkomt in Haarlem. Ik wil wel een positieve opmerking maken dat het goed is dat er in 121 gevallen een besluit is aangepast in het voordeel van de bezwaarmaker. Een deel van de bezwaren is ingetrokken na de heroverweging van de gemeente.
In een groter aantal gevallen is het bezwaar ingetrokken, zonder dat het besluit in het voordeel van de bezwaarmaker is aangepast. Dan de vraag over de handelswijze dat voor bezwaren op grond van de participatie en aanvallend regelingen standaard een schriftelijke kennisgeving wordt verstuurd door de vakafdeling aan de bezwaarmakers die geen advocaat hebben. Vanwege de twee bovenstaande constateringen heb ik de vraag of het voorkomt dat er druk wordt uitgeoefend op bezwaarmakers om hun bezwaar in te trekken of dat het principe gehanteerd wordt dat het bezwaar terecht is, tenzij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik het woord geven? De heer Linder, ChristenUnie. De heer Linder: Dank u wel. We sluiten ons redelijk aan ook wat de PvdA heeft gezegd. In die zin, het percentage is natuurlijk veel te laag en dat het steeds verder daalt. Nog eens, we begrijpen ook de redenen
24
daarvoor. Arbeidsmarkt is moeilijk. Maar toch vinden we dat daar echt goed naar moet gekeken worden. Is er echt niet iets wat we kunnen doen om dit omlaag te krijgen? Wat ik wel mis in het verslag, ik hu me te goed als ik het over het hoofd gezien heb, maar we waren eigenlijk benieuwd naar de cijfers, de ontwikkeling hoe vaak dat wij als gemeente in hoger beroep zijn gegaan tegen de burgers, in die zin, de ontwikkelingen. Er staat wel dat er negentien keer het ... Maar ik was echt benieuwd of daar een toename is of niet, want we zien ook landelijk dat de overheid steeds meer in beroep gaat tegen zijn burgers en rechtszaken gaat doortrekken. Had ik graag nog willen weten. De voorzitter: Ook hier zou ik willen zeggen, dat is eigenlijk een technische vraag. U vraagt naar aantallen en hoe vaak iets voorkomt. Dat zou u al vooraf kunnen vragen. Wie kan ik verder nog het woord geven in eerste termijn? Mevrouw Oosterbroek, gaat uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Waar ik vooral een vraag over heb, zijn de omgevingsvergunningen. Want ik zie dat die het meeste worden herroepen en dat de bezwaarden het ook kwalijk vinden dat een vergunning wordt verleend zonder dat er naar het bouwplan is gekeken. Maar we vragen dat bouwplan wel op. Ik denk eigenlijk, ik zou dat ook wel oneerlijk vinden.
Zeker met die nieuwe transities die we hebben, klimaatadaptie, ecologie, dan lopen we tegen problemen op die juist in bouwplannen best wel goed kunnen worden afgedekt. Dan vraag ik me af van, is die categorie in te delen in een categorie? Komt hij terug bij de bezwaren die uiteindelijk weer zijn teruggetrokken? Welke categorie is dat, waarin de burger uiteindelijk toch gelijk heeft? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Gaat uw gang. Mevrouw Van Zetten: In de commissie Ontwikkeling werden we een paar keer geconfronteerd met van rechtswege verleende vergunningen. Heel onwenselijk. Voorbeeld is dat caravanterreintje nu bij de Zijlweg, aan de Randweg. Dat is heel erg jammer. Ook merken wij dat bepaalde ontwikkelingen ... Mensen willen woningen realiseren, maar dringen niet door tot de juiste ambtenaar of de wethouder heeft een ander project voorrang gegeven, terwijl ... Dan denk je van, sommige dingen gebeuren gewoon niet. Dat is echt bijzonder spijtig, omdat de zaak toch niet op orde is. Het is jammer. Jarenlang heeft de gemeenteraad zelf die commissie Beroep- en Bezwaarschriften gedaan. Dan zat je er echt dicht bovenop. Dan kon je nog zien van, hoe gaan de zaken? Kunnen we nog een beetje bemiddelen? Is ook heel erg gepleit voor mediation in die tijd om zaken beter, soepeler te laten verlopen. Dit is allemaal uit handen gegeven.
Wij lezen nu het jaarverslag. Ik vind het spijtig. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen? De heer Van den Raadt, Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik heb zelf weleens meegemaakt dat ik las dat er ergens een vergunning voor was afgegeven, terwijl dat evenement al twee dagen daarvoor was gestart. Maar officieel kan je natuurlijk pas bezwaar maken als er een vergunning is. Ik heb mensen gesproken. Ook één iemand die vaak tegen die muur van Bezwaarcommissie, zal ik het maar zeggen, is aangelopen. Die heeft een prachtige, ik noem het maar, richtlijn opgesteld, waar rekening gehouden mee zou kunnen worden als het lief is vanuit de gemeente naar die bezwaarmakers toe, zodat ze een beetje iets menselijker behandeld worden. Dat ze niet elke keer dat we de twee weken plus zes weken nodig hebben en dan op die laatste dag die bezwaarmaker drieduizend pagina's geven en dan zeggen, volgende week moeten we het antwoord weten. Er zijn hele aardige punten in dat stuk van die personen. Die ga ik indienen als richtlijn, die dan hopelijk gehanteerd wordt op de afdeling Bezwaarcommissie bij het hanteren van bezwaren. Dat komt in een motie.
25
De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen die hier het woord willen voeren? Nee? Dan geef ik het woord aan de portefeuillehouder. Burgemeester Wienen: Dank u wel. Ik begrijp het ongemak, want die voel ik zelf ook rond een zo hoog percentage van te laat afgedane bezwaarschriften. Dat is niet zoals moet, niet zoals je het wilt. Ik vind wel dat het stuk een redelijk precies beeld geeft van, hoe komt het? Waar ligt dat aan? Dat is niet zomaar. Was het maar waar dat je kon zeggen, dan gaan we even aan die knop draaien en dan komt het goed. Om even een voorbeeld te noemen, het is vaak niet de ambtelijke ondersteuning. Dat speelt ook een rol. Dat wordt ook aangegeven. Als een secretaris uitvalt, dan gaat plotseling het tempo fors naar beneden. Dat is dan overmacht. Ga je wel proberen om dat weer op te vullen, maar dat kost tijd. Die is dan niet ingewerkt. Noem maar op. Maar wat een heel belangrijke rol speelt, mevrouw Oosterbroek zei dat terecht, de omgevingsvergunningen. Wat is daar aan de hand? Daar zit het hem inderdaad in personeelsgebrek. Die afdeling loopt het gewoon over de schoenen. Dat heeft te maken met te weinig mensen. Er komen allemaal vergunningsaanvraag binnen. Die moet je binnen een bepaalde termijn afhandelen. Wat er gebeurt, dat is dat de afdeling schift tussen dingen waarvan ze zegt van, dat is belangrijk dat we daar echt heel zorgvuldig naar kijken en anderen van ..
Het lukt ons niet om alles te doen. Deze lijkt dan wat minder riskant om eventueel dan maar te laten vergunnen van rechtswege. Want dan ben je te laat en dan is de vergunning verleend. Dat is heel erg in het belang van de aanvrager, in dat geval. Maar het kan best zijn dat bijvoorbeeld de buren, dat zie je dan regelmatig, dan in bezwaar gaan en zeggen van, ik maak hier bezwaar tegen. Dan alsnog moet het allemaal bekeken worden. Dat kost dan alsnog wel veel tijd. Ook vooroverleg, precies hetzelfde. Je wilt er zoveel mogelijk tijd voor maken en toch je loopt vast als je te weinig mensen hebt. Als mensen toch zeggen van, ik wacht niet langer. Ik snap dat ook, want mensen hebben hun eigen belang. Die zeggen, ik ga toch het indienen. In een vooroverleg was misschien al duidelijk geworden dat dat niet gaat of dat dat op die punten aangepast zou moeten worden. Wij vinden als college met u dat het anders moet. We hebben ook een indringend gesprek gehad met de afdelingsleiding van, wat doen we? Dit is overigens niet alleen het probleem van de gemeente Haarlem, maar dat is een probleem in heel Nederland. Je ziet overal dat dat verschrikkelijk ingewikkeld is. Er worden mensen ingehuurd. Niet alleen zijn de kosten hoog, maar mensen die ook van ver komen, heel ver en veel met de computer moeten werken op afstand. Ik denk wel dat dit een probleem is waar we niet zomaar vanaf zijn.
Zelfs als we zouden zeggen van, we gaan onze wervingsstrategie aanpassen, we gaan kijken van, hoe kunnen we meer mensen werven, is heel lastig. Je zou een arbeidsmarkttoeslag kunnen voorstellen, maar dan is de vraag van, welke poort gaan we dan openzetten? Gaan gemeenten dan tegen elkaar opbieden voor personeel wat ze graag hebben willen? Wij zijn aan het kijken, hoe kunnen we de werkmethode zo zorgvuldig mogelijk maken? Die van rechtswege verleende vergunningen, dat is in zekere zin al een soort ventiel, door te beoordelen van, bij deze is dat minder erg. Maar als je dan toch van de buren bijvoorbeeld of van andere belanghebbenden een bezwaar krijgt, dan kost dat weer extra tijd, want dan moet je alsnog alles gaan uitzoeken. We zijn daarover in gesprek. We zijn aan het kijken, hoe kunnen we in ieder geval de manier van werken zo efficiënt mogelijk maken om dit risico zo klein mogelijk te maken en ook dat verlengde effect. Want het is niet alleen frustrerend dat je veel te lang moet wachten op een beoordeling, dat je soms te maken hebt met een vergunning die je gekregen hebt en die dan vervolgens toch weer tegen het licht gehouden moet worden en dan nog meer tijd kost, want dan is er ook een andere partij die daar ook een positie in inneemt.
Om dat te voorkomen zou je moeten proberen het zo efficiënt mogelijk toch te bekijken en te beargumenteren van, waarom je eventueel een vergunning aanpast of vergunning verleent. Maar wij zijn echt nog niet zover dat je zegt van, dat is al merkbaar. Dit is een probleem wat ik gewoon ... Ik deel met u de onvrede, maar we hebben dat nog niet snel opgelost. Dat je raadsbreed over het personeel en de arbeidsmarkt en de problematiek die dat met zich meebrengt, zou moeten praten ik denk dat dat op zich goed is. Ik denk dat u met de portefeuillehouder in de andere commissie, dat is dan ... Of nee, dat is ook deze
26
commissie. Maar dat u met portefeuillehouder daar ook wel over in gesprek bent. Misschien is het wel goed om gewoon daar eens wat meer tijd voor te nemen en te kijken van, waar staan we precies en wat voor mogelijkheden hebben we om onze positie op die arbeidsmarkt zo goed mogelijk te maken? Ten aanzien van het aantal bezwaarschriften, ik vind inderdaad dat de formulering, mevrouw Klazinga wijst daarop, wat ongelukkig is. Er zijn minder bezwaarschriften in 2022 geweest dan in de jaren daarvoor. Er wordt ook uitgelegd hoe dat komt. Als je dan nog weer verder terug zou gaan, dan zie je dat het aantal wel fors is toegenomen. Die drie jaren zijn ongeveer gelijk als je het effect van de Tozo eruit haalt. Maar ten opzichte van de jaren daarvoor is het wel fors gestegen. Nu zit het redelijk stabiel, afgezien van dat ene effect. De kwalitatief onvoldoende voorbereiding heeft alles te maken met waar ik het net over had. Als je meer tijd zou hebben voor je hele vergunningstraject en dat ook zorgvuldiger kunt afdoen, niet meer van rechtswege vergunningen verleend krijgt, dan heb je ook minder van deze bezwaren. Dat is wat we heel graag willen, maar wat we niet zomaar voor elkaar krijgen. Het is niet een kwestie van, laat die afdeling het eens doen.
Die afdeling is voortdurend aan het kijken van, wat doen we wel en wat doen we niet met de beperkte menskracht die we hebben? Het vooroverleg helpt. Dat is ook zo en dat zou ook zo zijn als je voor de vergunningaanvragen, voor bouwvergunningen als je daar vooroverleg hebt. Dat proberen we ook zoveel mogelijk te doen. Maar als het niet gebeurt, omdat het ook dan weer te lang duurt, dan kan het er best toe leiden dat er uiteindelijk een vergunning wel verleend wordt, maar dat er alsnog een procedure komt, omdat een buurman bijvoorbeeld bezwaar maakt. Het in beroep gaan in rechtszaken tegen burgers. Ik moet eerlijk zeggen dat ik een beetje me afvraag of we elkaar goed begrijpen. Als u zegt van, er is een bezwaar ingediend, er gaat iemand naar de rechter, dan doet de rechter een uitspraak en dan kan je nog één keer in beroep. In hoeverre gebeurt dat? Drie keer is dat gebeurd. We hebben drie situaties waarin dat gebeurt. Dan is er ook altijd het idee van, daar is een argument. Daar moeten we toch proberen om ultiem helderheid te krijgen, ook om helderheid te krijgen voor de toekomst bij dit soort zaken. Het is niet zo dat je kunt zeggen van, een burger heeft toch in principe altijd gelijk. Ik vind dat toch iets te makkelijk, mijnheer Trompetter, van dat dat het uitgangspunt is. Het bezwaar is terecht, totdat het tegendeel blijkt. Nee, je neemt het bezwaar serieus. Dat gebeurt ook.
Wat dat betreft, moet ik wel eerlijk zeggen ... Er werd ook door op gewezen, als je kijkt naar hoe het gaat met de bezwaarschriften, los van dat het te lang duurt, maar er wordt een flink aantal bezwaarschriften gehonoreerd, een flink aantal bezwaarschriften blijkt ook niet te kloppen. Als ze dan in beroep gaan, dan wordt meestal de gemeente daarin ook gevolgd. Dat vind ik op zichzelf ... Dat is gewoon de waarde van het systeem, ervan uitgaan dat een klagende burger per definitie gelijk heeft, dat vind ik niet terecht. Maar ook evengoed is het onterecht om ervan uit te gaan dat hij geen gelijk heeft. We moeten het gewoon opnieuw zorgvuldig bekijken, uitzoeken en een besluit nemen. Dat doen we volgens mij ook. Die rechtelijke uitspraken negeren, dat zou ik dan toch even moeten checken, want vorig jaar is dat aan de orde geweest. Ik heb dat nu niet meer scherp. Kennelijk is het niet opgepakt. Dat moeten we even ... Misschien moeten we na afloop nog even met elkaar van gedachten wisselen wat precies uw punt is, dat ik het gericht kan navragen. Kan ook nu. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. In het verslag van de vorige keer stond daar een toezegging over, om het nog even na te gaan. Burgemeester Wienen: Dat moet ik dan even kijken wat daar staat. Heb ik nu niet scherp. Even kijken.
Hart voor Haarlem geeft aan, we krijgen boetes, omdat het te lang duurt. Dat is voor het college ook een doorn in het oog. De afdeling weet dat dat iedere keer ook bij mij in ieder geval leidt tot heel kritisch commentaar, want ik vind dat we daar in ieder geval op moeten sturen. Het kan toch niet waar zijn dat we op die manier
27
eerst iemand heel lang laten wachten en vervolgens ook nog eens een keertje geld gaan betalen van burgers uiteindelijk, omdat het allemaal te lang duurt. We zijn daar net als u van mening dat echt het uiterste gedaan moet worden om dat te voorkomen. Dat betekent dat dat een hoge prioriteit heeft. Mevrouw Van Zetten: Erger, geef ik aan dat we vergunningen verlenen voor zaken die we eigenlijk gewoon niet willen en dat we er niets aan tegen kunnen doen, omdat we gewoon het hebben laten lopen. Dat vind ik echt heel erg kwalijk. Kijk, dat geld kan je dan nog wel betalen. Burgemeester Wienen: Maar dat vind ik dan ... Heb ik net op gereageerd eigenlijk al. Dat is een beste van twee kwaden afweging. Als je onvoldoende mensen hebt om alle vergunningen voldoende voor te bereiden, dan is er een deel van de vergunningen en dat wordt wel bekeken. Het is niet zo dat er blind gezegd wordt van, jongens, we pakken de nummer één en de nummer drie en de nummer vijf en de even getallen laten we er maar doorheen lopen of zo. Dan zou het wel heel erg treurig zijn. Wat te doen, is kijken, wat is dit voor een bouwaanvraag? Is het redelijk standaard? Er is iets bijzonders aan de hand? Is hier een bijzonder risico? Et cetera. Dan wordt er geschift van, deze zijn in ieder geval van belang, die moeten we echt zorgvuldig bekijken, want daar zit iets bijzonders.
Anderen, dat moet dan misschien toch maar doorlopen. Dan weten we dat het van rechtswege wordt verleend. Dat is een andere kwestie inderdaad. Daar heeft u gelijk in. Dat is voor de betrokken persoon dan meestal heel prettig, tenzij blijkt dat iemand anders zegt van, wacht even, maar ik heb daar wel een probleem mee. Dan moet je het alsnog gaan uitzoeken. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, gaat uw gang. Mevrouw Van Zetten: U vertelt nu net alsof u naast dat bureau hebt gezeten waar men daarop selecteert. Ik constateer dat bijvoorbeeld bij de Randweg een heel erg lelijk caravanterrein is gekomen. Ik kan me niet voorstellen dat men toch even heeft gekeken wat wel, wat niet? Het is gewoon domweg niet begrepen. Heel veel mensen werken thuis, wonen niet in Haarlem, hebben geen idee waar dat is. Dat is gewoon onzorgvuldig beleid. De voorzitter: De heer Wienen. Burgemeester Wienen: Dat is geen onzorgvuldig beleid, maar wellicht wel onvoldoende alertheid bij degene die het afhandelt. U noemt zelf een aantal punten. Dat kan, maar dat is geen beleid. Dat is dan een uitvoering die op dat punt faalt. Mevrouw Van Zetten: Het is gewoon labbekakkerigheid. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, via de voorzitter graag. Mevrouw Van Zetten: Dat is gewoon nadelig voor onze stad. Via u dan. Dat het gewoon labbekakkerig beleid is. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, gaat uw gang.
Mevrouw Van Zetten: Ik constateer dat het gewoon labbekakkerig is en dat wij blijkbaar mensen hebben die die zaken beoordelen die niet even kunnen scannen, dit is belangrijk voor ons en dat is niet belangrijk. We zien gewoon die fouten die er zijn gemaakt, tot onze grote spijt. Dan heb ik het even over de commissie Ontwikkeling, waar u niet altijd bij bent.
28
De voorzitter: Maar we zijn nu in commissie Bestuur. Uw vraag is duidelijk. Burgemeester Wienen: Jawel, maar dit is een punt wat hier dan op zich terecht aan de orde komt. Het is ook benoemd. Het is zo dat er wel degelijk wordt gekeken, alleen er worden ook fouten bij gemaakt. Soms zie je dingen over het hoofd. Dat is waar en vervelend en dat moeten we zoveel mogelijk voorkomen. Maar het is niet zo dat het een soort systematisch labbekakkerigheid is of iets dergelijks, integendeel. De inzet is, we moeten proberen te voorkomen dat het fout gaat. Overigens nog een ding over dat het vroeger voor de burgers veel beter was, omdat de raadsleden dan heel zorgvuldig keken of de burgers geen gelijk hadden. Mevrouw Van Zetten: Heb ik helemaal niet beweerd. Ik zeg dat wij ... De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, wilt u via de voorzitter praten? Mevrouw Van Zetten: Sorry, voorzitter. De voorzitter: Ik wil eerst nu eerst eventjes de burgemeester zijn verhaal laten houden. Mevrouw Van Zetten: Maar hij heeft het verkeerde verhaal. De voorzitter: Als u een vraag wilt stellen dan vraagt u het woord. Burgemeester Wienen: Wat ik wilde zeggen is, als je kijkt naar hoe de bezwaarprocedures nu lopen, dan zie je dat mensen ook heel regelmatig gelijk krijgen, omdat ze gelijk hebben. Dat zal in het verleden hopelijk niet anders geweest zijn. Wat wij willen, is dat recht gedaan wordt aan burgers.
Ik zie in ieder geval in de cijfers die ik hier zie geen enkele aanwijzing dat de huidige afhandeling van bezwaren ertoe leidt dat burgers geen recht gedaan wordt. Mevrouw Van Zetten: Voorzitter, als ik mag reageren? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Dat heb ik helemaal niet beweerd. Ik heb gewoon beweerd of tenminste, mijn ervaring is dat wij toen als raadsleden er dicht op zaten, meer betrokken waren, ook weleens aan de wethouder konden vragen, wij zien dat dingen verkeerd ... Dat er gewoon sneller ingegrepen kon worden. Nu lezen we het jaarverslag en nu is het achteraf van, jammer dat het allemaal zo gaat. Dat was wat ik te berde wilde brengen. De voorzitter: Dank u wel. U bent inmiddels ook door uw spreektijd heen. U had nog een vraag, mevrouw Oosterbroek? Mevrouw Oosterbroek: Ja. De voorzitter: We zijn eigenlijk een soort tweede termijn discussie nu aan het doen, maar laten we het gewoon even nu afronden. U wilt even uw vraag ... Burgemeester Wienen: Mag ik toch nog ... Want mijn verhaal is nog niet helemaal klaar. Ik heb nog ... De voorzitter: Gaat u verder. Sorry.
29
Burgemeester Wienen: In ieder geval vanuit Trots, een vergunning over al gestarte evenementen. Die discussie hebben we hier gehad. Ik denk van, dat heeft niet zo heel veel zin om dat nu over te gaan doen. We hebben geconstateerd dat bij evenementen een zekere spanning zit van, wil je toch nog meewerken bij zaken die op het laatste moment nog vergund kunnen worden of niet? Die discussie hebben we gehad. Ik ga daar nu niet verder op in. Wat u zegt van, ik heb een prachtig stuk en dat ga ik via een motie inbrengen, ik moet eerlijk zeggen dat ik het eigenlijk heel jammer vind. Ik vraag me af of het dan niet logischer is om het in te brengen op een moment dat we het kunnen betrekken bij de discussies hier. Want als het dan in een motie ligt, misschien is het een fantastisch stuk, ik sluit het helemaal niet uit, ik weet het niet, maar dan is er nauwelijks de tijd om daar goed kennis van te nemen. Dan moet ieder raadslid en iedere fractie maar kijken wat hij ermee doet. Terwijl ik denk van, als het de moeite waard is, is het veel beter dat we met elkaar daar eventjes de tijd nemen om het goed te bekijken en te beoordelen van, dit is waarschijnlijk heel goed of juist niet.
Ikzelf zou zeggen van, is het niet een betere methode dan een vrij omvangrijke manier van werken met forse consequenties, om dat eerst met elkaar te bekijken en dan pas te komen tot een eventuele besluitvorming dan om het als motie neer te leggen en niemand weet precies wat het wat het inhoudt en of het verstandig is of niet. Ik geef het maar ter overweging. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we officieel aan de tweede termijn. Mevrouw Oosterbroek was als eerste. Mevrouw Oosterbroek: Ik heb nog twee vragen. Want ik heb net begrepen dat er een eigenlijk een afwegingskader is voor prioritering voor de omgevingsvergunningen. Dat de afdeling eigenlijk een mening heeft over welke omgevingsvergunningen er wel belangrijk zijn en welke niet. Ik vroeg me af, is het mogelijk om dat naar de commissie te sturen, zodat we kunnen kijken van, welke dingen zijn wel belangrijk, welke dingen vinden wij niet belangrijk? Op die manier ook proberen naar een wat effectievere organisatie te gaan. Dat is een vraag. De tweede is, met de komst van de Omgevingswet en de digitale omgeving zouden we daar ook een slag in kunnen maken om wat sneller en effectiever te gaan werken? De voorzitter: Dank u wel. U heeft geen tijd meer, mijnheer Van den Raadt. Mevrouw Van Zetten: Mag ik even een opmerking ... De voorzitter: Ja, mevrouw Van Zetten ook.
Mevrouw Van Zetten: Want kijk, de burgemeester, het college heeft ook allang geen tijd meer. Ik denk, als we elkaar allemaal wat scherper willen houden. De voorzitter: Dat is waar. Daar wijst u terecht op. Dan gaan we gewoon naar een afronding toe, want dan zijn we klaar met antwoorden. Maar ik zie dat de heer Abbasi heeft nog wel tijd en de heer Alberts wel. Of u antwoord krijgt ... Maar de heer Abbasi kan ik nog wel even het woord geven. Gaat uw gang. De heer Abbasi: Dank je wel, voorzitter. Ik denk dat bij dit soort discussies beginnen we heel groot en uiteindelijk trechter je dat naar één ding en dat is personeelstekort. Ik denk dat het daarom goed is dat we bijvoorbeeld de bespreking van de jaarstukken of de Kadernota kunnen gaan kijken of geld helpt. Ik weet niet of dat zo is. Het is natuurlijk niet een wondermiddel dat als je meer geld uitgeeft aan werving en selectie, dat je in een keer honderden mensen extra kan aannemen. Maar de manier hoe het nu gaat, werkt in ieder geval niet. Daarom is het denk ik goed om bij de jaarstukkenbesprekingen te gaan kijken wat we ... Kadernota. Jaarstukken toch? Dat we dan kunnen gaan kijken wat we wel ... Jaarverslag, ook goed. Dat we dan kunnen
30
gaan kijken wat we kunnen doen om deze problematiek op te gaan lossen. Want dat gebeurt niet volgend jaar of het jaar daarna, maar dat er iets moet veranderen, daar is iedereen het denk ik wel over eens. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Oosterbroek, u had een vraag aan de heer Abbasi nog? Mevrouw Oosterbroek: Ja. Vindt u dat dan een goed idee als we het gaan hebben over de personeelsoplossing, om dan ook het ietsje breder te trekken dat het afwegingskader en die prioriteiten die in de omgevingsvergunningen worden gemaakt, om daar ook naar te kijken, zodat we dat hele proces kunnen stroomlijnen? De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Dat zou kunnen, maar we horen ook weer net de burgemeester zeggen, dat de reden waarom dit allemaal zo lang duurt uiteindelijk toch komt, omdat er te weinig mensen zijn. Dat blijft het kernprobleem. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de heer Alberts wil nog wat zeggen. Die heeft nog 21 seconden. Dat gaat lukken, denk ik. Dan bent u ook door uw tijd heen. Gaat uw gang. De heer Alberts: Bezwaarschriften, een manier voor burgers om voor zichzelf op te komen als zij verdrinken in de ambities van onder andere een coalitie die er is in Haarlem. Ik wil toch de vraag hier poneren van ... Iedereen heeft beloofd, we nemen de burgers mee in de energietransitie, in de mobiliteitstransitie.
In hoeverre kunnen we daar nog aan voldoen? Ik waardeer het echt dat de burgemeester die zorg heeft neergelegd. Wat betreft personeelswerving, een hele korte nabrander nog. Economisch gezien leven we in een vrij bizarre tijd, waarbij we richting een recessie veel meer vacatures zien, terwijl het juist tot werkloosheid zou leiden. Daar wil ik even opmerken, denk daar eens over na wat er daar aan de hand is. Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Oosterbroek: Mag ik dan wel alsnog schriftelijk antwoord, omdat de burgemeester nu niet kan antwoorden op mijn vragen? De voorzitter: Worden schriftelijk beantwoord. Burgemeester Wienen: Mag ik hier dan even op reageren? De voorzitter: Heel kort. Burgemeester Wienen: Er is een informatiebrief geweest dit jaar, waarin dit gewoon is aangeboden. Ik denk niet dat we nog weer opnieuw dezelfde brief moeten gaan sturen. De voorzitter: Dan kijkt u daar even naar, naar de brief die eerder dit jaar is verzonnen. Maar mevrouw Oosterbroek, er is gezegd, het is eerder verzonden. Dan kunt u via de griffie dat eventjes navragen.
31
10. Sluiting De voorzitter: Ik ga nu afronden. Wij zien elkaar ... De eerstvolgende vergadering is 30 mei. We zien elkaar dinsdagavond om half zeven. Dan sluit ik hierbij de vergadering. Dank u wel.
32