CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Bestuur 15.02.2024

commissie Bestuur 15 februari 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: 17:10 uur Opening en mededelingen voorzitter24.392 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

3 alinea's met “transcript”: 1 33 34

Dus gaat u hiermee akkoord? Ik zou nu zeggen eerst de beantwoording door de wethouder. Dus laten we daarmee beginnen, dan hoort u de beantwoording van de wethouder. Dan de heer Vonk en dan de tweede termijn. Wethouder Van Leeuwen ga uw gang. Wethouder Van Leeuwen: Voorzitter dank u wel en commissie dank voor al uw beschouwingen over dit beleidskader en de verordening. Ik hoor bij veel partijen en zelfs bij partijen bij wie het misschien op de eerste gebied niet zo klinkt, dat wij met elkaar hetzelfde willen. Namelijk hoe zorgen wij dat Haarlemmers betrokken zijn bij het wel en wee waar u hier met elkaar wekelijks over vergaderd in vier verschillende commissies en in de raadsvergadering. Met uw welbevinden, ik ga niet op alles in zal ik alvast verklappen. Want we hebben het eerst over pijlers gehad, de leidraden zeg maar dat was ongeveer een jaar geleden. We hebben het concept gehad, dat is ter zienswijze gegaan. Daarin zijn ook uw beschouwingen meegenomen de vorige keer en ook de beschouwingen die bij ons binnen zijn gekomen. Dit is eigenlijk wat we nu hier hebben, is het kader wat aangepast is op basis van de laatste beschouwingen. Dus daarmee ga ik niet meer over die pijlers hebben, want dat hebben we dus natuurlijk al een hele tijd geleden sproken, zoals de heer Drost van GroenLinks ook aangaf. De heer Kuin is net weg, maar daar wilde ik eigenlijk mee beginnen.

Dan ga ik even wachten, dan hoop ik dat hij zo nog terugkomt. Die moest eerder weg? Wat jammer. Want hij zei eerst laten we stoppen met startnotities en toen zei hij laten we nu meer uitgebreide startnotitie doen. Dus ik wou daar eigenlijk aan hem vragen wilt u nu dat we gaan stoppen of wilt u dat we ze meer uitgebreid gaan doen? Als zijn verzoek het laatste was, waar het op leek, dan denk ik dat eigenlijk hij op zijn wenken bediend wordt voorzitter. Want

18

zowel in het beleidskader en dan moet ik altijd goed kijken, bladzijde negen paragraaf 2.3.1. Als in de verordeningen, artikel 3 van de verordening, staat precies wat er in de startnotitie moet staan over participatie. Over de scope, de info, de impact ga zo maar door. Er zit zowel in de verordening als in het kader staat heel duidelijk wat er in moet. Mocht de SP nog nadere wensen hebben dat daar iets zou missen, dan hoor ik dat natuurlijk ook heel graag. Want hij zei daar zou nog wat meer in moeten staan. Maar ik denk dat die uiteenzetting op bladzijde negen 2.3.1 de paragraaf van het kader en de artikel 3 dat daar best wat in staat. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Aynan, maar u heeft geen tijd meer dus dat wordt lastig. De heer Aynan: Dan kondig ik hier bij allerlei amendementen aan. We kunnen ons best doen dat hij direct meeneemt of ik ga mijn best doen op amendementen dat ik zelf allerlei dingen toevoeg. De voorzitter: Ik denk dat u met hij dat u de wethouder bedoelt. Maar gaat u verder. Wethouder Van Leeuwen: Dat antwoord zal ons dus dan nog tegoed blijven. Ik zit even te denken waar te beginnen. Kijk laten we beginnen met wat er uiteindelijk in het … de aantal extra zekerheden die zijn ingebouwd in het beleidskader. Een aantal extra zekerheden zit in de initiatieffase, in het participatieverslag en ook in de inspanningsverplichting.

Ik hoor een aantal mensen en dat ging … u mag zich altijd tot mij richten en ik sta voor alles open. Hoe gaat dat nu werken? Dat vroeg D66, dat vroeg mevrouw Van Zetten eigenlijk ook met andere woorden en de Partij van de Dieren zei dat eigenlijk ook nog, de ontwikkelende partijen zeiden hetzelfde. Uiteindelijk een deel van de beschouwing van mevrouw Van Zetten deel ik ook wel. Ik denk dat wij in het verleden ook op dit moment niet altijd duidelijk zijn geweest naar partners van ons. Want ooit is er een jaartje of vijftien geleden gekozen dat wij een regiegemeente zijn, dat wij niet meer zelf allemaal ingenieurs in dienst hebben, maar dat we het inhuren. Als ik dan wel eens terug hoor van Haarlemmers die ik spreek, dat dan de projectassistent verantwoordelijk voor de communicatie vier keer is gewisseld bij een project van drie maanden, dan is dat gewoon echt heel ongelukkig. Daar ben ik ook niet trots op. Als u dan van mij wil worden, gaat dat dan altijd goed? Nee. Maar wat we hiermee beogen en dat beogen we natuurlijk ook met de Omgevingswet, is dat we hier een heel duidelijk kader neerleggen. Wat verwachten wij van u als u voor ons iets gaat doen? Dat is bij ontwikkelende partijen kan dat met anterieure overeenkomsten zijn, dat kan worden vastgelegd in aanbesteding of een beschikking. Dus dat is net welke rechtsvorm die positie kent.

Precies met dit kader en deze verordening proberen we daarbij duidelijk te maken, dit is de Haarlemse manier. Die Haarlemse manier en u kunt het woord leuk vinden of niet, dat is die democratiewerkplaats. Dat is juist ook om mensen die hier korter of langer werken, of meer of minder ervaring hebben met de betrokkenheid van Haarlemmers. Om te laten zien dit is hoe we het hier doen. Dit zijn de instrumenten die we hebben. We hebben nu net een instrument, dat gaan we ook hier binnenkort evalueren over een paar maanden, het burgerberaad. Waarvoor werkt dat wel, waarvoor werkt het niet? Hoe is het inzetbaar? Zodat eigenlijk daar een menselijke toolbox is gewoon. Net zoals je in huis iets wil maken, dan pak je de gereedschapskist en dan kijk je heb ik nu een hamer nodig of heb ik hier nu een Bahco nodig? Dat is die democratiewerkplaats waar we dus met elkaar gaan kijken hoe werkt dit? Want dat is dus inderdaad en dat mag misschien heel soft klinken, maar dat is ervaringen delen, vertellen wat heeft gewerkt. Bijvoorbeeld eentje die er ook in zit, Right to Challenge. Er zijn dus mensen, dit vind ik zelf ook interessant dat weet u ook als raad, het Heempark Molenwijk aan de Europaweg. Dat wordt al jaren via Right to Challenge beheert, waarbij wij dus als gemeente de bezems en de schoppen neerzetten.

Een groep bewoners, een groep actief bewoners, een dame daarbij is ook Schalkwijker van het jaar geweest, doet het al. Dat was een Right to Challenge initiatief wat eigenlijk ook niet meer bekend was in onze organisatie, ook niet bij ons als college en ook niet bij iedereen in de raad. Hoe

19

zorgen we nu dat de instrumenten die we in het verleden succesvol hebben ingezet, dat we die kennen en uit kunnen wisselen? Hoe weten we ook wanneer het soms fout is gegaan? Dan deel ik inderdaad een beeld, dat als je en de arbeidsmarkt is heel krap, als je deels met externen werkt dan is het extra inzet om duidelijk te maken dit is hoe we het in Haarlem doen. Dit is en dan kom ik al een beetje bij het CDA, dit is wat we verwachten van meeweten. Meeweten is dus niet je opsluiten in een kantoortje op driehoog achter op vijftig kilometer afstand van Haarlem. Dat is ook in die stad zijn, openstaan voor signalen, ook luisteren naar de buurt. Informatie ophalen inderdaad, ook bij sleutelpersonen hoorde ik ook aangehaald worden. Dat is wat wij verwachten van Haarlem. Is dat spannend? Ja. Heb ik daar vertrouwen in als ik kijk wat de motivatoren zijn om betrokken te zijn bij deze organisatie, extern-intern. Ik spreek gelukkig heel veel mensen die heel weloverwogen kiezen om voor Haarlem aan het werk te zijn, onmaatschappelijk iets bij te dragen. Dat is natuurlijk wat we ook hiermee zeggen, als je hier dus bent, dan verwachten wij als college, als raad verwachten wij dat u op deze manier aan het werk gaat. Dat u zorgt voor duidelijkheid bij Haarlemmers en Haarlemse ondernemers. Dat u zorgt voor betrokkenheid.

Dat u ook zorgt voor soms heel klassieke methodes, een huis-aan-huis-brief is nog steeds voor sommige gevallen heel oké. Soms voor nieuwe vernieuwende methodes zoals een burgerberaad. Dat is precies wat we doen. De suggestie is zo'n democratiewerkplaats ook voor externen? Ja, dat is wel het beeld. Dus als wij op een gegeven moment dan inderdaad externen hebben, of dat nu een ‘…’ zorgpartij is, of een ingenieursdienst die werk voor ons doet, kunnen die daar ook kennis aftappen? Ja, wat ons betreft wel. Inderdaad het is ook zo, en dat zei de heer Aynan, het is nog niet af. Dit soort denken en dat is ook wel het interessante wat de hoogleraren ook zeggen. Recent ben ik bij een lezing geweest van mevrouw Tonkens, hoogleraar op dit gebied. Die zegt dit tijdsgewricht is het burgerberaad hip, maar kent elk decennium kent een nieuw instrument om na te denken hoe gaan we nu mensen betrekken bij ons als overheid? Dat zal altijd in ontwikkeling blijven, dus in die zin zal dat nooit af zijn. Dan ga ik wel gelijk reageren op de heer Aynan van Jouw Haarlem over de vier of de dertig woningen van de participatie. Dat zoeken we gewoon uit. Dus dat heb ik nu niet paraat, dus als die link niet blijkt te kloppen dan corrigeren we dat. Dus daar gaan we gewoon achteraan. Dus kom ik technisch bij u op terug, want als daar de link niet klopt dan verwerken we dat natuurlijk gewoon.

Ik ben een beetje hoog over een aantal vragen heengegaan. Dus als ik u niet helemaal recht doe, dan moet u dat natuurlijk zeggen in de tweede termijn. De suggestie kunnen raadsleden observeren bij informatieavonden van mevrouw Van den Broek van Partij voor de Dieren. Dat vind ik zelf een hele interessante suggestie. Ik weet wel uit de ervaring dat er ook wel eens in het verleden dat we dat wel gedaan hebben, alleen dat dan raadsleden zich ook gingen mengen in debat, ook omdat bewoners hen dan vragen gingen stellen. Dus dat is denk ik ook een gesprek voor u als raad en u heeft volgens mij binnenkort een conferentie, hoe ziet u dat? Ik denk ook dat daarin best een vorm in te vinden is. Een vorm waar wij als college wel voor open staan, maar denk ook met elkaar als raad wat is daar prettig in? Wat willen we daarin? Dat is denk ik een gesprek wat u ook met elkaar kan kunt voeren en op kunt anticiperen. Dan nog ook reagerend op een eigenlijk een hele concrete vraag. Staat meeweten, meedenken, meedoen en meebeslissen in de verordening? Jazeker, artikel één. Burgerparticipatie kan de vorm aannemen van meeweten, meedenken, meedoen en meebeslissen. Dus dat staat gelijk voor in de verordening. Dan ga ik toch ook op de vraag van de heer Kuin, kan je met zeggenschap betrokkenheid vergroten? Dat is natuurlijk precies die Right to Challenge.

Dus eigenlijk wat we hebben gedaan in … jeetje wat erg. Het Posthuis in Zaanenpark, dus dat dat de bewoners echt gewoon dat beheer overnemen. Maar hetzelfde wat ik ook al zei, wat we echt al sinds jaar en dag doen bij de heemtuinen in Molenwijk, maar zelfs met het beheer van de Amsterdamsevaart. Zeggenschap en ook eigenaarschap kan die betrokkenheid zeker vergroten. Dus dat is inderdaad in dat hele set van instrumentarium, is dat een hele waardevolle om ook mee te wegen. Dat werkt niet altijd, maar soms wel. Het is ook wel eens gebeurd dat mensen die actief waren in een buurt of bij een bepaald gebouw, die zeiden laat het ons doen. Die later toch zeiden het lukt ons toch niet. Dus kunt u zelf weer het beheer doen gemeente? Dus soms werkt het ook niet, ook al leek dat in de eerste instantie een goede oplossing. Dan kom ik bij

20

meeweten en meedenken waar de heer Klaver ook nog op wees. Ik hoor een aantal partijen zeggen wat ons betreft is dit nu zo goed gedaan. Dus dat is ook echt even aan u als commissie. Ik zei net al hoog bovenover, wat ons betreft en daar vinden we elkaar gelukkig in. Dat zei de heer Klaver heel mooi, het CDA kiest altijd voor de kwetsbare groep. Dat beogen wij als college ook hier mee te doen. Want wat wij niet zouden willen, is dat een kwetsbare groep in een meedenkend proces, dat daar verschillende buurten tegen elkaar worden opgestoken bij wijze van spreken. Waardoor er verschillende buurten zijn die allemaal roepen, maar wij willen ze ook niet, wij willen ze ook niet. Uiteindelijk zijn we allemaal Haarlemmers en dat maakt dan wat mij betreft, wat ons betreft niet uit of je eerder in de jeugdzorg hebt gezeten en je wordt kleinschalig opgevangen in een buurt. Of dat er een andere soort van woonvoorziening is. Dus bij meeweten, dat zei u mooi, meeweten plus. Wat ons betreft is ook meeweten is ook wel gebruikmaken van kennis van de stad, maar kent voor ons dat risico van meedenken dat er een soort van welles en nietes ontstaat over die groep. Met een nadelig beeld over die groep en ook nadelig beelden in die wijken tussen die groep. Maar dat is denk ik ook een weging en dat is een politieke weging. Daar kunnen we het ook over oneens zijn, dat debat hebben we eerder gevoerd.

Hoeven we van mij ook niet uitgebreid te herhalen. Maar u als met elkaar als raad zegt dat willen we toch net iets anders en wij vinden dat meedenken daar passender is, daar zien we als college risico’s in. Daarom stellen wij dit voor dat meeweten, met luisteren naar de stad, dat dat de meest geschikte vorm is. Als u zegt hij gaat toch net over het randje van meeweten met gebruikmaken van kennis van de stad, daarmee denken. Daarin ben ik slechts uw dienaar natuurlijk geachte commissie. Dan ga ik kijken of ik nog vragen gemist heb voorzitter met uw welbevinden. Volgens mij, mevrouw Van der Broek die nog specifiek over de ontwikkelende partijen. Het is niet zo dat het voor ontwikkelende partijen nieuw of veranderd is. Dit is natuurlijk vanuit de Omgevingswet zijn we hier, die is natuurlijk en aantal keer uitgesteld, is deze discussie al heel lang gaande met brancheorganisaties met de Vereniging Nederlandse Gemeentes. Dus zij bereiden zich hierop voor. Wat ik zei, ik denk echt dat dit beleidskader, mits door u vastgesteld en ook de verordening, daarin ook de duidelijkheid kan geven. Hoe wij het hier in Haarlem verwachten, hoe u het hier in Haarlem verwacht. Dat leggen wij natuurlijk aan de voorkant vast. Daar zitten ook inderdaad wat ik al zei die zekerheden in, die ook in de verordening benoemd zijn. Dit moet er instaan in die startnotitie.

Een participatieverslag, die inspanningsverplichting. Dan is inderdaad, dat vind ik zelf ook hoor, vinden we als college ook hoe die Omgevingswet hoe dat precies met elkaar uit moet gaan werken. Dat is natuurlijk ook heel lang een debat geweest bij de invoering ervan. Dat moeten we met elkaar gaan doen. Dus met die ontwikkelende partijen en met de verschillende bestuursorganen die daarbij betrokken zijn. Volgens mij ben ik inmiddels bijzonder lang aan het woord en gelukkig wordt er nog niet onder de tafel getrapt geachte voorzitter. Maar ik denk dat ik bijna alle vragen van de eerste termijn wel heb gehad als ik zo in mijn boekje rondkijk. De voorzitter: Bijna alle vragen, we zijn natuurlijk voor volledige beantwoording. Maar als er nu geen vragen zijn dan … mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ik had nog even een vraag over die democratiewerkplaats. Het is natuurlijk heel mooi dat ambtenaren een soort doos hebben waar ze allerlei ervaringen en kennis in kunnen doen. Maar ik zou het toch ook interessant vinden om te kijken of je daar … want we hebben het over een participatiewijzer. Maar zoals Jouw Haarlem zei is dat nog niet echt uitgewerkt. Of we daar toch ook nog een externe variant van kunnen maken, dat juist heel veel partijen daar gebruik van kunnen maken.

Wethouder Van Leeuwen: Volgens mij had ik die dan met een bredere beschouwing dan niet duidelijk genoeg gezegd. Ik zei we kijken natuurlijk ook, we starten die op ook hoe daar externe organisaties gebruik van kunnen maken. Dus dat zit in de ontwikkeling.

21

De voorzitter: Ik zie nog een vraag van de heer Trompetter of is dat tweede termijn? De heer Trompetter: Nee is nog een vraag uit de eerste termijn. Ik had een vraag of het participatieakkoord wordt meegenomen in ontwikkeling en ondersteuning van wijkplatforms, of dat binnen het college afgestemd kan worden. De voorzitter: De heer Van Leeuwen. Wethouder Van Leeuwen: Daar heb ik een heel simpel antwoord op. Wij stemmen alles af in het college. Want ik spreek met één mond met de collega die over wijkplatforms gaat, dus natuurlijk is het afgestemd en dat wordt ook weloverwogen gedaan. Dus ja ook dit geldt natuurlijk, dit kader geldt voor iedereen in de stad. Wijkplatform vinden zich ook in deze stad. Dat is geen Nederlands. De voorzitter: Dank u wel. Goed, dan was dit de beantwoording van de eerste termijn. Voor we verder gaan met de tweede termijn, gaan we nu eerst naar de inspreker. Welkom mijnheer Vonk. U bent vaker geweest, u krijgt drie minuten het woord. U kunt daar op het scherm zien de tijd loopt. Als de drie minuten voorbij zijn, dan zal ik u vragen om af te ronden. Dus de tijd gaat nu in zeggen we dan. Aan u het woord mijnheer Vonk ga uw gang. De heer Vonk: Geachte commissieleden, na het lezen van alle stukken kan ik maar tot een conclusie komen. Het voorgestelde participatiebeleid en verordening is veel oude wijn in nieuwe zakken.

Ik zou uren nodig hebben om in detail mijn kritiek hierop te geven. Ik beperk mij tot een paar zaken. De gemeente maakt een fundamentele weeffout. Zij stelt niet de burger voorop in dit beleidskader. Alles is bedacht vanuit het perspectief van de gemeente. Het proces stroomlijnen, weerstand verminderen, draagvlak creëren, kwaliteit verbeteren. Deze gedachtegang leidt tot een situatie waarbij de gemeenteambtenaren voortdurend aan de touwtjes blijven trekken. Participatie veranderd in gemeentelijke propaganda, hoe goed men het misschien ook bedoelt. Het voorgestelde participatietraject is te vaag. Er wordt direct al als voorwaarde gesteld dat er ruimte moet zijn voor invloed van participanten. Die ruimte voor participanten moet vanzelfsprekend, standaard en structureel vroegtijdig gecreëerd worden en niet enkel op uitnodiging, maar voor iedereen die te kennen geeft daaraan deel te willen nemen. Dat kan alleen wanneer de communicatie beter en vollediger met alle Haarlemmers wordt gevoerd. Op de website van de gemeente moet een overzichtelijke pagina worden gecreëerd, waar deze mogelijkheden en eerste fases van voorgenomen plannen of beleid te vinden zijn. Dan denk ik met name aan gebiedsvisies, bestemmingsplannen en ontwikkelingsplannen. De grote weeffout wordt het best zichtbaar in de praktijk van de participatie avonden die ik regelmatig bezoek.

Daar wordt de betrokken en kritische burger ineens geconfronteerd met een leger aan deskundigen, die zeer uitgebreid in ronkende termen uitleg doen over hun geweldig ontwerpen en plannen. Wanneer deze burgers dan na afloop in deze plenaire vergadering hun zegje willen doen en er een constructieve discussie op gang zou kunnen komen, wordt die behendig door communicatieadviseurs en ambtenaren direct de nek omgedraaid. Discussie is niet gewenst. Men is bij voorbaat bang dat er eensluidende weerstand tegen de plannen zou ontstaan. Nee, men mag verder praten met de individuele deskundigen. Volgens het principe verdeel en heers. Daar zit een hele grote fout in dit systeem. Deze deskundigen bestaan uit door de gemeente zeer goed, betaalde freelancers en de projectontwikkelaar, die maar één belang hebben en dat is hun eigen belang. Namelijk het realiseren van een zo winstgevend mogelijk project waartoe zij de opdracht hebben gekregen. Elke aanpassing daarvan past niet in hun straatje. De gemeente stelt handenvol aan voorwaarden en eisen … De voorzitter: Mijnheer Vonk? U bent al door uw drie minuten, wilt u gaan afronden?

22

De heer Vonk: Ik maak het af. De gemeente stelt handenvol aan voorwaarden en eisen aan de burger om aan welk traject van inspraak of participatie deel te mogen nemen. Maar blijft zelf volledig onduidelijk met welk politiek, verantwoordelijke de burgers mogen communiceren. Het is ongelooflijk dat dit kan. Ik wil de commissie verzoeken om hier nog eens goed naar te kijken. Er is nu volstrekt onduidelijkheid en het proces van deze avonden deugt niet. Hoe professioneel men het ook presenteert. Er zijn geen verantwoordelijke wethouders te vinden en slechts bij uitzondering. De voorzitter: Mijnheer Vonk ik dacht dat ik een punt ging horen, maar wilt u het gaan afronden? De heer Vonk: En bij uitzondering een raadslid, dat moet echt veranderen wil participatie inhoud krijgen. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog even naar de commissie of er vragen zijn aan de inspreker. De heer Amand van Trots Haarlem. De heer Amand: Trots Haarlem heeft een vraag aan de heer Vonk. Ik heb u verschijnende malen ontmoet in Schalkwijk en toen viel u over dat u briefjes moest plakken op een bord waar u het niet mee eens bent. Is dat nog steeds zo? De heer Vonk: Ja, dat is nog steeds zo en ik heb daar nog nooit enig effect van mogen zien. Ik vraag mij ook of deze … ik ben ook benieuwd naar het effect of het effectieve resultaat van mijn inspraak nu.

Ik heb daar namelijk ook geen enkel vertrouwen in en dat is echt heel kwalijk. Ik zit hier eigenlijk met een zwaar gemoed, want waar doe ik het voor? Zo zitten er heel veel burgers tijdens die avonden. Ze praten met mensen die geen politieke invloed hebben. Jullie luisteren niet. Jullie hebben het allemaal uitbesteed en georganiseerd met communicatie ... De voorzitter: Mijnheer Vonk, u zegt nu jullie en ik vind het toch niet helemaal netjes dat u … u heeft hier zelf krijgt u de ruimte om in te spreken. U mag zeggen wat u wilt, maar we hebben het over de inhoud. De heer Vonk: Ik hou van transparantie en duidelijkheid, ik heb niet wolligheid. Het is het college die het geweldig professioneel organiseert, maar ze zitten er niet zelf en daar gaat het om. Burgers willen praten met de politiek verantwoordelijke waarop ze gestemd hebben. Jullie zitten daar voor die burgers, maar jullie communiceren met die burgers en daar zit de grote fout. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere vragen vanuit de commissie aan de heer Vonk? Nee? Dan dank ik de heer Vonk voor uw bijdrage. U blijft ook belangstellend luisteren neem ik aan. Misschien kunt u het rechtse knopje even indrukken, dan gaat de microfoon uit. Nu is hij uit, dank u wel goed. Dan gaan we nu naar de tweede termijn. Wie kan ik in tweede termijn het woord geven? Ik kijk even rond. De heer Klaver van het CDA ga uw gang.

De heer Klaver: Voorzitter, ik heb natuurlijk de reactie van de wethouder gehoord over de locatiekeuze voor kwetsbare groepen. Ik geloof zeker in de goede intenties van de wethouder, maar ik lees ook het beleidskader. Er staat heel duidelijk bij de opgave voor kwetsbare groepen organiseren we alleen de participatie op de uitvoering. Daarmee vind ik dat de betrokkenheid, ik zie het … daarmee ik sluit af. Daarmee vind ik dat de betrokkenheid van inwoners te weinig is geborgd en wij overwegen dus een amendement zoals in de vorige ronde van 2023 ook al min of meer aangekondigd.

23

De voorzitter: Dank u wel. U heeft inderdaad gezien, uw tijd is op. Wie kan ik dan verder het woord geven? Mevrouw Van den Broek Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik ga inderdaad even gewoon voorstellen en polsen bij andere raadsleden of er inderdaad een brede behoefte is om geregeld eens bij zo'n participatiemoment aanwezig te zijn. Als dat zo is dan ga ik even overleggen hoe we dat dan kunnen gaan organiseren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen? Sorry u heeft geen tijd. De heer Aynan: Ik mag toch een amendement aankondigen of niet? De voorzitter: U heeft net gezegd dat er een aantal amendementen aankomen. De heer Aynan: Ik ga ze even preciseren dan weet u wat eraan komt. De voorzitter: Als u het even kort doet, dan is dat goed. De heer Aynan: Daar heb ik even tijd voor nodig, het zijn een aantal. De beantwoording van de wethouder heeft ons niet gerustgesteld en heeft de onduidelijkheid niet weggenomen. Er komen amendementen aan over artikel één, definities. Het meeweten moet echt gedefinieerd worden, is niet gedefinieerd voorzitter. Artikel twee komen we met een amendement toevoeging om als er een beroep wordt gedaan op die uitzonderingsgronden, richting het CDA zeg ik dat ook, met een motiveringsverplichting. Waarom wordt er een beroep gedaan op die uitzonderingsgronden? Dus die bijzondere groepen.

Artikel 3, de gemeente moet zich inspannen om de ondervertegenwoordigde groepen bij de participatie te betrekken. Dat hoort echt in de verordening. Sterker nog is één van de belangrijkste pijlers geweest. Artikel vijf, willen we de commissie toelichten. Dat moet echt gewoon, welke commissie bedoelt u? Artikel 6 behoeft ook toelichting, zullen we ook met een amendement komen. Dat geldt ook voor artikel zeven en artikel negen komen we ook met een toevoeging wat die beleidsvrijheid betreft. Want inderdaad dat is niet duidelijk. De Europese drempelwaarde moet ook toegelicht worden. Hoeveel is dat? Wat is dat? Artikel 12 komen we met een toevoeging bij D wat is geworteld zijn in een bepaald gebied? De voorzitter: Dank u wel. Een aankondiging van amendementen is altijd eigenlijk binnen de spreektijd. Maar goed we hebben het gehoord wat u aankondigt nu. De heer Alberts Forum voor Democratie tweede termijn neem ik aan. De heer Alberts: Toch even constructief doorbouwen op waar de wethouder sprak dat we het inderdaad over een aantal zaken eens zijn. Ik wil even terug naar een bijeenkomst waar wijkraden bij waren, die inderdaad ook wel zien dat er een heel scala aan participatiemogelijkheden nu bijkomen en worden geconstrueerd. Dat is zeg maar de pool vanuit de gemeenteraad, absoluut.

Maar die hadden vragen over wat is nu de push? Nieuwe aanwas van Haarlemse burgers, wat binnen dit hele beleid, gaat die Haarlemmers er naartoe halen? Het stille midden, mensen die niet onderschrijven wat de gemeenteraad voorstaan. Wat gaat er nu concreet gebeuren? Want ook die moeten verbonden worden met de gemeente om die mensen binnen te gaan halen. Dank u wel. Dank u wel. Nog anderen in tweede termijn? De heer Procee OPH ga uw gang.

24

De heer Procee: Dank u wel voorzitter. Wij wilden graag gerustgesteld worden door de wethouder om te kijken hoe je nu tot een meer inclusief en goed functionerende democratie komt gebruikmakend van de kennis en kunde uit de stad. Terwijl we ook zien dat op dit moment participatie vaak niet zo goed gaat. De inspreker heeft dat zeer eloquent verwoord en hoe gaat dat nu in de toekomst beter worden? We zijn in zoverre gerustgesteld dat we zien dat de wethouder het echt goed bedoelt en hij wil het echt dat het beter gaat en ziet daar mogelijkheden voor. Tegelijkertijd zien we ook dat de heer Aynan het nodig acht om allerlei amendementen in te dienen om gebreken in de verordening te verhelpen. Dat maakt het wel heel ernstig, dus we moeten hier verder over praten. De voorzitter: U bent ook door uw tijd. Mevrouw Van Zetten Hart voor Haarlem ga uw gang. Mevrouw Van Zetten: Nog tegen de wethouder hoe gaan we nu voorkomen dat er een soort participatie-elite ontstaat? Dat is nu de zorg. We kunnen wel mensen loten, maar als ze niet komen en er zijn altijd mensen die dolgraag willen praten over hoe de stad mooier, groener en socialer wordt. Maar er zijn ook mensen die misschien over een ander onderwerp willen praten, die zijn gewoon niet aan bod. Die komen hier in deze nota echt niet naar voren. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen in tweede termijn? De heer Amand van Trots Haarlem.

De heer Amand: Dank u wel. Wij zijn het er helemaal niet mee eens zoals het gaat, dat is al bekend. Dus wij willen toch proberen om de Haarlemmers te motiveren om ook hier mee naartoe te komen, ook de tribune. U ziet het zelf al hoe het hier gaat op heden. Ik hoop dat de luisteraar en kijkers toch eens een beetje misschien toch wat willen gaan doen. Maar wij vinden de wijkraden weg, ik blijf toch bij de Scheepmakersdijk één van de betere. Dan zeg ik die kennis zijn we gewoon kwijt. Dat wil ik toch benadrukken, die mensen die daar hart en ziel hebben gegeven, die zijn we gewoon helemaal zoek. Dus we moeten weer op zoek naar anderen, dus we zijn eigenlijk helemaal terug bij af. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat we er allemaal mee eens zijn dat we iedereen hier uitnodigen om op de publieke tribune plaats te nemen. Het Gemeentehuis is een open huis voor elke burger. Kan ik in tweede termijn nog iemand anders het woord geven? Nee? Dan gaan we naar de beantwoording. Wethouder ga uw gang. Wethouder Van Leeuwen: Voorzitter dank. Laat ik beginnen, u weet natuurlijk allemaal, maar ik zie oprecht alle amendementen graag tegemoet. Mocht daarbij ambtelijke bijstand nodig zijn, dan kunt u die natuurlijk altijd inschakelen. U heeft de auteur van het stuk kunnen zien, boven het stuk. Dus als daarin meegedacht kan worden, zodat er een mooie verordening ontstaat.

Want dat is altijd met amenderen, dan wijst de letterlijke tekst. Dan kunnen die natuurlijk graag meedenken, die staan ook tot uw beschikking. Dus dat weet u, maar ik dacht dat zeg ik nog wel even voor de duidelijkheid. Zowel de heer Alberts van Forum voor Democratie als mevrouw Van Zetten hebben over het stille midden en hoe komen we een participatie-elite? Dat is dus eigenlijk wel precies het doel van dit beleid en dat is per situatie anders. Dus soms is het inderdaad zo dat er iemand in komt spreken bij een bepaald initiatief die eigenlijk altijd komt, die niet eens direct belanghebbend zijn maar die wil er gewoon graag zijn en dat direct omwonenden er niet zijn. Misschien is dan een huis-aanhuis brief een heel klassiek middel, is heel welkom. Soms werkt een andere manier, wat ik al zei we gaan binnenkort hierover burgerraad zijn het hebben hoe dat als instrument werkt. Soms is dat een heel goed instrument. Dus per situatie kan het anders zijn wat je nodig hebt om dat stille midden te bereiken en te voorkomen dat daar eigenlijk alleen maar dezelfde mensen komen die altijd komen. Die zorg die deel ik dus ook voorzitter met mevrouw Van Zetten. Dan ga ik toch ook reageren en dat zal ik oprecht ter harte nemen.

25

Hoe dus inderdaad zo’n avond eruitziet en dat zei met name ook de inspreker. Normaal reageer ik dan als iemand zegt wat vond u van de bijdrage van de inspreker, maar dat doe ik dan toch even ook al is het niet gevraagd. De heer Procee zei bijna, maar die zei alleen dat het zeer eloquent verwoord was. Hoe ziet nu een inspraakavond eruit waarbij je recht doet aan iedereen? Want ik merk ook, want ik kom daar ook regelmatig, dan zie je sommige bezoekers hebben hele technische vragen. Hoe zit het met bezonning? Hoe zit het met wind? Dan is het juist heel fijn als die technische expert is. Sommige mensen willen juist meer open gesprekken. Hoe je daar in zo'n avond recht aan doet dat lijkt me ook echt een heel goed onderwerp van zo'n democratiewerkplaats om ervaring uit te wisselen. Wat voor een soort vorm van inspraakavond past nu bij welke situatie en welk deel van het proces? Dus die tip neem ik in ieder geval graag ter harte om te kijken dat we daar inderdaad goed over nadenken en niet daar iets standaards doen wat wellicht de plank misslaat. Waardoor je inderdaad een participatie-elite van mevrouw Van Zetten, of het stille midden participatie-elite wél krijgt en het stille midden niet bereikt. Dus volgens mij waren dat de nieuwe vragen.

Ik hoorde van mevrouw Van den Broek van Partij voor de Dieren dat zij dat ook met collega's zal bespreken wat is nu een passende wijze om als raadslid daarbij aanwezig te zijn? Dus volgens mij is dat een gesprek wat u met elkaar kunt voeren. De voorzitter: Goed, dank u wel voor deze beantwoording. Dan kan ik vaststellen dat we het hierbij voldoende besproken hebben. We hebben een aantal amendement gehoord, dus laten we zeggen het gaat niet als hamerstuk, het wordt een bespreekpunt. Ik heb nog van de wethouder een toezegging gehoord om te kijken naar de link, of dertig of vier woningen uit mijn hoofd. Dus daar gaat u nog naar kijken en dan kunnen we het hierbij afsluiten. Ik dank iedereen voor zijn bijdraagt tot nu toe. We hebben nu pauze tot laten we kwart over zeven hier weer terug zijn. Dank u wel. Overige punten ter bespreking 9.

Strategisch beleidsplan SRO 2024-2029 (RB)

De voorzitter: Goedenavond dames en heren we gaan weer verder met onze vergadering van de commissie Bestuur … we hervatten weer de vergadering van commissie Bestuur van 15 februari. We zijn aangeland bij agendapunt negen. Het Strategisch beleidsplan SRO. Hiervoor is een halfuur gepland. De portefeuillehouder voor dit onderwerp is wethouder Berkhout, maar hij is verhinderd. Hij wordt nu vervangen door wethouder De Raadt, dus welkom wethouder De Raadt bij deze commissievergadering. Er hebben zich geen insprekers aangemeld en in een technische sessie op 1 november jongstleden heeft SRO u geïnformeerd over de aanloop naar dit strategisch beleidsplan 2024-2029. De gemeente Haarlem en Amersfoort zijn ieder voor vijftig procent aandeelhoud van NV SRO. De bestaande strategie van SRO eindigt op 31 december 2023. Het is dus al geëindigd. Voor de komende jaren is een concept voor een nieuw strategisch plan opgesteld, waarbij de ervaringen en resultaten van het vorige strategisch plan zijn meegenomen. Het college stuurt de informatienota naar de commissie Bestuur met het verzoek deze te bespreken zodat de aandeelhouder in de volgende aandeelhoudersvergadering SRO de eventuele bevindingen van de commissie kan inbrengen. Wie wil hierover in eerste termijn het woord? Mevrouw Klazinga VVD ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Dank u wel voorzitter. Ik vind het een mooi plan.

Het is goed om te zien dat SRO zich zo ook zo inzet voor betere vitaliteit van onder meer Haarlemmers. Maar er is wel één punt van aandacht voor de VVD. In het plan staat namelijk te lezen dat er twee sociale ondernemingen als experiment worden opgericht. Nu zijn sociale onderneming natuurlijk helemaal prima, alleen VVD vindt wel schoenmaker hou je bij je leest. Als je gaat kijken naar de missie en de visie van SRO, dan past daar toch niet echt bij dat je mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, dat dat zal ik maar zeggen een doelstelling is. Kijk dat je dat in de slipstream

26

meeneemt met je kerntaken, maar het oprichten van twee sociale ondernemingen is niet in de slipstream meenemen in je kerntaken. Dus mijn vraag aan de wethouder is waarom de wethouder dit initiatief ondersteund. De voorzitter: Mevrouw Klazinga u heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek. Ik wou zeggen Oosterhout, maar Oosterbroek van GroenLinks. Ga uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Ik heb een vraag voor de VVD. Want u heeft het over sociale ondernemingen, u zegt dat past er allemaal niet bij. Maar welke definitie kiest u dan voor sociale ondernemingen? Want sociale ondernemingen zijn ontzettend breed. Heeft u daar een antwoord op? De voorzitter: Mevrouw Klazinga. Mevrouw Klazinga: Ik kies geen definitie, ik kies gewoon de omschrijving zoals die in het beleidsplan en in het raadsstuk staat en de omschrijving die daar is. Dat is de definitie die ik hier kies. Ik neem aan dat u de stukken ook gelezen heeft en anders weet waar ik het over heb. De voorzitter: Mevrouw Klazinga ik moet u erop wijzen dat uw tijd ook om is. Goed, dit was … de heer Wiedemeijer PvdA ga uw gang. De heer Wiedemeijer: Dank u wel voorzitter. Waar de VVD kritische vragen over heeft is de PvdA erg enthousiast over het sociaal ondernemerschap wat wordt benoemd in Haarlem. We vinden het erg fijn dat er op die manier een plek geboden zou kunnen worden aan mensen met de afstand op de arbeidsmarkt.

We zien in het plan sowieso ook heel veel duurzaamheidsambities, dus daar zijn we ook positief over. Daarnaast ook goede aandacht voor de kerntaken. Waar de PvdA nog vragen over had gesteld, was dat in het verleden bij een motie ingediend om het minimumloon van veertien euro in te voeren bij de deelneming. Dat is toen gelukkig uitgevoerd. Inmiddels zijn de cao's fors gestegen en brengt ook dat loonsverhoging met zich mee. Ik wilde nog als aandachtspunt meegeven dat wij op het moment dat de arbeidsmarkt verandert, ook graag zien dat onze deelnemingen vooroplopen. Dus een goede salariëring voor mensen die voor SRO werken in Haarlem. Dus dat wilden we graag nog meegeven. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de heer Linder van de ChristenUnie. De heer Linder: Dank u wel. Wij vinden het mooi in ieder geval dat er in de nieuwe visie dat de groei niet meer op zich staat, dat men wil gaan groeien. Het is wel opgevallen dat heel veel advertenties geplaatst worden, bijvoorbeeld in bladen van binnenlands bestuur. We vroegen ons af van hoeveel heeft dat wel gekost? Want het heeft zoveel volgens mij niet opgeleverd, want we hebben nu één gemeente erbij. Dan komt de volgende vraag, waarom wil men zo graag nog een derde regio erbij? Waarom zoeken we dat niet gewoon dichterbij? Zijn er niet ook regio's hier in de buurt die eventueel interesse in hebben? Goed, komen we op het sport.

SRO wil ook sport gaan stimuleren, dat vinden wij op zich wel en een goed idee. Alleen is de vraag overweegt het college de sportsupport onder te brengen bij SRO? Wat is hier precies het plan ervan? Dan als laatste staat er ook nog in dat nieuwe sociale ondernemingen, zoals horecavoorzieningen met medewerkers met afstand tot de arbeidsmarkt. Wij hebben daar een beetje onze twijfels over in hoeverre dat dit binnen het portefeuille, of binnen het de opdracht van een SRO staat. Als het een kantine is of zo, daar kunnen we ons nog enigszins wat bij voorstellen. Maar we zouden het wel zonde vinden als op een gegeven moment een SRO-restaurant of weet niet wat geopend wordt. Dat lijkt ons dan iets minder een goed idee. Dat was het.

27

De voorzitter: Dank u wel. Ik wil u nog even op wijzen de kosten voor advertenties is een technische vraag. Dat had u misschien ook eerder kunnen uitvragen. Goed, wie … mevrouw Van Zetten Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Eén opmerking. Volgens mij is het stuk heel erg laat, want het dateert van 2023 en de vorige strategie is vorig jaar al beëindigd. Dus waarom is dat zo laat? De vraag is dan wanneer is dan de volgende aandeelhoudervergadering? Wanneer gaat u de gedachten van deze commissie overbrengen aan SRO? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten ik had het even over het hoofd gezien, maar u bent ook door uw tijd heen. Mevrouw Van Zetten: Er zitten twee mensen van de tribune. Willen die ook nog even weten wat de mening is van Hart voor Haarlem? De voorzitter: Er zijn nog meer mensen die geen tijd meer hebben. Als u nog kort één vraag kan stellen dan is het ... Mevrouw Van Zetten: Ik zie gewoon dat SRO vooral goede dingen wil doen om de wereld te redden, in plaats van het onderhoud en geld verdienen voor de aandeelhouder. Dat is een keuze. Verder ben ik het eens met de VVD die die twee sociale ondernemingen, dat is natuurlijk toch een vorm van branchevervaging. De voorzitter: Een vraag mevrouw Van Zetten.

Mevrouw Van Zetten: Dan vraag ik me af of de horeca die daarbij hoort, of we daar wortels te eten krijgen en of dat dan bijdraagt aan de vitale gezondheid van de Haarlemmer. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Zetten. Wie hebben we nog meer in eerste termijn? Mevrouw Oosterbroek van GroenLinks ga uw gang. Mevrouw Oosterbroek: GroenLinks staat achter dit plan. Blij met de duurzaamheidsdoelstellingen en de uitgangspunten strategie bevorderden brede welvaart. We vragen ons af om ook met de verduurzaming met betrekking tot ons vastgoed. Op moment dat er zonnepanelen moeten worden geplaatst, want zo zien wij de stad voor ons. Alles heeft zonnepanelen, elke daken. Zo hebben dat ook met elkaar in de commissie Beheer afgesproken. Dat lukt niet, krijgen we dat dan gelijk te horen zodat wij daar iets aan kunnen doen? De voorzitter: Dank u wel. De heer Klaver CDA, maar u was ook al volgens mij door uw tijd heen. De heer Klaver: Ja klopt, ik wil alleen mijn steun uitspreken voor de doelstellingen en voor de beheerste groei. Dus instemming. De voorzitter: Heel goed, dank u wel. Heel kort. Mevrouw Van den Broek Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Wij kunnen ons ook instemmen met de visie, strategie. Blij met de aandacht voor de duurzaamheid en de gezonde leefomgeving. Ik zou zeggen liever een wortel dan een roze koek, dus ga ervoor. De voorzitter: Goed dank u wel.

Nog anderen in eerste termijn die nog spreektijd hebben? Nee? Dan gaan we naar de beantwoording van de wethouder. Mevrouw De Raadt ga uw gang.

28

Wethouder De Raadt: Dank u wel voorzitter. Als eerste dank voor een aantal complimenten die ik heb gehoord op dit plan. Ik zal ze direct doorgeven aan SRO, want het is natuurlijk hun strategische visie. Al hebben wij natuurlijk vanuit de gemeente wel heel goed meegekeken en meegeschreven. Maar ik ben blij dat het zo in zijn algemeenheid uw waardering kan hebben. Ik hoor inderdaad wel één punt, dat is het punt van de sociale onderneming. Daar hoor ik wat verschillende geluiden. Het is misschien nog wel even goed om aan te geven die plannen die zijn verder nu nog niet heel erg concreet. Het is een wens, maar heel veel meer dan dat is het nog niet. Maar ik denk wel goed, wellicht zou de voorzitter dat dan straks aan het einde van de commissie even kunnen peilen. Of het dan wel u mij mee wil geven om in de aandeelhoudersvergadering in te brengen dat u hier voorstander van bent, dan wel een tegenstander van bent. Met de kanttekening dat wij natuurlijk maar voor vijftig procent aandeelhouders zijn. Dus uiteindelijk moeten we het wel eens worden met Amersfoort. Maar ik denk dat dat goed is om even aan het einde van de vergadering te peilen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Linder. De heer Linder: ik denk als we ons moeten daarover uitspreken of we er voor zijn of niet, moeten we denken iets concreter weten waarover het gaat.

Dat we niet weten gaat het om een restaurant of zo openen? Of gaat het echt om een sportkantine of zoiets? Hebben we het over wortels of roze koeken? Denk dat is toch wel belangrijk. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Zo concreet zijn die plannen dus nog niet, dus dat kan ik hier ook niet meer dan dat meegeven. Maar u zou ook kunnen zeggen dan wachten we de plannen even af en laat SRO het uitwerken. Volgens mij is dat ook een standpunt wat u dan kan innemen. PvdA noemde de veertien euro. Ik denk dat dat inderdaad een hele fijne is. Ook goed dat SRO dat op deze manier heeft opgepakt en ook eigenlijk alle andere bv's en joint ventures. Dus ook De Bilt, Bunschoten zitten er nog bij. Daar wordt nu ook allemaal het minimumloon van veertien euro uitbetaald. Dan had ik nog … even kijken. Actiepartij die vroeg naar waarom moet er nu een derde regio bij? Niet? Excuus, ChristenUnie. Maar de vraag was volgens mij wel hetzelfde. Waarom moet er een derde regio bij? Wat we met dit plan wel hebben gezegd groei is niet meer een doel op zich. Maar groei kan wel een middel zijn om bepaalde verliezen bijvoorbeeld te temperen. Het kan ook een middel zijn om schaalgrootte en daarmee extra volume te kweken waardoor je weer op een goedkopere manier kan opereren. Dus het is geen doel op zich, groei is geen doel op zich. We kijken daar ook heel kritisch naar. Het komt ook hier terug.

Mocht er een derde regio ook aandeelhouder worden van SRO, dan heeft u als raad daar natuurlijk en wij als aandeelhouders daar de allerlaatste stem in. Dan had ik nog één vraag van Hart voor Haarlem, waarom zo laat? De eerdere strategie is verlengd vanwege covid. Daarom dat we het dus op deze manier doen. Het heeft ook een klein beetje vertraging op opgelopen omdat wij weten als college dat uw raad hier graag wat extra over geïnformeerd wilde worden. Dus wij nemen u hier denk ik goed in mee. In Amersfoort bijvoorbeeld was het al een tijdje geleden een hamerstuk, een collegebevoegdheid. Voorzitter, volgens mij was dat hem. De voorzitter: Vraag van GroenLinks over de zonnepanelen. Wethouder De Raadt: Wilt u de vraag nog één keer herhalen? Mevrouw Oosterbroek: Dus op het moment dat we straks met gemeenschappelijk vastgoed tot de conclusie komen dat daar misschien geen zonnepanelen kunnen worden geplaatst vanwege het net, of er dan vanuit het

29

college actieve informatieverschaffing kan worden gepleegd naar de commissie. Zodat wij daar actief van op de hoogte zijn, zodat we echt actief ook kunnen bijdragen aan het verduurzamen van SRO. De voorzitter: Wethouder De Raadt, kunt u hier antwoord op geven? Wethouder De Raadt: Ik moet eerlijk zeggen de vraag is me nog niet helemaal helder. Wanneer wilt u dat ik u waarover informeer? De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Kijk want we gaan nu verduurzamen, dus dat betekent dat we het vastgoed zeg maar zonnepanelen op moeten leggen. Proberen we dat denk ik al een tijdje en soms daar zitten hobbels. Die hobbels daarvan ben ik dan graag actief van op de hoogte. Als er hobbels zijn met het aanleggen van zonnepanelen of andere verduurzaming van ons vastgoed, dat er dan ook actief en proactief dat we daarover worden geïnformeerd. Zodat we dat wellicht zouden kunnen oplossen, in ieder geval dat we weten. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Wethouder De Raadt: Ik begrijp uw vraag. Volgens mij staat er al een toezegging van mij, ik dacht bij de commissie Ontwikkeling en dan vanuit mijn portefeuille vastgoed, dat ik u in ieder geval heel regelmatig op de hoogte houd van de voortgang van de verduurzaming van al ons vastgoed. Daar valt dus ook het vastgoed onder wat SRO voor ons beheert. Mevrouw Oosterbroek: ‘…’ (buiten de microfoon). De voorzitter: Ga uw gang.

Mevrouw Oosterbroek: Betekent dat dan dus dat op het moment dat er een dak niet kan worden aangesloten aan het net van SRO, dat ik dat dan te horen krijgt bij de commissie Beheer? Of Bestuur of Ontwikkeling, maakt me niet uit. Wethouder De Raadt: Het is niet onze gewoonte om u op dit detailniveau over elk zonnepaneel te informeren. Wat ik u wel eerder al heb toegezegd, is dat ik u heel regelmatig op de hoogte houd. Dat heb ik volgens mij ook al twee keer gedaan met de stand van zaken rondom de verduurzaming van al ons vastgoed. De voorzitter: Ik denk dat dat wel heel erg precieze vragen … volgens mij heeft de wethouder hier nu voldoende op geantwoord. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Mevrouw Van Zetten heeft mij geholpen hierin. Heeft u misschien voor de zomer een overzicht van de verduurzaming van het vastgoed, inclusief die van SRO? De voorzitter: Valt dit nu onder? Ik vraag me af of dit binnen de grenzen van een strategisch beleidsplan ... ik geef het even door, wethouder De Raadt.

30

Wethouder De Raadt: Volgens mij ben ik, ik dacht drie maanden geleden nog naar de commissie Ontwikkeling geweest met een hele update over al onze verduurzaming van ons vastgoed. Lijkt mij goed om dat gewoon op één keer per jaar te houden, lijkt me voldoende. De voorzitter: Dat lijkt me een antwoord op uw vraag. Wacht even, we hebben nu de beantwoording gehad van de eerste termijn. U had nog een vraag in tweede termijn mijnheer Linder? De heer Linder: Ik heb mijn vraag over sportsupport nog niet beantwoord gekregen. Of het de bedoeling is in die zin dat die sportactiviteiten die blijkbaar die men van plan is om te doen, of het nu de bedoeling is dat de sportsupport naar SRO gaat. Of hoe dat precies wat daar de bedoeling mee is. De voorzitter: Ik vraag me ook af of dat binnen de bespreking van dit beleidsplan valt. Want dat is gewoon een … De heer Linder: ‘…’ (buiten de microfoon). De voorzitter: Ik geef hem dan toch eventjes aan de wethouder en als er geen antwoord mogelijk is dan kan dat misschien later beantwoord worden. De heer Linder: Misschien dat ik kan toelichten. We hebben natuurlijk met Spaarnelanden hebben we wat gedoe gehad, omdat op een gegeven moment het spectrum waar ze mee bezig waren, breder is geworden. Dus eigenlijk zijn we een beetje bang als op een gegeven moment de SRO ook steeds breder gaat denken, dat we even bot gezegd gewoon huurauto's gaan verhuren.

Dat we graag willen zien dat er kaders zijn. Wat zijn de kaders? Wat is men van plan? Dus sportsupport, wat is daarmee de bedoeling? De voorzitter: Mijnheer Linder dank u wel, maar ook uw tijd is inmiddels om. Kunt u er nog op antwoorden mevrouw De Raadt? Wethouder De Raadt: Als uw angst is dat SRO, dan wel sportsupport zal opeten, dan wel dat er een fusie aankomt. Dan kan ik u daarin geruststellen, dat is niet het geval. Het zijn twee aparte bedrijven en die zullen op die manier ook blijven opereren. Maar ze hebben wel een hele goede samenwerking. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog mensen met spreektijd die in tweede termijn een vraag hebben? Mijnheer Wiedemeijer wat zei u? Iets met zonnepanelen. Als er geen vragen zijn in tweede termijn, dan kom ik nog even terug. U wilde een peiling over het inzetten van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt? Of daar voor- of tegenstanders voor zijn. Dat was uw vraag aan de commissie nu? Wethouder De Raadt: Ik hoorde een aantal verschillende geluiden, dus ik denk dat we even kunnen peilen. A. wilt u SRO de plannen laten uitwerken voor deze sociale ondernemingen? Of zegt u B. Wethouder breng alstublieft bij de aandeelhoudersvergadering in dat wij hier niet achter staan. De voorzitter: Dat is een vraag. Mag ik even vingers zien voor optie A? ‘…’ (diverse reacties in de zaal buiten de microfoon).

De heer Wiedemeijer: Voorzitter even een punt van orde. Volgens mij als we A besluiten, staat het de fractie nog altijd vrij om een zienswijze bij de raad in te dienen. Dus volgens mij ... De voorzitter: Mijnheer Wiedemeijer het gaat niet naar de raad.

31

De heer Wiedemeijer: Waarom niet? De voorzitter: Het is ter bespreking. De heer Wiedemeijer: Dan kunnen we altijd een motie indienen. Mevrouw …: Maakt het juist veel makkelijker. De voorzitter: Ik wil eigenlijk toch wel vasthouden dat we gewoon allemaal door onze spreektijd heen zijn en als het lastig is om te peilen … maar goed als ik nu spreektijd geef dan zegt u dan had ik dat liever eerder geweten. Dat zou ik niet doen, want we krijgen nog vier insprekers en daar zijn we heel blij mee. Maar dat peilen is dus wel lastig begrijp ik. Want het is ook één element uit het stuk. Dus eigenlijk denk ik als u dat wil, dan kunt u dat inderdaad nog schriftelijk indienen denk ik. De heer Klaver: Misschien is het een voorstel dat als het concreter wordt, de uitwerking van die sociaal … dat we dan een informatienota daarover krijgen welke kant het opgaat en wat het behelst en zo. De voorzitter: Dat had ik ook gehoord van de heer Linder dat hij zei ik zou het iets meer uitgewerkt … dus dat geef ik dan aan de wethouder mee. De vraag of dan de inzet van de mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, of daar nog iets concretere uitwerking van kan komen. Nee is dat niet? Mevrouw Van Zetten was … u heeft een voorstel voor het proces. Ga uw gang.

De heer Trompetter: Kijk het is niet dat mijn fractie per se voor of tegen is, maar waar het ons om gaat dat wordt meegenomen in het voorstel in hoeverre dat zeg maar samenwerkt of concurreert met wat we al doen voor die doelgroep. Dat is mijn grote vraag. Mevrouw Van Zetten: Het gaat er mij om, dat mensen met een afstand op de arbeidsmarkt dat je die aan het werk zet bij SRO. Ben ik natuurlijk helemaal voor. Maar dat je daar speciaal zo'n sociale onderneming voor opzet, specifiek voor horeca, daar wil ik dan wel meer van weten. Want waarom niet in het onderhoud van de gebouwen? Ik noem maar wat. Mevrouw Klazinga: Ik was volgens mij degene die dit punt aanhaalde en dit is precies wat mevrouw Van Zetten zegt, dit is precies waar het VVD ook om gaat. Ik zei ook schoenmaker hou je bij je leest. Als het gewoon bij de normale bedrijfsactiviteiten van SRO hoort, dan juichen wij toe dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt worden ingezet. Dat is natuurlijk fantastisch. Maar op het moment dat er à la Spaarnelanden iets naast gezet wordt wat buitengewoon weinig te maken heeft met wat SRO aan het doen is, dan zouden we willen vragen om mee te nemen naar de aandeelhoudersvergadering om dat niet te doen. De voorzitter: Eén moment. Wethouder De Raadt ga uw gang. Wethouder De Raadt: Ik heb u denk ik allemaal wel goed gehoord. Volgens mij begrijp ik u nu ook goed.

U zegt ik heb eigenlijk nog te weinig om ja of nee tegen te zeggen, want het is nog helemaal niet concreet. Dat is het inderdaad ook helemaal nog niet. Echt meer dan dat ene zinnetje wat er nu staat is het volgens mij dus niet. Zal ik gewoon bij u terugkomen op het moment dat het concreter wordt? De voorzitter: Als de commissie daarmee … echt heel kort.

32

Wethouder De Raadt: Ik ga er ook geen termijn aan hangen, want het is niet door ons opgezet, wordt door SRO opgezet. Maar ik wil u wel hier zeggen als die plannen concreter zijn en dat vergt dan ook een aandeelhoudersbesluit, kan ik me zo goed voorstellen. Dan leggen we dat nog even hier voor ter toetsing. De voorzitter: Dat lijkt me een duidelijk voorstel. Wat is uw aanvulling? Heel kort. De heer Trompetter: Hele korte aanvulling. Dat er dan wel een moment is, ik vraag niet om een tijd, dat er een moment is dat er ook nog iets kan veranderen niet dat het besluit al genomen is. De voorzitter: Dank u wel. De heer Alberts. De heer Alberts: Alleen het verzoek dat dit dus ook door het college actief wordt geagendeerd, niet met een stuk wordt meegestuurd. Dat er eventueel een variant anders per motie vreemd kan worden geregeld. De voorzitter: Met dit voorstel is de commissie het eens. Daarmee kunnen we denk ik afsluiten dit agendapunt. Dank u wel voor uw komst, voor het vervangen van wethouder Berkhout. 10. Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: Dan gaan we nu naar het laatste agendapunt en dat is agendapunt tien, spreektijd voor belangstellenden over niet op de agenda staande onderwerpen. We hebben vandaag bij het inspreken vier insprekers.

Drie over de handhaving van het uitstallingsbeleid en één over de communicatie over het referendum. Mijn voorstel is dat we de drie insprekers, volgens mij is er pas één inspreker aanwezig over het uitstallingsbeleid. Dat is de heer Visser. Ja dat klopt? De andere twee zijn er nog niet. Zijn zij nog in aantocht? Ze hebben wel de tijd doorgekregen. Laten we beginnen met mevrouw Stets. U gaat spreken over de communicatie en de berichtgeving rondom het referendum. Ik heb u net verteld u mag zitten, dan mag u het rechter knopje indrukken. U heeft drie minuten spreektijd. Daarna zal ik u zeggen dat u spreektijd om is ook. Dan is er voor de commissie nog ruimte om aanvullende vragen te stellen. Dan mag u nu gaan spreken. Ga uw gang. Mevrouw Stet: Ten eerste wil ik jullie allemaal bedanken wat jullie allemaal doen voor Haarlem. Ik kan het niet, bij deze. Dan zit er een altijd een maar achter, sorry. Ik heb me het laatste jaar een beetje verdiept in de nota en het referendum. De weg naar het referendum is niet helemaal vlekkeloos. Dat vind ik ook dat ben ik helemaal mee eens, had beter gekund. Maar wat ik nu tegenkom of al langere tijd is het thema medezeggenschap versus het thema, of met het referendum en ook met het vertrouwen in de politiek. Het meeste wat ik tegenkom op sociale media, op flyers, is eigenlijk informatie die niet klopt over de nota.

Mijn vraag is in hoeverre worden de verspreiders van deze informatie, wat ik eigenlijk ook al desinformatie mag noemen, want het is al een aantal keer teruggefloten. Worden deze mensen erop gewezen dat het veel verstandiger is voor én de medezeggenschap én het vertrouwen in de politiek om gewoon met juiste informatie te komen? Het stoort mij, want de nota is veel meer dan alleen het verbod op Canadees parkeren, direct als de nota wordt ingevoerd. Heel gedoe over de eerste vergunning die niet vergeven wordt. Die in andere wijken, of andere vergunningsgebieden eigenlijk. Sowieso het verschil tussen wijken en vergunningsgebied wordt niet uitgelegd. Dat stoort mij en ik denk ook dat het zorglijk is voor na het referendum en ook voor komende referenda. Want die gaan natuurlijk aankomen binnen de referenda, dat je dus eigenlijk de burger misleid. Ik weet niet wie ik hiervoor aan moet spreken, misschien allemaal wel. Want er zit ook een stukje wat hiermee te maken heeft, is informatie vanuit de gemeente over de nota. Dat kan écht een stuk beter. Ik kan het niet vinden op internet, ik ben ook niet goed in googelen, met mij 100.000

33

Haarlemmers. Hoeveel hebben we er 160? Slecht te vinden en daardoor misschien ook wel de mogelijkheid tot het verspreiden van verkeerde informatie. Ik mis van de oppositiepartijen best wel even het terugfluiten, want we worden gewoon misleid met desinformatie. Dan hebben we natuurlijk ook nog het stukje subsidie, goed een heleboel Haarlemmers hebben daar geen idee van. Maar de neutrale subsidie is natuurlijk helemaal naar tegen geschoven en daar zal ik ook nog wel een mail over sturen, die klopt natuurlijk ook niet. Dat was het, denk ik. De voorzitter: Dank u wel voor het inspreken. Heel goed. Net binnen, over de drie minuten, maar helemaal goed. Kan ik iemand uit de commissie het woord geven voor een aanvullende vraag of opmerking aan mevrouw Stet? De heer Wiedemeijer PvdA ga uw gang. De heer Wiedemeijer: Voorzitter dank u wel, dank u wel ook voor het inspreken. Ik ken u als iemand die het allemaal aandachtig volgt. Wat denkt u dat de consequentie is van de effectiviteit van het instrument van het referendum nu het eigenlijk alleen maar gaat over of de informatie wel of niet klopt? Hebben we dan nog een zinnig gesprek over de inhoud of hoe ziet u dat? De voorzitter: Mevrouw Stet. Mevrouw Stet: Wanneer bedoelt u dat? De heer Wiedemeijer: U spreekt hier een bepaalde zorg uit dat het alleen maar over desinformatie gaat.

Hoe ziet u dat daarmee wat het nut van dit referendum is of niet, of wel, hoe ziet u dat als consequentie? Mevrouw Stet: Op dit moment is het kwaad al geschied. Overal hangen flyers, Facebook-groepen waar iedereen coalitieleden afbrandt, et cetera en waar gewoon verkeerde informatie wordt verspreid. Ik denk dat de gemeente daar nu nog heel weinig tegen kan doen. Ik denk wel dat op het moment dat er een volgend referendum komt, dat zowel degenen die het niet eens zijn met het onderwerp dat ze wel ook gewoon de mensen terugwijzen op de feiten. Want laten we eerlijk zijn, in de nota staan genoeg dingen feitelijk waar je tegen kan zijn. Die hele informatie over Canadees parkeren wat niet klopt et cetera is helemaal niet nodig. Je kan genoeg dingen verzinnen die in de nota staan waar je tegen kan stemmen. Ik zou, als ik persoonlijk kijk, denk ik dat het verstandig is om in de toekomst de voor-tegenvraag weg te halen. Wij gewone burgers kunnen best wel wat meer aan dan voor-tegen. Als ik naar mij kijk ben ik voor tachtig procent het eens met de nota en twintig procent niet. Die twintig procent niet, die zie je straks niet terug in een voor of tegen en dat vind ik zonde. Dat mag wat mij betreft in de verordening veranderen.

Ook wat betreft de subsidie, iedereen die subsidie krijgt is verplicht om op de flyer, of de pen of what ever een QR-code naar de nota erop te zetten op de flyer bijvoorbeeld, of de poster. Daarnaast mag je best wat andere informatie geven, dat is verder niet erg. De voorzitter: Misschien mag ik u erop wijzen als u wilt kunt u een klacht over het hele proces rondom het referendum kunt u ook indienen bij de referendumcommissie. U maakt nu uw zorgen kenbaar, maar u kunt ook op die manier nog doorgeven. Mevrouw Stet: Zeker, dat wil ik ook zeker doen. Eigenlijk hoop ik dat ik hier dingen zeg die bij jullie allemaal bekend zijn. Dat hier niemand denkt er gaat hier verkeerde informatie rond. De voorzitter: U heeft nog een vraag van mevrouw Van den Broek. Ga uw gang.

34

Mevrouw Van den Broek: Ik had nog een vraag, het was me niet helemaal duidelijk. Vindt u dat de gemeente als gemeentelijke organisatie of ... (audio valt uit). Mevrouw Stet: Het kan ook gewoon achter de schermen. Er zijn partijen hier in de oppositie die actief of passief berichten liken, of ook in discussie gaan met mij. Maar goed ik denk dus dat er gewoon iemand moet zijn die zegt houd je bij de feiten. Dan hebben we een veel eerlijker proces richting een referendum en heeft die medezeggenschap ook een functie. Nu straks gaan een heleboel mensen tegenstemmen, verwacht ik, omdat ze dus misleid zijn door informatie die niet klopt. De voorzitter: Dank u. Aanvullende vraag, ga uw gang. Mevrouw Van den Broek: Wie moet die iemand dan zijn? Dat is me dan nog niet helemaal duidelijk, wie dan … Mevrouw Stet: Ik heb geen idee. Ik uit mijn zorg. Het referendum en de nota komt uit het stadsbestuur. Dus ik denk dan ook dat ik hier moet zijn. De voorzitter: De referendumcommissie houdt ook toezicht op het proces, dus dat is dan nog daarnaast. Mevrouw …: Achteraf ja. De voorzitter: Dat is achteraf inderdaad. De heer Albert ga uw gang. De heer Alberts: Hartelijk dank voor de inspreker. Grotendeels eens inderdaad met de mankementen van verordeningen. Korte vraag. Kunt u een voorbeeld geven van één van die desinformatiezaken die verspreid worden? Mevrouw Stet: Zeker.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13861479/2