CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Bestuur 12.06.2025

commissie Bestuur 12 juni 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 18:00 uur Opening en mededelingen voorzitter16.386 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Dan nog een interruptie van mevrouw Klazinga, VVD. Mevrouw Klazinga: Naar aanleiding van wat de wethouder net zegt over de ambities en dat die niet te hoog zijn en dat dan de raad maar dingen moet gaan schrappen. Maar kijk, de raad heeft niet zo heel veel beeld op de uitvoeringskracht van het ambtelijk apparaat. Dus dan is het toch aan het college om een voorstel voor een IP te doen of te kennen te geven: raad, jullie hebben hier een IP liggen, dat gaat hem niet worden, want het gaat never nooit lukken. Daar moeten wat dingen uit geschrapt worden. Het is toch niet aan de Raad om te verzinnen of een IP te ambitieus is of niet? De voorzitter: Mevrouw Klazinga, ik zou u willen wijzen op uw tijd. U heeft nog ongeveer 50 seconden. Ik kijk naar de wethouder. Wethouder Roduner: Bij de Kadernota zit een systeemwijziging, waarin we onszelf wat meer ruimte geven. Waarin we dus wel met elkaar zeggen: dit zijn de projecten die we willen doen, naar beste inschatting van onze ambtelijke organisatie en na check ook van het college, zijn die in de tijd gezet. Dus we gaan er ons best voor doen om die te realiseren. Dat gesprek hebben wij ook diepgaand met elkaar. Maar als het niet even niet zo snel gaat, dan zorgen we in ieder geval, dat is het voorstel bij de Kadernota, om de kapitaallasten ook beschikbaar te houden voor die investering, die dus eventueel wat later komt.

Dus op die manier geef jezelf in ieder geval wat lucht om de investering die je dan wel noodzakelijk vindt wel later te doen. Daartoe hebben we ook het IP verlengd. Dus we zijn van een vijf jaar IP naar een tien jaar IP gegaan. Dat geeft ook wat meer ruimte om dingen op een ander moment in de tijd alsnog te realiseren. Maar als je structureel vindt dat wij te veel willen, dan moet je denk ik ook structureel bereid zijn om projecten te schrappen. En ik denk de opdracht van het college is om vooral te zorgen dat die 85 miljoen stijgt, naar 100 miljoen stijgt, naar 110 miljoen stijgt, naar 120 miljoen. Dat we gestaag doorgaan met het verhogen van de uitgaven in ons IP en de uitvoeringskracht vergroten. Dan even kijken, nog een paar specifieke vragen die niet helemaal op mijn terrein liggen, maar ook een beetje bij de wethouder duurzaamheid, denk ik. Je kunt van het gas af zonder geothermiebron, maar dat zie je bijvoorbeeld in Ramplaan, zonnewarmtenet. Dus je kunt het ook op een andere manier oplossen. En dat zie je natuurlijk ook bij het warmtenet Meerwijk, waar uiteindelijk in eerste instantie ook voor een andere oplossing is gekozen. U heeft nog een hele specifieke vraag. Hoe we voorkomen dat een commerciële partij met die geothermielicentie aan de haal gaat. Die kan ik helaas voor u niet beantwoorden. Dus vraag ik toch nog om even die technische te stellen.

En D66 heeft nog een vraag gesteld

17

over data bij jeugdhulp. Die was denk ik ook meer voor wethouder Van Leeuwen. Maar ik kan u in ieder geval melden dat we bezig zijn met een 213a-onderzoek van data gedreven werken in het sociaal domein. En daar zit de jeugdhulp in. Dus hopelijk geeft ons dat ook weer nieuwe inzichten. Hart voor Haarlem had nog een vraag over het gebiedsjaarverslag. Volgens mij heeft D66 daar al eigenlijk de duiding op gegeven. Dat gaat vooral terugblikkend over 2024, maar laten we met elkaar afspreken dat in het gebiedsjaarverslag 2025 over Zuidwest, als het azc in Zuidwest open is en ook de Asterstraat is geopend, dat we daarop terugkomen. Want ik denk dat u daar een goed punt heeft, dat dat wel belangrijke dingen zijn. De voorzitter: Ik zag eerst nog een interruptie van mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: De wethouder gaf wel aan dat hij wil kijken naar hoe het gat tussen die decemberrapportage en de jaarrekening kleiner wordt, maar die onderbesteding ging eigenlijk of dat nog niet wat eerder in het jaar opgestuurd kan worden. Daar had ik nog niet een antwoord op gekregen, volgens mij. Wethouder Roduner: We kijken nog even één stap verder. Dus de stap die we nu gaan doen, is een analyse of we überhaupt de budgetten beschikbaar moeten stellen. Aan de voorkant. Dat is eigenlijk wat we dan reëler ramen noemen.

Dus we gaan met elkaar in gesprek, de afdelingen hebben geld overgehouden. Dat zien we al een paar jaar. En dan op een gegeven moment komt die bij ons terecht en zeggen we: misschien krijgt u ook aan de voorkant te veel budget dus dat is een aanpassing van de primaire begroting. En ik denk dat we daarna ook met de afdelingen een nadrukkelijk gesprek aan moeten gaan bij de decemberrapportage van is dit het nu wel echt? Dat is iets wat we continu moeten doen, maar we proberen echt nog één stap aan de voorkant meer te doen, want ik ben ook niet heel erg gelukkig met dat er tussen de decemberrapportage en de jaarrekening nog zo'n afwijking zit. De voorzitter: Dan zag ik mevrouw Van Zetten nog, maar dan zou ik u wel eerst erop willen wijzen dat de seconden die u nog heeft door uw vingers kunnen glippen. Het zijn er 33. Dus u mag een vraag stellen, maar weet dat uw tijd beperkt nog is. Mevrouw Van Zetten: Ik wil alleen maar zeggen dat de wethouder een slecht antwoord gaf. De voorzitter: Ongevraagd feedback en geen vraag of heeft u nog een vraag ook? Ik denk dat hierbij blijft. Volgens mij was u klaar. Dan ga ik naar wethouder De Raadt. Nee, de heer Van den Raadt, kort dan nog. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik hoor de heer Roduner zeggen dat hij wat vragen heeft gehad die eigenlijk niet voor hen bedoeld waren.

Trots Haarlem heeft specifiek een vraag gesteld aan de heer Roduner en zijn naam ook genoemd, kunnen we daar dan nog een antwoord op krijgen? De voorzitter: Volgens mij heeft hij het wel het onderwerp aangeraakt, maar kennelijk bent u nog niet tevreden over de antwoorden, dus ik kijk toch even naar de wethouder. Wethouder Roduner: Want het gaat ook weer over het ravijnjaar en eigenlijk ook wel weer vooruitkijken. Dus dat zijn toch meer thema's voor de Kadernota. Ik denk dat we heel blij zijn mogen zijn dat we een begroting hebben waar we wat geld aan hebben overgehouden. Dat geld hebben we de afgelopen jaren gespaard, was ook een volgens mij ook mede een motie van de VVD die daarnaar gevraagd heeft. En dat geld kunnen we gebruiken om dat ravijn de komende jaren te dempen. Dus ik denk dat we het heel goed hebben gedaan met elkaar. En ik zie heel veel andere gemeenten die nu zwaar in de problemen zitten. En ik nodig u toch uit, kijk even hoe het zit bij de rest van de gemeenten in Nederland, want die hebben nu echt een groot probleem. En

18

ik denk dat we blij mogen zijn dat we in Haarlem dat niet hebben en ik denk dat we ook met goed beleid daar zelf voor gezorgd hebben. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik krijg het niet voor elkaar om de heer Roduner te verleiden om een uitspraak te doen, dat die blij is met het extreemrechtse kabinet die 3 miljard heeft uitgegeven, waardoor de gemeenten veel meer geld hebben gekregen. Het ligt echt allemaal volgens de heer Roduner aan de gemeente Haarlem. Wethouder Roduner: De inzet van de VNG. Daar zijn we allemaal lid van. Die komt op namens de gemeenten, had niet 1 miljard gevraagd, wat gekregen is, maar had het drievoudige gevraagd. Ik denk wat wij goed hebben gedaan, is al rekening hebben gehouden met de onbetrouwbaarheid uit Den Haag, dus niet daarop gerekend hebben en heel voorzichtig zijn geweest. Dat heeft zich bewaarheid getoond, want ze hebben niet geleverd wat we eigenlijk met elkaar zouden hebben moeten krijgen en afgesproken zouden hebben. Dat is denk ik goed vooruitzien. De voorzitter: Dan ga ik door, nu wel, naar wethouder De Raadt. Ga uw gang. Wethouder De Raadt: Dank u wel, voorzitter. Een paar vragen op het gebied van bedrijfsvoering. Richting D66, die vroeg naar de capaciteit voor wat betreft IT. Gelukkig kunnen we zien dat die i-markt nu echt wel aantrekt. In principe zijn alle belangrijkste Securityfuncties zijn ook vervuld.

We hebben nog één functie over van CAO, daar is de werving nu voor gestart. En je ziet nu eigenlijk al, dat is een belangrijke functie, maar je ziet dat we nu al binnen een week vele aanmeldingen hebben. Dus daar kan je ook wel echt zien dat het aantrekt in het idomein gelukkig. We kunnen hier overigens ook, gaan we hier nog verder over spreken. Want een informatienota die komt naar jullie toe, geloof ik, was een toezegging zowel aan VVD als D66, dat we de voortgang in het i-domein gaan bespreken. Dus die staat gepland op 26 juni. Voor wat betreft de externe inhuur, waar de VVD naar vroeg. Er loopt een traject. We hebben inmiddels in kaart eigenlijk alle mensen die niet vast in dienst zijn. Maar we lopen natuurlijk niet op alle mensen ook een DBA-risico. Dat geldt alleen voor de schijnzelfstandigen en veruit de grootste groep in Haarlem is ofwel gedetacheerd of via uitzendbureaus aan het werk. Dus dat is het goede nieuws, maar er loopt dus wel een traject. We blijven het monitoren en tegelijkertijd is er een 213a-onderzoek zijn we gestart naar de externe inhuur. Dat wordt door een extern bureau Berenschot uitgevoerd. En dan hopen wij ook de suggesties en de handvaten te krijgen van hun om het systeem zo meteen zodanig te implementeren, dat we ook dat risico zo veel mogelijk uitsluiten, dat we ook in de toekomst nog mensen aan gaan nemen die schijnzelfstandige zijn.

Want inderdaad, daar ben ik het helemaal met u eens, dat doen we dus niet meer. Klantonderzoek. De voorzitter: Ik zie toch een interruptie van de heer Van den Raadt. U mag altijd interrumperen, maar we gaan ook nog een tweede termijn doen. Daar wil ik u even op wijzen, maar ga uw gang. De heer Van den Raadt: Daarom, maar ik zag, voorzitter, dat u ook de humor van mevrouw De Raadt hoorde, dat we dus het onderzoek naar schijnzelfstandigen uitbesteed hebben aan een buiten firma. Dat vond ik wel grappig. Vindt u dat ook leuk? Wethouder De Raadt: Nee, ik vind het in die zin eigenlijk niet zo grappig, maar vooral heel erg logisch, omdat als je die kennis zelf niet hebt, dan huur je die in, in plaats van een beetje aan te rommelen. Dat lijkt me in dit geval logisch. Dan klantonderzoek. Er is inderdaad, ik zie dat die met een tiende is afgenomen van een 7,8 naar een 7,7. Wat daar de reden van die relatieve daling is, dat is natuurlijk altijd lastig te zeggen. Je kan het wel een beetje uitsplitsen. Als je kijkt naar de warme contacten die we hebben aan de balie, aan de telefoon, daar

19

scoren we echt hoog, 8,4. De e-mails daar gaat het ietsje minder. Dat is nog steeds wel een voldoende hoor. Op de middelbare school was ik er blij mee, een 6,4. Maar het zijn vaak de meer complexe vragen, waar ook meerdere afdelingen bij betrokken zijn en meerdere organisaties bij betrokken zijn, ook externe organisaties bij betrokken zijn. En daardoor kunnen die reactietijden op de e-mails weleens ietsje oplopen. Wat wellicht de relatieve daling van 0,1 procent verklaart. De voorzitter: Dan heeft u nog een interruptie van mevrouw Klazinga, VVD. Mevrouw Klazinga: Als dan de klanttevredenheid of de inwonertevredenheid op de warme contacten duidelijk hoger is dan op die e-mails enzovoorts, is het dan niet een idee om niet zo enorm in te zetten op dat digitaliseren? Wethouder De Raadt: Meer warme contacten betekent ook weer meer personeel, betekent weer meer geld, meer mensen aan de balie, die we ook niet altijd kunnen krijgen. Dus ik denk dat je nog altijd die balans moet blijven houden. E-mailcontacten zullen altijd nodig blijven. Mensen zullen dat ook heel erg prettig vinden. Maar daar valt nog wel wat in te verbeteren. En ik denk ook dat we, als we zo meteen van start gaan of tenminste we zijn eigenlijk al van start gegaan met een nieuw meldingssysteem en als dat zo meteen helemaal klaar is en geïmplementeerd is, dan denk ik dat die reactiesnelheid ook echt omhoog kan.

Omdat we dan ook op die manier handiger kunnen communiceren met externe partners. Dus ik heb daar juist wel goed vertrouwen in. Dan volgens mij voorzitter, dat was het. Het CDA vroeg nog naar de streefcijfers. En dan met betrekking tot hoe snel we de telefoon opnemen. Dat is natuurlijk wel maar een onderdeeltje van die klanttevredenheid. Je ziet daar weleens wat schommelingen in. We zitten nu weer gewoon op onze interne richtlijn van 70 procent. Maar ik heb hem ook eventjes net opgezocht voor mei en dan zitten we bijvoorbeeld alweer op 90 procent. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ik zie nog een interruptie van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik had de vraag net gesteld of het tijdelijke personeelsgebrek inmiddels opgelost was, maar ik had begrepen dat inmiddels het personeelsbestand weer op volle sterkte was. Klopt dat dan ook? Wethouder De Raadt: In zijn algemeenheid of voor wat betreft het i-domein? De heer Trompetter: Nee, in het stuk stond dat bij de dienstverlening aan de inwoners, daar was een onderbesteding van 200.000 euro en het kwam door tijdelijke onderbezetting. En mijn vraag was of dat inmiddels al opgelost was en of dat gevolgen kan hebben voor de dienstverlening. Wethouder De Raadt: Er staat tijdelijke onderbezetting. Volgens mij kunnen we daaruit opmaken dat die onderbezetting nu er niet meer is.

Het exacte antwoord en de exacte cijfers daar zal ik even dan technisch op moeten terugkomen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar burgemeester Wienen. Ga uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel. Een enkele vraag en begrijp dat je als je zo'n verslag doorneemt dat je dan gaat kijken: wat zijn er voor cijfers op dit terrein en een dalend cijfer of stijgend cijfer, er meteen een kritische vraag over stelt. Maar mevrouw Klazinga die zegt: het gevoel van veiligheid is minder geworden. Dat is juist gestegen. Dat is van 71 naar 75 procent gestegen. Dus dat is op zichzelf wel positief. U wijst erop, een cijfer

20

wat een beetje merkwaardig contrasteert, dat is het aantal overlastmeldingen stijgt en het aantal interventies is gedaald. En u zegt: dat is toch een beetje gek. In de eerste plaats kun je zien dat er niet een directe relatie is tussen die twee. In 2023 toen hadden we meer interventies dan overlastmeldingen. Dus er wordt niet alleen maar op basis van meldingen gezegd van wij gaan boetes uitdelen of waarschuwingen uitdelen. Maar constant is handhaving in de stad bezig en deelt hij ook uit zonder dat er een directe relatie is met die meldingen. Dan zie je dat het aantal meldingen is gestegen met zo'n 4.000 en meer dan de helft daarvan is inderdaad omdat er een opmerkelijke stijging plaatsgevonden heeft van overlast van parkeren. Dus burgers benaderen de gemeente en die zeggen: er staan auto's verkeerd geparkeerd, enzovoorts. Er wordt ook in de tekst gezegd: dat heeft wellicht met het referendum te maken. Dat mensen er nu meer op letten en dat er een bepaalde reactie op is. Zou kunnen, weet ik niet. Wat we wel kunnen constateren, dat is dat kennelijk nu het een aandachtspunt is geworden. We zijn er actiever op geworden. Dat kan er ook toe leiden dat daardoor het aantal mensen dat gaat melden flink stijgt, want dat komt ook in de krant. Dan zie je dat en dan denk je: dan ga ik daar ook maar eens melding van doen.

En we hebben niet een directe reactie zo van dan kunnen we ook direct gaan schrijven. We hebben een hele discussie hier gehad, hoe we daarmee omgingen, hoeveel handhavingscapaciteit we beschikbaar hebben. Dat we minder waarschuwen en meer boetes uitdelen. Dus het aantal waarschuwingen is minder geworden en het aantal boetes op dit terrein is in ieder geval gestegen. Maar er zijn ook heel veel handhavingsacties die niet direct leiden tot waarschuwingen en boetes, maar die wel bijdragen aan een beter leefklimaat. En het CDA zegt: wij zien een aantal dingen die op zichzelf vinden we die heel belangrijk, sekswerkbeleid, mensenhandel, maar had dat niet eerder aangepakt moeten worden? Ik kan alleen maar zeggen dat we hierin en dat weet ik heel zeker, omdat ik in allerlei landelijke overleggen hierover zit, Haarlem loopt daar fors voorop. Wij doen echt, zetten daarop in en je kunt altijd zeggen: had u het niet al wat eerder kunnen doen? Maar volgens mij is wat wij op dit terrein doen echt adequaat en goed en we zijn druk bezig om te proberen dat nog te optimaliseren. De voorzitter: Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel. Daar had ik het inderdaad over. over optimalisatie. Kan er niet bijvoorbeeld door IT gezorgd worden dat het sneller geactualiseerd wordt? Burgemeester Wienen: dat is een van de discussiepunten waarover we met het ministerie discussies gehad hebben.

Wij mogen sommige dingen niet eens registreren. Dus als het gaat om wij treffen vormen van mensenhandel aan, waarschuwen dan de vreemdelingenpolitie. Als die op dat moment geen capaciteit heeft, kunnen wij verder niets meer doen. Die mensen gaan weg en gaan ergens anders gewoon weer verder. Wij mogen er niets meer mee doen. En ook de mogelijkheden om bijvoorbeeld een andere gemeente waar iemand dan actief wordt te informeren, zelfs daar zaten hele grote beperkingen op. En we zijn bezig om ervoor te zorgen dat we daar meer mogelijkheden voor krijgen. Dan is registratie inderdaad ook zinvoller. Maar het moet allemaal aan heel veel eisen voldoen en dat vind ik ook terecht. Het gaat om mensen, het moet zorgvuldig, maar dat was doorgeslagen en ik hoop dat het ons gaat lukken om het nu efficiënter op te pakken. De voorzitter: Dank u wel. Dat is dan het eerste termijn ook vanuit het college, om maar zo eens te zeggen. Ik kijk of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Tegelijkertijd, heel kort. Dat is goed. Tegelijkertijd wil ik aangeven, heeft u ook nog agendapunt 7, maar ik wil dan naar de heer Trompetter. Ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik was vergeten de organisatie te complimenteren voor de snelle beantwoording van de technische vraag over de afdoening van een motie geldontwaarding ook in de P&Ccyclus.

Die staat toch ergens vermeld, maar in de digitale versie. Dank u wel.

21

De voorzitter: Anderen nog? Mevrouw Oosterbroek, een punt van orde, dat mag. Ga uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Ik constateer, we hebben de duurzaamheidsbegroting en dat is onderdeel van de jaarstukken. En ik heb heel veel punten op die duurzaamheidsbegroting genoemd. Ook bijvoorbeeld de kengetallen en zo. En nu hebben we eigenlijk een college zitten die daar geen antwoord op kan geven. Dus misschien kunnen we in het vervolg, omdat duurzaamheidsbegroting onderdeel is van de jaarrekening, ook de wethouder duurzaamheid uitnodigen. De voorzitter: U doet een oproep voor volgend jaar. Uw vragen zijn in ieder geval wel beantwoord. In ieder geval suggesties gedaan hoe u ermee verder kunt gaan. Anderen nog? Dan kijk ik nog even naar het college. De vraag van de heer Trompetter. Helemaal goed. Ik dacht dat er een vraag in zat, maar dan ben ik abuis. Helemaal goed. Dan gaan we naar de afronding van dit agendapunt. Doen we allereerst procesmatig. Ik kijk even rond. Hoe kan dit naar de raad? Het presidium heeft al voorgesteld om dit als bespreekpunt te doen. Dat lijkt me logisch. Laat ik het gewoon gelijk afconcluderen. Dit wordt een bespreekpunt. Dank u wel voor de reacties. Dan hebben we ook nog wat af te handelen inhoudelijk, een aantal punten.

Allereerst de vraag: neemt u het advies van de Auditcommissie over om de beslispunten 6 en 7 te schrappen? Ga ik maar even … Ja, de Auditcommissie zie ik knikken. Dat begrijp ik. Ik kijk even rond. Ik concludeer dat dat akkoord is. Vindt u ook de motie geldontwaarding ook in de P&C-cyclus voldoende afgedaan? Ik zie wat voorzichtig geknik, maar het is wel geknik. Helemaal goed, dan is die, bij deze concludeer ik dat die voldoende is afgedaan. En adviseert u positief aan de raad over beslispunt 5, het laten vervallen van de effectenindicator aantal Haarlemmers dat werkzaam is met een indicatie Wet sociale werkvoorziening in programma 3? Ook allemaal eens. Helemaal goed. Dan hebben we dat bij deze afgeconcludeerd. Ik hoor een procesvoorstel. Die hoort u niet, maar mijn voorstel is toch dat we naar agendapunt 7 gaan. Dank u wel. 7. Reactie rapporteurs en Auditcommissie op opvolging Duisenberg aanbevelingen en adviezen accountant en Auditcommissie De voorzitter: Agendapunt 7 dan. Dat is de reactie van de rapporteurs en de Auditcommissie op opvolging Duisenberg aanbevelingen en adviezen accountant en Auditcommissie. En agendapunt 7b, de afwegingsscenario's en besluit over Duisenberg aanbevelingen. Zoals al genoemd, behandelen we die gezamenlijk. We was 60 minuten gepland. Wellicht we hebben nog ongeveer 50. Dus we gaan lekker snel door. De portefeuillehouder is aanwezig.

De heer Roduner. Er zijn geen insprekers. Ga ik toch even een inleiding doen. Dat is denk ik wel relevant bij dit agendapunt. De afgelopen jaren heeft de raad meerdere aanbevelingen overgenomen op basis van de zogenoemde Duisenberg light onderzoeken die hier meerdere jaren zijn geweest. Met als doel de informatiewaarde van de jaarstukken en begroting te vergroten. Zoals gebruikelijk adviseren de rapporteurs bij de behandeling van de jaarstukken in de begroting de raad over de opvolging van deze aanbevelingen door het college. Voor enkele aanbevelingen bleek de uitwerking in de praktijk complex, onder meer vanwege uiteenlopende interpretaties over de leesbaarheid en financiële structuur van de jaarstukken. Gelukkig is er een poging gedaan om deze impasse te doorbreken. Samen met de accountant is de Auditcommissie door de rapporteurs gevraagd hierover in gesprek te gaan. Onder andere met de wethouder en de organisatie. De uitkomst hiervan is een zogenoemd dummyprogramma, waarin het college de aanbeveling heeft uitgewerkt in vier scenario's, voor de toekomstige richting van de jaarstukken en de begroting. Die zijn beoordeeld door de Auditcommissie en die adviseren de raad om te kiezen voor scenario 2. Dit scenario combineert informatiewaarde, overzichtelijkheid en uitvoerbaarheid. En het college sluit zich aan bij dit advies. Dus beide adviseren scenario 2.

Voor een heldere behandeling van dit agendapunt is het zinvol, denk ik, om een onderscheid te maken tussen de aanbevelingen die zijn uitgewerkt in het

22

dummyprogramma. Waarvoor de Auditcommissie en het college een advies uitbrengen. Dat advies is ook bij agendapunt 7a van de Auditcommissie, in het raadsvoorstel van het college bij agendapunt 7b. Als u het nog allemaal volgt. En daarnaast de overige aanbevelingen, waarbij de rapporteurs een advies uitbrengen. En ik ga u dus vragen te adviseren aan de raad over a, de gewenste opvolging van alle openstaande aanbevelingen, de keuze voor een van de vier scenario's zoals net genoemd voor de toekomstige opzet van de jaarstukken en de begroting. En 3, de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering van 19 juni aanstaande. Zoals we altijd doen. Als korte inleiding heb ik zowel nog de Auditcommissie, als een van de rapporteurs. Die wil graag het woord geven. En dan doe ik eerst mevrouw Oosterbroek ter inleiding voor de Auditcommissie. Mevrouw Oosterbroek: Bedankt, voorzitter. De Auditcommissie is heel blij dat we in gesprek met het college meer transparante informatievoorziening met betrekking tot de financiële cijfers kunnen bieden. En wij zijn er uitgekomen dat het scenario 2 daar een mooie balans in is, in uitvoerbaarheid en werkbaarheid. En ook een stapje verder naar meer inzicht vanuit de raad. Dus wij zijn daar erg blij mee en ik hoop ook dat u voor scenario 2 kiest. De voorzitter: Dank u wel. Een van de rapporteurs. Mevrouw Klazinga, ga uw gang.

Mevrouw Klazinga: Ik heb hier wat dat betreft een beetje een vreemde rol, omdat ik geen rapporteur was in het laatste jaar, maar het jaar daarvoor. Maar ik kan me aansluiten bij wat de Auditcommissie net zei. Althans, de woordvoerder van de Auditcommissie. Dat we blij ook als rapporteurs blij zijn dat het gesprek is aangegaan met de afdeling concern control en met inderdaad de wethouder, over de aanbevelingen, omdat er aanbeveling, op aanbeveling ,op aanbeveling kwam, die eigenlijk allemaal een beetje hetzelfde leken. Dus het is heel fijn dat daarover in gesprek gegaan is. Alleen ik ontving vandaag een aantal mails daarover, waaruit bleek dat er toch de voorstelling van zaken zoals het hier staat, dat dat toch niet helemaal zou kloppen. Ik moet eerlijk zijn dat die op een moment kwamen dat ik niet meer de gelegenheid had om me daar uitgebreid in te verdiepen, maar wat de rapporteurs betreft, is het dus zo dat ik graag overleg zou willen hebben, de gelegenheid zou willen hebben om met de andere rapporteurs te overleggen. Ik neem aan dat mijnheer Roduner, de wethouder, er zo meteen wat meer over gaat zeggen. Maar wij zullen dus terugkomen naar de overige raadsleden, datgene wat de wethouder gaat zeggen over dummyprogramma’s enzovoort, wat voor impact op de aanbevelingen dat wat ons betreft heeft.

De voorzitter: Wellicht misschien wel goed, misschien wellicht wat ongebruikelijk, maar de wethouder heeft behoefte om daar gelijk even op te reflecteren. Die gelegenheid wil ik geven. Wethouder Roduner: Ja, want ik wil niet dat er een soort schaduwdebat ontstaat. Ik kreeg vandaag een e-mail, die nog even de stukken heeft gezien van de Duisenberg-rapporteurs en die gaven aan dat er op een zevental punten toch wel weer licht zit, tussen waar we dachten dat we met scenario 2 alles opgelost zouden hebben en dat er toch nog zeven punten zijn waarvan volgens mij het voorstel nu is om die toch nog wel weer verder door te zetten. Daar heb ik een e-mail over gestuurd naar de Duisenberg-rapporteurs en de Auditcommissie. Dus ik begrijp dat niet iedereen die ontvangen heeft. Het gaat over een vijftal punten die naar de raadsconferentie worden geschoven, waarvan wij denken dat die beter naar de Auditcommissie zou kunnen. Klopt het? Ja, toch. En een tweetal punten gaat over het draaien van een pilot om de begroting weer aan te passen en een ander gaat ook over weer een andere wijziging. Andere beantwoording van de vragen, de wiewat-waar-vragen. Het wordt allemaal heel ingewikkeld, merk ik. Dus er zit nog een zevental punten in de aanbeveling van de Duisberg waarvan wij zeggen: volgens mij zijn die niet zo handig om het op deze manier te besluiten.

Het lijkt mij prima om dat na de vergadering te kijken of we dat kunnen oplossen.

23

De voorzitter: Dank u wel. Even qua proces. Als rapporteur, geeft daar een reflectie op en dan ga ik daarna naar de eerste termijn. Mevrouw Klazinga: Even inderdaad als woordvoerder van de rapporteurs. Dank aan de wethouder voor deze toelichting. Maar omdat dat dus inderdaad aanleiding zou kunnen geven om de aanbevelingen van de Duisenberg-rapporteurs, de adviezen daarin, aanbevelingen, de adviezen over het al dan niet afgedaan zijn van de aanbevelingen aan te passen. Ik kan daar in mijn eentje niet nu iets over zeggen, dus daar moet moeten we rug sprak over houden. En dat doe ik zo snel mogelijk, zodat we in de raad daar in ieder geval wel een duidelijk standpunt als gezamenlijke rapporteurs over kunnen hebben. De voorzitter: Helder. Voorlopig laten we even uitgaan van de stukken zoals die gepubliceerd zijn met de opmerking dat wellicht nog, u houdt ruggenspraak en er wellicht een aanpassing komt. Maar dan horen de rest van de commissieleden/ raadsleden dat. Eerste termijn, de heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de Auditcommissie en aan de Duisenberg adviescommissie, dank voor de adviezen en de opvolging van de aanbevelingen. Mijn fractie gaat ervan uit dat de zaken die nog niet opgevolgd zijn volgens de Auditcommissie, dat daaraan gewerkt blijft worden. En mijn fractie stemt ook in met het uitwerken van scenario 2.

En graag blijven op de hoogte van als er nog dingen wijzigen voor de raadsbehandeling. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wat ik eigenlijk u wellicht nog wilde meegeven, maar dat doet u al heel netjes de heer Trompetter, ik hoor vooral graag in uw betoog als u bijvoorbeeld een bepaalde aanbeveling niet wil overnemen of niet van scenario 2 uit wil gaan. Dus ik wil eigenlijk als uitgangspunt nemen, we gaan voor scenario 2 en we volgen alle adviezen wel of niet, ze zijn afgedaan ja of nee, zoals de stukken die u heeft, als u daarvan af wil wijken, geef dat even vooral duidelijk aan, als u het nog volgt. De heer Wiedemeijer, PvdA. U sluit zich daarbij aan, bij de Actiepartij. Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Dank u wel. Dan kunnen wij het inderdaad ook kort houden en dan sluiten wij gewoon aan bij het voorstel zoals die nu ligt. En dan houden wij ook graag de laatste adviezen van de Duisenbergrapporteurs in de gaten. Dank u wel. De voorzitter: Helder, dank u wel. Mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Wij kunnen het ook overnemen en ik zag ook dat daarnaast, ik vind het heel fijn dat aan de drie W's beter wordt gewerkt.

Maar ik heb ook wel geleerd, ik denk mede ook dan de dankzij de financiële workshops die we hebben gevolgd, dat we toch wel heel vaak de neiging hebben, dat we heel goed zijn in het beschrijven, wat hebben we gedaan? Maar wat hebben we bereikt, is echt sturen op de doelstellingen, soms wat minder scherp is. Dus ik hoop wel echt dat dat er ook beter in naar voren gaat komen. Het staat er nu wel, maar we kwamen ook eigenlijk tijdens de financiële workshop achter dat we heel goed zijn om te doen wat we hebben gedaan, maar soms wat minder of we de tool hebben gehaald. De voorzitter: Helder, dank u wel. Anderen nog, eerste termijn? Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Wij gaan ook voor scenario 2 en wij volgen ook het advies op. De voorzitter: Kort, maar krachtig. Dank u wel. Kijk ik nog rond. De heer Van den Raadt, Trots Haarlem.

24

De heer Van den Raadt: Voorzitter, laat ik dan wat anders zeggen. Als wij te horen krijgen dat er nog na onze bespreking een bespreking plaatsvindt om te praten over zeven punten waar licht tussen zit, dan vol Trots Haarlem zich op dit moment nog niet aangesproken om er iets over te zeggen. Dan wachten we dat even af. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb geen vraag gehoord, maar als u nog een korte aanvulling wilt doen vanuit de Auditcommissie, dan geef ik u daar gelegen toe. Dan ga ik daarna, als er geen eerste termijn meer is, ga ik daarna naar de wethouder. Ga uw gang, vanuit de Auditcommissie. Mevrouw Oosterbroek: Dus er is duidelijkheid en overeenstemming over de scenario's bij die 7a vanuit de Auditcommissie. En daarin hebben we met het college afgestemd. Dit is wat we gaan doen. En die 7B dat is echt een apart vergaderpunt, die eigenlijk een beetje kort dag ook hier ter sprake wordt gebracht. Dus vandaar dat we daar op vastzitten. Maar ik denk ook: die scenario 2 hebben wij in principe wel afgesproken, met alle Duisenberg-adviezen gewogen om naar een gezamenlijk doel te gaan, namelijk dat transparant maken van die financiën en scenario 2 voldoet daaraan. De voorzitter: Dank u wel nog voor die toelichting. Dan kijk ik naar het college. Wethouder Roduner, ga uw gang.

Wethouder Roduner: Ik vroeg eigenlijk aan de commissieleden om heel scherp te zijn waar ze het dan niet mee eens zijn. Ik ga dan toch nog even scherp zijn waar wij het ten opzichte van het voorstel dat nu ligt nog niet mee eens zijn. Dat gaat volgens mij, wat ik al net zei, over een vijftal aanbevelingen die worden doorverwezen naar de raadsconferentie, waarvan wij zeggen: het is beter om naar de Auditcommissie te brengen. Dus die komen terug bij de raad. Dus op zich is dat denk ik minder gevoelig. Er zitten nog wel twee aanbevelingen bij: maak overlap tussen programma's en beleid beter inzichtelijk, pagina 13. En informatie begroting en jaarverslag beter op elkaar aansluiten, pagina 14 en 15. Daarin wordt geadviseerd om dit in een pilot of in een proefvorm aan te passen, zodat we dat kunnen gaan doen. Bij die laatste constateer ik eigenlijk dat we met de wie-wat-waar-vragen dat achterhaald is. Dus dan denken we: dat zou je ook niet in pilotvorm moeten gaan doen, want dat hebben we eigenlijk al helemaal opgelost. En het ander gaat over dingen beter inzichtelijk maken. Daarvan is eigenlijk het advies of in ieder geval het college zegt dat dat eigenlijk ondoenbaar is. Dus dat je dat ook niet in pilotvorm zou moeten gaan doen, want dan ben je eigenlijk dingen aan het doen die je niet kan doorzetten. Daar gaan we nog het gesprek inhoudelijk over aan.

Ik vond het heel fijn hoe het gesprek gelopen is. Volgens mij hadden we op een gegeven moment een hele berg Duisenbergaanbevelingen opgestapeld met elkaar. We hebben een aantal dummyprogramma’s gemaakt, om te kijken van wat betekent nu als je al die aanbevelingen zou doen? Volgens mij waren we eensgezind dat we zeiden: dat wordt wel heel veel en dan zie je op een gegeven moment door de bomen het bos niet meer. Ik ben blij dat we elkaar hebben kunnen vinden in scenario 2 en dat we op die manier een stap vooruit kunnen zetten en toe kunnen werken naar een betere begroting. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog of er een eventueel tweede termijn is. Weinig behoefte voor, mooi. Dan gaan we naar een afronding, 7a en 7b hebben we besproken. Even kijken hoe we dit goed kunnen afconcluderen. Volgens mij, allereerst zie ik een duidelijke voorkeur voor scenario 2. Ik heb alleen Trots Haarlem gehoord van we wachten nog even. Dus concludeer ik dat de commissie adviseert om te gaan voor scenario 2, net zoals wat de Auditcommissie en het college adviseren. Dat allereerst. Het tweede punt, de gewenste opvolgingen van alle openstaande aanbevelingen. Ik hoor een draagvlak om die op te volgen. Met dien verstande dat er een vijftal, dat er nog verder gesproken wordt over een vijftal punten die dan niet naar de raadsconferentie zouden gaan, maar naar de Auditcommissie.

Eentje gaat nog over een overlap van beleid en eentje over het informatie beter aansluiten. Pilot dat het waarschijnlijk niet uitvoerbaar is. Daar wordt dan

25

verder nog over het gesprek aangegaan en ruggenspraak gehouden met de rapporteurs op die zeven punten in totaal. Dat bedoel ik inderdaad. Volgens mij kunnen we hem zo afconcluderen. Kijk, ook helder voor de griffie, fijn En de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering van 19 juni aanstaande. Dan hoor ik hier een hamerstuk met stemverklaring. Het kan ook nog opgewaardeerd worden. Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ik zou 7a als hamerstuk doen en dan 7b, daar is nu nog een gesprek over, dus dan zou ik dat stuk dan als bespreekpunt doen, als dat nog wijzigt. De voorzitter: Ik zou u willen adviseren, ik hoor wat u zegt mevrouw Oosterbroek, ik zou u willen adviseren om beiden hamerstuk met stemverklaring te doen, dat u voor beiden de gelegenheid geeft tot opwaarderen en of afwaarderen. Ja, zie duimpjes. Helemaal goed, fijn. Dan verder heb ik ook geen toezegging gehoord. 8. Sluiting De voorzitter: Dus dan gaan we naar de sluiting. Zijn we aan het einde gekomen van deze vergadering en dank ik u voor uw bijdragen. En wens ik u allen nog, zowel hier aan de tafel, als wel de publieke tribune, als thuis een fijne avond.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15712918/2