CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Bestuur 08.05.2025

commissie Bestuur 8 mei 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 17:10 uur Opening en mededelingen voorzitter22.747 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BESTUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 8 mei 2025 1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedemiddag, allen. Welkom bij de vergadering van de Commissie Bestuur van 8 mei 2025. Hierbij open ik dus de vergadering. Welkom aan de commissieleden, burgemeester Wienen, wethouder Roduner en ook de belangstellenden die meekijken via de livestream. Ik heb bericht van verhindering ontvangen van de heer Procee van OPHaarlem en de heer Van Leeuwen van de Actiepartij zal later aansluiten. Dan heb ik nog de volgende mededelingen voor u. Op woensdag 14 mei is de regionale radenbijeenkomst in het raadhuis van Heemstede. En het gaat onder andere over Veilig Thuis Kennemerland. Dan is er op dinsdag 27 mei het groepsinterview voor het Rekenkameronderzoek keuzes in taakvoering en hiervoor gaat een intekenlijst rond. En daarnaast gaat een intekenlijst rond voor het meelopen met team handhaving en na uw aanmelding wordt er een afspraak gemaakt. Dus het wordt niet dat een hele groep met handhaving mee gaat lopen, maar op afspraak.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 2, het vaststellen van de agenda. Zoals u hebt gezien hangen de agendapunten 7A en 7B samen. Dus ik stel voor om die als één agendapunt te behandelen. Kunt u daarmee instemmen? Kan de agenda zo worden vastgesteld? Ja.

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 3, mededelingen commissieleden en portefeuillehouders. Zijn er commissieleden met een mededeling? Mevrouw Oppenhuis, CDA. Ga uw gang. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel, voorzitter. Ik heb hem nog net niet open, maar het agendapunt met een motieafdoening van handhaving, dat zouden wij toch graag willen opwaarderen naar een agendapunt volgende keer. Nu is het afgedaan, maar wij willen die graag nog wel de volgende keer behandelen als agendapunt. Agenderen, ja. Samen met Trots. VTH over de handhaving. De voorzitter: We gaan dat straks meenemen in de behandeling. Mevrouw Oppenhuis: Dat zou Trots doen. De voorzitter: Sorry. Nee, we zullen dat bij het agendapunt straks meenemen. Zijn er nog andere commissieleden met een mededeling? Nee. Dan kijk ik even. Sorry, mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ik begrijp het nog niet helemaal. Over welke motie gaat het? Gaat het nu over de moties bij de ingekomen stukken? Motie weer een team voor het horecateam? Oké, daar gaat het om. De voorzitter: Nog andere commissieleden met een mededeling? Nee. Dan kijk ik even naar het college. Er zijn geen mededelingen aangekondigd, maar u heeft iets. De heer Wienen, burgemeester Wienen, ga uw gang.

Burgemeester Wienen: Misschien had ik dat inderdaad even moeten laten doorgeven, maar het leek mij gewoon goed om even hier te melden dat, u heeft misschien in de krant gelezen dat er wat onrust is over de Veiligheidsregio, GGD. Dat gaat dan over het functioneren, de werksfeer, et cetera. En het dagelijks bestuur

1

heeft gezegd: wij hebben zelf daar geen informatie die dat bevestigt dat daar iets aan de hand is. Maar wij vragen uit aan mensen om zich te melden, om te kijken, wat is er aan de hand? En om daar dan eventueel actie op te ondernemen als dat nodig is. Maar dan weet u in ieder geval dat wij daar wel mee bezig zijn. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen mededelingen. 4.

Mededelingen over gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 4, mededelingen over gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden. Ook hiervoor zijn vanuit het college … Het had hier bij agendapunt 4 gemoeten. Dan was daar dus een mededeling bij agendapunt 4. Zijn er nog commissieleden met een mededeling over een samenwerkingsband? Nee.

5.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 5, de agenda van de komende commissievergaderingen. De vergadering van 22 mei aanstaande komt te vervallen, omdat er geen agendapunten zijn. Er zijn voor vandaag geen agenderingsverzoeken ingediend. Dus zijn er nog vragen over de komende agenda? Mevrouw Oppenhuis. Mevrouw Oppenhuis: Nou ja, ik had net een agenderingsverzoek gedaan over die motie. De voorzitter: Maar dat moet u gewoon via het formulier ook doen. Dat is gewoon handiger om het op die manier te doen, om het even in te vullen. Mevrouw Oosterbroek van GroenLinks, ga uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Ik had een … Gewoon even uit interesse. Vanuit de Auditcommissie zijn ook een aantal stukken besproken die ook naar Bestuur zouden worden gestuurd. Ik had eigenlijk verwacht dat dat nu deze maand wel gereed zou zijn. De voorzitter: Ik kijk even of die zijn binnengekomen. Stukken uit de Auditcommissie, die geagendeerd zouden worden nu. Misschien kunt u nog eventjes kijken wanneer ze verstuurd zijn. Mevrouw Oosterbroek: Ik heb dit eerder ook naar het griffie Haarlem e-mailadres gestuurd, met deze vraag. Dus ik begrijp dat dat nu een verrassing is, maar in ieder geval denk ik dat we voldoende stukken vinden om toch een tweede keer bij elkaar te komen. De voorzitter: Op 22 mei? Mevrouw Oosterbroek: Ja.

De voorzitter: Ik denk dat het goed is dat de griffier even kijkt wanneer die stukken zijn binnengekomen. Er wordt gezegd nu dat er stukken zijn voor de vergadering van 12 juni. En dat zijn de stukken van de Auditcommissie? Ja. Mevrouw Van Zetten: Sorry, gaat het wel goed met die tijd? De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek, hallo, mag ik even de aandacht? U heeft iets toegestuurd en er wordt gekeken wanneer dat is binnengekomen en of het al geagendeerd wordt. En anders doet u het verzoek om op 22 mei wel te vergaderen over de stukken van de Auditcommissie. Begrijp ik het zo goed?

2

Mevrouw Oosterbroek: Ik denk dat dat kan, dat dat gewoon haalbaar is. En dan hebben we dat alvast naar voren getrokken en dan hebben we niet straks die vergadering voor dat reces helemaal bomvol. Ik vind ook dat deze vergadering bijvoorbeeld best wel vol zit. Dus ik weet ook niet, we hadden het ook kunnen spreiden. Soms zit ik met die Commissie Bestuur dat ik helemaal niets te doen heb. En aan de andere kant, bijvoorbeeld zoals vandaag, zitten er hele inhoudelijke stukken in waar we misschien wel dagenlang over zouden kunnen praten. De voorzitter: Nog andere opmerkingen hierover? Nou nee, we moeten eerst even kijken of ze zijn binnengekomen en al geagendeerd zijn voor een andere of gepland zijn voor een andere vergadering. Dus we moeten gewoon even naar de planning kijken en we laten het weten. Nee, niet we zien het wel, maar het is binnengekomen, maar kennelijk niet. De griffier moet het even nazoeken. Daar komt het op neer. We kunnen hier besluiten op 22 mei te vergaderen. Laten we dat gewoon plannen dan. De heer Wiedemeijer: Voor mij geen steun, dat kan ook gewoon in juni. De heer Blokpoel: Wat ons betreft ook. De voorzitter: Goed, dan is er dus geen steun, als ik even rondkijk nog, voor het voorstel om op 22 mei te vergaderen en dan nemen we het mee. We hebben het gepland voor 12 juni, dus dan wordt het dan meegenomen.

Mevrouw Oosterbroek: Prima, het gaat mij niet over de inhoud van de stukken. Het gaat mij erover dat ik vind dat we met elkaar hebben afgesproken twee keer per maand te vergaderen en dat ik constateer dat dat het afgelopen jaar niet consistent gebeurt. De voorzitter: Waarvan akte. 6.

Transcript Commissie Bestuur d.d. 20 maart en 3 april 2025 De voorzitter: Dan zijn we bij agendapunt 6. De heer Van Leeuwen van de Actiepartij sluit aan, welkom. Het transcript van de commissie van 20 maart en 3 april. Alleen naar aanleiding van, zijn daar opmerkingen over? Nee.

7.A Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma VTH 2024-2025/ 7.B Vaststellen 213a onderzoek Effect (de)regulering op inzet handhaving De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 7. En daarvan hebben we net gezegd dat we ze samen voegen. Dat is het Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma voor Vergunningen Toezicht en Handhaving, afgekort naar VTH. En evaluatie Uitvoeringsprogramma Omgevingsrecht. En daarvan worden door het college deze stukken jaarlijks vastgesteld in het opgestelde Uitvoeringsprogramma 2024-2025 is opgenomen welke taken de gemeente met inzet van welke middelen in 2025 gaat uitvoeren. Het college stelt voor om hiermee tevens de toezeggingen te geven van context bij de cijfers in volgende evaluatie VTH en opnemen klantenervaringen en volgende evaluatie VTH af te doen. Dan gaan we naar agendapunt 7 wat erbij hoort. Naar aanleiding van het rapport Effect van de (de)regulering op inzet handhaving en de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen heeft het college een tienpuntenplan vastgesteld, waarin concrete acties zijn geformuleerd om de regelprocessen efficiënter te maken. Het college stelt voor om hiermee tevens de motie Minder regels, minder werkdruk, doe onderzoek naar de deregulering af te doen. Dan gaan we nu over naar behandeling. Ik

3

verzoek u hierbij om ook aan te geven of de motie en de toezegging wat u betreft voldoende zijn afgedaan. Wie wil een eerste termijn? De heer Wiedemeijer, PvdA. Ga uw gang. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, laten we er dan ook gelijk maar voor gaan. Disclaimer vooraf. Ik zal me vooral richten op de dingen die niet zo goed zijn gegaan. Maar er gaan natuurlijk ook heel veel dingen goed en daar vallen heel veel terreinen en werk onder de afdeling. Dus alvast ook de compliment voor de dingen die wel goed gaat. Maar ik begin gelijk al bij iets waar het pijn doet. En dat is het dienstverlenende proces van vergunningen. Dat dient veel efficiënter te gaan verlopen. Ambtenaren lijken uitzonderlijk veel tijd kwijt aan relatief kleine zaken. Uit het externe onderzoek blijkt dat er gemiddeld 24 uur wordt besteed aan vergunningen tot 50.000 euro. Dat is gemiddeld drie werkdagen voor bijvoorbeeld een dakkapel of een kleine uitbouw. Dat is echt ongelooflijk. Wij hebben ook de laatste jaren veel klachten ontvangen van mensen die op die manier verstrikt raken in de ambtelijke molen bij de organisatie. In de collegereactie wordt erkend dat zaken efficiënter moeten gaan verlopen. Maar dit lijkt een project van een lange adem, die jarenlang aandacht vraagt. En dit is slechts één voorbeeld van het collegeplan, het tienpuntenplan wat is opgesteld om zaken efficiënt te laten gaan verlopen.

De PvdA steunt dat tienpuntenplan overigens volledig. Dus dat gaat lekker snel. De vraag is: hoe gaat het college meerjarig, ambitieus aan de slag om de organisatie efficiënter en minder bureaucratisch te laten verlopen? Gaan de afdelingen dit zelf doen of komt er een stuurgroep die blijvend verbeteringen aanbrengt? Hoe het nu gaat, is kostbaar, uiteindelijk betaald door de aanvrager van de vergunning, vanuit het kostendekkende stelsel en tijdrovend. Terwijl er beperkte capaciteit is in de organisatie. Voor de PvdA is dit niet de gewenste dienstverlening aan de Haarlemmers. In technische zin is de motie afgedaan, want het onderzoek is verricht, maar het onderwerp zal eigenlijk nog periodiek hier aan de orde moeten komen, omdat het duidelijk is dat het onderzoek naar voren heeft gebracht dat het echt veel beter moet. Dus wij horen graag van het college of zij daar ook jaarlijks, bijvoorbeeld met de jaarlijkse evaluatie van VTH, op terug kan komen. Dan twee andere zaken die uit een hele andere categorie zijn. De leegstand, die hier ook wordt gehandhaafd. Het aantal meldingen is in 2024 flink omhooggegaan ten opzichte van 2023. Het lijkt dat mensen makkelijker de gemeente vinden om leegstand te melden. Dat is positief, want ten tijde van een wooncrisis is langdurige leegstand onacceptabel.

Ook heeft de organisatie na nader onderzoek een aantal buurten geïdentificeerd waar leegstand omvangrijker lijkt te zijn en zijn aanvullende handhavingsacties gepland. Tegelijkertijd zijn er ook een aantal langlopende, niet opgeloste dossiers. Opvallend genoeg wordt gemeld dat een aantal via corporaties zijn met langlopende zaken. Gaat het college hier met de corporaties verder mee aan de slag om dit te verbeteren? Dan nog de vakantieverhuur. Ten opzichte van 2023 is er een stuk minder gehandhaafd. We hebben nader uitgevraagd hoe dat kan. En dat komt niet door personeelsgebrek, maar het lijkt vermoedelijk dat handhavingsacties van de jaren daarvoor succesvol zijn en dat er nu minder noodzaak tot handhaving op vakantieverhuur lijkt. We hebben nog een vraag over het parkeren. Ik heb simpelweg de control-F zoekfunctie gebruikt. Toen viel mij op dat de handhaving op foutparkeren, wat je ook in de evaluatie verwacht, zagen wij niet terug. Dus ik heb nog gevraagd aan het college of dat hier wel in had moeten staan of dat op een andere manier komt. Want daar is ook, ik kijk naar mijn collega van D66, regelmatig ook moties ingediend om het foutparkeren wat ambitieuzer te gaan handhaven. Dus ik hoor nog graag een reactie of ik gewoon niet goed heb gezocht of dat dat in een ander stuk terugkomt. Nou, dat even als eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen, D66. Ga uw gang.

Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. De afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving, waar we het vandaag over hebben, kent allang een zeer hoge werkdruk. Ook door de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de WKB, even uit mijn hoofd. En de afdeling VTH heeft te maken met capaciteitstekorten.

4

Deze raad heeft daarom ook in de Kadernota 2024 ingestemd extra geld om meer mensen aan te kunnen nemen. De afdeling VTH staat in direct contact met de Haarlemmer bij de uitvoering van de taken. Het is dan ook van belang dat het contact tussen de Haarlemmer en de gemeente als menselijk, servicegericht en tijdig wordt ervaren. Naast het belang dat wettelijke doorlooptijden van vergunningaanvragen worden gehaald, ook in meer complexe dossiers. Dit was dan ook de reden voor onze motie om onderzoek te doen naar dereguleren. En mijn fractie realiseert zich dat deze raad veel ambities heeft voor deze stad en soms ook extra regels toevoegt op specifieke dossiers. En D66 wil dan ook niet dereguleren om het dereguleren. We zijn op zoek naar een begrijpelijk proces van vergunningaanvragen voor burgers en bedrijven, die ook goed uitvoerbaar is, waarop toezicht wordt gehouden en op wordt gehandhaafd. Dereguleren of het simpeler maken van processen, kan daarbij helpen, net als het aannemen van meer mensen. En uit het externe onderzoek uit het 213a onderzoek blijkt dat het regellandschap in Haarlem wordt gekenmerkt door een hoge mate van complexiteit en overlap in de regelgeving. De voorzitter: Mevrouw Çimen, u heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Ik had een vraag.

U heeft het over dereguleren, eigenlijk in dezelfde zin of gelijk direct daarna het simpel maken van processen. En ik zie dat toch wel anders. Je kan een proces of een afdeling beter laten functioneren en de processen binnen die afdeling versimpelen, versoepelen, versnellen of dereguleren. En dat betekent, de regels die we met elkaar zorgvuldig hebben vastgesteld wijzigen. Ziet u dat verschil ook op deze manier? De voorzitter: Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Jazeker, want daarom zeg ik ook: dereguleren of het simpeler maken van processen. Dus dat bedoel ik allebei. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ook een vraag aan D66. U zit toch al heel erg lang in dit college en het was toch altijd het motto minder regels, meer service? En als ik deze tekst lees, denk ik: er zijn eigenlijk alleen maar meer regels gekomen. De service voor de burgers zijn eigenlijk minder geworden. Mensen hebben grote problemen om in contact te komen of een voortgang te boeken bij de overheid. Hoe kijkt u daar dan tegenaan? Wat is uw deelname aan het college dan waard? De voorzitter: Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Volgens mij is onze deelname aan het college heel veel waard. We hebben heel veel ambities voor deze stad. En tegelijkertijd zeg ik ook: wij zijn zelf als raad ook verantwoordelijk geweest voor toevoegen van regels.

En daarom is het goed dat we ook kijken naar de totale set en waar we het dus wel simpeler kunnen doen en wat niet. En daar ben ik ook bereid zeker om de hand in eigen boezem te steken. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Çimen: Deze complexiteit die wordt gesignaleerd in het onderzoek, belemmert de efficiëntie en begrijpelijkheid van de procedures voor zowel burgers als bedrijven, lees ik. Ik lees ook dat er veel tijd wordt besteed in juist relatief simpele aanvragen, zoals de collega van de PvdA ook al aan aanstipte. Het beeld dat bij D66 naar boven komt uit de evaluatie en het externe onderzoek is eigenlijk een afdeling die behoorlijk in de

5

knoop zit met de eigen processen, laat staan hoe dat dan moet voor burgers en bedrijven. Voorzitter, in voorgaande jaren werd een vooroverleg of een voorgesprek voor een aanvraag georganiseerd. Dat is ooit wegbezuinigd, volgens mij. Dat heb ik niet meer helemaal scherp. Maar duidelijke instructies en toelichting aan de voorkant kan een hoop gedoe, frustratie en vertraging aan de achterkant voorkomen. Kan de wethouder aangeven of we dit weer zouden kunnen gaan organiseren in Haarlem? Redden we dat capaciteitstechnisch? Daarnaast kun je in sommige andere gemeenten via de inlog met je DigiD toegang krijgen tot verleende vergunningen in je wijk of je buurt. Zouden wij dat in Haarlem ook kunnen regelen? Want dan hebben inwoners toegang tot voorbeelden van verleende vergunningen. Een stukje service wellicht vanuit de gemeente. En dan de aanbeveling over het registreren van de handhaving. De reactie van het college in het tienpuntenplan vond ik daarbij eerlijk gezegd wel teleurstellend. De negen andere punten daar kan ik me prima in vinden, in de reactie die daarop werd gegeven, maar dit stukje op die handhaving. Want de reactie was vooral moeilijk, niet in cijfers uit te drukken en het is een extra administratieve last. Het resultaat is daarbij dus wel dat we in Haarlem geen integraal beeld hebben van die handhavingsactiviteiten. Dat is tenminste hoe ik het stuk lees.

Als dat niet zo is, dan hoor ik dat ook graag vanuit het college. Terwijl we zo'n beetje elke Kadernota begroting in de afgelopen jaren meer geld vrijmaken voor meer handhaving en de raad regelmatig ook vraagt om meer handhaving. Of het nou fietsparkeren is of foutparkeren en hoek parkeren van auto's. Daar zie ik ook ik nu niets over terugkomen in die stukken en daar had ik wel graag wat meer informatie over verwacht. Dus daar hoor ik ook nog graag een reactie op. Dan de motie zelf die wij hadden ingediend. Wat mij betreft is die inderdaad afgedaan, want het onderzoek is verricht en daar hebben wij nu reactie op. Dus daarvoor dank. Ik sluit me wel aan bij het verzoek van de PvdA om dat dan bij de jaarlijkse evaluatie wel terug te laten keren, zodat we zicht blijven houden op het soepeler maken van de processen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik dan het woord geven? De heer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Dank u wel, voorzitter. We lezen in het stuk over de evaluatie dat de belangrijkste conclusies zijn dat de focus is gelegd op het op sterkte brengen van de formatie, waarbij helaas 20 procent van de formatie die beschikbaar is gesteld, is ingevuld. Dat ligt niet aan de organisatie vooropgesteld, maar aan de moeilijke markt waarin we momenteel leven. Maar dat is dus wel een teleurstelling dat er van de 32 fte nog maar 6 zijn ingevuld.

De voorzitter: Mijnheer Blokpoel, u heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Ziet u, naast de kansen voor fte en de uitbreiding van de afdeling, misschien ook kansen voor digitalisering en ervoor zorgen dat we uiteindelijk meer werk verrichten met minder fte? De voorzitter: De heer Blokpoel. De heer Blokpoel: Uiteraard zien we dat ook. Alleen ligt dat nu niet voor en is er 32 fte beschikbaar, die niet is ingevuld. Dus dat is een ander gesprek wat we moeten voeren. Maar goed, prettig om te lezen dat er hard gewerkt wordt aan het binnenhouden van de personeelsleden. Met de juiste begeleiding helpt dit natuurlijk enorm. Ook worden projecten even langsgelopen. Dat zal ik ook even kort doen. Zo wordt er genoemd over wonen in de Waarderpolder. Hartstikke goed dat er handhaving op is. Zo lazen we twee weken geleden nog dat er illegale bewoning werd aangetroffen van mensen in erbarmelijke omstandigheden, ergens achter drie deuren waren mensen weggestopt. Dus goed dat u daar projecten op heeft lopen. Project woonwagenlocaties werd genoemd. Dat heeft geen prioriteit. Maar dat is best wel gek, want het is een prioriteit en dan benoemt u dat het hier geen prioriteit was. Dus hoe kunt u nu een prioriteit stellen en die vervolgens niet uitvoeren? Dan het team huisvesting. Zo te lezen, wordt dat enorm bevraagd.

Vooral vanuit landelijke regels en telkens ook

6

weer nieuwe taken en focus erbij. We lezen wel dat er wat er wordt gedaan, maar niet concreet benoemd wat de resultaten zijn. Er zijn twee controles uitgevoerd. Oké en toen? En evenwel voor de particuliere verhuur, ook daar, wat leverde het dan op? Want dat kunnen we benoemen dat gebeur, maar wat zijn dan de resultaten daarvan? Verder zien we vooral het beschrijven van het aantal vergunningen, maar lezen we ook daar vrijwel niets over de oorzaken en conclusies die daaruit getrokken worden. Jammer, want dat is juist toegevoegd de waarde van dit rapport en ook juist de toegevoegde waarde van de evaluatie die wordt gehouden. Waarom zijn er meer parkeerontheffingen beëindigd? Is maar een van de simpele voorbeelden. En waar heeft dat toe geleid? Zijn daarmee doelstellingen gehaald of niet? Waarom dan niet? En ook het vooroverleg werd net al benoemd door D66. Er wordt benoemd: het duurt lang om het in te stellen. Ja, oké, maar het is wel van grote waarde om het in te stellen voor ontwikkelaars bijvoorbeeld en anderen, om het proces te versnellen en zoals de PvdA ook memoreerde, om bijvoorbeeld processen te versnellen en daarmee ook vergunningsaanvragen te versnellen. Waarom duurt het zo lang om dit vooroverleg in te stellen? Dan nog over evenementen. Er zijn 11 toezichtstaken geweest en 18 controlerondes.

Perfect hadden er ook 40 en 50 kunnen zijn, maar wat is er uitgekomen? Wat is er geconcludeerd? Wat heeft u daarmee gedaan en wat heeft het voor invloed op andere processen? Dan het andere agendapunt over het onderzoek. Goed uiteraard dat het onderzoek is uitgevoerd, maar we zien eigenlijk weinig aansluiting tussen de zes aanbevelingen die zijn gedaan en het tienpuntenplan. Het tienpuntenplan, altijd goed om daarop te focussen en daar ook op in te gaan zetten. Goed om van de spaghetti die het is aan regelgeving en et cetera, om daar weer rechte lijnen van te maken. Want dat helpt uiteindelijk voor iedereen. Dus het helpt inderdaad ook uiteindelijk wel om die dienstverlening te verbeteren, maar dat is nog niet en daar vragen we toch echt wel die focus op. De motie is afgedaan, maar ook voor ons de vraag: wanneer worden we geïnformeerd hierover en hoe vaak worden we hierover geïnformeerd? De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Ga uw gang. Mevrouw Van den Broek: Dank u wel. Voorzitter, de Partij voor de Dieren stemde destijds als enige partij in de raad tegen de motie om te onderzoeken of er meer gedereguleerd kan worden. En dat was niet, omdat we per definitie tegen deregulering zijn, maar wel omdat we een voorgevoel hadden dat bomen hier weleens het kind van de rekening zouden kunnen worden. En dat blijkt dus ook het geval te zijn.

Er wordt nu in het tienpuntenplan een voorstel gedaan of eigenlijk twee voorstellen om de procedure tot het kappen van bomen te vereenvoudigen, door bij grote gemeentelijke projecten de kapvergunning gewoon helemaal af te schaffen. En voor overige projecten de bomenverordening aan te passen, die pas vrij gezet door de raad is vastgesteld. Mijn mond viel open toen ik dit las. Het gaat bergafwaarts als het om de bescherming van groen en bomen gaat in Haarlem. Ons groene kapitaal van de stad wordt afgedaan als iets wat maar veel administratie kost, in plaats van iets wat het waard is om zorgvuldig te behandelen. De verbazing werd nog groter toen ik Platform Groen contacteerde en zij überhaupt niet waren meegenomen in deze nieuwe voorgestelde richting. Best bijzonder, want zij zijn toch het adviesorgaan van de gemeente op het gebied van groen. De Partij voor de Dieren zijn dus zeer dankbaar dat zij op stel en sprong toch nog advies aan de commissie hebben gestuurd. Lees het vooral nog even. Zij stippen onder andere terecht aan dat kapvergunningen altijd nog door een boomdeskundige worden bekeken. En dat is met alle respect heel wat anders dan een stedenbouwkundige die achter een tekentafel zit.

En wanneer moet een burger nog bezwaar aantekenen tegen de kap van bomen als alles in eerdere fase al is afgetikt door het college? Voorzitter, voor zover ik weet gaat de raad over de Bomenverordening en niet het college. Een pas op de plaats van het college zou dus netjes zijn geweest in plaats van dit voornemen al in het collegebesluit vast te laten leggen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Wiedemeijer, PvdA.

7

De heer Wiedemeijer: Voorzitter, wat mijn collega aangeeft, klopt. Dus er wordt hier nu niets besloten. Dat gebeurt pas in de Bomenverordening. Maar ik heb een vraag. Wij delen heel erg met u dat we het groen in de stad moeten beschermen. Maar desalniettemin kan het toch zo zijn dat processen zo worden uitgevoerd dat dingen gewoon nu dubbel worden uitgevoerd? Daar is toch geen boom beter mee beschermd door hetzelfde werk meerdere keren te verrichten? Wat hebben we daaraan? De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ja, dat is niet zo. Die beoordeling wordt dus door verschillenden gedaan. Dus bij een kapvergunning wordt het door een boomdeskundige beoordeeld. Dat is heel anders dan iemand die een DO of een VO opstelt. De heer Wiedemeijer: Een vervolgvraag. Stel we stellen hier een bestemmingsplan vast en er is ergens een bouwvak ingetekend, dan mag daar dus worden gebouwd. Dan kunt u niet later een kapvergunning afwijzen, want dat zijn dan tegenstrijdige besluiten. Dus zo kun je niet als raadslid tegenstrijdige besluiten nemen. Op het moment dat je de ene het ene besluit hebt genomen, is een ander besluit dubbel. Daar is niet een boom beter mee beschermd. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Je ontneemt ook burgers en organisaties de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen. Dat vind ik wel bezwaarlijk. De voorzitter: De heer Wiedemeijer.

De heer Wiedemeijer: Ja, maar dat is dus een farce. Dat is een nepvorm van bezwaar, want dat is dan strijdig. Je kunt niet als een bouwvak ergens al is besloten door de raad om dat toe te staan, dan heeft het geen zin om bezwaar mogelijk te maken bij de kap daarvan, als je dat op een ander besluit juridisch hebt mogelijk gemaakt. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Het voorbeeld bij bijvoorbeeld de Gonnetstraat, daar zouden boom gekapt worden. Toen is er actie gevoerd en is er een voorlopige voorziening aangevraagd. En uiteindelijk is juist met de aannemer gekeken van hoe kunnen we die bomen behouden en beter beschermen? Dus dat heeft wel degelijk zin. Maar ik maak nog heel mijn bijdrage af. De voorzitter: U heeft ook nog een interruptie van mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Nou, meer op Maarten en niet op Jacqueline. Dus dan wacht ik even. De voorzitter: Dan gaat mevrouw Van den Broek nu verder. Ga uw gang. Mevrouw Van den Broek: Voorzitter, want in het onderzoek staat dat het veel capaciteit kost, doordat er door misinterpretatie veel bezwaren komen.

Maar dan zou juist hier een betere communicatie en bijvoorbeeld na zo’n voorgesprek, waar de PvdA ook al naar verwees, uitkomst moeten bieden, waarin bewoners sowieso worden gewezen op het belang van bomen, maar ook om de mogelijkheid om hoe kun je ze behouden door bijvoorbeeld beter te snoeien? En bovendien wijkt Haarlem in de benchmark niet heel erg af van overige gemeenten. Dus aan de ene kant wordt heel dramatisch gedaan. Aan de andere kant zijn we ook niet heel erg

8

in afwijking van andere gemeenten. Voorzitter, het college kan haar tienpuntenplan vaststellen, maar de Partij voor de Dieren is het er niet mee eens. En ik vermoed ook niet dat veel Haarlemmers die de bomen een warm hart toedragen, het ermee eens zijn. We zijn nog met diverse partijen in overleg en we overwegen een motie vreemd over dit onderwerp. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik dan? De heer Van Leeuwen, Actiepartij. Ga uw gang. De heer Van Leeuwen:? Dank u wel. Actiepartij ziet in de evaluatie als eerste eigenlijk toch een organisatie die behoorlijk in de knoop is met zichzelf en met de wereld. We lezen dat er een gebrek is aan senioriteit bij het handhaven van parkeren. Er is moeite, inderdaad zoals de VVD zei, om 32 fte vacatures in te vullen. We zien forse oplopende aantallen van niet afgeronde vergunningverleningen. En tevens bijna een halvering, ik denk dat het 40 procent is, van het aantal daadwerkelijk verleende vergunningen ten opzichte van het jaar ervoor. En zoals het een evaluatie- en uitvoeringsprogramma betaamt, lezen we gelukkig wel dat er heel veel in de koker zit voor dit jaar. Maar voorzitter, het beeld is dat het duurt en het duurt en het duurt. En mensen in Haarlem vragen zich onderwijl af waarom met hun meldingen op leegstand zo weinig wordt doorgepakt.

Kijk eens in Utrecht waarin anderhalf jaar tijd, krap anderhalf jaar tijd, de leegstand met de Leegstandsverordening op 20 procent is teruggedrongen. Waarom gebeurt er niet voldoende met de talloze meldingen voorzien van foto's vaak van levensgevaarlijke situaties van hoek parkeren op de stoep? En waarom is er in te veel gevallen, ik denk 32 procent, geen herplant van bomen na het verlenen van een kapvergunning? En misschien is het antwoord deels in wat de heer Wiedemeijer net zegt en misschien moeten we ook naar die Bomenverordening kijken. Maar wat we ermee willen zeggen, is dat de cijfers in deze evaluatie het beeld bevestigen wat mensen in onze stad van handhaving hebben en waar ze ons partij en ik denk ook andere partijen op benaderen. En in dat licht verbaast de Actiepartij het vorige week dat we een abricampagne zagen met ronkende titel: Voelt het verdacht, meld het. Bewoners wordt opgeroepen dat wanneer hun buren een verdacht aantal lampen hun huis binnenbrengen, zij dit moeten melden bij het gezag.

Wat zegt het college, de burgemeester met deze campagne tegen die zich zo betrokken voelende inwoners die tevergeefs al die meldingen al doen, in de hoop dat ze zou kunnen bijdragen aan de vergroting van de leefbaarheid van hun buurt? We gaan toch niet zeggen: we komen wel langs, omdat uw buurman misschien een paar wietplanten in huis heeft staan, maar op het moment dat u meldingen doet van die grote SUV die op de stoep geparkeerd staat, de doorgang belemmerd, het licht wegneemt of die voortgang van die leegstand niet aanpakt, dan moet u niet bij ons zijn. Dat kan niet de bedoeling zijn. En ik hoop dat dat ook niet het beeld is wat het college vindt dat handhaving moet zijn. Tegelijkertijd, initiatiefnemers snakken naar vooroverleg, alvorens ze op hoop van zegen dure en onzekere vergunningstrajecten ingaan. En het is goed te lezen, burgemeester, dat van dat vooroverleg dit jaar werk wordt gemaakt, maar we lopen al bijna op de helft van het jaar. Kan het college aangeven hoe het zit met de organisatie van het vooroverleg en werpt het al de vruchten af die we zo graag zien? Tot slot, met welke boodschap stuurt het college nu eigenlijk de raad de stad in met dit rapport onder de arm? In de dagelijkse gesprekken die wij voeren met initiatiefnemers en met mensen die te hoop lopen, omdat ze hun meldingen eigenlijk ins Blaue hinein zien verdwijnen.

Moeten we de stad straks echt vertellen dat, hoewel we voldoende middelen, D66 zei het al, jaarlijks middelen beschikbaar hebben gesteld om personeel uit te breiden. Moeten we zeggen dat wanneer de organisatie klaar is met het hoe zeggen we dat het? Het onboarden van personeel, mooie uitdrukking, dat als dat gelukt is, dat dan het handhavingsparadijs binnen handbereik is. Ik hoor het graag. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Visser van de ChristenUnie. Ga uw gang.

9

De heer Visser: Voorzitter, wij sluiten ons helemaal aan bij de hartenkreten van de PvdA en de Actiepartij. Ik hoorde een aantal anderen ook nog een paar goede vragen stellen. We moeten gewoon een goede dienstverlening als gemeente bieden. En met name die vergunningverlening, ik heb daar laat artikel 32-vragen over gesteld en heeft het college alleen op hoofdlijnen geantwoord over de parkeernormen van wonen boven winkels. Maar ik had daar ook heel veel vragen over de communicatie en de vergunningverlening door de gemeente. En als ik dan zie hoe mensen van het kastje naar de muur worden gestuurd. En als er dan een verzoek wordt afgewezen, dienen ze maar weer een nieuw voorstel in. En dan dienen ze een nieuw voorstel in, wordt het weer afgewezen. Dienen ze maar weer een nieuw voorstel in. Wordt weer afgewezen. Mensen hebben soms tot vijf keer toe een nieuw voorstel. Daar wordt heel veel ambtelijke capaciteit ingestopt. Terwijl je ook al denken: ambtenaren denk even mee en denk oplossingsgericht en geef dan een richtlijn hoe mensen wel kunnen voldoen aan de eisen. Dat scheelt heel veel ambtelijke tijd en worden mensen ook blijer van. Ik heb via de griffie gevraagd om dat deel van mijn schriftelijke vragen alsnog beantwoord te krijgen, want ik vond dat dat geen technische en gedetailleerde vragen waren, maar het ging over communicatie en proces.

Bij mijn weten heb ik tot op heden geen antwoord gekregen op die schriftelijke vragen. Dus bij deze doe ik het mondeling, wil ik alsnog antwoord op het laatste deel van mijn schriftelijke vragen over de communicatie van het college richting mensen die een vergunning aanvragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Oppenhuis, CDA. Ga uw gang. Mevrouw Oppenhuis: Dank u wel. Mijnheer Visser zei het heel mooi, over de hartenkreten van Actiepartij en PvdA. Ook ik kan me daar inderdaad bij aansluiten. Verder heeft het CDA vooral vragen gesteld over het personeel, omdat wij ons inderdaad, net zoals ik meerdere partijen heb gehoord, ons druk maken over de capaciteit. Dan kan ik een heel betogen gaan houden, dat D66 al heeft gehouden. Dus ik houd het kort en ik sluit me aan bij het betoog van D66. De voorzitter: Dan mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Dank u wel, voorzitter. Ik las deze collegebesluiten en toen dacht ik: wat een vaag verhaal, waar gaat het eigenlijk over? En dat wordt niets met deze afdeling. Dat uit die tekst denk je: die mensen weten eigenlijk toch niet precies waar ze mee bezig zijn. Ze hebben het over allerlei vage dingen, opleiden, binden, boeien en weet ik veel bij de risico's.

Dus ik maak er me zorgen over en ik spreek dan ook het college aan: moeten die mensen niet iets meer geholpen worden? Wat je dan mooi noemt, in hun kracht gezet. Want ik denk: daar gaat iets volkomen mis. De hartenkreten zijn al geweest. Ik heb ook een hartenkreet. Ik merk ook in mijn omgeving dat mensen een vergunning aanvragen, een monumentenvergunning of iets willen doen. Een soort traject in worden gestuurd. Het kost heel veel geld en uiteindelijk zeggen ze: nee, dat kan allemaal niet. Waar is dan inderdaad de mediation? Hoe kan je even mensen begeleiden hoe of wat? Je kan niet mensen allemaal maar een rekening presenteren en daarvoor weinig terug leveren. En dan denk ik toch: minder regels, meer services. Want wij stellen hier allemaal veel meer regels. Wij willen de stad helemaal volbouwen. Er moeten allemaal mensen bijkomen en dat gaat problemen op leven. En dan kan je natuurlijk niet met zo'n sukkelende afdeling een beetje goed in dinges houden. Wat betreft die leegstand, die meldingen. Toevallig hebben wij met een groepje raadsleden vandaag een paar woningen die moedwillig leegstaan, vanwege de eisen van de gemeente, de regels van de gemeente. Mensen hadden er al jaren kunnen wonen en het gebeurt niet. En dan denk ik ook: waar is dan die mediation, dat overleg om hieruit te komen? Want mensen lijden hier onder dit beleid en dat vind ik toch wel vrij zorgelijk.

Ik zou nog een paar dingen kunnen zeggen, maar hier laat ik het maar bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog mevrouw Oosterbroek, GroenLinks.

10

Mevrouw Oosterbroek: GroenLinks heeft de stukken met heel veel aandacht gelezen en wij kunnen ons niet vinden in de deregulering op de kapaanvragen. Wij steunen op zich de oproep om het vergunningsverlening makkelijker te maken voor particulieren en bedrijven. En dat het op dit moment niet goed geregeld is, als particulier kan je dat wel beamen in Haarlem. En dat lijkt mij echt een kwestie van het stroomlijnen van alle bestaande regels die we op dit moment hebben. En wat het college hier voorstelt, is we gaan de Bomenverordening nog een keertje herzien. Dus we gaan weer nieuw beleid maken op iets wat we eigenlijk al hebben vastgesteld, wat ons heel veel tijd en energie heeft gekost, veel gesprek. Wat het college veel tijd en energie heeft gekost. Wat de organisatie veel tijd en energie heeft gekost. En dan wordt er nu gezegd: omdat in de uitvoering twee of drie regeltjes, dat zou net even wat efficiënter, wat effectiever kunnen zijn. Daarmee krijgen we uiteindelijk helemaal volgens mij niet het resultaat wat we met zijn allen hier beogen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van Leeuwen van de Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik zit onlangs een aantal maanden bij de Commissie Beheer en ik dacht dat u daar ook, mevrouw Oosterbroek, wel heeft gezeten.

Daar gaat het toch elke maand weer over bomenkap en dat het toch wel heel gaaf zou zijn als we in plaats van stamdikte eens een keer gaan kijken naar kroonomvang. Is het niet gewoon heel slim om die Bomenverordening hoe dan ook aan te pakken en moeten we dat niet in de andere commissie bespreken? De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ik zat inderdaad in de Commissie beheer en ik heb inderdaad mede kunnen bijdragen aan het vaststellen van die Bomenverordening en ik weet hoe dat gesprek is gegaan en hoe intensief dat gesprek was. En hoe goed we daar met elkaar over na hebben gedacht. En dat we uiteindelijk nu ook tot misschien vernieuwde inzichten komen bij de kroon in ieder geval op dit moment. Wat we nu hebben staan, is gewoon een goede verordening. En dan vind ik het jammer dat voordat hij nog tot uitvoer is gekomen, dat we het dan eigenlijk alweer ingewikkelder gaan maken voor de organisatie. Want mijnheer Van Leeuwen, hoe zou u als vergunningspersoon constateren dat die kroon … Dat zijn allemaal innovatieve technieken, daar wordt ons proces helemaal niet sneller van. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek, u heeft ook een interruptie van de heer Amand van Trots Haarlem. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, nogmaals. Ik heb wel een vraag aan mevrouw van GroenLinks.

Vindt u niet dat Haarlem te veel regels heeft omtrent alles? De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ik denk dat die regels, die zijn er niet voor niets. Op het moment dat u geen regels wilt vaststellen, dan heeft dat ook eigenlijk helemaal geen zin om in een democratie te gaan zitten en dan met elkaar te bepalen wat de belangen zijn en welke regels we daarvoor met elkaar vaststellen, zodat we kunnen functioneren op een efficiënte manier. Waardoor we dus ook met elkaar heel veel problemen kunnen voorkomen en ook heel veel capaciteit ook in ieder geval daarmee voorkomen aan het blussen van brandjes. Met die regels maken we een structuur in onze stad. En op moment dat we daar een soepele organisatie naast zetten, dan kunnen we, zeker ook in combinatie met digitalisering, die dienstverlening naar de Haarlemmer verbeteren. En of dat dan uiteindelijk twee of drie regels zijn, volgens mij gaat het daar helemaal niet over. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Amand.

11

De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik zal nog één poging wagen. Vindt u niet dat we in Haarlem te veel regels hebben? Dat is mijn vraag. De voorzitter: Volgens mij is dat al uitgebreid beantwoord. Mevrouw Oosterbroek: Nee, dat vind ik niet, want ik vind alle regels die we hier met de raad hebben vastgesteld, daar heb ik respect voor en daar sta ik achter. De voorzitter: Maakt u uw verhaal af of was dit het einde? Mevrouw Oosterbroek: Nee, ik wilde de PvdA nog even steunen, want dat is altijd goed in deze tijd. Steun voor D66 ook voor het gesprek voor de vergunningsaanvraag. Want ik denk dat dat gewoon heel erg ook voor die verduidelijking kan zoeken. En ik denk dat dat het laaghangend fruit is, zodat we in ieder geval op die bouwaanvragen, op die regels die bestaan uit papier en niet uit mensen. Daar kunnen we echt binnen de digitale processen wel ook echt een versnelling in maken, denk ik. De voorzitter: Goed, dank u wel. Nog anderen? Volgens mij hebben we iedereen gehad. O sorry, de heer Alberts van Forum voor Democratie. De heer Alberts: Voorzitter, dank u wel.

Even ter verduidelijking, zitten we nu dus in een situatie dat we naar aanleiding van aanbevelingen van het onderzoek dat heeft plaatsgevonden met een voorstel zijn gekomen, dat we niet kunnen uitvoeren, omdat de bemensing al ontzettend nodig is voor de taken die er op dit moment zijn? En als we dat nulpunt nu vaststellen, hoe verhoudt zich dat tot de regels die steeds meer zijn geworden, de trend die hiertoe heeft geleid? En welke keuzes concreet kunnen wij opmaken uit wat er uit het onderzoek is gekomen? Als we nieuwe mensen vinden, worden die dan ingezet voor deregulering of om nieuwe regels weer te gaan handhaven, uitvoeren of welke kant gaan we op vanaf dat punt? Heeft het college daarover nagedacht en kan het college daar iets over zeggen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we toe aan beantwoording door het college. De heer Roduner, wethouder Roduner, ga uw gang. Wethouder Roduner: Ja, ik zal beginnen. Het loopt een beetje door elkaar heen. Jaarplan, evaluatie en het 213a-onderzoek. Er moet mij toch wel één ding van het hart, want volgens mij wordt in het 213a-onderzoek geconstateerd dat Haarlem een complex en overlappend regellandschap heeft. En dat heeft u vastgesteld. De gemeenteraad heeft een Boomverordening, een Hemelwaterverordening. Alle nota's zijn allemaal door u vastgesteld.

Dat was ook denk ik toen mijn reactie toen u met die motie kwam van let op, u vraagt eigenlijk te snijden in uw eigen vlees, want de dingen heeft u vastgesteld. En de afdeling VTH is gebonden aan die regels en moet aan die regels ook toetsen. Dus het stuitte mij wel een beetje tegen de borst dat mensen het hebben over ambtelijke bureaucratie of sukkelige afdelingen. Omdat ik denk: dit zijn de mensen die doen wat wij gevraagd hebben, die onze beleidsambities proberen te borgen. En dat doen ze op de manier dat ze vergunningsaanvragen daarop toetsen, daarop handhaven. En dat stuk werk is voor ons echt superbelangrijk in het realiseren van onze beleidsambities. Dus ik ben heel blij met hoe de afdeling werkt. Volgens mij is het in het verleden heel duidelijk geweest dat de afdeling echt te maken had met veel te weinig mensen. Daar zijn we ook samen op ingesprongen. Er is 1 miljoen ongeveer uitgetrokken voor de dingen die niet doorbelast konden worden in de leges, maar ook de leges zijn verhoogd. En daaruit zijn ook weer nieuwe mensen aangenomen, om de dingen te toetsen die wij met elkaar hebben te doen en die we dus ook in de leges kunnen doorbelasten. Dat geeft de afdeling ook wat tijd en ruimte, in ieder geval dat miljoen wat we zelf

12

hebben uitgetrokken, om goed te werken aan handhaving, maar ook verder te werken aan beleidsdoorontwikkeling. Dat gaat dus niet alleen maar over vergunningverlening, maar ook na te denken, strategisch na te denken: hoe kunnen wij onze dienstverlening beter maken? Hoe kunnen we onze processen beter organiseren? Hoe kunnen we uiteindelijk die Haarlemmer beter bedienen? Want dat is ook de ambitie. We willen de Haarlemmer graag goed bedienen en dat doen we binnen de regels die we met elkaar hebben gesteld. Dat is even de opdracht en de missie van in ieder geval de afdeling VTH. Ik hoop dat ik het goed zeg. Ik kijk ook even naar mijn collega. De voorzitter: De heer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, terecht wijst het college erop dat de raad het hoogste orgaan is die de regels vaststelt en niet wat de ambtelijke organisatie allemaal verzint. Maar als dit de evaluatie is, dan is het toch tijd om als geheel die regels te herzien? Op het moment dat een simpele dakkapel drie dagen duurt. Ik weet niet welke regels van de raad daarin klemmen, maar ik zie ze niet staan in uw evaluatie. Dus dan hebben we toch met zijn allen een probleem gecreëerd, waar we nu een begin moeten maken hoe we dat gaan oplossen? En daar heeft zeker de raad ook een verantwoordelijkheid. De voorzitter: Interruptie, een korte vraag, eventjes afronden.

De heer Wiedemeijer: Wat is dan het voorstel om het probleem op te lossen? Wethouder Roduner: Ik denk dat dat een van de punten was in de eerste drie punten van het tienpuntenplan. Die gaan over die kleine dingen, maar bijvoorbeeld, dat vind ik altijd een leuk voorbeeld, ook een dakkapel moet voldoen aan de Hemelwaterverordening. Denk daar eens even over na, wat het betekent dat een dakkapel, wat een hele simpele ingreep is, dat je dat dus uiteindelijk als je dat goed zou willen doen, zou je voor hemelwatercapaciteit moeten zorgen. Dus opvangcapaciteit voor de Hemelwaterverordening. Ik weet niet of we dat allemaal zo doordacht hadden toen we de Hemelwaterverordening vaststelden, maar dat is wel een van de consequenties en waar je op moet toetsen. En zo kan je natuurlijk nog wat verder gaan. Dus dat zijn wel de dingen waar we op neerkomen. De voorzitter: Gaat u verder met de beantwoording. Wethouder Roduner: Ik denk als je naar die kleine dingen kijk, dus de dakkapellen, de dakopbouw, daar lopen eigenlijk al best wel veel acties op. We hebben een pilot draaien in Haarlem-Noord in het aanpassen van het Omgevingsplan om de verschillende typen dakopbouwen die we in de stad hebben toegestaan te uniformeren, simpeler te maken. Dat gaat natuurlijk uiteindelijk ook helpen om uiteindelijk sneller te toetsen. Want dan kan je gewoon zien: dit is het type dakkapel dat hier is toegestaan.

In plaats van dat je uit tien verschillende modellen kan kiezen, is er dan nog maar een of twee. Dat maakt het in ieder geval een stuk makkelijker. Dus juist in het beter maken van ons Omgevingsplan. We hebben heel veel reparaties ook gehad in het parapluplan, om uiteindelijk die regels strakker te trekken. En hoe strakker de regels, hoe simpeler de regels zijn, hoe minder afwijking, hoe meer maatwerk er nodig is. Hoe sneller je uiteindelijk kan vergunnen. Dus dat zijn … Dus als het gaat over de ruimtelijke dingen, zitten die denk ik vooral in de eerste paar punten van het tienpuntenplan. De voorzitter: Er is nog een interruptie van de heer Amand, Trots Haarlem.

13

De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Eén vraag aan de wethouder. Ik krijg de laatste tijd een beetje klachten over dat het meer digitaal moet gaan. Bent u het daarmee eens, bijvoorbeeld u zegt: een dakkapel. De voorzitter: Mijnheer Amand, we zijn bezig met de beantwoording van het college. Het zou misschien ook wel in de tweede termijn dan kunnen. Laten we eventjes nu de beantwoording door laten gaan. Dank u wel. De heer Amand: Ik wilde u juist nog de kans geven, voorzitter. Wethouder Roduner: We werken natuurlijk met een digitaal stelsel Omgevingswet. Dat gaat over alle ruimtelijke plannen makkelijk inzichtelijk maken. Maar Actiepunt een uit het tienpuntenplan gaat over het harmoniseren van de dakkapellen, dakopbouwen. Op het moment dat dat zo is, dan zou je met zogeheten sneltoetscriteria eigenlijk veel sneller digitaal kunnen toetsen en veel sneller kunnen afdoen. En dat is fijn voor de snelheid. Dat bespaart leges en ik denk dat dat ook een goede manier is. Dat zijn van die dingen waar we al mee bezig zijn en die we in het plan hebben terug laten komen, om uiteindelijk de dienstverlening beter en soepeler te maken. Ik heb, want bij D66, het is een beetje deregulering en re-regulering. Dus het gaat niet alleen maar over het verminderen van de regels, zoals bij de dakkapellen, maar ook over het anders vormgeven van ons beleidshuis, waardoor het simpeler wordt.

Waarbij je niet zozeer afscheid neemt van de regel, maar vooral kijkt hoe kun je het beleid anders en slimmer vormgeven, zodat het in de uitvoering het makkelijker maakt. En ik denk dat juist in deze gemeenteraad, als ik die een beetje goed ken, dan is er vooral draagvlak voor re-regulering en is het heel lastig om uiteindelijk met elkaar afscheid te nemen van een aantal beleidsambities in de deregulering. Dus ik denk dat daar ook vooral de grootste winst te zien is. U vraagt naar het vooroverleg. Dat vragen meerdere partijen. Dat wordt dit jaar ingevoerd. Dat zit niet op één punt. Het staat eigenlijk in fases. Het eerste gaat over het makkelijker informatie verschaffen via de website of de e-mail. Dus dat gaat over de kleine verzoeken van informatieverzoeken van Haarlemmers. Maar dat gaat ook over het introduceren van vooroverlegtafels in verschillende vormen. Dat komt iets later. Dat heeft te maken, dat kan een kleine tafel zijn bij een klein initiatief. Dat kan een grote tafel zijn bij een grote initiatief. Daar zullen wij ook een bedrag voor vragen, want het is werk wat we doen en dat kan dan hopelijk later weer verrekend worden met de leges als de vergunning uiteindelijk verrekend wordt. Nou, dat is een van de dingen die we nu kunnen doen, omdat er meer capaciteit beschikbaar is, is die capaciteit deels beschikbaar.

En ik denk ook dat is misschien het antwoord op de vraag van Frank Visser, doordat er wat lucht is om die capaciteit beschikbaar te stellen, voorkom je veel frustratie aan de achterkant en hoef je niet drie keer een vergunning te beoordelen en af te wijzen. Daar krijg je dan wel leges voor, dus financieel zou dat nog wel moeten rondlopen, maar het is natuurlijk niet fijn als je drie keer langs moet. Zo'n vooroverleg aan de voorkant, hopen we ook dat we uiteindelijk aan de achterkant veel werk kunnen wegnemen. Dus ik denk vooroverleg inderdaad gaan we weer introduceren en kijkt iedereen vol verwachting naar uit. Dus dat kwam vaak ook wel terug. VVD constateert dat er weinig aansluiting is tussen de aanbevelingen uit het 213a-onderzoek en het tienpuntenplan. Ben ik wel een beetje met u eens. We hadden, denk ik, wel meer gehoopt te halen uit het 213a-onderzoek. Ik denk dat het goed is dat het constateert dat we niet hele gekke dingen doen. En dat had een aantal aanknopingspunten waar ze zeiden: hier is de regeldruk van Haarlem heel heftig. Nou, daar hebben wij een stap verder ingezet, om uiteindelijk toch op dat tienpuntenplan uit te komen. Het kwam niet uit het onderzoek zelf. Ik denk dat het 213a-onderzoek ons bevestigt dat we geen gekke dingen doen, dat we redelijk doelmatig doeltreffend werken.

Maar het geeft ook aanleiding om in dat gesprek verder te voeren van hoe is ons regellandschap? Moet je daar niet een stap in zetten? En dan misschien die boom, want die komt denk ik terug in dat tienpuntenplan. Ik denk dat het klopt wat Partij van de Arbeid ook beschrijft bij bijvoorbeeld het vaststellen van een bestemmingsplan. Op het moment dat de gemeenteraad een bestemmingsplan vaststelt waarin een bouwvlak

14

is getekend waar een boom staat, op dit moment moet je dan ook nog een aparte vergunningsaanvraag gaan indienen voor het kappen van die boom. En dat is echt onzinnig. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Een vraag. Bedoelt u Bestemmingsplan of Omgevingsplan? De voorzitter: De heer Roduner. Wethouder Roduner: Inmiddels is het Omgevingsplan, maar in het verleden was het nog Bestemmingsplan. Dus laten we het dan Omgevingsplan noemen. Maar dan blijft het vraagstuk natuurlijk hetzelfde. We gaan met elkaar een plan vaststellen waar we zeggen: wij vinden dat hier een ondergrondse parkeergarage moet komen of een gebouw. We weten met elkaar aan de voorkant, dat verhoudt zich niet tot het bestaande groen. Dat is een heel heldere afweging, die we dan ook als raad met elkaar besluiten. Dan is die vergunningverlening natuurlijk niet meer nodig. Daar zit nog wel een klein verschil in met de huidige werkwijze. Dat is namelijk dat wij op dit moment in ons Omgevingsplan niet alle vereisten stellen die we ook bij een vergunningverlening zouden stellen. Namelijk en dat is denk ik het belangrijkste is onder andere een afspraak over de herplant.

Een herplant is niet geborgd in het Omgevingsplan op dit moment, maar kun je wel als je dat anders gaat doen, kun je bijvoorbeeld die herplantplicht ook laten borgen bij het vaststellen van het Omgevingsplan. Dan heb je dat stuk vergunning ook weer netjes afgerond. Dus er is wel een stap extra te zetten voor ons, maar dat zou wel een versoepeling moeten kunnen zijn. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik begrijp uw verhaal wel, maar wij zijn hier echt al jaren bezig om die bomen een prominentere plaats te geven in de plannen die hier zijn. En die ondergrondse parkeergarages die zijn er eigenlijk niet, dus dat is het punt helemaal niet. Het punt is voor de gemeenteraad jaar in jaar uit geweest, laat ook in die bestemmingsplannen zien, als de bomen die het behouden waard zijn, we hoeven natuurlijk niet een boomspriet en dat we dat als uitgangspunt hebben en dat de ontwikkelaar daarnaar kijkt, in plaats van wat altijd de gewoonte was, het hele terrein maar alle bomen weghalen. Dan een plan maken. En hupsakee, dan heb je weer een bebouwing in de stad. Nee, we wilden en ik neem aan, dat is absoluut niet veranderd, die waarde van het volwassen groen dat dat ook een heel belangrijk punt is. En dat dan maar moet regelen in zo'n vergunning. De voorzitter: De heer Roduner. Wethouder Roduner: Ik ben het eigenlijk helemaal met u eens.

We willen volgens mij bij de ruimtelijke afweging bij bijvoorbeeld een gebiedsontwikkeling goed inzichtelijk hebben: wat is de kwaliteit van het bestaande groen? Dat doen we zelfs soms ook nog via i-Tree, dat we het ook nog op die manier doorrekenen, maar dan kunnen we een hele weloverwogen afweging met elkaar maken. Dit zijn de bomen die er staan, die hebben deze kwaliteit, die hebben deze levensverwachting en dat weeg je af tegen een andere ontwikkeling van het gebied. Of je die parkeergarage wel of niet wil, of je die woningen wel of niet wil, maar dan maak je heel weloverwogen dat besluit. Dus volgens mij het doel is aan de voorkant dat besluit weloverwogen en bewuster met elkaar te nemen. En daar kun je dus ook nog wat extra regels aan vasthangen, zoals de herplantplicht. Maar dan is het sluitstuk, dan is er geen enkele grond meer om die vergunning niet te verlenen. Sterker nog, dan kan je denk ik afscheid nemen van het hele kapvergunning verlenen. Ik denk dat dat de

15

gewenste werkwijze is. En dat is iets waar we nog wel een stapje extra moeten zetten, maar daar zitten vooral deze twee aanbevelingen op. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek, u heeft een interruptie. Mevrouw Van den Broek: Kan de wethouder toch nog toelichten waarom Platform Groen hier niet over is geconsulteerd? En misschien ook waarom het niet eerst toch nog besproken zou worden in de Commissie Beheer en Ontwikkeling? De voorzitter: De heer Roduner. Wethouder Roduner: Het is niet echt een beleidswijziging. Tenminste, zo zie ik het niet. Het is dus niet dat we de regels weg gaan halen. Het is dus niet, volgens mij is er minder sprake van deregulering, maar meer van reregulering. Je probeert de regels simpeler te doen, soepeler te doen. Maar ik heb niet het idee dat hier nu een inhoudelijke beleidswijziging zit, want volgens mij is dit de manier waarop we zouden willen werken. We hebben gezegd: er komt op een gegeven moment weer een herziening van de Bomenverordening aan. Dat is een logisch moment om dit deel dan ook bij aan te haken en ook netjes in onze regels op te lossen, zodat er geen dubbeling meer is. Dus volgens mij, uiteindelijk is Platform Groen wel geïnformeerd, maar omdat het niet echt een beleidswijziging is, was er geen aanleiding om hier een discussie met elkaar over aan te gaan. De voorzitter: De heer Amand, Trots Haarlem. De heer Amand: Dank u, voorzitter.

Ik had enkel aan de wethouder een vraag eigenlijk. Het is toch altijd mogelijk om een groenparagraaf in te voeren? De voorzitter: Maar mijnheer Amand, dit is misschien iets voor de tweede termijn. We gaan nu in op de antwoorden die de heer Roduner geeft uit de eerste termijn. Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Misschien ben ik niet goed ingevoerd, hoor. Er is geen beleidswijziging nodig om uiteindelijk een Bomenverordening … Maar in dit stuk staat wel dat we de Bomenverordening daarvoor moeten wijzigen. Dus beleid dat is inderdaad soms een beetje een kapstok, waaronder dan die Bomenverordening, maar we hebben het hier echt over die verordening en die verordening die moet worden gewijzigd. Dus u stelt hier wel een beleidswijziging voor en ik denk, dat rijmt voor mij gewoon niet. De voorzitter: De heer Roduner. Wethouder Roduner: Ik wil niet in een semantische discussie belanden, want volgens mij kunt u zeggen: de verordening wordt gewijzigd, dus dat is een beleidswijziging. Kijk, mijn lijn zou zijn, een beetje zoals ik reageerde richting mevrouw Van Zetten, we willen veel meer aan de voorkant zitten van het proces. We willen als het gaat over een groot plan, SPV, Programma van eisen voor de leefomgeving, Omgevingsplan. Wil je veel meer aan de voorkant het groen in kaart hebben gebracht, groenparagraaf, nagedacht over de afweging die je daarin maakt.

Scherpe demarcatie van deze boom kan wel of niet gehandhaafd blijven bij het verder uit ontwikkelen van het plan. En op het moment dat je dat heb, dan wil je ook zorgen dat dat … Dan is het denk ik niet meer nodig om daar dan nog een aparte vergunning met een aparte beoordeling en ambtelijk aparte ambtelijke inzet op te zetten. Dus dat is volgens mij ook het beleid, het gewenste en volgens mij ideale beleid. Ik heb niet het gevoel dat het echt iets anders is. Want volgens mij is er bij deze raad daarvoor heel veel draagvlak. Dat moet nog wel worden aangepast in de verordening. Dus op dit moment kan dat nog niet in de

16

verordening. Ik denk dat dat een wijziging is waarvan het verstandig is om bij de volgende actualisatie van de Bomenverordening dat door te voeren. En dan is het ook gewoon aan die kant netjes geregeld en dan hebben we weer een regel slimmer gemaakt. Forum vroeg nog: als er meer mensen zijn, waar gaan we dan onze aandacht op inzetten? Nou, heb ik net proberen uit te leggen. Namelijk, dan hebben we iets meer strategische capaciteit om na te denken over hoe gaat het met onze processen? Kunnen die slimmer? U heeft in de nota ook de evaluatiecyclus gezien. Dus uiteindelijk monitoren en evalueren is onderdeel van onze cyclus waarin dingen beter kunnen. Als we dingen zien die beter kunnen vanuit VTH, dan nemen we dat op. Daar is die evaluatie ook voor bedoeld, om uiteindelijk jaarlijks daarop, zeg ik richting de PvdA, ook terug op te kunnen komen. Dus we zullen niet een volledig 213a-onderzoek doen, maar het is natuurlijk wel moment om te reflecteren op het gedane werk, te kijken wat er beter kan. Dat doen we niet alleen via deze cyclus, maar ook in de vergunningen die vaak vastlopen in het evalueren van bezwaarzaken. Is ook een hele interessante.

Als je af en toe de deksel op de neus krijgt bij een beroepszaak, is het natuurlijk ook heel interessant om te weten: wat kan er beter? Hoe kunnen dingen beter? Dat is eigenlijk een continue cyclus, maar het beleidsplan is denk ik ook het goede om daarop te reflecteren. En u had nog een vraag gesteld, PvdA, over de leegstand bij corporaties. De voorzitter: Wethouder Roduner, u heeft nog een interruptie of een vraag van de heer Alberts. De heer Alberts: Dank voor het antwoord. Maar daar wordt nu dus gesteld dat bij nieuwe mensen dan gaan we aan de slag met dat tienstappenplan. Maar er zijn ook nog andere zaken die ook nog bemensing nodig hebben, bijvoorbeeld de verandering naar de Omgevingswet toe. Wat heeft dan de prioriteit? Want dat was meer mijn vraag. De voorzitter: Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Er zijn mensen die op basis van de legesinkomsten vergunningen verlenen. Dat wordt gedekt door de leges. Er zijn mensen aangenomen die vanuit algemene middelen betaald worden en vooral zitten op de dingen die we niet in de leges kunnen stoppen, zoals handhaving, maar ook het nadenken over slimmere processen van vergunningverlening. Dus daar zit wat strategische denkcapaciteit. Veel van wat u ziet in het tienpuntenplan gaat over het aanpassen van het beleidskader daarachter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15574321/2