Transcript Commissie Bestuur 05.10.2023
Tekst van het document
De dertig kilometer voor die Fed Bikes snap ik heel erg goed, maar dat mogen wij niet lokaal bepalen. Dat wordt landelijk bepaald. Ze mogen trouwens, heb ik me laten vertellen, niet harder dan vijfentwintig kilometer per uur, dus dan is dertig kilometer als maximum een beetje raar. Het is nu al vijfentwintig kilometer. Wat wij gaan doen, de politie die heeft deze week heeft het kabinet een maatregel genomen, of de minister, dat de politie ook een rollenbank kan gebruiken om dat te checken. Want, tot nog toe bestond dat niet. Nou, of wij die ook direct hebben hier in Haarlem dat is nog even verse twee natuurlijk, want dan moet je er ook over kunnen beschikken. Maar, de snelheid wordt bepaald door de wet. Dat is landelijk beleid. Dat is op dit moment vijfentwintig kilometer. Ga je harder ben je strafbaar, dan rijd je namelijk te hard. De controle daarop, daar wordt gewerkt aan technische middelen om dat beter mogelijk te maken dan op dit moment. Voor het overige ben ik in gesprek, heb ik al eerder gemeld, ook met de minister om te kijken kunnen wij geen maatregelen nemen om de veiligheid van verkeersdeelnemers, en met name fietsers, te versterken door wat kritischer te gaan kijken naar de problemen die door bepaalde fietsen worden veroorzaakt die te hard rijden. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten heeft nog een vraag. Ga uw gang.
Mevrouw Van Zette: Nou, het ging mij meer om de terreur die werd uitgeoefend en of u daar iets op kan verzinnen. Maar, de snelheid op de fietspaden, dat is natuurlijk een ding. Maar, er wordt natuurlijk ook door die Fed bikes in die Haarlemmerhout rondgereden en daar gebeurt natuurlijk ook van alles en ik zou dan wel pleiten voor meer handhaving juist op dat soort plaatsen, omdat je daar ook helemaal niet met een Fed Bike mag rijden. Burgemeester Wienen: Nou hoef je geen nieuwe maatregelen (…). Sorry. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Zetten. U bent ook door uw tijd heen. Uw tijd is ook om, maar uw antwoord ja. Burgemeester Wienen: Ja, heel kort, want dat is of als het is op een plek waar je niet mag fietsen dan kan het aangepakt worden. Als het is op een plek waar je wel mag fietsen dan hebben wij dus geen instrument om dat zelf als gemeente te regelen.
34
De voorzitter: Goed, dit was de beantwoording na eerste termijn met ook wat vragen. Mevrouw Wegman, u heeft nog een vraag. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Ik heb geen antwoord op mijn vraag gehad over slapen op straat, de boetes. Burgemeester Wienen: Ja, dat is goed dat u dat zegt. Kijk, in principe is ons beleid dat je niet op straat hoeft te slapen, maar dat je opgevangen wordt in de dak- en thuislozen opvang en het is ongewenst dat er op straat wordt geslapen. Dus, je kunt zeggen dat mag niet, maar wij leggen er geen boetes voor op. We hebben hier al eerder discussie over gehad. Het werkt averechts. Het zijn mensen die de boetes niet kunnen betalen die je opzadelt met een schuld, dus wij zoeken naar andere methodes om duidelijk te maken van jongens, dit is niet de bedoeling. De voorzitter: Dank u wel. Ik zit even naar de tijd te kijken. Het is tien over half acht. We moeten nog een onderwerp hierna doen en, nog twee zelfs, nee een. Ja, acht, sorry. Dus ik wil e… Burgemeester Wienen: En ik heb nog even een aanvulling voorzitter, als u het goed vindt, voor mijnheer Smit. Want, dat poepzakje optreden. Ik begrijp dat de boete in artikel zes, een is benoemd en dat artikel twee, achtenveertig in ieder geval ook van toepassing is. Dus, u heeft gelijk, je moet het wel aangeven, maar dat dat hier wel is voorzien.
De voorzitter: Nou, gezien de tijd als de v… Ja, er zijn altijd nog weer meer vragen, maar ik zou eigenlijk willen voorstellen om toch te gaan vaststellen hoe het naar de raad gaat. Nee. Heeft u … Oké, nou mevrouw Çimen, ga uw gang. D66 tweede termijn. Mevrouw Çimen: Ja super, dank u wel voorzitter. Ik hoor dat de burgemeester hard werkt om deze problematiek op te lossen. Dat is ook duidelijk zichtbaar, maar ik hoor eigenlijk ook dat de burgemeester, maar ook de politie en de handhaving toch ook wel een beetje met de handen in het haar zitten en iets proberen om de problematiek te tackelen. Ik ben eigenlijk door de beantwoording nog niet heel erg overtuigd van de effectiviteit ervan, dus ik vraag me ook af en ik vraag ook aan de burgemeester hoe gaat hij dat monitoren? En, hoe houdt hij de commissie hiervan op de hoogte? Want, ik zou dan wel graag iets van een nulmeting willen zien van het aantal incidenten en of dat dus hierdoor ook omlaag gaat. Want, u zegt eigenlijk het is goed om te kijken of dit effect heeft en als dat niet zo is, dan zouden we er ook mee moeten stoppen.
De voorzitter: Mevrouw Çimen, u bent ook door uw tijd heen, dus wilt u afronden? Mevrouw Çimen: Gelet op de belangenafweging die hier ook plaatsvindt van mensen die helemaal niks te maken hebben met de overlast en ook de economische belangen, zou ik hier toch iets meer duiding over willen hebben in de toekomst. Dus graag aan reactie. Dank u wel. De voorzitter: Oké, en zal ik gelijk de vragen van de heer Aynan even … De heer Aynan: Ja, ik sluit me daar graag bij aan en ik doe de suggestie om het ook een pilot te doen. Laat het maar samenlopen en dan kunnen we daarna ook de boel evalueren. De voorzitter: Nog anderen in tweede termijn? Mevrouw Klazinga. Sorry.
35
Mevrouw Klazinga: Ja, volgens mij kan het wetgeving technisch niet als pilot. Maar, mijn vraag sluit daar eigenlijk ook bij aan of de burgemeester bereid is om toe te zeggen dat er een evaluatie gehouden zal worden met een nulmeting om het effect kenbaar te maken en dat inderdaad hier in deze commissie besproken wordt. De voorzitter: De heer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Ja, ik heb nog wel dezelfde vrees voor de effectiviteit van artikel twee, vierendertig D en dat gaat over de Koningsdag en Bevrijdingsdag. Eigenlijk om dezelfde reden. Ik denk, op het moment dat je dit gaat doen, dat mensen vrij zijn of zullen kiezen van nou ja, dan kopen we een dag eerder dat bier. Je vindt altijd wel een manier om aan je drank te komen. Maar, los daarvan, ik wil nog even een punt maken. Wat technischer. In het stuk staat u verbiedt niet dan op Koningsdag, maar op 27 april, maar de Koningsdag is over anderhalf jaar op een zondag, dus dan is het op 26 april. Dus, ik denk dat dat sowieso een punt in ieder geval is. De voorzitter: De heer Aynan had een interruptie op de heer Drost? De heer Aynan: Ja, want dat vrezen wij ook. Want, wat dacht je van illegale verkoop die dan de kop op gaat steken en dat bij die snackbars vrezen we hetzelfde. De voorzitter: Dank u wel. De heer Alberts, tweede termijn. Ga uw gang.
De heer Alberts: Ja, mijn vraag was niet beantwoord over de aanleiding van die verheldering van het college die bevoegdheid krijgt van de nadere regels en waarom college en niet burgemeester. De voorzitter: Tweede termijn. Eventjes de vragen. De heer Wegman, mevrouw Wegman, sorry. Ga uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel voorzitter. Toch nog even over slapen op straat. Want, de burgemeester zegt nou hebben we gaan die boetes niet doen. Maar, waarom moeten het dan in de APV? Dat kan er toch dan eruit? De voorzitter: Zijn er geen vragen meer in de tweede termijn? Nee? Dan gaan we naar beantwoording. Ga uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, beetje in willekeurige volgorde. Waarom burgemeester niet en waarom college, dat is simpelweg vanuit de wet. Dus, we kijken naar wat de wet voorschrijft en dat volgen we. Dus, meestal ben ik ervoor om te zeggen doe gewoon wat het snelste en het makkelijkste is. Maar, in dit geval nou, je volgt gewoon wat is voorgeschreven. Over op de weg. Waarom regel je dat toch als je toch niet gaat beboeten? Nou, er zijn meer manieren overigens waarop je kunt zeggen sorry, dit mag niet en je neemt mensen mee of je verwijst mensen naar een andere plek. Het is toch denk ik echt een ongewenste situatie dat mensen op straat en op allerlei andere plekken de nacht doorbrengen. Als je wilt dat ze erop aangesproken worden, moet je ook ergens op kunnen beroepen.
Als je zegt van ja we halen iedere verbod halen we weg en je wilt ze aanspreken, want mensen hebben er ook last van. Er wordt soms ook over geklaagd van kunt u daar niet mensen op aanspreken? Ja, als je ze nergens op kunt aanspreken omdat we het niet geregeld hebben, dan sta je ook echt helemaal met lege handen. Dus, ik denk dat ook al doe je geen boete dat je wel iets kunt doen. Dan, voor wat betreft de pilot, dat kan niet inderdaad. Dat heeft met de wet maken. Maar, wat wel kan dat is inderdaad, en ik denk dat we dat ook moeten doen dan, het is niet zo mevrouw Çimen, dat we dit maar doen van nou ja
36
laten we eens wat proberen. Het is een reactie op een heel duidelijke klacht die al gedurende een langere periode iedere keer geuit wordt door de politie. Die is daar bezig en die zegt: ja jongens, maar ze slepen het met zulke hoeveelheden aan. Het wordt ze daar ook aangeboden. Ze staan er gewoon. Daar moet je echt iets aan doen. Dus, dat is de reden. De reden is niet van nou ja laten we eens iets proberen. Nee, de reden is dat de politie zegt daar zien wij concreet een bron van een enorme hoeveelheid ellende. Natuurlijk is het waar dat, ja … De voorzitter: Wilt u het afronden? Sorry, want (…) echt geen tijd. Burgemeester Wienen: Ja, ik snap het. Mevrouw Van Zetten: Ga wel een punt van orde eigenlijk maken. Burgemeester Wienen: Ik ben zeker bereid, laat ik dat, want dat wilt u graag ook horen, om te kijken van hoe gaan we dat evalueren, zodat ik bij u daarop terug kan komen van maar merk je dan ook verschil? De voorzitter: We zijn door de tweede termijn heen en de beantwoording en we gaan nu bepalen hoe gaat dit stuk door naar de raad. Hoe wilt u het al … Hamerstuk met stemverklaring? Ja? Nou, dan hamerstuk met stemverklaring en geleiden we het zo door naar de raad. Ja. Hamerstuk met stemverklaring. Ja? Goed. Dan is dat hierbij afgesproken. Er zijn nog toezeggingen gedaan over de sanctie. Wat de heer Smit vroeg over … Oké, die zit erin. Goed. Oké.
Ja, nee, maar die hebben we al gehad ja. Oké, ik sluit hierbij … Mevrouw …: Die evaluatie. Over dat zakje. Burgemeester Wienen: Nee, maar dat ga ik gewoon met het college doen. De voorzitter: We sluiten hierbij even agendapunt zeven af en ja, we zitten … Het is nu kwart voor acht. We hebben uiterlijk tot tien over acht en we hebben nog twee agendapunten. Dat is de bestuursrapportage en de Rekenkamer, de overgang van Rekenkamercommissie aan Rekenkamer. Ik denk niet dat we dat allebei nog kunnen doen in deze tijd, dus we moeten eventjes een keuze maken. Gaan we de bestuursrapportage nu doen en dan de Rekenkamer naar de volgende vergadering? Ik kijk ook even naar de heer Smit. Mevrouw Van Zetten: Even een punt van orde maken? De voorzitter: Nou, dat wilde mijnheer Trompetter ook al. Mijnheer Trompetter, ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Gezien het weinig spreektijd zou ik voorstellen om het punt negen wel te behandelen en punt acht als het nog ruimte is voor de raad naar de volgende raad. De voorzitter: Ik kijk even naar de commissie of dit voorstel gesteund wordt. Dit voorstel wordt … Het voorstel is om punt negen wel doen de Rekenkamercommissie en de bestuursrapportage de volgende vergadering. De heer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, met de Rekenkamercommissie is iedereen het eens.
Dus, volgens mij kun je het beter omdraaien en dan kan iedereen zeggen we zijn het ermee eens en is de resterende tijd voor de bestuursrapportage.
37
De voorzitter: De heer Smit zou een toelichting geven. Dan hebben we daar geen tijd meer voor? Mevrouw Van Zetten wilde ook nog een orde voorst… Mevrouw Van Zette: Ja tuurlijk, want het college is allang door de tijd heen. Raadsleden zijn door de tijd heen. Wat stelt u nou voor voorzitter? De voorzitter: Nou, er zijn ook nog mensen niet door hun tijd heen. Dus ik kan … Mevrouw Van Zetten: Maar, het college kan geen antwoord geven. De voorzitter: Nou, u zit hier toch als commissie om … Mevrouw Van Zetten: U laat de burgemeester eindeloos maar het woord voeren terwijl hij aan een … De voorzitter: Ik heb dat een heleboel … Mevrouw Van Zetten: En wij worden … Het belangrijkste orgaan van de stad wordt hier gekort op de tijd. De voorzitter: Nou, we zullen het daar nog een andere keer over hebben, want ik heb de burgemeester een aantal keren gezegd dat hij even door moest gaan. Maar, er worden ook heel veel vragen gesteld en als ik die afkap dan wordt er gezegd van we kunnen geen vragen stellen. Dus, in die zin is het een lastige situatie dat we gewoon weinig tijd hebben om veel belangrijke punten te beantwoorden. 9.
Van Rekenkamercommissie naar Rekenkamer 2024
De voorzitter: Maar, we zitten nu even op het punt. Gaan we acht of negen doen? De heer Wiedemeijer doet het voorstel om negen naar voren te halen en daarna nog eventjes bestuursrapportage. We hebben inmiddels nog maar twintig minuten, dus we moeten nu snel beslissen. Mijnheer Smit stelt voor om, gaat er ook mee akkoord dat we negen naar voren halen. Dan doen we dat nu. Komt u even snel hier en dan ronden we dat punt af. U krijgt wel uw eigen pasje zodat uw tijd die u niet meer had. Oké gaat uw gang. Punt negen. De heer Smit. De heer Smit: Gelukkig nu in. Mevrouw …: Als je maar in beeld bent. De heer Smit: Mevrouw de voorzitter, dank u wel. Als voorzitter van de RKC, deze periode en twee periodes geleden, heb ik beslist wel de moeilijke taak om te constateren dat de Rekenkamercommissies eindig zijn en dat het heeft besloten dat het de Rekenkamer moet worden. Haarlem, zeker ook Eindhoven, hebben lang geprobeerd om de Rekenkamercommissies in stand te houden als een prachtige mengeling van externe leden met de kwaliteit en raadsleden met hun binding aan de raad. Dat heeft altijd bij ons gewerkt in een vorm van kwaliteit die ook niet weerspiegelde dat er politieke keuzes werden gemaakt in de adviezen, rapporten van de RKC. Maar, desalniettemin, dat hebben we in de Tweede Kamer verloren in de Eerste Kamer.
Dus, wij gaan naar een Rekenkamer met alleen externe leden en een beoogde binding met de raad te beginnen met de huidige leden van de Rekenkamercommissie die in de raad zitten, maar straks weer opgevuld met nieuwe leden. Nou, dat is de basis. We hebben inmiddels in het seniorenconvent, maar dat is voor een deel buiten hun omgegaan. Hebben we de stappen elke keer doorgenomen. We staan nu op het moment dat, moet ik even, zit er niet meer in, dat wij de negentiende moeten constateren dat de verordening Rekenkamer moet
38
worden vastgesteld opdat we ook door kunnen gaan met de werving van externe leden. Nou, aan jullie om mij te tackelen of te roepen dat het allemaal goed op papier staat. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu meteen door naar het gevraagde besluit aan u als commissie. Ik neem aan dat u het ermee eens bent om eventjes geen eerste termijn te doen en dan beantwoording, maar dat we doorgaan naar de besluitvorming. Ja? De verordening, dat gevraagde besluit verordening Rekenkamer Haarlem 2024 vast te stellen, kennis te nemen van het reglement van orde en het onderzoeksprotocol van de Rekenkamer Haarlem 2024, een extra jaarlijks budget van vijftigduizend euro toe te kennen voor de Rekenkamer Haarlem vanaf 2024. Nou, dit staat er advisering op de agenda en de vraag aan u is hoe wilt u dit naar de raad doorgeleiden? Hamerstuk? Ja? Ik kijk rond. Dan gaat dit als hamerstuk naar de raad en dan dank ik de heer Smit voor zijn toelichting. U heeft nog een opmerking begrijp ik. Goed. Dan gaat het als hamerstuk met stemverklaring akkoord. Dank u wel voor uw inbreng ook. 8.
Bestuursrapportage 2023 (FR) (ER)
De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt acht en dat is de bestuursrapportage 2023 en ook daarvan de bestuursrapportage geeft de verwachting van het financiële resultaat over het huidige begrotingsjaar. Op basis van de actuele ontwikkeling doet het college diverse voorstellen aan de raad voor het wijzigen van de begrotingen. Gevraagd besluit is de rapportage 2023 vast te stellen en A, de voorgestelde wijzigingen in baten en last van de exploitatie en voorgestelde toevoegingen en onttrekkingen aan reserves, B, de voorgestelde budgetoverheveling in relatie tot de investeringen. Het tweede punt is kredieten vast te stellen en vrij te geven in relatie tot de BUIG en dat is de gebundelde uitkering die de gemeente van het Rijk krijgt. En drie, gelet op de krapte op de arbeidsmarkt en verwachte toename van het bestand nu geen consequenties te verbinden aan de omvang van de flexibele schil. Nou, we hebben nog een kwartier om dit stuk nu te bespreken, tenzij we besluiten om het eventueel … Ik zie de heer Wiedemeijer. Ik geef de heer Wiedemeijer het woord. De heer Wiedemeijer: Ja voorzitter, het gaat alle commissies tegelijk nu besproken, dus het gaat tegelijkertijd naar de raad. Dus, het is nu bespreken of niet. Zo simpel is het. De voorzitter: Nou, dan gaan we snel v… Ja? De heer Wiedemeijer: Ja, laat ik dan ook maar gelijk het tempo erin aanbrengen.
De voorzitter: Ja, dan geef ik het woord in eerste termijn aan de heer Wiedemeijer, PvdA. Ga uw gang. De heer Wiedemeijer: Ja, volgens mij een aantal positieve en minder positieve ontwikkelingen. Positief is dat de uitvoeringskracht van de organisatie de goede kant opgaat. Vorig jaar is er vijfenvijftig miljoen aan investeringen weggezet. Dat was toen al een flink record en dit jaar is de prognose dat er maar liefst eenenzeventig miljoen wordt weggezet. Ik heb ook al bij het jaarverslag gezet, ondanks welke politieke kleur je ook hebt, moeten we hier gezamenlijk voor zorgen dat we veel investeringen realiseren. Dus, volgens mij is dat heel positief. Structurele tegenvaller is de extra kosten in de Jeugdzorg. Dat is natuurlijk ook nog maar zeer afwachten hoe de relatie tussen gemeenten en de Rijk welk structureel beeld daaruit voortkomt. Dan nog minder positief punt. Ja, ik zou het een beetje populistisch kunnen brengen. Laten we dat dan ook voor de gelegenheid maar doen. We worden eigenlijk enigszins bestolen door het Rijk in mijn optiek. Namelijk, we moeten extra Tweede Kamerverkiezingen organiseren. Maar, we krijgen daar geen geld voor. Bij navraag blijkt dat het Rijk ook heeft besloten dat niet meer te gaan vergoeden en dat dat bij alle andere gemeenten ook het
39
geval is. Ik ben benieuwd of het college het hier ook mee oneens is en in hoeverre het in andere gremia nog wordt besproken dat het Rijk dit wel netjes gaat vergoeden. Want, dat is toch wel een opmerkelijke beslissing. Nou, de kerstmarkt kwam ook nog voorbij, maar die hebben al bij het evenementenbeleid besproken. Even kijken en er zit nu nog een rentevoordeel … De voorzitter: Heer Wiedemeijer, u heeft een vraag van de heer Trompetter. Ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Ja, de kerstmarkt is wel besproken, maar niet zoals je in inhoudelijk interne, dat wordt … U vraagt: wilt u daar even iets aan voorbehoud van maken? De voorzitter: Mijnheer Trompetter, u bent ook al door uw tijd heen. De heer Trompetter: Dat is mijn vraag aan u. De voorzitter: Mijnheer Wiedemeijer, gaat u verder. De heer Wiedemeijer: Ja voorzitter, lastig. Op zich is de PvdA niet tegen de kerstmarkt, maar op het moment dat je elk jaar kosten maakt, moet je ze niet elk jaar als tegenvallen presenteren, maar zal je op een gegeven moment een structurele afweging moeten maken. Dus, dat zal ook bij het evenementenbeleid wat mij betreft gevoegd worden. Dan is ook nog de vraag of je daar zoveel budget voor beschikbaar wilt stellen. Dus, lijkt me goed om te kijken hoe we dat op een wat meer toekomstbestendige manier daar een antwoord op kunnen geven. Nou, ik was bij de rentelasten.
Zit nu een kortlopend voordeel omdat er ook kortlopende leningen zijn aangegaan op de lange termijn. Dat zullen we waarschijnlijk bij de begroting zien. Ik heb hem nog niet gelezen vanmiddag. Zit er waarschijnlijk een nadeel omdat de rentestand inmiddels weer oplopen. Nou, misschien nog even een reflectie op de financieringslast vanuit het college. Ik begrijp dat een collegelid nog zonder bestuursen communicatieadviseur zit, dat dat nog tot een tegenvaller leidt. Ik hoop dat dat in het nieuwe jaar ook structureel kan worden opgelost, want ik gun u allen goede adviseurs. Dan ben ik er eigenlijk wel eigenlijk. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik dan het woord geven? Mevrouw Klazinga, VVD. Ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Ja, dank u wel voorzitter, ik hou het kort. Ik heb ook nog maar weinig tijd. De VVD viel op in de externe inhuur, hij kwam net als een van de drie punten al even aan de orde, dat de kosten daarvan maar liefst vijftig procent zijn gestegen. Van zo een achttien miljoen naar zevenentwintig miljoen. De reden daarvoor is krapte op de arbeidsmarkt. Alleen, krapte op de arbeidsmarkt versta ik zo dat er geen mensen zijn om het werk te doen. Als er extern wordt ingehuurd zijn er kennelijk wel mensen om het werk te doen, maar niet op de manier zoals je dat zou willen, namelijk in vaste dienst.
Kan de wethouder toelichten waarom de gemeente erin meegaat dat mensen als zzp’er worden ingehuurd voor, over het algemeen veel meer geld, terwijl feitelijk sprake is van de situatie waarbij een vast dienstverband zou passen? De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik dan het woord geven? Geen vragen. De heer Klaver, CDA. Ga uw gang. De heer …: Mevrouw de voorzitter, ik steun de woorden van de VVD. De voorzitter: Dat was precies die ene seconde die u toch nog had. Dan gaan we nu naar de heer Klaver, CDA. Ga uw gang. De heer Klaver: Ja voorzitter. Ons vallen drie punten op. De investeringscapaciteit. De Partij van de Arbeid is heel positief. Wij moeten het nog maar zien. Geraamd was negenenzeventig, dat wordt nu zeventig en het is
40
de vraag of we dat gaan halen. Maar goed, ik wil niet negatief zijn, dus we gaan het afwachten. Maar, ik ben wel benieuwd hoe de wethouder tegenaan kijkt en wat de wethouder verwacht waar we op afkoersen eind van het jaar. Tweede punt is de externe inhuur. Zevenentwintig miljoen. Een punt wat regelmatig aan de orde is hier geweest. Ik snap dat je als individuele gemeente niet anders kan dan dat je op dit moment doet, maar de basisscholen in het onderwijs hebben de handen ineengeslagen om paal en perk te stellen aan uitzendkrachten, zzp'ers. Wordt het niet eens tijd dat Haarlem het voortouw neemt om gemeentes te mobiliseren om met vereende kracht te zorgen dat we het aantal zzp'ers, uitzendkrachten in gemeentelijke, die voor de gemeente werken om dat gezamenlijk gaan beperken? Wordt dat niet eens tijd? En, het derde is de overschrijding van de investeringsbudgetten. Hier is prominent in beeld het Houtplein. Een overschrijding van vijftig procent van het budget bij het definitieve ontwerp. Wij komen daar nog over te spreken. Volgende keer staat dat op de agenda, dus ik wil dit hier alleen benoemen. Wat mij betreft komt het volgende keer dan uitgebreider terug. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. U zag ook inderdaad dat uw tijd op is. Nog anderen in eerste termijn die tijd hebben en het woord willen nemen? Nee? Dan gaan we naar beantwoording door de wethouder.
Wethouder Roduner: Ja, dank u wel. Ik zal het kort houden. Wij zijn het ook oneens dat we geen geld krijgen voor de verkiezingen. Ik zal de portefeuillehouder, dat is de heer Wienen, ik denk dat hij dat ook wel in het landelijke gremia kan verwoorden. Maar, we vonden het ook een opvallende kentering en we vonden ons enigszins gepakt. De kerstmarkt, terecht, die gaan we, staat volgens mij in het stuk, dat moeten we structureel betrekken bij de kadernota. Rente ook. Die gaat inderdaad flink omhoog. En inderdaad, de begroting die ik vanmiddag heb aangeboden aan de raad daar is in te zien dat de financieringslasten ook aanzienlijk stijgen. En dat is wel een punt van zorg. Ook in kader met een IP waar in ieder geval hoge ambities in liggen en dat ook aanzienlijk in omvang moet stijgen de komende periode. Dan ga ik inderdaad daar nog even over in. Wethouder De Raadt zou iets zeggen over de externe inhuur. De zeven miljoen die wij nu geraamd hebben, nou dat is onze huidige raming, dus ik ga ervan uit dat dat altijd realiseert wordt. Het is altijd teleurstellend vind ik toch dat als je iets raamt dat het dan niet wordt. Maar goed, hoe dichter we bij de bij het eind van het jaar komen hoe dichter we ook dat het ook blijft. Ik sprak vanmiddag wethouder Berkhout nog even die zei dat hij in ieder geval met zijn deel van de portefeuille ook goed op streek ligt.
Dat is wel waar de grootste uitdaging ligt. Dat zit met name in het vergroten van de investeringen in beheer en onderhoud. Scholen gaat eigenlijk altijd best wel goed. Sport ook, dus die wethouders krijgen altijd complimenten. Maar beheer en onderhoud is denk ik een beetje aan aandachtspunt. En wat doen we daar in ieder geval ook aan? Want het is niet bij (…) is nog niet genoeg. U zult zien in de begroting dat we naar ongeveer structureel een miljoen of honderd moeten gaan. Nou, dat is best een uitdaging in ieder geval. Dat betekent dus de stappen die we gezet hebben afgelopen jaren moeten we flink doorstappen. Wat we in ieder geval met elkaar hebben besproken, is dat we, nou even maar beginnen met een soort stuurgroep van de wethouder beheer en onderhoud en ikzelf en natuurlijk ondersteund door de ambtenaren, om te kijken van wat gebeurt hier nou? Wat kunnen we nog doen om dit echt structureel te verhogen? Nog harder gaan rennen in een krappe arbeidsmarkt is misschien ook wel niet meer de oplossing. Misschien moeten we ook anders kijken naar onze proces om anders kijken naar onze contracten met aannemers. Nou, dat is nog niet zo makkelijk. Dat is al een traject, dat tegelijk al wat langer loopt. Wethouder Rog had destijds, is daar ook al een beetje mee begonnen met het uitvoeringskracht verhogen.
Wat we daarentegen ook zien, en dat is natuurlijk mijn zorg ook als wethouder Financiën, is dat we ook zien dat de kostenstijging ons links en rechts onder andere vanwege gestegen bouwkosten om de oren vliegen en hoe zorg je nou dat dat spanningsveld goedkomt? Hoe zorg je nou dat je aan de ene kant als wethouder, dat is dan mijn rol als wethouder Financiën wil entameren dat de wethouders hun geld uitgeven? Want, we willen dat het IP vergroot wordt, we willen dat de wethouders meer IP-projecten gaan realiseren.
41
Maar, het is natuurlijk ook zo dat ik moet opletten dat ze niet geld over de balk smijten. Dus, dat is een beetje een andere dynamiek waar we in zitten ten opzichte van andere jaren waarin ik vaak ook gewoon vooral de wethouders moest afremmen en dat ik onder anderen de wethouder Financiën dat vaak ook deed door gewoon op het geld te letten. Dus, goed denk ik om ook met elkaar iets een beeld hebben van dat het andere dynamiek in het college is, maar ook denk ik in de gemeenteraad. Dus, dat zijn iets andere rollen en dan zal wethouder De Raadt nog iets zeggen over de externe inhuur. Gebruik hoor … De voorzitter: Ook welkom wethouder de Raadt. Ga uw gang bij de beantwoording. Wethouder De Raadt: Ja dank u wel voorzitter. Ja, ik zal nog even wat zeggen over de externe inhuur. Ik denk in ieder geval een paar punten. Het goeie nieuws, het is niet echt vijftig procent gestegen ten opzichte van het jaar daarvoor. Het is vijftig procent gestegen ten opzichte van de ramingen die we hadden gedaan, maar ten opzichte van het jaar daarvoor is het gelijk gebleven. Ander positief nieuws is denk ik dat we het ook gewoon kunnen dekken vanuit onze openstaande loonkosten. Maar, eens, in zijn algemeenheid zouden we natuurlijk ook graag zien dat het percentage externe inhuur dat dat naar beneden gaat. Ik weet dat het CDA daar ook voor ze op heeft ingezet.
In de afgelopen jaren aandacht voor gevraagd en ik denk ook de originele vraag toentertijd die begon ook een beetje met: kunnen we nou wat meer inzicht krijgen? Dat was denk ik een hele terechte vraag. Daar is ook hard aan gewerkt en dat heeft er nu in ieder geval in geresulteerd dat we meer inzichtelijk hebben dan eigenlijk alle andere gemeentes. Zo rapporteren we nu bijvoorbeeld al per domein en dan kunt u ook zien dat eigenlijk de bulk van de externe inhuur dat zich dat concentreert op het fysiek domein. Nou, er zijn ook gewoon redenen voor. Het is die krappe arbeidsmarkt. Die is er nou eenmaal, maar het is ook wel in het fysiek domein wat logischer om extern in te huren dan misschien op andere domeinen, omdat je heel projectgericht werkt. Dus, dat kan ook wel echt een voordeel zijn om dan per project een aantal mensen in te huren. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Klazinga. Ga uw gang. Mevrouw Klazinga: Wat verstaat u dan onder krapte op de arbeidsmarkt? Want, de mensen zijn er dus wel alleen niet in de vorm zoals we ze zoeken. Dus, wat is dan die krapte op de arbeidsmarkt waar u op doelt? De voorzitter: Wethouder de Raadt. Wethouder De Raadt: Nou, het is denk ik een beetje tweeledig. De mensen zijn er in zin algemeenheid ook niet helemaal.
Er zijn ongeveer honderd werkzoekenden op honderdtweeëntwintig openstaande vacatures en daarnaast heb je natuurlijk ook nog te maken dat voor bepaalde functies heb je een, nou ja, een bepaald expertise nodig en die mensen die over die expertise beschikken niet altijd ervoor kiezen om bij een gemeente te gaan werken. Maar goed nogmaals, daar werken we hard aan. We zijn ook echt aan het inzetten op het merk Haarlem. Volgens mij is vorige week, als het goed is, ook nieuwe site werken bij Haarlem in de lucht gegaan. En nou ja, het strategisch personeelsbeleid waar we het al eerder over gesproken hebben is daar ook onderdeel van. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog … Van de heer Klaver, wilt u die nog beantwoorden? Wethouder De Raadt: Ja, we hebben er op dit moment echt voor gekozen om Haarlem gewoon zelf als merk in de markt te zetten. Natuurlijk ook samen met Zandvoort in dit geval. Of we dat verder gaan uitbreiden en mensen over en weer zouden kunnen lenen. Nou, is op dit moment niet aan de orde, maar kan er eventueel … We kunnen het daar eventjes op een later moment nog wel over hebben.
42
De voorzitter: Goed, dan hebben we nog eventjes … Maar dat is … Mevrouw Van Zetten: Sorry hoor. We kunnen het later op een ander moment over hebben? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, ik geef u nu het woord voordat u het meteen neemt. Stelt u een vraag. Mevrouw Van Zetten: Nou ja, anders krijg ik weer een (…) dat ik niks mag zeggen, dus ik zeg het maar eventjes. De voorzitter: Nee, dat is ook zo, want u heeft geen tijd meer geloof ik. Mevrouw Van Zetten: Maar het college dus ook niet. De voorzitter: Nee mevrouw. Wat was uw vraag wanneer het kon (…)? Mevrouw Van Zetten: Als ik een onderonsje ziet tussen twee CDA, de wethouder en de CDA, dan wil ik wel graag een wanneer dat dan over gaat. De voorzitter: Mijnheer Klaver vroeg of zijn vraag beantwoord werd en nu stelt u een aanvullende vraag. Mevrouw Van Zetten: Nee, maar … Nee, ik hoor … De voorzitter: Dat is alles, maar we zitten krap in de tijd. Mevrouw Van Zetten: Mevrouw de voorzitter, ik vraag een verduidelijking van de wethouder die het heeft over hier later op terug te komen. Want, het is natuurlijk een heel goed idee, net zoals die basisscholen doen, gewoon ergens paal en perk aan stellen. Wethouder De Raadt: Nogmaals, het is op dit moment zijn we daar niet op die manier mee bezig. Het is de eerste keer dat de vraag aan mij gesteld wordt in deze vorm. Dus, daar wil ik gewoon even goed over nadenken.
Dan kan ik er op een later moment op terugkomen. De voorzitter: Goed. Mevrouw Van Zetten: Mag (…) dan verwachten … De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, wilt u wel via voor… U bent de nestor van de raad. U kent de regels toch wel. Mevrouw Van Zetten: Nou, u bent voorzitter. Ik zou u aanraden om de vergadering beter te leiden, maar ik vind … De voorzitter: Nou, dat probeer ik, maar u … Dit wordt onmogelijk als u gewoon steeds maar het woord neemt. We zijn inderdaad bijna door de tijd heen. Ik wil graag gaan afronden, maar u houdt het nu eigenlijk op het proces, dus ik ga nu aan de commissie vragen zijn alle vragen beantwoord en we gaan eventjes kijken hoe het dan naar de raad gaat. Gaat dit stuk als hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring of als bespreekpunt? Hoe gaan we dit doorgeleiden?
43
De heer Trompetter: Korte vraag. De voorzitter: De heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Wordt dit samen met de begroting behandeld? De voorzitter: Ja, nu is het een bespreekpunt. De heer Trompetter: Nou, dan lijkt het me dat het een bespreekpunt is. De voorzitter: Ja goed. Ja, ik was even van mijn à propos doordat er hier in de vergadering steeds maar door, en ik wil daar toch wel even wat over zeggen. U bent de nestor van de raad en u mag ook wel iets meer bijdragen aan een goede sfeer in deze commissie, want ik heb daar echt moeite mee. Mevrouw Van Zetten: Dan wil ik daar even op reageren, want u spreekt mij elke keer aan als nestor. Heeft u helemaal gelijk, maar u bent de voorzitter en u moet de vergadering gewoon goed leiden en zorgen dat de raadsleden genoeg tijd te hebben om te zeggen en het college ook en dat dat in verhouding moet zijn. De voorzitter: Goed, en wat goed leiden is daar kunnen we over van mening verschillen, maar we zijn nu in ieder geval aan het eind van deze vergadering. De heer Drost wil nog iets zeggen.
De heer Drost: Ja, volgens mij zijn we met elkaar hier verantwoordelijk voor een goede vergadering en ik constateer dat het erg vaak gaat over randdingen, over spreektijden, mag ik het woord wel of niet en misschien dat we daar gezamenlijk naar kunnen kijken om gewoon een goede vergadering te hebben, want het staat mij ook wel echt tegen. 10. Sluiting De voorzitter: Ja, nou ja. We gaan ook nog een evaluatie krijgen van de nieuwe vergaderorde en daar zal dit ook in meegenomen worden. Dus, in ieder geval sluit ik hierbij de vergadering en wens ik u allen nog een prettige avond of een voortzetting in een andere commissie. Dank u wel.
44