CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp

commissie Samenleving 7 maart 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: Raadsinformatiebrief: Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp (BL)2.149 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Onderwerp Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp Nummer 2024/107926 Datum college 30 januari 2024 Portefeuillehouder Leeuwen, B. van Programma/beleidsveld 2.2 Voorzieningen Jeugd Afdeling JOS Auteur E. Dijkman Telefoonnummer 023-5115671 Email edijkman@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de commissie Samenleving. Bijlagen BIJLAGE 1: Motie 15.05 Addendum Haarlem op regiovisie Jeugdhulp Aanleiding Afgelopen november informeerden we u over de wachttijden in de jeugdhulp. In die brief zegden we toe u later te informeren over de ontwikkelingen binnen de complexe jeugdhulp, ook wel perceel 1 genoemd. Met deze brief lossen we die belofte in. De brief gaat niet over perceel 2. Perceel 2 betreft de enkelvoudige jeugdhulp en is gegund. Voorgeschiedenis In 2022 stelde uw raad de ‘Regiovisie jeugdhulp IJmond en Zuid-Kennemerland’ vast. Die visie gaat over hoe we met de andere gemeenten in beide regio’s goede jeugdhulp willen geven die aansluit bij behoeften en mogelijkheden van ouders en gezinnen en die nu en in de toekomst betaalbaar is. We willen concreet de volgende doelen realiseren: o o o o o

Ouders en jeugdigen kunnen, met steun van hun omgeving, omgaan met de gewone hobbels in het opvoeden en opgroeien; Kinderen en jongeren krijgen tijdig de best passende hulp (zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig); Kinderen en jongeren groeien zoveel mogelijk thuis op; Kinderen en jongeren groeien veilig op; Jeugdhulp en onderwijs zetten zich in samenhang in voor de ontwikkeling van jeugdigen.

Om de beleidsdoelen te realiseren ontwikkelden we een nieuwe structuur. Die structuur is de basis voor de verdere ontwikkeling van de jeugdhulp in de komende jaren. Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 14 oktober 2021, waarin bovenstaande Regiovisie werd vastgesteld, dienden de Actiepartij en Christen Unie onder anderen een motie in. De Actiepartij en Christen Unie pleiten voor een adequate informatievoorziening, zodat zij hun controlerende taak voldoende kunnen uitvoeren. Deze motie is samen met de andere moties geborgd in het addendum regiovisie en hierdoor

Kenmerk: 2024/107926

1/6

onderdeel van de inkoop. In het addendum is opgenomen dat de raden in de regio structureel geïnformeerd worden over de resultaten, met voorkeur aan de hand van vastgestelde Kpi’s (hieronder uiteengezet bij alinea sturing en monitoring) en eventueel oplopende wachttijden. De Actiepartij en Christen Unie vonden dit tekstueel mager, maar door de toezegging van de heer Botter, wethouder jeugd (2021) dat de motie open zou blijven staan, gingen zij akkoord. 2023 2023 stond voor de regio’s Zuid-Kennemerland en IJmond voor wat betreft perceel 1 in het teken van een stelselwijziging. Deze jeugdhulp wordt voortaan aangeboden door vier consortia, waarbij ook nieuw is dat we werken met lumpsumfinanciering. Voor die tijd hadden de zeven gemeenten van doen met een aanzienlijk aantal aanbieders. De nieuwe manier van werken zorgt op termijn dan ook voor efficiënter en effectiever georganiseerde jeugdhulp. Dat willen we doen door de administratieve lasten te verminderen en aanbieders meer vrijheid van handelen te gunnen. Gemeenten en consortia weten elkaar steeds beter en sneller te vinden. Ondanks het feit gemeenten formeel verantwoordelijk zijn voor de jeugdhulp, spraken ze met consortia af om negen jaar lang als strategische partners samen te werken. Dit houdt in dat we gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het inrichten van de jeugdhulp.

Alle betrokkenen zijn zich ervan bewust dat zo'n partnerschap niet enkel ontstaat door het af te kondigen – partnerschap groeit werkenderwijs en heeft tijd nodig. Terugblikkend stelt het college vast dat de basis voor de nieuwe werkwijze is gelegd en dat er tegelijkertijd nog veel te doen is. Stand van zaken Verordening De colleges in de regio’s werken momenteel aan een nieuwe verordening die beter aansluit bij het nieuwe stelsel. De verordening wordt te zijner tijd ter besluitvorming aan uw raad aangeboden. De verordening zorgt voor duidelijkheid met betrekking tot rechten en plichten van alle betrokkenen, waaronder (ouders van) cliënten. De nieuwe versie zorgt ervoor dat het beleid op regionaal niveau wordt geharmoniseerd en dat de afspraken aansluiten op het nieuwe stelsel. Toegang en verwijzing Met het nieuwe stelsel zijn ook de toegang en verwijzing veranderd. Consortia analyseren nu de door verwijzers opgestelde hulpvraag en stellen de doelen en de in te zetten hulp vast. Ze doen dat in overleg met (ouders van) jeugdigen. Samen met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), huisartsen, Veilig Thuis, gecertificeerde instellingen en consortia legden we de basis voor een route die voor alle partijen werkbaar is. De gemaakte afspraken hebben ook betrekking op de communicatie tussen verwijzers en consortia.

Het belang van die communicatie is groot, aangezien de verwijzing de basis is voor de hulp en om die reden ook voor de veranderingen die we binnen de jeugdhulp willen bewerkstellingen.

Kenmerk: 2024/107926

2/6

Consortia werken ook onderling samen. Zo richtten de gemeenten een overleg op over jeugdigen, waarbij een individueel consortium hulp wenst, de aanmeldtafel. Samen met de consortia zijn de uitgangspunten en structuur van deze aanmeldtafel ontworpen. Zo is het mogelijk cliënten bij de juiste aanbieder van hulp te brengen, ook als dat een aanbieder van een ander consortium is dan waar de cliënt werd aangemeld. Doel is immers dat cliënten op het juiste moment de juiste hulp ontvangen. Wat daarbij helpt is dat diverse specialisten nemen deel aan het overleg. De aanmeldtafel functioneert nog niet optimaal. Ondanks de acceptatieplicht voor de aanbieders van jeugdhulp bleken sommige cliënten moeilijk plaatsbaar. Consortia geven als redenen gebrek aan capaciteit en financiën. Door die problemen namen wachttijden toe en moesten Centra voor Jeugd en Gezin en andere verwijzers langer dan bedoeld zelf voor de cliënten zorgen. Een actieplan, vorig jaar opgesteld en in overleg diverse keren bijgesteld, bracht eind vorig jaar verlichting. Conform dat plan werd het proces van triage en verwijzing versneld, onder meer door dubbel werk te voorkomen. Dit jaar werken alle betrokkenen aan nog andere verbetermaatregelen.

Verder zijn er afspraken gemaakt over de regie van hulp en werken we aan overeenstemming over het verminderen van specialistische jeugdhulp en de hulp na afronding van een behandeling. Sturing en monitoring We werken met de consortia aan een betere sturing en monitoring van de jeugdhulp. Dit doen we om al evaluerend de hulp voor kinderen en jongeren effectiever en dus beter te maken. Hierbij hanteren we kritieke prestatie-indicatoren (kpi’s), waarmee de trends in het jeugdhulpgebruik gevolgd kunnen worden. Deze kpi’s zijn in de gunningsleidraad opgenomen en worden in samenspraak met de consortia gehanteerd. Door identieke definities te hanteren is het mogelijk dat we prestaties van de verschillende consortia kunnen vergelijken. Het biedt inzicht op lokaal en regionaal niveau. De kpi’s hebben betrekking op: o o o o o o

aantallen unieke cliënten; wachttijden en wachtlijsten; duur van zorgtrajecten; tevredenheid cliënten; klachten; financiële kwartaalrapportages.

Een regionaal dashboard geeft in de loop van dit jaar voor het eerst direct inzicht in de kpi’s, waarmee er nog beter én samen met consortia gestuurd kan worden op de gestelde doelen. Overigens is het voor dit dashboard noodzakelijk dat gemeenten met elkaar data uitwisselen. Dat kan pas als daarvoor formele afspraken zijn gemaakt. Daar werken we aan, maar het gaat minder snel dan ons lief is. De definities van de kpi’s leidden tot

Kenmerk: 2024/107926

3/6

nogal wat discussie. Overigens ervaren we bij alle betrokkenen een constructieve houding en de wil er samen uit te komen. Een deel van de data is op orde. Daardoor kunnen we dit jaar een nulmeting houden. De metingen daarna tonen mogelijk belangrijke trends. Als dat het geval is, informeren we u daarover. Onderwijs In het nieuwe stelsel blijft de aansluiting van onderwijs en jeugdhulp een speerpunt. Deze vorm van jeugdhulp leidt tot synergie en betaalbaarheid. Die synergie tussen scholen, verwijzers en aanbieders is een belangrijke voorwaarde voor het versterken van de eigen mogelijkheden van ouders bij het opvoeden als er stagnaties in de ontwikkeling zijn. Samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp is ook cruciaal om tijdig de juiste hulp te bieden aan jeugdigen en hun ouders. We constateren dat de aansluiting van jeugdhulp-onderwijs beter moet. Zo is nog onduidelijk waar het onderwijs ophoudt en de jeugdhulp begint en andersom. Ook is er nog niet op alle locaties voor gespecialiseerd onderwijs collectieve jeugdhulp. We zijn in gesprek met scholen, consortia en verwijzers over wachttijden en werkbare afspraken. Een specifiek plan voor jeugdhulp-onderwijs met aandacht voor deze verbeteringen wordt dit jaar samen met consortia en onderwijs ontwikkeld en uitgevoerd. Maatwerk In het verleden voldeed het reguliere aanbod van hulp in uitzonderlijke situaties niet.

In die gevallen werden maatwerkovereenkomsten (ook wel: light overeenkomsten) afgesloten, zodat de juiste hulp toch beschikbaar was. Maatwerkovereenkomsten werden ook afgesloten voor buiten onze regio’s wonende jeugd. Daarbij gaat het specifiek om jeugdigen die die hulp kregen van aanbieders die niet door gemeenten in onze regio’s zijn gecontracteerd. Het streven is om deze zorg zo veel mogelijk onder te brengen bij het gecontracteerde aanbod. Van nieuwe maatwerkovereenkomsten is vanaf 2023 bij voorkeur geen sprake meer, aangezien alle vormen van zorg in het gecontracteerde aanbod aanwezig zijn. De afbouw en overdracht van nog lopende overeenkomsten vergt, net als in andere regio’s, veel tijd. Het is door de vaak complexe aard van de zorg niet wenselijk om hierin overhaast te werk te gaan. Daarom hebben de gemeenten besloten de contracten van zorg buiten de regio voorlopig nog zelf te blijven beheren. Naast het maatwerk hebben de regio’s de verantwoordelijkheid voor enkele jeugdigen, die veel begeleiding vergen en dus arbeidsintensief zijn. In het verleden zouden deze cliënten waarschijnlijk gesloten worden geplaatst. De nieuwe vormen van hulp zijn humaner, bieden meer perspectief én zijn soms fors duurder. Per geval besluiten consortia en gemeenten hoe ze deze cliënten duurzaam, het beste, het effectiefst en conform de regiovisie kunnen helpen.

Financiën Zoals bekend is het lumpsum-budget voor perceel 1 vastgesteld op basis van de historische uitgaven en verhoogd met een indexatie voor gestegen personeelskosten en prijsontwikkelingen. Nader overleg en

Kenmerk: 2024/107926

4/6

besluitvorming is nog nodig over de kostenverdeling voor de jeugdhulp binnen perceel 1 over de gemeenten in onze regio. Ook werken we aan een verdeelsleutel voor de resterende acht jaren. Sommige aanbieders ervaren financiële problemen. Die zijn niet nieuw en zijn ook niet per definitie gerelateerd aan de invoering van het nieuwe stelsel. Voor die tijd was daarvan immers al sprake, vooral bij organisaties die hoog specialistische jeugdhulp bieden, de zogeheten systeempartijen. Die aanbieders werken met name voor jeugdigen met complexe problemen. Juist op dit terrein staan de financiële marges onder druk. De consortia pleiten voor aanvullende middelen. Ook hierover voeren we overleg. Conclusie Het college concludeert dat er het afgelopen jaar hard is gewerkt door alle betrokkenen. Dat heeft geleid tot vorderingen en successen. Er moet tegelijkertijd nog veel gebeuren. Daarbij gaat het onder meer over wachttijden, budgetten die door consortia te beperkt worden gevonden en een betere afstemming van de jeugdhulp met het onderwijs. We stellen verder vast dat het tempo verschilt waarin consortia hun organisatie opbouwen. Er is nog veel te doen. De nieuwe samenwerking en werkwijze zijn complex en vergen tijd. Dat is in onze regio niet anders dan elders. Vanwege het welbevinden van de jeugd en het overeengekomen strategisch partnerschap werken we gezamenlijk aan verbeteringen.

De samenwerking die gemeenten en consortia daarbij aan de dag leggen, past binnen het strategisch partnerschap dat de consortia en de gemeenten met elkaar zijn aangegaan. We willen samen verantwoordelijkheid nemen. Vervolg Het college verwacht dat dit jaar wederom stappen voorwaarts worden gezet. Daarbij gaat het niet alleen om het verminderen van de wachttijden en het oplossen van andere belemmeringen, maar ook om het versterken van alle vormen van ondersteuning en hulp die de inzet van zwaardere jeugdhulp onnodig maken. Voorbeelden hiervan zijn een stevigere inzet van sociale netwerken rond jeugdigen en gezinnen en het jeugd- en jongerenwerk. Ook de te maken en gemaakte afspraken en het realiseren van de doelen van de Hervormingsagenda hebben onze aandacht. Dit traject is geen louter financiële, organisatorische of technische operatie – het is ons allen te doen om het welzijn van de kinderen en jongeren in onze regio’s. Daarom werken we aan andere aspecten van het nieuwe stelsel, zoals de toegang, sturing, monitoring, samenwerking met het onderwijs, verminderen van wachttijden en het verder versterken van de samenwerking van gemeenten met consortia. Wat dat laatste betreft: het strategische partnerschap draagt bij aan een robuust stelsel van effectieve, efficiënte en warme jeugdhulp.

Zoals eerder door u gevraagd, blijven we u informeren over onze vorderingen met betrekking tot het uitvoeringsprogramma. Dat zullen we doen aan de hand van de al genoemde kpi’s, die worden verwerkt in de

Kenmerk: 2024/107926

5/6

producten van de bestaande bestuurlijke cyclus. In de loop van dit jaar komt er voor raadsleden een regionale bijeenkomst, die we samen met consortia organiseren. Als daar aanleiding toe is, informeren we u ook over andere aspecten. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,

de burgemeester,

Kenmerk: 2024/107926

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13758182/1