I.a Brief Vereniging 0 tot 23 van 28 mei 2024, Vrijgevestigden Perceel 2 aan wethouders Jeugdhulpregio Zuid-Kennemerland IJmond
Tekst van het document
28 mei 2024 Aan de wethouders verantwoordelijk voor de jeugdhulp in de regio ZuidKennemerland/IJmond Geachte wethouders, Op maandag 13 mei heeft er een gesprek plaatsgevonden over de per 1 januari 2024 ingegane contractering voor de jeugdhulp. Hierbij waren aanwezig de ambtelijk opdrachtgever Annemarieke Schneider, contractmanager Simon Termorshuizen, de wethouders Bas van Leeuwen (Haarlem), Sam Meerhof (Heemstede), Piet Burgering (Heemskerk) en een delegatie van de Vereniging 0 tot 23, de Vereniging voor Vrijgevestigde GGZ-praktijken voor kind en jeugd in Haarlem en omstreken. Aansluitend op dit gesprek schrijven we deze brief. In 2020 is in de regio Kennemerland een proces in gang gezet om de aanbesteding van de jeugdhulp anders te gaan organiseren. Zoals u weet heeft de Vereniging 0 tot 23, bestaande uit de overgrote meerderheid van de in de regio vrijgevestigde jeugdhulpprofessionals (41 leden), zich vanaf het begin af aan constructief opgesteld. Dit had als doel om de continuïteit en de kwaliteit van de jeugdhulp op tenminste gelijk niveau te continueren en daarnaast om te bewerkstelligen dat voor de vrijgevestigde jeugdhulpprofessionals in de nieuwe situatie een eerlijke positie zou worden ingeruimd.
Er zijn in de regio Kennemerland ruim 50 vrijgevestigde psychotherapeuten, psychiaters, psychologen en andere professionals werkzaam, die veelal in flexibele en op maat gesneden samenwerking op efficiënte wijze hoogwaardige zorg leveren. En daarmee tegen relatief geringe kosten invulling geven aan een belangrijk deel van de vraag naar jeugdhulp in onze regio. Tijdens de gehele aanbestedingsprocedure hebben wij steeds benadrukt wat van belang is voor goede jeugdhulp in onze regio en hoe de vrijgevestigden daarin een essentiële rol spelen. De uitkomst van de hele aanbestedingsprocedure is bijzonder teleurstellend. Het is zowel bijzonder alarmerend voor de jeugdhulp in de regio als voor het voortbestaan van de praktijken van de vrijgevestigde hulpverleners, die een belangrijke rol spelen in het aanbod. Het eerste punt wat voor grote problemen zorgt is dat door een verkeerde uitleg en een steeds krapper wordende definitie van het begrip “enkelvoudige zorg” hulpverleners sterk worden belemmerd in hun onderlinge samenwerking rond kinderen en jongeren die in zorg zijn, hetgeen zelfs strijdig kan zijn met de beroepscode. Om het inzichtelijk te maken; een simpele samenwerking van psycholoog en psychiater bij kinderen met ADHD wordt met de huidige constructie vrijwel onmogelijk.
Daarnaast is ook de samenwerking met consortia geblokkeerd, waardoor kinderen en jongeren die hulp het hardst nodig hebben tussen wal en schip vallen. Deze kinderen moeten verwezen worden naar lange wachtlijsten, waarbij in de praktijk blijkt dat zij geen overbruggingsaanbod kunnen krijgen, hetgeen zeer zorgelijk is.
Ten tweede zijn 3 maanden na het ingaan van het contract met terugwerkende kracht en zonder een inzichtelijke uitleg en motivatie budgetplafonds bekendgemaakt, met zeer ingrijpende kortingen. Naast de forse kortingen wordt het individuele budget nog meer gedrukt doordat wordt gesteld dat er bij eventuele samenwerking tussen vrijgevestigden beide behandelaars in de constructie van een hoofd-/onderaannemerschap moeten werken. Hierbij moeten de kosten van de onderaannemer betaald worden door de hoofdbehandelaar (‘hoofdaannemer’), wat van het toch al gekorte budget van de hoofdbehandelaar af gaat. Hierdoor kan een keuze voor goede en verantwoorde zorg op maat voor de cliënt, financieel een behoorlijke impact hebben op degene die het kind of de jongere in behandeling heeft genomen. De gemeente heeft aanbieders continu de indruk gegeven dat het toe te kennen individuele budgetplatfond niet, althans slechts in geringe mate, zou afwijken van voorgaande jaren. Tegen die achtergrond en in dat vertrouwen hebben wij onze werkzaamheden voor 2024 aangevangen. Reële tarieven op basis van historische productie lijkt overigens ook de continuïteit van praktijkvoering/zorg te waarborgen. Het behoeft weinig voorstellingsvermogen dat lopende verplichtingen daarop zijn afgestemd.
Het gevolg van het nieuw ingevoerde beleid is dat veel van de vrijgevestigden hun activiteiten in de jeugdhulp zullen moeten staken en dat praktijken die zich de afgelopen jaren enorm hebben ingezet voor de jeugdhulp in hun bestaansrecht bedreigd worden. Zij kunnen niet meer voldoen aan hun verplichtingen, zoals het betalen van de huur van de praktijkruimte, waardoor ze moeten stoppen. Terwijl de behoefte aan jeugdhulp in de komende jaren juist verder zal toenemen, wordt bestaand efficiënt en hoogwaardig aanbod bedreigd. We zien nu al dat wachtlijsten toenemen, dat zorgen van ouders steeds prangender worden en dat ouders zich machteloos en hopeloos voelen, omdat nergens hulp beschikbaar is. U kunt zich voorstellen wat dit voor hun toch al kwetsbare kinderen betekent. Wachtlijsten bij de consortia zijn lang (vaak langer dan een half jaar). Vrijgevestigden hebben vaak wel plek, maar inmiddels dus geen budget meer. Het niet meer beschikbaar zijn van vrijgevestigden zorgt, naast de zorgelijke situatie van onvoldoende zorgaanbod, voor een stijging in de zorgkosten. Dit doordat de zorgkosten bij de consortia aanzienlijk hoger liggen dan bij de vrijgevestigden, mede doordat vrijgevestigden slechts een beperkte overhead hebben en daarom een lager tarief ontvangen in vergelijking met de consortia. Huisartsen spreken van een zorginfarct, wij delen hun gezichtspunt.
Wij zijn van mening dat het tij nog kan worden gekeerd als de onderstaande punten worden uitgevoerd: 1. De definitie “enkelvoudige zorg” in Perceel 2 moet worden gewijzigd, zodat onderlinge samenwerking tussen vrijgevestigden weer mogelijk wordt en zij hun werk volgens de beroepscode kunnen blijven uitoefenen, in het belang van hun cliënten.
2. Het invoeren van budgetplafonds en huidige kortingen daarop moet per direct worden gestaakt. Dit jaar moet worden gebruikt om in werkelijk(!) overleg met de bestaande vrijgevestigden de markt te onderzoeken en tot een goede, verantwoorde en werkbare situatie te komen. 3. Het betrekken van een “onderaannemer” bij een behandeling mag niet drukken op het budget van de “hoofdaannemer”. 4. Er worden bijeenkomsten georganiseerd om de verschillende partijen in het veld van jeugdhulpverlening in de regio bij elkaar te brengen om samenwerking tussen alle partijen te vergroten, waardoor iedereen elkaar makkelijk kan bereiken, waardoor zorgkosten verkleind worden. De invulling van de nieuwe contracten wekt de indruk dat er vooraf onvoldoende onderzoek is gedaan naar de wijze waarop de markt voor jeugdhulp in onze regio functioneert. Ondanks herhaalde verzoeken hebben wij geen antwoord gekregen op vragen als: Welke knelpunten zien de gemeenten in de huidige werkwijze van de vrijgevestigde praktijken? Daarnaast is ons niet bekend of er onderzoek is gedaan naar consequenties van de veranderingen in het aanbesteden van de jeugdhulp en de grote risico’s die daarmee zijn gemoeid voor zowel de kinderen en jongeren in deze regio als voor de reeds bestaande vrijgevestigde aanbieders van jeugdhulp.
Wij roepen de gemeente op om dit eerst zorgvuldig te onderzoeken en geen maatregelen in te voeren die onherstelbare schade zullen toebrengen aan de kwaliteit en de capaciteit van de jeugdhulp in onze regio. Op 5 juni 2024 vindt een bespreking plaats tussen verantwoordelijke wethouders over de crisis in de jeugdhulp die nu lijkt te ontstaan. Wij verzoeken u met klem om tijdens deze bijeenkomst uitvoerig stil te staan bij de punten die wij in deze brief hebben uiteengezet. Daarnaast zijn wij graag bereid onze punten toe te lichten, eventueel tijdens deze vergadering. We hopen constructief met elkaar in gesprek te kunnen blijven om naar een oplossing toe te werken. Mocht dat niet lukken dan zijn wij genoodzaakt om een juridische weg in te slaan in het belang van het welzijn van de jeugd uit deze regio. Met vriendelijke groet,
Namens de Vereniging 0 tot 23, Samenwerkende Vrijgevestigde Jeugd Geestelijke Gezondheids Zorg (GGZ) Haarlem en omstreken Het bestuur en werkgroep: Lot Huigen, Esther Damen, Mathieu Peters, Mascha Kramer, Els Verweij, Els Stolk, Charlotte Schenning, Kim Horsnell