Haarlemse belastingvoorstellen 2025 - getekend raadsbesluit
Tekst van het document
Raadsbesluit
Gemeente Haarlem
Onderwerp Haarlemse belastingvoorstellen 2025 Nummer
2024/2031541
Portefeuillehouder
Roduner. F
Programma/beleidsveld
7.1 Lokale belastingen en heffingen
Afdeling
CC
Auteur
M. de Lie/Bram Geutskens
Telefoonnummer
06-39074862
mdelie@haarlem.nl,bgeutskens@haarlem.nl
Kernboodschap
De gemeenteraad ¡s bevoegd tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van gemeentelijke belastingen, het vaststellen van belastingverordeningen en tarieven. Een vastgestelde en gepubliceerde beiastingverordening is een voorwaarde om de belastingbaten, zoals geraamd in de vastgestelde en geamendeerde Programmabegroting 2025-2029 te kunnen realiseren. Voorliggende Haarlemse belastingvoorstellen zijn een uitwerking van de geraamde baten in de vastgestelde Programmabegroting 2025-2029 in de vorm van corresponderende verordeningen en tarieven. ln voorliggende voordracht worden onder verwijzing naar eerdere besluitvorming en communicatie hierover bij Kadernota 2025 en Programmabegroting 2025-2029 de tarieven toegelicht.
Behandelvoorstel voor commissie
De commissie Bestuur wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college ¡n paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.
Relevante eerdere
De in de raadsvergadering van 7 november 2024 vastgestelde
besluiten
Programmabegroting 2025- 2029
Besluit College
1.
Het college stelt het voorstel aan de raad vast.
d.d. 19 november 2024 de secretaris,
Kenmerk: 2024/2031541
de burgemeester,
1/14
Besluit Raad d.d.........19 DEC202
(wordt ingevuld door de griffie)
De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 november 2024; Besluit: Vast te stellen de navolgende verordeningen: A. Verordening afvalstoffenheffing 2025; B. Verordening begraafrechten 2025;
c. Verordening havengelden 2025 inclusief de volgende wijzigingen zoals vastgesteld in het door de raad aangenomen Amendement 21.1 Een redelijk laadtariefop het water met de volgende aanpassingen in de Tarieventabel Havengelden 2025: •
Het tarief bij onderdeel l. 5. 16 (ampère aansluiting) wordt gewijzigd van € 0,9952 naar € 0,40;
•
Het tarief bij onderdeel B. 2. (verblijf inclusief doorvaart) wordt gewijzigd van € 1,80 naar € 2,25 per meter, met een minimum van € 10,44 per dag;
D. Verordening hondenbelasting 2025; E. Verordening leges 2025; F. Verordening marktgelden 2025; G. Verordening onroerende- zaakbelastingen 2025; H. Verordening parkeerbelasting 2025; Verordening precariobelasting 2025; J.
Verordening reclamebelasting 2025;
K. Verordening rioolheffing 2025; L. Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting 2025; M Verordening toeristenbelasting 2025; Besluit kwijtscheldingsregels 2025;
o, Uniforme Administratieve Voorwaarden (UAV); edaan in de vergadering van 19 december 2024. De voorzitter
er,
1.lnleiding
Kenmerk: 2024/2031541
2/14
ln de Programmabegroting 2025-2029 zijn de belastingopbrengsten geraamd. De nu ter vaststelling aangeboden belastingverordeningen 2025 en het kwijtscheldingsbesluit zijn een nadere uitwerking om de geraamde baten ook te kunnen realiseren. Onder verwijzing naar de uitgebreide paragraaf lokale heffingen in de Programmabegroting 2025-2029 beperkt dit voorstel zich tot een toelichting op de vast te stellen belastingverordeningen en op de vaststelling van de tarieven.
2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor, met inachtneming van de hiervoor genoemde uitgangspunten, de volgende verordeningen, inclusief de daarin vermelde tarieven en de besluiten kwijtscheldingsregels vast te stellen: A. Verordening afvalstoffenheffing 2025; B.Verordening begraafrechten 2025; C.Verordening havengelden 2025; D. Verordening hondenbelasting 2025; E.Verordening leges 2025; F.Verordening marktgelden 2025; G. Verordening onroerende- zaakbelastingen 2025; H.Verordening parkeerbelasting 2025; l. Verordening precariobelasting 2025; J.Verordening reclamebelasting 2025; K.Verordening rioolheffing 2025; L. Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting 2025; M. Verordening toeristenbelasting 2025; N. Besluit kwijtscheldingsregels 2025; O. Uniforme Administratieve Voorwaarden (UAV);
3. Beoogd resultaat Het heffen en invorderen van belastingen en rechten in 2025 op basis van de door de raad vastgestelde verordeningen en tarieven, conform de uitgangspunten van de Programmabegroting 2025-2029. Totstandkoming Haarlemse beiastingvoorstellen 2025 Op basis van de geraamde opbrengsten wordt nu voorgesteld de belastingverordeningen en de tarieven vast te stellen. Dit voorstel betreft in feite een uitwerking van de geraamde belastingbaten.
Kenmerk: 2024/2031541
3/14
ln Bijlage 5.09 van de Programmabegroting 2025-2029 is de kostenonderbouwing van de heffingen weergegeven conform de modellen die de VNG hiervoor heeft ontwikkeld. De onderbouwing in dit voorstel wordt daarom beperkt tot de kostendekkendheid op hoofdlijnen. Voorts wordt bij elke afzonderlijke belasting c.q. recht/heffing een specifieke toelichting gegeven op omstandigheden of (eerdere) besluitvorming die in acht genomen dienen te worden bij de berekening en vaststelling van de tarieven. bedragen x € 1.000 Belastingen/heffingen
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Be!astingen OZB- woningen
26.716
28.248
29.218
OZB- niet woningen eigenaren
12.781
13.107
13.651
OZB- niet woningen gebruikers
9.605
9.070
9.168
Roerende woon-en bedrijfsruimtebelastingen
55
68
70
Hondenbelasting
624
636
658
Toeristenbelasting
2.829
2.812
3.512
0
0
0
Overige precario
1.927
1.925
1.992
Straatparkeren/vignetten
13.251
14.442
14.510
Naheffing parkeren
1.933
1.568
1.673
Parkeeropbrengst Schalkwijk
474
571
583
Reclamebelasting Cronjéstraat
78
80
80
69.738
72.625
75.552
Rioolheffing
13.326
14.344
16.198
Precario ondergrondse infrastructuur
Totaal belastingbaten Heffingen Afvalstoffenheffing
28.814
30.677
32.306
Leges Algemene dienstverlening
3.208
2.929
3.486
Bouwleges (WABO)
7.554
11.436
12.590
209
316
382
Begraafrechten
1.358
1.081
1.105
Havengelden
1.502
1.227
1.575
Marktgelden
667
486
403
Leges dienstenrichtlijn
BIZ-heffing
1.100
1.012
1.087
Totaal heffingen
57.738
63.508
69.132
Totaal opbrengsten uit belastingen en heffingen
127.476
136.133
145.784
-414
-400
-400
Dotatie aan voorziening dubieuze debiteuren Kwijtschelding
-1.565
-1.615
-1.671
Netto opbrengst
125.497
134.118
142.613
Kenmerk: 2024/2031541
4/14
A) Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven van degene die ¡n de gemeente gebruik maakt van een perceel waarvoor de gemeente op grond van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen heeft. Bij het bepaien van de hoogte van de afvalstoffenheffing houden we rekening met het feit dat op begrotingsbasis de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten. Voor 2025 geldt dat conform eerdere melding in het Kadernota 2025 de afvalstoffenheffing 99 % kostendekkend wordt vastgesteld.
Met het vaststellen van de Kadernota 2024 heeft de raad besloten in 2024 verder te differentiëren naar omvang van huishouden, door in plaats van de eerdere 2 tariefsklassen, 4 tariefsklassen te hanteren, te weten; eenpersoons- twee persoons- drie persoons- en vier of meer persoonshuishoudens. Deze classificatie wordt ook gehanteerd voor 2025. bedragen x € 1.000 Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Baten totaal
28.814
30.637
32.306
Lasten totaal
28.887
31.937
32.616
Kostendekkendheid
100%
96%
99%
Afvalstoffenheffing
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Eenpersoonshuishoudens
29.241
29.480
30.251
Meerpersoonshuishoudens
45.444 23.002 9.459
Aantallen
13.364
23.443 9.464 13.411
Totaal aantal huishoudens
74.685
75.305
76.919
Tarieven afvalstoffenheffing
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Eenpersoonshuishoudens
279
296
310,08
Meerpersoonshuishoudens Twee- persoonshuishoudens
426 417 478 508
436,56 499,80 531,48
Twee- persoonshuishoudens Drie- persoonshuishoudens Vier- meerpersoonshuishoudens
Drie- persoonshuishoudens Vier-_meerpersoonshuishoudens
____________________
De tarieven afvalstoffenheffing stijgen circa 4,6% ten opzichte van 2024. B) Begraafrechten Onder de naam begraafrechten worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en
Kenmerk: 2024/2031541
5/14
voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. De rechten worden geheven van degene die de dienst aanvraagt. Het kader is dat de tarieven jaarlijks met inflatie worden verhoogd. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging van 3,5% ten opzichte van 2024. C)Havengelden Onder de naam havengelden worden rechten geheven ter zake van het gebruik overeenkomstig de bestemming van de voor openbare dienst bestemde gemeentewateren of andere openbare wateren die in beheer of onderhoud bij de gemeente zijn. Het kader is dat de tarieven jaarlijks met inflatie worden verhoogd. ln de Kadernota 2025 is besloten om de inkomsten uit de havengelden en precario voor water structureel te verhogen om zo de kostendekkendheid te verhogen van 32% naar 49%. Door de toenemende drukte op het water, boten voor vluchtelingen, pleziervaart en dergelijke, neemt de kostendekkenheid toe. Desondanks is het verhogen met de inflatie afdoende. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging in samenhang met meer pleziervaart zou moeten leiden tot € 348.000 extra baten ten opzichte van de primaire begroting 2024-2028 D) Hondenbelasting Onder de naam hondenbelasting heft de gemeente een belasting op het houden van honden binnen de gemeente. Belastingplichtig is de houder van de hond.
Het aantal honden is bepalend voor de hoogte van de belasting die wordt geheven. Het kader is dat de tarieven jaarlijks met inflatie worden verhoogd. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging van 3,s% ten opzichte van 2024.
Tarieven
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Eerste hond
100
104
108,00
Tweede hond
170 307,56
176,52
182,76
319
441,36
459
330,60 474,60
Derde hond Kennel
E)Leges Voor diensten die het gemeentebestuur levert worden leges betaald. Ook worden leges geheven voor een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument. De legesverordening kent drie titels: • algemene dienstverlening; • dienstverlening voor fysieke leefomgeving/omgevingsvergunni ng; • dienstverlening voor de Europese dienstenrichtlijn. Leges kennen een vorm van kruissubsidiëring waarbij niet iedere individuele dienstverlening
Kenmerk: 2024/2031541
6/14
kostendekkend hoeft te zijn, maar dat een cluster van diensten in totaliteit niet meer dan 100% kostendekkend is. De berekende kosten zijn gebaseerd op de werkelijke verwachte tijdsbesteding per product, gebaseerd op tijdschrijven ¡n het afgelopen jaar, vermenigvuldigd met het aantal af te geven producten of diensten. ln 2023 is besloten dat de tarieven van de algemene dienstverlening stapsgewijs worden verhoogd om uit te komen op 100% kostendekkendheid. Dit betekent een toekomstige stijging van het tarief voor verschiliende vergunningen. De kostendekkendheid van deze leges zullen ieder jaar met circa 7% toenemen zodat in 2027 de kostendekkendheid 100% is. Hierdoor stijgen de tarieven meer dan alleen met inflatie. ln de legesverordening zijn in dit hoofdstuk ook de tarieven voor de nog vast te stellen zero-emissie zone toegevoegd. ln 2023 is besloten dat de tarieven van de dienstverlening in het kader van de Omgevingswet stapsgewijs worden verhoogd om uit te komen op 100% kostendekkendheid in 2027. Dit komt neer op een tariefstijging van circa 10% per jaar. ln de leges verordening zijn nu de kosten voor het technische toetsen en het ruimtelijk toetsen voor een bouwplan anders neergezet om beter aan te sluiten bij de Wet Kwaliteits Borging.
De leges voor buitenplanse omgevingsactiviteit is verder gedifferentieerd zodat de kosten voor kleine bouwaanvragen substantieel lager worden. De leges voor buitenplanse omgevingsactiviteiten met bouwkosten tot € 250.000 ziin veriaagd van € 10.000 naar € 600 en voor grotere bouwbedragen zijn de leges € 5.000 geworden. De verlaging voor deze leges zijn mogelijk door een aantal efficiency slagen in het proces. Voor het verduurzamen van monumentale panden is, aanvullend op de legesverordening, de erfgoednota vastgesteld met het afwegingskader voor vergunningverlening van monumenten, zoals voor het vervangen van glas. Hierdoor zijn kleine verbouwingen vanuit duurzaamheid aan een monumentaal pand niet meer vergunningplichting of kan er een lichtere procedure doorlopen worden. De tarieven van de dienstenrichtlijn worden verhoogd tot een kostendekkendheid van 60%. ln dit hoofdstuk worden de tarieven voor evenementen, markten, gastouderregistratie en horecavergunningen bepaald. Vanwege eerdere uitspraken van de raad is hier het realiseren van 100% kostendekkendheid niet wenselijk. Het kader is dat de tarieven jaarlijks met inflatie worden verhoogd. Daar waar van toepassing wordt aangesloten bij de door het Rijk vastgestelde wettelijke maximum tarieven.
UAV ln de verordening wordt in Titel 2, hoofdstuk 1, onder 2.1.1.2 van de Tarieventabel verwezen naar de Uniforme Administratieve Voorwaarden 2012 (UAV) voor de bepaling van de aannemingssom. Deze UAV zijn vastgesteld door de ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Economische Zaken, Landbouw en lnnovatie. Deze UAV ¡s als bijlage O toegevoegd aan de Legesverordening 2025.
F) Marktgelden
Kenmerk: 2024/2031541
7/14
Het kader is dat de tarieven jaarlijks met ¡nflatie worden verhoogd. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging van 3,5% ten opzichte van 2024. G) Onroerendezaakbelastingen De grondslag voor de OZB wordt gevormd door de waarde van het onroerend goed. De waardemutaties worden jaarlijks vastgesteld door middel van de zogenaamde herwaardering. Haarlem hanteert het uitgangspunt dat zij de gemiddelde waardestijging (of daling), compenseert door een tariefsverlaging (of evenredige tariefsverhoging). Daarmee bereikt de gemeente dat waarde-mutaties niet leiden tot een wijziging in de totale opbrengst, maar slechts tot individuele verschillen in aanslagen. Dat is bijvoorbeeld het geval als de waarde van een woning meer ofjuist minder is gestegen dan het Haarlemse gemiddelde. Dan levert de herwaardering een voordeel ofjuist een nadeel op voor de eigenaar van een woning of een niet-woning of de gebruiker van een niet-woning. Voor het belastingjaar 2025 geldt de prijspeildatum 1 januari 2024. Per 1 november 2024 zijn de waarde-prognoses van Cocensus ontvangen. De consequenties voor de tarieven eigenaren worden hieronder nader toegelicht. a.
Woningen De waarden van de woningen in Haarlem zijn op peildatum gemiddeld met 6,1% gestegen. Gelet op het hierboven geformuleerde uitgangspunt betekent dit, dat de tarieven hiervoor met een gelijk percentage verlaagd worden behoudens de inflatiecorrectie van 3,5% in 2025.
Uitgangspunten woningen:
____________
________
lnflatiecorrectie
3,5%
Compensatie waardestijging woningen
-6,1%
Uitkomst: Tariefsdaling voor 2025
2,5%
Voorgesteld wordt het tarief afgerond met 2,5 % te verlagen. b. Niet-woningen De waarden van de niet-woningen in Haarlem zijn nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van vorige peildatum. Gelet op het hierboven geformuleerde uitgangspunt betekent dit, dat de tarieven verhoogd moeten worden met 4% in 2025.
Kenmerk: 2024/2031541
8/14
Uitgangspunten niet-woningen nflatiecorrectie
3,5%
Compensatie waardedaling niet-woningen
-O,5%
Uitkomst: Tariefstijging voor 2025
-4%
Voorgesteld wordt het tarief afgerond met 4% te verhogen. c.
Opbrengstberekening
Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten en de ontwikkeling van de WOZ-waarden kunnen de tarieven en opbrengsten als volgt worden berekend:
eigenaar woning eigenaar niet-woning gebruiker niet-woning
ln de berekening van de WOZ eindwaarde door Cocensus is rekening gehouden met het accres, met vrijstellingen en met objecten in aanbouw. Van een deei van de objecten geldt dat onzeker is of deze al dan niet voor 1 januari worden opgeleverd. De WOZ-waarde op 1 januari kan hierdoor positief of negatief worden beïnvloed. Dit geldt ook voor de daaraan gekoppelde opbrengsten. Mocht daar aanleiding toe zijn, worden verschillen gemeld in de Voortgangsrapportage 2025 en/of Bestuursrapportage 2025. Daarnaast is in de WOZ eindwaarde rekening gehouden met het aantal bezwaren in verband met de marktontwikkeling en de zogenaamde NCNP-bedrijven (no cure no pay). Bij de niet- woningen wordt de WOZ eindwaarde bij de gebruikersheffing gecorrigeerd vanwege leegstand. H) Parkeerbelasting De verordening parkeerbelasting omvat de fiscale tarieven voor betaald parkeren (exclusief de parkeergarages). ln de verordening is ook een tariefvoor de nieuw in te stellen werknemersparkeervergunning opgenomen. Het kader is dat de tarieven jaarlijks met inflatie worden verhoogd. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging van 3,5% ten opzichte van 2024. Voor het tarief van de naheffingsaanslag wordt aangesloten bij het wettelijke maximum tarief van € 78,80.
Kenmerk: 2024/2031541
9/14
l) Precariobelasting De gemeente heft precariobelasting op voorwerpen op-, boven- en onder gemeentegrond en op het water. Enkele inhoudeiijke wijzigingen in de verordening betreffen de aanpassing van de precariotarieven voor terrassen. De tarieven per m2 voor terrassen op het water zijn nu gelijkgetrokken met die voor terrassen op het land. Daarnaast wordt er geen onderscheid meer gemaakt in de locatie van woonschepen voor het heffen van precario. Voor 2025 betekent dit conform Programmabegroting 2025-2029 een tariefstijging van circa 3,6% ten opzichte van 2024 J) Reclamebe/asting Op verzoek van de winkeliersvereniging Cronjéstraat is in 2015 een reclamebelasting voor het gebied Cronjéstraat/Julianapark ingevoerd. De winkeliersvereniging is voornemens om de overeenkomst te verlengen voor de periode 2025-2030. Het tarief eenmalig geïndexeerd in 2025 met 5% van € 620, naar € 650. ln de jaren daaropvolgend wordt het tarief ieder jaar met 2% geïndexeerd. K)Rioolbelasting De kosten die de gemeente maakt als uitvloeisel van de watertaken kunnen worden verhaald via een zogenoemde rioolheffing. ln de Kadernota 2025 is de riooiheffing 100% kostendekkend vastgesteld wat resulteert dat de tarieven voigend jaar stijgen met 11,5 % ten opzichte van 2024.
Dit is een gevolg van een toename van de begrote kapitaallasten, stijgende exploitatiekosten en de lasten van het vastgestelde waterplan (raadsbesluit 2023/1554669) door te berekenen in het tarief voor riooiheffing.
bedragen x € 1.000 Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Baten totaal
13.326
14.344
16.198
Lasten totaal
13.326
14.844
16.190
100%
97%
100%
Riolering
Kostendekkendheid
Aantallen
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Directe aansluiting
83.028
83.407
84.771
lndirecte aansluiting
4.581
4602
4625
Kenmerk: 2024/2031541
10/14
-
Tarueven
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Directe aansluiting
156
167
186,60
lndirecte aansluiting
67
71,64
79,92
De tarieven rioolheffing stijgen circa 11,5% ten opzichte van 2024. L) Beiasting op roerende woon-en bedrijfsruimten Het tarief van de roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (RWBB) is wettelijk gelijk aan die van de OZB. Dit betekent dat in praktijk het tarief voor bijvoorbeeld een woonboot gelijk is aan het tarief van een woonhuis. De hoogte van de heffing (in €) wordt bepaald door de WOZ-waarde. De verordening, waarin de tarieven zijn opgenomen, is gelijk aan die van de onroerendezaakbelastingen als hiervoor vermeld. De tarieven van de RWWB zijn wettelijk gekoppeld aan die van de OZB. Voor de totstandkoming van de tarieven kan daarom gebruik worden gemaakt van de toelichting die is opgenomen bij de tarieven OZB. M) Toeristenbelasting De toeristenbelasting wordt geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente door personen die niet woonachtig zijn in de gemeente. Er wordt geen toeristenbelasting geheven op het verblijf in zieken- en verzorgingstehuizen. Als belastingplichtige voor de toeristenbelasting is degene aangemerkt die gelegenheid tot verblijf biedt: de hotelier, campingexploitant etc. De belastingplichtige mag de belasting doorberekenen aan de toerist. Het tarief sluit aan bij het aantal personen en de duur van het verblijf. Het tarief is een vast bedrag per overnachting.
Tarieven
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
Camping en pleziervaartuig
2
2
2,40
Hostel Overig
3 5
3,25
3,90 6,00
______
5
Bij de behandeling van de Kadernota 2024 heeft de Raad de motie 39 BIS Verhoog de inkomsten van de toeristenbelasting aangenomen. Hierin wordt het college opgeroepen om: -
Taakstellend de inkomsten uit de toeristenbelasting structureel te verhogen per 2025 met €500.000 en als dusdanig te verwerken in de begroting 2024-2028.
Hiernaast zullen alle tarieven vanaf 2026 jaarlijks geïndexeerd worden. De structurele verhoging van de inkomsten zijn doorgevoerd bij de Programmabegroting 2024-2028.
Kenmerk: 2024/2031541
11/14
Na onderzoek vanuit verschillende invalshoeken (markt, daadwerkelijke prijsstijgingen tussen 2019 t/m 2024 en vergelijking van de tarieven in omliggende gemeenten) en na overleg met belanghebbenden begin november 2023 is hier op de volgende wijze invulling aan gegeven: 1. Per 1 januari 2025 worden de tarieven p.p.p.n. in alle overnachtingscategorieën met 20% verhoogd. Dat betekent: Hotels €6,00, hostels € 3,90, Airbnb € 6,00, camping en vaartuig € 2,40. 2. Voor de categorie hotels en hostels wordt 50% korting verleent op het te heffen tarief voor kinderen van 12 jaar ofjonger vanaf 1-1-2025. 3. Alle tarieven worden vanaf 2026 jaarlijks geïndexeerd met de CPI index over het voorafgaande jaar. N) Kwijtscheldingsbeleid 0p grond van de lnvorderingswet 1990 en het gemeentelijke kwijtscheldingsbeleid kan een belastingschuldige die niet ¡n staat is anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. Bij Ministeriële regeling worden inkomensnormen vastgesteld, welke van toepassing zijn voor de eventuele toekenning van kwijtscheldingsaanvragen. De gemeente Haarlem hanteert ten aanzien van de normbedragen een kwijtscheldingspercentage van 100%.
De gemeente Haarlem verleent kwijtschelding voor de afvalstoffenheffing, de leges huisvestingsvergunningen, leges voor de gehandicaptenparkeerkaart en voor 50% op de hondenbelasting voor zover het de eerste hond betreft. Daarnaast wordt kwijtschelding verleend voor huwelijksvoltrekkingen als bedoeld in artikel 4 lid 7 van het Reglement Burgerlijke Stand. Met ingang van 2009 wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid om geautomatiseerde kwijtschelding te verlenen. Het beleid is vastgelegd in het Besiuit kwijtscheldingsregels 2025 dat ter vaststelling wordt aangeboden. Voor kwijtschelding is in 2025 een totaal budget van € 1.671.000 geraamd. ln navolgende tabel zijn de bedragen aan kwijtschelding weergegeven: bedragen x
1.000
Kwijtschelding
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
€ -1.565
€ -1.615
€ -1.671
4. Argumenten
Kenmerk: 2024/2031541
12/14
-
Lokale lastendruk De lokale lastendruk wordt bepaald door de tarieven van de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. ln de navolgende tabel is de opbouw van de lokale lastendruk ¡n Haarlem in 2025 ten opzichte van 2024 inzichtelijk gemaakt. Voor huurders ¡s alleen de hoogte van de afvalstoffenheffing bepalend, aangezien bewoners hiervan niet worden aangeslagen voor OZB en rioolheffing. De lokale lastendruk stijgt ¡n 2025 in absolute zin met afgerond € 57 van € 1.088 naar € 1.145 per meerpersoonshuishouden. Een stijging van afgerond 5%. ln onderstaande tabel is de lokale lastendruk ten opzichte van voorgaande jaren weergegeven. Lokale lastendruk in euros voor een meerpersoonshuishouden
2023
2024
2025
Rioolheffing
€ 156
€ 167
€ 18]
OZB eigenarendeel
€ 423
€ 443
€ 458
Afvalstoffenheffing
€ 426
€ 478
€ 500
€ 1.005
€ 1.088
€ 1.145
Totaal lndex t.o.v. 2024
__________
Ontwikkeling voorziening dubieuze debiteuren lnherent aan belastingheffing is dat niet alle juist opgelegde aanslagen en heffingen ook daadwerkelijk ingevorderd kunnen worden. Vastgelegd is dat naar de datum van de vordering een voorziening wordt aangehouden (hoe ouder de openstaande vordering, hoe hoger het te voorziene bedrag). De begrote dotatie aan de voorziening hiervoor blijft ten opzichte van 2025 ongewijzigd. bedragen x € 1.000 Dotatie dubieuze debiteuren Dotatie aan voorziening
Rekening 2023
Raming 2024
Raming 2025
-414
-400
-400
5. Risicos en kanttekeningen De tarieven zijn gebaseerd op ramingen van kosten en baten. ln werkelijkheid kunnen die om uiteenlopende redenen afwijken. Voor rechten, die niet meer dan kostendekkend mogen zijn, geldt dan ook dat die kostendekkendheid op begrotingsbasis wordt getoetst. Afwijkingen in uitvoering leiden dan ook niet tot tariefaanpassingen over het desbetreffende jaar. 6. Uitvoering Na vaststelling van de belastingverordeningen en het kwijtscheldingsbesluit en na publicatie daarvan
Kenmerk: 2024/2031541
13/14
op overheid.nl zullen de genoemde belastingen en rechten daadwerkelijk ¡n 2025 worden geheven en ingevorderd. 7. Bijlagen A. Verordening afvaistoffenheffing 2025; B. Verordening begraafrechten 2025; C. Verordening havengelden 2025; D. Verordening hondenbelasting 2025; E.Verordening leges 2025; F.Verordening marktgelden 2025; G. Verordening onroerende- zaakbelastingen 2025; H. Verordening parkeerbelasting 2025; l. Verordening precariobelasting 2025; J. Verordening reclamebelasting 2025; K. Verordening rioolheffing 2025; L. Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting 2025; M. Verordening toeristenbelasting 2025; N. Besluit kwijtscheldingsregels 2025; O. Uniforme Administratieve Voorwaarden (UAV);
Kenmerk: 2024/2031541
14/14