Haarlem in de informatiesamenleving
Tekst van het document
Haarlem in de informatiesamenleving 18 juli 2024
Inhoudsopgave
1.
Inleiding
3
2.
Publieke waarden
3
2.1
De mens staat voorop
4
2.2
Rechtvaardig en democratisch gelegitimeerd
4
2.3
Gegevens zijn betrouwbaar en veilig
5
2.4
Transparant en controleerbaar
5
2.5 Duurzaam en verantwoord (stroomverbruik, grondstoffen, mensenrechten, arbeidsomstandigheden)
5
3.
Nieuwe ontwikkelingen, nieuwe vraagstukken
6
4.
In gesprek met de stad
8
2
1.
Inleiding In een tijd waarin sociale media heel veel invloed hebben, waarin data het nieuwe goud heten, waarin voor bijna alles een app of een ander digitaal hulpmiddel gebruikt wordt, verdwijnt een deel van de oude wereld. Tegelijk ontstaan heel veel nieuwe mogelijkheden. Met je mobiele telefoon kun je diensten bestellen, bijna onbeperkt informatie opzoeken, een podcast luisteren of een film bekijken en terwijl je elders bent, zien wie er voor je deur staat. Het internet en de digitale technologie hebben zich ontwikkeld tot vitale infrastructuur voor het leven, we kunnen niet meer zonder. Veel zaken met de gemeente regelen bewoners nu digitaal en de gemeente maakt zelf ook volop gebruik van digitale middelen. De digitalisering is inmiddels verweven met en heeft invloed op vrijwel alles in het leven en dus ook met wat de gemeente doet. Digitalisering biedt kansen om bijvoorbeeld sneller en beter gefundeerd informatie te verzamelen om beleidskeuzes te maken en om snelheid en gemak te bieden in dienstverlening. Wellicht kan artificiële intelligentie bepaalde werkzaamheden ondersteunen of zelfs overnemen. Die mogelijkheden willen we zo goed mogelijk benutten. Tegelijk confronteren nieuwe ontwikkelingen ons met nieuwe vragen, waar we nog niet altijd een antwoord op hebben.
Bijvoorbeeld de vraag hoe we artificiële intelligentie goed kunnen benutten en er daarbij tegelijk voor zorgen dat vertrouwelijke informatie ook vertrouwelijk blijft. Of de vraag wat de invloed is van sociale media op de manier waarop mensen hun mening vormen en daardoor op het democratisch proces. Apps verzamelen allerlei data over gebruikers en verhandelen die data. Wat voor invloed heeft dit en hoe helpen we mensen zelf zo goed mogelijk controle te houden? Heeft de gemeente hier invloed op, wat vinden Haarlemmers daarin belangrijk, hoe verhoud je je als gemeente tot zulke ingrijpende veranderingen? Het is dus niet altijd meteen duidelijk wat voor Haarlem en voor Haarlemmers de beste keuze is. In alle soms lastige afwegingen staat wel voorop dat we als overheid werken vanuit publieke waarden, omdat we werken ten behoeve van onze inwoners en de samenleving. Techniek en de manier waarop je techniek gebruikt, is niet neutraal. Techniek wordt vaak ontwikkeld door partijen die niet werken vanuit publieke waarden maar commercieel gedreven zijn. Dat betekent dat wij onszelf steeds moeten afvragen of en hoe we een techniek willen gebruiken. In dit document beschrijven we de publieke waarden die volgens ons specifiek in een informatiesamenleving van belang zijn.
In onze manier van werken – of het nu gaat om een uitgekristalliseerde aanpak of om een onderwerp dat we nog verkennen – willen we die principes en waarden hoog houden. Omdat we ze beschouwen als de basis van waar we als samenleving en als overheid voor staan.
2.
Publieke waarden Wij willen de kansen en mogelijkheden van digitalisering benutten. Dat doen we ten behoeve van de mensen in de stad. Het is niet altijd op voorhand duidelijk is wat de beste keuze is en behalve kansen zijn er ook risico’s verbonden aan digitalisering. In dit geheel willen we als overheid blijven werken vanuit publieke waarde. Een deel daarvan is ook terug te vinden in de Haarlemse visie op data, vastgesteld door de gemeenteraad in april 2023 en in de Principes voor de digitale samenleving, mede door ons vastgesteld door de ledenvergadering van de VNG in december 2022.
3
De Visie op de informatiesamenleving heeft echter een bredere scope. Waar de Datastrategie betrekking heeft op het werken met data en de Principes voor de digitale samenleving op het verzamelen van data in de openbare ruimte ziet de Visie op de informatiesamenleving op alle gebruik van digitale middelen. De publieke waarden waar Haarlem voor staat in de informatiesamenleving:
2.1
De mens staat voorop
De gemeente staat ten dienste van haar bewoners. Dat betekent dat alles wat zij doet direct of indirect toegevoegde waarde moet hebben voor de bewoners. Digitalisering kan bijvoorbeeld betekenen dat het makkelijker wordt om een aanvraag te doen of dat diensten sneller worden verleend. Door gebruik van digitale media wordt informatie makkelijker te vinden voor grote groepen mensen. Digitalisering biedt kortom mogelijkheden om bewoners beter te bedienen. Daarbij zijn we ons bewust van onze machtspositie ten aanzien van bewoners en ondernemers. Als overheid stellen en bewaken wij regels. Dat is nou eenmaal nodig om onze taken uit te voeren en na weging van alle betrokken belangen een besluit te nemen en te effectueren. Voor de stad als geheel. Dat geeft de verantwoordelijkheid die macht verantwoord te gebruiken. Uitgangspunt is de autonomie van onze bewoners. Data helpen ons om bijvoorbeeld ontwikkelingen te herkennen en goed geïnformeerd beslissingen te nemen. Data geven echter altijd maar een deel van de werkelijkheid weer. Zien we door de data de mensen nog? Blijft er voldoende contact mogelijk om iemands persoonlijke situatie goed mee te kunnen wegen? Waar gebruik wordt gemaakt van digitale middelen zullen we daarom tevoren een risicobeoordeling maken van de impact die de werkwijze kan hebben op de betrokken mensen en de vraag stellen of die in verhouding staat tot het doel.
Waar die impact groot kan zijn, blijven we controleren wat er gebeurt. Daarbij hebben we ook aandacht voor een eventueel ‘chilling effect’, oftewel het verschijnsel dat mensen hun gedrag veranderen uit angst voor het gebruik van bepaalde technologie. Dat de mens voorop staat, betekent dat er ook voldoende aandacht moet zijn voor wie niet digitaal vaardig is. Hoe kunnen we hen daarbij helpen om? De gemeente zal altijd ook bereikbaar zijn op andere dan digitale manieren en zorgen dat iedereen op de juiste manier wordt bediend. Informatie en diensten moeten voor iedereen gemakkelijk beschikbaar zijn. Daarnaast beschouwt de gemeente het als haar taak om mensen bewuster te maken van en meer opgewassen tegen risico’s in de digitale wereld.
2.2
Rechtvaardig en democratisch gelegitimeerd
Digitalisering en gebruik van technologie kan grote invloed hebben op de levens van mensen. Dat kan zowel ten goede als ten kwade zijn, tegenover kansen staan risico’s. Dit kan leiden tot dilemma’s. Een voorbeeld van zo’n dilemma is het gebruik van camera’s. Dat kan bijdragen aan het gevoel van veiligheid en werkelijke veiligheid van mensen en gebouwen of spullen. Het betekent ook dat je op veel plekken gefilmd kunt worden, waardoor sommige mensen zich minder vrij voelen op straat. Data combineren maakt maatwerk mogelijk, bijvoorbeeld waar een persoon of gezin met meer
4
problemen te kampen heeft. Tegelijk kan dit een aantasting betekenen van de privacy van de betrokkenen. Combineren en systematisch doorzoeken van data het maakt het makkelijker fraude op te sporen, door bijvoorbeeld te werken met risicoprofielen. Dit kan grote consequenties hebben voor degene die wordt aangemerkt als mogelijke of zelfs waarschijnlijke fraudeur. Beslissingen die ingrijpende gevolgen kunnen hebben, worden genomen daarom genomen door of in overleg met de raad.
2.3
Gegevens zijn betrouwbaar en veilig
Bewoners kunnen erop vertrouwen dat de gegevens waar de gemeente mee werkt kloppen en dat ze bij haar in veilige handen zijn. De gemeente heeft een schat aan informatie en gegevens. Een groot deel daarvan is vertrouwelijk. Meestal omdat ze direct of indirect betrekking hebben op personen. Haarlem staat voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van ieder mens. Gegevens die herleidbaar zijn naar een persoon verwerken we alleen als dat echt nodig is en voor zo kort als dat nodig is. We waarborgen dat de gegevens niet in verkeerde handen of onder verkeerde ogen komen. Ze worden alleen gebruikt voor het doel waarvoor ze zijn verkregen. Om de juiste inzichten te creëren en de juiste beslissingen te nemen, moet de informatie waar we mee werken kloppen. Verkeerde informatie kan leiden tot een beleid dat niet past bij de werkelijkheid en niet leidt tot wat we ermee voor ogen hebben. Ook op individueel niveau kan verkeerde informatie over bijvoorbeeld iemands persoonlijke gegevens leiden tot een besluit dat niet klopt, zoals het al dan niet verstrekken van een uitkering of vergunning. Door betrouwbare informatie aan te bieden, proberen we bovendien een tegenwicht te bieden aan desinformatie.
2.4
Transparant en controleerbaar
Essentieel in een democratische rechtsstaat is dat de overheid controleerbaar is en verantwoording aflegt. Ook in digitalisering blijft ons principe ‘openbaar, tenzij’. Bewoners, ondernemingen en andere organisaties moeten kunnen begrijpen hoe beleid en besluiten tot stand zijn gekomen, op welke informatie en op welke afwegingen ze zijn gebaseerd. Elk besluit wordt onderbouwd met een uitleg welke afweging is gemaakt aan de hand van welke gegevens. Ook in algemene zin zijn we open over welke gegevens en technologieën wij gebruiken voor welke doelen. Bijvoorbeeld over het gebruik van camera’s of algoritmes. Of over welk type gegevens we delen met of ontvangen van andere overheden. Steeds meer zullen we dit soort informatie actief openbaar maken.
2.5 Duurzaam en verantwoord (stroomverbruik, grondstoffen, mensenrechten, arbeidsomstandigheden) Digitalisering kan bijdragen aan verduurzaming. Een vergadering online kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat er minder hoeft te worden gereisd, met minder uitstoot tot gevolg. Minder gebruik van papier betekent minder kappen van bomen. Aan de andere kant gebruiken we door digitalisering heel veel meer stroom en worden schaarse grondstoffen gebruikt. Het is ingewikkeld alle
5
consequenties te overzien van de keuzes in digitalisering. Waar mogelijk beperken we de negatieve effecten voor klimaat en planeet. Bij de aanschaf van digitale middelen hebben we oog voor mensenrechten en arbeidsomstandigheden. We hanteren daarom bij aanbestedingen de Internationale Sociale Voorwaarden. Daarmee vragen we van leveranciers dat zij analyseren of er risico's zijn op schendingen van arbeidsnormen, mensenrechten en milieu in hun productieketen. Als die er zijn, moet de leverancier zich inspannen (gepaste zorgvuldigheid of 'due diligence' toepassen) om deze risico's te voorkomen of te verkleinen en actie ondernemen om schendingen aan te pakken. Er zijn soms zorgen dat een leverancier toegang zou kunnen krijgen tot gegevens en die beschikbaar zou kunnen stellen aan een regime dat ze gebruikt om mensenrechten te schenden. Het is ondoenlijk en onwenselijk om hier zelf als gemeente toezicht op te houden en een eigen gemeentelijke geopolitiek te bedrijven. Waar dit soort risico’s mogelijk spelen, wordt daarom advies gevraagd aan de Informatiebeveiligingsdienst (IBD onderdeel van de VNG) die hierover contact heeft met het Nationaal Cyber Security Centrum.
3. Nieuwe ontwikkelingen, nieuwe vraagstukken Er ontstaan nieuwe mogelijkheden door nieuwe technieken, die nieuwe vragen oproepen. De gemeente heeft daar nog niet altijd een pasklaar antwoord op. In deze paragraaf schetsen we een paar voorbeelden van dergelijke ontwikkelingen met kansen en keerzijden. De invloed van sociale media op de democratie De sociale media zijn voor veel mensen een belangrijk zo niet het belangrijkste kanaal om zich te informeren. Via Facebook, Instagram, X en andere kanalen wordt enorm veel informatie gepost en gediscussieerd. Het kan gaan om informatie over van alles. Evenementen, openingstijden, mode maar er worden ook veel meningen verkondigd over maatschappelijke thema’s als zin en onzin van vaccineren of klimaatmaatregelen. Het biedt de mogelijkheid om grote groepen te bereiken met dat wat je aan de wereld wilt laten weten of om in gesprek te gaan. Daarmee zijn sociale media ook voor de gemeente een interessant communicatiekanaal. Er zijn echter ook keerzijden. Wie gebruik maakt van sociale media krijgt via een algoritme informatie aangeboden die je wellicht interessant vindt, gebaseerd op wat je eerder hebt gezocht of geliket. Het risico daaraan is dat je alleen nog maar meningen van gelijkgestemden hoort en vrijwel geen tegengeluid meer, die ook andere perspectieven laten zien en waaraan je je mening zou kunnen scherpen.
Bovendien wordt er ook geregeld onzin verspreid. Nepnieuws met onwaarheden en samenzweringstheorieën. Niet iedereen is in staat feit van nepnieuws te onderscheiden. De grote bedrijven die eigenaar zijn van de sociale media proberen nepnieuws weg te filteren. Ook bewaken zij met eigen regels wat ze wel en niet toestaan op hun platform. Commercieel gedreven bedrijven worden daardoor de bewaker van wat waar is en wat niet en ook van de – grenzen van – de vrijheid van meningsuiting. Zeker dat laatste is van oudsher een taak van de overheid.
6
Dit alles heeft natuurlijk zijn weerslag op hoe mensen hun informatie verzamelen en hun mening vormen en daardoor ook op hoe de democratie feitelijk functioneert. De gemeente heeft daar zelf weinig tot geen invloed op maar moet zich er wel toe verhouden en bepalen of en hoe zij zelf gebruik maakt van sociale media. Voor dat laatste punt kan ook relevant zijn wat je vindt van de manier waarop de aanbieder omgaat met gegevens van gebruikers. Dit is bijvoorbeeld waarom het kabinet op dit moment (april 2024) overweegt te stoppen met het gebruik van Facebook. Artificiële intelligentie De ontwikkelingen op het gebied van artificiële intelligentie (AI) bijvoorbeeld zijn zeker het afgelopen jaar razendsnel gegaan. De huidige generatieve AI maakt het voor iedereen mogelijk om enorme hoeveelheden kennis en informatie te verwerken. Het wordt inmiddels door velen gebruikt. Ook ambtenaren en bestuurders zijn nieuwsgierig naar de mogelijkheden. Ook andere vormen van AI helpen om snel veel informatie te verwerken. Geautomatiseerde besluitvorming kan ervoor zorgen dat bewoners snel antwoord krijgen op een aanvraag. Grote hoeveelheden informatie kunnen worden geanalyseerd ten behoeve van het maken van beleid. Analyses kunnen ook helpen bij het voorspellen van gebeurtenissen of bij het herkennen van verdachte patronen die een aanwijzing zouden kunnen zijn voor fraude.
Dat zijn mooie toepassingen die onze bewoners helpen. De Toeslagenaffaire heeft echter wel duidelijk gemaakt dat het ook mis kan gaan. Verkeerd gebruik kan enorme en langdurige gevolgen hebben voor wie ten onrechte voor fraudeur wordt aangezien. Data geven nooit de gehele werkelijkheid met al zijn onvoorspelbaarheid weer, een mens is meer dan een verzameling data. Hoe kun je als gemeente deze nieuwe mogelijkheden als overheid gebruiken op een nuttige maar ook verantwoorde manier? Hoe zorg je dat het je helpt, dat het resultaat klopt en vermijd je dat je bijvoorbeeld vertrouwelijke informatie naar buiten brengt. En hoe zorg je dat je de mens in beeld houdt? Ook op het punt van duurzaam en verantwoord zijn er aspecten om mee te wegen bij het gebruik van AI. Het trainen van AI vraagt bijvoorbeeld heel veel rekenkracht, wat leidt tot gebruik van heel veel water en stroom. Voor het trainen worden bovendien geregeld werknemers ingezet die moeten werken onder slechte werkomstandigheden. Hoe kunnen we dit soort factoren goed mee laten wegen in de beslissing om een techniek wel of niet te gebruiken? Afhankelijkheid van marktpartijen De overheid kan niet zelf alle digitale systemen ontwikkelen en beheren. Daarvoor maakt ze gebruik van partijen uit de markt. Veel gegevens worden bovendien opgeslagen in een cloud.
Daarmee wordt je werk uit handen genomen en het kan (maar dat hoeft niet) ook helpen om gegevens beter beschikbaar en veilig te houden. Dit betekent wel dat je meer of minder afhankelijk bent van die commerciële marktpartijen. Tot waar kun je je als overheid zo’n afhankelijkheid veroorloven? Een voorbeeld van hoe verstrekkend de gevolgen kunnen zijn, was de beslissing ruimtevaartbedrijf Space-X van Elon Musk om zijn Starlink-satellieten uit te zetten, zodat Oekraïne die niet kon gebruiken voor het inzetten van drones in de oorlog tegen Rusland. Dit voorbeeld staat verder weg van de gemeente. Maar ook voor ons geldt dat we goed moeten nadenken over de afhankelijkheden, om te voorkomen dat we bijvoorbeeld essentiële taken niet meer zouden kunnen uitvoeren als een partij omvalt of in andere handen komt. Enerzijds is de vraag wat onderwerpen zijn waarvoor je niet afhankelijk wilt zijn van een marktpartij? En zijn de wensen om zelfredzaam te zijn of in elk geval niet afhankelijk van een commercieel bedrijf realistisch? Zijn we in staat zelf een alternatief te (laten) ontwikkelen, al dan niet in samenwerking met andere overheden? Anderzijds kan het zo zijn dat we geen zaken willen doen met een leverancier, omdat die zijn basis heeft in een land waar mensenrechten niet worden
7
gerespecteerd en al dan niet gedwongen gegevens of technieken beschikbaar zou kunnen stellen aan een overheid die wij niet vertrouwen. Dit zijn maar enkele voorbeelden. De ontwikkelingen gaan ondertussen razendsnel verder. Denk aan de steeds verdere versmelting tussen techniek en biologie en tussen de fysieke en de virtuele wereld. Het is onmogelijk de toekomst te voorspellen en wetgeving zal onvermijdelijk altijd achterlopen bij de ontwikkelingen. Dat maakt het des te belangrijker te werken vanuit principes en waarden.
4.
In gesprek met de stad De gemeente maakt net als al haar bewoners, ondernemers, instellingen en partners, deel uit van de informatiesamenleving. Door nieuwe ontwikkelingen ontstaan nieuwe kansen, nieuwe risico’s en nieuwe vraagstukken. Daar moet de gemeente soms een antwoord op vinden of zich ertoe verhouden en haar koers kiezen. Het zou naïef zijn te veronderstellen dat de gemeente op al die punten zelf de wijsheid in pacht heeft en vanachter het bureau de beste keuzes kan maken. Dat is ook niet hoe Haarlem in de samenleving wil staan. De gemeente wil daarom met de stad in gesprek, zoals we dat ook in onze Visie op data hebben toegezegd. De publieke waarden zoals we ze hier hebben omschreven krijgen immers pas echt betekenis als we ze invulling geven en mee laten wegen in keuzes waar we voor staan. Om concreet te maken wat de waarden betekenen, zullen we per gesprek een casus bespreken en de keuzes die we daarin zouden kunnen maken. Doelgroep en gespreksvorm zullen afhankelijk zijn van de casus. Hieronder beschrijven we een paar mogelijke onderwerpen. De ontwikkelingen op het gebied van artificiële intelligentie (AI) en recent vooral generatieve AI gaan razendsnel.
Hoe kan de gemeente de mogelijkheden goed benutten? Hoe zorg je dat dat op een verantwoorde manier gebeurt? Wat verwachten onze bewoners en andere partijen in de stad op dit punt van ons en wat zouden ze wensen? Sociale media zijn laagdrempelige kanalen waarmee je een groot publiek kunt bereiken. Je kunt je er dus makkelijk informatie mee verspreiden maar ook een gesprek aangaan en informatie ophalen. Tegelijk zijn het kanalen waarlangs geregeld nepnieuws wordt verspreid, met soms grote gevolgen. De bedrijven achter deze media zijn veelal commercieel gedreven en verdienen aan het handelen in profielen van gebruikers. Wil je deze middelen gebruiken? Wat zijn praktische en ethische voors en tegens? Hoe interfereren de online werkelijkheid en de fysieke werkelijkheid? Als online wordt opgeroepen om op de Haarlemse Grote Markt te gaan rellen wat zijn dan je mogelijkheden als burgemeester? Online wordt wel eens beschouwd als openbare ruimte maar de burgemeester heeft alleen zeggenschap over de openbare orde in de fysieke stad. Een online-gebiedsverbod werd door de rechter niet geaccepteerd. Wat kun je dan wel doen om eerder in te grijpen dan het moment dat er daadwerkelijk rellen ontstaan?
8
Bijlage: samenhang beleid informatiedomein
9
Dit is een uitgave van gemeente Haarlem, ________________________________ Postbus 511 2003 PB Haarlem Tel. 14 023 haarlem.nl 10