Bijlage bij veratnwoording Notitie Onderbouwing Rioolheffingsberekening
Tekst van het document
Onderbouwing Rioolheffingsberekening 8 mei 2024 Elwin Leusink / Onno Oosterhof BBOR
1.
Uitleg rioolheffingsberekening
1.1
Draaiknoppen
Bij de vaststelling van het Plan Stedelijk Water is door de gemeenteraad gevraagd om draaiknoppen te tonen voor de hoogte van de rioolheffing. Met deze notitie wordt daarom ingegaan op de draaiknoppen in de uitkomsten van de rioolheffingsberekening. In het Plan Stedelijk Water is de volledige berekening al opgenomen, inclusief onderliggende getallen die in de bijlagen zijn opgenomen, daarom wordt dit niet herhaalt. In deze notitie wordt ingegaan op de wijzigingen en belangrijkste draaiknoppen.
1.2
Rioolheffingsberekening als basis
In een rioolheffingsberekening worden vele keuzes gemaakt die invloed hebben op de hoogte van de rioolheffing. Deze zijn voornamelijk technisch van aard, bijvoorbeeld:
Hoe vaak moet het riool worden gereinigd om het goed te laten functioneren? Hoe vaak moeten gemalen worden geïnspecteerd om het functioneren voldoende in beeld te hebben? Wanneer worden vrijvervalriolen vervangen?
Ook zijn er veel regels over afschrijven, rentepercentages en inflatie. Deze concern control regels zijn, conform geldende afspraken, opgevolgd bij het opstellen van de kostendekkingberekening. Voor deze notitie zijn deze technische keuzes en het volgen van regelgeving niet als draaiknoppen beschouwd. De gepresenteerde draaiknoppen zijn sturingsmogelijkheden op hoofdlijnen, er zijn er meer, maar die hebben een kleinere impact en worden daarom buiten beschouwing gelaten. De impact van de draaiknoppen is berekend ten opzichte van de geprognotiseerde stijging van circa 150 euro over tien jaar, tenzij anders is aangegeven. Dus daling van de rioolheffing met 10 euro betekent uiteindelijk een te verwachten stijging van 140 euro in plaats van 150 euro over die periode.
1.3
Ontwikkeling van de rioolheffing
In het Plan Stedelijk Water wordt een stijging van de rioolheffing voorzien. Bij vaststelling is besloten dat de stijgende lijn wordt ingezet, maar dat er wel jaarlijks wordt berekend of de stijging in deze mate nodig is. Ook is een natuurlijk moment in het plan ingebouwd om de gekozen systematiek te beoordelen, dit is de eerste evaluatie van het plan in 2028.
2.
Wijzigingen en draaiknoppen
2.1
Wijzigingen
Een aantal wijzigingen hebben veel invloed op de rioolheffingsberekening. Een belangrijk financieel voordeel is de verlenging van de technische levensduur van de vrijvervalriolen van 65 jaar naar 80 jaar. Door deze verlenging van de levensduur is de rioolheffingsberekening ongeveer 40 euro per heffingseenheid lager. Een belangrijke stijging van de uitkomst komt door de inflatiecorrectie. Met de tussentijdse rioolheffingsberekeningen is hier al deels voor gecorrigeerd, toch is er ook een stijging in de laatste jaren die nog is verwerkt. Ter beeldvorming:
Tussen 2017 en 2023 is de inflatie in de rioleringssector ongeveer 40% geweest. Dit betekent dat de rioolheffingsberekening t.o.v. de vorige rioolheffingsberekening ook ongeveer 40% hoger moet uitkomen. Tussen januari 2022 en januari 2023 was de inflatie in de rioleringssector bijzonder hoog, ongeveer 11%.
Er zijn dus meerdere correcties en aanpassingen gedaan. Voor een aantal belangrijke posten die stijgen is in onderstaande tabel indicatief de invloed op de rioolheffing aangegeven. Door veranderingen in rentepercentages en keuzes in stijgingsscenario’s kan het bedrag afwijken. Toename exploitatie (vanaf 2025) Toename rioolreparaties
2,50 euro
Ingroeimodel personele capaciteit op orde (kosten na doorlopen ingroeimodel)
9,50 euro
Onderhoudsmaatregelen grondwater (meetnet en reiniging drainage)
1,50 euro
Hogere kosten baggeren en maaien
1,50 euro
Onderzoek
5,50 euro
Door het verlengen van de levensduur van 65 naar 80 jaar worden meer rioolreparaties verwacht. De extra personele capaciteit is nodig om alle vaste werkzaamheden in te kunnen vullen (riolering, oppervlaktewateren, grondwater en klimaatadaptatie) en om de grote investeringen voor te bereiden. Deze onderhoudsmaatregelen waren afgelopen jaren (te) beperkt gebudgetteerd. Met het nieuwe grondwatermeetnet stijgen de onderhoudskosten. Afgelopen jaren bleek het beschikbare budget onvoldoende om de benodigde werkzaamheden uit te voeren. Het is nu opgehoogd naar het werkelijke kostenniveau. Met de verschillende onderzoeken wordt geprobeerd 1) alles wat er ligt zo lang mogelijk goed te laten functioneren en 2) alles wat er wordt aangelegd zo lang mogelijk goed te laten functioneren. Het gaat bijvoorbeeld om het uitzoeken van oude bestanden om het beheerpakket goed te vullen, maar ook om het doorrekenen van de gevolgen van zware regenbuien.
Communiceren/stimuleren particulieren
1,50 euro
Toename kapitaallasten door extra investeringen in duikers, drainage, klimaatadaptatie
Stijgende lijn. In 2028 is het 23 euro meer dan in 2024. Stijgende lijn. In 2028 is het 3 euro meer dan in 2024.
Toename btw door toerekenen btw op investeringen en door extra investeringen
2.2
Extreem weer treft het gehele grondgebied van Haarlem. Om hierop voor te bereiden moeten openbare en particulieren terreinen worden aangepast. De rol van particulieren kan in sommige gebieden groot zijn. Bij werken in de openbare ruimte, wordt het omliggende particuliere terrein zoveel mogelijk betrokken. De kapitaallasten stijgen met de toename van de investeringen. Het exacte bedrag is elk jaar anders. Sinds 2024 wordt de btw op investeringen toegeschreven aan de rioolheffing, wat betekent dat er sinds 2024 meer btw wordt toegerekend dan de jaren ervoor. De btw stijgt met de toename van de exploitatielasten en investeringen. Het exacte bedrag is elk jaar anders.
Draaiknoppen
Bij de behandeling van het Plan Stedelijk Water is gevraagd naar 'draaiknoppen' in de financiën. Er zijn heel veel keuzes te maken, regelmatig beïnvloeden ze elkaar. Het Plan Stedelijk Water is gebaseerd op de huidige uitgangspunten, afspraken en plannen, aangevuld met budget voor enkele nieuwe ontwikkelingen. Hieronder zijn een aantal opties opgenomen om de rioolheffingsberekening aan te passen. Indicatief is de invloed op de rioolheffing berekend, wanneer er wijzigingen worden gekozen, kunnen ze preciezer worden doorgerekend. Doordat de voorziening in 2024 nagenoeg leeg is, en de uitgaven stijgen is de verwachting dat de draaiknoppen vooral een ‘minder meer – effect’ hebben. Gezien de benodigde stijging van de rioolheffing zijn alle opties geformuleerd als een daling, maar het is uiteraard ook mogelijk om hetzelfde punt om te draaien tot een stijging.
Draaiknop 1) Lagere exploitatie-uitgaven Minder uitgeven in exploitatiebudget leidt tot een lagere rioolheffing. Elke 100.000 euro aan geschrapte uitgaven geeft een lagere rioolheffing van grofweg één euro. Deze draaiknop wordt afgeraden, omdat deze uitgaven nodig zijn voor een goede uitvoering van de watertaken.
Draaiknop 2) Lagere investeringen Minder investeren leidt tot een lagere rioolheffing. Het effect hiervan is doorgerekend aan de hand van twee voorbeelden:
Het schrappen van het rioleringsdeel van de IVORIM. Dit is 2,75 miljoen euro (excl. btw) in 2025 en 2026. Dit scheelt € 0,51 per heffingseenheid. Het schrappen van de investeringen in gemaalvervanging in 2025 en 2026. Dit is 0,4 miljoen euro (excl. btw) in 2025 en 2026. Dit scheelt € 0,07 per heffingseenheid.
Deze draaiknop wordt afgeraden, omdat de budgetten gebaseerd zijn op de investeringsplanning. Voor de eerste jaren is het IP als basis genomen, aangevuld met enkele extra investeringen. Vanaf
2027 sluit het aan op de integrale buurtaanpak. Het schrappen van investeringen zorgt ervoor dat andere plannen (zoals het behalen van de energietransitie-opgave en woningbouwopgave) ook geen doorgang kunnen vinden.
Draaiknop 3) Uitstellen investeringen Het uitstellen van investeringen zorgt ervoor dat uitgaven later plaatsvinden. Hierbinnen bestaan natuurlijk veel opties. Om hier een beeld van te geven is doorgerekend dat wanneer 30% lagere investeringen van 2024 tot en met 2026 worden toegepast, waarna de investeringen worden ingehaald van 2027 tot en met 2033. Tot en met 2027 geeft dit een korting op de rioolheffing die oploopt tot € 4,- per heffingseenheid. Echter, met het inhalen van deze investeringen vanaf 2027 stijgen de kapitaallasten ook weer extra. Deze draaiknop wordt afgeraden, omdat het onzekerheid geeft over de planning en het daarmee lastiger wordt om afspraken te maken over integrale projecten. In de praktijk is het lastig om een goede planning te maken, omdat allerlei omstandigheden een project vertraging kunnen geven. Daarbij wordt opgemerkt dat jaarlijks de benodigde rioolheffing berekend wordt en hiermee een verschuiving in de planning meteen zorgt voor een lagere reële rioolheffing.
Draaiknop 4) Verhogen financiële afschrijvingstermijn vrijvervalriolen naar 60 jaar Door de afschrijvingstermijn van de vrijvervalriolen te verlengen van 40 naar 60 jaar daalt de rioolheffing met ongeveer 7 euro per heffingseenheid. Deze draaiknop wordt niet afgeraden en is inmiddels verwerkt in de stukken van de kadernota.
Draaiknop 5) Een andere rioolheffingsmaatstaf Met een andere rioolheffingsmaatstaf worden de kosten anders verdeeld over de inwoners. In september komt hierover een aparte opinienota naar de commissie.