CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8 (Bijlagen bij anterieure overeenkomst) HIOR Noord richtlijnen deel 1

gemeenteraad 25 januari 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: Anterieure overeenkomst Sonneborn14.358 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

22

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

onderhoudskosten van straatmeubilair. De gevolgen voor de financiën van de voorstellen zijn concluderend dus niet gericht op “snelle winst”, maar op besparingen op termijn, met aandacht voor de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de gemeente.

23

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

HOOFDSTUK 5: UITWERKING STRUCTUUR

5.2. Vlakken: buurten Kleverpark

5.1. Inleiding In hoofdstuk 3 (paragraaf 2) is de hoofdstructuur voor de openbare ruimte van Haarlem Noord beschreven. In dit hoofdstuk wordt deze hoofdstructuur nader beschreven en onderbouwd. Daartoe is Haarlem Noord onderverdeeld in vlakken (buurten en groengebieden), lijnen (belangrijke wegen en waterlopen) en punten (bijzondere plekken).

Figuur 5.1.1.: Vlakken, lijnen en punten.

Ruimtelijke structuur Stedenbouwkundig kan het Kleverpark in twee deelplannen worden onderscheiden. Het eerste e deel uit het einde van de 19 eeuw (tussen spoorlijn en Meester Cornelisstraat) is volgens plan van tuin- en landschapsarchitect L.A. Springer tot stand gekomen. Dragers van dit plan zijn de herenhuizen die in een zeer breed profiel langs een voormalig tramtracé zijn geplaatst, met als centrum het groene Kleverpark. Het tweede plandeel, ten noorden van het eerste, is vormgegeven door ir L.L. Dumont (toenmalig directeur openbare werken gemeente Haarlem). Dit plan is geometrischer van opzet met eveneens een duidelijk groen centrum (Santpoorterplein). Dit deel van Kleverpark is tussen 1915 en 1940 gebouwd. Er is in deze buurt sprake van een duidelijk

verschil in uitstraling en verschijningsvorm tussen straten die de stedenbouwkundige structuur bepalen (Kleverparkweg, Velserstraat, Santpoorterstraat) en woonstraten. De kwaliteit van de bebouwing, de formele structuur en de ruime maatvoering van de belangrijkste straten geven Kleverpark allure. De inrichting van de openbare ruimte bestaat grotendeels uit symmetrische profielen met bomen in trottoirs en meestal geklinkerde rijwegen. Asfalt in de brede wegen geeft een versteend en grauw beeld. Deze wegen hebben een inrichting die is afgestemd op het autoverkeer: profielverbredingen, verkeersheuvels, parkeervakken en de neuzen en oren aan het trottoir doen afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van het geheel. Straatmeubilair en speelvoorzieningen zijn terughoudend geplaatst. Het parkeren is over het algemeen in de lengterichting langs de stoepbanden gesitueerd waardoor de lange zichtlijnen over de straatas in stand blijven.

Foto 5.2.1.: Monumentale herenhuizen langs het Kleverpark

Ten oosten van Kleverparkbuurt liggen drie kleinere buurten: Ripperda, Frans Halsbuurt en

24

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Neo Deo. Ripperda heeft een afgesloten karakter en wordt omgeven door een gracht. Daarbinnen staan, naast enkele historische relicten als het kazernegebouw en een smederij, nieuwe woningen, appartementen en een verzorgingstehuis op een simpele beklinkerde vloer. Het gehele gebied is autoluw en er wordt ondergronds geparkeerd. Opvallend is de grote groene ruimte voor het kazernegebouw (het voormalige exercitieterrein) dat tegelijkertijd als dak voor de parkeergarage dient. Neo Deo wordt een dichtbebouwde woonwijk met royale woonhuizen en appartementen langs karakteristieke, maar smalle straten. Een mooie overgang van de dichtbebouwde Frans Halsbuurt, die voornamelijk uit ste arbeiderswoningen uit begin 20 eeuw bestaat, naar het royaler opgezette Kleverpark. Streefbeeld Het ligt in de lijn der verwachting dat de Kleverparkbuurt op termijn zal worden aangewezen als beschermd stadsgezicht. Het is daarom belangrijk dat het monumentale karakter van de bebouwing en stedenbouwkundige opzet in de inrichting van de openbare ruimte wordt ondersteund en versterkt. De kenmerkende symmetrie van de profielen, die ook in de aanliggende buurten te vinden is, behouden, herstellen danwel versterken met behoud van en aandacht voor zichtlijnen en toepassen van authentieke materialen.

Bomenbuurt

Ruimtelijke structuur Deze buurt, gebouwd in de jaren ’30 van de vorige eeuw, bestaat uit een grote variatie aan stedenbouwkundige vormen als gebogen en geknikte straten, diagonalen en groene ruimten van diverse vormen en formaten, variërend van hofjesachtige pleinen tot grote plantsoenen. Deze groene buurtpleintjes en enkele brede straten die zorgen voor de gelding van de buurt (Marnixstraat, Jan Haringstraat, Duinoordstraat) zijn karakteristiek voor de Bomenbuurt. Al zijn de groene plekken karakteristiek, ze zijn niet heel talrijk. De buurt ademt zowel de knusse als de kwalitatieve, formele sfeer van de jaren ’30. Naast enkele brede geasfalteerde straten met brede trottoirs en voortuinen zijn er tal van smallere woonstraten. Er is een hoge parkeerdruk, waardoor op de bredere straten, naast de parkeervakken die in het trottroir zijn aangebracht, er wel eens op de rijbaan wordt geparkeerd. Dit maakt een rommelige indruk.

Daarnaast geeft de combinatie van een brede rijbaan met asfalt aanleiding tot (te) hard rijden. De karakteristieke groene buurtpleintjes bestaan voornamelijk uit gras, bomen en soms wat heesters: een bescheiden inrichting. Dit geeft een wat schrale indruk.

Foto 5.2.2: Typische woonstraat in de Bomenbuurt: relatief brede straten met grote bomen.

Streefbeeld In alle straten meer de nadruk leggen op de verblijfsfunctie door het terugdringen van de verkeersfunctie. Dit kan o.a. door het vervangen van asfalt door klinkers: klinkers verzachten het beeld, en nodigen uit tot zachter rijden. De groene buurtpleintjes opwaarderen tot parels van de wijk die gezien mogen worden. Er dient hier natuurlijk te worden gezocht naar een evenwicht tussen bescheidenheid en ‘zelfexpressie’. Dit kan door middel van het toevoegen van een meer kleurrijke, kwalitatief hoogwaardige beplanting, of door het toevoegen van functies (spelen, verblijven) en/of betekenis (gedenksteen/ boom of kunsttoepassingen).

25

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Planetenwijk

Ruimtelijke structuur De Planetenwijk is een stedelijke uitbreiding uit de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw, waarvan de oorspronkelijke structuur nog grotendeels in tact is. Binnen het deelgebied zijn de rijk aanwezige groene ruimten van grote betekenis voor de stedenbouwkundige structuur. Aan de zuidzijde van de Orionweg ligt het Huis te Zaanen dat in het Zaanenpark gelegen is. Dit park zet zich in westelijke richting voort in het Junoplantsoen, in de zuidelijke richting in het Marnixplein en in het noorden in het Planetenplein. Er is sprake van gebogen en geknikte straten, diagonalen en groene ruimten van diverse vormen en voortuinen tot grote plantsoenen, geheel of half omsloten door bebouwing. De uitstraling van de Planetenwijk is vergelijkbaar met de bomenbuurt, maar royaler. Ook in deze wijk bestaan de woonstraten veelal uit klinkers, op enkele uitzonderingen na.

Indische buurt en Transvaalbuurt

Foto 5.2.3.: Planetenwijk: vele plantsoenen geven een ruim en groen beeld.

Streefbeeld In alle straten meer de nadruk leggen op de verblijfsfunctie door het terugdringen van de verkeersfunctie. Dit kan o.a. door het vervangen van asfalt door klinkers: klinkers verzachten het beeld, en nodigen uit tot zachter rijden. Handhaven en versterken van het ruimtelijke en architectonische karakter door behoud en herstel van de kenmerkende symmetrie van de profielen, in de inrichting van de openbare ruimte en zichtlijnen. Ook hier geldt: de groene pleinen mogen worden opgewaardeerd tot een bijzonder ingerichte plek met een aantrekkelijke gebruiks- en verblijfsfunctie.

Ruimtelijke structuur Het gebied is vanaf 1900 vanuit zuidelijke richting volgebouwd ten behoeve van de arbeiders- en lagere middenstandsklasse. De Transvaalbuurt, de oudste buurt, is door een exploitatiemaatschappij aangelegd op de plek van de voormalige buitenplaats Het Klooster. In deze buurt staat langs nauwe straten veel zogenaamde revolutiebouw: reeksen etagewoningen die zo goedkoop mogelijk gebouwd zijn, veelal door speculanten. In het noordelijk deel hebben de straten een meer gebogen verloop en komen vaker verbredingen voor, zowel midden in een straat als op hoeken. De terugwijkende rooilijn laat hier ruimte voor enkele groen ingerichte buurtpleinen. De Indische buurt is hoofdzakelijk projectmatig bebouwd met gesloten bouwblokken. Het zuidelijk deel, dat wil zeggen het gedeelte ten zuiden van de Zaanenstraat, is in de jaren

26

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

twintig en dertig tot stand gekomen, het noordelijk deel werd pas na de Tweede Wereldoorlog voltooid. Kenmerkend is de levendigheid die de winkels in de Generaal Cronjéstraat met zich meebrengt en de wekelijkse markt in de Floresstraat. Deze buurt is dicht bebouwd met weinig ruimte voor groen en pleinen.

krappere maatvoering, niet ontkomen aan het regelen van parkeren door middel van paaltjes en neuzen op hoeken. Veel steen, veel auto’s en weinig groen en speelmogelijkheid is hier het overheersende beeld, maar ook levendigheid door winkeltjes en bedrijven aan de Generaal Cronjéstraat. Opvallend is dat beide buurten geen ruimtelijke interactie aangaan met het Spaarne. In het noordelijk deel van de Indische buurt hebben de meeste woningen een kleine voortuin ter afscheiding van openbaar en privé. In het zuidelijk deel en de Transvaalbuurt komen voortuinen nauwelijks voor.

ruimtegebrek in smalle profielen op een tactische manier geplaatst: op hoeken, naast blinde gevels, bij terugspringende rooilijn. Op deze manier wordt gekozen voor kwaliteit: liever een solitaire boom op een plek met voldoende groeiruimte dan een bomenrij in een te krap profiel. Verticaal groen draagt bij aan het groenbeeld. Daarnaast is het van belang dat de levendigeheid van het winkelgebied Generaal Cronjéstraat en de wekelijkse markt in de Floresstraat blijvend worden gefaciliteerd en ondersteund door de inrichting van de openbare ruimte. Patrimoniumbuurt

Foto 5.2.4.: Smalle straten met weinig plaats voor groen in grote delen van de Indische buurt.

De openbare ruimte in dit deel van Haarlem Noord bestaat hoofdzakelijk uit klassiek opgebouwde woonstraten: een rijweg van klinkers met aan weerszijden trottoirs met betontegels. Op de tussenliggende zones worden auto’s geparkeerd op de rijweg of half op het trottoir, al naar gelang de breedte van de straat het toelaat. In grote delen van de Indische buurt vormen de straten een geheel, zonder de parkeervakken te benadrukken met neuzen op de hoeken. Dit geeft een rustig en mooi beeld, met lange, doorgaande lijnen. Meer naar het zuiden (Transvaalbuurt) is, door

Foto 5.2.5.: Indische Buurt markt (Floresstraat).

Streefbeeld Een dichte, compacte buurt met genoeg (groene) plekken en mogelijkheden om op straat te verblijven en te spelen. Een overzichtelijk en eenduidig straatbeeld waarin geen asverspringing of overmaat aan paaltjes worden toegepast. Bomen worden bij

Ruimtelijke structuur Op de plek van de tuinderij c.q. kwekerij van L.P. Zocher (Roozenhagen) is in de periode 1921-1923 de Patrimoniumbuurt aangelegd door de voormalige woningbouwvereniging Patrimonium samen met de gemeente Haarlem. De buurt vormt duidelijk een stedenbouwkundig en architectonisch geheel

27

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

en is gebouwd volgens het tuinwijkprincipe (Delftse school). Door knikken en hoekverdraaiingen in de bouwblokken ontstaan er straatverbredingen met groenpleintjes met eenvoudige, maar specifieke vormen en inrichtingen die elke straat iets herkenbaars geven. De openbare ruimte van de Patrimoniumbuurt kent van oorsprong een grote eenduidigheid en eenvoud met betrekking tot kleur, materiaalgebruik en dwarsprofielen. Dit wil echter geenszins zeggen dat er sprake is van een eentonig straatbeeld. De meeste voortuinen zijn nog voorzien van ligusterhagen als groene erfafscheiding, zeer karakteristiek voor de tuinwijken uit deze periode. De materialisering van de straten bestaat voornamelijk uit een klinkerbestrating en een standaard formaat trottoirtegel van 30x30. Opvallend in de inrichting is het ruwe oppervlak van de trottoirtegels en het gebruik op veel plekken van natuurstenen trottoirbanden.

Foto 5.2.6.: Mooie originele straatinrichting in de Patrimoniumbuurt.

Streefbeeld De Patrimoniumbuurt behoort tot de buurten met een beschermd stadsgezicht. Het is daarom belangrijk dat het monumentale karakter van bebouwing en stedenbouwkundige opzet in de inrichting van de openbare ruimte wordt ondersteund en versterkt. Behouden en versterken van de eenduidige en eenvoudige straatinrichting. In stand houden van ligusterhagen als erfafscheidingen. Sinnevelt

Ruimtelijke structuur Sinnevelt is in de periode 1950-1960 gebouwd volgens de gedachte van het Nieuwe Bouwen. Hierbij is het gesloten bouwblok, tot dan toe de standaard in de Hollandse stedenbouw, verruild voor strokenbouw gesitueerd in open, groene ruimten. De wijk bestaat uit vier woonclusters met een centrale L-vormige, van oorsprong groene ruimte welke in de loop der tijd is volgebouwd. De A. Fokkerlaan en de Plesmanlaan zorgen voor de ontsluiting binnen de wijk, met als middelpunt het Plesmanplein. De bebouwing ligt of direct aan de openbare

ruimte of vrij aan een plantsoen of gemeenschappelijke tuin. De inrichting van de openbare ruimte wordt voor een groot deel bepaald door de groenstructuur. Deze is losgekoppeld van de wegenstructuur en is van oorsprong simpel en strak met hagen, sierplantvakken, gazons en strakke boomblokken. Door de stedenbouwkundige opzet is er veel openbare groene ruimte met in de buurten centraal gelegen plantsoenen. In de loop van de tijd is de openbare ruimte versnipperd en er ontbreekt nu een heldere grens tussen openbaar en privé. De bestrating bestaat uit klinkers in de woonstraten en asfalt op doorgaande routes. Trottoirs in betontegels. Het parkeren gebeurt afhankelijk van de profielbreedte langs, schuin of haaks.

Foto 5.2.7.: Veel openbare ruimte en brede profielen in Sinnevelt.

Streefbeeld Een ruim opgezette, groene wijk met een leesbare openbare ruimte. De inrichting van de openbare ruimte dient bij te dragen aan de samenhang tussen de veelvormige bebouwing en de er deels omheen vloeiende ruimte. De

28

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

basis is herstel en versterking van de herkenbaarheid van de verschillende woonbuurten, naast het behoud en de versterking van de midden in de wijk gelegen centrale L-vormige groene ruimte met losse bebouwing. Daarnaast wordt het verblijfskarakter van de openbare ruimte versterkt door alle 30 km/uur straten, net als in de rest van Noord, uit te voeren in gebakken klinkers.

Bloemendaal, bevindt zich het Van Goensplein: een grote groene ruimte waar gespeeld kan worden. Kenmerkend aan de straten in de buurt is het royale karakter, vaak zelfs gecombineerd met groenstroken in de lengterichting. De straten bestaan uit gebakken klinkers. Van een (te) hoge parkeerdruk lijkt in de buurt geen sprake te zijn.

Delftwijk

De Krim

Foto 5.2.8.: De Krim: ruim en rustig.

Streefbeeld Behouden en versterken van de eenduidige en royale straatinrichting en het lommerrijke karakter. Ruimtelijke structuur De Krim is een rustige naoorlogse woonbuurt in de periferie van Haarlem. Het heeft een naar binnen gekeerd karakter doordat het ingesloten wordt door het spoor aan de westkant en de Randweg in het oosten. Aan de kopse kanten wordt de buurt begrensd door sportparken. Door deze buurt loopt als een soort ruggengraat de brede Van Riebeecklaan, waarop allerlei kleinere straten aansluiten. Aan de oostkant, bij het fietstunneltje naar

Ruimtelijke structuur Delftwijk dankt zijn naam aan de Delft die ten westen van de wijk ligt. Deze wijk is in de jaren ’60 gebouwd. Evenals bij Sinnevelt werd, conform de gedachte van het Nieuwe Bouwen, het gesloten bouwblok verruild voor strokenbouw gesitueerd in open, groene ruimten. Delftwijk heeft een stadse uitstraling door de compacte, in een regelmatige structuur geplaatste flats langs de west- en zuidrand van het winkelcentrum aan de Rijksstraatweg. De wijk heeft een groen karakter door de vele plantsoenen, groenstroken en het Schoterbos in de nabijheid.

29

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Vondelkwartier, Vogelbuurt, Dietsveld, Rivierenbuurt

Foto 5.2.9.: Vernieuwing in Delftwijk

Streefbeeld Kenmerkend voor de openbare ruimte in Delftwijk is de loskoppeling van langzame en snelle (auto)verkeersroutes. De langzaam verkeersroutes zijn gekoppeld aan een heldere groenstructuur. De groengebieden worden door wandelroutes aan elkaar geschakeld met als kern een nieuw wijkpark en een plein met winkels. Zo ontstaat als vanzelf het beeld dat Delftwijk wil uitstralen: een wijk met allure en een zachte, (woon)vriendelijke binnenkant.

Ruimtelijke structuur Deze buurten zijn tot stand gekomen vanaf de jaren dertig, na de annexatie van Schoten in 1927, tot en met de jaren vijftig van de vorige eeuw. De wijk Dietsveld ligt in een punt, ontstaan door de samenkomst van de Jan Gijzenkade en de Vondelweg, met in de middenas een driehoekig plantsoen omgeven door eengezinswoningen. Vanuit het plantsoen loopt een groene as die eindigt bij het schoolgebouw aan de Kivietstraat. De symmetrisch opgebouwde groenstructuur vormt in samenhang met de bebouwing de hoog gewaardeerde ruimtelijke kwaliteit. De Vogelenbuurt is dichter bebouwd dan Dietsveld. Voortuinen ontbreken veelal en de hoeken van woningen zijn vaak afgeschuind waardoor op elk kruispunt een pleinvormige ruimte ontstaat. Vogelenbuurt is steniger van karakter doordat begeleidende boombeplanting ontbreekt en het groen meer versnipperd is.

Het noordelijk gelegen Vondelkwartier wordt door de brede Eksterlaan van de Vogelenbuurt gescheiden. In deze buurt zijn de Eksterlaan en het westelijke deel van de Muiderslotweg de oost-west lopende ontsluitingen. Beide straten zijn breed, hebben een groene middenberm aan weerszijden een hogere bebouwing dan de rest van het deelgebied. De Vondelweg is aan de oostzijde onbebouwd gebleven ten gevolge van het voormalige schootsveld van het fort bij Spaarndam. Binnen de buurt bevinden zich een aantal groengebieden met een hoge ruimtelijke kwaliteit.

Foto 5.2.10.: Het centraal gelegen Batavierenplantsoen in Dietsveld.

Streefbeeld Handhaven en versterken van het ruimtelijke en architectonische karakter door behoud en herstel van de kenmerkende symmetrie van de profielen, in de inrichting van de openbare ruimte en zichtlijnen. Hierin spelen de stevige groene middenbermen die het gebied kenmerken een belangrijke rol. Dit zijn waardevolle groenplekken waar bomen tot volle wasdom kunnen komen.

30

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Spaarndam

Het bestaat uit wallen, inundatievelden, forten, betonnen schuilplaatsen etc. Zo is er bij Spaarndam nog een zware verdedigingswal aanwezig met bunkers en twee forten aan beide uiteinden: Fort benoorden en Fort bezuiden Spaarndam. De stelling en bijbehorend landschap staan op de Unesco werelderfgoedlijst.

5.3. Vlakken: groengebieden

Streefbeeld Behouden en versterken van het pittoreske, historische en kleinschalige karakter. De authentieke bestrating draagt bij aan het historische karakter en dient te worden gekoesterd. Ruimtelijk structuur Spaarndam ontstond rond 1200 rond een dam bij de monding van het Spaarne in het IJ. Het plaatsje leefde van de tol en van de visserij. Al e in de 13 eeuw werd hier de eerste scheepsvaartsluis ter wereld aangelegd, ten behoeve van de handelsstad Haarlem. Later (mede door de aanleg van het Noordzeekanaal) ontstond er behoefte aan steeds grotere sluizen. Die zijn er in Spaarndam dan ook in allerlei soorten en maten, gebruikt en ongebruikt, oud en nieuw. De meeste pittoreske is het oude (kolk)sluisje. Spaarndam werd als eerste dorp in Nederland bestemd als beschermd dorpsgezicht. Karakteristiek zijn de smalle wandelpaadjes die vlak langs de huizen lopen en de pleinachtige ruimtes langs het water en bij de sluis zoals Kolk en Taanplaats. Ten westen van Spaarndam loopt de Stelling van Amsterdam. Dit is een grootschalig verdedigingswerk dat in e de 19 eeuw rond Amsterdam is aangelegd.

Figuur 5.3.1: Groengebieden

Foto 5.2.11.: Spaarndam: kleinschalige shared space.

Groenzone Kleverlaan In de groenzone ten noorden van de Kleverlaan concentreren zich verscheidene functies en historische relicten waaronder het sportpark Kleverlaan, de Schoterveenpolder met de oude wipmolen, de stadskwekerij op het terrein van Huis ter Kleef en de algemene begraafplaats die is aangelegd op de vroegere hofstede Akendam. Karakteristieke elementen van het oorspronkelijke landschap, zoals de molen Klein Veenpolder en de Schoterveenpolder, zijn hier geïntegreerd. De Kleverlaanzone vormt als groene geleding een belangrijk, oriëntatiepunt in de verder dichtbebouwde omgeving.

31

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Streefbeeld Meer samenhang tussen de verschillende onderdelen en een betere toegankelijkheid van de groenzone, met name vanuit de aanliggende buurten.

de ruimtelijke inrichting (grote gesloten bospartijen om grote open ruimtes) nodigt het Schoterbos niet echt uit tot een bezoek. Ook zijn er, buiten de kinderboerderij en de Artisklas (een minidierentuin), geen duidelijke publiekstrekkers aanwezig. Streefbeeld Een groter toegankelijk en uitnodigend park dat voor iedereen uit Haarlem Noord van betekenis is en goed aansluit op de omgeving. Het park kent een behoorlijke onderhoudsachterstand (zowel groen als verharding) en zou beter kunnen functioneren na een goede opknapbeurt. Ook de aansluiting op de omringende wijken kan beter door het park aan de randen meer open te zetten, en de barrièrewerking van de wegen rondom te verminderen.

midden in een populair buurtpark. Sinds 1994 is Huis te Zaanen in gebruik als woonhuis. Het park ligt er, na de renovatie in 2003, verzorgd bij en wordt goed gebruikt. Kleine en grote evenementen vinden hier jaarlijks plaats, zoals ‘Zomer in de Zaanen’ (rondom het Posthuis) en de jaarlijkse kermis rond Koningsdag. Streefbeeld Een buurtpark met een afwisselende kamerstructuur waarin het huis de Zaanen een belangrijke historisch middelpunt vormt. Vormgeving en maatvoering van de paden verdient extra aandacht.

Foto 5.3.2.: Groenzone Kleverlaan

Schoterbos Het Schoterbos ligt op het terrein van de voormalige buitenplaats Sparen Hoven, maar is vernoemd naar de heerlijkheid Schoterbosch, dat iets zuidelijker lag dan het huidige Schoterbos. Het is een wandelpark in een soort Engelse landschapsstijl met een grote vijver in het centrum. Het park ligt enigszins verscholen achter een aantal sportvoorzieningen. De Zwitserse boerderij, die in 2003 tot de grond toe afbrandde, was een van de laatste overblijfselen van buitenplaats Sparen Hoven. Op deze plek is nu een appartementencomplex van meerdere lagen verrezen. Door zowel zijn decentrale ligging (tegen de Randweg aan en van de Rijksstraatweg afgesloten door sportvoorzieningen), als door

Foto 5.3.4.: Zaanenpark.

Foto 5.3.3.: Schoterbos.

Zaanenpark Huis te Zaanen, het stamhuis van het geslacht Zaanen, dateert uit de middeleeuwen. De huidige verschijning van Huis te Zaanen dateert van omstreeks 1740. De heerlijkheid besloeg indertijd zo’n 24 hectare en strekte zich uit van de Delft tot het Spaarne. Nu staat het huis

Mandelapark Vlak voor de eerste wereldoorlog werd het water langs de toenmalige Paul Krugerkade en de Schalkburgergracht gedempt. Hier is later het Nelson Mandelapark op aangelegd. Dit buurtparkje, 2 hectare groot, is in 2008 gerenoveerd. Er is een robuust slingerpad aangebracht wat ruimtelijk en functioneel een goede uitwerking heeft op de plek. Het speelplein met een bal- en skatevoorziening dat

32

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

aan het slingerpad is gekoppeld blijkt aan forse slijtage onderhevig. De materialisering en beplanting is niet bestand tegen het ruwe en veelvuldig gebruik en onkruid tiert er welig. Groot nadeel van de plek is dat er veel achterkantsituaties aan het park grenzen, waardoor de plek moeilijk tot leven komt en erg vandalismegevoelig is. Streefbeeld Een levendig buurtpark met een groene, transparante uitstraling waarin verschillende functies voor de buurt een plek hebben (wandel/fietspaden, speelplekken, doe-tuinen). En waarin de problematische achterkantsituaties zijn opgelost.

Foto 5.3.5.: Mandelapark

Sportparken De sportparken in Haarlem Noord (Pim Mulier-, van der Aart- en Noordersportpark) hebben van oudsher een dubbelfunctie. Naast sport bieden zij de bewoners de mogelijkheid tot een groene wandeling (parkfunctie). Dit laatste dreigt met de intensivering van de sportvoorzieningen (velden worden groter, er is meer parkeerbehoefte, etc.) in de verdrukking te komen.

Foto 5.3.6.Pim Mulier sportpark

Foto 5.3.7.: Hekslootpolder

Streefbeeld Haarlemse sportvelden worden vanouds gekenmerkt door groene routes die erdoorheen lopen. Aan deze groene routes zijn een of meerdere groene verblijfsplekken verbonden, al dan niet met een interessant uitzicht op de sportvoorziening of door zicht naar het buitengebied, waardoor het sportpark ook een parkfunctie krijgt. Inzet is het behoud c.q. de verbetering van deze groene routes. Duidelijke, uitnodigende entrees maken de plek aantrekkelijk om te betreden.

Het open gebied bestaat verder voornamelijk uit weidegebied. Het Hekslootgebied functioneert als openbaar stedelijk recreatiegebied en kent een meervoudig gebruik (natuur, recreatief, agrarisch en cultureel). De polder maakt deel uit van de (provinciale) Ecologische Hoofdstructuur. De recreatieve functie van de polder is voor een groot deel passief. Verblijfsplekken met voorzieningen zijn niet aanwezig en wandelpaden door het gebied ontbreken grotendeels. De Verdolven Landen is de strook grond tussen de Westlaan en de Slaperdijk en dankt zijn naam aan de winning van klei voor aanleg van de dijk.

Hekslootpolder en Verdolven Landen Ten westen van het dorp Spaarndam ligt een voormalige militaire linie bestaande uit een wal met verdedigingswerken en een gracht. Ten westen van de verdedigingswerken liggen het Hekslootgebied en de Oude Spaarndammerpolder. Verdedigingswerken en open gebied zijn integraal onderdeel van de Stelling van Amsterdam (een Unesco werelderfgoed monument), getuige de vele betonnen kazernematten die verspreid in het veld liggen. Met name het oude schootsveld is ruimtelijk van grote betekenis door het contrast tussen de stad Haarlem en het buitengebied.

Streefbeeld Grotere recreatieve toegankelijkheid creëren die aansluit op bestaande fiets- en wandelpaden, eventueel de aanleg van een extra doorgaande route. In stand houden en bevorderen van het open karakter, de natuurwaarden en de verschillende onderdelen van de stelling van Amsterdam.

33

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Begraafplaatsen Haarlem Noord telt een aantal begraafplaatsen en een crematorium. Ze worden alle gekenmerkt door een besloten, formele inrichting. Besloten doordat ze letterlijk omsloten zijn door hekwerk en daardoor beperkt toegankelijk. Formeel in de zin van een klassieke, rijke en zeer verzorgde groeninrichting.

5.4. Lijnen

Foto 5.3.8.: Begraafplaats Kleverlaan.

Afbeelding5.4.1.: Lijnen.

Streefbeeld Begraafplaatsen meer onderdeel laten uitmaken van hun omgeving doormiddel van het verbeteren van de toegankelijkheid en de ruimtelijke relaties zoals zichtlijnen. De begraafplaats aan de Kleverlaan verdient bijzondere aandacht. Op deze fraaie plek, deels ontworpen door Springer, deels door Zocher, loopt nog een deel van de historische ontsluiting van Schoten: de Achterweg.

Rijksstraatweg (1) De Rijksstraatweg is een historische lange lijn die Haarlem met de voormalige gemeente Schoten en vervolgens met Velsen verbindt. Het vormt de (stedenbouwkundige) ruggengraat van Haarlem Noord. Langs grote delen van de Rijksstraatweg overheerst bedrijvigheid en winkels, afgewisseld met delen waarbij de woonfunctie domineert.

heel veel verschillende stroken: trottoir (tegels), fietspad (rood asfalt), uitstapstrook (gele klinkers), parkeerstrook (allerlei klinkers/betonstraatstenen), rijweg (zwart asfalt). Streefbeeld Een stevige, continue, doorgaande lijn met een mooie, ontwikkelde laanbeplanting die geschikt is voor alle soorten vervoer (inclusief hoogwaardig openbaar vervoer), maar ook aandacht en ruimte schenkt aan de verblijfs- en parkeerfunctie t.b.v. het winkelaanbod. Meer eenheid qua materiaalgebruik.

Huidige situatie Herkenbaar profiel over de gehele lengte, maar in de breedte in extreme mate opgedeeld in

Foto 5.4.2.: Rijksstraatweg.

Jan Gijzenkade (2) De Jan Gijzenvaart, waarlangs de Jan Gijzenkade ligt, is van betekenis als afwateringskanaal. De vaart werd omstreeks 1548 gegraven door Jan Gijzen, die zijn land langs de Delft door een vaart verbond met zijn bezitting aan het Spaarne. Huidige situatie Aan de noordzijde van de Jan Gijzenvaart loopt

34

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

een 50km-weg. Het westelijk deel nabij de Rijksstraatweg is erg smal voor de hoeveelheid verkeer die er gebruik van maakt. Bomen in het pad geven problemen (voor zowel boom als verharding): ze drukken de verharding omhoog. De natuurvriendelijke oever die over de hele lengte is aangelegd komt redelijk van de grond. Overbemesting (honden/eenden) en te intensieve betreding staan een verdere ontwikkeling van de oever in de weg.

invloed uitoefenen op de inrichting ervan. De Delftlaan valt wel binnen de invloedssfeer van dit Handoek. Huidige situatie De Randweg is een brede, drukke verkeersader. Twee keer twee rijbanen met brede middenberm. De Delftlaan is een brede ventweg.

Streefbeeld Natuurvriendelijke oever met strakke waterlijn, bomenstructuur behouden en versterken, voorzien van een doorgaande wandelroute.

Foto 5.4.5.: Spaarndamseweg richting Spaarndam.

Foto 5.4.4.: Delftlaan.

Foto 5.4.3.: Jan Gijzenkade.

Randweg en Delftlaan (3) De Randweg vormt door zijn zware verkeersfunctie (70km/uur weg) een belangrijke barrière tussen het buitengebied en de woonbuurten. De Delftlaan loopt evenwijdig aan de Randweg en dankt haar naam aan de aan de andere kant van de Randweg gelegen waterloop de Delft. De Randweg is een provinciale weg. Het Handboek kan dus weinig

overgang ligt bij de afbuiging bij de Jan Gijzenvaart.

Streefbeeld De oostzijde versterken met groen zoals hagen en bomen. Aan de westzijde een open karakter be- houden. Met af en toe beplanting ten behoeve van doorzichten en versterken van de openheid van het buitengebied. De Delft als vaart zichtbaar houden met gestrekte lijnen, eventueel in combinatie met een natuurvriendelijke oever. Spaarndamseweg/Spaarneoever (4) Tot in 1856 stond deze weg, die naar Spaarndam leidt en ter hoogte van de Jan Gijzenvaart afbuigt langs de Spaarneoever, nog bekend als het Jaagpad naar Spaarndam. De weg bestaat ruimtelijk en functioneel uit een zuidelijk en een noordelijk deel, waarbij de

Huidige situatie Zuidelijk deel: een overwegend harde stadse oever, waarlangs veel bedrijvigheid en veel verkeer. Noordelijk deel: een rustige plattelandsweg van asfalt met aan beide zijden rode fietsstroken. Streefbeeld Zuidelijk deel: strakke stedelijke kade met volop verblijfsruimte langs het water. Bij dit wegdeel ligt de nadruk sterk op de verblijfsfunctie en het industrieel karakter. De zone langs het water bestaat uit een wandel- en fietsverbinding en biedt ruimte aan meerdere bomenrijen en zitplekken. Daarnaast zijn er twee rijbanen voor autoverkeer. Oever Noord: behoud van de landelijke uitstraling gecombineerd met een natuurvriendelijke, rafelige oever. Zicht op water behouden.

35

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Streefbeeld Het karakter van dit sterk asymmetrische profiel behouden en versterken. Bij de ventweg ligt de nadruk op verblijven en langzaam verkeer, met de uitstraling van een woonstraat. De gebiedsontsluitingsweg (dubbele asfalt rijbaan) wordt door een groene, boomrijke berm gescheiden van de ventweg. De groene oostrand vormt de overgang naar het weidegebied en heeft een open, landschappelijk karakter. Foto 5,4,6.: Spaarne oever

Vondelweg (4) De Vondelweg ligt in het verlengde van de Spaarndamseweg en vormt de scheiding tussen de oostelijke stadsrand van Noord en de Hekslootpolder. Huidige situatie openbare ruimte Een drukke verkeersader bestaande uit een dubbele asfalt rijbaan. De ventweg aan de westkant vormt de overgang naar een meer verblijfsvriendelijk gebied aan de huizenzijde, nu een fietsstraat.

Kloppersingel-Schotersingel Het water van de Klopper- en de Schotersingel maken beide deel uit van de oude vestingwerken (Bolwerken) aan de noordzijde van het centrum. De Bolwerken stammen uit de tweede helft van de 17de eeuw, toen Haarlem werd uitgelegd. In de loop van de 19de eeuw zijn ze door J.D. Zocher omgevormd tot een wandelpark. Huidige situatie Zowel de Klopper- als de Schotersingel zijn recent geherprofileerd. Hierbij is de groene oever over de gehele lengte verbreed (ten koste van de rijweg en plaatselijk een groene middenberm), en is er een voetpad langs het water toegevoegd. De rijweg, die voor een aanzienlijk deel uit asfalt bestond, is uitgevoerd in gebakken klinkers. Dit heeft een mooi groen, evenwichtig en monumentaal beeld opgeleverd. Streefbeeld Behoud van het beeld. Een strakke groene oever met verspreid staande bomen.

Foto 5.4.8.:Kloppersingel.

Ontsluitingswegen met een vergelijkbare uitstraling en functie (Kleverlaan-Zaanenstraat- OrionwegVerspronckweg, Planetenlaan) Deze wegen zijn zowel vanwege hun stedenbouwkundige aard als vanwege de zwaardere verkeersfunctie breder van opzet en anders van indeling. Deze wegen maken tevens deel uit van de hoofdbomenstructuur.

Foto 5.4.9.: Orionweg.

Foto 5.4.7.: Vondelweg.

36

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Huidige situatie Deze wegen zijn over het algemeen druk en onderhevig aan ‘verstroking’. Trottoir (tegels), fietspad (rood asfalt), parkeerstrook (allerlei klinkers/betonstraatstenen), rijweg (zwart asfalt) allen van verschillende materialen, dus weinig eenheid en grauwe uitstraling. Bomen zijn vaak geplant met onvoldoende ondergrondse voorzieningen en een te kleine boomkransen waardoor de laanstructuur zich onvoldoende kan ontwikkelen. Streefbeeld Lommerrijke wegen waarbij, naast een goed functionerende verkeersfunctie, ook voldoende aandacht is voor de verblijfsfunctie (door brede trottoirs), en/of voor een groenfunctie. Brede trottoirs bieden kans voor ruimere boomkransen of bomen in groene plantstroken waardoor de kans op een volwaardige, volgroeide en wellicht monumentale hoofdboomstructuur langs deze routes aanzienlijk toeneemt.

5.5. Punten

Foto 5.5.2.: Generaal Cronjestraat.

Afbeelding 5.5.1: Bijzondere plekken.

Er zijn plekken in Haarlem Noord die door hun ligging, maat en/of functie een andere behandeling mogen krijgen om te verbijzonderen. Het zijn vaak de ‘huiskamers’ van de buurt. Ze worden door veel mensen gebruikt en onderscheiden zich door grootte, gebruik, functie en inrichting. Hier is ruimte voor meer vrijheid van de ontwerper, opdat de unieke karakteristiek van elk van deze plekken wordt versterkt. De bijzondere plekken zijn het Plesmanplein (F), het Frans Halsplein (D), het Marsmanplein (B), Land in zicht (C), Delftplein (A) en de Generaal Cronjéstraat (E).

Foto 5.5.3.: Plesmanplein.

Foto 5.5.4.: Delftplein.

37

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

BRONNEN Structuurplan Haarlem 2020 (2005) Plan van aanpak extra onderhoudsbudget (2006) Haarlems Verkeer- en Vervoer Plan (2003) Algemeen Programma van Eisen (2004) Haarlemse Monumentale Bomenlijst (2009) Dossier Groen in Haarlem (2007) Reclame in de openbare ruimte (2007) Architectuurgids Haarlem Schuyt&Co. (2005) Basiskwaliteit openbare ruimte (2005) Nota Ruimtelijke Kwaliteit, deel 1. visie en deel 2. beoordelingskaders, juli 2012 Gemeente Haarlem, Ecologisch Beleidsplan 2013-2030, 2013 Bomenbeleidsplan Haarlem 2009 – 2019, december 2009 Haarlemse Monumentale Bomenlijst 2009, april 2009 Speelruimtebeleid Haarlem 2013 – 2020, februari 2013 Evaluatie Speelruimteplan, juni 2009 Handboek Inrichting Openbare Ruimte Haarlem Binnenstad, deel 1. Visie en deel 2. Richtlijnen, december 2007 Openbare Verlichting Haarlem, kaart en omschrijving armaturen, november 2012 Structuurvisie Openbare Ruimte, voorontwerp juli 2013 Integraal Waterplan Haarlem, geactualiseerd in 2014 Kansenkaart Watertoerisme Haarlem, maart 2008 Kadernota Duurzaamheid, Haarlem, augustus 2011 Plan van aanpak Kansenkaart Watertoerisme 2013-2016, december 2013

Collegebesluit Vaststellen Plan van Aanpak Kansenkaart Watertoerisme 2013-2016 Kaart ontwikkelingen watertoerisme 2013 Spaarneplan, juni 2000 Nota van B&W, beantwoording motie “Fiets ‘m erin”, nr 17, juli 2007 Nota Visie en Strategie, Haarlem, december 2012 Raadstuk 2014/340726 actualisatie Visie en Strategie beheer en onderhoud’ Vaststelling Groenstructuurplan 2020, juni 2009 vGRP (verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan), 2013 BRP’s (BasisRIoleringsPlannen), 4 maal

38

Handboek inrichting openbare ruimte Haarlem Noord versie januari 2016

Colofon

15 januari 2016 Werkgroep HIOR gemeente Haarlem: Niels van Esterik, Maaike Sillmann, Albert vd Stelt, Laura Meuleman en Ans Kippersluis. Cronenberg Advies BV, begeleiding en advies.

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13718853/2