Bijlage 1 Startnotitie incl PvE, KES en PvE-schets
Tekst van het document
Meer ruimte voor monumentaal groen Herinrichting Kleine Houtweg Kaderstellende startnotitie
Gemeente Haarlem 24 mei 2024
Project
Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Meer ruimte voor monumentaal groen Herinrichting Kleine Houtweg Gemeente Haarlem
Kaderstellende startnotitie Definitief 04 24 mei 2024 136108/24-007.495
136108 T.S. Raap BSc Ir. R.P.N. Pater
M.B. Asbroek BSc T.S. Raap BSc T.S. Raap BSc
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
SCOPEBEPALING PROJECT
5
1.1
Inleiding
5
1.2
Aanleiding project
6
1.3
Doel project
7
1.4
Afbakening
7
2
UITGANGSPUNTEN, RANDVOORWAARDEN EN DILEMMA’S
9
2.1
Uitgangspunten en randvoorwaarden
9
2.2
Afwegingen
10
2.3
Kansen
14
3
OMGEVING EN RAAKVLAKKEN
15
4
HOOFDKEUZES EN KADERSTELLING
16
4.1
Ontwerpkeuzes
16
4.2
Aandachtspunten vervolg
19
4.3
Resultaat
21
5
PARTICIPATIE EN INSPRAAK
25
5.1
Strategie vanuit initiatieffase
25
5.2
Participatie- en inspraakstrategie
25
5.2.1 5.2.2 5.2.3
25 26 27
Definitiefase Ontwerpfase Inspraak
5.3
Vervolg
27
6
RISICO’S
28
7
FINANCIËN
29
7.1
Budget
29
7.2
Standaard Systematiek Kostenraming (SSK)
29
7.3
Subsidies
29
8
JURIDISCH
31
8.1
Eigendomsgrenzen
31
8.2
Vergunningeninventarisatie
31
9
PLANNING EN VERVOLG
33
Laatste pagina
33
Bijlage(n)
Aantal pagina’s
I
Programma van Eisen
43
II
Klant Eis Specificaties (KES)
9
III
PVE-schets
1
IV
Beknopte cultuurhistorische analyse Kleine Houtweg
11
1 SCOPEBEPALING PROJECT 1.1
Inleiding
De startnotitie is een globale verkenning van kansen, belemmeringen en risico’s van het project in de definitiefase. In verband met de ontwerpafwegingen wordt door het college een voorstel gedaan dat recht doet aan de beschikbare ruimte, richtlijnen en het actuele beleid. Daarnaast wordt in de startnotitie aangegeven hoe de participatie en inspraak gaat plaatsvinden en welke kaders vast staan. Met het vaststellen van de startnotitie inclusief bijlagen door de raad kan de definitiefase worden afgerond. Het projectgebied omkadert een groot gedeelte (zo’n 840 m1) van de Kleine Houtweg (zie afbeelding 1.1). De noordelijke grens van het projectgebied is gelegen ter plaatse van de kruising met de Rustenburgerlaan. De zuidelijke grens van het projectgebied is gelegen ter plaatse van de kruising met de Linnaeuslaan en de overgang van de Kleine Houtweg in de Vijverlaan. De Kleine Houtweg is van oudsher, met de route DreefFonteinlaan, de belangrijkste verbinding tussen de binnenstad en de Haarlemmerhout. De oudste vermelding van de Kleine Houtweg dateert al uit 1595.
Afbeelding 1.1 Projectscope in de omgeving
5 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Het projectgebied is op te delen in twee delen, namelijk het noordelijk deelgebied (van noordelijke projectgrens tot kruising N205 Kamperlaan) en het zuidelijk deelgebied (van kruising N205 Kamperlaan tot zuidelijke projectgrens). Zie hiervoor afbeelding 1.3. De kruising met de N205 Kamperlaan is geen onderdeel van het projectgebied, maar in het schetsontwerp wordt wel een aanzet gedaan voor een mogelijke uitwerking van de kruising. In de volgende (ontwerp)fase wordt bij de uitwerking van de kruising gezocht naar een oplossing waarbij ook de doorstroming van de N205 Kamperlaan wordt versterkt.
Afbeelding 1.2 Grens projectgebied (rood)
Afbeelding 1.3 Deelgebieden project
De Kleine Houtweg ligt als geheel binnen het Beschermd Stadsgezicht. Daarnaast is een groot deel van het projectgebied gelegen in de rijksbeschermde groenaanleggen de Haarlemmerhout en het Frederikspark. Deze hebben beiden een beschermde status en zijn opgenomen in het Rijksmonumentenregister welke wordt bijgehouden door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (afgekort RCE).
1.2
Aanleiding project
De Kleine Houtweg is op meerdere fronten toe aan groot onderhoud. Vanuit de domeinen riool/water, verharding en groen zijn diverse ingrepen voorgesteld om de openbare ruimte weer op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. Het groot onderhoud zal ook gebruikt worden om de openbare ruimte in te richten naar het vigerende beleid van de gemeente Haarlem. De laatste grote herinrichting van de Kleine Houtweg stamt uit het einde van de jaren vijftig, waarbij het zuidelijk deel fors verbreed is. Deze verbreding gebeurde in het kader van een gemeentelijk verkeersplan, dat bedoeld was om de binnenstad beter toegankelijk te maken voor de auto. De verbrede Kleine Houtweg moest de verbinding gaan verzorgen tussen een geplande zuidelijke stadsrandweg en de oude stadskern (waarbij overigens ook de oude bebouwing rond de Kleine Houtstraat gesloopt moest worden om ook deze straat breder te kunnen maken). Tegelijk met de Kleine Houtweg werd ook de Paviljoenslaan verbreed. Een en ander kreeg tussen 1958 en 1960 zijn beslag.
6 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Echter, de zuidelijke randweg kwam er nooit. Zodoende bleef de verdubbeling van de Kleine Houtweg nutteloos, omdat het verwachtte autoverkeer uitbleef. Samengevat vormt de onderhoudsbehoefte een uitgelezen kans om een ingreep uit het verleden, namelijk de verdubbeling van rijbanen, goed te maken die achteraf overbodig was, en zodoende het oorspronkelijke besloten laanprofiel van de Kleine Houtweg in al zijn glorie te herstellen. Vanuit meerdere gezichtspunten wordt dan de samenhang in het gebied weer gerepareerd. Naast cultuurhistorie en mobiliteit zullen thema’s als klimaatadaptatie, biodiversiteit en ruimtegebruik opnieuw tegen het licht worden gehouden bij het uitwerken van de PvE-schets.
1.3
Doel project
Het doel van het project is op te delen in de onderstaande punten: - het verbeteren van de verkeersveiligheid voor automobilisten, fietsers en (overstekende) voetgangers; - het versterken van de fietsmobiliteit; - het behouden en waar mogelijk versterken van historische structuren van de rijksmonumenten de Haarlemmerhout en het Frederikspark; - het beschermen en versterken van de (bestaande) groenstructuur; - het vergroten van de klimaatbestendigheid van het gebied door het inpassen van klimaatadaptatiemaatregelen; - het versterken van de biodiversiteit.
1.4
Afbakening
In algemene zin betreft het project het inventariseren, ontwerpen, ramen en realiseren van de Herinrichting van de Kleine Houtweg. Voor het proces worden de processtappen van het Haarlems Civiel Plan Proces (HCPP) doorlopen waarbij projectcategorie I (veel impact) wordt aangehouden. De startnotitie (inclusief PvE en PvE-schets) is het eindproduct van de definitiefase van het project.
7 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Afbeelding 1.2 Ingekleurde ansicht uit 1906 van de Kleine Houtweg, rechts de tuinkoepel van Bellevue en het huis Vredenburg
8 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
2 UITGANGSPUNTEN, RANDVOORWAARDEN EN DILEMMA’S 2.1
Uitgangspunten en randvoorwaarden
In het plan wordt rekening gehouden met veel onderdelen van verschillende beleidsnota’s, richtlijnen, regels en wensen van gesproken stakeholders. De volledige opsomming van documenten staat in het Programma van Eisen (PvE). Dit PvE en bijbehorende Klanteneisspecificatie (KES) staan in bijlage A. Bij het ontwerp en het ruimtegebruik wordt prioriteit gegeven aan de eerder genoemde doelstellingen van het project. Voor de weginrichting van de Kleine Houtweg zijn drie uitgangspunten belangrijk om apart te vermelden: - in de beleidsnotitie afweging 30 km/u Haarlem (d.d. 1 november 2023) is de Kleine Houtweg aangewezen als wegcategorisering erftoegangsweg (ETW) met een maximumsnelheid van 30 km/u. Dit betekent een wijziging ten opzichte van de huidige inrichting als een gebiedsontsluitingsweg (GOW) met een maximumsnelheid van 50 km/u. Verkeerstellingen welke in het kader van dit project zijn uitgevoerd ondersteunen de keuze voor een wijziging naar categorie erftoegangsweg 30 km/u; - de Kleine Houtweg is in het mobiliteitsbeleid van gemeente Haarlem aangewezen als hoofdnet fiets. Het beleid schrijft voor dat routes in het hoofdnet extra comfortabel gemaakt dienen te worden, zoals een fietsstraat of een rijweg met fietsstroken in asfalt, in plaats van een standaard 30 km/u woonstraat profiel.
Alleen als de lokale situatie daarom vraagt kan (binnen beschermd stadsgezicht) hiervan worden afgeweken. Het projectgebied is volledig gelegen binnen de grenzen van beschermd stadsgezicht; - ruimtelijke kwaliteit en erfgoedwaarde zijn bij de planvorming leidende en integrerende principes. Door ruimtelijke kwaliteit en erfgoedwaarde bij inrichtings- en vormgevingskeuzes als onderlegger te laten dienen kunnen de andere beleidsonderwerpen op een goede en samenhangende manier worden toegepast, waardoor de bijzondere identiteit en toekomstwaarde van de plek en van Haarlem als stad worden versterkt. Voor de invulling van de ruimte die na de weginrichting overblijft, wordt ontworpen met behulp van de afwegingsmethodiek uit de structuurvisie openbare ruimte. Hierin krijgt het beschermen en versterken van de groenstructuur de hoogste prioriteit en parkeerruimte voor auto’s de laagste prioriteit. De precieze volgorde van deze afwegingsmethodiek staat omschreven in het PvE. Duurzaamheid is een ander kader waar binnen dit project veel aandacht aan wordt besteed. Voor de herinrichting wordt waar mogelijk de aanwezige materialen hoogwaardig hergebruikt, om zo bij te dragen aan een circulaire economie en de ambitie van de gemeente Haarlem om in 2040 een 100 % circulaire gemeente te zijn. Daarnaast is er een grondstoffenplan opgesteld waarin de duurzaamheidsmaatregelen zijn opgenomen.
Gedurende de verschillende (ontwerp)fasen zal het grondstoffenplan geactualiseerd en specifieker worden. Op het project wordt ingezet op het gebruik van een materialenpaspoort en het ambitieweb op basis van de 12 duurzaamheidsthema’s. Beiden zijn onderdeel van het grondstoffenplan. Om de straat klimaatadaptiever te maken wordt het bestaande groen zoveel mogelijk behouden en uitgebreid met bomen en groenstroken (inrichting nader te bepalen). De groenstroken komen in de plaats van verharding, wat aansluit bij het waterstress bestendig maken (klimaatadaptief) van de straat omdat er dan minder water afvloeit richting riolering.
9 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
2.2
Afwegingen
In een ontwerpproces worden altijd vele afwegingen gemaakt tussen verschillende belangen. In deze paragraaf worden de belangrijkste ontwerpafwegingen beschreven, en wordt uitgelegd welke ontwerpoplossing voor de afweging wordt voorgesteld. Voor het overzicht wordt ook hier onderscheid gemaakt in het noordelijk deel projectgebied en het zuidelijk deel projectgebied.
Tabel 2.1 Afwegingen in het project (noordelijk deelgebied) Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing
weginrichting en mobiliteit
De huidige rijbaan is ingericht als een rijweg 2 richtingsverkeer met een maximumsnelheid van 50 km/u en een breedte van ongeveer 7,00 m. Deze afmeting is erg breed voor het huidige en beoogd toekomstig gebruik van de weg. Onderdeel van het project is het versmallen van de rijbaan en het inrichten van het profiel conform ‘hoofdnet fiets’ zoals vastgesteld in het mobiliteitsbeleid gemeente Haarlem. Verkeerstellingen van het huidig gebruik moeten uitwijzen of de straat in te richten is als fietsstraat en in welke afmetingen deze fietsstraat dan aangelegd zou kunnen worden.
In de PVE-schets komt de straat terug als fietsstraat met een breedte van 4,80 m. Hiermee wordt het profiel van fietsstraat welke reeds gerealiseerd is tussen de Rustenburgerlaan en de Kleine Houtbrug zo’n 220 m1 doorgetrokken tot de kruising met de Kamperlaan. In het programma van eisen (bijlage I) wordt de keuze voor een fietsstraat en de materialisatie van de fietsstraat verder onderbouwd. Met het smallere straatprofiel ontstaat er veel ruimte voor voetgangers (verbreding van het trottoir) en de bestaande bomen welke onderdeel zijn van de hoofdbomenstructuur.
afsluiting noordelijke tak vanaf kruising Kamperlaan
De gemeente Haarlem streeft ernaar om (binnen het kader van het vastgestelde Mobiliteitsplan 2021) het autoverkeer in de stad zoveel mogelijk weg te houden uit de binnenstad en de schil rondom de binnenstad. Onderdeel van dit streven is het concentreren van oostwestverkeer ten zuiden van de binnenstad op de N205 en te voorkomen dat dit verkeer door de wijken blijft rijden. In april 2021 is hiervoor de studie Quick Scan N205 Haarlem van studio bereikbaar verschenen. In die studie zijn voorstellen gedaan voor herinrichting van de N205 kruisingen. In een eerdere notitie van Witteveen+Bos zijn de voorstellen voor de herinrichting van de kruisingen verder uitgewerkt. Onderdeel van de herinrichting van de kruising met de Kleine Houtweg is een afsluiting voor autoverkeer van de noordelijke tak Kleine Houtweg.
In de PVE-schets is het voorstel om de noordelijke tak af te sluiten overgenomen. De ingreep heeft als resultaat de verkeersregeling van de kruising eenvoudiger kan worden. De winst in cyclustijd kan worden verdeeld over autoverkeer (betere doorstroming N205) en fietsverkeer (kortere wachttijden). Het schetsontwerp van de kruising is overgenomen uit de notitie van Witteveen+Bos en is aangepast op het nieuwe ontwerp van de Kleine Houtweg. Het wordt voor de fietsers gemakkelijker om voor te sorteren en de drukke kruising over te steken. De afsluiting van de noordelijke tak heeft ook als resultaat dat het noordelijk deel van het projectgebied een doodlopende straat wordt (in zuidelijke richting). Het autoverkeer in de straat zal dus (nog) verder afnemen wat de straat verder geschikt maakt om in te richten als fietsstraat. Een berekening van cyclustijden van de kruising wijst uit dat de doorstroom van de kruising na afsluiting van de noordelijke tak verbetert
inrichting ‘pleintje’ ter hoogte van huisnummer 85 t/m 99
10 | 33
Met de grote versmalling van de rijbaan (van meer dan 7,00 m naar 4,80 m) ontstaat er veel ruimte voor nieuwe functies. Er bevinden zich een Aantal parkeervakken waar betaald
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Door de grote versmalling en de afsluiting van de noordelijke tak (vanaf de kruising) is het mogelijk om deze plek meer als een ‘pleintje’ in te richten.
Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing
parkeren van toepassing is. De straat is een onderdeel van de hoofdbomenstructuur van gemeente Haarlem (groenbeleidsplan). Er bevinden zich twee bomen op het pleintje waarvan één een grote witte paardenkastanje met een monumentale status. De conditie en de toekomstverwachting van de monumentale boom wordt beoordeeld als matig.
In het schetsontwerp zijn een aantal bomen (met onderbeplanting) toegevoegd om de hoofdbomenstructuur meer vorm en karakter te geven. De bomen hebben zowel bovengronds als ondergronds veel ruimte en hebben potentie om in de toekomst uit te groeien tot bomen met een monumentale status. De bestaande witte paardenkastanje heeft een matige conditie en toekomstverwachting en het is te overwegen om in de ontwerpfase verder te onderzoeken of deze boom in het project gekapt en vervangen kan worden (zoals dat bij een andere kastanje op dezelfde plek recent ook is gebeurd. De boom mag geen gevaar vormen voor de omgeving. Voor het pleintje wordt voorgesteld om in de ontwerpfase (volgende fase) de directe bewoners te betrekken bij de verdere detaillering van het ontwerp. Zie hiervoor ook de opgestelde participatiestrategie.
parkeren doodlopende straat
In het parkeerdrukonderzoek komt naar voren dat de parkeerplaatsen op deze locatie veel gebruikt worden. De grote breedte van het profiel maakt het mogelijk om de openbare ruimte in te richten voor voetgangers, fietsers en groen, maar ook voor (geparkeerde) auto’s. De bestaande parkeerplaatsen worden dan ook teruggebracht in het nieuwe ontwerp. Het is een uitdaging om een veilig ontwerp te maken op een plek waar een fietsstraat, een doodlopende (rij)weg en parkeerplaatsen samen ingepast dienen te worden.
riolering
11 | 33
Binnen het noordelijk deelgebied van de Kleine Houtweg ligt alleen een gemengde riolering. Er is bebouwing aanwezig en de wegverharding is hier opgesloten tussen banden. Het hemelwater van de weg en de woningen en het afvalwater wordt afgevoerd middels de gemengde riolering. De riolering in het noordelijk deelgebied loopt af in noordelijke richting (naar de kruising met Rustenburgerlaan). In de kwaliteitskaart riolering KIC 2022 van gemeente Haarlem is te zien dat het
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
De richtlijnen schrijven voor om (omwille van veiligheid) in fietsstraten alleen langsparkeervakken te ontwerpen. Langsparkeren in een doodlopende straat is echter ongunstiger dan haaksparkeren. De situatie die bij langsparkeren ontstaat is dat mensen de straat in rijden, hun auto parkeren (achteruit of vooruit) en bij het wegrijden uit het parkeervak gaan steken om 180 graden te kunnen draaien. De steek manoeuvre bij het uitparkeren is gevaarlijk in combinatie met fietsers. In die zin is het logisch om haaks te parkeren en de automobilist voldoende zicht te bieden bij het uitrijden door het creëren van een margestrook tussen rijweg en parkeervak. In het projectgebied is hier meer dan genoeg ruimte voor. Deze uitwerking is dan ook zo besproken met betrokken verkeerskundigen en meegenomen in het schetsontwerp. De riolering is aangelegd in 1958 en gaat daarmee richting het einde van de levensduur. Daarom is besloten om de bestaande gemengde riolering (ei buis) te vervangen (voor een ronde buis). Voor het project is een rioleringsrapportage opgesteld met een afkoppeladvies. In de rapportage komt naar voren dat het voor de Kleine Houtweg weinig zinvol is om een nieuw HWA (hemelwaterafvoer) riool aan te leggen. Redenen hiervoor zijn:
Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing
grootste gedeelte van de riolering in het gebied een matige kwaliteit heeft. De riolering is aangelegd in 1958 en gaat daarmee richting het einde van de levensduur.
1
2
de straat is niet maatgevend of beperkend voor afkoppelingsplannen in de directe omgeving van de Kleine Houtweg (Koninginnebuurt, Zuiderhout en het Rozenprieel) het aanleggen van een HWA riolering in het noordelijk deelgebied heeft een te verwaarlozen effect op de resultaten van de berekeningen van de toetsing met bui 09 en de stresstestberekeningen met een bui van 70 mm en 90 mm in een uur
Infiltratievoorzieningen als kratten of sloten in het noordelijk deelgebied zijn lastig te realiseren vanwege de aanwezigheid van monumentaal groen in de straat. Bomen (en boomwortels) hebben hierin voorrang op waterbergingsmaatregelen. Wat een verbetering is ten opzichte van de bestaande situatie is de afname van verhard oppervlak. Door uitbreiding van het groenareaal vloeit er minder water naar de kolken waardoor het gemengde rioleringsstelsel minder wordt belast.
Tabel 2.2 Afwegingen in het project (zuidelijk deelgebied) Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing
weginrichting en mobiliteit
De huidige situatie is ontstaan door de grote wegverbreding uit de jaren 50 die achteraf gezien overbodig was. De Kleine Houtweg is in het nieuwe wegcategoriseringsplan van Haarlem aangewezen als erftoegangsweg (ETW) 30 km/u.
Voor het zuidelijk deel van het projectgebied is gekozen voor een erftoegangsweg profiel (ETW) in gebakken klinkers met een breedte van 5,40 m. Met deze materialisering en breedte krijgt de weg echt een ETW 30 uitstraling en is ook voor de automobilist duidelijk wat de aangepaste snelheid is. Ook past een gemengd profiel goed bij het herstel van het monumentale karakter dat met de herinrichting wordt beoogd. Voor de volledige afweging fietsstroken vs. klinkers wordt verwezen naar het programma van eisen (zie bijlage 1)
De Kleine Houtweg is in het fietsmobiliteitsplan aangewezen als hoofdnet fiets. Dit zijn belangrijke fietsroutes die gebruikt worden door alle soorten fietsers. Het beleid schrijft voor dat het hoofdnet fiets voor fietsers extra comfortabel gemaakt wordt, bijvoorbeeld door fietsstroken in asfalt. Alleen als de lokale situatie daarom vraagt kan (in beschermd stadsgezicht) hiervan worden afgeweken.
12 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
De toegankelijkheid van de parkeergarage Mariastichting wordt gewaarborgd door het terugbrengen van de entree. De parkeergarage wordt veel gebruikt en biedt plek aan veel (±300) auto’s. De stroom auto’s die in de ochtend de garage verlaat gaat vrijwel volledig naar het noorden. Om geen opstoppingen voor de kruising te laten ontstaan zijn in de PVE schets opstelstroken voor zowel linksaf als rechtsaf ontworpen. Dit is een aanzet
Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing Voor een uitwerking. In de ontwerpfase zal een gedetailleerd ontwerp en berekening van de kruising gemaakt moeten worden waarin de aantallen en de lengtes van de voorsorteerstroken bij de kruising worden onderbouwd. Met het versmallen van de rijbaan en het aanpassen van de maximumsnelheid wordt de oostelijke toegankelijkheid van de Haarlemmerhout voor voetgangers aanzienlijk verbeterd. In het schetsontwerp zijn een aantal locaties voor snelheidsremmers in combinatie met voetgangersoversteken voorgesteld, die aansluiten op de bestaande padenstructuur van de Haarlemmerhout.
groenstructuur
Het behouden en waar mogelijk verbeteren van de bestaande groenstructuur (hoofdbomenstructuur) is een belangrijk uitgangspunt voor het ontwerp. Dit kan soms conflicteren met het aanbrengen van funderingen ten behoeve van nieuwe verhardingen.
Met het gemengde klinkerprofiel met een breedte van 5,40 m wordt gebleven binnen de contouren van de bestaande verharding (breedte ongeveer 5,50 m) en zijn conflicten met wortels van de (deels) monumentale laanbeplanting niet waarschijnlijk. Desondanks is verder onderzoek naar funderingen en beplantingen nodig in de volgende fase (geadviseerd wordt in de vorm van een Boom Effecten Analyse). Naast het behoud van de bestaande groenstructuur zijn er op meerdere locaties nieuwe bomen ingetekend in het schetsontwerp. Deze locaties zijn een suggestie voor verbetering van laanstructuren. In totaal zijn er in het schetsontwerp 32 bomen toegevoegd. In de ontwerpfase zal hier verdere invulling aan gegeven moeten worden. Dit geldt ook voor de invulling van de grote strook aan de parkzijde die vrijkomt vanwege het verwijderen van de grote rijbaan van asfalt.
cultuurhistorie
De Haarlemmerhout en het Frederikspark zijn beiden rijksmonumenten in de categorie ‘rijksbeschermde groenaanleg’. Het project biedt de gelegenheid om de cultuurhistorie van de bijzondere locatie te beter zichtbaar te maken en monumentale lanen en structuren te herstellen en waar mogelijk te versterken.
Zie bijlage IV voor de beknopte cultuurhistorische analyse van de Kleine Houtweg. Het eerder genoemde herstel en uitbreiding van bomenlanen en monumentale structuren is een waardevolle impuls voor de locatie. In het schetsontwerp is hier een aanzet voor gedaan. In de ontwerpfase kan hier in samenwerking met een landschapsarchitect, erfgoeddeskundige en de betrokken stakeholders verdere invulling aan worden gegeven.
riolering
De riolering in het zuidelijk deelgebied beperkt zich tot enkele strengen tussen de Spijkermanslaan en de Kamperlaan. Hier ligt een gemengd stelsel dat afloopt in noordelijke richting (naar de kruising met de Kamperlaan). Ten zuiden van
Ook hier geldt dat de paar rioolstrengen die in het zuidelijk deelgebied liggen in 1958 zijn aangelegd en daarmee richting het einde van de levensduur gaan. Daarom is ook hier besloten om de bestaande gemengde riolering
13 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Afweging
Beschrijving
Ontwerpoplossing
de Spijkermanslaan ligt geen riolering. Hier staat geen bebouwing en het hemelwater wat op de weg terecht komt vloeit af op de bermen waar het infiltreert. In de kwaliteitskaart riolering KIC 2022 van gemeente Haarlem is te zien dat het grootste gedeelte van de riolering in het gebied een matige kwaliteit heeft. De riolering is aangelegd in 1958 en gaat daarmee richting het einde van de levensduur.
(ei buis) te vervangen (voor een ronde buis). In het zuidelijk deel waar geen riolering aanwezig is wordt dit ook niet aangebracht. In plaats daarvan is gekozen voor het bergen en infiltreren van hemelwater middels infiltratiestroken. In de rioleringsrapportage welke voor het project is opgesteld is een voorstel gedaan voor de locaties en dimensionering van infiltratiestroken. Ook voor het zuidelijk deelgebied geldt dat het schetsontwerp een grote verbetering is ten opzichte van de bestaande situatie door de grote afname van verhard oppervlak. Door bredere bermen en meer groenvakken infiltreert meer regenwater direct op de plek waar het valt.
2.3
Kansen
Reeds in de offertefase is integraal gekeken welke kansen er liggen binnen het projectgebied. Gedurende de initiatief- en definitiefase is dit lijstje aangevuld met kansen welke na nader onderzoek naar boven zijn gekomen. Voor een aantal van deze kansen is een aanzet gedaan voor een uitwerking in het schetsontwerp. Het is belangrijk in het proces de tabel met kansen te actualiseren en in te blijven spelen op de kansen die reeds geformuleerd zijn.
Tabel 2.3 Kansen in het project kans
het vergroten van duurzaamheid en klimaatadaptatie door het vergroenen van het straatbeeld en het verminderen van verhard oppervlak
kans
het verbeteren van de verkeersveiligheid en het toegankelijker maken van de openbare ruimte en de parken voor fietsers en voetgangers
kans
het verbeteren van de toekomstverwachting van bestaande bomen en bomenlanen door het vergroten van de (bestaande) groeiplaatsen en boomspiegels
kans
er liggen kansen voor het verkrijgen van provinciale subsidies voor het verbeteren van verkeersveiligheid en de aanleg van fietsstraten. Ook liggen er kansen voor het verkrijgen van provinciale subsidies voor restauratie van een rijksmonument (in dit geval de Haarlemmerhout).
kans
optimalisatie kruising met Kamperlaan met als resultaat betere doorstroming N205
kans
het realiseren van sublieme ruimtelijke kwaliteit en weer meer zichtbaar maken van historie
In de definitiefase is binnen het projectteam ook een risicosessie georganiseerd. Naar aanleiding van de sessie is een risicodossier opgesteld, waarvan een samenvatting is weergegeven in hoofdstuk 6 van deze startnotitie.
14 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
3 OMGEVING EN RAAKVLAKKEN De Kleine Houtweg is gelegen in het Haarlemmerhoutkwartier in Haarlem, ten zuiden van de oude stad. Er zijn een aantal ontwikkelingen in de directe omgeving en/of in de wijk die raakvlakken kunnen hebben met het ontwerp en de uitvoering van de Kleine Houtweg. Bekende projecten zijn op dit moment: 3 toekomst > herinrichting N205 Kamperlaan - Paviljoenslaan; 4 toekomst > OV-knooppunt Schipholweg Haarlem Nieuw Zuid; 5 toekomst > herinrichting Zuiderhout.
15 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
4 HOOFDKEUZES EN KADERSTELLING 4.1
Ontwerpkeuzes
In deze paragraaf wordt per ontwerpthema verder toegelicht wat de belangrijkste keuzes zijn geweest in het uitwerken van de PVE schets.
Tabel 4.1 Ontwerpkeuzes beschreven per ontwerpthema Ontwerpthema
Beschrijving
verkeer en mobiliteit
Voor het gehele project geldt dat de nieuwe wegcategorisering van erftoegangsweg (30 km/u) van toepassing is. In de verkeerstellingen van het noordelijk deelgebied is zichtbaar dat de volgende verkeersintensiteiten zijn gemeten: 1.300 fietsers/etmaal 1.399 motorvoertuigen/etmaal De verhouding tussen fietsers en motorvoertuigen is dus bij benadering gelijk. Vanuit de intensiteiten en het beleid is een fietsstraat hier mogelijk en wenselijk. Met de afsluiting van de noordelijke tak vanaf de kruising Kamperlaan N205 is te verwachten dat de intensiteit van de motorvoertuigen hier in de toekomst fors lager gaan worden. Het noordelijk deelgebied wordt ingericht als een fietsstraat. De profielbreedte die bij deze verkeersintensiteit past (aanbevelingen fietsstraten binnen de bebouwde kom, uitgave CROW) is een rijbaanbreedte van 4,80 m, inclusief rabatstroken van 0,40 m rechts en links van het profiel. De volledige afweging van deze keuze wordt toegelicht in hoofdstuk 6.2.1 van het programma van eisen (bijlage I). De fietsstraat krijgt voorrang op zijstraten door middel van duidelijke inritconstructies conform de HIOR. In de verkeerstellingen van het zuidelijk deelgebied is zichtbaar dat de volgende verkeersintensiteiten gemeten worden: 453 fietsers/etmaal 3.252 motorvoertuigen/etmaal Het verschil tussen het aantal motorvoertuigen en fietsers valt hier op.
Vanuit de gemeten intensiteiten is een fietsstraat hier niet gewenst. Het zuidelijk deelgebied wordt ingericht als een erftoegangsweg met een klinkerverharding en een breedte van 5,40 m. De volledige afweging van deze keuze wordt toegelicht in hoofdstuk 6.2.2 van het programma van eisen (bijlage I). Met de breedte van 5,40 m wordt zoveel mogelijk gebleven binnen de contouren van de bestaande asfaltverharding. De breedte is 0,60 m breder dan de minimale wegbreedte van een erftoegangsweg voor tweerichtingsverkeer fiets en auto (4,80 m). De aansluitingen met de buitenplaatsen Spaar en Hout en Middelhout worden ingericht als inritconstructies zodat de rijrichting hier voorrang heeft. Overige aansluitingen (Oosterhoutlaan en Spijkermanslaan) krijgen een gelijkwaardige voorrangssituatie wat betekent; rechts gaat voor. De toegankelijkheid van de Haarlemmerhout wordt vergroot door het ontwerpen van duidelijke en veilige oversteekvoorzieningen die goed aansluiten op de historische padenstructuur van het park. Het afsluiten van de noordelijke tak van de kruising Kleine Houtweg - Kamperlaan N205 en de aanpassing van het profiel in zowel het noordelijk als het zuidelijk deelgebied vraagt om een
16 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Ontwerpthema
Beschrijving aanpassing aan de kruising van de Kleine Houtweg - Kamperlaan N205. Een aanzet uit een eerdere studie naar de doorstroom N205 is geïmplementeerd in de PVE schets, maar behoeft nog nader onderzoek en een verdere uitwerking. Voor het project is een COCON studie uitgevoerd waarmee de reistijdwinst is berekend die ontstaat door het afsluiten van de noordelijke tak van de kruising. Door het afsluiten van de noordtak van de kruising verbetert de cyclustijd (de tijdsduur die nodig is om alle richtingen een keer groen te geven) met -25 seconden in de ochtendspits en -15 seconden in avondspits, een afname van respectievelijk 26 % en 17 %. Omdat dit een van de drukste wegen van de stad is, met dagelijks tussen de 25.000 en 30.000 motorvoertuigen, levert dit bij elkaar opgeteld een grote tijdswinst op. Helaas wordt deze tijdswinst weer deels tenietgedaan doordat andere verkeerslichten op het tracé van de N205 bepalend voor de doorstroming zijn en niet meer verkeer kunnen verwerken. Voertuigen kunnen dan sneller de kruising Kamperlaan – Kleine Houtweg passeren, maar moeten dan aansluiten in de wachtrijen voor de volgende verkeerslichten. Buiten de spitsen, wanneer de belasting van deze verkeerslichten lager is, leidt de kortere cyclustijd wél tot een significante tijdswinst.
Omdat de COCON studie alleen naar de spitsen heeft gekeken kan op dit moment niet gezegd worden hoe groot de tijdswinst precies is, maar deze zal over de hele dag geteld niet onaanzienlijk zijn: zo zal een gemiddelde reistijdwinst van 10 seconden per voertuig op jaarbasis op een drukke Kamperlaan een besparing van 25.000 uur opleveren voor het gemotoriseerd verkeer. Daarbovenop zien we een sterk verbeterde oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers omdat langzaam verkeer minder lang hoeft te wachten.
groen
Er is onderzoek gedaan naar de bestaande bomen waarbij de locatie precies is ingemeten, en per boom is onder andere beoordeeld wat de conditie, de kwaliteit en de toekomstverwachting is. Het behoud van de bestaande bomen is een belangrijk uitgangspunt geweest bij het maken van de PVE schets, en dit is dan ook gelukt. Voor zowel noordelijk als zuidelijk deelgebied geldt dat de wegbreedtes zijn aangepast waardoor er veel extra ruimte is vrijgekomen voor groen. Voor de bestaande bomen betekent dit extra ondergrondse groeiruimte op plekken waar voorheen funderingen en verhardingen lagen. De Kleine Houtweg is onderdeel van de hoofdbomenstructuur van gemeente Haarlem (zie bijlage I afbeelding 3.1). Naast behoud van de bestaande bomen is het project een goede kans voor het herstellen en versterken van de laanstructuren op plekken waar dit kan. In de PVE schets zijn op een aantal plekken nieuwe bomen ingetekend op plekken waar dit zou kunnen. Dit is een aanzet voor de ontwerpfase, waarin ook verder gekeken kan worden naar de invulling van de grote groenstrook die aan de parkzijde wordt vrijgespeeld door het verwijderen van de westelijke rijbaan.
afwatering
Het projectgebied staat niet bekend als een locatie met wateroverlast. Het profiel is breed, er zijn veel tuinen en bermen waar water kan infiltreren. In het nieuwe ontwerp wordt voorgesteld de afwatering hetzelfde te ontwerpen als in de bestaande situatie. Voor het noordelijk deelgebied betekent dit afwatering naar kolken welke worden opgenomen in de bandenlijnen van de rijweg (fietsstraat). Trottoirs hebben afschot naar de rijweg en/of groenvakken. De rijweg zelf heeft een afschot naar de banden in een tonrond profiel of een dakprofiel. Kolken worden aangesloten op het hoofdriool. Er is op deze locatie wel sprake van een gedeeltelijke afkoppeling omdat de weg aanzienlijk smaller wordt en daarmee meer regenwater kan infiltreren in de ondergrond. Voor het zuidelijk deelgebied betekent dit tot de zijstraat Spijkermanslaan hetzelfde als het noordelijke deelgebied. Afwatering naar kolken welke worden opgenomen in de bandenlijnen van de rijweg. Trottoirs hebben afschot naar de rijweg en/of groenvakken. De rijweg zelf heeft een afschot naar de banden in een tonrond profiel of een dakprofiel. Kolken worden aangesloten op het hoofdriool. Het projectgebied ten zuiden van de Spijkermanslaan heeft in de bestaande situatie geen hoofdriool en dit zal in de nieuwe situatie ook niet worden aangebracht.
Alle verharding gaat hier dus afwateren in de bermen langs de rijweg en de voetpaden (zoals dat nu ook het geval is). Hier dient rekening mee te worden gehouden in de ontwerpfase, bijvoorbeeld in de vorm van (plaatselijk?) verlaagde banden of een waterdoorlatende verharding. In de adviesrapportage riolering welke voor het project is opgesteld is een onderbouwd voorstel gedaan voor de locaties en dimensionering van infiltratiestroken in dit gebied.
17 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Ontwerpthema
Beschrijving
trottoirs
De trottoirs in het projectgebied blijven op dezelfde locaties als waar ze nu liggen. Er zijn veel plekken in het profiel waar veel ruimte is en waar trottoirs breed uitgevoerd zijn (>3,00 m). Het meest noordelijke deel (ten noorden van de kruising Twijnderslaan) heeft het smalste trottoir, maar hierbij wordt het trottoir niet smaller dan 2,10 m waarmee deze ruim voldoet aan de minimale afmeting. In het zuidelijk deelgebied is het wandelpad langs de Kleine Houtweg ontworpen aan de oostkant van de rijweg (waar deze nu ook ligt). Hiermee zijn de woningen en de buitenplaatsen goed te bereiken voor voetgangers. Er zijn meerdere nieuwe entrees naar de Haarlemmerhout voorgesteld, welke gepositioneerd zijn op een logische plek met een goede aansluiting op de padenstructuur in het park.
materialisering
In de PVE schets is een voorstel gedaan voor de materialisering van het plan. Hiervoor wordt in principe de HIOR (handboek inrichting openbare ruimte) van de gemeente Haarlem gebruikt. Hierbij moet opgemerkt worden dat de Kleine Houtweg een bijzondere projectlocatie is welke gelegen is binnen beschermd stadsgezicht van Haarlem. Met een goede argumentatie mag in dit project afgeweken worden van de eisen in de HIOR. In de PVE schets is gekozen voor de volgende materialen. Met deze materialen is ook gerekend in de kostenraming van het project (SSK raming). Fietsstraat deelgebied noord > elementenverharding (klinkers). Rabatstroken fietsstraat deelgebied noord > elementenverharding (klinkers). Trottoirs deelgebied noord > elementenverharding (klinkers). Parkeervakken deelgebied noord > elementenverharding (klinkers). Opsluitbanden deelgebied noord > beton. Rijweg deelgebied zuid > elementenverharding (klinkers). Trottoirs deelgebied zuid (tot Spijkermanslaan) > elementenverharding (klinkers). Parkeervakken deelgebied zuid > elementenverharding (klinkers). Bijzondere verharding deelgebied zuid > grasbetonstenen (parkeervakken) of halfverharding (voetpad). Opsluitbanden deelgebied zuid > beton. De fietsstraat in deelgebied noord en de rijweg in deelgebied zuid wordt uitgevoerd in elementenverharding. Dit wijkt af ten opzichte van de HIOR.
Er is voor gekozen om elementenverharding toe te passen met label EQ+ gekozen. EQ+ stenen zijn strak tegen elkaar aan te straten, met minimale voeg zodat trillingen minimaal zijn. De reden om af te wijken van de HIOR is omdat de Kleine Houtweg valt binnen het beschermd stadgezicht en het toepassen van klinkers esthetisch beter passend wordt geacht bij de omgeving en het karakter van de wijk. De volledige afweging van deze keuze wordt toegelicht in hoofdstuk 6.2.1 van het programma van eisen (bijlage I). Dit zijn voorlopige keuzes. Het kan zijn dat door verandering van een inzicht er in de ontwerpfase een alternatief wordt voorgesteld. Mocht dit voorkomen dan wordt deze keuze goed onderbouwd en besproken met de betrokken stakeholders.
parkeren (fiets)
Er is weinig ruimte voor fietsparkeren in de bestaande situatie. Toch zijn er niet veel ‘zwerffietsen’ te zien op straat. Reden hiervoor is waarschijnlijk dat veel bewoners (vooral in het noordelijk deelgebied) eigen voor- (en vaak) achtertuinen hebben waar ze hun fietsen stallen. In het nieuwe ontwerp wordt fietsparkeren dan ook niet verder gefaciliteerd. Een uitzondering hierop is de fietsparkeerlocatie ter plaatse van Theehuis de Haarlemmerhout. Op deze locatie bevinden zich nu een aantal parkeerplaatsen voor auto’s (betaald parkeren). Een aantal van deze parkeerplaatsen komen terug in het nieuwe ontwerp, maar het idee is om het park toegankelijker te maken voor voetgangers en fietsers. Een ruime fietsparkeerlocatie (ook voor bakfietsen) op een bereikbare plek (langs het fietspad) moet bijdragen aan het gebruik van de fiets om het park of het theehuis te bezoeken. Hiervoor is in de PVE-schets een zoekgebied aangewezen rond het Theehuis.
parkeren (auto)
18 | 33
In het noordelijk deel van het projectgebied zijn de bestaande parkeerplaatsen teruggekomen in de PVE schets. Dit geldt ook voor de parkeerplaatsen voor de woningen met huisnummer 127 tot en met 133. De parkeerplaatsen bij het theehuis komen niet allemaal terug in het nieuwe ontwerp. De ligging ervan is moeilijk aan te sluiten op de bundeling van de rijbanen. Daarnaast kwam in de parkeerdrukmeting naar voren dat deze plekken niet veel gebruikt werden, met
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Ontwerpthema
Beschrijving uitzondering van één piekmoment op zaterdagmiddag. Het idee is om de bereikbaarheid en stallingsmogelijkheid voor fietsers te verbeteren, zodat dit vervoersmiddel vaker wordt gekozen om het park te bezoeken.
verlichting
De lichtmasten in het plangebied zijn reeds verduurzaamd naar LED armaturen (bron: Haarlem open data). Omdat het wegontwerp verandert zullen de kabels en de masten wel verplaatst moeten worden om een lichtontwerp te maken dat voldoet aan de eisen, maar uitgangspunt is wel dat hiervoor bestaande masten en armaturen worden gebruikt. Dit is ook zo berekend in de kostenraming van het project. Het kan zijn dat aanvullend onderzoek in de ontwerpfase aantoont dat vleermuisvriendelijke verlichting hier van grote meerwaarde is. In dat geval kunnen alleen de masten hergebruikt kunnen worden en zouden de armaturen vervangen moeten worden. En andere aanleiding voor het vervangen van masten en armaturen kan zijn dat er een mast- en armatuurtype toegepast dient te worden die aansluit op de masten en armaturen in het beschermd stadsgezicht.
riolering
Door de ontwikkelingen betreft het afkoppelen van wijken in de omgeving wordt het gemengd stelsel in de omgeving van de Kleine Houtweg ontlast. De afname van verhard oppervlak zorgt tevens voor een ontlasting van het gemengde stelsel. In de huidige situatie is er geen riolering aanwezig in het zuidelijk deel van de Kleine Houtweg. Omdat de Kleine Houtweg niet maatgevend is voor de aanleg van een hemelwaterstelsel in de omgeving wordt geen hemelwaterriolering aangelegd ter plaatse van de Kleine Houtweg. Geadviseerd wordt om het deel van de Kleine Houtweg ten zuiden van de Spijkermanslaan, waar geen gemengde riolering aanwezig is, oppervlakkig te laten afstromen naar de bermen en daar middels infiltratiestroken te infiltreren. In de rioleringsrapportage is berekend wat de afmetingen van de infiltratiestroken moeten zijn. Er is een voorstel gedaan voor de ruimtelijke inpassing van de infiltratiestroken, waarbij het van belang is de infiltratiecapaciteit van de bodem ter plaatse te controleren.
4.2
Aandachtspunten vervolg
In deze paragraaf worden een aantal vraagstukken toegelicht, welke in de definitiefase nog niet opgelost zijn. Het is belangrijk dat deze aandachtspunten in de ontwerpfase verder onderzocht worden en onderdeel zijn van de verdere uitwerking.
Tabel 4.2 Aandachtspunten bij verdere uitwerking Aandachtspunt
Beschrijving
kabels en leidingen
Ligging van kabels en leidingen zijn bekend en het project is besproken in het nuts overleg van de gemeente Haarlem. Er zijn nuts partijen die mee willen met het project en onderhouds- of aanpassingswerkzaamheden willen uitvoeren. Daarnaast worden er waarschijnlijk nieuwe bomen geplant in het project. Er zijn veel bestaande kabels en leidingen in het gebied, maar een groot deel hiervan is ook gelegd middels gestuurde boringen en ligt dus op een grote diepte (in plaats van de gebruikelijke 1,00 m onder maaiveld). Het is belangrijk verder uit te zoeken hoe diep alles ligt om te weten of bomen op de beoogde locaties geplant kunnen worden.
verharding vs. bestaande laanbomen
De bestaande laanbomen dienen behouden te blijven. Met de nieuwe plannen komt vrijwel nergens verharding waar dat nu niet ligt, maar toch is het belangrijk om in kaart te brengen welke gevolgen de plannen kunnen hebben voor de bestaande hoofdbomenstructuur. Het is denkbaar dat (zeer oude) wortels van bomen ook onder verhardingen groeien. Middels een boom effecten analyse (BEA) en daarbij horend wellicht proefsleuven kan meer uitsluitsel gegeven worden over de gevolgen van het plan voor de bestaande beplanting.
uitwerking kruising Kleine Houtweg - Kamperlaan N205
De kruising Kleine Houtweg - Kamperlaan N205 is in principe geen onderdeel van het projectgebied. Toch gaat het plan gevolgen hebben voor de inrichting ervan. Het is belangrijk om in de ontwerpfase een goed verkeerskundig ontwerp (met goed berekende onderbouwing) te
19 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Aandachtspunt
Beschrijving maken van de kruising en de impact daarvan te verwerken in de ontwerpfase van project Kleine Houtweg.
verdere inrichting pleintje ter hoogte van huisnummer 85 t/m 99
Er zijn nog diverse scenario’s mogelijk voor de uitwerking van het pleintje ter hoogte van huisnummer 85 tot en met 99. In de PVE schets is een aanzet gedaan voor de ligging van de parkeervakken en het doorzetten van de bomenstructuur. Het voorstel is om de directe aanwonenden verder te betrekken in de ontwerpfase.
voorzieningen ter plaatse van theehuis
Er is een zoeklocatie aangeduid voor fietsparkeerruimte bij het theehuis. Ook dit is een locatie waarbij wordt voorgesteld bewoners (en de ondernemer van het theehuis) te betrekken bij de verdere uitwerking. Met de ondernemer van het theehuis is overigens reeds contact geweest in de definitiefase.
aandacht voor randvoorwaarden vanuit conditionerende onderzoeken
Er zijn een aantal conditionerende onderzoeken uitgevoerd om het plangebied goed in kaart te brengen en de randvoorwaarden voor ontwerp en uitvoering verder te specificeren. Het gaat dan om onderzoeken op het gebied van bijvoorbeeld archeologie, milieukunde en ecologie. Uit ieder onderzoek komen belangrijke conclusies en aanbevelingen naar voren. Het is belangrijk deze aanbevelingen mee te nemen in de ontwerp en (vooral) de voorbereidings- en uitvoeringsfase.
behouden of kappen van een aantal bomen
In de bomeninventarisatie VTA komen een aantal bomen naar voren waarvan de conditie wordt beoordeeld als matig, slecht of zelfs dood. Nu kan een dode boom alsnog waardevol zijn (bijvoorbeeld voor ecologie), maar op een plek waar deze een gevaar vormt voor gebruikers van de straat of het park is het toch verstandig te kiezen voor het kappen van de boom. In de ontwerpfase dient goed met specialisten en betrokkenen te beoordelen welke bomen niet meer te redden zijn en waar het verstandig is er toch voor te kiezen om deze te kappen. De start van de herinrichting Kleine Houtweg is een goede aanleiding om alles in één keer goed mee te nemen en een toekomstbestendige hoofdbomenstructuur op te leveren.
invulling van groenstrook Haarlemmerhout
Door het vrijspelen van één volledige rijweg van het zuidelijk deelgebied van het project komt er ineens meer dan 10,00 m park bij de Haarlemmerhout. De mogelijkheden voor het inrichten van deze strook zijn groot. Een aantal voorzetten hiervoor zijn al gegeven in onder andere het Beheerplan Haarlemmerhout Frederikspark 2023-2033 en het cultuurhistorisch onderzoek & visie voor de Haarlemmerhout (Copijn, maart 2008). Op historische foto’s is te zien dat hier vroeger een wandelpad heeft gelopen welke wellicht teruggebracht kan worden. In ieder geval is het van belang de juiste experts (groen en cultuurhistorie) en de juiste stakeholders te betrekken bij deze uitwerking.
hergebruik van bestaande materialen
Er is aanleiding om te denken dat er onder de bestaande asfaltverharding van de oostelijke rijstrook (zuidelijk deelgebied) nog een zeer oude verharding aanwezig is. Het was in de jaren 5060 niet ongebruikelijk om een asfaltverharding aan te brengen over een bestaande kasseien- of klinkerverharding. Het vermoeden bestaat dat dat ook in dit project is gebeurd. Tijdens een projectbezoek is de foto in afbeelding 4.1 genomen. Hierin is duidelijk te zien dat er een oude kasseienstrook verscholen ligt onder de bestaande asfaltverharding. Dit type verharding is ook terug te zien op archiefbeelden van de locatie (zie afbeelding 1.4). Daarnaast valt op dat de oostelijke rijstrook hoger ligt dan de westelijke rijstrook, wat er ook op kan duiden dat de asfaltverharding over een bestaande verharding is aangebracht. Het verkennend bodem- en constructieonderzoek dat nog uitgevoerd wordt zal hier meer uitsluitsel over moeten geven. Naast de oude verharding onder het asfalt wordt een grondstoffenplan en een materialenpaspoort opgesteld. Doel van deze documenten is het terugbrengen van de afvalstromen, en het zoeken naar invullingen voor (her)gebruik van bestaande materialen in het project.
ecologische maatregelen
De projectlocatie is een belangrijk onderdeel van de ecologische hoofdstructuur van gemeente Haarlem. Met behulp van aanvullend onderzoek in de ontwerpfase zijn wellicht maatregelen in het ontwerp te implementeren die de oost-west verbinding voor fauna vergemakkelijkt. In de kostenraming is een bedrag geraamd voor maatregelen ten behoeve van ecologie.
samenstelling projectteam ontwerpfase
Omwille van de grote potentie voor het realiseren van veel kwaliteit in dit bijzondere deel van Haarlem is het van belang dat alle relevante disciplines goed vertegenwoordigd zijn in het projectteam dat in de ontwerpfase aan het project werkt. Naast de civiele en technische specialisaties die gewoonlijk betrokken zijn bij een dergelijk project is het ook van belang dat er specialisten op het gebied van bijvoorbeeld erfgoed, landschapsarchitectuur, beplantingen en ecologie vertegenwoordigd zijn in het projectteam.
20 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Afbeelding 4.1 Ligt er een oude verharding onder het bestaande asfalt?
4.3
Resultaat
Het resultaat van de PVE schets (zie bijlage III) is een ontwerp waarmee wordt voldaan aan het beleid, en waar is ingesprongen op de vele kansen en mogelijkheden die dit bijzondere project op deze bijzondere locatie te bieden heeft. Er is een samenhang in de van toepassing zijnde beleidskaders. Binnen de omgevingsvisie, het groenbeleidsplan, de structuurvisie openbare ruimte (SOR) en het mobiliteitsplan is de volgordelijkheid van de beleidskaders bepaald. Omdat het project diverse uiteenlopende doelen dient zijn de prioriteiten verdeeld over de locaties waar deze het best ingevuld kunnen worden.
Dit vertaalt zich in het ontwerp als volgt (in willekeurige volgorde): 1 comfortabele en logische routing voor fietsers (noord-zuid en andersom); 2 noordelijk deelgebied comfortabele fietsstraat passend bij het karakter van de wijk; 3 versterking hoofdbomenstructuur en invulling ontbrekende schakel(s); 4 behoud van parkeerplaatsen noordelijk deelgebied; 5 zuidelijk deelgebied gemengd profiel ETW30 met comfortabele klinkerverharding; 6 duidelijkheid in materialisering en voorrangsregelingen (uitritconstructies); 7 optimalisatie van de kruising met Kamperlaan N205; 8 verbetering oostelijke toegankelijkheid Haarlemmerhout voor fietsers en voetgangers; 9 verbetering mogelijkheden fiets parkeren de Haarlemmerhout; 10 herstel en aanvullen van historische structuren en elementen; 11 minder verharding, meer groen. De uitwerking sluit aan op het klimaat- en groenbeleid. In de huidige situatie staan er 162 bomen. Het behoud van het bestaande groen is belangrijk, en om die reden worden de groeiplaatsen van de bestaande bomen zoveel mogelijk vergroot. Er kunnen veel extra bomen geplant worden en door inpassing van
21 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
groenvakken, het versmallen van de rijbaan in deelgebied noord en het verwijderen van de westelijke rijbaan (deelgebied zuid) komt er komt circa 3.850 m2 groenoppervlak bij. De toepassing van de juiste boomsoorten (nader te bepalen in ontwerpfase) en toevoeging van beplanting zorgen voor verbetering van de biodiversiteit, maar dragen ook bij aan het voorkomen van hittestress door verdamping en het bieden van schaduw. De nieuwe inrichting past ook bij het mobiliteitsbeleid van de gemeente Haarlem. Door de snelheidsverlaging en de inrichting wordt de verkeerssituatie op de Kleine Houtweg veiliger en wordt er minder CO2 uitgestoten. Het gemotoriseerde verkeer wordt meer geconcentreerd op de stroomweg (N205) en wordt weggehouden uit de wijken. Daarnaast wordt fietsmobiliteit gestimuleerd door een fietsvriendelijke inrichting, een veilige oversteek bij de Kamperlaan en het voorzien in fietsparkeervoorzieningen rond de Haarlemmerhout. Ook voor voetgangers wordt de Kleine Houtweg aantrekkelijker omdat trottoirs breed (en soms vrij liggend) zijn ontworpen. Daarnaast wordt de Haarlemmerhout toegankelijker door het aanbrengen van veilige oversteekplaatsen voor voetgangers die goed aansluiten op de padenstructuur van de Haarlemmerhout. De keuze voor de herinrichting vertaalt zich in de volgende aantallen:
Tabel 4.3 Aantallen bestaande situatie vs. nieuw in PVE schets Element
Bestaand
Nieuw
bomen
162
194
st
groen
7.750
11.600
m2
rijweg
9.000
5.150
m2
trottoir
3.200
3.300
m2
32
27
st
parkeerplaatsen
22 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Eenheid
Sfeerimpressie, voor en na (Kleine Houtweg ter hoogte van huisnummer 71, gekeken in zuidelijke richting
23 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Sfeerimpressie, voor en na (Kleine Houtweg ter hoogte van midgetgolfbaan, gekeken in noordelijke richting
24 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
5 PARTICIPATIE EN INSPRAAK 5.1
Strategie vanuit initiatieffase
De Kleine Houtweg wordt gedefinieerd als een project met veel impact als het gaat om participatie en communicatie. Om deze reden is er voor het project een stakeholdersanalyse en een participatiestrategie opgesteld en zijn er reeds in de definitiefase meerdere stakeholders betrokken geweest. Een overzicht van het contact met de stakeholders is terug te vinden in de KlantEisen Specificatie (bijlage I). In de volgende fase van het project (de ontwerpfase) zullen de reeds eerder benaderde stakeholders betrokken blijven. Daarnaast worden de bewoners van de Kleine Houtweg uitgenodigd om mee te denken over de verdere uitwerking door middel van een informatieavond.
5.2
Participatie- en inspraakstrategie
5.2.1
Definitiefase
Conform het HCPP wordt in de ‘definitiefase de uitgangspunten en randvoorwaarden nader verkend en vertaalt naar een eisenverzameling (klanteisen en programma van eisen) en een schets. Mogelijke dilemma’s die hierbij naar voren komen worden vertaald in varianten en daartussen wordt gekozen’. Onderstaande paragrafen bevat de participatie voor de definitiefase. Versturen brief over start project en opzetten projectpagina In het najaar van 2023 zijn er onderzoeken uitgevoerd in het projectgebied. Om bewoners hiervan op de hoogte te stellen is een brief verstuurd. Hierbij is ook beknopt de doelstelling van het project beschreven. Daarbij is er ook een projectpagina opgestart. Ophalen wensen bij stakeholders In de definitiefase is ook begonnen met het ophalen van wensen bij stakeholders. Beleid schrijft een aantal zaken voor, en bij de stakeholders is nagegaan of zij aanvullende en/of tegenstrijdige wensen hebben. De stakeholders in tabel 5.1 zijn in deze fase benaderd.
Tabel 5.1 Benaderde stakeholders in de definitiefase Id.
Stakeholder
Communicatiemiddel
1
wijkraden Welgelegen en Zuiderhout Vredenhof
mailcontact
2
fietsersbond
een-op-een-gesprek
3
evenementen organisatie (gemeente, onder andere bevrijdingspop)
een-op-een-gesprek
4
verkeerspolitie Haarlem
een-op-een-gesprek
6
platform Groen
een-op-een-gesprek
25 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Id.
Stakeholder
Communicatiemiddel
7
kabels en leiding partijen
K&L overleg
8
adviescommissie Haarlemmerhout en Frederikspark
een-op-een-gesprek
9
provincie Noord-Holland
een-op-een-gesprek
10
BBOR (verkeersadviseur, groenadviseur, etc.)
via procesmanager
11
Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE)
een-op-een-gesprek en projectbezoek
12
Beheervereniging Mariastichting
een-op-een-gesprek
13
Ondernemer Theehuis de Haarlemmerhout
mailcontact
Opstellen PVE, KES, Varianten en startnotitie Na de gesprekken met de stakeholders is een klanteis specificatie (KES) opgesteld welke is bijgevoegd bij deze startnotitie. In de KES lijst is per eis weergegeven wat het honoreringsbesluit is (akkoord of afwijzing) en wat de eistekst is waarmee rekening is gehouden. Door de KES een onderdeel van het project te maken zijn de opgehaalde (tegenstrijdige) wensen en beleidsvoorschriften inzichtelijk gemaakt en heeft het projectteam hier een keuze over kunnen maken. De KES is onderdeel van startnotitie die ook openbaar wordt. Voordat deze openbaar wordt is contact opgenomen met de gesproken stakeholders over hun ingediende wensen en is toegelicht hoe hier in het project mee is omgegaan. Daarbij is ook benoemd wanneer de startnotitie in de commissie of raad besproken wordt zodat eventuele inspreekbijdragen gedaan kunnen worden.
5.2.2
Ontwerpfase
Participeren met bewoners Het voorstel is om in de ontwerpfase een informatieavond voor de bewoners te organiseren met de PVEschets uit de startnotitie. Hiervoor wordt een brief met een uitnodiging naar de bewoners verzonden. Daarnaast krijgt de projectpagina een update. Doel van de avond is voornamelijk informeren, input te vragen en een mogelijkheid bieden om reactie te geven op het ontwerp. Op een aantal deellocaties is ruimte voor participatie in het project. Hierbij wordt gedacht aan de inrichting bij het theehuis ‘De Haarlemmerhout’ (fietsparkeren of niet) en de inrichting van het ‘pleintje’ ter hoogte van Kleine Houtweg huisnummers 85 tot en met 99. Ook alle overige stakeholders krijgen in de ontwerpfase een update van de stand van zaken na vaststelling van de startnotitie. Belangenverenigingen zoals de Adviescommissie Haarlemmerhout en de fietsersbond worden ook uitgenodigd voor de bewonersavond. Nadat de input van de bewoners is opgehaald kan het ontwerp uitgewerkt worden. Voorleggen uitgewerkt ontwerp bij stakeholders Na de informatieavond en de verdere uitwerking van het ontwerp wordt deze met de stakeholders en bewoners besproken, waarna het voorlopig ontwerp wordt ingediend en ter inspraak wordt gelegd.
26 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
5.2.3
Inspraak
Na vrijgave voor inspraak worden alle stakeholders geïnformeerd over de vrijgave, zodat zij een reactie kunnen achterlaten. Bewoners ontvangen een brief.
5.3
Vervolg
Na vaststelling van het DO worden de insprekers geïnformeerd. Ter overweging is een bewonersbrief waarbij ook de aannemer wordt geïntroduceerd. Voor de voorbereidingsfase maakt de RCP-partner een communicatieplan.
27 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
6 RISICO’S Voor het project is in samenwerking met het projectteam een risicosessie uitgevoerd. Hierin zijn vooral procesmatige risico’s benoemd en gekwantificeerd, maar ook een aantal uitvoeringsrisico’s zijn in het dossier opgenomen. Voor de risico’s zijn in het risicodossier beheersmaatregelen geformuleerd. Het is van belang het risicodossier iedere fase te actualiseren. Voor een integrale samenwerking kan het waardevol zijn om tijdig (ontwerpfase) een aannemer bij het project te betrekken om ook de uitvoeringspartij deelgenoot te maken van de risicosessie en de geformuleerde beheersmaatregelen.
Tabel 6.1 Grootste risico’s uit het risicodossier (in willekeurige volgorde) risico
weerstand bij buurtbewoners in verband met wijziging wegprofiel
risico
verassingen in de bodem tijdens uitvoering (archeologische vondst of bodemverontreiniging)
risico
conflicten tussen ontwerp en bestaande (deels monumentale) groenstructuur
risico
klachten uit de omgeving over nieuwe verkeerssituatie
risico
clashes tussen ondergrondse infrastructuur en nieuwe maaiveldinrichting
risico
evenementen (Formule 1, Bevrijdingspop, Haarlemmerhout festival, parksessies) zorgen voor conflicten tijdens uitvoeringsperiode
risico
schuring van flankerend beleid naast kaders van een Rijksmonument
risico
groenkeuzes vanuit ecologie passen niet bij groenkeuzes vanuit cultuurhistorie
risico
onderzoeken ten behoeve van fauna nemen veel tijd in beslag en vertraging opleveren in de planning
risico
hoge politieke betrokkenheid in het gebied leidt tot ontwerpconflict
28 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
7 FINANCIËN 7.1
Budget
Het projectbudget is vastgesteld op EUR 4.059.054,00 exclusief omzetbelasting.
7.2
Standaard Systematiek Kostenraming (SSK)
Voor de herinrichting van de Kleine Houtweg is een SSK-raming gemaakt op basis van de PVE schets (zie bijlage III). De SSK-raming komt uit op een bedrag van circa EUR 4.725.000,00 exclusief omzetbelasting. Dit zijn onder andere de bouwkosten, de engineeringskosten, en kosten voor leges, heffingen en verzekeringen. Niet inbegrepen zijn kosten voor onder andere bodemvreemde materialen, vastgoedkosten, instandhoudingskosten (beheer en onderhoud) en overige bijkomende kosten. Daarnaast is in het bedrag een risicoreservering voorzien voor het ondervangen van de top 3 risico’s in het project. Met een betrouwbaarheidsinterval van 70 % liggen de investeringskosten ongeveer tussen EUR 3.300.000,00 en 6.150.000,00 exclusief omzetbelasting. In de bedragen is nog geen rekening gehouden met het verkrijgen van subsidies voor het project.