Bijlage 1 Overzicht met adviezen per Duisenberg aanbeveling of advies van de accountant en Auditcommissie
Tekst van het document
Reactie rapporteurs en Auditcommissie op opvolging openstaande Duisenberg aanbevelingen en adviezen Auditcommissie en accountant
Inhoudsopgave 1. Inleiding...................................................................................................3 2. Aanbevelingen.........................................................................................3 2.1 Aanbevelingen jaarrekening 2019..........................................................................................3 2.2 Aanbevelingen jaarrekening 2022..........................................................................................4 2.3 Aanbevelingen jaarstukken 2023...........................................................................................9 2.4 Adviezen Auditcommissie en accountant.............................................................................15
2
1. Inleiding
Doel van dit overzicht is om inzicht te geven in de voortgang van de opvolging van openstaande Duisenberg aanbevelingen en adviezen van de Auditcommissie en accountant en de raad daarmee in staat te stellen hierover een oordeel te vormen.
2. Aanbevelingen
In dit hoofdstuk worden de openstaande Duisenberg aanbevelingen geclusterd per verantwoordingsjaar (2019, 2022 en 2023) aangegeven en per aanbeveling wordt aangegeven: a. wat de inhoud van de aanbeveling is; b. wat de stand van zaken is met betrekking tot de opvolging door het college; c. het bijbehorende advies van de rapporteurs of, waar van toepassing, van de Auditcommissie; d. en of de aanbeveling naar het oordeel van de rapporteurs c.q. Auditcommissie als (nog niet) afgedaan kan worden beschouwd, al dan niet na verwerking. Naast de aanbevelingen worden in paragraaf 2.4 ook de adviezen van de Auditcommissie en de accountant toegelicht. Per advies wordt aangegeven op welke wijze het college hieraan opvolging heeft gegeven en tot welk advies aan de raad dat leidt, op basis van de beoordeling door de Auditcommissie of de rapporteurs.
2.1
Aanbevelingen jaarrekening 2019 Digitalisering primaire werkprocessen in fysieke en sociale domein opnemen in ICT strategie (2020/0609756) Stel een ICT-strategie op die meer tempo maakt met digitalisering van primaire werkprocessen in het fysieke en sociale domein. Conclusie voor Er is geen nieuwe stand van zaken door het college aangeleverd. De laatste afdoening informatie is afkomstig van maart 2024 in de nota Halfjaarlijkse collegereactie afdoening openstaande aanbevelingen Duisenberg maart 2024 (2024/450587). Het college deelt de mening dat digitalisering een omvangrijke en complexe opgave is die alle aspecten van de gemeente raakt. Tijdens de raadsbijeenkomst van 10-11-2022 stelt de raad dat de door het college toegezegde digitaliseringsstrategie niet voor de behandeling van de begroting aan de raad is voorgelegd. Ook is er nog geen duidelijkheid over wanneer deze nota en ook de roadmap wordt voorgelegd. Om die reden is besloten deze aanbeveling als nog niet opgevolgd te beschouwen. Het duurt langer om de plannen voor digitalisering concreet te krijgen. De uitwerking van de informatienota Prioritering 2023 speelt hierin mee.
Het kost meer tijd en inspanning dan ingeschat om de lopende en geplande projecten op te halen en weer terug te vertalen naar doelstellingen waar de raad zich in kan herkennen en om de prioriteiten vanuit de verschillende domeinen op elkaar af te stemmen. Naar verwachting zal medio 2024 meer duidelijkheid qua planning en inhoud kunnen worden gegeven. Het college beschouwt de aanbeveling daarom als nog op te volgen. Advies Het advies van de rapporteurs aan de raad is deze aanbeveling als nog niet rapporteurs afgedaan te beschouwen.
3
2.2
Aanbevelingen jaarrekening 2022 Doelen helderder, controleerbaar en stuurbaar (2023/1384454) Maak de doelen helderder, controleerbaar en stuurbaar. Of maak zo nodig gebruik van hoofden subdoelen. a. Specifiek voor programma 4.2 Toerisme gaat de jaarrekening en begroting uit van een balans tussen de (kwalitatieve) groei van toerisme en de ervaren overlast. Maak duidelijk waar de balans naartoe mag bewegen zodat de raad kan beoordelen of we op de goede weg zijn. Lukt dat niet? Scheidt dan de doelen zodat er per doelstelling acties ondernomen kunnen worden (beleidsveld 4.2 Economie, toerisme en cultuur) b. Specifiek voor programma 6.2 rond 'Nieuwe Democratie': Voor dit doel 'Meer Haarlemmers participeren in het besturen van de stad' zijn in het actieprogramma 'Nieuwe Democratie' zowel doelen geformuleerd rond participatie initiatieven vanuit de gemeente, top-down, als doelen rond participatie initiatieven vanuit de stad, bottom-up. Wanneer dit in het nieuwe actieprogramma ook het geval is, breng deze scheiding dan ook aan in het doel in de begroting door deze te splitsen of gebruik te maken van hoofd- en subdoelen. Voorstel college Vorige collegereactie voor afdoening In de collegereactie op openstaande aanbevelingen uit september 2023 zegt het college: ‘Participatie kenmerkt zich door tweerichtingsverkeer tussen gemeentelijke organisatie en burgers.
Derhalve is zowel top-down als bottom-up communicatie en acties de kern van participatiebeleid. De initiatiefnemer kan zowel gemeente als burger/ondernemer/ontwikkelaar zijn. De burger kan participeren in plannen van de overheid (burgerparticipatie) en de overheid kan participeren in plannen van de burger (overheidsparticipatie). Beide vallen onder het doel meer participatie en zodoende acht het college het niet wenselijk om hier scheiding aan te brengen in de formulering van de doelstelling. Wel dienen beide gemonitord te worden (ontwikkelingen), daarom is er wel een scheiding aangebracht in effect en prestatie. In november 2023 wordt een nieuwe nota participatiebeleid aangeboden aan de raad, waarin de definities van deze begrippen helder beschreven worden’. Het advies van de Duisenbergrapporteurs op openstaande aanbevelingen uit oktober 2023 hierop was: ‘Voor dit onderdeel van deze aanbeveling is de reactie van het college hetzelfde als hun reactie op de concept aanbeveling voor vaststelling van de raad. Er is door het college niets gedaan aan opvolging van de aanbeveling’.
In deze huidige collegereactie geeft het college aan dat zij zich nog steeds kan vinden in doel ‘Zoveel mogelijk Haarlemmers hebben de mogelijkheid in participeren in het besturen van de stad’, omdat dit doel zowel bottom-up als top-down participatie omvat en om microsturing in de P&C producten te voorkomen acht het college het niet wenselijk hier scheiding in aan te brengen. Hiermee is voor het college deze aanbeveling afgedaan. Advies Het advies van de rapporteurs aan de raad luidt de aanbeveling als nog niet rapporteurs afgedaan te beschouwen. Het college merkt terecht op dat participatie twee kanten op gaat, wat ook door de rapporteurs is gesignaleerd. Rapporteurs vinden het echter wenselijk dat in de indicatoren onderscheid wordt gemaakt tussen deze twee vormen van participatie. Een goede prestatie in de ene vorm kan gepaard gaan met een slechtere prestatie in de andere vorm, en vice versa. Zonder dit onderscheid weet de raad niet welke maatregelen nodig zijn om verbetering(en) te realiseren. Daarom is de splitsing noodzakelijk. Het college stelt dat splitsen niet wenselijk is en heropent daarmee de discussie over de nut en noodzaak van deze aanbeveling. Deze aanbeveling is echter door de raad aangenomen en het college wordt
4
daarom gevraagd deze op te volgen. De rapporteurs adviseren de raad om deze aanbeveling te agenderen voor de eerstvolgende raadsconferentie over doelen(bomen), prestaties en indicatoren in de nieuwe raadsperiode.
Toelichten toevoegingen en onttrekkingen reserves (2023/1384513) Laat bij toevoegingen en onttrekkingen uit reserves in de jaarstukken (bijvoorbeeld paragraaf 4.5 van de jaarrekening) met een korte toelichting concreet zien wat de toevoegingen c.q. onttrekkingen betreffen, hoe die zich verhouden tot de geraamde toevoegingen en onttrekkingen en op welk beleidsveld en doel deze betrekking hebben. 1 Collegereactie Uit nota Afweging scenario's voorstel en voorstel opvolging tweetal Duisenberg aanbevelingen (2025/392984) Dit is opgenomen in het dummy programma door de onderdelen 4.3.2 en 4.3.3. toe te voegen. Er zijn tevens visuele weergaves toegevoegd. De tekstuele toelichting in 4.3.2. Mutaties bestemmingsreserves zijn geschrapt t.o.v. het dummy programma versie 1. Deze onderdelen zijn respectievelijk afkomstig uit deel 1 Algemeen paragraaf 1.2 Financiële resultaten op hoofdlijnen en deel 4 paragraaf 4.5 Reserves en voorzieningen van de jaarstukken. Deze informatie is ook nodig in deel 1 om de totale financiële resultaten op hoofdlijnen te beschrijven/verklaren, dus dit leidt tot een dubbeling in de jaarstukken (van drie pagina’s).
Opgenomen in 2, 3 en 4 scenario’s Advies De Auditcommissie heeft kennisgenomen van het dummyprogramma, waarin Auditcommissie de Duisenberg aanbeveling “Toelichten toevoegingen en onttrekkingen reserves” (2023/1384513) is uitgewerkt in de onderdelen 4.3.2 en 4.3.3 van het programmadeel. In lijn met het advies van de accountant en Auditcommissie wordt hierin concreet en overzichtelijk inzicht gegeven in: de begrote en gerealiseerde dotaties en onttrekkingen aan de reserves per reserve; de afwijkingen tussen begroting en realisatie; het bijbehorende beleidsdoel en beleidsveld; en de eindstand per 31 december. De toevoeging van visuele toelichtingen (zoals staafdiagrammen) draagt bij aan het inzicht en de leesbaarheid. De commissie onderschrijft de keuze van het college om deze informatie zowel in het programmadeel als in deel 1 van de jaarstukken op te nemen. Hoewel dit leidt tot een beperkte dubbeling (circa drie pagina’s), acht de Auditcommissie dit acceptabel gezien het belang van transparantie in de financiële verslaggeving én de noodzaak om de totale financiële resultaten op hoofdlijnen te kunnen duiden. De Auditcommissie vindt de wijze van verwerking bruikbaar en in lijn met de adviezen en de strekking van de Duisenberg aanbeveling. De Auditcommissie adviseert de raad hiermee in te stemmen en de aanbeveling na verwerking op dit punt als afgedaan te beschouwen.
Aansluiting financiën doelenboom en onderscheid going concern activiteiten en budgetten (2023/1384482) 1
Accountant en Auditcommissie hebben als aanvulling op deze aanbeveling meegegeven om een analyse op te nemen van de werkelijke onttrekkingen en stortingen in de reserves ten opzichte van de gewijzigde begroting, inclusief het saldo van de reserves per 31 december.
5
a. Zorg dat de financiële onderdelen van begroting en jaarverslag aansluiten op de doelenboom. b. Maak daarbij inzichtelijk welke middelen geraamd (begroting) worden c.q. besteed zijn (jaarverslag) aan de gestelde doelen uit de doelenboom. 2 c. Maak - indien van toepassing - in de beleidsvelden naast de doelstellingen ook duidelijk welke going-concern activiteiten en budgetten in betreffende beleidsveld zijn opgenomen. d. Maak bij de gestelde doelen uit de doelenboom en bijhorende budgetten ook inzichtelijk dat eventueel sprake is van incidentele middelen Collegereactie Deze informatie is reeds beschikbaar als bijlage 6.9 in de jaarstukken. Het opnemen van deze cijfers als onderdeel van de doelenboom is dubbele informatie. Het eventueel schrappen van bijlage 6.9 in de huidige vorm leidt tot verlies van informatie omdat in bijlage 6.9 in tabelvorm de realisatie cijfers worden afgezet tegen de begroting (primair en actueel) alsook het vorige boekjaar. Hiernaast leent meer gedetailleerde informatie zich minder voor de graphic van de doelenboom dan een tabel zoals opgenomen in bijlage 6.9. De doelenboom beoogt niet alle betrokken informatie te bieden. De doelenboom heeft als doel de samenhang tussen doelen, prestaties, indicatoren en financiële middelen weer te geven in één overzicht. Wel is het mogelijk om links naar bijlage 6.9 in de doelenboom op te nemen.
Het college stelt voor om op deze wijze deze aanbeveling af te doen, met ingang van Programmabegroting 2026-2030. Opgenomen in Onderdeel a. scenario’s Bij elk scenario geldt dat de doelenboom is voorzien van niet-gesaldeerde weergaven van lasten en baten per product Onderdeel d. incidentele baten en lasten zijn alleen in scenario 3 en 4 opgenomen en dus niet in het voorgestelde scenario 2. Advies Onderdeel b. accountant Het realiseren van een koppeling tussen doelen en financiële middelen is niet eenvoudig, omdat de financiële administratie is ingericht op het niveau van beleidsvelden en taakvelden, en niet op het niveau van doelen. Het taakveldniveau is bovendien wettelijk voorgeschreven door het Rijk. Geadviseerd wordt dit onderwerp te agenderen voor de eerstvolgende raadsconferentie. De kernvraag daarbij is of het inzicht dat een directe relatie tussen doelstellingen en financiële gegevens biedt (indien aanwezig) opweegt tegen de inspanning die nodig is om dit structureel mogelijk te maken. Advies a. Aansluiting financiële onderdelen doelenboom Auditcommissie Het college heeft in 2022 stappen gezet door de productenraming (tot dan toe opgenomen als aparte bijlage) te integreren in de doelenbomen. De rapporteurs hebben in 2023 de raad geadviseerd dit als onvoldoende te beschouwen, omdat alleen gesaldeerde cijfers worden getoond.
In het dummyprogramma zijn in de doelenboom lasten en baten per product afzonderlijk weergegeven. Het college heeft verder aangegeven dat in de doelenboom een verwijzing naar bijlage 6.9 wordt opgenomen door een link op te nemen. De commissie vindt dit, mede gelet op het belang van overzichtelijkheid en het voorkomen van doublures, een aanvaardbare invulling van de aanbeveling. De Auditcommissie adviseert de raad om met deze invulling in te stemmen en de aanbeveling, na verwerking, als afgedaan te beschouwen. b. Inzicht in geraamde en bestede middelen aan doelen 2
Deze aanbeveling sluit ook aan bij de aanbeveling van de Auditcommissie heeft gedaan bij de jaarstukken 2022, namelijk: (1) begrotingsverschillen: beter inzicht in de verschillen tussen begroting en realisatie, met bijzondere aandacht voor significante afwijkingen. (2) relatie budget en doelen: duidelijke relatie tussen budget, doelen en prestaties in de jaarrekening, met onderscheid tussen geleverde prestaties en bereikte doelen.
6
In de huidige opzet van het dummyprogramma worden de lasten en baten op het niveau van producten binnen beleidsvelden weergegeven, maar niet op het niveau van afzonderlijke doelen. Daarmee ontstaat nog geen inzicht in de geraamde (begroting) en bestede (jaarverslag) middelen per doelstelling in de doelenboom. De Auditcommissie onderschrijft de analyse van de accountant, die wijst op de complexiteit van een dergelijke koppeling: de financiële administratie is ingericht op beleidsvelden en taakvelden (wettelijk voorgeschreven), en niet op doelen. De commissie vindt het wenselijk dat de raad – in het licht van deze complexiteit – zelf de afweging maakt of het extra inzicht dat een directe koppeling kan bieden opweegt tegen de benodigde inspanning om dit structureel mogelijk te maken. De Auditcommissie stelt daarom voor om deze aanbeveling over te hevelen naar de nieuwe Auditcommissie. Die kan, vanuit haar rol in de beoordeling van de inrichting en kwaliteit van de P&C-producten, straks het gesprek voeren over de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van deze aanbeveling. c. Onderscheid going-concern activiteiten en budgetten De Auditcommissie stelt vast dat in de beleidsvelden geen uitsplitsing is gemaakt van going-concern activiteiten en bijbehorende budgetten. Ook in de toelichtingen ontbreekt een herkenbare verwijzing.
Deze aanbeveling is niet opgenomen in het adviesrapport van de accountant, die dit heeft ontraden, en is om die reden ook niet verwerkt in het dummyprogramma. De Auditcommissie heeft hiermee ingestemd en adviseert de raad om deze aanbeveling over te hevelen naar de nieuwe Auditcommissie. Die kan, vanuit haar rol in de beoordeling van de inrichting en kwaliteit van de P&Cproducten, straks het gesprek voeren over de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van deze aanbeveling. d. Inzicht in incidentele middelen bij doelen en budgetten In het dummyprogramma is in paragraaf 4.3.6 een overzicht opgenomen waarin structurele en incidentele posten per programma worden toegelicht, ondersteund met een grafische weergave. Deze uitwerking biedt inzicht op programmaniveau, maar voorziet niet in een koppeling met specifieke doelen of budgetten, zoals beoogd in de oorspronkelijke aanbeveling. De Auditcommissie acht deze invulling toereikend en adviseert de raad om, na verwerking, deze aanbeveling als opgevolgd en afgedaan te beschouwen. De Auditcommissie adviseert de raad om deze aanbeveling over te hevelen naar de nieuwe Auditcommissie. Die kan, vanuit haar rol in de beoordeling van de inrichting en kwaliteit van de P&C-producten, straks het gesprek voeren over de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van deze aanbeveling.
Aanpassing formats nota's en gebruik eenduidige en begrijpelijke termen (2023/1384442) a. In zowel de formats voor begroting en jaarverslag als in de formats voor alle overige relevante beleidsstukken en kaderstellende nota's een aanpassing te doen, zodat steeds wordt begonnen met het beantwoorden van de volgende vragen: - Waarom doen we dit? Aanleiding, bijvoorbeeld het oplossen van een probleem, uitvoeren van een wettelijke taak, aanpassing in wet en regelgeving; - Wat willen we bereiken? Doelstelling, met indien nodig subdoelstellingen (met effectindicatoren); - Wat gaan we daarvoor doen/hebben we gedaan? Prestaties (met prestatie indicatoren), met daarbij indien van toepassing aangeven of de gemeente dit zelf uitvoert of dat het (gedeeltelijk) uitgevoerd wordt via een verbonden partij of subsidie; - Wat hebben we bereikt? Bij stukken als voortgangsrapportages en het jaarverslag
7
beschrijven of en in welke mate er al dan niet door de prestaties voortgang is geboekt op het behalen van de gestelde doelen. Wanneer er geen concrete cijfermatige indicatoren zijn, geef dan via de verslaglegging weer wat de ervaring/bevinding/gevoel van de betrokken ambtenaren is; - Wat gaat het kosten/wat heeft het gekost? Begroting van middelen bij de doelen en prestaties en verantwoording van bestede middelen, na realisatie. b. De beantwoording van deze vragen kan in begroting en jaarverslag kort en bondig zijn, mits in de tekst verwijzingen (hyperlinks) opgenomen worden naar het relevante document met verdere uitleg. c. Gebruik eenduidige en voor iedereen begrijpelijke termen. Als een term uitleg behoeft geef die dan, desnoods door een verwijzing. En zorg er voor dat termen in alle relevante stukken gelijk zijn. Bijvoorbeeld wat is voor de gemeente een 'kwaliteitstoerist' en wat wordt bedoeld met een 'stadmaker'. Collegereactie De noodzakelijkheid om in (vakinhoudelijke) beleidsnota’s doelen op te nemen en deze smart te maken middels indicatoren wordt ondersteund door het college. Evenals het in de nota’s aangeven aan welke begrotingsdoelen (en daarbij horende indicatoren) de nota bijdraagt. De uitvoering daarvan is gekoppeld aan het traject nieuwe formats raadsnota’s.
De afdeling DIA onderzoekt momenteel welke indicatoren en informatie er allemaal al zijn binnen de organisatie. Dit zijn er al meer dan 500. Vervolgstap is dat gekeken wordt welke indicatoren en informatie waar kan bijdragen aan het duiden/verhelderen van informatie. Dit traject zal langer lopen dan het traject nieuwe formats raadsnota’s. Het college zegt toe om in de volgende collegereactie openstaande Duisenberginformatie meer informatie te geven over in hoeverre het haalbaar wordt geacht om en de meerwaarde van (vakinhoudelijke) (kaderstellende) beleidsnota’s aan te vullen met een uitgebreidere set aan indicatoren, inclusief volgmonitor. Het college is voornemens de aanbeveling op te volgen, maar heeft hier langer de tijd voor nodig. Advies De rapporteurs stellen vast dat het college aangeeft deze aanbeveling te rapporteurs ondersteunen en in uitvoering te hebben genomen bij het vaststellen van de nieuwe formats voor beleidsnota’s. Het is positief dat deze nieuwe formats inmiddels zijn vastgesteld en met de raad zijn gedeeld. In het vastgestelde format is onder meer opgenomen: het formuleren van het beoogde doel (inclusief subdoelen); het benoemen van effect- en/of prestatie-indicatoren; en het aansluiten bij doelen en indicatoren uit de programmabegroting.
Uit de toelichting van het college blijkt echter dat het onderdeel over indicatorontwikkeling en monitoring nog langer gaat duren. De rapporteurs adviseren deze aanbeveling vooralsnog niet als afgedaan te beschouwen, en eerst duidelijkheid van het college te vragen over de feitelijke stand van zaken rond het opnemen van indicatoren in nieuwe beleidsnota’s. Zie ook aanbeveling Indicatoren opnemen in nieuwe format raadsnota’s (2024/1265185) (van gelijke strekking)
Nieuwe raadsconferentie (2023/1080370) De overgenomen aanbeveling luidt om aan het begin van de volgende raadsperiode wederom een raadsconferentie te organiseren waar voldoende tijd en aandacht kan worden geschonken aan de input vanuit de raad en fracties. Bij de afgelopen raadsconferentie is dit onvoldoende tot recht gekomen en hebben fracties door tijdsdruk niet meer de gelegenheid gekregen om op elkaars voorstellen te reageren. Collegereactie Zoals in de eerdere collegereactie en het advies van de Duisenbergrapporteurs op openstaande aanbevelingen vermeld staat stellen
8
Advies rapporteurs
2.3
zowel het college als het Duisenbergrapporteurs voor om bij de start van een nieuwe coalitieperiode een doelenbomenconferentie te organiseren. aarmee wordt deze aanbeveling in het najaar van 2026 afgedaan. Het advies van de rapporteurs aan de raad luidt deze aanbeveling als nog niet afgedaan te beschouwen en niet vooruit te lopen op afdoening in het najaar van 2026.
Aanbevelingen jaarstukken 2023 Meer inzicht in prestaties verbonden partijen (2024/1265219) Geef aan op welke manier verbonden partijen bijdragen aan de door de gemeente gestelde doelen en prestaties door aan te geven: a. Welke prestaties (geheel of gedeeltelijk) door verbonden partijen uitgevoerd worden b. Informatie op hooflijnen over of de door het college met de verbonden partijen afgesproken doelen en doelen en prestaties ook bereikt en geleverd worden c. Dit niet alleen inzichtelijk gemaakt wordt in de bijlage verbonden partijen maar ook in de programma verantwoording zelf, bijvoorbeeld via een actieve verwijzing naar de bijlage. 3 Collegereactie Dit is gedaan in het dummyprogramma door onderdeel 4.2 toe te voegen. Dit onderdeel is afkomstig uit deel 3 paragraaf 3.6 Verbonden partijen en subsidies van de jaarstukken. Op basis van het advies van de accountant is per verbonden partij enkel de informatie ‘bijdrage aan rogrammadoelstelling’ opgenomen, waar in versie één van het dummyprogramma de volledige informatie van de verbonden partijen was opgenomen. Tevens is de tekst ‘bijdrage aan programmadoelstelling’ ingekort naar één tot twee zinnen t.o.v. het dummyprogramma versie 1. Deze informatie is verplicht in deel 3 Paragrafen, dus dit leidt tot een dubbeling in de jaarstukken (van twee pagina’s).
Opgenomen in 1 tot en met 4 scenario’s Advies Per verbonden partij is kort en bondig aangegeven op welke wijze deze Auditcommissie bijdraagt aan de programmadoelstellingen. Dit is in lijn met het advies van de accountant. De informatie is bovendien nu onderdeel van het programmadeel zelf in plaats van alleen een aparte bijlage, waarmee ook aanbevelingsonderdeel c is opgevolgd. De Auditcommissie acht de gekozen invulling voldoende om de informatieve waarde te vergroten zonder de programmatekst onnodig te verzwaren. De Auditcommissie adviseert de raad in te stemmen met deze wijze van verwerking en de aanbeveling na verwerking als afgedaan te beschouwen. Presentatie en lay-out tabellen verbeteren ter ondersteuning van leesbaarheid en trend informatie (2024/1265145) Breid de presentatie en lay-out van zowel de indicatorenoverzichten als de informatie over de baten en de lasten uit met trendinformatie en onderzoek op welke manier visualisatie van deze informatie bijvoorbeeld door het gebruik van grafieken en diagrammen kan worden verbeterd, eventueel aangevuld met infographics.4 3
De accountant en Auditcommissie hebben geadviseerd dit te vervangen door per programma aan te geven met welke verbonden partijen de doelstellingen worden gerealiseerd. 4 Aanvullend op deze aanbeveling luidde het advies van de accountant en Auditcommissie: c. Een grafiek met het meerjarig verloop (afgelopen vier jaar) en de trend vanuit de begroting (komende vier jaar) van de baten en lasten van het betreffende beleidsveld.
9
Toelichting: De verschillende tabellen in begroting en jaarverslag zijn door de gekozen presentatievorm van de informatie en de lay-out niet erg goed leesbaar. Het is bijvoorbeeld lastig om in de indicatorenoverzichten een goed onderscheid te maken tussen de doelen met de effectindicatoren en de prestaties met de prestatie-indicatoren. Door de manier van presenteren is tevens niet goed te zien of realisatiewaardes in lijn zijn met streefwaardes. Ook andere trendinformatie voor bijvoorbeeld de baten en de lasten is zowel door de manier van presenteren als door de versnippering van de informatie binnen de documenten zelf, lastig te zien. Er zijn gemeenten, zoals die dit op een andere manier presenteren door bijvoorbeeld de lay-out van deze tabellen aan te passen of gebruik te maken van grafieken en diagrammen. De rapporteurs zijn zich ervan bewust dat de documenten hierdoor minder compact worden, maar hierdoor de leesbaarheid wel door wordt verbeterd. Collegereactie Het toevoegen van een grafiek met het meerjarig verloop van baten en lasten is opgenomen in het dummy programma door in paragraaf 4.3.1. een staafdiagram voor programma 4 toe te voegen. Indien dit voor alle beleidsvelden uit het programma gedaan wordt, komen er vijf van deze staafdiagrammen bij. Een andere visualisatie voor effect- en prestatie indicatoren is niet opgenomen in dit dummy programma.
Er is gekeken naar mogelijkheden om dit visueel weer te geven, in plaats van in tabel vorm. Echter, dit is niet wenselijk bevonden. Dit is erg tijdrovend en neemt veel pagina’s in beslag. De waarden van de indicatoren hebben ook verschillende eenheden. Hierom is het niet mogelijk indicatoren samen in één weergave te verwerken. Dit betekent dat voor elke indicator een ander figuur moet komen. De rapporteurs stellen voor om in geval van aanpassing van de streefwaarden ten opzichte van rapportage in vorige documenten (begroting en jaarverslag) de reden hiervoor te vermelden in de opvolgende documenten (jaarverslag en begroting) van die raadsperiode, bijvoorbeeld met een asterix. Zodat duidelijk is dat er binnen de raadsperiode een aanpassing is gedaan en waarom. Het is al staand beleid om wijzigingen in streefwaarden expliciet voor te leggen aan de raad als deze gedurende het jaar wijzigen. Ondersteund wordt om wijzigingen in ambitieniveau middels aanpassing van de streefwaarden ten opzichte van rapportages in vorige documenten ook zichtbaar te maken (bijvoorbeeld wanneer een streefwaarde voor 2025 in de Programmabegroting 2025-2029 naar boven wordt bijgesteld ten opzichte van de streefwaarde voor 2024 als opgenomen in de Programmabegroting 2024-2028). Dit kan opgevangen worden binnen de huidige capaciteit en in werking treden met ingang van de Programmabegroting 2026-2030.
Het college stelt voor op deze wijze de aanbeveling op te volgen. Opgenomen in Een staafdiagram waarin het meerjarig verloop van baten en lasten is scenario’s opgenomen is opgenomen in scenario’s 2, 3 en 4. Een andere visualisatie voor indicatoren is niet opgenomen in het dummy programma en maakt dus niet onderdeel uit van de scenario’s. Advies De Auditcommissie is positief over de toegevoegde trendgrafieken bij het Auditcommissie verloop van baten en lasten, die de informatie inzichtelijker maken en bijdragen aan de leesbaarheid van het programma. De commissie heeft begrip voor de overwegingen van het college om de indicatoren voorlopig in tabelvorm te blijven presenteren. Tegelijkertijd merkt de commissie op dat het verkennen van alternatieve visualisaties, bijvoorbeeld grafieken of infographics bij een selectie van indicatoren, de informatievoorziening aan de d. Een andere visualisatie voor effect- en prestatie-indicatoren.
10
raad kan versterken. De Auditcommissie adviseert de raad in te stemmen met de toepassing van trendgrafieken en het onderdeel over de visualisatie van indicatoren vooralsnog als niet-afgedaan te beschouwen. De commissie adviseert om dit aspect opnieuw te verkennen tijdens de eerstvolgende raadsconferentie. De aanbeveling van de raad beoogt tevens om aanpassingen in ambitieniveau – zichtbaar via gewijzigde streefwaarden in opeenvolgende begrotingen – expliciet herkenbaar te maken, zodat bijstellingen binnen een raadsperiode inzichtelijk blijven. Het college stelt voor deze aanbeveling op te volgen door wijzigingen in streefwaarden in toekomstige P&C-documenten zichtbaar te maken, te beginnen bij de Programmabegroting 2026–2030. De rapporteurs hebben voorgesteld dit bijvoorbeeld te doen via een asterisk met toelichting, maar het college geeft niet aan op welke wijze dit concreet wordt vormgegeven. De Auditcommissie adviseert de raad in te stemmen met het voorstel van het college, onder de voorwaarde dat bij toekomstige wijzigingen van streefwaarden wordt aangegeven wat is gewijzigd ten opzichte van eerdere documenten, en waarom. Na verwerking van deze werkwijze in de Programmabegroting 2026–2030 kan de aanbeveling als afgedaan worden beschouwd.
Bij de volgende raadsconferentie de wettelijke taak het verzorgen van tijdige, passende jeugdhulp’ opnemen als doel met bijbehorende prestaties en indicatoren (2024/1265233) Geef bij de eerstvolgende raadsconferentie over doelen, indicatoren en beleidsvelden aan een extra doel en prestatie toe te voegen die de wettelijke taak van de gemeente 'het verzorgen van tijdige, passende jeugdhulp' omvat en voeg daar indicatoren aan toe waarmee het behalen van dit doel kan worden gemonitord. Collegereactie Het college sluit zich aan bij het advies van de rapporteurs en stelt voor deze aanbeveling af te doen bij de eerstvolgende raadsconferentie bij de start van de volgende coalitieperiode. Advies De aanbeveling kan pas afgedaan worden beschouwd als de raad dit heeft rapporteurs betrokken bij de eerstvolgende raadsconferentie.
Product Dierenbescherming visueel ‘ontkoppelen’ (2024/1265275) Pas de opmaak van de doelenboom voor beleidsveld 4.3 aan, zodat visueel ondersteund wordt dat product Dierenbescherming (4340) niet gekoppeld is aan de prestatie-indicatoren 'aantal wilde bijensoorten' en 'oppervlakte ecologisch beheerd groen (in ha)', behorende bij product Groen (4311). Collegereactie Het college kan zich vinden in de mening van de rapporteurs dat de huidige weergave verwarrend kan zijn en stelt voor om deze aanbeveling af te doen d.m.v. een nieuwe opmaak voor beleidsveld 4.3, waarbij duidelijk wordt dat de prestatie indicatoren ‘aantal wilde bijensoorten’ en ‘oppervlakte ecologisch beheerd groen (ha)’ niet gerelateerd zijn aan het product ‘dierenbescherming’, met ingang van Programmabegroting 20262030. Het college stelt voor op deze wijze de aanbeveling op te volgen. Advies De rapporteurs vinden het voorstel om dit met ingang van de rapporteurs programmabegroting 2026–2030 op te lossen via een aangepaste opmaak van de doelenboom een werkbare en passende manier om de aanbeveling uit te voeren. Zij adviseren de raad in te stemmen met deze wijze van verwerking en de aanbeveling na verwerking als afgedaan te beschouwen. Smileys legenda objectiever maken (2024/1265176) Kies voor een wat meer objectieve legenda als uitleg voor de kleur van smiley's waarbij
11
aangegeven wordt of het behalen van het doel c.q. de uitvoering van de prestaties volgens plan verloopt/is verlopen (groen), aandacht verdient (oranje) of niet volgens plan (rood) verloopt/is verlopen. Collegereactie Door het vervangen van de stoplichten licht groen en geel voor oranje verdwijnt de nuance (het onderscheid) of de doelen grotendeels wel of niet zijn gehaald. Ook is de lichtgroene smiley eerder op verzoek van de raad toegevoegd aan de smileylegenda. Het college ontraadt de aanbeveling. Advies De rapporteurs begrijpen het argument van het college dat het schrappen van rapporteurs de lichtgroene en gele smiley ten koste kan gaan van nuance. Tegelijkertijd constateren zij dat het huidige onderscheid tussen lichtgroen en geel in de praktijk niet altijd helder is en kan leiden tot verwarring in de interpretatie. Om de beoordeling van prestaties objectiever en eenduidiger te maken, stellen de rapporteurs voor om smileys te vervangen door een neutrale kleurcodering met bolletjes in stoplichtkleuren (groen, oranje en rood), waarbij de betekenis wordt aangepast naar: groen: uitvoering verloopt volgens plan; oranje: uitvoering verdient aandacht; rood: uitvoering verloopt niet volgens plan. Dit voorstel is in april 2025 toegelicht tijdens het overleg met de wethouder en de concerncontroller.
In dat gesprek is aangegeven dat deze aanpassing vanaf de Bestuursrapportage 2025 wordt ingevoerd, en daarmee gaat gelden voor alle P&C-documenten waarin beleidsrealisatie wordt weergegeven, zoals ook de jaarstukken. Indicatoren opnemen in nieuwe format raadsnota’s (2024/1265185) Neem in de nieuwe formats voor raadsvoorstellen op dat bij kaderstellende nota's op beleidsniveau indicatoren worden opgenomen op basis waarvan de prestaties en effecten van het beleid door de raad kunnen worden gemonitord, in bijvoorbeeld voortgangsrapportages. Collegereactie De noodzakelijkheid om in (vakinhoudelijke) beleidsnota’s doelen op te nemen en deze smart te maken middels indicatoren wordt ondersteund door het college. Evenals het in de nota’s aangeven aan welke begrotingsdoelen (en daarbij horende indicatoren) de nota bijdraagt. De uitvoering daarvan is gekoppeld aan het traject nieuwe formats raadsnota’s. De afdeling DIA onderzoekt momenteel welke indicatoren en informatie er allemaal al zijn binnen de organisatie. Dit zijn er al meer dan 500. Vervolgstap is dat gekeken wordt welke indicatoren en informatie waar kan bijdragen aan het duiden/verhelderen van informatie. Dit traject zal langer lopen dan het traject nieuwe formats raadsnota’s.
Het college zegt toe om in de volgende collegereactie openstaande Duisenberginformatie meer informatie te geven over in hoeverre het haalbaar wordt geacht om en de meerwaarde van (vakinhoudelijke) (kaderstellende) beleidsnota’s aan te vullen met een uitgebreidere set aan indicatoren, inclusief volgmonitor. Het college is voornemens de aanbeveling op te volgen, maar heeft hier langer de tijd voor nodig. Advies Zie ook aanbeveling (2023/1384442) rapporteurs De rapporteurs stellen vast dat het college aangeeft deze aanbeveling te ondersteunen en in uitvoering te hebben genomen bij het vaststellen van de nieuwe formats voor beleidsnota’s. Het is positief dat deze nieuwe formats inmiddels zijn vastgesteld en met de raad zijn gedeeld. In het vastgestelde format is onder meer opgenomen: het formuleren van het beoogde doel (inclusief subdoelen); het benoemen van effect- en/of prestatie-indicatoren; en het aansluiten bij doelen en indicatoren uit de programmabegroting.
12
Uit de toelichting van het college blijkt echter dat het onderdeel over indicatorontwikkeling en monitoring nog langer gaat duren. De rapporteurs adviseren deze aanbeveling vooralsnog niet als afgedaan te beschouwen, en eerst duidelijkheid van het college te vragen over de feitelijke stand van zaken rond het opnemen van indicatoren in nieuwe beleidsnota’s. Maak de verklaring voor verschillen tussen primaire begroting en begroting na wijziging inzichtelijker in het programmaverslag (2024/1265208) Vul in het jaarverslag bij de programma's de beknopte toelichting aan met een nadere verduidelijking van de verschillen tussen de primaire begroting en de begroting na wijziging. Collegereactie In hoofdstuk 1.2 wordt op hoofdlijnen (programmaniveau) inzicht gegeven in de wijzigingen tussen primaire begroting en de begroting na wijziging (als gevolg van voortgangs-, bestuurs-, en decemberrapportage). In deze rapportages zelf wordt gedetailleerder ingegaan op de reden van deze wijzigingen. Het opnemen van deze toelichtingen, ook op hoofdlijnen, in de programmabladen leidt tot dubbelingen/komt de leesbaarheid (rode draad) van de programmaverantwoording die zowel inhoudelijk als financieel zich concentreert op verschillen tussen de laatst vastgestelde begroting niet ten goede.
Het college beseft echter dat deze informatie voor de raad essentiële context informatie bevat en zal met ingang van de jaarrekening 2024 links opnemen naar relevante documenten waar de verschillen in toegelicht zijn alsook verwijzingen opnemen naar amendementen die gedurende het jaar hebben geleid tot aanpassing van de begroting. Opgenomen in n.v.t. scenario’s Advies Het college erkent het belang van transparantie over de verschillen tussen de rapporteurs primaire begroting en de begroting na wijziging en zet een stap in de goede richting door aan te bieden vanaf de jaarrekening 2024 links op te nemen naar relevante documenten en amendementen. Dit draagt bij aan de toegankelijkheid van contextinformatie. Echter, deze aanpak vraagt nog steeds extra inspanning van raadsleden om de impact van wijzigingen snel en effectief te doorgronden. Het ontbreken van beknopte toelichtingen op programmabladen beperkt het directe inzicht in begrotingsmutaties. De reactie van het college richt zich voornamelijk op het voorkomen van dubbelingen en het behoud van de leesbaarheid van de programmaverantwoording. Hoewel dit een begrijpelijke afweging is, blijft het voor de raad een uitdaging om zonder overzichtelijke toelichtingen de verbanden snel te zien.
Tegelijkertijd erkennen de rapporteurs dat de voorgestelde werkwijze, met verwijzingen naar onderliggende documenten, een werkbare invulling biedt, mits deze zorgvuldig wordt doorgevoerd en in de praktijk goed vindbaar is en blijft voor raadsleden. Daarom kunnen de rapporteurs zich verenigen met het voorstel van het college en adviseren de raad de aanbeveling als afgedaan te beschouwen. Maak overlap tussen programma’s en beleidsvelden beter inzichtelijk (2024/1265255) Geef bij doelen en prestaties waaraan binnen verschillende beleidsvelden gewerkt wordt - zoals extra inzet op preventie maatregelen in het domein Jeugd of de werkzaamheden uitgevoerd door het CJG - aan onder welke beleidsvelden deze komen te vallen en uit welke financiële posten ze gefinancierd worden. Collegereactie Het is ondoenbaar om de samenhang tussen programma’s en beleidsvelden inzichtelijk te maken door systematisch en volledig aan te geven of (en in welke mate) de inzet binnen een beleidsveld bijdraagt aan andere doelen en prestaties anders dan geformuleerd in het beleidsveld waaraan de middelen
13
Advies rapporteurs
zijn gekoppeld. De activiteiten en doelstellingen van Haarlem, of van welke willekeurige gemeente dan ook, zijn lastig te vereenvoudigen tot een overzichtelijk schema, al komen de huidige doelenbomen daarbij in de buurt. Echter, hier zit ook een grens aan. Veel beleid heeft een relatie met elkaar en het is niet haalbaar om al die relaties (oorzaak/gevolg/samengaan/etc) die er zijn binnen activiteiten en doelstellingen weer te geven of te beschrijven. De huidige clusterteksten beogen de samenhang tussen de verschillende programma’s binnen de domeinen inzichtelijk te maken. Het college ontraadt de aanbeveling. De rapporteurs constateren dat het college geen uitvoering geeft aan deze aanbeveling. Daarom stellen zij de raad voor deze aanbeveling vooralsnog niet als afgedaan te beschouwen en het onderwerp voor te leggen aan de nieuwe Auditcommissie. Die kan beoordelen of er aanleiding is om deze aanbeveling alsnog op te pakken, en of zij het wenselijk en haalbaar acht om deze aanbeveling uit te werken.
Informatie begroting en jaarverslag beter op elkaar aansluiten (2024/1265128) Voeg bij ieder programma in de begroting de koppen 'wat willen we bereiken' en 'wat gaan we doen' toe vergelijkbaar zoals dat in het jaarverslag gedaan wordt bij 'wat hebben we bereikt' en 'wat hebben we gedaan'. Collegereactie De koppen ‘wat willen we bereiken’ en ‘wat gaan we doen’ worden al in de begroting gehanteerd, alleen wordt daar invulling aan gegeven middels doelen en indicatoren. De tekstuele toelichtingen daarop per beleidsveld zijn op aangeven van de raad (raadsconferentie ‘De begroting ont(k)leed’ in 2019) eerder komen te vervallen omdat de begroting hiermee te lang zou worden. Vanuit het perspectief dat de raad middels de begroting stuurt op de hoofdlijnen (beleidsveldniveau) is het niet wenselijk deze informatie weer terug te laten keren in de begroting. Het college neemt zich voor om de teksten in de jaarstukken onder de koppen ‘wat hebben we gedaan’ en ‘wat hebben we bereikt’ te beperken tot toelichting op het niet behalen van streefwaarden bij indicatoren waar dit het geval is. En de teksten daar waar streefwaarden van indicatoren behaald worden in de realisatie niet verder toe te lichten, zoals ooit bedoeld was. De jaarstukken zijn geen beleidsevaluatie of uiteenzetting van activiteiten, maar een verantwoording op geplande doelen en prestaties in de begroting.
Advies De rapporteurs constateren dat de huidige indeling van de programmabladen rapporteurs in begroting en jaarverslag het voor raadsleden lastig maakt om de relatie tussen planning en realisatie goed te volgen. De koppen in beide documenten sluiten inhoudelijk niet goed op elkaar aan, waardoor het lastig is om terug te herleiden in hoeverre de in de begroting opgenomen doelen en activiteiten zijn gerealiseerd. Hoewel het begrijpelijk is dat het college wil voorkomen dat de begroting en het jaarverslag te uitvoerig worden, is het voor de raad van belang dat beide documenten in opbouw en structuur goed op elkaar aansluiten. Een herkenbare en consistente indeling maakt het voor de raad eenvoudiger om de informatie met elkaar te vergelijken. De rapporteurs wijzen er bovendien op dat het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) voorschrijft dat doelen, prestaties en middelen in samenhang gepresenteerd moeten worden. Artikel 8, derde lid, onder b, BBV bepaalt dat in de begroting per programma inzicht wordt gegeven in het beoogde maatschappelijk effect, de te leveren prestaties en de daaraan verbonden baten en lasten. Artikel 25 BBV verlangt dat de programmaverantwoording in het jaarverslag aansluit op de programmabegroting. De rapporteurs constateren dat het college geen uitvoering geeft aan de aanbeveling om de koppen ‘wat willen we bereiken’
14
en ‘wat gaan we doen’ herkenbaar op te nemen bij ieder programma in de begroting, als tegenhanger van ‘wat hebben we gedaan’ en ‘wat hebben we bereikt’ in het jaarverslag. Tegelijk constateren zij dat een groot deel van de aanbevelingen uit de afgelopen jaren wel is opgevolgd en zichtbaar bijdraagt aan een sterkere informatiepositie van de raad. Omdat het college deze aanbeveling niet uitvoert, stellen de rapporteurs voor deze vooralsnog niet als afgedaan te beschouwen en het onderwerp voor te leggen aan de nieuwe Auditcommissie. Die kan, op basis van de gerealiseerde verbeteringen en de wettelijke kaders, beoordelen of het alsnog wenselijk is te zorgen voor een opbouw waarin begroting en jaarverslag beter op elkaar aansluiten.
2.4
Adviezen Auditcommissie en accountant Naast de Duisenberg-aanbevelingen zijn in 2024 is ook een aantal aanvullende adviezen van de Auditcommissie en de accountant (2024/978939) geformuleerd gericht op het verbeteren van de opzet, informatiewaarde en leesbaarheid van de jaarstukken. Deze adviezen zijn door de raad overgenomen. Deze adviezen zijn ook meegenomen bij het opstellen van het dummyprogramma en het bijbehorende raadsvoorstel Afweging scenario’s en voorstel opvolging Duisenberg aanbevelingen en adviezen accountant en Auditcommissie (2025/392984). In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van deze adviezen, op welke wijze het college hieraan opvolging heeft gegeven, en worden zij – tenzij het betreffende punt al volledig is geadresseerd in de voorgaande paragrafen (paragrafen 2.1 tot en met 2.3) – alsnog van een apart advies voorzien aan de raad. Op deze manier wordt geborgd dat ook de door de raad overgenomen adviezen van de accountant en Auditcommissie herkenbaar zijn verwerkt, met daarbij het advies van de Auditcommissie over de opvolging door het college en het bijbehorende handelingsperspectief voor de raad. a.
Per beleidsveld een analyse van de werkelijke lasten en baten ten opzichte van de gewijzigde begroting (in plaats van in een aparte bijlage). Collegereactie Deze informatie is reeds beschikbaar als bijlage 6.5 in de jaarstukken. Het schrappen van de aparte bijlage waarin de complete analyse per beleidsveld is opgenomen en deze opnemen in het programmadeel leidt tot een verlies van overzicht op de hoofdlijnen. Het argument van integraler en dichter bij elkaar deze analyse presenteren weegt niet op tegen het verlies van overzicht op de hoofdlijnen. Het zowel in de programmabladen als in een aparte bijlage opnemen (om integraliteit te versterken zonder verlies van overzicht op de hoofdlijnen) leidt tot langere jaarstukken van circa 15 pagina’s. Het college ontraadt het advies.
Advies Auditcommissie De Auditcommissie onderkent dat het opnemen van bijlage 6.5 in het programmadeel bijdraagt aan de integraliteit van de informatievoorziening. Tegelijkertijd kiest zij er, mede gezien de negatieve impact op de overzichtelijkheid en omvang van het boekwerk, voor dit in de huidige situatie niet over te nemen. Deze afweging sluit aan bij het advies van de accountant en het college, zoals verwoord in het raadsvoorstel Afweging scenario’s (2025/392984). b. De analyse van de werkelijke onttrekkingen en stortingen in reserves ten opzichte van de gewijzigde begroting met het saldo van de reserve per 31 december (in plaats van een aparte bijlage). Advies Auditcommissie In het dummyprogramma is onder paragraaf 4.3.3 Reserves en voorzieningen een uitgebreide
15
tabel opgenomen waarin per programma de stand per 31-12-2022, de toevoegingen en onttrekkingen in 2023 en de stand per 31-12-2023 wordt weergegeven Inclusief toelichting op aard en doel van de betreffende reserve. Daarnaast is er een visuele weergaven toegevoegd, namelijk een staafdiagram met de mutaties van reserves over 2022 en 2023 (toevoegingen en onttrekkingen). Deze uitwerking voldoet inhoudelijk aan het advies van de accountant: er is inzicht in het verloop van reserves, inclusief de saldi en mutaties, gekoppeld aan het betreffende programma. De Auditcommissie adviseert de raad hiermee in te stemmen en dit advies na verwerking als afgedaan te beschouwen. c. Een grafiek met het meerjarig verloop (afgelopen vier jaar) en de trend vanuit de begroting (komende vier jaar) van de baten en lasten van het betreffende beleidsveld. Zie paragraaf 2.3, aanbeveling "Presentatie en lay-out tabellen verbeteren ter ondersteuning van leesbaarheid en trendinformatie" (2024/1265145). d. Een andere visualisatie voor effect- en prestatie indicatoren toe te voegen Zie paragraaf 2.3, aanbeveling "Presentatie en lay-out tabellen verbeteren ter ondersteuning van leesbaarheid en trendinformatie" (2024/1265145). e.
Doeluitkeringen: indien van toepassing de inzet van specifieke uitkeringen bij het betreffende taakveld, met ook een vermelding van het vooruitontvangen bedrag (dat ‘geparkeerd’ staat onder de vooruitontvangen middelen) in het onderdeel ‘Wat heeft het gekost?’ Collegereactie Dit besluitpunt is opgenomen in dit dummyprogramma door in onderdeel 4.3.7 een tabel met de doeluitkeringen toe te voegen. Deze informatie is reeds opgenomen in de verplichte SiSabijlage. Echter, de specifieke uitkeringen in de SiSa-bijlage zijn niet gecategoriseerd per programma. Dit overzicht bestaat dus nog niet in de jaarstukken, maar is gegenereerd uit het financiële systeem. Deze toevoeging leidt tot één extra pagina. Advies Auditcommissie De Auditcommissie vindt het positief dat dit overzicht nu expliciet wordt toegevoegd, en adviseert de raad hiermee in te stemmen en dit advies na verwerking als afgedaan te beschouwen. f. Het vermelden van de meest relevante gedane investeringen (met restantbudgetten) bij het betreffende beleidsveld. Collegereactie Dit is opgenomen in het dummyprogramma door de onderdelen 4.3.4 en 4.3.5. toe te voegen. Onderdeel 4.3.4. uit het dummy programma is afkomstig uit deel 1 Algemeen paragraaf 1.7 Investeringen van de jaarstukken.
Deze informatie is ook nodig in deel 1 om de totale financiële resultaten op hoofdlijnen te beschrijven/verklaren, dus dit leidt tot een dubbeling in de jaarstukken (van één pagina). Onderdeel 4.3.5. uit het dummy programma is afkomstig uit bijlage 6.6 Investeringskredieten van de jaarstukken. In dit onderdeel is een visuele weergave van de top 10 investeringen uit programma 4 toegevoegd. De tekstuele toelichting in 4.3.5. Investeringskredieten zijn geschrapt t.o.v. het dummy programma versie 1. Deze toevoeging leidt tot één extra pagina. Advies Auditcommissie De Auditcommissie acht deze toevoegingen voldoende om invulling te geven aan haar advies en dat van de accountant en adviseert de raad om dit advies na verwerking als afgedaan te beschouwen. g. In de doelenboom de lasten en baten afzonderlijk vermelden in plaats van gesaldeerd (in plaats van een aparte bijlage). Zie paragraaf 2.2, aanbeveling “Aansluiting financiën doelenboom”, onderdeel a (2023/1384482). h. Per programma aangeven met welke verbonden partijen de doelstellingen worden gerealiseerd. Zie paragraaf 2.3, aanbeveling "Meer inzicht in prestaties verbonden partijen" (2024/1265219). i. Uitbreiding W-vragen
16
j.
Collegereactie Naar aanleiding van de aankondiging van de uitbreiding van de W-vragen vanuit de BBV, zijn de onderdelen 4.3.4. Investeringen en 4.3.5. Investeringskredieten, 4.2. Verbonden partijen en 4.4 Risico’s toegevoegd. Deze onderdelen zijn respectievelijk afkomstig uit deel 1 Algemeen en deel 3 paragraaf 3.6 Verbonden partijen en subsidies en uit bijlage 6.10 Financiële risico’s van de jaarstukken. Onderdeel 4.4 Risico’s is t.o.v. van de vorige programma dummy gereduceerd tot de top tien risico’s, gebaseerd op het maximale financiële gevolg. Het opnemen van deze onderdelen 4.3.4., 4.3.5, 4.2 en 4.4 leidt tot een dubbeling in de jaarstukken (van samen vijf pagina’s). Advies Auditcommissie De commissie ziet in deze toevoegingen een goed voorschot op de voorgenomen uitbreiding van de W-vragen in de BBV. Door deze onderdelen thematisch per programma te ontsluiten, ontstaat een toegankelijker en vollediger beeld van beleidsmatige, financiële en risicoinformatie. De Auditcommissie constateert bovendien dat deze werkwijze goed aansluit bij de strekking van verschillende Duisenberg aanbevelingen en bijdragen aan een meer geïntegreerde presentatie van eerder versnipperde informatie. Dit versterkt de samenhang tussen doelen, prestaties, middelen, investeringen en risico’s.
De Auditcommissie adviseert de raad hiermee in te stemmen en de aanbeveling na verwerking als afgedaan te beschouwen. Per programma in een overzicht opnemen uit welke kostenopbrengstencategorieën het betreffende beleidsveld bestaat. Advies Auditcommissie In het advies van Deloitte werd voorgesteld om deze informatie per beleidsveld op te nemen in een overzichtelijke tabel, om zo de leesbaarheid en het inzicht te vergroten. Deze suggestie is in het vervolgtraject niet opnieuw besproken, omdat deze niet is overgenomen in het dummyprogramma. Om die reden adviseert de Auditcommissie deze aanbeveling over te hevelen naar de nieuwe Auditcommissie. Die kan straks, vanuit haar rol in de beoordeling van de inrichting en kwaliteit van de P&C-producten, het gesprek met elkaar voeren over de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van deze aanbeveling.
17
Dit is een uitgave van gemeente Haarlem, 12 mei 2025
________________________________ Postbus 511 2003 PB Haarlem Tel. 14 023 haarlem.nl 18