CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische raadsvragen PB 23-27 (1)

gemeenteraad 7 november 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Beantwoording technische vragen Programmabegroting 2023-2027 en erratum Begroting18.363 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Vragenronde: Begroting 2023-2027 Aangemaakt op: 27-10-2022 04:27 Totaal: 62 pagina's Gesorteerd op fractie (oplopend gesorteerd) Geselecteerd op status Goedgekeurd door coördinator

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

14 1 Algemeen Actiepartij R.H. (Robbert) Berkhout

1

In het coalitie akkoord is een waarborgfonds voor zonnecoöperaties opgenomen. Deze vinden wij niet terug in de begroting. Waar(in) is dit fonds opgenomen?

14

Gezien de enorme stijging van de energieprijzen wordt gestart met een verkenning van de invulling van een waarborgfonds voor zonnecoöperaties en maakt het nog geen deel uit van de huidige begroting.

15 1 Algemeen Actiepartij F. (Floor) Roduner 15

15

Is er een prioritering voorzien in de stelpost inflatie van 5,5 mio? Zie ook pagina 26 2c.

Door het onzekere karakter van de inflatie en de onvoorspelbaarheid van het opdoen van prijsstijgingen is er aan de voorkant geen prioritering meegegeven.

16 1 Algemeen Actiepartij F. (Floor) Roduner 16

Pag. 2

24

Is er al zicht op aan welk alternatief wordt gedacht dat in plaats van de reserve groei komt?

Het alternatief is dat er niet meer gewerkt wordt met een reserve Groei waarin onderbesteding wordt gereserveerd. De gevolgen van de groei van de stad op het voorzieningen niveau worden direct verwerkt in het meerjarig investeringsplan en de meerjarenbegroting. Dat gaat dan concreet om investeringslasten in het Investeringsprogramma en in de meerjarenbegroting de kapitaallasten (rente, afschrijving) van deze investeringen in nieuwe voorzieningen/areaal uitbreiding en de daarbij behorende exploitatielasten (onderhoudsbudget). Als de algemene uitkering gemeentefonds mede als gevolg van de groei van de stad voldoende toeneemt, dan zijn de kosten van het toenemende voorzieningen gedekt in de begroting. Loopt de groei van de algemene uitkering achter, dan kan de raad aanpassingen doen in het voorzieningenniveau (minder, lagere onderhoudsniveau) of bezuinigen op andere beleidsterreinen. Loopt de groei van de stad achter dan worden de investeringen in het voorzieningenniveau verder in de tijd geplaatst plus de bijbehorende exploitatiebedragen.

Nr

Onderdeel

17 1 Algemeen Actiepartij D. (Diana) van Loenen 17

Vraag

Pag. 3

35

Bij Algemeen pagina 35 (en bij besluitpunt op pagina 36): Er staat dat de definitieve huur voor het Popcentrum Slachthuis is vastgesteld en dat daarmee de de begrote huursubsidie met 60k verlaagd kan worden en kunnen worden ingezet t.b.v het onderwerp. Is bij deze stelling rekening gehouden met de beperktere mogelijkheden van exploitatie, die onlangs aan het licht zijn gekomen?

In lijn met het oorspronkelijke bedrijfsplan zijn in de omgevingsvergunning o.a. de openingstijden voor het popcentrum vastgelegd. De mogelijkheden voor exploitatie zijn niet beperkter geworden. In lijn met het oorspronkelijke bedrijfsplan In het bedrijfsplan werd een sluitende exploitatie gepresenteerd, inclusief een eigen huurbijdrage. Na vaststelling van de huurovereenkomst is dit bedrag van 60K in mindering gebracht op de huursubsidie.

18 1 Algemeen Actiepartij D. (Diana) van Loenen 18

Blz

35

Wat betekent de taakstelling WSW voor de mensen die onder deze regeling in dienst zijn?

De taakstelling voor de WSW heeft geen invloed op de mensen die een indicatie sociale werkvoorziening hebben en in dienst zijn van het bedrijf Spaarne Werkt. De continuïteit van werk voor de huidige groep mensen die in het bedrijf werkzaam is, is gewaarborgd.

19 1 Algemeen Actiepartij F. (Floor) Roduner

39

Wat maakt dat er geen bedrag opgenomen is bij aanpassingen veilig naar school?

Nr

Onderdeel

19

Eind mei van dit jaar heeft het college de uitvoeringsagenda voor het verkeersveiligheidsbeleid vastgesteld die wordt uitgevoerd binnen de bestaande middelen vanuit bijvoorbeeld de SOR voor het project veilige school-thuisroutes en de Versterkers Duurzaam Doen. In het eerste kwartaal 2023 wordt de raad via een informatienota geïnformeerd over de resultaten van de acties die zijn opgepakt. Dan is ook zicht op de financiële middelen die verder nodig zijn (die dan worden voorgelegd in de reguliere planning & control cyclus).

20 1 Algemeen Actiepartij R.H. (Robbert) Berkhout 20

39

Vraag

Pag. 4

Is er zicht op wanneer de PM post 'Herstellen watergangen' concreter wordt ingevuld.

Herstel watergangen zit in het uitvoeringsprogramma van klimaatadaptatie en dat wordt bij het nieuwe vGRP wat integraal waterplan gaat heten) meegenomen.

21 1 Algemeen Actiepartij R.H. (Robbert) Berkhout 21

Blz

47

CO2 uitstoot verkeer is in 2020 flink gedaald. In hoeverre is dat toe te schrijven aan de Lock Downs ivm COVID 2019? Wat zijn de prognoses voor 2022?

De CO2 reductie in 2020 t.o.v. 2017 in het transitiepad 'Mobiliteit' is voornamelijk zichtbaar bij de personenauto's binnen de bebouwde kom. Er is geen inzicht in hoeverre de daling binnen Mobiliteit is toe te schrijven aan lock-downmaatregelen in 2020. Echter is er wel landelijk inzicht vanuit het RIVM en het CBS. Begin 2021 is door het CBS inzichtelijk gemaakt dat de emissies in 2020 versneld zijn afgenomen. Aangegeven wordt dat de belangrijkste reden hiervoor minder personenvervoer over de weg vanwege de lockdownmaatregelen is (Bron: 'CBS Uitstoot broeikasgassen 8 procent lager in 2020'). Volgens de landelijke prognose van CE Delft is de daling van de CO2-emissie door personenauto’s die optrad in 2020 (ten opzichte van 2019) in 2022 weer ongeveer voor de helft tenietgedaan. De verwachting is dat de uitstoot rond dat niveau ongeveer stabiliseert en vanaf 2024 duidelijk begint te dalen (CE Delft 'Referentieprognose CO2-uitstoot van verkeer tot 2030 in RMP-regio’s').

22 1 Algemeen Actiepartij R.H. (Robbert) Berkhout

58

'Duurzaamheid dient verweven te zijn in o.a. (nieuwe) investeringsvoorstellen middels inzicht in CO2-reductie.' Voor gemeentelijk vastgoed wordt daarin voorzien. Wanneer kunnen we dat verwachten voor de overige investeringen, zoals de zin doet vermoeden?

Nr

Onderdeel

22

Een eerste uitwerking van deze vraag zal gepresenteerd worden in de Kadernota 2024.

23

2 Programma 2 Ondersteuning en zorg Actiepartij D. (Diana) van Loenen 23

2 Programma 2 Ondersteuning en zorg Actiepartij F. (Floor) Roduner

25

91

Vraag

Pag. 5

Wat maakt dat in Haarlem de streefwaarde voor ontruiming vanwege huurschuld 15 is en niet lager, terwijl het in 2021 om 4 gevallen ging en wat is de relatie met preventie huisuitzettingen?

De streefwaarde komt voort uit de enkele jaren geleden vastgestelde ambities met betrekking tot de doelstellingen van Preventie Huis Uitzettingen (PHU) , namelijk: <15. Dit normenkader is onder PHU niet bijgesteld. Hoewel het aantal huisuitzettingen als gevolg van huurschulden de afgelopen jaren gelukkig ver onder de streefwaarde lag, vinden wij dit wel een realistische streefwaarde omdat omgevingsfactoren een belangrijke rol spelen. Bijvoorbeeld de onvoorspelbare financiële situatie van inwoners als gevolg van de oplopende inflatie.

24

24

Blz

94

In het staatje Opvang, wonen en herstel ’baten’ staat de optelling van -3.360 en -1.097 telt op tot -2.263. Klopt deze telling?

De telling klopt en laat het verschil zien tussen de baten van de bijgestelde begroting 2022 en de begroting 2023 voor het beleidsveld opvang, wonen en herstel. 2.263 is het verschil tussen de baten van de bijgestelde begroting 2022 (-3.360) en de begroting 2023 (-1.097). In de toelichting van de baten op blz. 94 wordt het verschil van 2.263 gespecifieerd.

2 Programma 3 Werk, inkomen en schulden Actiepartij D. (Diana) van Loenen

101

Wat maakt dat het aantal klanten dat succesvol uitstroomt na drie jaar schuldbemiddeling volgens de effectindicator in 2027 op 100 staat terwijl deze in 2021 op 115 en in 2022 op 155 staan?

Nr

Onderdeel

25

Op basis van de instroom in 2018-2019 zijn er 115 klanten in 2021 succesvol uitgestroomd. Het aantal klanten dat uitstroomt is altijd gebaseerd op de instroom in schuldbemiddeling ongeveer drie jaar ervoor. De lagere instroom deze jaren resulteert in lagere streefwaardes voor de komende jaren.

26

3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Actiepartij R.H. (Robbert) Berkhout 26

165

Vraag

Pag. 6

Tot onze blijdschap lezen wij dat er geen sprake van achterstallig onderhoud is. Is deze stelling correct? In ons beeld zijn er de nodige onderhoudsvragen. Graag een toelichting.

De passage op blz. 165 gaat over een beoordeling van het onderhoud vanuit een financieel perspectief (de passage staat in de paragraaf over het weerstandsvermogen en de risicobeheersing). Het is gebruikelijk dat een deel van het areaal niet voldoet aan het gewenste onderhoudsniveau. Zolang binnen de meerjarenbegroting voldoende budget is om dit onderhoud uit te voeren is (vanuit louter een financieel perspectief) geen sprake van achterstallig onderhoud. Zoals in de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen wordt gemeld (blz. 185) is de onderhoudsvoorraad sterk gegroeid, waardoor het niet lukt om de beeldkwaliteitseisen van wegen, oevers en groen op het gewenste niveau te houden. Daarmee is er sprake van achterstallig onderhoud in kwalitatieve zin. De kwaliteitsverlaging leidt nog niet tot onveilige situaties of kapitaalvernietiging en om die reden hoeft er conform de BBV regels geen voorziening voor achterstallig onderhoud getroffen te worden. Dat er sprake is van achterstallig onderhoud in kwalitatieve zin is ook gemeld in het jaarverslag over het jaar 2021 (blz. 189).

27 3.2 Paragraaf Lokale heffingen Actiepartij F. (Floor) Roduner 27

Blz

178

Wat maakt dat de hostendekkendheid van de havengelden en evenementen en markten zo laag zijn?

Voor deze producten geldt dat slechts een deel van de kosten in rekening wordt gebracht bij de gebruiker. De mate van kostendekkendheid is een politieke keuze, waarbij deze niet meer dan kostendekkend mag zijn. Afwegingen m.b.t. een redelijk tarief in vergelijking met andere gemeenten spelen hierbij ook een rol.

Nr

Onderdeel

28 1 Algemeen Actiepartij D. (Diana) van Loenen

Blz

Vraag

39

Op grond van het coalitieakkoord wordt 5 miljoen opgenomen tbv investeringen in (kleine) cultuurlocaties. Inhoudelijk moeten daar afwegingen en keuzes worden gemaakt.

Pag. 7

Op grond van welke keuzes/afwegingen is in de begroting nu een verdeling van het bedrag over de jaren 2023-2026 gemaakt, resp. 200k, 300k, 1,5mio, 1,5mio, 1,5mio? 28

De eerste jaren zijn gericht op planvorming, onderzoek en businesscases opstellen. Naar verwachting zijn daadwerkelijke investeringen in (her)huisvesting van culturele organisaties pas in 2025 e.v. aan de orde. Een voorstel mbt de investeringen volgt eind 2023. Daar waar nodig kunnen dan de bedragen in het IP en de verdeling per jaar worden aangepast.

Nr 29

Onderdeel

Blz

2 Programma 6 Burger, bestuur 139 en veiligheid Actiepartij B. (Bas) van Leeuwen

Vraag

Pag. 8

Op pagina 139 en in de KPI o pagina 143 staat de tekst over versterking van de lokale democratie. In het coalitieakkoord is vanaf 2023 vier jaar lang 750k uitgetrokken voor vernieuwing/versterking democratie. Daarnaast is in 2023 en 2024 resp 145k en 95k gereserveerd voor digitale inspraak en participatie. Deze bedragen, noch de inhoudelijke overwegingen zijn in het coalitieakkoord uitgewerkt.

1. Hoe zijn de bedragen in de begroting 2023-2026 verwerkt (waar terug te vinden?) en wat is de stand van zaken mbt de voorbereiding van dit traject voor volgend jaar?

2. Is er al een bestuursopdracht naar de organisatie verstuurd e/o een raadsinformatiebrief/bespreeknota voor de raadscommissie(s)? 3. Is in dit stadium van de voorbereidingen duidelijk of en op welke wijze de wijkraden worden betrokken bij de plannen? 4. Kunnen in 2023 reeds toekomstscenario's voor de wijkraden worden verwacht en met de gemeenteraad en wijkraden worden gedeeld? 5. Is het College met ons van mening dat de relatie van de wijkraden met de projecten Nieuwe Democratie - in welk scenario dan ook- verhelderd dient te worden?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

29

1. De bedragen versterking lokale democratie zijn in de begroting verwerkt op pagina 309. Voor de stand van zaken zie hieronder.

Pag. 9

2. De volgende bestuurlijke nota’s die inhoudelijk met elkaar samenhangen worden op dit moment voorbereid: Startnotitie actualisatie Participatie beleid Startnotitie van wijkraden naar wijkplatforms Informatienota Afronding programma Nieuwe Democratie en doorstart naar Versterken Lokale Democratie (incl. Leerpunten en aanbevelingen voor het vervolg) Deze nota’s worden geagendeerd voor de commissie Bestuur van 1 december as. 3. In de startnotitie over de wijkplatforms wordt de visie op de wijkplatforms geschetst en het proces om daar te komen. Daarin wordt ook aangegeven hoe de wijkraden en andere partners in de wijken worden betrokken bij de uitwerking hiervan. 4. In de startnotitie van wijkraden naar wijkplatforms wordt een proces beschreven hoe tot de verandering tot wijkplatforms te komen. De planning is om in de eerste helft van 2023 samen met actieve bewoners een uitwerking daarvan te maken. 5. Zowel in de startnotitie van het te actualiseren participatiebeleid als in de startnotitie van wijkraden naar wijkplatforms wordt op de relatie van de wijkraden met de projecten Nieuwe Democratie ingegaan. Uitgangspunt bij de verschillende notities is: versterken van de wijkdemocratie door meer in te spelen op de energie die er is in de wijk om de wijk leefbaarder, duurzamer, sterker te maken.

Daarvoor wordt extra geld uitgetrokken de komende jaren en wordt gewerkt aan een meer diverse mogelijkheid voor bewoners betrokkenheid in de wijk.

1 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner

15

Graag een toelichting/onderbouwing bij de stelpost investeringen in de tabel “ totaal nadelig effect indexatie”. Wat zijn hier de aannames om tot genoemde bedragen te komen? Zijn deze bedragen gebaseerd op het voorgestelde investeringsplan in deze begroting zoals vermeld op blz 37?

Nr

Onderdeel

1

De bedragen voor de stelpost zijn op basis van een model geraamd. Deze bedragen zijn een berekening van de verwachte extra kapitaallasten op basis van de invetseringsbedragen zoals vermeld op pagina 37 én de aanvullingen van pagina 39 en verder. In het model is rekening gehouden met mogelijke prijsstijgingen van 10% per jaarschijf in 2023, 2024 en 2025 en 15% daarna. De bedragen zijn daarmee een statistische benadering van een dynamische werkelijkheid.

2 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner 2

Blz

26

Vraag

Pag. 10

Gevraagd wordt het college te autoriseren om stelposten in te zetten ter dekking van prijsstijgingen waarvoor besluitvorming niet kan wachten tot het volgend P&C-product. Wat zijn de criteria voor deze autorisatie? Welke besluiten vallen wel en niet onder de noemer van prijsstijgingen? Hoe wordt aannemelijk gemaakt bij een te nemen besluit dat prijsstijging de aanleiding is?

Er zijn een aantal criteria waaraan getoetst wordt. Het gaat om financiële consequenties, bij ongewijzigd beleid, die het gevolg zijn van prijsstijgingen die niet opgevangen kunnen worden binnen de begroting 2023 op beleidsveldniveau en waar besluitvorming over extra inzet van middelen, te dekken uit de stelpost, leidt tot begrotingsonrechtmatigheden (wanneer de financiële consequenties onvermijdbaar zijn) danwel tot knelpunten- en vertraging in de uitvoering (bij tussentijds stopzetten of afschalen van gemeentelijke activiteiten). Besluiten om financiële consequenties voortvloeiende uit prijsstijgingen tussentijds te dekken uit de stelpost worden onderbouwd en getoetst aan de hand van bovengenoemde criteria. Wanneer besluitvorming kan wachten wordt dit voorgelegd bij de Kadernota 2024

3 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner 3

22

Is de inrichting van het atelier eerder aan de orde geweest in college, raad of commissie? Zo ja, graag ontvangen wij het verslag van de behandeling?

Het Stadsatelier is een opdracht vanuit het coalitieakkoord. Het is nog niet besproken in college of raad maar de stadsarchitect komt het graag op korte termijn toelichten.

4 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner

25

De opheffing van de reserve groei van de stad wordt hier aangekondigd. Hier wordt gesteld dat de praktijk anders functioneert dan beoogt. Wat functioneert anders? Wat is het probleem?

Nr

Onderdeel

4

Door het nieuwe verdeelmodel van de Gemeentefonds per 2023 kan de gehanteerde systematiek niet meer worden gehandhaafd. Er is een wijziging in maatstaven en bijbehorende gewichten waardoor de koppeling tussen groei van de stad en bijbehorende inkomsten niet, of minder betrouwbaar, te maken is. Het programma groei is opgeheven en de opgaven van het programma zijn belegd in de lijn. Het verloop van de middelen over de reserve wordt onderbesteding gereserveerd. Met opheffen van de reserve worden de gevolgen van groei van de stad op het voorzieningen niveau direct verwerkt in het meerjarig investeringsplan en de meerjarenbegroting. Dat gaat dan concreet om investeringslasten in het Investeringsprogramma en in de meerjarenbegroting de kapitaallasten (rente, afschrijving) van deze investeringen in nieuwe voorzieningen/areaal uitbreiding en de daarbij behorende exploitatielasten (onderhoudsbudget). Als de algemene uitkering gemeentefonds mede als gevolg van de groei van de stad voldoende toeneemt, dan zijn de kosten van het toenemende voorzieningen gedekt in de begroting. Loopt de groei van de algemene uitkering achter, dan kan de raad aanpassingen doen in het voorzieningenniveau (minder, lagere onderhoudsniveau) of bezuinigen op andere beleidsterreinen.

Loopt de groei van de stad achter dan worden de investeringen in het voorzieningenniveau verder in de tijd geplaatst plus de bijbehorende exploitatiebedragen.

5 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner 5

27

Vraag

Pag. 11

In de aanbiedingsbrief wordt op blz 5 gesteld “ De structurele financiële ruimte van de gemeente is echter beperkt” . Klopt het dat de tabel op blz 28 laat zien dat de structurele ruimte 18 mln euro is? Dit is namelijk het laagste saldo in de reeks in 2026. Zo niet, wat is dan wel de structurele financiële ruimte op basis van deze begroting?

De tabel op blz. 28 geeft het saldo weer van de primaire begroting, dit is zonder de verwerking van het coalitieakkoord, autonome ontwikkelingen en de aanvullende voorstellen (o.a. inflatie stelposten) van de begroting. Voor de structurele ruimte na coalitieakkoord en aanvullende voorstellen van de begroting wordt verwezen naar het financieel kader op blz. 16. Daar is te zien dat er vooral incidentele middelen beschikbaar zijn in de jaren 2023, 2024 en 2025.

6 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner 6

Blz

38

Het investeringsplan wordt in 2923 en 2024 met resp 40,7 en 32,7 mln verlaagd. Cijfermatig is dit in de tabel onderbouwd. Wat betekenen deze verschuivingen? Wat was er gepland en wordt nu later gerealiseerd? Graag op hoofdlijnen een toelichting wat burgers de komende jaren gaan missen terwijl dat wel de bedoeling was? Met andere woorden, welke keuzes zijn hier gemaakt?

De verschuivingen vanuit 2023 en 2024 zijn het gevolg van het realistischer in de tijd zetten van de geplande investeringen. De beantwoording op vragen 56 en 57 geeft een beeld van de investeringen waarop de verschuivingen van toepassing zijn.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

7 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner

37

Klopt het dat er in het investeringsplan nog geen middelen zijn opgenomen voor het Frans Hals Museum?

7

Het klopt dat er geen middelen zijn opgenomen voor het Frans Hals Museum. Er is wel een stelpost cultuur in het IP opgenomen die ruimte zou kunnen bieden voor eventuele investeringsaanvragen vanuit het museum. In de informatienota “Exploitatie en huisvesting Frans Hals Museum” (2022/1311888) is ook aangegeven dat er een opinienota over het depot wordt voorbereid, inclusief onderzoek naar mogelijke financiering, met inachtneming van o.a. beschikbare middelen in het Investeringsplan (stelpost cultuur € 3 miljoen en € 1,3 miljoen voor erfgoed/archeologie).

8 1 Algemeen CDA F. (Floor) Roduner 8

31

De genoemde bedragen in de toelichting op Sociaal domein tellen niet op tot het totaal van het in de tabel genoemde bedrag van 16,1 mln. Graag de complete samenstelling van dit bedrag.

Voor een gedetailleerd overzicht van de uitwerking van het coalitie akkoord verwijzen wij u graag naar bijlage 5.13 'Uitwerking coalitieakkoord' van de programmabegroting, hierin is onder andere de samenstelling van de €16,1 miljoen op het Sociaal Domein inzichtelijk gemaakt.

9 1 Algemeen CDA R.H. (Robbert) Berkhout 9

Pag. 12

45

Hier staat dat op den duur de ambitie is om de duurzaamheidsbegroting in te richten met doestellingen en een meerjarenperspectief. Nu wordt nog slechts teruggekeken. Wat is “op den duur”? Wat is de planning om tot een duurzaamheidsbegroting te komen met daarin doelstellingen en een meerjarenperspectief?

De duurzaamheidsbegroting zal de komende jaren doorontwikkelen. Deze doorontwikkeling zal stapsgewijs plaatsvinden. Er is nog geen zicht op wanneer de duurzaamheidsbegroting ingericht wordt met doelstellingen en een meerjarenperspectief. In het raamwerk op pagina 60 van de Programmabegroting ziet u dat de duurzaamheidsbegroting doorontwikkeld zal worden (fase 3). Veel is nog onbekend, aangezien er nog geen universele methodieken zijn om de diverse duurzaamheidsthema's te meten. In de Kadernota zal een volgende stap gepresenteerd worden in deze doorontwikkeling.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 13

10

3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing

169

Klopt het dat het bedrijfsvoeringsrisico nr 3 in de tabel “ de daadwerkelijke inflatie valt hoger uit dan geïndexeerd” voor het eerst is opgenomen?

CDA F. (Floor) Roduner 10

Dat klopt, eerder gaf de inflatie geen aanleiding om een risico op te nemen.

11

2 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen

154

De laatste effect indicator op blz 153 “fte per 1.000 inwoners” lijkt gelijk aan de eerste effect indicator op blz 154, terwijl de cijferreeks verschillend is. Graag uitleg wat het verschil is tussen deze indicatoren.

CDA E. (Eva) de Raadt 11

Beide effect indicatoren betreffen het aantal medewerkers per 1000 inwoners. De effect indicator op blz 153 geeft informatie over het aantal formatieplaatsen terwijl de effect indicator op blz 154 de werkelijke bezetting betreft. De formatie vermeldt het aantal FTE (voltijdbanen) in vaste dienst binnen de gemeente, zoals dat in de financiële begroting is goedgekeurd. Het is gebruikelijk om dat aantal uit te splitsen naar afdeling en/of functiegroep. De bezetting geeft aan hoeveel FTE in vaste dienst in werkelijkheid aanwezig zijn. Alhoewel beide effect indicatoren met elkaar samenhangen, zien we in de praktijk dat de bezetting altijd licht afwijkt van de formatie.

12

2 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen

CDA E. (Eva) de Raadt

153

De effect indicator Externe inhuur laat een opvallende daling zien van 2021 naar 2022 en 2023. We hebben de laatste jaren gehoord dat het moeilijk is om vacatures in te vullen en dat er daarom veel gebruik gemaakt moet worden van externe inhuur. Hoe kan het dat na 2021 het percentage zo aanzienlijk daalt? Waarom verwacht u dat dit percentage in 2023 nog verder zal dalen ten opzichte van 2022?

Nr

Onderdeel

12

Deze effect indicator wordt berekend door de begrote bedragen inhuur af te zetten tegen de totale loonsom (inhuur + vast personeel). In de door de Raad goedgekeurde meerjarenbegroting wordt uitgegaan van een daling van de inhuurkosten zodat dit streefpercentage daalt in de komende jaren. De effect indicator inhuur is daarmee een resultante van de meerjarenbegroting en niet op zichzelf staand kengetal. De inschatting van de inhuurkosten op de middellange en langere termijn is complex en volatiel als gevolg van conjuncturele ontwikkelingen, zoals krappe arbeidsmarkt, koopkrachtontwikkelingen en mogelijk recessie, maar ook door nieuwe maatschappelijke opgaven zoals de vluchtelingenopvang als gevolg van de oorlog in Oekraïne en de energiecrisis (zie ook bestuursrapportage 2022 hfst 8).

13 1 Algemeen CDA R.H. (Robbert) Berkhout 13

Blz

48

Vraag

Pag. 14

De daling van de CO2 uitstoot komt vooral door een dalende emissiefactor. Kunt u aangeven wat de emissiefactor was waarmee is gerekend voor elektriciteit voor de jaren 2017,2018,2019 en 2020? En kunt u deze in het vervolg bij de toekomstige stukken m.b.t. CO2-uitstoot vermelden?

Voor elektriciteit is gerekend met de volgende emissiefactoren: 2017: 0,000453, 2018: 0,000428, 2019: 0,000369, 2020: 0,000292 (ton/kWh) Bron: Regionale Klimaatmonitor Technische gezien kunnen emissiefactoren in stukken m.b.t. CO? uitstoot vermeld worden, dit is een bestuurlijke afweging waarbij gekeken zal moeten worden naar de meerwaarde hiervan.

66 1 Algemeen CDA D. (Diana) van Loenen

68

Een belangrijke onderdeel van de opdracht aan VanHier is het faciliteren, ondersteunen en stimuleren van bewonersinitiatieven die gericht zijn op ontmoeting. Hoe worden de bewoners hierover op de hoogte gesteld?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 15

66

Bewonersinitiatieven worden op verschillende manieren op de hoogte gesteld door VanHier. Vanaf januari 2023, bij de start van de opdracht, zal VanHier inwoners op de hoogte stellen van het aanbod aan ondersteuning en activiteiten en waar men moet zijn als men zelf een initiatief heeft. Daarvoor ontwikkelt VanHier onder andere een onlineconcept. Begin 2023 gaat dat live in combinatie met een publiekscampagne. Verder is binnen de opdracht € 3 ton gealloceerd voor vrijwilligersorganisaties zonder personeel. Om hier invulling aan te geven zijn inmiddels twee grote bijeenkomsten geweest waar bekende organisaties gericht voor zijn uitgenodigd om het beleid op te stellen. Daarbij is ook gekeken naar het adressenbestand dat bekend is bij de Vrijwilligers Centrale. Verder zal VanHier vanaf 2023 gaan werken met een wijkprogrammering waarin per wijk de behoefte en mogelijkheden aan ondersteuning, activiteiten en initiatieven van betrokken partijen zal worden opgehaald. Op basis hiervan richt VanHier de dienstverlening in.

68 1 Algemeen CDA D. (Diana) van Loenen 68

Voor het uitrollen van het programma Geweld Hoort Nergens Thuis worden professionals van lokale en regionale organisaties geschoold. Om welke professionals gaat het?

Dit gaat om de professionals van: Veilig Thuis, het Sociaal Wijkteam, het CJG, de Blijf Groep en Kenter.

71 1 Algemeen CDA B. (Bas) van Leeuwen 71

69

70

In 2023 wordt verder onderzocht of het mogelijk is om het Haarlem College uit te breiden met een havoafdeling. Wanneer wordt de Raad op de hoogte gesteld van de resultaten van dit onderzoek?

Dunamare heeft het verzoek van de gezamenlijke VO schoolbesturen en de gemeenteraad gekregen om te onderzoeken op welke wijze het Haarlem College verbreed kan worden met een havo en hiervoor een concreet plan te maken. Zij heeft dit samen met het Haarlem College opgepakt en werkt aan dit plan. Volgens planning zal in de commissie van 19 januari 2023 een informatienota geagendeerd worden met details over de plannen en de stand van zaken.

74 1 Algemeen CDA D. (Diana) van Loenen

72

Per wanneer wordt de kostendelersnorm aangepast?

Nr

Onderdeel

74

De kostendelersnorm wordt per 1 januari 2023 aangepast. Met de wetswijziging wordt de leeftijdsgrens voor de kostendelersnorm verhoogd van 21 jaar naar 27 jaar. Inwonende huisgenoten tot 27 jaar zijn dan niet langer van invloed op de hoogte van de bijstandsnorm van de medebewoners.

75 1 Algemeen CDA D. (Diana) van Loenen

Blz

73

Vraag

Pag. 16

Haarlem gaat vanaf 2023 problematische schulden versneld oplossen door saneringskredieten te verstrekken. Geldt dit ook voor de inwoners van Zandvoort, Bloemendaal en Heemstede aangezien gemeente Haarlem de schuldhulpverlening voor deze gemeenten uitvoert?

75

Ja. Haarlem, Zandvoort, Heemstede en Bloemendaal voeren het zelfde beleid als het gaat om de dienstverlening aan inwoners met geldzorgen en schulden. Haarlem voert dit beleid uit voor deze gemeenten. Vanaf 2023 betekent dit dat Haarlem zoveel mogelijk saneringskredieten inzet.

76

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

114

Bij de doelenboom wordt gesproken over een gemiddelde inschrijf- en wachttijd voor een sociale huurwoning. Over wat voor tijdsbestek wordt dan gesproken?

CDA F. (Floor) Roduner 76

De inschrijf- en wachttijd voor een sociale huurwoning wordt in de jaarrapportage van Woonservice opgenomen. De inschrijftijd is de periode dat men staat ingeschreven als woningzoekende. De inschrijftijd start vanaf het moment dat de woningzoekende staat ingeschreven. Deze wordt berekend voor verhuringen binnen het aanbodmodel (exclusief bemiddelingen en urgenties). De gemiddelde inschrijftijd van een woningzoekende wordt berekend op basis van de tijd tussen het moment dat hij zich heeft ingeschreven en wanneer hij een woning accepteert. Bij de gemiddelde inschrijftijd wordt alleen gekeken naar de verhuringen van geadverteerde woningen maar exclusief verhuringen aan urgenten en bemiddelingen. Er wordt bij deze indicator dus gekeken naar de gemiddelde inschrijftijd van de woningzoekenden die in het betreffende jaar een woning hebben gevonden.

77

2 Programma 3 Werk, inkomen en schulden

CDA D. (Diana) van Loenen

110

Op blz. van de programmabegroting 2023-2027 wordt er gesproken over het concept housing first. Uit onderzoek blijkt dat 8 op de 10 mensen hiermee geholpen is zegt Housing first Nederland. Maar wat doen we dan met die 2 op de 10 bewoners? De bedoeling is dat de buren geen last hebben van de mensen die housing first krijgen en dat gaat blijkbaar goed bij 8 op de 10 mensen. Komen de overige mensen dan in aanmerking voor bijvoorbeeld de overlastwet en waar komen ze dan terecht als ze niet in hun woning kunnen blijven?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 17

77

Als iemand niet in een woning kan blijven volgens het Housing First model, komt hij in aanmerking voor of valt hij terug op de maatschappelijke opvang. Aangezien deze al zwaar belast is, proberen we dat te voorkomen. Goede en voldoende begeleiding is daarom van cruciaal belang. De overlast van mensen vanuit hun woning of op straat wordt op verschillende gronden aangepakt. De overlastwet is hierbij niet direct relevant, deze ziet voornamelijk op ernstige overlast in de openbare ruimte. Voor woonoverlast is vooral de Wet Aanpak Woonoverlast aan de orde. De burgemeester heeft hiervoor in 2019 beleidsregels opgesteld. Als mensen, woonachtig in een woning, stelselmatig ernstige overlast veroorzaken wordt ingezet op begeleiding en hulpverlening. Als dit niet leidt tot verandering van gedrag kan een woningcorporatie in een uiterst geval de rechter vragen om ontbinding van het huurcontract. Zij komen dan (opnieuw) in de maatschappelijke opvang terecht.

78

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

109

CDA R.H. (Robbert) Berkhout

78

Er worden verdere stappen gezet om het energielandschap Schoteroog in te richten: een zonneweide op de afvalberg, een plan voor het vervangen van de huidige stilstaande windmolens en onderzoek naar het inpassen van wind en zon langs de Waarderpolder. Dit is uiteraard een mooi streven maar het elektriciteitsnetwerk is nu al meer dan eens overbelast. Hoe wordt dit ondervangen?

Voor het vervangen van de huidige windmolens is al gekeken naar de mogelijkheden, en dat zou kunnen binnen de bestaande capaciteit (er ligt een kabel voor 2 MW). Als er meer windmolens bijkomen aan de rand van de Waardepolder zal dit met de netbeheerder besproken worden, om te kijken wat de mogelijkheden zijn. We staan nu aan de start van het project, en de capaciteit op het elektriciteitsnet is uiteraard onderdeel van allerlei zaken die uitgezocht moeten worden.

110 1 Algemeen CDA R.H. (Robbert) Berkhout

55

De gemeentelijke organisatie heeft in 2021 meer CO2 uitgestoten dan in 2019. Terwijl de verbeterde emissiefactor een daling zou moeten laten zien. Kunnen we het rapport ontvangen met een verklaring en de berekeningen? Ook de cijfers vanaf 2019.

Nr

Onderdeel

110

De CO2 footprint van de gemeentelijke organisatie wordt gepubliceerd op Haarlem.nl, naar verwachting zullen de cijfers over 2021 in het eerste kwartaal van 2023 gepubliceerd worden. De cijfers van 2019 zijn gepresenteerd in de vorige Duurzaamheidsbegroting, opgenomen in de bijlage bij de Kadernota 2022.

112 1 Algemeen CDA R.H. (Robbert) Berkhout

Blz

58

Vraag

Pag. 18

In de tabel "Reserve Energiebesparing" staan bij de toevoegingen uitsluitend waardes m.b.t. de straatverlichting. Deze waardes veranderen niet t/m 2027. Wil dat zeggen dat we nauwelijks nog straatverlichting overzetten op LED? We hadden verwacht dat de te realiseren besparingen vanwege de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed bij de Toevoeging zou staan. Waarom is dat niet gedaan en kunnen we de prognoses alsnog krijgen?

112

Bij de Programmabegroting 2020 is besloten om het revolverend fonds energiebesparing voor het eerst toe te passen op het ledverlichting project (2019/93821), de reële energiebesparing inzichtelijk te maken en het rendement te doteren aan het revolverend ronds energiebesparing. Na analyse van de projectgegevens is een inschatting gemaakt van de financiële besparing, nl. €182k. Een groot deel van het areaal is al vervangen. Komende jaren wordt er nog steeds geïnvesteerd en er wordt nog steeds verled, echter wel minder dan in voorgaande jaren omdat er minder armaturen zijn om te vervangen. De investering wordt per vervangen armatuur steeds groter omdat er op een gegeven moment bijvoorbeeld ook masten vervangen moeten worden of armaturen die nog niet afgeschreven zijn. De business cases van de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed worden verfijnd. In de Kadernota 2024 wordt verwacht inzicht te hebben in het bedrag dat toegevoegd zal worden aan het RFE. Dit zal verwerkt worden in de Programmabegroting 2024.

30

2 Programma 3 Werk, inkomen en schulden Christen Unie D. (Diana) van Loenen

67

a. Hoeveel huishoudens zijn er in Haarlem met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm en hoeveel met een inkomen tot 150% van de bijstandsnorm? b. Hoeveel huishoudens in Haarlem met een inkomen tot 150% zijn (naar schatting) eigenaar-bewoner? c. Hoeveel huishoudens in Haarlem met een inkomen tot 150% zijn (naar schatting) eigenaar-bewoner van een huis van voor 1994? (huizen met over het algemeen een slechtere isolatie)

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 19

30

a. In Haarlem zijn er 12.429 huishoudens met een inkomen tot 130% en 14.635 huishoudens met een inkomen tot 150% (bron minimascan van Stimulansz van 2020) b. Gebaseerd op de landelijke cijfers van TNO woont 75% van de huishoudens met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm in een sociale huurwoning, 15% is particulier huurder en 10% is woningeigenaar. In Haarlem is deze verdeling vergelijkbaar. Dat betekent dat ongeveer 1453 (10% van 14.536 huishoudens) met een inkomen tot 150%, eigenaar-bewoner is. De inschatting is dat in de groep van 120% tot 150% in verhouding iets meer eigenaar-bewoners zullen zitten dan in de groep tot 120%. c. In Haarlem zijn in totaal 66.375 woningen van voor 1994, dit is 84% van het totaal aantal woningen. Hiervan zijn naar schatting 1.220 bewoond door inwoners met een inkomen tot 150% van de bijstandsnorm. Meer details zullen worden uitgewerkt in de aanloop naar (de aanvraag van) het Nationaal Isolatieprogramma.

31

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie R.H. (Robbert) Berkhout

109

a. Hoeveel geld heeft Haarlem gekregen uit de regeling Bestrijding energiearmoede vanuit het Rijk en wat zijn de voorwaarden voor de besteding van deze middelen? b. Haarlem doet ook een aanvraag voor het Nationaal Isolatieprogramma. Wat zijn de voorwaarden voor de besteding van deze middelen en wat zijn de verschillen met het de regeling Bestrijding energiearmoede? c. Op hoeveel geld kan Haarlem aanspraak maken uit het Nationaal Isolatieprogramma? d. Hoeveel koopwoningen zijn er in Haarlem met een E, F of G label?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 20

31

a. Vanuit de rijksoverheid is begin van dit jaar ruim € 1 miljoen beschikbaar gesteld via de Specifieke Uitkering Energiearmoede. Dit bedrag is in juli verhoogd met € 2 miljoen, naar € 3 miljoen in totaal. De ophoging van € 2 miljoen bestaat daarbij voor 50% uit vooruitgeschoven gelden vanuit het Nationaal Isolatieprogramma voor de aanpak van energiearmoede. De middelen kunnen aan een breed scala aan maatregelen worden ingezet, zolang deze gericht zijn om de energierekening te verlagen of het energiegebruik te verminderen. Ook de uitvoeringskosten mogen worden bekostigd. Het is niet toegestaan de middelen als financiële compensatie uit te keren. b. De aanvraag heeft betrekking op de lokale aanpak in het Nationaal Isolatieprogramma. Deze aanpak is gericht op koopwoningen. De voorwaarden voor de lokale aanpak zijn nog niet vastgesteld. De concept regeling is tot 15 november 2022 open gesteld ter consultatie. c. In de conceptregeling worden bedragen genoemd op basis van een verdeelsleutel. De verdeelsleutel heeft betrekking op het aantal slecht geïsoleerde woningen in combinatie met inkomens met een risico op energiearmoede. Deze bedragen zijn nog niet vastgesteld. Voor Haarlem staat een bedrag opgenomen van € 1.015.857 euro voor 2023 en € 579.422 euro voor 2024. d. Haarlem heeft ca. 30.000 koopwoningen met een E, F of G label.

32

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie D. (Diana) van Loenen 32

33

111

Wat zijn de ideeën voor uitbreiding van de Schuur? Gaat dit om een extra zaal? En wat zijn indicatief de kosten?

De Schuur wil uitbreiden met twee multifunctionele zalen (capaciteit per zaal ca 60 bezoekers) o.a. te gebruiken voor film, debat, woordkunst en als educatieve workshopruimte. Hiermee wil de Schuur het programma aanbod vergroten en de bedrijfsvoering structureel versterken. De Schuur schat de investeringskosten op € 3 miljoen, waarvan € 2,5 miljoen als bijdrage van de gemeente gevraagd wordt. De Schuur is gevraagd een businesscase aan te leveren voor de investering en nieuwe exploitatie opzet.

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie D. (Diana) van Loenen

112

Voor welke andere cultuurlocaties wordt uitbreiding onderzocht? Hoeveel budget is beschikbaar voor dit onderzoek en voor de uiteindelijke realisatie?

Nr

Onderdeel

33

In het Cultuurplan en het coalitieakkoord zijn diverse kansen benoemd, waaronder een broedplaats op de huidige locatie van de bibliotheek Schalkwijk. In het najaar van 2023 volgt een voorstel. Het in het IP beschikbare budget (5 miljoen) is nog niet verdeeld in kosten voor onderzoek en realisatie.

34

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie R.H. (Robbert) Berkhout 34

2 Programma 2 Ondersteuning en zorg Christen Unie D. (Diana) van Loenen

36

109

Vraag

Pag. 21

Heeft u een lijst of kaart van de 5200 woningen die in beeld zijn voor aansluiting op het warmtenet?

Er is een lijst en kaart beschikbaar, deze zijn als bijlage toegevoegd. Het gaat om alle gestapelde corporatiewoningen in Schalkwijk.

35

35

Blz

80

Welk deel van de cliënten maakt gebruik van cliëntondersteuning? Heeft u deze cijfers voor de afgelopen jaren per jaar?

Afgelopen jaren is er in Haarlem gewerkt met een brede definitie van cliëntondersteuning. Er maakten circa 2.500 inwoners per jaar gebruik van deze dienstverlening. De precieze cijfers per jaar voor de afgelopen jaren zijn niet te geven. Het was geen onderdeel van de prestatieafspraken om apart over dit onderwerp te rapporteren. Mede omdat de afbakening van deze dienstverlening niet scherp was. Doordat er met een brede definitie gewerkt werd, behoorde een (groot) deel van dit aantal niet bij wat tot onafhankelijke cliëntondersteuning behoort, zoals de wet dit heeft bedoeld. In het Koplopersproject Cliëntondersteuning (2021-2022) is er dan ook een nieuwe en juiste definitie ontwikkeld voor onafhankelijke cliëntondersteuning. Dit leidde tot een afbakening waardoor nu twee partners deze vorm van dienstverlening aan inwoners leveren: MEE&deWering en Cliëntenbelang. Hiermee kan vanaf 2022 een eenduidige jaarlijkse rapportage worden opgesteld voor dit onderwerp, met daarin onder andere het aantal cliënten dat gebruikmaakt van deze dienstverlening.

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie F. (Floor) Roduner

65

a. Waarom ervalt de effect-indicator "Gemiddelde energie-index corporatiewoningen (Corporaties)"? b. Hoe is op dit moment de verdeling van corporatiewoningen over labels A, B, C, D, E, F en G?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 22

36

a. De energie-index is als meetinstrument landelijk komen te vervallen. Dit wordt ook niet meer geregistreerd dus door de corporaties. Daarom kan deze effect-indicator ook niet meer worden gebruikt. b. De laatste update over energielabel verdeling bij de woningcorporaties is te vinden als bijlage bij de informatienota over de biedingen van de corporaties (2021/376158).

37

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing Christen Unie F. (Floor) Roduner

37 38

42

"Bij de Kadernota 2023 is besloten om met ingang van de vaststelling van de programmabegroting 2023 voorbereidingskredieten vrij te geven voor meerjarige investeringen waarvan de eerste uitgaven staan geraamd in het begrotingsjaar, steeds ter hoogte van het bedrag dat in het IP is opgenomen voor het begrotingsjaar" Wat wordt hierbij bedoeld met "het bedrag dat in het IP is opgenomen voor het begrotingsjaar"? Dit betreft toch alleen voorbereidingskredieten en geen daadwerkelijke investeringen?

Het gaat hierbij om de bedragen die in deze Programmabegroting zijn opgenomen in het jaar 2023. Daarbij gaat het inderdaad alleen om voorbereidingskredieten.

2 Programma 5 Beheer en onderhoud Christen Unie R.H. (Robbert) Berkhout

23

"Voorlopig ligt de nadruk daarom op het in toom houden van de plant, niet op bestrijding. De kosten voor de aanpak van de Japanse Duizendknoop en andere invasieve exoten bedragen € 240.000. Waardoor € 120.000 additioneel op Actie! benodigd is." a. Hoeveel extra geld zou er nodig zijn om echt over te gaan tot bestrijding? b. Het gaat om een bedrag van 120.000 euro per jaar extra, dus totaal 240.000 euro per jaar. Hoeveel locaties kunnen hiervan per jaar aangepakt worden en hoeveel jaar moet dit per locatie worden volgehouden? c. Eerder was er sprake van dat het budget voldoende was voor de aanpak van 10 van de 30 locaties. Gaat het nog steeds om 30 locaties of zijn het er inmiddels meer?

Nr

Onderdeel

38

Zoals aangegeven in de tekst van de begroting zijn de methoden om de Duizendknoop te bestrijden in ontwikkeling. Op basis van een keuze voor een definitieve methode is ook meer zicht op de kosten. Met de huidige € 240.000 is in voorgaande jaren de aanpak van 10 groeilocaties (van de 30 bekende groeilocaties) gefinancierd. De bestrijding moet per locatie meerdere jaren worden volgehouden om te zorgen voor uitroeiing van de plant. De duur hiervan is niet altijd gelijk, en is afhankelijk van de omvang van een groeilocatie, de mogelijkheden voor bestrijding op die plek en de daadwerkelijk toegepaste vorm van bestrijding. De verwachting is dat het in de meeste gevallen om minstens vijf jaar gaat. Het aantal geregistreerde groeilocaties is op dit moment 31. Het is mogelijk dat er meer groeilocaties zijn. Nieuwe groeiplaatsen kunnen worden gemeld aan Spaarnelanden.

39 1 Algemeen D66 B. (Bas) van Leeuwen 39

Blz

17

Vraag

Pag. 23

Welke maatregelen heeft Haarlem al genomen die vermoedelijk ook zullen volgen uit de hervormingsagenda jeugd?

De hervormingsagenda Jeugd (HVAJ) is een plan om het jeugdhulpstelsel te hervormen, getrokken door het Rijk en VNG. Door de deelname aan de meedenkgroep VNG HVAJ zijn de actuele ontwikkelingen bij de gemeente bekend. De HVAJ bestaat uit 8 bouwstenen en op onderdelen van alle 8 bouwstenen zijn acties en maatregelen genomen. Werkgroepen (lokaal, regionaal en bovenregionaal) werken benodigde maatregelen uit om tot de hervorming te komen. Een aantal genomen maatregelen is: De aanbestedingsdocumenten zijn opgesteld in lijn van de contractstandaarden HVAJ. Er is een kwaliteitsmedewerker binnen team Jeugd aangesteld om de kwaliteit van geleverde zorg te monitoren. De transformatie residentiële zorg vindt plaats in regionaal verband en in samenwerking met gecontracteerde aanbieders die jeugdhulp met verblijf bieden. De afdeling vastgoed is betrokken inzake geschikte of geschikt te maken locaties. De toegang is reeds grotendeels georganiseerd volgens de plannen en maatregelen vanuit de HVAJ. Er wordt data gedreven gewerkt.

40 1 Algemeen D66 E. (Eva) de Raadt

24

Is er nog iets te melden over de al dan niet voortzetting van de ambtelijke fusie met Zandvoort in 2023 e.v. en de kosten/opbrengsten daarvan?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 24

40

In het Dienstverleningshandvest is opgenomen dat de ambtelijke samenwerking na 4 jaar (in 2022) wordt geëvalueerd. Op dit moment wordt bestuurlijk gesproken over hoe deze evaluatie vorm te geven. Indien hier overeenstemming tussen beide colleges over is zullen de raden hierover worden geïnformeerd. De financiële vergoeding voor de ambtelijke samenwerking is opgenomen in de programmabegroting in paragraaf 3.5 Bedrijfsvoering (p. 199).

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

42 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout

33

De bedragen in deze alinea kloppen niet met het IP in het overzicht op bladzijde 29;

Pag. 24

De alinea spreekt van € 250.000 voor klimaatbestendig bouwen, duurzame energiewinning. En daarnaast € 1,25 miljoen vanaf 2023 voor het vergroenen van de stad, in samenwerking met de buurt. In het overzicht van het IP op p29 staat: 340.000 in 2022 en 2023 en vanaf 2024 meer dan 1.700.000. Hoe zit dat precies in elkaar?

42

De voor deze bestuursperiode beschikbare € 1,25 miljoen ten behoeve van vergroening, jaarlijks in de begroting van 2023 t/m 2026, staat los van de post 'investeringen klimaatadaptatie' in het investeringsplan. Ook de middelen van €250.000 voor extra inzet klimaatadaptatie staan los van de post 'investeringen klimaatadaptatie' opgenomen in het investeringsplan.

43 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout

43

39

Vanaf 1 november kunnen gemeenten in Noord-Holland een beroep doen op de subsidieregeling Klimaatadaptatie Noord-Holland. (207.000 euro is gereserveerd voor de omgeving ZuidKennemerland). Is er al voorbereiding gedaan op een aanvraag voor deze subsidie en heeft Haarlem al een fysiek uitvoeringsproject voor deze subsidie voor ogen? En is hier ook geld voor geoormerkt uit deze investeringen?

Over de subsidie wordt overleg gevoerd met de regio (het geld wordt ter beschikking gesteld aan de regio). Samenwerking hierin is belangrijk en daarom willen we hier goede afspraken over maken.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

44 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout

39

Sinds 2021 heeft het Rijk een Impulsregeling Klimaatadaptatie. Van de 200 miljoen euro is 1,098 procent geoormerkt voor Zuid-Kennemerland Zuid. Er wordt een regionale aanvraag voorbereid voor subsidie via de Impulsregeling klimaatadaptatie. Is er geld uit deze begroting gereserveerd om een beroep te doen op deze regeling? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoeveel?

44

Op dit moment wordt hieraan de laatste hand gelegd. De uitvoering ervan wordt mede gefinancierd vanuit het Strategisch Beheerplan Openbare Ruimte (SBOR). Daarmee kunnen de projecten extra goed aangepakt worden. Welke projecten het betreft volgt in de uitvoeringsagenda gekoppeld aan het Klimaatadaptatieplan en het Groenbeleidsplan.

45 1 Algemeen D66 drs. J. (Jos) Wienen D. (Diana) van Loenen 45

34

Vanaf 2023 is voor nachtcultuur € 150.000 beschikbaar. Is dit budget voor het opzetten van de integrale visie, het uitvoeren daarvan of allebei? En indien het laatste, hoe verhouden die twee zich tot elkaar?

Het budget is voor het opstellen van de visie, mogelijke ondersteuning daarbij en voor de uitvoering van de visie inclusief programmering. De budgetverdeling moet nog worden bepaald.

54 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout 54

Pag. 25

33

Het doel is dat Haarlem in 2026 een nulemissie-zone heeft voor vervuilende brom- en snorfietsen. Daarvoor wordt in 2023 65.000 gereserveerd. Wordt dat geld besteed aan voorlichting? (Want hoe meer mensen weten van die invoering, hoe minder zij nu een vervuilende brom- of snorfiets zullen kopen)

Het bedrag wordt ook besteed aan voorlichting. Dit maakt integraal deel uit van de voorbereidingskosten voor invoering.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 26

79 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout

42

Op pagina 42 staat onder het kopje "SOR Groen" het volgende “Vanwege de verwachte overlappende doelstellingen tussen ‘bereikbare steden’ en de SOR is de verwachting dat met de middelen voor ‘bereikbare steden’ (15 miljoen in 2026) ook de SOR ambities kunnen worden ingevuld, waardoor vooralsnog geen aparte SOR middelen worden opgenomen voor 2026.” De doelstellingen van de SOR zijn echter breder dan bereikbaarheid en mobiliteit. Vanuit welk budget worden investeringen in doelstellingen als vergroening, sport- en speelruimte in de openbare gefinancierd in 2026?

79

Het betreft hier een passage uit de begroting 2022 (gekoppeld aan het vraagstuk van cofinanciering) en niet uit de nieuwe begroting 2023. In het algemeen geldt dat voor het realiseren van doelstellingen op het gebied van Groen en Spelen de begroting diverse budgetten bevat. Door het vaststellen van het Strategisch beheerplan kunnen beleidsdoelstellingen zoals vergroening worden aangepakt via het onderhoudscontract met Spaarnelanden voor Groen en Spelen (het dagelijks beheer en onderhoud) en via groot onderhoud en herinrichting. Ook in ontwikkelzones en ontwikkelprojecten wordt vergroening meegenomen. Verder is in het coalitieakkoord structureel € 1,25 mln opgenomen voor maatregelen gekoppeld aan het Groenbeleidsplan. Via de SOR wordt ook groen gerealiseerd, dat budget wordt via projecten aangesproken. Daarnaast kunnen voor afzonderlijke maatregelen budgetten in het investeringsplan worden opgenomen (icoonprojecten). Indien op het gebied van Groen sprake zou zijn van de inzet van subsidies met een eis van cofinanciering dan zou via de genoemde budgetten aan die eis kunnen worden voldaan (afhankelijk van de specifieke situatie en subsidievereisten).

80

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

95

D66 drs. J. (Jos) Wienen

Op pagina 95 is te lezen: “Op het gebied van evenementen is nog veel onduidelijk. De (duur van de) beperkende maatregelen brengen het voortbestaan van evenementen in gevaar. Er wordt onderzocht of theaterfestival De Parade naar Haarlem kan komen in 2022” Voor welke bestaande Haarlemse evenementen is het voortbestaan in gevaar? Is bekend wat zij nodig hebben om het voorbestaan mogelijk te maken?

80

Uw vraag heeft betrekking op de begroting 2022.

81

2 Programma 1 Maatschappelijke participatie

D66 E. (Eva) de Raadt

72

Hoeveel garantiebanen heeft de gemeente Haarlem zelf gecreëerd in 2022? Wat is de eigen ambitie in de periode 2023-2027?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

81

In het onderstaande overzicht (zie ook kadernota 2023) hebben wij de ambitie en realisatie tm 30-9-2022 vermeld.

Pag. 27

Na een goede startfase moet geconcludeerd worden dat de realisatie van garantiebanen is gestagneerd. Naast het reguliere verloop en lage werkeloosheid zien we een duidelijke trendbreuk in 2020 als gevolg van de Corona-epidemie die grote impact heeft op deze doelgroep. De gemeente heeft een ambitie geformuleerd t/m 2024 en is in afwachting van het landelijk onderzoek (afronding in 2023) waarbij mogelijk de doelgroep wordt verbreed, wat betekent dat er meer mensen die onder de noemer garantiebaan kunnen worden ingezet beschikbaar komen. Daarna gaan we bepalen wat er nodig is om de gestelde ambitie alsnog te halen.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

82

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

100

Op pagina 100 is als effectindicator opgenomen “Een leefomgeving die door de inwoners van Haarlem als aantrekkelijk wordt ervaren (www.atlasleefomgeving.nl, kaart leefbaarometer wordt tweejaarlijks geactualiseerd” Hoe wordt het oordeel van de Haarlemmers gemeten in dit leefbarometeronderzoek?

D66 E. (Eva) de Raadt

Pag. 28

82

De Leefbaarometer is een instrument van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om tot op een laag schaalniveau en voor heel Nederland een inschatting te geven van de leefbaarheid. Dat wordt gedaan aan de hand van een groot aantal kenmerken van de woonomgeving, zoals type voorzieningen, lokale geluidsbelasting en onveiligheid. De Leefbaarometer geeft een indruk van waar het naar verwachting goed of slechts is gesteld met de leefbaarheid (signalering) en hoe die leefbaarheid zich ontwikkelt (monitoring). De barometer wordt iedere twee jaar geactualiseerd. Voor meer informatie zie https://www.leefbaarometer/nl/page/FAQ.

83

2 Programma 1 Maatschappelijke participatie

98

D66 D. (Diana) van Loenen

Bij de effectindicator "aantal uitkeringsgerechtigden zonder afstand (...) dat passend werk heeft gevonden ten opzichte van het totale aantal binnen deze doelgroep" staan getallen vermeld 320 in 2020, 334 in 2021 en 350 in 2022. Zijn dat nu de aantal uitkeringsgerechtigden dat passend werk heeft gevonden OF het totale aantal binnen deze doelgroep? Kunt u ook de andere cijfers geven, zodat de raad weet 1. hoe groot de groep is met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt en 2. het aantal mensen daarvan dat passend werk heeft gevonden.

83

Deze getallen hebben betrekking op het aantal uitkeringsgerechtigden in de doelgroep ‘mensen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt’ (inclusief direct bemiddelbaren) dat in het verslagjaar passend werk heeft gevonden. Gerekend over het hele jaar 2020 bestond de totale doelgroep uit 2319 mensen, in 2021 uit 2223 mensen en het actuele aantal voor 2022 is 2089 mensen.

84

2 Programma 1 Maatschappelijke participatie

98

Ook bij uitkeringsgerechtigden met onoverbrugbare afstand graag zowel de totale groep als het aantal daarvan dat participeert vermelden.

D66 D. (Diana) van Loenen 84

Deze getallen hebben betrekking op het aantal uitkeringsgerechtigden in de doelgroep ‘mensen met een onoverbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt’ dat in het verslagjaar participeert. Gerekend over heel 2020 bestond deze doelgroep uit 1387 mensen, in 2021 uit 1536 mensen en het actuele aantal voor 2022 is 1425 mensen.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 29

85

2 Programma 1 Maatschappelijke participatie

70

Haarlem is voorloper in het traject Rijke Schooldag. Wat is de concrete uitwerking hiervan in 2023 en welke partijen doen hieraan mee?

D66 B. (Bas) van Leeuwen 85

De gemeente Haarlem is in het voorjaar geselecteerd als voorloper in het kader van de regeling ‘School en Omgeving’ (eerst ‘Rijke Schooldag’). Begin oktober is een convenant in aanwezigheid van een vertegenwoordiger van het Ministerie OCW ondertekend door wethouder Onderwijs, schoolbesturen primair onderwijs, het Samenwerkingsverband primair onderwijs, de VVE-aanbieders, Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en andere partners, zoals Stichting Hart, SportSupport, Triple Threat en kinderopvangorganisaties Hero en Midas. Bij het vormgeven en de invulling van de Rijke Schooldag zijn alle partners uitgegaan van de Kansencirkel voor jeugd. Op basis van de eisen van deze regeling kunnen vooralsnog alleen scholen in Haarlem-Oost en Schalkwijk aan het traject deelnemen. Begin 2023 zullen de eerste zeven basisscholen starten met aanvullend aanbod op het gebied van o.a. cultuur, sport, sociale vaardigheden, natuur en wetenschap, met als doel kinderen een rijke ontwikkelomgeving te bieden. Dit aanbod wordt op dit moment voorbereid. Naar verwachting zullen nog tien scholen vanaf de zomer van 2023 de kans krijgen om aan het programma deel te nemen.

86

2 Programma 1 Maatschappelijke participatie

D66 B. (Bas) van Leeuwen 86

70

Wat voor onderzoek moet er in 2023 worden uitgevoerd om havo-klassen op het Haarlem College toe te voegen? Hoe verschilt dat van de eerdere analyse die reeds is uitgevoerd en besproken in de cie samenleving? En wanneer wordt dat onderzoek naar verwachting opgeleverd aan de raad?

Dunamare heeft het verzoek van de gezamenlijke VO schoolbesturen en de gemeenteraad gekregen om te onderzoeken op welke wijze het Haarlem College verbreed kan worden met een havo en hiervoor een concreet plan te maken. Zij heeft dit samen met het Haarlem College opgepakt en werkt aan dit plan. Wat de komende periode gaat gebeuren en deels al is gebeurd is dat het team van het Haarlem College intensief betrokken wordt bij deze plannen. Er zal gekeken worden naar de wijze van profilering van deze nieuwe onderwijstak. Ook zullen diverse andere stakeholders, zoals maatschappelijke organisaties en de potentiële doelgroep, betrokken worden. Volgens planning zal in de commissie van 19 januari 2023 een informatienota geagendeerd worden met details over de plannen en de stand van zaken.

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

87

2 Programma 2 Ondersteuning en zorg

69

Wanneer is het programma Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming gereed? Op welke wijze verschilt dat precies van het programma Geweld hoort nergens thuis? Waarop worden lokale en regionale professionals dan precies (bij)geschoold en hoe lang duurt dat?

D66 D. (Diana) van Loenen

Pag. 30

87

Het programma Toekomstscenario (TKS) is gereed, maar moet nog starten. Het Rijk moet het programma nog voorleggen aan de kamer, hiervoor zijn verschillende wetsvoorstellen in voorbereiding. Wel lopen er in Nederland inmiddels tien proeftuinen. Het TKS bouwt verder op het programma Geweld hoort nergens thuis (GHNT). Het TKS is gericht op een fundamenteel andere manier van werken. De bescherming van kinderen, gezinnen met kinderen en huishoudens zonder kinderen, en daarmee het jeugdbeschermingsstelsel, wordt meer gezins- of systeemgericht, eenvoudiger, lerend en transparanter ingericht. Als regio werken wij aan het op orde krijgen van de basis ter voorbereiding op het TKS. Belangrijk onderdeel van GHNT, onze regioiovisie en het TKS is gefaseerd werken voor veiligheid. Onze professionals worden getraind om te werken met de bijbehorende Top 3-methodiek. Het trainen van alle professionals vraagt tijd en is eigenlijk nooit klaar.

88

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

111

Wordt er in het locatieonderzoek voor een gezamenlijk depot Frans Hals, NHA en de gemeentelijke archeologische collectie ook buiten Haarlem gekeken naar mogelijke opties?

D66 F. (Floor) Roduner D. (Diana) van Loenen 88

Ja. In het locatie-onderzoek wordt ook gekeken naar kavels en locaties rondom Haarlem, zoals in de Haarlemmermeer. In de zoekopdracht is opgenomen maximaal 10 km/20 minuten autorijden/30 minuten fietsen tussen de locaties van FHM, NHA en Archeologie in het centrum, en het depotgebouw.

89

2 Programma 6 Burger, bestuur 139 en veiligheid

D66 drs. J. (Jos) Wienen

Op welke termijn wordt de integrale wijkaanpak uitgebreid naar een derde wijk? Hoe wordt deze wijk geselecteerd, zijn daar criteria voor? Wordt dit voorgelegd aan de raad?

Nr

Onderdeel

Blz

Vraag

Pag. 31

89

Het college informeert de raad begin 2023 in welke wijk zij extra gaat investeren om de leefbaarheid te verbeteren. In haar afweging kijkt het college naar wijken waar een combinatie speelt van veiligheidsproblemen en waar bewoners problemen ervaren op het sociaal economisch vlak. Het plan van aanpak wordt opgesteld samen met ketenpartners als politie, de woningbouwcorporaties en maatschappelijke organisaties.

90

2 Programma 6 Burger, bestuur 140 en veiligheid

Wanneer start de pilot met 24-uursvergunningen en hoe lang draait deze pilot?

D66 drs. J. (Jos) Wienen D. (Diana) van Loenen 90

Het streven is de kaders voor de pilot inclusief locatieverkenning begin 2023 te bespreken in de commissie beheer/bestuur.

91

2 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing

110

D66 F. (Floor) Roduner 91

Het college verwacht dat de inwerkingtreding van de Omgevingswet effect zal hebben op de dienstverlening, meer specifiek bij vergunningverlening en het KCC. Graag een toelichting wat dit concreet betekent en voor hoe lang?

De ervaring uit het verleden leert dat een substantiële wijziging van een wet, tijdelijke effecten heeft op de kwaliteit van de dienstverlening. Dit wordt landelijk ook gezien als een risico bij de invoering van de Omgevingswet. Zowel een initiatiefnemer als de ambtelijke organisatie moet zich nieuwe werkwijzen en processen eigen maken. Met de komst van de Omgevingswet moet ook gewerkt gaan worden met hele nieuwe landelijke digitale systemen. Los van het gegeven dat hier ervaring mee moet worden opgedaan, is de kans zeer groot dat de systemen nog niet optimaal werken. Pas als er echt met de nieuwe wet gewerkt wordt blijkt waar aanpassingen in processen, werkwijzen en systemen nodig zijn om zo efficiënt en effectief mogelijk te werken en de dienstverlening daadwerkelijk te verbeteren.

92 1 Algemeen D66 R.H. (Robbert) Berkhout

61

Wat is het concrete voorstel / denkrichting van het college om samen met de raad om het concept brede welvaart te verkennen en in te vullen?

Nr

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12263469/1