Beantwoording artikel 38 vragen D66 over de gevolgen van het stikstofdossier op de verdere ontwikkeling van de gemeente Haarlem (getekend)
Tekst van het document
*ƒ* Gemeente Haarlem
Raadsfractie D66 t.a.v. mevr. Thessa van der Windt
Ons kenmerk Datum Afdeling
OMB/2022/566055
12 april 2022 Omgevingsbeleid
Contact
M.A.H.G. Plantaz
Telefoon
023-5113517
mahgplantaz@haarlem.nl
Onderwerp: Beantwoording artikel 38 vragen D66 over de gevolgen van het stikstofdossier op de verdere ontwikkeling van de gemeente Haarlem
Geachte mevrouw Van der Windt
Op 14 februari jl. heeft u vragen gesteld ex art. 38 RvO inzake de gevolgen van het stikstofdossier voor de verdere ontwikkeling van de gemeente Haarlem. Met deze brief geven wij antwoord op uw vragen. Hieronder is uw vraag steeds cursief weergegeven waarna het antwoord van het college volgt. Voor een compleet beeld van de context voegen wij uw brief bij deze antwoordbrief. 1.
Klopt het dat een groot gebied van IJmuiden tot Noordwijk en een klein gebied in Heemstede is aangemerkt als Natura 2000-gebied? https://www.natura2000.nl/aebieden/noord-holland.
Antwoord: Ja dat klopt. 2. Klopt het dat het gehele grondgebied van Haarlem op minder dan 5 kilometer afstand van een Natura 2000 gebied ligt? Antwoord: Ja dat klopt, het betreft Natura 2000 gebied Kennemerland-Zuid.
3. Klopt het dat de Rijksoverheid heeft bepaald dat er bij de vergunningverlening voor stikstofbronnen (zoals voor bouwactiviteiten) beoordeeld moet worden wat de stikstofdepositie over 25 kilometer afstand is? Antwoord: Ja, in de betekenis dat de stikstofdepositie op (onderdelen van) N2000 terrein tot op 25 km afstand van de bron wordt meegenomen in de toetsingsberekening met het (voorgeschreven) rekenmodel Aerius, en dus mee beoordeeld wordt.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
1/8
4. Moet de gemeente Haarlem die beoordeling doen, of ligt die beoordeling elders (bij voorbeeld bij de provincie)? Antwoord: Voor een bestemmingsplan doet de gemeente dat, voor een project doet dat de gemeente of de provincie. a.
Indien de beoordeling elders ligt, hoe stemt de gemeente af dat een vergunningverlening door de gemeente Haarlem (bij voorbeeld voor bouwactiviteiten) past binnen de beoordelingsruimte van die andere instantie?
Antwoord: De taakverdeling en afstemming is als volgt, met een onderscheid tussen het verloop voor een project en voor een (bestemmings)plan: •
Ingeval van een project kan de Omgevingsvergunning en de vergunning Wet natuurbescherming gecombineerd worden (bij de gemeente) of afzonderlijk worden aangevraagd (gemeente resp. Provincie). A Als uit een voortoets (Aeriusberekening) blijkt dat geen sprake is van depositie (<0,00 mol N/ha, jr) op kwetsbaar Natura 2000 gebied handelt de gemeente de Omgevingsvergunning verder af, een vergunning Wet natuurbescherming is dan immers niet nodig. A Als wel sprake is van depositie moet uit een nadere ("passende") beoordeling blijken dat de depositie (kort gezegd) geen nadelige effecten op de natuur heeft, of moet een ADC toets positief worden doorlopen: Er zijn geen Alternatieven voor de activiteit; deze is nodig vanwege Dwingende reden van openbaar belang; en er vindt Compensatie plaats van Natura 2000 gebied, (opm: woningschaarste is voor de rechter vooralsnog geen dwingende reden). In dit geval is de gemeente eveneens bevoegd gezag voor een gecombineerde aanvraag omgevingsvergunning en natuurbeschermingsvergunning, maar er is wel een verklaring van geen bezwaar van de Provincie nodig. A Bij gescheiden aanvraag handelt de Provincie de aanvraag en verlening van vergunning Wet natuurbescherming voor een project af. Opmerking: De Provincie heeft de uitvoering van de vergunningverlening Wet natuurbescherming belegd bij de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord.
•
Ingeval van een plan (bijv, bestemmingsplan) beoordeelt het bevoegd gezag (meestal de gemeente) of de daarin aangegeven functies realiseerbaar zijn. Dat is het geval als de realisatie volgens een voortoets (Aerius berekening) niet leidt tot depositie op Natura 2000 gebied of als uit een passende beoordeling / ADC onderbouwing blijkt dat de te realiseren functie vergunbaar is voor de Wet natuurbescherming.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
2/8
<(■*
5. Klopt het dat woningbouw, zowel door de bouwactiviteiten zelf als de toekomstige bewoningsactiviteiten (auto's, huisdieren) gevolgen heeft voor de stikstofdepositie in de wijde omgeving? Antwoord: Ja dat klopt. Wel is sinds juli 2021 een beoordeling van stikstofdepostie uit de bouwactiviteiten wettelijk niet meer nodig en vindt deze dan ook niet meer plaats. Deze vrijstelling staat momenteel wel juridisch ter discussie. a.
Zo ja, wat betekent dat voor de bestaande en toekomstige bouwplannen binnen de gemeente Haarlem?
Antwoord: Bestaande bouwplannen: tot op dit moment hebben alle concrete "Omgevingsvergunningsgerede" projecten steeds doorgang kunnen vinden omdat geen (toename van) depositie plaatsvond. Projecten en plannen in voorbereiding: hiervoor kan de stikstofemissie als gevolg van bewoningsactiviteiten een probleem vormen, primair afhankelijk van de ligging t.o.v. de Kennemerduinen, het programma (netto verkeersgeneratie), de afwikkeling van het verkeer, ruimtelijke inpassing en fasering. Dit speelt in elk geval voor Zuidwest, en volgens indicatieve berekeningen vrijwel zeker ook voor ontwikkelzones Orionweg / Planetenlaan en Zijlweg. Voor overige ontwikkelingen van relevante omvang (groter dan 100-300 woningen) zijn stikstofproblemen niet op voorhand uitgesloten.
6.
Klopt het dat verkeer op fossiele brandstoffen gevolgen heeft voor de stikstofdepositie in de wijde omgeving? Antwoord: Ja dat klopt; voor de stikstofbeoordeling gaat het dan om het extra verkeer als gevolg van de activiteit.
a.
Zo ja, wat heeft dit voor gevolgen voor de mobiliteit in en de mobiliteitsplannen van Haarlem ?
Antwoord: Stikstof vormt hierdoor naast klimaat, luchtkwaliteit, ruimte voor groen etc. een (dwingend) extra argument om zoveel mogelijk in te zetten op stimuleren van alternatieven voor autogebruik. En voor zover de auto toch gebruikt wordt in te zetten op alternatieven voor fossiele brandstoffen, eventueel vergezeld van netwerkaanpassingen. Het belang van een integrale, duurzame mobiliteitsbenadering binnen (en tussen) bouw- en ontwikkelingsplannen wordt door 'stikstof' nog eens extra onderstreept.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
3/8
7.
Hoe houdt de gemeente bij het verlenen van vergunningen rekening met het stikstof-effect op Natura 2000-gebieden ? Antwoord. Zie uitleg onder 4.
8. Er zijn signalen dat het maar zeer beperkt (of eigenlijk: niet meer) mogelijk is om te salderen met de niet gebruikte vergunde ruimte van andere activiteiten. Dat zou betekenen dat er alleen gesaldeerd mag worden door het staken van eerder vergunde activiteiten en "teruggeven" van de vergunning. Waar zit voor de gemeente Haarlem nog ruimte om te salderen? Antwoord: De situatie van niet gebruikte vergunde ruimte speelt in Haarlem toch al geen rol van betekenis. Dit is vooral bij veehouderijen en bepaalde industriële bedrijven die veel stikstof uitstoten aan de orde. Haarlem heeft weinig veehouderijen en daarbij speelt de vraag van niet gebruikte vergunde ruimte tot dusver niet. Evenmin heeft Haarlem industriële bedrijven met een grote stikstofuitstoot. Waar sprake is van sloop/nieuwbouw gepaard met functiewijziging (o.a. Zuidwest) wordt de bestaande, eindigende situatie verwerkt in de toetsing van de depositie. Op lokale schaal kan incidenteel voorkomen dat bedrijven die al langere tijd inactief zijn niet meer verrekend kunnen worden. Of beëindiging van één of meer veehouderijen in Haarlem via externe saldering kan bijdragen aan vermindering van stikstofproblemen wordt onderzocht. Hiervoor gelden strenge regels en de stikstofruimte moet op dezelfde plek vrijkomen als waar de stikstofdepositie door projecten plaatsvindt. a.
Zijn er nog andere mogelijkheden om de stikstofdepositie binnen de gemeente Haarlem terug te brengen? Zo ja, wat zijn die?
Antwoord: Mogelijkheden die onderzocht worden zijn het versneld van het gas afhalen van bestaande woningen binnen of buiten een ontwikkelingsgebied teneinde daarmee te compenseren. Ook wordt onderzocht in hoeverre nulemissiezones kunnen bijdragen aan stikstofruimte. Een probleem ligt hier in de borging van het effect, en er geldt ook dat een nulemissiezone voor personenauto's -die het grootste effect zou kunnen hebben- vooralsnog pas vanaf 2030 wettelijk mogelijk wordt gemaakt. Momenteel is dit dus beperkt tot de nulemissiezone voor vracht- en bestelwagens vanaf 2025. Een aanvullende bijdrage zou wellicht uit verplaatsingen van verkeersintensievere bedrijven van de westelijke kant van Haarlem naar de Waarderpolder kunnen voortkomen. Vooralsnog is het vooruitzicht echter dat dit slechts beperkte compensatieruimte oplevert terwijl primair een forse netto uitbreiding van werkgelegenheid in Haarlem beoogd wordt die op zichzelf ook al stikstofruimte kan behoeven.
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
4/8
<1*
b. Zijn er nog andere mogelijkheden om de stikstofdepositie rondom de gemeente Haarlem terug te brengen? Zo ja, wat zijn die en is het aannemelijk dat die ruimte door de gemeente Haarlem gebruikt mag worden?
Antwoord: Met de provincie wordt gesproken over uitbreiding van natuur in het Westelijk Tuinbouwgebied. Dit betreft geen uitbreiding van Natura 2000 gebied, maar voorzover daarbij veehouderijactiviteiten kunnen worden opgeheven of extensief gemaakt kunnen worden zou dit toch enige compensatieruimte kunnen opleveren. Voor het overige geldt hier hetzelfde als onder a.
9. Welke activiteiten zijn op dit moment niet goed uitvoerbaar vanwege de stikstofproblematiek? Hoe groot is het risico dat die activiteiten uiteindelijk helemaal niet doorgaan? Wanneer heeft de gemeente daar zekerheid over? Antwoord: (Zie ook 5a) Tot dusver hebben alle activiteiten / projecten die op het punt van realisatie of aanvraag omgevingsvergunnning stonden steeds doorgang kunnen vinden omdat er (al dan niet na verrekenen met de bestaande situatie) geen stikstofdepositie op N2000 gebied optreedt. Voor wat betreft ontwikkelingen voor de komende jaren treden wel problemen op. Dit geldt zeker voor Ontwikkelzone Zuidwest, maar ook voor de zones Planetenlaan/Orionweg en Zijiweg wijzen indicatieve berekeningen uit dat belemmeringen verwacht moeten worden. Recente wijzigingen in de (voorgeschreven) rekenwijze (model Aerius maar ook de beoordelingscriteria voor de invoer) pakken ongunstig uit, waardoor ook moeilijkheden voor ontwikkelingen dieper in Haarlem niet uitgesloten kunnen worden. Daar komt bij dat de stikstofbanken waarmee rijk en provincies ruimte beogen te creëren om (vooral) woningbouw te compenseren nog steeds nauwelijks 'gevuld' zijn. Dit komt mede doordat er onvoldoende belangstelling is voor vrijwillige bedrijfsbeëindiging varkenshouderijen en ook andere maatregelen geen of tegenvallende resultaten opleveren.
In de kustprovincies Noord-Holland, Zuid-Holland en Zeeland is het vinden van compensatie extra moeilijk door relatief weinig veehouderij, weinig rijkswegen met max snelheid boven 100 km en een groot aandeel van stikstofbronnen die regionaal niet beïnvloed kunnen worden (buitenland, zee).
Helemaal niet doorgaan van Haarlemse ontwikkelingen is vooralsnog niet aan de orde, zelfs niet in Zuidwest. Wel zou de uiterste consequentie kunnen zijn dat programma's beperkt moeten worden en/of verder gefaseerd moeten worden. Zoveel mogelijk wordt echter gezocht naar andere strategieën en maatregelen om de aanvankelijk verwachte invulling te realiseren, ook in contact met de provincie. Ontwikkelzone Zuidwest gaat daarin voorop (door ligging, omvang, fase). Maar zodra een invulling van een andere zone voldoende helder is wordt stikstof als een van de eerste potentiële barrières onderzocht. Het is op dit moment niet in te schatten wanneer duidelijk zal zijn welke ontwikkelingen met zekerheid doorgang kunnen vinden -of welk deel ervan-. Voor een enigszins goede inschatting
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
5/8
van de stikstofdepositie moet voldoende beeld van de invulling van het gebied of de ontwikkeling bestaan en anderzijds moet er duidelijkheid zijn over regelgeving en beleid op rijksen provinciaal niveau (en over de effectiveit en houdbaarheid daarvan). Zo bestaat op dit moment zelfs geen inzicht in de in het landelijke Stikstofregistratiesysteem beschikbare ruimte. Het Rijk zet nu in op versnelling met o.a. royalere regelingen voor beëindiging veehouderijen in het kader van een integrale aanpak van natuurherstel en -verbetering, stikstofreductie, klimaatopgave landbouw en landgebruik, wateropgave en rakend beleid zoals ook het Schone Lucht Akkoord. Provincies krijgen hierin een centrale taak. Zie Hoofdlijnenbrief stikstof van 1 april 2022.
10. Kent u het artikel "Oplossing stikstofcrisis wankelt nu al" (FD 4 februari 20221)? Antwoord: Ja a.
Houdt de gemeente rekening met dit probleem? En wat voor gevolgen heeft dit voor de plannen binnen de gemeente Haarlem?
Antwoord: De discussie over de afkap op 25km is bekend; voor Haarlemse projecten levert een juridisch onderuitgaan van deze afkap naar verwachting geen relevant extra risico op. Indien zij leidt tot een verdere vergroting van de afkapafstand dan 25 km zal dit bij de omvang van de Haarlemse ontwikkelingen niet snel leiden tot een relevante toename op nog verder gelegen Natura 2000 gebieden. In Haarlemse omstandigheden is de depositie op Zuid-Kennemerland (overwegend gelegen binnen 5 km) veruit maatgevend. Voor eventuele ruimte binnen landelijke en provinciale stikstofbanken zal een grotere rekenafstand dan 25 km mogelijk juist wat meer compensatieruimte bieden, omdat effecten van maatregelen voor veehouderijen en rijkswegen dan eveneens verder doorwerken. 11. Kent u het artikel "Creatief stikstofpuzzelen: vier opmerkelijke manieren waarop overheden stikstofruimte creëren" (NRC Handelsblad 27januari 20222)? a. Kunt u aan de gemeenteraad duidelijk maken voor welke plannen en projecten de gemeente rekening houdt met bestaande stikstofruimte? b. Kunt u ingaan op welke wijze de gemeente aan stikstofruimte denkt te komen (en de afgelopen drie jaar is gekomen)?
1 https://fd.nl/politiek/1428905/oplossing-voor-stikstofcrisis-wankelt-nu-al-lhb2caCxe4Zh 2 https://www.nrc.nl/nieuws/2022/01/27/wat-je-allemaal-kunt-doen-met-stikstofrechten-van-bedrijvendiezijn-gestopt-
a4083548?utm_source=SIM&utm_medium=email&utm_campaign=nrcbinnenhof&utm_content=&utm_term= 20220208
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
6/8
*ƒ* <(•*
Antwoord (incl a en b). Ja dat is bekend. Haarlem heeft in de afgelopen drie jaar geen bestaande stikstofruimte buiten het projectgebied hoeven in te zetten omdat projecten netto (ten opzichte van bestaande functies bij sloop / nieuwbouw) geen extra stikstofdepositie opleverden bij toetsing.
Voor de komende tijd: zie antwoorden hiervóór (8, 9). Haarlem is voor een oplossing van 'zijn' stikstofproblematiek, bij gebrek aan voldoende grote, lokale bronnen om te saneren, sterk afhankelijk van rijks- en provinciaal beleid. Genoemd is al dat In onze provincie veel stikstof uit bronnen komt die wij zelf niet kunnen beïnvloeden. Ook is de jurisprudentie en de doorwerking daarvan in de beoordeling van projecten alleen maar strenger en beperkender geworden. Tegelijkertijd wordt de invulling van het Haarlemse woningbouwprogramma steeds concreter en tevens steeds urgenter. In deze situatie en in deze fase is het wenselijk zoveel mogelijk te komen tot een integrale, gemeentebrede aanpak van de stikstofproblematiek voor de komende jaren, waarin ontwikkelingen, maatregelen en faseringen in de verschillende delen van Haarlem ook onderling op elkaar worden afgestemd. Met aan de basis een gemeentebrede actuele inventarisatie van de benodigde ruimte en mogelijke oplossingsrichtingen, en met een sterke coördinatie zowel intern als naar provincie en rijk. De gemeente is dit aan het inrichten. Ook met de provincie is afgesproken samen de situatie in Haarlem en mogelijke oplossingsrichtingen die de woningbouw in Haarlem kunnen waarborgen op te pakken.
Met een bundeling van kennis en gegevens van provincie en gemeente, en koppelingen met overleggen op andere beleidsthema's daar waar deze (ook) voor stikstof en woningbouw van belang zijn, zoals mobiliteit (OV, fiets, netwerk), gebiedsgerichte aanpak natuur (Binnenduinrand/Westelijk Tuinbouwgebied), recreatie, economie/werkgelegenheid. 12. Wat zijn in de gemeente Haarlem de grootste stikstof-veroorzakers? Antwoord: De grootste stikstofveroorzaker in Haarlem (bron in Haarlem) is het wegverkeer; andere relevante lokale bronnen zijn mobiele werktuigen en consumenten (huisverwarming).
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
13. Bent u het met D66 eens dat het zinvol is om op korte termijn een raadsmarkt te organiseren om raadsleden te informeren over de gevolgen van het stikstof-dossier voor de verdere ontwikkelingen binnen Haarlem en welke afwegingen daarbij gemaakt moeten worden? Antwoord: Aanvullende kennisoverdracht over dit complexe dossier acht het college zonder meer waardevol. Wat betreft (discussie over) oplossingsrichtingen en afwegingen is een beperking dat er op dit moment (nog steeds) veel onzekerheden bestaan over het rijksbeleid (invulling en kans op succes). Dit bepaalt in hoge mate ook de marges voor het provinciale beleid en daardoor ook de omvang van problemen en de mogelijkheden voor Haarlem. Gelet daarop adviseert het college daarom om in dit stadium te kiezen voor een technische sessie, die ook op kortere termijn realiseerbaar is. Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester.
mr. C.M. Lenstra
fs. J. Wienen
Graag ons kenmerk vermelden bij uw reactie. Postadres: Postbus 511, 2003 PB Haarlem
Kenmerk: OMB/2022/566055 Telefoonnummer: 14 023 | www.haarlem.nl
8/8