Artikel 32 vragen AP woningtoewijzing en (maatschappelijke) begeleiding van statushouders
Tekst van het document
Betreft: Artikel 32 vragen woningtoewijzing en (maatschappelijke) begeleiding van statushouders 29 januari 2024 Actiepartij heeft artikel 32 vragen over de woningtoewijzing en (maatschappelijke) begeleiding van statushouders. Wij verwijzen ook naar: https://www.haarlemsdagblad.nl/cnt/dmf20240126_50856697 Woningtoewijzing Vraag 1: Hoe ziet de procedure en de daarbij geboden begeleiding eruit vanaf het moment dat een woning in Haarlem wordt aangeboden aan een statushouder tot het moment van acceptatie van de woning? Graag daarbij betrekken de rolverdeling (incl. opdrachtgeverschap/opdrachtnemerschap) tussen betrokken organisaties (COA, gemeente Haarlem, Buurts, woningcorporaties, tolk-vertalers, Vluchtelingenwerk en eventueel andere instellingen).
Kort gezegd: wie doet wat wanneer? Vraag 2: Hoe wordt in de begeleiding geborgd dat mensen met mogelijk psychische klachten, gebrekkige kennis van de Nederlandse taal, (overheids)procedures en de woningmarkt en met uiteenlopende culturele achtergronden worden voorzien van alle relevante informatie (en bedenktijd) die nodig is om zich een adequaat oordeel te vormen van het woningaanbod dat hen wordt gedaan? Vraag 3: Wanneer verkrijgt een statushouder binding met gemeente Haarlem? Is dat vanaf het moment dat een woning wordt toegewezen of pas wanneer een woning door de statushouder wordt geaccepteerd? Vraag 4: Is het moment van verkrijging van binding wettelijk bepaald of beleidsmatig (door gemeente Haarlem) vastgelegd? (Graag verwijzing naar betreffend wetsartikel en/of beleidsdocument.) Vraag 5: Indien de binding pas ontstaat wanneer een woning wordt geaccepteerd, met welke gemeente heeft de statushouder tot dat moment binding? Is dat de gemeente waar het AZC is gevestigd? (Ook hier graag aangeven of dit wettelijk of beleidsmatig is vastgelegd) Vraag 6: Bij wie of welke instantie ligt naar oordeel van het college de verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor (passende) huisvesting in het geval de aangeboden woning door de statushouder wordt geweigerd? Is dat de statushouder, gemeente Haarlem, COA, de gemeente waar AZC is gevestigd, anders (of een combinatie)? Vraag 7: Heeft
het college een beeld van het aantal keren (per jaar) dat een woning wordt geweigerd door een statushouder in Haarlem (en wat in voorkomende gevallen dan gebeurt)?
Vraag 8: Heeft de statushouder naar het oordeel van het college wel een (reële) keuze om een woning te weigeren wanneer dit in feite resulteert in dreigende economische dakloosheid en (in geval kinderen in het spel zijn) mogelijke inzet van instanties zoals Veilig Thuis? Vraag 9: Wat zijn naar oordeel van het college de ongewenste gevolgen wanneer gebruik wordt gemaakt van de vrije toewijzingsruimte van corporaties om een statushouder, eenmaal door COA aan Haarlem toegewezen, bij mogelijke ongeschiktheid van het aanbod een andere woonruimte ter beschikking te stellen? (Vanuit de gedachte dat de geweigerde woning dan beschikbaar blijft voor andere (reguliere of bijzondere) woningzoekenden? Vraag 10: Is in de gemeentelijke werkprocessen naar oordeel van het college voldoende ambtelijke capaciteit en financiële ruimte beschikbaar om zorg te dragen voor een (zo warm mogelijke) overdracht indien statushouders klem dreigen te geraken tussen instanties en eigen beslissingen? (Maatschappelijke) Begeleiding De maatschappelijke begeleiding van statushouders nadat zij in Haarlem een woning hebben toegewezen gekregen is enkele jaren geleden verlegd van Vluchtelingenwerk naar de sociale wijkteams (later Buurts). Deze begeleiding is toen ook teruggebracht van 2 naar 1 jaar. Begeleiding van statushouders is een multidisciplinaire aangelegenheid waarbij oa.
juridische, taalkundige, psychische en sociale aspecten alsook gedegen kennis van culturele achtergronden een rol spelen. Vluchtelingenwerk was hier bij uitstek toe geëquipeerd en hielp ook bij het ondertekenen van de huurovereenkomst, sleutelontvangst en woningoplevering, en tijdige betaling van de eerste huurtermijn. Vraag 11: Kan het college aangeven hoe zij de maatschappelijke begeleiding door sociale wijkteams (Buurts) beoordeelt en daarbij ingaan op opdrachtgeverschap/opdrachtnemerschap en de benodigde competenties zoals in de inleiding van de vraag (niet limitatief) genoemd? Vraag 12: Maken ondertekenen huurovereenkomst, sleutelontvangst en woningoplevering en hulp bij betaling eerste huurtermijn nog onderdeel uit van de maatschappelijke begeleiding? Vraag 13: Zijn alle naar het oordeel van het college gevraagde competenties “in huis”? Zo niet, wat ontbreekt? Vraag 14: Is er nog enige betrokkenheid van Vluchtelingenwerk in het traject van maatschappelijke begeleiding? Zo ja, in welke gevallen of omstandigheden? Vraag 15: Hoe kijkt het college aan tegen de verkorting van de duur van de maatschappelijke begeleiding tot 1 jaar? Vraag 16: Hoeveel geld is in de begroting opgenomen voor maatschappelijke begeleiding van statushouders? Vraag 17: Ziet het college aanleiding om de begeleiding van statushouders naar een toegewezen woning en (budget voor) maatschappelijke
begeleiding in Haarlem aan te passen en zo ja op welke onderdelen?