CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

6 Bijlage 5 Duurzaamheidsladder evenementen (DLE 1 1)

commissie Ontwikkeling 5 juni 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 20.30 uur Vaststellen Evenementenbeleid Haarlem (JW) - gezamenlijke behandeling met commissie Bestuur11.141 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

©®2024

greenevents.nl

DuurzaamheidsLadder Evenementen versie 1.1 - 23 januari 2025

Colofon Deze toolkit is geschreven door:

Met dank aan de partners

Gerd-Jan Frijters (Green Events Nederland) Laura van de Voort (Green Events Nederland) Lyke Poortvliet (Green Events Nederland)

Met inhoudelijke bijdragen van: Tijl Couzij en Lars Lensink (Lab Vlieland) Claudia Walraven (Green Events Nederland) Leonie Boon (Green Events Nederland) Luise Härtel (Green Events Nederland) Paul Schurink (ZAP concepts) Marianne Dijkshoorn (Welkom Toegankelijkheid & Evenementen) Frans Verouden (Green Leisure Group) Rob van Wegen (ESNS)

Redactie en ontwerp: luise.world Studio Evert.

Contact Green Events Nederland www.greenevents.nl info@greenevents.nl

Circular Festivals, Gemeente Alkmaar, Gemeente Amsterdam, Gemeente Arnhem, Gemeente Dronten, Gemeente Haarlem, Gemeente Utrecht, Gemeente Venlo, Handicap NL, Ministerie van Infrastructuur & Milieu, Provincie Noord-Holland, Recreatie Noord-Holland.

Het intellectuele eigendom van DLE ligt bij Green Events Nederland. DLE mag niet worden gebruikt voor commerciële toepassingen, tenzij met voorafgaande schriftelijke toestemming van Green Events Nederland.

Inhoudsopgave

Introductie Toepassing DLE Leeswijzer De Vijf Treden Ecologische thema’s Energie Transport en Reizen Materialen Flora en Fauna Water en Sanitatie Eten en Drinken

Sociale thema’s Veiligheid en Gezondheid Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie Toegankelijkheid

Governance thema’s Mindset en Organisatiecultuur Strategie en Organisatie Meten en rapporteren Marketing en Communicatie

Bronnen

Duurzaamheidsladder Evenementen Evenementen

4 5 6 7 8 9 11 13 16 19 22

25 26 29 32

36 37 39 42 44

46

3

Introductie Dit document beschrijft de Duurzaamheidsladder Evenementen (DLE). Deze eerste versie is ontwikkeld door Green Events Nederland, samen met (kennis) partners en mogelijk gemaakt door Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Green Deal Circular Festivals, Handicap NL, Gemeente Amsterdam, Gemeente Utrecht, Gemeente Haarlem, Gemeente Venlo, Gemeente Arnhem, Gemeente Alkmaar, Gemeente Dronten, Provincie Noord Holland en Recreatie Noord Holland. DLE is een hulpmiddel om evenementen duurzaam en inclusief te maken. DLE is (nog) niet certificeerbaar. DLE kan worden toegepast in combinatie met een CO₂-calculatietool ter onderbouwing van de bereikte Trede. Daarnaast is DLE een mogelijke opmaat naar een Europese standaard voor duurzame en inclusieve evenementen.

Bronnen In de Duurzaamheidsladder Evenementen (DLE) zijn tal van bronnen verwerkt, zoals wet- en regelgeving, normen en bestaande duurzaamheidscriteria. Aan het eind van dit document vind je een overzicht van de gebruikte bronnen. Aanleiding De aanleiding van DLE is tweeledig, namelijk: 1. De fragmentatie aan duurzaamheidsbeleid- en toetsingskaders voor evenementen (bij gemeenten maar ook in de Europese Lidstaten). 2. Het ontbreken van een concreet handelingsperspectief voor de sector om stap voor stap te verbeteren. Internationale duurzaamheidskaders De (internationale) kaders die zijn gebruikt bij het ontwikkelen van DLE zijn onder andere: 1. Internationale afspraken zoals het Klimaatakkoord Parijs, de VN Sustainable Development Goals (SDG’s) en het VN Verdrag Handicap. 2. De Europese Green Deal, met o.a. de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) en de Green Claim Directive (GCD), 3. Internationale concepten als ESG (voorheen Triple Value of People, Planet, Profit) en Corporate Social Responsibility (CSR). De DLE omvat ecologische (E), sociale (S) en governance (G) thema’s, en is dus ESG-breed uitgewerkt.

Duurzaamheidsladder Evenementen

4

Toepassing DLE De Duurzaamheidsladder Evenementen (DLE) is een geharmoniseerd en integraal model als basis voor duurzaamheidscriteria voor evenementen. DLE voor een organisator: DLE kan voor een organisator een leidraad zijn voor het vaststellen van de duurzaamheidsprestaties en vervolgens voor het ontwikkelen van een duurzaamheidsstrategie en actieplan. Voor het juist vaststellen van een Trede zal een organisator behoefte hebben aan kwantitatieve data (vervoerskilometers, kilogrammen afval en grondstoffen, liters water, etc.). DLE voor een (semi)overheidsinstantie: DLE kan voor een gemeente als basis dienen voor duurzaamheidsbeleid en een toetsingskader voor evenementen. Dit kader kan bijvoorbeeld zijn een beleid voor vergunningverlening, subsidie of duurzaamheidsstrategie. DLE geeft de sector handelingsperspectief via het doorlopen van 5 stadia (Treden) van volwassenheid (Trede 1 t/m Trede 5). Door het doorlopen van de Treden ontstaat een logisch stappenplan waarbij een evenement steeds nieuwe haalbare doelen kan stellen per thema. Een gemeente kan DLE inzetten om duurzaamheidsprestaties van evenementen in kaart te brengen en met elkaar te vergelijken. DLE voor een leverancier & partner: DLE kan voor leveranciers en partners ter inspiratie dienen om een eigen duurzaamheidsstrategie te ontwikkelen en om beter aan te sluiten bij de duurzaamheidseisen van opdrachtgevers.

Green Events Nederland houdt een leveranciers & initiatieven index bij met links naar bedrijven en organisaties die relevant zijn voor het duurzamer en inclusiever organiseren van evenementen.

Duurzaamheidsladder Evenementen

5

Leeswijzer In dit document zijn 13 thema’s uitgewerkt om een evenement toekomstbestendig te maken. De thema’s zijn verdeeld rond de ESG kapstok. Dus eerst de Ecologische thema’s, dan de Sociale en tenslotte de Governance thema’s. Europese regels, bijvoorbeeld de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD), zijn rond dezelfde thema’s opgebouwd. DLE is een cumulatief model, waarbij Trede 1 de wettelijke verplichtingen beschrijft. Trede 2 beschrijft extra stappen boven op Trede 1, enzovoort. Uitzondering: thema ‘Mindset en Organisatiecultuur’, dit is niet cumulatief maar geeft een beeld per trede. Een criterium is een minimumvereiste. Als een criterium een % of een absolute waarde bevat, betekent dit altijd een minimumwaarde, dus tenminste die waarde. Als het criterium een % bevat, vergelijk dit met een basisjaar. Kies bijvoorbeeld het jaar waarin je voor het eerst duurzaamheidsdata verzamelde of een jaar zonder maatregelen (business as usual). Als je nog geen data hebt, maak dan een schatting van het basisjaar.

Maatregelen: de ‘voorbeeldmaatregelen’ zijn te beschouwen als gangbare oplossingen om aan een criterium te voldoen. Hiertoe behoren ook best practices en innovaties. Als in een criterium staat ‘minimaal x maatregelen’ dan wordt bedoeld ‘minimaal x maatregelen uit de rij voorbeeldmaatregelen’. Je mag ook voorbeeldmaatregelen uit een hogere Trede nemen. In de toekomst wordt DLE verder ontwikkeld door bijvoorbeeld aanscherping van wettelijke eisen of de trend naar regeneratieve bedrijfsvoering (Trede 6). Trede 4 en 5 zijn voor de koplopers. In de DLE kom je verschillende belanghebbenden tegen, bijvoorbeeld ‘eigen organisatie’of ‘bezoekers’. Deze indeling is gekoppeld met het Greenhouse Gas (GHG) protocol, ontwikkeld zodat CO2eq emissies in de hele wereld op dezelfde manier gemeten en gerapporteerd worden. CO2eq emissies zijn ingedeeld in 3 categorieën (scopes): Scope 1: Directe emissies door eigen organisatie of evenement. De eigen organisatie bestaat bijvoorbeeld uit het productieproces, eigen gebouwen, eigen vervoermiddelen, eigen materieel, eigen personeel, crew of vrijwilligers. Scope 2: Indirecte emissies door eigen organisatie door inkoop van energie of warmte. Ook gehuurde generatoren of batterijen horen bij scope 2. Scope 3: Indirecte emissies in de keten zijn ingedeeld in upstream en downstream

Certificaat of certificering: Sommige criteria of voorbeeldmaatregelen bevatten de term certificaat of certificering. Hieronder wordt verstaan een certificering onder een ISO norm of een certificaat, opgenomen in de keurmerkwijzer van Milieucentraal. Onder de nieuwe Europese Green Claims Directive moet greenwashing voorkomen worden. Dit betekent dat vanaf juli 2024 alle keurmerken aan een Europees Ecolabel worden gekoppeld.

Duurzaamheidsladder Evenementen

emissies. Upstream emissies zitten aan de inkoopkant, leveranciers, transport en reizen of eten en drinken. Indirecte emissies aan de aanbodzijde van een organisatie noemen we downstream-emissies, bijvoorbeeld aangeboden diensten, artiesten/ sprekers/sporters en bezoekers.

Deze indeling is natuurlijk niet alleen toepasbaar op CO2eq emissies maar ook op andere vormen van milieu impact zoals toxiciteit, verzuring, landgebruik, ontbossing, fijnstof, synthetische deeltjes, (N en P) deposities, zeldzame metalen, watergebruik, ozon, geluidsoverlast en impact op biodiversiteit.

6

De Vijf Treden Trede 5: Grensverleggend (klimaatneutraal, circulair en inclusief)

Trede 4: Ambitieus

Trede 3: Gevorderd

Trede 2: Basis

Trede 1: Minimale vereiste (wet- en regelgeving)

Duurzaamheidsladder Evenementen

1

2

3

4

5

7

Ecologische thema’s Energie Materialen Transport en Reizen Flora en Fauna Water en Sanitatie Eten en Drinken

Duurzaamheidsladder Evenementen

Energie Het gebruik van energie leidt vaak tot schadelijke emissie. Om deze schadelijke uitstoot te beperken kan je minder energie gaan gebruiken, op je evenement zelf duurzame energie opwekken of via bijvoorbeeld een netaansluiting extern duurzaam opgewekte energie gebruiken. Basisprincipe: Hernieuwbare Trias energetica (2021) voorkeursvolgorde, eerst minimaliseren van het energieverbruik, dan op locatie duurzame (hernieuwbare) energie opwekken, laatste optie is het gebruik van elders opgewekte hernieuwbare energie, bijvoorbeeld vaste stroompunten met een contract voor groene stroom. Duurzame hernieuwbare energie volgens het Green Deal Circular Festivals model – zonne-energie, windenergie, waterkracht, geothermische energie en kinetische energie. Deze bronnen veroorzaken weinig of geen broeikasgasemissies en brengen de energiebehoeften en het klimaat van toekomstige generaties niet in gevaar. Hoewel deze bronnen de behoefte aan fossiele brandstoffen verminderen of zelfs voorkomen, zijn voor productie en opslag schaarse hulpbronnen nodig die een negatieve impact op biodiversiteit kunnen hebben. De volgende energiebronnen worden niet gerekend tot hernieuwbare opties, slechts als tijdelijke oplossingen met minder fossiele uitstoot: kernenergie, energie van biomassa (bijv.

Hydrotreated Vegetable Oil: wel hernieuwbaar maar niet emissievrij, 2e generatie biobrandstoffen zijn minder schadelijk want concurreren niet met voedselvoorziening) , en waterkracht boven de 10 MW (schade voor biodiversiteit en mensen).

Duurzaamheidsladder Evenementen

© Bart van Overbeeke, 2024

Wetgeving en normen: Klimaatwet en Klimaatakkoord. Energy Efficiency Directive (EED) en Energiebesparingsplicht, Erkende Maatregelenlijst (EML), GHG Protocol. Energiewet. PGS 37-1 (energie opslagsystemen), EN 16247-1, ISO 50001 voor energiemanagement. Handhaving Trede 1: Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Inspectie leefomgeving en transport (ILT), Omgevingsdienst.

9

Energie Trede 1

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Trede 2

eveneens cumulatief.

Voorbeeld Maatregelen maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

Trede 4

Bijdragen aan het verminderen van energieverbruik (algemene energiebesparingsplicht).

5% energiebesparing per persoon per dag t.o.v. basisjaar.

10% energiebesparing per persoon per dag t.o.v. basisjaar.

15% energiebesparing per persoon per dag t.o.v. basisjaar.

EED rapportage vanaf 250 medewerkers en 50 miljoen omzet.

Indien dieselaggregaten worden ingezet minimaal HVO100 als brandstof of vergelijkbaar.

Energieplan opgesteld.

Geen aggregaten meer, ook niet op HVO.

EML rapportage voor organisaties die meer dan 25.000 m3 gas (eq) en/of 50.000 kwh verbruiken.

Meten

Trede 3

Inzicht in energieverbruik. In kaart brengen van brandstof verbruik t.b.v. energievoorziening.

• Aandacht voor het verlagen van energieverbruik. • Indien aanwezig netaansluitingen gebruiken. • Diesel generatoren (minimum stage 3A, geluid max. 60dBA)

Trede 5 20% energiebesparing per persoon per dag t.o.v. basisjaar.

100% hernieuwbare energie (vaste stroomnet of zelf opgewekt, inzet batterijen).

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

Meting energieverbruik uitgevoerd. Hoeveelheid energie uit benzine, gas, diesel, HVO, grijze- en groene stroom.

Inventarisatie van alle energieverbruikers. Bepalen CO2eq emissies door energieverbruik. Meting energieverbruik gedifferentieerd naar de grootste verbruikers + piekbelasting.

Energieverbruik meten op de stroombronnen en meeste verbruikers + piekbelasting.

Real-time meting van energieverbruik en piekbelasting per energiebron.

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

• Overleg met (lokale) energieleveranciers over hernieuwbare energie. • 2e generatie duurzame biobrandstoffen, energiebesparing en opslag van duurzame energie in batterijen, waterstof of mierenzuur. • Zoveel mogelijk gebruik maken van aansluiting(en) op vaste stroomnet.

• Extern overleg t.b.v. vermindering gebruik • HVO (Used Cooking Oil of Tallolie), aardgas onder druk (CNG). • Generatoren hybridiseren d.m.v. batterijen. • LED verlichting, energiezuinige apparatuur. • Afschakelschema’s of automatische bediening (licht, koeling, verwarming). • Optimalisatie energieverbruik door tussentijdse opslag in batterijen, waterstof of mierenzuur.

• Energieplan samen met belanghebbenden. • Intensieve samenwerking voor energiereductie en hernieuwbare energie met belanghebbenden. • Bewustzijnscampagne energiebesparing. • Energie uit zon, wind, waterkracht (< 10 MW), geothermie of kinetische energie. • ISO 50001 certificering.

• Energieverbruikers laten betalen/belasten naar verbruik (energy pay per use). • Energie budgetten per discipline.

10

Transport en Reizen Bij het organiseren van een evenement komen veel vervoersbewegingen van mensen en goederen kijken. Vanwege de grote aantallen, is de impact van al die vervoersbewegingen verantwoordelijk voor een zeer groot aandeel in de totale milieu impact van het evenement. Basisprincipe: Focus op het zoveel mogelijk voorkomen en vermindering van reis- en transport bewegingen (reisafstand) door slimme locatiekeuze, planning, lichtere materialen en programmering van het evenement. Pas voor het reis gedeelte het STOMP principe toe (Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Mobility as a Service (MaaS) en Personenauto’s). Voor transport geldt, na het basisprincipe van voorkomen en verminderen van transport, het kiezen voor meer duurzame transport opties. Duurzame opties zijn: lopen, fietsen, openbaar vervoer, elektrisch vervoer of vervoer aangedreven met 2e generatie biobrandstof (als tussenoplossing).

© Dario Bronnimann, 2024

Wetgeving en normen: Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit. Wet luchtvaart en Besluit luchtverkeer (o.a. Gebruik luchtballonnen en drones, minimaal 6% SAF bij kerosine mengen (voorstel Europa is 14%). Klimaatakkoord (o.a. 75% van goederentransport in 2030 via spoor of water). Zero-emissie zones. Handhaving Trede 1: Ministerie I&W, Omgevingsdienst, Gemeente, ANPR.

Duurzaamheidsladder Evenementen

11

Transport en Reizen

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Zorgen voor duurzame (en veilige) transport- en reisopties naar, op en rond het evenement.

Stimuleren van duurzaam reizen door personeel, crew.

50% duurzaam reizen door personeel, crew, vrijwilligers en transport op het terrein.

75% duurzaam reizen door personeel, crew, vrijwilligers en transport op het terrein.

100% duurzaam reizen door personeel, crew, vrijwilligers en transport op het terrein.

Stel vast welke voertuigen je moet vervangen door zero emissie voertuigen. Check vrijstellingen en ontheffingen. Zoek subsidies en installeer laadpunten of zoek openbare laadpunten. Dit in het kader van Zero emission wetgeving in 30 steden vanaf 2025. Zero emission in 30 steden in 2025 (met gradaties, vrijstellingen en ontheffingen).

Minimaal 2 maatregelen richting artiesten/sprekers/ sporters en bezoekers om duurzaam reizen te stimuleren.

30% duurzaam reizen bezoekers en artiesten/ sprekers/sporters.

Minimaal 3 maatregelen richting artiesten/sprekers/ sporters en bezoekers om duurzaam reizen te stimuleren.

25% duurzaam transport van leveranciers.

50% duurzaam reizen bezoekers en artiesten/ sprekers/sporters.

50% duurzaam transport leveranciers.

75% duurzaam reizen bezoekers en artiesten/ sprekers/sporters.

Minimaal 4 maatregelen richting artiesten/sprekers/ sporters en bezoekers. Mobiliteitsplan opgesteld samen met leveranciers

Meten eveneens cumulatief.

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

Meten en rapporteren medewerkers (crew) kilometers vanaf 100 medewerkers (aan RVO).

• Inzet verkeersregelaar(s). • Noodzakelijke vergunning voor bijvoorbeeld luchtballon, kabelvlieger of drones.

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

• Faciliteren van duurzaam vervoer voor personeel, crew, bezoekers. • Ontmoedigend parkeerbeleid. • Voldoende laadpalen. Voorkeur voor lokale artiesten/sprekers/sporters.

• Intensieve samenwerking t.b.v. fiets, lopen, openbaar vervoer, elektrisch, hernieuwbare brandstof, ook voor artiesten/sprekers/ sporters, leveranciers. • Bewustzijnscampagne of positieve incentives voor duurzaam transport en reizen, ook voor bezoekers. • Faciliteren van fietsen, looproutes, fietsparkeerplaats, ruim voldoende laadpalen. • Emissievrije machines op het terrein.

• Regeneratief/ Klimaatpositief evenement dus netto meer CO2eq opruimen dan uitgestoten emissies door Transport en reizen. • Emissievrije voertuigen, ook van leveranciers. • Koploper in de sector, innovaties rond transport en reizen gedeeld met de sector.

+ trede 1

+ trede 1, 2

Meting mobiliteit uitgevoerd, reis- en transportkilometers met vliegtuig, auto, trein, vrachtauto, bus, fiets etc.

Meting mobiliteit uitgebreid met CO2eq emissies en milieu impact.

+ trede 1

• Evenement goed bereikbaar met openbaar vervoer of mobiliteitsleveranciers. • Aantal laadpalen voorzien. • Niet vliegen beleid onder 500/750 km. • Voorkeur voor lokale leveranciers. • Ontmoedigen reizen en leveringen met ‘fossiele’ auto’s, tenminste carpoolen. • App voor bezoekers aanbieden om te carpoolen.

12

Materialen Overmatig grondstoffengebruik leidt onder andere tot uitstoot van emissies, bodem- en waterverontreiniging en ontbossing. Dit vraagt om een andere aanpak: van ‘take, make, waste’ naar een circulair systeem waarin producten en materialen worden hergebruikt met zo min mogelijk schadelijke impact op het milieu. Basisprincipe: Het belangrijkste instrument binnen de circulaire economie in de gebruiksfase is de R-ladder (Cramer, 2015), deze is weer gebaseerd op de ladder van Lansink uit 1979. Over het algemeen geldt: hoe hoger op de ladder, hoe beter. Er zijn verschillende versies van de R-ladder, met 3, 6 of 10 treden. De kortste versie komt hierop neer: 1. Refuse 2. Reuse 3. Recycle De uitgebreide versie heeft de stappen: Refuse, Rethink, Reduce, Reuse, Repair, Refurbish, Remanufacture, Repurpose, Recycle, Recover.

© Pawel Czerwinsky, 2024

Wetgeving en normen: ESRS E5, Grondstoffenakkoord. Van afval naar grondstof (VANG). Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3). PGS reeks gevaarlijke stoffen. Besluit en Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik en SUP regeling. Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV) en recht op reparatie. ISO 55001 voor asset management. Handhaving Trede 1: Ministerie I&W, Inspectie leefomgeving en transport (ILT).

Duurzaamheidsladder Evenementen

13

Materialen (1/2) Trede 1

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Bijdragen aan 50% vermindering van gebruik van primaire grondstoffen in 2030, ten opzichte van 2016 (of startjaar evenement).

Bijdragen aan terugbrengen van de hoeveelheid restafval in kg per bezoeker.

Bekers herbruikbaar of 75% gerecycled (in 2024).

Trede 2

Zoveel mogelijk materialen hergebruiken.

Minimaal 2 maatregelen om restafval te verminderen.

Bekers herbruikbaar (>80% hergebruiken) of gerecycled (>80% recyclen).

Servies herbruikbaar of plasticvrij.

Sta toe dat bezoekers een herbruikbare fles (leeg) mee naar binnen mogen nemen.

Trede 3

Trede 4

Trede 5

>60% van de materialen voor decoratie en productie hergebruiken.

>75% van de materialen voor decoratie en productie hergebruiken.

>95% van de materialen voor decoratie en productie hergebruiken.

>60% van ingekochte materialen zijn circulair: hergebruikt, van gerecycled of bio-based materiaal.

>75% van ingekochte materialen zijn circulair: hergebruikt, van gerecycled of bio-based materiaal.

>95% van ingekochte materialen zijn circulair: hergebruikt, van gerecycled of bio-based materiaal.

>60% van de totale hoeveelheid afval scheiden voor recycling.

>75% van totale hoeveelheid afval scheiden voor recycling.

>95% van de totale hoeveelheid afval scheiden voor recycling. Of: restafval < 0,1 kg per persoon per dag.

Grondstoffenplan opgesteld. Minimaal 3 maatregelen om restafval te verminderen.

Bekers herbruikbaar (min. 85% hergebruiken) of gerecycled (min. 85% recyclen).

Minimaal 4 maatregelen om hoeveelheid restafval te verminderen.

Bekers herbruikbaar (min. 95% hergebruiken).

Bekers herbruikbaar (min. 90% hergebruiken) of gerecycled (min. 90% recyclen).

Promoot het meenemen van een eigen herbruikbare fles (leeg) onder bezoekers. + trede 1

Meten eveneens cumulatief.

Meten retourpercentage bij herbruikbare en recyclebare bekers.

Analyse materialengebruik (hoeveelheid afval in kg).

+ trede 1, 2

Analyse materialengebruik (hoeveelheid afval + CO2eq emissies + milieu impact)

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

Analyse materialengebruik (ingekochte materialen en afval) (hoeveelheid + CO2eq emissies + milieu impact)

Inzicht in ingekochte materialen en grondstofstromen.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

14

Materialen (2/2)

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

• Gescheiden aanleveren hout, GFE, textiel, batterijen, apparaten, vetten, vapes en giftige stoffen (verf, spuitbussen). • Al het zwerfafval, ook sigarettenpeuken en tyraps, op en rond de locatie is opgeruimd. • Opruim- en schoonmaakprogramma.

• Gescheiden inzameling van materialen backstage (naast verplicht gescheiden aanleveren ook glas en papier/karton met duidelijk zichtbare bakken inclusief eenduidige signing volgens Rijkswaterstaat standaard. • Geen single-use producten als ballonnen, streamers, confetti, flyers, flesjes met losse dopjes en promotieartikelen (sampling). • Duurzaam alternatief voor tie- wraps. • Geen PVC (banners), polystyreen of tropisch hardhout. • Geen monoverpakkingen in crew catering en publiekscatering (sauzen, suiker, zout, boter, jam etc). • Stimuleren gebruik herbruikbare waterflessen door crew en leveranciers.

• Inkoopbeleid op basis van duurzaamheid en circulaire principes. • Gezamenlijk plan met belanghebbenden om materiaalgebruik te reduceren. • Gescheiden inzameling met duidelijk herkenbare bakken en signing voor sigarettenpeuken en vapes. Bring your own en hervul mogelijkheid voor herbruikbare drinkflessen bezoekers. • Geen of nauwelijks drukwerk of papiergebruik. • Donaties spullen en materialen aan (lokale) partijen voor hergebruik.

• Bewustzijnscampagne materialen. • Eco-design, modulair design, circulair textiel, recyclebare banners. • Camping inrichting op basis van verhuur. Productiemiddelen huren, circulaire constructies en apparatuur. • Permanente constructies en infrastructuur in samenwerking met terreineigenaar. • Alle belanghebbenden doen hier actief aan mee. • Voorkomen van ontbossing is onderdeel van contracten met leveranciers. • Aantrekkelijke en inspirerende Recycle hubs op het terrein. • Biobased materialen.

• Visuele Material Flow Analyse (MFA). • Demonstratie van innovatie rond materialengebruik op locatie en gedeeld met de sector.

15

Flora en Fauna In Nederland hebben we niet alleen te maken met een klimaatcrisis maar ook met een biodiversiteitscrisis. Evenementen kunnen zowel directe maatregelen als indirecte maatregelen nemen die bijdragen aan herstel – of liever verbetering – van de natuurlijke omgeving. Basisprincipe: Een flora- en fauna-activiteit kan schade toebrengen aan natuur of biodiversiteit. Iemand die dat weet of kan weten, moet zich altijd houden aan de specifieke zorgplicht bij het verrichten van een activiteit (artikel 11.27, Bal). De specifieke zorgplicht geldt bij alle dier- en plantensoorten, dus bij (inter)nationaal beschermde soorten én bij andere soorten. Het Nederlandse Dashboard Biodiversiteit kent 4 thema’s die samen Nederland richting biodiversiteitsherstel leiden. Dat zijn: de biodiversiteit aan de beterende hand helpen; de natuur beschermen en uitbreiden; het verminderen van de druk op biodiversiteit; en tenslotte het stimuleren van systeemverandering. © Bill White, 2024

In dit thema leggen we de focus op de directe impact op het evenemententerrein en overige terreinen (waterwegen, parkeerterreinen, toegangswegen etc.). De indirecte impact op de natuur is meegenomen in de verschillende thema’s. Bijvoorbeeld de impact van voedselproductie op de flora en fauna is verwerkt binnen het thema eten & drinken. Dit thema is vooral van toepassing voor evenementen die buiten, in of nabij een recreatiegebied of natuurgebied plaatsvinden.

Duurzaamheidsladder Evenementen

Wetgeving en normen: ESRS E2 en E4, Regulation on Deforestation-free products (EUDR), Wet Milieubeheer (o.a. 30% beschermd gebied in 2030). Activiteitenbesluit en -regeling. Omgevingswet. Besluit Activiteiten Leefomgeving. Bestemmingsplan / Omgevingsplan. Algemene Plaatselijke Verordening (APV), Lokale criteria zoals Natura2000, huurcontracten recreatiegebieden. Handhaving Trede 1: Ministerie van LNV, Omgevingsdienst, Provincie.

16

Flora en Fauna (1/2)

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Omgevingsvergunning indien vereist (flora en fauna activiteit of Natura2000 gebied).

Bomen en vegetatie worden beschermd.

Intensieve samenwerking met natuurorganisatie(s) om flora en fauna te verbeteren.

Intensieve samenwerking met belanghebbenden om flora en fauna te verbeteren.

Minimaal 4 maatregelen voor verbetering flora en fauna.

Voorkomen onnodig lijden van dieren.

Minimaal 1 maatregel voor verbetering van flora en fauna.

Minimaal 2 maatregelen voor verbetering flora en fauna.

Minimaal 3 maatregelen voor verbetering flora en fauna.

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

Klicmelding bij graafwerkzaamheden. Bij mogelijke schade voor natuurbelangen specifieke zorgplicht: kennis verzamelen (soorten, rode lijst); effecten analyseren (vogels, nesten, eieren, gebiedsfuncties); uitsluiten nadelige gevolgen; preventiemaatregelen, stoppen negatieve activiteiten of herstellen van schade. Geen zwerfafval en lekkage van schadelijke stoffen zoals brandstoffen, vetten, urinoirs en chemicaliën in grond of water. Lekkages of calamiteiten opnemen in het noodplan of calamiteitenplan.

Evenemententerrein en overig gebruikte terreinen worden tenminste opgeleverd in dezelfde staat als voorafgaand aan het evenement (eisen terreineigenaar), ook alle tentharingen worden opgeruimd.

Bescherming van flora en fauna tegen lichtvervuiling en geluid.

+ trede 1

Meten eveneens cumulatief.

Ecologische quickscan & inspectie door ecoloog & schouw, op evenemententerrein (tenminste 1x per 3 jaar & direct na het evenement. Aanvullend onderzoek indien nodig.

+ trede 1, 2, 3, 4

Impact op milieu en natuur door leveranciers.

Evenement < straal van 25 km van een Natura2000 gebied, dan een stikstofdepositie berekening met AERIUS.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

17

Flora en Fauna (2/2) Trede 1

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

• Mitigerende maatregelen om te voldoen aan wet- en regelgeving zijn voor het evenement vastgesteld.

Trede 2

• Geen spijkers of andere materialen in bomen. • Bijdrage in de regio om flora en fauna te verbeteren. • Ecologische schoonmaakmiddelen met certificaat. • Grote opruimactie op en rond het evenement na afloop. • Tweede opruimactie van het terrein in najaar bij kaalslag bomen (stem onderling af bij meerdere evenementen).

Trede 3

• Flora en fauna staat op de agenda. • Verbeteren dier- en insectvriendelijk groen op en rond de locatie. • Geen wespenvangers. • Insectenhotels, groendak, minibos. • Aanbieden van natuurvriendelijke zonnebrand. • Opruimschema op en rond de locatie. • Derde opruimactie van het terrein in het voorjaar bij start bloeiseizoen. (stem onderling af bij meerdere evenementen). • Emmers en absorberend materiaal voorhanden.

Trede 4

• Flora en fauna is top of mind. • Bijdrage in of buiten de regio om flora en fauna te verbeteren (financieel of anderszins). • Een lokale ecoloog helpt om doelstellingen rond biodiversiteit te formuleren en te realiseren. • Ecologisch groenbeheer van het evenemententerrein. • ISO 14001 certificering. • Bewustzijnscampagne flora en fauna.

Trede 5

• Intensieve samenwerking met lokale natuurorganisaties.

18

Water en Sanitatie Met name het bouwen van een tijdelijke waterinfrastructuur kan veel negatieve impact op het milieu hebben. Daarom is het belangrijk om het gebruik van schoon water te beperken tot noodzakelijke toepassingen en efficiëntie, diversificatie van soorten watergebruik en hergebruik van (grijs) water toe te passen. Basisprincipe: De drie belangrijkste principes rond water en sanitatie zijn het zorgen voor voldoende waterbeschikbaarheid, verminderen van het waterverbruik in de hele keten, en het voorkomen van vervuiling van het water. Aspecten rond water en sanitatie zijn o.a. drinkwater (water voor menselijke consumptie, koken, water voor sanitair), niet essentieel (watereffecten, stofpreventie, hot tub), afvalwater management, waterkwaliteit lokale omgeving en waterschaarste.

Wetgeving en normen: ESRS E3, Wet Milieubeheer, Drinkwaterbesluit, Activiteitenbesluit en -regeling, Waterleidingwet / Legionellapreventie, Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (WHVZ), Omgevingswet, Bestemmingsplan / Omgevingsplan, Algemene Plaatselijke Verordening (APV), ISO 46001 voor watermanagement, NEN 1006 voor drinkwaterinstallaties, RIVM Hygiënerichtlijn voor evenementen, WB 1.4 H (tijdelijke drinkwaterinstallaties). Handhaving Trede 1: Ministerie I&W, Rijkswaterstaat, Provincie. © Calluna Denkers, 2024

Duurzaamheidsladder Evenementen

19

Water en Sanitatie (1/2) Trede 1

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Bijdragen aan verminderen waterverbruik en waterkwaliteit (algemene verplichting).

Voldoende drinkwater beschikbaar (hitteprotocol).

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Kraanwater gratis beschikbaar via tappunten of handen was stations bij de toiletten.

Gebruik drinkwater voor andere doelen dan voor menselijke consumptie < 7,5 liter pppd.

Gebruik drinkwater voor andere doelen dan menselijke consumptie < 5 liter pppd.

Gebruik drinkwater voor andere doelen dan menselijke consumptie < 2,5 liter pppd.

75% drinkwater voor menselijke consumptie is kraanwater (watertappunten/ tankauto) (indien beschikbaar).

100% drinkwater voor menselijke consumptie is kraanwater (watertappunten/ tankauto) indien beschikbaar.

75% (van totale hoeveel water in) tenminste 1x hergebruikt.

100% van totale hoeveel water is tenminste 1x hergebruikt.

75% lager verbruik nietdrinkwater t.o.v. basisjaar.

100% circulair water (al het gewonnen water wordt op de locatie geherintroduceerd).

25% van afvalwater, uitwerpselen en urine voor terugwinning van stoffen.

50% van afvalwater, uitwerpselen en urine voor terugwinning van stoffen.

Totaal waterverbruik toiletten / urinoirs 75% minder dan reguliere toiletten / urinoirs.

Totaal waterverbruik toiletten / urinoirs 95% minder dan reguliere toiletten / urinoirs.

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

25% lager verbruik nietdrinkwater t.o.v. basisjaar.

Geen watervervuiling op en rond het terrein.

50% drinkwater voor menselijke consumptie is kraanwater (watertappunten) (indien beschikbaar).

50% (van totale hoeveel water) tenminste 1x hergebruikt.

Geen lozing van afvalwater op terrein en oppervlaktewater.

50% lager verbruik nietdrinkwater t.o.v. basisjaar.

Totaal waterverbruik toiletten /urinoirs 50% minder dan reguliere toiletten /urinoirs.

+ trede 1

Meten eveneens cumulatief.

Inzicht in totaal drink- en oppervlakte watergebruik en afvalwater per dag.

Aantal incidenten met lozing afvalwater.

Meting van totaal watergebruik drinkwater en niet-drinkwater en watergebruik per sector, afvalwater per sector.

Inspectierondes douches, sanitair, catering, lekkages.

+ trede 1, 2

Impact analyse water inclusief CO2eq emissies. % oppervlaktewater, regenwater, leidingwater.

Steekproefsgewijze sampling op een aantal waterleidingen of -wegen (chemicaliën, nutriënten, ammoniak), samples voor en na het evenement.

Aantal drinkwatertappunten pppd, met drinkwater volgens ISO 17025.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1

+ trede 1, 2

Volledig inzicht in waterverbruik en afvalwater per eindgebruiker en pppd.

% hergebruik grijswater. Gemiddelde douchetijd pppd.

Gewicht stoffen (nutriënten) teruggewonnen in kg/dag.

% behandeld water geherintroduceerd op locatie.

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

20

Water en Sanitatie (2/2) Trede 1

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

• Aandacht voor zuinig omgaan met drinkwater.

Trede 2

• Waterbespaarplan. Hergebruik grijswater van bijv. spoelwater, afwas-, douchewater. • Filteren en hergebruik van lokaal oppervlaktewater. • Actieve bescherming van waterkwaliteit op en rond het evenement (bijv. door hekken om mensen van een sloot weg te houden). Afspraken rond waterbesparing en waterbehandeling door leverancier van wateraansluitingen. • Regenwater opvang. • Watertappunten op het evenement. • Signage / signing waterbesparing bij tappunten. • Actief opsporen van lekkages. • Aantal zelfsluitende kranen toegepast. Waterbesparende douches. Douchen tegen betaling aanbieden (met tijdslimiet). Incidenten rond waterverontreiniging zijn onderdeel van het noodplan.

Trede 3

Trede 4

Trede 5

• Filteren van grijs water en hergebruik. • Waterbesparingsplan besproken met alle belanghebbenden. • Niet drinkwater uit hernieuwbare bron zoals regenwater. • Watertanks als aanvulling op de aanwezige waterleiding. • Emmers en absorberend materiaal voorhanden. • Ecologische • Microvezeldoekjes i.p.v. water en schoonmaakmiddelen. • Lage druk drinkwater of waterbesparende kranen. • Kranen drinkwater: max 6 liter per minuut. • Douches: max 10 liter per minuut. • Toilet/urinoir: max 4 liter per minuut. • Waterloze toiletten. • Mobiele waterzuinige spoel toiletten • Toiletten aangesloten op riolering.

• Gestructureerd programma aan waterbesparende en lekkage voorkomende maatregelen. Waterbesparing is een belangrijk criterium voor keuze van sanitair leveranciers. • Kranen drinkwater: max 5 liter per minuut. • Douches: max 9 liter per minuut. • Toilet/urinoir: max 3 liter per minuut. • Jaarlijkse doelstelling voor waterbesparing. • Leidingsysteem is goed gescheiden van natuurlijke waterwegen, ook bij een overstroming. • Donaties en aandacht aan goede doelen rond water. Bewustzijnscampagne watergebruik. • ISO 46001 certificering.

• Evenement is leidend in het verminderen van watergebruik. • Kranen drinkwater: max 4 liter per minuut. • Douches: max 8 liter per minuut. • Toilet/urinoir: max 2 liter per minuut. • Intensieve samenwerking met goede doelen, NGO’s, leveranciers, lokale gemeente en partijen rond waterkwaliteit, flora en fauna in water in de omgeving van het evenement. Innovatie rond onttrekken van bijvoorbeeld nutriënten en energie uit uitwerpselen en urine. • Water- en urinebehandeling ter plaatse, demonstratie van innovaties ter plaatse.

21

Eten en Drinken Wat en hoe veel we vandaag de dag consumeren, richt een onomkeerbare schade toe aan de ecosystemen op aarde. Denk aan ontbossing, vervuiling van water en lucht, verlies aan bodemkwaliteit, bedreiging van wilde dieren, planten, biodiversiteit en klimaatverandering. Actie ondernemen kan al met een paar kleine stappen op je menukaart. Basisprincipe: De grootste reductie in milieu- en klimaatimpact van eten en drinken wordt bereikt door de overstap van dierlijke naar plantaardige ingrediënten en het terugdringen van voedselverspilling. Daarna volgen basisprincipes als lokaal geproduceerde, en seizoensingrediënten, biologisch, biodynamisch of regeneratief geproduceerd. Tot slot is de impact op het dierenwelzijn, biodiversiteit en sociale aspecten een belangrijk aandachtspunt.

Wetgeving en normen: HACCP (Hazard Analysis and Critical Control Points). Alcoholwet. Warenwet. Tabaks- en rookwarenwet. Europese verordening 1169/2011, voedselinformatie voor consumenten. ISO 22000 voor voedselveiligheid. Handhaving Trede 1: Gemeenten (alcohol), NVWA (tabak, hygiëne).

Duurzaamheidsladder Evenementen

© Valeria Boltneva

22

Eten en Drinken (1/2) Trede 1

Criteria

zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Voldoen aan de alcoholwet, Tabaks- en rookwarenwet.

Zorgdragen voor hygiëne van levensmiddelen (HACCP).

Allergenen informatie beschikbaar.

Trede 2

Minimaal 2 maatregelen om de impact van eten en drinken te reduceren zijn doorgevoerd.

Minimaal 1 maatregel rond de menukaart doorgevoerd.

Maatregelen voor het terugdringen van voedselverspilling zijn onderdeel van de afspraken met cateraars.

Trede 3 <1 kg CO2eq emissie gemiddeld per maaltijd, excl. mobiliteitsemissies en energie van bereiding.

Minimaal 3 maatregelen om de impact te reduceren.

Minimaal 2 maatregelen rond menukaart.

50% plantaardig eten & drinken (geconsumeerd).

50% van de dranken is geproduceerd in Nederland

Heldere doelstellingen incl. dierenwelzijn, biodiversiteit en sociale impact.

Trede 4

Trede 5

< 0,5 kg CO2eq emissie gemiddeld per maaltijd.

Voedselverspilling < 0,05 kg per persoon per dag.

Voedselverspilling < 0,1 kg per persoon per dag.

< 0.25 kg CO2eq p/liter gemiddelde drank.

Minimaal 4 maatregelen om de impact te reduceren.

100% plantaardig eten en drinken (geconsumeerd).

75% plantaardig eten en drinken (geconsumeerd).

85% van de ingrediënten is in Nederland geproduceerd.

70% van de ingrediënten is in Nederland geproduceerd.

90% van de dranken is geproduceerd in Nederland.

70% van de dranken is geproduceerd in Nederland.

80% van dranken is biologisch gecertificeerd.

15% van de ingrediënten via Nederlandse regeneratieve boeren ingekocht.

100% soda’s van lokaal (bruis) water en biologische siropen.

100% van de koffie, thee en chocolade is Fairtrade gecertificeerd. + trede 1

Meten

eveneens cumulatief.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

Inventarisatie van het complete aanbod eten en drinken op duurzame en sociale aspecten.

Analyse van eten en drinken (aantallen gezond, vega(n), vlees, vis, lokaal, fairtrade, dierenwelzijn, biologisch).

Impact analyse van eten en drinken inclusief CO2eq emissies en milieu impact en kilo’s voedsel verspilling.

+ trede 1

+ trede 1, 2

23

Eten en Drinken (2/2)

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

• Aanbod van vegetarische gerechten • Aanbieden van plantaardige melk in warme dranken. • Fairtrade koffie & thee • Dierlijke producten met Beter leven keurmerk 1 ster

• Alle dierlijke producten zijn tenminste gecertificeerd met Beter Leven 3 sterren. • Voor de meeste uitgiftepunten geldt: tenminste 1 vega en/of 1 plantaardig gerecht op het menu. • Geen gerechten met rundvlees, kalfsvlees of lamsvlees. • Geen gerechten met vis en schelpdieren met score rood in de viswijzer. • Koffie, thee, chocolade) melk zijn Fairtrade gecertificeerd • 1 aangeboden drank (zoals bier, cola, koffie) is biologisch gecertificeerd. • Menukaart: het menu item met lage impact op klimaat en/of biodiversiteit staat bovenaan het menu, als de standaard optie. Op de menukaart wordt met labels/symbolen aangegeven of een gerecht vegan, vega, biologisch, fairtrade of lokaal is. • Overgebleven eten en drinken wordt opgehaald om te worden gebruikt voor menselijke consumptie (denk wel aan regels voedselveiligheid).

• Alle dierlijke producten zijn biologisch gecertificeerd. Alle vis- en schaaldier producten zijn MSC of ASC gecertificeerd. • In alle menu opties hebben plantaardige ingrediënten de hoofdrol. • 1 gerecht wordt aangeboden met enkel seizoens ingrediënten, bij voorkeur in Nederland geproduceerd. • 1 gerecht wordt aangeboden met enkel geredde ingrediënten die in Nederland geproduceerd zijn. • 1 Populair menu item wordt gemaakt vanuit een korte keten (patat van lokale aardappels). • Menukaart: lokale, biologische en plantaardige gerechten worden extra gepromoot op het evenement. • Menu item met een lage impact op klimaat en/of biodiversiteit is gelijk of goedkoper geprijsd dan het alternatief.

• Cateraars werken met producten van geredde ingrediënten (Instock Market, De Verspillingsfabriek). • Dierlijke ingrediënten zijn gecertificeerd met het Demeter keurmerk of vergelijkbaar. • Voorkomen van ontbossing is onderdeel van contracten met leveranciers. • Bewustzijnscampagne duurzame keuzes eten en drinken. • Geen verkoop van verpakt water alleen verkoop of gratis aanbieden van kraanwater. • ISO 22000 certificering.

• Lokale samenwerking met een regeneratieve boerderij voor ingrediënten en kennis. • Samenwerken met een lokaal regeneratief netwerk voor tenminste 50% ingrediënten (< 50 km). • Samenwerken met lokaal initiatief om nieuwe gerechten te maken van overgebleven voedsel voor menselijke consumptie. • Bier is lokaal gebrouwen met Nederlandse geteelde ingrediënten. Samenwerking met NGO, actiegroep of stichting op het gebied van eten, klimaat, biodiversiteit en/of bodem.

24

Sociale thema’s Veiligheid en Gezondheid Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie Toegankelijkheid

Duurzaamheidsladder Evenementen

Veiligheid en Gezondheid Evenementen kunnen zowel positieve als negatieve impact hebben op de gezondheid van bezoekers en organisatie. Denk aan stress, oververmoeidheid en burn-out, maar ook ongezond eten, roken, drugsgebruik, slechte luchtkwaliteit en geluidsoverlast van het omgevingsgeluid. Basisprincipe: Het doel van het thema Veiligheid en Gezondheid (V&G) is het voorkomen van ongevallen, ziekte en (fysieke, mentale, sociale of financiële) schade. Door middel van een risico-inventarisatie en -evaluatie worden risico’s in kaart gebracht en vereiste maatregelen vastgesteld. Een veilige omgeving is belangrijk (machines, constructies etc.) maar het gedrag van mensen is eveneens een belangrijke factor. Een bruikbaar concept is de ijsbergtheorie. Het kleine deel van de ijsberg dat boven water uitsteekt, staat voor het aantal geregistreerde ongevallen. Het grootste deel van de ijsberg dat zich onder water bevindt, vertegenwoordigt het aantal afwijkingen, incidenten, bijna-ongevallen, gevaarlijke situaties en gevaarlijke handelingen. Hoe meer aandacht voor gebeurtenissen onder water hoe kleiner het puntje boven water. Veiligheid heeft meerdere domeinen zoals arbeidsveiligheid, verkeersveiligheid, constructieve veiligheid, machineveiligheid, brandveiligheid, sociale veiligheid en informatieveiligheid.

Wetgeving en normen: Arbowet, Arbobesluit. Arbeidstijdenwet. Vuurwerkbesluit, Warenwet, o.a. CE-markering. Wet publieke gezondheid. Wet veiligheidsregio’s. Algemene Verordening gegevensbescherming (AVG), Beleidsregel geluid Evenementen in de open lucht 2022, Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, RIVM - Hygiënerichtlijn voor evenementen, ESRS S1 en S2, ISO 45001 certificering voor veiligheidsmanagement, ISO 27001 en ISO 27701 certificering voor informatieveiligheid, NPR 8020 en NEN 8020 serie, Veiligheidsladder. Handhaving Trede 1: Nederlandse Arbeidsinspectie (arbeidsveiligheid), NVWA (gezondheid, veiligheid van consumentenproducten), Veiligheidsregio en Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) (publieke veiligheid), Autoriteit Persoonsgegevens (AVG), Omgevingsdienst (overlast), Politie (beveiligingsorganisaties, verkeersveiligheid, publieke veiligheid), Brandweer (brandveiligheid), Inspectiedienst Leefomgeving en Transport (ILT) (vuurwerk en pyro), Agentschap Telecom (drones).

Duurzaamheidsladder Evenementen

26

Veiligheid en Gezondheid (1/2) Trede 1

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Trede 2

Zorg dragen voor veiligheid en gezondheid van medewerkers, leveranciers en bezoekers.

Trede 3

Trede 4

Trede 5

V&G beleid en doelstellingen.

Personeel en crew zijn doordrongen van het belang van veilig en gezond werken.

In V&G plannen zijn alle belanghebbenden vertegenwoordigd.

Programma om te leren van incidenten, meldingen en bijna ongevallen.

Programma van inspecties en audits van en door alle belanghebbenden.

Geluidsplan en rapportage. Basiscontract bij Arbodienst, Veiligheid & Gezondheid voorlichting.

Registratie, onderzoek en bespreken van incidenten.

Preventiemedewerker bedrijfshulpverlening (BHV).

Noodplan of calamiteitenplan en ontruimingsplan.

Persoonlijke beschermings-, beveiligings-, EHBO-, hijs- en arbeidsmiddelen.

Voldoen aan RIVM Hygiënerichtlijn evenementen.

Maximaal geluidsniveau, gemeten over 15 minuten volgens gehoorconvenant: t/m 13 jaar: Leq=91 dB(A), 14 en 15 jaar: Leq=96 dB(A), 16 en 17 jaar: Leq=100 dB(A).

Gehoorbescherming bij >88 dB(A) tot 18 jaar en >92,5 dB(A) vanaf 18 jaar.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

27

Veiligheid en Gezondheid (1/2) Trede 1

Meten

Meting geluidsniveau.

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

V&G analyse leveranciers. Zie Trede 1 en 2.

Registratie incidenten.

eveneens cumulatief. Als je werkgever bent: Risicoinventarisatie en -evaluatie (RI&E) + plan van aanpak + Periodiek Arbeidsgeneeskundig Onderzoek (PAGO).

+ trede 1

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

• Veiligheidsplan incl. brand-, verkeers- en publieksveiligheid en beveiliging. • V&G aspecten door extreem weer zijn meegenomen in het veiligheidsplan. • Incidenten worden besproken. • Safety Culture Ladder Trede 1.

• Aandacht voor alcohol en drugsmisbruik volgens Leidraad Alcohol, Drugs en Tabak op evenementen. • (Herbruikbare) oordoppen beschikbaar voor zowel crew als publiek. • De organisatie is bekend met het convenant ‘preventie gehoorschade’. • Veiligheidschecklist Aannemers (VCA) als inkoopcriterium voor leveranciers. • VCA opleidingen. • Safety Culture Ladder Trede 2.

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

• Regelmatig V&G trainingen voor personeel en crew. • Het wordt gestimuleerd om onveilige situaties te melden. • Regelmatig V&G inspecties door personeel. • Veilig en onveilig gedrag wordt besproken met personeel en crew. • Safety Culture Ladder Trede 3.

• Intensieve samenwerking met alle belanghebbenden rond ESG thema’s. • Bewustzijnscampagne V&G. • Mensen voeren regelmatig een Laatste Minuut Risico Analyse (LMRA) uit. • ISO 45001 certificering. • Safety Culture Ladder Trede 4.

+ trede 1, 2, 3, 4

• Safety Culture Ladder Trede 5.

28

Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie Het is belangrijk dat evenementen de brede diversiteit in de samenleving representeren, en dat de stemmen en meningen van alle mensen worden gehoord – ook op de plekken waar belangrijke beslissingen worden gemaakt.

BIPOC: staat voor “Black, Indigenous, and People of Color” oftewel zwarte, inheemse en gekleurde mensen. De term wordt vooral gebruikt als een inclusieve term om te verwijzen naar diverse etnische en raciale groepen, oorspronkelijk voornamelijk in de context van racisme in de Verenigde Staten (en wereldwijd).

Basisprincipe: Diversiteit betekent verscheidenheid en gaat over de mix van verschillen tussen mensen. Dat kunnen zichtbare verschillen zijn zoals leeftijd, sekse, huidskleur en lichamelijke beperking. Maar ook onzichtbare verschillen, zoals cultuur, seksuele voorkeur, politieke overtuiging, talenten in je werk, je belastbaarheid, niet zichtbare beperkingen of je persoonlijkheid. Als verschillen tussen mensen er mogen zijn en worden gerespecteerd, dan spreken we van inclusie. Met gelijkheid wordt bedoeld het actief streven naar het wegnemen van ongelijkheid en het creëren van eerlijke kansen voor alle individuen, ongeacht hun zichtbare of onzichtbare verschillen. Afstand tot de arbeidsmarkt: de mate waarin een individu, om verschillende redenen, moeite kan hebben om werk te vinden of te behouden. Deze afstand kan verschillende oorzaken hebben, zoals gebrek aan relevante vaardigheden, beperkingen als gevolg van gezondheidsproblemen of handicap, taalbarrières, gebrek aan ervaring, of andere persoonlijke of sociale omstandigheden. Partnerverlof: Het aanvullend geboorteverlof bedraagt maximaal vijf weken en kan worden opgenomen tegen een uitkering van 70% van het dagloon, tot een maximum van 70% van het maximumdagloon.

Duurzaamheidsladder Evenementen

© Anna Shvetz, 2024

Culturele vieringen: culturele vieringen zijn gebeurtenissen of ceremonies die worden gehouden om de tradities, gebruiken, waarden en identiteit van een bepaalde cultuur of gemeenschap te vieren. Deze vieringen kunnen variëren van religieuze festivals tot seculiere evenementen en kunnen

verschillende aspecten van de cultuur omvatten, zoals taal, eten, kleding, muziek, dans, kunst en meer. Wetgeving en normen: Verschillende Europese richtlijnen voor bijvoorbeeld rassengelijkheid, gelijke behandeling in arbeid en beroep, gendergelijkheid, Algemene wet gelijke behandeling (AWGB), ISO 30415 certificering. Handhaving Trede 1: Nederlandse Arbeidsinspectie.

29

Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie (1/2) Trede 1

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Beginnend besef van diversiteit, gelijkheid en inclusie (DGI) op en rond het evenement.

Algemene verplichting: Bijdragen aan meer diversiteit en inclusie.

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Minimaal 2 maatregelen om de online communicatie, het evenement en het programma inclusiever te maken worden genomen.

Een visie met concrete doelstellingen en indicatoren bepaald op het gebied van DGI.

Sterk ontwikkelde visie + maatregelen en cultuur rond DGI.

Maatregelen rond DGI zijn doorgevoerd in alle aspecten van het evenement en de organisatie.

Beleid en procedure voor discriminatie, geweld en grensoverschrijdend gedrag bij crew en publiek.

Minimaal 3 maatregelen worden op basis van de visie genomen.

Een MT-lid is verantwoordelijk voor het monitoren en behalen van de doelen, en het creëren van draagvlak voor DGI bij alle belanghebbende.

Mensen vrijwaren van discriminatie, geweld of grensoverschrijdend gedrag.

Inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (2% van het totaal aan mensen werkzaam op het evenement inclusief vrijwilligers SROI 2%).

Meten eveneens cumulatief.

+ trede 1

+ trede 1, 2

Klachtenregistratie van discriminatie, geweld of grensoverschrijdend gedrag.

Monitoring en evaluatie DGIinitiatieven integraal bij het evenement.

Gelijk loon en/of vergoeding check voor je vaste en freelance medewerkers, artiesten/sprekers/sporters.

Aantallen en verhouding mensen op het podium, team en publiek.

Online scan Code Diversiteit & Inclusie ingevuld.

Duurzaamheidsladder Evenementen

Minimaal 4 maatregelen worden op basis van de visie genomen.

Integrale aanpak, ingebed in de dagelijkse praktijk, samen met het eigen team en alle betrokken belanghebbende.

DGI visie, doelstellingen en resultaten zijn openbaar gedeeld.

Inzet van mensen met een afstand tot de (3% van het totaal aan mensen werkzaam op het evenement inclusief vrijwilligers SROI 3%). + trede 1, 2, 3

Monitoring van resultaten en continu verbetering van DGI.

Succes en resultaten van de DGI doelstellingen zijn openbaar erkend door een respectabel instituut of platform.

(5% van het totaal aan mensen werkzaam op het evenement inclusief vrijwilligers SROI 5%).

+ trede 1, 2, 3, 4

DGI analyse leveranciers.

Aantal mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werkzaam op het evenement.

Indicatoren van doelstellingen worden elke editie gemeten.

30

Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie (2/2)

Voorbeeld maatregelen

Duurzaamheidsladder Evenementen

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

• Anti-discriminatie en grensoverschreidend gedrag protocol en beleid. • Telefoonnummer om grensoverschrijdend gedrag te melden is goed zichtbaar.

• Klachtenprocedure is vastgelegd met belanghebbenden. • Doelstellingen zijn vastgelegd voor een divers programma. • Criteria of voorkeuren opgesteld voor diversiteit van crewleden via toeleveranciers (beveiliging, hostessen, bar personeel etc). • Crewbriefing gemaakt waarin bejegening, sociale veiligheid en protocollen voor incidenten staan opgenomen tijdens het evenement. • Campagne tegen ongewenst seksueel gedrag, bijvoorbeeld ‘Ben Je Oke?’ • Inclusieve communicatie richtlijnen zijn toegevoegd aan het merk-handboek van het evenement en voorkomen uitsluiting door tekst & beeldgebruik. • Respecteer culturele vieringen die door teamleden, stagiaires en vrijwilligers worden gevierd en houd hier rekening mee in planningen. • Personeel heeft de vrijheid om zelf vrije dagen op feestdagen te bepalen in te zetten (mits er geen even in de planning staat) • Een eerlijk loon en vergoeding beleid is van kracht. • Team training op onderbewuste vooroordelen.

• Klachtenprocedure publiekelijk gedeeld. • Codes toegepast: Fair Practice Code. Governance Code cultuur. Code Diversiteit en Inclusie. • Samenwerking met organisaties die zich inzetten voor mensen met een andere achtergrond dan de norm, bijvoorbeeld New Faces, Refugee Team, Backstage Pass, Keychange en EventHands. • Vacatures inclusief en uitgezet onder een bredere doelgroep. • Gast-curator om een doelgroep te vertegenwoordigen in het programma. • Teams geïnformeerd over micro-agressies en hoe mensen op problematisch gedrag te wijzen op een respectvolle manier.

• Externe DGI commissie of raad om mee te denken met belangrijke beslissingen vanuit verschillende invalshoeken. • Intensieve samenwerking met lokale organisaties die zich inzetten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of leerplek. • Sociale impact producten en diensten van sociale werkplaatsen als inkoop criteria toe bij de inkoopafdeling. • Partnerverlof aangevuld tot 100%. • ISO 30415 certificering. • Samenwerking met agencies, productiehuizen en labels die DGI hoog in het vaandel hebben staan. • Bewustzijnscampagne DGI

Trede 5

31

Toegankelijkheid Een evenement is toegankelijk als de persoon met een beperking de promotie en informatie over het evenement zelfstandig kan lezen of luisteren en het evenement zelfstandig kan bezoeken – en als iedereen op een inclusieve manier verwelkomd en juist bejegend wordt. Basisprincipe: Toegankelijkheid van een evenement voor mensen met een beperking is een onderdeel van Diversiteit en Inclusie. Vormen van zichtbare en onzichtbare beperkingen zijn mensen met een: • Fysieke beperking zoals niet (volledig) functionerende en/of ontbrekende ledematen, tijdelijke beperkingen zoals gebroken been • Visuele beperking zoals blind of slechtziend • Auditieve beperking zoals doof of slechthorend • Neurodiversiteit zoals ADHD, ADD, autistisch spectrum of hoogsensitief • Verstandelijke beperking zoals LVB of Syndroom van Down • Chronische lichamelijke aandoening zoals ziekte van Crohn, long covid of vermoeidheidsklachten • Financiële beperking door laag besteedbaar inkomen • Cognitieve beperking zoals Alzheimer, Niet aangeboren Hersenletsel (NAH) of epilepsie • Situationele beperking zoals slechthorend door harde achtergrondmuziek Ook deze mensen willen op jouw evenement naar het toilet kunnen, eten en drinken bestellen, over het terrein bewegen, het programma beleven en meegenomen worden in het calamiteitenplan. Duurzaamheidsladder Evenementen

Tenminste een aanzienlijk deel van het programma moet kunnen worden beleefd; met eventuele extra faciliteiten en bij voorkeur samen met een partner, vriend of familielid die samen met deze personen op het event is. Wetgeving en normen: Bouwbesluit. Gelijke rechten voor mensen met beperking of chronische ziekte, NEN 9210, toegankelijkheid van gebouwen. WCAG 2.2 A en Europese Accessibility Act (AA), digitale toegankelijkheid (voor overheden en in 2025 voor organisaties). Handhaving Trede 1: Gemeente.

32

Toegankelijkheid (1/3)

Criteria zijn cumulatief: de criteria van elke trede omvatten ook alle criteria van de voorgaande treden.

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

Trede 5

Toegankelijkheid en evacuatie van mensen met een verschillend type beperking meenemen in calamiteitenplan.

Basis maatregelen genomen om de (online) communicatie, het evenement en het programma toegankelijk te maken.

Voor tenminste twee vormen van een beperking is het evenement toegankelijk en duidelijk meegenomen in de promotie en communicatie van het evenement.

Voor tenminste drie vormen van een beperking is het evenement toegankelijk en duidelijk meegenomen in de promotie en communicatie van het evenement.

Voor tenminste vier vormen van een beperking is het evenement toegankelijk en duidelijk meegenomen in de promotie en communicatie van het evenement.

Toetsing en waarborging van het complete proces van toegankelijkheid door een ervaringsdeskundige of belangenvereniging van de betreffende beperking.

Er zijn mensen werkzaam op het evenement met een beperking en/of op het podium.

Er is tenminste 1 persoon met een arbeidsbeperking werkzaam in het kernteam volgens de participatiewetgeving.

Hulphond is toegestaan

In 2025 digitale informatie voorziening(en) toegankelijk volgens de WCAG 2.2 richtlijnen (websites, apps, nieuwsbrief en social media).

Voor tenminste één vorm van beperking is het evenement toegankelijk en duidelijk meegenomen in de online communicatie van het evenement.

Toegankelijkheid informatie is digitaal toegankelijk, uitgebreid, gespecificeerd en duidelijk vindbaar.

Tenminste 2 voorbeeldmaatregelen worden genomen.

Meten

De organisatie is goed en snel bereikbaar voor (aan) vragen over toegankelijkheid en zet zich in om hierin te faciliteren.

De organisatie kan faciliteren in op-maat aanvragen van mensen met een beperking.

Tenminste 4 voorbeeldmaatregelen worden genomen.

Tenminste 3 voorbeeldmaatregelen worden genomen.

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

Inschatting gemaakt voor welke vormen van beperking toegankelijkheid georganiseerd moet worden.

Registreren van bijvoorbeeld tickets voor mensen met een beperking, nieuwsbrief, toegankelijke functionaliteiten website, aantal vragen en gebruik van toegankelijke faciliteiten.

Kwalitatief onderzoek onder bezoekers met beperking.

+ trede 1, 2, 3, 4

Bezoekersonderzoek behoefte toegankelijke maatregelen en faciliteiten.

Duurzaamheidsladder Evenementen

+ trede 1

+ trede 1, 2

+ trede 1, 2, 3

+ trede 1, 2, 3, 4

33

Toegankelijkheid (2/3)

Voorbeeld maatregelen zie extra maatregelen per beperking op de volgende pagina.

Duurzaamheidsladder Evenementen

Trede 1

Trede 2

Trede 3

Trede 4

• Kennis opdoen via genoemde bronnen toegankelijkheid. • Informatie delen op website over toegankelijke faciliteiten.

• Toegankelijkheidsschouw door organisatie met kennis van evenementen en toegankelijkheid, bijvoorbeeld Welkom Toegankelijkheid & Evenementen. • Kijkplatform voor podium (voor rolstoel, rollator, krukgebruikers, lichamelijke aandoeningen, visuele beperking). • Samenwerken met (belangen-) verenigingen, organisaties en instanties die in contact staan met (lokale) mensen met een beperking. • (Ervarings)deskundigen (betaald) inzetten bij toetsing op toegankelijkheid. • Toegankelijkheid meenemen in briefing naar crew en leveranciers. • Normaliseren van beperkingen via content naar buiten toe. • E-mailadres instellen om vragen te stellen over toegankelijkheid. (geen info@ gebruiken ivm AVG ) • Menu met allergenen informatie zichtbaar. • Juiste bejegening (omgangsvormen) gebruiken.

• Aanstellen toegankelijkheidscoördinator. • Plek vooraan bij het podium met prioriteit voor mensen met een beperking duidelijk aangegeven en op toegezien door de organisatie (door bijvoorbeeld beveiliging). • Een (pols)bandje voor mensen die mogelijk ondersteuning nodig hebben of extra privileges krijgen om het evenement gelijkwaardig te kunnen ervaren, herkenbaar voor beveiliging en crew. • Een telefoonnummer voor bezoekers met een beperking om op de dag zelf contact mee op te nemen voor vragen of support ter plaatse. • Een mailinglijst creëren met hierin updates over toegankelijkheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15585866/1