CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Bijlage 4: Ontwerp Onderhoudverordening 2023

commissie Beheer 6 april 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: Instemmen met de gemeentelijke zienswijze op de Waterschapsverordening van het hoogheemraadschap van Rijnland2.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontwerp Onderhoudsverordening Rijnland Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen Dit is de uitleg van de in deze verordening gebruikte begrippen: Damwand Een constructie die grond of water keert. Het is gemaakt van bijvoorbeeld beton, steen, hout, kunststof of staal. Dijkgraaf en hoogheemraden Het dagelijks bestuur van Rijnland, bedoeld in artikel 8 van het Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Rijnland en artikel 40 van de Waterschapswet. Grondwaterlichaam In de Omgevingswet staat: Afzonderlijke grondwatermassa in een of meer watervoerende lagen. Infrastructuur In de Omgevingswet staat: wegen en vaarwegen, waaronder routenetwerken voor wandelen, fietsen en varen, spoorwegen, havens, luchthavens, energie-infrastructuur, telecommunicatie-infrastructuur, buisleidingen, openbare hemelwater- en ontwateringsstelsels en vuilwaterriolen, infrastructuur voor watervoorzieningswerken als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drinkwaterwet en andere vitale infrastructuur. Kernzone Het centrale deel van het waterstaatswerk. De kernzone staat in de werkingsgebieden. Kunstwerk Een civieltechnisch werk dat nodig is om het netwerk van wegen, water, spoorbanen, waterkeringen, en/of leidingen goed te laten werken. Zo’n kunstwerk is niet bedoeld voor permanent verblijf door mensen. Landinwaarts Vanaf de waterkant verder het land in.

Legger In de Omgevingswet staat: legger als bedoeld in artikel 2.39 Omgevingswet. Maaiveld De bovenkant van de grond van een terrein. Ook de bestrating hoort bij het maaiveld. Bij het maaiveld hoort niet: een kunstmatige verhoging zoals een talud of een berm; en een kunstmatige verlaging. NAP Normaal Amsterdams Peil. Alle hoogtes in Nederland worden gemeten ten opzichte van met het NAP. Natprofiel Het oppervlakte van de dwarsdoorsnede van een oppervlaktewater, dat bij het schouwpeil onder de waterspiegel ligt.

Oever Het gebied tussen de waterbodem en het maaiveld. Onderhoudsplichtige De persoon die volgens de Onderhoudsverordening het onderhoud moet doen. Ondersteunend kunstwerk Een kunstwerk dat nodig is voor het goed laten werken van het watersysteem. Bijvoorbeeld een stuw om het waterpeil op goede hoogte te houden, zodat een dijk niet uitdroogt. Of een damwand die het water tegenhoudt. Oppervlaktewater De sloten, vaarten, plassen, meren, rivieren, kanalen. En ook droogstaande greppels die wel in verbinding staan met ander oppervlaktewater. Oppervlaktewaterlichaam In de Omgevingswet staat: samenhangend geheel van vrij aan het aardoppervlak voorkomend water, met de daarin aanwezige stoffen, en de bijbehorende bodem en oevers, alsmede flora en fauna. Peilbesluit In dit document staat: het waterpeil in een gebied, of de bandbreedten waarbinnen het waterpeil kan variëren. in welke periode en in welke situatie dit waterpeil zo veel mogelijk in stand wordt gehouden. Het peilbesluit is door de verenigde vergadering vastgesteld. Rijnland Het hoogheemraadschap van Rijnland. Schouw Controle waarbij Rijnland kijkt of het onderhoud volgens de regels is uitgevoerd. Schouwpeil a. Voor gebieden met een peilbesluit geldt: als het winterpeil hoger is dan het zomerpeil, dan komt het schouwpeil overeen met het zomerpeil. In andere gevallen is het schouwpeil het winterpeil uit het peilbesluit; b.

Voor gebieden met een peilbesluit met een flexibelpeil geldt: het schouwpeil is het flexibelpeil. i. Voor gebieden met alleen een bovengrens en ondergrens van het flexibelpeil geldt: het schouwpeil is het gemiddelde van de bovengrens en de ondergrens. ii. Voor gebieden waar het schouwpeil mag uitzakken geldt: het schouwpeil is de ondergrens van het flexibelpeil. c. Voor gebieden zonder peilbesluit geldt: het schouwpeil is het peil dat normaal gesproken wordt gehandhaafd in de winterperiode door of namens dijkgraaf en hoogheemraden. Stoffen Chemische elementen en verbindingen. Stuw Een constructie die water tegenhoudt en waarmee het waterpeil in een oppervlaktewater wordt geregeld. Talud Dit is het schuine deel van een dijk, of de schuine oever tussen de waterbodem en het maaiveld. Verenigde vergadering het algemeen bestuur van Rijnland, bedoeld in artikel 8 van het Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Rijnland en artikel 12 van de Waterschapswet. Waterbodem De grond van een oppervlaktewater onder de waterspiegel. Waterkerendheid Hoe goed de waterkering het water kan tegenhouden. Waterkering

Een waterkering houdt water tegen en beschermt tegen een overstroming. Het zijn waterscheidingen, kunstmatige hoogten en (gedeelten van) natuurlijke hoogten of hooggelegen gronden. Vaak wordt dit een dijk genoemd. Bij de waterkering horen ook sommige kunstwerken die daarin of daaraan zijn gemaakt. Het gaat om kunstwerken die (ook) een waterkerende functie hebben. Bijvoorbeeld een sluis. Waterpeil De hoogte van de bovenkant van het oppervlaktewater. De hoogte wordt gemeten ten opzichte van het Normaal Amsterdams Peil (NAP). Het waterpeil gaat dus niet om de diepte van het water. Waterspiegel Het grensvlak tussen water en lucht. Een ander woord is wateroppervlak. Watersysteem In de Omgevingswet staat: Samenhangend geheel van een of meer oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen, met bijbehorende bergingsgebieden, waterkeringen en ondersteunende kunstwerken. Werkingsgebied Het deel van het beheergebied van Rijnland waar bepaalde regels gelden. Winterpeil Het waterpeil dat in de winter wordt gebruikt. Het juiste winterpeil staat in het peilbesluit. Zeewering De waterkeringen die ons beschermen tegen overstroming door de zee. Denk hierbij aan de duinen, dijken en duin-in-dijk-constructies. Zomerpeil Het waterpeil dat in de zomer wordt gebruikt. In het peilbesluit staat wat het zomerpeil is. Meestal geldt het zomerpeil van ongeveer maart/april tot ongeveer september/oktober.

Artikel 1.2 Wie is verantwoordelijk voor het onderhoud 1 Als de kadastraal eigenaar volgens artikel 3.2, artikel 3.5, artikel 3.8 of artikel 3.12 verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud, dan zijn deze partijen ook verantwoordelijk voor dit onderhoud: a. de beperkt gerechtigde, als er een beperkt recht is gevestigd op de grond; en b. de gebruiker, als de grond volgens persoonlijk recht in gebruik is gegeven. 2 Als meerdere personen verantwoordelijk zijn voor het onderhoud, dan zijn al deze personen hoofdelijk aansprakelijk. Artikel 1.3 Doelen De doelen van deze onderhoudsverordening zijn: a. zorgen voor goed onderhoud van alle onderdelen van het watersysteem; en b. duidelijk maken wat het onderhoud is; en c. duidelijk maken wie verantwoordelijk is voor het onderhoud.

Hoofdstuk 2 Werkingsgebieden Artikel 2.1 Waterkering Dit is de kaart van het werkingsgebied: kernzone van de waterkering.

Artikel 2.2 Zeewering 1 Dit is de kaart van het werkingsgebied: kernzone van de zeewering. 2 Dit is de kaart van het werkingsgebied: kernzone en de landinwaarts gelegen beschermingszone van de zeewering. Artikel 2.3 Oppervlaktewater Dit is de kaart van het werkingsgebied: kernzone van oppervlaktewater.

Hoofdstuk 3 Onderhoud Afdeling 3.1 Wanneer moet het onderhoud klaar zijn Artikel 3.1 Wanneer moet het onderhoud klaar zijn 1 Het onderhoud is in ieder geval klaar als Rijnland de schouw gaat uitvoeren op de datum zoals beschreven in artikel 4.1. 2 Dijkgraaf en hoogheemraden kunnen op verzoek van de onderhoudsplichtige afwijken van lid 1 en onder voorwaarden een andere datum vaststellen.

Afdeling 3.2 Onderhoud van de waterkeringen Artikel 3.2 Wie is verantwoordelijk voor het onderhoud van de waterkering 1 Rijnland is verantwoordelijk voor het buitengewoon onderhoud van de kernzone van de waterkering. 2 Wie verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud van de kernzone van de waterkering staat in: a. de legger primaire keringen; of b. de legger regionale keringen. Artikel 3.3 Buitengewoon onderhoud van de waterkering Buitengewoon onderhoud van de kernzone van de waterkering bestaat uit: a. het behouden van de stabiliteit van de waterkering; en b. het behouden van het profiel van de waterkering. Artikel 3.4 Gewoon onderhoud van de waterkering Gewoon onderhoud van de kernzone van de waterkering bestaat uit: a. afval, voorwerpen en materialen weghalen; en

b. schade veroorzaakt door bijvoorbeeld verkeer of huisdieren repareren; en c. grote schade aan de waterkering melden aan Rijnland; en d. melden bij Rijnland als er muskusratten zijn; en e. ander wild dan muskusratten bestrijden als die de waterkerendheid van de waterkering beschadigen of kunnen beschadigen; en f. aanwezige begroeiing op het land en in de oever goed onderhouden en aanwezig houden, als deze bedoeld zijn voor de bescherming van de waterkering; en g. het gras onderhouden door: 1. steeds weer weghalen van de bomen, struiken en planten die ervoor kunnen zorgen dat het gras beschadigt; en 2. maaien of begrazen.

Afdeling 3.3 Onderhoud van de zeewering Artikel 3.5 Wie is verantwoordelijk voor het onderhoud van de zeewering 1 Rijnland is verantwoordelijk voor het buitengewoon onderhoud van de kernzone van de zeewering. 2 Wie verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud van de kernzone en de landinwaarts gelegen beschermingszone van de zeewering staat in de legger primaire keringen. Artikel 3.6 Buitengewoon onderhoud van de zeewering Buitengewoon onderhoud van de kernzone van de zeewering bestaat uit: a. het behouden van de stabiliteit van de zeewering; en b. het behouden van het profiel van de zeewering. Artikel 3.7 Gewoon onderhoud van de zeewering 1 Gewoon onderhoud van de kernzone en de landinwaarts gelegen beschermingszone van de zeewering bestaat uit het verminderen van de overlast dat wegwaaiend zand veroorzaakt voor infrastructuur en gebouwen van anderen. 2 Lid 1 geldt niet voor de tuin van een particulier.

Afdeling 3.4 Onderhoud van het oppervlaktewater Artikel 3.8 Wie is verantwoordelijk voor het onderhoud van het oppervlaktewater 1 Wie verantwoordelijk is voor het buitengewoon onderhoud van het natprofiel in de kernzone van oppervlaktewater staat in de legger oppervlaktewateren. 2

Wie verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud van het natprofiel in de kernzone van oppervlaktewater staat in de legger oppervlaktewateren. 3 Wie verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud van het talud in de kernzone van oppervlaktewater staat in de legger oppervlaktewateren. Artikel 3.9 Buitengewoon onderhoud van het natprofiel Waaruit het buitengewoon onderhoud van het natprofiel bestaat, staat in artikel 4, onder 2 van de toelichting van de Legger oppervlaktewateren. Artikel 3.10 Gewoon onderhoud van het natprofiel Waaruit het gewoon onderhoud van het natprofiel bestaat, staat in artikel 4, onder 1 van de toelichting van de Legger oppervlaktewateren. Artikel 3.11 Gewoon onderhoud van het talud Waaruit het gewoon onderhoud van het talud bestaat, staat in artikel 4, onder 3 van de toelichting van de Legger oppervlaktewateren.

Afdeling 3.5 Onderhoud van een werk Artikel 3.12 Wie is verantwoordelijk voor het onderhoud van een werk 1 Wie verantwoordelijk is voor het onderhoud van een werk staat in: a. de legger primaire keringen; of b. de legger regionale keringen; of c. de legger oppervlaktewateren; of d. de legger ondersteunende kunstwerken; of e. een overeenkomst; of f. een overdrachtsdocument. 2 Staat in de documenten uit lid 1 niet duidelijk wie verantwoordelijk is voor het onderhoud van een werk, dan is de kadastraal eigenaar verantwoordelijk voor het onderhoud van een werk. Artikel 3.13 Onderhoud van een werk 1 Het werk moet in goede staat worden gehouden. 2 Een werk dat in de kernzone van de waterkering staat en een waterkerende functie heeft, moet in staat blijven het water tegen te houden.

Hoofdstuk 4 Toezicht en handhaving

Artikel 4.1 Datum van de schouw 1 Een schouw wordt uitgevoerd volgens een schema dat is vastgesteld door dijkgraaf en hoogheemraden. 2 Dijkgraaf en hoogheemraden kunnen als het nodig is, besluiten om een extra schouw uit te voeren. 3 Dijkgraaf en hoogheemraden stellen de datum van de schouw vast. 4 De datum uit lid 3 wordt minimaal 2 weken voor het uitvoeren van de schouw door dijkgraaf en hoogheemraden bekendgemaakt: a. in een dagblad, nieuwsblad of huis-aan-huisblad; of b. op een andere geschikte manier. 5 In spoedeisende gevallen kunnen dijkgraaf en hoogheemraden de datum uit lid 3 ook via een persoonlijke bericht bekend maken. De minimale termijn van 2 weken uit lid 4 geldt dan niet. Artikel 4.2 Toezichthouders Met het uitvoeren van toezicht op de naleving van deze verordening zijn belast de daartoe door dijkgraaf en hoogheemraden aangewezen ambtenaren of andere personen. Artikel 4.3 Strafbepaling 1 Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt gestraft met: a. hechtenis van maximaal drie maanden; of b. een geldboete van maximaal het bedrag van de tweede categorie als genoemd in artikel 23 van het Wetboek van Strafrecht. 2 De rechtelijke uitspraak waarin de straf uit lid 1 wordt opgelegd, kan openbaar worden gemaakt.

3 De hechtenis kan tot het dubbele van het gestelde maximum worden verhoogd als de in lid 1 genoemde overtreding wordt begaan binnen een jaar na een eerdere onherroepelijke veroordeling voor een gelijke overtreding.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12599931/2