CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

4 Bijlage 3 Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie Haarlem

commissie Beheer 15 februari 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: 18:00 uur Plan Stedelijk Water 2024-2033 (RB)5.799 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie Haarlem Beter bestand tegen veranderende weersomstandigheden

Uitwerking van het plan Stedelijk water in Haarlem 2024-2033

Inhoud 1 Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie

3

1.1 Klimaatverandering vraagt om aanpassingen van de stad

3

4.1

1.2

Korte geschiedenis klimaatadaptatie

4

4.2 Er zal ander onderhoud nodig zijn

17

1.3

Leeswijzer

4

Klimaatadaptatie

5

4.3 Wat doen we bij vervangingen en renovaties?

17

2.1

5

4.4 Veertig kwetsbare plekken meteen verbeteren

17

4.5 Kosten en inzet klimaatadaptatie

18

De voortgang volgen

19

5.1

19

2

3

Wat houdt die klimaatverandering in?

2.2 Wat zijn de risicogebieden?

5

2.3 Wat moet er gebeuren om Haarlem klimaatadaptief te maken?

10

Beleidsuitwerking

11

3.1

11

Doelenboom

4 Onderzoek, onderhoud, vervanging en verbetering

5

Onderzoek

Resultaten en ijkpunten

5.2 Wanneer stellen we dit plan bij?

16 16

19

3.2 Kader voor klimaatadaptieve inrichting 11 3.3 Aanvaarden van hinder, overlast en schade

13

3.4 Voorkeursmaatregelen in de openbare ruimte 14 3.5 Voor, tijdens en na extreem weer

14

3.6 Doelmatig werken aan klimaatadaptatie

15

Sweco Nederland B.V. Onderwerp Projectnummer Klant Auteur Document referentie

30129769 Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie 5101-4953 Gemeente Haarlem Elwin Leusink, Carl Geuljans Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie_v3

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

2

1 Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 1.1

Klimaatverandering vraagt om aanpassingen van de stad

Klimaatverandering is onafwendbaar. De komende jaren zullen er vaker veel zwaardere regenbuien vallen, zal het warmer en droger worden, en zullen hittegolven langer duren. Dat bleek onlangs opnieuw uit de meeste recente scenario’s van het KNMI. Dat veranderende klimaat heeft gevolgen voor de stad. Zware buien bedreigen talloze panden en kunnen wegen onbegaanbaar maken. Inwoners kunnen onwel worden van de warmte; hittestress is een risico op veel plaatsen in de stad. Haarlem en haar inwoners zullen zich dus moeten aanpassen aan die klimaatveranderingen; klimaatadaptatie is nodig. Haarlem is nog niet zover. Om regenwater te kunnen afvoeren en overstromingen te voorkomen, is onder meer een goed werkend rioolsysteem nodig. En meer oppervlaktewater, zoals kanalen en grachten, om het

regenwater te verwerken en af te voeren. Daarom gaat de Omgevingsvisie ook uit van meer ruimte voor water. Hoe dat waterbeheer voor de stad in zijn werk gaat en welke rol klimaatverandering daarbij speelt, staat in het plan Stedelijk water in Haarlem. Onder dit plan vallen vier uitwerkingsprogramma’s, waarvan dit plan Klimaatadaptatie er een is. De andere zijn: Stedelijk afvalwater en hemelwater, Grondwater en Oppervlaktewater. Dit programma beschrijft wat we precies gaan doen om de stad aan te passen en voor te bereiden op klimaatverandering. Waar dreigt wateroverlast? Waar hittestress? En wat kunnen inwoners doen? Hoe dit programma samenhangt met de andere uitvoeringsprogramma’s, is weergegeven in figuur 1.1.

Plan Stedelijk water in Haarlem

Organisatie en financiën

Uitvoerings­ programma Stedelijk afvalwater en hemelwater

Uitvoerings­ programma Oppervlaktewater

Uitvoerings­ programma Grondwater

Uitvoerings­ programma Klimaatadaptie

Figuur 1.1 Plan Stedelijk water in Haarlem en ­bijbehorende uitvoeringsprogramma’s.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

3

1.2 Korte geschiedenis klimaatadaptatie In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie van 2015 is de ambitie opgenomen dat Nederland in 2050 klimaatbestendig is en dat alle overheden hier gezamenlijk aan werken. Dit is uitgewerkt in een stappenplan: inzicht verkrijgen; kwetsbaarheden vaststellen; en vervolgens een uitvoeringsprogramma maken. Bij de inrichting van de openbare ruimte was al langer aandacht voor klimaatverandering. Zo werd in 2017 de Haarlemse Klimaatadaptatie-agenda vastgesteld om grip te krijgen op zulke plannen en werkzaamheden. Regionaal werd en een aantal klimaatstresstesten uitgevoerd, om in beeld te brengen waar de kwetsbaarheden voor klimaatverandering zitten. En in 2020-2021 werd in de risicodialoog besproken hoe Haarlem in 2050 klimaatbestendig kan zijn; zo aangepast dat stad en inwoners bestand zijn tegen extreme hitte of lang­ durige en hevige regen. Dit werd in 2021 uitgewerkt in het Strategisch Plan Klimaatadaptatie. De gesprekken werden gevoerd met onder andere schoolbesturen en woningbouwcorporaties.

Vergroenen schoolplein Ondertussen zijn er al veel projecten uitgevoerd om Haarlem meer klimaatadaptief te maken. Enkele

voorbeelden zijn het vergroenen van het schoolplein van basisschool De Dolfijn, het aanleggen van waterpasserende verharding onder de parkeerplaatsen van het Diaconessenplein, de aanleg van de wadi (een ‘groene greppel’ die tijdelijk water kan vasthouden) in de Landenbuurt en het weghalen van verharding aan het Max Eeuweplein. Ook is er veel aandacht besteed aan communicatie over wat inwoners kunnen doen en aan het stimuleren van aanpassingen, bijvoorbeeld met de deelname aan het NK Tegelwippen en de subsidieregeling Groene Daken Haarlem. Er is bij alle projecten meer aandacht voor klimaatadaptatie en waar nodig zijn verplichtingen doorgevoerd via de hemelwaterverordening. Daarin staan onder meer eisen voor het bergen van hemelwater op particulier terrein.

1.3 Leeswijzer Hoofdstuk 2 schetst de opgave. Hoofdstuk 3 gaat dieper in op de plannen uit het beleidsplan Stedelijk water in Haarlem. Hoofdstuk 4 beschrijft de acties die nodig zijn om het beleid uit te voeren. Hoofdstuk 5 gaat over de planning van de uitvoering in de komende jaren.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

4

2 Klimaatadaptatie 2.1

Wat houdt die klimaatverandering in?

veranderende weer. Dit geeft een steeds grotere kans op overlast en schade.

Door klimaatverandering stijgt de gemiddelde temperatuur. Dit betekent minder vorstdagen, meer zomerse dagen en andere neerslagpatronen. Er komt extremer weer: de kans op een hittegolf neemt toe, buien nemen toe in intensiteit, maar het kan ook langdurig droog zijn en het kan vaker stormen. Deze klimaatverandering is al terug te zien in gegevens van het KNMI. Zo is de jaargemiddelde temperatuur van het meetstation van Schiphol sinds 1950 al met 1,6 graad Celsius gestegen, neemt het aantal dagen met zware buien toe en is er vaker een neerslagtekort. Het is de vraag of nog lukt om wereldwijd de gemiddelde temperatuurstijging binnen de 2 graden Celsius te houden. Het KNMI noemt in zijn meeste recente scenario’s een grotere stijging ‘mogelijk al onvermijdelijk’. Maar ook als het wel lukt krijgt, zal Haarlem zich moeten voorbereiden op zwaardere weersextremen.

2.2 Wat zijn de risicogebieden? Ongeveer de helft van Haarlem is openbaar terrein, de andere helft is particulier terrein (Tauw, 2020). Tussen de stadsdelen bestaan grote verschillen. Meer dan de helft van Haarlem is verhard gebied, de rest is wateroppervlak (voor heel Haarlem 11 procent) of groenoppervlak (voor heel Haarlem 27 procent). Ook dit kan per stadsdeel heel erg verschillen. Ook de ondergrond speelt een belangrijke rol bij de mogelijke gevolgen van klimaatverandering en de eventuele maatregelen daartegen. Dan gaat het om bijvoorbeeld de beschikbare ruimte in de ondergrond, grondwaterstand en bodemsoort. Veel oude wijken zijn gebouwd op een zandrug die van zuid naar noord onder Haarlem ligt, de wijken daar net omheen liggen relatief vaak op een ondergrond van klei of veen.

Bij de bouw en inrichting van Haarlem hebben we ons niet altijd voldoende voorbereid op dit

Figuur 2.1 Feiten en cijfers over klimaatadaptatie in de Metropoolregio Amsterdam, KNMI.

Gebied

Openbaar terrein

Particulier terrein Verhard gebied Onverhard gebied

Haarlem

46%

54%

62%

38%

- Centrum

48%

52%

85%

15%

- Zuid-West

38%

62%

72%

28%

- Oost

52%

48%

68%

32%

- Noord (excl. kern Spaarndam) 42%

58%

61%

39%

- Schalkwijk

64%

36%

52%

48%

- Waarderpolder

28%

72%

57%

43%

Tabel 2.1 Onderzoek Tauw 2020. Door werkzaamheden veranderen deze percentages met de tijd.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

5

Figuur 2.2A Aanwezigheid zand in de bovenste meters van de bodem. (Uit: ‘Verkenning Ondergrondse ruimte Haarlem’, 2021)

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

6

Figuur 2.2B Aanwezigheid klei en/of veen in de bovenste meters van de bodem (beide aangegeven met oranje/rood). (Uit: ‘Verkenning Ondergrondse ruimte Haarlem’, 2021)

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

7

2.2.1

Wateroverlast

2.2.2 Hittestress

In 2023 is het Basisrioleringsplan (BRP++) opgesteld. Hier is berekend wat de klimaatverandering betekent voor wateroverlast in Haarlem. Met het BRP++ zijn maatregelen doorgerekend om Haarlem in de toekomst bestand te maken tegen de zwaardere buien die met de klimaatverandering gepaard gaan. De risicogebieden met potentiële waterschade aan en in woningen zijn berekend met buien van 70 mm in 1 uur en 90 mm in 1 uur.

Kwetsbare panden In Haarlem staan circa 56.700 panden (er is enkel gekeken naar het aantal panden, dit staat niet gelijk aan het aantal wooneenheden). Bij zwaardere buien is een steeds groter deel van die panden kwetsbaar voor wateroverlast. Een studie laat zien dat dit percentage oploopt tot ruim 10 procent bij een bui van 120 mm in 1 uur (Witteveen+Bos, 2021).

Gezondheidsklachten (zoals hoofdpijn, vermoeidheid, concentratieproblemen) door hitte worden wel hittestress genoemd. De gevolgen van hitte kunnen ook ernstiger zijn, vooral voor ouderen en mensen met een beperking. Zij kunnen aan hittestress overlijden. Door verharding en dichte bebouwing is de kans op hittestress in Haarlem groot bij extreem weer (https://www.klimaateffectatlas.nl/nl/). De temperaturen lopen bijna overal te hoog op (gevoelstemperatuur van meer dan 41 graden). In wijken met weinig groen is de kans op hittestress groter. De koele plekken zijn de parken. In delen van Haarlem moet een relatief grote afstand worden afgelegd tot openbaar groen. Veel onderwijs- en gezondheids­ instellingen liggen in gebieden die gevoelig zijn voor hittestress.

Figuur 2.3 Het plein op de Grote Markt heeft veel verharding en weinig schaduw. Het is een ‘hittestressknelpunt’.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

8

Figuur 2.4 Locaties van de 40 wateroverlast en hittestress knelpunten

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

9

2.2.3 Droogte Droogte kan de leefomgeving op verschillende manieren beïnvloeden. Delen van Haarlem lopen het risico dat er bodemdaling optreedt door inklinking van de (vooral veen-) bodem. Die kan door klimaatverandering oplopen tot bijna een centimeter per jaar. De gevolgen hiervan kunnen groot zijn. Ook zijn er delen waar de grondwaterstanden grote schommelingen kan laten zien, door bodemopbouw en afstand tot oppervlaktewateren. Beperkte veranderingen in de grondwaterstand kunnen al veel invloed hebben op houten paalfunderingen van huizen en op bepaalde boomsoorten. De houten paalfundering komt (voor zover bekend) vooral voor in de wijken rondom het centrum van Haarlem.

2.2.4 Overstromingen Door de hoogteligging van Haarlem hebben slechts beperkte delen van Haarlem een groter risico op overstromingen vanuit regionale wateren. Dit zijn polders of laaggelegen gebieden, vooral aan de oostkant van de gemeente. Het grootste deel van Haarlem heeft een overstromingskans die kleiner is dan eens in elke tienduizend jaar. Het gaat hierbij om de overstromingskans van regionale wateren, zoals het Spaarne, de Ringvaart en de Delft.

2.3 Wat moet er gebeuren om Haarlem klimaatadaptief te maken? De openbare ruimte in de stad moet klimaat­ bestendig worden. Daarvoor moeten alle werkzaamheden in de openbare ruimte worden aangegrepen.

Knelpunten aanpakken De veertig zogenoemde ‘klimaatadaptatieknelpunten’ moeten versneld worden aangepakt. Dit zijn wateroverlast- en hittestressknelpunten.

Nieuwbouw klimaatadaptief laten ontwikkelen Stedelijke ontwikkelingen en transformaties moeten klimaatbestendig worden aangelegd. Zowel de panden als de omgeving moeten klimaatadaptief worden gemaakt.

Particulieren laten bijdragen aan klimaatadaptatie Particulieren moeten hun eigen pand en terrein klimaatbestendig maken. Ook moeten ze goed handelen voor, tijdens en na extreme weersomstandigheden.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

10

3 Beleidsuitwerking 3.1

Doelenboom

In een doelenboom hebben we uitgewerkt wat de belangrijkste doelen zijn van klimaatadaptatie en hoe we die denken te bereiken. De doelenboom staat op de volgende bladzijde.

3.2 Kader voor klimaatadaptieve inrichting Bij de uitwerking van klimaatadaptatie houden we onderstaande regels aan voor toetsing en inrichting van de leefomgeving. Bij nieuwbouw is dit een dwingend kader, bij bestaande bouw is dit een streven. In de tabellen staan de eisen voor nieuwbouw en het streven voor bestaande bouw, afkomstig vanuit basisveiligheidsniveau klimaatadaptieve bouw MRA en vastgesteld in het Strategisch Plan Klimaatadaptatie. Ook staan er de regels voor klimaatadaptieve inrichting vanuit de waterschapsverordening. Dit zijn regels die vanuit het waterschap worden gesteld aan stedelijke ontwikkelingen.

Doel

Voorschrift

Hevige neerslag (1/100 jaar, 70 mm in een uur) zorgt niet voor schade in en aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen.

Een groot deel van de neerslag (range 40-70 mm*) van een hevige bui op het bebouwd deel van privaat terrein wordt verwerkt op het terrein zelf of in extra (water)voorzieningen in of toegerekend aan het plangebied. De voorzieningen voeren de eerste 24 uur vertraagd af (niet extra naar riolering of watersysteem) en zijn in maximaal 60 uur weer beschikbaar.

Bij hevige neerslag (1/250 jaar, 90 mm in een uur) blijven vitale en kwetsbare infrastructuur en voorzieningen functioneren en bereikbaar.

In het gebied is natuurlijke en oppervlakkige afwatering zoveel mogelijk aanwezig. Bij een waterdiepte van 20 cm op rijbaan door extreme regen en/of overstromingen mag er geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar. De ontwikkeling gebeurt waterneutraal en leidt niet tot extra aanvoer/afvoer van water. Hemelwater wordt zoveel mogelijk vastgehouden, in de bodem gebracht en hergebruikt in het plan­ gebied.

* In Haarlem gaan we uit van 70mm, zoals uitgewerkt in de hemelwaterverordening.

Droogte

Voorschrift

Bij langdurige droogte (potentieel maximaal neerslagtekort 300 mm, eens per 10 jaar) wordt schade aan bebouwing, wegen, groen en vitale en kwetsbare functies voorkomen.

De verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte zijn sturend voor de inrichting van het plangebied.

Hittestress

Voorschrift

Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.

Er is tenminste 40% schaduw voor langzaamverkeersroutes en verblijfsplekken in het plangebied tijdens de hoogste zonnestand in de zomer.

Gebiedsspecifiek worden een restzettingseis en bijbehorende maatregelenset tegen bodemdaling gekozen die over de levensduur van zestig jaar maatschappelijk het meest kosteneffectief zijn voor openbaar en privaat terrein. Vitale en kwetsbare functies moeten bestand zijn tegen langdurige droogte.

Koele plekken (minimaal 200 m2) zijn op loopafstand (maximaal 300 meter) aanwezig. Tenminste 50% van alle horizontale en verticale oppervlakten worden warmtewerend of verkoelend ingericht/gebouwd om opwarming van het stedelijk gebied en gebouwen zelf te verminderen. Vitaal en kwetsbare functies blijven beschikbaar bij hitte. Koeling leidt niet tot opwarming van de (verblijfs) ruimtes in de directe omgeving.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

11

Doelenboom: Klimaatadaptie

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

12

Overstromingen

Voorschrift

Afhankelijk van de plaatselijke overstromingskans en optredende waterdiepte wordt ingezet op het voorkomen van schade, het beperken van schade of het voorkomen van slachtoffers. Voor vitale en kwetsbare functies gelden aanvullende eisen. Welke eisen van toepassing zijn op het plangebied is dus afhankelijk van de overstromingskans en diepte. Wat de overstromingskans per waterdiepte is, is te vinden in de klimaateffectatlas.

Bij overstromingen mag er geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar.

Natuurinclusiviteit en biodiversiteit

Voorschrift

Groen-blauwe structuren en de gebiedseigen biodiversiteit worden versterkt via het leidende principe in het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen dat ecologische oplossingen altijd de voorkeur hebben boven ‘puur technische’ oplossingen (‘groen, tenzij…’).

Ecologische oplossingen en oplossingen gebaseerd op natuurlijke processen van het specifieke gebied hebben altijd de voorkeur boven ‘puur technische’ oplossingen, ook bij gelijke maatschappelijke prestaties en kosten (Total Cost of Ownership-benadering).

Er dienen maatregelen genomen te worden om schade te beperken in een geval van een overstroming, mits deze doelmatig zijn Er moeten maatregelen getroffen worden om veilig te kunnen schuilen of te evacueren in het geval van een overstroming.

Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren en ecosystemen in de bredere omgeving ingericht (met minimaal 30% groen op buurtniveau, boomkroonoppervlak telt mee). Het plangebied creëert, afhankelijk van de grootte, een hoogwaardige habitat voor een of meer soortencategorieën.

Regels voor klimaatadaptieve inrichting Waterschapsverordening Hoogheemraadschap van Rijnland Naam regel

Voorschrift

20 millimeter-regel

Om ervoor te zorgen dat een gebied droogte aankan, moet de bodem in een gebied een normale bui van 20 mm in 24 uur op kunnen nemen en kunnen vasthouden voor droge periodes.

90 millimeter-regel

Om ervoor te zorgen dat een gebied extreme neerslag aankan, moet een gebied een regenbui van 90 millimeter in 24 uur op kunnen vangen. Dat opvangen kan in de bodem, sloten, open water of andere vormen van wateropslag.

Natuurinclusieve regels

Om de waterkwaliteit en de biodiversiteit te versterken en te ondersteunen, moeten brede sloten en ander water van voldoende en afwisselende diepte en een schuine kant worden aangelegd in plaats van ondiepe, smalle slootjes. De oevers moeten natuurvriendelijk zijn (schuine kant, beplanting).

3.3 Aanvaarden van hinder, overlast en schade Klimaatbestendig betekent niet dat gevolgen van klimaatverandering uitgesloten zijn. Dat bijvoorbeeld zware, langdurige buien nooit tot schade zullen leiden. Het betekent dat er paal en perk is gesteld aan de gevolgen. Binnen de grenzen van wat mogelijk, haalbaar en betaalbaar is. Om die grenzen te bepalen, moet duidelijk zijn welke effecten wel en niet worden geaccepteerd. Daarom wordt onderscheid gemaakt tussen hinder, overlast en schade. Over het algemeen kan worden gesteld dat ‘hinder’ aanvaardbaar is, ‘overlast’ mag voorkomen als het geen grote invloed heeft en ‘schade’ mag niet voorkomen. Scherpe lijnen zijn daartussen niet te trekken, want wat voor de één hinder is, vindt een

ander misschien overlast. Eenzelfde situatie kan ook voor verschillende groepen andere uitwerking hebben. Bijvoorbeeld: bij een zware regenbui geeft het overlast dat er tijdelijk water op straat staat, maar het geeft schade als het water zo hoog staat dat hulpdiensten er niet doorheen kunnen op weg naar een noodgeval. Als er door extreem weer problemen ontstaan, dan beoordelen we altijd per geval of de gemeente iets (extra’s) moet doen. De richtlijnen daarbij zijn: • In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat de wens is om alle situaties met slachtoffers (ziekenhuisopnames, doden), grootschalige schade en ernstige overlast te voorkomen. Voorbeelden hiervan zijn:

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

13

– Water in woningen/bedrijfspanden. – Slachtoffers: ernstig zieken (door bijvoorbeeld hittestress of wateroverlast) en doden. – Langdurig water op straat. – Ontoegankelijke belangrijke gebouwen of verbindingen. – Uitval van belangrijke infrastructuur.

inrichting lastig aan te leggen is. Hier zetten we in op breed inzetbare (multifunctionele) voorzieningen. Dit zijn voorzieningen die alleen nodig zijn tijdens het extreme weer, bijvoorbeeld een groenstrook die onder water komt te staan of parkeerplaatsen waar water blijft staan. Zo besparen we ruimte.

• In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat er de bereidheid is om te accepteren dat klimaatverandering leidt tot tijdelijke hinder en lichte overlast. Voorbeelden hiervan zijn: – Water op straat in een woonstraat, tussen de stoepranden, voor een niet te lange tijd. – Water in groen. – Invloed op het dagelijks leven, vermindering van het mentaal welbevinden. – Warmte in huis, tuin en op straat tijdens een warme dag. – Beperkte schade aan groen in een heel droge periode.

Door te kiezen voor maatregelen die het watersysteem robuuster maken, wordt de leefomgeving voor lange tijd klimaatbestendig. Voor het water zorgen we daarom voor verbindingen die het water naar het laagste punt leiden en het water daar weinig problemen aanricht, bijvoorbeeld met hoogteverschillen, drempels en andere sturing over het maaiveld. Tegen de hittestress werken we met groensoorten die bestand zijn tegen het veranderende klimaat, zodat bomen blad houden en schaduw blijven geven. Om droogte tegen te gaan kiezen we voor droogtebestendig groen en leggen we wegen en leidingen zo aan dat ze bestand zijn tegen droogte. Overstromingsrisico’s beperken we door goede afstemming met het Hoogheemraadschap van Rijnland en het verhoogd aanleggen van de belangrijkste voorzieningen. Deze robuuste maatregelen verwachten we ook op particuliere percelen, zodat die ook klimaatadaptief worden.

• Bij heel extreem zijn problemen in de openbare ruimte niet te voorkomen. Dan moet gebruik worden gemaakt van een incidenten/calamiteitenplan. Zo’n plan is opgenomen in de onderzoekslijst voor de komende periode.

3.4 Voorkeursmaatregelen in de openbare ruimte In de drukke leefomgeving van Haarlem is het een belangrijke uitdaging om te komen tot een zogenoemde groen-blauwe inrichting met multifunctionele voorzieningen. Dit zijn gebieden waar ruimte wordt gemaakt voor groen en voor oppervlaktewater en wadi’s.

Robuuste maatregelen

3.5 Voor, tijdens en na extreem weer Klimaatadaptatie is meer dan het aanpassen van de leefomgeving aan extreme weersomstandigheden. Het gaat ook om voorbereiding, gedrag en herstel. Door tijdig te waarschuwen voor extreem weer

De groen-blauwe inrichting moet een robuust netwerk vormen, dat water vasthoudt, bergt en afvoert, maar ook helpt om hittestress te voorkomen en droogte tegen te gaan. Vanuit de oppervlaktewateren wordt een netwerk in de wijken aangelegd. Dat maakt dat wijken beter bestand zijn tegen klimaatverandering: water kan wegstromen en er zijn meer koele plekken in de buurt. En dit ondersteunt de groen- en biodiversiteitsdoelstellingen, omdat het meer groen geeft en verbindingen biedt voor het milieu. Elke wijk heeft een aantal groen-blauwe verbindingen nodig, om de rest van de voorzieningen op aan te sluiten.

Breed inzetbare voorzieningen Er zijn heel veel straten waar een groen-blauwe

Figuur 3.1 De wadi aan het Roemeniëpad is een voorbeeld van een robuuste maatregel tegen wateroverlast.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

14

kunnen bewoners zich voorbereiden. Door hierbij duidelijk te zijn over de verwachte gevolgen en wat men zelf kan doen, weten de inwoners van Haarlem hoe ze kunnen handelen bij extreem weer. Dit kan zijn dat men de auto weghaalt uit een diepe parkeergarage die kan overstromen, of het rustiger aan doet op de warmste dagen van het jaar. In warme perioden zijn er gezondheidsrisico’s, zoals hoge uv-straling, grotere kans op infectieziektes en een slechtere waterkwaliteit. Door te waarschuwen raakt men hiervan bewust. Met voorlichtingscampagnes zetten we ons hiervoor in.

Samenwerking met calamiteitenorganisaties

nooit af is. Door klimaatadaptatie op te nemen in de normale werkwijzen, blijft het een voortdurend en geborgd proces en worden nieuwe inzichten vanzelf vertaald in de benodigde aanpassingen.

Combineren met andere werkzaamheden Om Haarlem klimaatbestendig te maken, moet veel werk worden verzet. Daarbij kan het handig zijn om klimaatmaatregelen te combineren met ander werk dat toch al wordt uitgevoerd, zoals de aanleg of onderhoud van groen en wegen. De planning van die andere werkzaamheden bepaalt dan mede of het lukt om in 2050 klimaatbestendig te zijn.

Door goed te handelen tijdens een calamiteit kan schade worden voorkomen. Zo komt het geregeld voor dat auto’s zich vastrijden in een onder water gelopen tunnel. Een wegafzetting kan dit voorkomen. Het is belangrijk dat er een crisisorganisatie komt, die kan ingrijpen als de weersomstandigheden daarnaar vragen. Ook kunnen bewoners en bedrijven hier veel in doen, door zich bewust te zijn van wat er gaande is en op de juiste manier te handelen. Met de calamiteitenorganisatie spreekt de gemeente af wat er nodig is.

Doelmatigheidstoets

Ook stellen we zelf een calamiteitenplan op dat be­schrijft hoe we als gemeente handelen bij extreem weer.

1. De omvang van de risico’s: • Ernstige gevolgen voor de gezondheid (fysieke gezondheidsschade, sterfte). • Werkelijke en verwachte schade in euro’s. • Omvang van het door overlast en schade getroffen gebied. • Gevolgen voor het welbevinden (psychische gevolgen, gevoel van; ongemak, angst bij extreem weer).

Herstelwerkzaamheden Snel beginnen met herstelwerkzaamheden vermindert hinder, overlast en schade. Bijvoorbeeld met het verwijderen van afval en schoonspuiten van straten kan een eerste stap in het herstel worden gezet. Bewoners en bedrijven kunnen een deel van het herstel zelf doen, maar zijn voor de kostenafhandeling vaak afhankelijk van verzekeraars. Het is belangrijk dat ze weten waarvoor ze verzekerd zijn. Dit nemen we mee in onze gemeentelijke communicatie. Herstelwerkzaamheden zijn een teken dat er een zwak punt was, anders was de schade niet juist daar ontstaan. Het is daarom goed om de mogelijkheden voor een verbetering te bekijken. Ook dit nemen we mee in onze gemeentelijke communicatie (website, brieven, flyers).

3.6 Doelmatig werken aan klimaatadaptatie In 2050 moet Haarlem klimaatbestendig zijn. Klimaatscenario’s veranderen en kunnen aanleiding geven tot een wijziging in strategie. Dit betekent dat Haarlem zich moet blijven aanpassen aan de veranderende omstandigheden en daarom eigenlijk

Soms zijn de kosten van een ingreep hoog, terwijl die naar verwachting beperkt bijdraagt aan de klimaatbestendigheid van Haarlem. Er kan dan een doelmatigheidstoets worden gedaan, die laat zien of er een goede verhouding is tussen gevolgen en maatregelen. De doelmatigheid van klimaatadaptatie is lastig in cijfers uit te drukken, daarom wordt voor de doelmatigheidstoets een kwalitatieve toetsing uitgevoerd, waarbij wordt gekeken naar:

2. De gevolgen van de maatregelen: • Gevolgen van de werkzaamheden voor de omgeving (positief/negatief). • De kosten van de maatregelen. Bij deze afweging houden we aan dat: • Persoonlijke gevolgen zwaar wegen in de afweging om een maatregel wel door te voeren, omdat we het belangrijk vinden om dit soort gevolgen te voorkomen. • Een groter getroffen gebied reden kan zijn om een maatregel als doelmatig te bestempelen, omdat het de leefbaarheid in een groter gebied bevoordeelt. • De werkelijke en verwachte schade in euro’s uitgedrukt niet hoger kan zijn dan de kosten van de maatregelen.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

15

4 O  nderzoek, onderhoud, vervanging en verbetering 4.1 Onderzoek Met een jaarlijks onderzoeksbudget van € 100.000,worden verschillende onderzoeken uitgevoerd. In onderstaande tabel staan onderzoeken die nu nodig worden gevonden, inclusief het geraamde budget en een voorlopige planning. Jaarlijks zal vanuit deze onderzoeken, of andere relevante onderzoeken,

invulling worden gegeven aan het onderzoeksbudget. Hierbij komt een budget van € 150.000,- om bewoners en bedrijven te stimuleren (bijvoorbeeld via subsidies) hun eigen woning/gebouw en tuin/ perceel klimaatbestendig in te richten. Tabel 4.1 Onderzoeken

Onderzoek

Toelichting

Budget

Verwacht jaar van uitvoering

Onderzoek verbeteren Berging Rekening Courant – regeling.

De BRC-regeling geeft de optie om de verplichte watercompensatie vanuit de regelgeving van het hoogheemraadschap in te vullen via een afkoopregeling van de gemeente. In deze regeling wordt geen rekening gehouden met verschillen in kosten, waardoor de compensatie vooral plaatsvindt op de goedkoopste plekken. In de regeling moet financieel meer differentiatie plaatsvinden naar gebied waar de watercompensatie wenselijk is. De regeling moet ervoor zorgen dat de compensatie plaatsvindt op de plek waar ook de verhardingstoename plaatsvindt.

€ 15.000,-

2024

Stresstest klimaatadaptatie.

Landelijke regels stellen dat elke zes jaar een stresstest klimaatadaptatie moet worden gehouden. Dit voeren we uit. Zo kunnen we rekening houden met recente inzichten in klimaatverandering en houden we de voortgang in beeld.

€ 50.000,-

2025

Communicatieplan en uitvoering.

In een communicatieplan werken we uit hoe we de opgave samen met bewoners, bedrijven en andere particuliere organisaties invullen. We geven aan wat we gezamenlijk willen doen en welke instrumenten (communicatie, stimuleren, verplichten) we inzetten om dit te bereiken.

€ 20.000,-

2024

€ 20.000,-

Jaarlijks aandacht voor een bepaalde groep.

Verbeteren samenVoor, tijdens en na extreme weersomstandigheden werken werking met professi- we als gemeente samen met veel professionele organisaties. onele partners Periodiek willen we hen bespreken hoe dit verloopt en afspraken hierover vastleggen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren met een hitteplan, dat we samen met zorginstellingen, evenementenorganisatoren en sportorganisaties maken. Een calamiteitenplan dat we samen met de veiligheidsregio maken. En een woningenplan dat we samen met de woningbouwcorporaties maken. Samenwerking met regionale overheden

Om regionale vraagstukken rondom klimaatadaptatie aan € 20.000,te pakken werken we samen in de regio Zuid-Kennemerland. Met een regionale actieagenda, onderzoeken en regelmatige overleggen zorgen we voor afstemming op de klimaatproblemen en -oplossingen die de hele regio raken,

Jaarlijks.

Communiceren bewoners en bedrijven

Om samen met bewoners, bedrijven en andere particuliere organisaties aan de slag te gaan hebben we instrumenten die grofweg in te delen zijn als communiceren, stimuleren en verplichten. In een communicatieplan werken we deze instrumenten uit. Waar het gaat om communiceren hebben we dit budget beschikbaar om het uit te voeren.

€ 20.000,-

Jaarlijks.

Stimuleren bewoners en bedrijven

Om samen met bewoners, bedrijven en andere particuliere organisaties aan de slag te gaan hebben we instrumenten die grofweg in te delen zijn als communiceren, stimuleren en verplichten. In een communicatieplan werken we deze instrumenten uit. Waar het gaat om stimuleren hebben we dit budget beschikbaar om het uit te voeren.

€ 150.000,-

Jaarlijks.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

16

4.2 Er zal ander onderhoud nodig zijn Om Haarlem klimaatadaptief in te richten zijn er andere voorzieningen nodig. Veel vaker is er een multifunctionele inrichting, waarbij ergens normaal gesproken geen water staat maar tijdens zware buien wel. En we maken vaker gebruik van de ondergrond, waardoor het niet meer zichtbaar is en dus ook lastiger is om te onderhouden. En we werken vaker in smalle straten met weinig ruimte, omdat in de dichtbebouwde delen van de stad de gevolgen van klimaatverandering groot kunnen zijn. Dit vraagt om ander onderhoud, waarbij er per voorziening een apart beheerplan nodig kan zijn. Dit vraagt extra tijd en soms zijn de kosten van het onderhoud hoger. Op dit moment kunnen we de onderhoudskosten nog niet inschatten, daarom houden we de ontwikkeling de komende jaren in de gaten. Als het nodig blijkt te zijn verhogen we de onderhoudsbudgetten.

4.3 Wat doen we bij vervangingen en renovaties? Bij alle renovaties/vervangingen wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie. De gemeente heeft tools ontwikkeld die de knelpunten vinden en tegelijk handvatten geven voor een klimaatadaptieve oplossing. Op kaarten kan iedereen zien wat er speelt en wat de voorgestelde oplossingsrichting is. De ‘normale’ vervangingen worden de komende jaren uitgevoerd binnen een buurtgerichte aanpak, zoals beschreven staat In het Strategisch Beheerplan Openbare Ruimte van 2022. Met het vaststellen van dit beheerplan zijn de budgetten verhoogd, zodat de

ambities uit de Omgevingsvisie kunnen worden meegenomen bij de vervangingswerkzaamheden. Vergroenen en vernatten - klimaatadaptatie - is één van de ambities. In principe is het benodigde budget hiervoor beschikbaar binnen de budgetten van het strategisch beheerplan. In het beheerplan is opgemerkt dat bij aanvullende wensen – meer dan vervangingen in de openbare ruimte – het budget ontoereikend kan zijn. Om invulling te geven aan de wens om ook de raakvlakken met de particuliere ruimte zoveel mogelijk mee te nemen (van het afkoppelen van regenpijpen tot het aankopen van grond voor wadi’s), ramen we een jaarlijks budget van € 100.000,- voor klimaatadaptatie in vervangingsprojecten.

4.4 Veertig kwetsbare plekken meteen verbeteren Haarlem telt veertig locaties die extra kwetsbaar zijn voor klimaatverandering, omdat er een grotere kans is op wateroverlast of de gevolgen van hittestress extra groot zijn. Voor al deze locaties is een eerste oplossingsrichting opgesteld in een projectenboek. De kostenramingen zijn gebaseerd op deze oplossingsrichting. Er is voor de projecten aangegeven in welke periode het project waarschijnlijk wordt uitgevoerd, gebaseerd op complexiteit van het project en een geleidelijke opbouw van het investeringsvolume. Uiteindelijk is er een investeringsbudget per jaar bepaald, zodat er ruimte is om indien nodig projecten te verschuiven. Deze budgetten zijn voor het klimaatadaptief maken van de locatie:

Tabel 4.2 Overzicht knelpunten wateroverlast en hittestress

Locatie knelpunt 1 Wateroverlast Molenaerstraat 2 Wateroverlast Jan Steenstraat 3 Wateroverlast Doelenplein 4 Wateroverlast omgeving Eerste Christelijk Lyceum 5 Wateroverlast Pijlslaan 6 Wateroverlast Rozenprieel 7 Wateroverlast Sancta Maria Lyceum 8 Wateroverlast Amsterdamsevaart 9 Wateroverlast Drilsmaplein 10 Wateroverlast Hof van Egmond 11 Wateroverlast Romolenstraat

Raming project prijspeil 2023 € 2.752.800 € 2.696.400 € 2.161.200 € 795.600 € 3.600.000 € 1.003.200 € 823.200 € 1.516.800 € 982.800 € 40.800 € 944.400

Periode van uitvoering 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

17

12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40

Wateroverlast omgeving Frankrijklaan Hittestress Koningin Emmaschool Hittestress De Dolfijn Hittestress Kinderopvang Robinson Hittestress Peuterspeelzaal Holle Bolle Gijs Hittestress BSO Timorstraat Hittestress BSO Ternatestraat Hittestress OBS De Cirkel Hittestress Nova College Hittestress Beschermd Wonen Jeugd Hittestress Basisschool de Werkschuit Hittestress Kinderopvang Het Schaapje Hittestress Kinderopvang Het Bonte Huis Hittestress Woonzorgcomplex De Hartekamp Hittestress Kinderopvang Pimpernel Hittestress Stichting Philadelphia Zorg Hittestress Montessorischool Hittestress basisschool Veronica Wateroverlast Indische Buurt Wateroverlast Transvaalbuurt Wateroverlast Schoterweg Wateroverlast omgeving Hazepaterslaan Wateroverlast Leidsebuurt Wateroverlast Vogelenbuurt Wateroverlast Paul Krugerkade Wateroverlast Nassaulaan Wateroverlast Raaks Wateroverlast Grote Markt Hittestress Kinderdagverblijf De Rammelaar Totaal *) Op te lossen met maatregel Holle Bolle Gijs

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € nvt nvt Nvt* €

4.5 Kosten en inzet klimaatadaptatie

De beschreven werkzaamheden worden toegerekend aan de rioolheffing, behalve de werkzaamheden die te maken hebben met hittestress. Waar het gaat om wateroverlast is er heel directe relatie met de hemelwaterzorgplicht. Aangezien dit veruit de grootste post is, worden de algemene kosten ook toegerekend aan de rioolheffing.

Voor de komende jaren verwachten we ongeveer 2 miljoen euro per jaar uit te geven aan het klimaatadaptief maken van Haarlem. Om de benodigde werkzaamheden op te zetten, te coördineren en te begeleiden is 1 fte nodig, naast de werkzaamheden voor de uitvoering van de projecten.

570.000 158.400 400.800 64.800 75.600 51.600 2.400 598.800 81.600 58.800 170.400 90.000 67.200 108.000 117.600 2.400 2.400 45.600 5.814.000 2.995.200 2.818.800 886.800 13.641.600 4.606.800 13.736.400 18.733.200 nvt nvt nvt 83.216.400

2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2023-2030 2031-2040 2031-2040 2031-2040 2031-2040 2031-2040 2041-2050 2041-2050 2041-2050

Tabel 4.3 Uitgaven klimaatadaptatie komende 2024-2027

2024 Structureel onderzoek Stimuleren particulieren Investeringen wateroverlast € 340.000 investeringen hittestress

2025 € 100.000 € 150.000 € 1.700.000 € 262.050

2026 € 100.000 € 150.000 € 2.455.900 € 262.050

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

2027 € 100.000 € 150.000 € 2.455.900 € 262.050

18

5 De voortgang volgen 5.1 Resultaten en ijkpunten

5.2 Wanneer stellen we dit plan bij?

We volgen de voortgang van dit programma aan de hand van twee kengetallen:

Bij nieuwe inzichten of veranderde uitgangspunten stellen we dit plan bij. Hiervoor zijn belangrijk:

• Aantal aangepakte knelpunten. De komende jaren houden we bij hoeveel van de veertig knelpunten er zijn aangepakt.

• De KNMI-klimaatscenario’s. Periodiek stelt het KNMI de klimaatscenario’s voor Nederland bij. De huidige analyses en plannen zijn gebaseerd op de klimaatscenario’s van 2014. Begin oktober 2023 bracht het KNMI nieuwe klimaatscenario’s uit. Mochten de veranderingen ten opzichte van 2014 groot blijken, dan kan dit reden zijn om het plan bij te stellen.

• Aantal klimaatadaptieve herinrichtingen. In overleg met de SOPI-partners (de bedrijven waarmee de gemeente samenwerkt bij de inrichting van de openbare ruimte) zoeken we naar een manier om bij te houden hoeveel straten er op een klimaatadaptieve manier zijn ingericht.

• De klimaatstresstest. Elke zes jaar voeren we een klimaatstresstest uit om de kwetsbaarheden voor klimaatverandering bloot te leggen. Daarvoor gebruiken we de KNMI-klimaatscenario’s. De uitkomst van de stresstest kan reden zijn om dit plan bij te stellen. • De weersomstandigheden. Als de gemeente Haarlem meerdere keren door extreem weer wordt getroffen, dan kan dit reden zijn om projecten te veranderen of te versnellen. Dit plan heeft een looptijd van vijf jaar. In 2028 maken we een nieuw plan, dat ingaat vanaf 2029. Daartoe zullen we in 2027 een nieuwe klimaatstresstest uitvoeren, waarbij we de meest recente klimaatscenario’s van het KNMI meenemen.

Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie | Plan voor 2024-2033

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13779163/1