4 Bijlage 3 Bijlagen van de toelichting deel 1
Tekst van het document
Spaarne
Schematekening waterberging
Buffer
Eisen en randvoorwaarden Gemeente Haarlem (afkomstig uit 210625 startnotitie Sonneborn) • Het gebruik maken van de BRC kan voor een tarief van € 300, = per m² te realiseren oppervlaktewater. De BRC van de gemeente is echter vrijwel uitgeput en vermoedelijk duurder; • Richtlijn: De neerslag van een hevige bui 1/100 jaar, 70 mm in een uur, op privaat terrein wordt op dit terrein opgevangen en vertraagd afgevoerd. De berging wordt de eerste 24 uur daarna niet geleegd en is in maximaal 60 uur weer beschikbaar; • VGRP 2018-2013: hemelwater moet op eigen terrein verwerkt worden of naar de boezem (Spaarne) afgevoerd worden. Dat is mogelijk omdat het Spaarne in hetzelfde peilvak ligt. Bergingsvoorziening Vanwege de minimale drooglegging en de aanwezige kleilaag relatief dicht op het maaiveld is het niet mogelijk om in de ondergrond infiltratievoorzieningen aan te brengen. Infiltratiekratten en/of infiltratieriolering zijn daarom niet zinvol. Eventuele bergende en infiltrerende voorzieningen dienen daarom in bovengrondse inrichting te worden gerealiseerd waarbij het belangrijk is dat er een koppeling wordt gemaakt met een hemelwaterstelsel voor het vertraagd afvoeren en spreiden van het hemelwater over alle bergende voorzieningen. Voor het ontwerp is gebruik gemaakt van: waterretentie dak, waterbergende fundering en wadi’s.
Groen De buitenruimte bestaat binnen de omliggende buurten hoofdzakelijk uit de kleinschalige woonstraten. Er is een beperkt aantal pleinen, plantsoenen en groene bermen. Er zijn twee waardevolle verblijfsplekken aan de Spaarndamseweg: een speeltuin op hoek Zaanenstraat/Obistraat en een plantsoen op de hoek Archipelstraat/Spaanhovenstraat. Deze dragen bij aan de ruimtelijke opening van de buurt naar het Spaarne. In het zuidelijk deel ligt het Mandelapark, en aan de zuidkant van het plangebied de Klopper- en SchotersingeL. Tevens ligt aan de noordrand een belangrijke groen-/waterstructuur, de Jan Gijzenvaart. Er is enige variatie tussen de buurten. Zo hebben de Indischewijk en de Patrimoniumbuurt een wat groener beeld dankzij straatbomen en voortuinen, echter heeft deze buurt geen openbaar toegankelijk groen, en is in vergelijking met omliggende buurten de hoeveelheid groen erg laag. Groen binnen openbare ruimte
18.
Bomenkaart. Vrijwel alle woonstraten hebben bomen. (bomen zijn indicatief weergegeven)
Groen binnen private ruimte
Hittestress Mede door de klimaatverandering en zeer verharde buitenruimtes zijn er plekken waar hittestress plaats vindt. Hier warmt de omgeving sterk op door het gebruikte materiaal in de openbare ruimte, in de bebouwing en door de afwezigheid van schaduw. Bomen geven naast schaduw ook verkoeling doordat bomen water uit de bodem halen en via de bladeren verdampen. In de woonstraten in deze wijk staan al veel bomen en het open water van het Spaarne draagt ook bij aan het koelen. Er zijn echter relatief weinig grotere groene gebieden die voor verkoeling zorgen. Door de introductie van het groen ingerichte park in het hart van de ontwikkeling zal hittestress in de wijk afnemen.
Afstand tot koelte
Bodem en kabels en leidingen De bodem is door het industriële gebruik sterk verontreinigd geraakt. Na vertrek van de fabriek zijn het terrein en delen van de openbare weg gesaneerd. Tot een diepte van 4 meter is er verontreinigde grond afgegraven. Er zijn geen sterke verontreinigingen op het terrein achtergebleven. Het grondwater was grotendeel schoon, op enkele plekken licht verontreinigd. Er is geen aanleiding voor verdere maatregelen. De locatie is geschikt voor het voorgenomen gebruik, namelijk wonen.
STEDENBOUWKUNDIG PLAN
20.
STEDENBOUWKUNDIG PLAN Concept massaopbouw Voor de opbouw van de massa zijn de volgende uitgangspunten aangehouden: 1. Stedelijke wand Langs de Spaarndamseweg wordt een stedelijke wand gerealiseerd. Hiermee wordt gerefereerd naar de maat van het klassieke industriële basement en de nieuwe woningbouw aan de Spaarndamseweg van 3 tot 7 lagen hoog. 2. Aansluiten op omgeving De Spaarndamseweg wordt gekenmerkt door de oude industriële maatvoering en de individualiteit van de verschillende gebouwen. De achtergelegen woonwijken worden juist gekenmerkt door grondgebonden bouwblokken van individuele woningen. De ontwikkelplot is op de overgang tussen deze karakteristieken gelegen en gaat hier op een eigen manier mee om. Zo worden naar de achterkanten van de bestaande grondgebonden woningen nieuwe achterkanten van grondgebonden woningen gerealiseerd en ontstaan er daarmee nieuwe bouwblokken. Dit maakt het mogelijk om voorkanten naar het groen ingerichte park te maken. 3. Accent Onderdeel van de historische industriële maatvoering van de Spaarndamseweg zijn de aanwezige hoogteaccenten en wisselende bebouwingsbreedtes. De hoogteaccenten benadrukken de haaks op de Spaarndamseweg uitkomende woonstraten. Voor het nieuwe complex wordt dit vertaald in een parcellering van de gevel en een hoogteaccent.
Het hoogteaccent moet de Floresstraat accentueren, en tegelijkertijd zo zijn gepositioneerd dat de lichttoetreding naar de bestaande grondgebonden woningen wordt geborgd. Daardoor wordt de hoogbouw op enige afstand ten noorden van de Floresstraat geplaatst. Het hoogteaccent is maximaal 12 lagen hoog.
4. Parkeren uit het zicht Het parkeren heeft een aanzienlijk ruimtegebruik. Om de openbare ruimte niet door de auto’s te laten domineren wordt het parkeren uit het zicht intern ingepast, onder een daktuin. Aan het benodigde aantal parkeerplekken voor de ontwikkeling zijn extra parkeerplekken toegevoegd voor het ontlasten van de parkeerdruk in de wijk. 5. Verblijfsruimte centraal Met de realisatie van een groen ingerichte verblijfsruimte krijgt de wijk er weer een openbare ruimte bij. Dit is hoognodig gezien de beperkte hoeveelheid groen in de wijk. De groen ingerichte ruimte is dan ook openbaar toegankelijk en aantrekkelijk ingericht voor verblijf. De centrale groene ruimte grenst direct aan de voordeuren en biedt de mogelijkheid voor spelen. De bomen staan in volle grond en leveren een bijdrage aan het beperken van hittestress en het vergroten van de biodiversiteit. 6. Toegankelijkheid Om de locatie echt goed openbaar te maken zijn aantrekkelijke verbindingen met de omgeving nodig. Aan de zuidzijde wordt er voor voetgangers een aansluiting op de Floresstraat gemaakt in het verlengde van de Delistraat. Vanaf de Spaarndamseweg is een tweede entree naar de groen ingerichte en openbaar toegankelijke verblijfsruimte. De parkeervoorziening is toegankelijk voor bewoners uit de directe omgeving.
22.
min. 3 bouwlagen max. 7 bouwlagen Continueren stedelijke wand Spaarndamseweg
Aanhelen van achterkanten Achterkant bestaande woningen = Achterkant nieuwe grondgebonden woningen Waarborgen privacy Voorkanten naar openbaar hof
accent van 12 bouwlagen langs het Spaarne Relatie met Floresstraat Positie afgestemd doormiddel bezonningsstudie
Parkerengarage uit het zicht Dak = waterberging Dak = zichttuin
Hof = openbaar Optimaal groen Hittestress voorkomen Waterberging
Openbare wanderoute door het hof Stedelijke wand voorzien van (onder-)doorgangen Aansluiting op Floresstraat en Spaarndamseweg
Hoofdstructuur De bebouwing geeft vorm aan de openbare ruimte en biedt plaats aan woningen en andere stedelijke functies. Door de ruime en open vormgeving worden buurtbewoners uit de versteende Indischewijk uitgenodigd gebruik te maken van de openbare groene ruimte.
Aanzicht Spaarndamseweg en Floresstraat Het aanzicht aan de Spaarndamseweg bestaat uit twee delen, namelijk de stedelijke wand (van drie tot zeven lagen) en een middelhoog accent (twaalf lagen). Omwille van de bezonning van de direct aangrenzende woningen is het hoogte accent richting het midden van de stedelijke wand verschoven. De hoogte van de stedelijke wand neemt richting de bestaande woningen af om de overgang ruimtelijk te verzachten.
Openbaar hof, verhoogde daktuin, doorgaande route als verbinding met de wijk
Aanzicht stedelijke wand
Poort markeert de toegang
Stedenbouwkundige plankaart Op de volgende bladzijde is de stedenbouwkundige plankaart weergegeven. Hierin zijn de specifieke functies en typologie weergegeven. Op de hier opvolgende bladzijden zijn doorsnedes weergegeven die inzicht geven in de verhouding van de massa, hoogte opbouw en de verhoudingen van openbaar -privé in het gebied.
24.
Groene gevels verbinden het groene hof en de daktuin
Poort markeert de toegang
Dwarsdoorsnede A
Eengezinswoning 3 laagsvolume met setback
Dwarsdoorsnede B
Openbare ruimte Chris Wolffpark naar ontwerp VE-R
Plint extra hoogte flexibiliteit (bv. duplex, commercieel) entree’s beleving van het programma
Parkeergarage splitlevel
Dwarsdoorsnede A
Kade relatie aan het water
26.
Plint extra hoogte flexibiliteit (bv. duplex, commercieel) entree’s beleving van het programma
Parkeergarage Splitlevel
Duplex
Eengezinswoning 3 laagsvolume met setback
Openbare ruimte Chris Wolffpark naar ontwerp VE-R
Kade relatie aan het water
Langsdoorsnede C - eengezinswoning
Eengezinswoning 3 laagsvolume met setback Verbijzondering hoek 2 laagsvolume richting Floresstraat verbreden profiel
Langsdoorsnede D
Eengezinswoning voordeur aan ontsluiting naar Spaarndamseweg
Voetgangersentree parkeergarage
Openbare ruimte connectie tussen Spaarndamseweg en het Chris Wolffpark
Openbare ruimte Chris Wolffpark naar ontwerp VE-R
Gezinshuis Gemeenschappelijke ruimte begane grond + zlefstandige appartementen op de verdieping
Eengezinswoning 3 laagsvolume met setback
Gemeenschappelijke tuin gezinshuis
Parkeergarage
Gezinshuis Gemeenschappelijke ruimte begane grond + zlefstandige appartementen op de verdieping Gemeenschappelijke tuin gezinshuis
Programma Binnen het woningbouwprogramma, waar ook bij de ontwikkelingen uit de Ontwikkelvisie Spaarndamseweg aan voldaan moet worden, is een minimale norm van 50% sociale huurwoningen gesteld. Om deze 50% te kunnen realiseren, geldt voor de andere 50% dat deze vrij in te delen zijn naar type en prijsklasse. Op deze plaats kan overigens al vermeld worden dat niet aan de minimale eis van 50% sociale huurwoningen voldaan wordt met het uitgewerkte SP. Dit is een gevolg van het feit dat de gemeente tijdens het planproces de wens heeft uitgesproken om in het plan ook een parkeergarage te realiseren die behalve voor de nieuwe woningen ook voor de omliggende buurt in parkeergelegenheid voorziet. Hier heeft de ontwikkelaar invulling aan weten te geven, maar dit heeft ertoe geleid dat er verschuivingen nodig waren in het woningbouwprogramma.
Als gevolg hiervan bedraagt het aandeel sociale huurwoningen in het plan nu 45%. Dit ligt lager dan de 50% die als minimum was gesteld voordat er aanpassingen nodig waren ten behoeve van de parkeergarage. Dit lagere percentage komt echter grotendeels doordat het absolute aantal woningen is verhoogd. Als gevolg hiervan is bijvoorbeeld ook het aandeel vrije sector koopwoningen gedaald. In absolute aantallen is er 1 sociale huurwoning komen te vervallen ten opzichte van het oorspronkelijke programma, waar tegenover staat dat er 10 middeldure koopwoningen bijgekomen zijn. Het totale aantal betaalbare huur- en koopwoningen is als gevolg hiervan toegenomen van 92 woningen naar 101 woningen (+9).
Binnen het plan geldt de volgende onderverdeling in het woningbouwprogramma: Dit programma is het resultaat na inpassing van de parkeergarage in het plan en wijkt af van het oorspronkelijke programma. Zoals hiervoor al is omschreven, is met het invoegen van de parkeergarage ook het aantal woningen verhoogd van 150 naar 163 om van een haalbaar plan te kunnen blijven spreken. Deze toevoeging van 13 woningen is het resultaat van het vergroten van het aantal middeldure koopwoningen (+10) en vrije sector koopwoningen (+4) en een daling van het aantal sociale huurwoningen (-1).
28.
Bewegende stad/verkeer Gemotoriseerd verkeer & parkeren Een van de uitgangspunten voor het stedenbouwkundig plan is het intern oplossen van het parkeren op de locatie zodat de openbare ruimte niet onder druk komt door extra parkeerprogramma. Daarnaast wordt de parkeerdruk in de buurt verminderd doordat er parkeerplekken voor de buurt zijn gerealiseerd. Er is één in- en uitrit voor de parkeergarage, ontsloten via de Spaarndamseweg. Daarmee wordt de invloed op de doorstroming van de Spaarndamseweg beperkt en ontstaat een overzichtelijke verkeerskundige situatie waarbij kruisend verkeer beperkt wordt.
Verkeersbewegingen De nieuwe woningen binnen het plan BLOOM genereren circa 600 motorvoertuigenbewegingen tijdens een werkdagetmaal. In de avondspits valt het maatgevende moment. Dan genereert het plan circa 55 motorvoertuigenbewegingen, waarvan 11 vertrekkend en 44 aankomende bewegingen. Uit de beoordeling blijkt dat deze verkeersintensiteiten probleemloos afgewikkeld kunnen worden op de Spaarndamseweg. De kwaliteit van de verkeersafwikkeling is ‘goed’ te noemen. Er wordt uitgegaan dat het plangebied door middel van een uitritconstructie wordt ontsloten op de Spaarndamseweg. Om van de ontwikkellocatie op de Spaarndamseweg te komen moet een fietspad overgestoken worden, hiermee wordt rekening gehouden in verkeerskundige onderzoeken.
Verkeersstructuur 30.
Parkeren De gemeente Haarlem stimuleert in de Ontwikkelvisie Spaarndamseweg en in het coalitieakkoord een onderbouwde verlaging van de parkeernorm. De parkeernorm wordt op basis van het autobezit afgezet tegen het woonoppervlak naar beneden bijgesteld. Daarnaast worden deelauto’s ingezet, waarmee een deel van de parkeerbehoefte op efficiënte wijze kan worden vervangen. Het parkeren vindt uit het zicht plaats in de parkeergarage binnen het perceel. Daarmee ontstaan er korte loopafstanden (± 5-70m) naar de woningen. Het aantal parkeerplekken binnen de parkeergarage voldoet ruim aan het Haarlemse parkeerbeleid.
parkeerplaatsen. De parkeergarage is via de Spaarndamseweg ontsloten door een gecombineerde in- en uitrit in de stedelijke wand.
Parkeerbehoefte Op basis van het gemeentelijk beleid zijn: • 93 parkeerplaatsen nodig zonder toepassing van dubbelgebruik; • 79 parkeerplaatsen met toepassing van dubbelgebruik. In beide gevallen is met 292 parkeerplaatsen ruim voldoende parkeercapaciteit aanwezig. De restcapaciteit kan benut worden voor bewoners en bezoekers van de bestaande woningen in de omliggende buurt.
Parkeergarage Parkeren voor bewoners en bezoekers moet zoveel mogelijk buiten het zicht blijven. Het opnemen van een ondergrondse parkeergarage is echter zeer kostbaar door onder andere de benodigde maatregelen voor de waterhuishouding. Een ondergrondse parkeergarage is hierdoor financieel niet haalbaar waardoor er een bovengrondse parkeergarage wordt gecreëerd. In de parkeergarage is voldoende ruimte voor bewoners parkeren en parkeerplekken voor de buurt. Zoals eerder beschreven is de parkeergarage na de vaststelling van het SPvE toegevoegd aan het plan voor het Sonnebornterrein. De parkeergarage laat zowel ruimte om richting de hoek Spaarndamseweg - Floresstraat woonprogramma te realiseren als ruimte om tot een samenhangend openbaar gebied binnen het project te komen. De afmetingen van de parkeergarage zijn bovendien zodanig, dat tegen de noordoostzijde van de parkeergarage woningen zijn gepositioneerd om op die manier een aantrekkelijk binnengebied (het hof) te realiseren met voordeuren naar het hof toe. Met de parkeergarage wordt niet alleen voorzien in parkeergelegenheid voor het project Bloom, maar ook in extra parkeergelegenheid voor de omliggende straten. De parkeergarage krijgt namelijk een grotere capaciteit dan wat er enkel voor de nieuwbouw benodigd is. Binnen het SP wordt uitgegaan van een parkeergarage met 292 Schematische weergave parkeergarage
32.
Langzaam verkeer (Fietsers en voetgangers)
Functie Fietsparkeernorm
Fietsers
Appartement sociaal Gezinsopvang sociaal Bezoekers
De Spaarndamseweg is een aantrekkelijke lange afstand fietsroute met twee vrijliggende éénrichting fietspaden. Het westelijke fietspad langs de bebouwing gaat vanaf de locatie richting het zuiden, het oude centrum. Het oostelijke fietspad loopt langs het Spaarne naar het noorden. Een goede oversteek van de rijweg is wenselijk om mensen te verleiden van de fiets gebruik te maken. Een veilige en logisch gepositioneerde oversteek van de Spaarndamseweg is onderdeel van het stedenbouwkundig plan. Het stedenbouwkundig plan voorziet in één gezamenlijke fietsenstalling in binnen de nieuwe parkeergarage. Voor het fietsparkeren zijn de volgende normen gehanteerd:
3,0 per woning 3,0 per woning 0,5 per woning
Binnen het stedenbouwkundig plan worden voldoende fietsparkeerplekken gerealiseerd om aan te sluiten bij de gegeven normen.
Voetgangers In de woonwijk is een tekort aan openbaar groen. Binnen de planlocatie wordt een nieuwe groen ingerichte openbare verblijfsruimte gerealiseerd. Deze openbare ruimte is bereikbaar vanuit de wijk via diverse routes. Eén doorgang naar deze verblijfsruimte komt in het zuidwesten van de planlocatie. Tussen de bestaande woningen door wordt de openbare ontmoetingsruimte zo bereikbaar vanaf de Floresstraat, direct in het verlengde van de Delistraat. Vanaf de Spaarndamseweg is aan de noordzijde een openbare toegang tot het groene binnengebied.
Langzaam verkeer
OV
Spelen
Hulpdiensten
Het plangebied is goed verbonden met het netwerk voor openbaar vervoer in Haarlem. Bereikbaarheid wordt voorzien door meerdere buslijnen die over de Spaarndamseweg rijden. Deze vertrekken iedere tien minuten vanaf het Centraal Station Haarlem tot een dichtbij zijnde bushalte. Deze routes omvatten een maximale reistijd van een kwartier. Bushalte Zaanenstraat is op twee minuten loopafstand verwijderd van het plangebied.
Het voormalige Sonnebornterrein wordt een belangrijke ontmoetingsplek van de wijk waarbij ontmoeten en bewegen in een groene, stedelijke omgeving centraal staat. Daarom komt centraal in het gebied een grote en uitnodigende groene openbare ruimte waar kan worden gespeeld. Er wordt geen formele speelplek aangelegd zodat het direct naast het project gelegen speeltuintje voldoende gebruikers behoudt.
Voor de hulpdiensten is één opstelplaats bereikbaar vanuit de Spaarndamseweg voorzien binnen de ontwikkeling. Daarnaast worden hydranten voorzien bij de entree aan de Florestraat en/of in het groene binnengebied.
droge blusleiding
Hofje Openbaar park
Verhoogde daktuin
Bushaltes Treinstation 34.
Opstelplekken hulpdiensten
Opstelplekken hulpdiensten
Toegang Spaarndamseweg
Landschap en natuur De bouwregel binnen de ontwikkelvisie Spaarndamseweg met betrekking tot groen luidt als volgt: nieuwe ontwikkelingen voegen kwalitatief hoogstaande buitenruimte toe in de vorm van openbaar toegankelijke, groene verblijfsplekken. Momenteel is het terrein braakliggend en niet functioneel. Door sanering van een oude fabriek is het terrein niet als groen aan te schrijven. De locatie wordt al een aantal jaren niet onderhouden. Binnen de beoogde ontwikkeling wordt functioneel, openbaar toegankelijk groen conform de uitgangspunten van de gemeentelijke HIOR ontwikkeld. De buitenruimte in het plangebied krijgt meer ruimtelijke kwaliteit: groener en aantrekkelijker voor voetgangers. Een goede balans in gebruik en een openbaar karakter voor de buurt is hierbij het uitgangspunt. Dit is versterkt naar aanleiding van wensen van bewoners uit omringende buurten. Er wordt op het maaiveld een openbaar toegankelijk hof gerealiseerd aan de binnenkant van het bouwblok. Binnen dit hof zijn meerdere elementen verwerkt die het maken tot een groen gebied. Er wordt namelijk een natuur inclusieve inpassing gemaakt door middel van waterberging, bomen in het maaiveld en toepassing van half verharding voor een groot deel van de paden, wat de waterdoorlatendheid bevorderd.
Daarnaast wordt een private groene daktuin toegevoegd op de parkeergarage met een rijke diversiteit aan plantensoorten die enkel toegankelijk zal zijn voor beheer. De diverse keuze in beplantingssoorten voor zowel het hof als de daktuin zal in het landschapsontwerp nader worden gespecificeerd.
Schetsontwerp inrichting openbare ruimte
Impressie openbare ruimte
Water Infrasoil heeft in opdracht van VORM een uitgebreid rapport opgesteld met betrekking tot de waterparagraaf voor het de woningbouwontwikkeling. Het doel van dit verslag is om de wateraspecten in dit stedenbouwkundige plan te belichten en te toetsen aan de eisen van zowel het Hoogheemraadschap van Rijnland als de gemeente Haarlem.
Randvoorwaarden, eisen en uitgangspunten Het plangebied bevindt zich in Haarlem, en zowel de gemeente als het Hoogheemraadschap van Rijnland hebben specifieke eisen met betrekking tot waterbeheer. De gemeente is verantwoordelijk voor de inzameling en afvoer van vuilwater en hemelwater, terwijl het waterschap verantwoordelijk is voor de kwaliteit en kwantiteit van het oppervlaktewater. De waterhuishouding in dit gebied moet voldoen aan zowel de regels van de gemeente als die van het waterschap. • Gemeente Haarlem stelt eisen aan hemelwaterberging en afvoer. Deze eisen omvatten onder andere het creëren van voldoende berging met bepaalde capaciteiten en ledigingssnelheden, evenals het handhaven van deze berging gedurende specifieke periodes na een regenbui. • Het Hoogheemraadschap van Rijnland legt regels op met betrekking tot verhard oppervlak en vereist dat een bepaald percentage van dit oppervlak wordt gebruikt voor de opvang van hemelwater. Daarnaast worden er specifieke eisen gesteld aan alternatieve waterberging. • Er is een gezamenlijke methode ontwikkeld om te voldoen aan zowel de eisen van de gemeente als die van het waterschap, waarbij bergingseisen worden gecombineerd.
36.
Schematisering afvoer
Ontwerp berging
Het plan beoogt 70 mm aan berging te creëren, met een focus op berging op het parkeergaragedek en indien mogelijk in de openbare ruimte. Dit ontwerp streeft ernaar te voorkomen dat water zich ophoopt, wat het badkuipeffect wordt genoemd.
De berging is opgesplitst in twee delen:
• Water wordt zoveel mogelijk op eigen terrein opgevangen, met name op daken en een wadi. • Het water stroomt van de daken naar de hoofdleidingen, vervolgens richting de Spaarne. • Het plan vereist 70 mm berging, waarbij gekozen is om water te bergen op het dak van de parkeergarage en in de openbare ruimte. De afwateringsroute van het hemelwater wordt weergegeven in een schema, en het maaiveld moet zo worden ingericht dat water oppervlakkig naar de Spaarndamseweg of Floresstraat kan worden afgevoerd om een ‘badkuip effect’ te voorkomen.
• Hoogbouw en parkeergarage met groendak: Dit deel omvat de hoogbouw en parkeergarage, waarbij het groendak wordt benut als waterberging. Er is genoeg ruimte om de benodigde berging te realiseren, en specifieke bouwtechnieken en ontwerpkenmerken zorgen voor voldoende capaciteit. • Openbare Ruimte op maaiveldniveau: In het openbare gebied wordt een wadi gerealiseerd om extra berging te bieden. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van waterbergende funderingen onder verhardingen.
Toetsing Gecombineerde Bergingseisen Het plangebied wordt getoetst aan zowel de eisen van het waterschap als die van de gemeente. Uit de toetsing blijkt dat de berging van 70 mm voldoende is voor het waterschap als deze een ledigingstijd van 48 uur heeft. Om te voldoen aan de eisen van het waterschap en de gemeente, wordt de ledigingstijd verhoogd naar 60 uur.
Impressie waterberging
Conclusie Op de ontwikkelingslocatie wordt het verharde oppervlak vergroot met 9.546 m2. Het Hoogheemraadschap van Rijnland vereist een berging van 55 mm per m2, wat overeenkomt met 525 m3. De gemeente vraagt echter om 70 mm berging (668 m3). Deze eisen worden ingelost door het dak op de parkeergarage in te richten als een groen dak (310 m3 berging) en extra berging op maaiveldniveau via een waterbergende fundering en wadi (358 m3 berging). Ten slotte worden er waterbergende funderingen toegepast onder de verharding. Het totaal van 668 m3 voldoet aan de gemeentelijke eisen. Door een stuwingsregelaar op het groene dak en een vernauwde afvoer naar de Spaarne wordt een ledigingstijd van 60 uur gewaarborgd, waardoor de berging voldoet aan de eisen van het Hoogheemraadschap van Rijnland.
Schematisering van wateropvang- en afvoersysteem
Privacy en bezonning De ontwikkeling vindt plaats in stedelijk gebeid. Bestaande woningen en of bedrijven kunnen hinder ondervinden door een afname van het aantal uren licht. Door de bebouwingswand langs de Spaarndamseweg getrapt vorm te geven, wordt rekening gehouden met de bestaande bebouwing. Door de achtertuinen van de nieuwe grondgebonden woningen naar de achtertuinen van de bestaande woningen te richten wordt de privacy zoveel mogelijk gewaarborgd. In een bezonningsstudie is de impact op de bezonning inzichtelijk gemaakt. Op basis van bezonning en schaduwwerking is het middelhoge accent meer naar het noorden geplaatst om de naastgelegen tuinen van voldoende zon te voorzien.
Schaduwanalyse plangebied 38.
Sociale veiligheid Zien en gezien worden is een van de belangrijkste elementen voor het creëren van een sociaalveilig gebied. Bij de toegang vanaf de Floresstraat zijn de patiowoningen zo gepositioneerd dat er vanuit de woningen zicht is op deze entree. Naar het openbaar groen worden voorkanten van woningen gerealiseerd, en daarmee de sociale veiligheid vergroot.
Duurzaamheid Klimaat adaptief Centraal in de ontwikkeling staat het groene verblijfsgebied. Hier staan in voldoende bomen in de volle grond voor schaduwwerking en het beperken van hittestress. Groene daken hebben de eigenschap goed te isoleren. Hierdoor blijft de binnenruimte eronder koeler in de zomerperiode. Daarnaast vangt een groen dakwater op en versterkt het de biodiversiteit.
Groen en ecologie - groenparagraaf, voldoende groen (koppeling maken met hittestress) In het hart van het plan worden een daktuin en een openbare binnenplaats gerealiseerd. Daken krijgen een kruidenmengsel en in de gevels wordt groen geïntegreerd door middel van opgaand groen en plantenbakken binnen de architectuur.
10 minuten stad In de 10 minuten stad kunnen inwoners alle basale voorzieningen binnen tien minuten lopen of fietsen bereiken. Met dit uitgangspunt wordt de planning op wijkniveau steeds belangrijker en dient er meer gemengd programma gerealiseerd te worden. In de bestaande wijk is op 10 minuten wandelafstand een zeer compleet aanbod aan voorzieningen te vinden. Zo is er de winkelstraat Generaal Cronjéstraat met een vrij divers aanbod
aan winkels, drie scholen, enkele zorgvoorzieningen en een bushalte nabij. Het treinstation en de binnenstad zijn op 25 minuten lopen, of met 10 minuten fietsen te bereiken. De locatie kent daarmee een vrij compleet aanbod in de directe omgeving. Een van de voorzieningen die in de wijk ontbreekt, is groene verblijfsruimte. In het stedenbouwkundig plan staat de realisatie van een groene openbare buitenruimte dan ook bovenaan. Daarnaast biedt de ontwikkeling zelf ook ruimte voor ondernemen en lokaal werken. Dit vindt plaats in de plint langs de Spaarndamseweg. Binnen de bouwplot wordt de volgende voorzieningen gerealiseerd: Een vrouwenopvang, kantoorruimte en er worden in de plint gemeenschappelijke functies gerealiseerd.
Energie - wijze van verwarmen/koelen bebouwing, opladen auto’s, trafo’s, opslag energie Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de verschillende mogelijkheden ten aanzien van energiemaatregelen. Voor elke parkeerplaats (fiets en auto) wordt de infrastructuur voorzien ten behoeve van laadpalen voor nu en- in de toekomst. De trafo ruimte is voldoende groot om de mogelijke toekomstige uitbreiding van de laadbehoefte op te vangen. Het duurzaam energiesysteem van BLOOM houdt rekening met: • Landelijke BENG-eisen en gasloos bouwen • Aandacht voor stedenbouw en gebouwontwerpen in relatie tot energiebehoefte van gebouwen • Opwekking van energie, onder meer op daken van gebouwen d.m.v. zonnepanelen • Infrastructuur t.b.v. laadpalen elektrisch vervoer.
Veel voorzieningen op 10min wandelafstand van de locatie station op 10 fietsafstand van de locatie
NATUURINCLUSIEVE STAD inclusief bouwen te bevorderen. Circulair slopen en bouwen Het circulair slopen van bestaande bebouwing is helaas niet meer mogelijk. De bestaande fabriek en bijgebouwen zijn reeds verwijderd. Er wordt binnen het plan gestreefd naar het beperken van gebruik van grondstoffen en voorkomen van afval: • Zo min mogelijk primaire grondstoffen gebruiken • Gebruikte en hernieuwbare (bio-based) grondstoffen gebruiken • Grondstoffen zo efficiënt mogelijk inzetten Per blok wordt een analyse gemaakt op verschillende schaalniveaus; de locatie (1-300 jaar), de schil (20-50 jaar), constructie (25-100 jaar), installaties (7-15 jaar), vaste inrichting (25 jaar) inventaris (5 jaar). Daaruit voorkomend wordt per blok een strategie bepaald: Preventie, hergebruik, bio-based materialen, gerecyclede producten, losmaakbaar, flexibel, modulair, prefabricage, leasen, onderhoud en beheer en lokaal.
Gezondheid
Inspiratiebeelden
Het stimuleren van beweging is belangrijk voor het welzijn van de bewoners van het complex en de wijk. Met de ontwikkeling van de centrale groene verblijfsruimte wordt er een plek in de wijk toegevoegd waar men kan ontspannen en wandelen. Het park is toegankelijk voor de buurtbewoners en de bewoners van het nieuwbouwcomplex. De groene inrichting draagt daarbij bij aan het welbevinden van de gebruikers. Veel voorzieningen in de wijk bevinden zich op wandelafstand, wat het aantrekkelijk maakt om ernaartoe te wandelen wat bijdraagt aan de gezondheid. De goede toegankelijkheid van de fietsenstallingen zorgt ervoor dat het gebruik hiervan laagdrempelig plaats kan vinden. Hierdoor is aantrekkelijk voor mensen om de fiets te pakken naar bijvoorbeeld het treinstation, de binnenstad of recreatiegebieden.
Natuurinclusief bouwen Onder natuurinclusief bouwen wordt verstaan dat een gebouw zo vormgegeven wordt dat er een bijdrage plaats vindt aan de biodiversiteit en de natuurwaarden. PRIVE We nemen de volgende maatregels voor natuurinclusief CA. 21 % bouwen: • Neststeenkasten aan noordgevels. • Vleesmuiskasten aan zuidwestgevels. OPENBAAR • Vergroenen van gevels. CA. 41 % • Geveltuinen creëren bij bijvoorbeeld de grondgebonden woningen. • Groene erfafscheidingen. • Kruidendaken/ Vergroenen van daken. • Beschutte plaatsen; insecten hotels. De grondgebonden woningen aan de binnenkant van het openbare park en de zijkant van de parkeergarage zijn voorzien van geveltuinen en andere vormen van groen om natuur 40.
Één van de nader uit te werken openbare ruimtes
bijdrage aan biodiversiteit landschapsontwerp met inheemse soorten klimaatbomen, dragen bij aan extreme weersomstandigheden
Impressiebeelden natuurinclusief
//vorm.nl/bloom
Bedrijven en milieuzonering De afstand tussen de woningen en hinder veroorzakend programma heeft invloed op het woon- en leefcomfort. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat bij de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving van milieugevoelige functies zoals woningen: • Ter plaatse van de naastgelegen woningen een goed woonen leefmilieu kan worden gegarandeerd. • Rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering en de milieuruimte van de betreffende bedrijven. Om de belangenafweging tussen bedrijvigheid en nieuwe woningen in voldoende mate mee te nemen, wordt in dit plan gebruikgemaakt van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009). Sinds 2008 hanteert de gemeente Haarlem de ‘Nota milieuzonering bedrijven’ als uitgangspunt voor toegestane vormen van bedrijvigheid. De nota voegt daar zelf een gebiedsindeling aan toe van uiteenlopende gebieden in de stad en welke categorie bedrijvigheid de gemeente maximaal toe wil staan. De directe omgeving van het plangebied is voornamelijk bestemd als ‘Wonen’ en ‘Tuin’. Ten noorden van het plangebied zijn woningen en een kinderspeeltuin gelegen. Ten oosten grenst het plangebied aan de doorgaande Spaarndamseweg. Het zuiden is gekenmerkt door woningbouw met enkele percelen bestemd als ‘gemengde functie’ en ‘bedrijf’. Westelijk ligt de woonwijk ‘de Indischewijk’.
Het plangebied kan zodoende worden getypeerd als een ‘gemengd gebied’.
plangebied voldoet aan de richtafstanden van deze bedrijven. Ten oosten op een afstand van circa 210 meter ligt het bedrijventerrein Waarderpolder. In het vigerende bestemmingsplan van het bedrijventerrein wordt er rekening gehouden met de woonbebouwing aan de Spaarndamseweg. Bedrijventerrein de Waarderpolder is inwaarts gezoneerd. Op kortere afstand van de (woon)functies worden alleen wat lichtere categorieën (max. categorie 3.2 van de richtafstandenlijst) toegestaan. Vervolgens komen de zwaardere bedrijven tot en met maximaal categorie 4.2. Gestreefd wordt naar een minimale afstand van 100 m respectievelijk 200 en 300 m tot gevoelige functies. Het plangebied voldoet aan de richtafstanden van dit bedrijventerrein. Externe veiligheid De beoogde ontwikkeling maakt kwetsbare objecten mogelijk. De beoogde ontwikkeling betreft geen risicobron en zal dan ook geen negatief effect hebben op omliggende (beperkt) kwetsbare objecten.
Risicogebied t.a.v. bedrijven Haarlem
Overeenkomstig de risicokaart waarin relevante risicobronnen worden getoond, zijn in de omgeving van het plangebied enkele risicobronnen gelegen. Deze zijn ver verwijderd van het plangebied en daarom niet relevant of schadelijk voor toekomstige gebruikers en bewoners.
Het dichtstbijzijnde bedrijvenperceel ligt zuidelijk op een afstand van circa 150 meter. Op deze percelen zijn bedrijven of bedrijfsactiviteiten toegestaan van categorie A, B en C zoals vastgesteld in de VNG lijst functiemenging, hierbij is het maximale belastende aspect (geluid) vastgesteld met een richtafstand van 30 meter. De huidige invulling betreft een denksport- en biljartcentrum ‘t Spaerne en Garage Ooms. Het Hindercirkel niet-gesprongen explosieven
Referenties
42.
Entree parkeergarage
Impressies
Entree openbaar gebied
Stadswand langs Spaarndamseweg
Doorgang richting openbaar gebied
Stadswand Spaarndamseweg vanuit het noorden
Zicht op hof naast duplexwoningen
Doorgang vanuit Spaarndamseweg
Doorgang langs patiowoningen naar Florestraat
Impressie hof naast eengezinswoningen
UITVOERING Flexibiliteit
Het kader van het SPVE is vrij uitgebreid doordacht en geeft daarmee een stevige koers aan voor de ontwikkeling van de locatie. In dit document hebben we weergegeven hoe we invulling aan het kader geven. De spelregelkaart wordt hierbij op hoofdlijnen gevolgd. Aan het SPVE zijn parkeerplekken voor de buurt toegevoegd. Hierdoor is de verdeling van de gebouwen aangepast ten opzichte van het SPVE.
Tijdelijkheid De opstallen op de locatie zijn al geruime tijd geleden gesloopt en de bodem gesaneerd. De locatie was vervolgens vrij lang braakliggend met een hek eromheen. Deze plek heeft gediend als tijdelijke huisvestingplaats van migranten. Momenteel is het terrein in gebruik door een tijdelijke locatie van een supermarkt.
46.
Participatie Voor de ontwikkelzone Spaarndamseweg is gekozen voor het informeren en raadplegen van bewoners. Op basis van de volgende uitgangspunten is het proces vormgegeven. • Informeren en voortborduren op de gebiedsvisie uit 2008. • Ophalen waar mogelijk, raadplegen waar nog ruimte is • Inzetten op de thema’s: hoogbouwprincipes, openbare ruimte en verkeer • Zo volledig en toegankelijk mogelijk informeren. De ontwikkelaar VORM is in juni 2021 gestart met het betrekken van omwonenden bij het proces en inhoud. Aangezien er in dit deel van Haarlem-Noord, de Indischewijk, geen wijkraad is, is er een klankbordgroep samengesteld om mee te denken. Deze klankbordgroep is een mix van bewoners die de buurt vertegenwoordigen; ‘Buren van Sonneborn’. Het traject is door middel van uiteindelijk zeven overleggen met de gevormde klankbordgroep doorlopen en een informatieavond voor de belanghebbenden op 21 juni 2022. De gemeente is hierbij aanwezig geweest met uitzondering van de eerste twee overleggen. De participatie heeft betrekking gehad op de onderwerpen speelvoorzieningen, groen, bebouwing en verkeer en parkeren binnen het SPvE. Op de participatieavond over de landschappelijke inrichting in 2023 kwamen slechts enkele
buurtbewoners af. Er is besloten om de buurt te informeren over de uitkomst van het definitieve (landschaps)ontwerp.
Parkeergarage De inpassing van de parkeergarage is diverse keren besproken met de klankbordgroep Buren van Sonneborn. De klankbordgroep had tegen deze inpassing grote bezwaren omdat de komst van de parkeergarage vooral een negatief effect heeft op de hoeveelheid openbaar groen in het plangebied. Daarnaast was de klankbordgroep van mening dat er in de wijk geen parkeerproblemen zijn waardoor er geen behoefte is aan een dergelijke parkeervoorziening. Leden van de klankbordgroep hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om in te spreken in de Commissie Ontwikkeling. De overleggen met de klankbordgroep hebben geleid tot een aantal aanpassingen in het stedenbouwkundig plan. Ook is de klankbordgroep betrokken bij de totstandkoming van het ontwerpbestemmingsplan.
Vervolgstappen De volgende stap is het opstellen en vaststellen van het bijbehorende bestemmingsplan. De adviescommissie ruimtelijke kwaliteit (ARK) zal de bouwplantoetsing uitvoeren.
Bloom, Stedenbouwkundig plan Spaarndamseweg 466
Rotterdam
|
Middelburg
|
Leeuwarden
|
Eindhoven
|
Deventer
BLOOM
Voorlopig Ontwerp Daktuin en Hof November 2023, VE-R, landschapsarchitectuur en stedebouw
Introductie In dit voorlopig ontwerp voor de daktuin en de hof in het plan ‘BLOOM’ wordt een eerste visie neergelegd op de inrichting, wordt een schets van de mogelijke uitwerking gegeven en wordt een aantal basisvoorstellen voor beplanting gedaan. In de analyse wordt ingegaan op de te verwachten belangrijkste loopstromen, de betekenis van de verschillende toegangen en de verschillen in de overgang van openbaar tussen de verschillende woningen. Die verschillen zorgen samen met een verschil in toegankelijkheid voor een andere benadering van de relatie van de verschillende woningen met het hof. Ook is gekeken wat de bereikbaarheid voor hulpdiensten, beheer en bezorgdiensten betekent voor het plan. Om die te garanderen zijn voorstellen gedaan die in overleg met de betrokkenen verder uitgewerkt moeten worden. Een eerste schetsronde is besproken met een aantal bewoners om input voor het ontwerpproces op te halen. De aanpak en resultaten hiervan zijn verwerkt in dit voorlopig ontwerp. In het voorlopig ontwerp zijn de belangrijkste strategische plekken onderzocht en wordt een ruimtelijke oplossing geboden voor specifieke uitdagingen als waterberging, overgang privé-openbaar en toegankelijkheid. Voor oplossingen die afhankelijk zijn van de stedebouw en architectuur is goed contact met Van Aken Architecten.
Voor de belasting van het dek zijn de eerste gesprekken met de constructeur gevoerd en zijn afspraken gemaakt die een voldoende gronddekking voor volwassen en gezonde beplanting op het dak van de parkeergarage mogelijk maken. Uitgangspunt voor de toegankelijkheid van het dak van de parkeergarage is, dat dit vooral betekenis heeft als kijktuin en dus beperkt toegankelijk zal zijn (met name voor beheer) Op basis van dit ontwerp zal is een eerste check op haalbaarheid gedaan. In het DO wordt op basis van die kaders van haalbaarheid en op basis van de kaders van de HIOR de verdere uitwerking gedaan.
2 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Inhoud
1. Analyse
4
2. Bewonersavond
10
3. Visie 12 4. Voorlopig Ontwerp
14
5. Uitwerking en beelden
16
VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
3
Analyse Context en Uitgangspunten Het plangebied ligt op het voormalige Sonnebornterrein (Spaarndamseweg 466). In het noorden, zuiden en westen wordt het begrensd door de achtertuinen van de woonstraten in de Indische buurt (Obistraat, Floresstraat en Molukkenstraat). In het oosten ligt de Spaarndamseweg en het Spaarne. In de omgeving bevinden zich verschillende basisscholen, speelplekken en een winkelstraat (Cronjéstraat). De omgeving kent weinig groen en wordt gedomineerd door geparkeerde auto’s. Binnen het plangebied is het dus van groot belang dat een structurele bijdrage aan de groene omgeving van de buurt wordt gedaan. Naast de groene opgave is ook de waterbergingsopgave van het grootste belang. Er moet 15% watercompensatie ten opzichte van toegevoegde verharding worden gerealiseerd, omdat het terrein meer dan 10 jaar onbebouwd is geweest. Voor deze locatie is de opgave het gebied te ontwikkelen tot een hoogwaardig stedelijk milieu met meerdere woningtypologieën, een maatschappelijke voorziening en een openbaar groengebied met een hoge verblijfskwaliteit. Klimaatadaptatie, energietransitie en mobiliteitstransitie maken hier onderdeel van uit. De hoofdopzet van het stedebouwkundig plan bestaat uit vier delen: 1. 2. 3. 4.
Locatie van het project ‘BLOOM’ in Haarlem Noord
Een stedelijke wand langs het Spaarne Het oplossen van de achtertuinen van de bestaande woningen De plaatsing van een middelhoog bouwwerk Het toevoegen van openbare ruimte
In de laatste slag van het stedenbouwkundig plan is op verzoek van de gemeente Haarlem de parkeercapaciteit fors verhoogd om de parkeerdruk in de omliggende wijk te verminderen. Dat heeft ook consequenties voor de openbare ruimte. Sommige zaken worden eenvoudiger (geen trappen en hellingbanen meer naar het dek) en sommige lastiger (de ruimte voor een groene verblijfsplek is veel kleiner geworden. Ook sommige randvoorwaarden, eisen en wensen meegegeven in het ‘Stedenbouwkundig Programma van Eisen’ van de gemeente Haarlem van augustus 2022 zijn hierdoor niet meer van toepassing. Onderstaande zijn wel van belang (waar toepasselijk is een opmerking bijgevoegd): Randvoorwaarde » Er moet voldaan worden aan de waterbergingseisen van zowel waterschap als de gemeente Haarlem. Eisen » De totale openbare ruimte krijgt een groene inrichting waarbij waterberging en beleving van het water worden geïntegreerd. » De substraatdikte van het dakpark is minimaal 60 cm. (is nu van toepassing op beplanting op dak van parkeergarage; deze beplanting zal lager zijn, de 60 cm. kan meteen als maximum Ligging en directe omgeving van het project ‘BLOOM’ in Haarlem Noord worden gezien) 4 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
» » »
De openbare ruimte wordt dusdanig ingericht dat deze goed te handhaven en te beheren is. Speeltoestellen voor de doelgroep conform speelbeleid. Het plangebied is autovrij met uitzondering van de entree naar de parkeergarage.
Wensen » In het middengebied wordt in overleg met de buurt een openbare verblijfsruimte gerealiseerd met een parkachtig karakter en speelvoorzieningen. » Het dek moet in beheer zijn van de gemeente Haarlem (dak parkeergarage). » Het dek moet openbaar toegankelijk zijn (deze is niet meer van toepassing). » Het dakpark is rolstoeltoegankelijk vanaf de Floresstraat en minimaal een andere entree (niet meer van toepassing). » De identiteit van het gebied wordt bepaald binnen het ontwerp van de openbare ruimte in samenhang met de bebouwing (architectuur). » (Onder)doorgangen dienen te passen binnen de aangegeven dwarsprofielen en zijn sociaalen verkeersveilig. » De overgang openbaar – privé dient zorgvuldig ontworpen te worden zodat het de bewoners voldoende privacy biedt en tegelijkertijd bijdraagt aan de levendigheid en het groene karakter van de openbare ruimte. Voor groen, ecologie en duurzaamheid zijn deze als volgt:
Schema gemeente Haarlem als basis voor de aanpassing van het programma en de ruimtelijke opzet van het plan
Randvoorwaarden » Te allen tijde moet worden voldaan aan de zorgplicht als bedoeld in de Wet natuurbescherming. Om het effect op de Natura 2000-gebieden te beoordelen moet een AERIUS-berekening (stikstofdepositieberekening) worden uitgevoerd. » Uitvoeren van een Quickscan ecologie en natuurtoets. Eisen » Daken worden maximaal benut voor klimaatadaptie en energietransitie, door het toepassen van waterberging, groen en/of zonnepanelen.
Wensen » 15% van het geveloppervlakte is (levend) groen te maken. » Eventuele speelplekken worden gecombineerd met natuur en groen. » Werk met het uitgangspunt aan de 3-30-300 vuistregel te voldoen, dat wil zeggen: vanuit elke woning zijn 3 bomen zien, 30 procent van het totale oppervlak van de wijk bestaat uit openbaar groen en in de nabijheid van 300 meter van een woning is een groen park of plantsoen toegankelijk. » De stedelijke wand en het middelhoge accent bieden nestgelegenheid voor o.a. vleermuizen en gierzwaluwen. » De overige bebouwing rond het dakpark heeft bruine daken, geschikt voor o.a. zandbijen en scholeksters. Deze bruine daken mogen aangevuld worden met groen dak. » Bebouwing rond de wadi heeft groene daken. » Achtertuinen bieden een potentieel leefgebied voor de egel. Hiervoor is het belangrijk dat er langs de grond een doorlopende groene structuur bestaat. » In de groene ruimtes worden aansluitingen gecreëerd tussen de verschillende ecologische Stedebouwkundig ontwerp met daarbinnen ligging van daktuin en Hof (Beeld Van Aken Architecten) lagen (kruidlaag, struiklaag, boomlaag). VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF 5
Deelgebieden Ruimtelijk valt het gebied op de begane grond uiteen in 5 verschillende deelgebieden die elk hun eigen karakter zullen krijgen op basis van de ruimtelijke begrenzingen. Deelgebied 1 is de zuidwestelijke entree waar nog geen contact is met de hoofdruimte. Het is een transitieruimte waarbij de kwaliteit sterk beïnvloed wordt door de erfgrenzen en door de gevel van de patio. Deelgebied 2 is een tussenuimte die deels het karakter van 1 overneemt, maar wel in contact staat met de hoofdruimte. Deelgebied 3 is de hoofdruimte van het plan waarin ook het verblijven een plek moet vinden. Deelgebied 4 is weer een transitieruimte waarin naast de verbinding tussen Spaarne en hof ook ruimte gevonden moet worden voor de hulpdiensten en bezorgdiensten. Deelgebied 5 hoort vooral bij de grotere woningen in het noordwesten van het plan en is daardoor qua sfeer net iets minder openbaar dan de overige ruimtes.
Deelgebieden op de begane grond in de openbare ruimte
Hoofdroute De hoofdroute door het plan loopt vanaf het Spaarne door de deelgebieden 1-4 en verbindt deze aan elkaar.
De hoofdroute door het plan
6
BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Entrees van de hoofdruimte De drie cirkels in het beeld hiernaast geven de belangrijkste entrees van de hof aan. Twee ervan zijn simpelweg de overgangen van de aanloopdeelgebieden naar de hof en de derde is de collectieve entree van de woningen aan de oostkant van de hof. Hier zijn de meeste voetgangers te verwachten en hier moet dus ook met de breedte van de verharding rekening mee gehouden worden.
De belangrijkste entrees naar de hof, gekoppeld door de hoofdroute
Openbaar-Privé en publieke functie De woningen aan de oostkant van de hof hebben geen private buiteruimte aan twee zijden. De enige private buitenruimte die ze hebben ligt aan het hof. Als dit samen gaat met veel gebruik van de publieke ruimte, ontstaat het risico dat bewoners hun private buitenruimte gaan afschermen met schuttingen en tuinschermen. Alle andere woningen rondom de hof hebben naast het contact met de hof ook een privé buitenruimte aan de achterkant van de woning. Hiermee is de confrontatie tussen het publieke gebruik en de woningen minder kwetsbaar. Het is dus belangrijk om de meer publieke plekken (daar waar meer intensiteit verwacht wordt) daar te situeren waar de overgang openbaar-privé het minst kwetsbaar is. Bovendien ligt het voor de hand om die zone aan de hoofdroute te koppelen. De gele zone in het beeld hiernaast geeft de meest logische plek aan voor een degelijke functie.
De invloed van de aard van de private buitenruimte op de plaatsing van de meest publieke zone VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
7
Relatie Hof en Daktuin op garage Op het dak van de garage wordt een tuin aangelegd. Deze is niet toegangelijk voor bewoners en heeft vooral het karakter van een kijktuin. Desalnietemin is het van belang om de tuinen bereikbaar te maken (voor beheer of om eventuele veranderingen in de toekomst niet onmogelijk te maken) en is het een kans om de kwaliteit die beiden toevoegen te ondersteunen door ze ook visueel te koppelen. Hierdoor blijven het niet twee losse gebieden, maar gaan ze samen de groene sfeer van het plan vormen. In het beeld hiernaast is aangegeven waar de belangrijkste functionele verbinding kan zitten (noordwesthoek garage aan hof) en waar de visuele verbinding de meeste ruimte heeft en de grootste bijdrage kan leveren (noordkant garage aan transitieruimte)
De belangrijkste verbindingen tussen begane grond en tuin op het dak van de garage
Aandachtspunten Een schaalniveau lager wordt de kwaliteit van de openbare ruimte ook steeds beïnvloed door de aanliggende architectuur en erfgrenzen. De punten die op de kaart hiernaast zijn aangegeven verdienen extra aandacht omdat er bijvoorbeeld een kans zit om een bijzondere hoekoplossing te maken; omdat het aanbeveling verdient om een raam in de gevel te maken zodat de woning en de openbare ruimte contact hebben; omdat er bijvoorbeeld een overgang tussen twee verhardingstypes te verwachten valt enzovoorts.
Aandachtspunten in de vormgeving (hoeken, zichtpunten, entrees, overgangen)
8 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Risicovolle erfgrenzen Een bijzondere categorie van de aandachtspunten is hiernaast uitgelicht, omdat er vaak onevenredig veel invloed op de kwaliteit van de openbare ruimte uitgeoefend wordt door de erfgrenzen die direct aan de openbare ruimte grenzen. Het kan daarbij gaan om volledig dichte zijgevels van gebouwen of om zijerfgrenzen die voor geruime afstand het karakter van de aanliggende ruimte mede bepalen. Oplossingen voor deze risico’s kunnen vaak eenvoudig gevonden worden door het maken van deuren en ramen op de goede plekken, door het meenemen van de zij-erfgrenzen in de architectuur van de woningen en door het beplanten van de zones voor de erfgrenzen die buiten de invloedssfeer passen.
Risicovolle erfgrenzen voor de kwaliteit van de openbare ruimte
VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
9
Bewonersavond Op 23 november 2022 is een bewonersavond georganiseerd om input te krijgen met betrekking tot de wensen en gedachten van de omwonenden van het plan. Om het gesprek te voeden zijn 6 concepten gepresenteerd die een waaier aan mogelijkheden weergeven van hoe met de daktuin omgegaan kan worden. De zes benaderingen waren 1. Split: een duidelijk verschil in twee delen (actief en openbaar en rustig en meer privé) 2. Loop: een routing die zowel hof en dek als buurt en dek aan elkaar knoopt met daarnaast weelderig groen 3. Tuinen: een inrichting van het dek die veel verschillende deelkarakters mogelijk maakt door een sterke structuur met aparte vakken 4. Hof: een opzet die verwant is met de Haarlemse hofjes 5. Lawn: een ruime opzet met veel laag gazon om vrij te gebruiken 6. Active: een met veel programma geladen dek voor een actieve buurt
Zes schetsen die met de bewoners zijn besproken:
10 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Daarnaast was er voor alle bezoekers van de avond een uitgebreide set kaarten gemaakt waarop referentiebeelden te zien waren in verschillende categorieën. Voorbeelden waren verharding, groen, spelen, tuinen, water, bomen enz. Met deze kaarten konden de schetsen waar de voorkeur naar uitging verder opgetuigd worden met de sfeer die gewenst werd. Daarbij werd in gesprek uiteraard gevraagd naar argumenten en aanleidingen voor de specifieke keuzes.
Resultaten Een grote voorkeur ging op de avond zelf uit naar de concepten ‘Loop’, ‘Lawn’, en ‘Hof’. Dit waren de benaderingen waar de meeste kaartjes bij geplakt werden en de duidelijkste wensen al ingewilligd waren. Een reden om de andere juist niet te kiezen was bijvoorbeeld dat er qua speelprogramma al wel het een en ander in de buurt te vinden is, maar dat er een groot tekort aan groen is. Dit plan zou dus juist daarop moeten focussen.
Kaartjes met programma en referenties die aan de schetsen gekoppeld konden worden
Verbeterpunten waren dat de open ruimte in ‘Lawn’ wel erg groot werd gevonden. Ook waren er twijfels bij de grote hoeveelheid deeltuinen in het model ‘Hof’. ‘Loop’ werd niet alleen vanwege de verbindingen als meest positief beoordeeld, maar vooral ook vanwege het weelderig karakter dat uit de tekeningen spreekt. Met deze resultaten is eerst een visie op het plan ontwikkeld en daarna een eerste uitwerking in een voorlopig ontwerp.
Resultaten van de bewonersavond
VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
11
Visie Test en keuze hoofdopzet Voor het maken van de keuze voor een hoofdlijn van het plan zijn eerst twee principieel verschillende mogelijkheden getest ten opzichte van mogelijk gebruik en beheer. De eerste mogelijkheid is het maken van een plan waarbij de hoofdroute door de ruimte van de hof heen loopt. Voordeel hiervan is dat er minder conflicten zullen ontstaan tussen het publieke gebruik van de ruimte en de overgangen openbaar-privé. Er is immers altijd een zekere afstand tussen de twee die ook stevig beplant kan worden. Nadeel is dat de ruimte erg versnipperd raakt door alle nodige toegangen naar de woningen, zelfs wanneer deze gekoppeld worden. Niet alleen qua beeld is dit niet ideaal, maar ook qua beheer en waterberging. De tweede mogelijkheid is het maken van een route rondom en het realiseren van een aangesloten groengebied in het midden van de hof. Voordeel is juist dat alle toegangen direct meegenomen worden en er dus weinig versnippering ontstaat. Nadeel is dat het publieke gebruik relatief dicht op de overgang openbaar-privé zit.
Basisschets en schema’s voor ontwerp met het pad door de ruimte heen
De keuze is op de tweede mogelijkheid gevallen. Daarbij geldt dan dat met een slimme opbouw van de openbare ruimte de routes meer of minder publiek gebruikt moeten worden afhankelijk van de kwetsbaarheid van de overgang openbaar-privé. Dit kan gedaan worden door te spelen met de breedtes van de paden, waardoor mensen uitgenodigd worden om bepaalde delen meer te gebruiken. Ook de precieze routing van hoofdroute en doorsteek door de hoofdruimte van het groen zullen hier van invloed op zijn.
Basisschets voor ontwerp met het pad om de ruimte heen
12 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Schema’s voor de indeling van de ruimte met het pad er omheen
Binnenkant bouwblok: Tuinen | Hof In het bouwblok ontstaat een tussenzone met tuinen, waarin ook de daktuin meedoet. In het hart van het bouwblok ligt een hof, met voorkanten erop gericht.
Verbindingen Tussen de hof en de stedelijke buitenkant worden 2 verbindingen gemaakt op strategische en praktische plekken.
Aantrekkelijk veelkleurig binnengebied Zo ontstaat een aantrekkelijk veelkleurig binnengebied waarin zowel de verbindingen als de hof een eigen signatuur kunnen krijgen.
Zachte binnenkant Daar waar aan de buitenkant de nadruk in de openbare ruimte op het stedelijke en op de grote maten (bv van het Spaarne) ligt; daar is de binnenkant zachter, met meer groen, biodiversiteit en water.
De omloop Hoofdingreep is het maximaliseren van groen door een groot vlak in het midden te leggen. De verharding aan de buitenkant dient ter ontsluiting van alle woningen aan de hof
Ruimte waar nodig Daar waar de woningen tuinen hebben wordt de verharding breder gehouden (onderhoud, publiek, bezorging) maar daar waar de woningen alleen een terras hebben wordt de verharding versmald (minder publiek, accent op privacy)
Eén publiekstrekker Op de plek waar de bezoekers uitgenodigd worden om van deze ruimte te genieten wordt één sterk bijzonder element gesitueerd, dat waterberging, verblijven en beeld integreerd
Ruimte gekoppeld aan publiekstrekker De combinatie van de grotere ruimte en de publiekstrekker levert een vanzelfsprekend accent op qua gebruiksintensiteit op de plek waar dat gewenst is
Hoofdroute en hoofdverblijfsplek Door de hoofdroute strategisch door de ruimte te leggen, kan de openbaarheid daar terecht komen waar hij hoort en kunnen alle belangrijke elementen en toegangen aan elkaar geregen worden
Extra verbijzondering bij kruising Waar de hoofdroute en het landschapselement elkaar kruisen is aanleiding voor een verbijzondering
Brug en ontmoetingsplek Door de brug precies op die plek over het water te leggen, wordt het publieke karakter van deze zijde versterkt en wordt de meer kwetsbare kant verder ontzien
Een formele en informele entree In aansluiting op de grotere maten en meer formele inrichting van het Spaarne is de entree aan deze zijde ook formeel. In aansluiting op de intiemere maten en de informelere sfeer van de Floresstraat is de entree aan deze zijde meer informeel
VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
13
Voorlopig Ontwerp
14 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Maaiveld De hoofdingreep in het plan is het maken van een langerekte vijver die diagonaal in de Hof ligt. Deze vijver heeft een constructieve rand met zitgelegenheid aan de westkant. Door aan deze zijde ook de paden langs de woningen wat breder te maken, ontstaat zo aan de hoofdroute de meest publieke plek in het plan, daar waar de overgang openbaar-privé het minst kwetsbaar is, omdat de woningen hier ook een privé achtertuin hebben. Aan de oostkant van de vijver is de constructieve kant lager. Ook het maaiveld van het plan is hier verlaagd om een waterberging te creëren. Als de waterberging volloopt kan het water hier over de flauwe taluds verbreden wat een dynamisch beeld van de tuin oplevert. In natte tijden is de vijver dus veel groter dan in droge tijden. De beplanting is afgestemd op dit gebruik en dicht bij de vijver worden dus soorten gebruikt die een periode onder water kunnen staan. Hoger op het talud staan de soorten die een meer gebruikelijke standplaats vergen. Zo ontstaat door de opzet van het plan ook een divers en rijk beplantingsbeeld. Door de hoofdvorm in het zuiden wat langer door te trekken (het pad langs de woningen wat te versmallen) evenals in het noorden, worden bezoekers verleid om vanuit de aanloopgebieden de hoofdroute te gebruiken.
Zo wordt meteen de entree van de appartementen aan de oostzijde van de hof meegenomen en wordt de overgang privé-openbaar aan de oostkant (waar de woningen geen achtertuin hebben) verder in de luwte gehouden. Relatie van voorlopig ontwerp met woningen op de begane grond
De hoofdroute wordt compleet gemaakt met een lage brug over de waterberging en de vijver. Het ontwerp voor deze brug wordt in het DO gemaakt. De verbinding tussen hof en Spaarne is tevens geschikt voor hulpdiensten en bezorgdiensten, die via deze route ook de gezamenlijk entree van de appartementen op maaiveld kunnen bereiken. De plek voor de brandweerwagen is aangegeven. In het plan wordt er vooralsnog van uitgegaan dat deze bij uitrijden één keer steekt. Dit wordt nog verder overlegd.
Daktuin parkeergarage Het ontwerp voor de daktuin van de parkeergarage is een kijktuin die uitsluitend toegankelijk is voor beheer. Voor deze toegankelijkheid zijn smalle paden door een bloemrijke tuin gelegd die bereikbaar is via de lift van de appartementen aan de hof. Voor het beeld wordt ingezet op één bloemenrijke mix van vaste planten die in samen in alle seizoenen een mooi beeld opleveren. Daarbij is de maximale hoogte van de beplanting 2m. Voor het sortiment wordt gebruik gemaakt van planten die een iets langere periode van droogte kunnen doorstaan.
Relatie van voorlopig ontwerp daktuin met woningen op de 4e verdieping VE-R Landschap en Stedebouw BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
15
Uitwerking en beelden
Doorsnedes
Overzicht doorsnede van kijktuin op het dak van de parkeergarage en Hof met vijver en waterberging op maaiveld
16 BLOOM Voorlopig Ontwerp Daktuin en HOF
Maximaal peil Normaal peil
Waterberging
Vijver
De waterberging bestaat uit een verlaagd maaiveld gekoppeld aan de vijver in het plan. Als het water stijgt loopt het over het talud en wordt de vijver tijdelijk vergroot. Het maximale waterpeil wordt bepaald door overstorten die in de vijverrand zijn weggewerkt. In het DO zal verder onderzocht worden hoe het talud precies moet lopen om de gevraagde hoeveelheid waterberging aan te kunnen.
In de vijver staat altijd water. Het is als het ware de basis voor de waterberging. Ook in drage tijden moet het water hier van goede kwaliteit zijn, dus een circulatie en zuivering is nodig. De vijverrand is zo vormgegeven dat zitgelegenheid direct geïntegreerd is. Dat geld ook voor de overstorten die in de rand zijn weggewerkt. Zo zijn er geen ‘slok-ops’ nodig tussen de beplanting die vaak het beeld verstoren.