3 Bijlage 3 Jeugdbeleid van preventie tot jeugdhulp
Tekst van het document
Bijlage 3. Jeugdbeleid van preventie tot jeugdhulp, de vier belangrijkste pijlers In Haarlem zetten we in op preventief jeugdbeleid. Een kind en zijn ouders en/of verzorgers geven zelf het leven vorm van het kind. Ouders hebben de eerste verantwoordelijkheid voor het ondersteunen van hun kinderen. Familie, vrienden, school, sport, de wijk en de buurt zijn belangrijke factoren in de leefomgeving van een kind. Preventieve hulp op de juiste plekken is helpend in het vroegtijdig herkennen en erkennen van problemen. Het preventief jeugdbeleid van de gemeente Haarlem draagt bij aan het gezond, veilig en kansrijk opgroeien van kinderen en jongeren. De gemeente Haarlem financiert in het kader hiervan verschillende projecten op het gebied van jeugd- en jongerenwerk, opvoedondersteuning, jeugdparticipatie, sport, preventie kindermishandeling, begeleiding dak- en thuisloze jongeren en mentale gezondheid jongeren. Preventie kan een belangrijke rol spelen in het voorkomen en verminderen van verschillende problemen onder kinderen en jongeren. Uit onderzoek van het NJi (Effecten-van-preventie-in-hetjeugdveld.pdf (nji.nl)) blijkt dat het versterken van preventie uiteindelijk leidt tot een kostenbesparing, omdat er minder gebruik gemaakt hoeft te worden van specialistische jeugdhulp.
Hieronder worden vier van de belangrijke pijlers binnen het preventief jeugdbeleid belicht, waar de afgelopen en de komende jaren actief op is en wordt ingezet. 1. Kansencirkel In november 2019 is de beleidsnota ‘Samen voor Jeugd’ vastgesteld door de Raad. In deze nota zijn de ambities voor de Haarlemse jeugd beschreven aan de hand van de ontwikkelgebieden uit de kansencirkel. De kansencirkel benoemt acht ontwikkelgebieden die belangrijk zijn voor het leven van alle kinderen en jongeren, namelijk: 1) erbij horen, 2) veilig zijn, 3) gezond zijn, 4) kunnen ontwikkelen, 5) een thuis hebben, 6) actief zijn, 7) gehoord worden en 8) verantwoordelijkheid nemen. De kansencirkel draagt bij aan het preventief jeugdbeleid door vroegtijdig te signaleren, problemen te voorkomen en verschillende partijen samen te brengen. De kansencirkel kijkt naar alle aspecten van het leven van een kind en probeert niet alleen problemen op te lossen, maar ook kansen te vergroten. Op basis van de 8 thema’s is het bijgevoegde overzicht gemaakt. Deze kansencirkel wordt dan ook uitgedragen tijdens de gesprekken met samenwerkingspartners, interne en externe collega’s, en ouders en jeugdigen. 2. Normaliseren Met normaliseren wordt bedoeld dat niet al het gedrag dat afwijkt van de norm een probleem is. Kinderen ontwikkelen zich op allerlei verschillende manieren. En daar hoort ook gedrag bij dat lastig kan zijn.
Door dit gedrag te zien in de context waarin het kind opgroeit wordt voorkomen dat er onnodig wordt geproblematiseerd. Met andere woorden: ook afwijkend gedrag kan normaal zijn als je rekening houdt met de levensfase en de omgeving van het kind. Met normaliseren willen we duidelijk maken dat sommige problemen goed in het netwerk van het kind kunnen worden opgepakt, zonder de inzet van jeugdhulp. Om dit voor elkaar te krijgen is een stevige pedagogische basis nodig binnen het Haarlemse preventieve aanbod. De pedagogische basis is een belangrijk deel van de sociale basis, gericht op het ondersteunen van het opgroeien, opvoeden en de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Het omvat alle contacten, sociale relaties en leefomgevingen die bijdragen aan het opgroeien van kinderen, zoals buren, 1
vrienden, leerkrachten en sportcoaches. De gemeente Haarlem speelt een actieve rol in het versterken van deze pedagogische basis door de leefomgeving van kinderen positief te beïnvloeden en te ondersteunen met initiatieven zoals opvoedondersteuning en kinder-, tiener- en jongerenwerk. Bij opvoedcursussen krijgen ouders niet alleen opvoedvaardigheden aangereikt, maar komen zij ook met elkaar in contact om ervaringen te delen. Het gezamenlijk bespreken van veelvoorkomende problemen draagt niet alleen bij aan het versterken van opvoedvaardigheden, maar helpt ook bij het normaliseren van bepaalde zorgen en situaties. Initiatieven zoals Home Start en Spel aan Huis dragen bij aan deze ondersteuning. Home Start biedt laagdrempelige hulp aan gezinnen met jonge kinderen door getrainde vrijwilligers in te zetten die ouders praktische en emotionele steun bieden. Spel aan Huis richt zich specifiek op het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen door middel van spel. Door samen met ouders en kinderen activiteiten te ondernemen, wordt niet alleen de taal- en sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind bevorderd, maar leren ouders ook hoe zij spelenderwijs kunnen bijdragen aan de groei van hun kind. Normaliseren houdt tevens een verandering in zienswijze in voor zowel professionals als ouders.
De visie op normaliseren vanuit de gemeente Haarlem bestaat uit de volgende leidende principes: a) Eigen kracht. Er wordt uitgegaan van eigen kracht en zelfredzaamheid. Wanneer dit niet toereikend is, wordt er gekeken naar mogelijkheden voor ondersteuning en (informele) hulp uit het eigen netwerk en de sociale basis. Wanneer dat ook niet passend is, wordt er doorgezet naar (meer) specialistische hulp. b) Demedicaliseren, niet onnodig problematiseren en etiketteren. Hierbij gaat het vooral om doen wat nodig is, zo kort en licht mogelijk en zo zwaar als nodig. c) Balans tussen risicofactoren en beschermende factoren. Niet elke risicofactor hoeft opgelost te worden met hulp als er al voldoende beschermende factoren zijn. Het uitgangspunt is dat de regie bij ouders ligt, tenzij de veiligheid in het geding is. Normaliseren vanuit de wijken Er moet ook anders worden gekeken naar jeugdhulp. Jeugdhulp is niet áltijd de oplossing. Er kan sprake zijn van een ander (onderliggend) probleem, zoals armoede, huisvestingsproblemen of GGZproblematiek bij ouders. Het is daarbij noodzakelijk dat er niet alleen naar het kind gekeken wordt, maar juist naar de gehele context waar het kind zich in bevindt. Een probleem kan collectief en laagdrempelig opgelost worden in plaats van met individuele jeugdhulp.
Daarbij zijn wijken, buurten, sportverenigingen en andere ontmoetingsplekken belangrijke vindplaatsen. De opdracht van ‘Gewoon in de Wijk’ sluit hier goed op aan. Buurts, verantwoordelijk voor de uitvoering van deze opdracht, richt zich op het versterken van de sociale basis in de stad door middel van wijkprogrammering. Dit houdt in dat ze inwoners ondersteunen op verschillende vlakken zoals gezondheid, welzijn, werk, en opvoeding. Tot nu toe is er nog onvoldoende vooruitgang geboekt in het realiseren van de doelen op het gebied van jeugd- en jongerenwerk. De gemeente en Buurts zijn hierover in gesprek om tot verbeteringen te komen. Normaliseren vanuit het onderwijs In het bijzonder heeft het onderwijs een signalerende en ondersteunende functie op het gebied van preventie en jeugdhulp. Hierbij valt te denken aan het aanbieden van jeugdhulp binnen het onderwijs (onder andere onderwijs- en jeugdarrangementen) en het gezamenlijk creëren van collectief aanbod op basis van de ondersteuningsbehoefte. Dit gebeurt door onder andere de inzet 2
van het ondersteuningsteam in samenwerking met de CJG-coaches op VO-scholen. Voor de MBOscholen wordt dit aanbod nog verder onderzocht, zoals verzocht in de concept-motie vreemd van 18 juli 2024 (Preventie is de basis: stedelijk vo team). Daarnaast worden kinderen door onder andere de Verrijkte Schooldag in staat gesteld om via activiteiten hun talenten te ontdekken, nieuwe vaardigheden te ontwikkelen en te groeien in hun zelfvertrouwen. Zoals benoemd in de nota Onderwijskansenbeleid leiden zulke projecten tot de bevordering van kansengelijkheid en het welzijn van kinderen in het algemeen. 3. Jongerenwerk en jeugdhulp Het jongerenwerk wordt ingezet om zowel te voorkomen dat jongeren jeugdhulp nodig hebben als bij het afschalen van hulpverlening. In het huidige brede aanbod van de verschillende jongerenwerkorganisaties lopen veel jongeren die kampen met best zware omstandigheden. Dankzij de begeleiding van jongerenwerkers en het plezier dat ze halen uit hun vrijetijdsactiviteiten, vinden velen van hen steun zonder de noodzaak van specialistische jeugdhulp. Enkele goede voorbeelden zijn reeds genoemd onder het kopje ‘mentale gezondheid jongeren’. De wens is om deze projecten verder uit te breiden. Het jongerenwerk wordt ook ingezet bij kinderen en jongeren die hun hulpverleningstraject aan het afronden zijn, maar waar nog wel enige begeleiding gewenst is.
Verder kan het ook ingezet worden wanneer kinderen en jongeren geen vrijetijdsbesteding hebben naast hun hulpverleningstraject. In Haarlem zijn verschillende jongerenwerkorganisaties actief, zoals Triple Threat, Hattrick, Rebup, STAD en PerMens. Deze organisaties spelen een belangrijke rol in het ondersteunen en begeleiden van jongeren in hun ontwikkeling en vrijetijdsbesteding. Het verbeteren en stimuleren van de samenwerking tussen jongerenwerk en jeugdhulp kan kosten besparen, zoals reeds door het NJi is onderzocht. Jeugdhulp is dan eerder en makkelijker af te schalen en een goede vrijetijdsbesteding draagt zowel bij aan het voorkomen van jeugdhulp als aan een sneller herstel. 4. Mentale gezondheid De mentale gezondheid van jongeren staat onder druk. Jongeren ervaren een hogere prestatiedruk en meer schoolstress. Met name meisjes ervaren deze druk en daarbij heeft sociale media meer invloed op hen. Dit blijkt uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 van de GGD. In Haarlem zijn er verschillende projecten om de mentale gezondheid van jongeren te versterken. Deze projecten zijn reeds genoemd in het bijgevoegde kansencirkeloverzicht. Preventieprojecten op mentale gezondheid zorgen vooralsnog niet voor een afnemende vraag naar jeugdhulp. Dit is wel de verwachting op de lange termijn, zoals ook wordt voorspeld in het NJirapport (Effecten-van-preventie-in-het-jeugdveld.pdf (nji.nl)).
Het levert wel op dat het taboe rondom mentale gezondheid steeds kleiner wordt. Jongeren durven meer over hun (mentale) problemen te praten en de stap naar hulp te zetten. Deze groeiende openheid draagt bij aan een groter gevoel van verbondenheid en vermindert de gevoelens van eenzaamheid.
3