3 Bijlage 2 Reactie Combikracht
Tekst van het document
Beantwoording vraag gemeenteraad Haarlem 2024 Aan de gemeenteraad van Haarlem Per adres contractmanagement regio ZIJ Omdat de gemeente Haarlem -net als de andere gemeenten in de regio ZIJ- de complexe jeugdzorg heeft aanbesteed aan consortia, beantwoorden wij de vraag naar de winstpercentages als consortium. Als consortium maken wij geen winst. Wel zijn wij genoodzaakt buffers te ontwikkelen en de extra kosten en risico’s die sinds de aanbesteding op ons bord liggen en komen. Met onze partners -onderaannemers- is de afspraak gemaakt dat wij hen de kostprijs van de producten die zij leveren vergoeden. Dat vinden wij niet meer dan reëel. Deze partners leveren zonder uitzondering ook zorg in andere regio’s en de meesten leveren niet alleen jeugdzorg. Dat betekent dat hun jaarcijfers niet 1 op 1 te vertalen zijn naar de jeugdzorg in Haarlem. Omdat dat in verhevigde mate geldt voor de onderaannemers, waarbij wij feitelijk slechts enkele producten hebben ingekocht (zoals Terwille en Terminal 18), hebben we de vraag om toelichting op de winstcijfers enkel betrokken op 11 onderaannemers, waarvan er 9 partner zijn. Zoomen we desondanks in op de 5 partners, waarvan de winst in de generieke jaarcijfers buiten de 0-5 % valt dan wel niet publiek zichtbaar is, dan kunnen we het volgende stellen: Elk van deze zorgaanbieders is actief in meerdere regio's, waaronder ZuidKennemerland.
Naast jeugdzorg wordt bovendien andere hulp verleend, zoals onderwijs-ondersteuning en WMO. Deze diverse activiteiten dragen rechtstreeks bij aan de omzet en het financiële resultaat van de respectievelijke organisaties. Wanneer we inzoomen op de "kostenplaats" Haarlem, blijkt het resultaat voor een enkele organisatie overigens nadrukkelijk lager dan 5%. Dit gegeven toont aan dat een gemiddelde marge van ongeveer 5% over meerdere jaren een reële en noodzakelijke norm voor een gezonde bedrijfsvoering. Een dergelijke marge stelt de organisatie in staat om financiële buffers op te bouwen, wat essentieel is voor de continuïteit van zorgondernemingen. 3 zorgaanbieders zijn zo klein dat het resultaat snel relatief fors beïnvloed wordt. Zo heeft 1 van de relatief kleine zorgaanbieders in het afgelopen jaar een winspercentage onder de 0%. Een ander zat net boven de 5% omdat een debiteur na het sluiten van het jaar ervoor alsnog betaald heeft. Een derde zorgaanbieders is relatief jong en heeft daardoor de afgelopen jaren bewust gestreefd naar hogere winstmarge ten behoeve van het compenseren van de aanloopkosten (als gevolg waarvan het eigen vermogen vooralsnog negatief is) en het opbouwen van een
Bijlage 2: Reactie consortium CombiKrachtZIJ
meerjarig duurzaam bedrijfsresultaat een gezonde buffer voor personeelskosten op te bouwen. De noodzaak van een gezonde marge Een stabiele financiële marge is cruciaal om de duurzaamheid van een zorgaanbieder te garanderen. Zij opereren in een onzekere context, waarin zij sterk afhankelijk zijn van overheden en waarin ziekteverzuim een groot risico is. Een marge van gemiddeld 5% over meerdere jaren is minimaal noodzakelijk. Dit biedt organisaties de flexibiliteit om financiële risico's op te vangen en tegelijkertijd te investeren in kwaliteit en innovatie. Dit betekent dat er in sommige jaren sprake kan zijn van een marge van 2%, terwijl in andere jaren een marge van 8% wordt gerealiseerd. Deze spreiding stelt organisaties in staat om effectief in te spelen op financiële onzekerheden en toch te blijven werken aan de kwaliteit van zorg. Daarom is het handhaven van deze marge niet alleen wenselijk, maar ook essentieel voor de continuïteit van de organisatie en de zorg die zij levert.
Bijlage 2: Reactie consortium CombiKrachtZIJ