CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20231133795 3 Bijlage 2 Bestemmingsplan Zwemmerslaan 2-4

commissie Ontwikkeling 7 september 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: 21.20 uur Bestemmingsplan en SPvE Zwemmerslaan 2-4 (FR)25.378 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Zwemmerslaan 2-4 bestemmingsplan

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

2

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Inhoudsopgave

Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15 4.16

Hoofdstuk 5 5.1 5.2

Hoofdstuk 6

5 INLEIDING

7

Bestemmingsplan Begrenzing van het plangebied Aanleiding tot actualisering van het bestemmingsplan Doel van het bestemmingsplan Geldende planologische regelingen Bestemmingsplanprocedure Leeswijzer plantoelichting

ONTWIKKELING

9 9 10 10 11 11 12

13

Bestaande situatie en omgeving Beschrijving ontwikkeling

13 14

BELEIDSKADER

17

Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid

17 20 22 23

MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN

37

Milieuzonering Bodem Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Duurzaamheid en energie Verkeer en parkeren Waterparagraaf Cultuurhistorie Archeologie Groenparagraaf Natuurwaarden Vliegverkeer Kabels, leidingen straalpaden en andere belemmeringen Niet-gesprongen explosieven Mer-beoordeling

37 39 43 44 45 47 48 50 56 57 61 63 65 65 66 66

JURIDISCHE ASPECTEN Inleiding Juridische planopzet

69 69 70

UITVOERBAARHEID

75

Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid Handhaving

75 75 77

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

79

Bijlage 1

81

6.1 6.2 6.3

Lichthinderonderzoek

3

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Bijlage 2

Verkennend bodemonderzoek

97

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek

243

Bijlage 4

Besluit hogere waarde Wet geluidhinder

271

Bijlage 5

Onderzoek externe veiligheid

275

Bijlage 6

Verantwoording groepsrisico

327

Bijlage 7

Advies Veiligheidsregio

347

Bijlage 8

Onderzoek verkeer

357

Bijlage 9

Geohydrologisch onderzoek

373

Bijlage 10

Archeologisch onderzoek

423

Bijlage 11

Verkennend natuuronderzoek

487

Bijlage 12

Stikstofonderzoek

519

Bijlage 13

Nader onderzoek Grote Vos

535

Regels

553

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Hoofdstuk 2

Inleidende regels

555

Begrippen Wijze van meten

555 561

Bestemmingsregels

565

Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5

Groen Wonen Waarde - Archeologie

565 567 573

Hoofdstuk 3

Algemene regels

577

Anti-dubbeltelregel Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

577 579 581 583 585

Overgangs- en slotregels

587

Overgangsrecht Slotregel

587 589

Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Hoofdstuk 4 Artikel 11 Artikel 12

Bijlagen bij de regels

591

Bijlage 1

593

Regels natuurinclusief bouwen

4

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

T oelichting

5

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

6

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Hoofdstuk 1 INLEIDING Wie vanuit Heemstede over de Schouwbroekerbrug Haarlem binnen komt, vindt aan de rechterhand, gelegen bij de kruising Europaweg - Zwemmerslaan de ontwikkellocatie Zwemmerslaan. In de huidige situatie een weelderige groenzone. Vroeger stond hier de middelbare school het Spaarne College. De bedoeling is aan de Zwemmerslaan een duurzame gebiedsontwikkeling met woningen te realiseren, waarvoor de verkoop van het terrein wordt voorbereid. De locatie Zwemmerslaan ligt aan de rand van Schalkwijk waar de komende jaren de grootste woningbouwopgave binnen Haarlem ligt.

7

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Ligging van het bestemmingsplangebied

8

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

1.1

Bestemmingsplan Het bestemmingsplan Zwemmerslaan 2-4 bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De regels bevatten juridische regels over het gebruik van de ruimte. Deze regels geven aan of, en zo ja, hoe ruimte bebouwd mag worden en welke functies (bestemmingen) zijn toegestaan. De verbeelding geeft de exacte plaats van de bestemmingen aan, en verwijst naar de regels. De toelichting, tenslotte, is de onderbouwing van regels en verbeelding. Hierin staan het doel van het bestemmingsplan en de toekomstige ontwikkeling van het gebied. De toelichting gaat in op onderwerpen die voor die ontwikkeling van belang zijn, zoals de stedenbouwkundige structuur, de haalbaarheid van het plan en milieuaspecten.

1.2

Begrenzing van het plangebied De ontwikkellocatie wordt ingesloten door voetbalvelden in het westen, de Europaweg in het noorden, de Waddenbuurt in het oosten en het bestaand wooncomplex rondom het Watermolenplantsoen in het zuiden. In de afbeelding hierna is het plangebied indicatief aangegeven.

Plangebied indicatief aangegeven

9

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

1.3

Aanleiding tot actualisering van het bestemmingsplan Langs de Europaweg ligt ten westen van de Zwemmerslaan sinds 2012 een terrein braak van ongeveer 2,5 hectare groot. Het perceel bood tot dan toe de ruimte aan een schoolgebouw van de Spaarne Scholengemeenschap en is sinds de sloop van de school in afwachting van invulling ten behoeve van woningbouw. Op het terrein staan tijdelijk een aantal Tiny Houses. In het bestemmingsplan Schalkwijk (2008) is het terrein aangewezen als uitwerkingsgebied met als belangrijkste voorziene functie woningbouw. De vraag naar nieuwe woningen is nog steeds groot en inmiddels wordt de verkoop van het terrein voorbereid. De locatie Zwemmerslaan ligt aan de rand van Schalkwijk waar de komende jaren de grootste woningbouwopgave binnen Haarlem ligt. Voor het plangebied van voorliggend bestemmingsplan is een ontwikkelvisie (Molenwijk-Noord) opgesteld. Het ontwikkelkader wordt verder uitgewerkt in een Stedenbouwkundig Programma van Eisen (SPvE). De ontwikkeling van het plangebied wordt, binnen door de gemeente aangegeven kaders en richtlijnen, in de markt gezet. Ontwikkelende partijen worden uitgenodigd om een bieding bij de gemeente in te dienen. Het SPvE is een van de punten waarop plannen beoordeeld worden.

Een uitwerkingsplan behoort, vanwege de ligging van een hoofdwaterleiding en de wens om flexibiliteit te bieden aan ontwikkelende partijen om een goed plan in te dienen, niet tot de mogelijkheden. Er dient daarom een nieuw bestemmingsplan te worden vastgesteld. Het ontwerp SPvE Zwemmerslaan en het ontwerpbestemmingsplan worden gelijktijdig ter inzage gelegd.

1.4

Doel van het bestemmingsplan Zoals hiervoor aangegeven is het doel van voorliggend bestemmingsplan om een woningbouwontwikkeling voor maximaal 160 woningen planologisch-juridisch mogelijk te maken. Er worden regels vastgesteld waaraan kan worden getoetst bij aanvragen om omgevingsvergunningen. De ambities op het gebied van innovatie, circulariteit, klimaatbestendigheid, sociale duurzaamheid en groene inpassing zijn hoog. Hiermee wordt invulling gegeven aan de in juni 2015 door de gemeenteraad aangenomen motie Toekomstwijk om een gebied te ontwikkelen waar verschillende vernieuwende ideeën op het gebied van woningbouw een plek kunnen krijgen, zodat de Haarlemse bevolking hier kennis van kan nemen en de stad Haarlem hier weer nieuwe impulsen van krijgt. De ontwikkeling valt samen met een grote transformatie van Schalkwijk, dat met ontwikkelingen als Schalkwijk Midden, Schalkstad en de transformatie van de Waddenbuurt sterk in de lift zit. Het voorliggend bestemmingsplan biedt de juridisch-planologische randvoorwaarden om deze ontwikkeling vorm te geven. Aanvullende voorwaarden en criteria zullen in het SPvE Zwemmerslaan en bij de uitgifte van de grond gesteld worden.

Na het verlenen van de benodigde vergunningen om de ontwikkeling mogelijk te maken is het de bedoeling om dit globale bestemmingsplan te vervangen door een bestemmingsplan/omgevingsplan wat de bestaande situatie gedetailleerder en conserverend vastlegt.

10

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

1.5

Geldende planologische regelingen Binnen het plangebied 'Zwemmerslaan 2-4' gelden de volgende bestemmingsplannen: Nummer 900bp002 BP0120004 BP0120001 BP0120003 BP0120005

Naam van het plan Schalkwijk Facetbestemmingsplan Archeologie Parapluplan parkeernormen Haarlem 2018 Reparatieplan B Haarlem 2019 Reparatieplan C Haarlem 2020

Vastgesteld 28-7-2009 (onherroepelijk) 2-6-2009 17-5-2018 21-11-2019 22-4-2021

Tabel: geldende bestemmingsplannen op het moment van opstellen van voorliggend bestemmingsplan

1.6

Bestemmingsplanprocedure Het bestemmingsplan Zwemmerslaan 2-4 doorloopt de wettelijke procedure. Het conceptontwerpbestemmingsplan wordt op basis van het wettelijk vooroverleg ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) toegestuurd aan de verschillende (semi)overheden en belangenorganisaties. Ook wordt in het kader van participatie overleg gevoerd met de betrokken wijkraad in het plangebied. De gemaakte opmerkingen van de wijkraad en de reacties op basis van het wettelijke vooroverleg, kunnen leiden tot aanpassing van het conceptontwerpbestemmingsplan Zwemmerslaan 2-4. Vervolgens geeft het college van burgemeester en wethouders het ontwerpbestemmingsplan vrij voor tervisielegging volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Na publicatie wordt het ontwerp gedurende zes weken ter inzage gelegd. In die tijd kan iedereen mondeling, digitaal dan wel schriftelijk zienswijzen indienen bij de gemeenteraad. Na verwerking van de zienswijzen en mogelijke ambtelijke aanpassingen besluit de gemeenteraad over de vaststelling van het bestemmingsplan. Na aanpassing van het bestemmingsplan met inachtneming van de eventueel door de raad aangebrachte wijzigingen wordt het vastgestelde bestemmingsplan weer zes weken ter inzage gelegd (aanvang beroepstermijn).

Binnen de inzage periode kan beroep worden ingesteld instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het vaststellingsbesluit treedt in werking op de eerste dag ná de dag waarop de beroepstermijn afloopt, tenzij er een voorlopige voorziening is aangevraagd.

11

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

1.7

Leeswijzer plantoelichting Hoofdstuk 2 gaat in op zowel de bestaande ruimtelijk-functionele structuur van het plangebied als de voorgenomen ontwikkelingen. Hoofdstuk 3 behandelt het voor het plangebied relevante beleid. Hoofdstuk 4 bevat een inventarisatie van de verschillende milieu- en omgevingsaspecten en de resultaten van de verschillende onderzoeken. Het gaat hierbij om alle zaken die kunnen leiden tot ruimtelijke beperkingen. Het uitvoeren van onderzoeken en het maken van analyses van het plangebied is nodig overeenkomstig artikel 3.1.6 van het Bro.Hoofdstuk 5 gaat in op de juridische aspecten van het bestemmingsplan. Er wordt een toelichting gegeven op de planregels, de verbeelding en de regeling voor bebouwing. Hoofdstuk 6 beschrijft de financieel-economische uitvoerbaarheid en licht de uitkomsten van het gevoerde overleg toe. De toelichting wordt tenslotte afgesloten met diverse bijlagen.

12

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Hoofdstuk 2 ONT WIKKELING 2.1

Bestaande situatie en omgeving

2.1.1 Historische context De oostzijde van het Spaarne is lange tijd een drassig en wild gebied geweest. Reeds in de tiende eeuw werd het gebied ontgonnen om er landbouw te kunnen bedrijven. De Zuid-Schalkwijkerweg was de ontginningsas waaraan boerderijen gesitueerd werden voor het bedrijven van landbouw. Deze weg heeft nog altijd een landelijk karakter. Dit zorgt ervoor dat het nu een aantrekkelijke en veelgebruikte schakel in het recreatief netwerk van Haarlem is geworden. Eind jaren 50 van de vorige eeuw werd het structuurplan voor de ontwikkeling van Schalkwijk vastgesteld; het gebied omvatte circa tien- tot twaalfduizend woningen voor ca. 40.000 inwoners en bestond uit vier als woonwijk functionerende kwadranten, gelegen rond een centraal voorzieningencentrum, en omringd door een groengebied (de 'Groene Zoom'). De Groene Zoom was bedoeld als belangrijke recreatieruimte voor bewoners van het hoogstedelijke Schalkwijk. Het is daarnaast karakteristiek voor de opzet van Schalkwijk en creëert een uniek uitzicht over het landschap op de typerende bebouwing. De Groene Zoom vertegenwoordigt in de stedelijke structuur een belangrijke functie door de ecologische, recreatieve en ruimtelijke kwaliteit. Het plangebied grenst aan het als laatst gerealiseerde kwadrant: Molenwijk.

Alvorens met de bouw van de wijk kon worden begonnen werd een dik zandpakket aangebracht op het veenweidegebied. De nabijgelegen Schouwbroekerplas en de Molenplas zijn ruimtelijke restanten van de bijbehorende zandwinning die tot op heden een 'blauw' aangezicht vormen in de Groene Zoom. In de modernistisch traditie van licht, lucht en ruimte waarin het stadsdeel Schalkwijk tot stand kwam, werden functies strikt van elkaar gescheiden. Waar het grootste deel van Molenwijk bestaat uit woningbouw werd de zone die we hier Zwemmerslaan noemen aangewezen voor een bovenwijkse voorziening, gelegen in de nabijheid van de ontsluitingsstructuur van de wijk, waardoor deze goed bereikbaar was. Het gebied aan de westzijde van de Zwemmerslaan heeft vanaf de jaren 70 van de vorige eeuw ruimte geboden aan een schoolgebouw. Dit gebouw heeft met de bouw van het Haarlemcollege aan de Schipholweg haar aanvankelijke onderwijsfunctie verloren en is na tijdelijke gebruik door het Lyceum Sancta Maria in onbruik geraakt. Omdat het gebouw ongeschikt voor hergebruik werd geacht is besloten het gebouw in 2012 te slopen. Op het terrein zijn voor een tijdelijke situatie tien Tiny TIM houses geplaatst. Voor realisatie van de nieuwe woningen zullen deze door de bewoners worden verplaatst naar een andere locatie.

De weg Zwemmerslaan is aangelegd als belangrijke toegangsweg richting de Verenigde Polders, uitgaande van de aanvankelijke gedachte om in daar een uitleglocatie voor woningbouw te realiseren. Door voortschrijdend inzicht is echter reeds lange tijd besloten om van deze verdere uitbreiding van Molenwijk 13

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

af te zien. De Zwemmerslaan is daardoor nooit de functie gaan bekleden waar deze aanvankelijk voor bedacht was. Hierdoor is het straatprofiel voor de auto duidelijke overgedimensioneerd. De weg heeft een grote potentie om te transformeren naar een groene weg die als entree fungeert tot de Groene Zoom en het recreatieve fiets- en wandelnetwerk. 2.1.2 Ligging in de stad Het plangebied ligt in het zuiden van Haarlem en is gelegen in de in de overgangszone van de Groene Zoom naar het stedelijk gebied van Schalkwijk. Via de aangrenzende Europaweg zijn het winkelcentrum van Schalkwijk en de Binnenweg in Heemstede binnen enkele minuten met fiets of auto te bereiken. Het plangebied kan vanwege de nabijheid van de Groene Zoom met het Spaarne en de Zuid-Schalkwijkerweg een belangrijk onderdeel uit gaan maken van de recreatieve en ecologische hoofdstructuur van Haarlem. Door de gunstige ligging nabij zowel stedelijke als recreatieve voorzieningen heeft het gebied de potentie uit te groeien tot een van de meest aantrekkelijke nieuwe woonlocaties van Haarlem; midden in het groen, en tegelijkertijd met alle kwaliteiten van de grote stad op een steenworp afstand. 2.1.3 Ruimtelijke kenmerken van het plangebied Het plangebied is nu een braakliggend, wat verwilderd terrein. Wat opvalt zijn de mooie grote bomen die overal verspreid over het terrein staan.

Ze zijn een overblijfsel van de voormalige tuinen rondom de inmiddels gesloopte school. Al met al doet het gebied groen en ontspannen aan. Buurtbewoners lopen hier hun rondjes met de hond, kinderen kunnen hier ravotten en spelen, en het is een aantrekkelijk groen uitzicht voor de bewoners rondom.

2.2

Beschrijving ontwikkeling Het gebied aan de westzijde van de Zwemmerslaan zal worden ontwikkeld tot een landschappelijk woonmilieu voor maximaal 160 woningen. De ambities op het gebied van innovatie, circulariteit, klimaatbestendigheid, sociale duurzaamheid en groene inpassing zijn hoog. Dankzij de ligging op de overgang naar de Groene Zoom heeft het gebied de potentie uit te groeien tot een bijzonder aangenaam landschappelijk woongebied met een sterke eigen identiteit en gemeenschapsgevoel. Collectiviteit en betrokkenheid bij de eigen woonomgeving zijn centrale thema's voor de nieuwe buurt. Bewoners hebben directe invloed op hun woning en woonomgeving. De wijk trekt mensen met een duurzame leefstijl aan. Er zal ruimte zijn voor nieuwe woonvormen. Bij deze ontwikkeling wordt invulling gegeven aan de in juni 2015 door de gemeenteraad aangenomen motie Toekomstwijk om een gebied te ontwikkelen waar verschillende vernieuwende ideeën op het gebied van woningbouw een plek kunnen krijgen, zodat de Haarlemse bevolking hier kennis van kan nemen, en de stad Haarlem hier weer nieuwe impulsen van krijgt en zich verder op de kaart zet als voorloper van vernieuwende ideeën. In de ontwikkelvisie Molenwijk-Noord is op hoofdlijnen het karakter van deze ontwikkeling omschreven. In het SPvE Zwemmerslaan worden specifieke randvoorwaarden en richtlijnen opgenomen. Inzet is om in ieder geval 50% 14

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

betaalbare woningen te realiseren. Het SPvE zal bij het in de markt zetten een belangrijke rol spelen. Ingebrachte biedingen worden o.a. beoordeeld aan de hand van het SPvE.

15

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

16

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Hoofdstuk 3 BELEIDSKADER 3.1

Rijksbeleid

3.1.1 De Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), vastgesteld op 11 september 2020, biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. De NOVI moet Nederland voorbereiden op de grote uitdagingen die de komende jaren opgepakt moeten worden. Internationale tot lokale ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering zijn voorbeelden en deze opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat centraal in de NOVI. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen. Het combineren van deze opgaven vraagt om een nieuwe manier van werken. Niet van bovenaf opgelegd, maar in goede samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en burgers. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan.

Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. De verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid ligt voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen. Inhoudelijke keuzes kunnen in veel gevallen het beste lokaal of regionaal worden gemaakt. De NOVI moet Nederland houvast bieden om keuzes voor de leefomgeving sneller en beter kunnen maken. De NOVI is opgesteld als voorbereiding op de Omgevingswet die in 2024 in werking treedt. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. In de NOVI zijn vier landelijke prioriteiten vastgesteld, aan de hand van deze prioriteiten is een toekomstperspectief voor 2050 vastgesteld en brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. De vier prioriteiten zijn: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Voor dit bestemmingsplan is relevant invulling te geven aan klimaatverandering, de energietransitie, het gebied te verduurzamen, de leefbaarheid van de 17

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

omgeving te verbeteren en een toekomstbestendige ontwikkeling vorm te geven. In dit bestemmingsplan wordt op verschillende manieren invulling aan deze prioriteiten gegeven. 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is op 22 augustus 2011 vastgesteld en heeft als doel om vanuit een concreet nationaal belang een goede ruimtelijke ordening te bevorderen. De AMvB is het inhoudelijke beleidskader van het Rijk waaraan ruimtelijke besluiten van gemeenten moeten voldoen. Dat betekent dat de AMvB regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden en zich primair richt tot de gemeente. Daarnaast kan zij aan de gemeente opdragen in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. De algemene regels bewerkstelligen dat nationale ruimtelijke belangen doorwerken tot op lokaal niveau. Inhoudelijk gaat het om nationale belangen die samenhangen met het beschermen van ruimtelijke functies, zoals natuur (NNN), of met het vrijwaren van functies. Niet alle nationale ruimtelijke belangen staan in het Barro. Het besluit bevat alleen die nationale ruimtelijke belangen, die via het stellen van regels aan de inhoud of toelichting van bestemmingsplannen (of daarmee vergelijkbare besluiten) beschermd kunnen worden. Het gaat daarbij om de volgende belangen: a. Rijksvaarwegen. b.

Project Mainportontwikkeling Rotterdam. c. Kustfundament. d. Grote rivieren. e. Waddenzee en waddengebied. f. Defensie. g. Hoofdwegen en landelijke spoorwegen. h. Elektriciteitsvoorziening. i. Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen. j. Ecologische hoofdstructuur. k. Primaire waterkeringen buiten het kustfundament. l. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte). m. Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Onderhavige ontwikkeling heeft geen betrekking op deze nationale belangen en de voorgenomen ontwikkeling is daarmee niet in strijd met het Barro. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking (Ladder) is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik. Het bevoegd gezag moet voldoen aan een motiveringsvereiste als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt een aantal eisen aan de toelichting bij het bestemmingsplan bij het mogelijk maken van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Dit moet voor de nieuwe stedelijke ontwikkeling borgen dat er

18

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

sprake is van een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming. Doel is om bij de wens om een nieuwe stedelijke ontwikkeling te zorgen voor een zorgvuldig of duurzaam gebruik van ruimte, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en de ontwikkeling van de omgeving. De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat daarom een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling. Indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied bevat het ook een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Het Bro definieert een stedelijke ontwikkeling als een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. In het plangebied wordt voorzien in een stedelijke ontwikkeling door de toevoeging van maximaal 160 woningen.

De 'stappen van de ladder' zijn in artikel 3.1.6, lid 2 Bro als volgt omschreven: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling; Indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, geeft in de toelichting een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Ad. 1 Haarlem kiest in de Woonvisie Haarlem 2017-2020 'Doorbouwen aan een (t)huis' voor behoud en versterking van de aantrekkelijkheid van Haarlem als kwalitatief goede woonstad. De stad wil een thuis bieden aan een brede groep inwoners met verschillende inkomens, opleidingsniveaus, leeftijden en culturen. Een ongedeelde stad met gemengde wijken waar plaats is voor iedereen. In februari 2021 woonvisie geactualiseerd en samen met een uitvoeringsagenda voor de jaren 2021-2025 vastgesteld. Het gemeentebestuur wil meer, betaalbaarder en energiezuiniger woningen toevoegen in Haarlem. De woonvisie met de titel 'Samen Doorbouwen aan een Duurzaam (t)huis' geeft richting aan het woonbeleid op de lange termijn tot 2030 en handvatten voor de uitvoering ervan in de periode 2021-2025. Belangrijkste doel is een toegankelijke, diverse en inclusieve stad te zijn die een duurzaam (t)huis biedt aan een breed scala van doelgroepen.

De komst van voldoende (betaalbare) woningen is hierbij een randvoorwaarde. Om aan een groot deel van de huidige en toekomstige vraag te kunnen voldoen, worden in de periode 2020 tot 2030 8.000 tot 10.000 woningen toegevoegd, waarvan 3.200 tot 4.000 sociale huurwoningen. Daarnaast dient geïnvesteerd te worden in de sociale infrastructuur. Ook het verduurzamen van zowel de bestaande als de nieuwe woningvoorraad heeft hoge prioriteit in Haarlem. Uitgangspunt bij nieuwbouw is dat er aandacht wordt besteed aan levensloopbestendig bouwen, flexibiliteit en duurzaamheid. Haarlem is een aantrekkelijke stad waar mensen graag (blijven) wonen. Er zijn daarom meer

19

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

woningen nodig. Het versnellen van de bouw van woningen staat daarom hoog op de agenda. De inzet is daarom vanuit het coalitieakkoord Duurzaam Doen! verhoogd van het toevoegen van 7.500 woningen naar 10.000 woningen voor 2025. Naast de wens de lokale kwaliteit van 'Haarlem woonstad' te koesteren en te versterken, ervaart Haarlem steeds meer betrokkenheid bij regionale ontwikkelingen. Met de Metropoolregio Amsterdam (MRA) wordt op diverse manieren steeds intensiever samengewerkt. In de MRA wordt samengewerkt aan het aanjagen van de woningproductie en gebiedsontwikkeling voor de korte termijn (tot 2025). In het Actieprogramma Woningproductie 2018-2025 MRA is afgesproken tot 2025 ruim 105.000 woningen te bouwen (15.000 per jaar) en circa 250.000 woningen tot 2040. Met de provincie zijn in dat verband afspraken gemaakt over de regionale woningbouwopgave in het Regionaal Actie Programma Wonen (RAP). Hieraan zal Haarlem ook moeten bijdragen. Ad.2 De maximaal 160 woningen in het plangebied bevinden zich binnen bestaand stedelijk gebied. De genoemde motivering is voor dit project niet van toepassing. Het bovenstaande toont aan dat aan de Ladder voor duurzame verstedelijking wordt voldaan.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1 Omgevingsvisie NH2050 De Omgevingswet integreert een groot deel van de wetgeving op het gebied van ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Eén van de kerninstrumenten van de Omgevingswet is de Omgevingsvisie. De omgevingsvisie NH2050 is op 26 november 2018 vastgesteld. Daarmee komen de wettelijke verplichte provinciale plannen (Structuurvisie, het Provinciaal Verkeer- en Vervoerplan, het Milieubeleidsplan en de Watervisie) te vervallen. Door de provincie Noord Holland is een Omgevingsvisie opgesteld om koers te zetten richting de toekomst in de wetenschap dat de wereld om ons heen continu in verandering is en deze veranderingen steeds sneller gaan. Belangrijke veranderingen zijn onder meer klimaatverandering, energietransitie, veranderende economieën, grote woningbehoeftes, bodemdaling en verminderde biodiversiteit. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kúnnen investeren in een prettige leefomgeving. Omdat het leefbaar houden van de provincie ook vraagt om grote investeringen in bijvoorbeeld het landschap, natuurontwikkeling en de transitie naar een duurzame energiehuishouding.

Economische kansen bijvoorbeeld van energietransitie, ingegeven door de gunstige ligging van Noord-Holland. Kansen voor mooie aanvullende woonmilieus en aansprekende landschappen, om de mensen die in de Provincie wonen, werken en op bezoek komen in een prettig leefbare 20

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

omgeving te verwelkomen. Kansen ook om nieuwe mobiliteitsconcepten uit te proberen in een gebied met bereikbaarheidsopgaven. Mogelijkheden voor de ontwikkeling van circulaire economie door slimmer om te gaan met de al aanwezige grondstoffen. En uitdagingen om in een drukker wordende provincie oplossingen te bedenken waardoor het hier leefbaar blijft. De Omgevingsvisie pretendeert daarbij niet te kunnen voorspellen hoe de wereld en Noord-Holland in het bijzonder er in 2050 uitziet. De visie probeert, vanuit de bestaande kwaliteiten en de kansen die veranderingen met zich meebrengen, een richting uit te zetten om houvast te bieden naar die onzekere toekomst. Die richting bestaat uit het benoemen van een aantal bewegingen naar de toekomst toe, een aantal ontwikkelprincipes die ons moeten helpen om in samenhang naar ontwikkelingen te kijken. En uiteindelijk ook een aantal randvoorwaarden waar soms ook gewoon regels bij horen om iedereen duidelijkheid te geven over de letterlijke en figuurlijke ruimte die er is om de veranderingen die op ons afkomen in goede banen te leiden. Dit bestemmingsplan geeft een bijdrage aan de provinciale ambities om de geschetste uitdagingen te vertalen in toekomstgerichte nieuwe omgevingen en voldoet daarmee aan de omgevingsvisie NH2050.

3.2.2 Omgevingsverordening NH2020 Het beleid van de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 is, voor zover het een bindende werking moet hebben, neergelegd in de Omgevingsverordening NH2020 zoals vastgesteld op 22 oktober 2020 en op 16 november 2020 in werking getreden. Artikel 6.3: Nieuwe stedelijke ontwikkeling Het voorliggende plangebied is gelegen binnen Bestaand Stedelijk Gebied (BSG). De provincie geeft gemeenten binnen BSG veel beleidsvrijheid. De provincie stimuleert ontwikkelingen zoveel als mogelijk binnen BSG te realiseren. Binnen BSG is het wel van belang dat nieuwe stedelijke ontwikkelingen regionaal worden afgestemd. Artikel 6.3 gaat hierover In artikel 6.3 is bepaald dat een ruimtelijk plan uitsluitend kan voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. Gedeputeerde Staten stellen nadere regels aan deze afspraken. Door middel van een convenant. In paragraaf 3.1.3 is gemotiveerd dat de voorziene stedelijke ontwikkeling (maximaal 160 woningen) in lijn is met regionale afspraken. Artikel 6.62: Klimaatadaptatie Op grond van artikel 6.62 dient de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving te bevatten van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico's van klimaatverandering.

Deze beschrijving dient in te gaan op het risico op wateroverlast, overstroming, hitte en droogte en de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om deze risico's te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Ten behoeve van de beschrijving is overleg met in ieder geval het waterschap in wiens beheergebied de ontwikkeling plaatsvindt noodzakelijk. In de 21

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

duurzaamheidsparagraaf (paragraaf 4.6) zijn de uitgangspunten op het gebied van klimaatadaptatie beschreven. Er heeft overleg plaatsgevonden met het Hoogheemraadschap van Rijnland. Daarnaast is het plan in het kader van het wettelijk vooroverleg voorgelegd aan de provincie Noord-Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland. Het onderhavige bestemmingsplan is passend binnen de regels zoals deze zijn opgenomen in de Omgevingsverordening NH2020.

3.3

Regionaal beleid

3.3.1 Woonakkoord Zuid-Kennemerland / IJmond 2021-2025 De regio Zuid-Kennemerland/IJmond bestaat uit de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort en werkt in deze samenstelling al acht jaar samen. Sinds 2012 heeft deze regio afspraken gemaakt over wonen in een Regionaal Actieprogramma (RAP) Wonen. Eerst in het RAP 2012-2015. Daarna in het RAP 2016-2020 'De regio Zuid-Kennemerland/IJmond geeft thuis!', dat door het voorliggende woonakkoord is vervangen. De opgaven die in het RAP 2016-2020 zijn beschreven, gelden grosso modo nog steeds. Het Woonakkoord is dan ook in veel opzichten een voortzetting van de lijnen uit het RAP. Dit geldt bijvoorbeeld voor het woningbouwprogramma, waarbij de geactualiseerde RAP-afspraken worden voortgezet. Het Woonakkoord legt wel een aantal nieuwe accenten. Zo is duurzaamheid een belangrijker onderwerp geworden en vraagt ook de huisvestingssituatie van diverse doelgroepen meer aandacht. Het woonakkoord bestaat uit een meerjarig bestuursakkoord en een uitvoeringsagenda met concrete acties en afspraken gericht op de uitvoering. De hoofdstad van de provincie is een prettige woonstad met bedrijvigheid en cultuur. Het is de relatief jongste gemeente in de regio, door de instroom van jonge huishoudens. De woningvoorraad groeit binnenstedelijk door nieuwbouw, herstructurering en transformaties.

Er vinden dan ook tal van verhuizingen plaats binnen de regio, zowel binnen deelregio's als tussen deelregio's waarbij Haarlem een centrale functie vervult. Ook blijkt hieruit de sterke samenhang met de MRA: er verhuizen meer huishoudens vanuit Amsterdam naar de regio Zuid-Kennemerland/ IJmond dan andersom. Met name Haarlem is in trek. De relevante opgaven kunnen als volgt worden samengevat: I. Er worden versneld voldoende woningen toegevoegd om te voorzien in de verwachte groei van de woningbehoefte en om het huidige woningtekort te verminderen. In elk segment wordt van Haarlem een toevoeging verwacht. Aandacht is nodig voor de vraag naar grondgebonden woningen. II. Er wordt zoveel mogelijk binnenstedelijk gebouwd en bij OV-knooppunten. III. Elke gemeente realiseert in de woningbouwproductie 30% sociale huur. IV. Elke gemeente voegt middensegment toe. V. Huisvesting van kwetsbare doelgroepen krijgt aandacht. VI. Er wordt meer klimaatadaptief en natuurinclusief gebouwd. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt een ontwikkeling gefaciliteerd 22

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

ten behoeve van divers aanbod aan woningen. De 40% sociale woningen om te komen tot differentiatie is voorzien in de Waddenbuurt (en Molenwijk Noord). De ontwikkeling wordt klimaatadaptief en natuurinclusief uitgevoerd. Dit is verder toegelicht in paragraaf 3.4.6. Geconcludeerd wordt dat voorliggende planontwikkeling in lijn is met het regionale woonakkoord.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1 Omgevingsvisie Haarlem 2045 De gemeenteraad van Haarlem heeft op 27 januari 2022 de Omgevingsvisie Haarlem 2045 vastgesteld. De Omgevingsvisie Haarlem geeft aan de hand van zes strategische keuzes en 14 speerpunten een integrale ontwikkelrichting van de stad voor 2045 weer. De zes strategische keuzes voor de leefomgeving dragen bij aan de integrale opgaven waar Haarlem voor staat. De keuzes worden niet uniform over heel Haarlem op dezelfde manier uitgevoerd maar houden rekening met de eigenschappen van de verschillende buurten. Dit betekent een verdere uitwerking op gebiedsniveau in samenwerking met betrokkenen voor het betreffende deelgebied. Deze zes genoemde strategische keuzes zijn: 1. Mengen en verdichten 2. Buurtgericht ontwikkelen 3. Vergroenen & vernatten 4. Bevorderen gezonde leefomgeving 5. Ruimte voor de energietransitie 6. Mobiliteitstransitie. Deze zes keuzes komen bij elkaar bij Project Zwemmerslaan en zijn verder uitgewerkt in de ontwikkelvisie Molenwijk-Noord.

23

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Uitsnede Omgevingsvisie Haarlem 2045

3.4.2 Structuurvisie openbare ruimte Eind 2017 is door de gemeenteraad de Structuurvisie Openbare Ruimte (SOR) Haarlem 2040: Groen en Bereikbaar vastgesteld. De Structuurvisie Openbare Ruimte gaat in op een prioritering bij ingrepen in de openbare ruimte. De hoogste prioriteit wordt gegeven aan het beschermen en versterken van de groenstructuur gevolgd door het beschermen en versterken van de waterstructuur en het inpassen van benodigde extra klimaatadaptatiemaatregelen. Daarnaast biedt het een afwegingskader voor mobiliteit waarbij binnen de stad het belang van de voetganger gaat boven opeenvolgend: het belang van de fiets, het openbaar vervoer en de auto. In de SOR wordt aan de hand van een aantal themakaarten een beeld 24

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

geschetst van de situatie in 2040. Het plangebied zelf komt terug op twee van de themakaarten: de Fietsnetwerkkaart en de Water op straat kaart. De Zwemmerslaan is onderdeel van het fietsnetwerk van Haarlem en dient deze functie te behouden. Dit betekent dat de bestrating comfortabel moet zijn voor gebruik door fietsers. Daarnaast is de Zwemmerslaan opgenomen als stroombaan, dit betekent dat bij hevige regenval water moet kunnen afstromen langs de weg zonder te worden geblokkeerd. Deze functie als stroombaan dient bij herinrichting in ogenschouw genomen te worden. De structuren in de omgeving van het plangebied komen veelvuldig terug in de themakaarten. De groene zoom is een belangrijke groenstructuur en speelt samen met andere grote parken een belangrijke rol voor de groenbeleving die de stad maken toet een prettige woon- en verblijfplaats. De Zuid-Schalkwijkerweg is een cultuurhistorische lange lijn, een ecologische route, recreatieve route voor voetgangers en/of fietsers en een ontvlochten route in het fietsnetwerk van Haarlem. De Europaweg is naast hoofdontsluiting in het autonetwerk van Haarlem, onderdeel van de hoofdbomenstructuur, een recreatieve route, hoofdfietsroute en een cultuurhistorische lange lijn. 3.4.3 Ontwikkelvisie Molenwijk-Noord Op 29 juni 2022 is door de gemeenteraad de ontwikkelvisie Molenwijk-Noord vastgesteld.

In deze visie is een ruimtelijke visie neergelegd voor de ontwikkeling van Molenwijk-Noord. In Molenwijk-Noord zijn grote ontwikkelingen op komst. Met name het voornemen van Pré Wonen om 11 portiekflats te slopen en te vervangen door nieuwe woningen is ingrijpend. Dit is aanleiding geweest voor het een maken van de visie, die handvatten biedt om van Molenwijk-Noord de komende tien jaar een aangenaam groen woonmilieu te maken, met een divers woningaanbod en passende voorzieningen. Water en groen zijn van belang tegen hittestress, voor waterberging en voor een activerende, aantrekkelijke leefomgeving voor jong en oud. Onderdeel van de visie vormt ook het plangebied aan de Zwemmerslaan. De Zwemmerslaan vormt ruimtelijk de grens tussen de woonwijk en de Groene Zoom. In de visie is aangegeven dat de voormalige schoollocatie aan de westzijde van de Zwemmerslaan de Groene Zoom wordt uitgebreid en een cluster van vrijstaande, alzijdige woongebouwen in het groen ontwikkeld. Daarbij wordt het landschappelijk karakter van het dit gebied als onderdeel van de Groene Zoom versterkt en het gebied meer beleefbaar en toegankelijk gemaakt.

25

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

3.4.4 Stedenbouwkundig kader Voor de ontwikkeling zijn stedenbouwkundige hoofdvoorwaarden in de ontwikkelvisie Molenwijk-Noord opgesteld. Aanvullende kwalitatieve randvoorwaarden voor bebouwing en buitenruimte worden vastgelegd in een Stedenbouwkundig Programma van Eisen (SPvE). Dit SPvE loopt parallel aan het bestemmingsplantraject. Het ontwikkelen van de locatie Zwemmerslaan wordt in de markt gezet. Dit wil zeggen dat ontwikkelaars via aanbesteding de mogelijkheid hebben om aan de gemeente een aanbod te doen om deze locatie te mogen ontwikkelen. Het bestemmingsplan geeft veel flexibiliteit om een woningbouwontwikkeling vorm te geven. Een belangrijk element waar dit bod op wordt beoordeeld is het SPvE. Na het vergunnen van het winnende bod wordt later een gedetailleerder en meer conserverend bestemmingsplan/omgevingsplan voor deze locatie vastgesteld. Hiermee wordt geboden planologische flexibiliteit die voor het winnende bod niet nodig is, weer weggehaald. Dit wordt gedaan om ongewenste ontwikkelingen na realisatie van het winnende plan te voorkomen. 3.4.5 Ruimtelijke kwaliteit Voor het gebied waarin de ontwikkellocatie Zwemmerslaan ligt, zijn in de Nota Ruimtelijke Kwaliteit uit 2012 een gebiedstype en een regieniveau opgenomen. Voor deze locatie geldt een gebiedstype 'Strokenbouw (1960 - ca. 1975)' hierop is de transformatie regie van toepassing.

Daarnaast is voor de Europaweg als lange lijn de bijzondere regie van kracht. Openbare ruimte Lange lijnen (Europaweg) altijd integraal met inachtneming van het gehele lengteprofiel behandelen. Materiaalgebruik als bestaand. Nieuw materiaalgebruik afstemmen op de geldende materialen voor het betreffende gebied (op basis van gebiedsvisie). Overeenkomstig de vloerkaart valt dit plangebied binnen landschappelijke verharding: voor wegen asfalt. Terughoudend in toepassing straatmeubilair, objecten concentreren op stedenbouwkundige overruimtes danwel parkeerzones. Let op zicht- en looplijnen. Voorzieningen als elektriciteits-, schakelkasten of opnemen in de bebouwing of tegen de bebouwing c.q. erfafscheiding plaatsen of ondergronds. Ruimtelijke structuur bebouwing Bestaande structuren (zoals groenstructuur) als uitgangspunt nemen bij herstructurering. Bij vervanging van hele complexen kan de ruimtelijk structuur van de bebouwing veranderen. Bebouwing is georiënteerd op de openbare ruimte en wordt niet fysiek of visueel afgesloten van zijn omgeving. De plint reageert functioneel en 26

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

visueel op het maaiveld. De overgang openbaar en privé moet helder gedefinieerd zijn. Bij toepassing van hekwerken deze altijd mee-ontwerpen. Massa en vorm bebouwing Het toevoegen van een nieuwe bebouwingstypologie is mogelijk. Een nieuw bouwvolume heeft een heldere hoofdvorm. Materiaal, kleur en detaillering bebouwing Duurzaam materiaal toepassen. Kleurgebruik vergelijkbaar met wat er in de omgeving gebruikelijk is. Daklandschap Kansen voor zonne-energie, vergroening en gebruik als buitenruimte benutten. Gebouwen hebben een duidelijke beëindiging. Door het ruime profiel en maat van de openbare ruimte is de dakcontour van grote afstand zichtbaar. Opbouwen, installaties, etc. moeten daarom binnen de contour passen. Specifiek voor de Europaweg geldt hier dat installaties zoals antennes, liftopbouwen, airco installaties e.d. zoveel mogelijk geïntegreerd dienen te zijn in het daklandschap. Niet zichtbaar vanaf de openbare ruimte. 3.4.6 Wonen Haarlem is een aantrekkelijke stad om in te wonen. De vraag naar woningen in Haarlem blijft onverminderd hoog. De inzet is om 10.000 woningen voor 2025 toe te voegen. De woonvisie Haarlem 2017-2020: "Doorbouwen aan een (t)huis" benoemt drie hoofddoelen. Dat zijn: het verbeteren van de beschikbaarheid van woningen voor verschillende doelgroepen; het voorkomen van een tweedeling in de stad en; het werken aan een energie-neutrale stad.

De woonvisie zet ook in op de ambitie om Haarlem een ongedeelde stad te laten zijn, met gemengde wijken waar plaats is voor iedereen. Dat gebeurt vooral door het stimuleren van een divers woningaanbod en door ervoor te zorgen dat er verschillende soorten huishoudens (rijk, arm, jong, oud, etc.) samen in dezelfde wijk kunnen (blijven) wonen. Extra woningen zijn o.a. nodig voor groepen die extra aandacht nodig hebben, zoals jongeren en zorgbehoevende mensen, zodat zij langer zelfstandig kunnen wonen. De gestelde woningbouwopgave bedraagt 1.200 sociale huurwoningen voor het westelijk deel van de stad en 700 (waarvan 400 in Schalkwijk) voor het oostelijk deel. Daarnaast dient geïnvesteerd te worden in de sociale infrastructuur. Ook het verduurzamen van zowel de bestaande als de nieuwe woningvoorraad heeft hoge prioriteit in Haarlem. Uitgangspunt bij nieuwbouw is

27

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

dat er aandacht wordt besteed aan levensloopbestendig bouwen, flexibiliteit en duurzaamheid. Het stadsdeel Schalkwijk wijkt met zijn naoorlogse voorraad sterk af van de overige stadsdelen van Haarlem. Bijna de helft van de woningen (46%) is gebouwd in de jaren '60. Er is weinig differentiatie in woonmilieus, zowel in type als prijssegment. Bijna 60% van de woningvoorraad is in bezit van corporaties. Dit hoge percentage in combinatie met het type woning (veel portieketagewoningen en galerijflats), en bijbehorend woonmilieu maken het stadsdeel kwetsbaar. Tegelijkertijd zijn er in Schalkwijk volop kansen. De belangrijkste thema's binnen de woningbouwopgave voor Schalkwijk en daarmee ook voor Molenwijk Noord voor de komende jaren zijn: Realisering van gemengde wijken met verschillende prijssegmenten. Bij nieuwe woningbouwontwikkelingen met minimaal 30 woningen moet de verhouding 40% sociale huur, 40% middel dure huur en 20% koop zijn. Uitvoering geven aan de herstructureringsprojecten gericht op differentiatie, kwaliteitsverbetering, leefbaarheid en aanpak van de openbare ruimte; Intensivering van bebouwing waar dit mogelijk is met behoud van aanwezige ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid in de wijken. Verbetering van het imago door ruimte te bieden voor experimenteren met en intensiveren van functies (bijvoorbeeld zelfbouw- en kluswoningen).

Uitvoering geven aan Langer Zelfstandig Thuis wonen. Doorgaan met de duurzaamheidsaanpak. Ontwikkellocatie Zwemmerslaan Vanuit het woonbeleid geldt voor de Zwemmerslaan de volgende specifieke ambitie: het realiseren van nieuwe woonvormen, waaronder zelfbouw, voor verschillende doelgroepen. Multifunctioneel en flexibel gebruik van de woningen stimuleert sociale interactie (binnen en buiten de wijk). Voorwaarden hierbij zijn: Minimaal 100 woningen waarvan volgens het huidige bestemmingsplan een flink deel grondgebonden eengezinswoningen; Minimaal 25 zelfbouwwoningen (PO/CPO), dan wel wooncoöperatie; Nadruk op 50% betaalbare segment. Het aandeel sociale huurwoningen (40%) wordt gerealiseerd in de Waddenbuurt (en het gebied Molenwijk Noord) die ook herontwikkeld wordt; Doelgroep (startende) gezinnen en doorstromers (eengezinswoningen) en één- en tweepersoonshuishoudens (appartementen); Begane grond geschikt voor multifunctioneel gebruik draagt bij aan bijzondere woon- en werkvormen.

28

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

3.4.7 Duurzaamheid en energie Het Haarlems beleid ten aanzien van Duurzaamheid kent eisen en wensen. De Richtlijn Duurzaam Bouwen Haarlem (Vastgesteld door het college op 25 februari 2020) vat dit beleid samen in concrete 'randvoorwaarden' en 'doeleinden' voor het bouwen. Randvoorwaarden zijn gebaseerd op het rijksbeleid of bestaande wetten zoals bijvoorbeeld aardgasvrij bouwen en compensatiemaatregelen voor water en ecologie. Doeleinden zijn ambities van de gemeente zoals natuurinclusief en circulair bouwen. Wanneer nieuw beleid wordt gemaakt of wordt aangescherpt wordt dat in de richtlijn toegevoegd. Bij elk project kan bepaald worden of er doeleinden zijn die als aanvullende randvoorwaarden gesteld worden. Bij elke stap van het ontwikkelproces wordt het pakket aan duurzaamheidsmaatregelen scherper geformuleerd: Initiatieffase: In de eerste fase worden de duurzaamheidskansen en -risico's van de locatie gesignaleerd en verwoord in de startnotitie. Het ambitieniveau ten aanzien van duurzaamheid wordt (zo specifiek mogelijk) vastgesteld. Er wordt beoordeeld of/welke doeleinden toegevoegd kunnen worden aan de randvoorwaarden. Definitiefase: Het pakket aan randvoorwaarden wordt op haalbaarheid onderzocht en opgenomen in het Stedenbouwkundig Programma van Eisen (SPvE). Door vaststelling in de Raad van dit stuk worden de randvoorwaarden bestendigd.

Daarnaast kan het vastgelegd worden in afspraken als: samenwerkingsovereenkomst of anterieure overeenkomst. Ontwerpfase: De randvoorwaarden worden verwerkt in het ontwerp door de ontwikkelende partij in een Stedenbouwkundig Plan (SP) en Inrichtingsplan (IP). De gemeente toetst het resultaat aan het eind van deze fase, vóór bestuurlijke vaststelling (college van BenW). Voorbereidingsfase: In het geval van een ruimtelijk plan kunnen de eisen vertaald worden in de regels van het ruimtelijk plan en worden de uitgangspunten juridisch geborgd. Energie en Warmte Randvoorwaarde: Aardgasvrij bouwen Aardgasvrij bouwen wordt reeds als voorwaarde bij het bouwen gesteld. Het Rijk heeft per 1 juli 2018 de gaswet gewijzigd waardoor nieuwe gebouwen in principe geen gasaansluiting meer krijgen. Gemeente heeft de 'routekaart naar aardgasvrij 2040' vastgesteld. Randvoorwaarde: Bijna energieneutraal bouwen (BENG) BENG vervangt per jan 2020 de (EPC). Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat alle aanvragen van omgevingsvergunningen per 1 jan 2020 moeten voldoen aan de eisen voor bijna energieneutrale gebouwen (BENG ). Deze vervangt de energieprestatiecoëfficiënt (EPC). De BENG is opgebouwd uit drie indicatoren: de maximale energiebehoefte, het maximale primair fossiel energiegebruik en het minimale aandeel hernieuwbare energie. De BENG-eisen gelden alleen voor nieuwbouw.

29

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Doeleinde: Energieneutraal en -leverend bouwen De BENG-eisen gaan niet uit van volledige energieneutraliteit. De 'versnelling Duurzaamheidsprogramma' (2017) zet in op een klimaatneutraal Haarlem in 2030. Bij nieuwe bouwontwikkelingen waar de gemeente de randvoorwaarden bepaald, zal maximaal op deze ambitie ingezet moeten worden door energieneutraliteit of energieleverende gebouwen te realiseren. Doeleinde checklist Warmtebron Nieuwbouwprojecten kunnen bijdragen aan de energietransitie van omliggende bestaande bouw. De checklist geeft een indicatie of een ontwikkeling in theorie geschikt is voor een collectief warmtesysteem (Energiestrategie Haarlem, 2019). Doeleinde: Warmtevoorziening via bodemwarmte Om te voorzien in de benodigde warmtevraag wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van een bodemwarmtevoorziening. Indien in de omgeving al een warmtenet aanwezig is waar op kan worden aangesloten heeft dit de eerste voorkeur. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt dit gemotiveerd. Bodemwarmtevoorzieningen moeten passen binnen eventueel aanwezige (lokale) bodemenergieplannen. (Routekaart aardgasvrij 2040, en Routekaart Versnelling Duurzaamheidsprogramma) Klimaatadaptatie Randvoorwaarde: Watertoets en watercompensatie Een ontwikkeling mag niet leiden tot verslechtering van de waterhuishouding of een versnelde toename van de af-en aanvoer van water.

Er mag geen afwenteling plaatsvinden op naastgelegen percelen / gebieden en er wordt rekening gehouden met de gewenste stroombaan van het hemelwater. De watertoets is een wettelijke verplichting bij planvorming en moet uitwijzen of/hoeveel gecompenseerd dient te worden. Het watersysteem wordt robuust ingericht met waterbergings- en afvoermogelijkheden conform de watertoets. Doeleinde: Toekomstbestendig watersysteem Het extra hemelwater wordt zoveel bovengronds geborgen en afgevoerd naar open water. Bij nieuwbouw wordt een toekomstbestendig watersysteem aangelegd met voldoende waterbergingscapaciteit. Dat houdt concreet in dat de ontwikkeling minimaal 70 mm water per m² moet kunnen bergen op eigen terrein gedurende in een etmaal. Doeleinde: Aanpak droogte en hittestress Een gebiedsontwikkeling mag niet bijdragen aan een versnelde bodemdaling, verslechtering van waterkwaliteit en hittestress in bestaand stedelijk gebied. Groen en Ecologie Randvoorwaarde: Natuurtoets en compensatiemaatregelen ecologie Bij elke ruimtelijke ontwikkeling moet deze met een natuurtoets beoordeeld worden op ecologische effecten. Een quickscan ecologie maakt standaard deel uit van de uit te voeren onderzoeken. Deze quickscan kan als basis 30

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

dienen voor een mitigatie- of compensatieplan in het kader van een ontheffingsaanvraag. Het ontwerp houdt rekening met uitkomsten van de quickscan en wordt hierop aangepast en past, als behoud niet mogelijk is, compenserende maatregelen toe. De compenserende maatregelen worden genomen voor de aangetroffen (beschermde) soorten. (o.a. Wet natuurbescherming 2017 en Ecologisch Beleidsplan 2013-2030, gemeente Haarlem) Doeleinde: Natuurinclusief bouwen Om een gezonde, aantrekkelijke en toekomstbestendige leefomgeving voor mens en dier te maken, moet de natuur een volwaardige plaats krijgen bij het ontwerpen van nieuwbouw en (openbare) ruimte hier omheen. Behoud en aansluiten op de bestaande ecologische waarden is uitgangspunt. Indien behoud niet mogelijk is, dienen in het bouwproject compensatiemaatregelen te worden getroffen. Daarnaast liggen er grote kansen voor bevordering van natuur binnen bouwprojecten d.m.v natuurinclusief bouwen. In februari 2020 is besloten om de ontwikkellocaties Fietsznfabriek en Zwemmerslaan aan te wijzen als pilotprojecten voor natuurinclusief bouwen.

In de pilot wordt het gebruik van een puntensysteem zoals dit in Den Haag is vastgesteld vergeleken met het gebruik van een inspiratiedocument, zoals het document dat door Amsterdam is gemaakt: de ruimtelijke ontwikkeling van de Fietsznfabriek zal gebruik gaan maken van het puntensysteem, waar voor de Zwemmerslaan het inspiratiedocument van de gemeente Amsterdam zal worden gehanteerd. Het inspiratiedocument dat voor de ontwikkeling Zwemmerslaan gebruikt zal worden is de brochure Natuurinclusief Bouwen en Ontwerpen in Twintig Ideeën, opgesteld door de gemeente Amsterdam. Deze inspiratiegids bevat twintig mogelijke maatregelen om invulling te geven aan natuurinclusief ontwikkelen, weergegeven in onderstaande tabel. De ontwikkelaar is vrij om te kiezen welke maatregelen toe te passen binnen het project, maar tegelijkertijd ook verplicht om een minimaal aantal maatregelen door te voeren. Dit is in de regels geborgd.

31

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

Na afloop van deze projecten vindt een evaluatie plaats van de pilot. In deze evaluatie worden de ervaringen opgenomen van de twee toegepaste methoden zodat inzicht wordt verkregen in de effectiviteit ervan en de voordelen en nadelen. Vervolgens kan een besluit worden genomen over de manier waarop Natuurinclusief bouwen in het vervolg een plek krijgt in Haarlemse ontwikkelingen. Circulair bouwen en ontwikkelen Randvoorwaarde: Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) Voor nieuwbouw dienen de waardes gehanteerd te worden conform bouwbesluit 2018. De Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden toegepast. De MPG is bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning verplicht. Er geldt voor de MPG een maximum grenswaarde van 1,0. (Bouwbesluit 2018) Doeleinde: verbeterde Milieu Prestatie Gebouwen Het verhogen van de ambitie ten aanzien van de MPG is een concrete maatregel die bijdraagt aan deze doelstelling. Dat betekent dat waar mogelijk een lagere MPG-norm wordt voorgeschreven (hoe lager de norm, hoe beter de prestatie), te weten: 0,8. Doeleinde: Duurzame GWW De Aanpak Duurzaam GWW helpt om op een uniforme en systematische manier de juiste processtappen te zetten. Door duurzaamheid te verankeren in de bedrijfsprocessen geven partijen binnen de GWW-sector op een zelfde 32

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

manier invulling aan duurzaamheid in projecten en zijn verwachtingen vooraf duidelijk. De aanpak Duurzaam GWW wordt gevolgd voor planvorming, aanleg, aanbesteding, beheer en onderhoud. Van de private partijen die GWW aanleggen wordt gevraagd mee te werken aan deze aanpak. (Grondstoffenakkoord, Green Deal Duurzaam GWW 2.0) Doeleinde: Registratie materialen De bestaande stad is de grondstoffenmijn van de toekomst. Het opstellen van een materialenpaspoort en de registratie daarvan in het Madaster 7, of vergelijkbaar registratiesysteem, draagt bij aan het hergebruik van materialen. Het betreft een relatief eenvoudig uitvoerbare maatregel omdat het in de ontwerpfase wordt toegepast en geen uitvoeringskosten betreft. Doeleinde: Toekomstbestendig ontwerpen Flexibiliteit bieden voor functionele verandering op termijn kan hoge kosten en materiaalverspilling bij een herbestemming of woningaanpassing voorkomen. De woonvisie vraagt aandacht voor flexibiliteit en duurzaamheid. (Doorbouwen aan een (t)huis, Woonvisie Haarlem 2017 - 2020). Doeleinde: Afvalinzameling integreren in ontwerp De voorzieningen voor (gescheiden) inzameling van afval dienen bij de oplevering van nieuwbouwlocaties al op orde moeten zijn, zodat geen noodoplossingen worden ingezet. Daarom dienen voorzieningen zoals ondergrondse en inpandige containers in een vroege fase van het ontwerp geïntegreerd te worden.

Mobiliteit Het college van B en W heeft op 24 augustus 2021 nieuw Mobiliteitsbeleid vastgesteld. Hiermee wil Haarlem een aantrekkelijke, gezonde en goed bereikbare stad blijven, terwijl de stad groeit. Dat betekent onder andere: De fiets en de voetganger krijgen voortaan prioriteit. Een snelheid van 30km uur wordt de norm in Haarlem en bij alle nieuwe wegontwerpen, wordt voortaan eerst gekeken naar de ruimte voor de fietser en de voetganger. Het Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) wordt evenwichtiger over de stad verdeeld en het autoverkeer wordt zoveel mogelijk gebundeld op de hoofdroutes. In heel Haarlem wordt tussen nu en 2030 gefaseerd gereguleerd parkeren ingevoerd. Het streven is dat in 2030 het merendeel van de korte afstanden binnen Haarlem per fiets of te voet afgelegd worden en dat meer dan de helft van de verplaatsingen vanuit of naar Haarlem met het openbaar vervoer (OV) of de fiets plaatsvinden. Doeleinde: Stimuleren fiets en voetgangers door de bebouwing Voor iedere nieuwe woning schrijft het Bouwbesluit 2012 voor om een eigen berging voor het stallen van fietsen en scootmobielen met een minimale

33

bestemmingsplan "Zwemmerslaan 2-4" (vastgesteld)

oppervlakte te realiseren. Op grond van de gelijkwaardigheidsbepaling mag er op een andere manier aan worden voldaan dan is aangegeven. De "Beleidsregel bergingen nieuwe woongebouwen Haarlem 2018" geeft voorwaarden daar aan. Tevens wordt er bij woongebouwen rekening gehouden met levensloopbestendigheid (d.m.v. stalling voor scootmobielen). Doeleinde: Stimuleren fiets en voetgangers door de openbare ruimte Het aantal autoritten moet gereduceerd worden en het is de bedoeling dat er minder parkeerplaatsen in de openbare ruimte komen. Ook bij (ver)bouwprojecten moet dit principe leidend zijn. Bijvoorbeeld met een aantrekkelijke looproute naar de dichtstbijzijnde HOV-halte of NS-station, autoparkeren op afstand en voldoende en comfortabele fietsenbergingen of -stallingen die gemakkelijker bereikbaar zijn dan de parkeerplaatsen voor auto's. Doeleinde Duurzaam mobiliteitsplan Binnen de 'beleidsregels parkeernormen' is het mogelijk om gebruik te maken van een mobiliteitsplan. Het uitwerken van een locatie specifiek mobiliteitsplan is een goede methode om bij te dragen aan de duurzame mobiliteitstransitie én te voorzien in voldoende ruimte voor parkeren. Het mobiliteitsplan wordt opgesteld door de initiatiefnemer en kan elementen bevatten over bijvoorbeeld deelauto's, goede fietsontsluiting i.c.m. nabijheid en OV etc.

Doeleinde: Fietsparkeren in ontwerp In het ontwerp moet er aandacht zijn voor het fietsparkeren voor bewoners, maar ook voor bezoekers. Slimme locaties, goed bereikbaar en zeer comfortabel waardoor gebruikers verleid worden de fiets te verkiezen boven de auto. Een goede integratie van (voldoende) fietsparkeren in het ontwerp moet als doel hebben de ruimtelijke kwaliteit vergroten én om het gebruik van de fiets te stimuleren. Doeleinde: Laadpunten auto Als onderdeel van de energiestransitie wordt elektrisch rijden gestimuleerd door het vergroten van de laadinfrastructuur (laadvoorzieningen). Bouwontwikkelingen moeten voldoende laadvoorzieningen realiseren. Het CROW heeft hiervoor een richtlijn opgesteld, dit kan als basis gebruikt worden. (CROW ,publicatie 381, 2018). Doeleinde: Smart Mobility in ontwikkelzones De ontwikkelzones worden duurzame toekomstwijken, waarbij op het gebied van mobiliteitsconcepten geëxperimenteerd wordt en met zo efficiënt mogelijke ruimtebehoefte wordt gebouwd. Initiatiefnemers worden uitgedaagd om te komen met een passend experiment voor een mobiliteitsconcept, waarbij ze ook oog hebben voor de bestaande omgeving. In paragraaf 4.6 is nader uitgewerkt hoe de duurzaamheidsaspecten zijn geïntegreerd in de nadere planuitwerking.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13045042/1