CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20231094296 1 Gevolgen meicirculaire 2023 Gemeentefonds

commissie Bestuur 7 september 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: Gevolgen meicirculaire 2023 Gemeentefonds4.698 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatienota

Onderwerp Gevolgen meicirculaire 2023 Nummer 2023/1094296 Portefeuillehouder Roduner, F.J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling CC Auteur Welsink, M. Telefoonnummer 023-5113887 Email mwelsink@haarlem.nl Kernboodschap Ten opzichte van de decembercirculaire 2022 is er voor het huidige jaar en het jaar 2026 sprake van negatieve budgettaire effecten. Voor de overige jaren is er sprake van positieve budgettaire effecten. De positieve effecten zijn voornamelijk het gevolg van aanpassing van de accressen, de negatieve effecten zijn voornamelijk het gevolg van aanpassing van de landelijke maatstafhoeveelheden en de aanpassing van het landelijk rekentarief voor de OZB. Deze mutaties liggen beiden buiten de invloedssfeer van de gemeente. In de Kadernota 2024 is een indexatie van 3,9% verwerkt voor de OZB, het uitgangspunt van het Rijk is het hanteren van een indexatie van 7%. Ten opzichte van het uitgangspunt van het Rijk leidt de gemeentelijke systematiek tot een tekort van € 1,5 miljoen aan ozb-inkomsten. Alle genoemde (budgettaire) effecten zijn de effecten ten opzichte van het financieel kader uit de Kadernota 2024. In de meicirculaire 2023 zijn tevens de te ontvangen middelen voor Jeugd vanuit het Rijk voor de jaren 2024 en 2025 kenbaar gemaakt Meicirculaire 2023 (bedragen x € 1.000)* Budgettair effect voor algemene middelen

2023

2024

2025

2026

2027

-1.904 n

1.655 v

1.703 v

-689 n

979 v

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

Behandelvoorstel voor commissie Besluit College d.d. 11 juli 2023

De gevolgen van de meicirculaire voor het jaar 2023 worden verwerkt in de Bestuursrapportage 2023. De meerjarige gevolgen worden verwerkt in de Programmabegroting 2024-2028. Er vindt in deze informatienota geen toelichting plaats op mutaties kleiner dan € 25.000. Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie Bestuur. 1. Het college stelt de informatienota aan de commissie vast. de secretaris, de burgemeester,

Kenmerk: 2023/1094296

1/12

Inleiding Alle gemeenten samen ontvangen van het Rijk per jaar ongeveer € 43 miljard uit het gemeentefonds. Dat geld wordt via de algemene uitkering (€ 39 miljard) en een aantal decentralisatie- en integratieuitkeringen verdeeld over de gemeenten. Het Rijk maakt de verdeling bekend via meerdere circulaires per jaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Eind mei is de meicirculaire 2023 verschenen, deze nota geeft inzicht in de gevolgen van deze circulaire. 2. Kernboodschap Ten opzichte van de decembercirculaire 2022 stijgt het gemeentefonds voor alle jaren. Een aantal opmerkingen dient hierbij geplaatst te worden. Ten eerste werd met een aantal middelen al rekening gehouden. Een deel daarvan zit al verwerkt in de standen decembercirculaire 2022 en voor het overige deel is al een raming opgenomen in de Voortgangsrapportage 2023 en/of de Kadernota 2024. Het gaat bijvoorbeeld om de indexering, de hoeveelheidverschillen en het restant van de (corona)compensatie voor inkomstenderving in 2021. Voor deze verwerkingen wordt nu gecorrigeerd waardoor het budgettaire beeld als gevolg van de meicirculaire minder positief wordt. Ten tweede zijn er mutaties op taakvelden, decentralisatie- en integratie-uitkeringen.

Conform de afspraak “rijksbudget = werkbudget” worden deze middelen toegevoegd of onttrokken aan de betreffende beleidsvelden waardoor zij niet zorgen voor een budgettair effect. De gevolgen van de meicirculaire voor het jaar 2023 worden verwerkt in de Bestuursrapportage 2023. De meerjarige gevolgen worden verwerkt in de Programmabegroting 2024-2028. Samenvatting (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

Eindstand decembercirculaire 2022

401.705

405.537

406.283

386.077

373.457

Eindstand meicirculaire 2023

414.825

429.732

428.965

400.772

395.428

Totaal verschil

13.120

24.195

22.682

14.695

21.971

-

-11.908

-11.908

-11.908

-11.908

Reeds verwerkte ramingen accres (KN24)

-2.500

-2.500

-2.500

709

-5.723

Reeds verwerkte hoeveelheidsverschillen (KN24)

-2.512

-2.581

-1.760

-890

-141

758

758

758

758

758

Reeds verwerkte coronacompensatie (JR22)

-3.472

-

-

-

-

Totaal verschil na correctie

5.394

7.964

7.272

3.364

4.957

Waarvan: Effect voor overige beleidsvelden

7.298

6.309

5.569

4.053

3.978

Budgettair effect voor algemene middelen

-1.904 n

1.655 v

1.703 v

-689 n

979 v

Reeds verwerkte indexering (KN24)

Neutrale wijziging overgang naar SPUK

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

3. Consequenties Op basis van de meicirculaire 2023 is een nieuwe berekening gemaakt van de algemene uitkering voor de jaren 2023 tot en met 2027. In deze analyse wordt de nieuwe berekening vergeleken met de berekening die is gemaakt op basis van de decembercirculaire 2022. De analyse volgt daarbij de opbouw van de berekening van de algemene uitkering. In de opgenomen tabellen is telkens aangegeven wat het budgettaire effect is voor de algemene middelen en de overige beleidsvelden. Kenmerk: 2023/1094296.

2/12

3.1 Ontwikkelingen rijksniveau Accres De ontwikkelingen op rijksniveau bestaan uit het effect van wijzigingen in de rijksuitgaven op de algemene uitkering. Geeft het Rijk meer uit, dan ontvangen de gemeenten een hogere algemene uitkering en vice versa, deze beweging heet het accres. In de meicirculaire 2023 zijn de accressen bijgewerkt, voor alle jaren is er sprake van een opwaartse bijstelling van het accres. Dit gebeurt als gevolg van een hogere loon- en prijsontwikkeling (LPO) dan eerder werd aangenomen. Anders dan gebruikelijk heeft het kabinet eind vorig jaar besloten om eenmalig een structurele prijsbijstelling over 2022 uit te keren. Deze (positieve) prijsbijstelling kijkt naar de werkelijke inflatieontwikkeling in 2022 en vergelijkt dit met de verwerkte inflatieverwachting bij de meicirculaire 2022, het voordeel zit verwerkt in de accresontwikkeling in onderstaande tabel. De structurele prijsbijstelling voor 2022 is, zoals in de Kadernota 2024 (pagina 38) reeds gemeld, met ongeveer € 1,2 miljoen lager dan eerder geraamd (€ 2,5 miljoen). Door het structurele effect van de LPO 2023 is er per saldo nog steeds een voordelig saldo voor accresontwikkeling. Omdat Haarlem in constante prijzen raamt vindt ook een correctie plaats op het nominale deel (ter compensatie van loon- en prijsstijging) van de accressen in de jaren 2025 en verder.

In het coalitieakkoord heeft het kabinet een nieuwe financieringssystematiek voor gemeenten aangekondigd. Het doel van deze nieuwe systematiek is een stabiele(re) financiering en meer autonomie voor medeoverheden. Bij Miljoenennota 2023 heeft het kabinet aanvullend eenmalig € 1 miljard voor gemeenten beschikbaar gesteld voor 2026, vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek. Dit bedrag komt vanaf 2027 structureel beschikbaar, voor Haarlem gaat het om € 8,5 miljoen. Bij de Kadernota 2024 (pagina 37) is reeds een aanname gedaan voor de te ontvangen structurele middelen, daarvoor wordt nu gecorrigeerd. Alle accres-onderdelen tezamen leiden in Haarlem tot budgettaire voordelen van € 83 duizend in 2023 oplopend tot € 4,4 miljoen in 2027. Overig Naast de (netto) accres-ontwikkeling vinden er nog andere mutaties op rijksniveau plaats. Een grote ontwikkeling die standaard verwerkt wordt in de meicirculaire is het verleggen van het basisjaar, oftewel de indexatie 2024. Dit is een technische handeling waarbij loon- en prijspeil van 2023 worden verlegd naar 2024. Deze indexatie is reeds verwerkt in de Kadernota 2024 en daardoor is er in de eerste jaren slechts een marginaal budgettair effect. Dat er vanaf 2026 een groter (nadelig) indexatie-effect is komt doordat het absolute bedrag vanuit het Gemeentefonds daalt in deze jaren.

Hierdoor wordt de indexatie over een kleiner absoluut bedrag omgeslagen in vergelijking met eerdere jaren en vermindert het bedrag. Per saldo zijn er budgettair voordelige effecten van € 0,4 miljoen in 2024 afnemend naar een budgettair nadeel van € 1,7 miljoen in 2027. Daarnaast is er een afrekening van het BTW-compensatiefonds over 2022 van € 28 duizend te verwerken in 2023. Gemeenten declareren hun BTW op overheidstaken bij dit fonds. Om te

Kenmerk: 2023/1094296

3/12

voorkomen dat er een open einde regeling ontstaat, past het Rijk een plafond toe voor deze declaraties. Er is meer gedeclareerd dan dat geraamd was waardoor er een kleine uitname plaats vindt. Tot slot is er nog sprake van ‘overige ontwikkelingen’, denk hierbij aan afrondingsverschillen op macroniveau, actualisaties van suppletie-uitkeringen, etc. De kleine wijzigingen tezamen zorgen in Haarlem voor effecten tussen de € 28 duizend nadelig en € 0,8 miljoen voordelig. Het totale effect van de wijzigingen op rijksniveau betekent dat er voor Haarlem een voordeel is van € 27 duizend in 2023 en significante budgettaire voordelen tussen de € 1,8 miljoen en € 4,1 miljoen in de overige jaren. Onderstaande tabel zet de ontwikkelingen op een rij. A. Ontwikkelingen rijksniveau (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

2.583

5.746

9.498

10.171

10.519

Accres Accres-ontwikkeling Nominale ontwikkeling

-

-

-3.877

-5.126

-5.664

-2.500

-2.500

-2.500

-2.500

-2.500

Structurele toevoeging € 1 miljard

-

-

-

-

8.469

Structurele toevoeging reeds verwerkt

-

-

-

-

-6.432

3.246

3.121

2.545

4.392

LPO effect 2022 reeds verwerkt

Effect accres

83

Overig Indexatie 2024

-

12.333

12.184

10.791

10.249

Indexatie reeds verwerkt

-

-11.908

-11.908

-11.908

-11.908

Afrekening BTW-compensatiefonds (2022)

-28

-

-

-

-

Overige ontwikkelingen

-28

420

748

351

809

Effect overig

-56

845

1.024

-766

-850

Totaal effect rijksniveau

27 v

4.091 v

4.145 v

1.779 v

3.542 v

Effect voor beleidsvelden

0

0

0

0

0

Budgettair effect voor algemene middelen

27

4.091

4.145

1.779

3.542

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

3.2 Ontwikkeling gemeentelijk niveau Ontwikkeling hoeveelheden De ontwikkelingen op gemeentelijk niveau gaan over de wijzigingen van aantallen, zoals inwoners, huishoudens, lengte van wegen en aantal leerlingen binnen Haarlem. Haarlems beleid is om eenmaal per jaar voor de meicirculaire de aantallen te actualiseren, waarbij het uitgangspunt is dat de aantallen per 1 januari van het huidige jaar worden gehanteerd en er voor inwonersmaatstaven ook een inschatting wordt gemaakt van de aantallen in het komende jaar. In de Kadernota 2024 is reeds een raming verwerkt. De huidige afwijkingen van deze raming zijn vrijwel geheel het gevolg van aanpassing van landelijke hoeveelheden. Vereenvoudigd gesteld zou je kunnen zeggen dat als de landelijke aantallen stijgen de uitkeringsbasis, en daarmee ook het aandeel voor Haarlem, daalt omdat de beschikbare te verdelen middelen ongewijzigd blijven. De grootste landelijke bijstellingen Kenmerk: 2023/1094296.

4/12

vinden plaats bij het aantal bijstandsontvangers. Voor 2023 is het geraamde aantal nu hoger dan verwacht, en in de daaropvolgende jaren juist een stuk lager dan verwacht. Dit zorgt in 2023 voor een budgettair nadeel van € 1,4 miljoen in de daaropvolgende jaren zijn er voordelen van ongeveer € 0,4 miljoen. B1. Ontwikkeling hoeveelheden (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

Hoeveelheidsverschillen

1.139

3.034

2.206

1.318

573

Hoeveelheidsverschillen reeds verwerkt

-2.512

-2.581

-1.760

-890

-141

-1.373 n

453 v

446 v

428 v

432 v

Budgettair effect voor algemene middelen

Ontwikkeling WOZ De tweede ontwikkeling op gemeentelijk niveau gaat over de waardeontwikkeling van het onroerend goed: huizen, kantoren, fabrieken etc. Deze waarde vormt een aftrekpost binnen de algemene uitkering: hoe hoger de waarde van de objecten, hoe minder algemene uitkering er wordt verstrekt. Deze ontwikkeling valt in twee elementen uiteen. Ten eerste de ontwikkeling van de waarde in Haarlem. Dit leidt tot een stijging van de aftrekpost met € 0,5 miljoen in 2023 en € 1,3 miljoen in de daaropvolgende jaren. Omdat de waardestijging een landelijk fenomeen is, wordt het landelijk rekentarief waarmee de aftrek wordt berekend normaal gesproken verlaagd (een voordeel voor de gemeente). Omdat ook de inflatie (prijs Nationale Bestedingen; 7%) wordt betrokken bij de aanpassing van de rekenrente en deze inflatie de gemiddelde landelijke waardestijging dit keer overstijgt is nu juist sprake van een verhoging van het rekentarief met een extra nadeel voor de gemeente tot gevolg. In feite stelt het Rijk met deze methodiek dat het gemeentelijke ozb-tarief met 7% moet stijgen, lós van de waardeontwikkeling in de gemeente, om het (negatieve) Gemeentefonds effect te neutraliseren. In de Kadernota 2024 (pagina 97) is een indexatie van 3,9% verwerkt. Ten opzichte van het door het Rijk gehanteerde uitgangspunt van 7% leidt dit tot een tekort aan ozbinkomsten van ongeveer € 1,5 miljoen.

Er zijn vragen gesteld over de (uitkomsten) van de ozbmethodiek aan het Rijk, maar deze zijn vooralsnog onbeantwoord. Per saldo is er voor Haarlem een nadelig effect van € 3,0 miljoen structureel. In de Kaderbrief 2021 en de Kadernota 2022 zijn reeds stelposten aangemaakt met het oog op de waardeontwikkeling in Haarlem waardoor het budgettaire effect in 2024 tot en met 2026 € 0,1 miljoen minder nadelig wordt. B2. Ontwikkeling WOZ (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

WOZ-waarden mutatie

-487

-1.263

-1.263

-1.263

-1.263

Aanpassing landelijk rekentarief

-

-1.729

-1.729

-1.729

-1.729

WOZ-nadeel reeds verwerkt

-

100

100

100

-

-487 n

-2.892 n

-2.892 n

-2.892 n

-2.992 n

Budgettair effect voor algemene middelen

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

Kenmerk: 2023/1094296

5/12

3.3 Taakmutaties voor beleidsvelden Kleine taakmutaties Het betreffen hier taakmutaties met een gevolg van minder dan € 25 duizend per mutatie. Het gaat om: - Handhaving energielabel C kantoren - Correctie IPS - Voorschoolse educatie Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag Op 1 januari 2023 is de Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslagen in werking getreden. Vanaf dit uitkeringsjaar zijn er structureel middelen voor gemeenten beschikbaar voor de financiële gevolgen die de uitvoering van deze wet met zich meebrengt, voor Haarlem ongeveer € 30 duizend structureel. GDI voorzieningen 2022 Een centrale financiering draagt bij aan de gewenste bredere deelname en een hoger gebruik van de generieke digitale infrastructuur (GDI). Voorheen werden de kosten voor het beheer en exploitatie van de GDI doorbelast aan de afnemers zoals gemeenten. Vanaf het begrotingsjaar 2023 wordt de financiering van de GDI ondergebracht bij het ministerie van BZK. Alle gebruikers van de GDI leveren een eenmalige bijdrage aan de centrale financiering, Haarlem draagt € 73 duizend bij. Verdeling structurele middelen Wet goed Verhuurderschap In het Coalitieakkoord is afgesproken dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om malafide verhuurderschap en discriminatie op de huurmarkt gerichter aan te pakken.

Deze afspraken worden uitgevoerd in de vorm van het wetsvoorstel Goed Verhuurderschap. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. De financiering bestaat uit een structurele voor de structurele kosten als gevolg van de handhaving van de landelijke algemene regels en het meldpunt, voor Haarlem ongeveer € 31 duizend structureel. Flankerend beleid energiearmoede Het kabinet stelt middelen beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. Voor 2023 wordt via het gemeentefonds € 419 duizend aan Haarlem beschikbaar gesteld voor de verwachte extra inzet die nodig zal zijn op het gebied van vroegsignalering en om de gemeente tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. In een latere circulaire volgt informatie over de middelen voor 2024 en de verdeling daarvan. Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden Voor de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden heeft het kabinet in 2023 € 335 duizend aan Haarlem beschikbaar gesteld als investering in betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden. Loon- en prijsbijstelling Jeugdhulp, Participatie en Voogdij 18+ Vanuit het coalitieakkoord van het Rijk staan middelen gereserveerd voor de Jeugdzorg.

Ook deze gereserveerde middelen worden gecompenseerd voor loon- en prijsontwikkeling. De middelen

Kenmerk: 2023/1094296.

6/12

worden toegevoegd aan de Algemene Uitkering, voor Haarlem € 0,7 miljoen in 2024 en € 0,4 miljoen in 2025. Per 2023 is een deel van de integratie-uitkeringen Participatie en Voogdij 18+ overgeheveld naar de algemene uitkering. Dit budget telt nog niet mee in de grondslag van het accres voor de jaren 2023 tot en met 2025, daarom wordt voor dit overgehevelde budget nog één keer loon- en prijsbijstelling toegekend voor de periode 2023 tot en met 2025. Voor Haarlem gaat het om € 0,5 miljoen voor Voogdij 18+ en ongeveer € 60 duizend voor participatie. Compensatieregeling Voogdij 18+ De inventarisatie van de compensatieregeling ‘Onderbreking financieringssystematiek voogdij en 18+’ over 2020 en 2021 kon niet tijdig worden afgerond. Het gereserveerde budget voor 2022 is bij de decembercirculaire 2022 vrijgevallen ten gunste van de algemene uitkering. Zoals toen aangegeven vind in deze meicirculaire 2023 de verrekening van de bedragen voor de compensatieregeling met de algemene uitkering plaats, voor Haarlem een uitname van € 267 duizend. Werkdrukverlaging jeugdbescherming Gezien de acute situatie - met de hoge werkdruk en wachtlijsten - in de jeugdbescherming is er in overleg met de VNG besloten om voor het jaar 2023, eenmalig, geld aan het gemeentefonds te onttrekken ten behoeve van de daling van de werkdruk.

De middelen worden overgeheveld naar de begroting van het ministerie van Justitie en Veiligheid en daar toegevoegd aan het budget voor de subsidieregeling ‘verlagen werkdruk gecertificeerde instellingen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering’. Voor Haarlem betreft het een onttrekking van € 90 duizend. Integraal Zorgakkoord (WMO abonnementstarief) Het kabinet stelt structureel extra middelen beschikbaar aan gemeenten samenhangend met het Integraal Zorgakkoord, ter compensatie voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo. Voor Haarlem betreft het € 0,8 miljoen structureel vanaf 2025. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp WMO Het abonnementstarief in de Wmo wordt afgeschaft en in plaats daarvan wordt de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo heringevoerd. Anders dan beoogd in het Coalitieakkoord verdwijnt het abonnementstarief niet alleen voor de huishoudelijke hulp, maar voor alle Wmovoorzieningen waarop het abonnementstarief nu van toepassing is. Hiervoor wordt een wetsvoorstel voorbereid. Het huidige wetsvoorstel voor invoering van de passende eigen bijdrage huishoudelijke hulp wordt ingetrokken.

Het terugdraaien van het huidige wetsvoorstel leidt voor Haarlem tot een structurele toename van middelen van € 0,7 miljoen vanaf 2025, maar tegelijkertijd zorgt de herinvoering van het eigen tarief (voor alle Wmo-voorzieningen) voor structurele afname van middelen van € 1,6 miljoen vanaf 2026. In de Kadernota 2024 (pagina 41 en 42) is reeds ingegaan op deze verwachte ontwikkelingen, waarbij de aanname is dat de mutatie per saldo budgettair neutraal is met als aanname dat (wijzigende) wetgeving door het Rijk niet tot financiële nadelen bij gemeenten mag leiden. De invoering moet uiteindelijk leiden tot meer inkomsten uit Eigen bijdragen en/of minder uitgaven aan Wmovoorzieningen (door een daling van het gebruik als gevolg van de eigen bijdrage). In feite gaat het om een herinvoering van de methodiek (Wmo 2015) zoals die tot en met 2018 gebruikelijk was.

Kenmerk: 2023/1094296

7/12

Jeugdzorg Gemeenten en Rijk hebben een principeakkoord bereikt over de Hervormingsagenda Jeugd. In deze meicirculaire worden middelen voor 2024 (€ 11,6 miljoen) en 2025 (€ 7,0 miljoen) beschikbaar gesteld. De bedragen zijn gebaseerd op het advies van de Commissie van Wijzen, gecorrigeerd voor de besparing die het Rijk aanvullend heeft opgenomen in het coalitieakkoord en aangevuld met een gewijzigd ingroeipad voor de besparingsopgave. Er is reeds rekening gehouden met de ontvangst van middelen Jeugd, waardoor er per saldo een positief budgettair effect is van € 0,9 miljoen voor 2024 en een negatief budgettair effect van bijna € 1,2 miljoen voor 2025. De beschikbaarstelling van de middelen voor de jaren 2026 en verder vindt plaats na het advies van de deskundigencommissie en de besluitvorming daarover. C. Taakmutaties (bedragen x € 1.000)* Kleine taakmutaties Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag GDI voorzieningen 2022 Verdeling structurele middelen Wet goed Verhuurderschap Flankerend beleid energiearmoede Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden Loon- en prijsbijstelling 2023 participatie

2023

2024

2025

2026

2027

21

12

12

8

8

29

30

30

29

28

-73

-

-

-

-

31

32

32

30

29

419

-

-

-

-

335

-

-

-

-

56

59

63

-

-

Loon- en prijsbijstelling 2023 AP Jeugdhulp

-

695

396

3

3

Loon- en prijsbijstelling 2023 Voogdij 18+

453

463

470

-

-

Compensatieregeling voogdij 18+

-267

-

-

-

-

Werkdrukverlaging jeugdbescherming

-90

-

-

-

-

Integraal Zorgakkoord (WMO abonnementstarief) Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp WMO Herinvoering eigen bijdrage WMO

-

-

845

798

771

-

-

742

701

677

-

-

-

-1.632

-1.577

Jeugdzorg

-

11.583

6.997

-

-

Middelen Jeugdzorg reeds verwerkt

-

-10.708

-8.165

-

-

Totaal effect

914 v

2.166 v

1.422 v

-63 n

-61 n

Effect voor beleidsvelden

985

2.163

1.419

-62

-60

Budgettair effect voor algemene middelen

-71

3

3

-1

-1

3.4 Decentralisatie-uitkeringen voor beleidsvelden De algemene uitkering wordt hoofdzakelijk gebruikt om het gemeentefonds over alle gemeenten te verdelen volgens dezelfde maatstaven. Daarnaast wordt aan individuele gemeenten of groepen van gemeenten een uitkering verstrekt voor een bepaald doel. Gemeenten zijn formeel-juridisch vrij om dat geld aan dat doel te besteden of ergens anders aan uit te geven. De reden dat het Rijk dit doet is dat gemeenten op deze manier geen verantwoording aan het Rijk hoeven af te leggen over de besteding van de ontvangen gelden; ze vallen immers onder de algemene uitkering. Dit in tegenstelling tot gelden die via specifieke uitkeringen door het Rijk worden verstrekt. Het Rijk vertrouwt erop dat gemeenten de ontvangen gelden in lijn met het doel zullen uitgeven. De

Kenmerk: 2023/1094296.

8/12

bedragen in onderstaande tabel zijn extra inkomsten die ten gunste komen van de betreffende beleidsvelden en daarom niet leiden tot een verhoging van de vrij besteedbare algemene middelen. D. Decentralisatie-uitkeringen beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches Budgetneutraal want wordt SPUK

2023

2024

2025

2026

2027

-758

-758

-758

-758

-758

758

758

758

758

758

Maatschappelijke opvang en OGGz

33

33

33

33

33

Vrouwenopvang

-3

-3

-3

-3

-3

Voorschoolse voorziening peuters

21

21

21

21

21

Armoedebestrijding kinderen

-

7

7

7

7

Bodembescherming

288

-

-

-

-

Wet Goed Verhuurderschap

121

-

-

-

-

Leerlingenvervoer Oekraïne

187

-

-

-

-

Taal voor ontheemden uit Oekraïne

155

-

-

-

-

Nationaal Actieplan Dakloosheid

1.062

-

-

-

-

Maatschappelijke begeleiding

111

-

-

-

-

Begeleiding jongeren naar werk

177

-

-

-

-

Einde lening Inburgeringsplicht (ELIP)

21

-

-

-

-

Inkomstenderving 2021

3.472

-

-

-

-

Inkomstenderving reeds verwerkt (JR22)

-3.472

-

-

-

-

Totaal effect

2.173 v

58 v

58 v

58 v

58 v

2.173

58

58

58

58

-

-

-

-

-

Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches In plaats van een decentralisatie-uitkering voor combinatiefuncties krijgen gemeenten vanaf 2023 een specifieke uitkering (SPUK). Omdat het gaat om een wijziging van de soort uitkering en niet om het stopzetten van de uitkering is er budgettair geen effect. Maatschappelijke opvang en OGGz De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet maar door de verwerking van de definitieve gegevens voor 2020 en 2021 heeft de verdeling over de centrumgemeenten geringe wijzigingen ondergaan. Haarlem ontvangt € 33 duizend extra. Bodembescherming Voor apparaatskosten bodem wordt de decentralisatie-uitkering van 2022 voor gemeenten gecontinueerd in 2023. Het betreft een tegemoetkoming in de kosten van het ambtelijk apparaat dat zorgdraagt voor het uitvoeren van de taken die de Wet bodembescherming toekent aan bevoegde gezagen (gemeenten en provincies). Haarlem ontvangt in 2023 € 288 duizend.

Kenmerk: 2023/1094296

9/12

Wet goed Verhuurderschap Naast de in paragraaf 3.3 genoemde structurele middelen is er een incidentele bijdrage voor de eenmalige kosten die gemeenten maken als gevolg van de invoering van de landelijke regels en het instellen van het meldpunt door de Wet goed Verhuurderschap. Haarlem ontvangt € 121 duizend. Leerlingenvervoer Oekraïne Eind januari 2023 zijn er meer dan 88.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland gekomen, onder wie circa 18.000 kinderen en jongeren. Scholen en gemeenten spannen zich in om deze leerlingen onderwijs te bieden. Hier hoort in sommige gevallen ook het vervoer naar de school bij. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan leerlingen uit Oekraïne. Haarlem ontvangt als tegemoetkoming voor de kosten die zij hiervoor maakt € 187 duizend. Taal voor ontheemden uit Oekraïne Ontheemden uit Oekraïne hebben beperkte mogelijkheden om de Nederlandse taal op vrijwillige basis te leren. Haarlem ontvangt € 155 duizend met als doel het gemeentelijke aanbod van taalonderwijs aan volwassen ontheemden uit Oekraïne te stimuleren. Dit kunnen ontheemden zijn die daar behoefte aan hebben, die dat nodig hebben om werk te vinden of die werk willen vinden dat beter past bij hun vaardigheden, werkervaring en onderwijsachtergrond.

Nationaal Actieplan Dakloosheid Het kabinet zet met het Nationaal Actieplan Dakloosheid in op het voorkomen van dakloosheid en het realiseren van woonplekken met passende ondersteuning voor (dreigend) dakloze jongeren en volwassenen. De verdeling van de middelen over centrumgemeenten leidt tot een bedrag van € 1,1 miljoen voor Haarlem in 2023. Het voornemen is om in de voorjaarsbesluitvorming van 2024 structureel middelen naar het gemeentefonds over te hevelen. Maatschappelijke begeleiding Conform de Wet inburgering voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Haarlem ontvangt hiervoor in 2023 € 111 duizend. Begeleiding jongeren naar werk Met de Aanpak Jeugdwerkloosheid zetten gemeenten, scholen en hun partners zich in om kwetsbare jongeren te ondersteunen naar vervolgonderwijs of werk. Het kabinet heeft besloten de reeds bestaande tijdelijke maatregelen om te zetten in structurele wet- en regelgeving.

Totdat het wetsvoorstel in werking is getreden, krijgen (centrum)gemeenten middelen voor het ondersteunen van kwetsbare jongeren naar werk en het coördineren van de aanpak in de arbeidsmarktregio Voor Haarlem gaat het om € 177 duizend met als doel: - Coördinatie van regionale aanpak jeugdwerkloosheid - Ondersteunen naar werk van kwetsbare aankomend mbo-gediplomeerden - Ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters

Kenmerk: 2023/1094296.

10/12

Inkomstenderving 2021 Gemeenten ontvangen reële compensatie ontvangen voor de derving van inkomsten door covid-19 in 2021. In de decembercirculaire 2022 heeft Haarlem gedeeltelijke compensatie ontvangen en bij deze circulaire wordt het resterende bedrag van € 3,5 miljoen toegekend. Het bedrag was al eerder kenbaar gemaakt en is reeds verwerkt in de Jaarrekening 2022. 3.5 Integratie-uitkeringen Er vinden mutaties plaats in twee integratie-uitkeringen (IU’s). De uitkeringen Participatie en Beschermd wonen worden in de meicirculaire gecompenseerd voor loon- en prijsontwikkelingen (LPO). Beschermd wonen De toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023 (LPO) zorgt voor een toename van de IU, Haarlem ontvangt als centrumgemeente € 3 miljoen structureel. Participatie De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de toekenning van de loonen prijsbijstelling 2023. Ook wijzigt de verdeling van de bedragen per gemeente door actualisatie van de verdeling van de Wsw-middelen en door aanpassing van de drempelbedragen in de verdeling van de middelen beschut werk. Haarlem ontvangt structureel ongeveer € 1 miljoen. In de Voorjaarsnota heeft het kabinet besloten om gemeenten te compenseren voor de bijzondere verhoging van het wettelijk minimumloon voor medewerkers in de Wsw.

De compensatie wordt bij ontwerpbegroting 2024 overgeheveld naar het gemeentefonds en de verdeling over (centrum)gemeenten wordt opgenomen in de septembercirculaire 2023. E. Integratie-uitkeringen (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

Beschermd wonen

3.011

3.012

3.013

3.015

3.015

Participatie

1.129

1.076

1.079

1.042

965

Totaal effect

4.140 v

4.088 v

4.092 v

4.057 v

3.980 v

4.140

4.088

4.092

4.057

3.980

-

-

-

-

-

Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

Kenmerk: 2023/1094296

11/12

3.6 Berekening budgettair effect In voorgaande paragrafen is per onderdeel aangegeven wat het budgettair effect is voor de algemene middelen en wat het effect is voor de beleidsvelden. Onderstaande tabellen vatten dit in een overzicht samen. Samenvatting budgettair algemene middelen (bedragen x € 1.000)*

2023

2024

2025

2026

2027

27

4.091

4.145

1.779

3.542

-1.373

453

446

428

432

-487

-2.892

-2.892

-2.892

-2.992

-71

3

3

-1

-1

D. Decentralisatie-uitkeringen voor beleidsvelden

-

-

-

-

-

E. Integratie-uitkeringen

-

-

-

-

-

-1.904 n

1.655 v

1.702 v

-686 n

981 v

A. Ontwikkelingen rijksniveau B1. Ontwikkelingen gemeentelijk niveau: hoeveelheden B2. Ontwikkelingen gemeentelijk niveau: WOZ C. Taakmutaties voor beleidsvelden

Budgettair effect algemene middelen

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan Samenvatting effecten beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* A. Ontwikkelingen rijksniveau B1. Ontwikkelingen gemeentelijk niveau: hoeveelheden B2. Ontwikkelingen gemeentelijk niveau: WOZ C. Taakmutaties voor beleidsvelden

2023

2024

2025

2026

2027

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

985

2.163

1.419

-62

-60

D. Decentralisatie-uitkeringen voor beleidsvelden

2.173

58

58

58

58

E. Integratie-uitkeringen

4.140

4.088

4.092

4.057

3.980

7.298 v

6.309 v

5.569 v

4.053 v

3.978 v

Effect beleidsvelden

*) v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan

4. Vervolg De gevolgen van de meicirculaire voor 2023 worden verwerkt in de Bestuursrapportage 2023. De meerjarige gevolgen worden verwerkt in de Programmabegroting 2024-2028. 5. Bijlage Meicirculaire 2023 Gemeentefonds

Kenmerk: 2023/1094296.

12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13050547/1